Lokale interactieve beleidsvorming. Een vergelijkend onderzoek naar consequenties van interactieve beleidsvorming voor het functioneren van de lokale democratie

Edelenbos, J. & R. Monnikhof (2001). Lokale interactieve beleidsvorming. Een vergelijkend onderzoek naar consequenties van interactieve beleidsvorming voor het functioneren van de lokale democratie. Utrecht

Lokale interactieve beleidsvorming; een vergelijkend onderzoek naar de consequenties van interactieve beleidsvorming voor het functioneren van de lokale democratieInteractieve beleidsvorming is een mode in een bestuurlijk Nederland en veel (lokale) overheden experimenteren hiermee. Steeds vaker worden belanghebbenden vroegtijdig en intensiever bij lokale beleidsvorming betrokken. Naast een algemeen, inleidend hoofdstuk over de politieke cultuur van Nederland presenteert dit boek de empirische resultaten uit projecten in vijf gemeenten: De Bilt, Enschede, Leerdam, Hellevoetsluis en Zeewolde. Deze inzichten worden vanuit vier onderzoeksthema’s geleverd te weten: participatie, instituties, proces en inhoud in interactieve beleidsvorming. Verder schetsen de auteurs de plaats van interactieve beleidsvorming binnen de Nederlandse bestuurlijke cultuur en traditie en geven inzicht in de vraag of interactieve beleidsvorming een voortzetting van of een breuk met het bestuurlijk verleden betekent. Het boek presenteert tevens de bevindingen van een landelijke enqu?te onder 100 gemeentesecretarissen over hun visie op en ervaringen met interactieve beleidsvorming. Ten slotte worden vanuit theoretische en empirische inzichten lessen getrokken voor het opzetten en uitvoeren van interactieve beleidsvorming in de lokale democratie.

Bron: Boom Lemma uitgevers

OM congres 2008: De burger als opspoorder

Boutellier, H. (2008). Participatie als panacee. In: De burger als opspoorder: OM congres 2008. Den Haag: Openbaar Ministerie.

Buruma, Y. (2008), Burgeropsporing in de dramademocratie. In: De burger als opspoorder: OM congres 2008. Den Haag: Openbaar Ministerie.

Brinkhoff, S. (2008). Burgeropsporing. In: De burger als opspoorder: OM congres 2008. Den Haag: Openbaar Ministerie.

Brouwer, H. (2008). ‘De betrokken burger’. In: De burger als opspoorder: OM congres 2008. Den Haag: Openbaar Ministerie.

Meer heterdaadkracht. Aanhoudend in de buurt. Onderzoeksrapport over de rol van burgers bij directe opsporing

Baardewijk, J.C. van, G. van den Brink & P. van Os (2007). Meer heterdaadkracht. Aanhoudend in de buurt. Onderzoeksrapport over de rol van burgers bij directe opsporing. Apeldoorn: Politieacademie.

Politiewaardering: trends en achtergronden

Tussen 1993 en 2011 is de tevredenheid van de burger over de contacten met de politie weinig veranderd.?
De waardering voor het functioneren van de politie in de eigen buurt is in deze periode iets gedaald,
terwijl de tevredenheid over de beschikbaarheid van de politie is toegenomen. Ouderen zijn tevredener
over de politie dan jongeren. Niet-westerse allochtonen oordelen negatiever over hun concrete
contacten met de politie, terwijl ze positiever zijn over het optreden en de beschikbaarheid van de
politie in de buurt. Bewoners van stedelijke gebieden, vooral in aandachtswijken, zijn met name
tevredener over beschikbaarheid van de politie. De waardering voor het functioneren van de politie
wordt veel sterker bepaald door concrete contactervaringen met de politie dan door persoons- of
gebiedskenmerken.

Burgerparticipatie in de opsporing. Een onderzoek naar aard, werkwijzen en opbrengsten.

Burgerparticipatie in de opsporing, Politiekunde nr. 30

Cornelissens, A., H. Ferwerda, I. van Leiden, N. Arts & T. van Ham (2010). Burgerparticipatie in de opsporing. Een onderzoek naar aard, werkwijzen en opbrengsten. Amsterdam: Reed Business.

Op tal van plaatsen binnen de politie wordt ge?xperimenteerd met creatieve manieren om burgers bij de opsporing te betrekken. Daarbij wordt handig gebruik gemaakt van nieuwe media. Voorbeelden zijn internetsites, mail-alerts en sms-bommen. Die maken het ook mogelijk in heterdaadsituaties snel burgers als mogelijke getuigen te mobiliseren wat de pakkans vergroot. Ook worden burgers uitgenodigd actief mee te denken bij lopend of opnieuw opgestart onderzoek (cold cases). Hoewel sommige burgers de burgerparticipatie zien als een inbreuk op de privacy – bijvoorbeeld bij een ongevraagd sms-je van de politie – zijn burgers in het algemeen erg positief over deze vormen van burgerparticipatie. Het draagt bij aan hun vertrouwen in de politie. Voorwaarde is wel dat ze beter ge?nformeerd worden over relevante uitkomsten en resultaten van hun inspanningen. Voorts moet binnen de politie gewaakt worden voor wildgroei en dienen initiatieven en ervaringen beter uitgewisseld te worden.

Getuigenverhoren en buurtonderzoek zijn klassieke methoden om in en ten behoeve van?opspringsonderzoeken informatie van burgers te verkrijgen. In het laatste decennium zijn er tal van innovatieve en creatieve manieren bijgekomen om de burger bij het politiewerk te betrekken waarop volop gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden van de nieuwe media. Nieuwe technieken en mediakanalen maken het nu mogelijk opsporingsboodschappen en masse over te brengen. De vraag die daarbij rijst is welke innovatieve vormen van burgerparticipatie er anno 2010 door de politie worden toegepast en wat deze opleveren voor de opsporing. En wat vinden burgers ervan dat zij via steeds meer kanalen door de politie om informatie worden gevraagd?

Het onderzoek laat zien dat er bij de Nederlandse politie op veel plaatsen ge?xperimenteerd is en wordt met allerlei manieren om burgers actief bij de opsporing te betrekken. In het boek worden twaalf vernieuwende vormen van burgerparticipatie beschreven. Daarbij gaat het vooral om vormen waarbij gebruik wordt gemaakt van internet en (mobiele) telefonie zoals internetsites, mail-alerts en sms-bommen. Maar ook om creatieve vormen zoals het gebruiken van posters en flyers.
De meeste van deze vormen van burgerparticipatie zijn feitelijk oude methoden in een nieuw jasje: nieuwe manieren om burgers op te roepen om te getuigen. Maar sommige gaan ook verder, wanneer niet een beroep op burgers wordt gedaan om te getuigen maar om actief mee te denken: de burger als co-rechercheur. De burger krijgt dan bijvoorbeeld de kans mee te denken met een lopend opsporingsonderzoek dat op internet wordt geplaatst zoals op www.politieonderzoeken.nl.

Dankzij de nieuwe communicatiemiddelen kan er direct na een misdrijf snel een beroep worden gedaan op potenti?le getuigen die op dat moment bijvoorbeeld in de buurt van de plaats delict zijn waardoor de pak- en ophelderingskans worden vergroot. Bovenal legitimeert een gouden tip over een ernstig misdrijf elke inspanning van de zijde van de politie en de burger.

Over het algemeen zijn burgers erg positief over burgerparticipatie in de opsporing. Doordat ze beter op de hoogte zijn wat er in hun omgeving gebeurt, geven ze aan meer grip op de eigen veiligheidssituatie te hebben. Verder lijkt de betrokkenheid een positief effect te hebben op de alertheid van de burger en het vertrouwen in de politie en voelt men zich door de politie serieus genomen. Niet iedereen kan het echter waarderen, sommige burgers zien de burgerparticipatie namelijk als een inbreuk op de privacy wanneer ze bijvoorbeeld ongevraagd een sms-bericht van de politie ontvangen.

Het onderzoek leert dat er enkele belangrijke randvoorwaarden zijn om de doorontwikkeling van vormen van burgerparticipatie goed te stroomlijnen. Zo blijkt allereerst dat verschillende politiekorpsen soms met min of meer dezelfde methoden experimenteren. Dit veroorzaakt enige wildgroei die voor de burger maar ook voor de politie verwarrend kan werken. Het centraal bundelen, doorontwikkelen en co?rdineren van het toepassen van burgerparticipatie is daarom wenselijk. Daarnaast is borging en onderhoud van belang. Vaak komen initiatieven van?zeer enthousiaste politiemensen op de werkvloer maar is er geen ruimte voor verdere ontwikkeling en bloedt het dood. Ten overstaan van de burger is een goede communicatie belangrijk. Terugkoppeling van resultaten die zijn behaald dankzij de reactie van burgers stimuleert de participatie en vergroot de betrokkenheid.

Samenvatting

Voor succesvolle opsporing is de politie in veel opzichten afhankelijk van burgers: slachtoffers die aangifte doen of getuigen die zich melden met belangrijke informatie. Het betrekken van burgers bij het opsporingsproces is een vorm van burgerparticipatie. De laatste jaren wordt door de politie veel ge?nvesteerd in nieuwe vormen en methoden, mogelijk gemaakt door de snelle opkomst van nieuwe media: internet en mobiele telefonie. Was voorheen het tv-programma Opsporing Verzocht een van de bekendste vormen van burgerparticipatie, nieuwe media bieden geheel nieuwe mogelijkheden, zoals smsbommen, e-mailalerts en websites waarop de politie onopgeloste of lopende zaken plaatst. De achterliggende gedachte is veelal tweeledig. Enerzijds dat meer mensen gewoonweg meer weten en als ze hun kennis (tijdig) delen met de politie, stijgt de kans op opheldering van misdrijven. Tegelijk draagt het actief betrekken van burgers bij het politiewerk vermoedelijk ook bij aan het versterken van het maatschappelijk vertrouwen en gezag van de politie. In deze studie worden de belangrijkste ontwikkelingen en initiatieven in kaart gebracht en, voor zover mogelijk, beoordeeld op hun nut en effectiviteit. Beschreven wordt hoe verschillende vormen van burgerparticipatie er precies uit zien en op welke wijze ze toegepast worden. Daarnaast worden de do’s en don’ts van het benutten van burgerparticipatie in de opsporing uiteengezet, mede aan de hand van wat deze initiatieven in de praktijk kosten en opleveren.

Bron: Reed Business