Tagarchief: mens

Beeld in de meldkamer is mensenwerk

Meldingen naar 112 worden nu nog telefonisch gedaan. Maar meldkamers verwachten dat burgers en bedrijven steeds vaker beeld zullen willen sturen. Uit de eerste experimenten blijkt echter dat het gebruik van foto’s en video’s in de meldkamer minder vanzelfsprekend is dan het lijkt.

Door Jonathan Barnhoorn, Marc Menkhorst, Caroline Schilder, Kees van Dongen

We leven in een beeldcultuur. Volgens Facebook worden er per minuut 200.000 foto’s op de site gezet. Samen kijken we een miljard uur per dag video op YouTube. Elke seconde maken 50.000 mensen een foto met hun telefoon. Nederland, waar 93 procent van de inwoners een smartphone heeft, loopt in deze trend wereldwijd voorop. Vooral voor jongeren is de beeldcultuur een feit: 63 procent zegt foto’s en video’s over zichzelf te delen met anderen. Maar vlak ook ouderen niet uit. 9 van de 10 Nederlandse 55-plussers lopen met een smartphone op zak, en 34 procent is volgens het CBS actief op sociale media.

Beelden in de meldkamer

Die maatschappelijke ontwikkeling raakt ook aan veiligheidsprocessen, zoals handhaving, opsporing en hulpverlening. Burgers zetten zelfgenomen beelden van inbraken, ongelukken en (vermeende) daders op internet. Een buurtgroep wil met eigen foto’s en video’s de politie ondersteunen.

Het ligt voor de hand dat door burgers gemaakte beelden ook in toenemende mate gebruikt gaan worden in de meldkamers van 112. Op dit moment is dat nog niet goed mogelijk. Zo zijn de systemen van de centralisten nog niet ingericht op het weergeven en opslaan van foto’s en video’s die burgers sturen. De meldkamers staan echter wel open voor het gebruik hiervan. Ook de samenleving verwacht in toenemende mate dat zelfgemaakte digitale foto’s en video’s de telefonische melding kunnen ondersteunen.

Maar wat is het effect van foto, video en live-beeld in de meldkamer op het 112-intakeproces? En op de 112-centralist? Dat onderzocht TNO in samenwerking met het ministerie van Justitie en Veiligheid en de Landelijke Meldkamer Samenwerking. Er zijn 2 verkennende experimenten gedaan met 12 centralisten van de Meldkamers Noord-Nederland en Noord-Holland. Zij waren werkzaam in de ambulancezorg, bij de brandweer en bij de politie. Een derde experiment, dat onder andere zou gaan over het effect van de kwaliteit van het aangeboden beeld, moet nog worden uitgevoerd.

Niet sneller en niet per se beter

Het eerste experiment ging om de vraag wat het effect was van foto, video en ‘live’-beeld op de snelheid van het intakeproces en de volledigheid en juistheid van de vergaarde informatie. De deelnemende centralisten werden onder meer geconfronteerd met een door een acteur gedane melding van bijvoorbeeld huiselijk geweld, een persoon te water of een uitslaande brand. In totaal werd gebruikgemaakt van 8 veel voorkomende duidelijke meldingen. De resultaten van dit experiment zijn afgezet tegen een eerder onderzoek met dezelfde meldingen maar dan zonder beeld. Omdat destijds de meldingen alleen verzoeken om noodhulp en zorg betroffen, kon voor dit onderzoek alleen dit type meldingen worden gebruikt.

En wat bleek? De afhandeling van een melding met beeld duurde gemiddeld langer dan een melding zonder beeld. En gemiddeld werd geen kwaliteitsverbetering in de vergaarde informatie waargenomen; eerder een marginale afname. Vooral bij de melding met een live-beeld was er sprake van een (gering) negatief effect. Een interessante waarneming was dat beelden zekerheid, maar ook onzekerheid kunnen veroorzaken bij de centralist. Dit laatste is het geval als beeld en mondelinge melding niet overeen lijken te komen.

Meerwaarde van het beeld

Toch zagen de deelnemende centralisten meerwaarde in het gebruik van beeld. Na afloop was 80 procent positief. Vóór het experiment was dat 25 tot 30 procent. De centralisten gaven achteraf aan dat burgerbeelden de melding kunnen verduidelijken, met name bij gebruik van jargon of bijvoorbeeld bij een taalbarrière. Ook in het geval van een zeer emotionele beller, die bijvoorbeeld geen vragen kan of wil beantwoorden, voegde beeld iets toe. Verder droegen beelden bij om een situatie van een ongeval of stadium van een brand beter te beoordelen. Een ander voordeel, zo vonden centralisten, was dat zij veronderstelden te kunnen zien of instructies daadwerkelijk werden opgevolgd door de melder. Livebeelden genoten de voorkeur, omdat deze de meest actuele beelden gaven en als betrouwbaarder gezien werden.

Impact van beeld

Dat burgers foto’s en video’s maken bij ongevallen, is niet onomstreden. Aan de andere kant kunnen beelden, wanneer die worden gedeeld met de 112-meldkamer, bijdragen aan een beter inzicht in de situatie. Wel kunnen beelden van ongevallen of misdrijven heftige emoties oproepen.

Om te onderzoeken wat de impact van beeld is op centralisten deed TNO een tweede experiment. De 22 eerder genoemde centralisten voerden een gesimuleerde meldkamertaak uit. Tijdens het verwerken van de informatie van de melding werd geen foto, een neutrale foto (zoals een auto) of een heftige foto (zoals een verwonding) getoond.

Emotioneel en mentaal belastend

Om meldingen waarbij foto’s werden getoond te verwerken moesten centralisten meer mentale inspanning leveren dan bij meldingen waarbij geen foto’s werden getoond. Heftige foto’s leidden niet tot meer inspanning dan neutrale foto’s. De emotionele belasting is gemeten met vragenlijsten tijdens het experiment en bevraagd in een interview na afloop. De vragenlijsten lieten geen effect van foto’s op emotionele belasting zien, in de interviews gaven centralisten wel duidelijk aan dat ze verwachten dat heftige beelden in de toekomst belastend kunnen zijn voor henzelf of voor collega’s. Ook vertelden centralisten in de interviews dat de beelden in het experiment ervoor zorgden dat het moeilijker was om de aandacht te verdelen. Dit sluit aan op het resultaat uit het eerste experiment dat centralisten gemiddeld minder volledig waren bij het vergaren van de informatie. Zowel met heftige als met neutrale beelden werden meer auditieve informatie-elementen gemist dan zonder beelden. Bij heftige beelden werd meer gemist dan bij neutrale beelden. Reflecterend vonden centralisten de getoonde foto’s over het algemeen nuttig en zien ze het nut van beelden voor de meldkamer van de toekomst. Ze hielpen om prioriteit en behoefte in te schatten bij een melding.

Toegevoegde waarde

Uit de eerste experimenten blijkt dat beeldmateriaal als ondersteuning van telefonische meldingen niet zonder meer tot kwaliteitsverbetering zal leiden. De grootste toegevoegde waarde van beeld bij het duiden van een melding door de centralist lijkt er te zijn in situaties waarbij de melding of melder onduidelijk is, of de centralist onzeker is over de toestand ter plaatse. De juistheid van deze veronderstelling vraagt om aanvullend onderzoek. Dit staat overigens nog los van de waarde die het beeld verder in de keten kan hebben voor het opbouwen van een informatiepositie op de meldkamer en de opvolging, zoals bijvoorbeeld de waarde voor de opsporing.

Verder blijkt dat beelden zorgen voor extra mentale en emotionele belasting van de centralist. Centralisten geven aan dat ze behoefte hebben aan eigen regie over het bekijken van eventueel beeldmateriaal. Dit kan echter leiden tot keuzestress en dilemma’s. Zij moeten een afweging maken tussen enerzijds het goed uitvoeren van de functie en dus alle beelden uitkijken en anderzijds zichzelf beschermen tegen (te) veel emotionele belasting.

Vaardigheden van de centralist

Het toevoegen van beeld aan het meldproces vraagt daarom niet alleen om technische en analytische skills van de centralist, maar ook typevaardigheid (blind kunnen typen) en het vermogen om te gaan met emotionele stimuli en stress. Hier zal bij de selectie, training en opleiding van personeel rekening mee moeten worden gehouden.

Het gebruik van beeld in de meldkamer zal sterk toenemen. Dit past bij de maatschappelijke trend, waarbij foto’s en video’s steeds nadrukkelijker aanwezig zijn. Initiatieven om beeld in de meldkamer te brengen en te beproeven worden daarom aangemoedigd. De impact van beeld op de centralist mag daarbij niet uit het oog worden verloren. Dit vraagt om zorgvuldig beleid en betrokkenheid van mensen met een achtergrond in het personeelsbeleid en de psychologie. Om het beleid te kunnen formuleren is bovendien meer onderzoek nodig. Bijvoorbeeld naar het effect van de verschillende manieren waarmee beeld het beste aan de centralist kan worden aangeboden.

Onderzoek

Lees ook: J.S. Barnhoorn en C.J.G. Van Dongen (2019) De impact van beeld in 112 meldkamers op de centralist (TNO rapport R10211) en M. Menkhorst en C.M.C. Schilder (2019) Effect van beeld op het 1-1-2 intake proces (TNO rapport R11729). Of lees hieronder de rapporten:

Samenvatting:

[slideshare id=143053720&doc=tno-2019-m10233-190501071611&type=d]

De impact van beeld in 112 meldkamers op de centralist

[slideshare id=143053568&doc=tno-2019-r10211-190501071323&type=d]

Effect van beeld op het 1-1-2 intake proces

[slideshare id=143053619&doc=tno-2018-r11729-190501071426&type=d]

Jonathan Barnhoorn, Marc Menkhorst, Caroline Schilder en Kees van Dongen zijn werkzaam bij TNO. Jonathan Barnhoorn is bereikbaar voor vragen en discussies via e-mail: [email protected]

Bron: Secondant

App: Peeple

Yelp, maar dan voor mensen.?Met apps kunnen we van alles om ons heen beoordelen ? via de app Peeple straks misschien ook mensen.
Hoe ben je professioneel, hoe ben je persoonlijk, en hoe ben je romantisch gezien?

peeple1

Stel: je krijgt een melding dat er online een negatieve recensie over je is geplaatst. Je krijgt ??n ster, de laagste score. Als je voortaan je eigen naam intikt op Google, komt die negatieve recensie bovenaan. Je weet niet wie erachter zit, want recenseren mag anoniem. Het zou een collega kunnen zijn met wie je ruzie kreeg, een boze buurman of je ex. Verwijderen is niet mogelijk.

Peeple kondigde begin deze maand aan met een app te komen waarmee je andere mensen, al dan niet anoniem, kunt beoordelen. De app zou in november live gaan, en een soort ?Yelp voor mensen? zijn. Op Peeple zou je online andere mensen kunnen beoordelen, zoals je op Yelp restaurants kunt beoordelen of op bol.com een pas aangeschaft setje bluetoothspeakers bespreekt.

Er was meteen veel om te doen, ook in de offline-wereld. Media als The New York Times enThe Guardian schreven erover. ?Mensen die Peeple nodig hebben zijn de eenzaamste mensen in de wereld?, aldus Guardian-columnist Marina Hyde. Er werd een Twitteraccount opgericht, People vs. Peeple, dat inmiddels meer dan 13.000 volgers heeft. Een van de tweets: ?De hele wereld kan elk klein ding dat je fout hebt gedaan te weten komen en je baas kent straks elk detail van je seksleven.?

Toch is het idee achter Peeple niet zo nieuw als het door alle ophef lijkt. Veel apps en websites hebben al een ratingsysteem waarmee je andere mensen kunt beoordelen.?Zo moeten op logeer-app Airbnb zowel de gast als de verhuurder elkaar na het verblijf?beoordelen. Hetzelfde geldt voor de chauffeur en passagier na een ritje met taxi-app Uber, die elkaar tussen de een en vijf sterren moeten geven. Ook autoverhuur-app Snappcar maakt gebruik van zo?n ratingsysteem.?Artsen kun je beoordelen op Zorgkaart Nederland, leraren op beoordeelmijnleraar.nl. Overmevrouw Pols, de lerares Nederlands die bovenaan de ranglijst staat, lezen we bijvoorbeeld: ?Ze is de meest toegewijde, enthousiaste, motiverende, humoristische leuke docente!!!?

Blijkbaar voldoen deze ratingsystemen in een behoefte. Ze geven ervaringen van gebruikers en kunnen daardoor een eerlijker beeld schetsen dan marketingafdelingen. Ook kunnen ze het veiligheidsgevoel vergroten. De uit recensies opgebouwde reputaties laten je zien met wie je te maken hebt. Iemand die van driehonderd verschillende mensen een vijfsterrenbeoordeling heeft gekregen, zal je waarschijnlijk niet bedonderen.

En ratingsystemen kunnen een manier zijn om kwaliteit te waarborgen. Uberchauffeurs moeten bijvoorbeeld gemiddeld minstens 4,5 sterren scoren om voor de dienst te mogen blijven rijden. Als ze dat niet halen, worden ze weggestuurd.

Betrouwbaar

Ratingsystemen lijken transparant. Maar zijn de recensies wel echt zo betrouwbaar?

Reviews kunnen nep zijn. Gisteren maakte Amazon bekend meer dan duizend ?neprecensenten? aan te klagen, mensen die tegen betaling positieve productrecensies schrijven. Ook kunnen mensen een negatieve recensie schrijven uit oneigenlijke redenen ? denk aan een boze ex die uit is op wraak.

Er kunnen ook subtielere zaken meespelen. Zoals groepsdruk, of de reputatie van de recensent zelf. Een tijdje geleden moest ik in Portugal drie kwartier luisteren naar de absurde regels die onze Airbnb-verhuurder had bedacht voor haar huis ? twintig euro borg betalen voor de sleutel, wel de waterkoker, niet de koffieautomaat gebruiken. Het matras was hard, de beloofde wifi deed het niet. Maar: op haar Airbnb-profiel had ze enkel lovende recensies.

Ook ik liet geen negatieve recensie achter. Want wat als zij mij negatief zou beoordelen? Dat zou iedereen daarna kunnen zien op mijn Airbnb-profiel, en zou ik de volgende keer als ik via de site een kamer wil boeken geweigerd kunnen worden. Dus schreef ik niks over het gebrek aan wifi of nachtrust. Wel liet ik iets achter over een ?fijn verblijf?.

Positieve recensies

Uit onderzoek van de Universiteit van Boston bleek eerder dit jaar dat mensen elkaar positief beoordelen, in de hoop dat zij daar zelf een gunstige recensie voor terugkrijgen.

De universiteit onderzocht twee sites waarbij gasten een recensie kunnen achterlaten over hun accommodatie. TripAdvisor, waar alleen de gasten een recensie achterlaten, en Airbnb, waar de gasten en verhuurders allebei moeten laten weten wat ze ervan vonden. Wat bleek: logeerlocaties die zowel op TripAdvisor als Airbnb staan, kregen een 14 procent hogere beoordelingen op Airbnb. Terwijl het om identieke plekken ging.

Positieve recensies leveren geld op. Hoe enthousiaster aanbieders en gasten elkaar beoordelen, des te meer kamers er worden geboekt. Zo werkt het bij Airbnb en ook bij Uber.?Een Uber-chauffeur ? met een gemiddelde score van 4,7 ? bij wie ik afgelopen weekend in de auto stapte, vertelde dat hij voor het recenseren van zijn klanten een eenvoudig systeem heeft bedacht. ?Ik geef altijd vijf sterren. Tenzij ze me te lang laten wachten tot ze naar buiten komen.?

Bij Airbnb en Uber beoordeel je de dienst die iemand aanbiedt. Dat is nog iets anders dan de persoon zelf, zoals bij Peeple. Waarom zou je dat doen? Omdat je als moeder wilt kunnen nagaan aan wie je je kinderen toevertrouwd, stelde mede-oprichter van Peeple Nicole McCullough in The Washington Post.

Of Peeple er daadwerkelijk gaat komen is niet duidelijk. De app verdween vorige week stilletjes. Op Facebook is het raten van de oprichters wel alvast begonnen. McCulloughs compagnon Julia Cordray ontving op haar persoonlijke Facebookpagina ?a 0 out of 5 as a human being?.

peeple

Verwijderd en weer terug

Toch verwijderde de Peeple app een aantal controversi?le features.

peeple3

Een van de oprichtsters, Julia Cordray, reageerde als volgt op Linkedin op alle kritiek:

?You will NOT be on our platform without your explicit permission. There is no 48-hour waiting period to remove negative comments. There is no way to even make negative comments. Simply stated, if you don?t explicitly say ?approve recommendation?, it will not be visible on our platform.?

Om vervolgens de dienst per maart 2016 opnieuw te lanceren.

Bronnen: CBS News, NRC, The Guardian, BBC