NCTV & Open source intelligence

De Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) heeft het programma Herkenning Digitale Informatie en Fingerprinting (HDIeF) uitgevoerd in de periode 2009-2012.

Een persoon die werkt achter zijn pc

Het HDIeF programma is gestart omdat de massaliteit van gegevens die via Internet gewisseld wordt, het steeds moeilijker maakt om die specifieke informatie te detecteren die voor diensten in het domein van openbare orde en veiligheid van belang zijn. Gezien de explosieve groei van het internetverkeer, is het langzamerhand zoeken naar een speld in een hooiberg. In het kader van de bestrijding van cybercrime in het algemeen, en de opsporing en vervolging van strafbare feiten in het bijzonder, is het goed en snel detecteren van digitale informatie van groot belang om effectief te kunnen opereren. Er is een aantal veelbelovende nieuwe technieken in opkomst. Door middel van deze technieken kan de detectie van bepaalde informatie aanzienlijk worden vergroot, evenals de snelheid waarmee dat gepaard gaat. Het ontwikkelen, verbeteren en toepassen van deze technieken kan dus grote voordelen bieden voor organisaties die belast zijn met toezicht op de naleving van wetgeving, en het optreden tegen illegale handelingen.

Het programma HDIeF bood ruimte voor experimenten en projecten die ertoe kunnen bijdragen dat er beter, sneller en effici?nter gezocht kan worden naar relevante informatie in enerzijds databases (statische informatie) of op internet (dynamische informatie). Bijzonder element van het HDIeF programma is dat de projecten ontstaan zijn op basis van concrete vragen uit het veld.

Het programma heeft onder meer de volgende rapporten opgeleverd:

  • TNO rapport – Herkenning van Digitale Informatie31-03-2010 | pdf-document, 4.97 MBEen rapport waarin de stand van de techniek is beschreven om in digitale informatie te zoeken.
  • Instance search11-04-2011 | pdf-document, 3.59 MBEen presentatie van de resultaten van een praktijktest naar het zoeken van objecten in een database met videos.
  • Advies IRN WOPR Ontwikkeltrajecten11-01-2011 | pdf-document, 0.26 MBEen advies over hoe de intelligente analysemodule binnen het internet Recherche Netwerk (iRN) te ontwikkelen.
  • Eindrapport Privacy scan iRN02-07-2012 | pdf-document, 1.18 MBEen privacy scan van in dit programma ontwikkelde tools, met name iRN.
  • FlashReader Guide08-09-2011 | pdf-document, 1.40 MBRapport over hoe de technologie ?Optical Character Recognition? voor internet toe te passen is.
  • Eindrapport Virtuele Muis08-11-2012 | pdf-document, 1.20 MBRapport over hoe een flash-site met een ?virtuele muis? gelezen kan worden.
  • Eindrapport Beeldmerkherkenning16-12-2012 | pdf-document, 2.61 MBRapport over de mogelijkheden van technologie voor beeldmerk herkenning.
  • Eindrapport Dreigtweets28-06-2012 | pdf-document, 0.69 MBRapport over de mogelijkheden om met een semantische analyse serieuze internetbedreigingen via twitter te detecteren.

Aangifte in 3D

De politie Rotterdam-Rijnmond wil dat zeventien bureaus straks bemand zijn met 3D-aangifteschermen. Dankzij de schermen kunnen slachtoffers aangifte doen zonder dat een agent fysiek aanwezig is.

Het eerste politiebureau dat gebruik maakt van een 3D-aangiftescherm staat in de deelgemeente Kralingen. In een onbemande kamer spreken slachtoffers met een agent die kilometers verderop zit. Via een scanapparaat kunnen bezoekers direct hun identiteitsgegevens doorsturen. Hierdoor kan een aangifte binnen 15 minuten worden afgehandeld. Een eerder proef met virtuele aangifte bij het politiebureau Feijenoord werd zo’n succes dat de schermen waarschijnlijk landelijke navolging krijgen.

M.! Meld Misdaad Anoniem: online?

Klaas Dijkhoff

In Breda Vandaag pleitte de politicus Klaas Dijkhoff (VVD) voor een online meldoptie bij Meld Misdaad Anoniem. Dat kan nu alleen nog maar anoniem via te telefoon. De beruchte Kopschoppers van Eindhoven hebben daar volgens hem verandering in gebracht. Mensen bellen volgens hem niet meer, maar het wemelde wel van de berichten over deze mishandeling op de social media, waaronder geenstijl.nl, dat er hard inging. Probleem is alleen: als je een misdaad meldt dan laat je wel je IP-adres achter. Hoe anoniem is dat? Technisch moet het kunnen om dat te verhelpen. Het kan namelijk al in Engeland, Canada en Australi?. Meld Misdaad Anoniem heeft succes: in 2012 zijn er 1031 misdrijven opgelost met behulp van tips via Meld Misdaad Anoniem. 23% meer dan in 2011. Maar wordt de drempel echt lager als je online een melding kunt doen? Wie weet. Volgens sommigen is het bittere noodzaak. Jongeren bellen niet maar sturen liever een whatsappje of een tweet.

Ruim 1000 zaken opgelost door anonieme tips

Meld misdaad anoniem is redelijk succesvol te noemen: vorig jaar zijn er 1031 misdrijven opgelost met behulp van tips die bij Meld Misdaad Anoniem zijn binnengekomen. Volgens M. is dat een stijging van 23 procent vergeleken met 2011. Er is vooral vaker gebeld over geweld, overvallen en straatroven. M. zegt dat anonieme tips hebben bijgedragen aan de aanhouding van 1619 verdachten.

Van de 15.000 binnengekomen tips was vorig jaar, net als in 2011, 89 procent bruikbaar voor de politie en andere instanties als verzekeraars en energiebedrijven. Ook het cijfer voor tips die waardevol of zelfs doorslaggevend waren, is voor 2012 hetzelfde als voor 2011: 65 procent.

Stijging gebruik bij jongeren, maar maakt online de drempel nog lager?

M. heeft zich het afgelopen jaar speciaal gericht op jongeren: er zijn workshops gehouden op scholen, omdat jongeren vaak ongewild veel weten van criminaliteit. ”De drempel om iets te melden over een bekende is echter heel hoog. Wij helpen ze bij dit dilemma en dat lijkt nu effect te hebben”, zegt M.-directeur Guus Wesselink. Toch zou het succes onder jongeren wellicht hoger kunnen worden, door meer aan te sluiten bij hun digitale lifestyle.

Meer tips

In 2012 zijn tientallen jonge verdachten opgepakt die betrokken waren bij overvallen, openlijk geweld en mishandeling. Het aantal meldingen over softdrugs kent de grootste stijging. Daarover kwamen maar liefst 85 procent meer meldingen binnen dan in 2011.??Over overvallen zijn 22 procent meer anonieme tips binnengekomen, voor moord en doodslag was de groei 38 procent, voor mensenhandel en -smokkel 46 procent en voor openlijk geweld 51 procent. De in totaal 272 tips over openlijk geweld gingen onder meer over Project X in Haren.

Bronnen: ?BredaVandaag?en?Nu.nl

QZone & Qype

qzone

De socialenetwerksite Qzone met QQ Messenger (een soort MSN Messenger) is vooral populair in China. Voor sommige Chinese jongeren is QQ Messenger belangrijker dan een mobiel telefoonnummer. Eindgebruikers kunnen hier ?bloggen, dagboeken?bijhouden, foto’s delen en muziek luisteren. De meeste Qzonediensten zijn niet gratis. Wie de ?Kanariegele diamant? koopt kan echter alles doen. In?2009 had Qzone meer dan 200 milljoen gebruikers. Het was toen in China groter dan Facebook?en?MySpace. In september 2012 waren er al 597 milljoen gebruikers. Qzone is daarmee een van de meest actieve communitynetwerken ter wereld.?Alleen: er is hier altijd Chinese cyberpolitie aanwezig die de gebruikers in de gaten houdt en mensen die over de schreef gaat actief benadert en waarschuwt. Tijdens de protesten in HongKong waarin de app FireChat gebruikt werd, een p2p app die geen gebruik maakt van mobiele of Wifi netwerken, probeerde de Chinese overheid via malware dat verspreid werd met QQ messenger toch wat meer te weten te komen van deze communicatie.

tencent_penguin

Een oudere plaat met de social netwerksites in China. QQ messenger zorgt ervoor dat Qzone zo groot is. QQ messenger is voor sommige Chinese jongeren belangrijker dan het hebben van een mobiel telefoonnummer.

Photo:Virtual police JingjingPhoto:Virtual police Chacha

Qiao Zhi, hoofd van de “Internet Supervisie” afdeling van het Shenzhen Maatschappelijke veiligheidsbureau, geeft de grenzeloosheid van internet aan. Maar dankzij de cyber politie??”Jingjing” en “Chacha” kunnen zij op de website van Shenzen iedereen die gekke dingen zegt waarschuwingen geven aan de digitaal actieve inwoners van Peking via QQ messenger.

Logo Qype.jpg

Qype?is een sociale netwerkdienst van een bedrijfje dat startte in?Hamburg. Het is reeds actief in Duitsland, Engeland, Frankrijk, Zwitserland, Ierland, Polen, Spanje, Italie en Brazilie. met ongeveer?22 milljoen unieke Europese bezoekers per maand. In maart van?2006 begonnen op de Duitse markt, is het nu bekend in vrijwel alle grote Europese steden omdat het ook lokale reviews op divers gebied biedt. In maart 2007 kreeg Qype de Europese?Red Herring?100 award.?In de zomer van 2011 lanceerde Qype pas in Nederland en is het ook mobiel wat actiever geworden. De concurrent?Yelp?heeft in oktober 2012 een overname aangekondigd. Qype zit in de nieuwste?Ovi Maps?van Nokia en lanceerde onlangs nog op?Android, de?Blackberry.

Op Qype staan bijvoorbeeld in Engeland vele politiebureau’s online, waarbij het bovendien mogelijk is om reviews te schrijven over alles wat zich op Qype bevind. Van deze laatste mogelijkheid wordt alleen nog niet heel veel gebruik gemaakt in het politiewerk, het kunnen vinden van de politie lijkt momenteel het voornaamste doel van de virtuele aanwezigheid.

Bron: Wikipedia

De dood van een grensrechter in Almere

Op 3 december 2012 overlijdt Richard Nieuwenhuizen, grensrechter in Almere bij?voetbalvereniging Buitenboys, nadat hij een dag eerder na?een wedstrijd was toegetakeld door spelers van het bezoekende voetbalteam.?De dagen na het incident is er veel aandacht voor de gebeurtenis?in Almere. Hoewel daarbij geen sprake is van een bestuurlijk dilemma,?is het interessant te bezien hoeveel verschillende invalshoeken in de?media te berde werden gebracht. Al deze verschillende invalshoeken?zeggen niet alleen iets over de aandacht voor, en de impact van de?gebeurtenis, maar ook iets over de gebeurtenis zelf. Kennelijk is het?een gebeurtenis die ? zoals dat vaker met echte crises het geval is ??relaties heeft met of (al dan niet terecht) gekoppeld wordt aan verschillende?beleidsterreinen en thema?s. Door vertegenwoordigers van een?groot aantal organisaties en instanties zijn uiteenlopende meningen?en standpunten geventileerd, die steeds weer een andere kijk op de?gebeurtenis geven en die relaties leggen met verschillende maatschappelijke?problemen. Anders geformuleerd, er kan ook gesteld worden?dat de dood van de grensrechter bij uitstek voor velen het momentum?bood om datgene te zeggen wat men al langer wilde zeggen of soms al?tientallen keren had gezegd. De gebeurtenis bood mogelijkheden: de?crisis gaf kansen om bepaalde gedachten te expliciteren en ventileren.?In tegenstelling tot de meeste andere hoofdstukken is in het kader?van dit hoofdstuk niet gesproken met betrokkenen (bijvoorbeeld de?burgemeester van Almere). Het hoofdstuk geeft een ?tour de horizon??van datgene wat de eerste paar weken allemaal over deze casus in met?name kranten te berde werd gebracht.

Feitenrelaas
Op zondag 2 december 2012 speelt het B1-team van de Amsterdamse?voetbalvereniging Nieuw Sloten in Almere tegen Buitenboys B3. Na?de wedstrijd volgt een ?opstootje? tussen enkele spelers van het bezoekende?team en de grensrechter van de Almeerse voetbalvereniging. De?grensrechter wordt daarbij hard geslagen en geschopt, tegen de grond?gewerkt en getrapt. Anderen proberen in te grijpen, maar ?tegen de?tijd dat ze de jongens van hem afhaalden, had hij al vijf klappen en
schoppen te pakken?, aldus de clubsecretaris van Buitenboys (Elsevier, 4 december 2012).?De grensrechter vervolgt daarna aanvankelijk?zijn dag; hij blijft op de club en kijkt naar een andere wedstrijd. Een?paar uur na het incident wordt hij echter onwel en zakt in elkaar. In kritieke?toestand wordt hij per ambulance naar het ziekenhuis gebracht.?De situatie is zorgwekkend; in het ziekenhuis wordt hij kunstmatig in?coma gehouden.
De volgende dag, maandag 3 december om 17.30 uur, overlijdt?de 41-jarige Richard Nieuwenhuizen in het Flevolandziekenhuis te?Almere. Het nieuws wordt via Twitter naar buiten gebracht door de?club: ?Onze grensrechter Richard overleed om 17.30 uur in bijzijn van?zijn familie. Dit geweld op de velden moet stoppen!?

Het Nederlands?Forensisch Instituut zal enkele weken later vaststellen dat letsel aan?hoofd en nek hem uiteindelijk fataal geworden zijn. Nog diezelfde
avond worden drie jongens in de leeftijd van 15 en 16 jaar door de politie?aangehouden op verdenking van doodslag, mishandeling en openlijke?geweldpleging. In de loop van de week zouden nog enkele aanhoudingen?volgen.?Vrijwel direct na hun aanhouding royeert het bestuur van voetbalvereniging?Nieuw Sloten de drie verdachten; tevens wordt het B1-team?uit de competitie gehaald. De KNVB komt die maandagavond met een?verklaring, waarin de bond stelt diep geschokt te zijn. Ook anderen,?waaronder minister Schippers van VWS, uiten hun ontsteltenis. Zij?stelt dat ?eenieder had staan kijken langs de kant, en niemand ingreep?,
woorden waar zij later op terugkomt. ?s Avonds is de voorzitter van de?Almeerse voetbalvereniging Buitenboys te gast in een uitzending van?Pauw & Witteman. Hij uit daar zijn ongenoegen over de reactie van de?KNVB; hij had na het incident van de bond wel wat meer ondersteuning?verwacht.
Op dinsdag 4 december besluit de KNVB de amateurwedstrijden die?voor het komende weekend gepland staan, af te gelasten. Voorafgaand?aan de wedstrijden in het betaald voetbal, die wel gewoon door zullen?gaan, zal een minuut stilte worden gehouden. De KNVB wil daarmee?aandacht vragen voor het geweld binnen het amateurvoetbal, wat volgens?de voetbalbond als ?een maatschappelijk probleem? moet worden?beschouwd. Fractievoorzitter Wilders van de PVV twittert een dag later?dat geen sprake is van een voetbalprobleem, maar (gezien de afkomst?van de verdachten) van ?een Marokkanenprobleem?.?Op vrijdag 7 december geeft minister-president Rutte tijdens zijn?wekelijkse?persconferentie voor het eerst zijn standpunt over het incident.?Hij stelt:
?Het slechtste wat we nu kunnen doen is een heel pakket maatregelen?aankondigen. Daarmee zou ik zeggen dat de overheid het probleem?kan oplossen. Dat is niet het signaal dat we moeten afgeven. (…)?Ik verwacht van ouders dat ze hun kinderen opvoeden, ik verwacht?dat de KNVB dit oppakt, en dat gebeurt ook middels een voetbalvrij?weekend. En ik verwacht van scholen dat ze de discussie openen. Dit?is geen zaak van de overheid. Wij kunnen partijen bij elkaar brengen,?maar we kunnen de zaak niet oplossen.?

Bron: ‘geweld op het sportveld kan niet worden getolereerd?, NRC Handelsblad, 7 december?2012).

Eerder die dag heeft Frank de Boer, oud-international en trainer van?Ajax, via Twitter bekend gemaakt dat de Vereniging Ex-Internationals?in het voorjaar van 2013 een benefietwedstrijd zal organiseren. De opbrengst?ervan is bestemd voor de nabestaanden van de grensrechter.

Op zondag 9 december vindt in Almere een stille tocht plaats, wat de?laatste jaren na een dergelijke situatie gebruikelijk is geworden. Verwacht?wordt dat zo?n 20.000 mensen aan de tocht deel zullen nemen.
Om te voorkomen dat de tocht uit de hand zal lopen, benadrukt burgemeester?Jorritsma de dag voorafgaand, dat de tocht alleen bedoeld is?voor mensen uit Almere; mensen uit de rest van Nederland wordt mede?op verzoek van de familie gevraagd om niet naar Almere te komen. De?gemeente zet gratis bussen in voor mensen die de stille tocht willen?bijwonen. Ondanks het slechte weer nemen 10.000 tot 12.000 mensen?deel aan de stille tocht. Michael van Praag, voorzitter van de KNVB,?loopt ook mee in de stille tocht. Familie en spelers leggen samen?4200 rozen op het voetbalveld. Verder zijn er diverse emotionele toespraken,?onder meer van Alain Nieuwenhuizen, de zoon van de overleden?grensrechter, die een oproep doet een einde te maken aan zinloos?geweld.

Tijdens de stille tocht hangen mensen in het hele land krantenadvertenties?voor het raam met de leus ?Zonder respect geen voetbal?.??Respect is meer dan een woord! Laat zien dat jij ook v??r sportiviteit?en t?gen geweld bent en hang deze poster achter het raam, thuis of bij?je vereniging?, staat er op de poster die door de KNVB in diverse dagbladen?is geplaatst.?Later die week vindt naar aanleiding van het incident een bestuurlijk?topoverleg plaats. Aanwezig zijn onder andere de ministers van?VWS, Onderwijs en Veiligheid & Justitie en bestuurders van de KNVB?en NOC/NSF. Uitkomst van het overleg is dat er geen nieuwe regels
nodig zijn, maar de huidige normen en waarden moeten worden nageleefd?en gehandhaafd.

Op 21 december komt de KNVB, op aandringen van de coalitiepartijen?VVD en PvdA, toch met een strengere regel voor het betaald?voetbal: op protest tegen een beslissing van de scheidsrechter zal direct?een gele kaart volgen. Een week later wordt op initiatief van ouders,?KNVB-leden en scheidsrechters het Meldpunt Voetbalgeweld opgericht.?De initiatiefnemers menen dat de KNVB de afgelopen jaren te?weinig heeft gedaan om geweld op en rond voetbalvelden aan te pakken
en willen via het meldpunt?de mate?waarin geweld zich voordoet meer inzichtelijk maken. De meldingen?van voetbalgeweld zullen zowel aan de KNVB als aan het Openbaar?Ministerie worden doorgeven.

Analyse van betrokken (f)actoren
Voor velen en in het bijzonder voor columnisten en commentatoren?was het incident een aanleiding om bepaalde gedachten te ontvouwen.?Dat is ook goed verklaarbaar. Vele columnisten zijn, zoals ook ettelijke?miljoenen Nederlanders, zelf ervaringsdeskundige. Velen hebben?gevoetbald of voetballen nog, en wie heeft er niet eens (of vaker) langs?de lijn gestaan. Met ieder weekend 1,2 miljoen voetballers en vele honderdduizenden?ouders paraat, is de ervaring groot. Wie niet langs een?voetbalveld heeft gestaan, heeft die ervaringen waarschijnlijk wel langs?het hockeyveld of bij een andere sport opgedaan.

Als het brede scala aan commentaren en analyses wordt langsgegaan,?kan een serie aan ?oorzaken/(f)actoren? worden gedestilleerd.?Uiteraard betekent dit niet dat die (f)actoren ?schuldig? zijn. Schuldig?zijn slechts diegenen die uiteindelijk naar het oordeel van de rechter?de grensrechter zo hebben toegetakeld dat hij de volgende dag overleed.?Daarover mag geen misverstand bestaan. Integendeel zelfs: we?moeten er voor waken anderen ?schuldig? te maken. De politie was?niet de schuldige in Haren of Hoek van Holland, de brandweer niet?in Moerdijk; niettegenstaande de fouten die indertijd zijn gemaakt.?Onderstaande aspecten zijn (volgens sommigen) wel aspecten die meespelen?in deze casus.

Een Marokkanenprobleem
Waarschijnlijk de meest genoemde factor betreft de etnische achtergrond?van de gearresteerde jongeren. In de media is er veel aandacht?voor het feit dat er drie Marokkanen en een Antilliaan bij de gebeurtenis?betrokken waren. Drie voetballers en een vader van een van de?spelers. Voor sommigen was dit een reden om te suggereren dat de?grensrechter mogelijk of waarschijnlijk discriminerende taal zou hebben?geuit. Tegelijkertijd werd er dan steeds bij gezegd dat dat natuurlijk
geen vrijbrief kan zijn voor dergelijk gedrag.?Wilders was een van de eersten die de gebeurtenis in Almere typeerde?als een typisch voorbeeld van het zogeheten Marokkanenprobleem.?Daarmee wordt gedoeld op het feit dat Marokkaanse jongeren bij uitstek?veel voorkomen op de verkeerde lijstjes. Zij zijn onevenredig veel
betrokken bij allerlei soorten criminaliteit, overlast en misstanden. In?vele publicaties is inmiddels ingegaan op typerende kenmerken en?problemen?van deze jongens, waarbij de thuissituatie en het gebrek aan?gezag van de ouders en de extreem ?korte lontjes? genoemd worden als?verklaring voor hun gedrag. Maar ook het feit dat veel van deze jongeren?in achterstandswijken wonen en in een situatie zitten waarin de?combinatie van onmacht en onwil ertoe leidt dat veel misgaat. (Jan Dirk de Jong, ?Hebben de Marokkanen het nou weer gedaan?? in de Volkskrant,?8 december 2012; Hans Werdmolder, ?Marokkaanse macho?s accepteren geen autoriteit?van ?vreemden?? in de Volkskrant, 7 december 2012).

Ook het zelfbeeld van de Marokkaanse jongeren speelt hierbij een?rol. Het wijd verbreide begrip ?kut-Marokkaan? is enerzijds een soort?van geuzennaam voor de jongeren geworden, maar is anderzijds dermate?stigmatiserend dat zij mede daarom het gevoel hebben alleen nog?maar in eigen kring ?de broodnodige erkenning te krijgen?. Ze vinden?ons toch kut-Marokkanen; dan kunnen we ons er net zo goed naar?gedragen. De buitenwereld is per definitie vijandig en daarop wordt
gereageerd en geanticipeerd.?In artikelen kwam veel van deze thematiek ter sprake. Premier Rutte?nam de vrijdag na het betreffende weekend duidelijk afstand van de?uitlatingen van Wilders. De afkomst van de jongeren is niet de kern?van de zaak, aldus Rutte. Sommige kranten, waaronder de Volkskrant,
worstelden met het feit dat Marokkaanse jongens betrokken waren.?Het weekend erna schreef de Ombudsman van de Volkskrant helder?over dit dilemma. (bron:??Clubs zelf gaan ook niet vrijuit bij voetbalgeweld?, de Volkskrant, 8 december 2012). Aanvankelijk was de achtergrond van de jongens?onduidelijk; later werd dat duidelijk en toen de politiek zich ermee ging?bemoeien werd het een gegeven waar de krant niet meer omheen kon?en dus wel over moest schrijven.

Straatcultuur
Niet zozeer de Marokkaanse achtergrond als wel de straatcultuur ? die?typerend is voor veel jongeren van (niet uitsluitend!) Marokkaanse?afkomst ? zou volgens sommigen in belangrijke mate datgene verklaren?wat zich voordeed in Almere. Veel jongeren voeden elkaar (op?straat) op. Typerend hiervoor is een sterke groepsdruk. In de groep??dragen zij excuses aan voor hun excessieve wangedrag door te wijzen?op vermeend racisme en cre?ren zij een geuzenidentiteit als de stoere??gangsters? van Nederland. Zij motten ons niet, dus wij kunnen het?krijgen?.
Telkens tekent zich hetzelfde probleem af: straatjeugd met machowaarden,?een delinquente gewelds- en eercultuur en escalerende?problemen met autoriteiten buiten de ?stamhoofden? van de eigengemeenschap (Ibid). De beeldvorming van de buitenwereld over deze?jongeren leidt paradoxaal genoeg alleen maar tot versterking van de?straatcultuur en groepsdruk. Criminaliteit wordt dan al snel de uitweg?naar succes en velen kennen ook van nabij ?succesvolle? voorbeelden.
Problemen werden echter niet alleen gezocht bij de Marokkaanse jongeren?en de straatcultuur. Het (betaald) voetbal laat immers zelf al vele?jaren allerlei excessen zien.

De profs
Geweld op en rond het voetbalveld is al jaren een bekend verschijnsel?en sommigen zagen een verklaring in imitatiegedrag. Jonge voetballers?spiegelen zich aan de profs en hun gedrag, zoals ze dat wekelijks?op televisie zien. Dat betekent niet alleen hun bewegingen, goals en?positiespel, maar ook hun overtredingen, uitingen richting scheidsen?grensrechters, onsportief gedrag en de ?over mijn lijk?-mentaliteit,?waarbij winnen boven alles gaat. Als je week in week uit niets anders
ziet dan allerlei fout gedrag bij de duurbetaalde profs en hun trainers?(tijdens de wedstrijd, maar ook erna in hun commentaren), dan is het?niet verrassend dat amateurs van jongs af aan deze voorbeelden volgen.

?Amateurs doen de profs na. Het scala van maniertjes ? van de wijze?waarop ze juichen tot de schwalbes ? sijpelt door van de eredivisie?tot de onderbond. Reken maar dat een trainer die op televisie een?official ongestraft mag toe snauwen de volgende zaterdag navolging
krijgt van honderden amateurtrainers. Want kennelijk hoort?het zo. Je ongenoegen kenbaar maken, de scheidsrechter proberen?te be?nvloeden?met al dan niet oprechte verontwaardiging: het is er?allemaal?bij gaan horen.? Bron:?Auke Kok, ?Samen douchen tegen geweld? in NRC Handelsblad, 8 december 2012.

?Ik verbaas me al jaren over het feit dat profs ongestraft tegen dingen?mogen trappen. Camera?s, microfoons, reclameborden, doelpalen
en cornervlaggen krijgen karatetrappen. Nog nooit een kaart voor?getrokken. Dan schuift de grens vanzelf op.? Bron:?Wilfried de Jong, ?Stilte? in NRC Handelsblad, 10 december 2012.

?Ik vrees dat om dezelfde reden het betaald voetbal gewoon doorgaat,?die parade aan wedstrijden waarin de spelers elke beslissing?van de scheidsrechter en grensrechter in twijfel trekken en ze om de?haverklap verrot schelden.? Bron:?Paul Onkenhout, ?Een grove belediging voor bijna iedereen? in de Volkskrant, 8 december?2012

Het spel is verdwenen
In een mooie beschouwing in NRC Handelsblad gaf filosoof Coen?Simon aan dat de laatste decennia het voetbalspel kapot is gemaakt.?Het is louter en alleen nog maar ?big business?, waarbij sponsors, de?FIFA en anderen de dienst uitmaken. De sportliefhebber is gedevalueerd?tot amateursporter. Het spelletje is letterlijk kapotgemaakt; de?winst wordt op de beurs bepaald. De trainer is nooit meer in trainingspak,?maar in een strak zittend maatpak te bewonderen langs de lijn.
Het zinloze en fatale geweld is een van de trieste gevolgen van een?samenleving waarin de rol van het ludieke, aldus Simon, is uitgespeeld?ten bate van het grote geld. Johan Huizinga kondigde het in 1938 al aan?in zijn Homo Ludens:

?In de sport hadden we te doen met een activiteit, die bewust en?erkend is als spel, die evenwel is opgevoerd tot zulk een graad van?technische organisatie, materi?le uitrusting en wetenschappelijke?doordachtheid, dat in haar collectieve en publieke uitoefening de?eigenlijke stemming van het spel dreigt teloor te gaan.? Bron:?Coen Simon, ?Geweld op het veld: spel is geen deel meer van de cultuur? in NRC?Handelsblad, 8 december 2012.

Om het spel weer terug te krijgen in het hart van de samenleving moeten?we aldus Simon oefenen en niet luisteren naar analisten (?de terreur?van de voetbalanalyses van Jan van Halst?), en zeker niet alleen?naar voetbal kijken, maar naar sport en spel in de volle breedte.

?Winnen willen ze, winnaars willen ze zijn. Titels, medailles, bekers,?foto?s en triomfstukken in de krant, huldigingen, omringd door uitgelaten?supporters die bewonderend de winnaars toezingen. Wij zijn?de besten van de wereld. Waarom zou een junior dan bedenken dat?voetbal maar een spelletje is?? Bron:?Guus van Holland, ?Voor een junior is het geen spelletje? in NRC Handelsblad, 10 december?2012.

De kritiek kwam ook op andere plaatsen terug. Zo was er op sociale?media commentaar op het gegeven dat de wedstrijden in de eredivisie?en Jupiler League wel doorgingen, terwijl uit respect de wedstrijden?in het amateurvoetbal een weekend werden geschorst. Ook het feit dat?de KNVB de schorsing en het medeleven met de familie van Nieuwenhuizen?toelichtte op een persconferentie waarbij een reclamebord van?de grootste sponsors in beeld was, zette bij menigeen kwaad bloed. Zo?twitterde VPRO-eindredacteur Willem van Zeeland: ?KNVB-persconferentie?over moord op grensrechter voor een reclamebord vol sponsors.
Niet te geloven zo smakeloos.?

De thuisfluiters In verschillende stukken werd tenminste de suggestie gewekt dat?vooral thuisfluiters een deel van het probleem zijn. Bij veel amateurwedstrijden?? zeker in de lagere klassen ? worden wedstrijden geleid?door scheids- en grensrechters van de eigen vereniging. ?Gooi de discussie op tafel hoe het met de partijdigheid staat. Je?hoort zo vaak: een goede grensrechter pakt vijf punten per jaar. Bij?de jeugd zie je het al. Ook de clubscheidsrechters en grensrechters?moeten zich aan de regels houden.? Bron:?Guus van Holland, ?Voor een junior is het geen spelletje? in NRC Handelsblad, 10 december?2012. Gelukkig werd daartegenover ook de stelling in genomen dat het nog?steeds bijzonder is dat ieder weekend tienduizenden personen hun?vrije tijd ter beschikking stellen om belangeloos een wedstrijd te fluiten?of te ?vlaggen?. Zoals een grensrechter het verwoordde: ?Ik neem mijn pet echt af voor de scheids- en grensrechters in de?derde klasse en lager (…). Die mensen moeten het echt allemaal?alleen doen. Je moet de scheldwoorden zo snel mogelijk vergeten,?want anders is je wedstrijd weg. Ik heb boter op mijn rug gekregen,?alles glijdt eraf.? Bron: ‘Voetbalgeweld: Trainer, grensrechter en twee bestuurders over geweld op het veld?, NRC?Handelsblad, 8 december 2012. Niet alleen hebben deze officials te maken met 22 spelers op het veld,?ook voelen ze vaak de gehele wedstrijd de priemende ogen van al die?ouders en andere supporters die het altijd beter weten en vaak hun?commentaren juist zo hard melden dat de grensrechter het hoort. De ouders Cabaretier Thomas Acda (77.000 volgers) twitterde naar aanleiding?van de gebeurtenis:

Terecht reageerde Margriet Oostveen uiterst kritisch op dit volstrekt?onzinnige bericht (bron:??Niet schoppen? in NRC Handelsblad, 5 december 2012).?Alsof bijvoorbeeld de vaders geen rol spelen? Vaak?werd wel de koppeling met de opvoeding gelegd.

?Toen ik voetbalde hadden wij respect voor trainers en scheidrechters.?Dat was vanzelfsprekend. Ik keek op tegen alle volwassenen. Nu?ervaren ze dat scheidsrechters en trainers dat respect van jongeren?moeten verdienen.? Bron:?Uit interview met Boukarfi, bestuurder van SV Nieuw West, in NRC Handelsblad,?8 december?2012.

De betrokkenheid van ouders kan ook beter. Dat geldt voor de Marokkaanse?ouders maar evenzogoed voor vele andere ouders. Veel ouders?vinden het maar wat gemakkelijk als zaterdagochtend hun kind(eren)?naar de sportvereniging gaan en zij zelf vervolgens uren hun gang kunnen?gaan. Met een paar euro wordt uren rust gekocht. Hopelijk houden?ze op de vereniging ook nog een oogje in het zeil. Als de ouders er wel?zijn, is het vaak ook niet goed. Ouders zijn te fanatiek en stellen te hoge?eisen aan hun kinderen. Niet voor niets was dit ook een van de onderwerpen?van de recente SIRE-campagne ?Geef kinderen hun spel terug?.

De KNVB
Uiteraard zijn er vele actoren bij deze casus betrokken; gemeenten, de?voetbalverenigingen, het OM, de politie en anderen. Een sleutelrol was?er natuurlijk voor de KNVB, de organiserende voetbalbond. De KNVB?heeft de laatste jaren wel degelijk aandacht geschonken aan het thema?van geweld op en rond het voetbalveld. De ene na de andere campagne?volgde elkaar in snel tempo op, met steeds nieuwe namen en leuzen.?Het begon met commissies Normen en Waarden die later bij alle clubs?werden omgedoopt in commissies Sportiviteit en Respect, waarna het?Project Veilig Sportklimaat startte met het certificaat Sportiviteit en?Respect dat verenigingen kunnen verdienen. Hoewel de KNVB het thema kennelijk serieus aanpakt, was er de?nodige kritiek op de wat late reactie van de voetbalbond. Terwijl op zondag?de wedstrijd en het geweld plaatsvond en de grensrechter een dag?later overleed, duurde het tot maandagavond alvorens de eerste reactie?van de KNVB kwam. Dit terwijl de grensrechter natuurlijk werkte als?een KNVB-official. De KNVB had al zoveel activiteiten ontplooid en er?waren juist indicaties dat het op en rond de velden beter ging. De voorzitter?van het KNVB-amateurvoetbal zat met zijn handen in het haar,?terwijl in de media en de politiek sommigen juist riepen om hardere?maatregelen. Maar wat kan de bond? Primair liggen de verantwoordelijkheden?bij de spelers, de clubs, de ouders. Bas Heijne gaf er in?NRC Handelsblad een mooi commentaar op:

?Die openbare vertwijfeling van de voetbalbestuurder ? alles geprobeerd,?nauwelijks verbetering ? vond ik gek genoeg, hoopvol. Het?laat het begin van een kentering zien. Lang ging het om falen van?autoriteit. Bestuurders en overheid waren te laks, niet streng genoeg,?te weinig effici?nt ook. Iedereen wist wat er gebeuren moest.?Handhaven, aanpakken, afrekenen! Nu wordt steeds vaker de bal?teruggespeeld: meer regels helpen niet wanneer moreel besef bij?burgers ontbreekt (…). Winst is alvast het besef dat nog meer regels,?nog meer strenge straffen, nog hardere sancties geen begin van een?antwoord zijn.? Bron:?Bas Heijne, ?Waanzin? in NRC Handelsblad, 8 december 2012.

Zelfstandig of onder druk (verschillende afdelingen hadden al een?week zonder voetbal aangekondigd) besloot de KNVB het weekend na?het drama de clubs op te roepen tot een weekend van bezinning. De?profs speelden wel ? wat al het nodige gedoe opleverde ? en dat weekend?probeerden spelers, trainers en anderen het goede voorbeeld te?geven. Het lukte aardig, maar niet verrassend verviel eenieder enkele?weken later al weer in oude gewoontes en was het ?incident? al weer uit
vrijwel ieders aandacht verdwenen.

De spelregels
Voetbal is meer dan menig andere sport een sport met een lange historie?en sprekende folklore. Het is zonder meer kijksport nummer 1.?In stadions, langs het veld of op de buis; er wordt massaal voetbal gekeken.?Waarschijnlijk vanwege die rijke historie is het ook een opvallend?conservatieve sport. Veranderingen geschieden mondjesmaat en er?gaat vaak decennia lang discussie aan vooraf. Over de camera?s op de?doellijn (bal achter de lijn?) wordt al jaren gediscussieerd.
Sporten als rugby en hockey evolueren sterk. Ieder jaar worden er?wel regels gewijzigd om het spelletje aantrekkelijker te maken en het?aantal dode momenten zoveel als mogelijk te beperken. Zo mag bij?beide sporten het equivalent van een vrije schop onmiddellijk nadat?deze gegeven is, genomen worden. Dat houdt de snelheid hoog, is aantrekkelijker?voor het publiek en leidt ertoe dat er geen tijd genomen kan?worden om een stevige discussie met de scheidsrechter te entameren.
Het kan wel, maar onderwijl speelt de tegenstander gewoon door, met?alle gevolgen van dien. Bij rugby is discussie met de referee sowieso??strafbaar?. In verschillende televisieprogramma?s kwamen in de dagen?erna mensen uitleggen dat voetbal in vergelijking met vele andere sporten?achterloopt. Aanpassing van regelgeving had dit incident echter?niet kunnen voorkomen, maar de onnodige discussies met grens- en?scheidsrechters mogelijk wel.

De clubs
Ook de clubs zelf gaan lang niet altijd vrijuit, zo beweerde bijvoorbeeld?Ren? Appel, schrijver en ook zelf clubscheidsrechter (?Clubs zelf gaan ook niet vrijuit bij voetbalgeweld? in de Volkskrant, 5 december?2012). Agressieve spelers?worden veel te weinig vaak door hun eigen vereniging tot de orde?geroepen. In vrijwel elk elftal zitten wel ??n of twee heethoofden. Als?deze tot de betere in het team behoren, laten clubs ook gemakkelijk?een steekje vallen en wordt opvallend veel getolereerd. Dat gevoegd bij?de elftalleiding die ook bepaald niet altijd de juiste maatvoering weet,?maakt het rijtje van betrokken actoren zo ongeveer wel compleet.

Afronding
Een gebeurtenis als deze met zoveel aandacht, aspecten en belangen?brengt gemakkelijk allerlei randverschijnselen die autoriteiten en anderen?voor potentieel nieuwe problemen plaatsen. Naar aanleiding van?enkele tweets van vrienden/medeleerlingen van een van de verdachten,?kwam er een run op hun school en kregen enkele (Marokkaanse) jongeren?de gelegenheid voor de camera (van onder andere PowNed) nog?eens net de ?verkeerde? dingen te zeggen. De directie van het Huygens?College was genoodzaakt in te grijpen (?Veel jongeren beseffen niet wat?de impact is van stoer gedrag op camerabeelden?), maar de toon was
gezet.?Na het overlijden van de grensrechter passeerden vele verklaringen?voor het incident en (f)actoren de revue. Elk afzonderlijk issue gaf wel?enige herkenning, hetgeen iets zegt over de complexiteit van de gebeurtenis.?Ja, het waren Marokkaanse jongeren en de straatcultuur (veelal?sterk aanwezig bij deze groep) speelde absoluut een rol. Tegelijkertijd?zijn sommige voetbalregels outdated. Iedereen weet van de misstanden?op en rond het veld; de toestanden die zich juist bij voetbal manifesteren?(en zeker niet alleen bij voetballers van Marokkaanse komaf).
Wekelijks?worden wij op televisie geconfronteerd met zich misdragende?spelers en trainers. Ouders, clubs, de KNVB; ze spelen allen een?rol. In het hedendaagse
voetbal is de spelvreugd, met al die analisten?en wauwelaars over al die tactische concepten, wel verdwenen. En dat?gebeurt allemaal onder de stringente tucht van de commercie.

Deze mix aan factoren maakt het niet gemakkelijk voor bestuurlijke?autoriteiten die met een casus als deze worden geconfronteerd. Voor je?het weet, wordt ??n reden zo dominant ? in dit geval bijvoorbeeld het?Marokkanenprobleem ? dat je voorzichtig moet gaan manoeuvreren.?Voordat je het weet, zit je in een kamp of wordt je een uitspraak ontlokt.?Rutte pareerde het, maar minister Schippers verkondigde veel te?gemakkelijk dat ?eenieder had staan kijken langs de kant, en niemand?ingreep?; een uitspraak waar ze later weliswaar van terugkwam.?Daarmee onderscheidt deze gebeurtenis zich wel degelijk van de?meeste andere (mini-) crises van 2012. Niet vaak zullen in zo?n korte tijd?zovelen hun licht op een casus doen schijnen. In een week tijd werden?er tientallen pagina?s ?duiding? gepresenteerd. Op de televisie had iedereen?zijn mening; een typisch voorbeeld dat bij het voetbal hoort. Iedere?Nederlander heeft er verstand van, wij hebben miljoenen bondscoaches?als een EK of WK begint, maar zeker ook wanneer het een keer (echt)?slecht afloopt.

View image on Twitter

Vlag halfstok bij de KNVB. Nu wachten hoe ze besluiten dit weekend?stil te staan bij de dood van de grensrechter -?Jeroen Wollaars @wol

Ontleend aan:?Lessen uit crises en mini-crises 2012, onderzoeksreeks Politieacademie (lectoraat crisisbeheersing i.s.m. NGB).?Auteur:?Menno van Duin. redactie: Menno van Duin,?Vina Wijkhuijs,?Wouter Jong

Social Media en stranding van bultrug Johannes op de Razende Bol

Op woensdag 12 december 2012 strandt een 12 meter lange bultrug?op het onbewoonde eilandje Razende Bol tussen Texel en Den Helder.?Als het dier strandt leeft het nog. Er worden twee pogingen gedaan om?de bultrug te redden, waarna de autoriteiten besluiten om het dier in?te laten slapen. Het leidt tot consternatie onder belangengroepen, die?van mening zijn dat het dier aan zijn lot is overgelaten. Voor- en tegenstanders?laten zich in de media horen. Als de bultrug eenmaal overlijdt?komt het in Den Helder zelfs tot een stille tocht van 50 mensen. In de?media lijkt het op dat moment al niet meer om de bultrug zelf te gaan, maar om de ?deskundigen? die met grote stelligheid het gelijk aan hun?kant proberen te krijgen. De inhoud van dit hoofdstuk is mede gebaseerd?op een interview met burgemeester Giskes van Texel.

Feitenrelaas

De bultrug wordt na de stranding op de Razende Bol voor het eerst?gespot door de luchtbegeleider van een groep kitesurfers, waarna?Ecomare wordt gealarmeerd (Ecomare is het kenniscentrum voor de Wadden en de Noordzee en gevestigd op Texel). Ook de KNRM krijgt een oproep en?informeert burgemeester Giskes van Texel, die inmiddels ook al op?de hoogte is gesteld door de hulpstrandvonder. Zowel vanwege het?gegeven dat het dier binnen de gemeentegrens van Texel ligt, alsook?omdat zij voorzitter is van de lokale KNRM-afdeling. Door de hevige?stroming, de vele zandbanken en de hoge ligging van de Razende Bol?kunnen boten er niet dichtbij komen. Een eventuele reddingspoging?zal dus lastig worden. Als de bultrug bij hoog water loskomt haalt iedereen?dan ook opgelucht adem, totdat de walvis iets verderop opnieuw?strandt. De ?omstanders? twijfelen wat te doen. Er zijn theorie?n die?stellen dat een zeezoogdier dat twee keer is gestrand als verloren moet?worden beschouwd en geen normaal leven in zee meer kan hebben.?Het wordt laag water en een redding zal nachtwerk worden. De medewerkers van Ecomare kennen de protocollen voor walvisstrandingen?uit Nieuw-Zeeland en Verenigde Staten die stellen dat, indien het niet?lukt om een grote walvisachtigen als de bultrug binnen twaalf uur?terug naar zee te krijgen, de dood het onvermijdelijke gevolg is van de?stranding. De tijd dringt en de redders van de Texelse KNRM besluiten?om de volgende dag een nieuwe poging te wagen. Als de redders op?donderdag terugkomen?op de zandbank is duidelijk dat het dier nog?leeft. De tweede reddingspoging is niet zonder gevaar. Wanneer de?bultrug met zijn staart zwiept, zit daar een enorme kracht achter. Ook?de tweede poging mislukt. Het net waarmee het dier naar zee moet?worden gesleept, knapt.?Inmiddels is de stranding van de bultrug opgepikt door de landelijke?media en politici. Ook via de sociale media wordt er volop gesproken?over de bultrug. Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren twittert op donderdag:?

Gezien?de grote publieke belangstelling voor de stervende bultrug en?de rol die het Ministerie van Economische Zaken (EZ) wil kunnen?vervullen, wordt op vrijdag besloten om in het belang van rust voor?het dier de toegang tot de Razende Bol met een noodverordening te?verbieden. De minister van EZ is betrokken vanwege zijn natuurportefeuille?en het feit dat de bultrug een bedreigde diersoort is. Met?de noodverordening tracht de gemeente ook te voorkomen dat mensen op eigen initiatief een derde reddingspoging gaan ondernemen.?Die dreiging lijkt re?el, want verschillende deskundigen mengen zich?inmiddels?in de publieke discussie. Onder deze ?redders? bevinden zich?onder meer Lenie ?t Hart en verschillende Friese bergers die samen het?dier nog willen komen redden. De afgekondigde noodverordening wordt door de Waterpolitie van het?KLPD gehandhaafd. Zeven particuliere ?redders? die naar de Razende?Bol komen, krijgen van de Waterpolitie een proces-verbaal. Ondertussen?heeft de gemeente Texel ook contact met het Ministerie van EZ.?Dierenartsen die de bultrug in opdracht van het Ministerie van EZ?onderzoeken, geven aan dat het dier niet meer te redden is. Verdere?reddingspogingen zouden het lijden zelfs verergeren. Op basis van adviezen?van het EZ-crisisteam op Texel wordt toestemming verleend?om te proberen het dier te verdoven en vervolgens in te laten slapen met?de daarvoor ge?igende middelen.?Terwijl deze bestuurlijke besluitvorming op de achtergrond loopt,?wordt het voor de gemeente duidelijk dat het op dat moment niet meer?alleen om het lot van de bultrug gaat. Op Radio 1 zegt Giskes later dat?ze het idee kreeg dat er hele vetes werden uitgevochten die weinig tot?niets van doen hadden met de onfortuinlijke walvis. Als het Ministerie?van EZ toestemming geeft om het dier te laten sterven, krijgt de burgemeester?opnieuw het nodige over zich heen. ?Lenie ?t Hart van de?zeehondencr?che in Pieterburen sprak erover alsof ik ?m eigenhandig?wilde vermoorden. Met een ondertoon van ?het is ze gelukt??, aldus?Giskes. Om het dier in te laten slapen dient een dierenarts de bultrug op vrijdag?een slaapmiddel toe. De bultrug is in twee dagen tijd inmiddels uitgegroeid?tot een ware mediahype waarbij ook diverse politici een duit in?het zakje doen. Marianne Thieme (Partij voor de Dieren) schrijft op de?website van de Partij voor de Dieren: ?Wanneer een in het wild levend dier echter in ernstige nood raakt in?omstandigheden waar tussenkomst van de mens redding of verlichting?kan brengen, bepleit de Partij voor de Dieren ingrijpen vanuit de?wettelijke zorgplicht en uit oogpunt van mededogen. De woensdag?op het zandeiland de Razende Bol gestrande bultrug kon onmogelijk?op eigen kracht terugkeren naar zee, en om die reden was redding?noodzakelijk. Het is triest en zorgelijk dat de reddingspogingen zo gefrustreerd zijn.? Op vrijdagavond vermengen de twitterdiscussies over The Voice Of?Holland en de bultrug zich. Op enig moment krijgt de bultrug de naam??Johannes? (hoewel het later een vrouwtje blijkt te zijn), vernoemd naar TVOH-deelnemer Johannes Rypma. Op zaterdagochtend gaat Giskes met de KNRM mee naar de?Razende Bol, om te kijken hoe het met de bultrug gaat. Bij aankomst?blijkt het dier nog in leven te zijn. Een cameraman die voor RTL en?NOS werkt, is met hen meegevaren. De burgemeester spreekt met hem?af dat zij eerst met hem wil overleggen voordat de gemaakte beelden?worden uitgezonden. Zij doet dit met de intentie om te voorkomen dat?mensen na het zien van de beelden alsnog naar de Razende Bol komen. Het is haar met name te doen om beelden waar groepjes mensen op?staan, omdat die beelden zouden kunnen suggereren dat de Razende?Bol nog vrij toegankelijk is. Ook wilde zij geen olie op het mediavuur?laten gooien. Bij terugkomst op Texel blijken de verslaggevers van RTL?en NOS niet van de overeengekomen regeling op de hoogte te zijn. Zij?zijn verbaasd als de burgemeester de beelden eerst met de cameraman?wil bekijken. Het is dan een uur voor de deadline van beide zenders. De?verslaggevers hebben haast en besluiten niet te wachten op het akkoord?van de burgemeester. Zij starten alvast zelf met hun eigen montages die uiteindelijk ook worden uitgezonden op het NOS journaal.?

?

Uiteindelijk overlijdt het dier op zondag 16 december. In Den Helder?komt het op zondagavond tot een stille tocht van vijftig mensen die ?het?dier een stem willen geven?. Of een stille tocht voor een dier niet wat?te gek is? ?Welnee. Dat beestje had nog kunnen leven als ze het goed?gedaan hadden. Mogen we dan boos zijn??, aldus een deelneemster in?het Noord-Hollands Dagblad. Een andere deelneemster: ?Ik ben hier voor de bultrug. Het is mijn vriend geworden, die Johannes.? De deelnemers?aan de tocht weigeren te geloven dat het dier reddeloos verloren?was. Volgens hen hebben de autoriteiten het beest bewust laten creperen?omdat het skelet aan museum Naturalis was beloofd. Het complot wordt gevoed door het feit dat ?Naturalis nog niet over een skelet van?een bultrug beschikt?, zo zegt een van de deelnemers. Terwijl Nederland in de ban is van de gebeurtenissen rond??Johannes?, spoelt even verderop een dode potvis aan, die twee keer zo?groot is als de bultrug, maar al is overleden op het moment dat hij aanspoelt. De bultrug en de potvis worden beide door Rijkswaterstaat?naar de haven van het NIOZ (het Koninklijk Nederlands Instituut voor?Onderzoek der Zee) op Texel gebracht om te prepareren. Op de Razende?Bol is een preparatie en sectie onmogelijk, door de lastige toegankelijkheid.?Medewerkers van Naturalis en anderen ontleden op Texel in twee?dagen tijd de beide dieren (Naturalis is in Nederland de partij die daartoe is aangewezen conform internationale?regelgeving).?Bij de ontleding blijkt dat ?Johannes? een?vrouwtjesbultrug was en dus eigenlijk ?Johanna? had moeten heten. De sectie van de bultrug wordt uitgevoerd door de faculteit voor?Diergeneeskunde Utrecht en vindt pas enkele dagen na het overlijden?plaats. Dit vanwege het verplaatsen en vervoeren van het dier van de?zandplaat, via Texel, naar Utrecht. Het dier verkeert dan al in een zodanige?staat van ontbinding dat weinig meer met zekerheid valt te zeggen?over de oorzaak van het stranden van deze bultrug. Wel bestaat het?sterke vermoeden dat de bultrug uiteindelijk is gestorven aan de gevolgen?van acute spierschade. Volgens Naturalis is die schade ontstaan?tussen een en zes dagen voor het overlijden van de bultrug. Het is niet?te zeggen of de spieren al beschadigd waren toen het dier strandde. ?Het?is wel zo dat de spieren van zo?n zwaar zeezoogdier al snel beschadigen?door de grote druk die ontstaat als hij op het land ligt?, aldus Jooske?IJzer, dierenarts-patholoog van Universiteit Utrecht die het onderzoek?uitvoerde. De spierschade was zo groot, dat de bultrug niet meer kon?zwemmen (bron: ?Gestrande bultrug was niet meer te redden, blijkt uit sectie?, Trouw, 5 februari 2013). Na afloop hebben gemeente, Waterpolitie, Rijkswaterstaat, Ecomare,?onderzoeksinstituut Imares, KNRM en Rijkswaterstaat de samenwerking?rond de stranding van de bultrug ge?valueerd. Daaruit blijkt dat?het voor de betrokken partijen zoeken was naar verantwoordelijkheden?en rollen. Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren koerst aan op?duidelijkheid en bepleit een ?protocol voor gestrande zeedieren’ (bron: ?Johannes splijt het land?, Algemeen Dagblad, 17 december 2012).?De?Partij voor de Dieren wil in een dergelijk overheidsprotocol ook vastleggen?dat ?het karkas van dode zeezoogdieren in beginsel niet uit de?natuur gehaald wordt maar als voedsel dient voor andere zeefauna? en?dat ?belanghebbenden zoals Naturalis en het Dolfinarium geen actieve?rol meer krijgen in de besluitvorming rond gestrande zeezoogdieren?.?Een protocol wordt later door minister Kamp ook daadwerkelijk aan de?Tweede Kamer toegezegd. Want, zo stelt de minister, de afspraken rond?dode aangespoelde dieren blijken helder, maar als de zeezoogdieren?nog leven bestaat er veel onduidelijkheid (bron: ‘Rijk krijgt regie bij strandingen?, Trouw, 17 december 2012). De minister verwijst naar?een bestaand protocol in Amerika en de ontwikkelde protocollen voor?orka?s en voor bruinvissen. De minister staat tijdens het mondelinge vragenuur stil bij het?protocol:? ?De volgende keer als zich zoiets voordoet, kunnen we dan volgens?dat protocol handelen om de kansen voor deze unieke dieren, waarvoor?wij allemaal een warm gevoel hebben, zo groot mogelijk te laten?zijn.?? Naar aanleiding van vragen van het lid Graus aan de minister van Economische Zaken?over de onnodige, dagenlange martelgang van bultrug Johannes, het reeds voor zijn dood??verhandelen? van het karkas aan Naturalis en het weigeren van geboden noodhulp door?een eerstehulpteam voor zeezoogdieren door de overheid d.d. 18 december 2012. Staatssecretaris Dijksma geeft in een latere brief aan de Tweede Kamer?aan dat het protocol zich niet beperkt tot de levende grote baleinwalvissen,?maar men ook reeds vigerende werkwijzen en protocollen voor?levende en dode zeezoogdieren in dat protocol zal integreren (TK 2012-2013, 28 286, nr. 623). Bij het?opstellen van het protocol zullen alle stakeholders worden betrokken,?zoals de kustgemeenten, Rijkswaterstaat, hulpverleners en onderzoekers.?Dat geldt dus ook voor Zeehondencr?che Lenie ?t Hart, Rederij?Noordgat en de organisatie Sea Shepherd, die de grootste kritiek hadden?op de uitvoering van de reddingspogingen van de bultrug.

Analyse

Uit de casus komt allereerst het probleem van de bevoegdheden van de?betrokken instanties naar voren. Het was bij de start onduidelijk wie?exact over de reddingspogingen ging. Burgemeester Giskes:? ?De KNRM heeft als taak om op zee mens en dier te redden en handelde?daarna. Pas later bleek dat Rijkswaterstaat hier een verantwoordelijkheid?in heeft als het om zulke grote dieren gaat. Normaal?gesproken ontfermt Rijkswaterstaat zich over het verwijderen van?dode gestrande walvissen, omdat ontbindende kadavers een gevaar?kunnen opleveren voor de volksgezondheid en de veiligheid. Dat?ze ook verantwoordelijkheid hebben voor levende exemplaren had?op dat moment niemand, ook Rijkswaterstaat niet, scherp op het?netvlies.? Bron:??Bultrug Johanna groeide uit tot landelijk nieuws?, Burgemeestersblad, nr. 68, 2013. Rijkswaterstaat kwam dus pas na afloop tot de ontdekking dat het in?deze casus een rol had moeten spelen. Om tijdens een crisis nog de?vraag ?wie gaat erover? te beantwoorden blijkt niet eenvoudig. Het is?juist het atypische geval dat hier tot verwarring leidde; een stranding?van een levende bultrug op een verlaten zandbank in het gemeentelijk?ingedeelde gebied van de Noordzee, waarbij de minister beslissingsbevoegd?is, omdat het om een bedreigde diersoort gaat. Een protocol?voor de strandingen van zeezoogdieren moet in de toekomst uitkomst?bieden. Ook speelde de rol van de deskundigen mee en de inschattingen die zij?maakten over de overlevingskansen van de bultrug. Normaal gesproken?verblijven bultrugwalvissen in het noordelijke deel van de Atlantische?Oceaan en komen ze alleen in de Noordzee als ze gedesori?nteerd?zijn. Dat een levende bultrug aanspoelt is vrij uniek en komt in Nederland?slechts een aantal keer per eeuw voor. Eenmaal aan land komen?walvisachtigen vrij snel in de problemen, omdat de spieren verslappen?zodra de druk van het water wegvalt. Ook warmt een bultrug op, omdat?het de eigen lichaamswarmte niet goed kan afstaan aan de lucht. Daarnaast drukt het eigen gewicht op de ingewanden en raakt het dier?uitgeput. Als een reddingspoging te veel tijd in beslag neemt, bestaat?er een grote kans dat het dier door inwendige verwondingen alsnog?verdrinkt, zo is de algemene opinie. Maar diverse partijen stelden in?de media de deskundigheid van hun conculega?s openlijk ter discussie?en wilden soms graag zelf een bijdrage leveren. ?Die reddingswerkers?hebben maar wat aangeklooid. Ze hadden er ervaren walvisredders bij moeten halen?, aldus een woeste Lenie ?t Hart in Het Parool (?Golven emoties om dode walvis?, 17 december 2012). Bovendien?bleken er de nodige particuliere belangen te spelen, bijvoorbeeld?van de commerci?le bergers die de gratis opererende KNRM wilden?aftroeven waarmee ze het regelmatig aan de stok hebben. Het droeg?bij aan de kritiek op de gang van zaken, omdat men zich op Texel in de?ogen van de niet-betrokken ?deskundigen? door de verkeerde mensen?heeft laten adviseren. Het bracht de burgemeester tot de conclusie dat het op enig moment?niet meer om de bultrug ging, maar om hele andere belangen. ?Er speelt in het Waddengebied een jarenlange controverse tussen?Ecomare en Lenie ?t Hart, de voormalig directrice van de zeehondencr?che?in Pieterburen, over de manier waarop je met zieke zeehonden?moet omgaan. Dat gaat om de vraag in hoeverre je zieke?zeehonden nog moet oplappen. Daarnaast speelt op een ander bord?een vete tussen beroepsbergers die tegen betaling willen helpen versus?de KNRM die dat al twee eeuwen gratis doet. Die twee onderwerpen?kwamen hier samen. Ik heb ervoor gekozen om de lijn te volgen?van de deskundigen van Ecomare, het Ministerie van EZ en de door?EZ ingeschakelde dierenartsen, die na de mislukte reddingspogingen?samen het beleid bepaalden.? Bron:?Bultrug Johanna groeide uit tot landelijk nieuws?, Burgemeestersblad, nr. 68, 2013. Dat laat onverlet dat de druk op de betrokken partijen behoorlijk hoog?kon worden. Giskes: ?Het is vervelend als de buitenwereld zo op je gemoed speelt. Dat?gaat behoorlijk ver. Tot en met telefoontjes rond middernacht op?mijn huisnummer aan toe. Voor alle direct betrokkenen was het duidelijk?dat er geen alternatief meer was. In de storm van kritiek bleven?we bij ons besluit. Daarin voelde ik mij gesteund door de gemeenteraad,?die daags na het gebeuren unaniem een motie van goedkeuring?aannam.? Bron:?Bultrug Johanna groeide uit tot landelijk nieuws?, Burgemeestersblad, nr. 68, 2013. Lenie ?t Hart liet op haar beurt haar woede op Twitter doorklinken. Zij?plaatste onder meer deze tweet:

In de controverse werd?ook de deskundigheid van Ecomare betwist. Volgens directeur Martin?Fr?hberg stond in de tweets die het onderzoeksinstituut kreeg onder meer te lezen dat ?ze bij Ecomare zelf maar een spuitje moesten krijgen?.

De directeur zag dat als een oproep tot onwettelijke actie. ?Ik lees?het als: die mensen moeten maar dood?, aldus Fr?hberg in een reactie?bij RTV Noord-Holland. Ook de vrijwillige redders van de KNRM kregen?het te verduren. ?De vrijwilligers van de KNRM, die letterlijk oog?in oog hebben gestaan met de bultrug en weten dat zij al het mogelijke?hebben geprobeerd om hem nog te redden, voelen zich diep gekwetst?,?zo laat de KNRM in een reactie weten (?KNRM woedend na kritiek op reddingsactie bultrug?, Algemeen Dagblad, 15 december?2012).

Een heel ander type dilemma dat in deze casus naar voren komt, was?het verschil van mening tussen de burgemeester, de cameraman en de?verslaggever van NOS over de te schieten beelden op de Razende Bol.??RTL en NOS hadden hem [de cameraman, red.] op pad gestuurd voor?actuele beelden van de bultrug. Bij terugkomst was het in onze ogen?her way, or the high way?, zo stelde Jeroen Wollaars, verslaggever van de?NOS. In een Radio 1-debat betichtte hij de burgemeester van censuur?en sprak hij over ?Noord-Koreaanse toestanden?.??De cameraman is weliswaar ?embedded? meegegaan, maar hij had?feitelijk geen keuze. Als hij op de Razende Bol beelden wilde draaien,?kon dat op d?t moment enkel onder de voorwaarden van de burgemeester.?Er gold immers een noodverordening waarin het verboden?was om op eigen houtje naar de zandplaat te gaan. Dus het was voor?hem de enige manier om daar te komen, want je mocht de gestrande?bultrug ook niet via het water proberen te bereiken?, aldus Wollaars.?Volgens de verslaggever had de burgemeester zich blijkbaar onvoldoende?gerealiseerd dat journalisten ook bij een noodverordening vrij?toegang moeten krijgen om hun fundamentele recht op persvrijheid en?vrije nieuwsgaring uit te oefenen. Wollaars: ?Die rechten kunnen ook?onder crisisomstandigheden niet zomaar worden ingeperkt. Daar is de?burgemeester veel te makkelijk overheen gestapt.? Terugblikkend geeft?Giskes aan dat het wellicht verstandiger was geweest om er terughoudender?mee om te gaan.??Misschien had ik de keuze aan hen moeten laten, met daarbij de?opmerking dat ik het op prijs zou stellen als ze rekening hielden met?de openbare-ordebelangen (?Bultrug Johanna groeide uit tot landelijk nieuws?, Burgemeestersblad, nr. 68, 2013). Maar vandaag de dag ontbreekt bij?mij het vertrouwen dat de gewone media die terughoudendheid uit?zichzelf in acht nemen. Vergeet niet dat dit een onderwerp was dat?dierenactivisten op de been brengt.? Bron: aanvullend interview met burgemeester Giskes, april 2013

Afronding
De stranding van de bultrug op de Razende Bol doet bijna letterlijk denken?aan de uitdrukking ?de beste stuurlui staan aan wal?. Een trits aan?onderzoeksinstituten, dierenartsen en walvisdeskundigen ontfermde?zich over het dier, maar toch barstte de kritiek over de reddingspogingen los. Deskundigen die niet betrokken waren, bemoeiden zich met de stranding en lieten zich horen in de media. Zelfbenoemde deskundigen stookten het vuurtje verder op. Het dier kreeg in de media ook een naam. Door het dier een naam te geven, kreeg het persoonlijkheid en werd het geplaatst in de traditie van ijsbeer Knut en orka Morgan. Het voedde de landelijke emoties en zette de redders in het defensief. Of de bultrug gered had kunnen worden, daarover blijven de meningen verdeeld. Ook de milieuorganisaties zijn het onderling niet eens. Greenpeace en Ecomare stelden vast dat het dier niet te redden was. Sea Shepherd Nederland, de Partij voor de Dieren en Lenie ?t Hart bleven de media opzoeken met het verhaal dat de bultrug wel degelijk gered had kunnen worden. Het was, met andere woorden, een strijd van deskundigen die over het hoofd van de onfortuinlijk gestrande bultrug werd uitgevochten. De Rijksoverheid komt voor toekomstige gevallen met een protocol voor gestrande zeezoogdieren. Een protocol voor het redden van zeezoogdieren wordt een verfijning van de bestaande bestuurlijke netwerkkaart, die ook op dit vlak niet volledige helderheid geeft. Het lijkt een overtrokken reactie om na elke crisis met een nieuw pakket maatregelen te komen. Maar in de nasleep van deze casus lijkt het een verstandige zet. Door vooraf met allerlei partijen tot afspraken te komen, kan de overheid mogelijk voorkomen dat in de toekomst emoties de overhand krijgen. Bij een volgende stranding snoert het betweters van de wal de mond, door te verwijzen naar het protocol dat met het veld is ontwikkeld. Als daarmee het belang van het dier weer centraal wordt gesteld, is dat pure winst.

Ontleend aan:?Lessen uit crises en mini-crises 2012, onderzoeksreeks Politieacademie (lectoraat crisisbeheersing i.s.m. NGB).?Auteur:?Wouter Jong. redactie: Menno van Duin,?Vina Wijkhuijs,?Wouter Jong

Bekijk de volledige uitzeding van Argos TV Medialogica over de bultrug Johannes en de rol van de media:

Noodweer treft Dicky Woodstock in Steenwijkerwold

Inleiding Op zaterdag 4 augustus 2012 vindt op een open terrein in Steenwijkerwold?de laatste avond van het jaarlijkse Dicky Woodstockfestival plaats. De?24e editie van het popfestival krijgt een andere afloop dan gepland. Noodweer treft Dicky Woodstock in Steenwijkerwold om 21.00 uur?en de grote festivaltent?stort in. Op dat moment zijn er 150 mensen aanwezig in de tent. Elf personen?worden overgebracht naar ziekenhuizen in Meppel, Heerenveen?en Zwolle. Op ??n slachtoffer na mag iedereen het ziekenhuis de volgende?dag weer verlaten.?Dit is in het kort het verhaal van de onfortuinlijke afloop van het Dicky?Woodstockfestival. Na afloop verschijnen niet minder dan drie evaluatierapporten?die vanuit verschillende perspectieven ingaan op hetgeen?van deze situatie geleerd kan worden. Na een korte beschrijving van het incident richt dit stuk zich op uitkomsten van de evaluatierapporten. Feitenrelaas Het is zaterdagavond 4 augustus 2012 als Nederland na een warme dag?geniet van de avondzon. Rond 20.00 uur arriveren de eerste bezoekers?voor het afsluitende programma van de 24e editie van het Dicky?Woodstockfestival. Het is een driedaags festival dat een grote populariteit?geniet met bezoekers uit heel Noord-Nederland. Om 22.30 uur?staat Rowwen H?ze op het programma in de grote tent. Tegen die tijd?verwacht de organisator zo?n 3000 gasten op het terrein. Vlak voor?21.00 uur krijgt het weer in de kop van Overijssel een onverwachte?wending als noodweer de locatie van het Dicky Woodstockfestival treft.?Als de hagelstenen zo groot als pingpongballen naar beneden komen,?zijn er tussen de 400 en 500 mensen op het terrein aanwezig. Na de?hagel gaat het hard regenen en steekt een stevige wind op. Mensen?zoeken beschutting in de drie tenten die op het terrein staan. Een minitornado?raast over het terrein en de grootste tent gaat om. Mensen die?in de tent aanwezig zijn komen letterlijk onder de tent vast te zitten.?Om 21.01 uur komt de eerste melding binnen bij de meldkamer Oost-Nederland (MON), de meldkamer voor de Veiligheidsregio?s?IJsselland en Noord- en Oost-Gelderland. De hulpverlening komt?onmiddellijk daarna op gang. Om 21.02 uur verzoekt de meldkamer?Ambulancezorg om GRIP-1 af te kondigen op basis van de informatie?die men dan heeft uit de 112-melding. De Officieren van Dienst (OvD)?van de geneeskundige zorg en de brandweer zijn binnen 12 minuten ter?plaatse in Steenwijkerwold. Om 21.12 uur wordt door de OvD geneeskundige?zorg verzocht om op te schalen naar GRIP-2. Dat gebeurt ook?direct. Bij de opschaling naar GRIP-2 moet volgens het Crisisplan 2012-2015 van de Veiligheidsregio IJsselland niet alleen het regionaal?operationeel?team in stelling worden gebracht, maar ook het kernbeleidsteam.?Door problemen met de communicator ? het alarmeringssysteem?van de meldkamer ? worden de leden van het kern-beleidsteam?echter niet gealarmeerd. Zij zijn dan ook niet op de hoogte van het?feit dat er is opgeschaald naar GRIP-2. Burgemeester Van der Tas van Steenwijkerland, waar Steenwijkerwold onder valt, is op het moment?van het noodweer aanwezig bij een gondelvaart in het verderop gelegen?Dwarsgracht. Zij wordt daar door een fotojournalist op de hoogte?gebracht van het instorten van de tent op het festivalterrein. Omdat ze?geen oproep van de communicator heeft gekregen besluit ze, in plaats?van naar het gemeentehuis, naar het festivalterrein te gaan om daar?poolshoogte te gaan nemen. Als zij tegen 21.45 uur op het festivalterrein?aankomt, zijn de slachtoffers geholpen en is het meeste werk gedaan.?Op het festivalterrein is de hoofdtent in elkaar gezakt. De hulpdiensten hebben met vrijwilligers hard gewerkt om slachtoffers onder?de tent vandaan te halen en te verzorgen. Ook is er aandacht voor de?opvang van de bezoekers die angstige momenten hebben doorstaan. In het Algemeen Dagblad van 6 augustus 2012 komt een aantal festivalgangers?aan het woord die vertellen hoe zij zichzelf en anderen in?veiligheid probeerden te brengen:??Festivalganger Erik heeft een deken van folie om zijn trillende schouders?geslagen. Hij kijkt alsof hij net een spook heeft gezien. Erik is al?23, maar houdt zijn even oude vriend meer dan stevig vast. Alsof ze?weer even 5 jaar zijn en heel erg bang. ?Wat er is gebeurd? Man, die?tent is naar beneden gepleurd. Het kwam vanuit het niets! Ik wil hier?weg. We hadden dood kunnen zijn.? Een andere bezoeker, modder in?zijn haar en op zijn gezicht, kijkt voortdurend zenuwachtig achterom?als hij het terrein verlaat. Alsof het gevaar hem nog steeds op de?hielen zit.??De palen in die tent gingen gewoon de lucht in. We doken?allemaal op de grond om niet geraakt te worden. Heel heftig?.? Bron:??We hadden wel dood kunnen zijn?, Algemeen Dagblad, 6 augustus 2012. Gelukkig neemt de wind snel af, maar het blijft regenen. De burgemeester?staat op het festivalterrein de pers te woord en neemt haar rol?als ?burgermoeder? op. Ze spreekt met bezoekers en steekt hulpverleners?en vrijwilligers van de organisatie en het Rode Kruis een hart?onder de riem. Hulpdiensten, organisatie en vrijwilligers werken ondertussen?door aan het minimaliseren van de verdere risico?s. De burgemeester?heeft ter plaatse overleg met het CoPI en neemt deel aan het CoPI-overleg. Vanaf het terrein heeft de burgemeester telefonisch?contact met haar communicatieadviseur, de gemeentesecretaris en de?ambtenaar openbare orde en veiligheid (AOV?er). Later arriveren de?gemeentesecretaris en de voormalige AOV?er van Steenwijkerland. De OvD Bevolkingszorg komt rond 23.00 uur aan op het terrein. Omstreeks 00.45 uur overleggen de Operationeel Leider van het?ROT en de burgemeester over het afschalen naar GRIP-0 en de overdracht?van het incident aan de gemeente die de nazorg op zich neemt.?Het ROT heft zichzelf om 01.00 uur op. Medewerkers van de gemeente?gaan naar het huis van de gemeentesecretaris, die vlak bij het festivalterrein?woont. Daar wordt besproken welke zaken zondagmorgen in?gang moeten worden gezet. Ongeveer een kwartier later wordt het CoPI opgeheven. Om?02.00 uur sluit de meldkamer het incident officieel af. Van de elf?slachtoffers die ?s avonds naar het ziekenhuis zijn gebracht mogen er?tien de volgende dag weer naar huis. Op zondagmorgen komt het kern-beleidsteam bijeen op het gemeentehuis?in Steenwijkerland. Het nazorgproces wordt opgestart. Daarbij ligt?de focus op de slachtoffers en de vrijwilligers van het festival. Er wordt?een persconferentie gehouden en het psychosociale traject wordt opgestart.?Ook wordt een elefoonnummer opengesteld, waar uiteindelijk?weinig gebruik van wordt gemaakt.?Op maandag 6 augustus wordt een projectteam samengesteld om de taken in de nafase te structureren. Het team krijgt drie opdrachten?mee: (a) regelen van de nazorg voor de slachtoffers, (b) ervoor zorgen?dat de communicatie naar de slachtoffers en pers goed verloopt en?(c) ervoor zorgen dat het incident op een goede manier wordt vastgelegd?en gearchiveerd. Het team zet bijeenkomsten op, waar de slachtoffers ervaringen?kunnen delen en hulpvragen kunnen stellen. Tegelijkertijd worden?ook drie incidentevaluaties in gang gezet. De drie evaluatierapporten?komen in april 2013 publiek beschikbaar. Elk team en onderzoeksrapport?behandelt een ander aspect: 1 Kenniscentrum Evenementen en Veiligheid schrijft in opdracht van de?gemeente een evaluatierapport waarin de focus ligt op de vergunningverlening, toezicht en handhaving bij dit evenement. 2 Veiligheidsregio IJsselland schrijft een evaluatierapport waarin?de focus ligt op het optreden van de hulpdiensten en de op- en?afschaling. 3 De aangrenzende gemeente Westerveld schrijft ? onder leiding van?burgemeester Jager ? in opdracht van de gemeente Steenwijkerland?een evaluatierapport waarin de focus ligt op de rol van de gemeente?tijdens het incident en de nazorg.

Analyse

De rapporten komen tot de conclusie dat er sprake was van een noodlottig?incident dat niet voorkomen had kunnen worden. Het evaluatie-rapport van het Kenniscentrum Evenementen en Veiligheid (KCVE) is?buitengewoon expliciet over de schuldvraag: ?Er zijn geen aanwijzingen die er op duiden dat het incident tijdens?Dicky Woodstock 2012 heeft plaatsgevonden vanwege tekortkomingen?in vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het instorten?van de grote feesttent door de onverwachte storm was een noodlottig?incident.? Wel wordt in het betreffende rapport geconstateerd dat de alarmering?van de hulpdiensten niet goed is verlopen. De communicator werkte?niet, waardoor gemeentelijke medewerkers niet zijn gealarmeerd om?de bevolkingszorg in gang te zetten. Hierdoor was het niet mogelijk?om volgens afgesproken protocollen de crisisorganisatie op te schalen.?Slachtoffers hebben daar geen hinder van ondervonden, omdat de acute?hulpverlening goed verliep. Ambulance, brandweer en politie waren?snel ter plaatse. Ook zorgden festivalgangers en een huisarts uit de?buurt ervoor dat snel en goed hulp kon worden verleend. Het evaluatierapport van de Veiligheidsregio IJsselland stelt vast dat?er tijdens het incident geen noemenswaardige bestuurlijke dilemma?s?zijn geweest. Dit past ook bij de mate van opschaling. Er is opgeschaald?naar GRIP-2, terwijl als er bestuurlijke vraagstukken zouden hebben?gespeeld, opschaling naar GRIP-3 in de lijn der verwachtingen zou?hebben gelegen. Gegeven de situatie speelden vooral operationele vragen?waarover beslissingen moesten worden genomen. De burgemeester?was ter plaatse en liet zich op de incidentlocatie informeren, maar?hoefde daar geen (kritieke) beslissingen te nemen. Zij kreeg vooral een bestuurlijke rol in het natraject; de nafase en de verantwoordingsfase?rond het uitkomen van de drie evaluaties.?Op het moment dat de evaluaties werden uitgebracht, was de organisatie?van het Dicky Woodstockfestival inmiddels bezig om de 25e editie?van het festival tot een groot feest te maken. Terwijl de organisatoren?zich al op de toekomst konden richten, moest de gemeente terugblikken?op het incident van 2012.

 

Evalueren om te leren?
Om te kunnen leren van evaluaties is het belangrijk dat niet alleen de?verantwoording centraal staat. Het straffen van de schuldige is vaak?niet de oplossing om in de toekomst ? soortgelijke ? situaties te voorkomen.?Wil men ?cht leren van een incident, dan moet de evaluatie?ruimte bieden om achterliggende oorzaken te begrijpen. Als positief?punt wordt in de evaluatie van het nazorgtraject (uitgevoerd door de?gemeente Westerveld) onder meer aangehaald dat er een ?goede en
complete verbinding met ketenpartners en andere, kritieke partners tot?stand is gebracht?. Ook is met pragmatisme naar de situatie gekeken.?De procedures zijn niet per definitie leidend geweest, maar het eindresultaat?stond centraal, zo wordt in het evaluatierapport gesteld. Dat?leidt tot verfrissende inzichten:
?Simpel gezegd maakt het een slachtoffer niet uit of hij/zij onder een?ingestorte tent vandaan wordt gehaald door een medewerker van?het Rode Kruis of door een brandweerman. Betrokken organisaties?hebben in de acute fase als eenheid naar buiten toe opgetreden en?geacteerd als zijnde ?de hulpverlening?.?

De pers richtte zich bij het uitkomen van de rapporten vooral op de procedurefouten (Bron: ?Er ging het nodige mis met hulpverlening Dicky Woodstock?, Steenwijker Courant,?14 maart 2013).?Waar de burgemeester normaliter voor overleg met het?kern-beleidsteam naar het gemeentehuis zou zijn gegaan, was ze nu?? gealarmeerd door het bericht van een journalist ? rechtstreeks naar?de incidentlocatie gegaan (bron: ?Maatregelen na evaluatie Dicky Woodstock?, Stentor, 16 april 2013).??Dat heeft de hulpverlening niet be?nvloed,?wel de communicatie?, aldus burgemeester Van der Tas in de Stentor.?Niet het intu?tieve handelen ? zonder alarmering ter plaatse gaan en?vervolgens adequaat optreden ? werd geroemd, maar het feit dat ze verkeerd?was gealarmeerd, bleef in de pers hangen. Ook het feit dat ze?met haar handelen de slachtoffers en medewerkers een hart onder de?riem stak, lijkt irrelevant. De pers koos daarmee een andere route dan?de drie evaluatierapporten. Waar de journalisten concludeerden dat de
procedures niet waren gevolgd en er d?s fouten zijn gemaakt, waren de?evaluatoren genuanceerder. Zij stelden dat het ging om de slachtoffers,?en die hebben geen enkele hinder ondervonden van het niet volgen van?procedures.

Buienradar

De falende communicator
Een lerende organisatie herstelt niet enkel de gemaakte fouten (enkele?lus-leren) maar richt zich ook op de achterliggende oorzaken. Als de?communicator faalt, kan de aanbeveling worden gedaan dat moet worden?voorkomen dat deze in de toekomst faalt. Een lerende organisatie?kijkt dieper en stelt de reden vast waarom de communicator faalde, in dit?geval dat er door de werkdruk te weinig tijd was om regelmatig updates?te geven. Dan zijn werkdruk en prioritering het echte probleem en is de?communicator slechts de meest zichtbare schakel in het geheel.?Opvallend genoeg wordt in het evaluatierapport van de Veiligheidsregio
IJsselland niet expliciet gemaakt wat de oorzaak van het technisch?falen was. Een aantal functionarissen is niet gealarmeerd door?het niet goed functioneren van de communicator, maar het hoe-en waarom?daarvan wordt in de evaluatie niet helder. Een technisch falen?vraagt een andere aanpak en expertise dan verkeerde gegevens of het?niet juist bedienen van de communicator.?Als niet duidelijk wordt in welke richting een oplossing moet worden?gezocht, kan een verantwoordelijke ook geen goede keuze maken?? op basis van beschikbare tijd en budget ? om het probleem op te?lossen. Omdat de communicator een belangrijk middel is om een team?binnen de gestelde wettelijke tijden op te kunnen laten komen is het?vaststellen van de prioriteit zelf geen probleem; de communicator moet?werken ?f er moet een andere manier gevonden worden om piketfunctionarissen?op te roepen.

Burgemeester op rampterrein
De burgemeester ging naar het incidentterrein, niet wetende dat er?GRIP-2 was afgekondigd. Doorgaans laat een burgemeester zich in de?acute fase van een crisis niet op het rampterrein zien. Nu zij er eenmaal?was, nam zij op het terrein de rol van burgermoeder op zich. In het?interview dat zij gaf in De veiligheidsregio van maart 2013 verwoordde zij?het als volgt: ?Durf te schakelen in reactie op wat zich voordoet. Wees?niet bang dat dingen anders lopen. Vertrouw op de professionaliteit?van de kolommen. En zoek vooral communicatie, samenwerking en?gezond verstand.? De burgemeester volgde in dezen, mede door het
uitblijven van de offici?le alarmering, haar hart. Zij had weliswaar?het opperbevel over de hulpdiensten, maar was terughoudend in het?vervullen van die rol. Open communicatie en vertrouwen tussen de?leider van het aanwezige?CoPI en de burgemeester was belangrijk toen?de burgemeester op het ?rampterrein? acte de pr?sence gaf. Waar een?burgemeester betrokkenheid toont kunnen operationele diensten dit?uitleggen als bemoeienis; zeker als de burgemeester deelneemt aan
het CoPI-overleg. Elkaar scherp houden in de eigen rol en functie?vergt moed en tact, zowel van de burgemeester als van de leider CoPI.?Afgaande op de evaluatie heeft de aanwezigheid van de burgemeester?op het rampterrein niet verstorend gewerkt. Sterker nog, vrijwilligers?en slachtoffers hebben haar aanwezigheid als positief ervaren.

Maatschappelijke impact
Voor bezoekers is het instorten van een feesttent tijdens een festival?een nachtmerrie. Voor bestuurders was het een incident dat niet tot?de standaardrisico?s van de gemeente of veiligheidsregio behoorde en?waarmee men geen ervaring had. Als er tijdens een piekmoment van?een festival iets gebeurt dan wordt het, door de aanwezige mensenmassa,?ogenblikkelijk een maatschappelijk incident.?Terwijl de hulpdiensten lokaal het incident bestreden, kon het incident?toch een regionaal of nationaal drama worden. In Steenwijkerwold?waren er niet alleen bezoekers uit de directe omgeving aanwezig.?Bezoekers aan het festival kwamen uit geheel Noord-Nederland. Via?de sociale media stortten de media zich op hetgeen was gebeurd op het?festival, waarbij de eerdere ervaringen met Pukkelpop extra attentiewaarde?gaven. Het was, zogezegd, ?alweer? een tent die instortte door?noodweer. In dit geval maakte de organisatie van het festival snel?gebruik van het eigen twitteraccount, zodat mensen buiten het festivalterrein?goed konden worden ge?nformeerd over de stand van zaken:

Later op de avond werd doorverwezen naar het twitteraccount van de?politie IJsselland:

Noodweer en festivals
Met het drama op Pukkelpop (2011) ?net? achter de rug lijkt het alsof?calamiteiten op festivals schering en inslag zijn. Het gaat de laatste?jaren in Nederland om ongeveer ??n tent per zomerseizoen:
? Dicky Woodstockfestival in Steenwijkerland, 4 augustus 2012
? Pukkelpop in Hasselt (Belgi?), 18 september 2011
? Concert at Sea op de Brouwersdam (voortijdig afgelast wegens?naderend noodweer), 18 juni 2011
? Zwarte Cross in Lichtenvoorde (instorten tent tijdens opbouw),?12 juli 2010
? Megapiratenfestijn in Volendam (voor opening stort tent in door?windhoos), 3 juli 2009.

Er is geconstateerd dat het incident in Steenwijkerwold een noodlottig?incident was (evaluatierapport KCVE) en een typisch voorbeeld van?een flitsramp (evaluatierapport gemeente Westerveld). De evaluaties?gingen verder niet in algemene zin in op de veiligheid van festivals?bij noodweer. Uit de mediaberichtgeving in de dagen na het Dicky?Woodstockfestival bleek dat het volgens organisatoren doorgaans het?beste is om bij noodweer het festivalterrein te verlaten en niet te schuilen?in een grote tent. Beschutting zoeken in gebouwen in de buurt is?volgens sommigen het beste. ?Dat is een vervelende operatie, omdat
mensen met noodweer het liefst een snelle schuilplaats zoeken, maar?het is wel het veiligst.? (Bron: Arnout de la Houssaye, producent van een muziekfestival op Vlieland, in ?Een?feesttent is een slechte schuilplaats?, De Volkskrant, 7 augustus 2012. Zie ook ?Festivaltent?bezwijkt in noodweer?, Trouw, 6 augustus 2012).?Veel festivals vinden echter op open en afgelegen?terreinen plaats, waardoor er weinig gebouwen in de omgeving?zijn die kunnen dienen als schuilplaats.

Afronding
Vanuit de context van het ?noodlottige incident? ? waar niemand schuld?aan heeft ? kunnen twee sporen worden gevolgd. Enerzijds kan het bij?de conclusie blijven dat niemand blaam treft en de overheid en organisator?dus kunnen overgaan tot de orde van de dag. Er is immers geen?schuldige die hoeft te worden bestraft. Anderzijds kan de conclusie?worden getrokken dat er weliswaar niemand iets te verwijten viel, maar?dat desondanks toch nog het nodige kan worden verbeterd.?Alle drie de rapporten kiezen nadrukkelijk het tweede spoor; ook al?was het noodweer van het Dicky Woodstockfestival niet te voorkomen,?het bood een mooie aanleiding om het crisismanagement, de voorbereiding,?vergunningverlening en handhaving door te lichten. Zo deed?het nazorgrapport van de commissie-Jager aanbevelingen om de overdracht?van de multidisciplinaire fase naar de nafase vloeiender te laten?verlopen. Het rapport van KCEV deed de aanbeveling om in de toekomst?de vergunningaanvraag grondiger te bestuderen en deze in een?multidisciplinaire evenementenwerkgroep te bespreken. Met name die?laatste aanbeveling is te zien als een mooie bijvangst. Want met het?incident uit 2012 heeft de aanbeveling weinig van doen. Sterker nog:?houd een willekeurig goed verlopen festival in Nederland tegen het?licht en ook daar zouden vergunningverlening en handhaving waarschijnlijk?nog verbeterd kunnen worden. Immers, ook een evenement?dat jaar na jaar goed verloopt zal in de loop der tijd het veiligheidsbeleid?steeds verder verfijnen. De editie 2013 van de Vierdaagse van Nijmegen
is ongetwijfeld weer vele malen veiliger dan de editie 2003. Ook het?Lowlands festival of Het Glazen Huis van 3FM zijn, zonder noemenswaardige?incidenten, jaar na jaar steeds veiliger geworden. Het kan met?andere woorden nooit kwaad om de koppen bij elkaar te steken, lessen?uit andere festivals te incorporeren en de voorbereiding van een evenement?jaarlijks multidisciplinair tegen het licht te houden. Daar heb je?geen noodweer voor nodig.

Ontleend aan:?Lessen uit crises en mini-crises 2012, onderzoeksreeks Politieacademie (lectoraat crisisbeheersing i.s.m. NGB).?Auteurs:?Josine van de Ven, Wouter Jong. redactie: Menno van Duin,?Vina Wijkhuijs,?Wouter Jong

Zelfmoord van een scholier uit Tilligte


Op 5 november 2012 plaatst de Twentsche Courant Tubantia de enige?en algemene kennisgeving van het overlijden van Tim Ribberink.?Uit de rouwadvertentie blijkt dat Tim zichzelf van het leven heeft?beroofd, omdat hij slachtoffer was van pestgedrag. In eerste instantie?lijkt deze trieste gebeurtenis een persoonlijke aangelegenheid te zijn?van de ouders, familie en naasten van Tim. Echter, de vermoedelijke?aanleiding van Tims overlijden veroorzaakt de nodige beroering in de
samenleving.?In deze bijdrage staat de vraag centraal welke rol een gemeente bij gebeurtenissen?als deze heeft; gebeurtenissen met een vrijwel uitsluitend
persoonlijk karakter, die een maatschappelijke impact op de (lokale)?samenleving blijken te hebben. Heeft de gemeente in dezen ?berhaupt?een rol? En zo ja, wat is dan die rol? Wat doe je als gemeente wel en wat?doe je niet?

Feitenrelaas
Maandag 5 november 2012 verschijnt in de Twentsche Courant Tubantia?het overlijdensbericht van de 20-jarige Tim Ribberink die vier dagen?eerder zelfmoord heeft gepleegd. De ouders van Tim nemen in het?overlijdensbericht enkele regels op van de afscheidstekst die hij hen
achterliet:

Lieve pap en man,
Ik ben mijn hele leven bespot, getreiterd, gepest en buitengesloten.
Jullie zijn fantastisch.
Ik hoop dat jullie niet boos zijn.
Tot weerziens, Tim

Het overlijdensbericht heeft een grote maatschappelijke impact, ook?buiten Tilligte, het dorp in de gemeente Dinkelland waar Tim woonde.?Landelijke media reageren direct op het overlijdensbericht. Hart van?Nederland en Shownieuws besteden nog diezelfde dag aandacht aan het?overlijden van Tim en de aanleiding daarvan. De berichtgeving kent?meerdere invalshoeken. De directeur van de middelbare school waar?Tim op zat, vertelt dat er verslagenheid en afschuw heerst op de school.?Ook zegt hij dat bij de school geen signalen over pestgedrag bekend?zijn. Het pesten heeft volgens hem op een andere school plaatsgevonden.
Daarnaast komen andere slachtoffers van pesten aan het woord.?Zij vertellen dat pestgedrag ook hun leven in negatieve zin heeft be?nvloed.?Voor sommigen is het herkenbaar dat zelfmoord een re?le overweging?is als het pesten als zo heftig wordt ervaren. De impact van?pestgedrag wordt volgens hen onderschat. Bob van der Meer, psycholoog?en oprichter van www.pesten.net, vindt het om die reden ?voortreffelijk?dat de ouders dit afscheidsbriefje hebben gepubliceerd?. Hij hoopt dat deze advertentie een aanleiding is om pesten de aandacht te geven?die het verdient.

De bewondering voor de keuze van de ouders om het afscheidsbriefje?te publiceren, is een breder gedeeld gevoel. De ouders van Tim blijken?van alle media-aandacht ?geschrokken? te zijn, zo geven zij via hun?woordvoerder aan. Deze meldt ook dat de ouders de volgende dag tijdens?een persconferentie een toelichting zullen geven bij hun keuze?voor het plaatsen van de rouwadvertentie.?Op 6 november 2012 om 16.30 uur vindt op het gemeentehuis van?Dinkelland de persconferentie plaats. De woordvoerder die door de?familie is ingeschakeld, wijst bij aanvang de aanwezigen op een aantal?zaken voor een ordentelijk verloop van de persbijeenkomst. Daarna?komt rouwbegeleider en pastor Marinus van den Berg, die de ouders in?het rouwproces begeleidt, aan het woord. Hij leest namens de ouders?van Tim een korte verklaring voor. Uit die verklaring blijkt dat de ouders?van Tim, die enig kind was, bewust en weloverwogen de afscheidstekst
van Tim in zijn overlijdensbericht hebben opgenomen. Ook gaat hij in?op de keuze van de ouders voor een dergelijke rouwadvertentie:

?De ouders willen eer betonen aan hun zoon. Niet heimelijk de?doodsoorzaak wegstoppen, maar open en met een duidelijke boodschap.?(…) De ouders hopen dat er een discussie op gang komt, die?helpt voorkomen dat nog meer kinderen en jongeren het slachtoffer?zullen worden van pesten.?

?s Avonds vindt in de rooms-katholieke kerk een avondwake voor Tim?plaats; een afscheidsdienst op de avond voorafgaand aan de begrafenis?die bedoeld is om de overledene de laatste eer te bewijzen. De avondwake?wordt door ruim duizend mensen bijgewoond; de kerk is tot de?laatste stoel bezet (Zie:?Twente@actueel).
In diverse nieuwsuitzendingen wordt die avond verslag gedaan van?de afscheidsdienst. In Hart van Nederland vertelt de eigenaar van de?ijssalon waar Tim een bijbaan had, dat ook hij het overlijden van Tim?niet heeft zien aankomen en een grote impact op de lokale gemeenschap?ervaart. Tevens doet hij uit de doeken dat onder de naam van Tim??schunnige? berichten op internet zijn geplaatst. De ouders van Tim?hebben dat aan de politie gemeld, maar daarvan geen aangifte gedaan.?De politie gaat daarom niet over tot vervolgen.

In januari 2013 laait de aandacht in de media voor deze zaak nog een?keer op. Een VARA-verslaggever maakt een documentaire over de zelfmoord?van Tim. Hij reconstrueert de zaak en beweert onder andere dat?er helemaal geen afscheidsbrief is geweest. Hij suggereert dat niet het?pesten, maar een depressie, de oorzaak is geweest voor Tims keuze.?Deze beweringen kwetsen de familie diep. De ouders brengen daarom?het screenshot van de telefoon van Tim, met daarop de afscheidstekst?die hij schreef (inclusief datum en tijdstip), naar buiten.

De maker?van de documentaire, Bert Molenaar, is er daarna van overtuigt dat de?afscheidsboodschap?echt is. De VARA biedt de ouders een paar dagen
later haar excuses aan.

Bevolkingszorg, hoe ver reikt dat?
In het rapport ?Bevolkingszorg op orde? stelt de commissie-Bruinooge?dat gemeenten een algemene zorgplicht hebben voor hun bevolking.??In het bijzonder hebben zij dat tijdens rampen en crises?, aldus de commissie-Bruinooge (2012, p. 9). Maar wat betekent deze zorgplicht nu?precies? Wat wordt er van een gemeente in het kader van bevolkingszorg?verwacht bij een persoonlijke gebeurtenis die landelijk zoveel aandacht?krijgt?
Naast de zorg die parate hulpverleningsdiensten bieden, de brandweerzorg,?politiezorg en geneeskundige zorg (GHOR), hebben gemeenten?bij rampen en crises de verantwoordelijkheid de overige zorgtaken?te organiseren. Deze zorgtaken zijn onder meer uitgewerkt in het?Besluit veiligheidsregio?s (art. 2.3.1). Praktisch gezien, zijn gemeenten?vaak vanaf het eerste moment na een crisis uitvoerend betrokken, bijvoorbeeld?als het gaat om het informeren van verwanten en het opvangen
van betrokkenen. Als de hulpverleningsdiensten klaar zijn met?hun werkzaamheden, liggen er voor de gemeente vaak nog taken in het?verschiet, zoals het (laten) organiseren van een stille tocht of herdenkingsbijeenkomst,?het begeleiden van interne/externe onderzoeken of?het afhandelen van de schade (zie commissie-Bruinooge, 2012, p. 9).?Maar geldt dat ook in het geval van een zelfmoord van een scholier? In?welke mate dient de gemeente dan een rol op te pakken?
Voor de aard en omvang van (de organisatie van) bevolkingszorg?bestaan geen wettelijke richtlijnen; gemeenten dienen daar zelf invulling?aan te geven. Onduidelijk is echter wat onder adequate bevolkingszorg?moet worden verstaan, zo geeft de commissie-Bruinooge?aan. Dat is de reden geweest waarom de commissie, in opdracht van?het Veiligheidsberaad, in haar rapport richtinggevende prestatie-eisen?heeft benoemd, die duidelijk moeten maken wat (minimaal) wordt verstaan?onder adequate bevolkingszorg. In dit stuk wordt aan de?hand van die prestatie-eisen gekeken welke rol er in deze casus voor de?gemeente is weggelegd.

Analyse
Hoewel het overlijden van Tim door de betrokken autoriteiten niet als??crisis? is getypeerd, had de gebeurtenis uiteraard wel een impact op de?lokale gemeenschap. Op de ochtend van Tims overlijden werd burgemeester?Cazemier gebeld door de politie met de mededeling dat er een?su?cidegeval was in Tilligte.
?Naast het feit dat het overlijden van een jong iemand altijd al een?schok teweegbrengt, zorgde ook het aanvliegen van een traumahelikopter?voor beroering. Op dat moment heb je als burgemeester?een rol als burgervader?, aldus burgemeester Cazemier.

Op maandag 5 november 2012 veranderde echter de context van de situatie.?Waar eerst sprake was van een lokale impact door de su?cide van?een 20-jarige dorpsgenoot, zorgde de rouwadvertentie ervoor dat de?regio geschokt reageerde op het gebeurde. De rouwadvertentie bracht?via de (sociale) media ook de rest van het land in beweging. Tijdens?een regionaal college werd burgemeester Cazemier er door een collega?op gewezen dat er volop getwitterd werd over Tim Ribberink. Het was?zelfs al een trending topic. Door die veranderde context rijst de vraag:?Heeft de gemeente in dezen een rol en zo ja, op welke wijze geeft ze
daar invulling aan?
In de visie van de commissie-Bruinooge gaat adequate bevolkingszorg?uit van vier elementen (en binnen deze vier elementen vallen de taken: voorlichting geven, voorzien in opvang en?verzorging, verzorgen van nazorg en het registreren van slachtoffers en schadegevallen):
1 De overheid rekent erop dat de samenleving haar verantwoordelijkheid?(ook) tijdens en na een crisis neemt.
2 De overheid stemt haar bevolkingszorg af op de zelfredzaamheid?van de samenleving.
3 De overheid houdt rekening met en maakt gebruik van de spontane?hulp uit de samenleving.
4 De overheid bereidt zich daar waar het om verminderd zelfredzamen?gaat voor tot een vastgesteld zorgniveau, aangeduid als??voorbereide bevolkingszorg?. De ?restzorg? levert zij op basis van?veerkracht en improvisatie, wat wordt aangeduid als ?ge?mproviseerde?zorg?.

Het eerste en tweede element van adequate bevolkingszorg liggen in elkaars?verlengde. Burgers, bedrijven en instellingen zijn verantwoordelijk?voor het eigen welbevinden en die verantwoordelijkheid hebben zij?ook ten tijde van crises. De rol van de overheid is daarop afgestemd; zij gaat uit van de zelfredzaamheid van de bevolking. De zelfredzaamheid?van de bevolking is in essentie een spontaan fenomeen, dat door de?overheid kan worden ondersteund (gefaciliteerd en/of gestimuleerd).?Er is geen reden te veronderstellen waarom deze twee elementen?niet van toepassing zouden zijn in een geval als de onderhavige casus.
Het is in zo?n geval misschien zelfs eenvoudiger om de mate van zelfredzaamheid?te bepalen. De zelfredzaamheid van de samenleving kan?immers bij een crisis met vele verschillende betrokkenen moeilijker?eenduidig te defini?ren zijn. In dit geval was duidelijk dat de direct?betrokkenen de familie en naasten van Tim waren. Richtinggevend?voor de mate waarin de gemeente een rol zou kunnen of moeten vervullen,?was hun zelfredzaamheid en behoefte aan ondersteuning.
Burgemeester Cazemier besloot, nadat hij zich had ge?nformeerd?over de belangstelling in de (sociale) media voor het overlijden van?Tim, contact te zoeken met de familie. Na het overbrengen van de condoleances?heeft hij gevraagd wat zijn ondersteunende rol of die van de?gemeente richting de familie kon zijn. De familie had op dat moment?zelf al een woordvoerder aangesteld, hetgeen een gouden greep bleek?te zijn; zij ving veel mediadruk af voor de familie. Als zij er niet was
geweest en de familie had behoefte gehad aan ondersteuning op dit?vlak dan zou de gemeente daarvoor hebben gezorgd, aldus burgemeester?Cazemier: ?Als wij als gemeentelijke overheid wel een psycholoog?inschakelen voor de nazorg na een incident, waarom zouden we dan?ook niet een communicatieadviseur aanbieden als de pers opdringerig?wordt naar nabestaanden?? Ook is op dat moment de rouwbegeleider al?in beeld bij de familie.
In dit geval was er daarom geen rol voor de burgemeester of de?gemeente weggelegd, voor wat betreft voorlichting, opvang en verzorging of nazorg. De familie was daarin zelfvoorzienend en dus, met?andere woorden, zeer zelfredzaam. Dat betekende voor de burgemeester?overigens ook dat hij zich richting de pers stilhield. ?Geen commentaar?in de media. De verleiding was soms groot, maar ik heb alle?vragen afgehouden. Ook voor mijn oude werkgever Omrop Frysl?n
niet, en zelfs in en op de lokale media niet.? Ook naar aanleiding van de?berichtgeving in januari 2013, waarin het bestaan van de afscheidsbrief?van Tim ter discussie werd gesteld, communiceerde de burgemeester?niet. ?Het hele verhaal van de VARA is te verschrikkelijk voor woorden.?De media zijn hier over de schreef gegaan. Vanwege mijn afspraak tot?afwezigheid in de media, heb ik mij dus ook niet gemeld in het debat?van de familie Ribberink.?

Het derde element van adequate bevolkingszorg is dat de overheid rekening?houdt met, en gebruikmaakt van spontane hulp uit de samenleving.?Ook dit element was in deze casus aan de orde. Naast ongetwijfeld?andere gevallen van spontane hulp, stelden twee caf?s en een?winkelier hun locaties beschikbaar voor het geval bij de afscheidsdienst?in de kerk sprake zou zijn van ruimtegebrek. Alles was klaar voor een?eventuele televisieverbinding naar de locaties. Uiteindelijk bleek dit
niet nodig te zijn.

Het vierde element van adequate bevolkingszorg gaat over de voorbereiding?op de zorg aan verminderd zelfredzamen (zgn. voorbereide bevolkingszorg). Daarnaast levert de overheid niet-voorbereide bevolkingszorg?(of ?restzorg?) op asis van veerkracht en improvisatie. Dit wordt?daarom ook wel aangeduid als ?ge?mproviseerde zorg?. Daarbij geldt dat?deze zorg in verhouding staat tot de omvang van de crisis en past bij?de situatie.

In de onderhavige casus lijkt dit vierde element van ondergeschikt?belang, aangezien de direct betrokkenen (ouders en familie van Tim)?zeer zelfredzaam bleken te zijn. De rol die de gemeente Dinkelland?vervulde, vertoonde evenwel kenmerken van ?niet-voorbereide? bevolkingszorg,?afgestemd op de behoeften van de betrokkenen. Op dinsdagochtend?6 november 2012, voorafgaand aan de persconferentie?en de avondwake die later die dag zouden plaatsvinden, vond op het
gemeentehuis een overleg plaats. Aanwezig waren onder andere de?burgemeester, de gemeentesecretaris, een communicatieadviseur?van de gemeente en de woordvoerder van de familie. Onderwerp van?gesprek was of er ? gelet op een mogelijke massale belangstelling voor?de afscheidsdienst van Tim ? scenario?s te bedenken waren die om een?bijdrage van de gemeente en/of een andere overheidspartner zouden?vragen. Vanwege de grote belangstelling voor (de reden van) Tims overlijden?was het voor geen van de aanwezigen bij het overleg op voorhand?duidelijk hoeveel mensen naar de afscheidsdienst zouden komen.?Daarom is ervoor gekozen om het optimale aan voorbereiding te doen.

?Het was net na de Facebookrellen in Haren, dus je gaat toch meer?nadenken over: wat kan er allemaal gebeuren??, aldus burgemeester?Cazemier. ?Niet dat we rellen verwachtten, maar wel verkeersperikelen?of mogelijk andere situaties. In Tilligte kennen ze nog het??noaberschap??dat betekent dat bij de begrafenis de noabers (buren)?alles regelen. Zij dragen de kist. Zij verzorgen de parkeerbegeleiding.?Vanuit de gemeente hebben we nagedacht welke maatregelen wij
konden nemen om ze te ondersteunen. Dit betekende bijvoorbeeld?Tilligte afsluiten, waarbij het een groot voordeel was dat dit dorp?tussen?twee rotondes ligt.?

Tijdens het overleg is ook overeengekomen dat de gemeente, naast ondersteuning?bij de afscheidsdienst, ook een faciliterende rol zou vervullen?bij de persconferentie van 16.30 uur. De gemeente stelde het?gemeentehuis ter beschikking, omdat de raadszaal de nodige faciliteiten?bood voor een treffen met de media (spreekgestoelte, wifi en dergelijke).?De gemeente heeft op de persconferentie geen inhoudelijke rol?vervuld. De burgemeester was wel aanwezig, maar sprak niet met de?pers. De pers liet hem (opvallend genoeg) ook met rust.?De rol van de gemeente kende daarnaast een element dat door de commissie-
Bruinooge niet aan de orde is gesteld en verband houdt met het?gegeven dat de bevolking soms verwacht dat de burgemeester bij de?rouwverwerking een rol heeft. In Tilligte betrof dit bijvoorbeeld de aanwezigheid?van de burgemeester bij de afscheidsdienst en de begrafenis.??In een plattelandsgemeente wil de gemeenschap de burgemeester?zien. Daar ben ik bij. Niemand hoeft dit te vragen. In deze omgeving?wordt gewoon van je verwacht dat je er bent. Een burgemeester moet?meeleven met de familie. Dat voel ik ook zo. Ik voel mij persoonlijk?betrokken, maar ga daar niet het woord voeren. Het is de verwachting?van de maatschappij die legitimeert dat ik daar aanwezig ben.?

De betrokkenheid van de gemeente bij dit incident zou ten slotte in een?ander daglicht zijn komen te staan, als ze op de een of andere manier?weet zou hebben van het pesten. Na het overlijden van Tim was niet?direct duidelijk of de gemeente een rol had in de situatie die tot de zelfmoord?had geleid. Het scenario van de beschuldigende vinger richting?de gemeente is wel ter tafel gekomen, aldus de burgemeester. ?Als er?problemen bij ons bekend waren, dan verandert ook je rol in deze situatie.??Op het gemeentehuis zijn daarom de feiten langsgelopen. ?Waar?zat Tim op school? Op welke basisschool had hij gezeten?? Het bleken?allebei openbare scholen te zijn en bij de gemeente waren geen problemen?rond pesten bekend.

Afronding
De vraag die in dit stuk centraal stond was hoever de zorgplicht?van een gemeente reikt als er niet direct sprake is van een crisissituatie.?Wanneer ondersteunt een gemeente bij een afscheidsdienst?of een begrafenis, en wanneer niet? Wanneer biedt de gemeente een?communicatieadviseur aan, en wanneer niet? Wij denken dat het per?situatie verschilt of de gemeente een rol heeft en op welke wijze zij deze?invult. Soms is die rol evident; soms minder.
De gemeente Dinkelland heeft vanuit haar algemene zorgplicht?jegens haar inwoners bewust voor een ondersteunende rol richting de?nabestaanden gekozen. Daarmee werd aangesloten bij het feit dat vaak?de samenleving in het algemeen, maar ook de direct betrokkenen zelf??veerkracht? tonen om een crisis te boven te komen. Deze veerkracht is?voor de gemeente leidend om haar eventuele ondersteunende of faciliterende?rol te bepalen. De vier elementen uit het rapport van de commissie-Bruinooge kunnen helpen om ook bij kleinere incidenten die in?meer of mindere mate een maatschappelijke impact hebben de bevolkingszorg?nader in te vullen. In deze casus werd door de gemeente een?bijdrage geleverd op de momenten waarop en in de mate waarin daar?behoefte aan was. Het sleutelwoord was ?maatwerk?.

Voor dit stuk is dankbaar gebruikgemaakt van informatie die ons ter beschikking?is gesteld door de woordvoerder en communicatieadviseur van de familie en door burgemeester?Cazemier van gemeente Dinkelland.

Ontleend aan:?Lessen uit crises en mini-crises 2012, onderzoeksreeks Politieacademie (lectoraat crisisbeheersing i.s.m. NGB).?Auteurs: Roy Johannink, Annet Ponjee. redactie: Menno van Duin,?Vina Wijkhuijs,?Wouter Jong.

Brandstichtingen in Winschoten

Winschoten

Na brandstichtingen in ?t Zandt (2007) en Veendam (2010) vindt in?de provincie Groningen vanaf medio april 2012 opnieuw een reeks?brandstichtingen plaats. In het centrum van Winschoten worden tot?medio oktober van dat jaar diverse panden in brand gestoken. Doelwit?zijn leegstaande panden, zowel bedrijfspanden als woningen. De branden?zorgen voor veel onrust onder de bewoners van Winschoten. Op?dinsdag 2 oktober 2012 kondigt de burgemeester van Oldambt, waar?Winschoten onder valt, een noodverordening af voor de binnenstad.?Het aantal branden ligt op dat moment al op zestien.

Dit stuk richt zich op de communicatie tijdens de zoektocht naar?de dader(s) van de brandstichtingen. Welke mogelijkheden?zijn er qua?communicatie in zogenoemde ?seri?le gevallen? (een reeks van gelijksoortige?incidenten), waarbij vooraf onbekend is of en wanneer er een?einde aan komt?

Feitenrelaas
De eerste brand (van wat later een reeks brandstichtingen blijkt) vindt?plaats op 18 april 2012. Aan de Torenstraat in Winschoten brandt een?leegstaande woning volledig uit. Er wordt rekening gehouden met?brandstichting. Vervolgens volgen de branden elkaar in hoog tempo?op. Op 15 september 2012 wordt een leegstaand winkelpand aan de?Torenstraat volledig door een brand verwoest. Het is inmiddels de?twaalfde brandstichting. Voor de gemeente Oldambt is dit reden om een?informatiebijeenkomst te organiseren, te meer omdat de onrust onder?inwoners van Winschoten groeit. Na deze bijeenkomst communiceert?de gemeente met enige regelmaat via informatiebrieven over de gezamenlijke?acties van de gemeente, politie en het Openbaar Ministerie?(OM). De hulp van het publiek wordt gevraagd om de dader(s) van de?brandstichtingen op het spoor te komen. De eerste informatiebrief?dateert van 26 september 2012.

Op 2 oktober 2012 volgt een tweede informatiebrief. Reden voor?deze brief is een grote brand in twee panden aan het centraal gelegen?Marktplein. Het is inmiddels de zestiende brand. In de brief meldt de?gemeente de verschillende acties die ze samen met de politie onderneemt?om de dader(s) te kunnen aanhouden:
? preventief cameratoezicht;
? intensivering van het politietoezicht, onder meer in de avond;
? instellen noodverordening om in de binnenstad preventief fouilleren?mogelijk te maken;
? uitbreiding onderzoeksteam van de politie; en
? verzoeken aan eigenaren van leegstaande panden in de Winschoter?binnenstad om maatregelen te treffen ter voorkoming van?brandstichting.

De gemeente vraagt inwoners mee te helpen met het zoeken naar de?daders. Op het Isra?lplein wordt een mobiele locatie van de politie geplaatst?waar bewoners 24 uur per dag langs kunnen komen met vragen?en tips. De brandweer is daar ook aanwezig om inwoners brandpreventietips?te geven en te adviseren over het installeren van rookmelders.?Op 2 oktober 2012 treedt een noodverordening in werking, die?cameratoezicht en preventief fouilleren mogelijk maakt. Kort na de
inwerkingtreding volgt aan de Kastanjelaan een poging tot brandstichting.?Daarmee staat de teller op achttien brandstichtingen. In het?Algemeen Dagblad wordt het gevoel onder de inwoners verwoord:

?Angst en woede heersen onder de bevolking. In Winschoten is?het al dagen het gesprek van de dag. Mensen staan in groepjes op?straat te praten over de vele branden van de afgelopen maanden.?Ondernemers in het centrum houden hun hart vast. Ondanks een?dinsdagavond afgekondigde noodverordening en een speciaal opgerichte?politiepost in het centrum, bleek er gisternacht opnieuw brand?te zijn gesticht, op twee plaatsen nog wel. Het vuur brak uit bij een?supermarkt en in de brievenbus van een leegstaand pand. De brand?bij de winkel ging vanzelf uit, de andere is geblust door omstanders.?

De politie is met extra mensen zichtbaar aanwezig en opereert vanuit?de mobiele locatie op het Isra?lplein. Met de inzet van Burgernet hoopt?de gemeente de inwoners te kunnen mobiliseren als er weer brand uitbreekt.?De gemeente vraagt inwoners om de mobiele telefoon ?s nachts?aan te houden en op gehoorafstand te leggen. Uiteindelijk wordt op?6 oktober 2012 een man aangehouden in verband met een poging tot?brandstichting. De politie betrapt Danny F. op heterdaad in het centrum?van Winschoten. Hij bekent 17 van de 21 branden te hebben gesticht,?waarvan een aantal samen met een vriendin die later wordt aangehouden.
Na de arrestatie van de daders wil burgemeester Smit dat in?Winschoten zo snel mogelijk de normale situatie terugkeert. De speciale?mobiele locatie van de politie wordt uit het centrum verwijderd. De?noodverordening wordt ingetrokken, maar de camera?s blijven de rest?van de maand nog hangen, totdat de huurtermijn ervan is afgelopen.?In de loop van oktober worden twee andere verdachten aangehouden?die los van elkaar opereerden, voor twee branden die Danny F. niet
had gesticht. Een van deze verdachten kon worden aangehouden nadat?beelden van hem op YouTube waren verschenen.

Dilemma: Hoe te communiceren in een periode van?onzekerheid?
De brandstichtingen in Winschoten betekenden een lange periode van?onzekerheid. Terwijl de politie driftig op zoek was naar de dader(s),
nam de onrust onder de bevolking toe. Het bracht de overheid in?een communicatieve spagaat. De overheid kan de onrust trachten te?dempen, maar op enig moment zal de bevolking als repliek geven dat?dezelfde overheid vaart moet maken met een aanhouding. Het feit dat?het moeilijk is om daders van brandstichtingen op heterdaad te betrappen,?maakte de situatie extra moeilijk.

Bij een reeks incidenten die langere tijd aanhoudt ? de zogenoemde?seri?le incidenten ? zijn twee communicatiedoelstellingen leidend?(Van Hoek, 2011):

1 De communicatieactiviteiten moeten zijn gericht op aanvullende?opsporingsinformatie.

2 De communicatieactiviteiten moeten trachten gevoelens van onveiligheid?en maatschappelijke onrust te verminderen of voorkomen.

Deze doelstellingen kunnen soms met elkaar conflicteren. Meer communiceren?over een casus kan de onrust aanwakkeren, maar tegelijkertijd?de oplossing naderbij brengen. In situaties van langdurige onzekerheid?? zoals bij brandstichtingen ? verwachten inwoners van de?burgemeester, mede in het kader van zijn verantwoordelijkheid voor de?handhaving van de openbare orde en veiligheid, dat hij daarover communiceert.?De verantwoordelijkheid voor het strafrechtelijk onderzoek?ligt bij de officier van justitie. Dat impliceert dat het OM eindverantwoordelijk?is voor de opsporingscommunicatie. In de zogeheten driehoek,
het afstemmingsoverleg tussen OM, burgemeester en politie,?wordt de crisiscommunicatie van de betrokken partijen op elkaar afgestemd?en gekeken in hoeverre de communicatie door de gemeente het?strafrechtelijk onderzoek kan verstoren of bespoedigen. De gemeente?en het OM dienden met elkaars rollen, taken en bevoegdheden rekening?te houden in de communicatie.

Analyse
Opsporingscommunicatie
In eerste instantie werd de ambitie van het OM om de dader(s) te pakken?vertolkt door de gemeente. De gemeente vroeg burgers om goed uit?te kijken naar verdachte situaties en deze te melden. Zo stond in een?van de bewonersbrieven die de gemeente uitbracht:

?In het centrum van Winschoten zijn de laatste weken diverse branden?geweest, waarbij brandstichting niet wordt uitgesloten. Voor de?gemeente, justitie en de politie een reden om u hiervoor te waarschuwen?en u te vragen extra alert te zijn. (…) De politie stelt momenteel?een onderzoek in naar de dader of daders van deze branden.?Ook uw hulp kunnen wij goed gebruiken. (…) Uw melding geeft ons?inzicht op welke plekken en op welke tijdstippen de branden worden
gesticht. Hierdoor kan de politie gerichter onderzoek doen.?

De burgemeester trachtte aanvankelijk in de communicatie naar buiten?het woord pyromaan te vermijden, om de reeks van incidenten niet?meteen toe te schrijven aan ??n specifieke dader(groep). Zo hield hij?rekening?met de belangen van het OM. Alles wat aan inwoners werd?versteld, werd afgestemd in de driehoek, zodat leden van de driehoek?zich niet verrast voelden. ?Dit ging zelfs zo ver dat ik de inhoud van mijn?Twitterberichten met hen afstemde.? Maar hij merkte dat vermijden?van het woord pyromaan op enig moment onhoudbaar werd. ?Er waren?immers al wel vijftien panden in brand gestoken.? Het betekende dat?uiteindelijk werd meebewogen met de perceptie van de buitenwereld.?Als die rekening houdt met een pyromaan, dan is het verstandig om bij?die terminologie aan te sluiten. Zeker als het weinig schade berokkend?aan de doelstellingen van het OM.

Noodverordening
De ingestelde noodverordening gaf niet alleen de bevoegdheid aan de?politie om preventief te fouilleren, het onderstreepte ook ? communicatief?? dat het menens was. De overheid trok met het afkondigen van?een noodverordening een spreekwoordelijke streep. ?Tot hier en niet?verder.? Ondernemer Felix R?ben liet in het Algemeen Dagblad weten?dat hij blij was met de maatregel:

?Als je de foto?s van de branden bekijkt, dat is echt niet het werk?van iemand die even een lucifer naar binnen gooit. Het ziet er heel?heftig uit. Dit is voor Winschoten een angstige situatie. Het is een?goed idee om preventief te fouilleren en cameratoezicht in te stellen.?Veiligheid gaat wat mij betreft boven privacy. Voor iemand die er?niets mee te maken heeft, hoeft dat immers geen probleem te zijn.??

Copycat-effecten
Uit onderzoek van het COT en de Universiteit van Amsterdam blijkt?dat bij brandstichtingen en vandalisme de kans op kopieergedrag,?het zogenoemde copycat-fenomeen, groter is dan bij andere incidenten?zoals moord of zelfdoding. Er is bij brandstichtingen een gerede?kans dat anderen van de situatie gebruikmaken en, ge?nspireerd door?de brandstichtingen die al in het nieuws zijn geweest, ook branden?stichten.
In de communicatie is geen rekening gehouden met het gedrag van?copycats. Dit bleek achteraf ook niet nodig. 17 van de 21 branden zijn?door ??n verdachte bekend. De andere branden waren nog in onderzoek?bij de politie.

Procesinformatie
In situaties als deze waarbij het lang duurt voordat er een dader is?gevonden en vaak helemaal geen dader wordt gevonden, is alleen communiceren?bij nieuwe informatie niet de ideale manier. Na de veertiende?brand is er vaak niet meer te vertellen dan na de dertiende brand.?Daarom gaf de gemeente Winschoten relatief veel procesinformatie.?Zo?werd er gecommuniceerd over de genomen maatregelen en de manieren?waarop de overheid de dader(s) probeerde te achterhalen. In het?geval van Winschoten bevatten de vijf bewonersbrieven en de e-mail?aan de Burgernetdeelnemers vaak procesinformatie. Het volgende?citaat is kenmerkend:

?De gemeente Oldambt, justitie en politie nemen de situatie uiterst?serieus. Om de branden een halt toe te roepen, wordt het toezicht in?de wijk verhoogd en is bij de politie extra recherchecapaciteit ingezet?om het onderzoek naar mogelijke daders zorgvuldig te doen. De gemeente neemt diverse maatregelen. Zo worden eigenaren van?leegstaande panden in de Winschoter binnenstad gewezen op de?branden ? en wordt hen met klem gevraagd de noodzakelijke maatregelen
te treffen om hun panden af te dichten en passende maatregelen?te nemen teneinde brandstichting te voorkomen. Daarnaast?worden door de gemeente de mogelijkheden onderzocht om in de?binnenstad van Winschoten preventief cameratoezicht toe te passen.?

Door procesinformatie te geven werd begrip gecre?erd voor de lastige?positie van het OM, de politie en de burgemeester in deze situatie.?Instructies en brandpreventie?In geval van brandstichtingen is het bieden van een handelingsperspectief?aan inwoners belangrijk. In Winschoten konden burgers te?rade gaan bij de politiepost voor informatie, preventieve maatregelen?en advies over brandpreventie en rookmelders. In de informatie die via?bewonersbrieven werd gedeeld werd hier steevast naar verwezen.

Verminderen en/of voorkomen gevoelens van onveiligheid
Door te blijven communiceren trachtte de gemeente de onrust onder?inwoners te dempen en het signaal af te geven dat men achter de schermen
hard bezig was om de brandstichter(s) te pakken. Dat de branden?tot onrust leidden was voor de driehoek van meet af aan duidelijk,?mede door eerdere ervaringen in de regio Groningen. Zowel in ?t Zandt?(2007) als in Veendam (2010) vonden in korte tijd meerdere brandstichtingen?plaats. Burgemeester Smit had tijdens en na de brandstichtingen?veel contact met zijn collega burgemeesters van deze gemeenten?om gebruik te maken van hun ervaringen.
Niet alleen via brieven werd de bevolking ge?nformeerd over wat er?speelde, de burgemeester ging ook regelmatig de straat op om de inwoners?persoonlijk te spreken. Hij praatte met ondernemers en inwoners?en organiseerde bijeenkomsten. De burgemeester leefde mee met de?bevolking en deelde de hoop dat de dader snel gepakt zou worden.?Toen deze uiteindelijk werd opgepakt, was de ontlading in Winschoten?groot. Bij bekendmaking van het nieuws tijdens een portevenement?applaudisseerde het publiek spontaan.

Afronding
Bij de branden in Winschoten hebben het OM, politie en de gemeente?nauw samengewerkt. Op basis van het resultaat (aanhouding van de?verdachten en het stoppen van de branden) kan geconcludeerd worden?dat deze samenwerking goed heeft uitgepakt. De aanpak van de?brandstichtingen laat zien dat de gemeente een grote rol in de communicatie?op zich heeft genomen. Onder haar verantwoordelijkheid?zijn talloze communicatieactiviteiten ingezet in een lange periode van
onzekerheid. Van het plaatsen van een mobiele politie-unit en diverse?bewonersbrieven tot aan de inzet van Burgernet. Deze lessen van?Winschoten vormen daarmee een waardevolle aanvulling op de eerder?opgedane lessen uit Veendam en ?t Zandt.

Geschreven door: Roy Johannink, Rolie Tromp.?Voor dit stuk is dankbaar gebruikgemaakt van informatie die schriftelijk en?mondeling ter beschikking is gesteld door burgemeester Pieter Smit van de gemeente?Oldambt.?Bovenstaand stuk is ontleend uit ?Lessen uit crises en mini-crises 2012

In deze analyse is gebruikgemaakt van het Protocol voor de driehoek in de communicatie?over ernstige incidenten, 5 december 2011. Naar aanleiding van de vermissing en moord?op Milly Boele uit Dordrecht heeft de driehoek van politieregio Zuid-Holland Zuid twee?werkgroepen ingesteld die het proces rondom zorgwekkende vermissingen en de communicatie?bij incidenten met een grote maatschappelijke impact in kaart hebben gebracht.?Het Protocol staat vooral stil bij de sturende rol van een crisisteam. Als handvat voor de?communicatie wordt de drieslag opsporingsberichtgeving (instructies/schadebeperking),?persvoorlichting (informatievoorziening) en duiding gehanteerd.

De 26-jarige Danny F. en zijn vriendin Miranda F. (25) hebben bekend verantwoordelijk te zijn voor de reeks branden die Winschoten de afgelopen tijd teisterde. Het duo geeft toe 17 branden te hebben aangestoken.

De man, Danny Friderichs, woont in een studentenkamer in een woning in Winschoten die inmiddels door de politie is afgesloten. In een interview met RTV Noord vertelt de man?over de branden?en hoe hij ze zelf heeft geblust met een brandblusser.Ook op zijn Twitter-account zijn regelmatig verwijzingen naar de branden in Winschoten en brandblussers te vinden. Hij wisselde diverse tweets uit met de burgemeester van Winschoten.

@DannyFriderichs, Zijn profielfoto op Twitter is een rookworstje:

Bronnen:??Winschoten waakt, toch is het weer raak?, Algemeen Dagblad, 3 oktober 2012. ?Noodverordening uit angst voor pyromaan?, Algemeen Dagblad, 2 oktober 2012.