Tagarchief: digitalisering

Over procedurele rechtvaardigheid bij elektronische dienstverlening – pt 2/3

Digitalisering beïnvloedt de perceptie van de legitimiteit van de politie in de samenleving. In een drieluik analyseren David Langley, José Kerstholt, Arnout de Vries en Caroline van der Weerdt deze effecten. Deel 2 over de invloed van elektronische diensten.

Nieuwe technologieën en interactiemogelijkheden veranderen de manier waarop burgers en politie met elkaar omgaan. Denk bijvoorbeeld aan contact met de wijkagent via sociale media of elektronisch aangifte doen. Deze vorm van contact wordt vaak als positief gezien. Zoals bijvoorbeeld de Teteringse wijkagent Willem Janssen: “Het digitale spreekuur is ideaal om snel en makkelijk in contact te komen met de inwoners van Teteringen en de diverse bedrijven op de industrieterreinen in Breda-Noord. Met behulp van de eigen pc/tablet (met webcam) kan vanaf iedere locatie rechtstreeks met mij gesproken worden. Ik hoop met deze extra service ook de forensen in het gebied, die fysiek niet het spreekuur bij kunnen wonen, te bereiken.” De wijkagent beschikt zelf ook over een webcam en is tijdens het gesprek in beeld.[1]

Perceptie
In het eerste artikel zagen we hoe de perceptie van de handelswijzen en rol van de politie een wisselwerking is tussen het collectieve beeld van legitimiteit op macroniveau en, op microniveau, de individuele meningen die via sociale media worden geuit. Deze individuele meningen kunnen de perceptie van een groot aantal mensen, en daarmee het collectieve beeld, (negatief) beïnvloeden.  De kernvraag van dit artikel is hoe de politie via elektronische diensten de perceptie van legitimiteit op een positieve manier kan beïnvloeden.

Gebruikersvriendelijkheid
De politie staat uiteraard niet stil wat betreft digitalisering. Tijdrovende fysieke handelingen worden, waar mogelijk, vervangen door digitale dienstverlening. In veel onderzoek naar de effecten van digitale dienstverlening staan vooral de efficiency en de gebruiksvriendelijkheid van het systeem centraal (Meijer & Thaens, 2010). Over het algemeen blijkt uit dat onderzoek dat naarmate de dienst gebruiksvriendelijker is en de gebruiker ook het nut van de dienst inziet, het vaker wordt gebruikt.

Toename transparantie
Daarnaast is een voordeel van digitale diensten dat burgers op een toegankelijke wijze inzicht kunnen krijgen in het functioneren van de organisatie via bijvoorbeeld informatie over beleid, beslissingen en acties. Transparantie alleen leidt echter niet persé tot meer legitimiteit. Zoals het model van gepercipieerde legitimiteit uit het eerste artikel laat zien, wordt de evaluatie van burgers gevoed door wat ze zelf zien en meemaken. Ook bij een interactie tussen burger en politie via een digitaal loket, is het van belang dat de burgers het gevoel hebben dat zij respectvol worden behandeld.

Procedurele rechtvaardigheid
De gepercipieerde legitimiteit van de politie is een belangrijke voorwaarde voor effectief politiewerk en wordt geassocieerd met effectiviteit, tevredenheid en vertrouwen. Uit onderzoek blijkt dat de perceptie van eerlijkheid en rechtvaardigheid belangrijker is voor de legitimiteit dan de gepercipieerde effectiviteit (Walters & Bolger, 2019). Met andere woorden: de manier waarop de politie omgaat met burgers blijkt belangrijker dan de objectieve resultaten.

Vier principes
Procedurele rechtvaardigheid bestaat uit vier principes: burgers een stem geven door het aanmoedigen van hun participatie, het gevoel geven dat besluitvorming neutraal verloopt, het tonen van waardigheid en respect in de interactie en het laten zien dat motieven betrouwbaar zijn (Mazerolle et al., 2013). Wanneer burgers menen dat de politie volgens deze vier principes te werk gaan dan zullen zij de politie meer zien als een betrouwbare en legitieme instantie voor het handhaven van sociale veiligheid.

Openheid
De perceptie van procedurele rechtvaardigheid is dus een belangrijke factor voor het vergroten van legitimiteit en het zou daarom goed zijn als de politie via digitale kanalen haar procedurele rechtvaardigheid meer zou benadrukken. Zo zou je bijvoorbeeld openheid kunnen geven over besluitvormingsprocessen, evaluaties van burgers ten aanzien van dienstverlening weer kunnen geven, of cijfers laten zien over hoeveel online klachten/aangiften/tips/et cetera er zijn binnengekomen (en behandeld).

Presentatie en perceptie
De perceptie die men van een organisatie heeft is niet per se een waarheidsgetrouwe afspiegeling te zijn van de werkelijkheid. Mensen vormen zich een beeld op basis van eigen ervaringen of dat van anderen en ook hoe de organisatie zich presenteert. De manier waarop de politie zich via digitale diensten presenteert, blijkt inderdaad van belang voor de gepercipieerde legitimiteit (Sillince & Brown, 2009).

Aangescherpte identiteit
Door zorgvuldig je narratief op te bouwen kun je de gepercipieerde legitimiteit beïnvloeden, zoals door doelbewust taal te gebruiken die de positie van de politie benadrukt als lid van, of juist apart van, de leefgemeenschap. Dit is een belangrijke manier om onderliggende waarden te communiceren en actief deel te nemen in het proces dat leidt tot een aangescherpte identiteit.

Burgers betrekken
Om elektronische dienstverlening optimaal te benutten voor het vergroten van legitimiteit is het van belang om actief na te denken hoe de vier aspecten van procedurele rechtvaardigheid tot uiting komen en voortdurend te toetsen of burgers de effecten ook beleven zoals bedoeld. Door burgers mee te laten denken in het gehele ontwerptraject kunnen niet alleen innovatieve ideeën worden opgedaan, maar is de kans ook groter dat het uiteindelijke product aansluit bij hun waarden en behoeften.

Dit is deel 2 van een drieluik over digitalisering en legitimiteit.

Deel 1 Over sociale media en maatschappelijke verschuivingen

Leren van de zorg
Partijen in de zorg proberen steeds meer tegemoet te komen aan de mondigere burger en nieuwe mogelijkheid van de patiënt om aan informatie over ziekte en gezondheid te komen. ICT-innovaties helpen om de burger/patiënt centraal te stellen in het zorgproces, via bijvoorbeeld verschillende platformen. Voorbeelden hiervan zijn de personal health records (PHR’s) waarin patiënten zorgdata kunnen opslaan, artsen hun data kunnen uploaden en er vaak ook de mogelijkheden geboden wordt om zelf preventieve maatregelingen te treffen door middel van eHealth. Een burger kan zo zelf metingen bijhouden over zijn of haar gezondheid, makkelijk contact opnemen met een arts en zelf beschikken over de informatie van deze arts; ook zijn er vele apps die de gezondheid ondersteunen.

Mazerolle, L., Bennett, S., Davis, J., Sargeant, E., & Manning, M. (2013). Procedural justice and police legitimacy: A systematic review of the research evidence. Journal of experimental criminology, 9(3), 245-274.
Meijer, A., & Thaens, M. (2010). Alignment 2.0: Strategic use of new internet technologies in government. Government Information Quarterly, 27(2), 113-121.
Sillince, J. A., & Brown, A. D. (2009). Multiple organizational identities and legitimacy: The rhetoric of police websites. Human Relations, 62(12), 1829-1856.
Walters, G. D., & Bolger, P. C. (2019). Procedural justice perceptions, legitimacy beliefs, and compliance with the law: A meta-analysis. Journal of experimental Criminology, 15(3), 341-372.

Bron: Tijdschrift voor de Politie

Robocop en de snoeppot

Wat betreft technologisering, stelt de politie zich op als een kind dat zijn handen niet uit de snoeppot kan houden, sprak directeur van burgerrechtenorganisatie Bits of Freedom Hans de Zwart. Sectorhoofd Dienst Regionale Informatie Organisatie Frank Smilda dacht er anders over: ?De criminele markten zijn enorm in Nederland. ? Als het gaat om het in kaart brengen van die markten dan verdient de samenleving een nog betere politie.?

Op 29 januari discussieerde een volle zaal bij Huis voor Democratie en Rechtsstaat ProDemos over de technologisering van de politie. Thema van dit eerste Tijdschrift voor de Politie Debat: Robocop en de rechtsstaat; wie bewaakt de bewakers? Eerste stelling: in deze digitale wereld mag de politie alle mogelijkheden gebruiken die er zijn. Het debat is boven dit artikel terug te luisteren.

Dode pixels

Inleider Hans de Zwart uitte zijn zorgen: ?De waarborgen zijn niet meegegroeid. Zaken die eerst werden begrenst door, bijvoorbeeld, hoge kosten zijn dankzij technologie vrij toepasbaar. Denk aan drones.? Volgens hem is het tijd dat de politie het ?echte verhaal? vertelt over hoe het burgers in beeld heeft. ?De politie moet eerlijker zijn. Zij doet alsof ze minder zicht heeft op criminaliteit: ?Going dark?. Maar in deze tijd, waarin iedereen een tracking device bezit, leeft ze in een gouden tijd. De politie kijkt naar een heel groot scherm, maar legt de nadruk op een paar dode pixels.? De Zwarts belangrijkste punt: de politie heeft de verantwoordelijkheid om een visie te ontwikkelen op het gebruik van technologie.

Tweede inleider Frank Smilda stelde dat er inderdaad geen spelregels zijn over wat de politie wel of niet mag monitoren en welke technologische mogelijkheden zij wel of niet mag gebruiken. Ook hij zag de noodzaak daarvan in, maar dat neemt volgens Smilda niet weg dat de politie nu wel technologie moet inzetten. ?Jarenlang ging het slecht met de ICT bij de politie. Nu is dat omgekeerd, kunnen we inzicht krijgen in wie welke relatie heeft met een criminele markt. Onderschat die markten niet: zo zijn we eigenlijk een narcostaat; de beste xtc-producent ter wereld.?

Onvrij gevoel
De zaal bleek verdeeld. Mogelijkheden benutten ja, maar wel onder voorwaarden. Een dame van Interpol, net terug uit Singapore: ?In Singapore hangen 80 duizend camera?s. Dat voelt onvrij. In Nederland had ik het gevoel dat ik continu moet oppassen: op mijn tas, wie achter me loopt. Ook onvrij. Ik heb geen antwoord, alleen een gevoel.? De zaal vraagt zich af: is een ethische commissie de oplossing?

Tweede Kamerlid voor GroenLinks Kathalijne Buitenweg leidde de tweede stelling in: gezien de snelheid van de technologische ontwikkelingen moet de politie zijn eigen morele grenzen bepalen. Buitenweg zei al langer te pleiten voor een Kamercommissie die grenzen stelt, waarden borgt, pal staat voor de autonomie van de burger. ?De politiek is de arena waar zulke besluiten moeten worden genomen.? Tegelijk stelde ze dat de samenleving verwachtingen moet bijstellen: ?Ik ben onder de indruk van de politie, maar de toekomst is er niet ??n van overal grip op krijgen en alles voorkomen. We zullen moeten toegeven dat we sommige dingen niet wisten. We kunnen niet alles policen.

Denkkracht nodig
Hoofdredacteur van het Tijdschrift voor de Politie en moderator Jaco van Hoorn concludeerde met de zaal dat zowel politiek als politie zelf kaders moet scheppen. Hoogleraar Digital Security Bart Jacobs stelde in een kort vraaggesprek met Van Hoorn een probleem aan de orde: de uit doeners bestaande politie mist op dit terrein organisatie-brede kennis. Hij pleitte voor meer denkkracht bij de politie. ?Er is binnen de overheid een trend geweest om inhoudelijke kennis te outsourcen. Dat leidde tot een ramp van enorme proporties. Daar komen we gelukkig van terug.?

Of de politie verantwoord met haar mogelijkheden omgaat, weet Jacobs zo net nog niet. ?Neem het afluisteren van versleutelde telefoons. Technisch indrukwekkend, petje af. Maar juridisch is dat in een aantal gevallen heel omstreden.? Ter illustratie noemt hij het afluisteren in opdracht van de Verenigde Staten van de Mexicaanse drugsbaron El Chapo. ?Nederland zette de tap vol vertrouwen in, zonder de Amerikanen vragen te stellen: waarom, waarvoor? Dat zou wel moeten.?

Jacobs pleit voor meer ?horizonbepaling?. ?Durf als politiek en politie te experimenteren. Maak een wet om bijvoorbeeld drie jaar iets te doen, dan te evalueren en ervoor te kiezen om ermee te stoppen als het niet werkt of ethische grenzen overschrijdt. Alleen, ik heb nog nooit meegemaakt dat de Eerste of de Tweede Kamer na drie jaar evalueert en een wet schrapt.?

Bron: Website voor de politie

Maatschappelijke ontwikkelingen en hun implicaties voor Gebiedsgebonden politiewerk: Een verkenning

Bij Gebiedsgebonden Politiewerk (GGP) is het politiewerk ingebed in de samenleving. Kernbegrippen zijn: dichtbij georganiseerd, kennen en gekend worden, werken aan een breed scala van veiligheidsproblemen, zowel reactief, preventief als proactief optreden, samenwerking met uiteenlopende andere partijen en betrokkenheid van burgers. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie heeft onderzoek laten doen naar de invloed van maatschappelijke ontwikkelingen op GGP en, indien nodig, hoe deze verder geprofessionaliseerd zou kunnen worden. De meest in het oog springende ontwikkelingen die van invloed zijn op het werk van de politie en het gebiedsgebonden werk daarbinnen zijn:

  • Decentralisaties in het sociaal domein;
  • Digitalisering inclusief sociaal media;
  • Demografische ontwikkelingen, migratie en vluchtelingen;
  • Radicalisering, terrorisme en terreurdreiging;
  • Internationalisering van misdaad en ondermijnende criminaliteit;
  • Groei van toerisme, evenementen en horeca.

In deze rapportage worden de resultaten van het onderzoek beschreven. Per gesignaleerde maatschappelijke ontwikkeling worden de implicaties voor het gebiedsgebonden politiewerk en de daarmee samenhangende mogelijke professionaliseringsnoodzaak geschetst.

Digitalisering en sociale media be?nvloeden het GGP. Daarbij gaat het om de organisatie van het politiewerk, de communicatie onderling en met burgers, omgaan met de berichten en beelden die op internet circuleren en het benutten van data ten behoeve van de optimalisering van het gebiedsgebonden politiewerk. De digitale mogelijkheden hebben direct betrekking op de kern van GGP, namelijk dicht bij de burger staan, weten wat er speelt, tijdig signalen opvangen waarop reacties nodig zijn en in direct contact staan met andere betrokkenen. Goed omgaan met digitale mogelijkheden verhoogt de efficiency en de effectiviteit van GGP. De ontwikkelingen in digitalisering en sociale media stellen aan de politie permanent nieuwe eisen die vragen om competenties in het bijzonder op de volgende terreinen:

  • Effectieve informatie en communicatie via gangbare en aan populariteit winnende sociale media;
  • Kennis van bestaande en nieuwe vormen van cybercrime en de wijze waarop die zich bij de bewoners van de wijken manifesteren;
  • Effectief sociale netwerken opbouwen, onderhouden en benutten;
  • Inwinnen, verwerken, opslaan en analyseren van data ten behoeve van de optimalisering van het GGP; ? omgaan met digitale financi?le administratieve en operationele tools ter ondersteuning van het politiewerk.

[slideshare id=75598435&doc=maatschappelijkeontwikkelingenenhunimplicatiesvoorggp-170502121238&type=d]

Bronnen: WODC

Digitalisering politiewerk

ipalogoOnderstaand artikel verscheen eerder in het magazine van?IPA-Nederland:

De digitalisering van de samenleving is een gegeven.?Een belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling is?de opkomst en het gebruik van internet. Een groot?deel van de Nederlandse bevolking en van het Nederlandse?bedrijfsleven is actief op internet. Omdat?de politie als frontlinieorganisatie midden in de samenleving?staat, is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de ontwikkelingen op het gebied van internet?en in te spelen op de kansen die internet biedt.?Aan alles merk je dat het ons als politie ernst is bij?te blijven en onze medewerkers zodanig toe te rusten,?dat ze de burger op een verantwoorde manier?kunnen helpen bij zaken die op de digitale snelweg?spelen. Verderop in het artikel zal ik ontwikkelingen benoemen, die ons daarbij helpen of moeten gaan?helpen.

Social media: het nieuwe dna
Dit is het boek dat Frank Smilda, kwartiermaker van?de Dienst Regionale lnformatie Organisatie van Noord-Nederland schreef met Arnout de Vries van TNO.?Social media zorgen voor een nieuwe revolutie in de opsporing,?zoals DNA dat dertig jaar geleden was. Maar?social media spelen hierin een dubbelrol. Net als DNA?is het een belangrijke informatiebron. Maar het is tevens?het nieuwe platform waarop de ‘digitale’ rechercheur?en de online Sherlock Holmes (samen) werken aan opsporing.?Social media democratiseren de opsporing en?maakt de rol van burgers hierin nog belangrijker. Dit vereist?een verandering van het ‘DNA’ van iedere agent, een?’gamechanger’ in alle facetten van het politiewerk.

ln ons personeelsblad 24/7 was al een artikel te lezen?over het “Speuren op Social Media”. Daarin konden?we lezen dat de korpsleiding heeft ingestemd met een?meerjarig programma dat als doel heeft het gebruik van?social media in te bedden in alle (operationele) politieprocessen.?Dit is een nobel streven, want we kunnen als?politie natuurlijk niet meer om de digitalisering van de?samenleving heen. ln alle politieprocessen speelt de digitalisering?een rol, of dat nu bij lntake, bij Handhaving?of bij Opsporing is. Martine Vis van de Eenheidsleiding?Rotterdam is landelijk verantwoordelijk voor de inbedding?van social media binnen de politie.

Het programma zelf geeft aan dat social media niet?meer weg te denken zijn uit onze maatschappij. Mensen?gebruiken social media om elkaar te betrekken, te?informeren en te be?nvloeden met in hun kielzog de reguliere media. De gevolgen hiervan kunnen groot zijn:?voor bestuurders, politie, het Openbaar Ministerie, maar?ook voor de burger zelf. Recente voorbeelden zijn de?publieke verontwaardiging over de verdachten van uitgaansgeweld?in Eindhoven (camerabeelden) en een?ogenschijnlijk onschuldige Facebook-uitnodiging die?leidde tot grote ongeregeldheden in Haren (Project X).?Social media brengen nieuwe mogelijkheden met zich?mee, maar ook vele (bestuurlijke) dilemma’s en vragen.?Het proces lijkt soms ongrijpbaar en het is zelfs de vraag?of ‘grip krijgen’ ?berhaupt nog aan de orde is. Veel overheidsorganisaties?worstelen dan ook met de vraag hoe?men moet omgaan met een verschijnsel dat zo snel, invloedrijk?en schijnbaar stuurloos is.

Om de verbinding met de samenleving niet te verliezen,?moet de politie mee gaan in deze ontwikkeling. Social?media bieden de politie daarbij ook nieuwe mogelijkheden?verbinding te maken in de haarvaten van de maatschappij?met online gemeenschappen en individuele?burgers. Korlom, de komst van social media heeft een?nieuwe dimensie aan het politievak toegevoegd.?Het gebruik van sociale media in het politiewerk is een?steeds belangrijker rol gaan spelen. Onderzoek er naar?staat nog slechts in de kinderschoenen. Tegelijkertijd?kunnen we dus ook constateren dat er al veel in gang?is gezet en dat er talloze praktische toepassingen zijn?ontwikkeld. Belangrijk is het om deze initiatieven ook
met elkaar te delen. Ook hierbij kunnen sociale media?een nuttige rol spelen. Met de komst van sociale media?is een dimensie aan het politievak toegevoegd die niet?genegeerd kan en mag worden , maar waar tegelijkertijd?nog een wereld te winnen valt…

Als politie gebruiken we de social media steeds meer?als opsporingsmiddel. Dat symboliseert de ‘z??r opvallende’?opmars van social media bij de politie afgelopen?jaar. Veel politiemensen zijn te vinden op Twitter en ook?de vele filmpjes die via Youtube online zijn gezet, missen?hun doel niet. Deze filmpjes zijn al miljoenen keren
bekeken. Dat maakt het gebruik van social media door?ons als politie tot een krachtig middel waarvan steeds?meer gebruik wordt gemaakt. Mede dankzij successen?worden politiekorpsen enthousiast over het gebruik van?social media en het betrekken van burgers bij het politie?werk. We beginnen opsporingssites en verspreiden opsporingsberichten?via eigen profielen op Faeebook en?Twitter. Daarnaast plaatsen we op YouTube bewakingsbeelden?van misdrijven. Vaak wordt daarin verwezen?naar de traditionele media: opsporingsprogramma’s op de landelijke en regionale televisie. Het jaar 20’13 liet zien dat dit middel steeds vaker wordt ingezet door politiekorpsen over de gehele wereld.

Ontwikkelingen

Buiten de sociale media moeten we?als politie ook op andere gebieden?binnen de digitale wereld thuis raken.?Vanaf 2008 tot 2013 werkte het Programma?Aanpak Cybercrime (PAC)?samen met de toenmalige regio’s die?op het gebied van digitalisering iets?wilden ontwikkelen. Een greep uit?wat er zoal is ontwikkeld en tot stand?gebracht volgt hier onder.

E-learning lntake

Aanleiding
De burger doet steeds meer aangifte?van cybercrime gerelateerde zaken?(zoals hacken, internetfraude, zedendelicten?via MSN).?Het eerste aanspreekpunt van de?burgers hierbij zijn de intakeorganisaties?en de callcenters.?Wanneer Service & lntake en de?Callcenters niet bekend zijn met?deze vormen van criminaliteit, niet?bekend zijn met de terminologie of?niet weten hoe de melding afgehandeld?dient te worden heeft dit twee?grote gevolgen:

  • De burger voelt zich niet geholpen?en blijft wellicht gedupeerd, een?volgende keer zal de burger dan?ook weinig vertrouwen hebben?om weer aangifte te komen doen.
  • Bepaalde (vormen van) criminaliteit?en strafbare feiten worden?niet aangepakt en blijven onopgemerkt.

Maar ook wanneer de melding?geen strafbaar feit betreft zal aan?de burger uitgelegd moeten worden?waarom dat zo is. Burgers en?bedrijven moeten met vragen of advies,?op het gebied van cybercrime?en cybersafety bij de politie terecht?kunnen.

ln een onderzoek van het Lectoraat?Cybersafety van de Noordelijke Hogeschool?in Leeuwarden in 2009?blijkt dat de kennis over computer-?en internetcriminaliteit op grote?schaal ontbreekt bij Service & lntake?eenheden en de Callcenters. Dit?is onwenselijk omdat zij het eerste?contact vormen met de burger (Politie en Cybercrime Intake en Eerste opvolging, Een onderzoek naar de intake van het werkaanbod cybercrime door de?politie – Lectoraat cybersafety, Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, 20 maart 2009. Zie het volledige onderzoek onderaan dit blog).

Doelstelling

De doelstelling van dit project is om?alle (toekomstige) medewerkers lntake?en Service (baliemedewerkers,?medewerkers callcenter, etc.) op te?leiden en te voorzien van de kennis?en kunde op het gebied van cybercrime?die voor hun functie nodig is. Zodanig?dat ook het vertrouwen van de?burger en het bedrijfsleven groeien.?ln het district Noord- en Oost- Gelderland?is deze e-learning op grote?schaal aan de medewerkers aangeboden.

Handreiking lntake

De handreiking intake cybercrime,?”Alledaags Politiewerk in een gedigitaliseerde?omgeving” is een praktische?beschrijving van verschillende?facetten die van belang zijn?voor de intake van aangiften cybercrime?door de politie. lntakers van?de politie kunnen de handreiking?gebruiken wanneer zij een aangifte?cybercrime opnemen. De handreiking?richt zicht op algemene kennis.?Het is een informatief boekwerk?en niet normatief. Het boekwerk?geeft geen procedurebeschrijvingen,?schrijft dus niet voor volgens welke?stappen de intake moet verlopen.?De Handreiking is als boekwerk beschikbaar?binnen de Eenheden, maar?is ook te raadplegen op Politiekennisnet.

Open Bronnen

De training Gebruik Open Bronnen?via lnternet (GOBI) stimuleert het?gebruik van open bronnen en bevordert?kennis op het gebied van een?veilig gebruik van internet. Het is?gericht op het opdoen van ervaring?en delen van kennis van het zoeken?binnen open bronnen op internet.?Deze training is in opdracht van politie?Haaglanden en in samenwerking
met het Programma Aanpak Cybercrime?(PAC) ontwikkeld. Doel van de?training is medewerkers binnen alle?processen te faciliteren en te ondersteunen?in hun werk door ze, op?een veilige manier, gebruik te laten?maken van informatie uit open bronnen?op internet in de dagelijkse politiepraktijk.?Tijdens de projectfase in?Haaglanden heeft het project GOBI?geleid tot belangrijke successen.?Een van de successen is dat het gebruik?van informatie uit open bronnen?binnen de projectperiode aan?meer dan 460 zaken een positieve?bijdrage heeft geleverd.?De training is op dit moment beschikbaar?voor het hele land en zal?via het Programma Social Media?verder worden uitgerold.

Vijfdaagse / e-Iearning tactisch?rechercheurs
Vanaf 2009 tot 31 december 2012 is?het Programma Aanpak Cybercrime?actief met stimulering en organisatie?van een opleidingsaanbod voor de?algemene tactische recherche. Dit?aanbod bestaat uit twee trainingen,?namelijk

  • een 5daagse training via contactonderwijs,?die wordt verzorgd?door de Politieacademie en
  • een variant daarop die deels via elearning?plaatsvindt en wordt verzorgd?door de Deloitte Academy.

lnhoudelijk zijn de trainingen vrijwel?gelijk.

Het vijfdaagse trainingsprogramma ‘Digitalisering in de?Opsporingspraktijk’ van de Politieacademie komt voort?uit het Landelijk Project Digitaal Opsporen (LPDO) en is?sinds 2004 in uitvoering. ln opdracht van de Board Opsporing?heeft het PAC in 2008 de training ge?valueerd.?Daaruit bleek de behoefte van de korpsen aan een flexibele?opleidingsvariant. Als antwoord heeft het PAC in?opdracht van de Board Opsporing in 2009 een verkorte,?deels via e-learning te volgen, opleiding voor tactische?rechercheurs en leidinggevenden laten ontwikkelen.?Sinds 1 januari 2010 worden beide opleidingen aan de?korpsen aangeboden.

Compronet
ComProNet – het Community Protection Network – is?een high-tech sensor- en social mediaproject om sneller?hulp te bieden bij incidenten en te zorgen voor meer?heterdaadjes. Het gaat uit van actieve wederkerigheid?(tweerichtingsverkeer).?Binnen ComProNet werken burgers, particuliere en publieke?bedrijven, professionals, politie, brandweer, ambulance?en sensoren samen om criminaliteit terug te?dringen via de smartphone.?De politie is hierin een hulpverlener of ondersteuner en?daarmee nadrukkelijk (net als de burgers) onderdeel van?ComProNet. Hierdoor werken burgers en overheid samen?aan het veiliger maken van de maatschappij. Om?de burger goed te informeren en te betrekken maakt?ComProNet gebruik van slimme software om incidentmeldingen?en aanvullende informatie te ontvangen, te?verwerken en acties uit te zetten. Het systeem bekijkt de?inzetmogelijkheden van deelnemers in de buurt van een incident, die kunnen bijdragen aan de oplossing van het incident en faciliteert de onderlinge communicatie tussen de deelnemers aan een incident.

ComProNetpic

De pilots, die gehouden werden in Groningen, Assen en?op Schipholwaren een groot succes.?Eind 2012 draaide een ComProNet pilot in Assen. Via?de iPhone stonden ondernemers, politie, beveiliging en?gemeente zes weken lang in contact met elkaar, en het?werkte. Het aantal aanhoudingen en boetes steeg, het?gevoel van veiligheid ook. De politie was meestal zeer?snel ter plaatse, gewapend met de juiste informatie, tot?aan foto’s toe. 85% van de heterdaadjes is te danken?aan een burger.?ComProNet is de ideale tool om de opvolging door de?politie te versnellen en te verbeteren. Of ComProNet landelijk?wordt uitgerold is een beslissing die nog door de?nationale politie moet worden genomen. Het PAC heeft?de portefeuillehouder Digitalisering en Cybercrime verzocht?mogelijkheden te zoeken om de functionaliteit van?ComProNet verder te omtwikkelen.?Op dit moment doet de Nationale Politie er nog niets?mee, terwijl het in de uitvoering erg kan helpen heterdaadkracht?te verhogen. Het ligt “op de plank”.?Mochten er vragen bij jullie leven over hetgeen ik in dit?stuk heb uiteengezet dan kunnen jullie me altijd bellen.

Auteur: Bert Veltman,?Ambtelijk secretaris Hoofden Digitale Expertise