Categoriearchief: Hoofdstuk 3

De link in veiligheidszorg: managementbeginselen voor opsporing, onderzoek en rechtshandhaving bij informatiegestuurde veiligheidszorg

Blonk, G. (2007). De link in veiligheidszorg : managementbeginselen voor opsporing, onderzoek en rechtshandhaving bij informatiegestuurde veiligheidszorg. Reed Business, Den Haag.

In dit handboek staat de ketenbrede en procesmatige benadering centraal. De veiligheidszorg is niet alleen beperkt tot de politie, maar omvat ook andere publieke en private veiligheidspartners. Naast de strafrechtelijke rechtshandhaving wordt ook ingegaan op bestuurlijke werkvormen om criminaliteit te be?nvloeden. Verder beschrijft het de verdeling van taken en bevoegdheden van alle betrokken organisaties en functionarissen. Het inzicht in de werk-processen en de onderlinge samenhang helpt u bij de uitvoering van uw complexe managementtaak.Uiteindelijk worden alle ontwikkelingen, rekening houdend met het ABRIO-programma, bijeen-gebracht in het BIVER-model, een besluitvormingsmodel om het keuzeproces rondom criminaliteitsbeheersing beter te volgen en sturen.

Versterking opsporing en vervolging: naar aanleiding van het evaluatierapport van de Schiedammer parkmoord

Programmabureau Versterking Opsporing (2005). Versterking opsporing en vervolging: naar aanleiding van het evaluatierapport van de Schiedammer parkmoord. ?Openbaar Ministerie, Politie en NFI.

In de Schiedammer parkmoord is een onschuldige na een groots opgezet opsporingsonderzoek, in eerste en tweede aanleg veroordeeld voor moord en poging tot moord. Een minderjarige getuige werd incorrect behandeld. Het evaluatieonderzoek in deze zaak wees uit dat dit het gevolg was van een opeenstapeling van elkaar versterkende onzorgvuldigheden en beoordelingsfouten. De evaluatie van deze zaak vormde voor de Minister van Justitie aanleiding, politie en het Openbaar Ministerie de opdracht te verstrekken de aanbevelingen uit te werken in een Programma Versterking Opsporing en Vervolging. In het programma staat structurele kwaliteitsverbetering en de bevordering van de professionaliteit van het optreden van politie en OM in strafzaken centraal. Het programma richt zich primair op de kwaliteit van de waarheidsvinding in het proces van opsporing en vervolging. Op alle aanbevelingen uit het evaluatierapport van de Schiedammer Parkmoord zijn inhoudelijke voorstellen ontwikkeld. Enkele concrete punten uit het verbeterprogramma: Verbetering kwaliteit door algemene bindende eisen te stellen aan de kwaliteit van opsporingsonderzoeken.; Versterking van het vakmanschap door gerichte opleidingen en op termijn certificering bij politie en OM; Versterking van aandacht van het leidinggevend kader voor de kwaliteit van de opsporing en de vervolging; Auditieve registratie wordt verplicht bij verhoren van verdachten van misdrijven met een strafbedreiging van twaalf jaar of meer, als er een dode of zwaargewonde is gevallen of als het gaat om een zedenmisdrijf met een strafbedreiging van acht jaar of meer; Voor juni 2006 wordt in alle korpsen het standaardverhoorplan ingevoerd. Ieder korps zal dan beschikken over een verhoorprotocol waarin de wijze van voorbereiden van verhoor alsmede de wijze van begeleiding van verhoor is beschreven; Het NFI zal duidelijker gaan rapporteren opdat de rapportages goed kunnen worden begrepen door politie, OM, rechtspraak en advocatuur; Alle uitslagen van technisch onderzoek zullen – ook als ze negatief of ontlastend zijn – in proces-verbaal of rapportvorm worden toegevoegd aan het dossier. Aan ontlastende uitslagen zal in het dossier expliciet aandacht worden besteed; Forensisch deskundigen zullen vaker en sneller worden ingezet om het deskundig veilig stellen van sporen op de plaats delict te verzekeren

Uitwerking van de maatregelen uit het rapport ?Versterking opsporing en vervolging?

Programmabureau Versterking Opsporing (2004). Uitwerking van de maatregelen uit het rapport ?Versterking opsporing en vervolging?. Openbaar Ministerie, politie en NFI.

Naar aanleiding van de evaluatie van de Schiedammer Parkmoord hebben OM, politie en het NFI een groot aantal maatregelen voorgesteld om de kwaliteit en de professionaliteit van OM, politie en NFI te versterken. De aangekondigde maatregelen zijn uitvoerig besproken met leiding en medewerkers van OM, politie en NFI en met de departementen van jusitie en BZK. De uitvoering van de maatregelen hebben dan ook breed draagvlak gekregen en er zijn financi?le middelen ter beschikking gesteld. Zowel polite als OM hebben een start gemaakt met werving en selectie van extra personeel. Diverse clustergroepen zijn vervolgens aan de slag gegaan om aan voorgestelde maatregelen nadere uitwerking te geven. Na afspraken moet het de volgende producten opleveren: de uitwerking van de voorstellen; implementatievoorstellen voor de korte en lange termijn; uitwerking van de voorstellen voor monitoring en auditing van dit programma en voorstellen voor structurele, periodieke auditing van politie en OM op de opgenomen onderdelen. Alle uitgewerkte aanwijzingen, protocollen e.d., zijn aan verandering onderhevig. Daarom is er ook een structurele voorziening opgenomen waarlangs het dynamisch proces van aanpassing en kwaliteitsverbetering zal verlopen. De uitvoering van de maatregelen uit het programma ‘Versterking opsporing en vervolging’ hebben een breed draagvlak verkregen en zijn de financi?le middelen beschikbaar gesteld. Zowel politie als OM hebben een start gemaakt met werving en selectie van extra personeel. Diverse clustergroepen zijn vervolgens aan de slag gegaan om aan de voorgestelde maatregelen nadere uitwerking te geven. Afgesproken is in dit rapport de volgende producten op te opleveren: – de uitwerking van de voorstellen uit het rapport ‘Versterking opsporing en vervolging’: – implementatievoorstellen voor de korte, middellange en de lange termijn: – uitwerking van de voorstellen voor monitoring en auditing van dit programma en voorstellen voor structurele, periodieke auditing van politie en OM op de opgenomen onderdelen. Alle uitgewerkte aanwijzingen, protocollen e.d., zijn aan verandering onderhevig. In het rapport is daarom ook een structurele voorziening opgenomen waarlangs het dynamisch proces van aanpassing en kwaliteitsverbetering zal verlopen.

Rechercheportret: over dilemma’s in de opsporing.

Poot, C.J. de, R.J. Bokhorst, P.J. van Koppen & E.R. Muller (2004). Rechercheportret: over dilemma’s in de opsporing. Kluwer, Alpen aan de Rijn.

Recherchezaken varieren van simpele delicten waarbij de dader direct wordt gevonden tot ernstige delicten die een gecompliceerd opsporingsonderzoek nodig maken en een grote inzet van mensen en middelen vergen. Het verhaal van die onderzoeken wordt verteld. Het gaat over de zaken die de recherche wel of niet in onderzoek neemt en de redenen daarvoor. Het behandelt de methoden die de recherche inzet bij de opsporing en de wijze waarop zijn het opsporingsonderzoek organiseert. Het ontrafelt de manier waarop de recherche de informatie waarmee zijn in grote zaken wordt geconfronteerd zodanig probeert te combineren dat de dader gevonden kan worden. Gebaseerd op intensief onderzoek bij zes verschillende politieregio’s. Het laat zien met welke dilemma’s de recherche wordt geconfronteerd en welke keuzes zij maakt om uit die dilemma’s te komen. Aldus wordt inzicht gegeven in het rechercheproces zoals dat verloopt bij kleine en bij grote zaken. Laat vooral zien welke opsporingsmethoden, welke organisatie en welke manier van denken het beste bijdraagt aan het vinden van de daders van misdrijven. Inhoud: – De recherche – Opsporen en bewijs – De moord op Oscar Olthof – Opsporingsmethoden – Ernstige misdrijven – Dilemma’s in de opsporing

Crime online

Jewkes, Y (2007). Crime online.?Willan Publishing, Devon.

1: Killed by the Internet : cyber homocides, cyber suicides and cyber sex crimes / Yvonne Jewkes
2: Cybercrime : re-thinking crime control strategies / Susan W. Brenner
3: The problem of stolen identity and the Internet / Emily Finch
4: Biometric solutions to identity-related cybercrime / Russel G. Smith
5: Internet child pornography : international responses / Yvonne Jewkes and Carol Andrews
6: The role of computer forensics in criminal investigations / Robert Moore
7: Teenage kicks or virtual villainy? Internet privacy, moral entrepreneurship and the social construction of a crime problem / Majid Yar
8: In the back of the net : football hooliganism and the Internet / Stefan Fafinski
9: Constructing crime : stalking, celebrity, ‘cyber’ and media / Maggie Wykes
10: Digital undergrounds : alternative politics and civil society / Rinella Cere
11: Beyond the desert of the real : crime control in a virtual(ised) reality / Katja Franko Aas

Van dezelfde schrijfster: