Tagarchief: nctv

Van digitaal kijken naar begrijpen en ingrijpen

NVCB2014

De vijfde editie van het Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing gaat in op maatschappelijk onrust. Afgelopen zomer werd duidelijk hoe zeer onze nationale veiligheid is verbonden met internationale ontwikkelingen en de internationale veiligheid. De ramp met de MH17, de oplaaiende oorlog in Gaza, de dreiging van ISIS en de uitbraak van Ebola: allemaal voorbeelden van transboundary crises: crises over de grens met, soms grote, nationale impact.

Maatschappelijke ontwrichting

Er zijn veel gebeurtenissen die tijdelijk of plaatselijk onrust veroorzaken, maar wanneer raakt dat onze nationale veiligheid? Bij sommige van bovenstaande voorbeelden is dat duidelijk, maar hoe schat je het verloop van de onrust binnen onze samenleving naar maatschappelijke ontwrichting in? Welke factoren spelen een rol en welke indicatoren zijn er? En welke rol spelen sociale media bij het vertalen van de gevoelens van individuen naar mogelijke actie door velen? En leidt aandacht, bijvoorbeeld voor jihadisme of ISIS, per definitie tot maatschappelijke onrust over de toegenomen dreiging? Op dit soort vragen wordt in het nieuwste Magazine nationale veiligheid en crisisbeheersing ingegaan.

Van digitaal kijken naar begrijpen en ingrijpen

kijken

Figuur: om slim te kunnen zenden, vragen of interacteren op social media is slim kijken cruciaal

De kracht van social media is in de afgelopen paar jaar explosief?toegenomen terwijl we het nog maar nauwelijks effectief (kunnen)?gebruiken in onze aanpak om misstanden en onrust te voorkomen.
Aanhang voor ISIS wordt gerekruteerd, amateurs speuren mee bij de?Boston Marathon en de MH17, en natuurlijk Project X waarmee het?allemaal begon. Wouter Jong, adviseur bij het Genootschap van?Burgemeesters, noemde Project X Haren destijds treffend een ?Perfect?Storm?: een samenloop van omstandigheden waarin diverse zaken?achtereenvolgens misgingen. Het was in ieder geval een goede?wake-up call als inkijkje op enkele invloeden van social media.

Veiligheidsdiensten hebben zich sindsdien moeten aanpassen aan?een nieuwe werkelijkheid waarin de digitale wereld direct impact?heeft op de werkelijke wereld. Waarin social media soms zelfs?dominant zijn in het cre?ren van een (on)werkelijke situatie. Toch?blijft het beeld bestaan dat de kracht van social media nog te vaak?over- of onderschat wordt. Want was het afzetten van de stad?Arnhem na een nieuwe Project X dreiging echt nodig? Of het sluiten van de scholen in Leiden na een klein berichtje op 4Chan waar per?dag 1 miljard grappen gemaakt worden? En worden de social media?strategie?n van de Islamitische Staat (IS) echt op waarde geschat??We letten nu online wel meer op, maar snappen we werkelijk wat?we zien? Een effectieve aanpak, in zowel de echte als virtuele?wereld, is alleen mogelijk door dit nieuwe krachtenveld goed te?begrijpen.

4chanthreat

Effecten op sociale onrust
De kennispublicatie van Politie & Wetenschap ?Sociale media:?factor van invloed op onrustsituaties?? (2013) beschrijft een aantal?incidenten waaruit blijkt dat de impact van social media op
veiligheidsprocessen en sociale onrust buitenproportioneel groot?kan zijn. Een incident klein houden is bijna niet meer te doen en?grotere incidenten leiden al snel tot (inter)nationale bemoeienis en
rumoer dat vooral aanhoudt als ethische of complexe dilemma?s?een rol spelen.

Denk bijvoorbeeld aan de onrust die online en in de echte wereld?werd veroorzaakt na de overval in Deurne, gekoppeld aan de?discussie over zowel het noodweer van de eigenaresse van de?juwelierszaak als de jongere daders, kort na de anti-Marokkanenuitspraak?van Geert Wilders. Denk aan de ?kopschoppers van?Eindhoven? met het debat dat loskwam over het door justitie
prijsgeven van de volledige beelden en het risico op eigenrichting.?En zelfs de gestrande potvis ?onze Johannes? gaf landelijk maatschappelijke?commotie, iets dat we vaker zien bij dierenleed, zoals
ook in het geval van de ponypletter of de recente jacht op de?paardenmishandelaar. En wat te denken van sociale onrust in?kleinere kringen, zoals seksueel getinte foto?s en video?s die?schoolkinderen digitaal verspreiden. Met slechts een druk op de?knop zijn sexting foto?s of filmpjes onder een grote groep verspreid.?Slachtoffers en hun omgeving, maar ook politie en justitie weten?zich nog slecht raad met deze nieuwe en extreme vormen van?pesten, smaad of laster.

leiden scholen

Consumeren wordt coproduceren
De herdenking van 9/11 herinnert er aan hoe de live televisiebeelden?ons destijds raakten. Vandaag de dag spelen social media een veel?ingrijpender rol dan de televisie destijds deed. Het medium is
ongefilterd, genetwerkt en interactief, waardoor je altijd wel?iemand kent die betrokken is en voor je het weet word je erin?gezogen. Je bent geen passieve lezer van het nieuws meer, maar?doet mee. De protesten over de doodgeschoten Michael Brown in?Ferguson brachten wereldwijd rassenstrijd en politiegeweld tegen?burgers onder de aandacht. Deze voorbeelden laten een ongekend?volume en snelheid zien, maar zorgen door de ongezouten en soms?heftige beelden ook voor veel maatschappelijke onrust: Twitter??ontploft? en ook traditionele media buitelen over elkaar heen met?diverse gezichtspunten, in de strijd om de beste ?scoop?. De effecten?zien we in de werkelijke wereld: demonstraties en tegendemonstraties,?groepen die elkaar opzoeken, ramptoeristen die voor hinder?kunnen zorgen en bovendien als een katalysator kunnen werken?voor (social) media berichtgeving. En daarmee komt de cyclus pas?echt op gang…

De onrust ontstaat omdat het vaak actuele maatschappelijke?thema?s betreft waar diverse groepen in de samenleving verschillende?meningen over hebben, waarin de grenzen van ethiek,?wetgeving of procedures onduidelijk zijn. Een maatschappelijk?debat waarvan het goed is dat het gevoerd wordt, maar dat wel?gevoerd wordt in het heetst van de strijd: waar de politie, het OM en?de rechter nog in moeten handelen terwijl er in de politiek al?Kamervragen gesteld worden. Confrontaties met de gevestigde orde?worden opgenomen en direct online gedeeld om een eigen verhaal?te vertellen. En het acht uur journaal komt diezelfde avond eigenlijk?met ?oud? nieuws.

Slim kijken, slim duiden
Social media bieden een thermometer voor het sentiment in de?samenleving: is het druk, rustig, hoe is de sfeer, is er onrust, zijn er?geruchten? Door slim te kijken en professionals te laten duiden wat
er op social media gebeurt, kan sociale onrust in een vroeg stadium?gesignaleerd worden. Professionals slagen er steeds beter in feiten?van fictie te onderscheiden, maar het is een rat race. Zowel onschuldige?tieners als internet trollen, raddraaiers en extremistische?groeperingen, ja zelfs hele regimes, is er alles aan gelegen om ?hun??verhaal kracht bij te zetten. Project X Haren toonde niet alleen de?kracht van social media in het mobiliseren van mensen, maar ook?het effect van zorgvuldig geplande ?geruchten? werd pijnlijk?duidelijk. Het bewust verzonnen bericht over een meisje dat
zogenaamd was doodgedrukt leidde tot veel onrust en druk op de hulpdiensten. En hoe scheid je kaf van koren bij bijvoorbeeld de duizenden online doodsbedreigingen per dag, waarvan er misschien maar ??n serieus is?

begrijpen

Digigeren: slim ingrijpen
Wat kunnen politie en justitie doen bij digitale onrust? ?Digitale?daden? zijn doorgaans in een fractie van een seconde gepleegd,?bijvoorbeeld een aanstootgevende foto delen, een Project X?uitnodiging ?liken?, een hoax onbewust doorsturen. De relatief kleine?handeling maakt grote politie-inzet gevoelsmatig buitenproportioneel.?Daarnaast maakt het grote aantal (vaak onbedoelde) overtredingen
het onmogelijk voor politie en justitie om alle overtreders?op te sporen en te vervolgen. Bovendien leidde grote politie-inzet?bij ?veroorzakers? van sociale onrust al meermaals tot maatschappelijke
discussie, maar niks doen ook. Voorstanders van ?vervolgen??juichen politie-inzet toe: ?Afzenders van digitale doodsbedreigingen?moet een halt toegeroepen worden?. Tegenstanders willen dat
politie-inzet wordt gericht op substanti?le bedreigingen: ?Die tiener?zou die doodsbedreiging nooit uitvoeren?. Beide sterke argumenten,?wat de discussie alleen maar lastiger maakt. Deze maatschappelijke?discussie toont het gebrek aan betekenisvolle en acceptabele?manieren om in te grijpen.

begrijpen2

Maatschappelijke onrust kan sneller gedetecteerd worden via social?media en veiligheidsdiensten kunnen daarop anticiperen door?sneller en gerichter personeel aan te sturen. Het is zelfs mogelijk
om ook online al te interveni?ren en mensen waar nodig effectief?aan te spreken op hun gedrag. Dit noemen we ?digigeren?: een?interventiemethode die gebruik maakt van psychologische
principes van gedragsbe?nvloeding. Denk hierbij bijvoorbeeld aan?het digitale equivalent van iemand op straat in de ogen kijken (ik?heb je gezien, we houden je in de gaten), zoals het favoriten van een
tweet. Dit is nog niet gemakkelijk, zo blijkt uit digitale interventies?gericht op het tegengaan van gebruik van illegaal vuurwerk. In?KRO?s Reporter uitzending van 2 januari 2014 is te zien dat de
jongeren juist trots zijn als de politie online ingrijpt: ?De politie?heeft mijn vuurwerk als gevaarlijk betiteld!? Digigeren beoogt?diverse instanties van een effectieve toolset te voorzien voor digitaal
ingrijpen. Niet ingrijpen bij (dreigende) maatschappelijke onrust is?immers geen optie, net zomin als een buitenproportionele inzet.?Digigeren als een slimme en nieuwe methode om via social media
de onrust te mitigeren: niet slechts door het zenden van informatie,?maar vooral door slim te luisteren en vervolgens de digitale dialoog?(gericht) aan te gaan met betrokkenen en waar nodig actie
ondernemen in de fysieke wereld. Dit maakt het mogelijk de?discussie te be?nvloeden om zo maatschappelijke onrust te temperen.

digigeren1

Social Media censuur als antwoord op terrorisme?

In het meest recente magazine nationale veiligheid en crisisbeheersing schrijft Mirko Tobias Sch?fer over ‘het onzinnige sociale mediabeleid in de integrale aanpak van Jijadisme’. Mirko is universitair docent op de universiteit van Utrecht, Instituut Media en Cultuurwetenschap en medeoprichter en directeur van de Utrecht Data School. Hij doet onderzoek naar de impact van sociale media op burgerparticipatie, politiek en democratie. In 2011 is zijn boek ?Bastard Culture! How User Participation Transforms Cultural Production? verschenen bij Amsterdam University Press. Hieronder?zijn stuk en de reactie van de NCTV daarop:

censored

Sinds de zogenaamde Arabische Lente staan sociale media bekend?als instrumenten voor politiek activisme en massamobilisatie.?Na de rellen in Haren omtrent Project X hadden sociale media in de ogen van politie en openbaar bestuur hun onschuld verloren.?Tweets die vergelijkbare evenementen in Hoorn, Amsterdam of?Arnhem aankondigden, leidden toen tot wanhopige en overhaaste?reacties van de kant van de politie en overheid. De reacties waren?op zijn zachtst gezegd g?nant (Hoorn). In het ergste geval waren?ze een inbreuk op de burgerrechten (Arnhem). De aanwezigheid van terroristische groepen op sociale media leidt nu tot vragen?over de noodzakelijkheid van een verscherpt beleid en de expliciete?oproep tot censuur.

In het Actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme wordt voorgesteld?om propaganda op sociale media te bestrijden. De auteurs?vestigen hoop op een ?notice and take down? procedure waarbij ze zich baseren op het wetsvoorstel computercriminaliteit III. Het is?hierbij de bedoeling dat een team van de Nationale Politie haatzaaiende?(jihadistische) content verwijdert. Het actieprogramma verwijst naar een ?vrijwillige gedragscode? die internetbedrijven?moet stimuleren om ?radicaliserende, haatzaaiende, jihadistische?content? te verwijderen. Het gebruik van het woord ?vrijwillig? in verband met de gedragscode is dubieus, wat blijkt uit het vervolg?van de tekst: “bedrijven die aan deze gedragscode tekortkomen,?zullen worden gedwongen om twijfelachtige content te verwijderen door de toepassing van verschillende bestaande of nog te cre?ren?wetten”.

De voorgestelde aanpak is op verschillende punten zorgwekkend.?Hij laat zien dat er een schrikbarend gebrek heerst aan kennis bij?politici en bestuurders wat betreft internettechnologie en het?gebruik daarvan.

Het is het niet verwonderlijk dat iedereen gebruik maakt van de?goedkope communicatiekanalen van sociale media. Ook terroristische?groeperingen zijn geen uitzondering op de regel. Vrijwel alle?partijen die een rol spelen in het conflict in het Midden-Oosten zijn?te vinden op sociale media. Ook andere media worden ten behoeve?van propaganda ingezet: het Amerikaanse leger maakt bijvoorbeeld gebruik van de online-game America?s Army om op een speelse manier soldaten te werven. Hezbollah tracht de moraal van haar jonge achterban te bevorderen door de computer game Special Force, en de Islamitische Staat haalde onlangs het nieuws met een gemodificeerde versie van Grand Theft Auto die zij voor propagandadoeleinden gebruiken.

gta ISIS

Tevens verspreiden niet alleen jihadisten hun haatzaaiende berichten via internet; ook de racistische Stormfront, de Ku Klux Klan, diverse linksradicale groeperingen, nationalisten en chauvinisten van elke etnische minderheid en nationaliteit verspreiden hun radicale opvattingen via dezelfde kanalen. Op websites zoals 4chan is een oneindige stroom aan vernederende, haatzaaiende en politiek meer dan incorrecte uitingen te vinden. Moet deze content niet ook allemaal gecensureerd worden? Een les die te leren valt uit het proces tegen politicus Geert Wilders is dat het niet makkelijk is om te bepalen wat haatzaaiende content is. Maar als het actieplan omgezet wordt, zal deze definitie in toekomst zonder tussenkomst van een rechter in handen van de politie zijn.

Het actieplan suggereert dat jihadistische content doelgericht verwijderd kan worden. Er wordt echter met de internationale dimensies van deze klus ? de verschillende regelgevingen van de landen waar de content uiteindelijk ligt opgeslagen ? geen rekening gehouden.

Hoewel de auteurs benadrukken dat het actieplan ondersteuning?moet bieden voor een actieve maatschappij waarin diverse?stemmen gehoor krijgen, wordt er geen enkele moeite gedaan om?elke burger het recht op vrije meningsuiting te garanderen. Er wordt?met geen enkel woord benoemd, wie de procedure van censuur ? en?dit is waar het verwijderen van content op neerkomt ? zou moeten?controleren. Tevens wordt niet duidelijk welke criteria voor het?censureren gehanteerd zullen worden of hoe de censuur gedocumenteerd?zal worden. Is het de bedoeling dat een politieagent zelfstandig de opdracht geeft om content te verwijderen zoals dat?nu in Turkije het geval is?

De affaire omtrent de samenwerking van de AIVD met buitenlandse?diensten heeft duidelijk laten zien dat onze gekozen volksvertegenwoordigers,?die de controle over dergelijke procedures zouden moeten uitoefenen, hooguit een symbolische functie hebben. Ze?bleken zelfs uitermate slecht over de gang van zaken ge?nformeerd.?Is het in dit licht verstandig om het verwijderen van willekeurige content onder het mom van terrorismebestrijding ongecontroleerd?over te dragen aan de executieve? Zonder enige juridische of?parlementaire controle? Het zal een kwestie van tijd zijn voordat copyright-houders, politici of bedrijven druk uitoefenen om?ongewenste content zonder tussenkomst van een rechter te laten?verwijderen.

Met een censuur van het internet plaatsen we ons land in hetzelfde?schuitje met landen zoals Turkije, Wit-Rusland, Rusland, China,?Egypte en talloze andere landen. Deze landen staan terecht elk jaar opnieuw op de lijst van de onderdrukkers van het internet en de vrije meningsuiting. Censuur blijkt echter vooral de civiele maatschappij te onderdrukken, in plaats van dat deze maatregel terroristen effici?nt in het nastreven van hun doelen belemmert.

Het actieplan suggereert dat door het verwijderen van haatzaaiende content de radicalisering van internetgebruikers tegengehouden zou kunnen worden. Deze suggestie geeft blijk van een incorrect begrip van media-effecten. Radicalisering is nooit het effect van het?lezen van twijfelachtige content hetzij op online media of in de printmedia. De Britse cultuurtheoreticus Stuart Hall ontkrachte dit idee al in de jaren ?70 van de vorige eeuw op basis van zijn beroemde encoding-decoding-model. Politieke opvattingen formeren zich als gevolg van de individuele situatie en de sociale context van een individu.

Ook om andere redenen is een extreme en nauwelijks gecontroleerde?censuur van sociale media een volledig ineffectief middel. Aan de?ene kant worden alle activiteiten in de context van sociale media al?nauwkeurig gecontroleerd door de platformaanbieder zelf. Verder?zijn deze activiteiten openbaar toegankelijk voor analyse door social?media monitoring, welke niet alleen door marketingbedrijven maar?ook door politie en AIVD toegepast wordt. Een censuur zal voor deze?diensten echter betekenen dat waardevolle informatie verloren gaat.

Aan de andere kant betekent de censuur van bepaalde online media?niet dat de communicatiestromen zullen afbreken. Terroristische?groeperingen zullen andere, wellicht minder goed te monitoren platformen vinden om hun opvattingen te verspreiden. Internet?Relay Chat of het TOR-netwerk zijn slechts twee voorbeelden van?media die moeilijker te traceren communicatievormen voor?gebruikers aanbieden. Er kan voorondersteld worden dat veel?bestuurders niet eens weten hoe deze software te vinden, te?installeren en te gebruiken is. Volgens onderzoek van het Oxford?Internet Institute gebruiken in Nederland dagelijks tussen de?100.000 en 200.000 mensen het TOR-netwerk. Sociale media?en het door Google te doorzoeken web stellen maar een kleine?percentage van het internet voor.

Tor_Hexagons

Wat echter wel een oplossing kan bieden, is de inzet van goed?ge?nformeerde en meertalige rechercheurs met kennis van?interculturele aspecten. Tegenwoordig doorzoekt al een aantal?rechercheurs openbaar toegankelijke bronnen online om strafbare?handelingen op te sporen. De afdelingen binnen de politie die zich?met deze waardevolle taak bezighouden, verdienen de steun van de?politiek en de waakzame toezicht van de rechterlijke macht. De?censuur van sociale media is slechts symboolpolitiek en bovendien?gevaarlijker voor de democratische samenleving dan de haatzaaiende?content die op sociale media te vinden is.


De reactie van het NCTV, programmadirectie Contraterrorisme, ten aanzien van de bestrijding van jihadistische content online:

Internationaal ? en in Nederland ? spelen het internet en?sociale media een belangrijke rol bij jihadistische radicalisering.?De jihadistische content biedt een platform om de?gewelddadige jihadistische ideologie te verspreiden en?draagt bij aan verdere radicalisering en het binnen halen van?nieuwe aanwas. Zoals geconcludeerd door de AIVD in zijn?rapport Transformatie van het jihadisme in Nederland hebben?sociale media de jihadistische beweging in Nederland?gestimuleerd. Waar voorheen propaganda verticaal?verspreid werd via vrij ontoegankelijke webfora (van?enkelen naar velen), gebeurt dit nu op horizontale wijze (van?velen naar velen). Dit heeft de professionalisering van?vervaardigers en verspreiders doen toenemen, waardoor de?propaganda een groter bereik en meer impact heeft.?Hierdoor is de jihadistische boodschap toegankelijker en?makkelijker te verspreiden. Het internet en sociale media?spelen daarmee een belangrijke rol bij jihadistische?radicalisering. Er zijn websites en sociale mediakanalen die?Nederlandstalige jihadistische propaganda verspreiden, de?strijd verheerlijken en oproepen tot jihadgang. Het is?onacceptabel dat terroristische organisaties propaganda?vrijelijk verspreiden via onder andere Nederlandse?websites en social media. Ook tegen uitingsdelicten online?dient opgetreden te worden.

Onderdeel van het actieprogramma Integrale Aanpak?Jihadisme is de bestrijding van online jihadistische propaganda?met als doel het reduceren van de impact, hoeveelheid?en toegankelijkheid van jihadistische propaganda.?Hiervoor wordt ingezet op samenwerking met sociale media?bedrijven en Internet Service Providers, hosting partijen etc.?die de door hun aangeboden internetdiensten misbruikt zien?worden voor jihadistische doeleinden. De NCTV is in gesprek?met sociale media bedrijven, internet service providers en?hosting partijen over de wijze waarop zij, binnen hun?bestaande (juridische) mogelijkheden, kunnen bijdragen aan?het bestrijden van de online jihadistische content. De NCTV?ervaart deze gesprekken als zeer constructief. Sociale media?bedrijven kennen en erkennen het probleem en ook internet?service providers en hosting partijen denken mee over het?verbeteren van bestaande (juridische) procedures.

Opening academisch jaar Ad de Jonge Centrum voor Inlichtingen- en Veiligheidsstudies

social_networking_services

Altijd al willen weten wat de invloed is van sociale media op inlichtingen? En hoe deze ook door potenti?le opponenten worden ingezet om hun doelen te verwezenlijken?

Op woensdag 17 september opende het Ad de Jonge Centrum voor Inlichtingen- en Veiligheidsstudies het academisch jaar met een openbaar hoorcollege, waarin deze vragen worden beantwoord.

Arnout de Vries (TNO), Paul Ducheine (UvA) en een beleidsadviseur van het Korps Nationale Politie (KNP) zullen ingaan op de verschillende aspecten van het gebruik van social media in inlichtingen. Na de presentaties worden de verschillende vakken uit de minor Inlichtingenstudies van het Ad de Jonge Centrum kort gepresenteerd en is er ruimte om met elkaar in gesprek te gaan tijdens een borrel.

Het programma was als volgt:

17:00-17:05 Introductie contra-Socmint door Willemijn Aerdts (Ad de Jonge Centrum)
17:05-17:35 Arnout de Vries (TNO)
17:35-18:05 Paul Ducheine (UvA)
18:05-18:35 Beleidsadviseur Korps Nationale Politie (KNP)
18:35-19:00 Giliam de Valk (Ad de Jonge Centrum)
19:00-19:15 Pauze
19:15-20:00 Toelichting keuzemodules door de docenten
20:00-21:00 Borrel en minormarkt

Hieronder vind je de presentatie die Arnout de Vries van TNO gaf:

Bronnen: Ad De Jonge Centrum

Kunnen social media ons in veiligheid brengen?

NSS2014_main_534_267_s_c1_smart_scale (1)

Door: ? 02 juli 2014 ?@DeboraLaaf

Wat komt er kijken bij de online communicatie van een groot evenement? Hoe kan Twitter je helpen bij het managen van een crisis en onze veiligheid? Zomaar even twee vragen die de revue passeerden tijdens de afgelopen social media club Den Haag (SMC070)-avond. Een kijkje in de online socialmediakeuken van grote events en andere spectaculaire gebeurtenissen. Een uitgebreid verslag.

Nuclear Security Summit

2 dagen. 4 organisaties. 53 landen. 58 wereldleiders. 2000 medewerkers. 3000 journalisten. 5000 delegaties. 1 onderwerp: nucleaire veiligheid.

Het duizelt cijfers als Tanja Jans met haar presentatie?begint over het grootste evenement dat Nederland dit jaar organiseerde: de Nuclear Security Summit 2014. In een duizelingwekkende snelheid leidt ze de bezoekers van de smc070-avond enthousiast langs alle online communicatie tijdens deze wereldtop, afgelopen maart.

Gefaseerde aanpak
Zo?n groots evenement kan natuurlijk niet zonder plan. Tanja vertelt hoe de communicatie systematisch vanuit vier fases is ingericht.

Deze aanpak was de leidraad voor alle online communicatiemiddelen die tijdens de Top zijn ingezet.
?Website?kan natuurlijk niet down gaan?
De website kende ook verschillende fases.

  1. Een fase voorafgaand aan het event. De website werd, naarmate het event dichterbij kwam, uitgebreid. Tijdens deze fase was de site vooral bedoeld om informatie te geven over wat de summit inhield. Bezoekers die kwamen voor bijvoorbeeld informatie over de mogelijke consequenties voor omwonenden, werden omgeleid naar de site van de gemeente Den Haag. De drie kernboodschappen van de NSS waren altijd op de homepage zichtbaar. Te weten: 1)?het verminderen van gevaarlijk nucleair materiaal in de wereld, 2) het verbeteren van de veiligheid van alle nucleaire materialen en radioactieve bronnen en 3) het verbeteren van de internationale samenwerking. Tanja: “We hebben heel bewust gekozen voor een drieslag. En niet een vierslag. Dit omdat je een drieslag beter kunt onthouden en oplepelen. Juist doordat iedereen de drie boodschappen kan dromen, is de communicatie heel consistent en wordt die letterlijk overgenomen.”
  2. In de fase tijdens de NSS was de website vooral gericht op de vraag: wat gebeurt er nu eigenlijk? Levendige content met een?livestream maakte dat mensen een beeld kregen van wat er allemaal gebeurde.
  3. De derde fase is die na het evenement en?de huidige site zoals je die nu nog kunt vinden. Deze fase is bedoeld als archief tot dat er een nieuwe summit in 2016 gehouden is.

De uitdaging bij het opzetten van de site was vooral de beveiliging. De site van zo?n wereldtop, met zo?n onderwerp, kan natuurlijk niet ?down? gaan. “Dat was soms wel wringen”, vertelt Tanja. “Want collega?s van ?cyber security?zeggen: ‘Alles wat online is, kun je hacken’. Dus zij gaan uit van de meest haalbare beveiliging. Maar dat is niet altijd het meest werkbare. Je kunt wel een site bouwen, maar daarmee staat die nog niet. Je moet informatie via het CMS-systeem kunnen toevoegen.”

App voor deelnemers en journalisten
Naast de website wilde de organisatie ook de deelnemers zo goed mogelijk informeren, zowel de delegaties als de journalisten. Daarom ontwikkelden ze een app die als het ware fungeerde als een realtime digitaal programmaboekje. Met push-berichten, een smoelenboek en perspools werden deelnemers en journalisten op de hoogte gehouden.

Tanja: “Los van dat het een innovatieve en duurzame manier was, had het ook nog een ander bijkomstig voordeel. Je was altijd up-to-date. Als er een delegatie gewijzigd werd, konden we dat realtime aanpassen en?hoefden we niet duizend programmaboekjes door de shredder te vernietigen.”

Joli(n)ge tweet
Voorafgaand en tijdens de wereldtop werd Twitter ingezet. Daarbij was de Engelse taal het uitgangspunt, maar werden er ook Nederlandse berichten geplaatst. Veelal met een link naar meer informatie of een foto.

Twitter was voornamelijk het kanaal waarop inhoudelijk met stakeholders werd gecommuniceerd. Tenminste, dat was het streven van Tanja en de organisatie. De meest gelezen NSS2014-tweet bleek echter alles behalve inhoudelijk te zijn:

De organisatie heeft bewust geen promoted tweets ingezet. Het is vooral een kanaal geweest dat op inhoud volgers trok. Uiteindelijk is de wereldtop door 13,5 duizend volgers op Twitter gevolgd.

De belangrijkste uitdaging was de snelheid waarmee het twitterkanaal werd ingezet. Door de inhoudelijkheid was afstemming noodzakelijk. “In het begin moest er nog wat snelheid in afstemming ontwikkeld worden. Directe afstemmingslijntjes hielpen daarbij uiteindelijk heel goed.”
Paardenstaartjes in NSS-kleuren op Facebook waren op het randje
Naast Twitter heeft de organisatie van de NSS2014 ook Facebook ingezet. Dit kanaal had ? anders dan Twitter ? een minder inhoudelijke component. De Facebook-pagina was meer gericht op de organisatie achter de wereldtop. Zeg maar: behind the scenes. Bedoeld om vooral de organisatie een gezicht te geven en zo draagvlak te cre?ren onder de Nederlandse bevolking.

Ook dit was inhoudelijk nog best wel zoeken. Want?wat is leuk als informatie ?behind the scenes? en wat niet? “Zo plaatste ik een foto van mijn collega die met paardenstaartjes in NSS-kleuren op kantoor kwam op Facebook. Ik vond dat leuk om te laten zien”, aldus Tanja. “Maar een andere communicatiepartner had daar toch andere gedachten bij. Dat is een spel waar je elkaar zoekt en vindt en uiteindelijk wel uitkomt.”

Op Facebook was alle content Nederlandstalig en laagdrempelig. Wat komt er allemaal kijken bij zo?n wereldtop, die vraag?stond centraal. 80 procent van alle posts op Facebook bevatte dan ook een foto of een video. “Vanaf maart hebben we wel geadverteerd. Dit omdat je bij Facebook een eerste basis van vrienden moet hebben om het daarna door likes en comments organisch te laten groeien.” aldus Jans. “Dit had wel als nadeel dat we meer negatieve reacties kregen.”

Hier had de organisatie een strakke aanpak voor. Negatieve geluiden mogen geplaatst worden, maar niet honderd keer dezelfde. Tanja: “Zodra er meerdere negatieve reacties kwamen van dezelfde persoon met hetzelfde bericht, heb ik een e-mail gestuurd en alle dubbele posts weggehaald. Over het algemeen werkte dit goed. Een keer bleven er negatieve reacties komen van een en dezelfde persoon. Daar zei ik op een gegeven moment tegen: ‘Joh, zullen we even bellen?’ Na het telefoongesprek was het over.?

Ronkende filmpjes en schattige statements
Video werd ook veelvuldig ingezet. Het kende eigenlijk drie inhoudelijke aspecten van de summit. De uitlegvideo?s, de informatievideo?s en de statementvideo?s van de delegaties.

Dat laatste was vooral bedoeld om de top zelf zo interactief mogelijk te houden. Normaal wordt zo?n summit vooral in beslag genomen door het voorlezen van verschillende statements van alle deelnemende wereldleiders. De summit moest vooral interactief worden. Praten over het voorkomen van nucleaire aanvallen. Door de statements vooraf door de delegaties te laten opsturen, was daar meer ruimte voor. Per land is daar verschillend op gereageerd. De Amerikanen maakten (natuurlijk) een ronkend filmpje, terwijl bijvoorbeeld Nigeria het heel braaf hield bij het voorlezen van het statement op camera.

De Amerikaanse statement-video?

Beeld
Naast video werd er ook veel beeld ingezet. De organisatie richtte een speciale NSS2014Flickr-pagina?in waarop alle foto?s rechtenvrij ? en soms ook in hoge resolutie ? zichtbaar waren. Ook?werd deze ge?mbed?in de site.


Samenwerking en voorbereiding
Al met al was het een enorm project. Waarbij onderlinge samenwerking tussen de NSS2014-organisatie, RVD, Rijksoverheid en de gemeente Den Haag cruciaal was. In die samenwerking is vooraf maanden ge?nvesteerd. Die investering betaalde zich tijdens het event uit in een soepel lopende communicatie.

Daarnaast was de cruciale factor voorbereiding, voorbereiding en nog eens voorbereiding. Met een gedetailleerd draaiboek is de wereldtop op social media geleid, wat er onder andere voor zorgde dat de wereldtop top was.

Twitcident: sociale veiligheid met social media
Waar Tanja vooral inging op de communicatie bij een groot event, zoals de NSS2014, ging?Richard Stronkman van Twitcident vooral in op de monitoring van social media tijdens events of incidenten.?Zijn verhaal begint met een filmpje.

Social media hebben de kracht om informatie snel te verspreiden. Zover ‘geen nieuws’.?Met name tijdens incidenten gaat dat ultiem snel. Ook dat is ‘geen nieuws’.

Twitcident is een social media intelligence platform dat ontworpen is om informatie op social media te filteren en waarschuwingen af te geven. En zo incidenten te managen. Het probeert als het ware de ?human senses? van alles en iedereen op social media om te zetten in nuttige informatie voor veiligheid en andere maatregelingen voor de openbare orde. Oftewel: ‘geen nieuws’ weet Twitcident te scheiden van ‘echt nieuws’.

Veel organisaties staan voor de uitdaging om de enorme hoeveelheid informatie op social media tijdens evenementen of incidenten te filteren. Daarnaast verschilt het taalgebruik op social media met het taalgebruik van organisaties. Twitcident probeert dat probleem op te lossen. Dat doen ze samen met een aantal onderzoekers van TNO en TU Delft.

“We werken als het ware als een olieraffinaderij. Enerzijds gaat er heel veel socialmedia-inhoud in de socialmediaraffinaderij en daar proberen we er ?actionable insights? uit te krijgen. Inzichten die relevant zijn voor de dagelijkse operatie en veiligheid tijdens grote incidenten”, aldus Richard.

Langs allerlei aansprekende voorbeelden licht Richard Stronkman Twitcident toe. Hij begint bij voorbeelden uit de tijd dat Twitident nog niet bestond.

Events uit het pre-Twitcedent-tijdperk
Het begon allemaal in 2011 toen Pukkelpop werd getroffen door noodweer en er doden vielen. “Hadden we dat niet via social media zien aankomen?”, vroeg Stronkman zich af. “Zaten er signalen in de socialmediastroom die we hadden kunnen oppakken?”

Een inhoudelijke analyse liet zien dat men wel over het weer praatte. Op verschillende locaties. Ook liet analyse zien dat de intensiteit op bepaalde locaties in korte tijd toenam. Onder andere in de omgeving van Pukkelpop. De oprichter van Twitcedent: “Als we toentertijd al alle socialmediadata hadden geanalyseerd, zoals we dat nu kunnen, had de organisatie van Pukkelpop waarschijnlijk niet het advies gegeven om iedereen in tenten te laten schuilen, maar hadden we de aanpak van afgelopen Pinkpop gehanteerd en mensen op het veld laten zitten.”

Een ander voorbeeld uit het pre-Twitcident-tijdperk is het befaamde incident uit het Groningse?Haren,?Project X. In alle chaos werd er getwitterd dat er een meisje was doodgedrukt. Dit werd in no time als nieuwsfeit geretweet. Voordat men het wist, domineerde de ? achteraf bezien niet serieuze tweet ? een tijd lang het socialmediaverkeer, waardoor het gerucht een eigen leven ging leiden en de aandacht niet uitging naar andere signalen op social media die relevant waren om de veiligheid in Haren weer enigszins terug te brengen.

Troonswisseling
30 april 2013. Een half miljoen socialmediaberichten per uur. Hoe ga je daar de relevante berichten uithalen als het gaat om veiligheid?

Tijdens de Troonswisseling is er wel gebruikgemaakt van Twitcident.?Niet alle berichten zijn belangrijk. Door een geavanceerd algoritme op alle socialmediaberichten, gecombineerd met gps-informatie van politie in de stad, kon de politie in de crowd control-kamer precies zien waar mensen nog normaal door de straten konden lopen en waar niet meer. “Zo konden we de veiligheid en doorstroom goed beheersen.”

Het is moeilijk te zeggen wanneer iets op social media opeens duidt op een incident. E?n tweet van iemand met?”Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk” is niet interessant,?10 mensen die tweeten “Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk”?mogelijk wel.

De socialmediaraffinaderij van Twitcident is heel complex. De kunst zit hem in het filteren van alle ruis. Een tweet met #Brand kan gaan over ?vuur?, maar ook over ?bier?. Het gaat om het observeren van een periode en de hoeveelheid socialmediaberichten op basis van locatie en mogelijke risico?s. De kunst zit in zo snel mogelijk bij het oorspronkelijke bericht te komen, zodat je kunt ingrijpen.

Rotterdams carnaval bleef een feest
Een voorbeeld waar Twitcident zijn ook meerwaarde toonde, was tijdens het Rotterdamse carnaval. Er was sensatie. Iemand had getwitterd dat er een man rondliep op het Beursplein met messen. Door het vroeg detecteren van de tweets en retweets, kon de politie ter plaatse een seintje krijgen. Die ging vervolgens een kijkje nemen en maakte een foto van het plein waar de man met messen zogenaamd stond. Dus niet. Deze foto werd direct geplaatst en het gerucht was met dezelfde snelheid weer weg.

Toch een veilig idee dat social media ons in veiligheid kunnen brengen ? Niet?!

Ik merk dat het een lang verhaal is geworden. Top dat je dit dan ook nog leest. Maar met z??n boeiende @smc070-avond wilde ik jullie zo min mogelijk onthouden. Tot een volgende keer!

Bronnen: Marketing Facts

Digitale verstoring van de openbare orde

Op woensdagmiddag 16 april 2014 organiseerde TNO samen met het Nederlands Genootschap Burgemeesters (NGB) en het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) een congres met als thema ?Digitale verstoring van de openbare orde?. Aanleiding voor deze bijeenkomst is een nieuw ontwikkeld scenario voor de Burgemeestersgame waarin digitale dilemma?s voor bestuurders centraal staan.

De Burgemeestersgame is een digitale serious game ontwikkeld door TNO, Thales/T-Xchange en de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Het IFV zorgt er sinds 2012 voor dat de game ingezet kan worden in de veiligheidsregio?s en dat trainers worden opgeleid. Inmiddels wordt de Burgemeestersgame in meer dan vijftien veiligheidsregio?s gebruikt.

Tijdens dit congres werd het nieuwe scenario toegelicht met behulp van een panel bestaande uit vertegenwoordigers van de politie en het Openbaar Ministerie, een communicatieadviseur en een veiligheidsambtenaar. Ook werd vanuit hun perspectief dieper op een aantal interessante thema?s ingegaan. Het nieuwe scenario is grotendeels gebaseerd op ervaringen met Project X en de Facebookrellen in Haren en het sluiten van scholen in Leiden na een dreigbericht. Echter, ook dilemma?s die speelden na de aanslagen op de marathon van Boston en online burgeropsporing zoals bij de kopschoppers van Eindhoven kwamen aan bod. Rob Bats, oud-burgemeester van Haren, en experts op dit gebied vanuit de politie, het Openbaar Ministerie en de Nuclear Security Summit (NSS) delen hierover ervaringen met u.

De bijeenkomst was gericht op professionals op het gebied van openbare orde en crisisbeheersing (burgemeesters, communicatieadviseurs en medewerkers crisisbeheersing, evenals aan hoofdofficieren en beleidsmedewerkers van het Openbaar Ministerie, strategische en operationele leidinggevenden en medewerkers vanuit de politiekolom).

1.?Presentatie Rob Bats (wnd. burgemeester Terschelling, voormalig burgemeester Haren)
Drie generaties waar het openbaar bestuur mee te maken heeft in tijden van digitale verstoring.
Inhoud presentatie: Het ontstaan van ?Haren?, de nasleep en de beelden die een gemeente en zijn bestuurders in de greep houden. Hoe social media en traditionele media de dag. (geen PowerPoint van beschikbaar)


2.?Presentatie Diederik Greive (Hoofdofficier van Justitie bij het OM)
Het Wilde Westen van de opsporing?
Inhoud presentatie: Hoe weegt het OM het opsporingsbelang ten opzichte van privacy inbreuken op burgers. Wat betekent burgerparticipatie voor deze afweging? Van burgerparticipatie naar politieparticipatie. Trends en ?1984? revisited.

3.?Presentatie Arnout de Vries (TNO)
Police cases: the good, the bad & the ugly
In deze presentatie wordt duidelijk wat het belang van goed monitoren is om vervolgens goed te kunnen communiceren, goed te kunnen vragen (vanuit handhaving, opsporing of crisisbeheersing) en samen te werken. Want als de antwoorden er al zijn vraag je ze niet, als je wilt samenwerken zoek je op waar dat al gebeurd en als je wilt zenden doe je dat niet zonder omgevingsbewustzijn. Ook komt in de presentatie aan de orde dat het palet van digitale interventiemiddelen nog heel beperkt is. Zowel bij de politie als andere instanties zijn er nog weinig equivalenten die worden ingezet bij handhaving, opsporing of hulpverleningsprocessen. De term digigeren als verzamelnaam wordt hierin toegelicht. Afgesloten wordt met 4 cases waar een rode lijn in zit, want de Vancouver rellen, de Londens rellen, Project X Haren en de Boston Marathon vertonen veel overeenkomsten in digitaal gedrag, zowel vanuit goede bedoelingen, slechte als lelijke: vaak (nog) niet strafbaar gedrag, maar op het randje.

4. Presentatie NCTV Ministerie van Veiligheid en Justitie
Early warning and social media
Inhoud presentatie: Wat doet de NCTV om snel en effectief potentieel maatschappelijke ontwrichting te monitoren via sociale media? Maken sociale media verschil in snellere en betere detectie? In juni 2013 is de NCTV een pilot gestart met het structureel monitoren van sociale media (vooral Twitter), met het oog op een snellere detectie van maatschappij-ontwrichtende incidenten, een betere duiding daarvan en een effectievere opvolging. Deze presentatie is een weergave van de resultaten van die pilot.

5.?Burgemeestersgame en presentatie met stellingen door Arnout de Vries en Wouter Jong
Introductie en real life spelen Burgemeesters game met real life panel (OM Diederik, Communicatie en V&J): Burgemeestersgame ?Digitale verstoring van de openbare orde?.?
Inhoud presentatie: In samenspraak met de zaal werden twee dilemma?s uit de burgemeestersgame besproken.

Filmpjes behorende bij de stellingen – Haren:

Filmpjes behorende bij de stellingen -?Leiden:

Bronnen: infopuntveiligheid, IFV, NGB.

Alert Online

Eind 2013 heeft de overheid de AlertOnline campagne gelanceerd om het bewustzijn over online veiligheid te vergroten. Nederland behoort tot de landen met de meeste internetaansluitingen, de grootste adoptie van social media en de meeste internetbankierende mensen. We zijn altijd en overal online. Dat geeft Nederland een voorsprong en biedt kansen voor innovatie en economische groei. Maar het betekent ook dat iedereen zich bewust moet zijn van gevaren en risico?s. Want?we moeten constateren dat er op veel plaatsen in de samenleving nog een schrijnend gebrek aan bewustzijn over de eigen en andermans digitale veiligheid bestaat.

Op een verantwoorde manier gebruik maken van social media, internet en van een computer, mobiele telefoons en andere digitale middelen is vaak eenvoudiger dan je denkt. Met een beetje gezond verstand kom je al een heel eind.?Iedereen kent ondertussen?het nut van een goede virusscanner op je priv?-computer, of het gebruik van een sterk wachtwoord. Maar ken je ook het risico van onbetrouwbare WiFi-netwerken? Of weet je wat je moet doen om je smartphone tegen een virus of malware te beschermen?

Naast je priv?-mobiel, computer of tablet heeft je werkgever wellicht ook digitale middelen beschikbaar gesteld. Priv? en zakelijk gebruik lopen steeds meer door elkaar. Apparaten aangesloten op het bedrijfsnetwerk kunnen vaker thuis worden gebruikt. Het is daarom van belang om de computers, netwerken en bedrijfsinformatie goed te beveiligen tegen onder andere hackers, virussen en gegevensdiefstal. Voor je het weet liggen er gevoelige bedrijfs-, personeels- of klantgegevens op straat.

AlertOnline heeft een aantal praktische, makkelijk uit te voeren ?tips voor je op een rij gezet. Zowel voor zakelijk als voor priv? gebruik. Uiteraard is er veel meer mogelijk en is dit overzicht niet compleet.?Meer informatie over wat je als priv?gebruiker of als ondernemer allemaal nog meer kunt doen, vind je onder andere op?www.digibewust.nl?of op?www.beschermjebedrijf.nl. Hier vind je handreikingen over informatiebeveiliging en hoe je hiermee in je eigen organisatie aan de slag kunt. Ook zijn er specifieke sites, zoals bijvoorbeeld over het wisselen van wachtwoorden, waarschuwingsdienst voor virussen. Er is een spel?‘Je bent zichtbaarder dan je denkt’?dat je laat zien welke sporen je digitaal achterlaat.


Hieronder zijn enkele factsheets van het NCSC?die tips geven over social media gevaren of wanneer je uitgelekte gegevens rondzwerven op social media. En ook de NCTV doet mee in de voorlichting met filmpjes en documenten.?En ook vanuit andere landen is er veel informatie beschikbaar, zoals de Engelse site?GetSafeOnline.

Innovatief veiligheidsbeleid vereist diversiteit en continu?teit!

Een interessant artikel van Mark van Staalduinen,?innovatieconsultant bij TNO, over innovatie bij het herkennen digitale informatie in het magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing. Dit artikel is aangevuld met de bijbehorende documenten.

Het Internet verandert de wereld razend snel. Wie kon een paar jaar geleden?bedenken dat bijna iedereen in het bezit is van een smartphone en continu?actief is in sociale netwerken? Dat alle TV?s connected zijn en dat wij?voornamelijk online winkelen en betalen? Als gevolg daarvan ontstaan grote?hoeveelheden data in open bronnen, met consequenties voor de veiligheid?van burgers en de maatschappij. Vanuit TNO werken we aan intelligente?tooling, die ondersteuning biedt bij het duiden en interpreteren van die data?binnen de juridische, privacy en ?forensische kaders. Dit noemen we media?mining. De afgelopen twee jaar hebben we in opdracht van de NCTV in?samenwerking met verschillende veiligheidsdiensten gewerkt aan een aantal?innovatieve tools.?Niet elke website is eenvoudig te analyseren, zoals Flash websites. De meeste zijn?zelfs niet doorzoekbaar met Google. Deze webtechnologie?n worden bewust ingezet om informatie te presenteren voor mensen, die onzichtbaar is voor computers. De conclusie leidde tot een slimme ?clickbot?, die als een mens door een website klikt en alle binnenkomende data afvangt. De ontwikkelde testsoftware verzamelt significant meer data dan standaard oplossingen. Diversiteit van mogelijke oplossingen is bereikt door een inspiratielunch, waar?verschillende diensten hun ervaringen konden delen. Daarnaast is een workshop georganiseerd door het Public Services Innovation Center (PSIC), waar studenten samen met domeinexperts hebben meegewerkt. Omdat de oplossing menselijk gedrag vertoont, blijkt het ontwikkelde?mechanisme ook geschikt voor andere toepassingen, bijvoorbeeld om honeypots te versterken.

Lees hier meer over deze projectresultaten:

Virtuele Muis

Naast tekst staat het internet vol met foto?s en video?s. Er zijn weinig tools, die de?potentie van dit beeldmateriaal benutten. Binnen het beeldmerkenproject zijn drie?ICT-diensten onderzocht aan de hand van het STOF-model. Dat model stelt dat een?ICT-dienst succesvol kan worden als de geboden dienst (Service) waardevol is, de Technologie werkt, de Organisatie van gebruikers en leveranciers op orde is en de Financi?n passend zijn. Dit verklaart, waarom verschillende projecten niet tot bruikbare tools hebben geleid, omdat veelal op ??n domein wordt gefocust. Drie diensten zijn uitgewerkt: locatieherkenning met?Twitter-foto?s, scannen van nieuwe YouTube video?s en het spotten van trends in ?beeldmateriaal. Conclusie: de operationele kosten zijn van die orde dat zij op nationale?schaal te realiseren moeten zijn.

Lees hier meer over deze projectresultaten:

Beeldmerkherkenning

Sinds 2011 werkt TNO als strategisch kennispartner?mee aan het iRN (Internet Research Network).?Het iRN levert diensten aan ongeveer 6000 gebruikers bij verschillende overheden?die toezicht-, opsporing- en handhavingstaken hebben op het internet. Van politie, Belastingdienst en DNB tot en met gemeenten. Binnen het iRN wordt een innovatieve?dienst ontwikkeld voor de ondersteuning van internetonderzoek: iColumbo. Kortom, innovatie is essentieel voor het iRN, en daarom is de samenwerking met TNO vruchtbaar. Het iRN biedt een landingsplaats en inspiratiebron voor innovatieve oplossingen, waarmee continu?teit ontstaat in de innovatieketen van wetenschappelijk onderzoek tot de nieuwste oplossingen voor?eindgebruikers. Wat maakt innovatie succesvol? Essentieel zijn: diversiteit en continu?teit. Diversiteit in mensen, expertises, organisaties, functies en processen. Diversiteit binnen het projectteam, maar ook in de contacten tussen het team en de dagelijkse praktijk om zoveel?mogelijk goede idee?n door te laten dringen en tunnelvisie te voorkomen. Diversiteit is?essentieel om de juiste oplossing te vinden. Continu?teit is vereist in het projectteam, de?doelstelling en vooral in de innovatieketen richting eindgebruikers. Dit betekent dat?innovatieve oplossingen een landingsplaats vereisen. Niets is frustrerender dan resultaten?boeken, die niet gebruikt worden. Continu?teit is essentieel, zodat een goede?oplossing ook waardevol kan worden.

veiligheidinnovatieEerder publiceerde TNO ook het?boek ?Veiligheid schreeuwt om innovatie? waarin TNO onder meer wil inspireren met visieontwikkeling, praktische handvatten, praktijkvoorbeelden en interviews. Verschillende experts van TNO en een aantal vooraanstaande en relevante partners uit het veiligheidsdomein hebben met veel enthousiasme een bijdrage geleverd, waaronder onze minister van Veiligheid en Justitie, Mr. I.W. Opstelten. Hij was bereid het voorwoord te schrijven. Om zichtbaar te maken dat wij met elkaar daadwerkelijke innovaties in de praktijk brengen, is in het boek een viertal voorbeelden opgenomen: The Hague Security Delta, Museumveiligheid, Twitcident en Beveiliging van de waterkant. De digitale versie van dit boek is hier te downloaden.

Bron: NCTV, magazine?Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing:

NCTV & Open source intelligence

De Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) heeft het programma Herkenning Digitale Informatie en Fingerprinting (HDIeF) uitgevoerd in de periode 2009-2012.

Een persoon die werkt achter zijn pc

Het HDIeF programma is gestart omdat de massaliteit van gegevens die via Internet gewisseld wordt, het steeds moeilijker maakt om die specifieke informatie te detecteren die voor diensten in het domein van openbare orde en veiligheid van belang zijn. Gezien de explosieve groei van het internetverkeer, is het langzamerhand zoeken naar een speld in een hooiberg. In het kader van de bestrijding van cybercrime in het algemeen, en de opsporing en vervolging van strafbare feiten in het bijzonder, is het goed en snel detecteren van digitale informatie van groot belang om effectief te kunnen opereren. Er is een aantal veelbelovende nieuwe technieken in opkomst. Door middel van deze technieken kan de detectie van bepaalde informatie aanzienlijk worden vergroot, evenals de snelheid waarmee dat gepaard gaat. Het ontwikkelen, verbeteren en toepassen van deze technieken kan dus grote voordelen bieden voor organisaties die belast zijn met toezicht op de naleving van wetgeving, en het optreden tegen illegale handelingen.

Het programma HDIeF bood ruimte voor experimenten en projecten die ertoe kunnen bijdragen dat er beter, sneller en effici?nter gezocht kan worden naar relevante informatie in enerzijds databases (statische informatie) of op internet (dynamische informatie). Bijzonder element van het HDIeF programma is dat de projecten ontstaan zijn op basis van concrete vragen uit het veld.

Het programma heeft onder meer de volgende rapporten opgeleverd:

  • TNO rapport – Herkenning van Digitale Informatie31-03-2010 | pdf-document, 4.97 MBEen rapport waarin de stand van de techniek is beschreven om in digitale informatie te zoeken.
  • Instance search11-04-2011 | pdf-document, 3.59 MBEen presentatie van de resultaten van een praktijktest naar het zoeken van objecten in een database met videos.
  • Advies IRN WOPR Ontwikkeltrajecten11-01-2011 | pdf-document, 0.26 MBEen advies over hoe de intelligente analysemodule binnen het internet Recherche Netwerk (iRN) te ontwikkelen.
  • Eindrapport Privacy scan iRN02-07-2012 | pdf-document, 1.18 MBEen privacy scan van in dit programma ontwikkelde tools, met name iRN.
  • FlashReader Guide08-09-2011 | pdf-document, 1.40 MBRapport over hoe de technologie ?Optical Character Recognition? voor internet toe te passen is.
  • Eindrapport Virtuele Muis08-11-2012 | pdf-document, 1.20 MBRapport over hoe een flash-site met een ?virtuele muis? gelezen kan worden.
  • Eindrapport Beeldmerkherkenning16-12-2012 | pdf-document, 2.61 MBRapport over de mogelijkheden van technologie voor beeldmerk herkenning.
  • Eindrapport Dreigtweets28-06-2012 | pdf-document, 0.69 MBRapport over de mogelijkheden om met een semantische analyse serieuze internetbedreigingen via twitter te detecteren.

Vermeende gijzeling Vueling

Op 29 augustus 2012 maken verschillende bronnen melding?van een gijzeling aan boord van een vliegtuig dat zojuist is geland op Schiphol. Het ging om een Spaans toestel van Vueling met?luchtnummer VY8366.?Het alarmsysteem P2000 maakte rond 13:45 uur melding van de gijzeling. En vanaf de vliegbasis in Volkel zijn twee F16?s opgestegen om het toestel te begeleiden.?RTL,?NRC, NOS?en ook?GeenStijl?zijn er als de kippen bij en houden allemaal een live blog bij. Men stond op scherp, want eerder waren er?circa tien vluchten vertraagd vanwege de vondst van een een vliegtuigbom uit de Tweede Wereldoorlog die op de C-pier werd gevonden. Tientallen vertrekkende- en aankomende vluchten werden geannuleerd.?Die problemen met het explosief waren nog niet verholpen en het volgende probleem diende zich aan.

Een screenshot van Flightradar24?van de baan die het toestel maakte voor landing. Naar later bleek maakte het?passagiersvliegtuig meerdere bochten die afweken van de instructies van de luchtverkeersleiding, omdat eerder die dag de gevonden?bom uit de Tweede Wereldoorlog zorgde voor oponthoud de piloten waren gevraagd een paar extra rondes te vliegen.?De bedoeling was dat het toestel rechtsom zou gaan, maar in plaats daarvan vloog het linksom. Dat werd veroorzaakt door de automatische piloot.

Enkele minuten later een tweet van 112Schiphol:

Er duiken foto’s op van een F16 die in achtervolging op het bewuste vliegtuig (Bron: Ron Swart, via Twitter en later geplaatst op Dichtbij.nl) en?Defensie?bevestigt?tegenover EenVandaag dat er twee F16’s waren opgestegen om het vliegtuig te begeleiden. Ook maken burgers filmpjes die ze plaatsen op YouTube:

Veel is nog onduidelijk over wat er precies aan de hand is. Men zegt dat er?Arabische muziek te horen was in de cockpit van de Spaanse Airbus. En een woordvoerder meldt woensdagavond dat de Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) over deze informatie beschikt. ‘Dat zegt op zichzelf niet zo veel. Dat was geen doorslaggevend argument om op te treden.’ Toch dachten veel media en publiek al snel aan een?gijzeling.?De Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid?Erik Akerboom?meldt: we houden rekening met het scenario van een gijzeling. De hulpdiensten treffen voorbereidingen.?De straaljagers (zo bleek later) hadden toestemming om door de geluidsbarri?re te gaan. Uit het midden van het land kwamen berichten van mensen die hierdoor een harde knal hebben gehoord.’Dat een vliegtuig landt onder begeleiding van twee straaljagers heb ik nog nooit meegemaakt’, zei een fervent vliegtuigspotter. ‘Ik had al snel in de gaten dat er wat aan de hand was, gezien de vele hulpdiensten die erbij kwamen toen het vliegtuig tot stilstand kwam.’ Bij het toestel stonden ambulances, politieauto’s, brandweerwagens en een helikopter.

Passagiers in het Vueling-toestelTwitteraccount Schiphol Incidenten, doorgaans een betrouwbare bron, meldt dat de piloot geen abnormale dingen heeft gezien.?NOS sprak met een vrouw die in het vliegtuig zit.?Er is bijna niks aan de hand. Eerst vlogen we rondjes en toen hoorden we dat er niks aan de hand is. Nu moeten we wachten tot we naar buiten kunnen. Verder hebben we geen informatie, alles is rustig in het vliegtuig.?Het is hier een beetje een chaos, alle kinderen willen er graag uit. Iedereen is er verder wel rustig onder, want iedereen weet dat er niks aan de hand is. […] We worden over twintig minuten uit het toestel gehaald.??Een woordvoerder van de Spaanse maatschappij Vueling verklaart tegenover persbureau Reuters dat de berichten van het vliegtuig gekaapt zou zijn, zijn ontstaan door miscommunicatie tussen de piloot en de controletoren.

Nu blijkt dat er niets aan de hand is ontstaat er daarom op Twitter een nieuwe hoos aan berichtgeving:

Storm in een glas water Het bleek uiteindelijk alleen te gaan om verstoord radiocontact.?Ook luchtvaartmaatschappij Vueling meldt later in een verklaring dat ‘er geen sprake is van een gijzeling van vlucht VY 8366 van M?laga naar Amsterdam, maar van een communicatiestoring tussen het vliegtuig en de verkeerstoren van Schiphol Amsterdam Airport’. “De piloot had een ongebruikelijke aanpak toen het vliegtuig het land binnenkwam, zegt vliegtuigmaatschappij Vueling. “Maar aan boord is alles normaal. In Nederland wordt dan automatische uitgegaan van een gijzeling, maar dat is niet zo zegt Vueling.”?Het toestel kon veilig op Schiphol landen. Volgens Defensie waren er meer dan 180 passagiers aan boord.?Het vliegtuig is volgens de woordvoerder wel afgeweken van zijn koers, maar dat kwam door de instructies van de Nederlandse jachtvliegers. Het toestel vloog onder Rotterdam een zevental rondjes voor het richting Schiphol vertrok. Het passagiersvliegtuig verloor boven Nederland contact met de luchtverkeersleiding. Op dat moment werden de Volkelse vliegers de lucht ingestuurd. Ze hebben het vliegtuig tot Schiphol begeleid. Tijdens de landing was het radiocontact alweer hersteld. ‘Het kon mogelijk gaan om een gijzeling’, zei een woordvoerder van de Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) woensdagmiddag. ‘Vandaar de inzet van de straaljagers’. Toen het vliegtuig was geland, hebben onderhandelaars van de marechaussee contact met de gezagvoerder van het toestel gelegd. ‘Die liet weten dat er geen sprake was van een gijzeling of kaping’, zei woordvoerder Martijn Peelen van de marechausee tegen het ANP. De eerste passagiers hebben rond 15.50 uur de Airbus van Vueling verlaten. Ze liepen een vliegtuigtrap af en stapten in gereedstaande bussen. Er was even spanning, met hulpdiensten die klaar stonden om actie te ondernemen, maar al snel bleek dat er niets aan de hand was. De politie is voor de zekerheid aan boord van het toestel gegaan en heeft inmiddels officieel verklaard dat er geen sprake was van een gijzeling.

De nieuwsmedia sluiten hun live blogs en op social media ijlt de berichtgeving nog lang na…?#gijzeling is lange tijd trending topic op Twitter. Ook internationale media besteden aandacht aan de problemen met het Vueling-toestel en gaven live updates.?Van Reuters India tot de BBC.

Premier Mark Rutte was teruggekeerd naar Den Haag, toen hij hoorde van het incident op Schiphol. Hij wilde daar afwachten om te kijken wat er aan de hand was. Hij is nu weer op weg naar Enschede voor zijn campagne-activiteiten. De piloot van het Vueling-toestel verklaarde later?dat er geen Arabische muziek werd gedraaid in de cockpit. Daarmee spreekt hij de Luchtverkeersleiding tegen, die zegt dat er alarm is geslagen onder meer doordat er Arabische muziek over de radio?werd gehoord. Dat de schrik er goed in zat bleek een paar dagen later toen een Spaans vliegtuig van Vueling dat onderweg was naar Schiphol is teruggekeerd, omdat een Nederlandse man aan boord een mes bij zich had. Volgens de Spaanse media was het mes in kranten gewikkeld en viel het per ongeluk uit zijn tas. De man?gedroeg zich niet agressief en werkte na arrestatie goed mee aan het politieonderzoek.?Het bleef onduidelijk hoe het mogelijk was dat hij het mes langs de beveiliging op de luchthaven heeft gekregen.

Het geluidsfragment van de onderschepping door twee F-16’s:

Een passagier doet later in het Journaal haar verhaal.

Luchtvaartdeskundige Benno Baksteen: “Het is meestal loos alarm, komt over de hele wereld regelmatig voor. Maar als je wacht tot je zeker weet wat er aan de hand is, ben je zeker te laat.”

Terrorisme-deskundige Glenn Schoen over de situatie bij Schiphol en het handelen van de hulpdiensten.

Verslaggever Edwin van den Berg over de verwarring in de cockpit nadat een toestel van Vueling door twee Nederlandse F-16’s werd begeleid.

Alle passagiers hebben het toestel inmiddels verlaten

Bronnen:?RTL, GeenStijl, NRC,?AD,?NOS,?FlightRadar24