Probleemgericht werken en de rol van criminaliteitsanalyse in 60 kleine stappen

Clarke, R.V. & J.E. van Eck (2010). Probleemgericht werken en de rol van criminaliteitsanalyse in 60 kleine stappen. Hogeschool INHolland, Rotterdam en Politieacademie, Apeldoorn. Vertaling van ‘Crime Analysis for Problem Solvers In 60 Small Steps’, oorspronkelijke uitgave van het U.S. Center for Problem Oriented Policing, Inc.

Voorziet criminaliteitsanalisten van basiskennis over probleemgericht politiewerk en verwante vakgebieden als omgevingscriminologie en situational crime prevention. De 60 stappen volgen logisch op elkaar, in lijn met het bekende SARA-model (Scanning, Analysis, Response, en Assessment), hoewel iedere stap op zichzelf staat en een specifiek onderwerp behandelt. Dit maakt het mogelijk om kriskras door de stappen heen te gaan. Er zijn voorbeelden gebruikt uit verschillende landen. Er is gekozen voor voorbeelden die het meest helpen om de essentie van waar het om gaat weer te geven. Dus ook al spelen de voorbeelden zich af in een buitenlandse context de uitgangspunten zijn universeel. Bij elke stap zijn belangrijke artikelen en boeken opgenomen; waar mogelijk is literatuur opgenomen die digitaal beschikbaar is.

Opsporing belicht. Over strategie?n in de opsporingspraktijk

plaatje cover van het boek Opsporing belicht

Kop, N., Wal, R. van der & Snel, G. (2011).?Opsporing belicht. Over strategie?n in de opsporingspraktijk.?Apeldoorn: Politieacademie.

Dit boek geeft een brede schets van de ontwikkelingen in de opsporing, waarbij diverse wetenschappers en practitioners vanuit hun eigen deskundigheid naar het vakgebied kijken. Dit boek is met name bedoeld voor het politieonderwijs en de recherchepraktijk en is specifiek geschreven voor de opleidingen op bachelor- en masterniveau. Daarnaast is het vooral een nuttig naslagwerk voor mensen die in het opsporingsveld werkzaam zijn. Recherchekundigen, leidinggevenden en iedereen die zich op enigerlei wijze met criminaliteitsbeheersing bezighoudt, wordt aangeraden kennis te nemen van de inhoud van dit boek. Thema?s die in dit boek aan de orde komen zijn onder andere intelligence, bestuurlijke aanpak, burgerparticipatie in de opsporing, criminaliteitsgerelateerde recherchestrategie?n, financi?le-, media- en internationale strategie?n.
Het boek bestaat in totaal uit tien delen:
Deel 1: Inleiding
Deel 2: Intelligence
Deel 3: Sturing
Deel 4: Strategie aanpak criminaliteit
Deel 5: Strategie meervoudig kijken
Deel 6: Criminaliteitsgerelateerde recherchestrategie?n
Deel 7: Recherchestrategie?n / (re)constructie
Deel 8: Financi?le strategie?n
Deel 9: Mediastrategie?n
Deel 10: Andere aspecten belicht, waarbij er onder andere aandacht is voor internationale strategie?n.
Per deel treft u een aparte inleiding inclusief een toelichting op de hoofdstukken in?dat deel. U kunt het boek lezen van a tot z, maar ook delen afzonderlijk bestuderen.

Alledaags politiewerk in een gedigitaliseerde wereld. Handreiking voor delicten met een digitale component

Leukfeldt, R. e.a. (2012). Alledaags politiewerk in een gedigitaliseerde wereld. Handreiking voor delicten met een digitale component. Lectoraat Cybersafety (NHL Hogeschool/Politieacademie), Open Universiteit, Boom Lemma uitgevers, Den Haag.

Met de komst van internet kregen criminelen nieuwe mogelijkheden om slachtoffers te maken. Daardoor hebben we tegenwoordig te maken met nieuwe vormen van criminaliteit, zoals het inbreken in computers en stelen of vernietigen van digitale data. Daarnaast zijn er ?klassieke? vormen van criminaliteit die nu (ook) via internet gepleegd worden. Voorbeelden zijn fraudeurs die via verkoopsites mensen oplichten, stalkers die ook internet misbruiken om hun slachtoffer lastig te vallen en kinderlokkers die via chatprogramma?s in contact proberen te komen met kinderen.
ICT raakt steeds meer verweven met ons dagelijks leven. Een logisch gevolg daarvan is dat ook het werkaanbod van de politie digitaliseert. Er zijn immers nieuwe delicten bijgekomen (hacken, virussen, etc.) en bij steeds meer klassieke zaken speelt ICT een belangrijke rol. Lang niet al deze zaken (kunnen) worden afgehandeld door digitale experts. Hierdoor krijgen steeds meer politiemedewerkers te maken met delicten met een (steeds zwaarder wordende) ICT-component.
Deze handreiking is ontwikkeld om het groeiend aantal politiemedewerkers dat met dergelijke delicten te maken krijgt, handvatten te geven. Met deze handreiking is te herkennen om welk delict het gaat, te bepalen welke wetsartikelen relevant zijn, hoe digitale sporen kunnen worden veiliggesteld en welke (algemene) adviezen aan de aangever kunnen worden gegeven. In deze handreiking zijn op deze manier 28 veel voorkomende delicten beschreven.

Dit boek is bestemd voor politiemedewerkers die aangiften opnemen van delicten met een digitale component, rechercheurs, analisten en (politie)onderzoekers op het terrein van cybercrime en cybersafety.

Bron: BoomLemma

Van opsporing naar criminaliteitsbeheersing. Vijf strategische implicaties

Kop, N. (2012). Van opsporing naar criminaliteitsbeheersing. Vijf strategische implicaties. Lectorale rede, Politieacademie, Lectoraat Criminaliteitsbeheersing & Recherchekunde, Apeldoorn.

Politie in de netwerksamenleving: de opbrengst van de politi?le netwerkfunctie voor de kerntaken opsporing en handhaving openbare orde en de sturing hierop in de gebiedsgebonden politiezorg.

Helsloot, I., J. Groenendaal & E.C. Warners (2012). Politie in de netwerksamenleving: de opbrengst van de politi?le netwerkfunctie voor de kerntaken opsporing en handhaving openbare orde en de sturing hierop in de gebiedsgebonden politiezorg. Reed Business, Amsterdam

De uitzondering op de regel. Over ambtenaren in de openbaarheid

Baetens, T., T. J?tten & J. Maessen (2013). De uitzondering op de regel. Over ambtenaren in de openbaarheid. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Den Haag.

?Fantastisch dat we actief aan de slag gaan met social media! Maar ??n ding: zou jij daar op jouw dossier niets mee willen doen? Dat ligt nogal gevoelig.? Deze ? waargebeurde ? conversatie tussen een ambtenaar en zijn manager legt precies de paradox bloot rond ambtenaren in de openbaarheid, waar EMMA in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam een onderzoek naar verrichtte.

Enerzijds erkennen ambtenaren het belang van een transparante en interactieve overheid, anderzijds zijn ze heel goed in staat uit te leggen waarom ze zich hier in veel gevallen niet naar (kunnen) gedragen. Dat blijkt uit ons verkennende onderzoek De uitzondering op de regel, waarin we hebben gekeken naar het gedrag van ambtenaren in de openbaarheid en de factoren die hierop van invloed zijn. Dat deden we aan de hand van een literatuuronderzoek, een enqu?te onder 1.522 Rijksambtenaren, een social media-analyse van ambtelijk gedrag en een tweetal expertsessies.

Naar binnen gericht professioneel netwerk
Wat doen ambtenaren in de openbaarheid en wat zijn hun motieven? Of, als ze niet in de openbaarheid treden: welke obstakels houden hen dan tegen? Uit de enqu?te bleek dat iets meer dan een vijfde van de 1.522 ondervraagde ambtenaren het afgelopen jaar in de openbaarheid is getreden, zowel op online als offline platforms. Onze data-analyse laat zien dat hogere inkomens en opleidingen relatief vaker naar buiten treden, net als ambtenaren met bepaalde functieomschrijvingen (bijvoorbeeld internationaal werk en beleidsontwikkeling). Wel blijft het online netwerk van twitterende ambtenaren een naar binnen gericht professioneel netwerk: vrijwel alle actoren zijn (direct of indirect) verbonden aan de overheid; het maatschappelijke middenveld ontbreekt.

Ambtelijke dilemma?s
Ambtenaren herkennen dit beeld. Hun verklaringen over het feit dat slechts een klein gedeelte van hun beroepgroep in de openbaarheid treedt, hebben we opgedeeld in vier categorie?n:

  1. Politiek-bestuurlijk: Ondanks dat de samenleving steeds horizontaler geori?nteerd is, blijven binnen de overheid verticale structuren zichtbaar. ?We zijn er voor de samenleving, maar werken voor de minister?, aldus een ambtenaar tijdens de expertsessie.
  2. Maatschappelijk: De overheid ligt onder een vergrootglas, vooral in de nieuwe media. En in hoeverre is de netwerksamenleving ge?nteresseerd in lineaire beleidsprocessen?
  3. Media: Er bestaat een paradoxaal verband tussen een interactieve en snelle overheid enerzijds en een betrouwbare en precieze overheid anderzijds. Het is niet altijd even gemakkelijk om de berg aan (digitale) informatie (snel) te duiden en hierop in te spelen.
  4. Priv?: Niet iedere ambtenaar wil even herkenbaar zijn als ambtenaar. Hoe ver kun je gaan in het verspreiden van je eigen mening over maatschappelijke kwesties? Sommige ambtenaren zien dit overigens juist als manier om hun carri?re een boost te geven.

Paradox
Blijkbaar zijn ambtenaren het wel eens met de opvatting dat de overheid moet kantelen en zich de horizontale structuur eigen moet maken. Hun daadwerkelijke gedrag sluit hier echter niet bij aan. Hun dossier ligt gevoelig, de samenleving is er druk over in gesprek, niets doen lijkt misschien de veilige oplossing. Kunnen we dat ook omdraaien? Hoe kunnen ambtenaren op een positieve manier onderdeel worden van het gesprek en hun kennis delen? Dat is de uitdaging voor de komende jaren.