SocialMediaDNA richt zich op kennisdeling rondom social media, politie en maatschappelijke veiligheid. Onderwerpen vari?ren van de online aspecten van openbare orde, opsporing, vervolging, rechtspraak tot crisisbeheersing en communicatie.
Waarborgen commerci?le organisaties de grenzen van de rechtsstaat?
Op 20 december vond een debatavond plaats over deze vraag in De Balie te Amsterdam met o.a. strafrechtexperts, beveiligers, burgerrechercheurs en politie over samenwerkingen tussen de publieke en private sector.
Priv?detectives, particuliere beveiligers, burgerrechercheurs; organisaties kiezen er steeds vaker voor zelf een oplossing te vinden voor bijvoorbeeld fraude of cybercrime buiten het OM en de politie om. Ook zorgt een capaciteitsprobleem bij de politie ervoor dat OM en politie steeds vaker naar samenwerking zoeken met beveiligingsbedrijven. Dit vergroot de slagkracht van OM en politie.?Hoe ziet deze samenwerking eruit? Hoe gaan commerci?le organisaties om met bijvoorbeeld waarheidsvinding? Houden deze bedrijven zich aan de grenzen van de rechtsstaat?
Wat bovendien vragen oproept: uitsmijters bij caf?s, voetbalstadion-stewards en beveiligers van de luchthaven hebben gemeen dat zij in dienst zijn van een particuliere organisatie, maar zij worden vaak gezien als onderdeel van de politie. Wat zijn hiervan de gevolgen? Aan de hand van voorbeelden uit de praktijk verkennen we de toekomst van publiek-private samenwerking en wat het betekent voor de samenleving.
Opsporing en vervolging in de toekomst
Deze avond over beveiliging was de tweede in de programmareeks ?Opsporing & Vervolging in de toekomst?. In samenwerking met de politie en het OM maakt De Balie een serie over de herpositionering van politie en burger in het digitale tijdperk. Hoe kunnen alle partijen het best gezamenlijk anticiperen op technologische en maatschappelijke ontwikkelingen in relatie tot politiewerk en criminaliteit? Hoe kan daarbij de rechtstaat worden gewaarborgd? Brengen technologische ontwikkelingen ons het ultieme veiligheidsklimaat, of zullen we kennismaken met de donkere kanten van nieuwe technologie ? la hitserie Black Mirror? De eerste aflevering in deze serie ging over toenemende burgeropsporing, kijk het programma hier terug.
Bekijk het debat hier terug:
Peter van der Geer is een ervaren gespreksleider. Hij is auteur van Prachtige bijeenkomsten en oprichter van Debat.nl. Hij werkt veel op het snijvlak van overheid en maatschappij.
Met oa:
Martijn van de Beek?is directeur van Hoffmann Bedrijfsrecherche, een toonaangevend bedrijf in de particuliere onderzoeksector dat werkzaam is op de domeinen bedrijfsrecherche, riskmanagement en cybersecurity. Voorheen bekleedde van de Beek jarenlang diverse leidinggevende functies bij de Landelijke Eenheid van de politie.
Pauline Buurma?is straatmanager voor onder andere de Kalverstraat, Heiligeweg en het Rokin. Ze is het directe aanspreekpunt voor de besturen van de lokale ondernemersverenigingen en werkt veel samen met de gemeente. Ook heeft ze nauw contact met de wijkagenten omtrent de veiligheid in het winkelgebied.
Jeroen Goudsmit?is manager Forensic Services bij accountants- en belastingadviseurbedrijf PwC. Goudsmit behaalde een PhD in Mathematical Logic en is gespecialiseerd in digitale onderzoeksmethodieken. Hij houdt zich bezig met data-analyse in het kader van complexe technische vraagstukken.
Tom Heijm?is particulier rechercheur en eigenaar van recherchebureau Heijm voor zowel bedrijfs- als particuliere recherche. Voorheen was Heijm jarenlang werkzaam bij de politie. Recherchebureau Heijm is door politie en justitie erkend met het BPOB keurmerk, Branchevereniging voor Particuliere Onderzoeksbureaus.
Kevin Heller?is werkzaam in de particuliere beveiligingsbranche, onder andere als uitsmijter bij Amsterdamse clubs en persoonsbeveiliger. Ook is hij zelfverdedigingsinstructeur en had hij jarenlang een eigen vechtsportschool.
Bob Hoogenboom?is professor Forensic Business Studies aan de Nyenrode Business University en is betrokken bij de leergang ?Publiek Privaat Security Management?. Ook geeft hij les aan de politie academie en schreef hij een boek over de functie, cultuur en waarden van de Nationale Politie.
Erik de Jong?is Chief Research Officer bij computer- en netwerkbeveiligingsbedrijf Fox-IT. Hij houdt zich bezig met onderzoek naar trends in dreigingen, incidenten en kwetsbaarheden op het gebied van cybersecurity. Fox-IT werkt onder andere voor overheden en financi?le instellingen. De Jong is tevens bestuurssecretaris van Cyberveilig Nederland.
Erwin Schoemaker?is directeur van VEBON-NOVB, en manager van de afdeling beveiliging. VEBON-NOVB behartigt als vereniging de belangen van haar leden op het gebied van brandbeveiliging en criminaleitspreventie, en draagt tevens zorg voor opleiding, certificering en beleidsvorming in de veiligheidssector.
Ronald van Steden?is Universitair Hoofddocent Bestuurswetenschappen en Politicologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is van Steden verbonden aan de Stichting Maatschappij en Veiligheid en schreef hij een proefschrift over de privatisering van politiewerk.
Gestolen goederen
Waarmee is een ondernemer, wiens dure gereedschap is gestolen, blijer? Als de dader wordt gestraft of als zijn
spullen worden teruggevonden? Maarten van Grootheest, operationeel specialist, weet het wel en startte daarom een proef waarbij burgers meespeuren naar gestolen goederen.
Al zijn dure gereedschap was gejat. De ondernemer was niet goed verzekerd,?waardoor zijn werkzaamheden stil kwamen te liggen.? Toen Maarten in Zevenaar werkte, trof hij een ondernemer die slachtoffer was geworden van diefstal. Het ging de operationeel specialist aan het hart. Normaal gesproken zou Maarten nog een eenheid inschakelen om gezamenlijk een uur te besteden aan buurtonderzoek.
?In het beste geval blijkt uit zo?n buurtonderzoek dat de dader een blauwe jas aan had. Als iemand al wordt veroordeeld ? en die kans is klein ? dan krijgt de dader twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf. Een succes voor politie en OM, maar niet voor diegene die het aangaat. De ondernemer heeft daarmee zijn spullen niet terug.? Maarten besloot daarom om geen buurtonderzoek te doen, maar de vier manuren opsporingstijd die hij daarmee bespaarde, zelf te besteden aan speurwerk. De weken die volgden, zocht Maarten tussen de bedrijven door op internetmarktplaatsen naar het specifieke gereedschap, dat herkenbaar was aan serienummers en inscripties.
Na zes weken was het raak. In burgerkleding bezocht Maarten de aanbieder en constateerde dat het om de gestolen spullen ging. Hij maakte zich kenbaar als politieagent en nam de goederen in beslag. Uiteindelijke leidde het niet tot een veroordeling. ?Maar de ondernemer was z? blij; ik kreeg echt een kick van het politiewerk.?
?Kunnen we dit niet standaard doen??, vroeg Maarten zich al een tijdje af. Tijdens de themadag Herijking
Opsporing, waarbij OM en politie samen kijken hoe de opsporing en vervolging beter en effici?nter kan, deelde hij zijn ervaring. Dat vormde het startschot voor de proef met burgeropsporing, die hij nu in Basisteam IJsselwaarden uitvoert. Een oproep in De Gelderlander en Facebook leverde meer dan honderd bereidwillige burgers op uit de
omgeving van Doesburg, Dieren, Rheden en Velp.
Een onderzoeksbureau vroeg naar hun motivatie om een testpanel samen te stellen, dat zowel bestond uit gamers, gepensioneerden als slachtoffers. Op een januariavond kwamen twintig mensen naar een basisschool in Rheden, waar ze achter een computer mochten plaatsnemen om internet af te struinen. Ze kregen een lijst met goederen die in de tien weken daarvoor waren gestolen. Maarten: ?Aan alle aangevers was toestemming gevraagd. Zonder uitzondering vonden zij het goed dat burgers gingen meehelpen met zoeken.?
Politieman Maarten van Grootheest over burgeropsporing experiment: ?In twee gevallen vonden de cyberspeurders daadwerkelijk gestolen goederen die online verkocht werden. Een groot succes, want eigenlijk hadden we erop gerekend dat er niets gevonden zou worden” #burgeropsporingpic.twitter.com/OwrzropNGZ
Snuffelhoekjes
Op de lijst stonden sieraden, een gouden horloge, een wapen, computertoebehoren, fietsen en twee aanhangers. Zonder de namen van de slachtoffers Mensen mochten zelf kiezen waarnaar ze op zoek gingen. Maarten: ?Mensen kozen een voorwerp uit waar ze zelf veel verstand van hadden. Zo was er een computerexpert die precies wist hoeveel
bepaalde videokaarten kosten. Daardoor vermoedde hij meteen welke advertenties verdacht zijn omdat ze een totaal verkeerde prijs vroegen.
Redenen waarom burgers helpen bij de opsporing
1. Sommigen willen iets voor de samenleving betekenen
2. Anderen zien het als waardevolle tijdsbesteding
3. Gamers zien het als spel: het geeft een kick als je iets vindt
4.Gepensioneerden hebben tijd genoeg
5. Slachtoffers weten hoe het voelt als waardevolle spullen worden gestolen Bron: interviews door PwC
Omdat het ging om spullen uit de buurt, zochten de burgers ook in de buurt. Ze kenden allerlei snuffelhoekjes op Facebook waar tweedehand spullen worden aangeboden.? In twee maal 50 minuten zoeken, werd er twee keer een verdacht object aangetroffen. Bij het eerste artikel, een gouden horloge, bleek het toch niet om het gestolen exemplaar te gaan. Bij de gestolen tablet reageerde de verkoper niet toen Maarten interesse toonde. Uiteindelijk leidde de zoektocht niet tot aanhoudingen, maar stemde het wel positief: burgers zijn gemotiveerd om mee te helpen ?n in staat om zelf spullen te vinden.
In april vindt de tweede sessie plaats. Dan krijgt een andere groep van 25 burgers tien dagen de tijd om vanuit huis op internet te zoeken. Als ze iets vinden, kunnen ze dat doorgeven op internet via een webbased applicatie. ?Door gebruik te maken van deze applicatie kunnen we zien hoe mensen zoeken. Die input gebruiken we voor het ontwikkelen van een app. Alles wordt gebruikt voor de volgende stap.? Maartens schetst zijn ideale toekomstbeeld: ?Bij de aangifte kunnen mensen straks aanvinken of ze toestemming geven voor burgeropsporing. Burgers kunnen
straks via de app, als ze in de wachtkamer bij de tandarts zitten, even een kwartiertje meehelpen met speuren.?
Per week wordt er in Nederland ongeveer 300 keer aangifte gedaan van smartphonediefstal. Naast het feit dat jij een vaak dure telefoon kwijt bent, heeft een onbekende ook nog eens toegang tot al je foto?s, video?s, e-mails, contacten en berichten. Maar wat voor persoon steelt eigenlijk een telefoon? En waar komen al die smartphones uiteindelijk terecht?
Op die vragen probeert Anthony van der Meer (23)?een antwoord te geven in zijn afstudeerdocumentaire?Find my Phone.
Anthony kwam op het idee voor de film nadat z’n eigen telefoon?gestolen werd?in een caf? in Amsterdam. “Ik vond het echt een heel naar idee dat iemand anders toegang had tot mijn foto’s, mijn contacten, mijn mail.” vertelt hij de NOS. Maar de diefstal maakte hem ook nieuwsgierig. “Ik wilde weten waar mijn telefoon terechtkwam.”
Hij ging op onderzoek uit en kwam op het idee om nog een keer een?telefoon te laten stelen, maar dan eentje met aangepaste spionagesoftware Cerberus erop. Via de software kan hij op zijn computer de telefoon op afstand uitlezen. Hij kan zien waar de telefoon precies is, hij kan?berichten lezen, contactgegevens zien. Maar hij kan ook foto’s, video’s en geluidsopnamen maken.?Zo ziet hij al snel dat de dief er een Arabische simkaart in plaatst, dat hij een Egyptenaar is die vooral in Amsterdam verblijft.?En het duurt ook niet lang voor hij een foto van het gezicht van de man kan maken.
“Ik vond het op bepaalde momenten extreem stressvol. Ik was constant bang voor een technische fout die ervoor zou zorgen dat ik niks meer met de telefoon kon.” Ondertussen kreeg?hij een inkijkje in het leven van de man.?Hij zag hem?porno kijken op zijn telefoon, hij hoorde hem afspreken met vrouwen die hij online ontmoette, hij hoorde hem bidden. “Ik kreeg een band met hem; toen ging ik me best wel?schuldig voelen.”
De documentaire gaat voor het grootste deel over de dief van de telefoon. Maar dat is niet het enige, zegt Anthony.?”Het is een portret van iemand die een telefoon steelt, maar tegelijkertijd wil ik laten zien hoe makkelijk het was om iemand te volgen. Hoe privacygevoelig je telefoon is.”
Hoe goed kun je iemand eigenlijk leren kennen aan de hand van zijn telefoon? Maar misschien nog wel veel belangrijker. Wat kan iemand allemaal wanneer je telefoon wordt gehackt?
“Via zijn telefoon kon ik zo’n goed beeld van zijn leven krijgen. Dat zou iemand anders ook bij jou kunnen?doen. We doen alles met onze telefoon, we delen er zo veel mee. Stel je voor dat iemand mee kan kijken met alles wat je doet.”
Vervolg
Anthony kon de man in Amsterdam twee weken lang volgen. Daarna ging?de telefoon offline. Zeven maanden later ging hij pas weer aan. Dat was in?Roemeni?. Wie de telefoon?toen in handen kreeg, houdt Anthony nog voor zich. Hij werkt aan een vervolg van zijn documentaire.
Documentaire Find my phone (Anthony van der Meer): Hoeveel informatie is er op afstand te verzamelen over iemands smartphone? pic.twitter.com/lrvDLkYS25
Eens per week pakt Jaime van Gastel?de trein naar Amsterdam om daar zijn hobby uit te oefenen: zakkenrollers jagen. Hij is er inmiddels zo bizar goed in dat zelfs de politie er met de pet niet bij kan: ?Je moet het zelf meemaken, anders geloof je het niet.? De jacht is geopend.?Onderstaand?artikel van Jochem Davidse stond eerder in Panorama.?
Zakkenrollers,? zegt Jaime van Gastel (44).
Hit op internet: Jaime van Gastel, specialist in het ontmaskeren van zakkenrollers pic.twitter.com/jWSDxsphyj
We staan op het Koningsplein in hartje Amsterdam, aan het begin van de Bloemenmarkt, waar het zoals altijd wemelt van de toeristen. In de tien minuten dat we hier staan te posten heb ik om mij heen nauwelijks een woord Nederlands gehoord. Het is Engels, Duits, Spaans, Italiaans en Japans dat hier de klok slaat. Als mieren krioelen hordes toeristen tussen bloembollen, koelkastmagneten, kazen en ansichtkaarten.
?Zakkenrollers? Waar?? vraag ik.
?Ssst,? sist Jaime. ?Hier recht voor je, twee vrouwen en een man.?
Op nauwelijks twee meter afstand van ons loopt het drietal de Bloemenmarkt op.
De vrouwen voorop, de man erachteraan. ?Deze?? vraag ik fluisterend, terwijl ik het gezelschap zo discreet mogelijk nawijs. Jaime knikt. ?Honderd procent,? zegt hij. Behalve op toeristen oefent de Bloemenmarkt ook een grote aantrekkingskracht uit op zakkenrollers. Dat is de reden dat ik hier ben, om op zakkenrollers te jagen, al probeer ik die intenties uiteraard uit alle macht te verbergen. Gemaakt nonchalant scan ik iedereen die passeert, maar het gezelschap in wie Jaime in ??n enkele oogopslag zakkenrollers herkent, had ik op eigen houtje onopgemerkt laten passeren.
?Wat deden ze dan?? vraag ik, terwijl we ons doelwit op afstand achtervolgen.
?Nog niets,? zegt Jaime.
?Ken je hen?? vraag ik.
?Nee,? zegt Jaime. ?Nooit gezien.?
?Maar… Hoe weet je het dan zo zeker?? vraag ik.
Zonder aankondiging duwt Jaime me een bloemenstal in.
?Niet meer kijken nu,? zegt hij. ?Ze hebben ons door.?
Jaime verschuilt zich achter een muur van bloemen, terwijl ik interesse veins in een bak mini-cactussen. Jaime haalt zijn telefoon tevoorschijn.
?Wat doe je?? vraag ik, zonder van de cactusjes op te kijken.
?Ik bel het zakkenrollersteam,? zegt Jaime. ?Wij zijn stuk.?
Door de telefoon hoor ik hem onze locatie en de signalementen van de verdachten doorgeven. Een breedgeschouderde man in een wit T-shirt en met een donkere zonnebril op zijn hoofd, een mollige vrouw met een bril in een lichtpaars T-shirt en een tengere vrouw met lang donker haar, een ronde zonnebril en een zwart-rood gestreept shirt. Een jaar of dertig, veertig. Inmiddels lopen ze niet meer over de Bloemenmarkt, maar drinken ze koffie op een terras in een van de zijstraatjes. Glurend vanachter de bloemen kan ik nog net een glimp opvangen van de man, maar dan trekt Jaime mij weg.
?Wij zijn stuk,? zegt hij nogmaals. ?Ze voelen nattigheid. Als ze ons nog een keer zien, kunnen we het vergeten.
De jongens van het zakkenrollersteam nemen het over.?
?Moeten we daar niet op wachten dan?? vraag ik.
?Die zijn er al,? zegt Jaime.
De verbazing die in rap toenemende mate van mijn gezicht druipt, ontgaat hem niet.
?Zie je die man daar op de hoek, dat is politie,? zegt Jaime terwijl hij wijst naar een kerel met grijs haar, een bruine korte broek, een rugzak en een zwart T-shirt.
?En die ook,? wijst Jaime. Een lange man met een baard en een petje verdiept zich ogenschijnlijk in een rek ansichtkaarten. Uit zijn kontzak steekt een plattegrond van Amsterdam centrum.
Wanneer we ons verder terugtrekken en het ontdekkingsgevaar geweken is, steekt Jaime triomfantelijk zijn hand naar me op.
?YES!!!? roept hij wanneer ik aarzelend zijn high five beantwoord. Jaime lacht.
?Wat is er?? vraagt hij.
?Ik snap hier helemaal niets van,? zeg ik.
De Amsterdamse politie weet al jaren wie ‘zakkenrollerjager’ Jaime van Gastel (44) is, maar door Youtube leert nu ook het grote publiek de waakzame winkelmanager kennen. Zijn filmpjes van pikkedieven in het centrum van Amsterdam zijn een regelrechte hit.
De agenten in burger zijn nagenoeg onherkenbaar, maar als de camera inzoomt zien we hen in ??n geroutineerde beweging een man en een vrouw uit het winkelende publiek plukken. De man verzet zich en wordt tegen een winkelruit klemgezet, de vrouw wordt meteen in de boeien geslagen. Ze huilt, schreeuwt door haar tranen iets in het Roemeens. De camera registreert het allemaal. En dan klinkt in plat Haags, rustig en droogjes: ‘Moet je niet stelen.’
Zakkenrollersradar
In een mailtje vertelde hij over zijn bijzondere hobby: zakkenrollers jagen. Eens per per week neemt hij vanuit zijn woonplaats Almere de trein naar Amsterdam Centraal en loopt dan zijn vaste rondje: Damrak, Dam, Kalverstraat, Bloemenmarkt, Koningsplein, Heiligeweg en dan weer linksaf de Kalverstraat in en terug naar het station. Een toeristische route waarop het vrijwel altijd prijs is. In de ruim tien jaar dat hij het nu doet, pakte de politie op zijn aanwijzingen al zeker vijfhonderd zakkenrollers op.
?Tachtig procent is Oostblokker,? zegt hij op een woensdagochtend in de zon voor Amsterdam CS. Hoewel we tegenover elkaar staan, kijkt hij me geen moment aan. Zijn ogen schieten alle kanten op. Iedereen in zijn blikveld wordt door Jaime in een fractie van een seconde gescand op mogelijke aanwijzingen.
?Probleem is wel dat die tegenwoordig een stuk minder herkenbaar zijn,? vervolgt hij. ?Vroeger liepen Roemenen en Polen in van die vormeloze gedateerde kleding, maar dat is niet meer. Tegenwoordig zijn het prima verzorgde en modieuze types.?
En Jaime kan het weten want hij heeft zijn leven lang in schoenen- en kledingzaken gewerkt. Daar begon ook zijn hobby. Zestien jaar geleden werkte hij als bedrijfsleider in een schoenenzaak in de Kalverstraat. Daar kreeg hij regelmatig mannen over de vloer die niets kochten, maar die hij soms wel geheimzinnig en onverstaanbaar in de kraag van hun jas zag fluisteren. Politie in burger, op jacht naar winkeldieven en zakkenrollers. Zodoende ging hij er zelf ook op letten. In zijn winkel, maar ook na sluitingstijd, wanneer hij door het centrum terugliep naar het station, zag hij steeds vaker handen in zakken en tassen verdwijnen waar ze niets te zoeken hadden. Hij ontdekte de trucs, de hotspots en de patronen, en ontwikkelde zo een zakkenrollersradar die zelfs de pet van opgeleide politieagenten ver te boven gaat. ?Je moet het meemaken, anders geloof je het niet,? vertelt een lid van het zakkenrollersteam mij later.
Vanaf het station lopen we richting Damrak. Les ??n van Jaime?s spoedcursurs Hoe herken ik een zakkenroller? is weinig bemoedigend: ze zijn er in alle soorten en maten. In al die jaren betrapte hij oude kerels, zwangere vrouwen, tienermeisjes, verlopen types en mannen strak in pak. Toch zijn er een paar algemene kenmerken, doceert Jaime. Zakkenrollers zijn minimaal met z?n twee?n zodat de een de handelingen van de ander kan afschermen voor de ogen van derden. Om diezelfde reden dragen ze vrijwel altijd iets bij zich. Dat kan een tas zijn, of een sjaal, een krant of een plattegrond. Alles is goed, zolang het niet te veel opvalt en je er een dievenhand maar voor een paar tellen mee kunt camoufleren.
Zakkenrollers zie je zelden lachen. Veel mensen die door een winkelstraat lopen zijn ontspannen, zakkenrollers niet. Ze zijn aan het werk. Ze zijn gefocust, en dat is vooral wat hen onderscheidt van de brave burgers: hun kijkgedrag. Zakkenrollers kijken niet naar etalages en koopwaar, ze kijken naar mensen, naar spullen van mensen, en dan met name naar tassen en koffers.
?Even wachten hier,? zegt Jaime, waarna hij een paar tellen naar iets of iemand kijkt om vervolgens te concluderen dat het niets is, of niet wat we zoeken.
?Jij wil alleen zakkenrollers toch?? vraagt hij.
?Jij niet dan?? vraag ik.
?Jawel, maar ik zie net een paar gasten met een geprepareerde tas de Bijenkorf binnenstappen. Die gaan stelen. Kon zijn dat je dat interessant vond.?
We lopen verder. Met de lessen van Jaime op zak probeer ik de mensenmassa te lezen. Ik heb jaren in Amsterdam gewoond. Ik moet hier net als Jaime honderden keren gelopen hebben, maar nog nooit zag ik wat hij zag. Het is een andere manier van door de stad lopen, een compleet andere manier van kijken.
?Ga jij weleens winkelen met je vriendin?? vraag ik wanneer we de Dam oversteken.
?Daar vindt ze niet zoveel aan met mij,? zegt Jaime.
?Oh nee?? vraag ik, maar de grap ontgaat Jaime.
De prooi ontsnapt
Wanneer we bij de Bloemenmarkt arriveren gaat zijn denkbeeldige alarm voor het eerst af. Twee vrouwen staan een tijdje op een afstand te dralen en lopen dan de drukte in.
?Zakkenrollers,? zegt Jaime en nog voor we de achtervolging kunnen inzetten, ritst een van hen al een rugzak open van een Aziatische toeriste die er niets van merkt. Onmiddellijk grijpt Jaime naar zijn telefoon.
Een paar minuten later wijst hij mij links en rechts op mannen die deel uit maken van het zakkenrollersteam van de Amsterdamse politie. Agenten in burger die naadloos opgaan in de menigte. Op afstand volgen ze de twee vrouwen richting het Rokin, maar wanneer ze niets verdachts zien en hen een kwartier later in een tram zien stappen, laten ze hen gaan en verleggen ze hun aandacht naar een paar winkeldieven die betrekkelijk eenvoudig, met drie gestolen zonnebrillen ter waarde van 700 euro op zak, in hun kraag worden gevat. Jaime baalt en vloekt een paar keer. De door hem ontdekte zakkenrollers gaan vrijuit. Hij snapt wel waarom. De politie kan het zich niet permitteren om uren achter een vermoedelijke zakkenroller aan te lopen zonder dat die daadwerkelijk iets strafbaars doet. Jaime doet dat wel. Als hij beet heeft, laat hij niet los. Ooit achtervolgde hij een verdacht duo drie uur lang. In die drie uur gebeurde er helemaal niets, maar Jaime vertrouwde op zijn gevoel. Hij kreeg gelijk. Uiteindelijk sloeg het tweetal toe.
?En dan?? vraag ik. ?Als de politie er niet is, wat dan??
?Dat ligt eraan,? zegt Jaime. ?Ik mag niemand aanhouden, ik ben gewoon een burger, maar als het kan probeer ik er wel voor te zorgen dat het slachtoffer zijn eigendommen terugkrijgt. Zakkenrollers schrikken vaak wanneer je erop afrent en laat weten dat je het gezien hebt. Met een beetje geluk laten ze dan de buit vallen en gaan er vandoor.? Wanneer we zonder resultaat voor de tweede keer de hele Kalverstraat zijn door gelopen ? Jaime hanteert een looptempo dat anderen uitsluitend reserveren voor het halen van een trein of bus ? begin ik hem te knijpen. Stel nou dat we niemand pakken vandaag? ?Uitgesloten,? zegt Jaime stellig. ?Op de Bloemenmarkt is het altijd prijs.?
Adrenaline
Het is een bewering die niet alleen voortkomt uit eigen ervaring. Ook de statistieken geven Jaime gelijk. Hoewel landelijk de cijfers spectaculair teruglopen (van 40.000 in 2013 naar 29.000 in 2015), blijft het aantal aangiftes van zakkenrollerij in Amsterdam stijgen. Van 9385 aangiftes in 2014, naar 9573 in 2015. Een stijging van twee procent. En dat ondanks de inzet van gespecialiseerde teams van de politie, voor wie het dweilen met de kraan open lijkt. Ondanks Jaime van Gastel, die hen de zakkenrollers op een presenteerblaadje aanbiedt.Ook deze keer.
?Hier, moet je voelen,? zegt Jaime terwijl hij mijn hand op zijn borst drukt. Zijn hart beukt alsof het eruit wil.
?Adreline,? zegt hij in een dusdanige staat van opwinding dat hij niet de tijd neemt om alle lettergrepen van het woord uit te spreken.
Het drietal vermeende zakkenrollers heeft inmiddels de koffie achter de kiezen. Ze verlaten het terras en lopen door de Vijzelstraat richting de Heineken Experience en de Albert Cuypmarkt. Wat ze niet weten is dat een lid van het zakkenrollersteam amper vijftien meter achter hen loopt. Zelf houden we meer afstand omdat Jaime er nog altijd rekening mee houdt dat wij ?stuk? zijn.
?Maar wat heb je nou eigenlijk concreet gezien?? vraag ik. ?Genoeg,? zegt Jaime. ?Maar wat dan??
?Het is het hele plaatje,? zegt Jaime. ?Het klopt niet. Dit zijn geen toeristen. De man keek op de Bloemenmarkt al even naar een tas, en een van die vrouwen keek twee keer achterom. Daarna gingen ze koffiedrinken, om rustig om zich heen te kunnen kijken en er zeker van te zijn dat ze niet in de gaten werden gehouden.? ?Hoe weet je dat nou zo zeker?? vraag ik. ?Ik kijk ook wel eens achterom. Mijn ogen blijven onbewust ook wel eens aan een tas hangen. Ik drink ook wel eens koffie.? Precies op dat moment gaat Jaime?s telefoon.
?Zie je wel, motherfuckers!? roept Jaime als hij ophangt.
De agent die het drietal op de hielen zit, heeft de mollige vrouw zojuist een poging zien wagen in een vestiging van de Tours & Tickets. Het slachtoffer dat er in de rij stond te wachten had niets in de gaten, maar mist ook geen eigendommen, zo blijkt wanneer een van de agenten het haar laat controleren. Nauwelijks honderd meter verderop, bij een hotdogkraam tegenover de Heineken Experience proberen ze het bij een andere toerist.Van een afstand zie ik hoe ze kort op de rij wachtenden gaan staan en net doen of ze de menukaart bestuderen. Ondertussen zoekt een hand naar kostbaarheden. Een paar seconden. Dan zijn ze weer weg. Jaime?s opwinding kent geen grenzen meer.
?IK ZEI HET TOCH! MOTHERFUCKERS!? roept hij over zijn schouder terwijl hij een rood voetgangerslicht negeert en bijna dood wordt gereden. ?IK ZEI HET TOCH!? roept hij nogmaals vanaf de overkant.
Op heterdaad
Op het Marie Heinekenplein is het prijs. Een groep Amerikaanse toeristen staat te luisteren naar hun gids, wanneer de tengere vrouw in het rood-zwart gestreepte shirt haar slag slaat. Ze mengt zich in de groep en loopt er dan weer uit. Ze is een paar tellen uit ons zicht geweest, maar niet uit dat van het zakkenrollersteam. Uit verschillende hoeken komen agenten in burger aangesneld en in een mum van tijd staat het drietal met handboeien om tegen een muur.
Jaime is er als de kippen bij om zijn trofee?n op te eisen.
?I got you, h?, I got you!? zegt hij grijnzend, terwijl hij zijn neus zo?n beetje tegen die van de aangehouden man drukt. Daarna gaat hij met elke trofee afzonderlijk uitgebreid op de foto. Als een jager met een hert of een wild zwijn. Alleen bij Jaime zijn het Roemenen. ?Zie je dat?? zegt Jaime, wijzend op de tengere vrouw die, gelet op het mooie weer, een opvallende sjaal draagt. ?Om af te schermen, h?.? Het slachtoffer is inmiddels ook achterhaald. Van de politie-actie op het plein heeft ze niets gemerkt en van het zakkenrollen evenmin. Als een agent haar aanspreekt, heeft ze geen idee waarover het gaat. Ze mist niets. ?Kijkt u eens goed in uw tas,? zegt een agent.
?Maar die heb ik de hele tijd in mijn handen,? zegt de vrouw.
?Kijkt u toch even,? zeg de agent. De verbazing op haar gezicht maakt plaats voor ongeloof en daarna voor blinde paniek. Haar portemonnee, met een flinke hoeveelheid cash en al haar creditcards, is weg. Net als het paspoort van haar man en dat van haarzelf. De agent geeft haar de buit terug. De tengere Roemeense was het gelukt om de buit ongezien uit de handtas van de Amerikaanse te vissen, terwijl die haar tas dus in haar handen had. Haar dank is groot. En Amerikaans.
?You guys are heroes,? zegt ze. ?You keep this city safe! God bless you!?
Dankbaar nemen de leden van het zakkenrollersteam de complimenten in ontvangst. Complimenten die voor een groot deel ook Jaime toekomen. Tegen een van de agenten zeg ik dat ik het opvallend vond hoe snel ze na zijn telefoontje in actie kwamen. ?Vooral omdat hij het drietal op dat moment nog niets strafbaars had zien doen,? verduidelijk ik.
?Dat is juist het bijzondere aan hem,? zegt de agent. ?Hij betrapt zakkenrollers voordat ze iets doen.?
?Heeft hij het ook wel eens mis?? vraag ik. ?Ik heb het nog niet meegemaakt,? zegt de agent.
Even later kijkt Jaime toe hoe het politiebusje de straat uitrijdt en zijn prooi wordt afgevoerd richting politiecel. Hij straalt van oor tot oor. Langzaam zakt zijn hartslag weer tot onder de 200. En daar is die hand weer.
?High five, motherfucker! Ik zei het je toch??
Zo simpel is het, vindt winkelmanager Jaime van Gastel (spreek uit: Gaime). Zakkenrollers moeten worden gepakt en als hij daar een handje bij kan helpen, dan doet hij dat. En dus jaagt hij al achttien jaar op mannen en vrouwen met grijpgrage handjes, in samenwerking met de Amsterdamse politie.
Zodra Van Gastel potenti?le zakkenrollers signaleert, vaak nog v??r zij de fout ingaan, belt hij het zakkenrollersteam van de politie. De agenten in burger komen dan aanfietsen, laten zich door hem instrueren, volgen de verdachten en rekenen hen in zodra ze iets stelen. Hij zit er nooit naast, vertelt een extatische Van Gastel. ‘Er zijn meer dan 400 zakkenrollers door mij opgepakt.’
Een politiewoordvoerder bevestigt dat aantal: ‘Jaime heeft er echt een neus voor. Het is knap wat hij kan. Dat is niet eens elke politieman gegeven.’ Na een ‘heterdaadje’ nodigen agenten hem uit op het bureau, zegt Van Gastel. ‘Voor wat eten of een bakkie koffie. Heel sociaal.’
Amsterdam als jachtterrein
“Het begon toen ik elke dag huilende vrouwen aan mijn kassa had”
Nu de winkelmanager zijn bijzondere hobby sinds kort ook op Youtube etaleert, is hij ineens een halve beroemdheid. Op internet trokken zijn vier filmpjes (het eerste zette hij op 10 december online) al meer dan 300 duizend kijkers. In de media heet hij ineens de ‘zakkenrollerjager’. ‘Een paar dagen terug had mijn Youtube-kanaal nog maar 18 digitale abonnees, nu zijn het er meer dan 3.500’, vertelt de Van Gastel terwijl hij door Amsterdam loopt. ‘Het is alsof er een bom is gebarsten.’
De Hagenees koos de hoofdstad als jachtterrein omdat hij daar jarenlang werkte, als manager van twee schoenenwinkels in de Kalverstraat. ‘Het begon toen ik elke dag huilende vrouwen aan mijn kassa had. Portemonnee gestolen, tas weg. Keer op keer.’ Onrecht, noemt Van Gastel dat. ‘Je moet gewoon van andermans spullen afblijven.’
“Voor zakkenrollers is Amsterdam het paradijs op aarde”
Daarom – ‘en ok?, ook vanwege de adrenaline’ – besloot hij op zijn dagelijkse route van station Amsterdam Centraal naar de Kalverstraat op zakkenrollers te gaan ‘jagen’. Maar ook nu hij in Lelystad werkt reist hij minstens een keer per week naar Amsterdam om urenlang het Damrak en de Kalverstraat af te speuren, op zoek naar dieven. ‘Voor mij is dit ontspanning, even geen klanten helpen. En voor zakkenrollers is Amsterdam het paradijs op aarde. Een paradijs met dagjesmensen die hun geld niet diep genoeg wegstoppen, toeristen die hun jassen over een stoel hangen in een restaurant en dames die hun schoudertassen niet met een hand tegen hun lijf houden. En rugtassen, levensgevaarlijk.’
Ook na al die jaren kan Van Gastel niet goed uitleggen hoe hij zakkenrollers precies herkent. ‘Bij mij in de schoenenwinkel zag ik: die mensen zijn niet met het product bezig. Die pakken een schoen, zonder er goed naar te kijken, en zoeken dan een plek naast een van mijn klanten. Of beter gezegd: naast de tas van mijn klanten. Maar op straat herken je hen lastiger. Mijn eerlijke antwoord is: ze hebben allemaal een beetje van die rotkoppen.’ Lachend: ‘En ja, ik heb d’r misschien ook wel de kop voor, maar ik ben zelf nooit een dief geweest.’
“Ik vind het heel stoer om de politie te kunnen helpen bij het opsporen van zakkenrollers,” zei Van Gastel over zijn hobby in een eerder interview. Hij spot de zakkenrollers en schakelt vervolgens de politie in voor de arrestatie. “En toen dacht ik: misschien vinden mensen het ook wel stoer om hier naar te kijken.”
Een schot in de roos, zo blijkt. Met slechts vier filmpjes? wist hij meer dan 200.000 kijkers en 3500 abonnees binnen te halen. En Van Gastel is niet de eerste. De onlangs doodgeschoten misdaadblogger Martin Kok stond erom bekend verdachten herkenbaar in beeld te brengen en van nog niet bewezen misdrijven te beschuldigen.
Ook de Amsterdamse camerajournalist Frank Buis heeft deel van zijn bekendheid te danken aan zijn zakkenrolfilmpjes. Zijn meest bekeken video’s, minstens 100.000 kijkers per stuk, gaan over Roemeense dieven en manke bedelaars die worden ontmaskerd omdat blijkt dat ze prima kunnen lopen. Net als bij Van Gastel komen de hoofdrolspelers volledig herkenbaar in beeld.
De video’s vallen duidelijk in de smaak, maar roepen ook juridische en ethische vragen op. ?Van Gastel helpt de politie door ze op de zakkenrollers te wijzen, maar brengt ze tegelijkertijd huilend in beeld wanneer ze in de boeien worden geslagen. Hun verdiende loon of privacy-schending? Frederik Zuiderveen Borgesius, onderzoeker aan het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam, probeert antwoord te geven op die vraag.
Deze criminelen worden op heterdaad betrapt, op de openbare weg, waarom zou je hen niet in beeld brengen?
“Ondanks het feit dat ze gearresteerd worden, gaat het hier nog steeds om verdachten, niet veroordeelden. Stel dat achteraf blijkt dat iemand, om wat voor reden dan ook, toch niet schuldig is, dan kunnen deze beelden hem voor altijd achtervolgen. In zo’n filmpje gaat elke nuance verloren.”
Toch lijken de meeste mensen die op de filmpjes reageren er geen moeite mee te hebben dat deze beelden online staan
“Dat het zo makkelijk is om beelden online met elkaar te delen is relatief nieuw. Dat betekent dat de normen en waarden die we hierbij hebben nog een beetje moeten indalen. Net als in de jaren negentig, toen veel mensen weinig kwaad zagen in het online delen van films en muziek met elkaar. Terwijl dit wel illegaal was.”
Maar is dit illegaal?
“Ja,?je mag? volgens de wet niet zomaar beelden van verdachten op het internet zetten. Het is een vorm van eigenrichting die teveel inbreuk maakt op de privacy van de verdachte.”
Wanneer is de inbreuk van privacy wel een optie?
“De politie of justitie publiceert wel eens foto’s of beschrijvingen van verdachten als ze naar hen op zoek zijn. Winkels die camerabeelden op Facebook zetten om winkeldieven op te sporen, overtreden daarmee vaak de wet. In zo’n geval is de privacy-inbreuk (het openbaar maken van de beelden) te zwaar om het doel (opsporing) te bereiken. Maar die winkels hebben nog het doel om een misdrijf op te lossen. In het geval van dit YouTube-kanaal worden de zakkenrollers al op beeld gearresteerd; er is dus niet eens een opsporingsbelang om de beelden online te zetten.”
Vaak beroepen de makers van dit soort video’s zich op het feit dat ze journalist zijn. Verandert dat de zaak?
“Tot een bepaalde hoogte. In de journalistiek gaat het over de balans tussen de privacy van de persoon en de vrijheid van meningsuiting van de journalist. Er moet nog steeds worden gekeken of de privacy-inbreuk proportioneel is. In dit geval denk ik niet dat dit zo is. Sterker nog, het zou zelfs kunnen dat een rechter afziet van het bestraffen van een zakkenroller omdat het feit dat de video online is gezet al als een straf op zich wordt gezien.”
En hoe zit het nu met privacy?
De boeven worden tot nu toe allemaal herkenbaar door Jaime in beeld gebracht. De Amsterdamse politie heeft daar helemaal geen moeite mee. “Hij staat gewoon op de openbare weg als hij filmt. We vinden daar verder niets van”, zegt een woordvoerder.?Hij is juist?blij met de inzet van Jaime. “Hij is goed coachbaar en doet het heel goed.” Jaime helpt volgens de woordvoerder al jaren met het opsporen van zakkenrollers.
“Het is niet zo dat je iemand die een misdrijf pleegt, zomaar op internet mag zetten.” – aldus?internetjurist?Bart Schermer.?Maar dat hij?op een openbare weg filmt, betekent niet dat de video’s geen juridische gevolgen kunnen hebben. “Als je iemand heel specifiek gaat filmen, valt het niet meer onder het recht om in de openbare ruimte te filmen”,?stelt Bart Schermer.?”Dat is dan een inbreuk op de privacywet ? ongeacht of iemand nou iets legaals of illegaals doet.”
“Het gaat dan uiteindelijk dus om de afweging van het journalistieke belang van Jaime ? hij legt misdrijven vast die worden gepleegd ? tegenover de privacy van iemand die gefilmd is. Het is niet gezegd dat omdat iemand een misdrijf heeft gepleegd, je diegene zomaar op internet mag zetten.”
Jaime denkt er over na om in het vervolg de gezichten te blurren.?Hij heeft woensdag met zijn account?een video geliket met de titel ‘Hoe maak je iemand onherkenbaar in een video’. Liever houdt hij de daders?gewoon herkenbaar.
Hij heeft er?een goed gesprek over gehad met het zakkenrollersteam. “Ik moet voortaan wat meer op een afstandje staan, niet zo overdreven als de vorige keer. Agenten mogen er sowieso niet op.” Bovendien is er een kans dat door de beelden de straf van een dader een stuk lager uitvalt. Als iemand herkenbaar in beeld is gebracht, kan de rechter oordelen dat diegene “in de media al genoeg is gestraft”. Een voorbeeld is een gefilmde?mishandeling in Eindhoven. De beelden waren te zien op tv en social media. De rechter gaf de daders een lagere straf dan was ge?ist?vanwege alle media-aandacht.
Op naar?Barcelona
Jaime wil?voorkomen dat hij zijn?video’s van de rechter moet verwijderen.?”Als ik straks een goede actiefilm heb en ik moet die vanwege een rechtszaak weer verwijderen, dan heb ik een groot probleem.” Hij overweegt naar Barcelona te gaan om daar video’s te maken. “Volgens mij mag het daar gewoon.”
Nooit meer je fiets kwijt? Dat terwijl er nog een hoop aan de fiets te verbeteren is. Dat bewijzen de Nederlandse makers van de slimme Pingbell. Deze fietsbel ziet er van buiten uit als iedere andere, maar dat geldt niet voor de binnenkant. De Pingbell zit namelijk vol met vernuftige hardware, waardoor hij verandert in een handig accessoire voor je smartphone.
In de Pingbell zit een draadloze ontvanger. Met behulp van Bluetooth Smart wordt er een verbinding gelegd tussen een smartphone en de fietsbel, waardoor er simpele signalen verstuurd kunnen worden. Bluetooth Smart is z??r energiezuinig, waardoor een opgeladen fietsbel ??n jaar lang gebruikt kan worden.
Door in een bijbehorende smartphone-app op een grote, rode knop te drukken, wordt er een kleine elektromotor in de fietsbel geactiveerd. Het resultaat: de fietsbel gaat af. In eerste instantie een geinige gimmick, maar dit is tegelijkertijd zeer handig. Door de bel op afstand af te laten gaan, kun je een fiets makkelijk terugvinden bij een drukke fietsenstalling. Je hoeft alleen maar je oren te volgen.
?De locatie van een fiets wordt bewaard zodra je wegloopt?
Op de kaart Er zijn meer manieren om een fiets met de Pingbell terug te vinden. De app laat namelijk ook op een kaart zien waar de fiets precies staat geparkeerd. Daarvoor wordt geen speciale gps-ontvanger of andere geavanceerde hardware gebruikt, vertellen de makers: ?De locatie van een fiets wordt bewaard zodra je wegloopt?. De app kijkt dus waar je voor het laatst een Bluetooth-verbinding had en markeert deze plek op de kaart. Hierdoor heb je altijd een redelijk idee van waar de fiets ook alweer stond.
Diefstal Er kleeft nogal een risico aan slimme fietsaccessoires zoals de Pingbell. Auto?s hangen ook vol met dure apparaten, maar deze worden in elk geval bewaard achter slot en grendel. Een fiets is op zijn beurt vele malen kwetsbaarder. Durf je de jouwe nog te laten staan, als er voor honderden euro?s aan slimme apparatuur aan hangt? We vermoeden dat de diefstal hiervan niet zo snel door een fietsverzekering wordt gedekt.
De makers van Pingbell zijn hier van bewust en hebben dit probleem tweeledig aangepakt. Ten eerste heeft de fietsbel een subtiel ontwerp gekregen. Van de buitenkant ziet dit er niet uit als een geavanceerde gadget, maar als een gewone, zwarte bel zoals vele anderen. Er staat niet met grote letters een naam op geprint, waardoor alleen de kenner het verschil zal zien.
Weet een fietsendief toch je geavanceerde fietsbel te herkennen? Dan heeft hij alsnog een speciale schroevendraaier nodig om hem te stelen. De Pingbell heeft namelijk aangepaste schroeven, die niet zomaar los te maken zijn. Een dief moet dus wel h??l gespecialiseerd zijn om je deze bel afhandig te maken.
Dat neemt uiteraard nog niet alle zorgen weg. Er zijn genoeg Nederlanders die een oude fiets in de stad gebruiken, omdat ze er van uitgaan dat hij binnen een bepaalde periode gestolen zal worden. En hoe goed de Pingbell ook vermomd en beveiligd is: je bent hem hoe dan ook kwijt als de gehele fiets wordt meegenomen.
Daar komt bij dat de Pingbell pas de eerste stap is bij het slimmer ? en waardevoller ? maken van onze fietsen. In de afgelopen maanden duiken er steeds meer handige accessoires op voor de fiets, waaronder fietslampen die je de weg wijzen en sloten die met Bluetooth ontgrendeld kunnen worden. Voor je het weet hangt de fiets vol met honderden euro?s aan apparatuur.
Kickstarter De makers van de Pingbell zamelen geld in op Kickstarter, waar ze hopen om 40.000 euro te vergaren. Of dat ze gaat lukken, is nog even spannend: op woensdag 30 september loopt het project op een eind en op het moment van schrijven is het doel nog niet gehaald. De initiatiefnemers hebben echter vertrouwen, laten ze op Kickstarter weten: ?Er is nog hoop. We blijven ons product pushen, dus we hopen dat het op het laatst nog een beetje op gang komt?. Die hoop is deels terecht, aangezien veel Kickstarter-projecten op het einde pas een echte boost krijgen.
Ge?nteresseerden kunnen tot woensdag nog een steentje bijdragen door geld in het project te steken. Betaal je minstens 45 euro? Dan wordt de Pingbell naar je toegestuurd ? mits het project succesvol is.
?Zolang het in een neutrale context gebeurt? heeft het OM er geen problemen mee als mensen op eigen houtje opsporingsbeelden op sociale media zetten. ?Het is niet strafbaar?.
Woensdag zette een man bewakingsbeelden online waarop kinderen te zien zijn bij een bedrijfsverzamelpand in Maarssen. Ze zouden voorbereidende handelingen verrichten voor een inbraak op een later moment.?Het filmpje is al ruim 1600 keer gedeeld.
We zien een piepjonge knaap met een wat oudere jongen. Ze hebben beiden een schort om en plastic handschoenen aan. De twee zijn in de weer met scherpe voorwerpen en trappen tegen deuren.
De jongens treffen volgens de eigenaar de voorbereidingen voor de inbraak. Op het filmpje is te zien dat de oudste jongen ’s nachts terugkomt met twee handlangers. Er zijn volgens de eigenaar meerdere dure laptops meegenomen uit het pand.
Het gebeurt steeds vaker dat mensen beelden van mogelijke misdrijven online zetten in de hoop de dader(s) op te sporen.
Het OM reageerde op beelden van een bedrijfspand in Maarssen waarop kinderen te zien zijn die een inbraak lijken voor te bereiden. Het filmpje werd, net als honderden soortgelijke filmpjes, een paar duizend keer gedeeld. Het OM stelt dat het online zetten van opsporingsbeelden alleen strafbaar is ?als er een belediging wordt geuit aan het adres van de gefilmde persoon? of wanneer deze wordt beschuldigd van iets wat hij/zij niet heeft gedaan. ?Dan kan een civiele zaak gestart worden?, aldus een woordvoerder die overigens benadrukt dat het altijd goed is aangifte te doen bij de politie.
Bij het bedrijfspand in Maarssen zijn uiteindelijk meerdere dure laptops laptops gestolen. Of dat ook is gedaan door de gefilmde kinderen, is niet zeker. De politie onderzoekt de zaak en er is een paar dagen later opnieuw een inbraakpoging geweest bij het pand.
Apple gaat het stelen van iPhones mogelijk nog meer ontmoedigen. Het heeft een patent aangevraagd voor technologie waarmee de vingerafdruk en foto van een dief vastgelegd kunnen worden.
Als de technologie er komt, kan de TouchID-sensor op je iphone vingerafdrukken opslaan en foto’s maken als iemand anders dan jijzelf?de telefoon probeert te gebruiken. Dat blijkt uit?de patentaanvraag?die Apple heeft ingediend bij het Amerikaanse octrooibureau.
De functie zou kunnen worden aangezet via?Find my iPhone, waarmee je nu al op afstand je mobiel kunt locken en wipen. Een andere mogelijkheid is om de functie aan te zetten na een groot aantal pogingen om een apparaat te unlocken. De opgeslagen vingerafdrukken, foto?s en video?s zouden vervolgens naar een ‘centrale server’ worden gestuurd, aldus de patentaanvraag.
Privacy
Of Apple deze functie ook daadwerkelijk zal gaan toepassen, is de vraag. Vanuit privacyoogpunt kleven er nogal wat haken en ogen aan het opslaan van vingerafdrukken op een centrale server.
Apple patenteert vaker functies die niet op korte termijn in nieuwe iPhones komen te zitten. Zo dook recent een?Apple-patent?op om?filmen tijdens concerten tegen te gaan. Ook?heeft Apple een patent aangevraagd voor een?paniekknop?voor de iPhone, die met je vingerafdruk zou kunnen activeren.
Telefoon gestolen of kwijt met een berg aan waardevolle informatie, foto’s en gegevens? Misschien kun je dan nog uit de voeten met anti-diefstal-app Cerberus. Deze bekende app is voorzien van een update, waarbij er onder andere dualSIM-ondersteuning is toegevoegd.
Cerberus anti diefstal
De Cerberus-app?is inmiddels al enkele jaren in de Play Store te vinden en is een applicatie die het mogelijk maakt nadat een toestel gestolen is om bijvoorbeeld foto’s te maken, het toestel te blokkeren of zelfs helemaal te wissen. Door het gebruik van deze applicatie is de kans een stuk groter dat een gestolen toestel teruggevonden wordt, of in ieder geval onbruikbaar gemaakt kan worden voor degene die hem in zijn bezit heeft.
Het ontwikkelteam achter de app brengt regelmatig updates uit, die de applicatie inmiddels niet alleen voorzien hebben van een nieuw design, maar ook voorzien van allerlei nieuwe opties en features. De lijst van wat je allemaal kunt regelen met Cerberus is bijna eindeloos, maar enkele opties zijn het op afstand bedienen van de smartphone via een website?of via SMS-berichten,?SIMkaart-check, interne geheugen en SD-kaart wissen, geluid opnemen via de microfoon of foto’s maken met een aanwezige camera en nog veel en veel meer. Als je roottoegang hebt op je smartphone zijn er nog een hele rits extra functies te gebruiken. Inmiddels is de applicatie ook te gebruiken met apparaten die draaien op Android Wear, functionaliteit die bij de vorige update werd ge?mplementeerd.
Update
Zoals gezegd wordt de applicatie vaak voorzien van een nieuw versienummer en de laatste update die nu uitrolt brengt de applicatie naar versie 3.2. Hierin is onder andere de ‘Block status bar’-optie opgenomen, waarmee de statusbalk niet naar beneden te trekken is op het lockscreen. Handig voor gebruikers van Android 5.0 Lollipop, waarmee een dief bijvoorbeeld binnen enkele klikken de WiFi-verbinding uit zou kunnen zetten.
Ook is er ondersteuning voor dualSIM-apparaten in de app te vinden, waardoor beide SIMkaarten gebruik kunnen maken van de ‘SIM checker’-functionaliteit. Hiermee is via bijvoorbeeld de (bovengenoemde) website informatie uit te lezen over deze SIMkaart. Ook kun je meer regels aanmaken met betrekking tot Bluetooth, handig om van alles automatisch te laten regelen. Als laatste zijn er nog verschillende bugs geplet en is de applicatie geoptimaliseerd om nog effici?nter en sneller te werken.
Het aantal erkende detectivebureaus vertienvoudigde tussen 2000 en 2012, tot ruim 400. Ze worden ingezet bij bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaan priv?detectives op pad. Hoe leer je zo’n?vak? Martin Kuiper van het?Parool ging op?pad met cursisten die de felbegeerde ‘gele pas’ willen bemachtigen, en deed verslag.
Gespannen volgt priv?detective Hans de Zeeuw (48) de grijze Peugeot 206 die voor hem rijdt. De Peugeot heeft haast en is onderweg naar een ‘deal’ waar De Zeeuw graag bij wil zijn, maar dan mag hij hem niet uit het oog verliezen. Via de portofoon houdt de detective contact met zijn collega die achter hem rijdt. “De verdachte neemt de rotonde rechtdoor, ik sla hier af. Neem jij het over?”
Het is zaterdagmiddag, iets na twaalven; in Zuid-Limburg valt de regen met bakken uit de hemel. Boomtoppen zwiepen heen en weer, afgebroken takken liggen op de gladde wegen. Op ??n van die wegen rijdt Hans de Zeeuw, gevolgd door collega Ymke Bos (26), achter een man aan die verdacht wordt van diefstal van decoupeerzagen, boormachines en hogedrukspuiten. De detectives werken in opdracht van de bouwmarkt Hubo, de werkgever van de verdachte, die meer inzicht wil krijgen in het duistere handeltje van zijn werknemer.
Nou ja, in opdracht van: ze doen eigenlijk alsof. Want De Zeeuw en Bos zijn (nog) geen echte detectives. En ook de achtervolging is in sc?ne gezet, die is onderdeel van de ‘waarnemingsoefening’. De twee cursisten volgen een achtdaagse cursus die opleidt tot priv?detective. Normaal wordt de cursus gegeven in Amsterdam, maar voor de praktijkopdracht is de groep uitgeweken naar Limburg.
Cursisten leren waarnemen en schaduwen, het wetboek interpreteren, sporen onderzoeken, verdachten interviewen. Doel: de felbegeerde ‘gele pas’. Die pas geeft het recht aan de slag te gaan als particulier onderzoeker en werd in 2014 aan 200 Nederlanders uitgereikt, blijkt uit cijfers van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties (SVPB).
Dat verrast niet. De branche van Nederlandse recherchebureaus zit sinds jaren in de lift. Tussen 2000 en 2012 vertienvoudigde het aantal erkende detectivebureaus van ongeveer 40 tot ruim 400. De meeste bureaus houden zich bezig met bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaat de detective op pad. In 2015 staat de teller op 442, volgens cijfers van het ministerie voor Veiligheid en Justitie. Of de toename een positieve goede ontwikkeling is? Een woordvoerder van Veiligheid en Justitie: “Het is niet aan de overheid om daarover te oordelen. Het voorziet blijkbaar in een behoefte.”
De groei komt volgens strafrechtjurist Sven Brinkhoff ‘doordat de Nederlandse politie steeds vaker recherchewerk laat liggen’. Brinkhoff: “Wat je ziet is dat burgers daardoor steeds vaker bij detectivebureaus aankloppen. En door alle media-aandacht neemt ook de interesse voor de opleiding toe.”
Sherlock Holmes
In Amsterdam worden de lessen gegeven door een lange man met een Limburgs accent: Bert (50), hij wil om privacy redenen niet met zijn echte naam in de krant). Zijn benadering is informeel. Enthousiast. Grappig ook. Een kruising tussen de ouderwetse leraar die mensen aanspreekt bij hun achternaam en Sherlock Holmes. Geen gortdroge stof, maar het Wetboek van Strafrecht in vogelvlucht met sappige anekdotes: “Als leerlingen plezier hebben, gaat het leren vanzelf.”
De lessen hebben een vaste opzet. Eerst de ‘minder leuke tak van sport’: het theoretische gedeelte. In rap tempo raast hij met behulp van dia’s door de Nederlandse Grondwet heen. Met controlerende vragen als: wanneer mag je camera’s ophangen voor een onderzoek? Hoe ver mag je gaan met een observatie? probeert hij de wetsartikelen tot leven te brengen. “Zo onthouden de cursisten ze beter.”
Daarna steekt hij door naar het ‘spannende’ praktijkgedeelte: waarnemen en rapportage. Zoals schaduwen (‘Mannen moeten geen roze polo dragen, dat is een dominante kleur’), sporenonderzoek (‘hoe stel je die veilig?’). En het verhoor dus, waarbij je de verdachte op de plaats van het delict moet zien te krijgen met een dichtgetimmerd verhaal.
Dat ‘dichtgetimmerde verhaal’ wordt vanmiddag geoefend in het NOB-hoofdkwartier in Wessem. De verdachte, een lange man in een Adidas-sportjasje en een spijkerbroek, wordt ge?nterviewd door detectives in spe Ruben Brand (24) en Ymke Bos. De andere cursisten volgen het gesprek in een andere kamer op een groot beeldscherm.
“Leent u uw Peugeot 206 wel eens uit?” gaat Brand voortvarend van start.
“Heel af en toe aan mijn broer,” reageert de verdachte laconiek.
Brand: “En bent u vanochtend ook nog met de auto weggeweest?”
“Neuh, ik heb uitgeslapen.”
“Oh?” reageert Bos verbaasd. “Wij hebben namelijk een foto van u op een carpoolstrook. En een vrouw die zegt dat u haar spullen heeft verkocht. Hoe verklaart u dat?”
De man kijkt bedenkelijk, schuttert even, en duikt dan in elkaar. Lang verhaal kort: de man bekent de diefstal.
Open vragen
De docent is tevreden over het interview. De verdachte heeft bekend en ook de vragen waren prima. Maar er zijn ook ‘leermomenten’, vindt Bert. “Pas op met opmerkingen die voor weerstand zorgen bij de verdachte. Het is heel belangrijk dat je een band opbouwt met degene die je verhoort.” En: “Denk er om: stel open vragen, dan moet het antwoord uit de geest van de verdachte komen.” Ook op de achtervolging heeft hij hij nog wat aan te merken. “Houd afstand als je iemand volgt, des te meer tijd heb je om zelf na te denken. En vergeet niet je lichten uit te doen als je vanuit de auto iemand in de gaten houdt. En denk erom dat samenwerken heel belangrijk is tijdens een onderzoek.”
Ymke Bos vond het een leerzame middag. Het lijkt haar leuk in de toekomst naast haar huidige werk ook als priv?detective aan de slag te gaan. De Zeeuw – jaren werkzaam bij de GGZ, maar tegenwoordig sporthaluitbater en klusjesman – is daar nog niet zo zeker van: “Ik vind het heel leuk, maar of ik hier echt in verder ga? Ik weet het nog niet.”
Bos vindt de kleinschaligheid (maximaal acht cursisten per klas) fijn. “Je wordt echt gehoord. Als ik een vraag heb, wordt die binnen een minuut beantwoord.”
Of de tien lessen genoeg handvatten bieden om in de toekomst zelfstandig aan de slag te gaan als particulier onderzoeker? Een kleine civiele zaak afhandelen is ??n ding; het oplossen van een grote strafrechtelijke zaak, zoals die van het zestienjarige meisje in Valkenburg (zie kader), is een heel ander verhaal.
Strafrechtjurist Brinkhoff is sceptisch. “Veel pas geschoolde priv?detectives doen onderzoek op een onwetmatige manier. Ze zetten de verdachte te zwaar onder druk, tappen telefoongesprekken af en leveren schimmig bewijsmateriaal in rechtszaken. Ze begeven zich te veel op het terrein van de politie en de overheid. Maar waar die twee aan regeltjes en wetten gebonden zijn, worden particuliere onderzoekers door niemand gecontroleerd.” Daar is de woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie het niet mee eens: “Via een groot onderzoek screenen we tegenwoordig de recherchebureaus.”
Brinkhoff: “Oud-politiemensen die als priv?detective werken, hebben kaas gegeten van het vak; die weten hoe ze onderzoek moeten doen. Bij andere groepen speelt vaak het belang van de klant een te grote rol. De klant is koning, daarom gaan detectives zo ver als nodig is om hun klus te klaren.”
Bert hoort het commentaar gelaten aan. Zijn cursisten en pas opgeleide detectives gedragen zich altijd ‘binnen de kaders van de wet’, zegt hij. “Het is als autorijden: als je net je rijbewijs hebt, gaat het nog wat moeizaam, maar na een poosje gaat het vanzelf. Als je net je gele pas hebt gehaald, heb je een goede basis voor kleinere zaken zoals een diefstalletje. Grotere zaken zijn voor later. Daar komt bij dat we na de cursus contact houden met onze cursisten. Er zijn ’terugkomdagen’ waarop we de lesstof herhalen en oud-cursisten ondersteunen bij hun eerste opdrachten. We gooien ze heus niet in het diepe.”
Opleidingsinstituut
Opleidingsinstituut NOB is opgericht door Nederlands bekendste priv?detective: Ben Zuidema. Hij is gespecialiseerd in het opsporen van gestolen kunst en maakte eind jaren tachtig faam met de Noortman-zaak. Het leek een grote kunstroof, maar de Maastrichtse galeriehouder Noortman bleek negen vermiste schilderijen, met een totale waarde van vijf miljoen euro, zelf verduisterd te hebben. Een aantal van Zuidema’s zaken zijn gepubliceerd in boekvorm; een tv-serie is in de planning.
Zedenzaak valkenburg
Ook de ouders van het vermiste meisje uit Heerlen maakten voor de opsporing van hun dochter gebruik van de diensten van een priv?detective van het NOB. Ze werd gevonden nadat de detective haar telefoonsignaal had laten uitlezen. Het meisje – in de media Kimberley genoemd – werd aangetroffen in een hotelkamer in Valkenburg, waar ze onder druk van een loverboy seks had met mogelijk tachtig mannen. Een deel van hen is inmiddels veroordeeld tot werkstraffen en korte celstraffen. De loverboy kreeg een celstraf van twee jaar.
Afluisteren – mag dat?
Een priv?detective mag, in tegenstelling tot de politie, geen gesprek aftappen. Gesprekken heimelijk opnemen mag wel, maar alleen als de detective zelf deel-neemt aan het gesprek. Ook mag de priv?detective een gesprek opnemen in opdracht van een opdrachtgever, maar dan moet het belang van het onderzoek zwaarder wegen dan de privacy.
De kans is groot als jij in de stad woont dat je fiets een keer is gestolen. Als-ie oud was en bijna uit elkaar viel zul je het misschien niet zo erg vinden. Maar als-ie redelijk nieuw was met een stevig slot dan baal je natuurlijk gigantisch. Het liefst zou je gaan zoeken tot je ?m ergens ziet staan, maar dat is natuurlijk onbegonnen werk. Tenzij je een tracker in je fiets hebt zitten. Maar om die te installeren is toch veel te veel gedoe? Dat valt ontzettend mee als je de Connected Cycle op je fiets installeert.
Het enige wat je hiervoor moet doen is ??n van je bestaande trappers vervangen voor deze slimme trapper. Vervolgens kun je jouw fiets overal volgen via GPS en GPRS en binnenkort ook via mobiele netwerken. Maar dit pedaal laat je ook al van te voren weten dat het foute boel is. Zodra jouw fiets wordt bewogen waarschuwt het pedaal je gelijk. Dit kan erg handig zijn, maar als jouw fiets in een volle fietsenstalling staat is de kans groot dat jij een aantal keer een waarschuwing krijgt. Alle informatie die de Connected Cycle verzamelt wordt opgeslagen in het pedaal, dus als je je phone niet bij je hebt kun je ook via andere apparaten naar je fiets zoeken.
Nu vraag je je waarschijnlijk af waarom je het pedaal niet simpelweg losmaakt als je de fiets wilt stelen. Gelukkig gaat dat vrij lastig. Het pedaal zit namelijk niet met een normale bout vast. Je kunt ?m alleen loshalen met een bijgeleverde sleutel. Dit is misschien geen garantie dat-ie niet los wordt geforceerd, maar als dat gebeurt ben je er in elk geval snel van op de hoogte. Wij kunnen niet wachten tot de Connected Cycle op onze fiets zit. Al is het om onze fiets terug te vinden na een gezellig avondje stappen.