Tagarchief: IS

Facebook bestrijdt terroristen met speciale eenheid

Op Facebook is er geen plek voor terroristen?. Het sociale netwerk licht tipje van de sluier op.?Rob Goossens en Silvan Schoonhoven gaven in De Telegraaf?een klein inkijkje:?

Facebook bestrijdt terroristen met een speciale eenheid. Het bedrijf heeft 150 mensen die zich alleen bezighouden met speuren naar terreurcontent op het platform. Facebook gaf een zeldzaam inkijkje. ?Voor terroristen willen wij een erg vijandige omgeving zijn.?

In twee schema?s is te zien hoe geheime diensten Facebookprofielen van jihadisten aan elkaar knopen. In het bovenste schema van een paar jaar geleden treden jihadisten nog open en bloot met foto en al naar buiten. Toen gooide IS het beleid om en kozen jihadi?s voor anonieme lege profielen (onder). The Interdisciplinary Cyber Rese

?Succes met de strijd in Raqqah?, wenst een Facebookvriend zijn Nederlandse broeder Marouane B. toe. ?Moge Allah je bijstaan.? Marouane maakt op zijn Facebookpagina geen geheim van het feit dat hij in Syri? aan het strijden is met foto?s van triomfantelijke mannen met zwarte banden om en de tekst ?Roestige wapens? We lopen nog steeds met de mode mee!?.

De pagina van de Arnhemse ex-rapper en jihadist B., tegen wie nu een rechtszaak loopt, verdwijnt af en toe en verschijnt dan onder een iets andere naam opnieuw online. Maar vertel Monika Bickert, directeur Global Policy Management van Facebook, niet dat het bedrijf niet actief aan terrorismebestrijding doet.

Bickert: ?Mensen vragen ons: zitten jullie te wachten totdat mensen een account rapporteren? Natuurlijk niet! We hebben 150 mensen in dienst die zich op terrorismebestrijding richten en zij beheersen dertig verschillende talen.?

Facebook gebruikt algoritmes om te herkennen of pagina?s gelijkenissen vertonen met eerder verwijderde pagina?s. Daarbij kijkt het niet alleen naar de inhoud, maar ook naar de mensen die een pagina leuk vinden.

?De opvattingen van Facebook zijn altijd helder geweest?, stelt Bickert. ?Het is onze eerste prioriteit om terroristische content te verwijderen. In de meeste gevallen slagen we erin om pagina?s al te verwijderen voordat ze door gebruikers zijn gerapporteerd.?

Rapporteren

Feilloos is het systeem niet, zo bewijst het voorbeeld van Marouane. Het blijft dan ook belangrijk dat gebruikers tevens blijven opletten. Bickert: ?Als we een rapportering binnenkrijgen op basis van terrorisme, dan heeft die prioriteit.?

Ook de context van foto?s en video?s blijft een lastig aspect. Voor mensen is het vaak duidelijk wat de intentie is als iemand een foto of bericht met een bepaalde lading plaatst. Maar algoritmes komen daar niet altijd uit.

Bickert: ?Als we bijvoorbeeld kinderporno detecteren, wordt die altijd verwijderd. Er is simpelweg geen goede reden om die te delen. Maar een IS-vlag kan ook boven een nieuwsartikel staan. In dat laatste geval zullen we de afbeelding natuurlijk niet verwijderen.?

Ondergronds

Volgens de Isra?lische cyberjihadexpert Daniel Cohen van het International Center of Security Studies werpt de aanpak van Facebook vruchten af. IS heeft het roer sinds enige tijd volledig omgegooid en sindsdien wordt ervoor gezorgd dat strijders zoveel mogelijk offline blijven. ?Op een gegeven moment zagen we dat ze allemaal ondergronds gingen?, stelt Cohen. ?Ze realiseerden zich dat de informatie werd gebruikt en dat er in Europa online bewijs tegen hen werd verzameld.?

Dat is anders geweest, vertelt hij. ?Die lui worden tegenwoordig opgeleid in online anonimiteit. Toen strijders net begonnen terug te keren uit Syri? was het makkelijk om hun online-sporen te vinden. Ze plaatsen gewoon foto?s met afgehakte hoofden en selfies op het slagveld.?

?Het beroemdste voorbeeld is de ?Kiwi Jihadi? uit Nieuw-Zeeland. Hij zette de hele dag door van alles op sociale media met de co?rdinaten erbij. Een prima informatiebron voor de diensten dus. Zijn schuilplaatsen werden voortdurend gebombardeerd. Inmiddels keren de jihadisten zich af van de traditionele sociale media zoals Facebook. Ze durven ook minder WhatsApp te gebruiken, omdat dat van Facebook is. Berichtendienst Telegram zit veel minder fanatiek achter jihadisten aan.?

Als het bedrijf naar aanleiding van een melding vermoedens heeft dat een gebruiker gevaarlijke plannen heeft, kan het de autoriteiten inschakelen. Denk bijvoorbeeld aan iemand die in een video op Facebook zegt een bom te gaan plaatsen. Dat betekent niet dat het bedrijf toegang geeft tot berichten die via WhatsApp en Messenger worden verstuurd, twee chatdiensten van het bedrijf. Bickert: ?Omdat die berichten versleuteld worden verstuurd, heeft Facebook geen toegang tot de inhoud. Maar dat betekent niet dat we niets kunnen doen. Soms krijgen we bijvoorbeeld de vraag of een account bestaat. Daar kunnen we antwoord op geven.?

En wat nou als inlichtingendiensten willen weten met wie iemand contact heeft? ?We hebben een proces voor noodoproepen?, vertelt ze. ?Elk verzoek gaat naar onze juristen en wordt daar gewogen.?

Maar de vraag over de contacten van jihadisten, die blijft onbeantwoord. Waarmee weer duidelijk wordt: Facebook wil graag uitleggen wat het doet tegen terrorisme, maar het blijft een gevoelig onderwerp.

Bronnen: De Telegraaf

Airwars

Airwars is een onderzoekscollectief bestaande uit journalisten, mensenrechtenactivisten en vluchtelingen. Airwars doet onderzoek naar luchtaanvallen uitgevoerd in Syri?, Irak en Libi?. Wegens een gebrek aan transparantie van alle partijen in deze conflictgebieden, doet dit elfkoppige team z?lf onderzoek naar exacte locaties en data van luchtaanvallen. Belangrijker nog; de burgerslachtoffers die hierbij vallen.

Deze worden namelijk vaak ‘over het hoofd gezien’. Zo claimt de Amerikaanse overheid – die aan hoofd staat van de Internationale Coalitie tegen IS – slechts twintig burgerdoden op haar geweten te hebben door bombardementen in 2015. Hoewel het lastig blijft om de exacte data te achterhalen, schat Airwars het aantal burgerslachtoffers in de honderden. De organisatie neemt ook luchtaanvallen van de Russische en Syrische regeringen onder de loep, die volgens bronnen van Airwars vaak met opzet?op burgers gericht zijn.

Fragment ‘Airwars’ uit digitale burgerdetectives van de VPRO:

Maar hoe komt Airwars aan haar informatie?

Het collectief maakt gebruik van een grote verscheidenheid aan bronnen: internationale, lokale en landelijke media worden in de gaten gehouden, samen met berichten op Facebook en Twitter. Ook YouTube en Google Maps worden gebruikt om een zo compleet mogelijk beeld te schetsen van gebeurtenissen. Soms wordt zelfs propagandamateriaal van IS aangehaald als bewijs, maar dan wordt dat wel als zodoende bestempeld. Omdat niet elke bron even betrouwbaar is, maakt Airwars gebruik van een?beoordelingssysteem. Dit, in combinatie met de brede vari?teit aan bronnen, heeft ertoe geleid dat Airwars gezien wordt als een van de meest betrouwbare bronnen voor westerse media, als het om de oorlogen in Syri? en Irak gaat.

Bronnen: Airwars, VPRO

Aanslagen van deze zomer en de rol van social media

machete

Als al die aanslagen, schietpartijen en massamoorden van de laatste tijd iets gemeen hebben, dan is het wel dat er in social media ongelooflijk veel te vinden was over daders en slachtoffers.

Het blijft fascinerend te zien hoe op Twitter, Facebook en ?andere netwerken van alles rondgaat: foto?s, filmpjes ? niets blijft geheim. Of het allemaal klopt, is iets anders maar feit is wel dat we bij alles kunnen ?meekijken?. En dus zien we, bijvoorbeeld via Twitter, zowel de Syrische?asielzoeker die in Reutlingen een vrouw neerstak, als de machete?waarmee hij dat deed.

Two selfies have been released to French tv from prosecutors in Paris. Nice attack

Two selfies have been released to French tv from prosecutors in Paris, taken from the same lorry as the Nice attack.

En we?lezen op zijn Facebookpagina dat Mohamed Bouhlel, die met een vrachtwagen in Nice meer dan tachtig mensen doodde, IS-aanhanger werd, naar onthoofdingsfilmpjes keek, online zocht naar informatie over andere aanslagen en al sinds een jaar bezig was met zijn terreurdaad.

Munich-Facebook-post-main

Door internetdata?weten we ook (vrijwel) alles over Ali David Sonboly die in M?nchen negen mensen doodde bij een McDonald’s. Dat hij werd gepest op school, zich uitleefde in gewelddadige videospelletjes en ?n die games veel chatte over eerdere schietpartijen. Dat hij andere?school shooters?verheerlijkte, online informatie zocht over Breivik ?n dat hij ?op een donkere afdeling van het internet? de Glock-17?wist te kopen waarmee hij zijn actie uitvoerde. En dat hij zijn slachtoffers naar de McDonald’s lokte via Facebook: onder het alias ?Selina Akim? plaatste Sonboly het bericht dat daar gratis eten werd uitgedeeld. ?Kommt heute um 16 Uhr Meggi am OEZ ich spendiere euch was wenn ihr wollt?.

gavin-long-gun

Maar we weten ook veel over Gavin Long, de ex-marinier die in Baton Rouge, VS drie agenten doodschoot. Op sociale media schreef?Long dat ?terugvechten de enige manier is om een bullebak te stoppen?, dat hij al maandenlang boos was over de discriminatie van zwarte Amerikanen en dat hij zich online presenteerde als ?spiritueel adviseur?. Dat hij onder het alias Cosmo Setepenra allerlei filmpjes online zette waarin hij zich onder meer Arabieren en Indi?rs die ?geen fuck? zouden geven om het lot van zwarte Amerikanen. En weten we dat een van de door Long gedode agenten, Montrell Jackson, vlak voor zijn dood op Facebook schreef dat hij moe en teleurgesteld was als hij aan het werk was.

Ondertussen waarschuwde de politie van M?nchen iedereen toch vooral te stoppen met het online verspreiden van beelden van slachtoffers. ?Stop daar mee?, in hoofdletters, in twee talen. De tweet was vooral gericht aan de omstanders die op die bewuste vrijdagavond ?gretig en direct? foto?s en video?s verstuurden vanaf de plaats delict. Het korps adviseerde deze beelden te uploaden naar een speciale politiesite.

De actie was voor hoogleraar Henri Beunders (Erasmus Universiteit) aanleiding te pleiten voor een verbod op het direct openbaar uploaden van zulke beelden. ?Toen de Charlie Hebdo-schutters uit Parijs en hun medeplichtige in de joodse supermarkt waren omsingeld, konden ze via internet precies zien wat de politie op dat moment aan het doen was?, zegt Beunders die opmerkt dat ?we? nog steeds niet goed gewend zijn aan wat we wel en niet online moeten zetten. ?Het uploaden van sommige beelden is gewoon veel gevaarlijker dan men denkt?.

steiger

Ook privacy speelt hier een rol.?Iets langer geleden zagen we ook al hoe een verwarde man van het dak van een brandend pand in Amsterdam afsprong en verscheen er vorige week nog een video waarin iemand vanaf een (ander) dak ruziet met een omwonende. ?Het online zetten van die video geeft een beeld van de dader, maar de dader weet dan ook dat de politie weet waar hij is?. Volgens Beunders moet het OM een proefproces gaan voeren. ?Dat klinkt misschien hard, maar het zijn ook barre tijden?.

Bronnen:?CopsinCyberspace, AD

De coupplegers gebruikten Whatsapp, terroristen gebruiken Telegram

telegram-isis

Aanslag op kerk lang tevoren gepland via Telegram

Al op 19 juli kondigde terrorist Adel Kermiche via een geluidsopname aan gelijkgestemden aan dat hij ?in een kerk kelen zou gaan doorsnijden?. Gisteren werd ook zijn medeplichtige ge?dentificeerd. Ook hij stond op de radar van de Franse veiligheidsdiensten.

Volgens L?Express, dat bronnen binnen het onderzoek citeert, zijn de geluidsopnames authentiek. Een ?canap?jihadist? noemden sommige van Kermiches contacten hem de voorbije maanden smalend in een reeks berichten op Telegram. Omdat hij volgens hen alleen maar praatte.

Mysterieus bericht

Maar Kermiche ging toch over tot de daad. Op 25 juli, de dag voor hij zijn aanslag zou plegen, schakelde hij een versnelling hoger. Hij verspreidde nog twee andere geluidsopnames waarin hij zei dat ?er grote dingen? zaten aan te komen. Aan zijn contacten op Telegram vroeg Kermiche zijn priv?pagina te volgen en te delen. ?Ik zal jullie drie of vier minuten op voorhand informeren. En als het gebeurt, moeten jullie het snel delen.?

De dag waarop pastoor Jacques Hamel de keel werd doorgesneden, om halfnegen ?s ochtends, verspreidde Kermiche nog een mysterieus bericht: ?Laad op wat er binnenkort gaat aankomen en verspreid het massaal.?

Om 9.25 uur drongen Kermiche en Abdel Malik Petijean (19) de kerk binnen. Ze filmden hun gruweldaden, maar alles wijst erop dat ze er niet in geslaagd zijn de beelden te verspreiden. VolgensL?Express slaagde Kermiche er om 9.46 uur nog een laatste keer in verbinding met het internet te maken, maar hij postte om onbekende reden niets. Kort nadien werden hij en Petitjean neergeschoten door de politie.

Sharia4Belgium inspireert

Adel Kermiche was al maanden bezig met berichten posten op ?Telegram. Hij vertelde zijn contacten dat hij in Rouen bezig was een groep rond zich te verzamelen naar het model van Sharia4Belgium. Hij zei dat hij een vergadering zou houden in de lokale moskee van Saint-Etienne-du-Rouvray, waar hij naar eigen zeggen cursussen gaf. Dat laatste klopt niet. Kermiche kwam niet in de lokale moskee.

Kermiche vertelde nog meer onwaarheden op Telegram. Zo zei hij dat hij makkelijk vuurwapens kon bemachtigen en dat hij daar zijn aanslag mee zou plegen. Maar hij is nooit aan vuurwapens geraakt. Over andere zaken zei hij wel de waarheid. Zo vertelde hij dat hij verkoos om in eigen land een aanslag te plegen in plaats van te emigreren naar Syri?. Hij achtte de kans te groot dat hij aan de grens zou worden tegengehouden, nadat hij er al twee keer was aangehouden en naar de gevangenis moest. Het idee om een aanslag te plegen, kreeg Kermiche naar ?eigen zeggen van een medegevangene, die hij ?de sjeik? noemde.

kerk

Laat geinformeerd?door Turkije

De tweede dader van de aanslag in Saint-Etienne-du-Rouvray werd pas gisterochtend officieel ge?dentificeerd als Abdel Malik ?Petitjean. Hij komt uit Saint-Di? in de Vogezen, maar woonde de laatste jaren bij zijn moeder in Aix-les-Bains. Petitjean kwam vorige maand in het vizier van de Franse veiligheidsdiensten. Op 10 juni werd hij in Turkije tegengehouden door de autoriteiten terwijl hij onderweg was naar ?Syri?. Turkije stuurde Petitjean terug, maar informeerde?Frankrijk pas veertien dagen later. Sinds 29 juni had Petitjean een zogenaamde fiche S, maar hij bleef spoorloos.

Vorig weekend kregen de Franse veiligheidsdiensten van een niet nader genoemde bevriende buitenlandse dienst een foto doorgespeeld van een man die ?ergens? in het land een aanslag wilde plegen. Maar de Franse diensten slaagden er niet in de man op de foto te identificeren. Ze hadden zelf geen foto van Petitjean.

Pas na de aanslag in de kerk bleek dat de man op de foto niemand minder dan Abdel Malik Petitjean was. Hoe Petitjean en Kermich elkaar leerden kennen, moet het onderzoek uitwijzen.

? Ik zal jullie drie of vier minuten op voorhand informeren. En als het gebeurt, moeten jullie het snel delen?
Bronnen: De Standaard

Bommen, granaten en terroristen die katten aaien

bommen

Woorden en beelden zijn soms net zo krachtig als bommenwerpers. De strijd van overheden tegen de IS is daarom deels een communicatiewedloop. De technologische ontwikkelingen gaan snel. Hoe zorgen we ervoor dat we niet achterop raken?

Een mollige peuter richt trots een machinegeweer op ons, een kleuter onthoofdt haar knuffel en een tienjarig kind liquideert een militair: de beelden uit de Islamitische Staat missen hun doel nooit. Verspreid via social media zijn ze vaak minstens zo krachtig als vuurwapens. Ze nestelen zich in de hoofden van vriend en vijand om daar hun manipulerende, motiverende, of juist ontmoedigende werk te doen.

is cats

Een belangrijk verschil tussen de terroristen van Al Qaeda en van IS is dat de laatsten ?digital natives? zijn en de kracht van social media beter begrijpen. Of ze nu angst zaaien met afgehakte hoofden, of empathie oogsten met sympathieke strijders die katten aaien: de ?storytellers? van de IS doen niet onder voor de marketingstrategen van een multinational. Een goede ?internetstrijder? oogst bij IS dan ook evenveel waardering als een ervaren sluipschutter.

?de ?storytellers? van de IS doen niet onder voor de marketingstrategen van een multinational?

Social bots

Social media als Facebook en Twitter zijn voor terroristen belangrijke platformen om jongeren die vatbaar zijn voor radicale idee?n te manipuleren met eenzijdige informatie. Steeds vaker gebeurt dit met accounts die niet door mensen, maar door machines worden bestierd. Het betreft ?social bots?: computerprogramma?s, ontworpen om te communiceren met mensen.

Ze maken grootschalige manipulatie via social media veel gemakkelijker. De sociale platformen zouden een grotere rol kunnen spelen om radicalisering tegen te gaan, maar doen dit slechts mondjesmaat. Wel heeft de Europese Commissie onlangs met Microsoft, Facebook, YouTube en Twitter afgesproken dat haatzaaiende inhoud binnen 24 uur verwijderd wordt, mits burgers er melding van maken.

Ook gesloten platformen spelen een steeds grotere rol in de informatiewedloop tussen de IS en westerse overheden. Versleutelde apps als Signal of WhatsApp maken het mogelijk te communiceren buiten het zicht van informatiediensten. Games die onder jongeren populair zijn, zoals Grand Theft Auto (een spel waarin je agenten kunt aanrijden), bieden de IS de mogelijkheid om in besloten kring precies de juiste doelgroep aan te spreken. En het Dark Web, een versleuteld deel van internet, wordt onder meer gebruikt om ongezien aan uitreisdocumenten te komen en anoniem geld te storten aan het kalifaat.

Van wetenschap tot wapen

Veel goedbedoelde nieuwe-mediatechnologie?n veranderen in wapentuig, zodra misdadigers ze in handen krijgen. Dit zijn drie actuele voorbeelden.

Social Bots

Alan Turing ontwikkelde in 1950 de Turing test, die test of een machine te onderscheiden is van een mens. Sindsdien hebben wetenschappers grote stappen gezet in de ontwikkeling van computerprogramma?s die overtuigend communiceren met mensen. Social bots, gebruikt door zowel commerci?le bedrijven als misdadigers, komen hier uit voort. Bedrijven als Microsoft, Google en Amazon investeren miljarden in zelflerende varianten die steeds intelligenter worden.

Dark Web

Drugs, wapenhandel, kinderporno en identiteitsvervalsing: het dark web biedt alles wat het daglicht schuwt. Het is toegankelijk met speciale, door iedereen te downloaden software en gebruikers kunnen er anoniem doen wat ze goeddunkt. Het dark web is onderdeel van het ?deep web?, ooit begonnen als een internetvariant waar de Amerikaanse marine kon overleggen zonder pottenkijkers. Inmiddels maken ook terroristische organisaties als IS er dankbaar gebruik van.

Virtual reality

Technieken om de werkelijkheid te simuleren met behulp van software en eventueel een soort bril werden aanvankelijk vooral gebruikt voor het trainen van piloten, artsen en militairen. Vanaf de jaren negentig ging de gamingindustrie ermee aan de haal. De Oculus Rift is het meest actuele middel waarmee gebruikers zich in een andere context kunnen wanen. Experts vrezen dat terroristen dit soort apparatuur zullen inzetten voor het trainen van strijders. IS gebruikt oorlogsgames en gamification in hun uitingen nu al om strijders te recruteren.

Rol van de overheid

De overheid is zich bewust van de grote rol die deze technologie?n spelen in radicaliseringsprocessen. Gezien de snelle technologische ontwikkelingen op het gebied van versleuteling en kunstmatige intelligentie zal deze rol steeds groter worden.

Inlichtingendiensten, politie en politici missen echter zowel de expertise als wettelijke ruimte om in te grijpen. Goed bedoelde, Hollywoodachtige filmpjes met een alternatief verhaal vallen in het niets bij de enorme stroom ?reality TV? van IS. Twitterende politici missen de autoriteit om online serieuze invloed te hebben. Voor elke site die uit de lucht wordt gehaald, verschijnen tien nieuwe. En de inzet van afluistertechnologie?n en censuur door de overheid stuit op maatschappelijke en juridische weerstand.

TNO volgt deze ontwikkelingen nauwgezet en zoekt met overheden en private partijen naar best practices en maatregelen. Hoewel eenvoudige oplossingen niet voor het grijpen zijn, denkt TNO dat burgers een veel grotere rol kunnen spelen bij het produceren van tegengeluiden. En ouders, politie en scholen zouden zich actiever moeten bemoeien met het internetgedrag van jongeren om radicalisering op tijd te onderkennen.

De technologische ontwikkelingen gaan snel. Om niet achterop te raken, moet de overheid investeren in kennis en expertise op het gebied van nieuwe media, versleuteling en kunstmatige intelligentie. Alleen als overheid, industrie en kenniscentra als TNO op dit gebied samenwerken, kan Nederland terroristen in deze communicatiewedloop de pas afsnijden.

Dit artikel is gebaseerd op een gesprek met Arnout de Vries van TNO.

Bronnen: TNO Time

Diaspora

diaspora

Een?diaspora?(uit het Grieks, verspreiding) betekent een?verspreide bevolking met een gemeenschappelijke oorsprong. De beweging van een bevolking vanuit het oorspronkelijke thuisland. Diaspora werd ooit als woord gebruikt om massale, vaak gedwongen, verspreidingen van volkeren te duiden, zoals?de verdrijving van de Joden, de vluchtende Grieken na de val van Constantinopel of de de Afrikaanse trans-Atlantische slavenhandel.

Het modernere social media platform Diaspora?verbind om die reden ook graag diverse groepen, met digitale knooppunten (zogenaamde “pods”), die deel uitmaken van het gedistribueerde Diaspora netwerk.

Dat IS-strijders en -sympathisanten gebruik maken van sociale media, is al langer bekend. Maar IS-aanhangers die van Twitter of YouTube gegooid worden,?stappen over?naar decentrale netwerken als?Diaspora, dat werkt met ?podmins? (knooppunt-beheerders). ?It would be bizarre to imagine that just because Facebook or Twitter was slightly more difficult for them to use, they would stop communicating with each other or spreading their message?, aldus Jamie Bartlett, die onlangs The Dark Net schreef over ?hidden online communities?. Op een IS-forum is zelfs een plan te vinden waarin beschreven wordt hoe te handelen als bepaalde accounts geschorst of stopgezet worden.

Bronnen: CopsInCyberspace, Wikipedia, Diaspora