Tagarchief: Twitter

BART! Burger Alert Real Time: verbindingsplatform tussen bewoners, gemeente en politie.

Burger Alert Real Time (BART!) is een digitaal meldingsplatform voor een veilige en leefbare buurt. Zaken met ?n zonder spoed kunnen buurtbewoners?24/7delen met politie, gemeente en andere BART! -gebruikers.

Bij overlast, verdachte situaties of sociale problemen geven burgers een digitale waarschuwing en indien nodig onderneemt de politie of de gemeente direct actie. Geen wachtrijen meer. Ook kan de politie zelf alarmeren: ?Momenteel veel auto-inbraken in uw buurt?.

BART! is een samenwerkingsproject waarin de gemeente Den Haag, de politie, CGI, TNO, TU Delft en TIGNL samen investeren. BART! is nu nog in een testfase. Momenteel wordt met kleine stappen experimenteel gewerkt voor de Haagse stadsdelen Escamp en Leidscheveen/ Ypenburg, zodat kleinere resultaten bijdragen aan de opbouw van een volledig participatiesysteem.

Samen bouwen aan een participatiesysteem dat zorgt voor vertrouwen en verbondenheid

BART! is een samenwerkingsproject waarin de?gemeente Den Haag,?de politie,?CGI,?TNO,?TU Delft?en?TIGNL?samen investeren in een digitaal meldingsplatform voor een veilige buurt. Bij overlast, verdachte situaties of sociale problemen waarschuwen burgers elkaar en indien nodig de politie of gemeente via een app. Ook kan de politie zelf alarmeren:
?Momenteel veel auto-inbraken in de buurt?. BART! is in een testfase. Momenteel wordt met kleine stappen experimenteel gewerkt voor de Haagse stadsdelen Escamp en Leidscheveen/ Ypenburg, zodat kleinere resultaten bijdragen aan de opbouw van een volledig participatiesysteem.



Alle ontwikkelde kennis wordt verspreid onder de partners:

Gemeente Den Haag: BART! is belangrijk voor de gemeente Den Haag, want het zorgt voor meer verbondenheid in de buurt en het stimuleert het gevoel dat de bewoners samen de wijk prettig en veilig houden. BART! bevordert het samen optrekken van buurtgenoten, lokale ondernemers, politie en gemeente. Gemeente Den Haag brengt openbare orde, veiligheid en leefbaarheidskennis in en stelt hiervoor de deskundigheid beschikbaar van professionals, leidinggevenden, wijkmanagers, wijkteams en klantcontactspecialisten.
Politie: De ontwikkeling van BART! sluit aan bij de doelstelling van de politie om een meer moderne, flexibele en effectieve organisatie te worden. Ook kan BART bijdragen aan een gevoel van vertrouwen door sterk politiewerk dichtbij de buurtbewoners. Met BART! wordt een meer eigentijdse dienstverlening gerealiseerd dat betere samenwerking met verschillende partners mogelijk maakt. De politie brengt al haar kennis in.
CGI: Het CGI is een grote dienstverlener op het gebied van informatietechnologie en bedrijfsprocessen. Het bedrijf onderzoekt hoe ICT-technieken het BART-concept kunnen ondersteunen. CGI ontwikkelt kortweg de technische kant van het communicatieknooppunt van BART! Momenteel is een prototype in de maak dat uitgebreid zal worden getest. Daarna wordt het doorontwikkeld op basis van de eerste ervaringen.
TNO: Kennisinstituut TNO brengt innovatie in op het gebied van maatschappelijke veiligheid en met name de inrichting van nieuwe media meldprocessen. De organisatie richt zich vooral op het ontwerpen van de bijbehorende processen en participatiesystemen van de betrokken deelnemers.
TU Delft: De Technische Universiteit Delft levert wetenschappelijke kennis vanuit haar jarenlange onderzoek naar participatiesystemen. Inmiddels heeft de universiteit een speciaal Participatory Systems Lab opgezet. De TU Delft richt zich hiermee op het optimaliseren van de samenwerking en het vertrouwen tussen burgers en overheid (gemeente en politie).
TIGNL: Technology Investment Group (TIG) brengt innovatiemanagement-kennis in met betrekking tot wetshandhaving, burgerparticipatie en private publieke samenwerkingsprojecten. TIGNL doet onderzoek en ontwikkelt inzichten voor aandachtsgebieden als competentie-ontwikkeling, ethiek, privacy en dataprotectie. Daarnaast organiseert en modereert zij verspreiding van kennis en registreert de interne en externe projectactiviteiten. Ook verzorgt TIGNL de administratie en de verantwoording van deze activiteiten.

Internettrollen vervuilen het web met gevaarlijk gedrag

Op het internet duiken steeds meer spookaccounts op, die nepnieuws verspreiden. Deze internettrollen zijn ook verantwoordelijk voor online haatmisdrijven en kunnen de rechtsorde bedreigen. Hoe kunnen online veiligheid en leefbaarheid gewaarborgd worden in de 21ste eeuw?

– Een artikel van Arnout de Vries geplaatst in Secondant

Sociale media zijn breed beschikbaar en worden door jong en oud en onschuldige maar soms ook kwaadwillende personen gebruikt. We kennen sociale media vooral als een geweldig middel om met elkaar verbonden te raken via chat en door (vakantie)foto?s te delen. Toch kan je niet alleen je hart luchten met andere gebruikers, maar ook mensen isoleren, van anderen vervreemden en vernederen. Dit varieert van kleine pesterijen tot regelrechte oorlogsvoering. Want kinderen?gamen online, maar in dezelfde spelletjes zitten vaak ook neonazi?s, zoals in het online oorlogsspel Clash of Clans. Soms zitten zij in eenzelfde chatsessie met jonge, zeer be?nvloedbare kinderen. Toezicht op de online normoverschrijdingen is beperkt, of afwezig.

Het zogeheten trollen als vorm van normoverschrijdend gedrag online neemt toe. Trollen kan beginnen met pesten, maar verergeren tot intimideren en stalken. Het kan slachtoffers zelfs tot zelfmoord drijven. Als dit online gedrag de veiligheid en leefbaarheid schaadt, komt het als verschijnsel in beeld bij de overheid.

Veiligheidsconferentie

In mei dit jaar werd in Londen een internationale veiligheidsconferentie gehouden over ?trolling?. Onderzoekers en specialisten uit bedrijfsleven en overheden vanuit meer dan 15 Europese landen kwamen bijeen om de kansen voor een vernieuwde aanpak te bespreken. Ook de bedreigingen van deze ontwikkelingen kwamen aan bod. Al deze partijen uit de veiligheidssector hebben als doel om het internet veiliger en leefbaarder te maken.*

De techniek heeft zich in de afgelopen jaren zodanig ontwikkeld dat internet een vanzelfsprekendheid is voor veel mensen. Echter, ook anonimiteit door encryptietechnieken en het gebruik van kunstmatige intelligentie worden steeds normaler. De internetgedragscodes veranderen sinds het ontstaan ervan mee, maar: Wat is acceptabel en wat niet? Wat staan we met moderne technologie toe en wat niet? Nieuwe ontwikkelingen bieden nieuwe kansen, maar vormen ook nieuwe bedreigingen. Op het wereldwijde web zijn de meningen verdeeld over hoe ver vrijheid van meningsuiting mag gaan en elk socialemediaplatform hanteert hierbij zijn eigen huisregels. Socialemediaplatforms dulden bijvoorbeeld alleen echte mensen en toch duiken steeds meer valse en machinegestuurde accounts op om te trollen.

Dilemma?s in moeizame aanpak trollen

De conferentie focuste op preventie en interventies in handhaving en vervolging met aandacht voor sociale en technologische innovaties.?Best practices?werden gedeeld, zoals die van John Donovan, werkzaam bij?The Online Hate Crime Hub?van de Metropolitan Police. Sinds 2017 pakken de speciaal getrainde politieagenten online misstanden aan. De Hub onderzoekt meldingen van online haatmisdrijven, waaronder racisme en discriminatie gericht op beperking, religie, of geaardheid en acteren hierop, voor zover mogelijk. Donovan benoemde diverse juridische obstakels bij het trollen, zoals onduidelijke wettelijke kaders die de vervolging van trollen bemoeilijken. Ondersteuning van het slachtoffer staat dan wel centraal bij de Hub, maar als slachtoffers niet willen meewerken aan verdere actie blijven trollen vaak anoniem en ongestraft. Daarmee gaat dan weer geen afschrikkende werking uit tegen herhaling.

Normloosheid van gamingplatforms

Gamingplatforms werden expliciet uitgelicht, omdat het normoverschrijdende gedrag hierin n?g prominenter lijkt. Cybercriminoloog Thomas-Gabriel R?diger vergeleek online games met een fysieke speeltuin: rond de spelende kinderen zien we borden met simpele gedragsregels en ouders die vanaf een bankje wat toezicht houden. Online houdt niemand zo toezicht. Via online??speeltuinen??zoals Minecraft, Roblox en MovieStarPlanet worden steeds meer kinderen het slachtoffer van?grooming, terwijl ouders denken dat ze een onschuldig spelletje spelen.

Online zijn gedragsregels op zijn minst anders te noemen, maar eigenlijk vaak afwezig. Wat vinden we van deze normloosheid? R?diger liet zien hoeveel online groepen met nazinamen in de game Clash of Clans te vinden zijn, hoe die gesprekken verlopen en ook met welk gebrek aan online normen het spel soms gespeeld wordt. Naast dit spel zijn er vele games waarin gecommuniceerd wordt, via tekst, maar ook via spraak, zoals bijvoorbeeld het populaire schietspel Fortnite: 100 spelers strijden tot de laatste overblijft. Een spel waarin de norm lijkt dat online alles geoorloofd is om maar die laatste te zijn.

Sterkte-zwakteanalyse

De conferentie resulteerde op grond van de vele voorbeelden in een sterkte-zwakteanalyse, waarbij kansen en bedreigingen werden benoemd voor een effectievere aanpak voor veiligheidspartijen die trollen willen aanpakken: *

Figuur 1> SWOT-analyse van aanpak trollen door veiligheidsdiensten

Trollen bedreigen de rechtsorde

Trollen vindt niet alleen plaats op individueel niveau. Uit?onderzoek?van?NRC?bleek dat Russische internettrollen op Twitter probeerden anti-islamsentimenten in Nederland aan te wakkeren. Dit gebeurde vanuit een??trollenfabriek? in Sint-Petersburg, het beruchte Internet Research Agency (IRA). Dat beheerde zeker 3841 trol-accounts. Sommige tweets zijn door de nepaccounts verstuurd op de dag van de aanslagen in Brussel, 22 maart 2016, andere ten tijde van de Nederlandse verkiezingen.

Volgens Facebook is 2 tot 3 procent van hun accounts vals, maar experts schatten dat het eerder 10 procent is. Ook Twitter heeft last van miljoenen spookaccounts. Bij de grote zomerschoonmaak verwijderde Twitter?70 miljoen nepaccounts. Facebook blokkeerde zelfs?1.3 miljard accounts.

Internettechnologie

Twitter-directeur Jack Dorsey beklaagde zich er onlangs over hoe fictieve accounts zijn berichtendienst misbruiken. Hij wil weer een gezond debat met echte mensen, maar heeft geen idee hoe de klok terug te draaien. Internettechnologie ontwikkelt zich intussen verder. Volgens sommige trendwatchers is 2018 het jaar van de??social bot??(online robotaccounts die communiceren). Veel omarmen dat in hun klantgerichte dienstverlening. Nu al kan een computer kunstmatig aangemaakte portretfoto?s genereren en voorzien van namen. Accounts aangedreven door kunstmatige intelligentie worden dan een?chatbot. Je kunt nu al een bot maken die praat als president Trump en nieuwe ?Trump-uitspraken? doet op basis van oude uitspraken.

Onder kinderen zijn social bots enorm populair. Opeens kunnen ze chatten met Minions, die precies praten zoals in de film. Minion-bots bieden ook producten aan: ?Heb je al aan papa en mama verteld dat een nieuwe Minion-film uitkomt?? Chinese kinderen vertrouwen hun diepste geheimen toe aan dit soort?bots, terwijl kinderen vaak erg be?nvloedbaar zijn. Papa en mama weten ondertussen niet welke informatie hun kinderen delen en welke informatie gedeeld wordt.

Nederlandse trollen hadden in 2012 al een aantal keren flinke impact. Een jongen twitterde bijvoorbeeld tijdens Project X dat een meisje was overleden. Hij deed dit voor de lol en noemde zich ?hoax creator?, maar dat wisten hulpdiensten, media en maatschappij niet, met alle gevolgen van dien. De jongen werd niet vervolgd, omdat wat hij deed dan wel niet ethisch, maar ook niet ?zomaar? strafbaar was.

Offline en online maatschappij

We stevenen af op een kantelpunt waarin het onderscheid tussen echt of nep steeds lastiger wordt. De jeugd praat graag online met Justin Bieber, ook al weten ze ergens wel dat hij niet echt is. Vele partijen spelen, goed en kwaad, in op deze ontwikkelingen. Alleen met bewustzijn en verantwoordelijkheid, ook onder technologieaanbieders en overheden, kunnen online leefbaarheid en veiligheid in de 21ste eeuw geborgd worden. Samenwerking, juist internationaal, moet hierom volwassener worden. Passende wet- en regelgeving moet die samenwerking ondersteunen.

Door gebrekkige kennis van sociale media en gamen wordt de kloof tussen de offline en online maatschappij alleen maar verder vergroot, zolang hier niks mee gedaan wordt. Die kloof kan kleiner worden door relaties te versterken tussen specifieke groepen en veiligheidsinstanties. Wat staan we toe en waar ligt de grens? Er bestaan al genoeg voorbeelden van bedreigingen die de leefbaarheid verminderen en die de grens al ver gepasseerd zijn. Gelukkig bestaan ook genoeg kansen. Als we deze samen aangrijpen hoeft het niet van kwaad tot nog erger te gaan. <<

Europees project

Het onderzoeksproject MEDI@4SEC brengt de kansen en bedreigingen in kaart die nieuwe communicatietechnologie?n teweegbrengen voor de veiligheid en veiligheidsinstanties. Dit artikel is het derde van een serie artikelen over specifieke thema’s binnen dit onderwerp als: Do It Yourself (DIY) Policing; Rellen en massabijeenkomsten; Dagelijks politiewerk; Dark Web; Trolling en; Innovatieve marktoplossingen. Lees ook het inleidende artikel in Secondant over de kansen van nieuwe communicatietechnieken voor justitie en politie.

Meer informatie over MEDI@4SEC is te vinden op de projectwebsite. Hier zijn ook de volledige onderzoeksrapporten te downloaden zodra deze openbaar zijn.

Bron: Secondant

Parkeerwaakhond houdt NYPD in de gaten

De surveillanceroute achter een Twitter-account dat foutgeparkeerde NYPD voertuigen spot, en meestal vastlegt met foto’s, zegt dat hij door de politie van de Interne Zaken Bureau is bezocht en gevraagd ermee te stoppen.

De online gebruiker, die zijn naam verborgen wil houden uit van angst voor meer vergelding vanuit de politie, zegt dat hij vaak online door agenten werd aangesproken, terwijl hij ze op hun gedrag wilde wijzen via zijn twitter account?@placardabuse.

Het ergste incident, vertelt hij, was op 2 februari toen agenten voor zijn huis stonden terwijl hij zijn kind in slaap wiegde, en hem de foto’s verzochten in te leveren en hem vervolgens ontmoedigde om agenten nog in de gaten te houden.

“Het was vijandig vanaf het begin,” vertelde hij The Post. “De vragen gaan over waarom ik een klacht indiende en waarom ik de agenten stalkte, en niet iets nuttigers kon bedenken.”

De waakhond achter dit account begon in 2016 met zijn Twitterfeed om het misbruik van speciale parkeerplaatsen door ambtenaren duidelijk te maken – waarmee hij wilde aantonen dat veel bestuurders bepaalde beperkingen negeren als ze parkeren tijdens hun werk.

Ironisch genoeg is er een interne memo verspreid binnen de NYPD dat agenten voortaan meer worden gewen op hun overtredingen, en dat men ook “gebruik zal maken van Twitterfeeds waarop overtreders te zien zijn.” De politie weigerde te reageren, tenzij The Post de volledige identiteit en adres van deze man zou onthullen.

“Zonder enige informatie om deze beschuldigingen te onderzoeken is er absoluut geen mogelijkheid om hierin te ontdekken of het zelfs maar gebeurd is of waar is, ‘zei woordvoerder J. Peter Donald.

Bronnen: NY Post

Debat: digitale dienstverlening politie

Wat kan de politie nog meer doen om de (digitale) dienstverlening te verbeteren? Op 31 mei jl. organiseerde de politie een strategisch debat aan de Uitleg in Den haag waar een studio werd opgebouwd die de uitzending live digitaal op het internet verzorgde. Hieronder een kijkje achter de schermen met politievloggers Jan-Willem & Tess, die betrokken waren bij de voorbereidingen:

TNO heeft samen met het ministerie VenJ en LMO een onderzoeks- en innovatieprogramma “Het Nieuwe Melden” waarin gekeken wordt naar toekomstige manieren van melden. Vandaag de dag is dat vaak nog telefonisch: 112 en 0900-8844 zijn de nummers waar burgers terecht kunnen als ze hulp willen inschakelen van de overheid. Er zijn meerdere redenen om naar nieuwe kanalen te kijken, Zo zijn er doelgroepen die niet of nauwelijks meer kunnen of willen bellen. Doven en slechthorenden is een voor de hand liggende groep die nu al om een 112 app vraagt, maar ook de nieuwe generatie belt steeds minder. Onderzoeken wijzen ook uit dat jongeren ook verwachten dat noodhulp verzoeken op social media worden gezien en opgevolgd. Facebook, Twitter Google en andere social media partijen werken daar zelf ook hard aan. Zo kun je met Twitter al noodberichten ontvangen van de politie (zie hieronder een screenshot van Metropolitan Police die het gebruikt), Facebook werkt onder andere samen met Amber Alert en Google heeft diverse succesvolle emergency response diensten?zoals de Person Finder.

Maar naast de nieuwe generatie en specifieke doelgroepen is er nog een andere reden om naar nieuwe kanalen te kijken. De aard van de meldingen gaat in de toekomst veranderen. Nu al zie je dat er een behoefte bestaat onder burgers om hulp van de overheid te vragen als ze slachtoffer zijn van ransomware (zoals WannaCry of de Blue Whale Challenge). Omdat er mensen zijn die zelfs zelfmoord plegen nalv ransomware als gedreigd wordt dat hun hele digitale hebben en houden online gaat als ze niet binnen een paar uur betalen, kun je wel spreken van een spoedje. Nu hoef je daar 112 niet voor te bellen. Maar ook het melden met data neemt toe. Steeds meer mensen hebben een internetding, een smartwatch bijvoorbeeld die een hartslag kan versturen. De meldkamers van vandaag de dag zijn nog niet klaar om die te ontvangen. Maar ook live beelden van een drone of ander apparaat dat opnames kan maken kan zeer waardevol zijn voor de meldkamer om een beter situationeel beeld te verkrijgen.

Ruim 4000 mensen hebben (delen van) de talkshow via politie.nl gevolgd. Op Twitter was de hashtag #incontact enige tijd trending topic.

Bekijk hieronder de hele video:

Digitale Dienstverlening from Politie on Vimeo.

Er waren 3 tafelrondes met de volgende tafelgasten:
1. Het Nieuwe Melden

2. Nieuw slachtofferschap

3. Cybercrime

De talkshow was de start van een nieuwe koers waarin we de ambitie hebben om sneller nieuwe vormen van digitale dienstverlening in te zetten om zo het contact tussen burgers en politie te verbeteren. Iedereen kan met?#incontact communiceren om deze ambitie blijvend waar te maken. Op Twitter zijn?volgers gevraagd een enqu?te in te vullen over de politievlogs en digitale dienstverlening. Dat heeft waardevolle informatie opgeleverd. De volgende tweet illustreert dat:

Bronnen: Politie.nl

Rellen voorspellen via Twitter?

Engelse onderzoekers van de universiteit in Cardiff schrijven in ACM Transactions on Internet Technology (maart 2017) over hun pogingen om op basis van tweets te voorspellen wanneer en waar er rellen uitbreken. Bij veel van die rellen is achteraf vaak gemakkelijk vast te stellen wat er allemaal op sociale media over gepost is, dat is allemaal te monitoren en bij te houden. Maar een ?end-to-end integrated event detection framework? om gebeurtenissen te detecteren, liefst ?mogelijk ontwrichtende??

De wetenschappers onderzochten vooral tweets voorafgaande aan de Londense rellen van augustus 2011 en concluderen op basis daarvan dat ?our system can perform as well as terrestrial sources, and even better in some cases?. Een veelbelovende uitspraak waar we meer over willen weten.

In de afgelopen jaren is er toegenomen interesse in het detecteren van gebeurtenissen met behulp van publiek toegankelijke gegevens (open source) op het internet, zoals Twitter, Facebook en YouTube. Het publiek plaatst op deze platformen?real-time reacties op gebeurtenissen in de ?echte wereld?, waardoor ze sociale sensoren worden van echte gebeurtenissen (met onder andere?’facts &?feelings‘). Automatisch te detecteren en categoriseren gebeurtenissen, zoals?kleinschalige incidenten, is een niet-triviale taak. Maar het is van zeer grote waarde voor diensten die de openbare veiligheid moeten bewaken, zoals de lokale politie.

Om dit verder te onderzoeken gebruikten de onderzoekers van Cardiff een?eventdetectie raamwerk dat vijf hoofdcomponenten omvat: het verzamelen van gegevens, pre-processing, classificatie, online clustering en samenvatten. De integratie van classificatie en clustering zorgt ervoor dat gebeurtenissen worden gedetecteerd en verwante (kleinere) incidenten die sociale veiligheid bedreigen of kunnen sociale orde verstoren groepeert. Ze evalueerden het concept met een verscheidenheid aan functies die werden afgeleid van Twitter-berichten, namelijk tijd, ruimte, en tekstuele inhoud. ?Ze gebruikten parameters die werden opgebouwd (zgn ground truth) op basis van inlichtingen van?de London Metropolitan Police, die een lijst had met daadwerkelijke gebeurtenissen en incidenten tijdens die rellen, en laten zien dat het systeem de gebeurtenissen op social media allemaal kan vinden, in sommige gevallen zelfs beter dan wat de politie had geregistreerd.

Het idee dat sociale media, zoals Twitter, de toekomst zouden kunnen voorspellen heeft een controversi?le voorgeschiedenis. In de afgelopen jaren hebben verschillende groepen beweerd dat ze alles kunnen voorspellen, vari?rend van de uitslag van de verkiezingen tot de omzet van?nieuwe films in de bioscoop. Er is dan ook zeker wat af te dingen op deze digitale glazen bollen. Daarom is het interessant te zien hoe dit nieuwe onderzoek stand houdt.

Ook onderzoeker?Nathan Kallus van het MIT, het?Massachusetts Institute of Technology, uit Cambridge claimt dat hij een manier heeft ontwikkeld om gedrag van het publiek bij bijeenkomsten kan?voorspellen met behulp van uitingen op Twitter. Hij heeft een analyse gedaan op de staatsgreep in Egypte uit?2013 en zegt dat de burgeroorlog in verband met dit evenement duidelijk voorspelbaar was.

Het is op zich logisch dat er indicatoren te vinden zijn op social media over toekomstig voorgenomen gedrag van menigten. Mensen plaatsen vaak hun plannen vooraf om te ontmoeten en hun acties?te co?rdineren met behulp van sociale media.?Het is eerder zaak de juiste indicatoren uit het grote publieksgedrag eruit te vissen.?Kallus zegt dat dit mogelijk is door eerst de tweets te vinden over?toekomstige gebeurtenissen en deze vervolgens te vergelijken met trendanalyses die daarmee samenhangen. “Het ontstaan van menigten kun je zien aankomen door?trends in social media gegevens,” zegt hij. Recorded Future, gevestigd in Cambridge, is het bedrijf dat dergelijke gegevens voor hem beschikbaar kon stellen. Zij zoeken in 300.000 verschillende online bronnen in zeven verschillende talen over de hele wereld.?Kallus gebruikte deze gegevens om?protesten te voorspellen. “We kwamen erachter dat de massale informatie een voorspeller kan zijn voor toekomstige protesten van?menigten,” zegt hij. Kallus definieert een belangrijk protest als iets dat veel meer media aandacht genereert dan normaal. Hij analyseert vervolgens de media aandacht?om te zien wanneer de?protesten eigenlijk plaatsvinden en zoekt naar Twitter activiteiten die voorafgegaan zijn aan die protesten. Zo zoekt hij?voorspellende indicatoren, om hiermee vervolgens te zoeken naar?soortgelijke activiteiten om te bezien of er voorspellende waarde vanuit kan gaan. Op deze manier ontstaat er een lerende machine die steeds betere voorspellingen kan doen.

Toch nuanceert hij in zijn onderzoek nog weinig. Want we zijn er natuurlijk nog lang niet met goede voorspellingen. Zo is het nu wel mogelijk gebleken om Twitter activiteit te correleren aan echte protesten, maar het is ook nodig om valse positieven uit te sluiten. Er kunnen significante Twitter trends zijn die niet leiden tot protesten.?Dan is er de vraag of tweets betrouwbaar zijn. Bij grote bewegingen met (inter)nationale gevolgen zien steeds meer propaganda, geruchten en ironie?in de berichtgeving. Hoe ga je om met deze toenemende ruis en volumes? Ook de vraag of de gegevens wel representatief zijn voor de gehele bevolking blijft in zijn onderzoek onbeantwoord. Tenslotte is er nog de?aard van de voorspelling. Mooi dat je voorspellingen kan doen met terugwerkende kracht, maar hoe blijf je voorspellen in het social media landschap dat continu aan verandering onderhevig is?

[slideshare id=75178359&doc=canwepredictariot-disruptiveeventdetectionusingtwitter-170419121908&type=d]

[slideshare id=31384853&doc=predictingcrowdbehaviorwithbigpublicdata-140219070751-phpapp01&type=d]

Bronnen: Charged Affairs, LinkedIn, ScienceMagazine,?Predicting Crowd Behavior with Big Public Data

FBI baas op social media gevonden

comey1

FBI-chef James Comey merkte onlangs voor de gein op dat hij wel degelijk op sociale media actief was. Hij had accounts op Twitter en Instagram, maar die waren exclusief voor familie en vrienden. ?I care deeply about privacy, treasure it. Nobody is getting in?, zei hij in persconferenties. ?I don?t want anybody looking at my photos?. Toch heeft Comey sinds kort enkele duizenden volgers. Omdat journalist Ashley Feinberg van techsite Gizmodo die accounts wist te ontdekken. Binnen vier uur. Mooi staaltje open source intelligence. Feinberg stuitte eerst op een Instagram-account van Comeys zoon Brien, stuurde een vriendschapsverzoek en ontdekte zo Brien’s andere volgers waaronder moeder Comey en een mysterieuze ?Reinhold Niebuhr?. Deze Niebuhr bleek een Amerikaanse theoloog, overleden in 1971, maar ook het onderwerp van Comeys proefschrift aan de universiteit. ?Reinhold Niebuhr? had ook een twitter-account: @projectexile7, niet geheel ontoevallig ook de naam van een programma om criminaliteit te bestrijden, mede-ontwikkeld door ? Comey. De account had ??n volger: een goede vriend van Comey. Noch Comey noch de FBI hebben op de ontdekking van de accounts gereageerd.

FBI baas

FBI

Bronnen: De Telegraaf, CopsinCyberspace, Telegraph

 

Trollen die epilepsieplaatjes sturen aangepakt

Een 29-jarige Amerikaan is opgepakt omdat hij een journalist via Twitter zou hebben mishandeld. Hij stuurde een journalist met epilepsie een knipperend bericht, wetende dat dat een aanval kon veroorzaken.

Newsweek-journalist Kurt Eichenwald kreeg het bericht vorig jaar december van @jew_goldstein die onder het pseudoniem (((Ari Goldstein))) actief was. Het knipperende gifje met ‘Je verdient een aanval voor je berichten’ veroorzaakte inderdaad een epileptisch insult waardoor Eichenwald stuiptrekkend op de grond viel. Hij bleef enkele dagen onwel en had nog weken moeite met spreken, aldus zijn advocaat.

De advocaat vergeleek het bericht met een aanslag. “Dit is niet anders dan dat je een bom of miltvuur via de post verstuurt.”

En natuurlijk worden daar door andere trollen weer grappen over gemaakt:

De verdachte werd afgelopen vrijdag opgepakt in Maryland. Hij bleek onderzoek te hebben gedaan naar epileptische aanvallen. Ook had hij met anderen gesprekken gevoerd over het bericht, zoals “laten we eens zien of hij sterft”.

Het motief van de dader wordt nog onderzocht. Mogelijk had de kritiek van Eichenwald op president Trump er iets mee te maken: de verdachte was op sociale media vaker zeer kritisch naar tegenstanders van Trump.

Unieke zaak

Juridische experts zeggen dat dit een unieke zaak is, omdat cyberstalking vaak draait om online bedreigingen, terwijl hier iemand fysiek is aangevallen. De verdachte kan 10 jaar cel krijgen.

Eichenwald kreeg meer knipperende berichten toegestuurd door tegenstanders. Volgens hem worden die allemaal door de FBI onderzocht.

In het verleden was Eichenwald open over zijn aandoening. Volgens de pati?ntenvereniging heeft ongeveer 4 procent van de Amerikanen last van een vorm van epilepsie. Het is zeldzaam dat een insult door?knipperende lichten kan worden opgewekt, zegt een woordvoerder.

Bronnen: NOS, SFist

Getagd voor het leven

youve-been-tagged

Wat zou jij er van vinden als je tijdens je werkt wordt gefilmd? En waarbij je (niet zeker) weet of een deel van de video online komt. Verschillende professionals hebben dit al eens meegemaakt. En, het lijkt steeds vaker te gebeuren. Wat is het effect van het opnemen en online plaatsen van beelden van publieke handelingen op sociale media, voor publieke professionals en organisaties? Het eerste verkennende studie over dit thema, uitgevoerd door Stichting Impact met mijn medewerking staat nu online. Deze verkenning biedt voldoende stof om over door te praten en voldoende onderwerpen om verder te (laten) onderzoeken. .

Een intrigerende vraag uit dit?onderzoek is de vraag: waarom doen mensen dit? Helaas is er (nog) geen onderzoek gedaan onder de filmers en diegene die het materiaal online plaatsen. De verschillende professionals geven vier motieven waarom mensen mogelijk filmen (en al dan niet plaatsen):Als een video online verschijnt dan is het proces dat volgt redelijk ongrijpbaar. Als het binnen korte tijd vaak gedeeld of geliked wordt, en al dan niet door andere (sociale) media wordt opgepikt, dan kan een olievlek ontstaan. Het is lastig om op dat moment de verspreiding in te perken. Het is moeilijk om een filmpje volledig van het internet te verwijderen, wanneer het zo vaak wordt gedeeld. Organisaties worden bij vergaande verspreiding van (video)materiaal gedwongen om te reageren. Want: of het nu waar is of niet, als organisatie moet je wel reageren als het breed is verspreid. Al was het maar voor diegene die op de video negatief wordt neergezet.

  • het uiting geven aan onmacht en frustratie.
  • het be?nvloeden van het proces van de organisatie (dossiervorming).
  • sensatiezucht (inclusief persoonlijk gewin).
  • verveling.

Het is essentieel om deze motivaties te weten, zodat passende reacties zijn te geven. Aanvullend onderzoek op filmers en plaatsers is zeer zeker nodig.

Vanuit persoonlijke ervaring weet een van de onderzoekers Roy Johannink dat een opvallend filmpje miljoenen views kan genereren. Dit kan de plaatser ? wat niet de filmer hoeft te zijn ? ook een bron van inkomsten betekenen. Het wegnemen van deze bron van inkomsten maakt het voor sommige plaatsers, denk aan de treitervloggers, al een stuk minder interessant om (video)materiaal online te plaatsen. Want: als je er geen geld mee verdiend, waarom zou je het dan nog doen?

Maar aan de hand van welke criteria bepalen we of een video al dan niet negatief is. Wat is de rol van YouTube ?n Facebook? Beide kunnen natuurlijk de advertenties weglaten rondom de video?s. Ze kunnen plaatsers ook (tijdelijk) blokkeren. Maar ze gaan dan ook zelf advertentie-inkomsten mislopen van dergelijke succesvolle video?s.

Het is dus allemaal niet zo eenvoudig. De problematiek en de oplossing(en) zijn complex. Dat maakt dit eerste onderzoek inzichtelijk. Er moet wel nog wat veranderen, dat is duidelijk. Alleen wat dan? Suggesties voor vervolgonderzoek en oplossingen zijn zeer welkom, reageer hieronder of laat je idee achter bij Roy Johannink.

Het onderzoek is hier te vinden: Getagd voor het leven; een verkennende studie naar de effecten op professionals van het filmen en online plaatsen van (beeld)materiaal van professioneel handelen, Jurriaan Jacobs, MSc Merel van Herpen, MA Dr. Hans te Brake mmv Drs. Roy Johannink MCDm, Stichting Impact Diemen, december 2016.

of lees het hieronder:

[slideshare id=72267052&doc=getagdvoorhetlevensocialemediaenweerbareprofessional-26-14871693771568867560-170217110954&type=d]

[slideshare id=78262205&doc=getagdvoorhetlevensocialemediaenweerbareprofessional-170726072049&type=d]

Bronnen: RoyJohannink

Schokkende beelden online delen

Burgemeester Arjen Gerritsen sprak er schande van en de politie deed een oproep om onmiddellijk te stoppen met het verspreiden van de schokkende beelden. Nadat de 16-jarige Chiel Meesters uit Almelo om het leven kwam, doordat hij met zijn fiets werd geschept door een auto, werden filmpjes en foto?s van het verkeersdrama via sociale media rondgestuurd.

De moeder van Chiel vindt het afschuwelijk dat de filmpjes en foto?s zijn verspreid: ?Als familie hebben wij echter geen enkele behoefte om te reageren op de vreselijke beelden die worden gedeeld van onze zoon en broer. Wij volgen het nieuws niet en sluiten ons bewust hiervoor af.?

?Ik heb de beelden niet gezien en wil ze ook beslist niet zien?, zegt een aangeslagen Merijn Ipskamp. Hij runt samen met Paulien Beunk InnerAll in Almelo, de dansschool waar Chiel al zijn halve leven danste. ?We hebben met onze leerlingen een groeps-app, maar gelukkig zijn de beelden hierop niet voorbijgekomen.?

Chiel was leerling aan Het Moza?ek, een school voor speciaal onderwijs. ?Chiel leerde misschien wat moeizamer, maar voor de rest was het een heel normale jongen. Nuchter en bescheiden?, zegt Ipskamp. ?Met gevoel voor vooral droge humor. Iemand die altijd goed in de groep lag.?

Het ongeval had plaats op een drukke kruising in de Almelose binnenstad en er waren nogal wat ooggetuigen, die meteen met hun mobieltjes foto?s en filmpjes maakten. De schok was groot toen in de loop van de avond bleek dat deze beelden via sociale media werden verspreid. ?Beelden waarop Chiel te zien was, liggend in een plas bloed?, aldus een verontwaardigde Almelose moeder, die de beelden ongevraagd kreeg toegestuurd. ?Afschuwelijk, uit respect voor de ouders heb ik ze meteen verwijderd.? Volgens de moeder kregen ook jonge kinderen van 12 en 13 jaar de beelden ongevraagd toegestuurd. Burgemeester Arjen Gerritsen sprak zijn afschuw erover uit en riep via Twitter iedereen op tot bezinning. ?Dat je die beelden maakt is al heel wat, maar als je ze dan ook nog verspreidt is ronduit smakeloos. Het zegt iets over het gebrek aan medeleven van de mensen die dit doen.?

De politie gaf ouders het advies om eventueel met hun geschrokken kinderen ter verwerking hier veel over te praten en desnoods slachtofferhulp in te schakelen.

Foto’s van zelfmoord

Of neem de foto’s?waarin te zien was hoe een?man bij het NS-station Driehuis In Noord-Holland voor de trein sprong. Scholieren die het voorval zagen maakten foto?s van het gruwelijke tafereel en zetten die op Twitter. De beelden gingen vervolgens rond, soms voorzien van ?grappig? commentaar. Onder degenen die de schokkende foto?s onder ogen kregen was ook de nietsvermoedende zoon van de dode man. Op Twitter ontstond een storm van verontwaardiging over de beelden.?De politie deed in allerijl een oproep om de foto?s te verwijderen: ?Gaat veel te ver!?

Hoe ver het werkelijk gaat, wist toen nog niemand. De politieagent die het gezin moest meedelen dat hun vader was overleden ontdekte dat pas later. Hij twitterde?op woensdag zijn relaas:

De nabestaanden van het slachtoffer dat om het leven is gekomen #driehuis mogen vertellen dat hun man en vader om het leven is gekomen.??zeer emotioneel. Zoon heeft de foto?s op internet gezien voordat hij wist dat het zijn vader betrof! Zeer heftig vandaar dus de oproep!

Op het station waren op het moment van het drama zo?n zeventig scholieren van het nabijgelegen Ichthus Lyceum aanwezig.

De?IJmuider Courant schrijft:

Meerdere scholieren zien de zelfmoord voor hun voeten gebeuren. Enkelen nemen er een foto van, plaatsen die op twitter. Terwijl deze vijftienjarigen op hun nabijgelegen school worden opgevangen door slachtofferhulp, opent heel twitterend Nederland het vuur op hen. Schelden hen de huid vol onder de noemer #respect.?Nadat de verguisde vijftienjarige twitteraars hun eerste verwerkingsgesprek met slachtofferhulp achter de rug hebben en hun mobieltje weer aanzetten, krijgen ze een vrachtwagenlading aan haat over zich heen. Van afzenders uit heel Nederland en verder.

Voor de scholieren die getuige waren is Slachtofferhulp ingeschakeld. Volgens de directeur hebben de tieners mogelijk in shock gehandeld. De scholieren hebben enorm veel spijt van het plaatsen van de foto?s. Sommigen hebben hun accounts verwijderd.

?We hebben deze technologie ontwikkeld zodat we van nu af aan alle persoonlijke, emotionele en rauwe manieren waarop mensen willen communiceren kunnen ondersteunen?, aldus Facebook-topman Zuckerberg. Facebook laat weten dat hun beleid ten opzichte van live streaming hetzelfde is als bij de andere content die gepost wordt en dat er 24 uur per dag een team klaar zit waaraan misstanden kunnen worden gerapporteerd. Het probleem is alleen dat Facebook pas in actie komt als er geklaagd wordt en dan is in het geval van een live event het kwaad vaak al geschied.
Live streaming in al zijn vormen is een trend die de komende tijd alleen maar groter gaat worden. Maar voor de problemen die dit met zich meebrengt, is voorlopig nog geen oplossing. Zowel Facebook als andere techgiganten als Google en Apple zeggen hard te werken aan beeldherkenningssoftware om verwerpelijke beelden in de toekomst te kunnen onderscheppen, maar het zal naar verwachting nog wel even duren voor dit succesvol kan worden ingezet. Er bestaan al algoritmes om op plaatjes en tekst te screenen, maar voor bewegende beelden, en dan met name livebeelden, is dat technologisch veel ingewikkelder.
Mediapsycholoog William Rice: ?Als je herhaaldelijk wordt blootgesteld aan media-content die in eerste instantie als schokkend wordt ervaren, kan dat na verloop van tijd juist zorgen voor afstompingseffecten: je vindt iets steeds minder heftig. Na verloop van tijd doet het je gewoon niet zo veel meer. In de psychologie wordt dit wel aangeduid als desensitization voor bepaalde stimuli. Ik wil niet zover gaan dat hierdoor bij iedereen de morele grenzen vervagen, maar bij sommige mensen wel, bijvoorbeeld bij copy cats.?
Toch is er misschien nog een positieve kant aan deze ontwikkeling. Omdat we niet meer kunnen wegkijken, worden we geconfronteerd met de harde realiteit en zien we dat er mensen doodgaan doordat ze al lange tijd depressief zijn en er vervolgens zelf een eind aan maken. Of we zien slachtoffers van extreem pestgedrag, die zelfmoord plegen. Misschien dat we hierdoor meer begrip krijgen voor onze medemens ?n misschien dat we meer in actie komen om mensen in nood te helpen daar waar mogelijk.
22-01-2017: Zelfdoding 14-jarig meisje Miami

Nakia Venant zond via Facebook uit hoe zij zichzelf van het leven beroofde in de badkamer van een weeshuis. Een kijker sloeg alarm, maar hulpdiensten kwamen ruimschoots te laat om haar te redden.

21-01-2017: Groepsverkrachting vrouw in Zweden

Zo?n 200 mensen keken in een besloten Facebookgroep naar de verkrachting van een Zweedse vrouw door drie mannen. Al snel werden de beelden ook buiten de beslotenheid van die groep gedeeld. Een van de kijkers alarmeerde de politie.

05-01-2017: Mishandeling 18-jarige jongen Chicago

In een halfuur durende live-uitzending was te zien hoe vier jongeren een verstandelijk beperkte jongen vastbinden, martelen en uitschelden. De video heeft geleid tot de arrestatie van de daders.

02-01-2017: Zelfdoding 12-jarig meisje Georgia

Na pesterijen op school en seksueel misbruik door een familielid, deelt Katelyn Nicole Davis haar zelfmoord in de tuin van haar ouderlijk huis met haar volgers. Het duurde twee weken voor de beelden van de wanhoopsdaad van Facebook waren verwijderd.

Of neem de casus bij het gezin Catsouras al meer dan 10 jaar geleden, dat een dochter verloor bij een auto-ongeluk en daar vervolgens gruwelijke foto?s van kreeg toegestuurd door internettrollen. In de documentaire Lo and Behold (Netflix) staan de overgebleven familieleden in de keuken achter een tafel vol gebak, terwijl de moeder met een doodserieus gezicht zegt dat ze het internet altijd al zag als ?de manifestatie van de Antichrist?.

Bronnen: De Telegraaf, EenVandaag, Wikipedia, AD, Joop, Grazia