Winschoten

Na brandstichtingen in ?t Zandt (2007) en Veendam (2010) vindt in?de provincie Groningen vanaf medio april 2012 opnieuw een reeks?brandstichtingen plaats. In het centrum van Winschoten worden tot?medio oktober van dat jaar diverse panden in brand gestoken. Doelwit?zijn leegstaande panden, zowel bedrijfspanden als woningen. De branden?zorgen voor veel onrust onder de bewoners van Winschoten. Op?dinsdag 2 oktober 2012 kondigt de burgemeester van Oldambt, waar?Winschoten onder valt, een noodverordening af voor de binnenstad.?Het aantal branden ligt op dat moment al op zestien.

Dit stuk richt zich op de communicatie tijdens de zoektocht naar?de dader(s) van de brandstichtingen. Welke mogelijkheden?zijn er qua?communicatie in zogenoemde ?seri?le gevallen? (een reeks van gelijksoortige?incidenten), waarbij vooraf onbekend is of en wanneer er een?einde aan komt?

Feitenrelaas
De eerste brand (van wat later een reeks brandstichtingen blijkt) vindt?plaats op 18 april 2012. Aan de Torenstraat in Winschoten brandt een?leegstaande woning volledig uit. Er wordt rekening gehouden met?brandstichting. Vervolgens volgen de branden elkaar in hoog tempo?op. Op 15 september 2012 wordt een leegstaand winkelpand aan de?Torenstraat volledig door een brand verwoest. Het is inmiddels de?twaalfde brandstichting. Voor de gemeente Oldambt is dit reden om een?informatiebijeenkomst te organiseren, te meer omdat de onrust onder?inwoners van Winschoten groeit. Na deze bijeenkomst communiceert?de gemeente met enige regelmaat via informatiebrieven over de gezamenlijke?acties van de gemeente, politie en het Openbaar Ministerie?(OM). De hulp van het publiek wordt gevraagd om de dader(s) van de?brandstichtingen op het spoor te komen. De eerste informatiebrief?dateert van 26 september 2012.

Op 2 oktober 2012 volgt een tweede informatiebrief. Reden voor?deze brief is een grote brand in twee panden aan het centraal gelegen?Marktplein. Het is inmiddels de zestiende brand. In de brief meldt de?gemeente de verschillende acties die ze samen met de politie onderneemt?om de dader(s) te kunnen aanhouden:
? preventief cameratoezicht;
? intensivering van het politietoezicht, onder meer in de avond;
? instellen noodverordening om in de binnenstad preventief fouilleren?mogelijk te maken;
? uitbreiding onderzoeksteam van de politie; en
? verzoeken aan eigenaren van leegstaande panden in de Winschoter?binnenstad om maatregelen te treffen ter voorkoming van?brandstichting.

De gemeente vraagt inwoners mee te helpen met het zoeken naar de?daders. Op het Isra?lplein wordt een mobiele locatie van de politie geplaatst?waar bewoners 24 uur per dag langs kunnen komen met vragen?en tips. De brandweer is daar ook aanwezig om inwoners brandpreventietips?te geven en te adviseren over het installeren van rookmelders.?Op 2 oktober 2012 treedt een noodverordening in werking, die?cameratoezicht en preventief fouilleren mogelijk maakt. Kort na de
inwerkingtreding volgt aan de Kastanjelaan een poging tot brandstichting.?Daarmee staat de teller op achttien brandstichtingen. In het?Algemeen Dagblad wordt het gevoel onder de inwoners verwoord:

?Angst en woede heersen onder de bevolking. In Winschoten is?het al dagen het gesprek van de dag. Mensen staan in groepjes op?straat te praten over de vele branden van de afgelopen maanden.?Ondernemers in het centrum houden hun hart vast. Ondanks een?dinsdagavond afgekondigde noodverordening en een speciaal opgerichte?politiepost in het centrum, bleek er gisternacht opnieuw brand?te zijn gesticht, op twee plaatsen nog wel. Het vuur brak uit bij een?supermarkt en in de brievenbus van een leegstaand pand. De brand?bij de winkel ging vanzelf uit, de andere is geblust door omstanders.?

De politie is met extra mensen zichtbaar aanwezig en opereert vanuit?de mobiele locatie op het Isra?lplein. Met de inzet van Burgernet hoopt?de gemeente de inwoners te kunnen mobiliseren als er weer brand uitbreekt.?De gemeente vraagt inwoners om de mobiele telefoon ?s nachts?aan te houden en op gehoorafstand te leggen. Uiteindelijk wordt op?6 oktober 2012 een man aangehouden in verband met een poging tot?brandstichting. De politie betrapt Danny F. op heterdaad in het centrum?van Winschoten. Hij bekent 17 van de 21 branden te hebben gesticht,?waarvan een aantal samen met een vriendin die later wordt aangehouden.
Na de arrestatie van de daders wil burgemeester Smit dat in?Winschoten zo snel mogelijk de normale situatie terugkeert. De speciale?mobiele locatie van de politie wordt uit het centrum verwijderd. De?noodverordening wordt ingetrokken, maar de camera?s blijven de rest?van de maand nog hangen, totdat de huurtermijn ervan is afgelopen.?In de loop van oktober worden twee andere verdachten aangehouden?die los van elkaar opereerden, voor twee branden die Danny F. niet
had gesticht. Een van deze verdachten kon worden aangehouden nadat?beelden van hem op YouTube waren verschenen.

Dilemma: Hoe te communiceren in een periode van?onzekerheid?
De brandstichtingen in Winschoten betekenden een lange periode van?onzekerheid. Terwijl de politie driftig op zoek was naar de dader(s),
nam de onrust onder de bevolking toe. Het bracht de overheid in?een communicatieve spagaat. De overheid kan de onrust trachten te?dempen, maar op enig moment zal de bevolking als repliek geven dat?dezelfde overheid vaart moet maken met een aanhouding. Het feit dat?het moeilijk is om daders van brandstichtingen op heterdaad te betrappen,?maakte de situatie extra moeilijk.

Bij een reeks incidenten die langere tijd aanhoudt ? de zogenoemde?seri?le incidenten ? zijn twee communicatiedoelstellingen leidend?(Van Hoek, 2011):

1 De communicatieactiviteiten moeten zijn gericht op aanvullende?opsporingsinformatie.

2 De communicatieactiviteiten moeten trachten gevoelens van onveiligheid?en maatschappelijke onrust te verminderen of voorkomen.

Deze doelstellingen kunnen soms met elkaar conflicteren. Meer communiceren?over een casus kan de onrust aanwakkeren, maar tegelijkertijd?de oplossing naderbij brengen. In situaties van langdurige onzekerheid?? zoals bij brandstichtingen ? verwachten inwoners van de?burgemeester, mede in het kader van zijn verantwoordelijkheid voor de?handhaving van de openbare orde en veiligheid, dat hij daarover communiceert.?De verantwoordelijkheid voor het strafrechtelijk onderzoek?ligt bij de officier van justitie. Dat impliceert dat het OM eindverantwoordelijk?is voor de opsporingscommunicatie. In de zogeheten driehoek,
het afstemmingsoverleg tussen OM, burgemeester en politie,?wordt de crisiscommunicatie van de betrokken partijen op elkaar afgestemd?en gekeken in hoeverre de communicatie door de gemeente het?strafrechtelijk onderzoek kan verstoren of bespoedigen. De gemeente?en het OM dienden met elkaars rollen, taken en bevoegdheden rekening?te houden in de communicatie.

Analyse
Opsporingscommunicatie
In eerste instantie werd de ambitie van het OM om de dader(s) te pakken?vertolkt door de gemeente. De gemeente vroeg burgers om goed uit?te kijken naar verdachte situaties en deze te melden. Zo stond in een?van de bewonersbrieven die de gemeente uitbracht:

?In het centrum van Winschoten zijn de laatste weken diverse branden?geweest, waarbij brandstichting niet wordt uitgesloten. Voor de?gemeente, justitie en de politie een reden om u hiervoor te waarschuwen?en u te vragen extra alert te zijn. (…) De politie stelt momenteel?een onderzoek in naar de dader of daders van deze branden.?Ook uw hulp kunnen wij goed gebruiken. (…) Uw melding geeft ons?inzicht op welke plekken en op welke tijdstippen de branden worden
gesticht. Hierdoor kan de politie gerichter onderzoek doen.?

De burgemeester trachtte aanvankelijk in de communicatie naar buiten?het woord pyromaan te vermijden, om de reeks van incidenten niet?meteen toe te schrijven aan ??n specifieke dader(groep). Zo hield hij?rekening?met de belangen van het OM. Alles wat aan inwoners werd?versteld, werd afgestemd in de driehoek, zodat leden van de driehoek?zich niet verrast voelden. ?Dit ging zelfs zo ver dat ik de inhoud van mijn?Twitterberichten met hen afstemde.? Maar hij merkte dat vermijden?van het woord pyromaan op enig moment onhoudbaar werd. ?Er waren?immers al wel vijftien panden in brand gestoken.? Het betekende dat?uiteindelijk werd meebewogen met de perceptie van de buitenwereld.?Als die rekening houdt met een pyromaan, dan is het verstandig om bij?die terminologie aan te sluiten. Zeker als het weinig schade berokkend?aan de doelstellingen van het OM.

Noodverordening
De ingestelde noodverordening gaf niet alleen de bevoegdheid aan de?politie om preventief te fouilleren, het onderstreepte ook ? communicatief?? dat het menens was. De overheid trok met het afkondigen van?een noodverordening een spreekwoordelijke streep. ?Tot hier en niet?verder.? Ondernemer Felix R?ben liet in het Algemeen Dagblad weten?dat hij blij was met de maatregel:

?Als je de foto?s van de branden bekijkt, dat is echt niet het werk?van iemand die even een lucifer naar binnen gooit. Het ziet er heel?heftig uit. Dit is voor Winschoten een angstige situatie. Het is een?goed idee om preventief te fouilleren en cameratoezicht in te stellen.?Veiligheid gaat wat mij betreft boven privacy. Voor iemand die er?niets mee te maken heeft, hoeft dat immers geen probleem te zijn.??

Copycat-effecten
Uit onderzoek van het COT en de Universiteit van Amsterdam blijkt?dat bij brandstichtingen en vandalisme de kans op kopieergedrag,?het zogenoemde copycat-fenomeen, groter is dan bij andere incidenten?zoals moord of zelfdoding. Er is bij brandstichtingen een gerede?kans dat anderen van de situatie gebruikmaken en, ge?nspireerd door?de brandstichtingen die al in het nieuws zijn geweest, ook branden?stichten.
In de communicatie is geen rekening gehouden met het gedrag van?copycats. Dit bleek achteraf ook niet nodig. 17 van de 21 branden zijn?door ??n verdachte bekend. De andere branden waren nog in onderzoek?bij de politie.

Procesinformatie
In situaties als deze waarbij het lang duurt voordat er een dader is?gevonden en vaak helemaal geen dader wordt gevonden, is alleen communiceren?bij nieuwe informatie niet de ideale manier. Na de veertiende?brand is er vaak niet meer te vertellen dan na de dertiende brand.?Daarom gaf de gemeente Winschoten relatief veel procesinformatie.?Zo?werd er gecommuniceerd over de genomen maatregelen en de manieren?waarop de overheid de dader(s) probeerde te achterhalen. In het?geval van Winschoten bevatten de vijf bewonersbrieven en de e-mail?aan de Burgernetdeelnemers vaak procesinformatie. Het volgende?citaat is kenmerkend:

?De gemeente Oldambt, justitie en politie nemen de situatie uiterst?serieus. Om de branden een halt toe te roepen, wordt het toezicht in?de wijk verhoogd en is bij de politie extra recherchecapaciteit ingezet?om het onderzoek naar mogelijke daders zorgvuldig te doen. De gemeente neemt diverse maatregelen. Zo worden eigenaren van?leegstaande panden in de Winschoter binnenstad gewezen op de?branden ? en wordt hen met klem gevraagd de noodzakelijke maatregelen
te treffen om hun panden af te dichten en passende maatregelen?te nemen teneinde brandstichting te voorkomen. Daarnaast?worden door de gemeente de mogelijkheden onderzocht om in de?binnenstad van Winschoten preventief cameratoezicht toe te passen.?

Door procesinformatie te geven werd begrip gecre?erd voor de lastige?positie van het OM, de politie en de burgemeester in deze situatie.?Instructies en brandpreventie?In geval van brandstichtingen is het bieden van een handelingsperspectief?aan inwoners belangrijk. In Winschoten konden burgers te?rade gaan bij de politiepost voor informatie, preventieve maatregelen?en advies over brandpreventie en rookmelders. In de informatie die via?bewonersbrieven werd gedeeld werd hier steevast naar verwezen.

Verminderen en/of voorkomen gevoelens van onveiligheid
Door te blijven communiceren trachtte de gemeente de onrust onder?inwoners te dempen en het signaal af te geven dat men achter de schermen
hard bezig was om de brandstichter(s) te pakken. Dat de branden?tot onrust leidden was voor de driehoek van meet af aan duidelijk,?mede door eerdere ervaringen in de regio Groningen. Zowel in ?t Zandt?(2007) als in Veendam (2010) vonden in korte tijd meerdere brandstichtingen?plaats. Burgemeester Smit had tijdens en na de brandstichtingen?veel contact met zijn collega burgemeesters van deze gemeenten?om gebruik te maken van hun ervaringen.
Niet alleen via brieven werd de bevolking ge?nformeerd over wat er?speelde, de burgemeester ging ook regelmatig de straat op om de inwoners?persoonlijk te spreken. Hij praatte met ondernemers en inwoners?en organiseerde bijeenkomsten. De burgemeester leefde mee met de?bevolking en deelde de hoop dat de dader snel gepakt zou worden.?Toen deze uiteindelijk werd opgepakt, was de ontlading in Winschoten?groot. Bij bekendmaking van het nieuws tijdens een portevenement?applaudisseerde het publiek spontaan.

Afronding
Bij de branden in Winschoten hebben het OM, politie en de gemeente?nauw samengewerkt. Op basis van het resultaat (aanhouding van de?verdachten en het stoppen van de branden) kan geconcludeerd worden?dat deze samenwerking goed heeft uitgepakt. De aanpak van de?brandstichtingen laat zien dat de gemeente een grote rol in de communicatie?op zich heeft genomen. Onder haar verantwoordelijkheid?zijn talloze communicatieactiviteiten ingezet in een lange periode van
onzekerheid. Van het plaatsen van een mobiele politie-unit en diverse?bewonersbrieven tot aan de inzet van Burgernet. Deze lessen van?Winschoten vormen daarmee een waardevolle aanvulling op de eerder?opgedane lessen uit Veendam en ?t Zandt.

Geschreven door: Roy Johannink, Rolie Tromp.?Voor dit stuk is dankbaar gebruikgemaakt van informatie die schriftelijk en?mondeling ter beschikking is gesteld door burgemeester Pieter Smit van de gemeente?Oldambt.?Bovenstaand stuk is ontleend uit ?Lessen uit crises en mini-crises 2012

In deze analyse is gebruikgemaakt van het Protocol voor de driehoek in de communicatie?over ernstige incidenten, 5 december 2011. Naar aanleiding van de vermissing en moord?op Milly Boele uit Dordrecht heeft de driehoek van politieregio Zuid-Holland Zuid twee?werkgroepen ingesteld die het proces rondom zorgwekkende vermissingen en de communicatie?bij incidenten met een grote maatschappelijke impact in kaart hebben gebracht.?Het Protocol staat vooral stil bij de sturende rol van een crisisteam. Als handvat voor de?communicatie wordt de drieslag opsporingsberichtgeving (instructies/schadebeperking),?persvoorlichting (informatievoorziening) en duiding gehanteerd.

De 26-jarige Danny F. en zijn vriendin Miranda F. (25) hebben bekend verantwoordelijk te zijn voor de reeks branden die Winschoten de afgelopen tijd teisterde. Het duo geeft toe 17 branden te hebben aangestoken.

De man, Danny Friderichs, woont in een studentenkamer in een woning in Winschoten die inmiddels door de politie is afgesloten. In een interview met RTV Noord vertelt de man?over de branden?en hoe hij ze zelf heeft geblust met een brandblusser.Ook op zijn Twitter-account zijn regelmatig verwijzingen naar de branden in Winschoten en brandblussers te vinden. Hij wisselde diverse tweets uit met de burgemeester van Winschoten.

@DannyFriderichs, Zijn profielfoto op Twitter is een rookworstje:

Bronnen:??Winschoten waakt, toch is het weer raak?, Algemeen Dagblad, 3 oktober 2012. ?Noodverordening uit angst voor pyromaan?, Algemeen Dagblad, 2 oktober 2012.

Gerelateerde berichten:

  • Geen gerelateerde berichten
Tagged with →  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *