SocialMediaDNA richt zich op kennisdeling rondom social media, politie en maatschappelijke veiligheid. Onderwerpen vari?ren van de online aspecten van openbare orde, opsporing, vervolging, rechtspraak tot crisisbeheersing en communicatie.
Flickr?is een?website?voor het delen van foto’s en videofragmenten. Net als?Delicious?wordt het gezien als een?Web 2.0-applicatie die?tagging?(trefwoorden) gebruikt om een niet-hi?rarchische classificering mogelijk te maken.?Bij het uploaden van foto’s kan de gebruiker opgeven onder welke voorwaarden (licentie) anderen de foto mogen gebruiken. Foto’s kunnen in een priv?gedeelte worden geplaatst of toegankelijk worden gemaakt voor gebruikers die toestemming hebben van de uploader. Het uploaden kan via pc,?e-mail?of?mobiele telefoon.?Flickr is uitgegroeid tot een populaire opslagplaats, vooral onder?webloggers. ?Flickr is ontwikkeld door het Canadese bedrijf?Ludicorp?en werd in?maart 2005?overgenomen door?Yahoo!. Yahoo! heeft in 2007 het eigen?Yahoo! Photos?gesloten ten gunste van Flickr.?Sinds april 2008 kunnen ook korte videofragmenten (90 seconden, 150 MB) ge?pload worden.
Photosharing in plain English:
Voorbeeld van een (burger)opsporingsactie met behulp van Flickr:
Een student uit Utrecht reist vanaf Uitgeest met de bus en de trein naar huis. Onderweg raakt hij zijn mobiele telefoon kwijt. Het is hem niet helemaal duidelijk of hij zijn gsm is verloren of dat het is gestolen. Deze student wil aangifte doen van diefstal maar omdat hij tijdens de aangifte hardop twijfelt over diefstal dan wel het onderweg verloren raken van zijn gsm besluit de politie geen aangifte op te nemen.
De volgende dag gebeurt er iets bijzonders. Deze student heeft een speciale mobiele telefoon aangezien elke foto die gemaakt wordt met de telefoon automatisch wordt doorgestuurd naar zijn Flickr-account. Als hij op zijn Flickr-account kijkt, ziet hij een foto van twee jongens die hij niet zelf gemaakt kan hebben. Wederom gaat hij naar de politie maar die zegt niets voor hem te kunnen doen. Vervolgens besluit de student deze foto van twee jongens op zijn weblog(je) te zetten en een oproep te doen. Dit initiatief blijft niet onopgemerkt. De weblog Geenstijl neemt het bericht en de foto over en nu gaan 250.000 mensen meekijken. Binnen een paar dagen heeft de rechtmatige eigenaar zijn gsm zonder tussenkomst van de politie teruggekregen.
Dit voorbeeld illustreert hoe het gebruik van een weblog en Flickr de burger een eigen opsporingsmiddel in handen geeft en daadwerkelijk een bijdrage levert aan de opsporing. Tevens is Flickr een goed voorbeeld van de impact op het gehele opsporingsproces. In het verleden was het nogal ingewikkeld om zelfstandig een eigen foto te plaatsen op het internet. Inmiddels kan iedere burger zelfs door gebruik te maken van een gsm gemakkelijk een foto op het internet plaatsen.
Politie Uithuizen plaatst gestolen goederen op Flickr
De politie heeft foto?s van de gereedschappen geplaatst op Flickr. Mocht de eigenaar op basis van de getoonde foto?s zijn gereedschap herkennen, dan wordt hij/zij verzocht alsnog aangifte te doen. Uiteraard moeten de aangevers kunnen aantonen dat het om hun eigendom gaat. In dat geval worden de spullen terug gegeven.
16 februari 2013 was in de Volkskrant een interessant stuk te lezen “Gevaren op het web – vrees de little sisters” met daarin?Raj Goel, ICT expert, waarin de gevaren van social media duidelijk worden, en waarbij je ook als Nederlander moet nadenken of je geen dingen doet die in andere landen ten strengste verboden zijn. Hieronder de meest interessante quotes en voorbeelden uit dat stuk:
Een Amerikaan die op Facebook een Thais boek in het Engels vertaalde, werd gearresteerd toen hij zijn familie in Bangkok bezocht. Het boek was kritisch over de Thaise koning en dat is volgens de Thaise wet verboden. Het aanbod van de politie: zeg dat je schuldig bent, dan hoef je maar een paar jaar te zitten; pleit je onschuldig dan geven we je 20 jaar. De man zit nu een straf van 2,5 jaar cel uit. Alle Facebookvrienden die de vertaling konden lezen, zijn volgens de Thaise wet medeschuldig aan majesteitsschennis. Voor hen zit een vakantie naar Thailand er niet meer in.?ICT-expert Raj Goel zegt: ‘Maar wat men zich niet realiseert, is dat je blogs, mails, tweets en foto’s als bewijs tegen je kunnen worden gebruikt. En dat tekstjes die in een westerse democratie op internet worden geplaatst, in andere landen soms strafbaar zijn. Internet kent geen grenzen.’
Zo zette de echtgenote van John Sawer, hoofd van de Britse geheime inlichtingendienst MI 6, drie jaar geleden foto’s van haar gezin op Facebook tijdens een vakantie in Zuid-Frankrijk. Facebookvrienden konden niet alleen de Sawers in hun zwembroek bewonderen, maar via de metadata in de digitale foto’s ook hun – geheime – locatie achterhalen. Het gevolg: het verblijfadres en alle bodyguards op de foto’s moesten worden vervangen, gefotografeerde vrienden kregen beveiliging aangeboden. De operatie heeft de Britse overheid miljoenen aan belastinggeld gekost.
Een andere computermagnaat, John McAfee, oprichter van het gelijknamige antivirussoftwarebedrijf, werd begin januari in Guatemala gearresteerd. Hij was al enkele weken op de vlucht na de verdenking dat hij zijn buurman in Belize zou hebben vermoord. De journalist die McAfee heimelijk in Guatemala interviewde, had foto’s van hem op zijn website geplaatst. Binnen een dag klopte de politie op de deur van McAfees schuilplaats.
De New York Police Department ontdekte in de computer van een pedofiel het complete profiel van een 12-jarig meisje in Pennsylvania, honderden kilometers verderop. Via social media kende hij haar vrienden, klasgenoten, hobby’s, huisdier, cheerleadingteam en favoriete kledingmerk. Hij was onder een alias digitaal niet alleen met het meisje bevriend, maar ook met sommige van haar vrienden. ‘Hij wist meer van haar dan haar ouders en leraar’, zegt Goel. Volgens de recherche had de man een gijzeling en misbruik van de 12-jarige op het oog; in zijn computer was heel nauwkeurig de route in kaart gebracht die ze naar en van school reisde, met details over de plekken en tijdstippen waarop ze onderweg stopte. ‘Hij had dit kunnen vaststellen zonder ook maar ??n keer in haar nabijheid te zijn geweest.’
Afgelopen jaar werd de FBI door een rechtbank teruggefloten wegens het plaatsen van gps-trackers onder voertuigen van verdachten; een ongeoorloofde inbreuk op de privacy, oordeelde de rechter. Toen de FBI vervolgens de gps-gegevens van de mobiele telefoons aan het dossier toevoegde, werd dit w?l als legitiem bewijs geaccepteerd. Waarom? ‘Omdat je zelf niet de beheerder bent van de locatiedata van je telefoon’, zegt Goel. ‘Omdat je provider daarvan de rechtmatige eigenaar is, hoeft de recherche niet eens een rechterlijk bevel te laten zien bij het opvragen ervan. Het wapperen met een insigne is voldoende.’
Hetzelfde gold voor de ontdekking van liefdesbrieven die CIA-voorman David Petraeus in zijn Gmail-account had opgeslagen. Als hij de brieven van zijn minnares via de post had ontvangen, hadden FBI-agenten een doorzoekingsbevel van een rechter-commissaris nodig gehad om ze te vinden, stelt Goel. Nu kostte de toevallige ontdekking van die brieven Petraeus zijn functie.
Paula Broadwell en Generaal David Petraeus die via gmail hun relatie onderhielden.
Goel vindt juist dat de soevereiniteit van de individuele burger al te zeer is aangetast. De Amerikaanse Patriot Act, die na de aanslagen op het World Trade Centre in 2001 van kracht werd, schrijft voor dat elke provider en webwinkel alle data van een computergebruiker aan de politie moet verstrekken als die daarom vraagt. De verstrekker mag de klant daarover vervolgens niet informeren. Google heeft bekendgemaakt dat de zoekmachine annex Gmail-beheerder in 2012 van ruim 54 duizend gebruikers (uit verschillende landen, ook Nederland) gegevens of de personalia achter een IP-adres aan opsporingsdiensten heeft moeten afstaan. Andere social media, als Twitter, Facebook en LinkedIn, en webwinkels als Amazon publiceren die gegevens niet, maar het totale aantal verstrekte gegevens aan de politie zal daarvan een veelvoud zijn.
‘Niet Big Brother, maar een samenleving vol?Little Sisters?moeten we vrezen‘, stelt Goel. ‘Als ergens iets gebeurt, staat het via smartphonecamera’s en social media onmiddellijk voor de eeuwigheid online. We leven niet in een maatschappij waarin ??n oog iedereen in de gaten houdt, maar waarin miljarden ogen elkaar in toenemende mate bespioneren. Dat is een controlesysteem dat zelfs George Orwell niet had kunnen bedenken.’
Bezemen is een vorm van cyberpesten. Bezem is straattaal voor hoer. Bezemen is een meisje online afschilderen als een hoer. Meestal minderjarige jongeren halen foto?s van meisjes van social media, monteren die achter elkaar en zetten er vervolgens beledigende of bedreigende seksistische teksten bij in een filmpje. Soms staan naam en toenaam van het meisje in kwestie er ook bij. Een muziekje eronder, uploaden naar YouTube en klaar. De jongeren die dit doen zien er zelf meestal weinig kwaad in, maar voor het slachtoffer begint de ellende dan pas, want dergelijke filmpjes gaan een eigen leven leiden. Ze zijn ook moeilijk van het web te verwijderen. Uit onderzoek onder tieners en jong volwassenen blijkt dat jongeren het slechts zien als digitaal flirten, 39 procent geeft aan dat ze het wel eens gedaan hebben. Maar bezemen kan tot juridische stappen leiden, omdat er sprake kan zijn van smaad en/of laster, belediging en soms zelfs discriminatie of bedreiging. Met het programma Ghostbuster kunnen ouders een account koppelen aan de Twitter- en Facebookprofielen van hun kinderen en krijgen ze een waarschuwing als hun kind foto’s op het web zet of contact heeft met een verdacht profiel.
Op 9 januari 2013 werd er ingebroken bij een ondernemer in Leek. Bewakingscamera’s hebben de inbraak vastgelegd. De ondernemer zette de beelden gelijk zelf op Youtube. Tevens loofde hij een beloning uit voor de gouden tip: 500 euro beloning. Rond zijn huis heeft de ondernemer camera’s hangen ? opgehangen na een eerdere inbraak ? die de twee inbrekers haarscherp op beeld hebben gezet. Hij heeft de beelden afgestaan aan de politie, maar ook op internet gezet. Om, zegt hij, de pakkans te vergroten.
Politie Groningen bevestigt de inbraak. “Wij begrijpen de actie van de ondernemer heel goed”, zegt Paul Heidanus. “Toch keuren wij het af. Het is geen goede ontwikkeling als burgers zelf beelden naar buiten brengen. Laat dat aan de politie over.”
Heidanus schetst dat de inbrekers zelfs ? als ze gepakt worden ? aangifte tegen De Vries kunnen doen. “De privacy van deze mannen wordt dan geschonden.”
Wat is Compronet?
ComProNet, het Community Protection Network, is een hightech sensor en social media project dat er op is gericht om sneller hulp te bieden bij incidenten.?Compronet heeft als doel om op een nieuwe wijze criminaliteit te bestrijden en met elkaar zorg te dragen voor de veiligheid in de eigen buurt. Met elkaar: burgers, particuliere en publieke bedrijven, professionals, politie, brandweer en ambulance. Gebruik makend van de laatste technologie en social media!
Snelheid, zelfredzaamheid, weerbaarheid en participatie zijn daarbij sleutelwoorden.
Compronet helpt burgers, middenstanders, politie, andere hulpverleners, particuliere beveiligers, camerabewaking en andere sensoren met direct elkaar samen te werken bij (dreigende) verstoringen van de openbare orde, door heel snel informatie uit te wisselen via social media op je smartphone. Zij worden daarbij ondersteund door de kern van Compronet, een soort automaat die alle inkomende informatie slim beredeneert en suggesties geeft aan de relevante deelnemers van Compronet.
In eerste instantie richt Compronet zich op de bestrijding van criminaliteit en het verhogen van heterdaadkracht. Het is ook geschikt voor noodsituaties als brand- en onwel-meldingen. Compronet is de projectnaam van een door het Ministerie van Veiligheid en Justitie gesponsord project.
De eerste reacties van deelnemers uit een artikel van het Dagblad van het Noorden
Asser ondernemers vinden het jammer dat het proefproject Compronet, dat eind 2012 draaide in?de binnenstad, is gestopt. Zij pleiten ervoor het elektronische alarm- en opsporingssysteem op een of andere?manier structureel voort te zetten.?Via de iPhone stonden ondernemers, politie, beveiliging en gemeente zes weken lang in contact met elkaar.?Misstanden werden via een bericht, voorzien van allerlei informatie over verdachten, aan elkaar?doorgegeven, zodat de politie snel kon handelen. Het leidde onder meer tot een behoorlijk aantal?aanhoudingen en boetes.?”Als wij ergens melding van maakten via Compronet”, zegt Rolf Kok van het kaartenhuis naast de Hema,?”waren agenten razendsnel ter plekke. Zo zagen we hoe jongens voor onze zaak een fiets wilden stelen.?E?n berichtje via de telefoon en de politie kwam er al aan.”?Omdat berichten ook konden worden voorzien van foto’s, konden agenten in sommige gevallen direct met?bewijs in de hand richting verdachten. Kok: “Al met al gaf Compronet ons een goed en veilig gevoel.”
Onderzoek heeft volgens de Asser politiechef Harald Kodden uitgewezen dat misdrijven het vaakst worden?opgelost na een ‘heterdaadje’. “De crimineel betrappen tijdens de daad, gebeurt in slechts 15 procent van?die gevallen door de politie. In 85 procent van de gevallen betrappen burgers hen. Wij willen hen daarom via?Compronet betrekken in het oplossen van overlast en misdaad, want veiligheid gaat iedereen aan.”
“We zijn tevreden met het resultaat”, zegt projectleider Ronnie Hessels. “Hier en daar waren er soms wat?technische problemen, maar over het algemeen werkte het systeem goed. Het grote winstpunt is dat alle?partijen met elkaar hebben samengewerkt om misstanden te melden en op te lossen. Een mooi voorbeeld is?een melding van een sleutelmaker die het niet vertrouwde toen jongens voor een blanco fietssleutel voor een?AXAslot kwamen. Die worden vaak gebruikt als loper om fietsen te stelen. Een ambtenaar van de gemeente?is daar toen op af gegaan. Helaas trof hij de jongens niet meer aan, maar het illustreert hoe snel je kunt?handelen en dat we het echt met z’n allen doen.”?Ook kwamen er meldingen binnen van een drugsdeal, winkeldiefstallen, een brommer die veel te hard door?de stad reed en hinderlijke samenscholingen. Hessels: “In sommige gevallen konden we door verzonden?informatie en foto’s daders aan die zaken linken en aanhouden.”?Hoe het nu verdergaat met Compronet kan Hessels niet zeggen. “Die beslissing ligt bij de landelijke politie.?Maar in de toekomst kunnen we niet om dit soort moderne hulpmiddelen heen. Je kunt dit systeem nog?verder uitbouwen met geluid, film, veiligheidsinformatie voor de burgers De mogelijkheden zijn eindeloos.”?Na Groningen en Schiphol was?Assen de derde proeftuin voor Compronet. De landelijke politie beslist over een vervolg.
Op 3 mei 2011 stond een interessant artikel in de Belgische krant de Gazet van Antwerpen. Hier stond het verhaal van de eerste twitter berichten over de aanval op Osama Bin Laden. Hieronder staat het artikel met verwijzingen beschreven.
Sohaib Athar zet het bericht zondagavond op zijn site: ‘Een helikopter hangt boven Abbottabad om 1 uur ’s nachts. En?dat is zeldzaam.’
Helicopter hovering above Abbottabad at 1AM (is a rare event).
Athar beseft nog niet dat hij de eerste en – op dat moment – enige getuige is van de moord-operatie op ’s wereld meest?gezochte terrorist, Osama Bin Laden.?Zijn ’tweets’ gaan de wereld rond en in een recordtempo heeft hij bijna 27.000 volgelingen, mensen die zijn berichten?voortdurend lezen.?Acht uur lang houdt hij de wereld op de hoogte van wat hij hoort en ziet. Wie is ingeschreven op Twitter zit op de?eerste rij en is een bevoorrechte getuige.
Geen besef?
Pas als president Barack Obama de dood van Bin Laden aankondigt, beseft Athar wat hij heeft gedaan. “Uh oh, now I’m?the guy who liveblogged the Osama raid without knowing it.’?Vertaald: “O nee, nu ben ik die gast die live verslag heeft uitgebracht van de aanslag op Osama zonder het zelf te?beseffen.”
“Oh shit, en nu kijkt de hele wereld naar mijn site.”
Nieuwsmedium?
Het is niet de eerste keer dat Twitter?zich als nieuwsmedium opwerpt. De speech van president Barack Obama lekte ook?eerst uit op Twitter. Twintig minuten?voordat de president het volk toesprak, werd de dood van Osama al bevestigd op de netwerksite.?Twitter was eerder dit jaar al de belangrijkste nieuwsbron bij de volksopstand in Egypte, Tunesi? en Libi?.
Een grote knal doet de ramen bewegen hier in Abbottabad. Hopelijk niet het begin van iets vervelends. 2.02u: Shit, a family also died in the crash, and one of the helicopter riders got away. Verdorie, een familie is omgekomen bij de crash. Een van de helikopterpiloten is kunnen wegkomen.e_SClB5.42u Osama Bin Laden killed: ISI has confirmed it << Uh oh, there goes the neighborhood… Osama Bin Laden is vermoord: de Pakistaanse inlichtingendienst bevestigt het << O nee, daar gaat de buurt… 6.52u:?O nee, nu ben ik de gast die live verslag heeft uitgebracht van de aanslag op Osama zonder het zelf te beseffen.
De Britse premier David Cameron overwoog na de Londense rellen een scenario waarbij de overheid sociale media tijdelijk zou kunnen ‘uitzetten’, een zogenaamde killswitch, om georganiseerde rellen te kunnen voorkomen. Daarover werd hevig gediscussieerd, terwijl men deze maatregel daarna ook achter de hand had bij de trouwerij van Kate en William en de Olympische spelen. De korpschef van Manchester, Peter Fahy, was een van de tegenstanders van dat voorstel. Hij was het niet eens met dergelijke drastische maatregelen. ” Twitter heeft juist een positieve rol gespeeld bij de rellen”, zei hij. “Twitter was een heel waardevolle bron van informatie voor de politie.”
De killswitch werd daadwerkelijk uitgevoerd voor de metropolitie in San Francisco.
Het Bay Area Rapid Transport (BART)-metronetwerk ?sloot op 11 augustus 2011?effectief?zijn mobiele netwerk in metro’s en stations af. Aanleiding was een schietincident waarbij metropolitie een messentrekker had doodgeschoten. Daarop vernam de politie dat er plannen waren om het hele metroverkeer lam ?te leggen: demonstranten zouden zich aan metrostellen vastketenen.
Om?geco?rdineerde?acties van bij het begin in de kiem te smoren, schakelde BART het netwerk uit waardoor niemand nog kon bellen, SMS’en of internetten. De organisatie kon dat zelfstandig beslissen omdat ze het netwerk zelf beheert.
Net zoals bij het voorstel van premier Cameron veroorzaakte deze actie heel wat commotie en discussies over het Amerikaanse First Amendment (het recht van vrije meningsuiting).
Op het einde van hetzelfde jaar nog keurde het bestuur van BART een policy goed waarin nadrukkelijk werd beschreven hoe en wanneer het netwerk afgesloten mag en kan worden. ” Indien we nog eens geconfronteerd zouden worden met exact dezelfde situatie, dan zouden we het netwerk niet opnieuw afzetten”, verklaarde voorzitter Bob Franklin.
In New York werd een 51-jarige man die een aantal lokale politieagenten bedreigde met een mes na een achtervolging te voet doodgeschoten. Het gebeurde na een korte achtervolging waar honderden mensen getuige van waren. Agenten wilden de man aanspreken omdat hij cannabis rookte. Hij raakte daarop ge?rriteerd, haalde een slagersmes tevoorschijn, bond een bandana om zijn hoofd en begon achteruit te lopen.Tientallen politieagenten volgden de man tot een paar straten verderop, gadegeslagen door honderden New Yorkers en toeristen. Uiteindelijk gebruikten agenten pepperspray om hem te overmeesteren, maar de man bleef dreigen met het mes. Toen hij uithaalde naar een agent, werd hij neergeschoten.
In de uren na het incident zijn de nodige foto’s en video’s opdoken die door de vele getuigen werden gemaakt met hun mobiele telefoons. Veel mobiele toestellen werden direct na afloop door de aanwezige politiemacht in beslag genomen, terwijl de live verslaggeving voor een groot deel al op internet te vinden was. De New Yorkse politie wil daar echter niet op reageren. Nu moet je een filmpje nog uploaden naar YouTube, maar de komende generatie mobieltje maakt live streaming standaard mogelijk, zoals met apps als Bambuser nu al kan.?Hieronder kun je een ander filmpje bekijken van het incident. Daarop is goed te zien hoeveel omstanders achter de agenten aan lopen met hun mobiele telefoon in de ‘aanslag’.
Een interessant artikel uit de Volkskrant van journaliste Heleen van Lier. Zij schreef over de macht van sociale media waarin ze voorbeelden noemt van zogenaamde ‘foute’ bedrijven die onder druk worden gezet via websites. Dit fenomeen zie je de laatste tijd ook veel bij de politie. Met name Geenstijl is zeer actief, bijvoorbeeld zoals ze rondom het thema ‘bonnenfabriek bij de politie’ waren. Hieronder is het artikel van Heleen van Lier op een 2.0 wijze samengevat. Tenslotte laten we een aantal politievoorbeelden zien.
Greenpeace actie Nestl?
Actieclubs gebruiken sociale media als Twitter, Hyves, Facebook en YouTube om ‘foute’ bedrijven tot goede en eerlijke producten te bewegen. En zie, het werkt. Honderdduizenden consumenten helpen graag mee. Het voedingsmiddelenconcern Nestl? was in maart het slachtoffer van een sociale-mediacampagne van Greenpeace. De activistische milieuorganisatie beschuldigde Nestl? ervan populaire chocoladeproducten als KitKat te produceren met palmolie van leveranciers die hiervoor regenwoud kapten. Dit zou tot de ondergang van dieren leiden, zoals de Orang Oetan. Greenpeace spoorde mensen via onder andere Facebook en Twitter aan om het bedrijf te mailen met de oproep: stop met palmolie waarvoor regenwoud is verwoest in KitKats.
Het filmpje over de palmolieactie
Nestl? werd bestookt met 300 duizend e-mails van mensen uit de hele wereld. Ook op de Facebook-pagina van het concern stonden woedende reacties van Facebookers. Het bedrijf reageerde op een totaal foute manier: het beriep zich op het auteursrecht en wilde alle uitingen waarin het Nestl?-logo werd gebruikt, laten verwijderen. Ook de Facebook-pagina werd in zijn geheel verwijderd. Hierdoor trok de campagne alleen maar meer aandacht. Uiteindelijk zwichtte het Zwitserse concern voor de actie en zegde de samenwerking met dubieuze palmolieleveranciers op.
Oxfam Novib
De ontwikkelingssamenwerkingsorganisatie Oxfam Novib wist afgelopen winter met een sociale-mediacampagne zeven winkelketens zover te krijgen om meer ‘eerlijke’ chocolade te verkopen, afkomstig van leveranciers die boeren een redelijke prijs voor hun cacao betaten. Met de ‘Groene Sint-actie’ konden Hyvers zelf een actieheld samenstellen, waarmee ze samen met de Groene Sint gingen strijden voor eerlijke chocolade. De deelnemer kon virtuele winkelpuien van ‘foute’ winkels besmeuren met teksten. Dit leverde 150 duizend afbeeldingen van besmeurde winkelpuien op, die weer werden verspreid via sociale netwerken. De consument was er op een leuke manier van op de hoogte gebracht welke chocoladeletters ze vooral niet moesten kopen, en de supermarkten pasten nog tijdens de campagne hun assortiment aan.
Het resultaat van de actie werd geplaatst op de fotowebsite Flickr. Door alle foto’s goed zichtbaar te voorzien van de winkelnamen, kwamen ze hoog terug in Google als er op de naam van de supermarktketen werd gezocht. De winkels waren natuurlijk niet blij met deze prominente negatieve publiciteit, en zeven ketens beloofden nog tijdens de campagne meer eerlijke chocolade te gaan verkopen. Volgens Oxfam zullen in 2012 alleen nog maar eerlijke en duurzame chocoladeletters in Nederland verkrijgbaar zijn. In 2010 krijgt de Groene Sint-campagne een vervolg. Dan richt Oxfam Novib de pijlen op oneerlijke koffie.
Groene Sint actie
Hyves en de Groene Sint actie
Bob Overbeeke van Oxfam Novib weet hoe het werkt met de sociale media. Hij zette als medeverantwoordelijke voor de sociale-media-activiteiten meerdere succesvolle campagnes op. ‘De kunst is om ervoor te zorgen dat mensen je boodschap voor je gaan verspreiden’, zegt Overbeeke. ‘We lokken mensen met entertainment, zoals het maken van je eigen actieheld, en vragen ze dan iets terug te doen’, zegt hij.
Oxfam Novib probeert campagnes altijd zo aantrekkelijk en leuk mogelijk te maken. ‘Ook moet je het zo makkelijk mogelijk maken om dingen te delen met andere sociale netwerkers’, zegt Overbeeke. ‘Alleen zo zorg je ervoor dat mensen het naar elkaar doorsturen.’ Dat is belangrijk, want het overgrote deel van de mensen, volgens Greenpeace zo’n 80 procent, wordt via sociale netwerken bereikt doordat ze door anderen worden uitgenodigd om mee te doen. De honderden miljoenen gebruikers van Facebook, Hyves, Twitter en YouTube zijn genegen dit te doen, dat maakt het makkelijker dan ooit om een goede zaak te steunen. In een economisch ongunstige tijd, als mensen de hand het liefst op de knip houden, kunnen ze toch bijdragen aan een betere wereld. Ze krijgen gratis een goed gevoel en kunnen aan hun vrienden laten zien hoe ge?ngageerd ze zijn.
Goede doelen, Oxfam Novib en Greenpeace voorop, zetten sociale media steeds vaker in om mensen bewust te maken van een probleem, en om druk uit te oefenen op foute bedrijven. Sociale media en goede doelen vormen een logische combinatie. Via sociale media kunnen grote groepen mensen gemobiliseerd worden om hun misgenoegen over kwalijke zaken kenbaar te maken. Sociale-media-acties zijn eigenlijk niet veel meer dan een moderne, snellere, openbare versie van de petitie. ‘De macht van sociale netwerken ligt vooral in de hoeveelheid consumenten die ermee bereikt kunnen worden’, zegt Elroy Bos, hoofd communicatie van Greenpeace. ‘Bedrijven kunnen honderdduizenden consumenten die hun onvrede laten blijken, niet negeren.’ Zij worden hierdoor gedwongen hun beleid aan te passen, hun assortiment te verduurzamen of vervuilende activiteiten te staken.
Greenpeace en Oxfam Novib krijgen ‘foute’ bedrijven met behulp van Facebook, Twitter, Hyves en YouTube succesvol op de knie?n. Zij hebben een voorsprong op organisaties die nog niet weten hoe ze met sociale media moeten omgaan.
Regie
Een nadeel van de kettingreacties is dat sociale media-acties een eigen leven kunnen gaan leiden en de goede doelen organisaties de regie over hun campagnes kwijtraken. Lang nadat campagnes zijn afgelopen, kan de achterban een merk achterna blijven zitten. Zo bleven Facebookers maar anti-Nestl?-pagina’s aanmaken en zich negatief uitlaten op reactiefora, ook al had Greenpeace zijn doel al bereikt.’Sociale media zijn een machtig middel, je hebt er niet altijd controle over’, zegt Bos van Greenpeace.
Zowel Bos als Overbeeke ziet het opzetten van een pressiecampagne via sociale media dan ook als laatste middel. Bos: ‘Pas als we merken dat de bedrijven echt niet van plan zijn om hun foute bezigheden te staken, gaan we naar de consumenten. We waarschuwen bedrijven altijd eerst dat we dat van plan zijn.’ Oxfam Novib heeft een code voor zichzelf opgesteld. ‘We passen uitgebreid hoor en wederhoor toe en geven bedrijven altijd de kans om intenties uit te spreken. Pas als we in lobbygesprekken merken dat de bedrijven echt niet van plan zijn om hun foute bezigheden te staken, roepen we de hulp in van de consumenten.’
Greenpeace actie Facebook
Greenpeace zet niet alleen sociale netwerken in, maar houdt ze ook kritisch in de gaten. Dat blijkt uit de nieuwste actie. Het datacenter van Facebook, waar de foto’s en andere gegevens van de 500 miljoen Facebookers op servers zijn opgeslagen, draait op de energie van vuile steenkoolcentrales. Voor de internationale milieuorganisatie was dat reden om een Unfriend Coal-actie te beginnen. De actie richt zich tegen Facebook, via Facebook. Greenpeace maakte een tekenfilmpje waarin Facebook-oprichter Mark Zuckerberg wordt opgeroepen om windenergie te gebruiken. De kijkers worden opgeroepen Zuckerberg te ‘unfrienden’ en er via Facebook-pagina’s op aan te dringen dat Facebook schone energie gaat gebruiken. Inmiddels hebben 500 duizend mensen zich aangesloten bij Facebookpagina’s waarop ’s werelds grootste sociale netwerk wordt opgeroepen de servers op duurzame energie te laten draaien. Facebook heeft daar afwijzend op gereageerd. Volgens Facebook heeft het bedrijf geen invloed op de herkomst van de elekticiteit; de onderneming zegt verder dat het datacenter weliswaar relatief veel steenkool gebruikt, maar dat de energie effici?nt wordt benut. De actie loopt nog, en de anti-Facebook Facebookpagina’s bestaan nog steeds.
Greenpeace actie Facebook
Greenpeace actie BP
De olieramp in de Golf van Mexico bezorgt olieconcern BP niet alleen een miljardenrekening, maar ook flinke imagoschade. Het Britse Greenpeace riep mensen op een nieuw logo en een nieuwe slogan voor het bedrijf te bedenken. Dit leverde tweeduizend logo’s op, die werden geplaatst op de fotosite Flickr. Bijna 900 duizend mensen bekeken de nieuwe logo’s bij Flickr, en nog veel meer mensen zagen de logo’s op de websites en kranten die de creatieve uitspattingen hadden overgenomen. Slogans die zoal langskwamen, waren: ‘BP is Big Problem’, ‘BP is Broken Pipes’ en ‘BP is Best Polluter’. In tegenstelling tot de meeste bedrijven onderging BP de campagne niet lijdzaam. Op een eigen Flickr-pagina heeft BP al bijna duizend foto’s geplaatst van schoonmaakploegen die de stranden en het water reinigen. Ook zijn er foto’s van indrukwekkende schookmaakinstallaties, voorlichtingsevenementen en dieren die kerngezond lijken te zijn, ondanks de olie.
Greenpeace oproep nieuwe logo BP
Hieronder hyperlinks van www.geenstijl.nl over enkele politievoorbeelden:
De potentie van het internet om onze woede te verenigen en te ontladen is groot, al zijn de wettelijke kaders nog vaag. ?Leonie Breebaart schreef over de machteloosheid van de gewone burger ?tegenover de graaicultuur bij grote ondernemingen, zoals banken (Letter&Geest, ?16 februari). “Van een collectief dat een vuist kan maken en kan dreigen, is geen ?sprake meer.” Hiermee onderschat ze de snelle evolutie van een nieuwe vorm ?van maatschappelijke dialoog: online massa-activisme.?Het straffen van onwenselijk gedrag van een bedrijf door hun producten niet te ?kopen is voor de meeste mensen niet makkelijk. De consument heeft maar ?gebrekkige informatie over alle complexiteit van bedrijven. Ook belandt de ?betrokken consument regelmatig zelf in een positie van hypocrisie: hij koopt spaarlampen, maar pakt ook het vliegtuig naar Londen in plaats van de trein. We ?hebben als consumenten echter wel een collectieve verantwoordelijkheid voor de ?wereld waarin we leven. Wanneer we de bankenbonussen verwerpelijk vinden ?en dat een hoge prioriteit geven, dan zouden we in actie moeten komen. Zo niet ?via ons consumptiegedrag, dan wel door onze woede te uiten.?Breebaart citeert de Duitse filosoof Peter Sloterdijk over het gebrek aan een ‘wereldwoedebank’ om ons kritisch gevoel tegenover slecht commercieel gedrag ?te verzamelen en te hefbomen. Maar is het uitgesloten dat een ?wereldwoedebank nog kan komen? Het gebruik van online sociale media om de ?menigte op laagdrempelige wijze te verenigen, heeft in zeer korte tijd enorme ?sprongen gemaakt. Het begon met ontevreden klanten met een creatieve geest, ?zoals muzikant Dave Carroll en zijn video over hoe zijn gitaar stuk ging tijdens ?een reis met United Airlines. De video werd een online rage en schaadde de ?beurskoers van de vliegmaatschappij. In Nederland hadden we de Twitteractie ?van Youp van ’t Hek tegen slechte klantenservice.
De potentie van het internet om onze woede te verenigen en te ontladen is ?groot, al zijn de wettelijke kaders nog vaag. ?Leonie Breebaart schreef over de machteloosheid van de gewone burger tegenover de graaicultuur bij grote ondernemingen, zoals banken (Letter&Geest, 16 februari). “Van een collectief dat een vuist kan maken en kan dreigen, is geen sprake meer.” Hiermee onderschat ze de snelle evolutie van een nieuwe vorm van maatschappelijke dialoog: online massa-activisme.?Het straffen van onwenselijk gedrag van een bedrijf door hun producten niet te kopen is voor de meeste mensen niet makkelijk. De consument heeft maar gebrekkige informatie over alle complexiteit van bedrijven. Ook belandt de betrokken consument regelmatig zelf in een positie van hypocrisie: hij koopt spaarlampen, maar pakt ook het vliegtuig naar Londen in plaats van de trein. We hebben als consumenten echter wel een collectieve verantwoordelijkheid voor de wereld waarin we leven. Wanneer we de bankenbonussen verwerpelijk vinden en dat een hoge prioriteit geven, dan zouden we in actie moeten komen. Zo niet via ons consumptiegedrag, dan wel door onze woede te uiten.
Breebaart citeert de Duitse filosoof Peter Sloterdijk over het gebrek aan een ‘wereldwoedebank’ om ons kritisch gevoel tegenover slecht commercieel gedrag?te verzamelen en te hefbomen. Maar is het uitgesloten dat een wereldwoedebank nog kan komen? Het gebruik van online sociale media om de menigte op laagdrempelige wijze te verenigen, heeft in zeer korte tijd enorme sprongen gemaakt. Het begon met ontevreden klanten met een creatieve geest, zoals muzikant Dave Carroll en zijn video over hoe zijn gitaar stuk ging tijdens een reis met United Airlines. De video werd een online rage en schaadde de beurskoers van de vliegmaatschappij. In Nederland hadden we de Twitteractie van Youp van ’t Hek tegen slechte klantenservice.?Inmiddels zijn er meerdere potenti?le wereldwoedebanken in wording. In Nederland lobbyt de Eerlijke Bankwijzer over maatschappelijk verantwoord bankieren, waarbij hun website consumenten helpt om banken te vergelijken en een persoonlijk overstapadvies in te winnen. Internationaal is het digitale protestnetwerk Avaaz de grootste online campagnevoerder, waarbij een gedeelte van de 19 miljoen leden meebeslist over de doelwitten voor hun woedekanon. Toen mediamagnaat Rupert Murdoch zijn imperium wilde uitbreiden met het Britse satelliettelevisienetwerk BSkyB, kwam Avaaz met een protestcampagne waaraan een miljoen leden meededen. Met succes: de overname werd uitgesteld en van uitstel kwam afstel. De potentie van het internet om onze woede te verenigen en te ontladen is groot, al gaat het nog met vallen en opstaan. Het bedrijf dat de opmars van de online activist aan zijn laars lapt, kan flink in de kou komen te staan.
Wel bevindt online actievoeren zich nog in een soort wildwesttijdperk, waarin we enerzijds met elkaar leren wat werkt en anderzijds wat wettelijk mag. Neem de online campagne van journalist Jelle Brandt Corstiustegen de bonus van SNS Reaal-topman Sjoerd van Keulen. Brandt Cortius publiceerde Van Keulens e-mailadres en riep tegen zijn digitale achterban op de ex-bankier met berichten te bestoken totdat hij zijn bonus zou teruggeven. Advocaat Gerard Spong noemde de oproep een vorm van kwaadaardige stalking en daarom mogelijk strafbaar. Een spannende affaire: hoewel actievoerders in de fysieke wereld wel vaker de wettelijke grenzen opzoeken, zijn de wettelijke kaders van het digitale Wilde Westen vager. De komende tijd zal blijken of deze manier om massale woede te verbinden en op een doel te richten wettelijk is toegestaan en algemeen geaccepteerd wordt.
Wil je meer weten over slacktivisme of e-herding? Dan is o.a. het werk van?David Langley?of Tijs van den Broek van TNO iets om verder op te zoeken. Hier?staat een overzicht van enkele artikelen uit het project over online be?nvloeding van gedrag.
Boevenvangen.nl is een opsporingssite waar alle opsporingsberichten van politie en justitie in Nederland op staan. Weggeplukt van internet en op geheel eigen wijze gepresenteerd. Alle gezochte verdachten zijn gerangschikt: van (benzine)dieven tot oplichters en van moordenaars tot zedendelinquenten. Misdrijven zijn voor bezoekers ook per provincie te bekijken. Boevenvangen.nl houdt zich aan de richtlijnen die het Openbaar Ministerie heeft opgesteld ten aanzien van opsporingsberichtgeving.
Boevenvangen.nl plaatst dus alleen beeldmateriaal waarvoor justitie toestemming heeft gegeven. Het heeft geen zin om beeldmateriaal aan boevenvangen.nl te leveren met het verzoek dit te plaatsen. De enige manier om beeldmateriaal op boevenvangen.nl te krijgen is aangifte doen en aan de politie vragen of men de zaak wil aanbieden aan opsporingsmedia. Zodra dat gebeurt en een officier van justitie geeft toestemming is de weg naar boevenvangen.nl vrij.
De website kent ook een eigen Twitter-account: @Boevenvangen.nl?,?Facebook pagina?en app.
Boevenvangen.nl levert stickers met daarop waarschuwende teksten voor winkeldieven. Hier een uitlegfilmpje: