Tagarchief: sherlock

Pas op met de burger als parttime politieman

We nemen steeds vaker zélf het initiatief bij de opsporing van criminaliteit. Daar zitten voordelen maar ook haken en ogen aan. Op 2 mei organiseren RTL Z en Open Universiteit een online seminar over dit thema, Sven Brinkhoff van Open Universiteit licht vast een tipje van de sluier op.

Een Whatsappgroep waar buurtbewoners elkaar waarschuwen als ze tussen de vitrage iets verdachts zien. Bezorgde burgers die in linie door een bos trekken, op zoek naar de verdwenen Anne Faber. Astrid Holleeder die de ruzies met haar broer opneemt. “Steeds vaker doen burgers opsporingswerk dat gewoonlijk was voorbehouden aan politie en recherche.”, zegt Sven Brinkhoff, universitair hoofddocent strafrecht en strafprocesrecht aan de faculteit Cultuur- en rechtswetenschappen van de Open Universiteit. “Een onmiskenbare trend.”

Volgens Brinkhoff komt burgeropsporing voort uit toenemende onvrede bij burgers over het functioneren van de politie. Met name kleine zaken die blijven liggen zorgen voor veel onvrede. Daarnaast is er de beschikbaarheid van digitale apparatuur, zoals smartphones. “Dat maakt het verzamelen van bewijsmateriaal niet alleen makkelijker, het is ook steeds eenvoudiger om die gegevens snel bij de politie aan te leveren.”

Brinkhoff geeft als voorbeeld de app Sherlock van TNO die de burger helpt bij het aanmaken van een opsporingsdossier. Daarin kunnen gegevens zoals locatie en het mogelijke motief worden genoteerd, maar ook zichtbare sporen en een lijst van gestolen goederen. “Heel handig, want zo’n kant-en-klaar dossier neemt de politie veel werk uit handen.”

Sven Brinkhoff van Open Universiteit

Dat politie en justitie meer medewerking vragen van burgers bij de bestrijding en opsporing van criminaliteit begrijpt hij dan ook wel. Ook in het smartphoneloze tijdperk werden burgers al gevraagd om te getuigen, tips te delen of aangifte te doen.

Maar aan de ontwikkeling van burgerparticipatie zitten ook minder rooskleurige kanten. Brinkhoff noemt de Amerikaanse app Vigilante die oproepen stuurde naar burgers om actief mee te zoeken naar daders in de buurt op het moment dat bijvoorbeeld een overval gaande was. “Daar is een stokje voor gestoken. Niet alleen breng je burgers zo in gevaar, je schaadt ook het geweldsmonopolie van de staat.”

Burgers zijn nu eenmaal burgers en geen getrainde opsporingsambtenaren. Ze weten niet hoe ze een plaats delict veilig moeten stellen. Daardoor kunnen sporen verloren gaan of raakt materiaal ‘vervuild’. Ook met al te actieve opsporing van ‘verdachte personen’ in een buurt kan veel mis gaan, benadrukt Brinkhoff: “Dat werkt eigenrichting of racisme in de hand, waarbij de participerende burger misschien wel een paar tikken verkoopt aan een onschuldige.”

Naast de alertheid die een BuurtWhatsapp-groep opwekt en het snel delen van beeldmateriaal en andere informatie is, zitten er echter ook nog andere nadelen aan burgerparticipatie, aldus Brinkhoff. Een valkuil is de juridische houdbaarheid van door burgers verzameld bewijsmateriaal. “De advocaat van de verdachte schiet daar onmiddellijk gaten in. Met als risico dat al het werk voor niks is geweest.”

Steeds vaker ziet Brinkhoff dat door de opkomst van particuliere recherchebureaus en eigenrichting de route langs politie en OM maar helemaal overgeslagen wordt. Volgens hem is dat een groot probleem omdat burgers die het heft in eigen hand nemen, het geweldsmonopolie van de staat ondermijnen. “Dat is echt een glijdende schaal.”

Brinkhoff waarschuwt dan ook voor te grote verwachtingen van de burger die voor politieagent gaat spelen. Burgerparticipatie mag dan wel een reactie zijn op de permanente onderbezetting bij de politie, het uit handen willen nemen van de opsporing hoeft niet tot minder politiewerk te leiden, zegt Brinkhoff: “Als het digitaal steeds makkelijker wordt om een dossier aan te leveren, dan verwacht de meewerkende burger wel dat daar iets mee gedaan wordt. Als dat vervolgens door capaciteitsproblemen niet gebeurt, dan vergroot je de kloof alleen maar.”

Politie en het OM die gebruik willen maken van burgeropsporing, zullen hoe dan ook moeten voorkomen dat ze hun eigen betrouwbaarheid en rechtvaardigheid op het spel zetten door te veel taken naar de burger door te schuiven, aldus Brinkhoff. Ook al is dat vanwege de permanente bezuinigingen wel verleidelijk.

Brinkhoff verwacht dat de rol van burgers bij opsporingswerk hoe dan ook zal toenemen de komende jaren. Dat heeft niet alleen met capaciteit maar ook met kennis te maken, zegt hij. “Kijk maar naar een collectief als Bellingcat. Dat heeft wel de middelen om hoogopgeleide digitale speurneuzen in te zetten, waar de politie geen geld voor heeft. Die expertise van buitenaf, die blijft natuurlijk welkom.”

Kijk en discussieer mee over dit thema

Op 2 mei gingen Sven Brinkhoff (universitair hoofddocent strafrecht) en Emile Kolthoff (hoogleraar criminologie) van Open Universiteit verder in op dit thema tijdens een online seminar bij RTL Z. Ze bespreken recente voorbeelden van burgerparticipatie bij opsporing en belichten de kansen en bedreigingen voor de politie en het OM. Bekijk het online seminar hier terug.

Bron: RTL Nieuws, Open Universiteit

TNO en politie werken samen aan nieuwe technologie?n voor het politiewerk

TNO en politie slaan de handen in ??n om gezamenlijk de maatschappelijke uitdagingen rond veiligheid aan te gaan. Op 8 november jl. bezocht Paul de Krom (Voorzitter RvB TNO) Erik Akerboom (Korpschef politie). Er werd teruggeblikt op de behaalde resultaten van de onderlinge samenwerking en vooruitgekeken naar de te realiseren maatschappelijke uitdagingen op het gebied van veiligheid.

Inspelen op technologische veranderingen

Voortschrijdende digitalisering, de toenemende beschikbaarheid van informatie en nieuwe vormen van criminaliteit dagen de politieorganisatie voortdurend uit tot innoveren. Om in te spelen op deze veranderingen, werkt de politie samen met kennisintensieve organisaties die thuis zijn in deze sociale en technologische vraagstukken. TNO is hierbij een belangrijke partner voor de politie. Vandaag bezocht Paul de Krom (voorzitter Raad van Bestuur TNO) Erik Akerboom (Korpschef politie). Het gesprek markeert een grote stap die TNO en politie samen zetten in de samenwerking. Er werd teruggeblikt op de behaalde resultaten van de onderlinge samenwerking en vooruitgekeken naar de uitdagingen waar de politie voor staat.

Samen vooruit: strategisch ?n operationeel

In 2018 is de samenwerking politie ? TNO versterkt door de start van meerjarige onderzoekprogramma?s op het gebied van informatieprocessen, politiewerk in het cyberdomein, politie in verbinding met de burgers en de ontwikkeling en de weerbaarheid van de professional. De meerjarige programma?s bieden de mogelijkheid om grote thema?s in de volle breedte aan te pakken. Van het analyseren van de impact van interventies op het Dark Web tot aan het ontwikkelen van technologische en sociale innovaties om de ontwikkeling van de professional te ondersteunen. Van het ondersteunen van SGBO’s met behulp van een dynamisch draaiboek tot aan het het ontwikkelen en beproeven van nieuwe applicaties voor burgeropsporing en dienstverlening. Deze programma?s bieden politie en TNO de kans om de vragen van vandaag, morgen en overmorgen op te pakken.

De komende drie maanden neemt TNO Insights vijf voorbeelden onder de loep waarbij TNO’ers en hun ‘innovatiepartners’ bij politie spreken over hun drijfveren, ervaringen en de resultaten van hun samenwerking. Lees ze op?TNO Insights.

Wetenschapper op de werkvloer

De ?scientists on the job? van TNO zijn wetenschappers die zich onderdompelen in de praktijk. Enerzijds stellen zij hun wetenschappelijke kennis beschikbaar aan de organisaties en bedrijven waaraan zij verbonden zijn. Ook gaan zij op zoek naar resultaten uit nieuw onderzoek die direct toepasbaar zijn op de werkvloer. Anderzijds gebruiken ze de dagelijkse praktijk om hun eigen onderzoek te voeden, maar ook universiteiten en hogescholen met de praktijk te verbinden. Dr. Victor Kallen is bijvoorbeeld neurowetenschapper en werkt sinds 2015 samen met de recherche in West-Brabant. Kallen: ?Het geeft veel voldoening om met sociale wetenschap te kunnen bijdragen aan een veiligere samenleving. Het mooiste vind ik dat in een aantal voorheen beruchte wijken en gemeenschappen de sfeer inmiddels zover is omgeslagen, dat de bewoners gemeentelijke handhavers weer durven aan te spreken en te informeren over veiligheids- en sociale vraagstukken. Een buitengewoon sterk signaal van gegroeide maatschappelijk weerbaarheid.?

Meer weten?

Het succes van de bestaande voorbeelden van samenwerking tussen TNO en politie dagen uit tot een meer duurzame en strategische samenwerking met de focus op een toekomstbestendige veiligheidsorganisatie.

Bronnen: TNO

Seminar Burgerparticipatie Politieacademie

Burgerparticipatie kent vele facetten. De overheid betrekt burgers bijvoorbeeld al jaren op diverse manieren bij beleidsvorming. Ook voor de politie is burgerparticipatie een belangrijk thema geworden. Burgers worden namelijk steeds actiever op het gebied van criminaliteitsbeheersing. Onder andere door technologische ontwikkelingen zijn burgers steeds beter in staat om zelfstandig veiligheid vorm te geven. Hierbij valt te denken aan de grootschalige zoektochten bij vermissingen, maar ook aan mensen die zelf gestolen goederen opsporen via internet of ?op jacht gaan? naar daders bij bijvoorbeeld een mishandeling of misbruik van minderjarigen.

Deze ontwikkeling brengt bepaalde risico?s met zich mee. Zo zijn er vaak heftige emoties in het spel en bestaat de dreiging van eigenrichting. Tegelijkertijd is de hulp van burgers een gegeven en biedt de samenwerking met burgers ook nieuwe kansen voor de politie. Burgers bieden naast ?extra ogen en oren? bijvoorbeeld ook kennis en expertise die de politie zelf mogelijk niet of onvoldoende in huis heeft. In ieder geval is burgerparticipatie inmiddels niet meer weg te denken uit de samenleving. De uitdaging voor de politie is dan ook om in verbinding te blijven met de burger.

Hoe de politie met deze risico?s, kansen en dilemma?s omgaat, werd duidelijk tijdens dit gevarieerde seminar, dat op 18 september op de politieacademie werd gehouden, Het bestond uit een plenair gedeelte, gevolgd door workshops. Alle onderdelen werden ge?llustreerd met praktijkvoorbeelden.

Wim van Amerongen, Programmadirecteur Opsporing, opende het seminar. In zijn verhaal over Burgeropsporing stonden onder andere ambities zoals flexibiliteit en de snelle aanpassing aan nieuwe veiligheidsvraagstukken centraal. Oebele Brouwer, de tweede plenaire spreker, behandelde vervolgens vanuit zijn rol als Officier van Justitie de juridische mogelijkheden van burgerinzet en de bewijswaarde hiervan in het strafrecht. Ook bespreekt hij aan de hand van casu?stiek het managen van emoties bij burgerparticipatie in relatie tot het strafproces. Tenslotte hield?Izanne de Wit, specialist vermiste personen van de regionale recherche van de politie Midden-Nederland een mooi pleidooi over nieuwe vormen van samenwerking met allerlei burgergroepen in vermissingszaken. In juni van dit jaar gaf zij nog een interessant interview in de Volkskrant?over de worsteling van de politie bij burgerhulp.

Vervolgens was er?een grote verscheidenheid aan workshops:

1. Runnen in de Bovenwereld?(Law Enforcement Only)
De TCI (Team Criminele Inlichtingen) maakt bij uitstek gebruik van burgers in het verkrijgen van informatie. Veelal zijn deze burgers criminelen die om verschillende motieven hun informatie met de TCI willen delen.
Daarnaast is het van belang om informatiepositie te krijgen bij burgers die zich niet in de traditionele criminele omgevingen bevinden, maar een sleutelpositie hebben binnen het maatschappelijke leven (de Bovenwereld).
Een inzicht in de wereld van Criminele Inlichtingen en Runnen in de Bovenwereld.
Coordinator TCI Landelijke Eenheid

2. “Maar even serieus, politieparticipatie?”?
Politieparticipatie? Een streven misschien maar (nog) geen werkelijkheid. Stan Duijf deed onderzoek naar? verschillende vormen van politieparticipatie. Aan de hand van casuistiek neemt deze workshop je mee in de wereld van burgers die zelf starten met opsporen en de wijze waarop de politie op deze burgers reageert. U krijgt in deze workshop antwoord op vragen zoals, hoe reageert de politie op deze opsporende burgers, welke dilemma’s worden er ervaren en kunnen deze zelfstartende burgers van betekenis zijn voor het opsporingsonderzoek?
Stan Duijf

3.?Hoe verbetert Opsporingscommunicatie de effectiviteit van de opsporing.
Tijdens deze workshop nemen we je mee in een van de meeste bekende vormen van burgerparticipatie in de opsporing, de inzet van Opsporingscommunicatie. We maken als politie al 35 jaar Opsporing Verzocht en met succes. Wekelijks trekt het programma gemiddeld 1,2 miljoen kijkers en in 43% van de zaken die oa hier worden gebracht worden aanhoudingen verricht. Maar Opsporingscommunicatie gaat inmiddels veel verder alleen een opsporingsprogramma. Tijdens deze workshop laten we jullie ervaren hoe je Opsporingscommunicatie kan inzetten als strategisch interventiemiddel en tonen we jullie toonaangevende praktijkvoorbeelden.
Linda Buitenweg

4. Vrijwillig, getraind en Ready2Help: Samen met de politie zoeken bij urgente vermissingen?
Ready@Help?is een burgernetwerk dat in 2014 door het Rode Kruis is opgezet. Het doel is om samen met aangesloten vrijwilligers tijdens grote incidenten een bijdrage te kunnen leveren aan hulpverlening en veiligheid. Inmiddels bestaat het netwerk uit bijna 40.000 mensen en is Ready2Help sinds 2014 al meer dan 300 keer in actie gekomen. Ongeveer een jaar geleden is er experiment gestart waarbij de politie Rotterdam Ready2Help traint in het zoeken bij vermissingszaken. Tijdens deze workshop wordt ingegaan op deze samenwerking met de Eenheid Rotterdam bij het zoeken naar urgent vermiste personen en wordt een verkenning gedaan naar mogelijke andere samenwerkingsvormen met de politie.
Petra Koster

5. ?oh oh ze denken mee!?. Burger internetrechercheurs in vermissingszaken.
De workshop zal gaan over het feit dat burgers hobbymatig steeds actiever met ons mee speuren in vermissingszaken. Als politie is het lastig handelen met de informatie die zij aanleveren. Welke werkwijze hebben zij gehanteerd die geleid heeft tot het verkrijgen van deze informatie?? Hoe gaan zij om met hypothese en scenario?s?? Maar wat nu als informatie die zij verstrekken klopt?
Izanne de Wit

6. Boeven vangen doen we samen! Lessen uit Kootwijkerbroek.
Burgers organiseren zichzelf via WhatsApp of speciale buurtapps en attenderen elkaar ?n ons op veiligheidszaken en verdachte situaties in de buurt. Als politie zijn we heel blij met deze betrokkenheid, want; met vele ogen zien we meer en dit vergroot de kans op heterdaad aanhoudingen! Maar wat doen we als een dergelijke groep uitgroeit tot een burgerwacht die 24/7 paraat staat om met eigen middelen de veiligheid in de wijk te bewaken?
Onderwerpen die in deze workshop aan bod komen zijn onder andere:
? Burgers organiseren zich zelf, maar wat verwachten ze van de overheid?
? Hoe kun je burgerparticipatie goed en slim organiseren?
? En wat zijn de do?s en don?ts voor een goede samenwerking?
Wilma Borren

7. Participeer! Kom je alleen info halen of doe je mee??
In deze workshop nemen twee politiekundigen u mee in hun afstudeeronderzoek naar burgerparticipatie. Zij deden onderzoek naar de kansen voor burgerparticipatie in het district Oost-Utrecht. Daarvoor spraken zij onder andere met burgerrechercheurs en buurtvaders over de samenwerking met de politie. Ook onderzochten zij welk beeld politiemedewerkers van? burgerparticipatie hebben en welke mogelijkheden collega’s zien om paticipatie meer te benutten. Naast het bespreken van de resultaten van het onderzoek gaan zij graag met u in gesprek om samen verder te leren.
Wilma Borren & Bas van der Hee

8. Verschil Maken. Het spanningsveld tussen burgerparticipatie en de waarden van de rechtstaat.
Anne Faber kent u waarschijnlijk wel. Edwin Takens waarschijnlijk niet. Beiden werden eind 2017 in de omgeving van Soest vermist. De zoektocht naar Anne Faber werd een nationale aangelegenheid met tal van burgerinitiatieven. Bij Edwin Takens gebeurde dat niet. Hoe gingen wij om met dat verschil?
We zijn nieuwsgierig naar waar de politie zich door laat leiden bij het bepalen van de inzet van schaarse capaciteit? In het maken van die keuze dienen wij de waarden van de rechtsstaat en staan wij voor gelijkheid. Maar het vermogen om zelf voor veiligheid te zorgen is ongelijk verdeeld in de samenleving. Die maatschappelijke ongelijkheid zouden wij kunnen negeren, nivelleren of juist uitvergroten. Negeren door in alle gevallen gelijke inzet te plegen, nivelleren door een stap terug doen waar burgers participerend en redzaam zijn en andersom. En uitvergroten door juist mee te bewegen met de publieke opinie en inzetten op die zaken die burgers in beweging brengen. Hoe gaan wij om met maatschappelijke ongelijkheid en deugt het wat wij doen? Tijdens deze workshop wordt het denkraam van een onderzoek naar de spanning tussen burgerparticipatie en de waarden van de rechtsstaat gepresenteerd. En willen we op een interactieve manier discussi?ren over dit spanningsveld.
Susanne Huijing & Machteld van den Bosch

9. De Landelijke Deskundigheidheidsmakelaar: Inzet van externe deskundigen
Er is een toenemende vraag naar externe deskundigen (burgers) die een bijdrage kunnen leveren aan het opsporings- en vervolgingsproces. Het kan echter moeilijk zijn om te bepalen wie en op welke wijze een burger/deskundige een bijdrage kan leveren? in een onderzoek. Onduidelijkheid hierover gaat soms ten koste van de kwaliteit van het onderzoek. Er zijn echter veel kwalitatief uitstekende en betrouwbare? externe deskundigen (burgers) die meer en vooral eerder ingezet kunnen worden dan nu het geval is. De Landelijke Deskundigheidsmakelaar (LDM) wil de politie, openbaar ministerie, bijzondere opsporingsdiensten en zittende magistratuur? hierbij graag ondersteunen en adviseren. De LDM heeft een register met daarin gescreende en getoetste externe deskundigen die geraadpleegd kunnen worden.
Mariska van Diepen & Jan Verkaik

10. Wanneer werk je wel of niet samen met burgers in opsporing?
Burgers hebben meer dan alleen ogen en oren, en willen in toenemende mate meedenken en doen in het opsporingsproces. Denk aan meezoeken bij vermissingzaken, of het speuren naar gestolen spullen op internet. Maar wanneer werk je nu als politie echt samen met burgers, en wanneer niet? Wanneer laat je burgers hun gang gaan, en wanneer moet je het in goede banen leiden? Of hoe kun je ingrijpen als het schadelijke gevolgen kent? In deze workshop willen we met jullie in discussie over benodigde instrumenten voor politie en burgers om deze processen in goede banen te leiden. Aan de hand van in ontwikkeling zijnde tools zoals het burgeropsporingsplatform Sherlock willen we interactief op zoek naar voorbeelden uit de praktijk en eindigen met voorlopige antwoorden op deze vragen. Sherlock: https://socialmediadna.nl/sherlock/
Sven Schultz & Arnout de Vries

11. Burgerparticipatie: de buurt en de agent (Veiligebuurt app)
Bewoners starten buurtpreventie initiatieven (m?t en z?nder de wijkagent) om hun buurt veiliger te maken. WhatsApp heeft zijn beperkingen voor bewoners ?n voor de wijkagent. Veiligebuurt.nl app is speciaal ontwikkeld en wordt nu door politie eenheden gebruikt.
In deze workshop wordt de voorbeeldcase met Politie Bommelerwaard uitgediept en de succesfactoren en resultaten vanuit het Ministerie van J&V besproken.
Natuurlijk staan we ook stil bij uw ervaringen, tips en hoe u kunt genieten van de voordelen (zonder eventuele belemmeringen).
Tim van Belkom

12. Ondernemers Alert, ”Ondermijning met een hapje en een drankje”
En dan is het ineens je buurman ondernemer op het industrieterrein waar de hennep zit en waar een ripdeal plaatsvind. De wijkagent komt erachter dat die buurman best wel wat wist.. maar helaas vaak achteraf. We willen naar de voorkant komen, hoe ga je samenspannen met ondernemers en hen bewustmaken van de signalen en weer in verbinding komen met de overheid. We zijn het gewoon gaan doen met ons publiek private netwerk ondermijners, zo’n 2 jaar geleden is het Platform Veilig ondernemen,? MKB- VNO, Politie, gemeenten, ondernemersverenigingen, samen voorlichtingen gaan geven op industrieterrein, daar waar het gebeurd, zoals in de loods waar XTC geproduceerd werd. Met een hapje en een drankje in?informele bijeenkomsten waarbij de burger als ondernemer en 1overheid weer in gesprek komen. Inmiddels landelijk gevolgd, 1200 ondernemers verder een 30 tal lokale bijeenkomsten, Haagse politici tot en met de minister die deze bijeenkomsten ook aanschuiven. In deze workshop vertellen we ons persoonlijke story over hoe een schijnbaar kleine interventie lokale, soms onverwachte, mooie effecten kan hebben in het herstellen van de publiek private verbinding.
Petra van den Bergh

13. Sarea Samen Zoeken?
Jaarlijks worden meer dan 40.000 mensen als vermist opgegeven. Gelukkig zijn 70% van de personen binnen 24 uur teruggevonden. In sommige gevallen helaas niet. Burgers starten vaak zelf een zoekactie voordat de politie in beeld komt. Dat is goed, want juist de eerste 24 uur zijn cruciaal.
Burgers willen graag, maar weten niet altijd hoe ze een zoekactie moeten leiden. Hoe weet je wie waar zoekt? Hoe stuur je mensen aan? De vermissingsapp Sarea helpt door de zoekactie te structureren en te organiseren. Doordat Sarea een afgebakend zoekgebied bepaalt en doordat de co?rdinator overzicht behoudt van waar wel en niet gezocht is, zorgt Sarea voor cruciale afstemming en samenwerking tussen alle partijen die betrokken zijn bij het zoeken naar een vermiste persoon. Wat komt erbij kijken als je met een app met burgers wil gaan samenwerken op het gebied van zoekacties? Van idee naar uitvoer, daar gaat de workshop over.
Ronnie Hessels & Henk-Jan Kazemir

14. Als je normale vragen stelt, krijg je ook normale antwoorden. Over de rol van de burger in de opsporing
? Wie vertrouwt zijn DNA toe aan de overheid?
? Wie durft te getuigen over een hennepplantage in de buurt, of over een moord?
? Wat doet de politie als de burger iets van de overheid wil in ruil voor zijn bijdrage?
? Wat mag is de prijs van de vooruitgang?
In deze workshop gaat Maarten Bollen in op de rol van de burger in de opsporing. Welke overeenkomsten hebben de burgers die in Friesland DNA afstonden voor het verwantschapsonderzoek naar de moord op Marianne Vaatstra met de dealende criminelen die hun celgenoot erbij lapt in ruil voor minder straf? Maarten Bollen was betrokken bij het onderzoek 3D waarin verwantschapsonderzoek voor het eerst werd ingezet. Hij is op dit moment projectleider Bijzondere Getuigen in de regio Oost.
Maarten Bollen

Bron: Politieacademie

Burgers zetten steeds vaker de politiepet op

De rol van burgers in de opsporing van daders en in handhavingstaken groeit. Denk aan burgers die iemand staande houden of online sporen veiligstellen. Er zijn echter ook dilemma?s rondom de bevoegdheden van burgers die via het internet de politie helpen. Welke grenzen stel je daarbij? En wat doe je met het delen van opsporingsbeelden?

Kunnen politie en justitie aan slagkracht winnen door burgers intensiever te betrekken bij politiewerk? In menig beleidsstuk en ook vanuit de wetenschap wordt de potenti?le rol van burgers onderstreept. Er lijkt echter een verschuiving gaande van participerende burgers naar een participerende politie. Burgers gaan steeds meer zelf aan de slag en lossen veiligheidszaken op. Het geweldsmonopolie en vervolgingsmonopolie zijn evident en eenduidig in wetgeving vastgelegd, maar een monopolie op andere veiligheidstaken is er niet. Als het de politie lukt om?DIY-policing?(doe-het-zelf) in goede banen te leiden, kan dit gepaard gaan met grote maatschappelijke winsten:

  • toegenomen politiecapaciteit, zonder of met een minimaal financieel prijskaartje;
  • sterkere binding tussen politie en burgers, en tussen burgers onderling;
  • beter beeld van de werkelijke criminaliteit;
  • dalende criminaliteitscijfers door hogere pakkans en meer, met politie samenwerkende ogen op straat.

Informatiepositie van burgers

Door sociale media wordt de informatiepositie van burgers gedemocratiseerd en ook kennis en kunde zijn door het internet steeds meer openbaar. YouTube is een doe-het-zelf-academie. Instructievideo?s en allerlei tools worden door vrijwilligers gratis aangeboden als apps. De adoptie van sociale media is zo groot in Nederland dat burgers elkaar weten te vinden en te mobiliseren. Het?rapport?over de MH17 laat zien dat burgers niet schromen hun krachten te bundelen na een ramp. Ook in opsporing laten burgers van zich horen, getuige de?zaak?waarin een vrouw haar eigen aanrander opspoort en in de val lokt. En vanuit hun emoties startten burgers een massale klopjacht op de?‘kopschoppers‘.

Doe-het-zelf-politie

Deze doe-het-zelf-politie verandert het werk van de politie radicaal. Zaken die nu op de plank blijven liggen kunnen worden opgelost door burgers, of met hun hulp. Burgers en politie komen bovendien nader tot elkaar door nieuwe samenwerkingsmogelijkheden. Maar het kan ook helemaal misgaan. Als burgers het recht in eigen hand nemen bijvoorbeeld. Of als zij in gevaarlijke situaties belanden, omdat zij onrecht bestrijden.

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die de politie geniet

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die bijvoorbeeld de politie geniet. Nu ontbreekt het bij burgers meestal aan de kennis en middelen om rechtmatig bewijsmateriaal op te bouwen tegen een verdachte. Het zijn processen die in goede banen kunnen worden geleid, als de overheid een faciliterende rol inneemt. Tijdens de eerste internationale?workshop?Do It Yourself Policing in Berlijn zijn niet alleen de sterktes en zwaktes benoemd van burgers die veiligheidstaken op zich nemen, maar ook de kansen en bedreigingen werden ge?nventariseerd. Hier hebben verschillende experts uit wetenschap, politie en bedrijfsleven uit verschillende Europese landen aan bijgedragen. Vanuit Nederland waren onder andere de politie, het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, Privacy Company en Universiteit Utrecht vertegenwoordigd.? In figuur 1 is deze SWOT-analyse (Strengths, Weaknesses, Opportunities & Threats) weergegeven.

Figuur 1>? SWOT-analyse van Do It Yourself Policing

Dilemma’s rondom Doe-het-zelf-politie

Uit bovenstaande analyse zijn verschillende praktische en oplosbare vraagstukken af te leiden, maar ook lastig te slechten dilemma?s. Een praktisch en oplosbaar vraagstuk is bijvoorbeeld het gebrek aan kennis over sociale media, of de wijze waarop politie en burger laagdrempelig en snel met elkaar kunnen samenwerken. In het Europese onderzoeksproject?INSPEC2T?wordt bijvoorbeeld een nieuwe community-policing oplossing ontwikkeld en in meerdere experimenten getest, zoals in?Buurtlab Groningen. Met een online-community-policing-platform kunnen burgers, gemeente en politie op moderne manieren met elkaar contact zoeken en samenwerken. In Den Haag loopt een onderzoek naar een publiek-privaat samenwerkingsconcept genaamd BART!: Burger Alert Real Time.

Project BART! in Den Haag
Lees ook:?Met BART! werken aan een veilige buurt

Lastigere dilemma?s komen om de hoek kijken als het gaat om de bevoegdheden van burgers die via internet van over de hele wereld kunnen meedoen. Welke grenzen stel je wanneer en voor wie? Nieuw beleid moet vastleggen wat burgers (niet) mogen en wat tot de taak van de politie en het OM behoort. Echter, het opstellen van regels en richtlijnen, maar ook het toetsen van praktijksituaties zal niet makkelijk zijn. De vraag is of van een burger, die ook nog persoonlijk betrokken is door een relatie met het slachtoffer, dezelfde zelfbeheersing kan worden verwacht als van een niet-betrokken politiebeambte. Denk aan het voorbeeld van de??wraakvader?, die de vermeende online belager van zijn dochter via Facebook opspoorde.

Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten

Een ander voorbeeld van een lastig dilemma is het delen van beelden. Het gebeurt steeds vaker dat mensen beelden van mogelijke misdrijven online zetten in de hoop de dader(s) op te sporen. ?Zolang het in een neutrale context gebeurt? heeft het OM er geen problemen mee dat mensen op eigen houtje opsporingsbeelden op sociale media zetten, en: ?Het is niet strafbaar?. Het OM stelt dat het online zetten van opsporingsbeelden alleen strafbaar is ?als er een belediging wordt geuit aan het adres van de gefilmde persoon? of wanneer deze wordt beschuldigd van iets wat hij/zij niet heeft gedaan. Toch ligt?naming & shaming?op de loer, een online fenomeen waar niemand momenteel vat op lijkt te hebben.

Groeiende rol van burgers

Niet gehinderd door de uitdagingen en (ethische) dilemma?s zetten burgers steeds vaker de ?Sherlock?-pet op bij opsporing of de politiepet bij handhavingstaken. Burgers wachten niet tot beleid of draaiboeken om met burgers samen te werken zijn uitgekristalliseerd. De duizenden WhatsApp-buurtgroepen in Nederland zijn een goed voorbeeld van Do It Yourself Policing. Buurtbewoners vormen samen met de wijkagent en soms ook gemeente een barri?re tegen criminelen. In het rapport?Worldwide Mapping of Best Practices and Lessons Learnt?zijn vele internationale voorbeelden van Do It Yourself Policing te vinden.

Burgeropsporing, burgerhandhaving, burgerhulpverlening, burgertoezicht ? ? Burgers die eerste hulp verlenen, iemand staande houden of eerste hulp bij opsporing leveren door alvast online sporen veilig te stellen. Het zijn voorbeelden van werkvoorbereiding door burgers die zeer waardevol kunnen zijn. Daarna nemen professionals de zaak over. Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten die door de politie nog onvoldoende worden benut.

In het in oktober 2017 gepresenteerde programma ter verbetering en vernieuwing van opsporing en vervolging, omarmt de politie deze toenemende rol van burgers (zie ook het rapport?Handelen naar Waarheid,?dat een belangrijke start betekende voor het Programma Herijking Opsporing). Onderzocht wordt hoe de nieuwe, gerechtvaardigde, verwachtingen van burgers waargemaakt kunnen worden. Samenwerking wordt gefaciliteerd door sociale media en webcare, maar ook met apps waarmee burgers zelf kunnen opsporen in geval van bijvoorbeeld een vermissing, autodiefstal of woninginbraak. <<

Europees project
Het onderzoeksproject MEDI@4SEC brengt de kansen en bedreigingen in kaart die nieuwe communicatietechnologie?n teweegbrengen voor de veiligheid en veiligheidsinstanties. Dit artikel is het eerste van 6 artikelen over specifieke thema’s binnen dit onderwerp: ) Do It Yourself (DIY) Policing; 2) Rellen en massabijeenkomsten; 3) Dagelijks politiewerk; 4) Dark Web; 5)?Trolling?en; 6) Innovatieve marktoplossingen. Lees ook het inleidende?artikel?in Secondant over de kansen van nieuwe communicatietechnieken voor justitie en politie.
Meer informatie over MEDI@4SEC is te vinden op de?projectwebsite. Hier zijn ook de volledige onderzoeksrapporten te downloaden zodra deze openbaar zijn.

Arnout de Vries en Carlijn Broekman zijn werkzaam bij TNO. Zij zijn bereikbaar voor vragen en discussie via e-mail:?arnout.devries(at)tno.nl?en?carlijn.broekman(at)tno.nl.

Bron: Secondant.nl

Sherlock – DIY opsporingsplatform voor burgers

Daar sta je dan. Net terug van een feestje, lijkt er thuis ingebroken te zijn. De sporen van een inbraakpoging zijn duidelijk te zien. De adrenaline giert door je lijf. Die inbreker ga je opsporen! Maar hoe pak je dat aan? Met de Sherlock-app voor burgeropsporing, ontwikkeld door TNO en de politie.

Via de Sherlock-app openen slachtoffers van bijvoorbeeld vernieling, cyberpesten, een poging tot woninginbraak of diefstal hun eigen opsporingsdossier. Daarin leggen ze ? afhankelijk van het misdrijf ? de locatie, zichtbare sporen, mogelijk motief, getuigenverklaringen en gestolen goederen vast. Een andere mogelijkheid is het samenstellen van een compositiefoto van een verdachte. Veel mensen vinden het moeilijk om de juiste ogen, oren of neus op een gezicht te plakken. Daarom bevat de app een trainingsspel, waarmee gezichten van bekende personen ?bij elkaar geklikt? moeten worden. Is het dossier compleet? Dan deelt de gebruiker eenvoudig via diverse socialmediakanalen of e-mail een opsporingsbericht, en stuurt hij het complete dossier naar de politie zodat zij actie kan ondernemen. Vervolgens wisselen de gebruiker en politie updates uit via de app.

Zelf buurtonderzoek doen

?De app maakt het mogelijk om gebruik te maken van ?the wisdom of the crowd??, vertelt Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO. ?De politie schakelt burgers nu nog vrij traditioneel in, bijvoorbeeld via Opsporing Verzocht. Maar burgers hebben niet alleen ogen en oren waarmee ze kunnen waarnemen, ze hebben ook hersenen met kennis en denkkracht, en handen en benen om iets te doen. Dat mobiliseren we via de app. Een buurtonderzoek kost bijvoorbeeld veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring? Ik weet wanneer ze thuis zijn en dankzij de app weet ik ook wat ik moet vragen. De politie hoeft niet meer alles zelf te doen. Zij kan haar schaarse capaciteit voortaan zo effectief mogelijk inzetten, waardoor er hopelijk meer zaken worden opgelost.?

?Een buurtonderzoek kost veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring??

Risico’s van zelf daders opsporen

Als burgers zelf daders gaan opsporen, brengt dat risico?s met zich mee. Hoogoplopende emoties kunnen bijvoorbeeld leiden tot eigenhandig optreden. De Vries is zich daarvan bewust, maar stelt dat dit ook zonder de app al het geval is: ?Je kunt burgers niet zomaar tegenhouden. Ze starten nu al hun eigen onderzoek via Facebook, omdat ze merken dat de politie aan lang niet alle zaken prioriteit geeft of te kampen heeft met capaciteitsgebrek.?

Burgeropsporing

Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee.? Daarom helpt de Sherlock-app niet alleen bij de opsporing, maar geeft het burgers ook informatie over preventie en over wat volgens de wet wel en niet mag. Daarnaast maakt de app inzichtelijk wat de consequenties zijn van sommige handelingen, zoals het online delen van namen en foto?s van verdachten en slachtoffers.

?Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen?

Programma ‘herijking opsporing’

Op dit moment is de Sherlock-app nog een prototype en niet daadwerkelijk in gebruik. TNO hoopt deze innovatieve app verder te ontwikkelen, in het kader van het programma ?Herijking opsporing? van de politie. Burgerparticipatie krijgt binnen dit vernieuwingsprogramma de nodige aandacht, omdat het besef binnen de politie doordringt dat een ?chte revolutie nodig is: een actieve rol van, en samenwerking met burgers. De Sherlock-app is daarvoor een goed middel.

Cultuurverandering noodzakelijk

De Vries is realistisch genoeg om te weten dat hiervoor een cultuurverandering nodig is. ?Binnen de politie wordt niet voor niets gesproken over blauw ? de agenten op straat ? en grijs ? de recherche. De opsporingstak van de politie heeft dagelijks te maken met misdrijven en vertrouwt niet zomaar burgerspeurneuzen die zelf hun zaak willen oplossen. Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen.?

?Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee?

Samenwerken met de politie

Daarnaast is een verandering in mindset nodig. Nu wordt burgerparticipatie vaak nog gezien als een laatste redmiddel om een zaak op te lossen. Ook zijn politieprofessionals bang dat burgers een zaak schaden, waardoor een dader niet berecht kan worden. ?Uit de onderzoeken die ik doe, blijkt dat de meeste burgers van goede wil zijn en bereid zijn om samen te werken met de politie. Daarom gaan TNO en de politie na een testfase het in gebruik nemen van de app verkennen. Zo gaan we op bezoek bij slachtoffers van een inbraak en maken we samen met hen een opsporingsdossier. Politie en burgers kunnen de samenwerking op die manier aan den lijve ervaren, waardoor meer respect en vertrouwen in elkaar kan ontstaan. De moderne Sherlock met app heeft de toekomst.?

Bronnen: TNO Time

Kansen en risico’s van burgeropsporing

Burgers helpen graag bij het vinden van een vermiste. Apps maken dat makkelijker. Het risico is dat de burger voor rechercheur, Openbaar Ministerie en rechter speelt. Onderstaand artikel?in NRC van?Kasper van Laarhoven gaat in op de kansen en risico’s van burgeropsporing.

Stel, je dochtertje van vier verdwijnt. Wat doe je? De politie bellen en afwachten? Nee, zegt agent Ronnie Hessels, je gaat direct zelf zoeken. Met die gedachte ontwikkelde hij een app die burgers helpt samen effici?nt op zoek te gaan naar een vermiste.

Vrijdag kreeg Hessels voor deze app de Innovatieprijs 2018, een nieuwe prijs om creatieve idee?n binnen de politie te stimuleren.

Agent Hessels kwam op het idee voor de app doordat het meezoeken van familieleden, vrienden en bezorgde burgers bij vermissingszaken de politie vaak voor problemen plaatst. ?Altijd rijzen dezelfde vragen: hoe kun je de vrijwilligers co?rdineren? Hoe groot is het gebied dat je moet doorzoeken? En waar heeft men al gezocht?? Aan de ene kant is de politie blij dat mensen willen helpen, en dat levert soms ook echt wat op. Zo waren het vrienden van Anne Faber die in oktober haar jas vonden met daarop het DNA-spoor dat uiteindelijk tot de vondst van haar lichaam leidde.

Maar zonder co?rdinatie kan een zoektocht ook leiden tot chaos, dubbel werk, en het voor de voeten lopen van de politie. Dat gebeurde bijvoorbeeld in 2013, toen burgers massaal uitrukten om de vermiste broers Ruben (9) en Julian (7) op te sporen. Zonder overleg met de autoriteiten struinden honderden mensen door de bossen rondom Doorn, Leersum en Rhenen. Gebieden werden niet, onzorgvuldig of juist dubbel doorzocht; bewijsmateriaal werd mogelijk gemist, aangetast of meegenomen.

Zoekgebied op telefoon

De app van agent Hessels, die?Samen Zoeken?heet, kan dit soort problemen voorkomen. Wie meezoekt, krijgt op zijn telefoonscherm een kaartje te zien van het gebied waarin de vermiste zich waarschijnlijk bevindt. Dat zoekgebied bepaalt de app op basis van de leeftijd van de vermiste, de plek van verdwijnen en mogelijke vervoersmiddelen. Over het kaartje ligt een raster heen. Als in ??n van de rastervakjes wordt gezocht, kleurt dit vakje donkerder. Hoe meer burgers daar zoeken, hoe donkerder het vakje. Zo voorkomt de app dat zoekgebieden worden overgeslagen terwijl andere steeds opnieuw worden doorzocht. De politie kan in de app zoektips delen met burgers, en deelnemers kunnen elkaar berichtjes en foto?s sturen, bijvoorbeeld als ze op sporen stuiten.

Het betrekken van burgers bij het oplossen van vermissingen en misdrijven is in Nederland geen nieuw fenomeen. Dat begon ooit met politie-oproepen in kranten en op de radio. Later kwamen daar het tv-programma?Opsporing Verzocht?(1982) en het verzenden van politieberichtjes via Burgernet (2006) en ?Amber Alert? (2008) bij.

Frank Smilda, hoofd van de informatiedienst van de politie Noord-Nederland, zette in 2006 een website op waarop de politie Utrecht zogenoemde ?cold cases? deelde, zaken van lang geleden die de politie niet had kunnen oplossen. Burgers konden op die manier mee rechercheren. ?Wisdom of the crowd, heet dat?, zegt Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO en mede-ontwikkelaar van Samen Zoeken. ?Als je duizend mensen het gewicht van een koe laat raden, dan klopt het gemiddelde behoorlijk goed.?

Een mini-dossier opbouwen

Momenteel werkt hij met Smilda aan een app (werktitel?Sherlock) waarmee slachtoffers van een misdrijf zelf een mini-dossier kunnen opbouwen, nog v??r de politie ter plaatse is. Hoe sneller na het misdrijf getuigenverklaringen vastgelegd worden, hoe betrouwbaarder ze zijn, zegt De Vries. Met deze app kunnen gebruikers straks de vluchtroute van de dader intekenen op een kaartje, een snelle compositietekening in elkaar knutselen en verklaringen van omstanders opnemen.

De Vries ontwikkelde eerder al eens een computerspel met de politie, dat burgers vanuit huis moest laten meehelpen echte zaken op te lossen. Deze game liet een gedetailleerde simulatie zien van de plaats delict, toonde verhoorverslagen en had zelfs een digitaal forensisch lab. Het spel bleek echter te duur en kwam nooit verder dan een prototype.

De Vries, Hessels, en Smilda zien vooral voordelen in het ontwikkelen van nieuwe digitale hulpmiddelen waarmee de burger actief kan bijdragen aan recherchewerk. Strafrechtjurist Sven Brinkhoff van de Radboud Universiteit kijkt daar heel anders tegenaan. Hij doet onderzoek naar de rol van burgers in opsporing en de gevolgen hiervan voor strafzaken. De risico?s zijn volgens hem te groot. ?Stel dat de Samen Zoeken-app wordt ingezet en het vermiste kindje is meegenomen door iemand met kwaad in de zin?, zegt hij, ?wat gebeurt er dan als de zoeker ineens oog in oog komt te staan met de ontvoerder?? De kidnapper kan dan ?iets doen wat hij helemaal niet van plan was?.

Een ander risico is dat een burger die het kind vindt bij een volwassene ervan uitgaat dat diegene de kidnapper is, zegt Brinkhoff. De zoeker zou dan op fysiek geweld kunnen overgaan, terwijl die ander het kindje misschien net zelf gevonden heeft. Een derde gevaar is dat de zoeker de identiteit van de verdachte bekendmaakt nog voor schuld bewezen is.

Dat laatste gebeurde bijvoorbeeld in 2013 in de Verenigde Staten, toen leden van het forum Reddit probeerden aan de hand van camerabeelden de dader van de aanslag op de Boston Marathon te achterhalen. Het scenario dat de meeste steun kreeg van de forumbezoekers, ging over student Sunil Tripathi. Journalisten pikten de beschuldiging op en binnen enkele uren zag heel Amerika deze Tripathi, die later onschuldig bleek, als hoofdverdachte. Zijn familie werd bedreigd en lastiggevallen door de media, wat de FBI weer dwong vroegtijdig de namen van de echte verdachten prijs te geven.

Onrechtmatig verkregen bewijs

?Het gevaar is dat de burger steeds meer de rol van opspoorder, aanklager ?n rechter op zich neemt?, zegt Brinkhoff. ?Op den duur ondermijnt dit de positie van politie, OM en rechterlijke macht. Zij verliezen niet alleen hun monopolie, maar ook het initiatief en de controle.?

Onrechtmatig verkregen bewijs, dat door burgers aangeleverd is, kan later voor problemen zorgen tijdens de rechtszaak. Brinkhoff: ?De politie is verplicht bij een aanhouding te zeggen dat een verdachte het recht heeft te zwijgen, terwijl een burger die iemand op heterdaad denkt te betrappen, de verdachte soms juist tot een bekentenis dwingt.?

Als zo?n bekentenis met een mobieltje wordt gefilmd, is het de vraag of de opname later gebruikt mag worden in de rechtszaak, aldus Brinkhoff. ?Voor je het weet is bewijs besmet en kan de rechter het niet meer meenemen. Dit verkleint de kans op bestraffing, ook als de verdachte w?l schuldig is.?

De risico?s die Brinkhoff noemt, zijn bekend, zegt Wendy Gehrmann, woordvoerder van de Nationale Politie. Maar voor de politie wegen de voordelen van burgers die meespeuren op tegen de nadelen. Bovendien gaan mensen nu eenmaal zoeken als een dierbare vermist raakt. Het is voor de politie de kunst dit soort burgerzoektochten in goede banen te leiden, en daarbij rekening te houden met de rol van Twitter en Facebook. ?We kunnen niet ontkennen dat social media het hele opsporingsproces be?nvloeden. Daarom is het juist van belang er zelf actief in te investeren.? Vandaar dat de politie de app die agent Hessels ontwikkelde, beloonde met de nieuwe Innovatieprijs.

Brinkhoff vreest dat de politie zich op een glijdende schaal begeeft. ?Het begint met onschuldige apps, maar op de lange termijn moet je je afvragen of je het wel wilt stimuleren dat de burger zich steeds meer uitgenodigd voelt om aan recherchewerk bij te dragen?, zegt hij. ?Je wilt niet in een politiestaat leven, maar al helemaal niet in een amateurpolitiestaat.?

Bronnen: NRC

DIY Policing

Social media zorgt dat burgers activiteiten ontplooien die normaal onderdeel waren van het politiewerk en het werk van andere organisaties die zich bezighouden met de openbare veiligheid. Als moderne Sherlock Holmes helpen burgers de politie of nemen ze taken zelfs over. Zij onderzoeken misdaden, identificeren verdachten, vormen lokale buurtwachten, jagen op pedofielen en melden op allerlei manieren?misdaad.

Vanuit het Europese onderzoeksproject Medi@4Sec is gisteren het beknopte rapport over DIY Policing publiek gemaakt dat precies naar dit nieuwe fenomeen wereldwijd onderzoek heeft gedaan. Er zijn veel voorbeelden bekeken, en de ethische en juridische uitdagingen zijn hierbij ook onder een vergrootglas gelegd.

Al reeds in januari was er in Berlijn de eerste Europese bijeenkomst over dit onderwerp om met experts uit politie, OM, ministeries, wetenschap, bedrijfsleven en burgergroepen te praten over de kansen en bedreigingen die dit nieuwe fenomeen bieden.

Hieronder kun je de publicatie online lezen of downloaden. Mocht je het volledige achterliggende onderzoeksrapporten willen lezen verwijzen we je naar de website van?Medi@4Sec?waar ook andere interessante publicaties over de impact van social media op politiewerk te vinden zijn:

Bronnen:?Medi@4Sec

Burgers die zelf jagen op boeven

Vrouw spoort aanrander op

Een vrouw van 28 uit Hoorn zocht zelf de man op die haar had aangerand. Hij had haar telefoon gestolen, maar bleef die wel gebruiken. Via een app wist ze ‘m op te sporen. Een typisch geval van burgeropsporing en het komt steeds vaker voor. Maar is het wenselijk?

Het is niet alleen van deze tijd dat burgers een rol spelen bij het opsporen van verdachten. Methoden die al jaren gebruikt worden door de politie zijn bijvoorbeeld getuigenverhoren en buurtonderzoeken. Maar de laatste tientallen jaren zijn er andere methoden bij gekomen. Met de opkomst van de digitale wereld kunnen burgers gemakkelijker en sneller bijdragen aan een politieonderzoek.

“De komst van internet heeft ervoor gezorgd dat burgers zelf bij informatie kunnen”, vertelt Arnout de Vries van onderzoeksbureau TNO. “Denk bijvoorbeeld aan sociale media. Daar kan je veel informatie vinden over mogelijke daders die iets met jouw zaak te maken hebben.”

Dat komt niet alleen doordat er meer informatie wordt verspreid, maar ook door de mogelijkheid meer middelen te gebruiken. “Er zijn apps die je kan downloaden waarmee je veel gemakkelijker dichter bij de dader komt”, gaat De Vries verder. “Een mobiele applicatie waarmee je de locatie van jouw mobiel kan traceren bijvoorbeeld. En zo’n app bestaat inmiddels ook al voor bepaalde auto’s.”

Dat is niet helemaal zonder gevaren. “Burgers maken zichzelf heel wat wijs. Het zijn gewoon amateur-speurders, maar ze zien zichzelf als een professioneel rechercheur.”

De 28-jarige vrouw uit Hoorn maakte gebruik van zo’n app en kwam op die manier de man die haar aanrandde op het spoor. De telefoon van de vrouw was na de aanranding door de dader meegenomen en werd ook door hem gebruikt. Hij had niet door dat hij daardoor in beeld zou kunnen komen.

Vandaag stond de Somalische man voor de rechter. Mohammed M. wordt verdacht van poging tot verkrachting en diefstal. Het OM eist 32 maanden cel tegen hem.

Zelf voor rechercheur spelen kan ertoe leiden dat burgers overgaan tot eigenrichting. “Als je eenmaal weet hoe een zaak in elkaar steekt, is het heel verleidelijk om voor eigen rechter te gaan spelen”, vertelt De Vries. Ook kan het zijn dat burgers juist het onderzoek van de politie in de weg zitten en sporen vernielen.

Andere risico’s zijn dat burgers inbreuk maken op de privacy van anderen. “Dat zie je bijvoorbeeld als mensen via sociale media een andere identiteit aannemen, om via groepen te proberen meer informatie over iemand te krijgen.” Soms gaat het zelfs z? ver dat burgers overgaan tot hacken. “En dan ben je gewoon illegaal bezig, dan overtreed je de wet.”

Heeft politie goed gehandeld? Slachtoffer speurde zelf verdachte op. Luister vanaf 7 min het interview op Radio 1, of bekijk hieronder op de uitzending in het 8 uur journaal van de NOS:

Wraakvader spoorde eigenhandig de internetoplichter van zijn dochter op

De risico’s van burgerparticipatie zie je bijvoorbeeld in het geval van ‘wraakvader’ Mario H. Zijn dochter krijgt begin dit jaar een bos rozen en chocolade van haar zogenaamde 17-jarige vriendje. H. vertrouwt de zaak niet en komt er via de bloemenwinkel achter dat de bloemen zijn gekocht door een oudere man.

Vader Mario H. waarschuwt de politie meerdere keren. Een tijd later krijgt hij een tip van een anonieme beller die zegt dat hij de auto van de man in een straat in Eindhoven heeft zien staan. H. gaat zelf op onderzoek uit en belt weer met de politie. “Als jullie hier niet binnen 5 minuten zijn, dan los ik het zelf op”, zegt hij.

Nog voor het arrestatieteam kan ingrijpen treft de politie de man aan met hoofdletsel, snijwonden en een dubbele armbreuk. H. bekent en wordt veroordeeld tot 10 maanden onvoorwaardelijke celstraf voor zware mishandeling. De rechtszaak tegen zijn slachtoffer gaat later dit jaar van start. Vandaag werd bekend dat het slachtoffer van de wraakvader online contact had met meerdere meisjes.

“Maar er zijn ook succesverhalen”, vertelt De Vries. “Twee meisjes in Haarlem werden in elkaar geslagen door een aantal jongens. Ze hebben aangifte gedaan bij de politie. Eenmaal thuis besloten ze niet op hun handen te gaan zitten, kropen achter de computer en vonden de jongens binnen een paar uur via Facebook.”

Dankzij hun initiatief kon de politie de twee daders direct oppakken. Na een bekentenis moest een rechter besluiten over hun straf.” De advocaat van de jongens vond het belachelijk. Hij zei dat er sprake was van amateurspeurwerk. “De rechter sprak dat tegen en zei: welkom in de 21ste eeuw.”

‘Kopschoppers’ krijgen lagere straf

Een groep jongeren mishandelde begin 2013 een man van 22 in Eindhoven. Beelden van de mishandeling gingen het internet over en er werd gezocht naar deze ‘kopschoppers’. De rechtbank vond dat de verdachten door het vertonen van de beelden in hun privacy zijn geschonden, Daarom kregen ze een lagere straf opgelegd.

Volgens De Vries is burgerparticipatie bij opsporingen niet te stoppen. “De vraag is dus hoe de politie dit in goede banen kan leiden.” Dat kan alleen als de politie meer kansen omarmt, vindt De Vries. “Ze moeten burgers faciliteren, informeren en tools en tips geven.” Maar de politie vindt het nog lastig daar mee om te gaan.

Dat begint volgens De Vries al bij het stellen van de goede vraag. “Aan het einde van een zaak vraagt de politie vaak aan burgers: heeft u nog wat gezien? Terwijl de vraag eigenlijk zou moeten zijn: heeft u nog idee?n?”

De politie houdt volgens De Vries de opsporing het liefst dicht bij zichzelf. “Maar ze moeten inzien dat iedereen expert is. Je kan expert zijn in je eigen wijk, in je eigen straat. En als je het zo bekijkt hebben we eigenlijk 16 miljoen experts in Nederland die met hun eigen idee?n kunnen bijdragen aan het oplossen van een opsporingszaak.”

En wat vindt de politie er zelf van?

De politie zelf zegt de burger juist w?l in te zetten, waar dat mogelijk is. “Er liggen heel veel kansen om de kracht, de kennis en de intelligentie van de burger te gebruiken om zaken op te lossen”, zegt Frank Smilda van de politie. “Wij zijn met 65.000 politiemensen en daarmee kunnen we nooit alle misdrijven oplossen. Maar we kunnen wel samen met die burger en het gebruik van sociale media, in combinatie met een smartphone, intelligenter en slimmer opsporen.”

Volgens Smilda is het daarin wel heel belangrijk dat voorkomen wordt dat mensen voor eigen rechter gaan spelen. “Het is zeer gevaarlijk als ze zomaar foto’s van burgers online zetten en zich afvragen of dat de mogelijke dader is. Het is heel belangrijk dat daar een stuk duiding bij komt en dat je als overheid ook aangeeft hoe de spelregels zijn.” Want fouten in een onderzoek, kunnen zomaar tot vrijspraak leiden.”

De politie beweegt mee met de ontwikkelingen in de samenleving, ook op technologisch vlak. En om de juiste burger bij de juiste zaak de betrekken, worden bijvoorbeeld websites of Facebook-advertising ingezet. “Dan vragen we mensen mee te denken in hypotheses en scenario’s om mee te rechercheren.”

Burgeropsporing: Het Nieuwe Werk Voorbereiding Opsporing?

3740048383_c9f728f7e9

Kan de recherche aan slagkracht winnen door burgers intensiever te betrekken bij de opsporing? In menig beleidsstuk wordt de potenti?le rol van burgers onderstreept. De meningen lopen echter uiteen wanneer het aankomt op de manier waarop burgerparticipatie moet worden vormgegeven. Arnout de Vries, werkzaam bij TNO, houdt deze ontwikkelingen beroepsmatig nauwgezet in de gaten, publiceert over het onderwerp en is zelf ook als burger betrokken bij de opsporing, bijvoorbeeld met het Bellingcat-netwerk (onder andere bekend van hun onderzoek naar de MH17-ramp).

Wat moeten we verstaan onder burgerparticipatie in de opsporing?
?Het komt in beginsel neer op het betrekken van burgers bij de opsporing. Daar is met het buurtonderzoek en de opsporingsberichtgeving in feite al lang sprake van geweest. Er kan onderscheid worden gemaakt in de mate waarin burgers worden betrokken aan de hand van de participatieladder-metafoor; van meedenken (de laagste trede) tot meedoen of zelfs (deels) overnemen (de hoogste trede) en met alles wat daartussen zit kan de participatie vormkrijgen. Het laatste, het actief laten meedoen van burgers binnen de opsporing, is het spannendst. Ik hanteer daarvoor de term burgeropsporing.?

Welke trends zie jij op het gebied van burgeropsporing?
?De burger wordt gelukkig nu al door de politie steeds eerder betrokken bij het onderzoek. Zo wordt bijvoorbeeld sneller overgegaan tot opsporingsberichtgeving, terwijl het vroeger als laatste redmiddel werd beschouwd. Ook wordt er niet meer uitsluitend gevraagd om tips, maar ook om zienswijzen, om idee?n of scenario?s. Bij de burgers is er ook een groeiende behoefte om mee te doen. Mensen zijn minder geneigd om op hun handen te gaan zitten en gaan vaker zelf over tot opsporen. Die trend is behoorlijk. Neem de vermissingzaak van Ruben en Julian in Zeist. Hier gingen tal van mensen spontaan meezoeken in de bossen en op internet. Of neem de ?Kopschopperszaak? in Eindhoven, waar razendsnel beelden via het internet werden verspreid om de daders te vinden. Er zijn tal van voorbeelden te noemen.?

Hoe verklaar jij deze trend?
?Mensen zijn minder geneigd om af te wachten. Ze gaan over tot actie wanneer zij het idee hebben dat het onderzoek van de politie niet opschiet. Dit beeld wordt in de hand gewerkt door de media die smullen van succesverhalen van burgeropsporing. Het lijkt daardoor net alsof de politie er niks van bakt. Verder spelen het internet en de social media een rol die een democratisering van opsporingskennis tot gevolg hebben. Burgers kunnen zelf over informatie en analysetechnieken beschikken waarmee ze aan een zaak kunnen werken. Via social media kunnen ze die kennis uitwisselen en netwerken vormen om tot samenwerking te komen.?

—- ?De mensen die echt willen helpen, moet je iets bieden (?) Je kunt ze niet tegenhouden.?

Wat zijn de voordelen van burgeropsporing?
?Samenwerking zoeken met burgeropsporing kan soms sneller tot resultaat leiden. In de ?Kopschopperszaak? waren de daders binnen een dag gevonden. Daarbij kunnen burgers over kennis of expertise beschikken die voor het onderzoek erg nuttig kunnen zijn en bijvoorbeeld het gevaar op tunnelvisie verminderen. Een persoon als Maurice de Hond, los van je mening over zijn werkwijze, beschikt over een enorm netwerk van experts wat hij snel kon inzetten bij de Deventer moordzaak. Een burger kan, net zoals een journalist, veel, wat aanvullend kan zijn voor recerche. Een burger kan in Whatsapp-groepen rondneuzen of (in theorie) het gesprek aangaan met een crimineel of terrorist. Hij is daarin vrijer dan de gemiddelde opsporingsambtenaar.?

Welke nadelen kleven er aan burgeropsporing?
?De ?Kopschopperszaak? toont ook de nadelen aan van burgeropsporing. Er kan een heksenjacht ontstaan die veel impact kan hebben voor de personen in kwestie. De privacy van de verdachten raakt in het geding, ze raken extra geschaad in hun priv?leven, verliezen mogelijk hun baan of raken hun partner kwijt. Uiteindelijk kan dat leiden tot strafvermindering voor de daders. Bij de politie heerst vaak de angst dat er daderinformatie op straat komt te liggen. Dit is deels terecht, maar is er vaak ook al veel informatie in openbaarheid geraakt. Verder is de politie vaak bang om bezaaid te worden met honderden tips en scenario?s. Ook hier kan de politie op inspelen door te vragen naar een prioritering, of door een samenwerkingsverband van burgers te vragen een selectie te maken van de meest relevante bijdragen. Verder bestaan er twijfels over de betrouwbaarheid van burgers. Het is belangrijk om stil te staan bij de motieven van burgers om mee te helpen. Er zijn voorbeelden van pedojagers die verdachten chanteren met hun zelf vergaarde bewijs. Binnen netwerken van burgers speelt de kwestie van betrouwbaarheid ook; het is een ontdekkingsreis.?

Hoe zie jij de verhouding tussen voor- en nadelen?
?Ik sta hier overwegend positief in. Uiteindelijk moeten de maatschappij en de overheid bepalen en ondervinden in welke mate verdergaande burgerparticipatie wenselijk is.?

Welke uitdaging levert burgeropsporing op voor de politie?
?De mensen die echt willen helpen, moet je iets bieden: spelregels en tips over wenselijke gereedschappen of werkwijzen. Je kunt ze niet tegenhouden, maar je kunt ze wel waarschuwen voor mogelijke gevolgen. Denk aan die zoektocht naar de vermiste jongetjes; daar had een man, in zijn beste bedoelingen, niet stilgestaan bij de mogelijkheid een lijk aan te treffen terwijl hij met zijn kinderen wilde meedoen aan de zoektocht in het bos.?

Welke obstakels ervaren burgers wanneer zij aan opsporing doen?
?De bewijswaarde van materiaal dat door burgers is verkregen is nog een uitdaging. Hoe kun je bijvoorbeeld als burger aantonen dat er niet geknoeid is met een filmpje waarop de verdachte te zien is? Deze vraag speelde bij beeldmateriaal dat Bellingcat had veiliggesteld in het onderzoek naar de MH17-ramp. Het veiligstellen en aanleveren van (digitaal) forensisch materiaal moeten we nog organiseren. Burgers weten hier veelal nog niet hoe ze te werk moeten gaan en doen soms maar wat.?

Moet de politie de regie houden?
?Regie is een te groot woord. Het is onmogelijk om regie te houden op alle opsporingsactiviteiten van burgers. Het beste wat de politie kan doen is faciliterend optreden en proberen het onderzoek in goede banen te leiden.
Uiteindelijk zijn burgers zelf verantwoordelijk voor hun eigen gedrag. Wanneer ze een bepaalde wettelijke grens overschrijden, lopen ze het risico om zelf te worden aangeklaagd. En als ze ethische grenzen overschrijden is er nog het corrigerend vermogen van andere burgers.?

Hoe kan de politie faciliterend optreden?
?De politie schakelt zoals gezegd steeds eerder de hulp in van burgers. Het ontbreekt echter nog aan voorlichting: op politie.nl is niks te vinden voor burgers die zelf een bijdrage willen leveren aan een opsporingsonderzoek. Enige tijd geleden was er een recherche spel ontwikkeld waarin spelers in echte onderzoeken op ontdekkingstocht konden, wat erg nuttig was omdat het duidelijk maakte hoe de opsporing in zijn steel steekt. Dit spel is echter nooit officieel gelanceerd. Door dergelijke voorlichting te geven kan de politie de burger laten inzien waar een opsporingsteam tegenaan loopt en waarom een onderzoek wat langer kan duren. Het geeft burgers bovendien beter inzicht in waar zij een productieve bijdrage kunnen leveren aan een onderzoek.

—-??Wanneer is de recherche failliet??

Hoe zie jij de toekomst van burgeropsporing?
?Burgeropsporing is een behoorlijke trend geworden. Er zijn intussen meerdere netwerken actief, die globaal opereren en groeien. Het kan ook een grote impact hebben op opsporingsonderzoeken, zowel positief als negatief. Na de aanslag op de Boston marathon zag de FBI zich gedwongen om onder druk van burgers foto?s van de daders te publiceren omdat burgerspeurders een persoon uit het publiek (onterecht) als verdachte hadden aangemerkt. Die persoon is helaas niet meer levend aangetroffen.?

?De politie heeft er dus iets bijgekregen om te ?managen?. Het standpunt innemen dat er geen ruimte is om burgerparticipatie/-opsporing op te pakken vanwege reorganisatieperikelen, te weinig tijd of manschappen, schiet tekort omdat je je daarmee afsluit voor ontwikkelingen die zich buiten de organisatie voltrekken. Wanneer de politie niet weet in te spelen op de vraag naar burgerparticipatie kan er een negatieve spiraal ontstaan. Burgers zullen eerder zelf het heft in handen nemen, gesteund door de groeiende technische mogelijkheden zoals steeds goedkoper wordende oplossingen die Find-my-Iphone-achtige technieken voor meer dingen beschikbaar stellen. Het voorbeeld van Kodak dringt zich hier op: dit bedrijf ging vrijwel ten onder omdat mensen zelf foto?s konden maken met hun mobiele telefoons en geen camera?s meer kochten. De vraag is: wanneer is de recherche failliet??

?De politie kan juist inspelen op de kansen die burgeropsporing biedt. Er bestaan al apps waarmee burgers zelf getuigenverhoren kunnen afnemen en deze kunnen aanleveren aan de politie. Zulke ontwikkelingen gaan zich doorzetten met als gevolg dat burgers steeds vaker (halve) dossiers aanleveren waarna de politie vervolgens moet bepalen of er voldoende aanknopingspunten in zitten. De burger als werkvoorbereider dus en een werkverdeling die in sommige zaken minstens 50-50 kan zijn. Zoiets zou juist een positieve spiraal kunnen bewerkstelligen: meer zaken oppakken en het ophelderingspercentage zou kunnen stijgen net als het vertrouwen in de politie. Wat dat betreft is er wel sprake van een wake-up call nu?.

DIY Detective met een drone

wpxp_man_vindt_crossmotor_met_drone_canada

Een man uit North Cowichan heeft zijn gestolen crossmotor teruggevonden met behulp van zijn drone. De Canadees stuurde zijn 3D Robotics Solo drone de lucht in, uitgerust met een GoPro camera. Doordat hij de zoekradius had weten te beperken met behulp van beelden van zijn beveiligingscamera?s, wist hij zijn motor uiteindelijk in een bos te vinden.

De software-ontwikkelaar Ryand Sandness naar deze moderne technologie toen hij er ontdekte dat zijn paarse Honda CR250 uit 1995 was gestolen. Sandness was een paar dagen weg geweest en ontdekte pas enkele dagen na de diefstal dat zijn motor was verdwenen.

wpxp_gestolen_crossmotor_teruggevonden_met_drone

Klunzige dief
Op beelden van beveiligingscamera?s op zijn eigen terrein is te zien hoe een onbekende man om 4:17 ?s nachts het slot van zijn motor doorknipt. In eerste instantie wilde hij een ATV stelen, maar dat kreeg hij niet voor elkaar. Ook lukte het de dief niet om de crossmotor te starten, dus ging hij weg met de motor aan de hand. Na 15 minuten kwam hij echter weer terug en probeerde nogmaals de ATV te stelen, wederom tevergeefs.

Op goed geluk
Aan de hand van de beelden constateerde Ryan Sandness dat de dief binnen 15 minuten niet ver had kunnen komen, zeker niet met een motor van 200 kilo aan de hand. Hij wist zeker dat zijn crossmotor nog in de buurt moest zijn. Op goed geluk besloot hij zijn 3D Robotics drone de lucht in te laten en ging op zoek naar iets paars. In eerste instantie had hij geen geluk, maar tijdens een tweede vlucht kon hij opgelucht ademhalen. In een stuk bos zag hij zijn motor?duidelijk liggen. Na onderzoek door de politie nam Sandness zijn motor mee naar huis en kocht voor de zekerheid een steviger slot.

Bronnen: Drones.nl, CBC