Tagarchief: online

D – Dierenmishandeling

Politieagenten worden steeds vaker ingeschakeld bij gevallen van (vermoedelijke) dierenmishandeling. Dat schrijft?Sp!ts.?Bureau Beke heeft onderzoek gedaan naar zaken van vermeende mishandeling en verwaarlozing en constateert dat er sprake is van een toename. De meest recente beschikbare cijfers zijn die van de eerste 6 maanden van vorig jaar. Toen is de politie 28.000 keer serieus bezig geweest met een melding omtrent dierenleed. De jaren ervoor kwam dat in een heel jaar 48.000 en 46.000 keer voor.Lang niet alle gevallen komen uiteindelijk bij de politie. Bij meldpunt 1-4-4 komen maandelijks tussen de 2000 en 6000 telefoontjes binnen van mensen die ergens dierenmishandeling vermoeden. In enkele duizenden gevallen per jaar komt een zaak van dierenmishandeling bij het Openbaar Ministerie terecht.

Social media wordt steeds vaker als middel gebruikt om burgeropsporing aan te wakkeren.?Uiteraard ligt dan risico’s van privacyschending en eigenrichting op de loer. Hieronder een aantal recente zaken waarin deze discussie oplaaide.

Zaak dode hond Argos wordt gelinkt met dodelijke afloop steekpartij

De hond van de Friese familie Bons, die in december stierf na te zijn mishandeld door zijn oppassers, wekte de razernij van de daders omdat hij een stukje rollade had gepikt.?De 6-jarige Argentijnse Dog genaamd Argos werd door twee Leeuwarders van 44 en 53 jaar zwaar mishandeld. Hij werd onder andere gestoken met een mes, geslagen met een ketting en geschopt. Agenten troffen het zwaargewonde dier aan op straat, medewerkers van de dierenambulance ontfermden zich over Argos, maar een dierenarts besloot uiteindelijk om hem in te laten slapen.

Korte tijd later overleed een 46-jarige man na een steekpartij in de Leeuwarden. Meteen werd op?Facebook, Twitter en andere internetpagina’s een link gelegd met de mishandeling van Argos, op 28?december in dezelfde straat.?De politie ontkent dat er een verband tussen beide zaken bestaat. Woordvoerder Paul Heidanus: ,,We zien?geen enkele link.” De verdachte van de steekpartij met dodelijke afloop zit vast.

Op de site van Hart van Nederland schreven kijkers niettemin: ,,Een bloemetje voor degeen die het gedaan?heeft.” Een ander: ,,Als het slachtoffer (degene) is die Argos dood heeft geslagen, dan is de dader een?HELD.” Het nieuwsbericht van Hart van Nederland op facebook had gisteren 939 ‘likes’ oftewel blijken van?goedkeuring.

Nuchtere reacties zijn ver in de minderheid. De golven gaan hoog, zegt ook een woordvoerder van de?verdachten. ,,Zij hebben een heel eigen verhaal. Maar dat kunnen ze nergens kwijt.”?De twee Leeuwarders moeten zich op 13 maart voor de rechter verantwoorden. Ze voelen zich niet meer?veilig in hun eigen huis en wonen sinds eind december elders.?De mannen ontkennen dat?de hond een stuk rollade van tafel stal. Volgens hen viel Argos plotseling een andere reu aan. De?Argentijnse dog zou het dier in zijn bek hebben gehad waarna er paniek ontstond en de situatie uit de hand?liep. ,,Maar alle details komen aan de orde bij de rechter” zegt de woordvoerder van de twee. ,,Tot die tijd?zwijgen ze.”?Ondertussen circuleren op internet de namen van de twee verdachten. De politie houdt de discussie op?de sociale media nauwlettend in de gaten, zegt woordvoerder Paul Heidanus. ,,Mensen mogen niet eigen?rechter spelen.”

Eigenaresse Maria Bons van Argos werd vlak na de dood van de hond gesommeerd om de namen van?Facebook te halen. ,,Maar als berichten gedeeld worden, heb je er als schrijver geen invloed meer op”, zegt?Heidanus.?Door de opkomst van de sociale media groeit de kans op eigenrichting. Op Facebook beloofden mensen?elkaar bijvoorbeeld om de verdachten in de Argos-zaak aan te pakken. Het is een trend waar de politie de?laatste jaren mee te maken krijgt, erkent Heidanus.

Vooral dierenmishandeling roept veel emoties op. Toen in maart vorig jaar bij een schaapskooi in Dwingeloo?drie schapen en zes lammeren door geweld omkwamen, reageerde het publiek eveneens heftig. Hieronder een recent voorbeeld van een burgerbeloning tegen dierenmishandeling nadat eerder een Twentse paardenbeul werd gezocht. Bekijk de Brandpunt aflevering. Recent is er een tweede actie gestart in Limburg, en ?Henk ten Napel geeft aan dat hij niet bang is voor eigenrichting:

10.000 euro voor tip dierenbeul

"Mishandeling doorgeven aan de politie"

De stichting Zinloos Geweld tegen Dieren heeft een beloning van 10.000 euro uitgeloofd voor de tip die leidt tot de aanhouding van de daders van de mishandeling van tientallen paarden. Het geld wordt beschikbaar gesteld door een dierenliefhebber.

Volgens?de stichting?zijn er sinds dit voorjaar zeker veertig paarden mishandeld. Dat gebeurde door het hele land, maar de meeste incidenten waren in Limburg. De stichting vermoedt dan ook dat de daders uit deze regio komen.?De paarden zijn met een mes verminkt bij hun geslachtsdelen en buik. Voorzitter Henk ten Napel van de Stichting Zinloos Geweld tegen Dieren denkt dat er een seksueel motief achter de mishandelingen zit.

Praten

De stichting roept mensen op om informatie over mishandelingen van dieren te melden. Die informatie wordt doorgegeven aan de politie en de stichting wil zelf ook een beter beeld krijgen van de handelwijze van de daders.?Ten Napel hoopt dat de beloning zal helpen bij het opsporen van de daders. “Misschien gaan er nu mensen praten die normaal niets zouden zeggen”.

In een ander geval leidde bij onze Vlaamse buren een internet heksenjacht tot onterechte beschuldigingen aan het adres van Peter de Clerq:

Hieronder een voorbeeld van tieners die op social media een foto plaatsten van hoe ze een katje in de magnetron wilden stoppen:

De man die zijn hond in een tas in het Maas-Waalkanaal bij Nijmegen dumpte?en op gruwelijke wijze liet verdrinken, moest heel snel onderduiken toen zijn?naam via social media bekend was geworden. De heftige reactie van het publiek?kwam rechtstreeks voort uit de verontwaardiging over de gruwelijkheid
van zijn daad.

 

Maar ook de ‘Ponypletter’ werd snel trending op social media, waarin een gezette vrouw een Shetlandpony berijdt.?Het dier zakt letterlijk door zijn hoeven. De vrouw blijft zitten en steekt een sigaret op. Wat volgt is een onlineklopjacht. Volgens de politie wemelde het al snel van berichten met namen, adressen en telefoonnummers. Een man die niets met de zaak te maken heeft, wordt bedreigd. Familie van een verdachte moet onderduiken. De politie zegt mede op basis van informatie op internet drie vrouwen en twee mannen te hebben aangehouden.

De politie in Horst kwam er begin deze maand achter toen een van de wijkagenten via Twitter melding maakte van een op brute wijze gedood geitje in de Kasteelse Bossen in Horst. Het ?leverde onmiddellijk een stortvloed aan reacties op. Van verdrietige mensen tot en met woeste burgers die wel eens zouden uitkijken naar de dader of daders om ze dan bij de kladden te vatten. Heel wat anders dan de afgelopen jaren toen we enkel in de dorpsblaadjes publiceerden.

Bronnen:?Wikipedia?(NL),?Wikipedia?(EN),?Omroep Gelderland?(en 2),?Leeuwarder Courant (9 jan 2014),?NOS,?Telegraaf,?Trouw.

Online sociale be?nvloeding en sociale media; een maatschappelijke issue inventarisatie

TNO heeft een Quickscan uitgevoerd naar de issues die op dit moment door overheid en bedrijfsleven worden ervaren bij het gebruik van sociale media en het verkrijgen van inzicht in online sociale be?nvloeding. De contacten van TNO met verschillende organisaties die hier mee bezig zijn vormen de basis voor de Quickscan. In dit document is de maatschappelijke context onderverdeeld in een overheidscontext en een bedrijfsleven context, omdat sociale media in deze domeinen op een andere wijze en met andere doelstellingen lijken te worden ingezet.

Issues vanuit de Overheid
Vanuit de overheid gezien gaat het bij het gebruik van sociale media om onder meer empowerment en participatie van burgers, het individueel benaderen van burgers in netwerken, het gebruik van sociale media in overheidscampagnes en tijdens crisissituaties, en het meten van de effecten hiervan. Er is een drietal aanleidingen te onderscheiden voor het belang van burgerparticipatie: 1) een toenemende assertiviteit van de burger die de overheid noodzaken andere?processen voor participatie in te richten. 2) Daarnaast speelt mee dat overheden grote bezuinigingen moeten doorvoeren die hen ertoe brengen te kijken of zelfredzaamheid kan worden gestimuleerd. De vraag is, kortom, hoe overheden een rol kunnen spelen bij het bevorderen van zelfredzaamheid, zonder zelf aan de bal te zijn. 3) Een laatste belangrijke ontwikkeling is de decentralisatie van beleid en uitvoering. Belangrijke wet- en regelgeving wordt ter interpretatie en uitvoering aan het gemeentelijk niveau toevertrouwd. Dat houdt in dat deze organisaties moeten leren omgaan met deze nieuwe taak, onder andere door andere relaties met hun burgers aan te gaan.

Prototypische maatschappelijke issues vanuit de overheid gezien zijn:
– Ondersteunen van een inclusieve samenleving, waarin burgers via sociale netwerken interacteren, participeren en discussi?ren over maatschappelijke issues. Inclusiviteit is binnen het nieuwe EU-programma Horizon 2020 ge?dentificeerd als een van de drie essenti?le doelen.
– Detecteren en voorspellen van maatschappelijk afwijkend gedrag (rellen; pedofielen-netwerken; pesten op scholen via sociale media), leidend tot verdachte gedragingen en/of dreigingen). In onze complexer wordende samenleving is het van belang de veiligheid te waarborgen met behoud van zoveel mogelijk vrijheid. Door slimme maximaal geanonimiseerde monitoring kunnen beide belangen gediend worden.
– Crisis- en rampidentificatie, bijvoorbeeld bij grootschalige uitbraak van ziekten, dijkdoorbraken of industri?le ongelukken, waarbij informatie van burgers op sociale media als informatiebron wordt gebruikt.
– Voorlichting, bijvoorbeeld bij vaccinatiecampagnes.

Issues vanuit het Bedrijfsleven
Vanuit het bedrijfsleven gezien gaat het onder meer om be?nvloeding van klanten, het in contact laten komen van bedrijven met klanten, en imago van bedrijven bij klanten. Prototypische issues vanuit het bedrijfsleven gezien zijn:
– Klantenbinding en customer engagement. Het realiseren van een diepere relatie met doelgroepen; verbondenheid op hogere doelstellingen (higher human needs).
– Achterhalen van klantbehoefte en de beste en bestendige invulling daarvan.
– Reputatiemanagement van bedrijven ondersteunen.
– Legitimiteitsmanagement: Het opbouwen van een (digitaal) profiel dat strookt met het aanbod; cre?ren van een right to be there. Een zinvolle trias die hierin genoemd wordt is het why, how en what van bedrijfsvoering. ?Bij de loodgieter lekken de kranen? wordt niet (meer) geaccepteerd.

?Klein?. Het nieuwe ?groot?
Deze Quickscan geeft aan wat vanuit de overheden en het bedrijfsleven zelf wordt aangedragen als relevante ?issues? op het gebied van sociale media. Belangrijk is het hierbij op te merken dat deze issues heel praktisch van aard zijn en vanuit de huidige kennis zijn geformuleerd. Het valt in de contacten op dat organisaties slecht in staat zijn hun vragen van morgen te formuleren.
Het is daarom waardevol deze korte-termijn-issues te plaatsen in de grotere maatschappelijk context waarbinnen de organisaties zich bevinden. De wereld verandert. We ervaren nu dagelijks de effecten van de transitie van een hi?rarchisch georganiseerde industri?le samenleving naar een meer op informatie en kennis gebaseerde netwerksamenleving. Een samenleving waarin geldt: ?Klein. Het nieuwe groot?. ?Een tijd waarin iedereen bij kan dragen aan een andere economie. Groener. Menselijker. Innovatiever. Waar de kleine individuele of collectieve handeling van de burgers samen zorgen voor de grote, de echte verandering en waar deze niet van bovenaf komt.?

Het gebruik van sociale media door burgers en klanten is ??n van de tastbare voorbeelden van deze netwerksamenleving. In de praktijk van vandaag betekent dat dat je als organisatie op sociale media aanwezig moet zijn en de mensen daar te woord moet kunnen staan. Dit zijn de uitdagingen die nu breed worden ervaren en als issues zijn benoemd. In een breder strategisch kader betekent dit dat een organisatie op een wezenlijk andere manier in deze ?nieuwe? wereld moet gaan staan. Een wereld6 waarin ?waarde? door de samenwerking wordt gerealiseerd. Waar delen, horizontaal organiseren en transparantie de norm worden. En waar de rol van de burger en de klant verandert van ?accepteren en consumeren? naar actief participeren. Sommigen schetsen de transitie ook wel als een verschuiving van ?power to the few? naar ?power of the many?. In een dergelijke verschuivende macht hebben organisaties andere strategie?n en middelen nodig.

Klopjacht via Twitter

klopjacht

?Laat de opsporing aan politie en justitie over? stond er vandaag in de krant.?Dankzij sociale media als Twitter is de opsporing van verdachten niet langer voorbehouden aan de politie. Kort na een steekpartij in Delft verspreidden vrienden van het slachtoffer tweets met foto?s van de verdachte. ?Hij kan zich maar beter melden?.

Een verjaardagsfeestje in de Delftse Van Kinschotstraat eindigt vorig weekend in een bloedbad. Railyson Mathilda, een 22-jarige Hagenaar, wordt meerdere keren gestoken. Hij overlijdt maandag in het ziekenhuis aan zijn verwondingen. De verdachte is tot op heden spoorloos.

Niet alleen de politie, maar ook vrienden van het slachtoffer zijn op zoek naar de messentrekker. Op de dag van Mathilda?s overlijden verspreiden ze op Twitter een afbeelding van de verdachte, die volgens hen Sherwin heet. ,,Zijn foto is overal,?? zegt een maat van de overledene anoniem. ,,Als Sherwin opduikt in Delft, Den Haag, Vught of Breda heeft hij een groot probleem. Hij kan zich beter bij de politie melden.?? Of, zoals een andere twitteraar het verwoordt: ?Ik hoop dat je dit leest en doodvalt. God pakt jou tien keer harder terug, jouw tijd komt swa.?

Realiteit

De politie, die niet wil ingaan op de identiteit van de verdachte en diens eventuele betrokkenheid bij de steekpartij, volgt de tweets rond de Delftse moordzaak op de voet. ,,Dit is de realiteit van 2012,?? zegt een woordvoerder. ,,Berichtgeving gaat sneller en opsporingsberichten komen niet langer alleen uit de hoek van de politie. Feit is wel dat het gebruik van sociale media, door ons of anderen, het onderzoek verbreedt. Pas achteraf kun je bepalen of twitteraars een onderzoek versnellen of vertragen.??

Advocaat Knoester hekelt zo?n digitale klopjacht door derden

De Haagse strafrecht advocaat Job Knoester hekelt zo?n digitale klopjacht door derden en vindt dat de politie tegen hen moet optreden. ,,Iemand op deze manier te kijk zetten zou strafbaar moeten zijn. Laat de opsporing aan politie en justitie over. Het is riskant om mensen op internet of een ander medium als dader aan te wijzen. Dat kan mensen gevaarlijk maken.??

Knoester refereert aan de zaak van Wilhelm S., de voortvluchtige tbs?er die in 2005 een 73-jarige Amsterdammer doodsloeg met een bahco. De geweldsuitbarsting was volgens de advocaat mede een gevolg van het besluit van toenmalig minister Donner om de volledige naam en foto van S. op tv te tonen. ,,Hij voelde zich een opgejaagd dier, de hele wereld was tegen hem. Hij ging drinken en bracht uiteindelijk die man om het leven. Als je een desperado wilt, kun je hem krijgen.??

Voor eigen rechter spelen is volgens Knoester helemaal niet nodig. ,,We hebben in Nederland een humaan systeem. Iedereen heeft recht op een eerlijk proces, je moet mensen niet op Twitter veroordelen.??

Bronnen: Nolet advocaten, AD (31 maart 2012).

De ?sweet spot? voor eParticipatie en online co-creatie

Online co-creatie, user driven innovation, eParticipatie, co-design, crowdsourcing en open innovatie: aan termen geen gebrek. Maar hoe bepaal je of en hoe eParticipatie en (online) co-creatie ingezet kunnen worden? Daarover meer in dit artikel van de wekelijkse reeks ?Bepaal je co-creatie of eParticipatie strategie?.

Match tussen organisatie en community

Wat moet je organisatie ermee? En hoe bepaal je de juiste co-creatie of eParticipatie strategie? En hoe zet je het op een effectieve manier in?

Nadat bepaald is hoe eParticipatie of co-creatie past bij je organisatie, en welke doelstellingen je hiervoor kunt hanteren, is het tijd om te bepalen of en wanneer eParticipatie en (online) co-creatie op een effectieve manier ingezet kunnen worden. Daarvoor is het erg belangrijk dat er een match is tussen de organisatie en de community! Oftewel: waar zit de zogenaamde ?sweet spot? waar eParticipatie wordt ingezet?

Figuur 1: Beslismodel in 4 onderdelen voor het bepalen van de juiste co-creatie en eParticipatie strategie, met daarin aandacht voor het onderdeel matching.

Is een eParticipatie strategie geschikt, of kun je beter op andere strategie?n inzetten?

Co-creatie, Crowdsourcing en eParticipatie worden vaak als wondermiddel gezien voor heel veel vraagstukken. Organisaties moeten ervoor uitkijken dat ze zich niet laten leiden door de hype-achtige ontwikkelingen, maar op zoek gaat naar de eParticipatie toepassingen die goed bij jouw situatie passen. In sommige gevallen zijn ?ouderwetse? instrumenten, zoals marktonderzoek, offline focusgroepen of events, minstens zo effectief of effectief genoeg. Daarom is het van cruciaal belang dat de doelstellingen van de organisatie, community en het eParticipatie initiatief of case bij elkaar ?matchen?. Er kunnen dan duidelijke keuzes worden gemaakt voor bijvoorbeeld de resources die moeten worden vrijgemaakt binnen de initi?rende organisatie of de motivatie en bereikbaarheid van de community. Op deze manier kun je de ?sweet spot? van eParticipatie bereiken. Oftewel: dan speel je zo natuurlijk mogelijk in op de kansen die eParticipatie aan organisaties kan bieden.

Figuur 2: Matching Model: Ga op zoek naar de ?sweet spot? tussen het initiatief, de community en de organisatie.

Vind de ?sweet spot? van eParticipatie

Om de sweet spot te vinden, moeten organisaties voor de 3 elementen (het eParticipatie initiatief, de community en de organisatie) helder hebben wat de doelstellingen zijn en hoe de andere sweet spot elementen in elkaar passen. Nadat dit scherp gesteld is, wordt duidelijk waar een ?match? gevonden is, en welke aandachtspunten in de te voeren eParticipatie strategie meer energie vergen. Hoe verder de matching van de ?sweet spot? af zit (hoe verder van het midden), hoe uitdagender het is om een succesvolle eParticipatie strategie te realiseren.

Ver van de sweet spot af betekent dat er meer aandacht en activiteiten nodig zijn om dit te compenseren. Soms kan het daarom beter zijn om gebruik te maken van andere instrumenten, zonder eParticipatie. Let er daarbij op dat de match voor private organisaties heel anders is dan voor bijvoorbeeld overheidsorganisaties, omdat deze doorgaans andere doelstellingen zullen nastreven. Hierna worden de 3 hoofdelementen uit het Matching spot model beschreven.

Figuur 3: Matching Model: hoever zit je van de ‘sweet spot’?

1.Matching elementen van het eParticipatie initiatief (de ?case?)

Het doel van het initiatief moet helder zijn en worden gematcht met de doelstellingen van de community en de organisatie. Vaak worden initiatieven met een zelfstandig doel opgezet om te experimenteren of om awareness te cre?ren, zonder dat stil wordt gestaan bij de organisatiebrede doelstellingen of de doelstellingen van de community. In het begin, als er een beperkt aantal eParticipatie en co-creatie initiatieven te vinden is, is dit prima, en hoeven de doelstellingen niet per se gedeeld te zijn. Maar zodra meerdere organisaties vergelijkbare initiatieven starten, worden consumenten en burgers kieskeuriger en zal een logische match belangrijker worden. Het is bij experimenten ook van belang dat de juiste personen, afdelingen en organisaties betrokken zijn, zodat volgende initiatieven eenvoudig op te starten zijn.

Voor het genereren van idee?n en concepten is het relatief eenvoudig om een eParticipatie initiatief te starten. In principe kan de impact van nieuwe idee?n op de bestaande organisatie beperkt blijven. Voor het valideren van concepten of het samen ontwikkelen van nieuwe producten wordt dit al veel lastiger: de impact op de interne organisatie is groter en er moet meer energie worden besteed om de input te verwerken en de community betrokken te houden.

Een ander belangrijk element is de complexiteit van het probleem. Zolang een vraagstuk eenduidig is, er enkele belangen betrokken zijn, en 1 oplossing mogelijk is, maakt dit de samenwerking eenvoudiger. Maar als er veel verschillende oplossingen en verschillende stakeholders zijn, vergt dit meer co?rdinatie zoals het filteren van oplossingen of voorselectie van stakeholders om het co-creatieproces te begeleiden.

Het? Crowdsourcing model FLIRT met daarin het eerste onderdeel FOCUS geeft ook richtlijnen voor in hoeverre een eParticipatie initiatief matcht. Het model besteedt daarbij aandacht aan de area, scale en depth of collaboration. Hoe groter het gebied waarin moet worden samengewerkt, hoe groter de impact op de interne organisatie en hoe opener de samenwerking plaatsvindt, des te verder staan eParticipatie initiatieven af van de ?sweet spot?. In deze gevallen zal er dus ook extra aandacht en energie uit moeten gaan naar strategie?n om het initiatief in goede banen te leiden. In het geval van een open samenwerking moet er bijvoorbeeld extra aandacht worden besteed aan het genereren van vertrouwen en moet vastgesteld worden hoe met eigendomsrechten om te gaan.

2. Community kenmerken

Net zoals bij de case-specificaties is het ook bij de community-kenmerken belangrijk om de doelstellingen in de gaten te houden. Wat zijn de belangrijkste doelen voor de community om mee te werken aan eParticipatie initiatieven, en hoe hoog is de natuurlijke motivatie? Hoe lager de motivatie, of hoe meer de doelstelling van de community richting professionele doelstellingen gaat, hoe meer moeite er gestoken moet worden in het mobiliseren van mensen. Het toevoegen van sociale incentives, financi?le beloningen of bijvoorbeeld kennis en status kunnen hieraan bijdragen.

De expertise van de community beschrijft de kennis en vaardigheden van de community die nodig zijn om het eParticipatie initiatief te laten slagen (KSA: knowledge, skills & attitude). Hoe specialistischer de kennis en vaardigheden, hoe meer moeite het kost om deze personen te vinden. In het geval dat de community specialistische expertise moet bevatten of versnippert of niet bereikbaar is via online platforms, is bijzondere aandacht nodig voor het lokaliseren van de juiste personen in de community. Hoe specifieker de benodigde expertise, hoe minder potenti?le communityleden er gevonden kunnen worden. Er zal in dit geval veel tijd besteed moeten worden aan het vinden van de community op bestaande platforms en het promoten van het eParticipatie initiatief.

3. Organisatiekarakteristieken

Ook bij de organisatie moeten de doelstellingen scherp worden geslepen. Wat wil de organisatie op langere termijn met eParticipatie bereiken? En hoe past dit eParticipatie initiatief hierin? Als awareness of imago building als de belangrijkste organisatiebrede doelstelling van eParticipatie wordt gezien, zal het lastig verkoopbaar zijn om samen producten te ontwikkelen. Met minder moeite is namelijk dezelfde doelstelling te realiseren.

Net als bij de community moeten ook bij de organisatie de juiste expertises en personen betrokken worden. Hoe beter MT en afdelingen betrokken zijn, hoe minder moeite het zal kosten om resources vrij te maken en vervolgactiviteiten te ontplooien. Initiatieven zijn in het begin meestal sterk afhankelijk van zogenaamde ?champions? die hun eigen tijd in het project investeren. Maar om structureel de meeste waarde uit eParticipatie te halen, is commitment van MT en andere afdelingen en het formaliseren van processen voor moderatie en communicatie essentieel.

Figuur 4: Matching Model: overzicht van elementen.

De elementen die in het Matching Model worden behandeld, zijn weergegeven in bovenstaand figuur. We zijn benieuwd welke zaken jullie nog missen!

Dit artikel is onderdeel van een reeks. Eerder is gepubliceerd over?eParticipatiestrategie?n. Dit artikel beschrijft het tweede deel van een model dat in ontwikkeling is en in dit onderzoek fijngeslepen wordt aan de hand van een reeks praktijkcases in drie sectoren: corporate, overheid en onderwijs. Wetenschappelijke discussie over terminologie van co-creatie of eParticipatie is niet het doel van dit onderzoek, wel meer concreet inzicht in het hoe, het wat en het waarom. Wij nodigen je daarom uit om online te participeren en gezamenlijk oplossingen te cre?ren voor deze vraagstukken en ons feedback te geven op de bruikbaarheid van dit model.

B – Bangalijsten online

Woman

Wat zijn bangalijsten?
Bangalijsten circuleren steeds vaker op internet. Op de lijsten worden de namen van meisjes genoemd die bepaalde seksuele handelingen verrichten.?’Banga’ is straattaal voor ‘slet’.?In sommige gevallen staan personen er?zelfs op met achternaam en bijbehorend?Twitter-account.?In veel gevallen gebeurt dit om anderen te?pesten of te?chanteren.

Politie laat online bangalijsten verwijderen

De politie Groningen heeft een bangalijst van twitter laten verwijderen. Dit meldt jeugdagent Inge Warringa.?De directe aanleiding is het nieuws van vandaag. Gisteren zou een dertienjarig meisje in Pijnacker zelfmoord hebben gepleegd omdat ze op een bangalijst zou staan.?Een bangalijst is een nieuw fenomeen onder jongeren, waarbij scholieren elkaar lijstjes doorsturen met een top 10 van meisjes, die volgens hen de grootste sletten zijn. De meisjes op de lijsten balen ervan, want ze hebben vaak geen enkele aanleiding gegeven en het is moeilijk van zo?n stigma af te komen.?Warringa wijst er op dat het twitteren van zo?n Bangalijst strafbaar is: ?Jongeren begin er niet aan en werk er niet aan mee!? Wijkagent Peter?Boekweg: ??Als je op een bangalijst staat, kun je aangifte?doen bij de politie. Het verspreiden van een bangalijst is strafbaar, omdat je niet zomaar iets mag roepen over iemand waarmee je iemands eer of goede naam aantast. Dit heet smaad.Het expres verspreiden van een bericht waarvan de dader weet dat het een leugen is, heet laster. Voor smaad en laster kan de dader dus een straf krijgen.

Bij het doen van aangifte is het belangrijk dat je zoveel mogelijk bewijsmateriaal verzamelt. Laat de politie altijd weten waar de bangalijst online te vinden is. Wanneer deze verspreid wordt via een fotosite, noteer dan het webadres (de URL) en de accountnaam van diegene die de lijst online gezet heeft. Daarnaast is het slim om ook een ?print screen? te maken van de lijst die online staat. Je kunt deze lijst printen of digitaal meenemen (bijvoorbeeld op een USB-stick) naar het politiebureau.

Wordt de bangalijst via mail verstuurd, dan is het mailbericht zelf belangrijk. Gooi deze dus niet weg. Meld aan de politie dat je de mail nog in jouw bezit hebt. Het bewijsmateriaal wordt aan je aangifte gekoppeld. ?

Laster en smaad
Bangalijsten worden meestal door scholieren opgesteld.?Zij stellen lijsten op met namen van klasgenoten en medescholieren. Deze lijsten worden vervolgens verspreid?op internet. Jongeren die bewust publiekelijk schade toebrengen aan andermans reputatie, maken zich schuldig aan laster en smaad. Het samenstellen van bangalijsten is dus een strafbaar feit.?Wat de samenstellers van de lijsten zich daarnaast niet beseffen is dat dergelijke informatie jarenlang op internet blijft rondzwerven.?Overal in het land wordt aangifte gedaan van bangalijsten. Scholengemeenschap Stad en Esch in Meppel is naar de politie gestapt omdat ze is gestuit op een bangalijst en adviseert ouders aangifte te doen.

Voorbeeld: VUmc roept studentes op tot aangifte om ?bangalijst?
Studentes van de Vrije Universiteit in Amsterdam die op een bangalijst op facebook staan, moeten aangifte doen bij de politie. Dat zegt onderwijsdirecteur Gerda Croiset van de VU School of Medical Sciences. Op de opleiding geneeskunde circuleert zo?n lijst,meldt journalist Ton F. van Dijk. Croiset spreekt in een interne mail van een ?juridisch strafbaar feit?. De lijst wordt ?moreel en maatschappelijk onaanvaardbaar? genoemd. Ze kondigt ook ?gepaste? maatregelen aan tegen de makers van de lijst, die sinds november op facebook circuleert. Volgens Van Dijk is ??n dader-naam inmiddels bekend. De VU zegt echter meerdere daders te zoeken.

Hulpdiensten
De Raad van Korpschefs raadt slachtoffers aan eerst op sites als Meldknop.nl en Mijnkindonline.nl te kijken wat voor actie tegen bangalijsten kan worden ondernomen. Een gesprek op school over het onderwerp kan veel problemen al verhelpen. Blijft het probleem zich voordoen dan kun je altijd nog naar de politie stappen om?aangifte?te doen.

Overzicht van gerelateerde berichten, met dank aan Mediawijsheid:

Bronnen: Mediawijsheid, Harener Weekblad

Vereniging Eigen Huis en de schandpaal voor inbrekers

Inbrekers op internet te kijk gezet

De Vereniging Eigen Huis (VEH) wilde in juni 2011 inbrekers aan de schandpaal nagelen. Beelden van inbrekers zouden?op een speciale website komen.?De maat is vol voor de vereniging voor huizenbezitters, ze hebben?er genoeg van?dat nog geen 5 procent van de inbraken in particuliere huizen wordt opgelost. Daarom gaat de?vereniging beeldmateriaal dat anoniem wordt aangeboden online zetten. Iedereen kan beelden opsturen van inbrekers. Voorwaarde voor plaatsing is dat een kopie van een aangifte wordt meegestuurd, met daarin een verwijzing naar het beeldmateriaal.

Bij Vereniging Eigen Huis (VEH) zijn sinds zoveel filmpjes en foto?s van inbrekers binnengekomen, dat de consumentenorganisatie meer tijd nodig heeft om het materiaal op de site te zetten.?Mogelijk wordt de?internetpagina?gebruikt als een opsporingsmiddel, waarbij burgers wordt gevraagd zich te melden bij de politie als zij dieven op de beelden herkennen.

VEH

Grappenmakers

?We gaan online met de site, maar er zullen nog geen filmpjes op te zien zijn. Wel laten we foto?s van inbraakschades zien en geven we tips ter voorkoming van. We hebben zoveel materiaal binnengekregen, dat we dat eerst goed willen onderzoeken. Er blijken tot nu toe ook wat grappenmakers tussen te zitten. De privacy van een crimineel boeit ons niet, maar we moeten wel alles doen om te voorkomen dat iemand als boef wordt afgebeeld terwijl hij dat niet is?, aldus woordvoerder Andr? de la Porte van de VEH.

Bij de VEH zijn ook kritische en bezorgde reacties binnengekomen van leden die niet begrijpen waarom de belangenvereniging voor woningbezitters zich met deze anti-inbraakactie bezighoudt. ?We doen dit omdat we vinden dat het genoeg is geweest. Mensen moeten zich weer veilig voelen in hun huis?, reageert de zegsman.

Politie en justitie omarmen het plan van Vereniging Eigen Huis (VEH) om inbrekers publiekelijk aan de schandpaal te nagelen. De Raad van Korpschefs heeft laten weten het tijd te vinden voor meer controversi?le maatregelen. De partijen gaan op korte termijn om tafel om te kijken of ze tot een samenwerking kunnen komen.

Publicatie van foto’s van inbrekers op een particuliere website is nieuw, maar sluit wel aan bij een bestaande?ontwikkeling. Politie en Justitie zetten foto’s van boeven in alle gradaties op hun websites http://boevenvangen.nl en?http://overvallersgezocht.nl, GeenStijl?schroomt niet foto’s van skimmers te plaatsen en via?opsporingsprogramma’s op tv zijn vaak beelden te zien van criminelen die hun slag slaan.?Politie en Justitie hebben offici?le bevoegdheden. Eigen Huis niet. Of de actie juridisch door de beugel kan, is niet?duidelijk. De vereniging heeft niet overlegd met Justitie noch met het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP).?’We merken wel waar we tegen de grenzen aanlopen’, zegt woordvoerder Hans Andr? de la Porte van Eigen Huis.?Zowel Justitie als het CBP houden zich op de vlakte. Het CBP zegt dat er geen contact is geweest, maar dat de?publicaties wel degelijk vragen over privacy oproepen.?Er bestaan richtlijnen over publicatie van foto’s op internet. Het CBP heeft in het verleden een aantal keren met succes?geageerd, onder andere tegen de site http://Beoordeelmijnleraar.nl.?Beveiligingscamera’s spelen een belangrijke rol. Voorheen waren ze slechts te zien bij grote bedrijven en villa’s, nu?steeds vaker in de hal van een flatgebouw of woning. Op elke bouwmarkt is zo’n camera te koop. Eigen Huis plaatst?alleen foto’s en video’s die vergezeld gaan van een offici?le aangifte bij de politie. Is er twijfel over de herkomst van de?foto, dan wordt de indiener nader aan de tand gevoeld. Blijft de twijfel bestaan, dan volgt er geen publicatie. ‘We willen?geen YouTube-achtige filmpjes, die we achteraf moeten verwijderen’, zegt De la Porte.

Directeur ontwerpbureau zet inbraakvideo op internet

Terwijl op de achtergrond een James Bond-achtig deuntje speelt toont een filmpje op Youtube hoe inbrekers vijftien computers stelen bij ontwerpbureau Mediamatic in Amsterdam. Het zijn echter geen sc?nes uit een nieuwe actiefilm, maar bewakingsbeelden van zondagnacht. Drie dieven namen voor ruim vijftienduizend euro aan spullen mee. Mediamatic was het zoveelste bedrijf in het Duintjer CS gebouw aan de Vijzelstraat in Amsterdam waar in augustus is ingebroken. Directeur Willem Velthoven zette daarom de beelden op internet. Dat hij de wet overtreedt door de privacy van verdachten te schenden, neemt hij voor lief.

“Ik begrijp dat zij recht hebben op privacy, maar de inbraken gaan maar door. Ik vind dat ik als burger ook het recht heb op privacy in mijn kantoor”, zegt Velthoven. Op de video is te zien hoe de dieven recht in de camera kijken. “Daar lijken ze zich niets van aan te trekken”, zegt Velthoven. “Ze gaan gewoon door en schermen hun gezicht niet eens af. Als je je zo blootstelt, vind ik dat de privacywetgeving best anders ge?nterpreteerd mag worden.” Velthoven is niet de enige die de behoefte heeft inbraakbeelden van bewakingscamera’s online te zetten. In juni ontstond een fel debat over de privacy van inbrekers toen?Vereniging?Eigen Huis?gegevens van dieven op internet wilde zetten. Het College Bescherming Persoonsgegevens riep de vereniging op het matje, maar vindt het wel een goed idee dat er een?website?komt waar mensen de beelden kwijt kunnen. De politie zou die dan moeten beheren en ervoor moeten zorgen dat er geen gemanipuleerd materiaal op komt.

“Geweldig idee”, vindt Velthoven. “Maar zolang die?website?nog niet bestaat, heb ik er niets aan. We hebben veel materi?le schade, maar de emotionele schade raakt mij dieper. Mijn personeel durft niet meer ’s avonds te werken.” Dat zijn actie consequenties kan hebben, beseft de directeur. “Het zou kunnen dat ik me bij de rechter moet verantwoorden. Dat begrijp ik, maar ik zie nu even geen andere uitweg om de dieven te vinden.” Velthoven heeft de video ook aan de politie gegeven, maar vertrouwt er niet op dat die de daders vindt. “Als de beelden alleen in het politiesysteem worden verspreid, moet een agent de jongens toevallig herkennen. Op Youtube zien veel meer mensen het filmpje.”

Tot die tijd bivakkeert de directeur in het kantoor, want hij verwacht dat de daders nog een keer terugkomen. “Ze hebben alleen meegenomen wat ze konden dragen. Maar ik zit hier heus niet met een knuppel te wachten. Ik jaag ze weg door hard te schreeuwen en bel 112.”

Toch werd het stil bij de digitale schandpaal

Kan dit allemaal zomaar? Wat als iemand zijn buurman een loer wilde draaien? Het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), de privacywaakhond, dreigde de vereniging met dwangsommen als inbrekers herkenbaar in beeld zouden worden gebracht.

Dat moest dan maar, vond VEH, die het plan wel wilde uitstellen, maar niet van afstel wilde weten. Toch was dat wat gebeurde. Het voornemen bloedde stil dood. Foto’s van inbraken werden wel gepubliceerd, maar zonder personen erbij. Andr? de la Porte benadrukt dat de VEH alleen beelden wilde gebruiken van echte inbrekers. ‘In het begin zat er een groot aantal twijfelgevallen tussen. Daarom wilden we per se een bewijs van aangifte erbij. Op dat ? ?verzoek hoorden we meestal niets meer.’ De PVV liet het er niet bij zitten en diende vorige week een motie in. Burgers moeten beelden van overvallers op internet kunnen zetten, tenminste als ze dan ook aangifte doen en het beeldmateriaal tevens aan de politie geven. De Tweede Kamer nam de motie aan. Het CPB staat voor een voldongen feit, en respecteert de wens van de politiek, aldus een woordvoerster. Terug naar de VEH, van wie je juichende reacties zou verwachten. Niet dus. ‘Deze ontwikkeling verrast ons eigenlijk. We zijn nog geen half jaar verder en nu kan het opeens wel’, aldus woordvoerder Hans Andr? de la Porte. Hij geeft aan dat VEH nu niet ‘halsoverkop’ de actie ‘Zet inbrekers te kijk’ nieuw leven gaat inblazen. De actie was expres gepland vlak voor de zomervakantie, als veel mensen weg zijn. Vraagtekens Net als de VEH is ook MKB Nederland, de brancheorganis atie voor ondernemers, terughoudend over het nieuwe fenomeen. ‘Hoewel we blij zijn met de verruiming van de mogelijkheden om iets met de beelden te doen, plaatsen we vraagtekens bij de effectiviteit en doelmatigheid ervan’, aldus woordvoerster Mieke Ripken. ‘Als mensen op allerlei sites beelden van overvallers en andere criminelen plaatsen, wie kan ze dan vinden? De kans op versnippering is groot. MKB-NL zou het toejuichen als mensen de beelden op een centrale?website?van de politie zouden plaatsen.’ De brancheorganisatie is vooralsnog niet van plan op de eigen?website?een mogelijkheid te cre?ren waar ondernemers de beelden kwijt kunnen. Dat geldt ook voor Koninklijke Horeca Nederland (KHN). Wel hebben ruim zeventig hotels in de regio Amsterdam hun eigen semi-openbare site waar beelden van dieven en ongenode gasten kunnen worden bekeken. ‘Het is bedoeld om elkaar te waarschuwen’, vertelt Guno Lauppe, voorzitter van Hotel Security Management die de?website?beheert. ‘Als een melding is geplaatst, krijgen alle leden een mailtje en kunnen ze het incident bekijken. Het kan gaan om diefstal van een koffer in de lobby, creditcardfraude of gasten die een kamer hebben vernield.’ Aanhoudingen Volgens Lauppe is er elke week wel een incident. ‘En het levert zeker wat op. Vorig jaar heeft de politie acht mensen aangehouden door dit systeem.’ Hoteleigenaars die meedoen, moeten zich wel aan een aantal voorwaarden houden. Ze moeten verplicht aangifte doen en ze mogen de beelden en de inloggegevens voor de site niet aan derden geven. Lauppe is tevreden met de werkwijze en ziet geen reden die te veranderen. ‘Wij willen niet dat iedereen die beelden kan bekijken.’ Ook de politie zelf benadrukt dat ze er de voorkeur aan geeft dat mensen beelden van inbrekers en overvallers aan de politie overhandigen, in plaats van ze zelf op internet te zetten. ‘Voor de zuiverheid is dat beter’, meent Ron Looije, woordvoerder van de Raad van Korpschefs. van internet, maar wijzen iedereen op z’n verantwoordelijkheid. Als je iemand online zet die niets met een crimineel feit te maken heeft, heb je wel een probleem.’ ‘Het zou heel vervelend zijn als onschuldige mensen worden beschuldigd van iets. We sluiten niet onze ogen voor de mogelijkheden

Film de overval en help de politie

Burgers mogen van de Tweede Kamer foto’s van overvallers online zetten. Je zou juichende reacties verwachten, maar dat valt tegen. Belanghebbenden vinden dat het met name een taak van de politie is om beelden openbaar te maken.

Stel, je bent getuige van een overval. Je eerste impuls zal misschien zijn maken dat je weg komt. Maar dat heeft de politie liever niet. Die heeft liever dat je je mobiele telefoon pakt en de overval filmt, op veilige afstand dat wel. Onder het motto ‘Pak de overvaller. Pak je mobiel,’ is de politie onlangs een campagne gestart waarin mensen worden opgeroepen de daders van een overval te filmen of te fotograferen. Want beeldmateriaal van de eventuele daders vergroot de pakkans, is de redenering. Je kunt je beeldmateriaal vervolgens uploaden via de?website www.nationale-recherche.nl. Hoe vaak dat inmiddels is gebeurd, kon de politie gisteren niet zeggen.

We willen niet dat iedereen die beelden kan bekijken.?Hotels hebben hun eigen semi-openbare boevensite.?Op de site van VEH stonden foto’s van inbraken maar zonder personen, dat mocht in juni niet.

VEH praat met OM over inbrekerssite

De animo voor het insturen van bruikbare beelden van inbrekers voor een?website?van de?Vereniging?Eigen Huis?(VEH) valt dusdanig tegen dat de vereniging de opzet van de?website?wil veranderen. Daarom?overlegt zij met het Openbaar Ministerie om de site te gebruiken als landelijk platform voor (bewegende) beelden van onder meer inbraken en buurtvandalisme. Tot nu toe kreeg de vereniging ongeveer 100 inzendingen, vaak zonder aangifte. Ook ontbrak essenti?le informatie, zoals over data en over wat er op de beelden te zien is. Daarnaast kreeg de VEH positieve reacties van verscheidene regionale politiekorpsen.

Het CBP dreigde met boetes als beelden geplaatst zouden worden die niet door het Openbaar Ministerie of de politie bekeken waren.Nu is het tij echter gekeerd. Het CBP wil zelf een nationale misdaadsite opzetten, waarop burgers beelden van bijvoorbeeld overvallers en inbrekers kunnen plaatsen, maar deze beelden worden wel eerst gecontroleerd door de politie om onzorgvuldigheden te voorkomen.

Bronnen: Hart van Nederland,?De Telegraaf?(wo 08 jun 2011),?ANP (5 juli, 2011), ANP (15 november 2011),?Haarlems Dagblad (3 september 2011),?Trouw (26 augustus 2011)

 

Online Social Behavior in Twitter: A Literature Review

This literature review is aimed at examining state of the art research in the field of online social networks. The goal is to identify the current challenges within this area of research, given the questions raised in society. In this review we pay attention to three aspects of social networks: actor, message, and network characteristics. We further limit our review to research based on Twitter data, because this online social network is the most widely used by researchers in the field.