DoeNetwork

Het begon allemaal bij de case van het “tent meisje” waarin het Doe Netwerk een 30 jaar oude zaak van een onbekend meisje (een zgn. “Jane Doe“) oploste. Hieronder die eerste zaak en daarna een andere cold case die ook werd opgelost door het indrukwekkende vrijwilligersnetwerk. In de zomer van 2014 nog werd succesvol een ongeïdentificeerd lichaam aan de nog levende moeder gekoppeld die in de zaak van 46 jaar geleden haar tienerdochter uit het oog verloor.

Todd Matthews

Todd Matthews was toen 17 en had dates met de dochter van een voormalige Kentucky oliewerker, toen hij in aanraking kwam met de mysterieuze zaak van het “tent meisje”. Deze vader had het lichaam gevonden dat in een carnaval tent gewikkeld leek te zijn, al in 1968 in de binnenlanden van Kentucky, twee jaar voordat Matthews werd geboren. Deze vader, Wilbur Riddle, kon het moeilijk verteren dat ze nooit werd geïdentificeerd.

Matthews, die met Riddle’s dochter trouwde in 1988, werd aangestoken in deze obsessie en probeerde de dood van het ” tent meisjes” op te lossen. Onderzoekers waren er toen van uitgegaan dat het meisje een tiener was. Maar Matthews ontdekte bij de FBI dat de handdoek waar ze in gewikkeld was, eigenlijk een luier was. Hij dacht dat ze ouder zou kunnen zijn, en misschien zelfs een moeder was. Een heel decennium ging hij achter allerlei ‘koude aanwijzingen’ aan. Door het internet kon hij veel vanuit huis met chatrooms en digitale prikborden, op zoek naar een aanwijzing om een lichaam te identificeren.

Op een lange avond in 1998 zag hij een bericht van een vrouw uit Arkansas die op zoek was geweest naar haar oudere zus die vermist was sinds 1968. Met hulp van Matthews stuurde deze vrouw de informatie over haar zus naar het forensisch medisch lab van Kentucky. DNA-onderzoek bevestigde toen dat het ‘tent meisje’ Barbara Ann Hackman-Taylor moest zijn, die na haar trouwerij wat verder van haar familie kwam af te staan. Buiten medeweten van haar familie was Hackman-Taylor in Kentucky gaan wonen. Ze had een jonge dochter toen ze verdween uit het restaurant waar ze werkte in Lexington. Ze was getrouwd met een medewerker van het carnaval en was toen 24 jaar. Haar man, sindsdien gestorven, werd nooit ondervraagd over de vrouw die hij bovendien nooit als vermist had opgegeven. Het oplossen van dit mysterie deed Matthews besluiten om lid te worden van het in oprichting zijnde Doe Network, een digitaal prikbord voor vermiste personen, en te helpen om een landelijke database te koppelen met politiebronnen.

Het Doe Network werd in 1999 opgericht en omvat nu meer dan 1.000 ongeïdentificeerde personen en meer dan 3.000 vermiste personen. Matthews hielp ook bij het opstarten van EDAN (Everyone Deserves a Name), een organisatie van vrijwilligers die zorgen voor pro bono forensische schetsen en klei reconstructies van gezichten om te helpen bij identificaties.

“Ik heb mijn draai in het leven gevonden,” zei hij. Voor Matthews, wiens eigen broer en zus jong storven, voorziet het werk inmiddels in zijn levensbehoeften. “Ik denk niet dat ik ooit de leegtes in mijn eigen leven echt kan vullen, maar het geeft een goed gevoel om wat zaken op elkaar te plakken en op deze manier een positieve bijdrage te leveren,” zegt hij.

Carl Koppelman

De hobby van Carl Koppelman als ‘internet-detective’ begon met wat pech. Hij was ooit accountant voor Disney, maar werd plotseling werkloos in het begin van de kredietcrisis. Maar hij kreeg er een enorme bak tijd voor terug.

In augustus 2009 las hij de krant en vond een verhaal over Jaycee Lee Dugard, een zaak over een ontvoerd meisje uit Californië van zo’n 18 jaar geleden. De man die haar gevangen had gehouden was net gearresteerd. Hij was geschokt door de zaak en begon op het internet te zoeken naar informatie. Hij kwam terecht op Websleuths.com, een speciaal forum voor internet detectives. Het bleek dat bezoekers van deze site de verdwijning van Dugard al jarenlang bespraken. En hoewel Websleuths niet leidde tot de vondst van het meisje, geloofde Koppelman dat het forum wel potentieel had om andere zaken op te lossen.

“Ik las de verhalen op Websleuths en vond het gewoon fascinerend,” zegt hij. “Hier waren alledaagse, gewone mensen op websites aan het speuren en misdaden aan het oplossen die de  politie nooit had opgelost.”

(Thinkstock)

Gedurende de vijf jaar daarna werd Koppelman’s interesse een obsessie. Hij is nu moderator van “The Unidentified” subforum dat zich toespitst op de matching van geïdentificeerde overleden personen (met gegevens uit mortuaria) met die van vermiste personen. Hij zegt tot nu toe drie bevestigde matches te hebben gevonden, waaronder Lynda Jane Hart, wiens skelet in 1988 werd ontdekt en pas gekoppeld kon worden aan een vermist persoon in 2011. “De gezinnen tastten tientallen jaren in het duister, en ze kunnen moeilijk verder met hun leven totdat ze bevestiging krijgen,” legt hij uit. “Dus ja, ik krijg veel voldoening als ik in een van deze gevallen iets kan oplossen.”

Koppelman is niet alleen. Een kleine maar toegewijde groep mensen besteed nu wereldwijd (o.a. uit Mexico, Engeland, Canada) hun vrije tijd aan het oplossen van mysteries door in social media profielen te zoeken en online high school jaarboeken te scannen, foto’s van mortuaria te bekijken, en nog veel meer. Sommige rechercheurs zijn dankbaar voor hun inzet, maar in sommige gevallen zijn de zelfbenoemde speurneuzen iets te dicht bij eigenrichting. Want zijn deze internet detectives altijd welwillende vrijwilligers, of zitten er ook bemoeials tussen die hier eigenlijk niet thuishoren?

Bronnen: BBC, Wikipedia, CNNDoe Network, SeattlePi

Gerelateerde berichten:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *