Tagarchief: stalking

De terreur van de trollen

Sociale media raken steeds meer vervuild door verlakkerij

Zanger Dotan is niet de enige die het spookaccount heeft ontdekt als middel om zichzelf te promoten. Van boze exen tot grote bedrijven en de Russen: steeds vaker duiken trollen, nepaccounts en sokpoppen op. De bot is big business. ?Straks kan niemand meer zien wat echt is of nep.?

Door: Silvan Schoonhoven

Dotan maakt zichzelf tot held met een zielig verhaal over een doodzieke fan. Partij Denk bestreed PvdA?ers in online-discussies. En China maakt critici van de Communistische Partij online het leven zuur. Artiesten, lobbygroepen, politici, tech-reuzen en regeringen: allemaal zetten ze nepaccounts in. Je denkt dat je op Facebook of Twitter wordt aangesproken door een mens van vlees en bloed, maar in werkelijkheid is het een marionet waarbij een of andere onzichtbare poppenspeler aan de touwtjes trekt. Steeds vaker is zelfs dat niet het geval en praat je nietsvermoedend met een slim computerprogramma.

Pesten

?Het fenomeen neemt toe en de techniek schrijdt voort?, zegt Arnout de Vries. Voor TNO, politie en veiligheidsdiensten onderzoekt hij het verschijnsel. Volgende maand vliegt hij naar een grote politieconferentie in Londen over dit onderwerp. Daar gaat het bijvoorbeeld over ?trollen?, het onder een vals account treiteren, uitlokken of negatief be?nvloeden van discussies. ?Trollen begint met pesten, maar kan eindigen in intimideren, stalken of zelfs tot zelfmoord drijven. Als het de veiligheid schaadt, komt het als verschijnsel in beeld bij de politie of de diensten.?

De drempel om een nepaccount in te zetten is laag. Wie heeft er niet ooit een e-mailadres aangemaakt met een andere naam? Zelf een vals account aanmaken op Facebook of Twitter doe je ook in een handomdraai. Je kiest een veelvoorkomende naam, rooft een portret van internet en klaar is je handpop. Die zet je in als juichaapje voor je eigen zaak of om bagger uit te gieten over een tegenstander.

Zanger Dotan maakte gebruik van een ?trollenleger?.

Sociale media raken steeds meer vervuild met dit soort nepperij. Naar schatting tien procent van Facebook is vals. Honderdduizenden Twitter-accounts zijn van niet-bestaande mensen. Af en toe houdt een platform grote schoonmaak. ?Dan heeft Miley Cyrus opeens weer een paar duizend volgers minder?, zegt De Vries. Maar dat groeit wel weer aan. Twitter-directeur Jack Dorsey beklaagde zich er deze maand over hoe fictieve accounts zijn berichtendienst misbruiken. Hij wil weer een gewoon gezond debat met echte mensen, maar heeft geen idee hoe de klok terug te draaien.

Deze week kwam Dotan in opspraak, vorig jaar viel de partij van Kuzu en ?zt?rk door de mand. Denk viel met zo?n twintig nepaccounts de PvdA?ers Marcouch en Asscher lastig. ?De affaire met Denk was maar klein?, zegt De Vries. ?Maar een politieke partij met een groot budget kan helemaal losgaan. Die kan data inkopen van mensen om hen vervolgens te be?nvloeden met bots. Bij Denk heb ik me erover verbaasd dat er geen enkele instantie is die hier toezicht op houdt.?

Legaal

Het is ook lastig om dit soort sokpopperij aan te pakken. Zolang je niet dreigt, is het legaal om op internet onder een andere naam je mening te ventileren. Trollen kunnen hun gang gaan. Het hek lijkt daarmee van de dam.

Denk en Dotan zijn nog maar kinderspel in vergelijking met hoe grote bedrijven of landen het aanpakken. Die sturen hele legers van spookaccounts aan. In Rusland staan trollenfabrieken waar het personeel onafgebroken nepnieuws produceert.

Algoritme

Een stap professioneler zijn de geautomatiseerde nepaccounts, die op nog grotere schaal invloed uitoefenen. Het wordt steeds moeilijker om te zien of je aan het chatten bent met een echt mens of met een algoritme. De Vries: ?De techniek gaat verder. Ze zeggen dat 2018 het jaar wordt van de ?social bot?. Straks genereert een computer niet-bestaande namen bij kunstmatig aangemaakte portretfoto?s. Accounts worden dan aangedreven door kunstmatige intelligentie. Je kunt een bot maken die praat als Trump en nieuwe Trump-uitspraken doet op basis van wat hij eerder heeft gezegd.?

De partij van ?zt?rk, Denk, gebruikte nep-accounts

Facebook en Google zetten ook zwaar in op social bots, nu nog met tekst, straks met spraak. ?Die brengen jou een reisje of nieuwe schoenen onder de aandacht als dat bij jouw profiel past. Iedereen vindt het wel handig om met een social bot te kletsen. Onder kinderen is het enorm populair aan het worden. Opeens kunnen ze chatten met minions, die precies praten zoals in de film. En die producten aanbieden: ?Heb je al aan papa en mama verteld dat er een nieuwe Minion-film uitkomt?? Maar het is ook bekend dat Chinese kinderen hun diepste geheimen toevertrouwen aan dit soort bots. Dat is ideaal voor inlichtingendiensten.?

Een remedie is niet voorhanden. Het enige wapen tegen het nepaccount is om consumenten in te prenten dat op internet niet alles echt is. Maar het is de vraag of die boodschap ooit aankomt.

?Straks kan niemand meer zien wat echt is of nep?

?We gaan naar het kantelpunt toe waar we vrijwel geen onderscheid meer kunnen maken tussen echt of nep. Veel marketingafdelingen van bedrijven vinden dat alleen maar fijn en ik denk dat burgers het ook wel best vinden. Het is toch leuk om met Justin Bieber te kunnen praten? Je weet dat hij het niet zelf is, maar toch hoor ik daar niemand over zeuren.?

Bronnen: De Telegraaf

Veilige Publieke Taak: wat doe je tegen agressie en geweld via social media?

VPTheader

Social media is een onderdeel geworden van de samenleving. Het is een steeds belangrijker middel voor contact met cli?nten, burgers, en pati?nten. Vanwege de opkomst van social media verplaatst een deel van de agressie tegen werknemers met een publieke taak zich daar naartoe. Dit is niet te voorkomen door social media uit te bannen in de organisatie. Wel dien je als organisatie aandacht te schenken aan het voorkomen en beperken en juist afhandelen van agressie tegen medewerkers. De aanpak van ?digitale? agressie komt grotendeels overeen met de aanpak tegen niet-digitale agressie. Maar er zijn ook specifieke invalshoeken die agressie via social media met zich meebrengen.

Aard en omvang
Er is weinig onderzoek gedaan naar agressie en geweld tegen medewerkers met een publieke taak via social media. In de monitor Agressie en Geweld Openbaar Bestuur is gevraagd of het laatste voorval via internet heeft plaatsgevonden. Hier gaf 6% van de volksvertegenwoordigers en bestuurders aan dat dit het geval was. In de VPT-monitor van 2011 is ook gevraagd of het laatste voorval via internet heeft plaatsgevonden, maar dan alleen in het geval van agressie buiten werktijd. Alleen in het onderwijs en waren er respondenten die dit hadden meegemaakt: zowel in het voortgezet als primair onderwijs iets meer dan een half procent van de slachtoffers.

Typen agressie
Agressie en geweld tegen medewerkers met een publieke taak via social media kan op verschillende plaatsvinden. De handreiking Agressie en Geweld biedt een overzicht van vormen van. gedragingen die je ook tegen kan komen via social media zijn bedreiging, belediging, intimidatie, schelden, vernederen, pesten, chanteren, dwingend gedrag, stalken, discriminatie, chantage, smaad/laster en een bommelding via twitter, facebook et cetera.

Medewerkers en organisaties kunnen bijvoorbeeld bedreigd worden met het toebrengen van (zwaar) lichamelijk letsel, met de dood of andere ernstige bedreigingen. Belediging kan de vorm aannemen van uitschelden of bijvoorbeeld pesten. De agressie kan een eenmalig zijn, enkele keren of langdurig aanhouden. Als het stelselmatig aanhoudt, is dit stalking. Agressie kan plaatsvinden op accounts van de medewerker, van organisaties, op internetfora, of op eigen accounts. Ook kunnen fake-accounts medewerkers of organisaties aangemaakt worden waarop agressie tegen de medewerker of organisatie wordt gericht. Al deze gedragingen kunnen ernstige gevolgen hebben voor medewerkers, net als bij niet-digitale agressie en geweld. Het is daarom belangrijk op een juiste manier te handelen bij agressie en geweld via social media.

VPT2

Het belangrijkste bij de-escalatie is bewustwording en training van werknemers hoe met social media om te gaan. De praktische invulling van het de-escaleren bestaat uit twee onderdelen: signaleren en afhandelen.

Signaleren
De belangrijkste voorwaarde voor het beperken van agressie en geweld via social media is dat agressie en geweld gesignaleerd worden. Medewerkers hebben een belangrijke signaalfunctie. Samen met hen wordt een norm afgesproken: bij welke uitingen via social media wordt melding gemaakt binnen de organisatie? Leg de lat hierbij laag. Hoe eerder ook lichte incidenten, zoals schelden gemeld worden, hoe beter deze afgehandeld kunnen worden. De meldingsbereidheid kan bevordert worden via verschillende wegen. Daarnaast kan een organisatie via verschillende manieren agressie en geweld tegen medewerkers of de organisatie signaleren, onder andere door social media te monitoren.

Afhandelen
Belangrijk in het beperken van de agressie en van de gevolgen is de afhandeling van een bericht. De?werkgever, of in overleg, de werknemer, kan zelf de agressie afhandelen door te reageren naar de?afzender. De werkgever dient bij een strafbaar feit aangifte of melding bij de politie te doen, net als bij niet-digitale agressie. Bedenk hierbij dat wanneer de gedraging niet digitaal gepleegd zou zijn, of het dan als strafbaar feit beschouw wordt. Zo ja, doe dan aangifte. De politie verzorgt de opsporing, in overleg met het Openbaar Ministerie. De politie heeft niet zelf onbeperkt mogelijkheden om een anonieme dader, bijvoorbeeld via het IP-adres, op te sporen. Hiervoor hebben zij toestemming nodig van de Officier van Justitie.

Strafbaarheid
Er leven veel vragen over de strafbaarheid van agressie via sociale media. In principe geldt dat alles wat niet-digitaal strafbaar is, ook strafbaar is als het via sociale media gebeurt. Bij bedreiging is het?van belang dat de bedreigde zelf daadwerkelijk op de hoogte is geraakt van de bedreiging. Ook moet de bedreiging van dien aard zijn en onder zodanige omstandigheden zijn geschied dat bij de bedreigde de redelijke vrees kon ontstaan dat de bedreiging uitgevoerd zou worden. Het maakt hierbij niet uit als een bedreiging via sociale media op een indirecte manier plaatsvindt. Zo vormde het plaatsen van een tekst op internet waarin werd gesuggereerd dat liquidatie van de premier verstandig zou zijn, een strafbare bedreiging. En online kennen we vrijwel alle vormen die in de fysieke wereld ook voorkomen, zoals: bedreigen, beledigen, vernederen, treiteren, dwingend gedrag, chanteren, stalken, sexting (seksuele chantage), discriminatie (sekse, leeftijd, huidskleur, geloofsovertuiging, geaardheid, etc), smaad en laster.
In onderstaande bijlage staat een tabel met de wetsartikelen of jurisprudentie.

Onlangs is ook een interview gepubliceerd van?Mischa Coster, mediapsycholoog, die zich bezig houdt met het effect van media-uitingen op het gedrag van mensen en hoe je als organisatie media kunt inzetten om de doelgroep te be?nvloeden. Hij heeft het over het?psychologische?effect dat consensus (sociale normering) heet. Het nadelige gevolg van het feit dat bepaalde gedragingen steeds vaker online voorkomen en worden gedeeld via social media kanalen maar ook via de televisie, zorgt ervoor dat mensen die zo?n idee hadden maar het niet hebben uitgevoerd, denken ?als iedereen het doet, dan doe ik dat?ook?. Op dat moment wordt het een soort norm dat, wanneer je bijvoorbeeld iemand in elkaar slaat, je het dan online gaat zetten. Ook wordt vaak geweld gebruikt onder jongeren, of wordt geweld online gezet om het aan te kaarten.

Bronnen: Infopuntveiligheid.nl, eVPT.nl, CCV Geweld op School, WouterKleinsman blog

Bekijk het volledige document van expertisecentrum Veilige Publieke Taak (VPT)

Bekijk ook H10 uit onderstaande handreiking over de juridische kanten als je te maken krijgt met agressie:

Of lees ook het?onderzoek ?Professioneel Samenspel?, biedt nieuw inzicht en aanknopingspunten voor beleid.Het onderzoek is in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties uitgevoerd door stichting Impact en de Utrechtse School voor Bestuur- en Organisatiewetenschap. In drie gemeenten is een groot aantal gesprekken gevoerd met bestuurders, managers en uitvoerders.
Het onderzoek laat zien dat er grote verschillen bestaan in hoe vaak en hoe krachtig er opgetreden wordt naar aanleiding van incidenten. Vaak wordt er ook, bewust of onbewust, helemaal geen actie ondernomen. Toch is volgens de onderzoekers geen sprake van structurele ?bestuurlijke berusting?. Bestuurders en managers weten lang niet altijd dat er een incident is voorgevallen, laat staan dat ze een systematisch beeld hebben van alle incidenten en trends. Of en hoe wordt opgetreden hangt samen met de manier waarop de problematiek van agressie en geweld in de organisatie wordt ?geframed?: als bedrijfsvoeringsthema, als politiek-bestuurlijk thema of als moreel thema.
Het rapport pleit voor professioneel samenspel van alle betrokken bestuurders en managers. Belangrijke elementen van dit samenspel zijn een gezamenlijke visie en duidelijke spelregels en verantwoordelijkheden. De gemeentesecretaris zou hier meer dan nu het geval is een regierol in kunnen vervullen.

S – Stalken

In een stalkingzaak oordeelde de voorzieningenrechter in Amsterdam dat een man binnen twee dagen beledigende teksten over zijn ex op Facebook, Hyves en blogspot moest verwijderen en zijn profielen moest sluiten.?Weigerde hij dit te doen, dan had zijn ex het recht deze profielen van social media te laten verwijderen. Bovendien mocht de vrouw de man iedere keer als hij het opgelegde gebiedsverbod overschreed maximaal drie dagen laten gijzelen. In augustus 2012 had de rechter de man al een gebiedsverbod opgelegd en hem opgedragen alle beledigende teksten te verwijderen. Er was een kort geding voor nodig om het zover te krijgen. Enige maanden later besliste de rechter dat verdergaande maatregelen nodig waren. Weliswaar vond de man dat zijn mediaprofielen tot het priv?domein behoren, maar voor de rechtbank woog het zwaarder dat de vrouw als zij haar naam in Google intikt telkens bij die beledigende teksten terechtkomt.