Tagarchief: do-it-yourself

Burgers zetten steeds vaker de politiepet op

De rol van burgers in de opsporing van daders en in handhavingstaken groeit. Denk aan burgers die iemand staande houden of online sporen veiligstellen. Er zijn echter ook dilemma?s rondom de bevoegdheden van burgers die via het internet de politie helpen. Welke grenzen stel je daarbij? En wat doe je met het delen van opsporingsbeelden?

Kunnen politie en justitie aan slagkracht winnen door burgers intensiever te betrekken bij politiewerk? In menig beleidsstuk en ook vanuit de wetenschap wordt de potenti?le rol van burgers onderstreept. Er lijkt echter een verschuiving gaande van participerende burgers naar een participerende politie. Burgers gaan steeds meer zelf aan de slag en lossen veiligheidszaken op. Het geweldsmonopolie en vervolgingsmonopolie zijn evident en eenduidig in wetgeving vastgelegd, maar een monopolie op andere veiligheidstaken is er niet. Als het de politie lukt om?DIY-policing?(doe-het-zelf) in goede banen te leiden, kan dit gepaard gaan met grote maatschappelijke winsten:

  • toegenomen politiecapaciteit, zonder of met een minimaal financieel prijskaartje;
  • sterkere binding tussen politie en burgers, en tussen burgers onderling;
  • beter beeld van de werkelijke criminaliteit;
  • dalende criminaliteitscijfers door hogere pakkans en meer, met politie samenwerkende ogen op straat.

Informatiepositie van burgers

Door sociale media wordt de informatiepositie van burgers gedemocratiseerd en ook kennis en kunde zijn door het internet steeds meer openbaar. YouTube is een doe-het-zelf-academie. Instructievideo?s en allerlei tools worden door vrijwilligers gratis aangeboden als apps. De adoptie van sociale media is zo groot in Nederland dat burgers elkaar weten te vinden en te mobiliseren. Het?rapport?over de MH17 laat zien dat burgers niet schromen hun krachten te bundelen na een ramp. Ook in opsporing laten burgers van zich horen, getuige de?zaak?waarin een vrouw haar eigen aanrander opspoort en in de val lokt. En vanuit hun emoties startten burgers een massale klopjacht op de?‘kopschoppers‘.

Doe-het-zelf-politie

Deze doe-het-zelf-politie verandert het werk van de politie radicaal. Zaken die nu op de plank blijven liggen kunnen worden opgelost door burgers, of met hun hulp. Burgers en politie komen bovendien nader tot elkaar door nieuwe samenwerkingsmogelijkheden. Maar het kan ook helemaal misgaan. Als burgers het recht in eigen hand nemen bijvoorbeeld. Of als zij in gevaarlijke situaties belanden, omdat zij onrecht bestrijden.

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die de politie geniet

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die bijvoorbeeld de politie geniet. Nu ontbreekt het bij burgers meestal aan de kennis en middelen om rechtmatig bewijsmateriaal op te bouwen tegen een verdachte. Het zijn processen die in goede banen kunnen worden geleid, als de overheid een faciliterende rol inneemt. Tijdens de eerste internationale?workshop?Do It Yourself Policing in Berlijn zijn niet alleen de sterktes en zwaktes benoemd van burgers die veiligheidstaken op zich nemen, maar ook de kansen en bedreigingen werden ge?nventariseerd. Hier hebben verschillende experts uit wetenschap, politie en bedrijfsleven uit verschillende Europese landen aan bijgedragen. Vanuit Nederland waren onder andere de politie, het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, Privacy Company en Universiteit Utrecht vertegenwoordigd.? In figuur 1 is deze SWOT-analyse (Strengths, Weaknesses, Opportunities & Threats) weergegeven.

Figuur 1>? SWOT-analyse van Do It Yourself Policing

Dilemma’s rondom Doe-het-zelf-politie

Uit bovenstaande analyse zijn verschillende praktische en oplosbare vraagstukken af te leiden, maar ook lastig te slechten dilemma?s. Een praktisch en oplosbaar vraagstuk is bijvoorbeeld het gebrek aan kennis over sociale media, of de wijze waarop politie en burger laagdrempelig en snel met elkaar kunnen samenwerken. In het Europese onderzoeksproject?INSPEC2T?wordt bijvoorbeeld een nieuwe community-policing oplossing ontwikkeld en in meerdere experimenten getest, zoals in?Buurtlab Groningen. Met een online-community-policing-platform kunnen burgers, gemeente en politie op moderne manieren met elkaar contact zoeken en samenwerken. In Den Haag loopt een onderzoek naar een publiek-privaat samenwerkingsconcept genaamd BART!: Burger Alert Real Time.

Project BART! in Den Haag
Lees ook:?Met BART! werken aan een veilige buurt

Lastigere dilemma?s komen om de hoek kijken als het gaat om de bevoegdheden van burgers die via internet van over de hele wereld kunnen meedoen. Welke grenzen stel je wanneer en voor wie? Nieuw beleid moet vastleggen wat burgers (niet) mogen en wat tot de taak van de politie en het OM behoort. Echter, het opstellen van regels en richtlijnen, maar ook het toetsen van praktijksituaties zal niet makkelijk zijn. De vraag is of van een burger, die ook nog persoonlijk betrokken is door een relatie met het slachtoffer, dezelfde zelfbeheersing kan worden verwacht als van een niet-betrokken politiebeambte. Denk aan het voorbeeld van de??wraakvader?, die de vermeende online belager van zijn dochter via Facebook opspoorde.

Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten

Een ander voorbeeld van een lastig dilemma is het delen van beelden. Het gebeurt steeds vaker dat mensen beelden van mogelijke misdrijven online zetten in de hoop de dader(s) op te sporen. ?Zolang het in een neutrale context gebeurt? heeft het OM er geen problemen mee dat mensen op eigen houtje opsporingsbeelden op sociale media zetten, en: ?Het is niet strafbaar?. Het OM stelt dat het online zetten van opsporingsbeelden alleen strafbaar is ?als er een belediging wordt geuit aan het adres van de gefilmde persoon? of wanneer deze wordt beschuldigd van iets wat hij/zij niet heeft gedaan. Toch ligt?naming & shaming?op de loer, een online fenomeen waar niemand momenteel vat op lijkt te hebben.

Groeiende rol van burgers

Niet gehinderd door de uitdagingen en (ethische) dilemma?s zetten burgers steeds vaker de ?Sherlock?-pet op bij opsporing of de politiepet bij handhavingstaken. Burgers wachten niet tot beleid of draaiboeken om met burgers samen te werken zijn uitgekristalliseerd. De duizenden WhatsApp-buurtgroepen in Nederland zijn een goed voorbeeld van Do It Yourself Policing. Buurtbewoners vormen samen met de wijkagent en soms ook gemeente een barri?re tegen criminelen. In het rapport?Worldwide Mapping of Best Practices and Lessons Learnt?zijn vele internationale voorbeelden van Do It Yourself Policing te vinden.

Burgeropsporing, burgerhandhaving, burgerhulpverlening, burgertoezicht ? ? Burgers die eerste hulp verlenen, iemand staande houden of eerste hulp bij opsporing leveren door alvast online sporen veilig te stellen. Het zijn voorbeelden van werkvoorbereiding door burgers die zeer waardevol kunnen zijn. Daarna nemen professionals de zaak over. Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten die door de politie nog onvoldoende worden benut.

In het in oktober 2017 gepresenteerde programma ter verbetering en vernieuwing van opsporing en vervolging, omarmt de politie deze toenemende rol van burgers (zie ook het rapport?Handelen naar Waarheid,?dat een belangrijke start betekende voor het Programma Herijking Opsporing). Onderzocht wordt hoe de nieuwe, gerechtvaardigde, verwachtingen van burgers waargemaakt kunnen worden. Samenwerking wordt gefaciliteerd door sociale media en webcare, maar ook met apps waarmee burgers zelf kunnen opsporen in geval van bijvoorbeeld een vermissing, autodiefstal of woninginbraak. <<

Europees project
Het onderzoeksproject MEDI@4SEC brengt de kansen en bedreigingen in kaart die nieuwe communicatietechnologie?n teweegbrengen voor de veiligheid en veiligheidsinstanties. Dit artikel is het eerste van 6 artikelen over specifieke thema’s binnen dit onderwerp: ) Do It Yourself (DIY) Policing; 2) Rellen en massabijeenkomsten; 3) Dagelijks politiewerk; 4) Dark Web; 5)?Trolling?en; 6) Innovatieve marktoplossingen. Lees ook het inleidende?artikel?in Secondant over de kansen van nieuwe communicatietechnieken voor justitie en politie.
Meer informatie over MEDI@4SEC is te vinden op de?projectwebsite. Hier zijn ook de volledige onderzoeksrapporten te downloaden zodra deze openbaar zijn.

Arnout de Vries en Carlijn Broekman zijn werkzaam bij TNO. Zij zijn bereikbaar voor vragen en discussie via e-mail:?arnout.devries(at)tno.nl?en?carlijn.broekman(at)tno.nl.

Bron: Secondant.nl

DIY Policing

Social media zorgt dat burgers activiteiten ontplooien die normaal onderdeel waren van het politiewerk en het werk van andere organisaties die zich bezighouden met de openbare veiligheid. Als moderne Sherlock Holmes helpen burgers de politie of nemen ze taken zelfs over. Zij onderzoeken misdaden, identificeren verdachten, vormen lokale buurtwachten, jagen op pedofielen en melden op allerlei manieren?misdaad.

Vanuit het Europese onderzoeksproject Medi@4Sec is gisteren het beknopte rapport over DIY Policing publiek gemaakt dat precies naar dit nieuwe fenomeen wereldwijd onderzoek heeft gedaan. Er zijn veel voorbeelden bekeken, en de ethische en juridische uitdagingen zijn hierbij ook onder een vergrootglas gelegd.

Al reeds in januari was er in Berlijn de eerste Europese bijeenkomst over dit onderwerp om met experts uit politie, OM, ministeries, wetenschap, bedrijfsleven en burgergroepen te praten over de kansen en bedreigingen die dit nieuwe fenomeen bieden.

Hieronder kun je de publicatie online lezen of downloaden. Mocht je het volledige achterliggende onderzoeksrapporten willen lezen verwijzen we je naar de website van?Medi@4Sec?waar ook andere interessante publicaties over de impact van social media op politiewerk te vinden zijn:

Bronnen:?Medi@4Sec

Do It Yourself Justice

Hoe kan de politie omgaan met burgeropsporing?

Door:
Dr. A.J. Meijer (projectleider) & Dr. S. Grimmelikhuijsen,?Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO)
Prof. Dr. M Thaens & Drs. P. Siep,?Center for Public Innovation (CPI)
Ir. A. de Vries & Dr. M. van Staalduinen,?TNO

De Nederlandse politie heeft in toenemende mate te maken met burgers die zelf initiatieven?nemen gericht op de opsporing. Burgers wachten lang niet altijd op instructies of verzoeken?van de politie maar gaan zelf aan de slag.. Deze ontwikkeling naar ?Do It Yourself Justice??past in een brede trend in de publieke sector: op allerlei terreinen ondernemen burgers zelf?actie om problemen op te lossen en laten ze het initiatief niet aan de overheid. Deze?(spontane) initiatieven cre?ren nieuwe mogelijkheden om de opsporing tot een succesvol?einde te brengen maar cre?ren ook dilemma?s en risico?s. Zowel de mogelijkheden als de?risico?s zijn reden om de burgeropsporing systematisch te onderzoeken om vervolgens te?bepalen hoe de politie hiermee om kan gaan.?In de kranten hebben het afgelopen jaar allerlei voorbeelden gestaan van burgeropsporing en?daarbij ging het om een brede vari?teit aan initiatieven. Deze initiatieven nemen?verschillende vormen aan:

  • Zoeken van vermiste personen. Een recent voorbeeld hiervan is de zoektocht naar de?twee jongens uit Zeist die waren vermist. In reactie op een bericht van de moeder op?Facebook is een groot aantal burgers in de bossen bij Zeist gaan zoeken naar de?vermiste jongens. De zoekactiviteiten werden onafhankelijk van de politie genomen?en de politie was er bezorgd over dat belangrijke sporen verloren zouden gaan door?dit initiatief. De vele aandacht leidde overigens tot zeker drieduizend tips en het?merendeel daarvan leidde naar de omgeving waar de jongens uiteindelijk werden?gevonden.
  • Opsporen van (vermeende) daders van misdrijven. Onlangs loofde een vader van een?vrouw die bij de TT Assen een fles wijn tegen haar hoofd had gekregen en daarna?werd beroofd op Facebook, een beloning uit voor informatie over de dader: ?2500?euro beloning voor degene die kan vertellen wie het gezicht van mijn dochter?beschadigde voor het leven.? Bij deze oproep plaatste hij foto?s van zijn verminkte?dochter en mede door deze foto?s werd de oproep snel verspreid op Facebook.?Opvallend is dat het bericht eerst op Facebook werd geplaatst en daarna pas aangifte?werd gedaan. De politie gaf aan dat zij hierdoor met een achterstand begon. Wel?benadrukte de politie dat de actie tot veel reacties leidde. Ook gaf de moeder van het?meisje aan dat ze via sociale media de namen heeft gekregen van personen die?betrokken waren bij het ?wijnflesdrama?. De dader is op basis van deze informatie?echter (nog) niet aangehouden.
  • Aanpakken eigenaar mishandelde hond in Nijmegen. De politie in Nijmegen had op?11 mei 2013 een mishandelde hond in het kanaal gevonden en had hiervan een foto?openbaar gemaakt om zo te eigenaar terug te vinden. De oproep en de foto?s werden?verspreid via Twitter (@Dierenpolitiegz / @PolitieGLZ). Buurtbewoners herkende de?eigenaar en gingen direct naar het adres van de vermeende dader om ?verhaal te?halen?. Actueel Nieuws Nederland: ?De vondst zorgde voor boze gezichten en een?heksenjacht op de dader. Op Facebook werd een naam, foto en een adres getoond van?de verdachte en dit werd in totaal 2000 keer gedeeld op Facebook. Tientallen mensen?kwamen verhaal halen en stonden opgesteld voor het huis van de verdachte. De politie?is de hele avond bezig geweest om ervoor te zorgen dat alles rustig bleef zodat de?situatie niet zou escaleren.? Of, zoals GeenStijl stelt: ?Facebook schandpaalt de?Hondendoder van Hatert?. ?De politie moest snel komen om de man te ontzetten en?benadrukte dat zij begrip had voor de emoties maar riep op om niet voor eigen rechter?te spelen. De tips resulteerden in de aanhouding van de man die de hond had?mishandeld.
  • Aanpakken mishandelde jongens in Eindhoven. De politie in Eindhoven maakte een?video openbaar waarop te zien viel hoe een jongen in Eindhoven werd mishandeld.?Aan burgers werd gevraagd om informatie over de personen op de video te geven en?de reaguurders van GeenStijl pikten dit direct op. Zij speurden op Internet en wisten?de namen van de ?acht van Eindhoven? (ook aangeduid als ?kopschoppers?) te?achterhalen. Sommigen gingen direct naar de huizen en soms zelfs scholen van?diegenen toe en bedreigden hen. Daarbij ging het ook om de bedreiging van de?verkeerde persoon met dezelfde naam. De daders werden uiteindelijk veroordeeld?maar vanwege de maatschappelijke commotie kregen zij minder hoge straffen.
  • Opsporen via Facebook van daders mishandeling. Twee Haarlemse meiden waren in?februari 2013 getuigen van een zware mishandeling. Zij besloten zelf in actie te?komen en losten de zaak via Facebook op door de politie naar drie jongens te leiden?die schuldig waren aan de mishandeling. Via Facebook wisten zij niet alleen de foto?te achterhalen van de dader, maar ook twee andere mannen kwamen tijdens het surfen?in beeld. Met dit speurwerk confronteerde de politie andere getuigen met de gevonden?foto’s en de daders werden door hen opnieuw herkend. De verdediging betwistte het?bewijs maar de rechter kon zich wel vinden in deze vorm van burgeropsporing: ‘Dit is?het tijdperk van burgeropsporing en social media. Deze meiden mogen dit bewijs?aandragen. Ik zie niet in dat dit onrechtmatig of onbetrouwbaar zou zijn.’

Individuele burgers zijn al langer betrokken bij de opsporingen. Men kan zeggen dat een?oplettende burger die de politie attendeert op een inbraak ook burgerinitiatief toont. Cruciaal?aan de nieuwe burgerinitiatieven zijn de volgende elementen:

  • Burgers doen meer dan hen is gevraagd door de politie. In de laatste twee casus werd?burgers gevraagd informatie te geven aan de politie maar sommigen van hen besloten?direct op te treden tegen de vermeende daders. In het geval van de zoektocht naar de?jongens uit Zeist zochten burgers op veel plaatsen en nauwelijks onder co?rdinatie?van de politie. En in het geval van de TT in Assen werd zelfs eerst actie via sociale?media ondernomen voordat aangifte werd gedaan bij de politie.
  • Burgers treden niet alleen op maar werken samen met anderen. Typerend aan de?bovenstaande gevallen is dat het steeds gaat om (grote) aantallen burgers die?gezamenlijk in actie komen om informatie te verzamelen of op te treden tegen?vermeende daders of om hen te zoeken.
  • Sociale media spelen een belangrijke rol in de samenwerking. In alle bovenstaande?gevallen zien we dat burgers sociale media gebruiken om gezamenlijk informatie te?verzamelen of op te treden tegen vermeende daders. Sociale media stellen burgers in?staat snel en goedkoop te communiceren en zo processen van mobilisatie op gang te?brengen (Bekkers et al., 2011).

Deze elementen maken de nieuwe vormen van opsporing tot een ?pop-up? opsporing (Van?der Steen et al., 2013): spontane vormen van samenwerking tussen burgers ontstaan rondom?een specifieke opsporing. Het gaat niet om langdurige vormen van organisatie ? zoals?burgerwachten in buurten ? maar veeleer om burgers die zich allemaal opwinden over een?specifiek geval en hier gezamenlijk iets aan willen doen. Deze spontane vormen van?samenwerking worden gefaciliteerd door de nieuwe, sociale media die het mogelijk maken?om in een ?flits? groepen te informeren en te mobiliseren.?Burgeropsporing kan snel en direct belangrijke informatie voor de politie opleveren zoals te?zien was bij de informatie over de mishandelde jongens in Eindhoven. Tegelijkertijd kunnen?deze initiatieven echter ook resulteren in desinformatie of ze kunnen de politieopsporing?hinderen zoals in enige mate te zien viel bij de vermiste jongens uit Zeist. Ook aan dezelfde?dynamiek die resulteert in belangrijke informatie ook leiden tot een situatie waarin burgers?denken het recht in eigen hand te moeten nemen. Een ander gevolg van eigenstandig optreden?van burgers op basis van sociale media, is dat dit in de latere strafzaak kan leiden tot lagere?straffen (zie de zaak in Eindhoven). In al deze gevallen staat de politie voor de uitdaging om?burgerinitiatieven zo te kanaliseren dat deze een nuttige bijdrage leveren aan de opsporing
maar niet resulteren in excessen.

In alle vijf de gevallen die in de inleiding zijn?beschreven is er sprake van een vorm van ?coproductie? tussen burgers en politie:

  • In Eindhoven gaf de politie de informatie. Burgers gaven ook informatie maar wilden?ook al een sanctie gaan toepassen. De politie beoogde een coproductie in de?informatieproductie maar er ontstond ook een (ongewenste) coproductie in de?sanctietoepassing.
  • In Nijmegen was dit vergelijkbaar. Ook hier was de politie uit op een coproductie in?de informatieverwerking en deze bleek inderdaad succesvol. Daarnaast ontstond?echter een ongewenste coproductie in de sanctietoepassing.
  • In Roden ging het ook om het zoeken naar informatie met als doel dit door te geven?aan de politie. Opvallend is dat in dit geval het initiatief tot coproductie niet uitging?van de politie maar van de betreffende burger.
  • Ook in Zeist ging het om het zoeken naar informatie. Nu vonden de?informatieprocessen van politie en burgers voor een deel parallel plaats en stonden?politie en burgers voor de vraag hoe deze konden worden afgestemd.
  • In Haarlem lag het initiatief bij de meiden die de mishandeling had gezien maar zij?gaven het verzamelde bewijsmateriaal uiteindelijk aan de politie en die hield op basis?daarvan de verdachten aan.

Het verschil met vormen van coproductie die in eerder onderzoek aan de orde zijn gekomen?(Meijer et al., 2013) is dat nu het initiatief bij burgers ligt. Bekkers & Meijer (2010) hebben?eerder de participatieladder van Arnstein (1969) uitgeklapt en aan de hand van deze?uitgeklapte ladder kunnen de beschreven burgerinitiatieven worden getypeerd:

bp

Figuur: Cocreatie startend bij burgers of overheden

Belangrijk aan dit figuur is dat het laat zien dat het initiatief voor cocreatie niet hoeft te?liggen bij de overheid. Burgers kunnen zelf ook initiatieven nemen en overheden daar wel of?niet bij betrekken. In het geval van het wijnflesincident in Assen zien we dat de politie hier?pas in tweede instantie, na het uitloven van de beloning op Facebook, bij wordt betrokken.?Ook het initiatief voor het zoeken naar de jongens in Zeist ligt bij burgers (na een oproep op?Facebook van de moeder). In de gevallen van de Nijmeegse hond en de Acht van Eindhoven?zien we dat het initiatief wel bij de politie ligt maar dat daarna burgers dit overnemen en naar?de verdachten toegaan om ?verhaal te halen?. Dit laat zien dat het ook van belang is de?ontwikkeling van coproductie als dynamisch proces te analyseren.
Een opsporingsproces bestaat uit een informatieproces ? het verzamelen en verwerken van?informatie opdat de gezochte personen kunnen worden gevonden ? maar ook uit een?interventieproces ? waarbij de gezochte personen worden ingerekend ? en daarna uit een?sanctieproces ? waarbij na een uitspraak van een rechter de veroordeelde een boete of celstraf?wordt opgelegd. In al deze fasen kunnen burgers zelf met initiatieven komen of met?initiatieven van de politie aan de haal gaan.?In de literatuur ligt sterk het accent op de wenselijkheid van coproductie. Centraal staat steeds?de vraag op welke manieren burgers kunnen worden betrokken zodat de kwaliteit van de?coproductie verbetert (Bovaird, 2007; Alford, 2009). Opvallend is dat er nauwelijks aandacht?wordt besteed aan onwenselijkheid van bepaalde vormen van coproductie en de noodzaak om?deze, of hiermee samenhangende risico?s, te voorkomen.

Eerder?onderzoek naar burgerparticipatie (Kuijvenhoven, 2005; Cornelissens en Ferwerda, 2010)?focust nu specifiek op burgeropsporing. Siep & Kool (2013: 60) constateren in hun?onderzoek voor Politie & Wetenschap dat meerdere mensen bij de politie het?zorgelijk vinden dat burgers in toenemende mate zelf beelden verspreiden die gerelateerd zijn?aan misdrijven. De onvoorspelbaarheid van deze dynamieken maakt het lastig om met?standaardprocedures voor de omgang met burgeropsporing te komen. Toch is het belangrijk?om zicht te hebben op de oorzaken, vormen en effecten van deze dynamieken om op een
weloverwogen wijze hierop te kunnen reageren. Daarbij is het van groot belang meer inzicht?te hebben in de groepsdynamieken die hierbij een rol spelen en de wijzen waarop de politie?deze dynamieken kan be?nvloeden.

De Nationale Politie worstelt met de vraag hoe zij kan en moet reageren op initiatieven van?burgeropsporing. De politie wordt vaak verrast door deze initiatieven. De kracht en de?mogelijkheden ervan worden onderkend maar tegelijkertijd gaat er een gevaarlijke kracht?vanuit. Met name wanneer burgers zelf besluiten het recht in eigen hand te nemen ontstaan er?gevaarlijke situaties. De vraag is hoe de kracht van deze initiatieven en de betrokkenheid van?burgers bij de opsporing kan worden benut zonder dat dit tot onwenselijke situaties.

Het terrein van Do It Yourself Justice is juridisch al wel onderzocht ? wanneer mag?men wel of niet optreden tegen een inbreker ? maar het ontbreekt veelal aan inzichten in het?hoe en waarom van het onderliggende gedrag.?Meer?systematische bestuderen van praktijkgevallen zou de politie en maatschappij kunnen helpen meer inzicht te krijgen ingroepsdynamieken van burgers rondom de opsporing.

Referenties

“Ik pleit voor betere ondersteuning burgeropsporing via Social Media”

“Grote veranderingen vinden plaats in de opsporing. Burgers mobiliseren elkaar via social media en lossen zaken op. Deze ‘do it yourself police’ verandert de tactische opsporing radicaal.” Dat vertelt TNO-onderzoeker Arnout de Vries. “Politie en justitie kunnen daar nog beter gebruik van maken. Daarom zet ik mij in voor een nieuwe balans tussen gesloten veiligheidsorganisaties en de open genetwerkte maatschappij die social media volop benut.”

sherlock-holmes_artikel-arnout_240“De kritieke massa is bereikt. De adoptie van social media is zo groot in Nederland, dat burgers elkaar weten te vinden en te mobiliseren. Daardoor neemt hun invloed toe en gaan dingen veranderen. Dat heeft een positieve uitwerking. Bijvoorbeeld als het gaat om samenwerking met de politie. Maar de negatieve kant hiervan is dat ook criminelen elkaar weten te vinden en te mobiliseren. Vanuit TNO help ik om de kracht van deze massa in goede banen te leiden. En de wereld veiliger te maken met behulp van social media. Dat doe ik vanuit een drang om alles beter te willen maken. Niet voor mezelf, maar voor anderen. Voor mijn kinderen bijvoorbeeld. Die komen op Facebook minder frisse figuren tegen en krijgen contactverzoeken van vreemden. Terwijl ik ze daarvoor zou beschermen in de fysieke wereld. Internet gooit alle bestaande structuren en werkwijzen overhoop. Het vraagt van veiligheidsorganisaties een volledig andere manier van denken en werken.

Doe-het-zelf-politie

De Nederlandse politie loopt wereldwijd voorop in het gebruik van social media. Toch zie ik dat politie en justitie graag vasthouden aan het oude en vertrouwde. Terwijl burgers social media omarmen en volop benutten om gezamenlijk een dader op te sporen. Veel waakzame dienders zouden het liefst deze burgeropsporing verbieden. Maar ik zie in de praktijk dat de tactische opsporing door de ‘do it yourself police’ gigantisch gaat veranderen. Het is een ?game changer? van jewelste. We leven niet in een tijdperk van veranderingen, maar in een verandering van tijdperk. Als de politie niet heel snel inspeelt op deze ontwikkeling, maakt zij zichzelf overbodig. Vanuit het klassieke denken moeten burgers nu nog wijken als de politie komt. Straks hebben diezelfde burgers via social media het voortouw. Zij hebben met elkaar een groot potentieel aan intelligentie en vaardigheden om zaken op te lossen of te voorkomen. En dat gaan ze ook doen. Met of zonder politie.

Verbeteren van kennis

Social media zijn nog een relatief nieuw fenomeen. Hoe mensen zich online gedragen en hoe de politie daar op kan inspelen, weten we nog niet precies. Daarom werk ik samen met techneuten, gedragswetenschappers en juristen om de kennis hierover te vergroten bij politie en justitie. In dat kader analyseren we als TNO de rol van social media bij incidenten. Bij ‘project X’ in Haren zien we bijvoorbeeld dat de Mobiele Eenheid wordt ingezet, maar online nauwelijks optreedt. En bij de vermissing van Ruben en Julian uit Zeist neemt de politie wel de regie over de burgerzoekacties, maar niet over de online burgerinitiatieven. Dat kan beter. Burgers willen graag helpen. De politie experimenteert daar dan ook mee. Ik help ze daarbij. Bijvoorbeeld met een social recherche game op Facebook. Maar ook met het online corrigeren van mensen die onacceptabel gedrag vertonen. En een nieuwe versie van Burgernet , die gebruikmaakt van ’the wisdom of the crowd’ via burger- en bedrijfsnetwerken.

Pak gericht de regie

Een aantal voorlopers binnen de politie begrijpen deze nieuwe tijd. Een daarvan is Frank Smilda, districtschef bij de Nationale Politie Eenheid Noord-Nederland. Hij had zeven jaar geleden al een virtuele plaats delict op Second Life om burgers bij het politiewerk te betrekken. Daarmee was hij zijn tijd ver vooruit. Binnenkort verschijnt ons boek ‘Social media: Het nieuwe DNA’. Het laat zien hoe de rechercheur en de amateur elkaar versterken met social media. De Sherlock Holmes’ van deze tijd kunnen veel voor de politie betekenen. Wereldwijd staan veel experts ter beschikking van de politie. Veel meer dan ze ooit zelf in huis kan hebben. Maak daar gebruik van. Burgers willen graag helpen. En ze mogen soms meer dan de politie. Bied ze een platform. En pak gericht de regie daar waar burgers tegen hun grenzen aanlopen. Uiteindelijk blijven politie en justitie nodig om een zaak rond te krijgen en daders op te pakken. Ik blijf mij inzetten om deze nieuwe balans te bereiken.”

Bron:?https://www.tno.nl/content.cfm?context=thema&content=thema_nieuwsbericht&laag1=893&item_id=2013-12-17%2010:04:03.0&Taal=1