Tagarchief: amsterdam

Veiligheid te koop?

Waarborgen commerci?le organisaties de grenzen van de rechtsstaat?

Op 20 december vond een debatavond plaats over deze vraag in De Balie te Amsterdam met o.a. strafrechtexperts, beveiligers, burgerrechercheurs en politie over samenwerkingen tussen de publieke en private sector.

Priv?detectives, particuliere beveiligers, burgerrechercheurs; organisaties kiezen er steeds vaker voor zelf een oplossing te vinden voor bijvoorbeeld fraude of cybercrime buiten het OM en de politie om. Ook zorgt een capaciteitsprobleem bij de politie ervoor dat OM en politie steeds vaker naar samenwerking zoeken met beveiligingsbedrijven. Dit vergroot de slagkracht van OM en politie.?Hoe ziet deze samenwerking eruit? Hoe gaan commerci?le organisaties om met bijvoorbeeld waarheidsvinding? Houden deze bedrijven zich aan de grenzen van de rechtsstaat?

Wat bovendien vragen oproept: uitsmijters bij caf?s, voetbalstadion-stewards en beveiligers van de luchthaven hebben gemeen dat zij in dienst zijn van een particuliere organisatie, maar zij worden vaak gezien als onderdeel van de politie. Wat zijn hiervan de gevolgen? Aan de hand van voorbeelden uit de praktijk verkennen we de toekomst van publiek-private samenwerking en wat het betekent voor de samenleving.

Opsporing en vervolging in de toekomst

Deze avond over beveiliging was de tweede in de programmareeks ?Opsporing & Vervolging in de toekomst?. In samenwerking met de politie en het OM maakt De Balie een serie over de herpositionering van politie en burger in het digitale tijdperk. Hoe kunnen alle partijen het best gezamenlijk anticiperen op technologische en maatschappelijke ontwikkelingen in relatie tot politiewerk en criminaliteit? Hoe kan daarbij de rechtstaat worden gewaarborgd? Brengen technologische ontwikkelingen ons het ultieme veiligheidsklimaat, of zullen we kennismaken met de donkere kanten van nieuwe technologie ? la hitserie Black Mirror? De eerste aflevering in deze serie ging over toenemende burgeropsporing, kijk het programma hier terug.

Bekijk het debat hier terug:

Peter van der Geer is een ervaren gespreksleider. Hij is auteur van Prachtige bijeenkomsten en oprichter van Debat.nl. Hij werkt veel op het snijvlak van overheid en maatschappij.

Met oa:

Martijn van de Beek?is directeur van Hoffmann Bedrijfsrecherche, een toonaangevend bedrijf in de particuliere onderzoeksector dat werkzaam is op de domeinen bedrijfsrecherche, riskmanagement en cybersecurity. Voorheen bekleedde van de Beek jarenlang diverse leidinggevende functies bij de Landelijke Eenheid van de politie.

Pauline Buurma?is straatmanager voor onder andere de Kalverstraat, Heiligeweg en het Rokin. Ze is het directe aanspreekpunt voor de besturen van de lokale ondernemersverenigingen en werkt veel samen met de gemeente. Ook heeft ze nauw contact met de wijkagenten omtrent de veiligheid in het winkelgebied.

Jeroen Goudsmit?is manager Forensic Services bij accountants- en belastingadviseurbedrijf PwC. Goudsmit behaalde een PhD in Mathematical Logic en is gespecialiseerd in digitale onderzoeksmethodieken. Hij houdt zich bezig met data-analyse in het kader van complexe technische vraagstukken.

Tom Heijm?is particulier rechercheur en eigenaar van recherchebureau Heijm voor zowel bedrijfs- als particuliere recherche. Voorheen was Heijm jarenlang werkzaam bij de politie. Recherchebureau Heijm is door politie en justitie erkend met het BPOB keurmerk, Branchevereniging voor Particuliere Onderzoeksbureaus.

Kevin Heller?is werkzaam in de particuliere beveiligingsbranche, onder andere als uitsmijter bij Amsterdamse clubs en persoonsbeveiliger. Ook is hij zelfverdedigingsinstructeur en had hij jarenlang een eigen vechtsportschool.

Bob Hoogenboom?is professor Forensic Business Studies aan de Nyenrode Business University en is betrokken bij de leergang ?Publiek Privaat Security Management?. Ook geeft hij les aan de politie academie en schreef hij een boek over de functie, cultuur en waarden van de Nationale Politie.

Erik de Jong?is Chief Research Officer bij computer- en netwerkbeveiligingsbedrijf Fox-IT. Hij houdt zich bezig met onderzoek naar trends in dreigingen, incidenten en kwetsbaarheden op het gebied van cybersecurity. Fox-IT werkt onder andere voor overheden en financi?le instellingen. De Jong is tevens bestuurssecretaris van Cyberveilig Nederland.

Erwin Schoemaker?is directeur van VEBON-NOVB, en manager van de afdeling beveiliging. VEBON-NOVB behartigt als vereniging de belangen van haar leden op het gebied van brandbeveiliging en criminaleitspreventie, en draagt tevens zorg voor opleiding, certificering en beleidsvorming in de veiligheidssector.

Ronald van Steden?is Universitair Hoofddocent Bestuurswetenschappen en Politicologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is van Steden verbonden aan de Stichting Maatschappij en Veiligheid en schreef hij een proefschrift over de privatisering van politiewerk.

Bron: De Balie

17 miljoen agenten: van betrokken burger tot amateur smeris

Wie een vermist kind thuisbrengt of een zakkenroller overmeestert is van oudsher een held. Met gebruik van sociale media lukt het burgers steeds vaker om met succes vermiste personen of daders op te sporen. Maar bewijsmateriaal kan ook zoek raken, aangetast of meegenomen worden. Hoe kan je als burger helpen zonder de politie voor de voeten te lopen? In De Balie onderzoeken burgers en experts waar in onze rechtstaat de grenzen liggen bij burgerparticipatie.

Technologische ontwikkelingen plaatsen de samenwerking tussen politie en burgers in een nieuwe context. Terwijl de politie enerzijds gebaat is bij de inzet en expertise van burgers in opsporingsonderzoek werpt deze samenwerking ook een aantal ethische en rechtsstatelijke vraagstukken op. Onder andere omtrent privacy, burgerexecutie (eigenrichting) en leefbaarheid. Op 15 november confronteert De Balie het publiek met deze vraagstukken. Burgers en experts worden uitgenodigd om hun licht te laten schijnen op misdrijven, opsporing en digitalisering in het heden en de toekomst. We spreken onder andere met?Arnout de Vries?(onderzoeker?TNO),?Karlijn Roex?(socioloog) en?Sven Brinkhof?(strafrechtexpert).


De avond over burgeropsporing is de eerste in een Programmareeks ?Opsporing & Vervolging in de toekomst?:
In samenwerking met de politie en het OM maakt De Balie een serie over de herpositionering van politie en burger in het digitale tijdperk. Hoe kunnen alle partijen het best gezamenlijk anticiperen op technologische ontwikkelingen in relatie tot politiewerk en criminaliteit? En hoe kan daarbij de rechtstaat worden gewaarborgd? Brengen technologische ontwikkelingen ons het ultieme veiligheidsklimaat, of zullen we kennismaken met de donkere kanten van nieuwe technologie ? la hitserie?Black Mirror?

Peter van der Geer?is een ervaren gespreksleider. Hij is auteur van Prachtige bijeenkomsten en oprichter van?Debat.nl. Hij werkt veel op het snijvlak van overheid en maatschappij.

Arnout de Vries?is onderzoeker en adviseur op het gebied van sociale media en maatschappelijke veiligheid bij?TNO. Hij ontwikkelt digitale middelen die hulp kunnen bieden bij een effectievere burgerparticipatie, zoals de applicatie ‘Samen Zoeken?. Daarnaast schrijft hij op zijn site?SocialMediaDNA?over sociale media en de maatschappelijke veiligheid.

Karlijn Roex?is socioloog en promoveert eind november aan het?Max Planck Instituut?in Keulen. Daarnaast is zij oprichtster van?Spreekuur 89, een collectief dat opkomt voor mensen die tegen hun wil met de GGZ in aanraking komen. Ze werkt aan een boek over de discussie omtrent ?verwarde personen? en betoogde in het Parool dat de oproep om ?verwarde personen? in de gaten te houden kan zorgen voor een surveillance staat.

Sven Brinkhoff?als strafrechtexpert verbonden aan de Open Universiteit waar hij o.a. onderzoek doet naar de rol van burgers bij opsporing en de gevolgen daarvan voor strafzaken. Hij begon zijn loopbaan bij het openbaar ministerie en is werkzaam geweest in de rechterlijke macht.

Bekijk het debat hier terug:

Redactie:?Ianthe Mosselman (De Balie) en Rokhaya Seck (De Balie) in samenwerking met politie & Openbaar Ministerie

Find My Phone: documentaire

anthony-van-der-meer

Per week wordt er in Nederland ongeveer 300 keer aangifte gedaan van smartphonediefstal. Naast het feit dat jij een vaak dure telefoon kwijt bent, heeft een onbekende ook nog eens toegang tot al je foto?s, video?s, e-mails, contacten en berichten. Maar wat voor persoon steelt eigenlijk een telefoon? En waar komen al die smartphones uiteindelijk terecht?

Op die vragen probeert Anthony van der Meer (23)?een antwoord te geven in zijn afstudeerdocumentaire?Find my Phone.

Anthony kwam op het idee voor de film nadat z’n eigen telefoon?gestolen werd?in een caf? in Amsterdam. “Ik vond het echt een heel naar idee dat iemand anders toegang had tot mijn foto’s, mijn contacten, mijn mail.” vertelt hij de NOS. Maar de diefstal maakte hem ook nieuwsgierig. “Ik wilde weten waar mijn telefoon terechtkwam.”

Hij ging op onderzoek uit en kwam op het idee om nog een keer een?telefoon te laten stelen, maar dan eentje met aangepaste spionagesoftware Cerberus erop. Via de software kan hij op zijn computer de telefoon op afstand uitlezen. Hij kan zien waar de telefoon precies is, hij kan?berichten lezen, contactgegevens zien. Maar hij kan ook foto’s, video’s en geluidsopnamen maken.?Zo ziet hij al snel dat de dief er een Arabische simkaart in plaatst, dat hij een Egyptenaar is die vooral in Amsterdam verblijft.?En het duurt ook niet lang voor hij een foto van het gezicht van de man kan maken.

“Ik vond het op bepaalde momenten extreem stressvol. Ik was constant bang voor een technische fout die ervoor zou zorgen dat ik niks meer met de telefoon kon.” Ondertussen kreeg?hij een inkijkje in het leven van de man.?Hij zag hem?porno kijken op zijn telefoon, hij hoorde hem afspreken met vrouwen die hij online ontmoette, hij hoorde hem bidden. “Ik kreeg een band met hem; toen ging ik me best wel?schuldig voelen.”

Privacy uit je broekzak

boef

De documentaire gaat voor het grootste deel over de dief van de telefoon. Maar dat is niet het enige, zegt Anthony.?”Het is een portret van iemand die een telefoon steelt, maar tegelijkertijd wil ik laten zien hoe makkelijk het was om iemand te volgen. Hoe privacygevoelig je telefoon is.”

Hoe goed kun je iemand eigenlijk leren kennen aan de hand van zijn telefoon? Maar misschien nog wel veel belangrijker. Wat kan iemand allemaal wanneer je telefoon wordt gehackt?

“Via zijn telefoon kon ik zo’n goed beeld van zijn leven krijgen. Dat zou iemand anders ook bij jou kunnen?doen. We doen alles met onze telefoon, we delen er zo veel mee. Stel je voor dat iemand mee kan kijken met alles wat je doet.”

Vervolg

Anthony kon de man in Amsterdam twee weken lang volgen. Daarna ging?de telefoon offline. Zeven maanden later ging hij pas weer aan. Dat was in?Roemeni?. Wie de telefoon?toen in handen kreeg, houdt Anthony nog voor zich. Hij werkt aan een vervolg van zijn documentaire.

Bronnen: NOS, DutchCowboys, Parool, Joop, Bright

Jaime van Gastel en zijn hobby: zakkenrollers jagen in Amsterdam

jaime van gastel

Eens per week pakt Jaime van Gastel?de trein naar Amsterdam om daar zijn hobby uit te oefenen: zakkenrollers jagen. Hij is er inmiddels zo bizar goed in dat zelfs de politie er met de pet niet bij kan: ?Je moet het zelf meemaken, anders geloof je het niet.? De jacht is geopend.?Onderstaand?artikel van Jochem Davidse stond eerder in Panorama.?

Zakkenrollers,? zegt Jaime van Gastel (44).

We staan op het Koningsplein in hartje Amsterdam, aan het begin van de Bloemenmarkt, waar het zoals altijd wemelt van de toeristen. In de tien minuten dat we hier staan te posten heb ik om mij heen nauwelijks een woord Nederlands gehoord. Het is Engels, Duits, Spaans, Italiaans en Japans dat hier de klok slaat. Als mieren krioelen hordes toeristen tussen bloembollen, koelkastmagneten, kazen en ansichtkaarten.

?Zakkenrollers? Waar?? vraag ik.

?Ssst,? sist Jaime. ?Hier recht voor je, twee vrouwen en een man.?

Op nauwelijks twee meter afstand van ons loopt het drietal de Bloemenmarkt op.

De vrouwen voorop, de man erachteraan. ?Deze?? vraag ik fluisterend, terwijl ik het gezelschap zo discreet mogelijk nawijs. Jaime knikt. ?Honderd procent,? zegt hij. Behalve op toeristen oefent de Bloemenmarkt ook een grote aantrekkingskracht uit op zakkenrollers. Dat is de reden dat ik hier ben, om op zakkenrollers te jagen, al probeer ik die intenties uiteraard uit alle macht te verbergen. Gemaakt nonchalant scan ik iedereen die passeert, maar het gezelschap in wie Jaime in ??n enkele oogopslag zakkenrollers herkent, had ik op eigen houtje onopgemerkt laten passeren.

?Wat deden ze dan?? vraag ik, terwijl we ons doelwit op afstand achtervolgen.

?Nog niets,? zegt Jaime.

?Ken je hen?? vraag ik.

?Nee,? zegt Jaime. ?Nooit gezien.?

?Maar… Hoe weet je het dan zo zeker?? vraag ik.

Zonder aankondiging duwt Jaime me een bloemenstal in.

?Niet meer kijken nu,? zegt hij. ?Ze hebben ons door.?

Jaime verschuilt zich achter een muur van bloemen, terwijl ik interesse veins in een bak mini-cactussen. Jaime haalt zijn telefoon tevoorschijn.

?Wat doe je?? vraag ik, zonder van de cactusjes op te kijken.

?Ik bel het zakkenrollersteam,? zegt Jaime. ?Wij zijn stuk.?

Door de telefoon hoor ik hem onze locatie en de signalementen van de verdachten doorgeven. Een breedgeschouderde man in een wit T-shirt en met een donkere zonnebril op zijn hoofd, een mollige vrouw met een bril in een lichtpaars T-shirt en een tengere vrouw met lang donker haar, een ronde zonnebril en een zwart-rood gestreept shirt. Een jaar of dertig, veertig. Inmiddels lopen ze niet meer over de Bloemenmarkt, maar drinken ze koffie op een terras in een van de zijstraatjes. Glurend vanachter de bloemen kan ik nog net een glimp opvangen van de man, maar dan trekt Jaime mij weg.

?Wij zijn stuk,? zegt hij nogmaals. ?Ze voelen nattigheid. Als ze ons nog een keer zien, kunnen we het vergeten.

De jongens van het zakkenrollersteam nemen het over.?

?Moeten we daar niet op wachten dan?? vraag ik.

?Die zijn er al,? zegt Jaime.

De verbazing die in rap toenemende mate van mijn gezicht druipt, ontgaat hem niet.

?Zie je die man daar op de hoek, dat is politie,? zegt Jaime terwijl hij wijst naar een kerel met grijs haar, een bruine korte broek, een rugzak en een zwart T-shirt.

?En die ook,? wijst Jaime. Een lange man met een baard en een petje verdiept zich ogenschijnlijk in een rek ansichtkaarten. Uit zijn kontzak steekt een plattegrond van Amsterdam centrum.

Wanneer we ons verder terugtrekken en het ontdekkingsgevaar geweken is, steekt Jaime triomfantelijk zijn hand naar me op.

?YES!!!? roept hij wanneer ik aarzelend zijn high five beantwoord. Jaime lacht.

?Wat is er?? vraagt hij.

?Ik snap hier helemaal niets van,? zeg ik.

De Amsterdamse politie weet al jaren wie ‘zakkenrollerjager’ Jaime van Gastel (44) is, maar door Youtube leert nu ook het grote publiek de waakzame winkelmanager kennen. Zijn filmpjes van pikkedieven in het centrum van Amsterdam zijn een regelrechte hit.

De agenten in burger zijn nagenoeg onherkenbaar, maar als de camera inzoomt zien we hen in ??n geroutineerde beweging een man en een vrouw uit het winkelende publiek plukken. De man verzet zich en wordt tegen een winkelruit klemgezet, de vrouw wordt meteen in de boeien geslagen. Ze huilt, schreeuwt door haar tranen iets in het Roemeens. De camera registreert het allemaal. En dan klinkt in plat Haags, rustig en droogjes: ‘Moet je niet stelen.’

Zakkenrollersradar

In een mailtje vertelde hij over zijn bijzondere hobby: zakkenrollers jagen. Eens per per week neemt hij vanuit zijn woonplaats Almere de trein naar Amsterdam Centraal en loopt dan zijn vaste rondje: Damrak, Dam, Kalverstraat, Bloemenmarkt, Koningsplein, Heiligeweg en dan weer linksaf de Kalverstraat in en terug naar het station. Een toeristische route waarop het vrijwel altijd prijs is. In de ruim tien jaar dat hij het nu doet, pakte de politie op zijn aanwijzingen al zeker vijfhonderd zakkenrollers op.

?Tachtig procent is Oostblokker,? zegt hij op een woensdagochtend in de zon voor Amsterdam CS. Hoewel we tegenover elkaar staan, kijkt hij me geen moment aan. Zijn ogen schieten alle kanten op. Iedereen in zijn blikveld wordt door Jaime in een fractie van een seconde gescand op mogelijke aanwijzingen.

?Probleem is wel dat die tegenwoordig een stuk minder herkenbaar zijn,? vervolgt hij. ?Vroeger liepen Roemenen en Polen in van die vormeloze gedateerde kleding, maar dat is niet meer. Tegenwoordig zijn het prima verzorgde en modieuze types.?

En Jaime kan het weten want hij heeft zijn leven lang in schoenen- en kledingzaken gewerkt. Daar begon ook zijn hobby. Zestien jaar geleden werkte hij als bedrijfsleider in een schoenenzaak in de Kalverstraat. Daar kreeg hij regelmatig mannen over de vloer die niets kochten, maar die hij soms wel geheimzinnig en onverstaanbaar in de kraag van hun jas zag fluisteren. Politie in burger, op jacht naar winkeldieven en zakkenrollers. Zodoende ging hij er zelf ook op letten. In zijn winkel, maar ook na sluitingstijd, wanneer hij door het centrum terugliep naar het station, zag hij steeds vaker handen in zakken en tassen verdwijnen waar ze niets te zoeken hadden. Hij ontdekte de trucs, de hotspots en de patronen, en ontwikkelde zo een zakkenrollersradar die zelfs de pet van opgeleide politieagenten ver te boven gaat. ?Je moet het meemaken, anders geloof je het niet,? vertelt een lid van het zakkenrollersteam mij later.

Vanaf het station lopen we richting Damrak. Les ??n van Jaime?s spoedcursurs Hoe herken ik een zakkenroller? is weinig bemoedigend: ze zijn er in alle soorten en maten. In al die jaren betrapte hij oude kerels, zwangere vrouwen, tienermeisjes, verlopen types en mannen strak in pak. Toch zijn er een paar algemene kenmerken, doceert Jaime. Zakkenrollers zijn minimaal met z?n twee?n zodat de een de handelingen van de ander kan afschermen voor de ogen van derden. Om diezelfde reden dragen ze vrijwel altijd iets bij zich. Dat kan een tas zijn, of een sjaal, een krant of een plattegrond. Alles is goed, zolang het niet te veel opvalt en je er een dievenhand maar voor een paar tellen mee kunt camoufleren.

Zakkenrollers zie je zelden lachen. Veel mensen die door een winkelstraat lopen zijn ontspannen, zakkenrollers niet. Ze zijn aan het werk. Ze zijn gefocust, en dat is vooral wat hen onderscheidt van de brave burgers: hun kijkgedrag. Zakkenrollers kijken niet naar etalages en koopwaar, ze kijken naar mensen, naar spullen van mensen, en dan met name naar tassen en koffers.

?Even wachten hier,? zegt Jaime, waarna hij een paar tellen naar iets of iemand kijkt om vervolgens te concluderen dat het niets is, of niet wat we zoeken.

?Jij wil alleen zakkenrollers toch?? vraagt hij.

?Jij niet dan?? vraag ik.

?Jawel, maar ik zie net een paar gasten met een geprepareerde tas de Bijenkorf binnenstappen. Die gaan stelen. Kon zijn dat je dat interessant vond.?

We lopen verder. Met de lessen van Jaime op zak probeer ik de mensenmassa te lezen. Ik heb jaren in Amsterdam gewoond. Ik moet hier net als Jaime honderden keren gelopen hebben, maar nog nooit zag ik wat hij zag. Het is een andere manier van door de stad lopen, een compleet andere manier van kijken.

?Ga jij weleens winkelen met je vriendin?? vraag ik wanneer we de Dam oversteken.

?Daar vindt ze niet zoveel aan met mij,? zegt Jaime.

?Oh nee?? vraag ik, maar de grap ontgaat Jaime.

De prooi ontsnapt

Wanneer we bij de Bloemenmarkt arriveren gaat zijn denkbeeldige alarm voor het eerst af. Twee vrouwen staan een tijdje op een afstand te dralen en lopen dan de drukte in.

?Zakkenrollers,? zegt Jaime en nog voor we de achtervolging kunnen inzetten, ritst een van hen al een rugzak open van een Aziatische toeriste die er niets van merkt. Onmiddellijk grijpt Jaime naar zijn telefoon.

Een paar minuten later wijst hij mij links en rechts op mannen die deel uit maken van het zakkenrollersteam van de Amsterdamse politie. Agenten in burger die naadloos opgaan in de menigte. Op afstand volgen ze de twee vrouwen richting het Rokin, maar wanneer ze niets verdachts zien en hen een kwartier later in een tram zien stappen, laten ze hen gaan en verleggen ze hun aandacht naar een paar winkeldieven die betrekkelijk eenvoudig, met drie gestolen zonnebrillen ter waarde van 700 euro op zak, in hun kraag worden gevat. Jaime baalt en vloekt een paar keer. De door hem ontdekte zakkenrollers gaan vrijuit. Hij snapt wel waarom. De politie kan het zich niet permitteren om uren achter een vermoedelijke zakkenroller aan te lopen zonder dat die daadwerkelijk iets strafbaars doet. Jaime doet dat wel. Als hij beet heeft, laat hij niet los. Ooit achtervolgde hij een verdacht duo drie uur lang. In die drie uur gebeurde er helemaal niets, maar Jaime vertrouwde op zijn gevoel. Hij kreeg gelijk. Uiteindelijk sloeg het tweetal toe.

?En dan?? vraag ik. ?Als de politie er niet is, wat dan??

?Dat ligt eraan,? zegt Jaime. ?Ik mag niemand aanhouden, ik ben gewoon een burger, maar als het kan probeer ik er wel voor te zorgen dat het slachtoffer zijn eigendommen terugkrijgt. Zakkenrollers schrikken vaak wanneer je erop afrent en laat weten dat je het gezien hebt. Met een beetje geluk laten ze dan de buit vallen en gaan er vandoor.? Wanneer we zonder resultaat voor de tweede keer de hele Kalverstraat zijn door gelopen ? Jaime hanteert een looptempo dat anderen uitsluitend reserveren voor het halen van een trein of bus ? begin ik hem te knijpen. Stel nou dat we niemand pakken vandaag? ?Uitgesloten,? zegt Jaime stellig. ?Op de Bloemenmarkt is het altijd prijs.?

Adrenaline

Het is een bewering die niet alleen voortkomt uit eigen ervaring. Ook de statistieken geven Jaime gelijk. Hoewel landelijk de cijfers spectaculair teruglopen (van 40.000 in 2013 naar 29.000 in 2015), blijft het aantal aangiftes van zakkenrollerij in Amsterdam stijgen. Van 9385 aangiftes in 2014, naar 9573 in 2015. Een stijging van twee procent. En dat ondanks de inzet van gespecialiseerde teams van de politie, voor wie het dweilen met de kraan open lijkt. Ondanks Jaime van Gastel, die hen de zakkenrollers op een presenteerblaadje aanbiedt.Ook deze keer.

?Hier, moet je voelen,? zegt Jaime terwijl hij mijn hand op zijn borst drukt. Zijn hart beukt alsof het eruit wil.

?Adreline,? zegt hij in een dusdanige staat van opwinding dat hij niet de tijd neemt om alle lettergrepen van het woord uit te spreken.

Het drietal vermeende zakkenrollers heeft inmiddels de koffie achter de kiezen. Ze verlaten het terras en lopen door de Vijzelstraat richting de Heineken Experience en de Albert Cuypmarkt. Wat ze niet weten is dat een lid van het zakkenrollersteam amper vijftien meter achter hen loopt. Zelf houden we meer afstand omdat Jaime er nog altijd rekening mee houdt dat wij ?stuk? zijn.

?Maar wat heb je nou eigenlijk concreet gezien?? vraag ik. ?Genoeg,? zegt Jaime. ?Maar wat dan??

?Het is het hele plaatje,? zegt Jaime. ?Het klopt niet. Dit zijn geen toeristen. De man keek op de Bloemenmarkt al even naar een tas, en een van die vrouwen keek twee keer achterom. Daarna gingen ze koffiedrinken, om rustig om zich heen te kunnen kijken en er zeker van te zijn dat ze niet in de gaten werden gehouden.? ?Hoe weet je dat nou zo zeker?? vraag ik. ?Ik kijk ook wel eens achterom. Mijn ogen blijven onbewust ook wel eens aan een tas hangen. Ik drink ook wel eens koffie.? Precies op dat moment gaat Jaime?s telefoon.

?Zie je wel, motherfuckers!? roept Jaime als hij ophangt.

De agent die het drietal op de hielen zit, heeft de mollige vrouw zojuist een poging zien wagen in een vestiging van de Tours & Tickets. Het slachtoffer dat er in de rij stond te wachten had niets in de gaten, maar mist ook geen eigendommen, zo blijkt wanneer een van de agenten het haar laat controleren. Nauwelijks honderd meter verderop, bij een hotdogkraam tegenover de Heineken Experience proberen ze het bij een andere toerist.Van een afstand zie ik hoe ze kort op de rij wachtenden gaan staan en net doen of ze de menukaart bestuderen. Ondertussen zoekt een hand naar kostbaarheden. Een paar seconden. Dan zijn ze weer weg. Jaime?s opwinding kent geen grenzen meer.

?IK ZEI HET TOCH! MOTHERFUCKERS!? roept hij over zijn schouder terwijl hij een rood voetgangerslicht negeert en bijna dood wordt gereden. ?IK ZEI HET TOCH!? roept hij nogmaals vanaf de overkant.

Op heterdaad

Op het Marie Heinekenplein is het prijs. Een groep Amerikaanse toeristen staat te luisteren naar hun gids, wanneer de tengere vrouw in het rood-zwart gestreepte shirt haar slag slaat. Ze mengt zich in de groep en loopt er dan weer uit. Ze is een paar tellen uit ons zicht geweest, maar niet uit dat van het zakkenrollersteam. Uit verschillende hoeken komen agenten in burger aangesneld en in een mum van tijd staat het drietal met handboeien om tegen een muur.

Jaime is er als de kippen bij om zijn trofee?n op te eisen.

?I got you, h?, I got you!? zegt hij grijnzend, terwijl hij zijn neus zo?n beetje tegen die van de aangehouden man drukt. Daarna gaat hij met elke trofee afzonderlijk uitgebreid op de foto. Als een jager met een hert of een wild zwijn. Alleen bij Jaime zijn het Roemenen. ?Zie je dat?? zegt Jaime, wijzend op de tengere vrouw die, gelet op het mooie weer, een opvallende sjaal draagt. ?Om af te schermen, h?.? Het slachtoffer is inmiddels ook achterhaald. Van de politie-actie op het plein heeft ze niets gemerkt en van het zakkenrollen evenmin. Als een agent haar aanspreekt, heeft ze geen idee waarover het gaat. Ze mist niets. ?Kijkt u eens goed in uw tas,? zegt een agent.

?Maar die heb ik de hele tijd in mijn handen,? zegt de vrouw.

?Kijkt u toch even,? zeg de agent. De verbazing op haar gezicht maakt plaats voor ongeloof en daarna voor blinde paniek. Haar portemonnee, met een flinke hoeveelheid cash en al haar creditcards, is weg. Net als het paspoort van haar man en dat van haarzelf. De agent geeft haar de buit terug. De tengere Roemeense was het gelukt om de buit ongezien uit de handtas van de Amerikaanse te vissen, terwijl die haar tas dus in haar handen had. Haar dank is groot. En Amerikaans.

?You guys are heroes,? zegt ze. ?You keep this city safe! God bless you!?

Dankbaar nemen de leden van het zakkenrollersteam de complimenten in ontvangst. Complimenten die voor een groot deel ook Jaime toekomen. Tegen een van de agenten zeg ik dat ik het opvallend vond hoe snel ze na zijn telefoontje in actie kwamen. ?Vooral omdat hij het drietal op dat moment nog niets strafbaars had zien doen,? verduidelijk ik.

?Dat is juist het bijzondere aan hem,? zegt de agent. ?Hij betrapt zakkenrollers voordat ze iets doen.?

?Heeft hij het ook wel eens mis?? vraag ik. ?Ik heb het nog niet meegemaakt,? zegt de agent.

Even later kijkt Jaime toe hoe het politiebusje de straat uitrijdt en zijn prooi wordt afgevoerd richting politiecel. Hij straalt van oor tot oor. Langzaam zakt zijn hartslag weer tot onder de 200. En daar is die hand weer.

?High five, motherfucker! Ik zei het je toch??

Zo simpel is het, vindt winkelmanager Jaime van Gastel (spreek uit: Gaime). Zakkenrollers moeten worden gepakt en als hij daar een handje bij kan helpen, dan doet hij dat. En dus jaagt hij al achttien jaar op mannen en vrouwen met grijpgrage handjes, in samenwerking met de Amsterdamse politie.

Zodra Van Gastel potenti?le zakkenrollers signaleert, vaak nog v??r zij de fout ingaan, belt hij het zakkenrollersteam van de politie. De agenten in burger komen dan aanfietsen, laten zich door hem instrueren, volgen de verdachten en rekenen hen in zodra ze iets stelen. Hij zit er nooit naast, vertelt een extatische Van Gastel. ‘Er zijn meer dan 400 zakkenrollers door mij opgepakt.’

Een politiewoordvoerder bevestigt dat aantal: ‘Jaime heeft er echt een neus voor. Het is knap wat hij kan. Dat is niet eens elke politieman gegeven.’ Na een ‘heterdaadje’ nodigen agenten hem uit op het bureau, zegt Van Gastel. ‘Voor wat eten of een bakkie koffie. Heel sociaal.’

Amsterdam als jachtterrein

“Het begon toen ik elke dag huilende vrouwen aan mijn kassa had”

Nu de winkelmanager zijn bijzondere hobby sinds kort ook op Youtube etaleert, is hij ineens een halve beroemdheid. Op internet trokken zijn vier filmpjes (het eerste zette hij op 10 december online) al meer dan 300 duizend kijkers. In de media heet hij ineens de ‘zakkenrollerjager’. ‘Een paar dagen terug had mijn Youtube-kanaal nog maar 18 digitale abonnees, nu zijn het er meer dan 3.500’, vertelt de Van Gastel terwijl hij door Amsterdam loopt. ‘Het is alsof er een bom is gebarsten.’

De Hagenees koos de hoofdstad als jachtterrein omdat hij daar jarenlang werkte, als manager van twee schoenenwinkels in de Kalverstraat. ‘Het begon toen ik elke dag huilende vrouwen aan mijn kassa had. Portemonnee gestolen, tas weg. Keer op keer.’ Onrecht, noemt Van Gastel dat. ‘Je moet gewoon van andermans spullen afblijven.’

“Voor zakkenrollers is Amsterdam het paradijs op aarde”

Daarom – ‘en ok?, ook vanwege de adrenaline’ – besloot hij op zijn dagelijkse route van station Amsterdam Centraal naar de Kalverstraat op zakkenrollers te gaan ‘jagen’. Maar ook nu hij in Lelystad werkt reist hij minstens een keer per week naar Amsterdam om urenlang het Damrak en de Kalverstraat af te speuren, op zoek naar dieven. ‘Voor mij is dit ontspanning, even geen klanten helpen. En voor zakkenrollers is Amsterdam het paradijs op aarde. Een paradijs met dagjesmensen die hun geld niet diep genoeg wegstoppen, toeristen die hun jassen over een stoel hangen in een restaurant en dames die hun schoudertassen niet met een hand tegen hun lijf houden. En rugtassen, levensgevaarlijk.’

Ook na al die jaren kan Van Gastel niet goed uitleggen hoe hij zakkenrollers precies herkent. ‘Bij mij in de schoenenwinkel zag ik: die mensen zijn niet met het product bezig. Die pakken een schoen, zonder er goed naar te kijken, en zoeken dan een plek naast een van mijn klanten. Of beter gezegd: naast de tas van mijn klanten. Maar op straat herken je hen lastiger. Mijn eerlijke antwoord is: ze hebben allemaal een beetje van die rotkoppen.’ Lachend: ‘En ja, ik heb d’r misschien ook wel de kop voor, maar ik ben zelf nooit een dief geweest.’

“Ik vind het heel stoer om de politie te kunnen helpen bij het opsporen van zakkenrollers,” zei Van Gastel over zijn hobby in een eerder interview. Hij spot de zakkenrollers en schakelt vervolgens de politie in voor de arrestatie. “En toen dacht ik: misschien vinden mensen het ook wel stoer om hier naar te kijken.”

Een schot in de roos, zo blijkt. Met slechts vier filmpjes? wist hij meer dan 200.000 kijkers en 3500 abonnees binnen te halen. En Van Gastel is niet de eerste. De onlangs doodgeschoten misdaadblogger Martin Kok stond erom bekend verdachten herkenbaar in beeld te brengen en van nog niet bewezen misdrijven te beschuldigen.

Ook de Amsterdamse camerajournalist Frank Buis heeft deel van zijn bekendheid te danken aan zijn zakkenrolfilmpjes. Zijn meest bekeken video’s, minstens 100.000 kijkers per stuk, gaan over Roemeense dieven en manke bedelaars die worden ontmaskerd omdat blijkt dat ze prima kunnen lopen. Net als bij Van Gastel komen de hoofdrolspelers volledig herkenbaar in beeld.

De video’s vallen duidelijk in de smaak, maar roepen ook juridische en ethische vragen op. ?Van Gastel helpt de politie door ze op de zakkenrollers te wijzen, maar brengt ze tegelijkertijd huilend in beeld wanneer ze in de boeien worden geslagen. Hun verdiende loon of privacy-schending? Frederik Zuiderveen Borgesius, onderzoeker aan het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam, probeert antwoord te geven op die vraag.

Deze criminelen worden op heterdaad betrapt, op de openbare weg, waarom zou je hen niet in beeld brengen?
“Ondanks het feit dat ze gearresteerd worden, gaat het hier nog steeds om verdachten, niet veroordeelden. Stel dat achteraf blijkt dat iemand, om wat voor reden dan ook, toch niet schuldig is, dan kunnen deze beelden hem voor altijd achtervolgen. In zo’n filmpje gaat elke nuance verloren.”

Toch lijken de meeste mensen die op de filmpjes reageren er geen moeite mee te hebben dat deze beelden online staan
“Dat het zo makkelijk is om beelden online met elkaar te delen is relatief nieuw. Dat betekent dat de normen en waarden die we hierbij hebben nog een beetje moeten indalen. Net als in de jaren negentig, toen veel mensen weinig kwaad zagen in het online delen van films en muziek met elkaar. Terwijl dit wel illegaal was.”

Maar is dit illegaal?
“Ja,?je mag? volgens de wet niet zomaar beelden van verdachten op het internet zetten. Het is een vorm van eigenrichting die teveel inbreuk maakt op de privacy van de verdachte.”

Wanneer is de inbreuk van privacy wel een optie?
“De politie of justitie publiceert wel eens foto’s of beschrijvingen van verdachten als ze naar hen op zoek zijn. Winkels die camerabeelden op Facebook zetten om winkeldieven op te sporen, overtreden daarmee vaak de wet. In zo’n geval is de privacy-inbreuk (het openbaar maken van de beelden) te zwaar om het doel (opsporing) te bereiken. Maar die winkels hebben nog het doel om een misdrijf op te lossen. In het geval van dit YouTube-kanaal worden de zakkenrollers al op beeld gearresteerd; er is dus niet eens een opsporingsbelang om de beelden online te zetten.”

Vaak beroepen de makers van dit soort video’s zich op het feit dat ze journalist zijn. Verandert dat de zaak?
“Tot een bepaalde hoogte. In de journalistiek gaat het over de balans tussen de privacy van de persoon en de vrijheid van meningsuiting van de journalist. Er moet nog steeds worden gekeken of de privacy-inbreuk proportioneel is. In dit geval denk ik niet dat dit zo is. Sterker nog, het zou zelfs kunnen dat een rechter afziet van het bestraffen van een zakkenroller omdat het feit dat de video online is gezet al als een straf op zich wordt gezien.”

En hoe zit het nu met privacy?

De boeven worden tot nu toe allemaal herkenbaar door Jaime in beeld gebracht. De Amsterdamse politie heeft daar helemaal geen moeite mee. “Hij staat gewoon op de openbare weg als hij filmt. We vinden daar verder niets van”, zegt een woordvoerder.?Hij is juist?blij met de inzet van Jaime. “Hij is goed coachbaar en doet het heel goed.” Jaime helpt volgens de woordvoerder al jaren met het opsporen van zakkenrollers.

“Het is niet zo dat je iemand die een misdrijf pleegt, zomaar op internet mag zetten.” – aldus?internetjurist?Bart Schermer.?Maar dat hij?op een openbare weg filmt, betekent niet dat de video’s geen juridische gevolgen kunnen hebben. “Als je iemand heel specifiek gaat filmen, valt het niet meer onder het recht om in de openbare ruimte te filmen”,?stelt Bart Schermer.?”Dat is dan een inbreuk op de privacywet ? ongeacht of iemand nou iets legaals of illegaals doet.”

“Het gaat dan uiteindelijk dus om de afweging van het journalistieke belang van Jaime ? hij legt misdrijven vast die worden gepleegd ? tegenover de privacy van iemand die gefilmd is. Het is niet gezegd dat omdat iemand een misdrijf heeft gepleegd, je diegene zomaar op internet mag zetten.”

Jaime denkt er over na om in het vervolg de gezichten te blurren.?Hij heeft woensdag met zijn account?een video geliket met de titel ‘Hoe maak je iemand onherkenbaar in een video’. Liever houdt hij de daders?gewoon herkenbaar.

Hij heeft er?een goed gesprek over gehad met het zakkenrollersteam. “Ik moet voortaan wat meer op een afstandje staan, niet zo overdreven als de vorige keer. Agenten mogen er sowieso niet op.” Bovendien is er een kans dat door de beelden de straf van een dader een stuk lager uitvalt. Als iemand herkenbaar in beeld is gebracht, kan de rechter oordelen dat diegene “in de media al genoeg is gestraft”. Een voorbeeld is een gefilmde?mishandeling in Eindhoven. De beelden waren te zien op tv en social media. De rechter gaf de daders een lagere straf dan was ge?ist?vanwege alle media-aandacht.

Op naar?Barcelona

Jaime wil?voorkomen dat hij zijn?video’s van de rechter moet verwijderen.?”Als ik straks een goede actiefilm heb en ik moet die vanwege een rechtszaak weer verwijderen, dan heb ik een groot probleem.” Hij overweegt naar Barcelona te gaan om daar video’s te maken. “Volgens mij mag het daar gewoon.”

Bronnen: Panorama, De Volkskrant, Parool, De Telegraaf, NOS

Van Predictive Policing naar Prescriptive Policing

Vandaag ontving Siebe Riedstra, Secretaris Generaal van het ministerie van Veiligheid en Justitie, het boek ?Van Predictive naar Prescriptive Policing? uit handen van Leen van Duijn, directeur Nationale Veiligheid en Crisismanagement TNO. In dit boek adviseert TNO over de invoering van Predictive policing en Prescriptive policing.

Allereerst gaven?Jeff Brantingham en Sean?Malinowski van de LAPD?een presentatie bij het ministerie van Veiligheid en Justitie over wetenschap en praktijk van Predpol en daarna was het aan Reinder Doeleman van de politie Amsterdam om de ervaringen?van CAS uit de doeken te doen.

Voor TNO de uitgelezen kans om de publicatie “Van Predictive Policing naar Prescriptive Policing” aan te bieden. Jeff heeft het altijd over ‘Beyond the box’ , want predictive policing kan zoveel meer zijn?dan alleen vakjes op een kaart voorspellen waar misdaad volgens kansberekening gaat plaatsvinden. TNO trekt de lijn van ontwikkelingen door van predictive naar prescriptive policing. Van misdaad voorspellen tot voorspellend effect van politiewerk.

DSCF5511

Predictive Policing

Predictive Policing is politiewerk aan de hand van voorspellingen. Door verfijnde algoritmen?los te laten op big data kan de politie straks misdaden voorspellen. Predictive Policing biedt?de politie de mogelijkheid om d??r aanwezig te zijn waar de kans op een volgend incident het?grootst is. Het werkt preventief. Ook de politie is al aan de slag met deze ontwikkeling. Deze?publicatie beschrijft de ontwikkeling van Predictive Policing en de basisprincipes ervan. De?auteurs ontkrachten 10 mythen rond dit thema, zoals: crimineel gedrag is niet te voorspellen.?Ook gaan ze in op de verschillende ontwikkelingen, zoals PredPol en het Amsterdamse?Criminaliteits Anticipatie Systeem (CAS).

Invoering van Predictive Policing bij de politie kan, maar wat zijn de uitdagingen? Die spelen?zich op meerdere vlakken af: doel en toepassing, mens en organisatie, proces, informatie en?techniek. Wat zijn bijvoorbeeld de juridische en ethische aspecten van Predictive Policing??Hoe moeten mens en organisatie veranderen om dit instrument effectief te gebruiken? Hoe?betrouwbaar is de informatie die het systeem aanlevert eigenlijk? De effectiviteit van Predictive?Policing hangt in feite af van de informatie die in het systeem wordt ingevoerd. Het gaat?de politie er bovendien niet om zo goed mogelijk te voorspellen waar een incident kan plaatsvinden,?maar om dit incident te voorkomen. De politie zal daarom in kaart moeten brengen?wat de effectiviteit is. Meetbaar maken van het effect van de inzet dus.

Prescriptive Policing

Als Predictive Policing voorspellen is wat er gebeurt als je niets doet, wat is dan Prescriptive?Policing? Prescriptive Policing voorspelt op basis van de kennis van de effecten van bepaalde?interventies wat de effectiviteit van een bepaalde inzet van politiemiddelen zal zijn, gegeven?een specifieke situatie. Het systeem suggereert wat de beste interventie is op basis van
vergelijkbare context, maar de mens beslist uiteindelijk. De ontwikkeling naar Prescriptive?Policing vraagt om een integrale benadering, waarin doel, proces, informatie, techniek en?mens en organisatie in samenhang met elkaar worden aangepakt. In een stappenplan?onderscheiden de auteurs vier implementatieniveaus, inclusief de stappen die de politie?moet zetten om een niveau hoger te komen. Van Intelligence-led Policing naar Predictive Policing?naar Effect-led Policing naar Prescriptive Policing.

Hoe de politie te werk zou kunnen gaan? Een competitieve test uitvoeren, voor een systeem?kiezen en dat langzaam uitrollen. Dat laatste is belangrijk, omdat mensen een gevoel?moeten krijgen voor de mogelijkheden van het systeem. Invoering van Prescriptive Policing?vraagt dus om professionalisering van de politie. Pas als men meetbaar maakt wat het?effect is van een interventie wordt de stap naar het vierde implementatieniveau mogelijk. De?innovatie moet stapsgewijs plaatsvinden in publiek-private samenwerking met leveranciers?en kennisinstellingen, waarbij in Living Labs wetenschappelijke kennis wordt toegepast in de?politieomgeving, samen met technologieleveranciers.

[slideshare id=61354641&doc=104tnorpredictivepolicingweb-160426065651&type=d]

Oproep op Facebook om buren te vermoorden

fb2

Dreigingen via social media zijn geen nieuws meer. Zo hoorden?we al lange tijd geleden dat er naar schatting zo’n 35.000 doodsbedreigingen per dag op alleen al Twitter langskomen. Natuurlijk is veruit het grootste deel onschuldig en uit context geplaatst, maar toch. Soms komen er berichten langs die wat serieuzer genomen dienen te worden, of de schijn daarvan hebben. Zo plaatste een man uit Amsterdam onlangs op Facebook een oproep gedaan om zijn buurvrouw en een vriend van haar te doden.??Ik heb nog ??n verlangen in dit leven: dit duivelsgebroed uit te roeien?, schrijft hij op zijn Facebookpagina. ?Ieder hoofdstuk is mij tienduizend euro waard.?? Hij?heeft op Facebook aangekondigd een ‘gegarandeerde beloning’ van 20.000 euro klaar te hebben liggen voor wie zijn buurvrouw en haar vriend om het leven brengt. Ook schrijft hij: “Iedereen mag mee komen helpen. (?) Als ik maar het genoegen heb eigenhandig de lichtjes uit te doen.??De oproep volgt op een jarenlange burenruzie waarin beide partijen elkaar beschuldigen van overlast en intimidatie, schrijft?De Telegraaf.?De recherche?onderzoekt de oproep op Facebook?en een wijkagent probeert te?bemiddelen in het conflict.

De burenruzie in een appartementencomplex aan het IJ begon zes jaar geleden toen de vrouw zich beklaagde over de honden van haar buurman.?Woningbouwcorporatie Ymere heeft beide partijen een andere woning aangeboden, maar ze weigeren te vertrekken. Ymere is een procedure gestart om de vrouw uit haar woning te zetten, omdat omwonenden vooral last van haar hebben.?De politie zegt daarvan op de hoogte te zijn. “De wijkagent is er al lange tijd zoet mee”, zegt een woordvoerder tegen RTL Nieuws.?”De betrokkenen doen over en weer aangifte tegen elkaar van vernieling, bedreiging en mishandeling. We hebben van deze Facebook-bedreiging ook een aangifte binnen. De recherche doet er onderzoek naar.”?Volgens de politie komt dit soort conflicten ‘gelukkig’ niet veel voor in Amsterdam.

Bronnen: De Telegraaf, NOS, RTL.

 

Symposium eDiscovery focust op impact online media

De rol van digitaal bewijs bij opsporing wordt steeds groter. Over dat onderwerp wordt op donderdag 23 april gesproken tijdens het Symposium E-Discovery, georganiseerd door het gelijknamige HvA-lectoraat. Op het symposium zijn gebruikers en makers van E-Discoverytechnieken aan het woord.

Verslag van?Jos Willemsen?? 28 april 2015

Het is alweer de zesde keer dat het Symposium E-Discovery plaatsvindt. ?Vijf jaar geleden begonnen deze symposia als mijn openbare les, ik wilde E-Discovery op de kaart zetten,? vertelde E-Discovery lector Hans Henseler
?vorig jaar?tijdens de Lustrum-editie. Dat E-Discovery inmiddels op de kaart staat, is te merken aan de opkomst. Het Benno Premselahuis is ingeruild voor Pakhuis de Zwijger. Henseler organiseerde met zijn lectoraat daar vorig jaar al mede de?DFRWS conferentie.

Ook tijdens dit symposium volgt weer het onderwerp waar het lectoraat E-Discovery voor staat: het verkrijgen en verwerken van digitaal materiaal voor opsporing. ?Dit jaar kijken we terug naar The Decade of Discovery en kijken we vooruit naar de impact van online media op het verzamelen, verwerken en zoeken naar digitaal bewijs?, legt Henseler uit.


Social media
Een goed voorbeeld daarvan is het verhaal van Arnout de Vries. Arnout werkt bij onderzoeksorganisatie TNO en is de tweede van zeven sprekers die op het programma staan. Hij neemt ons mee in de wereld van opsporing via sociale media; door Arnout ook wel de ?moderne Sherlock Holmes? genoemd. ?Sociale media zorgen voor een revolutie in de opsporing, zoals DNA dat dertig jaar geleden deed,? zegt Arnout. ?Er is bijna geen misdaadsoort waarbij sociale media niet betrokken zijn.?


Als voorbeeld wordt de Britse burgerjournalist Eliot Higgins aangehaald, die door sociale media met bewijs kwam in de zaak van de MH17. Higgins werd zelfs als getuige opgeroepen bij het proces, terwijl hij zijn appartement niet uit was geweest. ?Social media is een gamechanger in alle facetten van het politiewerk?, concludeert Arnout de Vries.
Of via YouTube:

En bijbehorende slides:


Informatiemarkt
Wie de grote zaal van Pakhuis de Zwijger verlaat, komt terecht op de informatiemarkt. Daar heeft een aantal data- en digitale opsporingsbedrijven een kraam. De markt fungeert bovendien als netwerkmogelijkheid, waarbij professionals met elkaar praten over de laatste stand van de techniek. Hans Henseler: ?Door deze informatiemarkt luister je niet alleen naar verhalen over de theorie van E-discovery, maar kun je ook leren wat er daadwerkelijk gebeurt in de praktijk.?
Bronnen: HvA

Troonswisseling: veilig door feest

Door: Maureen Sarucco
1 Inleiding

Voor mij is ? net als voor vele anderen ? het startpunt van deze bijzondere gebeurtenis de middag van 28 januari 2013; de dag waarop de Rijksvoorlichtingsdienst meldt dat die avond een toespraak van koningin Beatrix zal worden uitgezonden. Ik heb het bericht gemist, maar een van mijn zussen belt mij hierover op en vertelt dat het gerucht gaat dat de koningin naar alle waarschijnlijkheid haar aftreden zal aankondigen. Ik ben er even stil van en vervolgens gaat een vloek door de telefoon. Gaat deze klus nu aan mijn neus voorbij, omdat ik sinds 28 dagen niet meer bij de directie Openbare Orde en Veiligheid (OOV) werkzaam ben? Mijn zus herinnert mij eraan dat ik de rust wil opzoeken na 30 jaren noeste arbeid. Zij heeft gelijk, maar het zijn niet de
woorden die ik op dat moment wil horen en hang mopperend op.

In mijn dertigjarige loopbaan (1982-2013) bij de directie OOV van de gemeente Amsterdam ? waarvan de laatste 22 jaar als directeur OOV ? heb ik alle ontwikkelingen op dit gebied mogen meemaken en aan vele daarvan ambtelijk sturing gegeven. Naast de verantwoordelijkheid voor het functioneren van een directie, was ik op dit terrein de ambtelijke rechterhand van de burgemeester en ? zoals in Amsterdam gebruikelijk is ? technisch voorzitter van het gemeentelijk beleidsteam bij bijzondere gebeurtenissen en incidenten. Ik heb in deze functie vele crises helpen managen; van de Bijlmerramp tot aan de moord op Theo van Gogh en de zedenzaak Robert M. Voorts was ik de projectleider OOV bij onder andere de Eurotop in 1997, het koninklijk huwelijk in
2002 en de huldiging van het Nederlands Elftal na het WK in 2010. Na zoveel werkzame jaren in het hectische OOV-domein, ben ik op 1 januari 2013 als in te huren adviseur begonnen aan een nieuwe fase in mijn loopbaan bij het Project Management Bureau van de gemeente Amsterdam. En nu zou juist dit jaar de troonswisseling plaatsvinden?

In dit hoofdstuk volgt een persoonlijk chronologisch verhaal rondom de voorbereidingen van de troonswisseling van 2013 met als hoofdthema het voordeel van werken met uitgangspunten, uitmondend in een nieuw veiligheidsconcept. Ook wordt ingegaan op het belang van bestuurlijke sturing op de voorbereiding van dit soort grote evenementen. Het is een hoofdstuk over de openbare orde en veiligheid, waarin een aantal knelpunten en persoonlijke leerpunten aan de orde komt.

Het vermeldt niet de vele momenten van tevredenheid over gezette stappen, de wijze waarop iedereen elkaar bijstond, de energie en ook het plezier waarmee is gewerkt. Ook zijn de vele werkzaamheden van het civiele deel van de organisatie onderbelicht. Het hoofdstuk vertelt dus slechts een deel van het gehele verhaal. (De openbare offici?le evaluatie die plaatsvond onder begeleiding van het COT bevat het volledige verhaal en alle ge?nventariseerde leerpunten. Zie hiervoor ?De Troonwisseling 2013: feestelijk, open, ongestoord en veilig?, 2013).

troons1

2 Het begin
De aankondiging van abdicatie
Wanneer velen die maandagavond, 28 januari 2013, met zekere vermoedens naar de televisie kijken, is de burgemeester enkele uren eerder door de minister-president bericht dat koningin Beatrix haar abdicatie zal aankondigen. Nederland staat voor een historische gebeurtenis, Amsterdam voor een unieke uitdaging. De hoofdstad van Nederland is de grondwettelijke plaats van abdicatie. In het Paleis op de Dam zal de koningin met een handtekening afstand doen van de troon, waarna de kroonprins automatisch de nieuwe koning wordt. In de Nieuwe Kerk zal de nieuwe koning vervolgens worden ingehuldigd in een gezamenlijke vergadering van de Eerste en Tweede Kamer.

De volgende dag, 29 januari 2013, bespreekt het Amsterdamse College van Burgemeester en Wethouders wat de abdicatie precies voor de stad betekent. Amsterdam wil natuurlijk graag aan haar grondwettelijke verplichtingen voldoen. Het College wenst het land ook een publieksevenement aan te bieden, een moment waarop de nieuwe koning en koningin zichzelf aan de bevolking presenteren. De burgemeester wordt aangewezen als bestuurlijk trekker van dit evenement; bij hem ligt dan ook de keuze voor het ambtelijk projectleiderschap.

Aan het einde van de middag word ik door de burgemeester gebeld. Ik slaak een zucht van verlichting bij het horen van zijn stem en, inderdaad, bij zijn vraag of ik de projectleider OOV Troonswisseling wil worden. De huidige directeur OOV is zich nog aan het inwerken en moet aan de slag met een grote reorganisatie van de directie. Ik antwoord natuurlijk positief en word uitgenodigd voor een eerste overleg diezelfde avond in de ambtswoning. De burgemeester vertelt voorts dat hij Pierre van Rossum (directeur van het Project Management Bureau van de gemeente) als projectleider Civiel wil vragen. Door ?civiel? te scheiden van ?OOV? worden deze twee rollen van de gemeente bij het evenement gescheiden. De rol van organisator wordt gescheiden van
de rol van toezichthouder en handhaver (vallend onder de verantwoordelijkheid van de burgemeester voor de openbare orde en veiligheid). Beide projectleiders krijgen de opdracht om de Amsterdamse bijdrage aan de troonswisseling voor te bereiden.

Die avond komt een aantal personen voor een eerste overleg bijeen in de ambtswoning van de burgemeester. De voorbereidingstijd is slechts drie maanden en het zou lonen om zo snel mogelijk een aantal piketpaaltjes te slaan. Het doel van de bijeenkomst is het maken van een eerste inventarisatie van wat er gebeuren moet. De driehoek, de gemeentesecretaris, de directeur en een senior adviseur van de directie OOV, het hoofd Voorlichting en beide projectleiders formuleren die avond echter al een aantal uitgangspunten. Achteraf bezien leiden de uitgangspunten tot een nieuw veiligheidsconcept.

Fundamentele keuzen
In het overleg vindt in feite de kick-off van de voorbereidingen plaats. Iedereen is zich bewust van het speciale karakter van het evenement. Maar ook van het vele, deels ingewikkelde werk dat ons te wachten staat. Wij bespreken de (psychologische) druk van de troonswisseling in 1980, toen het qua openbare orde zo uit de hand liep. Hoewel de OOV-discipline in de daarop volgende drie decennia waar het gaat om het beheersen van menigten (crowd control) en grootschalig optreden veel kennis en ervaring heeft opgedaan, beseffen wij allen dat deze historische erfenis aan de komende gebeurtenis kleeft. Bij de troonswisseling in 2013 m??t het goed gaan!

De startbijeenkomst levert meer op dan wij allen op de avond van 29 januari vermoeden. Er wordt een hoofduitgangspunt geformuleerd: de troonswisseling moet feestelijk, open, ongestoord en veilig verlopen. Maar er worden meer uitgangspunten vastgesteld: de veiligheidsmaatregelen moeten zo beperkt mogelijk blijven en van een zo kort mogelijke duur zijn. Voorts moet het gebied waarin de maatregelen zullen gelden, zo klein mogelijk zijn. Daar waar burgers onevenredig veel last hebben van maatregelen, zullen alternatieve c.q. compenserende maatregelen moeten worden bedacht.

Bij de discussie over de uitgangspunten maakt de burgemeester duidelijk dat de troonswisseling niet alleen een feestdag voor VIP?s mag worden. De burgervader vindt het belangrijk dat iedere burger deze historische gebeurtenis kan mee-ervaren en zo min mogelijk in die ervaring wordt gehinderd. Dit zal ook het draagvlak bevorderen voor de te nemen veiligheidsmaatregelen. De burgemeester geeft daarom als richtlijn dat de stad niet hermetisch mag worden afgesloten; het moet voor burgers mogelijk blijven om de stad te doorkruisen. Alle aanwezigen zijn het eens met deze invulling van de uitgangspunten ?feestelijk en open? en ik realiseer mij hoezeer de richtlijnen bij de burgemeester passen. Eberhard van der Laan is een bestuurder met een scherp oog voor de rechten en belangen van burgers. Ik ben mij er op dat moment echter onvoldoende van bewust hoe letterlijk de burgemeester dit bedoelt en voor welke uitdagingen dit ons professionals zal stellen.

De burgemeester wil ook graag dat de jaarlijkse viering van Koninginnedag gewoon doorgaat. Het uitgangspunt ?feestelijk? betekent zijns inziens ook dat burgers door de troonswisseling niet van hun jaarlijkse feestje mogen worden beroofd. Ik breng onder de aandacht dat het bij de combinatie troonswisseling en Koninginnedag om twee massale, grotendeels ongelijksoortige evenementen gaat. Koninginnedag heeft een open en vrij toegankelijk karakter, terwijl de troonswisseling voornamelijk besloten, protocollair en logistiek precies van aard is. Ook is de vraag hoe voor de troonswisseling ruimte te maken in een
stad die op Koninginnedag jaarlijks al 700.000 bezoekers trekt, waarvan een deel met een voor de openbare orde riskant profiel (overmatig alcoholgebruik). De burgemeester is ervan overtuigd dat wij dat aankunnen, dat Koninginnedag het publiek zal helpen spreiden en daarmee zal bijdragen aan de crowd control. Voor mij is de bestuurlijke lijn helder. Het is nu aan de professionals om het besluit uit te werken en daar waar zij tegen professionele grenzen aanlopen, de knelpunten ter bespreking op bestuurlijk niveau op tafel te leggen.

troons3

3 De voorbereidingen

Bundelen professionaliteit en ervaring

Na de startbijeenkomst is het zaak om samen met mijn collega-projectleider de organisatie op te zetten en goede mensen aan te trekken. Ik start met de club om mij heen. Uit de directie OOV haal ik Nicky Jansen Schoonhoven als mijn allround plaatsvervanger, Berend Temme als deelprojectleider crowd management en onze assistent wordt Nika Haspels. Van het stadsdeel Noord vraag ik Maaike Smeels, een voormalig teamhoofd van de directie OOV, als deelprojectleider?Crisismanagement. De interim-directeur ICT, Jan Martijn Metselaar, wordt deelprojectleider ICT. Marco Zannoni, de directeur van het COT, vraag ik om mij te adviseren en als tegendenker te fungeren. Het zijn allen zeer ervaren en gekwalificeerde professionals; een mooie club. Ook Pierre van Rossum bouwt een club met zeer capabele professionals om zich heen. Tussen het civiele en OOV deel lopen vele dwarsverbanden met, qua bezetting, een personele kruisbestuiving.

Het opzetten van de organisatie vraagt natuurlijk tijd; het is niet eenvoudig om een geoliede organisatie op te zetten. In het OOV deel komen de belangrijkste partijen wier bevoegdheden essentieel zijn voor het welslagen van het project, op 19 in totaal. Voorts komen wij uit op 14 cruciale co?rdinatie- en besluitvormingsgremia. Lastig, omdat naast vergaderen er ook gewerkt moet worden!

Hoewel het officieel om een Nationaal Evenement gaat (een Nationaal Evenement is een evenement dat bezocht wordt door personen die staan op een door het Rijk opgestelde limitatieve lijst, waarbij het nationaal belang centraal staat en het karakter van het evenement een specifieke of verhoogde druk legt op de bewaking en beveiliging van die personen), hebben de minister van Veiligheid en Justitie en de burgemeester afgesproken dat het zwaartepunt lokaal ligt en ?de zeshoek? in charge is. In de bestuurlijke zeshoek zitten onder voorzitterschap van de burgemeester de zes partijen die cruciaal zijn voor het handhaven van de openbare orde en veiligheid: de burgemeester, de hoofdofficier van justitie, de eenheid chef van politie, de co?rdinator bewaken en beveiligen NCTV,78 en voorts ook de beide projectleiders. Daarnaast functioneert onder mijn voorzitterschap een ambtelijke subzeshoek, waarin de zes partijen op?directieniveau vertegenwoordigd zijn, plus de projectleider Civiel en vertegenwoordigers van het departement van Algemene Zaken en het Hof. In de ambtelijke subzeshoek komt alles bijeen ter voorbereiding van de besluitvorming in de bestuurlijke zeshoek. Naast de projectleider Civiel is mijn belangrijkste partner in de subzeshoek plaatsvervangend eenheidschef Jan Pronker, een zeer ervaren politiecommissaris in grootschalig optreden. De subzeshoek is een bekwame club vol ouwe rotten in het vak die al jaren met elkaar samenwerken. Dat werkt snel en goed. Ook de lijnen naar het Rijk en het Hof zijn kort en de?samenwerking is constructief. Bij het Rijk zijn vooral de NCTV en het departement Algemene Zaken onze belangrijkste partners.

Te tackelen problemen

Het verkrijgen van capaciteit blijkt geen knelpunt bij de voorbereidingen; iedereen wil wel meewerken aan zo?n uniek evenement. Sterker nog, dat wordt zelfs een probleem. Om effectief te organiseren kun je namelijk niet iedereen gebruiken (qua aantal en kwaliteiten); er moeten ook mensen zijn die het gewone werk blijven doen. Een ander ? eeuwig terugkerend ? probleem is natuurlijk de informatieoverdracht. Hoe krijg en houd je iedereen ge?nformeerd? Een groot deel van de dag wordt dan ook besteed aan het uitwisselen van informatie, het wegwerken van misverstanden, het opruimen van ruis et cetera.

Gelukkig helpt de krappe voorbereidingstijd om tot snelle ?n goede besluitvorming te komen. Alle betrokkenen voelen de tijdsdruk en het belang van efficiency en effectiviteit, temeer omdat op het gebied van de openbare orde en veiligheid een groot aantal problemen te tackelen is. Zo dreigt, met de combinatie van de troonswisseling en Koninginnedag, een overvolle stad. Hoe voorkomen wij een ongecontroleerde aan- en afvoer van grote bezoekersstromen met verschillende publieksprofielen, waaronder overmatig alcoholgebruik? Hoe gaan wij om met potenti?le demonstraties? Amsterdam is van oudsher tolerant waar het gaat om protesteren en demonstreren en de troonswisseling mag daarop geen uitzondering zijn. Het is niet de bedoeling dat demonstranten volledig uit het zicht blijven. Maar bij het koninklijk huwelijk kon nipt worden voorkomen dat demonstranten de linies doorbraken en de gouden koets bereikten.

Een andersoortig probleem vormen de communicatieverbindingen die op Koninginnedag altijd al kwetsbaar blijken te zijn. Op deze 30ste april moet de communicatie gegarandeerd zijn. Operationele diensten moeten met elkaar kunnen communiceren, ook met de actiecentra en het beleidscentrum. Burgers moeten ? vanuit overwegingen van crowd control ? op hun mobiele telefoons actuele informatie kunnen ontvangen over de evenementen, looproutes, NS-tijdstippen etcetera. Een uitdaging is ook de microfoon op het balkon van het paleis. In 1980 kwamen de koninklijke stemmen ternauwernood boven het lawaai uit. Wij herinneren ons allen de beelden van prinses Juliana, die op het balkon van het paleis de menigte tot stilte maant. Dat mag nu niet meer gebeuren.

Een andere uitdaging is de beschikbare ruimte op de Dam, het is vechten om elke centimeter. De ruimte op het plein moet verdeeld worden tussen het publiek, de erehagen, de passerelle, de NOS-cabine en de veiligheidsringen. Ten behoeve van de beveiliging wordt gewerkt met zogenoemde ?ringen?: een afgebakend gebied met beveiligingsmaatregelen waarbinnen geen publiek mag komen. Hoe dichter bij de te beveiligen persoon, hoe strenger de maatregelen. Een ring kan stabiel zijn (rondom een gebouw waarin de persoon zich bevindt), maar ook mobiel (rondom de verplaatsing van de te beveiligen persoon). Rondom het paleis en de Nieuwe Kerk op de Dam moet een veiligheidsring komen, waardoor de Dam wordt afgesloten voor publiek. Voorts liggen woningen en bedrijven in de?veiligheidsring. Ook de beveiligde route ? de afgesloten route voor het vervoer van gasten ? ligt lastig in de infrastructuur van Amsterdam. De routes gaan dwars door de stad en belemmeren burgers de stad te doorkruisen en soms zelfs nog praktischer, om de straat waar ze wonen in of uit te komen.

Dan is er nog de vraag hoe om te gaan met de zogenoemde ?potentieel gewelddadige eenlingen? (PGE?ers). Sinds de aanslag in Apeldoorn in 2009 wordt bij high profile evenementen rekening gehouden met het risico van personen die de openbare orde en veiligheid verstoren en wellicht zelfs in staat zijn tot extreem geweld. Het gaat vaak om gekende personen die door persoonlijke of psychische problemen publieke gezagsdragers bedreigen.

Dit is slechts een deel van de vele vragen en knelpunten die soms heftige botsingen opleveren tussen de uitgangspunten ?feestelijk en open? en ?veilig en ongestoord?. De kernvraag is steeds hoe wij deze uitgangspunten kunnen samenbrengen in een bomvolle stad, die niet op slot mag en waarin burgers zich zo vrij mogelijk moeten kunnen bewegen. Wij beginnen te beseffen hoe moeilijk de invulling die de burgemeester aan de uitgangspunten ?feestelijk en open? heeft gegeven, zich verhoudt tot traditionele (massale) veiligheidsmaatregelen. Het consequent vasthouden aan de uitgangspunten maakt het werk lastiger, het?vinden van oplossingen vraagt tijd, denkkracht en energie. De eerlijkheid gebiedt te bekennen dat bij een ieder van ons wel eens de gedachte postvat om dan maar in te teren op een uitgangspunt, te kiezen voor de gemakkelijke weg. Maar er komt gelukkig altijd een correctie vanuit de (sub)zeshoek, een pleidooi om vast te houden aan de uitgangspunten en op zoek te gaan naar oplossingen. Een zoektocht die steevast leidt naar creativiteit en vaktechnische rijkdom.

Bestuurlijke vasthoudendheid

Voor alle problemen vinden wij een oplossing, dat is Amsterdam wel toevertrouwd. Ik heb dan ook geen moment van wanhoop. Zo zetten wij het in de afgelopen jaren op Koninginnedag gevoerde alcoholbeleid voort en scherpen het hier en daar aan. Verspreid over de stad wijzen wij zes demonstratieplekken aan. Defensie plaats extra zendmasten voor de verbindingen en de ruimte op de Dam wordt keurig verdeeld onder alle belanghebbenden. Voor de bewoners en bedrijven in de veiligheidsringen worden maatoplossingen gevonden. Voor de PGE?ers ontwikkelen wij per persoon een plan van aanpak et cetera.

Het meest spannende en voor mij meest leerzame moment doet zich voor rondom het zoeken naar een geschikte locatie voor het publieksevenement. Dat is het moment waarop de nieuwe koning en koningin en de bevolking elkaar zullen ontmoeten en begroeten. Overwogen wordt een rit met de gouden koets, zoals op de dag van het koninklijk huwelijk. Deze optie wordt niet goed bevonden, omdat de route onvoldoende plek biedt voor de vele te verwachten toeschouwers. Een vaartocht door de grachten wordt afgekeurd vanwege de veiligheidsrisico?s en de stremmingen die een dergelijke vaartocht oplevert voor de vele boten en bootjes op Koninginnedag. Het IJ biedt echter volop gelegenheid voor een Koningsvaart. Navraag bij kringen rondom het Hof leert dat ook de toekomstige koning een dergelijk evenement op prijs zal stellen.

Een operationele schouw van een evenement op het IJ maakt echter een aantal grote knelpunten zichtbaar. Hoewel ook enqu?tes geen enduidig beeld geven van de hoeveelheid te verwachten publiek, gaan wij uit van grote aantallen bezoekers (jaarlijks minimaal 700.000 op Koninginnedag), van een grote aan- en afvoer van mensen en een grote stroom van bezoekers naar het IJ. Voorts houden wij rekening met het bijeenkomen van verschillende typen publiek publieksprofielen), waaronder jongeren uit Noord-Holland die op Koninginnedag altijd in grote aantallen naar Amsterdam komen en veel overlast (kunnen)?geven. Het grootste knelpunt verwachten wij bij het Centraal Station, waar naar verwachting publiek van Koninginnedag en publiek voor de Koningsvaart elkaar zullen ontmoeten in de vorm van tegengestelde vervoersstromen. Rondom het einde van Koninginnedag en de start van de Koningsvaart ? ongeveer tussen 19.00 en 21.00 uur ? zullen grofweg drie publiekstromen tegelijk gebruikmaken van het Centraal Station. Aan het einde van Koninginnedag zal een stroom mensen?de vrijmarkt en evenementen in Amsterdam verlaten en het Centraal Station betreden richting perrons/treinen. Een tweede stroom mensen zal vanuit Nederland met de trein naar Amsterdam komen en de perrons verlaten voor de verschillende evenementen ?s avonds. Ten slotte zal een derde stroom mensen vanuit de binnenstad het Centraal Station als doorgang gebruiken richting het IJ om naar de Koningsvaart te kijken. De ramp in Duisburg tijdens Love Parade in 2010 (met 21 doden) heeft laten zien welke dramatische gevolgen tegengestelde stromingen van grote groepen mensen in een kleine ruimte kunnen hebben.

De subzeshoek ziet geen oplossing voor dit knelpunt en dit betekent dat de Koningsvaart misschien niet door kan gaan. De subzeshoek is zich bewust van deze consequentie, maar voelt ook de druk van de combinatie troonswisseling en Koninginnedag. Wij hebben ambtelijk de grenzen van het behapbare bereikt.

Bij de bespreking van de Koningsvaart in de zeshoek blijkt dat de burgemeester zich niet neerlegt bij de ambtelijke grenzen en erin gelooft dat wij professionals een oplossing zullen vinden. Daar komt bij dat het weidse IJ, met op de kade de mooie bebouwing, een geweldige locatie voor het publieksevenement is. De televisiebeelden van een Koningsvaart zullen voor Amsterdam een uniek en wereldwijd visitekaartje zijn.

De burgemeester houdt dus vast aan een Koningsvaart op het IJ en het is een spannende bespreking in de zeshoek rondom de uitgangspunten ?feest? en ?veilig?. Een bespreking die uitmondt in de afspraak dat er opnieuw zal worden gezocht naar mogelijkheden om de Koningsvaart op het IJ toch door te laten gaan. De burgemeester geeft mij de opdracht om met de subzeshoek een laatste poging te doen, nu met inbreng van alle externe expertise, denkkracht en creativiteit. Dat de burgemeester op voorhand aangeeft dat hij na een nieuwe oprechte zoektocht eerder geneigd zal zijn het advies van de subzeshoek over te?nemen, houdt de professionals in hun waarde. Het is geven en nemen.

Denken in kansen

We organiseren een creatieve sessie; een sessie waarin denkkracht wordt georganiseerd door actief kennis, ervaring en creativiteit van buiten naar binnen te halen. We doen dat op de bovenste etage van het Havengebouw, met een panorama-uitzicht over het IJ. We zitten dus letterlijk bovenop de plek waar het gebeuren moet.

De bijeenkomst met een diversiteit aan expertise blijkt een gouden greep te zijn (aan de creatieve sessie onder leiding van het COT namen externe deskundigen deel van het Zwarte Cross Festival, MOJO concerts, Traffic Support, de Politieacademie, gemeente Nijmegen, de NS, Prorail, Defensie, TU Delft en TNO, en verder een deskundige sociale media en gedrag en verschillende gemeentelijke onderdelen). Ik ben verrast over het grote aantal ? ook nieuwe ??idee?n en voorstellen. Na de sessie blijft de subzeshoek achter en wij inventariseren en ordenen de oogst. Er zijn voorstellen gedaan voor het spreiden van publiek, voor het scheiden van publieksprofielen en voor het be?nvloeden van publieksstromen. Er zijn zelfs voorstellen om meer grip te krijgen op de massa mensen in de gehele stad. De vraag die de subzeshoek nu moet beantwoorden is of met de voorstellen alle knelpunten voldoende worden opgelost. Wij spreken af om onszelf een week te gunnen om de voorstellen uit te werken en zo inzicht te krijgen in de realiseerbaarheid.

Na een week is er veel en goed werk verzet en de politie is tot het uiterste gegaan om de IJ-optie door te kunnen laten gaan. Er ligt een raamwerk van inzetbare maatregelen voor publieksspreiding, profielscheiding en publieksstromen. Hoewel vele voorstellen niet nieuw zijn ? Amsterdam heeft veel ervaring op het gebied van zeer grote evenementen ? is wel de enorme omvang van de voorstellen en de samenhang daartussen nieuw, als ook de diepgang en doordachtheid. De kracht van de aanpak zit vooral in de integraliteit en dat betekent dat ?lle maatregelen gerealiseerd moeten worden. De subzeshoek moet nu?een besluit nemen. Durven wij bij zo?n groot en uniek evenement als de troonswisseling een nieuwe aanpak aan en de zeshoek positief te adviseren?

Echte samenhang is hard werken

De gepokt en gemazelde Amsterdamse professionals blijken niet te oud om te leren; ze nemen de voorstellen over en stappen hiermee uit hun routine. Ik ervaar dit als een mooi moment. Nieuw is ook dat wij meer veiligheid willen cre?ren met meer feest, in plaats van met meer traditionele veiligheidsmaatregelen. De maatregelen betekenen wel extra werk in de maand voorbereidingstijd die resteert, terwijl er al zoveel nog te doen is. Enkele voorbeelden van de maatregelen.

Publieksspreiding/publieksprofiel: Door zelf evenementen op te zetten en de evenementen over de stad te verspreiden, kun je als overheid de spreiding van het publiek be?nvloeden. Door ook te sturen op de programmering van de evenementen kun je invloed uitoefenen op wie (welk publieksprofiel) je wanneer op welke locatie wilt hebben.

Dit leidt tot de opzet van twee grote evenementen, die speciaal ten behoeve van de crowd control worden georganiseerd. Ten eerste een feest op het Museumplein, om publiek vast te houden en de toeloop naar de Koningsvaart op het IJ te verminderen. Het Museumplein fungeert daarmee als het ware als ?overloopgebied?. Het programma is bedoeld voor gezinnen. Voorts wordt op verzoek van Amsterdam door Radio 538 een dance event in Alkmaar georganiseerd, teneinde risicovolle jongeren uit Noord-Holland daar te houden. De kosten van beide evenementen worden door Amsterdam en sponsoren betaald.

De locaties van de andere zeven grote betaalde dance-evenementen in het kader van Koninginnedag passen goed in dit concept. De locaties liggen verspreid over de stad (niet in de binnenstad) en helpen het publiek verder te spreiden, zodat dance-liefhebbers niet de binnenstad in hoeven.

Publieksstromen: Door slimme fasering in eindtijden van evenementen, door te werken met uitgelijnde looproutes met verwijzingsborden en door uitgekiende communicatie kun je invloed uitoefenen op waar en wanneer je een publieksstroom wilt hebben. Zo wordt bijvoorbeeld een app ontwikkeld voor bezoekers. Door de fasering in de eindtijden van alle evenementen, kun je invloed uitoefenen op de afvoer van personen via het Centraal Station ? en de andere stations ? rekening houdend met de maximale vervoersbelasting van de NS.

Dit leidt tot een uitgekristalliseerde spreiding van de aanvangs- en sluitingstijdstippen van de evenementen. De fasering in de tijdstippen voorkomt een piekbelasting op de wegen en de drie NS-stations. Ook wordt zo voorkomen dat publiek na afloop van het ene evenement massaal naar de start van een ander evenement gaat.

De volgende horde

Ook over de beveiligde route ? de afgesloten route waarlangs de gasten zullen worden vervoerd ? vindt in de zeshoek een stevige botsing plaats tussen de uitgangspunten, in dit geval gaat het om ?open? en ?veilig?. Vanwege de locatie van het Paleis en de Nieuwe Kerk (midden in de stad), loopt deze route door de stad, waardoor het publiek grote omwegen zou moeten maken om de stad te doorkruisen. De burgemeester kiest voor de afgesproken richtlijn dat de stad niet op slot mag. Een tweede creatieve sessie levert oplossingen. Zo wordt de route op gezette tijden via sluisjes voor het publiek opengezet en komen op twee plekken over de beveiligde route bruggen te liggen. Dit zijn geen simpele oplossingen. De sluisjes betekenen voor de politie een extra complicatie, omdat
bij de logistiek van het vervoer van de stoetjes ? op zich al ingewikkeld genoeg ? rekening moet worden gehouden met doorkruisend publiek. Het bouwen van bruggen ligt ook ingewikkeld in de infrastructuur van Amsterdam en is een dure aangelegenheid. Gelukkig blijkt de Genie in staat en bereid een brug (kosteloos) te bouwen. De andere brug wordt tegen betaling door een aannemer aangelegd.

De uitgangspunten ?feestelijk en open? blijken in meer dan ??n betekenis kostbare uitgangspunten te zijn; kostbaar in professionele rijkdom en kostbaar in geld. Maar het bestuur van Amsterdam is bereid de kosten te betalen, samen met sponsoren en het Rijk.

troons4

4 Een prachtige dag

Op 30 april betreed ik om 08.00 uur het beleidscentrum. Ik heb de bunker niet eerder zo vol gezien. De sfeer is uitstekend, iedereen is blij dat d? dag is aangebroken. Ik merk ook een rust, een vertrouwen dat de zaken goed zijn voorbereid. Het is nu aan de professionals op straat; het beleidscentrum is er ?slechts? voor grote knelpunten en calamiteiten. Elders in het stadhuis is een aantal actiecentra gehuisvest (voor communicatie, ICT, toezicht, infrastructuur) en ook daar proef ik dezelfde sfeer.

Hoewel de programmaonderdelen in Amsterdam plaatsvinden, werken wij met een opgeschaalde crisisorganisatie (GRIP-4) en een regionaal beleidsteam (RBT). Dit omdat incidenten tijdens de troonswisseling grote consequenties kunnen hebben die regionaal gemanaged moeten worden (bijvoorbeeld verdelingsvraagstukken rondom de inzet van hulpdiensten). Door reeds opgeschaald te werken, gaat geen tijd verloren in de respons.

Omdat de burgemeester een grondwettelijke rol heeft bij de abdicatie, en op andere momenten gedurende de dag de stad Amsterdam moet vertegenwoordigen, wordt hij in zijn rol als opperbevelhebber en voorzitter van het RBT vervangen door de plaatsvervangend voorzitter van de Veiligheidsregio, de burgemeester van Amstelveen. Voor de burgemeester van Amsterdam is in de Nieuwe Kerk een zitplaats geregeld buiten het bereik van de televisiecamera?s, zodat hij ? indien nodig ? ongemerkt kan weglopen om naar het beleidscentrum te komen. Hij is verder ? met uitzondering van het offici?le moment van abdicatie ??wel bereikbaar voor overleg en komt tussen de verplichtingen door regelmatig naar het beleidscentrum om zich te laten bijpraten. Als technisch voorzitter van het RBT heb ik gedurende de dag tussen de briefings door niet veel te doen. Dat komt in de bunker niet vaak voor.

De dag van de troonswisseling wordt een zeer geslaagde dag. De maatregelen pakken goed uit. Er zijn geen problemen van betekenis met de mensenmassa en de programmaonderdelen verlopen vlekkeloos, inclusief de Koningsvaart. Het enige smetje vormen de onterechte aanhoudingen van twee personen op de Dam. Bij beide personen bezorgt de politie dezelfde middag bloemen thuis. Een combinatie van factoren heeft tot deze aanhoudingen geleid. Bij de ene aanhouding is sprake van een persoonsverwisseling met iemand op de PGE-lijst. Voorts zijn er moeizame portofoonverbindingen en is er veel omgevingslawaai op?de Dam, wat verificatie van de identiteit op dat moment onmogelijk maakt. Voor de andere aanhouding is geen eenduidige verklaring, al stond deze persoon wel op een lijst van personen die mogelijk een risico zouden vormen voor het ongestoord verloop van de troonswisseling. Bij beide aanhoudingen speelt mogelijk ook mee de wellicht te ver doorgevoerde wens van ons allen om 1980, die dag vol ordeverstoringen, achter ons te laten. De algemene conclusie is dat dat is gelukt.

Bij de Koningsvaart ervaart ook het beleidscentrum de grenzen van haar invloed wanneer de koning en koningin, tegen het advies van het beleidscentrum in, de boot verlaten en het podium op het Java-eiland betreden om dj Armin van Buren en de dirigent van het Concertgebouworkest de hand te schudden. In het daaraan voorafgaande half uur is er over en weer telefonisch overleg tussen de burgemeester en mij over de vraag of deze uitstap veiligheidstechnisch?mogelijk is. Ondanks het advies van het beleidscentrum om in de boot te blijven, stapt de nieuwe koning toch van boord. Terwijl wij vrij machteloos naar de televisiebeelden kijken, dringt tot ons door dat de koning een beter besef van h?t moment heeft dan wij. Dit moment wordt het hoogtepunt van de Koningsvaart.

Straaljagers

Ik beleef een ander hoogtepunt. Een grote persoonlijke wens van mij gaat in vervulling. Toen ik tijdens het eerste overleg in de ambtswoning van de burgemeester het idee opperde om op de dag van de troonswisseling straaljagers te doen overvliegen, reageerde de burgemeester gereserveerd, omdat de aard van Amsterdam en Amsterdammers er niet bepaald ??n is met liefde voor groot militair vertoon. Ik had echter het gevoel dat het wat genuanceerder ligt en in de eerste weken van de voorbereidingen herinner ik de burgemeester regelmatig aan het idee van de straaljagers. Ik lijk op een haperende plaat, verwijs?naar het buitenland waar militair ceremonieel bij plechtstatige aangelegenheden mooie beelden oplevert, refereer aan de succesvolle inzet van de Chinook die het Nederlands Elftal na het WK in 2010 van Den Haag naar Amsterdam vervoerde, en bepleit dat de jonge generatie Amsterdammers anders tegen dit soort ceremonieel aankijkt.

De burgemeester bleef in eerste instantie gereserveerd, maar geeft na een aantal weken zuchtend aan bij deze en gene de voelhorens te zullen uitsteken. Ik ben blij en besluit mijn burgemeester te ?helpen?. Aan Defensie en het Hof stel ik de vraag waarom de luchtmacht op 30 april geen rol heeft in de vorm van overvliegende straaljagers met rook in de kleuren van de Nederlandse vlag. De landmacht zal die dag verschillende erehagen vormen en van zeker ??n fregat zullen de kanonnen spreken. Ik pols ook de reacties in de subzeshoek. Sommigen vinden het een leuk idee, anderen zijn neutraal, een enkeling heeft er?helemaal niets mee. Maar geen van hen is tegen en allen beloven mij hun bazen positief te adviseren. Bij de bespreking van dit onderwerp in de zeshoek mag ik van de burgemeester niet meepraten, omdat hijeen objectieve discussie wil. Ik heb geen moeite met de zwijgplicht, per slot van rekening is het voorbereidend werk gedaan. Wanneer de burgemeester het onderwerp uiteindelijk in het landelijk bestuurlijk overleg bespreekt, besluit de Ministeri?le Commissie Troonswisseling tot inzet van straaljagers. De burgemeester belt mij na de vergadering op met het bericht dat hij voor mij verheugend nieuws heeft. Maar toen bleek er toch nog een hindernis te zijn. Nederland beschikt niet over rookpotten met rode, witte en blauwe rook, maar ? gelukkig! ? Frankrijk wel. Aan het einde van de dag van de troonswisseling ontvang ik van vele personen mails met foto?s en filmpjes van de overvliegende straaljagers
met rook in de kleuren van onze vlag. Ik bewaar ze zorgvuldig, voor mij h?t hoogtepunt van de dag.

troons2

5 Tot slot

Op 1 mei hebben omstreeks 01.30 uur de meeste bezoekers Amsterdam verlaten. In het beleidscentrum gaan dan de flessen champagne open en bij uitzondering drinken de operationele diensten een glaasje mee. Wij omarmen elkaar, zijn tevreden en trots over het verloop van de dag, onze inspanningen zijn beloond. De burgemeester spreekt een mooi dankwoord en staat stil bij het werk van elke partner. Wanneer de burgemeester mij bedankt, begin ik mij te realiseren welke klus wij allen samen hebben geklaard en welke ambtelijke verantwoordelijkheid op mijn schouders rustte. Ook op de schouders van de politie. Zonder?anderen tekort te willen doen, noem ik hier toch even de politie, die operationeel en logistiek een bijzondere prestatie heeft geleverd. Om 03.00 uur ga ik moe maar blij naar huis.

Wij kunnen met voldoening terugkijken op alle voorbereidingen, met trots op een zeer geslaagde dag. In de drie voorbereidingsmaanden is door vele professionals keihard gewerkt. Mede dankzij de vasthoudendheid van de burgemeester, de kwaliteiten van de professionals en de inbreng van externen heeft een aantal dilemma?s ons tot ?chte samenwerking en professionele groei gebracht. De instrumentenkist voor de voorbereiding van (grote) evenementen is verrijkt met het concept ?meer veiligheid door feest?. En er is een nieuwe standaard bereikt waar het gaat om de daadwerkelijke realisatie van uitgangspunten en?integraal werken, en dat alles binnen de door de gemeenteraad toegekende begroting. Met zo?n resultaat is hard werken niet erg. Ik heb geleerd dat het extra werk dat gepaard gaat met het recht doen aan uitgangspunten ten volle opweegt tegen het eindresultaat: een prachtige dag; een dag van ons allen voor ons allen.

Weet wat je tweet

weettweet

Dick Roodenburg?is co?rdinator Integrale Veiligheid Gemeente De Ronde Venen en?schreef voor SocialMediaDNA en VDMMP deze gastblog over zijn masterthesis. Hij onderzocht daarin op welke wijze het gebruik van twitter een bijdrage kan leveren aan het vertrouwen van de burger in de politie aan de hand van een onderzoeksmodel voor vertrouwen, gemaakt door Jackson en Bradford?(hele paper). Hij deed dit onderzoek onder begeleiding van Hans Boutellier aan de Vrije Universiteit Amsterdam.?

De vraagstelling kwam voort uit de ambitie van de bestuurlijke werkgroep binnen de Politie-eenheid Midden Nederland om invulling te geven aan de strategische doelstelling ?Vergroten publiek vertrouwen?. De vraag daarbij was hoe hierbij slimmer en effectiever gebruik gemaakt kan worden van nieuwe sociale media. In het kader van dit onderzoek heeft Dick?zich beperkt tot het gebruik van Twitter door de wijkagent. Dit zou naar verwachting een haalbaar en nuttig object van onderzoek zijn, aangezien een aantal uitgangspunten helder was. De belangrijkste hier te noemen zijn de lokale verankering van de veiligheidszorg, wat het basisprincipe is van het politiewerk, de rol die de wijkagent daarin speelt, het opbouwen en onderhouden van relaties met de inwoners, communicatie die daarin een (hoofd)rol speelt en het toenemende gebruik van Twitter door de wijkagent.?

Presentatie nieuw politieuniform

Vertrouwen versterken via Twitter

We weten?dankzij?onderzoek?van Leon Veltman dat het gebruik van Twitter een positieve invloed kan hebben op het vertrouwen van de burger in de politie. Maar welke factoren zijn bepalend voor dit vertrouwen? En op welke wijze kan het gebruik van Twitter het vertrouwen versterken? In mijn bestuurskundig onderzoek ?Weet wat je tweet??is hier nader op ingegaan. Als uitgangspunt is hierbij gehanteerd dat het (algehele) vertrouwen van de burger in de politie (de wijkagent) wordt bepaald door drie factoren:

  • effectiviteit van de politie;
  • eerlijk, rechtvaardig en respectvol optreden door de politie;
  • betrokkenheid van de politie met de lokale gemeenschap en gedeelde waarden.

Veronderstelling: offline en online zelfde

Deze factoren staan direct en indirect met elkaar in verband. De veronderstelling is dat deze factoren niet alleen tot uitdrukking komen in het dagelijks werk op straat, maar dat deze factoren ook tot uitdrukking moeten komen in de tweets die de wijkagenten de wereld in sturen. Dit is verder onderzocht door drie twitterende wijkagenten en tien van hun volgers (dus totaal 30 volgers) te interviewen. Daarnaast zijn de tweets van de wijkagenten over een periode van een jaar (in totaal 3506 tweets) geanalyseerd en gecategoriseerd aan de hand van de drie genoemde factoren.

Drie factoren bepalen invloed op vertrouwen

Zowel de interviews als de data-analyse laten zien dat het tonen van betrokkenheid met de eigen omgeving de belangrijkste invloed hebben op het vertrouwen van de burger. Daarnaast zijn respectvolle bejegening (adequate beantwoording van vragen) en het terugkoppelen van informatie van groot belang voor het vertrouwen.

Tweets over effectiviteit (over aanhoudingen, boetes, resultaten en dergelijke) lijken het minst sterk van invloed op het vertrouwen. Verzoeken om een bijdrage te leveren (?wie heeft iets gezien??) doen het goed, mits over de afloop wel wordt teruggekoppeld.

Handvatten zodat de wijkagent ?weet wat hij tweet?

Het onderzoekt levert in elk geval aanbevelingen op voor het ?twitterbeleid? om de bijdrage van Twitter aan het vertrouwen van de burger in de politie te versterken. Daarnaast levert het onderzoek een indicatorenlijst (zie de lijst hieronder) om tweets eenvoudig te kunnen categoriseren naar soort (effectiviteit, eerlijkheid/respect, betrokkenheid of combinatie daarvan). Hiermee heeft de twitterende wijkagent een richtlijn in handen, zodat hij beter voor zichzelf ?weet wat hij tweet?. Nu wordt het tijd om deze lijst in de praktijk te testen. Ik hoor graag jullie ervaringen. Dat mag hieronder?middels de reacties of via e-mail.

Social media kunnen veiligheid brengen

Veel organisaties staan voor de uitdaging om de enorme hoeveelheid informatie op social media tijdens evenementen of incidenten te filteren. Social media hebben de kracht om informatie snel te verspreiden. Deze informatie kan prima gebruikt worden, want met name tijdens incidenten gaat dat ultiem snel.

TwitcidentTwitcident is een social media intelligence platform dat ontworpen is om informatie op social media te filteren en waarschuwingen af te geven?en?incidenten te managen. Het probeert als het ware de menselijke zintuigen op social media om te zetten in nuttige informatie voor veiligheid en andere maatregelingen voor de openbare orde. Taalgebruik op social media verschilt met het taalgebruik van organisaties. Twitcident probeert de juiste informatie hier uit te halen, ze doen doen dit samen met een aantal onderzoekers van TNO en TU Delft. Uit de socialmedia-inhoud proberen we bruikbare inzichten te filteren, zegt Richard Stronkman oprichter van?Twitcident. Inzichten die relevant zijn voor de dagelijkse operatie en veiligheid tijdens grote incidenten.

Bij grote evenementen kunnen nu tienduizenden twitterberichten worden gefilterd en teruggebracht tot een bruikbaar aantal, waarmee de politie de veiligheidssituatie in de gaten kan houden. De ontwikkeling begon in 2011 toen Pukkelpop werd getroffen door noodweer en er doden vielen. ?Hadden we dat niet via social media zien aankomen??, vroeg Stronkman zich af. ?Zaten er signalen in de socialmediastroom die we hadden kunnen oppakken?? Een inhoudelijke analyse destijds, liet zien dat men wel over het weer praatte. Op verschillende locaties. Ook liet analyse zien dat de intensiteit op bepaalde locaties in korte tijd toenam. Onder andere in de omgeving van Pukkelpop. ?Als we toentertijd al alle socialmediadata hadden geanalyseerd, zoals we dat nu kunnen, had de organisatie van Pukkelpop waarschijnlijk niet het advies gegeven om iedereen in tenten te laten schuilen, maar hadden we de aanpak van afgelopen Pinkpop gehanteerd en mensen op het veld laten zitten.?

Een ander voorbeeld uit het pre-Twitcident-tijdperk is het befaamde?Project X ?incident uit het Groningse Haren. In alle chaos werd er getwitterd dat er een meisje was doodgedrukt. Dit werd in no time als nieuwsfeit geretweet. Voordat men het wist, domineerde het bericht een tijd lang het socialmediaverkeer, waardoor het gerucht een eigen leven ging leiden. Met de attentiewaarde van het onjuiste bericht ging de aandacht niet uit naar andere signalen op social media die relevant waren om de veiligheid in Haren weer enigszins terug te brengen.

Begin?2012 is er?onderzoek?gedaan?naar het gebruik van sociale media in het veiligheidsdomein. Hieruit bleek dat het veiligheidsdomein sociale media vooral inzet om informatie te geven over het werk, de organisatie en bij incidenten en calamiteiten. Het begint met luisteren.?In een onderzoek onder alumni Master Crisis and Disaster management en Master Crisis and Publicorder Management en onder deelnemers aan de opleiding Informatiemanager in de crisisbeheersingskolom zijn opvallend grote verschillen te zien qua gebruik van sociale media. Als het gaat over het gebruik van sociale media binnen de werkzaamheden, dan worden deze vooral als informatiebron benut. Wat opviel is dat het overgrote deel niet effici?nt luisterde op sociale media. In Enschede bij Serious Request is daarna veel ervaring met filtering en luisteren naar berichten opgedaan.

Op 30 april 2013 tijdens de troonswisseling in Amsterdam verwerkte Twitcident een half miljoen socialmediaberichten per uur. Hoe ga je daar de relevante berichten uithalen als het gaat om veiligheid? Niet alle berichten zijn belangrijk. Door een geavanceerd algoritme op alle socialmediaberichten, gecombineerd met gps-informatie van politie in de stad, kon de politie in de crowd control-kamer precies zien waar mensen nog normaal door de straten konden lopen en waar niet meer. ?Zo konden we de veiligheid en doorstroom goed beheersen.?

TwitterHet is moeilijk te zeggen wanneer iets op social media opeens duidt op een incident. E?n tweet van iemand met ?Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk? is niet interessant, 10 mensen die tweeten ?Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk? mogelijk wel. De algoritmes van Twitcident zijn complex. De kunst zit hem in het filteren van alle ruis. Een tweet met #Brand kan gaan over ?vuur?, maar ook over ?bier?. Het gaat om het observeren van een periode en de hoeveelheid socialmediaberichten op basis van locatie en mogelijke risico?s. De kunst zit in zo snel mogelijk bij het oorspronkelijke bericht te komen, zodat je kunt ingrijpen.

Een voorbeeld waar Twitcedent zijn ook meerwaarde toonde, was tijdens het Rotterdamse carnaval. Er was sensatie. Iemand had getwitterd dat er een man rondliep op het Beursplein met messen. Door het vroeg detecteren van de tweets en retweets, kon de politie ter plaatse een seintje krijgen. Die ging vervolgens een kijkje nemen en maakte een foto van het plein waar de man met messen zogenaamd stond. Dus niet. Deze foto werd direct geplaatst en het gerucht was met dezelfde snelheid weer weg.

Social media monitoring wordt inmiddels veelvuldig ingezet, ook bijvoorbeeld dit jaar in de Innovation Room van de Nuclair Security Summit. Twitcident zorgt er ook voor de partners binnen de Veiligheidsregio Groningen binnen enkele minuten ge?nformeerd worden over een gevoelde aardbeving in de regio. Het systeem zoekt naar tweets van mensen die een beving melden en stuurt vervolgens een mail en sms naar de aangesloten personen en de meldkamer. Vervolgens blijft het systeem tweets verzamelen om snel een beeld te kunnen vormen van de ernst van de situatie. Door de snelle alertering kunnen betrokken hulpverleningspartijen gebruiken voor snelle beeldvorming. In het verleden waren ze voor de alertering in eerste instantie afhankelijk van het KNMI die pas na een aantal uren kan aangeven dat er een aardbeving is geweest en hoe zwaar deze was.

Bron: Securityfacts