SocialMediaDNA richt zich op kennisdeling rondom social media, politie en maatschappelijke veiligheid. Onderwerpen vari?ren van de online aspecten van openbare orde, opsporing, vervolging, rechtspraak tot crisisbeheersing en communicatie.
Een App die aanranding tegengaat als wapen tegen ‘straatwolven’ die je lastig vallen. De?Hollaback app richt zich op vrouwen die lastig gevallen worden op straat. Nu worden alle meldingen structureler verzameld claimt deze dienst en kan een stad of gebied het niet alleen beter in kaart brengen, maar er hopelijk ook iets aan doen. Het team van?ihollaback.org?en de raadsleden uit de stad New York hebben de?app?gelanceerd als aanpak tegen fysiek en verbaal geweld op straat. In de app kan de gebruiker niet alleen melden, maar ook zien wat je burgerrechten zijn en ook verhalen delen over wat je hebt meegemaakt.?Emily May, mede oprichter van de dienst is ervan overtuigd dat de gemeenschap en overheid op deze manier beter tot oplossingen kan komen. Het kan gekoppeld worden aan onderwijs op scholen, een verbeterd stadstoezicht en discussie over de ruimtelijke ordening. Big data met demografische gegevens over incidenten, aangevuld met de rijke verhalen van eindgebruikers geven betere inzage in de problematiek, waardoor oplossingen meer op maat en beter ingericht kunnen worden.
“Als we bijvoorbeeld ontdekken dat het vooral 16-jarigen zijn die lastig gevallenw orden, dan weten we dat we op middelbare scholen met speciale onderwijsprogramma’s wat kunnen doen” zegt May. Ze hoopt dat de applicatie ook gebruikt wordt door onderzoekspartijen. Dat kan input zijn voor oplossingen als verbeterde straatverlichting of minder rommel op straat. Ook de openbaar vervoersbedrijven kunnen hun reizigers gerichter waarschuwen en maatregelen nemen.
Lees het verhaal?“Stop Telling Women To Smile,”?over een campagne die straatkunst gebruikt als aandachtsmiddel voor dit probleem.?
May noemt het bijzonder dat een stad als New York deze informatie publiekelijk beschikbaar wil stellen. De maatschappij moet onder ogen zien dat het op veel plekken plaatsvindt, zonder dat de slachtoffers altijd naar de politie hoeven te stappen, wat volgens haar vooral verzand in bureaucratie en vooral hoofdpijn oplevert.?
Een?weblog,?of afgekort?blog,?zoals ook SocialMediaDNA is een website?die regelmatig wordt bijgehouden. Meestal gaat het bij een blog om teksten die in omgekeerd?chronologische volgorde?verschijnen (nieuwste bovenaan, oudste onderaan). De?auteur of auteurs, ookwel?bloggers, bieden een?logboek?van informatie die zij publiekelijk willen delen. Het voordeel van een blog boven een krant is de snelheid en eenvoud waarmee je dit kan plaatsen. In het geval van SocialMediaDNA is dit gebaseerd op de gratis tool WordPress, die diverse plugins biedt om gebruik te maken van de krachten van de overige social media mogelijkheden zoals Twitter, YouTube, Slideshare en Facebook. Je kunt op een blog niet alleen teksten plaatsen, maar er zijn ook fotoblogs, videoblogs (vlogs of vodcasts) of audio blogs (podcast). Daarnaast is er de mogelijkheid, net als op deze blog, om reacties onder de berichten te plaatsen. Sinds eind?2006?is?microbloggen?populair geworden, een combinatie van bloggen en?instant messaging. De bekendste vorm hiervan is?Twitter.
Van Twitterende wijkagent naar Wijkagentenblog
Twitter en de politie is een veelbesproken onderwerp deze week in de media. Vandaag was een leuk artikel van Tom Hayes in BN/De Stem te lezen over een leuk initiatief van de politie in Etten-Leur (Politie Midden-West Brabant). De wijkagent, Peter Smaardijk uit Etten-Leur, geeft sinds mei van dit jaar een kijkje achter de schermen. Via Twitter en zijn weblog kunnen wijkbewoners volgen waar de politie zoal tegen aanloopt.
Wanneer hij ’s avonds een ronde doet langs de hangplekken, zet hij dat op Twitter. Daarnaast vertelt hij over regionale projecten waaraan hij deelneemt. Inwoners van de wijk die Peter volgen op Twitter kunnen hem tippen. Laatst vroeg iemand op die manier of Peter even wou kijken naar een vreemde auto die al een aantal dagen voor zijn huis geparkeerd stond. De burger noemde het kenteken en Peter is even een kijkje gaan nemen. De drempel om hem te benaderen is via internet een stuk lager, mensen waar hij voorheen geen contact mee had, spreken hem nu makkelijker aan. Ongeveer 170 mensen volgen alles wat hij op Twitter zegt en kunnen daar op reageren. Door het gebruik van Twitter en zijn weblog zijn er meer ogen en oren in de wijk bijgekomen.
Peter Smaardijk merkt echter dat het lastig is het oudere publiek te bereiken. Mede daardoor is hij begonnen met het bijhouden van een weblog. Om dat te bekijken, hoef je jezelf nergens voor aan te melden. De reacties die Smaardijk krijgt, vindt hij leuk om te lezen. Veel mensen wisten niet dat het werk van de wijkagent zo veelzijdig is. Peter probeert een goed evenwicht te vinden tussen fysieke aanwezigheid en sociale media. Het is geen vervanging, maar een toevoeging. Het gebruik van sociale media is een test binnen het politiekorps Midden-West Brabant. Naast Peter Smaardijk doen er nog een wijkagent in Breda en twee in Tilburg mee.
In het rapport van Albert Meijer is te lezen dat de blogs nooit een groot publiek bereikt hebben en ze anno?2011 nauwelijks meer actief zijn. Een inventarisatie van blogs uit april 2011?laat zien dat er minder dan vijftien blogs te vinden zijn die beheerd worden?vanuit de politie en dat deze, uitzonderingen daargelaten, over het algemeen?minder dan ??n bericht per maand publiceren. In 2012 lijkt het bloggen enigszins terug te komen. Niet meer op speciale blogs, maar op Facebook: agenten?die actief zijn op Twitter en tegen de beperkingen van het medium aanlopen,?ontdekken dat zij op Facebook langere berichten kunnen plaatsen in een soort?blogvorm. Bovendien kunnen op Facebook op eenvoudige wijze ook video?s en?foto?s geplaatst worden en kan gebruik worden gemaakt van het ?prikbord?.
GeenStijl
De website www.geenstijl.nl probeert door middel van spectaculaire inhoud veel publiek te trekken. Geenstijl is in 2003 gelanceerd en opgericht door een voormalig journalist van de Telegraaf. De redactie van de site is onafhankelijk en doet op een ludieke wijze regelmatig verslag van opsporingszaken. Hierbij wordt op een innovatieve manier gebruik gemaakt van allerlei informatie rondom een persoon. Onder de noemer ?Smile je staat op geenstijl? worden daders van misdrijven uit de anonimiteit gehaald en een beroep gedaan op bezoekers van Geenstijl om informatie te verschaffen. Overigens besteed de site aan veel meer onderwerpen aandacht dan alleen opsporingszaken.
In de eerste plaats kan iedereen de site bezoeken en een reactie achterlaten. De berichten worden rechtstreeks geplaatst en kunnen door een redactie worden verwijderd. Het is voor bezoekers niet mogelijk een eigen bericht te plaatsen. Wel kan er uitgebreid worden gereageerd op een geplaatst bericht. Indien reacties te schokkend worden beoordeeld door de redactie dan wordt de bezoeker geweigerd terug te komen.?In de tweede plaats is de site te betitelen als een platform waar mensen komen en gaan en allerlei informatie achterlaten, delen en doorverwijzen.?De site richt zich op allerlei geruchtmakende zaken die zich afspelen in de samenleving.
Het sociale netwerk rondom www.geenstijl.nl heeft geen nadere verbindingen met andere sites nodig om bekend te raken. Het is anno 2008 het bekendste en grootste weblog van Nederland. Iedere dag komen er ongeveer 250.000 individuele bezoekers. Op piekmomenten bij schokkende gebeurtenissen loopt dit aantal op tot 500.000.
De site is opgericht om op een andere wijze verslag te doen van allerlei nieuwsfeiten. Geenstijl is van mening dat de nieuwsvoorziening in Nederland nogal vanuit een linkse overtuiging wordt gebracht en wil hier enig tegenwicht aan geven.?De impact is enorm. Meerdere imago?s zijn geschaad vanwege een bericht op Geenstijl aangezien de redactie geen rekening houdt met de privacy. Naast imagoschade voor personen heeft de site daadwerkelijk een bijdrage geleverd aan het opsporen van verdachten.
Internationaal
De Boston Police Department is met sociale media in 2005 gestart met een blog genaamd BPDnews (http://www.bpdnews.com/). Daarmee was Boston het eerste korps in
de wereld dat een eigen blog had. Deze blog bleek achteraf een middel te zijn?dat het korps in staat stelde om een eigen geluid te laten horen, wat via traditionele media niet lukte. Zo is men berichten in traditionele media die niet klopten via het blog gaan corrigeren en nuanceren. Deze blog werd vooral gelezen?door vertegenwoordigers van de traditionele media. Dezen vonden het niet?leuk om, zichtbaar voor hun collega?s, te worden gecorrigeerd. Hierdoor kwamen er vanuit de hoek van de traditionele media meer vragen om informatie?aan het korps om te zorgen dat men minder fouten in de berichtgeving zou?maken. Daarna is er ook in de blog een positievere insteek gekozen en dat trok?veel meer lezers (ook burgers). Inmiddels telt de website van BPDnews per?maand tussen de 75.000 en 93.000 bezoekers.?In het begin was er geen budget beschikbaar en heeft een medewerker de?hosting van de site (met blog) geregeld bij een externe organisatie en de hiermee samenhangende kosten uit eigen zak betaald. Op dit moment zijn er drie?mensen bezig met de ontwikkeling van de inhoud voor sociale media, heeft?men een eigen ?graphics design unit? (inclusief eigen televisiestudio) en is er?een socialemedia-adviseur werkzaam bij het IT-department. Bron:?rapport?van Albert Meijer e.a.
Swift911?(iOS, Android) maakt het mogelijk om berichten vanuit diverse overheden?naar burgers te sturen. Je kunt teksten, audioberichten, faxen, of sociale media berichten bij?noodsituaties delen. Maar het platform biedt tegenwoordig meer opties, waardoor het niet meer alleen hoeft te gaan?om noodsituaties. Kijk op de site van Swift911 voor de andere apps en opties.
Mapping is al heel oud.?Reeds in 1997 publiceerden David Weisburd en Tom McEwen hun paper “Mapping and Crime Prevention”.?Hierin beschrijven zij de eerste mapping methodieken, in dit geval de doden die veroorzaakt werden door de uitbraak van cholera in het Londen van 1854. Dr. John Snow plaatste de sterfgevallen op en kaart en vergeleek ze met de locaties van waterpompen in de diverse wijken van de stad. Middels zijn onderzoek lukte het Dr. Snow om de exacte oorzaak van de cholera uitbraak te verklaren, om er vervolgens een einde aan te kunnen maken.
Bovenstaand is de originele kaart van Dr. John Snow in 1854. Cholera gevallen zijn in het zwart (dik) weergegeven.
Andr?-Michel Guerry?was een Franse advocaat en amateur statisticus. Samen met?Adolphe Quetelet?wordt hij beschouwd als de oprichter van de “morele statistiek“?die later leidde tot de ontwikkeling van criminologie,?sociologie?en uiteindelijk de moderne “social science“. Hij wijdde zijn hele leven aan criminaliteit en morele waarden. Zijn eerste werk “morele statistiek“?was een grote kaart met drie platen van Frankrijk die hij samen met de Venetiaanse geograficus Adriano Balbi?maakte in 1829. Ze tonen de provincies van Frankrijk in grijstinten voor de onderwerpen misdaden gericht op personen, op goederen in relatie tot opleidingsniveau/wijze.?Guerry raakte gefascineerd door de relaties tussen sociale en morele normen en waarden: hoe misdaad zich verhield ten opzichte van zelfmoord, donaties aan armen, rijkdom, leeftijden, enzovoorts.
Vandaag de dag is mapping (middels Geografische Informatie Systemen) een high tech business. In diverse apps op smartphones kun je de?dichtstbijzijnde koffiezaak vinden in luttele seconden. Maar naast al dit gemak voor consumenten, zijn crime maps bittere noodzaak in de aanpak van criminaliteit. Maar het wordt vanuit diverse perspectieven gebruikt, zo checken ook huizenjagers regelmatig?lokale crime maps: waarbij gekeken wordt naar inbraak t/m zedendelicten. ?Het contact met de buurtinwoners is voor vele lokale politie eenheden van belang. Het biedt de inwoners om proactief te helpen om het aantal misdaden te reduceren met een gerichte aanpak. Burgers helpen elkaar ook met informatie over veiligheid, samen-redzaamheid en zelfredzaamheid wordt hiermee gestimuleerd, want: de politie kan het niet alleen. Zoals eerder genoemd heeft CrimeReports?nu al 80 miljoen misdaden in kaart gebracht. Niet alleen een reuzachtig aantal, maar vooral ook een aantal dat de maatschappij met kennis kan empoweren in de aanpak ervan. Bovendien kan er transparant gewerkt worden aan het verminderen ervan: als het aantal opgeloste zaken toeneemt wordt de omgeving meetbaar veiliger.
Iedereen kan op zijn persoonlijke favorietenlijst allerlei websites opslaan waardoor sites makkelijk zijn terug te vinden. Social bookmarking maakt het mogelijk om deze favorieten op een online site te zetten. Hierdoor is het mogelijk om de eigen favorieten te delen met anderen. Aan de favoriete sites kunnen tags (kenmerken) en notities worden toegevoegd. Door gebruikmaking van kenmerken zijn later clusters aan favorieten over hetzelfde onderwerp makkelijk terug te vinden. De toegevoegde notities bieden extra waarde voor andere gebruikers. Del.icio.us is momenteel de bekendste toepassing.
Binnen de politie Utrecht bestaat een operationele Del.icio.us-favorietenpagina?s. Del.icio.us helpt iedere medewerker bepaalde onderwerpen gemakkelijk terug te vinden en daarnaast te leren van elkaars favoriete sites. Tot op heden heeft dit nog geen bijdrage geleverd aan een concreet opsporingsonderzoek. Wel helpt het de individuele medewerker bij de opbouw van een handig kennisoverzicht rondom een bepaald onderwerp.
De aanpak van overvallen is een steeds terugkerend thema in Nederland. Enige tijd terug stond een mooi achtergrondartikel over dit onderwerp van Gerlof Leistra in de Elsevier. Deze blog is een weergave van dit artikel waarbij er veel materiaal is toegevoegd.
Wet- en regelgeving overval en straatroof
Van het begrip overval bestaat geen sluitende en eenduidige definitie, mede omdat de strafwetgeving hierin niet expliciet voorziet. De delicten die met de term overval worden aangeduid, zijn met name in art. 312 Sr?en art. 317 Sr terug te vinden. In eerstgenoemd artikel is sprake van diefstal voorafgegaan, vergezeld, of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld jegens personen. In art. 317 Sr gaat het om door geweld of?bedreiging met geweld iemand dwingen tot afgifte van een goed. Ter onderscheiding van beroving op straat (straatroof) en diefstal gevolgd door geweld wordt een overval veelal gedefinieerd als: het met geweld of
bedreiging met geweld wegnemen of afpersen van enig goed, gepleegd tegen personen in een afgeschermde ruimte of op een gepland danwel georganiseerd waardetransport of de poging daartoe. Deze definitie ligt?ook ten grondslag aan het centrale registratiesysteem LORS (Landelijk Overvallen en Ramkraken Systeem).
Een gewelddadige overval op uw huis is een nachtmerrie. Grote kans dat er gewonden vallen. Vorig jaar lieten vijftien Nederlanders er zelfs het leven bij. Ook het aantal ‘gewone’ inbraken nam toe, tot 80.000. De oplossingspercentages? Dramatisch laag: een kwart van de overvallen en 11 procent van de inbraken.
Donkere dagen
De Donkere Dagen vormen de perfecte dekmantel voor overvallers. In het duister slaan zij hun slag en verdwijnen doorgaans spoorloos met hun buit. Oktober tot en met maart laten steevast een piek in het aantal overvallen zien. Rovers zijn nog net geen seizoenarbeiders. Overvallen zijn een nachtmerrie voor de slachtoffers en veroorzaken grote maatschappelijke onrust, zeker in het geval van dodelijk geweld.
In de nacht van 11 op 12 januari werd in Ede de 59-jarige veilingmeester Cees Lieftink het slachtoffer van een roofmoord. In zijn villa is hij doodgeschoten toen hij het masker van een van de overvallers afrukte. De daders wisten weg te komen. De dodelijke overval past in een trend. In 2010 werden volgens eigen onderzoek door Elsevier zeventien roofmoorden gepleegd, waarvan vijftien in huizen. Dat zijn er bijna twee keer zoveel als in voorgaande jaren.
Onderzoek overval van Cees Lieftink in Opsporing Verzocht
Tussen 2000 en 2009 steeg het aantal woningovervallen met 80 procent, vooral als gevolg van betere beveiliging van banken, tankstations, supermarkten en winkels. In 2010 daalde dat cijfer met 9 procent, maar het zijn er toch nog 767, gemiddeld ruim twee per dag.
De impact voor de slachtoffers is groot: in hun eigen huis zijn ze bedreigd en soms ernstig mishandeld. De omgeving reageert angstig: straks komen ze bij ons! Het lijkt kinderlijk eenvoudig: ruim 55 procent van de overvallers komt via de voordeur. Ze bellen aan met een smoes, soms verkleed als agent of postbezorger. Of ze forceren de deur en overrompelen de bewoners.
Overvallen op woningen zijn de meest gewelddadige categorie. De kans op gewonden is 35 procent. Dat is ruim drie keer zoveel als bij overvallen op winkels (11 procent). Overvallen op pizzakoeriers (8 procent) en tankstations (5 procent) leiden het minst vaak tot gewonden.
Nederland is de afgelopen decennia onveiliger geworden. Het aantal overvallen groeide vanaf midden jaren zeventig tot 1994 vrij constant. Daarna schommelde het jaarlijks rond de 2.500. Vanaf 2007 steeg het tot het absolute record van 2.898 in 2009, in 2010 daalde het met 11 procent naar 2.572. Woningovervallen vormen ruim een kwart van het totaal. In een reactie op de stijging heeft de minister van Justitie in oktober 2009 een Taskforce Overvallen ingesteld, onder voorzitterschap van burgemeester Ahmed Aboutaleb (PvdA) van Rotterdam. Die moet ‘knelpunten signaleren bij de aanpak van overvallen en maatregelen formuleren om deze knelpunten op te lossen’.
Lancering publiekscampagne door burgemeester Ahmed Aboutaleb
Op verzoek van de Taskforce bracht de Tilburgse criminoloog Cyrille Fijnaut met collega-onderzoekers aard, omvang en aanpak van het probleem in kaart. In hun onlangs verschenen rapport Overvallen in Nederland leveren Fijnaut en zijn collega’s harde kritiek op justitie en politie. Met circa 25 procent van alle overvallen worden veel te weinig zaken opgelost en een samenhangend beleid ontbreekt. Alsof de opsporingsinstanties door de ernst van het probleem zijn verrast en vooral op incidenten reageren.
Rapport Fijnaut
Hoe ziet de doorsnee-overvaller eruit? Wie lopen het meeste risico te worden vervallen? Omdat de meeste overvallen niet worden opgelost, is het lastig algemene uitspraken te doen. Toch valt er op basis van informatie van politie en justitie wel een profiel te schetsen van daders en slachtoffers.?Bij woningovervallen springen er vier risicogroepen uit. Allereerst ouderen, de groep 55-plus. In 2010 werden zij 184 keer thuis overvallen, een stijging van 16 procent ten opzichte van 2009. Juist bij overvallen op ouderen is sprake van een bovengemiddelde kans op gewonden: zij hebben de neiging zich in paniek te verzetten. Intussen bedraagt de buit soms maar een paar tientjes.
Een tweede risicogroep vormen ondernemers die bij de zaak wonen of van wie overvallers vermoeden dat ze de dagopbrengst thuis bewaren. Van marktkooplieden en vertegenwoordigers tot garagehouders en winkeliers. In 2010 waren er 157 overvallen op deze groep, 8 procent meer dan in 2009.
Een derde groep vormen criminelen. Hierbij gaat het vooral om ripdeals: onder bedreiging worden handelaren en thuiskwekers beroofd van drugs en geld. Een deel van de slachtoffers meldt de beroving niet bij de politie, maar gaat zelf op jacht. Schietpartijen en liquidaties hebben vaak met ruzie over drugs(geld) te maken.
De laatste risicogroep bestaat uit mensen die thuis een escortdame of -heer bestellen en dan worden beroofd. Uit schaamte melden ook zij zich lang niet allemaal bij de politie, zeker niet als de buit gering was.
Een zeldzame variant is homejacking . Daarbij is het de rovers te doen om de sleutels van de dure auto voor de deur. Alleen als die onder bedreiging zijn afgestaan, is er sprake van een overval. Als de sleutels na een inbraak van de vensterbank of uit een jaszak aan de kapstok zijn weggenomen zonder confrontatie met de bewoner(s), is het een inbraak gevolgd door autodiefstal.
Stedelingen lopen meer risico dan bewoners van het platteland. De regio’s Amsterdam (20 procent) en Rotterdam (17 procent) voeren de ranglijst aan, gevolgd door Den Haag (7 procent), Utrecht (6 procent) en de verstedelijkte gebieden in Brabant (4 tot 7 procent) en Limburg-Zuid (4 procent).
Mobiele bendes
Overvallers blijven het liefst dicht bij huis: ruim 70 procent wordt gepleegd in de eigen regio, bij voorkeur in een straal van 3 kilometer. Dat geldt nog sterker voor minderjarige overvallers: 86 procent. Doorgewinterde overvallers zijn actief door het hele land. Ook Surinaamse en Antilliaanse daders zoeken hun doelwitten vaker dan gemiddeld buiten de eigen regio: circa eenderde van de gevallen.
De politie heeft weinig zicht op zogenoemde (buitenlandse) mobiele bendes. Af en toe duiken die op in onderzoeken van Bovenregionale Rechercheteams, maar die kunnen door gebrek aan capaciteit maar een fractie van alle zaken oppakken. Iets meer dan de helft van de overvallers is tussen de 20 en 35 jaar en eenderde is 20 jaar of jonger. Het gaat voornamelijk om mannen. Onder hen bevinden zich relatief veel ‘negro?de’ en ‘getinte’ daders: in tweederde van de gevallen. Voor de trouwe kijkers van Opsporing Verzocht geen verrassing.
Impuls
Tweederde van de zaken is het werk van impulsovervallers. Vaak zijn het ‘beginners’ die een sigarenzaak of tankstation binnenrennen en de inhoud van de kassa eisen. Ervaren overvallers willen de inhoud van de kluis: zo’n overval vergt meer voorbereiding en tijd. Overvallers zijn meestal bekenden van de politie. In 2009 had 87 procent van de verdachten antecedenten voor onder meer diefstal en inbraken. Het is dus geen ‘instapdelict’, maar een volgende fase in een criminele loopbaan.
Bij woningovervallen gaat het vaak om ervaren criminelen. Ze houden rekening met camera’s en alarm, beschikken over informatie over wat er is te halen, hebben tape bij zich om slachtoffers vast te binden en de mond te snoeren, saboteren eventuele beveiliging, maken de telefoon onklaar en barricaderen vluchtwegen. Bij bejaarden slaan vaak minder ervaren daders toe, onder wie veel verslaafden en relatief vaak vrouwen.
Achtergrondinformatie woningovervallen in 1 Vandaag
Ongeveer 80 procent van de overvallers werkt alleen of met ??n handlanger. Tussen 2000 en 2009 nam het aantal overvallen door drie of meer daders toe van 500 naar 736, een groei van 47 procent. Bij woningovervallen zijn vaak meerdere daders betrokken.
Bij gemiddeld ??n op de vijf overvallen wordt niets buitgemaakt. Een enkele ‘klapper’ uitgezonderd – juwelen, contant geld, een dure auto – is de opbrengst niet spectaculair. In 2009 ging het in tweederde van de gevallen om minder dan 1.000 euro. De meeste buit wordt gemaakt bij ondernemers, de minste bij ouderen. Dat laatste verklaart het vaak buitensporige geweld.
In de helft van alle gevallen zwaaien overvallers met een vuurwapen. Na 2006 nam het gebruik van vuurwapens toe met 77 procent. Bij overvallen op bejaarden is doorgaans alleen sprake van fysiek geweld: schoppen en slaan. De laatste jaren vallen er in ongeveer 20 procent van de gevallen gewonden en doden. Dat is een verdubbeling ten opzichte van tien jaar geleden. In het geval van woningovervallen ligt het percentage nog hoger (35 procent).
Het is niet verstandig je te verzetten, zeggen experts. Werknemers in de horeca leren te handelen volgens de methode RAAK: Rustig Accepteren, Afgeven, Kijken. Wie zichzelf verdedigt, hoeft volgens minister Ivo Opstelten (VVD) van Veiligheid en Justitie en diens staatssecretaris Fred Teeven (VVD) geen arrestatie te vrezen. Een ongelukkig advies van de bewindslieden: tegenover zenuwachtige of doorgewinterde overvallers is dat spelen met je leven.
Natuurlijk gaat het overvallers in eerste instantie om de buit, maar daarnaast spelen motieven als wraak, de kick, groepsdruk en status mee. Het slachtoffer is dikwijls minder willekeurig dan het lijkt. In veel zaken is de dader familie, vriend, bekende, seksrelatie, (ex-)klant, (ex-)werknemer, buurtgenoot, klasgenoot of een bekende uit het criminele milieu.
Slechts een fractie van alle overvallen wordt opgelost. In driekwart van de gevallen wordt er niemand gepakt. De percentages verschillen per regio. In Friesland worden ruim twee keer zoveel overvallen opgelost als in Amsterdam (51 versus 20 procent). Van woningovervallen wordt 39 procent opgelost.
Het oplossingspercentage moet fors omhoog, zegt Landelijk Overvalco?rdinator Jos van der Stap (50). ‘Dat kan onder meer door verhogen van de “heterdaad”, preventie en een persoonsgerichte aanpak’. Op het plegen van een overval staan stevige straffen – maximaal vijftien jaar, in het geval van moord zelfs levenslang – maar de gemiddelde straf is ruim twee jaar. Daders die niet in Nederland zijn geboren, krijgen hogere straffen dan autochtonen. Antillianen gemiddeld zelfs een jaar langer.
Sinds kort eist het Openbaar Ministerie zwaardere straffen voor woningovervallen. Maar zodra de veroordeelde vrij komt, begint de ellende vaak van voren af aan: de recidive is hoog. Zeker de helft loopt binnen twee jaar opnieuw tegen de lamp. Korpschef Frans Heeres van Midden- en West-Brabant en portefeuillehouder Overvallen, pleit in het politievakblad Blauw voor een kortere gevangenisstraf en lang toezicht door middel van een elektronische enkelband. ‘De maatschappij is er alleen maar bij gebaat als de overvallen daardoor afnemen.’
Toch ontspringt het merendeel van de daders de dans. Geregeld zijn er wel aanwijzingen, maar is er geen bewijs. Rovers hebben nog net geen vrij spel en richten zich op makkelijke doelwitten. De stijging van het aantal woningovervallen hangt ook samen met vergrijzing en de populariteit van wietteelt. Andere criminelen ruiken feilloos wanneer er is geoogst of er veel geld in huis moet zijn.
Enkele politiekorpsen hebben aparte overvalteams, maar de meeste reageren op incidenten. Ondanks nieuwe technieken als automatische nummerbordherkenning, sms-alert en DNA-spray lukt het maar niet om meer verdachten te pakken.
Preventie is daarom net zo hard nodig als repressie. Naast het verstrekken van adviezen aan burgers, probeert de politie potenti?le overvallers goed in de gaten te houden. Uit de duizenden namen in de bestanden selecteren de korpsen een top-10, een top-20 of zelfs een top-100, en de personen daaruit worden thuis bezocht. Een bekende overvaller die werk en een gezin heeft, krijgt minder aandacht dan wie werkloos is en volop criminele contacten onderhoudt.
Bij het aantreden zei de Taskforce Overvallen te streven naar een reductie van het aantal overvallen in 2010 met minimaal 20 procent. De daling bedroeg vorig jaar 11 procent, maar het aantal woningovervallen op bejaarden en ondernemers steeg. Om overvallers het werk onmogelijk te maken, voeren veel korpsen een Donkere Dagen Offensief door het ‘blauw verven’ van de omgeving van ‘hot spots’. Maar er zijn steeds andere prioriteiten.
De politie kan moeilijk bij elke voordeur een agent zetten. Door alle aandacht voor overvallen op bedrijven dreigen individuele burgers het kind van de rekening te worden. Bijna achthonderd woningovervallen en 80.000 inbraken per jaar zijn er veel te veel.
Hoofdinspecteur Jos van der Stap (50) is sinds eind 2009 Landelijk Overvalco?rdinator.?Driekwart van de overvallers gaat vrijuit. hem werd gevraagd: faalt de politie??Jos van der Stap: ‘De politie reageert nog te veel op incidenten en werkt fragmentarisch. Door voortdurend nieuwe prioriteiten te stellen, ontstaat discontinu?teit en verdwijnt expertise. Wij zijn een informatiebedrijf dat snel moet kunnen inspelen op ontwikkelingen. Binnenkort hebben we alle overvalgegevens uit het hele land permanent online. Bij een melding kun je meteen de signalementen en adressen oproepen van overvallers die in de buurt wonen. Ook kan het systeem ontmoetingsplekken weergeven waar overvallers bijvoorbeeld van scooter wisselen.’
De doelgroep is bekend. Hoe wordt die informatie gebruikt??Van der Stap: ‘We streven naar een persoonsgerichte aanpak. Criminelen met een verhoogd risico kun je permanent in de gaten houden en thuis bezoeken. Doorgewinterde overvallers laten zich daar niet door weerhouden, maar het werkt wel bij jongeren. We moeten voorkomen dat die doorgroeien. Verder bepleiten wij langdurig elektronisch toezicht als overvallers hun straf hebben uitgezeten. Nu is de recidive veel te hoog.’
Wat kunnen burgers zelf doen om een overval te voorkomen??Van der Stap: ‘Niet voor iedereen de deur opendoen. Mochten overvallers toch binnenkomen, probeer dan rustig te blijven en kijk goed. Die informatie kan vitaal zijn voor de opsporing. Verder moeten burgers sneller 112 bellen als ze iets verdachts zien. Niet pas als het bloed er al uit loopt. Met een aanhouding op heterdaad heb je direct een ronde zaak.’
Op dinsdag 5 februari 2013 was de Dag tegen Pesten met een uitzending van BNN?die een jaar later De TV-beeld?prijs kreeg. Op 15 april 2014 is er weer een dag tegen het pesten met een nieuwe uitzending die aandacht en actie vraagt voor dit fenomeen.
Tim Ribberink: doodgepest of niet?
Op 5 november 2012 verschijnt onderstaande advertentie in de Twentsche Courant Tubantia. Er wordt ondubbelzinnig een verband gelegd tussen de zelfmoord van de 20-jarige Tim en pesterijen.? Nederland reageert geschokt. Op internet en social media?is de dood van Tim direct trending topic, iedereen heeft het erover en uit zijn afschuw. Tims dood wordt ook in het buitenland?nieuws.
Woede op social media over de VARA radiodocumentaire DeGids.fm?over de zelfmoord van Tim Ribberink. De jongen zou niet gepest zijn en hij zou ook geen afscheidsbrief hebben geschreven. Bert Molenaar heeft zich verdiept in de zaak.
Meisje is slachtoffer van online pesten en pleegt zelfmoord
Amanda Todd was een meisje dat het slachtoffer werd van online pesten. Een jaar geleden werd ze via de webcam verleid om haar borsten te laten zien. Van dit moment werd een foto genomen die een jaar later werd gebruikt om haar te chanteren. Het trieste verhaal resulteerde in een verpletterende video waarin Amanda haar verhaal vertelt. Vorige week ? een maand na het posten van de video op YouTube ? pleegde Amanda zelfmoord. RIP.
In Belgi? zijn de twee meisjes die dinsdag een 13-jarig meisje mishandelden en dat filmden, van school gestuurd. Dat heeft de school via Belgische media laten weten.?Het slachtoffer zat op een stoepje op de bus te wachten toen ??n van de pesters haar aan de haren trok en stompte. Ook werd ze in haar gezicht geslagen. Een ander meisje filmde dat.?De 13-jarige Kayleigh uit Tielt heeft aangifte gedaan bij de politie.
Facebook
De pesters hadden het filmpje op YouTube gezet, maar het videokanaal verwijderde de beelden. De moeder van Kayleigh kon de beelden nog net onderscheppen en plaatste ze op haar Facebook-pagina, met daarbij de tekst: ‘Kijk en oordeel. Kayleigh wil zelf dat dit filmpje openbaar wordt. Hiermee wil zij een actie tegen de pesters (en pesten) starten. Klik ‘vind ik leuk’ als je haar een hart onder de riem wil steken en deel het filmpje als je haar actie wil steunen. Bedankt aan iedereen die dit wil doen’.
Het filmpje werd bijna 70.000 keer gedeeld. Inmiddels is het ook op Facebook niet meer te vinden.?Op Facebook staat nu wel een pagina waar mensen hun mening kunnen geven over de pesterij. Kayleigh heeft veel steunbetuigingen gekregen. De meisjes die haar hebben gepest moeten het ontgelden, ook op Twitter.
Bewaking
Vorige week stond er een filmpje online van een Amerikaanse vrouw die in een bus door een groep 12-jarige scholieren uit New York werd gekleineerd en uitgescholden. Een inzamelingsacties om de 68-jarige oma een vakantie aan te bieden, leverde bijna een half miljoen dollar op. De pesters moesten door de politie?worden bewaakt.
Scholieren verhevigen hun leven met mobieletelefoonbeelden van happy slapping, seks en pesterijen
De camera in de mobiele telefoon is onder scholieren een wapen geworden. Je organiseert een afranseling, neemt die op en de hele school kijkt mee. Voor de grap, zegt een dader. Een ‘sociale kanker’, zegt een hoofdcommissaris. De school: “We hebben nu camera’s op de wc.”
De dertienjarige Richard Poot uit Schiedam praat erover alsof hij een mop vertelt.?Iemand loopt voorbij. Dat filmt een vriend met zijn gsm. En dan verkoop jij die voorbijganger een oplawaai. Knalhard.
Paaaf.
En dan
“Lachen.”
Anonieme slapstick in de publieke ruimte. Alleen is het nu echt. Kijk maar op zijn mobiele telefoon. Vrouw in winterjas, van achteren gefilmd, zit op bankje. Jongen komt aansluipen en slaat haar tegen het achterhoofd. Hoofd klapt voorover, vrouw grijpt haar nek en kijkt versuft om zich heen. Terwijl cameraman Richard Poot, holderdebolder, het park uitrent.
Oog in oog met andermans ontreddering ligt de vmbo’er weer in een stuip. Voor hem en zijn vriend is het een vermakelijk tijdverdrijf. Een duivels genoegen. Het idee hebben ze opgedaan van internet en MTV’s Dirty Sanchez, beproefd op afgelegen plekken langs de metrolijn Spijkenisse-Capelle aan den IJssel. Bij voorkeur met capuchon – “dan herkennen ze je niet”. En in de buurt van bosjes waar, let op, g??n beveiligingscamera’s staan.
“Anders ben je net zo’n homo als die gast in Amsterdam.”
Die jongen, vijftien jaar oud, werd afgelopen november door zijn moeder bij het politiebureau afgezet. Zij herkende haar zoon op beelden die het televisieprogramma Opsporing Verzocht uitzond. Op metrostation Bullewijk sloeg hij een vrouw een hersenschudding. Het slachtoffer dacht aan straatroof, maar het was “voor de grap”, vertelde de dader op het politiebureau. Vrienden filmden de actie met hun gsm en stuurden de beelden door naar weer andere vrienden. En ja, hij had het kunstje veel vaker uitgehaald. Slechts drie slachtoffers hadden aangifte gedaan.
Happy slapping, noemt de politie het. Het verwijst naar happy snapping (vrolijke kiekjes maken) en betekent, vrij vertaald, vrolijk meppen. De politiekorpsen van Amsterdam, Den Haag, Landsmeer, Almere en Amstelveen maakten er afgelopen jaar melding van. Typisch Hollands glorie is het niet. Ook in Ierland, Zweden, Duitsland de Verenigde Staten, Japan en vooral Groot-Brittanni? doken gevallen op. De voormalige hoofdcommissaris van de Londense politie, Lord Stevens, betitelde het zelfs als “een sociale kanker” onder jongeren.
In de metro van Londen signaleerden beveiligingscamera’s het voor het eerst in de herfst van 2004. Binnen een half jaar beschikte de British Transport Police in Londen over beelden van 200 ‘slaps’. De daders waren jongens ?n meisjes, van dertien, veertien, vijftien jaar oud. Aanvankelijk gaven ze argeloze voorbijgangers een klap in het gezicht of tegen het achterhoofd en filmden dat, soms deden ze het bij elkaar. En alras breidde het repertoire zich uit naar beelden van billenknijpen, upskirting, panty pulling tot enkele gewelddadige verkrachtingen die nog het meest doen denken aan de uitspattingen van Alex uit Clockwork Orange, de cultfilm van Stanley Kubrick naar het boek van Anthony Burgess. Op basis van onder meer de beelden die ze zelf hadden laten maken kregen de verkrachters zware gevangenisstraffen.
Een rage als in Londen is ‘happy slapping’ in Nederland nooit geworden, constateren woordvoerders bij politie en justitie. Ondanks de lokale media-aandacht en ondanks een oproep van Volkomenkut.com om filmpjes op te sturen.
We krijgen signalen dat het regelmatig gebeurt, zegt een politiewoordvoerder uit Landsmeer, maar het aantal aangiften blijft klein. Begin december arresteerde zijn korps drie “gassies, kinderen nog”. Onder hen ook een meisje van dertien. Ze mishandelden een jongen van vijftien en filmden dat met de gsm. Tot een passerende automobilist ingreep. Vergelijkbare incidenten melden ook de korpsen in Amsterdam en Den Haag. De politie in Utrecht “is ermee bekend”, vertelt een woordvoerder, maar aangifte heeft nog niemand gedaan. Alleen de politie van Rotterdam weet van niks. “En dat houden we graag zo”, zegt een woordvoerder. “Maar dan moet u er natuurlijk n?et over schrijven.”
Media-aandacht of niet, scholen en ook jongerenwerkers signaleren steeds vaker dat kattenkwaad met de nieuwste gsm-technologie wordt vereeuwigd. Van Bergen tot Eindhoven, van Venlo en Rijswijk tot Haren in de provincie Groningen. Pesterijen, roddelarijtjes, scheldpartijen en baldadigheden die voor het bestaan van de mobiele telefoon beperkt bleven tot de beslotenheid van een plek en een paar kinderen, staan nu ineens op beeld. Onuitwisbaar en levensecht. De beelden worden verstuurd naar vrienden, klasgenoten en andere bekenden, via gsm, msn en internet. Als bron voor leedvermaak en voyeurisme, om stoer te doen, of “gewoon om een ander te pesten”.
Dat kan hard aankomen. Met een mobiele cameratelefoon is een reputatie razendsnel geknakt. Neem een vijftienjarig meisje uit Venlo. Haar hele school heeft gezien hoe ze op een slaapfeestje aangeschoten lag te snurken in alleen een string. Of een zeventienjarig meisje van de Berger Scholengemeenschap; ze werd door een ex-vriendje en twee andere klasgenoten te koop gezet op een pornosite. En in Spijkenisse ging een leraar van osg de Eilanden in de klas tegen een paar leerlingen “uit zijn plaat”. Uit frustratie over slechte cijfers had een leerling daar opnamen van gemaakt, vertelt teamleider Rudolf Verheesen. “En bij toeval hoorden we dat die foto’s op internet stonden.”
Dat zijn overzichtelijke gevallen in vergelijking met incidenten die zich voordeden op scholen in Rijswijk en Amstelveen. Een 15-jarige scholier van het Rijswijkse Atlas College had seks met zijn vriendin, terwijl een vriend daarvan, met instemming van het vrijerspaar, live opnamen maakte. Het gsm-filmpje ging de klas rond. In Amstelveen liep een afgesproken vechtpartij tussen twee tweedeklassers uit op een gebroken kaak. Dertig medescholieren keken toe. Het enige dat ze deden: ‘de actie’ filmen met de gsm.
Zulke beelden hebben impact op de hele school, vertellen Koos van den IJssel, schoolleider in Rijswijk en Ton Liefaard, rector van het Hermann Wesselink College in Amstelveen. Slachtoffers lijden eronder, daders scheppen erover op, klasgenoten en medescholieren praten erover. En vaak nog voordat het schoolpersoneel een glimp van de beelden heeft gezien, staat de sfeer op scherp. In de woorden van rector Van den IJssel: “Vroeger gooide je een propje, nu film je met je telefoon. En de hele school kijkt mee.” “Wegkijken kan niet”, zegt schoolleider Liefaard: “En dan doet het er weinig toe of het kattenkwaad binnen of buiten de schoolmuren wordt uitgehaald.”
Op maandag 12 december vier uur ’s middags, de Amstelveense school was net uit, verzamelde zich een dertigtal leerlingen zevenhonderd meter van het gebouw. Twee jongens hadden daar met elkaar afgesproken. Ze zouden om de beurt een klap uitdelen, hadden ze ge-msn’t. Op buik of borst wilde een van hen nog weten, maar daarop kwam geen antwoord. De eerste klap was gelijk de laatste. Diezelfde avond zat het slachtoffer met een dubbele kaakbreuk op de eerste hulp.
Wat doet een school dan?
Meer dan achtenveertig uur later hoorde de Amstelveense school ervan. Een groep ouders vertelde het een teamleider op een ouderavond. De docenten bekeken direct de opnamen op internet. Liefaard: “Het was schokkend dat niemand van de omstanders zei: stop. Het was ook schokkend dat iedereen zolang had gezwegen. De school was niet ingelicht, niet door leerlingen, niet door de ouders. Alsof zich daar iets had afgespeeld wat niet van deze wereld was.”
Dat laatste ervoer ook rector Koos van den IJssel van het Rijswijkse Atlas College. Als de school niet had ingegrepen, was de seksfilm van zijn vrijende leerlingen ook op het internet beland. Het leek wel of de echtheid van de beelden niet tot de kinderen doordrong, vertelt hij. “Spielerei – alsof ze wat uitproberen in een nep-wereld en dat niet als echt ervaren.” Bovendien snapten ze het morele probleem niet. Hij moest uitleggen dat seksopnamen rondsturen sowieso niet kan, ook al hadden de gefilmden toestemming gegeven. “Dan neem ik de meest v?rstrekkende disciplinaire maatregelen.”
Daarin verschillen scholen nadrukkelijk van elkaar. De filmmakers van het Atlas College zijn van school gestuurd. Dat gebeurde ook met de vechtersbazen uit Amstelveen. Maar de leerlingen die beledigende beelden van een leraar en een klasgenoot op internet hadden gezet, mochten blijven. Na een goed gesprek “was het af”, vertelt Rudolf Verheesen over de jongen die zijn leraar fotografeerde. Datzelfde geldt voor de jongen die zijn ex-vriendin op een pornosite te koop had gezet. Zelfs al had schoolleider Peter Reenalda hem van de Berger Scholengemeenschap willen sturen, dan had dat nog niet gekund. Reden: het wangedrag was niet expliciet genoeg verboden in de schoolregels.
We hebben, vertelt de schooldirecteur, het probleem openlijk besproken in de klas waarin dader en slachtoffer zaten. “Dat werkte therapeutisch.” Het meisje vertelde dat ze om de haverklap werd gebeld door hoerenlopers. Dat ze nachtmerries had. Dat ze niet meer kon eten en drinken. Dat ze vriendinnen kwijt raakte. Daar had haar ex-vriend vooraf nooit bij stil gestaan, reageerde hij. Om stoer te zijn had hij de grap met twee vrienden gekopieerd van internet. Ze werden een paar dagen geschorst.
Incidentele maatregelen alleen volstaan niet, ervaren de scholen. Het digitaal pesten via mobiele telefoon, msn en internet wint terrein – een op de drie schoolkinderen is daar slachtoffer van. Maatschappelijke organisaties als stichting Halt, de kindertelefoon, het Algemeen Pedagogisch Studiecentrum, stichting De Kinderconsument en Sire bedachten allemaal een eigen methode om het tegen te gaan. Terwijl Sire sinds donderdag ouders in radio- en tv-spotjes oproept te kijken wat kinderen op internet uithalen, gaan de stichting Halt en de Kinderconsument zelf de klas in. Halt-medewerkers vertellen leerlingen sinds deze maand in speciale lessen ‘digipesten’ dat ze strafbaar zijn als ze tegen een ander beginnen over ‘dood’ en ‘niet meer thuiskomen’. Stichting De Kinderconsument hamert al drie jaar op ouderavonden en trainingen voor scholen op de noodzaak van een internet- en pestprotocol.
Mobiel misbruik is dan ook niet nieuw voor algemeen directeur Bamber Delver van De Kinderconsument. Twee jaar geleden had hij een lerares Frans in de zaal zitten die door leerlingen op de wc was gefilmd. De laatste tijd hoorde hij verschillende keren dat kinderen elkaar onder de douche filmen. Delvers devies: de telefoon moet uit in school, ook op de gang. En dat moeten scholen opnemen in hun schoolregels. Leerlingen die zich daaraan niet houden, raken hun telefoon kwijt. Een school liet kinderen zelf met een dobbelsteen bepalen hoeveel dagen dat zouden worden. Maar dat vindt Delver “bespottelijk. Je moet zo duidelijk mogelijk zijn.”
Bijna alle betrokken scholen hebben het gebruik van mobiele telefoons in de klas verboden. Alleen de middelbare school in Spijkenisse doet dat niet. Een gsm is anno 2006 je beste maatje, zegt de teamleider, elke seconde van de dag. Bovendien: als iemand aantekeningen van het bord wil fotograferen, “wie ben ik dan om dat te verbieden” Verboden zijn sowieso, vindt hij, een laatste houvast. “Tieners proberen veel uit. Door de gsm-foto’s zien wij meer van die experimenten. Als je dat gaat verbieden, gaan ze het anoniemer doen. Dan verlies je elk grip, en kun je kinderen daarover niks meer leren.”
Dat vindt ook de school in Bergen. Om in contact met de leerlingen te blijven msn’t een aantal leraren en heeft de school een weblog in het leven geroepen. Dat gaat de middelbare school in Rijswijk te ver. “Praten is prima”, zegt rector Van den IJssel, “maar wel op basis van de schoolregels. Onze school is doordesemd van discipline”. Kinderen mogen niet ongevraagd filmen in school, nergens – niet in de klas, op de gang, in de douches of in de wc. Daarom heeft hij het toezicht uitgebreid. Niet met mensen, zegt de rector, maar met camera’s, in de kantine, op de gangen bij de lockers en ook op de wc. “Dat staat zwart op wit in de schoolgids.”
Je moet zo’n gsm-incident op school niet onderschatten, vertelt Ton Liefaard. Eerst is er het detectivewerk, dan de straf, en daarna komt de begeleiding. Twee maanden na dato hebben bij hem op school een medewerker van bureau Halt en een buurtagent met de betrokken groep gesproken. Tijdens een ‘verplichte bezinningsmiddag’. Wat bleek De kinderen bagatelliseerden het incident, vertelt Halt-medewerkster Maria Koolen. Veel leerlingen vonden het “flink overdreven” dat de jongens van school waren gestuurd. De vechtpartij speelde zich af na schooltijd en buiten school. De jongens hadden het zelf afgesproken. En het slachtoffer liep zelf weg, ‘alleen een draadje van zijn beugel zat los’.
Koolen: “We ontdekten dat sommige kinderen de morele intu?tie missen, dus dan moet je nadrukkelijk stelling nemen en zeggen: dat doen we niet.” Rector Liefaard knikt. Daar komt bij, zegt hij, dat in dit geval ook de afwachtende houding van justitie het gezag van de school ondermijnt. Op de aangifte die hij deed – uit angst voor represailles deden de moeder en haar zoon dat zelf niet – heeft hij nog niks gehoord. De krant wel. De politie stuurde direct een persbericht rond: ‘Happy slapping tussen scholieren op internet’, kopte het Amstelveens Nieuwsblad over de vechtpartij.
Eigenlijk, zeggen onderzoekers die zich verdiepen in kinderen en de virtuele wereld van internet, chatboxen en mobiele telefoons, is mobiel misbruik de hedendaagse variant van belletje trekken. Alleen: onderzoek is er nog niet naar gedaan. Los daarvan, zeggen de onderzoekers er stuk voor stuk bij, is mobiel misbruik natuurlijk niet hetzelfde als belletje trekken. Het bereik van de gsm is grenzeloos en razendsnel, beelden zijn tijdloos en eindeloos te manipuleren. En, niet onbelangrijk: kattenkwaad op beeld maakt indruk op kinderen die gevoelig zijn voor groepsdruk. Beelden maken emoties groter, heftiger, echter bijna. Bovendien kunnen er met de kleine apparaatjes ook in het geniep opnamen worden gemaakt.
Nooit eerder konden kinderen zo onbelemmerd met hun identiteit experimenteren, zegt Patti Valkenburg, hoogleraar kind en media aan de Universiteit van Amsterdam. Op internet, in chatboxen en door mobiele telefoons is de communicatie rechtstreeks, “er zit geen opvoeder meer tussen”. Tel daarbij op dat dertig procent van de kinderen vindt dat ze zich vrijer kunnen uiten op internet, en zie: daar ontwikkelt zich een universum waar ze ongeremd kunnen flamen. Zonder ingrijpen en sociale controle van ouders, leraren of welke andere opvoeder ook. Valkenburg: “Als je het zo bekijkt, hebben kinderen meer privacy dan vroeger. Ouders hebben te weinig controle omdat ze die wereld niet kennen. Maar dat beschouw ik als een tijdelijk probleem. Ouders lopen hun kennisachterstand in en deze kinderen worden ook weer ouders.”
Communicatiewetenschapper Jacob van Kokswijk promoveerde aan de Universiteit Twente op een onderzoek naar de leefwereld van jongeren. Hij spreekt over een hybride beleving, een ‘interrealiteit’. Dat is de optelsom van wat kinderen ervaren in de fysieke wereld, de virtuele wereld en in hun fantasie. Hoe de vermenging van die drie werelden doorwerkt op bijvoorbeeld de morele intu?tie van kinderen, is volgens Van Kokswijk nog een grote vraag.
Kinderen gebruiken de cyberwereld als oefenterrein, weet hij. Ze kunnen er een andere identiteit aannemen, doen na wat anderen hen voordoen en “proppen” andermans ervaringen naar binnen. Zien ze happy-slapfilmpjes, dan maken ze die na. In hoeverre die ervaringen tot hen doordringen, weet Van Kokswijk niet. Maar er zijn aanwijzingen dat de gevoelens minder diep doordringen dan wanneer kinderen het in de fysieke wereld meemaken. “Ook dat maakt het zo belangrijk dat ouders, leraren en andere opvoeders niet hun kop in het zand steken maar gaan vragen, zoeken en snappen wat hun pupillen in de cyberwereld beleven.”
Dat beaamt pedagoog Bas Levering, onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Maar, zegt hij, dat is niks om van te schrikken. Bij elke nieuwe technische ontwikkeling komen de ethische regels pas als gebruik gemeengoed is. En nieuw is die zogenoemde hybride beleving niet. Denk maar aan een kleuter die met een schaar de buik van een vriendje bewerkt. Die heeft het sprookje van Roodkapje te letterlijk genomen. Wordt hij daardoor een slechter mens Niet als de juf, meester of ouders hem hebben geholpen om het verschil tussen fantasie en werkelijkheid te ontdekken. Levering: “Voor ouders met pubers is het lastiger om contact te krijgen. Pubers zetten elkaar vaak onder druk om ouders buiten hun geheime wereld te houden.”
Het is vier uur als Richard Poot de metro neemt, terug naar huis. Een uur door verlaten bosjes struinen heeft hem en zijn vriend ??n nieuw filmpje opgeleverd. Jongen, bolle wangen en gestoken in een Feyenoordtrainingspak, krijgt een stomp in zijn zij. Razendsnel draait hij zich om en roept. “Richard, pisvlek: mijn vader gaat jou doodmaken.”
Richard Poot zet de beelden “jammer genoeg” niet op internet, vertelt hij. Voor je het weet loopt het slachtoffer ermee naar de politie. Dat overkwam een neef van hem. Maar hij vindt de actie “te vet” om alleen voor zichzelf te houden. Daarom hebben hij en zijn maat het filmpje naar drie jongens uit zijn klas gestuurd.
Als een vriend terug sms’t : nog 1tje F**king cool. Loser met pijn:-), barst Richard Poot in lachen uit.
Waarom
Eerlijk gezegd, zegt Richard Poot, vind ik het grappiger om onbekenden te pakken. “Die schrikken meer. Maar deze jongen zit bij ons op school. Die bolle heeft een vriend gepakt.”
Boontje komt om zijn loontje
“Zoiets. We pakken hem terug.”
En dat filmen, is dat geen probleem
Richard denkt na. “Ik vind van niet”, zegt hij. “Dat doet de politie ook. Overal hangen camera’s. En KPN adverteert ermee.” ‘Deel je speciale momenten met beeldbellen’, is de slogan van het concern.
Richard: “Wij gaan scoren. Morgen op school zijn wij de king .”
‘Een zeventienjarig meisje werd door haar ex-vriendje te koop gezet op een pornosite’
Pesten via internet wordt steeds populairder. Maar scholen zien er geen heil in leerlingen via hun Twitteraccount te volgen. “We willen geen politie spelen.” Ook de scholen van Het Hooghuis in Oss gaan ervan uit dat kwetsende tweets worden gemeld, en gaan niet actief op zoek. “Geen beginnen aan, daar zou ik een dagtaak aan hebben”, zegt techniekdocent en?contentbeheerder Susan Kuijk. Alle scholen spreken leerlingen die kwetsende berichten hebben verstuurd onmiddellijk aan op hun gedrag, zo ook het TBL. “Ik heb wel eens ingegrepen in een ruzie die via Twitter uit de hand liep. Ik heb toen een van die jongens een stapel printjes laten zien van tweets over die ruzie, die steeds maar doorgestuurd werden. Daar schrok hij toen wel van.” Het Mondriaan College gaat een protocol maken over hoe leerlingen met social media moeten omgaan. “Met fatsoen dus”, zegt rector Theo Bekker. “Leerlingen moeten ook op Twitter bepaalde mores in acht nemen.” De Leijgraaf heeft dergelijke richtlijnen al, zegt Van Summeren. “En we hebben net gisteren besloten volgend jaar mediawijsheid op te nemen in de lessen burgerschap.”
Dat het onderwerp leeft op de scholen, blijkt wel uit het feit dat het Maaslandcollege juist deze week besloot een docent van de Universiteit van Utrecht aan te stellen om de school te begeleiden bij de invoering van social media. “En wat de schadelijke kanten betreft”, meldt woordvoerder Hans van de Kraats, “is het zo dat ook wij geen politie willen spelen die alles natrekt. Zodra we iets merken of doorkrijgen dat op pesten via social media lijkt, halen we meteen de ouders van de betreffende leerling erbij. Wat dat betreft trekken we daar heel zwaar aan.”
Cyberpesten vooral via sociale media
Slachtoffers van cyberstalken en -pesten worden vooral belaagd via sociale netwerken. Veel vaker dan via bijvoorbeeld e-mail of telefoon.
Dat blijkt uit nieuw Brits onderzoek (pdf) uitgevoerd door de Universiteit van Bedfordshire. De onderzoekers ondervroegen 353 Britse slachtoffers van cyberpesten en concluderen dat zo?n 62 procent van de ondervraagden digitaal lastiggevallen is via sociale media. Dat percentage ligt veel hoger dan pesten en stalken via werkmail (23 procent), priv?mail (55,5 procent) en mobiel bellen (41,5 procent).
Gevolgen
De onderzoekers zijn naar eigen zeggen geschrokken van de gevolgen van digitaal stalken en pesten. Sommige respondenten hebben zelfmoordpogingen gedaan of durven niet meer over straat. De onderzoekers roepen sociale netwerken dan ook op maatregelen te nemen.
?Ze hebben een verantwoordelijkheid naar hun klanten?, stelt professor Carsten Maple tegenover de?BBC. ?Het moet duidelijk zijn waar een gebruiker de pesterijen kan aangeven en er zou een maximumperiode moeten zijn waarbinnen een sociaal netwerk moet reageren.?
Opvallend is volgens de onderzoekers dat het overgrote deel van stalken en pesten via sociale netwerken anoniem gebeurt en anders veel door onbekende personen. Juist het feit dat niet duidelijk is wie de dader is, kan voor slachtoffers grote gevolgen hebben.
Facebook
Facebook, met wereldwijd 750 miljoen leden, heeft naar aanleiding van het onderzoek aangegeven de procedures rond het melden van ongewenst gedrag te herzien. ?Niets is belangrijk voor ons dan de veiligheid van onze leden?, aldus een woordvoerder.
Netwerksites beschermen kinderen onvoldoende
Veel sociale netwerksites bieden kinderen te weinig bescherming tegen ongewenste contacten met vreemden.
Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van eurocommissaris Neelie Kroes (Digitale Agenda), dat dinsdag is gepresenteerd. Slechts twee sites, Bebo en MySpace, scoorden een voldoende.?De onderzoekers bekeken in totaal 14 sites, waaronder Facebook en Hyves. Dat gebeurde in december van vorig jaar en januari dit jaar. Kroes zei teleurgesteld te zijn dat de sites er niet voor zorgen dat profielen van minderjarige standaard alleen toegankelijk zijn voor de contactpersonen die ze hebben goedgekeurd. Ze gaat er bij de betrokken bedrijven op aandringen minderjarigen beter te beschermen.
Bronnen: Nu.nl (21 juni 2011), Nu.nl (11 juli 2011),?DeJoop,?RTL,?De Gelderlander (10 mei 2012) ‘Ook op Twitter mores in acht nemen’,?NRC Handelsblad (18 maart 2006),?NOS, Sander Duivestein.
Bekijk onderstaande rap track uit de VS dat is gemaakt om er aandacht voor te vragen (let op: beelden kunnen schokkend zijn):
“There’s a bully bully bully in my town, and this bully always bullying me around, why this bully always tryna put me down, i just wish i had the guts to lay em down. There’s a bully bully bully in my town, and this bully always bullying me around, why this bully always tryna put me down, i just wish i had the guts to lay em down. There’s a bully bully bully in my town, and this bully always bullying me around, why this bully always tryna put me down, i just wish i had the guts to lay em down”.
iWatchHarrisCounty is een virtuele misdaad bestrijder in de vorm van een app. Met de app kun je opvallende zaken vastleggen uit de buurt die zorgen voor een onveilig gevoel of een echt onveilige situatie. Zo kun je zelf helpen misdaad te bestrijden, en volgens deze dienst misschien zelfs een terroristische aanslag voorkomen. Het gaat om het delen van signalen uit de wijk, die ondersteund kunnen worden met foto’s of video’s. Als er sprake is van echte misdaad kan de informatie meteen worden doorgestuurd naar de politie.
Met?Crime Watch in de buurt kun je snel ter plaatse foto’s maken en direct de locatie van verdachte situaties delen met je buren en de politie.
Je kunt je waarnemingen opslaan in een logboek waar je ze kunt bewerken, bekijken en opnieuw delen.?Je kunt ze ook exporteren en importeren tussen apparaten en andere gebruikers van de dienst.
Deze app is geen onderdeel van?USAonWatch of de politie.
Je kunt:
? Foto’s maken met behulp van de camera en ze bekijken.
? Zoek de locatie met behulp van GPS, mobiele of wifi-netwerken.
? Handmatig de locatie van de activiteit op een kaart aangeven.
? Details toevoegen van de activiteit, personen en voertuigen.
? Deel ze met behulp van e-mail, SMS of andere online opties.
? Locatie wordt meegestuurd in een?Google Maps linkje.
Soortgelijke community watch diensten vind je hier.
De?Community Watch app uit Zuid Afrika?biedt bewoners binnen een gemeenschap of gebied een communicatieplatform om (volgens de site) “samen een database te bouwen van verdachte activiteiten”. In deze database kun je zoeken naar verdachte voertuigen, mensen en meer. Zo kunnen mensen ook hun gestolen spullen soms terugvinden en kun je meldingen bekijken van misdaad in de buurt.
Met de?Bewoners?applicatie kun je je?eigen persoonlijke gegevens en foto’s bijwerken, waarschuwingen delen?en foto’s onder een van de drie categorie?n plaatsen, namelijk: 1. verdacht persoon, 2. verdacht voertuig of 3. drugs gesignaleerd.
Er is ook een Respons app die gebruikt kan worden om de politie of andere instanties in te schakelen, zoals particuliere beveiligers.
Community policing forums (CPF) en particuliere beveiliging bedrijven gebruiken deze app steeds meer?om beter en sneller te worden?in de communicatie tussen bewoners en politie als?preventiemiddel in de strijd tegen criminaliteit.
Features van de dienst:
Panic button
VVolg mij naar huis”
verdachte activiteiten
Signaleringen van activiteiten in uw omgeving
Remote Panic (melding voor een ander)
Blacklist van?”werknemers” die niet te vertrouwen zijn
Integriteit Screening
Foto Verificatie: bewoners, contacten, onroerend goed, voertuigen, huishoudelijk personeel en andere dienstverleners