Social Media DNA
Best practice

Robocop en de snoeppot

· 4 min. lezen · Arnout de Vries

Bekijk op w.soundcloud.com

Wat betreft technologisering, stelt de politie zich op als een kind dat zijn handen niet uit de snoeppot kan houden, sprak directeur van burgerrechtenorganisatie Bits of Freedom Hans de Zwart. Sectorhoofd Dienst Regionale Informatie Organisatie Frank Smilda dacht er anders over: “De criminele markten zijn enorm in Nederland. – Als het gaat om het in kaart brengen van die markten dan verdient de samenleving een nog betere politie.”

Op 29 januari discussieerde een volle zaal bij Huis voor Democratie en Rechtsstaat ProDemos over de technologisering van de politie. Thema van dit eerste Tijdschrift voor de Politie Debat: Robocop en de rechtsstaat; wie bewaakt de bewakers? Eerste stelling: in deze digitale wereld mag de politie alle mogelijkheden gebruiken die er zijn. Het debat is boven dit artikel terug te luisteren.

Wie heeft toezicht op politietechnologie en intelligence buiten de strafrechtketen, zoals bij handhaving van de offline en online openbare orde? Is er een ethische ICT commissie nodig? Vragen uit het debat met oa @FrankSmilda @jacovanhoorn @kathalijne https://t.co/d1Q56cOpMP

– Arnout de Vries (@ADeVries23) 1 februari 2019

Dode pixels

Inleider Hans de Zwart uitte zijn zorgen: “De waarborgen zijn niet meegegroeid. Zaken die eerst werden begrenst door, bijvoorbeeld, hoge kosten zijn dankzij technologie vrij toepasbaar. Denk aan drones.” Volgens hem is het tijd dat de politie het “echte verhaal” vertelt over hoe het burgers in beeld heeft. “De politie moet eerlijker zijn. Zij doet alsof ze minder zicht heeft op criminaliteit: “Going dark”. Maar in deze tijd, waarin iedereen een tracking device bezit, leeft ze in een gouden tijd. De politie kijkt naar een heel groot scherm, maar legt de nadruk op een paar dode pixels. De Zwarts belangrijkste punt: de politie heeft de verantwoordelijkheid om een visie te ontwikkelen op het gebruik van technologie.

Tweede inleider Frank Smilda stelde dat er inderdaad geen spelregels zijn over wat de politie wel of niet mag monitoren en welke technologische mogelijkheden zij wel of niet mag gebruiken. Ook hij zag de noodzaak daarvan in, maar dat neemt volgens Smilda niet weg dat de politie nu wel technologie moet inzetten. “Jarenlang ging het slecht met de ICT bij de politie. Nu is dat omgekeerd, kunnen we inzicht krijgen in wie welke relatie heeft met een criminele markt. Onderschat die markten niet: zo zijn we eigenlijk een narcostaat; de beste xtc-producent ter wereld.”

Onvrij gevoel
De zaal bleek verdeeld. Mogelijkheden benutten ja, maar wel onder voorwaarden. Een dame van Interpol, net terug uit Singapore: “In Singapore hangen 80 duizend camera’s. Dat voelt onvrij. In Nederland had ik het gevoel dat ik continu moet oppassen: op mijn tas, wie achter me loopt. Ook onvrij. Ik heb geen antwoord, alleen een gevoel.” De zaal vraagt zich af: is een ethische commissie de oplossing?

Tweede Kamerlid voor GroenLinks Kathalijne Buitenweg leidde de tweede stelling in: gezien de snelheid van de technologische ontwikkelingen moet de politie zijn eigen morele grenzen bepalen. Buitenweg zei al langer te pleiten voor een Kamercommissie die grenzen stelt, waarden borgt, pal staat voor de autonomie van de burger. “De politiek is de arena waar zulke besluiten moeten worden genomen.” Tegelijk stelde ze dat de samenleving verwachtingen moet bijstellen: “Ik ben onder de indruk van de politie, maar de toekomst is er niet één van overal grip op krijgen en alles voorkomen. We zullen moeten toegeven dat we sommige dingen niet wisten. We kunnen niet alles policen.

Denkkracht nodig
Hoofdredacteur van het Tijdschrift voor de Politie en moderator Jaco van Hoorn concludeerde met de zaal dat zowel politiek als politie zelf kaders moet scheppen. Hoogleraar Digital Security Bart Jacobs stelde in een kort vraaggesprek met Van Hoorn een probleem aan de orde: de uit doeners bestaande politie mist op dit terrein organisatie-brede kennis. Hij pleitte voor meer denkkracht bij de politie. “Er is binnen de overheid een trend geweest om inhoudelijke kennis te outsourcen. Dat leidde tot een ramp van enorme proporties. Daar komen we gelukkig van terug.”

Of de politie verantwoord met haar mogelijkheden omgaat, weet Jacobs zo net nog niet. “Neem het afluisteren van versleutelde telefoons. Technisch indrukwekkend, petje af. Maar juridisch is dat in een aantal gevallen heel omstreden.” Ter illustratie noemt hij het afluisteren in opdracht van de Verenigde Staten van de Mexicaanse drugsbaron El Chapo. “Nederland zette de tap vol vertrouwen in, zonder de Amerikanen vragen te stellen: waarom, waarvoor? Dat zou wel moeten.

Jacobs pleit voor meer “horizonbepaling”. “Durf als politiek en politie te experimenteren. Maak een wet om bijvoorbeeld drie jaar iets te doen, dan te evalueren en ervoor te kiezen om ermee te stoppen als het niet werkt of ethische grenzen overschrijdt. Alleen, ik heb nog nooit meegemaakt dat de Eerste of de Tweede Kamer na drie jaar evalueert en een wet schrapt.”

Bron: Website voor de politie

Vragen over dit artikel

Waarom vergelijkt Hans de Zwart de politie met een kind bij de snoeppot?

Volgens De Zwart gebruikt de politie technologie die door lagere kosten vrij toepasbaar is geworden, zoals drones, terwijl de waarborgen niet zijn meegegroeid. Hij vindt dat de politie eerlijker moet vertellen hoe ze burgers in beeld heeft en een visie op technologiegebruik moet ontwikkelen.

Wat vindt Frank Smilda van de inzet van technologie?

Smilda erkent dat er geen spelregels zijn over wat de politie mag monitoren en ziet de noodzaak daarvan in. Toch vindt hij dat de politie technologie nu moet inzetten om criminele markten in kaart te brengen, omdat die in Nederland enorm zijn.

Wie moet de grenzen stellen voor politietechnologie?

De zaal concludeerde met moderator Jaco van Hoorn dat zowel de politiek als de politie zelf kaders moet scheppen. Ook werd de vraag gesteld of een ethische commissie de oplossing is.

Wat bedoelt Bart Jacobs met horizonbepaling?

Een wet maken om iets bijvoorbeeld drie jaar te doen, dan te evalueren en ermee te stoppen als het niet werkt of ethische grenzen overschrijdt. Jacobs merkt op dat hij nog nooit heeft meegemaakt dat de Kamer na zo’n evaluatie een wet schrapt.

Vragen en antwoorden toegevoegd in 2026, op basis van het artikel hierboven.