Tagarchief: albert meijer

Seminar cocreatie in de opsporing (verslag en presentaties)

Het lectoraat Criminaliteitsbeheersing & Recherchekunde organiseerde op 11 september jongstleden het seminar ?Cocreatie in de opsporing.? Een druk bezochte bijeenkomst met vertegenwoordigers uit de politiepraktijk, het politieonderwijs en ? inherent aan het thema ? burgemeesters, gemeenteraadsleden en vertegenwoordigers van andere partners in de veiligheidsketen. In de maandelijkse seminars van de Politieacademie delen lectoraten hun visie en onderzoeksresultaten met politiepraktijk en -onderwijs.?Conclusie van deze avond: cocreatie kan de politie veel brengen, maar vraagt ook veel. Kansen en risico?s, dilemma?s, opbrengsten, randvoorwaarden en succesvolle voorbeelden: het lectoraat zal een belangrijke bijdrage hebben door deze in kaart te brengen.?
?
Cocreatie is een van de speerpunten van het lectoraat, zo maakte lector Nicolien Kop al duidelijk in haar lectorale rede op 21 juni ?Van opsporing naar criminaliteitsbeheersing.? Volgens Kop moet de politie van een incidentgerichte, reactieve werkwijze naar een meer pro-actieve, op problemen gerichte aanpak van criminaliteit. De samenwerking met burgers en veiligheidspartners en publiek-private samenwerking is daarin onontbeerlijk. Kop: ?Het is niet effectief om de politie alleen verantwoordelijk te stellen voor het opsporen van daders van gepleegde misdrijven. Willen we echt wat doen aan de veiligheid in Nederland dan moeten we meer inzetten op het voorkomen van misdrijven en zowel burgers, bestuur als bedrijfsleven daarbij betrekken.? Nicolien verwees daarbij naar enkele actuele voorbeelden uit de praktijk, onder meer in Rotterdam-Rijnmond (zie?www.helpmonikavinden.nl).
Vermaatschappelijking
Na de inleiding van Nicolien Kop was het woord aan Pieter Tops, portefeuillehouder kennis en onderzoek binnen het College van Bestuur van de Politieacademie. Hij sprak over ?vermaatschappelijking van de opsporing? als verbijzondering van de vijfentwintig jaar geleden ingezette vermaatschappelijking van de politie als geheel. Tops sprak in navolging van Kop van een onvermijdelijke ontwikkeling, maar wees ook op de ?geboortepijnen? die ermee gepaard gaan. In dat kader benadrukte hij het belang van wederkerigheid. ?Cocreatie is niet een kwestie van over de schutting gooien van taken. Het vraagt van de politie dat zij ook informatie deelt en terugkoppelt wat zij doet met informatie. Om vrijblijvendheid te voorkomen is het van het grootste belang om betrouwbaar te zijn als politie, om afspraken na te komen. Dat vraagt om het nadrukkelijk uitspreken van verwachtingen tussen de samenwerkende partijen.? De Politieacademie gaat onderzoek uitvoeren naar de invoering van de Nationale Politie. Dat onderzoek zal zich onder meer toespitsen rondom de robuuste basisteams en de rechercheteams. Tops deed hierbij een oproep aan de aanwezige recherchechefs om zich hiervoor aan te melden.
?
Cultuurverandering
Albert Meijer van?de Universiteit Utrecht, ging vervolgens dieper in op de kenmerken en het ontstaan van cocreatie en het gebruik??van nieuwe media voor cocreatie in de opsporing. Ook hij benadrukte dat het veel verder gaat dan het benutten van de burger als informatiebron. De relatie moet wederkerig zijn en de burger is nadrukkelijk bezig met het bedenken van creatieve idee?n. Volgens Meijer past het versterken van burgerparticipatie bij een ?strong democracy? en zijn er indicaties voor positieve opbrengsten voor de politie. Wel zijn er ook ongewenste effecten, maar dat is geen reden om het niet te doen. Volgens Meijer vraagt cocreatie wel om een cultuurverandering bij de politie.
?
Opbrengsten en randvoorwaarden
De volgende spreker, Martin van Bochove van het Centrum Versterking Opsporing, gaf aan dat in zijn optiek cocreatie onvermijdelijk is en derhalve niet om een??cultuurverandering bij de politie vraagt maar die cultuurverandering zelf zal brengen. Hij ging verder in op cocreatie als een van de drie hefbomen die een dreigende crisis in de opsporing moet bezweren. Naast cocreatie zijn dat netwerkend werken en directe aanpak & afhandeling. Arnout de Vries van TNO ging vervolgens in op?Burgeropsporing?online: van crowdsourcing naar online cocreatie. Met een pakkende presentatie wist hij de aanwezigen mee te nemen in de nabije toekomst waar de politie in haar netwerken effectief is als gelijkwaardige partner in het proces naar criminaliteitsbe?nvloeding. De avond werd afgesloten met een paneldiscussie tussen de sprekers en het publiek.?Een van de aanwezige burgemeesters zei de politie in de praktijk als een ?gesloten bastillon? te ervaren, met weinig oog voor de verantwoordelijkheid voor veiligheid van het openbaar bestuur. Een tweede aanwezige burgemeester had daar weer heel andere ervaringen mee. Beiden erkenden het belang van cocreatie voor de politie. Er lijkt nog een wereld te winnen.
?
De presentaties van Albert Meijer en Arnout de Vries vind je hieronder:
En de lectorale rede van Nicolien Kop:

Politie & sociale media: Van hype naar onderbouwde keuzen

Meijer, A.J., S.G. Grimmelikhuijsen, D. Fictorie, M. Thaens & P. Siep (2012). Politie en sociale media. Van hype naar onderbouwde keuzen. Politie en Wetenschap, Apeldoorn.

De politie maakt veel gebruik van Twitter om zaken op te lossen. Niet in alleen de grote opsporingszaken die landelijk bekend worden, maar ook in kleinere lokale zaken leveren social media de politie veel op.

Dit blijkt uit onderzoek door de Universiteit Utrecht en het Center for Public Innovation. De onderzoekers analyseerden berichten, hielden enqu?tes onder burgers en agenten en interviewden agenten. Hieruit bleek dat honderden (wijk-) agenten via social media de banden met burgers aanhalen en informatie inwinnen over grote, maar ook vaak relatief kleine misdrijven.

Albert Meijer (Universiteit Utrecht): “Ze zijn zich er goed van bewust wat ze wel of niet kunnen doen”. Beluister hier het radio interview op BNR.?

Meedenkende burgers
“Het kan gaan om een pistool dat gevonden is, waarvan de politie niet weet van wie het is, het kan gaan om wietkwekerijen, het kan gaan om een auto die is doorgereden na een ongeluk. Het is interessant dat burgers bij al die kleine gevallen in hoge mate bereid zijn om mee te denken met de politie en relevante informatie door te sturen”, zegt onderzoeksleider Albert Meijer, als hoofddocent verbonden aan de Universiteit Utrecht.

Er zijn ook situaties waarin Twitter minder productief uitpakt. Meijer: “Je moet geen informatie geven over zaken die nog lopen en geen informatie over personen.” In enkele gevallen is dit volgens de onderzoeker gebeurd, maar “direct gecorrigeerd”.

Code Blauw
Volgens Meijer is het niet nodig om voorschriften te maken voor het gebruik van sociale media door agenten. “Wij zijn tot de conclusie gekomen dat dat eigenlijk nauwelijks nodig is.” Meijer wijst op het bestaan van een gedragscode, ‘Code Blauw’. “Diezelfde code, die gedachten over wat agenten wel en niet kunnen doen, kunnen ze ook heel goed toepassen op Twitter. Ze zijn zich er goed van bewust wat ze wel of niet kunnen doen.”

Uit het onderzoek blijkt dat de politie in totaal duizenden berichten per week verstuurt. Zelden zouden zulke berichten leiden tot problemen bij de opsporing of tot negatieve beeldvorming.

Bron: BNR, Universiteit Utrecht