privacyIn verschillende media opperde College Bescherming Persoonsgegevens (CPB) voorzitter Jacob Kohnstamm de mogelijkheid dat ook mensen die foto’s of filmpjes van dieven en inbrekers op internet zetten daarvoor een boete kunnen krijgen. Hierop werd heftig gereageerd vanuit de maatschappij. Vanwege de rellen in Engeland zijn er interessante ontwikkelingen te zien van burger- en politie initiatieven op dit gebied. Het deed mij denken aan januari 2004 waarbij de toenmalige Utrechtse korpschef Peter Vogelzang opriep om foto’s van veelplegers op het internet te plaatsen.
Sindsdien heeft de tijd niet stil gestaan en gaan de ontwikkelingen razendsnel. Deze blog geeft een overzicht van alle reacties en inzicht in de achtergronden van deze discussie. Als bronnen zijn de volgende kranten geraadpleegd, NRC, Volkskrant, Telegraaf, AD, de Stentor, Elsevier, mediatheek Politieacademie en het internet.

Privacyregels:

De maatschappij is de afgelopen jaren steeds verder gedigitaliseerd. Met de opkomst van slimme telefoons en tablet-pc’s zal die tendens zich de komende jaren alleen maar voortzetten. Deze ontwikkeling heeft er toe geleid dat bedrijven als Google, Hyves, Facebook, Twitter en LinkedIn de afgelopen jaren een gigantische hoeveelheid privacy-gevoelige gegevens over hun gebruikers verzameld hebben. De overheid wil er voor zorgen dat deze bedrijven geen misbruik maken van die gegevens. Daarom stelde de regering in 2009 de commissie-Brouwer-Korf in. Die commissie onder leiding van oud-burgemeester van Utrecht Annie Brouwer-Korf (PvdA) schreef een adviesrapport over de bescherming van privacy. Dat rapport pleitte er al voor boetes te laten uitdelen door het CBP. In april stuurden CDA-minister Piet Hein Donner van Binnenlandse Zaken en staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Fred Teeven (VVD) de ‘Notitie inzake privacybeleid’ naar de Tweede Kamer. Daarin wordt bevestigd dat het CBP meer macht krijgt. Zo worden overheidsinstellingen straks verplicht het verlies van privacygevoelige gegevens te melden bij het CBP. Dit geldt niet voor elk terrein bijvoorbeeld als het gaat om camerabeelden, moeten burgers het CBP informeren indien zij beelden langer dan 24 uur bewaren. Die termijn wordt opgerekt naar vier weken.

Hieronder het wetsvoorstel, de brief aan de 1e kamer en de notitie inzake privacybeleid:

In verschillende media kwam CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm deze maand met het bericht dat ook mensen die foto’s of filmpjes van dieven en inbrekers op internet zetten daarvoor een boete kunnen krijgen. Volgens Kohnstamm overtreden ook die mensen namelijk de privacyregels .

Gezien de reacties heeft hij daarmee een enorme discussie op gang gebracht. De suggestie die er in doorklinkt, is dat de privacy van inbrekers meer waard is dan de veiligheid van particuliere burgers. In breder perspectief zijn de voorstellen van het Ministerie van Veiligheid en Justitie bedoeld om de online privacy van burgers beter te beschermen, niet die van vermoedelijke daders, waar nu de nadruk op ligt. Het Ministerie wil bijvoorbeeld ook een meldplicht voor bedrijven en overheden als daar persoonsgegevens op straat komen te liggen door verlies of diefstal.

Voorbeelden uit de praktijk:

De discussie begon door een foto in een sigarenwinkel van een demente vrouw. De Amsterdamse sigarenhandelaar Dennis Voet werd in 2004 door de rechter op de vingers getikt omdat hij een foto in zijn winkel had opgehangen van een 79-jarige vrouw die hij aanzag voor een winkeldief. De rechter oordeelde dat hij daarmee in strijd met de Auteurswet handelde: de vrouw had geen toestemming gegeven voor publicatie van het portret. Het was de eerste uitspraak in Nederland over het ophangen van foto’s van winkeldieven. De foto’s zouden kunnen leiden tot eigenrichting, vond de Amsterdamse rechtbank. De 79-jarige vrouw om wie het ging, was dementerend. Daarom had het OM de strafzaak tegen haar over de vermeende diefstal geseponeerd. Het kort geding tegen de sigarenhandelaar was door haar familie aangespannen.

In juni van dit jaar riep de Vereniging Eigen Huis huizenbezitters op camerabeelden op te sturen van inbrekers. De VEH wilde de beelden publiceren op een site over inbreken. Maar het College Bescherming Persoonsgegevens stuurde direct een aangetekende brief waarin stond dat dit niet mag.

Geluidsfragment Hans Andr? de la Porte van de Vereniging Eigen Huis

Geluidsfragment Hoofdofficier van Justitie Diederik Greive

Website GeenStijl publiceert nu nog geregeld beelden waarop plegers van diefstal of geweld te zien zijn. De site roept mensen op de identiteit van de daders bekend te maken als ze die herkennen.

Reacties vanuit de maatschappij:

CDA-Kamerlid Madeleine van Toorenburg vindt het onbegrijpelijk dat het Cbp hoge boetes in stelling wil brengen om de privacy van dieven te beschermen. ,,Dit is echt de omgekeerde wereld. Inbrekers schenden moedwillig de privacy door je woning of winkel overhoop te halen. En dan zou je als slachtoffer een torenhoge boete krijgen als je de beelden daarvan op internet plaatst? Dat is een volstrekt verkeerd signaal. De regeringspartij noemt het plan kansloos. Volgens het CDA kan eenvoudig worden geregeld dat filmpjes die ten onrechte op internet verschijnen, snel worden verwijderd. Van Toorenburg heeft minister Ivo Opstelten (Veiligheid & Justitie) inmiddels om opheldering over de nieuwe wet gevraagd.

Antwoorden op 2e kamer vragen:

Totaal ridicuul, zo oordeelt de gedoogpartij PVV. ,,Deze geldstraffen zijn zwaarder dan de boetes die worden opgelegd voor mishandeling. Dat is bezopen, concludeert Kamerlid Lilian Helder. De PVV heeft enkele jaren terug zelf aangedrongen op een digitale schandpaal voor criminelen. De Tweede Kamer is niet bang voor misbruik van een digitale schandpaal. ,,We praten over beelden van jongens met een capuchon op, die in het donker rondhangen bij een woning of winkel, zegt PVV er Helder. ,,Ze weten waar ze aan beginnen, dan moeten ze ook de consequenties dragen.

Ook oppositiepartij PvdA wordt niet erg enthousiast van de plannen die Kohnstamm ontvouwt. PvdA er Jeroen Recourt vindt het juist goed dat burgers de politie helpen bij het opsporen van verdachten. ,,Je moet mensen niet zomaar aan de schandpaal nagelen, maar hulp bij de opsporing is zeker te rechtvaardigen. Het keihard verbieden van publicaties op internet is de verkeerde oplossing.
De PvdA wil wel voorkomen dat de jacht op criminelen via internet uit de hand loopt. Kamerlid Recourt wil slachtoffers van misdrijven daarom verplichten eerst contact op te nemen met de politie, voordat ze beelden op internet zetten. ,,Want we willen natuurlijk geen eigenrichting. We moeten het kritisch kunnen volgen.

Werkgeversorganisatie VNO-NCW en detailhandelsbond MKB-Nederland noemen het plan ‘veel te voorbarig’. Zij vrezen voor het lot van supermarkten en pompstationhouders die beelden van verdachten publiceren zonder toestemming van de politie.

Jelger Zee van Detailhandel Nederland : ‘De wet geldt voor iedereen, ook voor winkeliers. Maar er wordt in het wetsvoorstel geen rekening gehouden met winkeliers die zich ernstig bedreigd voelen. Het is de wereld op zijn kop als een winkeldief een boete krijgt van euro 150 en een winkelier die zijn medewerkers en klanten tegen criminelen wil beschermen een boete krijgt van euro 25.000. Als dat het boetebedrag wordt, dan kan een flink aantal winkeliers de tent wel sluiten. Dergelijke filmpjes worden niet online gezet omdat de winkelier ’s avonds niets te doen heeft. Deze ondernemers staan met de rug tegen de muur. Er moet in de wet ook rekening gehouden worden met de slachtoffers. Laat de wet de excessen aanpakken, niet ondernemers die met geweld beroofd worden.’
‘Laten de winkeliers en de politie samenwerken en een gezamenlijke website opzetten. Zo’n website is er al voor harde criminelen, waarom niet ook voor overvallers en winkeldieven?’.

Volgens MKB Nederland span je het paard achter de wagen als beroofde winkeliers ook nog een boete wordt opgelegd. Vaak is een filmpje een noodkreet van mensen die nodig is omdat de samenwerking met de politie op een heleboel plekken in ons land niet goed is , zegt secretaris Els Prins.

Ook tankstationhouders mogen niet langer posters van verdachten bij hun pomp ophangen. Ewoud Klok, voorzitter van de belangenvereniging tankstations (BETA), noemt dit de waanzin ten top . Wij investeren miljoenen eigen euro s in beveiligingskosten zoals camera s en een veiligheidskooi. Maar als wij aangifte doen, heeft de politie geen tijd voor ons. Laat ons het daarom maar zelf oplossen. Wij leveren verdachten panklaar aan bij de politie.

Vincent B?hre van Privacy First. ,,Hij had beter een onderwerp kunnen kiezen waardoor de burger denkt, kijk, het CBP gaat m?jn privacy beter beschermen, niet die van inbrekers.”
Ook privacyorganisatie Bits of Freedom ziet de zaak breder. Het is belangrijk dat het CBP eens werkelijk actie kan gaan ondernemen als privacy van burgers wordt geschonden. Maar: niet de kleine winkelier, die van een individu filmmateriaal online zet, is het gevaar. Het zijn grote bedrijven en overheden die onvoorzichtig omgaan met grote hoeveelheden persoonsgegevens, zegt een woordvoerder van Bits of Freedom: ,,Zo gaat Google nu door met de opslag van gegevens van draadloze modems, die het met zijn Streetview-wagens oppikt. Daarvan is de impact enorm.”

Martijn Wildeboer van het Hoofd Bedrijfschap Detailhandel uit Enschede kan zich maar al te goed voorstellen dat sommige winkeliers camerabeelden van een (vermoedelijke) dief op het internet zetten. “Ik heb er absoluut begrip voor, al is het niet verstandig. Je riskeert als winkelier een hoge boete plus de kans dat de dader wordt vrijgesproken vanwege onrechtmatig verkregen bewijs”, zegt de Enschedese adviseur bestrijding winkelcriminaliteit van het bedrijfschap.
Het Hoofdbedrijfschap Detailhandel heeft in overleg met het Cbp een alternatief ontwikkeld, dat volgens Wildeboer w?l aan de regels van privacybescherming voldoet. Het is een beveiligd webadres, waar een geselecteerde groep deelnemers onder voorwaarden beelden van verdachten van winkelcriminaliteit mogen delen. “Dit netwerk zorgt ervoor dat deelnemers uit een afgebakend winkelgebied elkaar snel kunnen waarschuwen. Bovendien mag het beeld als bewijsmateriaal worden gebruikt in een strafzaak, bijvoorbeeld om een winkelverbod voor die persoon af te dwingen.”
De regels voor het gebruik van deze naar schatting 125 afgeschermde Nederlandse websites zijn onlangs aangescherpt. Zo mogen bijvoorbeeld de ongeveer 170 deelnemende winkeliers uit de Enschedese binnenstad hun beelden niet uitwisselen met collega’s in Enschede-Zuid, Hengelo of elders. Dat geldt ook andersom. Het gebruik is alleen toegestaan door deelnemers binnen een afgebakend gebied. “Natuurlijk zou het voor de winkeliers mooi zijn om de beelden op Twentse schaal te kunnen gebruiken en zo een nog beter zicht te krijgen op veelplegers. Van de andere kant is het te begrijpen dat iemand die bijvoorbeeld niet meer welkom is in de binnenstad, nog wel elders zijn noodzakelijke boodschappen moet kunnen blijven doen.”

“Privacy is dood”, zegt advocaat Vlug uit Deventer in de lokale krant. “Dat is een begrip uit de twintigste eeuw en bestaat niet meer.” Vlug vindt het echter te ver gaan als slachtoffers of ondernemers zelf beelden op internet gaan plaatsen. “De dader wordt voor eeuwig aan de digitale schandpaal genageld. Je kunt je afvragen of dat bij een incident als dit, hoe vervelend het ook is voor de betrokkenen, nodig is.” Vlug vindt dat alleen politie of justitie moeten bepalen of beelden on-line gaan. Vanwege privacy-aspecten en het gevaar dat mensen bij relatief kleine zaken al beelden op internet zetten. Hij wijst ook op privacy van anderen die op de beelden te zien zijn en kans op verwarring bij onduidelijke beelden.
“Met alle gevolgen vandien. Maar iedereen loopt tegenwoordig met een ‘eenmansstudio’, een telefoon, op zak, maakt beelden en kan ze on-line zetten. Probleem is dat regels ontbreken. Wellicht moet ook het College Bescherming Persoonsgegevens of een andere onafhankelijke instantie gaan beslissen of beelden op internet worden gezet.”

Advocaat Rob Oude Breuil uit Enschede spant een proefproces aan om duidelijkheid te krijgen op de vraag of foto s van criminelen op internet mogen worden gezet. Hij is er van overtuigd dat de wet Bescherming Persoonsgegevens wel degelijk de ruimte biedt om de politie een handje te helpen door filmpjes of foto’s op internet te plaatsen. Het moet dan duidelijk zijn dat het opsporingsbelang ermee is gediend en dat de mensen op de film honderd procent zeker de daders zijn.

Situatie Engeland sinds de rellen en plunderingen

Sinds de rellen in Groot-Brittanni? is te zien dat burgers de mogelijkheden van internet als digitale schandpaal, hebben ontdekt . Op straat weren burgers zich tegen relschoppers met honkbalknuppels, op internet plaatsen ze foto’s van plunderaars met het verzoek extra informatie te sturen. Afgelopen week zijn er twee van zulke ‘name-and-shame’- sites opgericht: ‘Catch a Looter‘ en ‘Identify the London Rioters‘. De oprichter wil laten zien dat gewone mensen dit gedrag niet accepteren en actie ondernemen.

‘Identify the London Rioters’ bestaat uit een lange reeks foto’s van jongens en meisjes die met tassen vol kleding, computers en plasmatv’s door Londen sjouwen. Bij elke foto kan de bezoeker aanklikken of hij de afgebeelde persoon kent en zo ja, extra informatie doorgeven. Ook kunnen nieuwe foto’s worden geplaatst.

Op Google is een discussiegroep ‘London Riots Facial Recognition‘ actief die beveiligingsbeelden en foto’s van de rellen analyseren met gezichtsherkenningstechnieken. Dat is nu nog niet mogelijk, maar in de nabije toekomst misschien wel. De groep gebruikt alleen beelden die zijn vrijgegeven door de politie, en willen niet dat hun techniek wordt gebruikt om mensen direct te beschuldigen.

Ook de Britse politie heeft beelden van mogelijke Londense relschoppers prijsgegeven op internet. Dit deden ze niet alleen op hun eigen website, maar ook via Flickr. De boodschap: weet je wie deze mensen zijn, neem contact op met de politie. In Groot-Brittanni? wordt niet moeilijk gedaan over de privacy van verdachten. Het land heeft de meeste beveiligingscamera’s ter wereld en kranten plaatsen foto’s van verdachten.

Remy Chavannes, advocaat bij Brinkhof advocaten en gespecialiseerd in media-, telecommunicatie- en internetrecht, kan zich voorstellen dat de Britse politie foto’s van verdachten op internet zet zolang de politie maar buitengewoon zorgvuldig te werk gaat. Hij vindt dat de belangen van de gedupeerden en de geschokte samenleving zwaarder wegen in dit geval dan de privacy van plunderaars. Het publiceren van foto’s door particulieren wijst hij deze advocaat af en hij vindt dat opsporing een monopolie is van de overheid.

Beleid van het Openbaar Ministerie: Aanwijzing Opsporingsberichtgeving (2009A004)

Opsporingsberichtgeving is een opsporingsmiddel in strafvorderlijke zin waarbij de hulp van het publiek wordt ingeroepen via de media en andere openbare berichten, om voor het opsporingsonderzoek relevante informatie te verkrijgen. Onder deze ruime definitie vallen opsporingsberichten die gepubliceerd worden via de tv, radio, krant, telefoon of het internet. Ook berichten op publieke beeldschermen, in flyers en berichten die, na overleg met OM en/of politie, in media als resultaat van onderzoeksjournalistiek worden getoond, zijn aan te merken als vormen van opsporingsberichtgeving wanneer daarbij de hulp van het publiek wordt gevraagd.

Achtergrondmateriaal:

Lectorale rede P. Klerks

View more documents from frank

Cocreatie in de Publieke Sector

Gerelateerde berichten:

Tagged with →  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *