Tagarchief: hackathon

HOW TO HACK-A-THON? Handreiking voor het organiseren van een hackathon

Eind 2018 organiseerde BlueM een OSINT-Masterclass met Eliot Higgins, de oprichter van het onderzoekscollectief Bellingcat. Het succes van deze dag gaf de aanzet tot een serie hackathons, waarmee de afgelopen twee jaar OSINT-onderzoek en de wisdom of the crowd zijn toegepast op coldcases, vermissingen, voortvluchtigen, de handel in illegaal vuurwerk, Vriend-in-Noodfraude en mobiel banditisme. De behaalde resultaten spreken voor zich: van operationele successen zoals aangehouden verdachten, tot het bedenken van creatieve nieuwe opsporingsmethoden en het vergroten van kennis en vaardigheden van deelnemers.

Deze handreiking is ten eerste bedoeld om duidelijkheid te scheppen over het concept hackathon als publiek-private samenwerkingsvorm. Ten tweede is het de bedoeld om de lezer uit te dagen om deze hackathon-formule te gebruiken om eigen thema’s en uitdagingen op een innovatieve wijze bij de kop te pakken.

Lees of download de publicatie hier:

[slideshare id=250469758&doc=101163-211018141530&type=d]

Hackathons kunnen fungeren als lijmmiddel dat de binnenwereld en buitenwereld van de politie met elkaar verbindt. Naast de praktische resultaten die ze opleveren, hebben de door de politie opgezette hackathons een heel waardevolle netwerkfunctie. Dat zegt Jerôme Lam, onderzoeker aan de Politieacademie op het gebied van burgerparticipatie en politieparticipatie, op basis van evaluaties van vijf door de politie uitgevoerde hackathons.  

Een hackathon is een evenement of een bijeenkomst waar deelnemers gedurende een relatief korte, afgebakende periode, met elkaar aan de slag gaan om aan een project te werken of een bepaald probleem op te lossen. Binnen de politie kreeg de hackathon een meer structurele plek via Arnoud de Bruin, coördinator cyberspecials en aanjager aanpak cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit binnen de eenheid Amsterdam. De Bruin is ook sinds de oprichting in 2016 onderdeel van BlueM, een beweging binnen de politie die als doel heeft om politiemensen uit te dagen om buiten de standaard patronen te denken en beter aan te sluiten op de veranderingen in de maatschappij. ”Arnoud raakte geïnspireerd door de documentaire van Elliot Higgins over Bellingcat, Truth in a Post-Truth World”, zegt Lam. ”Hij heeft de stoute schoenen aangetrokken en Elliot gemaild met de vraag of hij een masterclass wilde geven voor de politie. Naast een presentatie over wat Bellingcat allemaal doet, was er ook een puzzeldag georganiseerd. Dat was hartstikke leuk en werkte ook heel goed. Toen kwam tijdens de borrel het idee: kunnen we dit ook met echte zaken doen? Dat heeft geleid tot de Coldcase Hackathon.”
Snelkookpan
Voor deze hackathon verzamelden ongeveer zeventig cyber- en Open Source Intelligence (OSINT) specialisten van politie, Openbaar Ministerie, defensie, KPN, Bellingcat, FIOD en TNO zich op het marineterrein Kattenburg. Zes gemixte teams bogen zich na een korte briefing van het opsporingsteam over veertien ingebrachte coldcasezaken. In vrijwel alle zaken, waarvoor vooraf toestemming was gevraagd aan de officier van Justitie, werden aanwijzingen gevonden waarop kon worden doorgerechercheerd. Lam: ”Toen is gebleken dat een hackathon heel erg leuk is om te doen en dat het voor de politie goed blijkt te werken. Je pompt in een korte tijd heel veel kennis en expertise in een onderwerp. Je kan dat dan in een stoofpotje doen en laten pruttelen. Maar in een hackathon gaat het in een snelkookpan. Het blijkt dat je onder druk en door elkaar te inspireren soms toch verder komt.”
Voortvluchtigen
De tweede hackathon was met BlueM en FASTNL, een team dat probeert veroordeelde criminelen die nog een straf open hebben staan, te pakken. Lam: ”Dit is de meest succesvolle hackathon die we tot nu toe hebben gehad, ook omdat de vraag heel concreet was. Iemand is op de loop, waar is hij? Zoekvragen, naar personen of objecten, zijn vragen waar veel OSINT-experts met de beschikbare openbare bronnen heel goed mee uit de voeten kunnen. Het grote voordeel was dat de gezochte personen al veroordeeld waren. Bij een hackathon moet je informatie gaan delen. Dat is lastig, want wat kan je delen binnen de juridische grenzen? Als iemand al veroordeeld is, kan het strafproces niet meer kapot en is dat makkelijker. Het mooie was, dat er op de dag zelf al een aanhouding kon worden verricht. Daarnaast waren er iets van vijftien lokalisaties op adresniveau en iets van tien of vijftien op plaatsniveau. We vonden iemand die in het buitenland vast bleek te zitten en ook iemand die inmiddels overleden was. De weken erna zijn er nog een stuk of tien aanhoudingen verricht. Dan zie je dat het echt wat een hackathon op kan leveren.”
Vuurwerkhandel
Andere hackathons gingen over de zegenoemde ‘vriend in nood’-fraude, mobiel banditisme en de handel in illegaal vuurwerk. ”Bij de vuurwerkhackathon is gekeken naar fenomenen: in hoeverre zie je bijvoorbeeld dat de handel verschuift, bijvoorbeeld van het ene naar het andere social media platform. Of kunnen we iets zeggen over bepaalde aanvoerroutes uit het buitenland. Of over opslagplaatsen. Dat werkt wel, maar de hackathon is afgebakend in tijd. Je bent twaalf uur in verschillende sprints bezig. Zo’n fenomeenvraag is dan lastig, want je moet a) goed snappen waar het over gaat en hoe het in elkaar steekt en b) je hebt gewoon tijd nodig om het uit te zoeken. Andere vragen zijn barrière-achtige vragen, bijvoorbeeld de vriend in nood-fraude. Als je snapt hoe dat proces gaat, met een oplichter, een werver en een geldezel, dan kun je een ‘crime script’ maken over hoe dat werkt. Waar zijn kansen om dat te verstoren? Bijvoorbeeld door iemand aan te houden als het plaatsvindt, maar misschien ook door samenwerking met een bank, door een barrière op te werpen. Je bent dan deels afhankelijk van externe partijen en dat maakt de uitvoering van sommige ideeën lastiger, maar het zijn altijd leuke dagen en tot op zekere hoogte ook effectief.”
Professionalisering en doorontwikkeling
Na alle hackathons is gekeken wat ze hebben opgeleverd. ”Dan komen de praktische resultaten naar voren, maar wat als belangrijkste wordt gezien, is het netwerken: elkaar zien, elkaar inspireren. Dat is ook de reden dat bijvoorbeeld KPN een team van zes man naar zo’n hackathon stuurt. Het gaat om elkaar leren kennen, de verbinding tussen politie en andere partijen, private partijen, burgers. De hackathon is een soort lijmfunctie die de binnenwereld en de buitenwereld van de politie aan elkaar verbindt. Wat ik ook een leuke opbrengst van de hackathons vind, is dat er steeds uitkomt dat het leren zo belangrijk is. Mensen die vanuit een contra hackteam van KPN werken, kijken heel anders naar een zaak dan dat de politie dat doet. Zij gebruiken ook heel andere middelen en methoden. Je merkt tijdens zo’n dag dat mensen aan het denken gezet worden, dat ze beter in hun vak worden omdat ze nieuwe dingen leren, andere perspectieven. Aan de ene kant heb je de korte termijn operationele resultaten, aan de andere kant heb je de professionalisering, de doorontwikkeling van mensen.”
Wisdom of the crowd
Bij de evaluatie van de hackathons wordt ook altijd gevraagd of deelnemers nog een keer mee zouden doen. 90 tot 95 procent van de deelnemers reageert daar positief op. ”De drive om de politie te helpen is best wel groot. De hackathon past ook in de trend die je ziet in de opsporing, waarin steeds meer gebruik wordt gemaakt van partijen van buitenaf. Dat is de erkenning voor het feit dat in de buitenwereld heel veel expertise zit die je binnen de politie misschien niet hebt. Boeven krijgen door de toenemende digitalisering meer kansen, maar burgers kunnen ook steeds meer. Zij zijn zo waanzinnig goed in informatie zoeken en verbanden leggen. The wisdom of the crowd. Er is ook zoveel te vinden. Burgers brengen niet alleen af en toe wat anders, maar soms ook sneller dan de politie. Ik denk ook dat het onderscheid tussen burgers en politie op sommige punten steeds dunner wordt. Burgers kunnen op sommige momenten meer omdat ze geen toestemming van de officier nodig hebben. Op andere punten kan de politie meer omdat zij die toestemming wel heeft. Maar het onderscheid ‘ik ben van de politie en ik ga er over en ik kan het’, dat begint wel steeds meer te vervagen. Het is belangrijk om een dynamiek met de buitenwereld op te bouwen, zodat je constant meebeweegt met alle veranderingen op het gebied van criminaliteit. Daar zijn hackathons een heel mooi voorbeeld van.”
Draaiboek
Intussen blijven aanvragen voor nieuwe hackathons binnenkomen. De belangstelling voor hackathons bracht Lam en Arnoud de Bruin er toe om samen met twee collega’s de brochure ‘How to Hack-a-thon’ te schrijven. Het eerste exemplaar werd afgelopen vrijdag tijdens de Hackathon Cybercrime, die door de politie Den Haag West werd georganiseerd, uitgereikt aan Wim van Amerongen, programmadirecteur Toekomstbestendig Opsporen en voorzitter van het Burgeropsporingslab. ”De hackathon leeft, maar veel mensen hebben geen idee hoe het werkt. Veel dingen waar wij over zijn gestruikeld, hebben we op een leuke en vlotte manier proberen op te schrijven. Ook om de handschoen toe te werpen: probeer het zelf ook eens, als daar aanleiding voor is. Ik denk dat het goed is om deze tool in je gereedschapskist te hebben en afhankelijk van je probleem eruit kan trekken en kan toepassen. Niet altijd inzetten, maar het zou één van de standaard dingen moeten zijn, een klein beetje zoals een snelle kennismobilisatie die je vanuit de politie kunt inzetten. Daar zou het heel geschikt voor zijn. Ik heb ook het gevoel dat het die kant op gaat. Het blijft wel lastig, omdat de politie zo resultaatgedreven is. Het gaat toch vooral over hoeveel kerels we hebben aangehouden, of hoeveel kilo’s we hebben gevonden. Het heeft ook met bewustwording te maken. Ondanks dat je de resultaten morgen misschien niet gelijk terugziet – als in we hebben Taghi aangehouden – het helpt wel om de politie beter te maken.”

Bron: Politieacademie, Politieacademie

Boeven vangen met slimme burgers

Met burgeropsporing is meer mogelijk dan wordt gedacht, blijkt uit een eerder dit jaar gehouden FASTNL Hackathon. Deskundigen van binnen en buiten de politie beten zich vast in 85 zaken met voortvluchtige veroordeelden.

Op 21 januari 2020 vond op de militaire kazerne in Wezep de FASTNL Hackathon plaats. Het doel was het opsporen van voortvluchtige criminelen. Er werd specifiek gezocht naar personen die
onherroepelijk veroordeeld zijn en minimaal driehonderd dagen celstraf moeten voldoen, maar nog niet zijn aangehouden. De 86 deskundigen op het gebied van Open Source Intelligence (OSINT) van binnen en buiten de politie beten zich tijdens deze hackathon vast in 85 zaken die door het Fugitive Active Search Team Nederland (FASTNL) van de Dienst Landelijke Recherche (DLR) werden aangeleverd.

1. Innovatief
De hackathon is een van de innovatieve ideeën uit de koker van de beweging BlueM binnen de politie. Geïnspireerd door de documentaire ‘Truth in a posttruth world’ organiseerden zij begin 2019 een Osint­challenge en een masterclass met Bellingcat­oprichter Eliot Higgins. Het succes van deze challenge en het BlueM­motto ‘DURFTEDOEN, DURFTEFALEN’ leidden een halfjaar later tot
de Coldcase Hackathon, waarbij honderd Osint­experts van binnen en buiten de politie aan de slag gingen met coldcases, vermissingen en voortvluchtigen. Vooral het opsporen van voortvluchtigen bleek zich te lenen voor publiek­private samenwerking. Het succes van de dag leidde direct tot een volgende hackathon, nu volledig gericht op FASTNL­zaken.

2. Cocreatie
Traditioneel wordt binnen de politie gebruik gemaakt van burgerparticipatie: burgers helpen de politie door bijvoorbeeld het geven van informatie. De laatste jaren is er ook een beweging naar politieparticipatie zichtbaar, waarbij de politie burgers ondersteunt bij het organiseren van hun eigen veiligheid. De hackathon gaat nog een stap verder en kan worden gezien als de ultieme vorm van samenwerking, namelijk cocreatie. Burgers en publiek­private partijen werken gelijkwaardig samen bij het opsporen van voortvluchtigen. Voor de politie creëert deze samenwerking kansen voor de toekomst: naast extra capaciteit bieden deze partijen kennis, expertise en ervaring die de politie niet altijd zelf tot haar beschikking heeft.

3. Open bronnen-onderzoek
Het werkzame mechanisme van de hackathon is Osint, oftewel open source intelligence. De kracht van Osint komt voort uit een samenleving die volop in beweging is. Technologische ontwikkelingen maken dat mensen sterker dan ooit (digitaal) met elkaar verbonden zijn. Via internet hebben ze toegang tot grote hoeveelheden informatie, tools en vaardigheden. Tegelijkertijd laten mensen ook steeds meer sporen achter in de digitale wereld, bijvoorbeeld via sociale media of apps zoals Strava. Open bronnen­onderzoek is een waardevolle aanvulling op traditionele opsporingsmethoden en kan veelal door burgers zonder bijzondere opsporingsbevoegdheid worden uitgevoerd.

4. Privacy
Het voornaamste obstakel om als politie met burgers en publiek-private partijen samen te kunnen werken heeft betrekking op de privacyregelgeving. Om het delen van gegevens juridisch mogelijk
én WPG-proof te maken, werd door de dienstleiding van de DLR onder een aantal strikte voorwaarden, waaronder een ondertekende geheimhoudingsverklaring, autorisatie verleend om
ten behoeve de hackathon informatie te delen. Op dit moment wordt door BlueM, FASTNL, het OM en de Gegevensautoriteit gewerkt aan een leidraad gegevensvertrekking ten behoeve van
burgerparticipatie en publiek-private samenwerking in de opsporing.

5. Opbrengsten
Om 20.00 uur ’s avonds werd een voorlopige balans opgemaakt. Een inventarisatie onder de acht gelegenheidsteams leverde de volgende resultaten op:

  • 6 traceringen van personen op landniveau,
  • 12 traceringen van personen op plaatsniveau,
  • 15 traceringen van personen op adresniveau,
  • 2 personen bleken in het buitenland te zijn gedetineerd, en
  • 1 persoon bleek in het buitenland te zijn overleden.

De hackathon illustreert de kracht van zowel Osint-onderzoek als publiek-private samenwerking. Om 17.14 uur was de eerste aanhouding een feit. In de dagen daarna volgden als direct gevolg van de hackathon nog eens 10 aanhoudingen.

In de overige onderzochte zaken heeft de hackathon geleid tot een verbeterde informatiepositie. Door het vervolgens inzetten van opsporingsmiddelen konden nog enkele aanhoudingen worden
verricht. De verwachting is dat er in de loop van het jaar meer aanhoudingen zullen volgen.

6. Nieuwe kennis ontsluiten
Het effect van de hackathon reikt verder dan de resultaten van de individuele opsporingsonderzoeken. Uit de evaluatie blijkt dat de grootste waarde vestond uit de gelegenheid voor deelnemers om kennis te delen, te leren van elkaars werkwijzen en om te netwerken. De hackathon kan worden gezien als werkwijze om nieuwe kennis en contacten voor de politie te ontsluiten, (gelegenheids)
coalities te vormen en verbonden te zijn bij actuele, voor de opsporing relevante, maatschappelijke ontwikkelingen.

Altijd bij oma beginnen
Criminelen zijn meestal voorzichtig op internet. Over de gezochte persoon zelf is daarom zelden iets op naam te vinden. De directe omgeving daarentegen is vaak minder alert. Het loont dan ook om het netwerk rondom de persoon in kaart brengen: vader, moeder, partner, kinderen en medeverdachten. Een gouden regel binnen Osint: oma’s plaatsen altijd foto’s van hun kleinkinderen. Zo was er een oma die onder haar eigen naam een Facebook-account had. Hierop had zij nietsvermoedend enkele foto’s van haar kleinkinderen geplaatst. Deze leidden naar de social media-accounts van de kleinkinderen. Op een aantal Instagram-posts van de kleinzoon was een opvallende dure auto te zien. Het uitvergroten van een van deze foto’s toonde een persoon die voldeed aan
het signalement van de gezochte persoon. Een aantal foto’s konden onderzoekers vervolgens ‘geolocaten’ met behulp van open bronnen zoals Google Maps. Deze plekken werden gematcht met locaties van bedrijven en horecagelegenheden die op social media geliket werden door het netwerk van de gezochte persoon. Hierdoor werd een waarschijnlijke verblijfplaats gevonden in het buitenland. Op satellietbeelden was op de parkeerplaats niet alleen de vermoedelijke auto te zien, zelfs de bandensporen waren zichtbaar.

Door: Jerôme Lam (wetenschappelijk onderzoeker, Politieacademie), Nicolien Kop (lector Criminaliteitsbeheersing en Recherchekunde), Arnoud de Bruin (BlueM, aanjager aanpak cyber (enabled) crime, Eenheid Amsterdam), Stef de Jonge (teamleider FASTNL, Landelijke Eenheid).

[slideshare id=238231179&doc=lamkop2020fastnlhackathon20200121-200825130609&type=d]

Bron: Tijdschrift voor Politie

Evaluatie Coldcase Hackathon

Coldcases en samenwerking met private partijen en burgers

Sinds 1996 komen in Nederland gemiddeld ongeveer 180 personen per jaar om het leven door moord of doodslag. Hoewel het aantal levensdelicten de laatste jaren aanzienlijk is afgenomen, werden de laatste 10 jaar nog steeds gemiddeld 140 mensen per jaar slachtoffer van geweld met een fatale afloop. De meeste van deze levensdelicten worden door de politie opgelost. Toch heeft de politie ook te maken met een aanzienlijk aantal niet opgeloste zaken. Sinds de vorming van de Nationale Politie zijn zogeheten coldcaseteams bezig met het inventariseren en onderzoeken van onopgeloste levensdelicten. Inmiddels gaat het om ruim 1700 zogenaamde coldcases. Het maatschappelijk effect van deze zaken is groot. Niet alleen gaat de dader vooralsnog vrijuit, de nabestaanden hebben recht op duidelijkheid over het lot van hun dierbaren. Bovendien bestaat de kans dat de dader opnieuw een misdrijf begaat. Het is daarom van groot maatschappelijk belang dat coldcases worden opgehelderd. Helaas is de capaciteit die de politie beschikbaar heeft voor de opsporing, waaronder coldcaseonderzoek, beperkt. Mede om die reden wordt de laatste jaren gezocht naar nieuwe manieren om coldcases aan te pakken. Er vinden experimenten plaats om met behulp van Artificial Intelligence coldcases opnieuw te bekijken voor nieuwe aanknopingspunten. Ook word er steeds vaker gebruik gemaakt van verschillende groepen burgers. Gepensioneerde politiemensen bekijken opsporingsdossiers opnieuw, maar ook hogescholen en universiteiten bekijken coldcases met een frisse blik. Deze inbreng van buiten de politieorganisatie heeft niet alleen als voordeel dat de politiecapaciteit wordt versterkt, maar ook dat kennis, expertise en inzichten worden ingebracht die de politie zelf niet altijd voorhanden heeft. Hierbij valt de denken aan de inzet van forensische nanotechnologie door het Saxion college. Maar ook het inzetten van bijvoorbeeld digitale vaardigheden door burgerexperts. Dat deze werkwijze potentie heeft, blijkt uit het voorbeeld van Serendip. Deze burgeropsporingsgroep wist een aantal jaar
geleden binnen 2½ uur een coldcase op te lossen.

Het samenwerken met burgers en private partijen in een opsporingsonderzoek zijn vergaande vormen van burgerparticipatie, die ook wel cocreatie worden genoemd. Bij cocreatie werken alle
partijen gelijkwaardig samen aan een gezamenlijk doel. Hoewel vanuit zowel de politiepraktijk als de wetenschap wordt verondersteld dat cocreatie mogelijk een waardevolle bijdrage kan leveren aan de opsporing, zijn er tot op heden nauwelijks voorbeelden waarin cocreatie daadwerkelijk is toegepast binnen de context van een opsporingsonderzoek.

Doelstelling

In het kader van vernieuwende en innovatieve werkwijzen organiseerde BlueM Amsterdam op 27 augustus 2019 een Coldcase Hackathon. BlueM is een beweging binnen de politie die als doel heeft om politiemensen uit te dagen om buiten de standaard patronen te denken en beter aan te sluiten op de veranderingen in de maatschappij. Een hackathon is een evenement waarbij teams in een relatief korte tijd proberen om vernieuwende en innovatieve oplossingen te vinden voor problemen of thema’s. Gedurende een hele dag werkten politiemensen samen met medewerkers van defensie, private partijen zoals KPN en TNO en (cyber)vrijwilligers, in verschillende gemengde gelegenheidsteams aan een aantal coldcases die door coldcaseteams werden ingebracht. Het doel was enerzijds het forceren van een doorbraak in de coldcases, anderzijds om te leren en te experimenteren met betrekking tot publiekprivate samenwerking in een opsporingsonderzoek.

Dit evaluatierapport maakt deel uit van een bredere onderzoekslijn binnen de politieacademie naar burgerparticipatie in de opsporing. De hackathon biedt aanknopingspunten om vanuit zowel
praktisch als wetenschappelijk perspectief meer inzicht te krijgen in de waarde van cocreatie binnen de opsporing en hoe een dergelijk proces in de toekomst het beste vorm gegeven zou kunnen worden.

Onderzoeksrapport

Het eerste deel van de rapportage gaat in op de deelnemers: de achtergrond van de respondenten (hoofdstuk 1) en de waarde die zij in de burger zien voor het opsporingsonderzoek (hoofdstuk 2).
Hoofdstuk 3 richt zich vervolgens op de algemene ervaring van de hackathon en de kansen en dilemma’s die respondenten daarbij zijn tegengekomen. In hoofdstuk 4 staat de hackathon als werkwijze centraal. Hoofdstuk 5 richt zich op de onderzoeken en de wijze waarop deze zijn ingebracht. Hoe het werken in de gelegenheidsteams door de deelnemers werd ervaren, staat centraal in hoofdstuk 6. De evaluatie van enkele praktische zaken, zoals de gekozen locatie, wordt toegelicht in hoofdstuk 7.

Lees het of download het rapport via onderstaande link:

[slideshare id=238231040&doc=lamkop2020evaluatiecoldcasehackathon201908271-200825125826&type=d]

FASTNL Hackathon: hulp van burgers en private partijen bij de opsporing

Eind 2018 beleefde ‘Truth in a post-truth world’ zijn wereldpremière op de IDFA. Deze prijswinnende documentaire gaat over Bellingcat, een internationaal burgerjournalistiek netwerk, dat met
slimme online zoektechnieken én door inzet van de ‘wisdom of the crowd’ al voor verschillende baanbrekende onthullingen heeft gezorgd. Dit internationale platform voor burger-onderzoeksjournalistiek is vaak sneller en nauwkeuriger dan de officiële instanties. Het collectief onderzoekt via internet, sociale media en andere online kanalen complexe aanvallen en controversiële incidenten wereldwijd, zoals het neerhalen van de MH17 boven de Oekraïne en de aanslag op de voormalige Russische dubbelspion Sergej Skripal.

Geïnspireerd door deze documentaire organiseerde BlueM, een innovatieve beweging binnen de politie, op 24 januari 2019 een masterclass met Eliot Higgins, de oprichter van Bellingcat. Deze
masterclass kreeg een half jaar later een vervolg in de vorm van de Coldcase Hackathon, waarbij 100 Osint (Open Source Intelligence) -experts van binnen en buiten de politie aan de slag gingen
met coldcases, vermissingen en voortvluchtigen. Vooral het opsporen van voortvluchtigen bleek zich goed te lenen voor publiek-private samenwerking.

Daarom werd op dinsdag 21 januari 2020, op de militaire kazerne in Wezep, een 2de hackathon georganiseerd waarbij de opsporing van voortvluchtigen centraal stond. Dit was een gezamenlijk
initiatief van BlueM en het Fugitive Active Search Team Nederland (FASTNL) van de Dienst Landelijke Recherche (DLR). Er werd specifiek gezocht naar voortvluchtige personen die onherroepelijk veroor- deeld zijn en nog minimaal 300 dagen celstraf open hebben staan.

Het doel van de hackathon was om te onderzoeken in hoeverre publiek-private samenwerking bijdraagt aan het rendement van de opsporing. 86 Osint-deskundigen van binnen en buiten de politie beten zich tijdens deze hackathon vast in 85 zaken die door FASTNL werden aangeleverd. Deze manier van samenwerken is te zien als een experiment op het gebied van burgerparticipatie bij de opsporing. De politie wil leren en verbeteren en is blij met deze betrokkenheid van de Politieacademie.

Evaluatie FASTNL Hackathon (Lam & Kop, 2020)

[slideshare id=238231179&doc=lamkop2020fastnlhackathon20200121-200825130609&type=d]

Het is de hoop dat het resultaat van de hackathon bijdraagt aan het nog meer betrekken van burgers en private partijen bij de opsporing. De evaluatie laat er geen misverstand over bestaan; met gedegen open bronnen onderzoek kunnen we gesignaleerden traceren en aanhouden. Deel deze kennis en ervaring en doe mee met opsporingsmogelijkheden waar dat kan!

Digitale sporen? Burgers helpen online mee. Een kwalitatief onderzoek naar burgerparticipatie bij open bronnenonderzoek in de opsporing.

Op 17 juli 2014 is vlucht MH17 van Malaysia Airlines met een BUK-raket neergehaald in Oost-Oekraïne. Sindsdien is er een onderzoek opgestart vanuit Bellingcat, een onderzoekscollectief opgericht door burgers, dat zich bezighoudt met het verzamelen van informatie over strafbare feiten op het internet. Het team van Bellingcat bestaat uit een internationale samenstelling van professionals, die gespecialiseerd zijn in het onderzoeken van openbare bronnen en sociale media (Duijf, 2018). De burgeronderzoekers van Bellingcat achterhalen bijvoorbeeld de route die de BUK-raket aflegt aan de hand van foto’s op sociale media. De informatie die wordt gedeeld met het onderzoeksteam van de politie wordt gezien als extreem waardevol (Rosman, 2019). De positie van burgers in het onderzoek van de MH17 ramp is een voorbeeld van de veranderende rol van burgers in de opsporing. Naast de rol van de burger als getuige, slachtoffer of aangever, speelt de burger een alsmaar actievere rol binnen het opsporingsproces (Kop, 2016). Burgers kruipen individueel of als groep steeds meer in de rol van de recherche en kunnen zodoende hun bijdrage leveren aan het bestrijden van misdaad en het verbeteren van de veiligheid in Nederland (Kerstholt & De Vries, 2018).

Digitalisering en nieuwe technologische ontwikkelingen zorgen ervoor dat het grote publiek actief kan meedenken bij opsporingszaken (Land, Stokkom & Boutellier, 2014). Het belang van burgerinitiatieven neemt toe door sociale media, omdat zij met behulp van Instagram, Twitter, Facebook en Whatsapp zelf kunnen opsporen en een rol spelen bij het zoeken en vervolgen van daders (Kop, 2016). Om in te spelen op de digitalisering en veranderende rol van de burger ontstaan binnen de politieorganisatie voortdurend experimenten om burgers te betrekken bij opsporingsonderzoeken. Hackathon FASTNL is een voorbeeld van zo’n experiment, waar OSINT-specialisten werkzaam bij de politie, publieke en private organisaties gezamenlijk ‘jagen’ op voortvluchtigen (Walter, 2020). Open Source Intelligence, ‘OSINT’ is het verzamelen van informatie uit open en publieke bronnen om een opsporingsonderzoek te verrijken (Glassman & Kang, 2012).

De focus van dit onderzoek van Severien Verbeek ligt op het betrekken van burgers in opsporingsonderzoeken met behulp van OSINT. In dit onderzoek hebben zeventien semigestructureerde interviews met deelnemers en betrokkenen van de Hackathon FASTNL plaatsgevonden. Een andere manier waarop data is verzameld voor dit onderzoek is het uitvoeren van observaties en documentanalyses.

Probleemstelling
De maatschappij is in de afgelopen twee decennia gedigitaliseerd, waardoor mogelijkheden voor communicatie en informatie-uitwisseling enorm zijn toegenomen (Cornelissens & Ferwerda, 2010, p. 18). Op het internet heeft een grote verandering plaatsgevonden van Web 1.0 naar Web 2.0 en Web 3.0. Het eerste web bestond uit statische websites met informatie vanuit één kant, er was weinig interactie tussen gebruikers van het internet. De komst van Web 2.0 zorgt ervoor dat er interactie is tussen de gebruikers in sociale netwerken in de vorm van bijvoorbeeld podcasts, blogs, Wikipedia en zoekmachines (De Vries & Smilda, 2014, p. 50; Cornelissens & Ferwerda, 2010, p. 18). Bovendien, wordt er in de literatuur gesproken over een ontwikkeling naar Web 3.0 of ‘semantic Web’, waar informatie wordt georganiseerd voor gebruikers. Toepassingen op het internet worden geïntegreerd op de behoefte van individuele gebruikers (Naik & Shivalingaiah, 2009). De nieuwe generaties van internet zorgen ervoor dat er ruimte ontstaat voor ‘gewone’ burgers om zelf op zoek te gaan naar informatie (Cornelissens & Ferwerda, 2010, p. 18).

De digitalisering van de samenleving zorgt ervoor dat de politie voor uitdagingen komt te staan. Steeds meer politiemedewerkers krijgen te maken met delicten met een digitale component, waardoor het personeel over nieuwe kennis en digitale vaardigheden moet beschikken. Tegelijkertijd heeft de politie een achterstand gecreëerd op de ‘gedigitaliseerde burger’, omdat voor een lange tijd geïnvesteerd is in traditionele opsporingsmiddelen (Cornelissens & Ferwerda, 2010, p. 24). Een ander gevolg van digitalisering is dat de burger een steeds grotere rol kan spelen binnen een opsporingsonderzoek, omdat er een lagere drempel ontstaat voor burgers om deel te nemen aan het opsporingsproces. Door middel van sociale media kunnen burgers informatie over strafbare feiten verzamelen (Kop, 2016, p. 28). De digitalisering gaat hand in hand met de opkomst van de participatiesamenleving, waar de overheid rekent op de kracht van de burgers in de Nederlandse samenleving (Winthagen, 2014). Burgers nemen ongewild of gewild steeds vaker de touwtjes in eigen handen, wat resulteert in lastige vraagstukken over het vormgeven en organiseren van de verbinding tussen burgers en de politie. Daar komt bij dat de houding van de politie naar burgerparticipatie normaliter terughoudend is, omdat bepaalde informatie niet gedeeld kan worden. Steeds meer burgers nemen het voortouw in een opsporingsonderzoek, waardoor een aantal deskundigen binnen de politie vinden dat de politie burgerinitiatieven moet omarmen in plaats van tegenhouden (Lam & Kop, 2020; Duijf, 2018). Het omarmen van actieve vormen van burgerparticipatie vraagt om een cultuuromslag binnen de organisatie, waar geaccepteerd wordt dat burgerparticipatie een onderdeel is van het moderne politiewerk. (Lam & Kop, 2020a). Hierdoor ontstaat vanuit de politie een brede zoektocht naar een effectieve samenwerking met burgers (Politie, 2019).

Dit onderzoek zal een bijdrage leveren aan deze zoektocht en inzichten verzamelen van OSINT-specialisten over de samenwerking tussen burgers en opsporing bij open bronnen onderzoek. De OSINT-specialisten hebben deelgenomen aan activiteiten of experimenten waarbij burgers worden betrokken in een open bronnen onderzoek, zoals Hackathon FASTNL. Hierdoor kunnen zij een beeld schetsen van burgerparticipatie bij open bronnen onderzoek. De doelstelling van dit onderzoek is als volgt geformuleerd:

Het doel van het onderzoek is om inzicht te verkrijgen in de samenwerking en bijbehorende dillema’s tussen burgers en de opsporing bij een open bronnen onderzoek. Om hierover aanbevelingen te doen zijn de ervaringen, perspectieven en meningen van OSINT-specialisten, die hebben meegedaan aan de Hackathon FASTNL, in kaart gebracht.

Luister de podcast hierover:

En download of lees hieronder het gehele rapport:

[slideshare id=238227788&doc=digitalesporen-6112188-200825093426]

Dark Web, spannend voor politievrijwilligers

De politie zet vanaf deze week zogenoemde cybervrijwilligers in. Vorig jaar bleek uit een inventarisatie dat bij de politie ruim tweehonderd vrijwilligers werken die relevante ICT-kennis hebben die nog niet werd gebruikt. Veertien van hen hebben inmiddels aanvullende trainingen gedaan en kunnen nu aan de slag.

Onder die geselecteerde vrijwilligers bevinden zich meerdere ICT-consultants, een gepensioneerde natuurkundige, een kankeronderzoeker en een bio-informaticus, aldus de politie. ,,Eigenlijk lagen deze kwaliteiten van de vrijwillige collega?s voor het grijpen, maar werden hun vaardigheden nog niet door ons benut??, aldus programmadirecteur cybercrime Theo van der Plas.

Een deel gaat aan de slag bij het cybercrimeteam in Rotterdam, maar de meeste vrijwilligers worden ingezet bij het darkwebteam. Het darkweb is een afgeschermd deel van het internet waar naar schatting van de politie 57 procent van alle daar actieve zogenoemde domeinen zich bezighoudt met illegale activiteiten. ,,Je kunt ze zien als een flink aantal extra ogen en expertise voor de surveillance op het darkweb??, aldus Van der Plas.

Zo moet het zelfs mogelijk worden ict?ers een bedrijfsdagje bij de politie te laten houden. Zij kunnen dan deelnemen aan bijvoorbeeld een ?hackathon?, een fenomeen waarbij binnen een korte tijd gezamenlijk digitaal wordt gewerkt aan het oplossen van een probleem.

Met het salaris kan de politie techneuten lang niet altijd weglokken bij grote bedrijven. Maar de spanning en betekenis die politiewerk kan geven, zorgt dat expertise wel op deze manier binnen kan worden gehaald, zegt Theo van der Plas, programmadirecteur Digitalisering en Cybercrime. ,,Burgers willen heel graag een steentje bijdragen. Bij ons kunnen ze hun kennis maatschappelijke betekenis geven.??

?We werken al samen met universiteiten, hogescholen en bedrijven en in dit geval met politievrijwilligers die in hun baan met die ontwikkelingen in aanraking komen?, zegt Van der Plas. ?Zo halen we actuele kennis die buiten de politie beschikbaar is ook naar binnen bij ons.? Volgens de programmadirecteur moet de inzet van de vrijwilligers het onderzoek op internet een ?extra impuls?.

Dit gebeurt deels simpelweg door kennis die al aanwezig is aan te wenden. Vorig jaar bleek uit een inventarisatie dat tweehonderd van de huidige vrijwilligers voor de politie relevante expertise bezit. Een ?groot deel? van die groep bleek bereid die kennis voor de politie in te zetten. Tegelijk moet de samenwerking uitdrukkelijk de banden tussen experts uit het bedrijfsleven en de politie zelf versterken. Er wordt vanuit de politie zelfs actief contact gezocht met specialisten bij bedrijven die kennis en kunde kunnen bijdragen.

De vrijwilligers hebben een training gehad waarbij hun onder meer is geleerd hoe ze een proces-verbaal over cyberzaken moeten opstellen. Ook wordt aan hun ?mentale weerbaarheid? gewerkt zodat ze beter kunnen omgaan met bijvoorbeeld gewelddadige beelden of kinderporno, mochten ze daar onbedoeld op stuiten. ?Ik denk dat het belangrijk is dat mensen wat ze tegenkomen kunnen verwerken.? Hun hoofdtaak ligt voorlopig echter elders. Ze zullen in eerste instantie vooral op zoek gaan naar informatie over verkooppunten voor wapentuig en verdovende middelen.

Darkwebteam

De vrijwilligers is op het hart gedrukt dat ze in hun zoektocht niets mogen bestellen, zegt Van der Plas. ?Daar hebben we anderen voor, onder gezag van het Openbaar Ministerie.? Uitlokking ligt op de loer, net als vermenging van commerci?le belangen en mogelijke problemen met de veiligheid. Duidelijke briefings vooraf, goede begeleiding en controle op de rapportage die de vrijwilligers indienen, moet ervoor zorgen dat ze binnen de kaders van de wet blijven opereren.

Een supermarktketen heeft al aangeboden data-analisten uit te lenen aan de politie. Daar onderzoeken ze dan niet het gedrag van consumenten, maar van daders van misdaden. Zij kunnen bijvoorbeeld kijken naar patronen die te halen zijn uit drugsdumpingen. Informatie over zo?n onderwerp is via openbare bronnen terug te vinden, waardoor geen directe toegang tot politie-informatie nodig is. In andere gevallen wordt vertrouwelijke informatie wel gedeeld. Van der Plas benadrukt dat er echter geen concessies aan de veiligheid worden gedaan.

Een van de cybervrijwilligers die nu al zijn aangesteld is Arieh Tal. ?Ik heb tijd genoeg en ik vind het fascinerend.? De pas gepensioneerde Tal, van huis uit natuurkundige, werkte twintig jaar als ict-manager aan de?Technische Universiteit Eindhoven. De laatste jaren was hij bio-informaticus bij het Nederlands Kanker Instituut.

Tal: ?Ik houd van uitdagingen, dit vrijwilligerswerk voor de politie is een interessante puzzel.? De oud-ict-manager helpt het Darkwebteam. ?Veel details mag ik er niet over geven, maar we kijken rond en als we iets crimineels vinden, nemen we contact op met justitie.? Tal is zo enthousiast over het werk, dat hij grotendeels vanuit huis doet, dat hij er naar eigen zeggen 7 dagen per week voor uittrekt. ?Ik vind het belangrijk om te doen. Ik ben als student lang geleden vanuit?Tel Aviv?naar Nederland gekomen om onderzoek te doen en ik ben gebleven. Ik vind dit een fijn land en voel me hier thuis. Nu ik met pensioen ben, wil ik graag wat terugdoen.?

Bronnen: AD, Dagblad van het Noorden, De Volkskrant, NRC

Crimebusterbot winnaar Dutch Open Hackathon

De Dutch Open Hackathon 2018 is gewonnen door het team m?CrimeBusterBot?met de ontwikkeling van een tool (Github link) voor het identificeren van malafide websites. Bij de ontwikkeling van deze tool is gebruikgemaakt van de beschikbare datasets van het Kadaster, Politie en SIDN. In de toepassing vindt en analyseert een automatische bot malafide websites. Tijdens het Dutch Open Hackathon-weekend werkten 23 teams aan de ontwikkeling van toepassingen op basis van data die beschikbaar werd gesteld door HeadFirst, het Kadaster, KPN, Politie, PostNL en SIDN.

Aan de Dutch Open Hackathon 2018 deden ruim 100 developers uit binnen- en buitenland mee. Zij konden gebruikmaken van uiteenlopende datasets en API?s van de partners en sponsors van het evenement. De keuze van de jury viel op CrimeBusterBot omdat het een relevant probleem aanpakt en tevens goed gebruikmaakt van de data die de partners beschikbaar hebben gesteld. CrimeBusterBot won met hun eerste plaats een bedrag van ? 7.500. Ook wonnen zij de pioniersprijs die werd uitgereikt namens SIDN Fonds.

Detecteren netwerk van malafide websites
De winnende oplossing van CrimeBusterBot is een automatische bot die malafide websites opspoort. Op basis van webcrawling-informatie en het uitvoeren van een DNS-analyse kan de bot complete netwerken van malafide websites blootleggen. Bij de ontwikkeling van de CrimeBusterBot zijn machine learning-technieken toegepast die ervoor zorgen dat de tool automatisch websites aanmerkt als mogelijk malafide. In eerste instantie is de toepassing niet direct gericht op consumenten, maar moet het vooral de Politie en SIDN ondersteunen in hun strijd tegen deze vorm van cybercrime.

De publieksprijs ging naar A-ware International voor de ontwikkeling van een online challenge die consumenten bewuster moet maken van de gevaren van ransomware. De incubatieprijs ging naar Sharefox, een applicatie voor het veilig delen van bestanden.

Richard Garsthagen, teamlid van CrimeBusterBot: ?De Dutch Open Hackathon is een bijzonder evenement omdat het de gelegenheid biedt datasets met elkaar te combineren die normaal gesproken niet gezamenlijk toegepast kunnen worden. Hierdoor hebben wij een tool kunnen ontwikkelen die niet alleen afzonderlijke malafide websites kan identificeren, maar juist ook de achterliggende netwerken kan ontmaskeren. Als je ??n website hebt gevonden, blijkt het vrij eenvoudig om te achterhalen of er nog meer malafide websites actief zijn.?

Foto credits: Vincent van den Boogaard.

Open innovatie
De Dutch Open Hackathon 2018 stond volledig in het teken van open innovatie en nam dit jaar zijn intrek in de Dutch Innovation Factory in Zoetermeer. Een overzicht van de resultaten van deze editie van de Dutch Open Hackathon vind je hier.

De Dutch Open Hackathon 2018 is een initiatief van Stichting Dutch Open Innovation, Big Data Innovatiehub, het Kadaster, Koninklijk Instituut Van Ingenieurs (KIVI), KPN, Politie, PostNL en SIDN.

App: Anti-fraude

Burgers zijn niet bewust van de gevaren bij identiteitsfraude. Dankzij Boudewijn Duijvesteijn, slachtoffer identiteitsfraude, en iedereen achter de Hackathon Antifraude is dit in de toekomst te voorkomen. Een state-of-the-art mobiele oplossing, van Milvum (??n van de winnaars), geeft inzicht in hoe identiteitsfraude kan worden gemonitord en kan worden voorkomen.

In 2014?heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) een hackathon gehouden om fraude te bestrijden. Bij de presentatie zijn er meerdere IT-Oplossingen naar voren gekomen. Een effectieve mobiele applicatie kan al veel voorkomen en bestrijden.?Identiteitsfraude is de basis voor vele soorten fraude, zoals fraude met verzekeringen en toeslagen. Boudewijn Duijvesteijn kaartte aan hoe makkelijk het is om iemand zijn identiteit te stelen door een vervalste handtekening en een kopie van zijn of haar paspoort.

Burgers hebben geen of weinig overzicht over de gegevens en activiteiten die geregistreerd staan bij de overheid. Bij de jongere generaties zijn paspoorten en ID?s al vaak in de cloud en bij meerdere instanties. Kopie?n van een paspoort zijn moeilijk of niet terug te vorderen en voor de burger zelf is er geen controle op de distributie hiervan. Burgers zijn niet op de hoogte van wat de gevaren hiervan zijn en waar hun gegevens worden verspreid. Dit heeft tot gevolg dat panden, auto?s en andere bezittingen worden aangeschaft op de naam van een burger, zonder dat deze er bewust van is.

screenshot_hackathon_bzk_milvum_1_0

screenshot_hackathon_bzk_milvum_2

Een mobiele applicatie kan identiteitsfraude voorkomen door bij elke wijziging bij de overheid, bijv. een huis- of auto registratie, een melding te geven. Mocht de aankoop niet door de burger zelf gedaan zijn, dan wordt dit gelijk opgemerkt.?Een ander probleem is dat burgers hun paspoort of ID aan instanties geven, zonder een watermerk. Identiteitsfraude kan al grotendeels worden verminderd als de burger veilig haar paspoort scanned. De ISBN nummer moet worden weggestreept en er moet een watermerk op het paspoort komen.

Of bekijk het videoverslag van de hackathon: