foto1

Foto: Het kleine stukje bot valt nauwelijks op in het zand, maar Mario Vergara (41) weet dat hij beet heeft: “Menselijk bot, zonder twijfel”. Hij tuurt naar de bergtop, in de felle middagzon van Mezcala, een mijnstadje in de Zuid-Mexicaanse deelstaat Guerrero. “Zie je die geul daar?”, wijst hij. “Daar vond ik al stukjes bot. Ze hebben op de top lichamen begraven, maar het graf was niet die

Op zoek naar je familieleden, want de politie doet het niet. Een reportage van Jan-Albert Hootsen in Trouw over de zoektocht naar verdwenen Mexicanen. Meer dan 25.000 mensen verdwenen de afgelopen tien jaar in het door drugsgeweld geteisterde Mexico. Familieleden gaan steeds vaker zelf op onderzoek uit.

Op zoek naar zijn broer, want de politie doet het niet.
Het kleine stukje bot valt nauwelijks op in het zand, maar Mario Vergara (41) weet dat hij beet heeft: “Menselijk bot, zonder twijfel”. Hij tuurt naar de bergtop, in de felle middagzon van Mezcala, een mijnstadje in de Zuid-Mexicaanse deelstaat Guerrero. “Zie je die geul daar?”, wijst hij. “Daar vond ik al stukjes bot. Ze hebben op de top lichamen begraven, maar het graf was niet diep genoeg. Regenwater spoelde de botten naar beneden.”

Enkele minuten later krijgt hij de bevestiging van een forensisch onderzoeker van de PGR, het Mexicaanse federaal Openbaar Ministerie. Het is het dertigste stuk bot dat hij en zijn groepje van ongeveer twintig vrijwilligers vandaag hebben gevonden.

“Vaak zoeken we uren en vinden we niets”, vertelt hij. “Nu hadden we binnen een kwartier beet.”

Vergara zegt het zonder enthousiasme. Hij is hier, in de ruige bergen, met de overige vrijwilligers op zoek naar clandestiene graven met daarin de resten van de honderden mensen die de afgelopen jaren in dit gebied zijn verdwenen.

Schop en pikhouweel
Ze noemen zichzelf ‘Los Otros Desaparecidos’, De Andere Verdwenenen, en opereren sinds eind 2014 vanuit Iguala in het noorden van Guerrero. Iedere zondag kammen ze, slechts gewapend met schoppen en pikhouwelen, de omgeving uit. Ze krijgen anonieme tips over mogelijke graven. Vaak kloppen die; in anderhalf jaar tijd hebben Los Otros Desparecidos 145 lichamen gevonden. Als ze een clandestien graf ontdekken, geven ze het door aan de autoriteiten, in de hoop dat die verder onderzoek doen.

“Vaak gebeurt dat echter niet”, verzucht Vergara. “De politie komt hooguit met ons mee ter bescherming, maar met de resten die we vinden doen ze niets. Het Openbaar Ministerie neemt ze in ontvangst en dat is het.”

Het is die frustratie over de slecht functionerende Mexicaanse rechtsstaat die tot de oprichting van Los Otros Desaparecidos heeft geleid. De groep werd in het leven geroepen in oktober 2014, een maand nadat 43 studenten in Iguala werden ontvoerd en waarschijnlijk vermoord door een lokale drugsbende, in samenwerking met corrupte politieagenten. De tragedie schokte Mexico en veroorzaakte maanden van demonstraties in het hele land tegen drugsgeweld, corruptie en de banden tussen de lokale politiek en de georganiseerde criminaliteit.

De volkswoede gaf Vergara ook de moed om op zoek te gaan naar zijn broer Tomás, een taxichauffeur die in juli 2012 door criminelen werd ontvoerd in Huitzuco, niet ver van Iguala. “Er zijn heel veel ontvoeringen in Huitzuco”, vertelt Vergara, in het dagelijks leven caféhouder. “Wie probeerde te weten te komen wat er met de ontvoerden was gebeurd, werd bedreigd door criminelen, of erger. Maar in de nasleep van de verdwijning van de studenten voelden we dat we eindelijk wat konden doen om onze eigen tragedie op te lossen.”

Met Vergara als gepassioneerde woordvoerder krijgt de groep nu ook navolging in andere deelstaten. In Coahuila en Sinaloa, in het noorden, en ook in de deelstaat Veracruz, aan de oostkust, waar Vergara zelf vorige maand twee weken lang enkele zoektochten coördineerde.

Veiligheid
Dat gaat echter niet altijd even gemakkelijk; in Veracruz kon de brigada de búsqueda, de zoekbrigade, niet zo vaak op pad als ze wilde. Volgens de politie kon de veiligheid van de zoekende familieleden wegens bedreigingen door de georganiseerde misdaad niet altijd worden gegarandeerd.

Die dreiging is reëel: in juni werd in de Veracruzaanse stad Poza Rica een man vermoord die op zoek was naar zijn verdwenen dochter. Vorig jaar augustus werd bovendien Miguel Ángel Jiménez Blanco, de oprichter van Los Otros Desaparecidos, doodgeschoten.

“De risico’s die de leden van de zoekbrigades lopen zijn enorm, want de georganiseerde criminaliteit wil natuurlijk niet dat de slachtoffers worden gevonden”, stelt Juan Carlos Trujillo van mensenrechtenorganisatie Enlaces.

Mario Vergara zegt dat hij en de andere leden van Los Otros Desparecidos zich niet veel van het gevaar aantrekken. “We komen weleens leden van de bendes tegen, maar we provoceren ze niet, we zijn er niet om ruzie met ze te zoeken”, zegt hij. “Bovendien: wat hebben we te verliezen? Als je zoals ik je broer kwijtraakt op deze manier … Eigenlijk zijn wij al levende doden, omdat alles wat we doen in het teken staat van het terugvinden van onze geliefden.”

In het kort
In Mexico zijn sinds 2006 meer dan 25.000 mensen verdwenen. De meeste vermisten zijn waarschijnlijk het slachtoffer van de georganiseerde misdaad. Overal in Mexico duiken nu groepjes burgers op die zelf naar vermisten op zoek gaan

Bronnen: Trouw

Gerelateerde berichten:

Tagged with →  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *