App: Meld Misdaad Anoniem met video

logo-meld-misdaad-anoniemlogo-bambuserMeld Misdaad Anoniem gebruikt sinds september 2013 Bambuser om de mogelijkheid te bieden “anoniem” een filmpje in te sturen. Op de website geven ze een voorbeeld waarin dit nieuwe videomelden van pas zou kunnen komen:?

Stel, tijdens jouw favoriete evenement breekt geweld uit.?Of een overvaller vlucht door jouw drukke winkelstraat. ?Pak je mobiel en deel jouw video live en anoniem. ?Zo kunnen meer daders sneller worden opgespoord.

Maar: als de dader je heeft zien filmen, ben je niet meer anoniem. Je kunt dan geen melding doen bij M. Zorg dus dat je zo onopvallend mogelijk filmt en zelf geen risico?s loopt.

Bambuser?is een gratis mobiele video applicatie waarmee je video’s (helaas geen foto’s) kunt opnemen met je mobiele telefoon. Je kunt je video’s vervolgens delen met Meld Misdaad Anoniem. Zet wel je instellingen op Private mode, want dan?kunnen ze alleen video’s bekijken die u actief met hen deelt waarbij je eigen account informatie niet gedeeld wordt. Datum en tijd worden automatisch meegestuurd. De locatie wordt alleen meegestuurd als je dit in je instellingen (op je telefoon en app) hebt aanstaan.?Verwijder de film na afloop uit je Bambuser-account.?Je inzending wordt pas een melding als je ons daarna belt. In een vertrouwelijk gesprek neemt M. de details van de film met je door. Heeft een dader jou bijvoorbeeld gezien? Als blijkt dat je achteraf bezien toch gevaar loopt, dan sturen we de melding niet door naar de politie en andere partners. ?Je kunt ook ten alle tijden je Bambuser account stopzetten en let op welk e-mail adres je hierbij gebruikt.

Eerder gebruikte de app Safe City al Bambuser om live beelden te delen met de autoriteiten. Deze dienst werd bedoeld?voor het melden van alles wat niet pluis of niet in de haak is, bijvoorbeeld; graffiti, misdaad, rommel op straat, kapot straatmeubilair, losse stoeptegels, verdacht gedrag, gevaarlijke situaties, drugsdeals, vechtpartijen, beschadigde groenvoorziening, molesteren hulpverleners. Het aanzetten van een “Share” die een rechtstreekse verbinding maakt met een beveiligde website, waarop je alles kunt zien en horen.?

Maar ook professionals kunnen met bijvoorbeeld een bodykit (bijv Miveu) simpel gebruik maken van de app:

Bron: MeldMisdaadAnoniem,?krantenartikel regionale dagbladen,?Algemeen Dagblad,?Computer Idee,?de Stentor,?Telecommerce,?CCV,?Security Managment,?Easy Branches,?Nieuws.be,?NOS.nl,?RTL

Buurtlink

buurtlink_logo

Buurtlink.nl is een website waar buurtbewoners informatie kunnen vinden over hun buurt. De site is oorspronkelijk een burgerinitiatief, maar wordt nu gesubsidieerd door een verzekeraar en de Nationale Postcodeloterij. De site is een soort prikbord waar verschillende onderwerpen van de buurt te zien zijn. Zo kan je bijvoorbeeld een aantal producten op Marktplaats zien die bij jou in de buurt verkocht worden. Maar ook buurtnieuws, lokaal weer, een agenda met verschillende activiteiten en nog veel meer.

Eind 2007 is de politie Utrecht gestart met een wijkagent op Buurtlink. Een?wijkagent heeft een aantal oproepen geplaatst waarin gevraagd wordt om informatie rondom een misdrijf. Dit heeft in sommige situaties al tot een succes geleid. E?n zaak betrof een aantal fietsdiefstallen in Roermond. Op de weblog van de wijkagenten werden foto?s van de daders geplaatst die gemaakt waren met bewakingscamera?s. Bij de desbetreffende wijkagent kwamen meer dan 4000 reacties binnen. Enkele bruikbare tips leidden uiteindelijk tot de oplossing van de zaak. En ook een zaak met betrekking tot vernielingen in Roermond is met behulp van reacties via Buurtlink.nl opgelost.

Lees meer achtergronden over de?Venrayse wijkagent op Buurtlink

De wijkagent op Buurtlink:

Wat is Buurtlink:

N – Narcotica

Als de Mexicaanse drugsbaronnen ergens een hekel aan hebben dan is het aan publiciteit. Het aantal nieuwsberichten over slachtoffers van drugsgerelateerd geweld is dan ook miniem, terwijl de dodencijfers door het dak gaan. De meeste journalisten blijven liever leven. De Spaanstalige blog Wikinarco brengt het geweld echter precies in kaart en dat kon de drugsbaronnen op termijn wel eens de das omdoen. Want het Amerikaanse ministerie van Justitie kijkt natuurlijk ook mee. Wikinarco is namelijk betrouwbaarder dan welke offici?le statistiek van de Mexicaanse regering ook. Het probleem van de drugshandel in Mexico is op het internet terecht gekomen dankzij een reeks initiatieven die informatie van misdaden op het internet plaatsen.

Achtergronduitzending CNN:

Op www.wikinarco.com kunnen burgers illegale activiteiten melden in verband met drugshandel. Het is “een interactieve kaart die feeds krijgt van Twitter, Google Nieuws, blogs, alsook realtime bijdragen door de gebruikers. Doelstelling van dit initiatief is om het publiek te informeren over de criminele activiteiten in verband met drugshandel, maar ook om te controleren of de bronnen van alle gepubliceerde nieuws bronnen betrouwbaar geacht kan worden. Het project maakt gebruik van het platform Crowdmap om verschillende soorten misdrijven, zoals gewapende conflicten, corruptie, overvallen, arrestaties toe te wijzen aan 8 drugskartels met behulp van geolocatie.

B – Brandstichting

De Groningse politie heeft Twitter ingezet om razendsnel berichtjes te versturen naar en te ontvangen van burgers over een reeks branden die Veendam in 2010 hebben geteistert. Ze hoopt dat de gouden tip over de pyromaan er snel bij zal zitten. De politie hoopt zo informatie binnen te halen die ze anders via de klassieke manieren niet had gekregen. Vooral de jeugd zit veel achter het computerscherm en is een interessante doelgroep.
Tevens wordt het drukbezochte YouTube ook ingezet. De politie draait er een bewakingsfilmpje op, dat gemaakt werd toen een brand in een winkel het leven kostte van een brandweerman. De opnamen van de bewakingscamera in het centrum van Veendam worden verwerkt in een opsporingsfilmpje op het YouTube-kanaal politiegrn. De politie Groningen vermoedt dat de verdachte betrokken is bij brandstichting. Hoewel de bewakingsbeelden weinig onthullen, komen er toch tips binnen van mensen die de persoon menen te herkennen. In mei 2010, nadat het filmpje 48.000 keer is bekeken, werd een verdachte aangehouden.

Opsporingsbericht op Youtube branden Veendam

Wisdom of crowds en veiligheid

In het magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing van februari 2013 een interessant artikel over hoe de ?wisdom of crowds??kan bijdragen aan veiligheid van Maurits Kreijveld.

Dankzij internet zijn we afgelopen decennia meer dan ooit?verbonden geraakt. Het is nu beter mogelijk om wereldwijd informatie,?idee?n en kennis uit te wisselen en samen te werken. Door?dat slim te doen kunnen we gebruik maken van de zogenaamde??wisdom of crowds?: het feit dat we gezamenlijk betere beslissingen?kunnen nemen en inschattingen kunnen maken dan individueel?of dan alleen wat bollebozen bij elkaar.

Vaak wordt als voorbeeld van de ?wisdom of crowds??het raden van het gewicht van een koe of het aantal?knikkers in een pot gegeven. Het gemiddelde van de?individuele schattingen zou dan een nauwkeurig?antwoord op moeten leveren. Onafhankelijkheid en?diversiteit is daarbij essentieel. Maar de ?wisdom of?crowds? is meer dan dat. In dit artikel laat ik zien wat de??wisdom of crowds? kan betekenen voor veiligheid en?hoe de nabije toekomst er op dit terrein uit zou kunnen?zien. En die toekomst is dichterbij dan u denkt.

Burgers voor het karretje spannen

De manieren om de ?wisdom of crowds? te benutten?bestrijken een spectrum van crowdsourcing via?cocreatie tot en met zelforganisatie, met steeds een?toenemende invloed van de ?crowd? op het proces. Het?meest gebruikt is crowdsourcing: het betrekken van?(uitbesteden van een taak aan) een grote groep als?hulpbron van idee?n, kennis, productie, uitwisseling?en verspreiding. Losse, individuele bijdragen worden?daarbij geaggregeerd tot iets gezamenlijks. Op heel?veel terreinen is ge?xperimenteerd met crowdsourcing,?ook op het vlak van wetgeving en opsporing.

Zo is er de website internetconsultatie.nl waar burgers?kunnen bijdragen aan het verbeteren van wet- en?regelgeving die in voorbereiding is. Het idee is dat?burgers verfrissende idee?n en oplossingen kunnen?hebben die een waardevolle aanvulling kunnen zijn op?die van de juridische beleidsmakers en experts. Een?ander bekend en succesvol voorbeeld is de meldingsapp?van de politie waarmee burgers melding kunnen?maken van vernielingen, ongelukken of incidenten in?de stad. Extra ogen en oren dus.

Nog een heel ander voorbeeld is de manier waarop?eBay haar eigen gebruikers inzet bij het oplossen van?geschillen tussen kopers en verkopers. Jaarlijks zijn?dat er zo?n zestig miljoen, teveel om allemaal zelf af te?handelen. Daarom maakt eBay gebruik van zogenaamde??crowdsourced online dispute resolution?: een willekeurige?gebruiker, die niets te maken heeft met het?betreffende geschil, wordt gevraagd om de situatie te?beoordelen. Uiteindelijk doen zo 12 tot 13 gebruikers?een uitspraak die leidt tot een bindende uitspraak?voor het geschil: een vorm van rechtspraak met een?publieksjury.

Deze voorbeelden laten de variatie aan mogelijkheden?zien die internet en sociale media met zich meebrengen.?Aan de ene kant kunnen burgers meer betrokken?worden, aan de andere kant kunnen burgers ook meer?van zich laten horen, zich organiseren en laten ze zich?daarbij niet volledig sturen of in een hokje plaatsen.?Dat betekent dat organisaties, of het nu bedrijven zijn?of overheden, grip op burgers verliezen, als ze die al?hadden. Project X in Haren laat zien hoe een online?vergissing kan uitlopen op echte incidenten: het gevolg?van een niet op voorhand te voorspellen wisselwerking?tussen online en offline gedrag. Wat betekent dit voor?de toekomst?

Vaak wordt als voorbeeld van de ?wisdom of crowds??het raden van het gewicht van een koe of het aantal?knikkers in een pot gegeven. Het gemiddelde van de?individuele schattingen zou dan een nauwkeurig?antwoord op moeten leveren. Onafhankelijkheid en?diversiteit is daarbij essentieel. Maar de ?wisdom of?crowds? is meer dan dat. In dit artikel laat ik zien wat de??wisdom of crowds? kan betekenen voor veiligheid en?hoe de nabije toekomst er op dit terrein uit zou kunnen?zien. En die toekomst is dichterbij dan u denkt.

Nieuwe technologische ontwikkelingen

In de toekomst wordt het menselijk gedrag steeds beter?te meten en te sturen. Dat komt door uiteenlopende?technologische ontwikkelingen. Zo wordt het door de?opkomst van zogenaamde ?big data? mogelijk om grote?hoeveelheden data te verwerken en daaruit informatie?en kennis te halen. Deze ontwikkeling is bijzonder?krachtig in combinatie met twee andere: de opkomst?van steeds meer sensoren in de openbare ruimte:?camera?s, microfoons en ecosensors, zowel in gevels,?gebouwen als op de smartphones. Dit betekent dat?er steeds meer data gegenereerd worden, en daarmee?dus informatie beschikbaar komt over wat er in de?omgeving gebeurt.?Tegelijkertijd wordt de software om deze data te?analyseren krachtiger en ?socialer?: deze is steeds beter?in staat om ook taal te begrijpen. Deze software wordt?nu al gebruikt om sociale media berichten zoals tweets,?blogs en statusupdates bij Facebook, te analyseren.?Daarmee kan van iedere burger een profiel gemaakt?worden en uit grote hoeveelheden berichten kunnen?populaire thema?s worden gehaald of beginnende?onrust gesignaleerd worden. Tel hierbij op de groeiende?rekenkracht op waarmee het mogelijk wordt om de?structuur van sociale netwerken en interacties in kaart?te brengen en de dynamiek ervan live te volgen of?prognoses te maken hoe ze zich gaan ontwikkelen.?Niet alleen bedrijven met hun marketingwensen, maar?ook overheden kijken verlekkerd naar deze nieuwe?technologische mogelijkheden en ontwikkelen nieuwe?toepassingen om sociale media nog uitgebreider te?monitoren. Het is de bedoeling om hiermee vroegtijdig?onrust of incidenten op te sporen en de ontwikkeling?ervan (escalatie, groeit het of verdwijnt het?) te volgen.?In een nog verdere toekomst zullen nieuwe technieken?zoals hersenscans nog eerder kunnen zien aankomen?als mensen van sentiment veranderen. En de technieken?om het gedrag van mensen te sturen door middel van?beeld, geluid en anders, groeien. Zo is bekend dat?mensen vredelievender worden als ze gespoten worden?met het middel oxytocine, een neurotransmitter, die de?emotionele binding tussen mensen vergroot.

Minority Report als toekomstscenario?

En voil?, het scenario uit de film Minority Report is?geboren: de belofte van een misdaadvrije wereld door??precrime?: het opsporen en ingrijpen voordat een?misdaad is begaan. Toch blijkt dat geen systeem?feilloos is en dat mensen de zwakste schakel blijven.?Niet alleen brengt het gebruik van deze technieken?grote vragen met zich mee op het vlak van privacy,?maar ook de vraag hoe voorspelbaar ?misdaad? is. Ons?gedrag is niet eenduidig vast te stellen op basis van?onze tweets of de uitslag van onze lichaamssensoren en?hersenscans. Je kunt niet van tevoren voorspellen of wat?begint als een feestje uitloopt op rellen of vandalisme.?Niet ieder Project X-feestje loopt uit op ellende.?Belangrijk is daarom het besef dat het inzetten op het?monitoren van burgers alleen geen heil brengt. Kijkend?aan de zijlijn en wachtend wat er gaat gebeuren. Het?lijkt toekomstmuziek maar blijkt dit vooral de richting?te zijn waar veel overheden naar kijken in hun veiligheidsprojecten.?Hoog tijd dus dat er ook aan alternatieve?strategie?n voor de toekomst wordt gewerkt om?de veiligheid te vergroten. Daarbij kunnen we leren van?initiatieven als Burgerwacht: door burgers niet af te?tappen, maar te investeren in de zelfredzaamheid en?het zelforganiserend vermogen van burgers. Daarvoor?moeten we kijken naar een andere kant van de wisdom?of crowds: de interacties tussen mensen. Hoe kunnen?deze interacties ?slimmer?? Diezelfde technologische?ontwikkelingen zouden ook ingezet kunnen worden?om de interactie tussen mensen te bevorderen: wederzijds?begrip, leren luisteren, feedback, de-escalatie en?verbroedering.?Investeren in het versterken van mensen in plaats van?het versterken van systemen die buiten mensen staan.?Uiteindelijk zit de wijsheid in ons allemaal. D?t is wat?mij betreft de echte ?wisdom of crowds?.

Bron: Magazine Nationale Veiligheid, feb 2013

Maurits Kreijveld, verbonden aan Stichting Toekomstbeeld der Techniek is ook auteur van het boek ‘Samen slimmer‘ dat genomineerd is als management boek van het jaar. Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp:??Wisdom Of The Crowd

Lees het origineel hieronder (op pagina 12):

Altijd al een nummer willen zijn? Nu kan dat met Social Number

Social Number is een nieuwe social networking dienst die recentelijk in beta is gelanceerd. Het maakt het mogelijk om slechts een nummer te zijn en volledig anoniem (zie hier hun claim) berichten uit te wisselen, door slechts een nummer aan te nemen. Op deze manier is het grote goed van internet vrijheid weer een nieuwe impuls, daar waar Google en Facebook hardnekkig de real-name policy in de wereld probeerden te brengen. En de internet “oorlog” ?die er op volgde: Nymwars.

Google Plus ziet het liefst (oa voor commerci?le?doeleinden) dat je je echte naam gebruikt en stelt het als volgt:

Google+ makes connecting with people on the web more like connecting with people in the real world. Because of this, it?s important to use your common name so that the people you want to connect with can find you. Your common name is the name your friends, family or coworkers usually call you. For example, if your legal name is Charles Jones Jr. but you normally use Chuck Jones or Junior Jones, any of these would be acceptable.

Uiteraard zijn er voors-en tegens tegen zowel de real-name policy als deze nieuwe social number dienst. Maar nieuw? Het is helemaal niet nieuw, want als je al wat langer sociaal actief bent op internet weet je dat het eigenlijk altijd al zo was. De populariteit van ICQ (spreek uit I Seek You) in Nederland liet ook iedereen met nummer communiceren.

socialnumber

Maar toch, als de trend op internet weer?terugschiet?van namen naar nummers en diensten als social number aan populariteit winnen, heeft dat wel weer de nodige consequenties in de maatschappij. De vrijheid neemt toe, dat is heel mooi, maar het kan op gespannen voet staan met hoe veilig we ons voelen op het net. Het wordt voor een ieder steeds makkelijker gemaakt om anoniem op internet te bewegen, en steeds meer diensten en?technologie?n?maken dit mogelijk. Een online naam zei al weinig over de identiteit van iemand, maar ook IP adressen zeggen steeds minder over de echte identiteit of verblijfplaats van een internetgebruiker (oa vanwege het gebruik van TORnets in eenvoudig verkrijgbare downloadsoftware).

On Social Number, two users could simultaneously be on the social network and be unaware of one another's presence.

Foto: Deze twee gebruikers weten wellicht van elkaar niet dat ze met elkaar praten omdat ze op internet slechts een nummer zijn.

Je kunt online je identiteit proberen te beschermen. Maar sommigen geven er de voorkeur aan om helemaal geen identiteit te hebben. In plaats van een naam of een andere indicator of een miniatuur foto van jezelf, worden gebruikers slechts ge?dentificeerd door een nummer. Op deze manier moedigt de site gebruikers aan om alles, van een vervelende baan tot een taboe debat of een misbruik probleem te kunnen bespreken zonder angst dat het gesprek kan worden verbonden met hun echte identiteit.

“Ik had al langer het gevoel dat er privacy issues zijn met de meeste social networking sites,” zei de maker van SocialNumber, die zijn naam met slechts “M.K.” aangeeft. ?”Ik vond dat als je zocht op ?iemands naam, het op allerlei manieren verschijnt?vari?rend?van Facebook en Twitter en andere vormen … Ik vond dat er een site nodig was waar mensen vrij kunnen praten … en zich geen zorgen hoeven te maken over wie gaat lezen en wat er daarna kan gebeuren. ”
Social Number speelt in op de eerder genoemde langdurige discussie over anonimiteit op het internet. Het speelt in op fenomenen als?online pesten, internet trollen en geruchtenmachines zoals over de Notre Dame football ster Manti Te’O. Aan de ene kant zijn er veel mensen die wijzen op de waarde van online anonimiteit, zoals voor politieke activisten in landen waar de vrijheid van meningsuiting wordt bedreigd, terwijl er aan de andere kant velen zijn die waarschuwen voor de gevaren van anonimiteit.

De controversi?le site 4chan, waar anonieme gebruikers bekend staan om het plaatsen van aanstootgevend materiaal, heeft al langer kenbaar gemaakt dat vanuit hun filosofie “alles kan'”. Sommige apps en sites die gericht op studenten, zoals Bored@Baker en Whisper, moedigen ook aan om anoniem te posten. Met een nieuwe app genaamd Spraffl (met de slogan “The Revolution will not be personalized…”)?kunnen gebruikers anoniem locatie-gebaseerde berichten over lokale gebeurtenissen plaatsen.
Maar de sociale netwerken die gebaseerd zijn op anonimiteit zijn nog steeds zeldzaam, en de gebruikersbase relatief klein. De meesten van ons zien onze online identiteit als een uitbreiding van onze “IRL” identiteit (In Real Life), waarbij veel mensen hun werkelijke identiteit verbergen achter een gebruikersnaam. Maar M.K. stelt dat het gebruik van een uniek nummer de anonimiteitsmantel nog veel veiliger maakt, zodat dit genummerde alias niet gekoppeld kan worden aan de echte identiteit.?Zoals hij CNN vertelde, “een nummer heeft geen verband met wie je bent.”

Politiek, religie en geslacht
Social Number’s community is nog steeds klein: Sinds de offici?le lancering van de site medio december, schat MK zijn ledenaantal op minder dan 10.000, waarbij 50% tot 70% van de gebruikers woonachtig zijn in de Verenigde Staten.?Tot nu toe zijn de meeste onderwerpen al gecentreerd rond politiek, religie en geslacht, vertelt MK verder. Maar volgens hem is er niemand die iets heeft gedaan dat hem ertoe bewoog iets te onderzoeken of een gebruiker te verwijderen.?”Zolang mensen legale dingen doen op de site, is het een vrijheid-van-meningsuiting kwestie,” aldus MK waarbij hij verwijst naar de gebruiksvoorwaarden. (De lange gebruiksvoorwaarden bevatten “algemene verboden” ?die beperkingen opleggen tegen pesten, intimideren of lastigvallen van gebruikers, het plaatsen van berichten die haat zaaien, pornografisch zijn, bedreigend, of anderszins illegaal zijn of illegale activiteiten stimuleren).
De inhoud op Social Number wordt gecontroleerd, maar ook de gebruikers zijn een instrument in het handhavingsproces om elkaar aan te spreken en zaken te melden, geeft MK aan.

Geen brandmerk meer
Social Number gebruikers geven aan het fijn te vinden om openlijk over gevoelige onderwerpen te spreken zonder zorgen over vervreemding of beledigingen.?”Met dit anonimiteitsaspect kan ik eigenlijk alles zeggen dat mijn gedachten plaatsvindt”, zegt Yuri Spiro, een 68-jaar oude uitgever die woont in Californi?. “Met Twitter ben ik een identificeerbaar persoon, en ik wil mezelf zeker niet in een controversi?le situatie brengen ten aanzien van mijn vrienden of kennissen … ze kunnen besluiten om niet meer met me om te gaan. Ik zou Twitter nooit op deze manier gebruiken. “?Simrat Kaur, 38, is het daarmee eens. De software-marketing professional bezoekt Facebook vijf tot tien keer per dag, maar er zijn bepaalde onderwerpen die ze liever aansnijdt op Social Number. Op die manier vermijdt ze moeilijke gesprekken of het vonnis van Facebook vrienden en stelt ze zich open voor nieuwe idee?n.?”Ik krijg meningen (op Facebook) die zeer vergelijkbaar zijn met de mijne. 80 procent van mijn vrienden denken net als ik,” zei ze. “Dus als een sociaal netwerk, zoals Social Number kan me helpen om standpunten te horen die drastisch anders zijn dan de mijne, welke ik anders niet eens in overweging genomen zou hebben.”
Een andere gebruiker met de naam Joni, een 45-jarige grafisch ontwerper die weigerde haar achternaam te geven, zei dat ze houdt van “het idee van anonimiteit, het in staat zijn om politieke meningen te uiten zonder dat je gebrandmerkt wordt. ” Joni zei dat ze niets plaatst dat niet gezien zou mogen worden. In plaats daarvan, maakt de anonimiteit het haar mogelijk ?om meer gepassioneerd te zijn in haar standpunten.?”. Op Facebook zou ik onderwerpen als een baan of vrouwendingen, zoals misschien een dieet of kapsels, veel lichtvoetiger bespreken, het is niet te vergelijken,” zegt ze. Wanneer ze opinies over politiek of actuele gebeurtenissen op Facebook zet reageren veel van haar vrienden “Joni, ik wist niet dat je er zo over dacht.”
“In plaats daarvan is het veel beter en leuker om volledig anoniem je punt te kunnen maken,” zegt ze.

“Ik denk dat dat gaat gebeuren. Je zult zien dat de meeste gebruikers nog steeds hun open sociale media accounts (zoals Facebook of Twitter) gebruiken, en daarnaast een account aanmaken op Social Number,” zei hij. “Het is als een tweede leven. Je wilt een plek hebben om naartoe te kunnen gaan waar niemand je kent.”

Bronnen: CNN

 

iRN: Internet Research Netwerk

Afgelopen week een interessant artikel van Peter de Beijer in het magazine van Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing over iRN. Hoogste tijd om op dit blog wat meer te vertellen over intelligence in relatie met social media en open bronnen intelligence (OSINT).

De overheid kan veel, heel veel leren van het Internet. Het heeft namelijk een?aantal zeer aantrekkelijke karakter eigenschappen (open, anarchistisch, snel,?grenzeloos, plat georganiseerd) die overheden traditioneel onvoldoende?hebben maar die wel enorm kunnen helpen succesvol te innoveren. Successen?op het Internet ontstaan meestal door een combinatie van die unieke karaktereigenschappen?van het Internet, gecombineerd met visie, enthousiasme en?vasthoudendheid bij de mensen die ontwikkelen, uitvoeren en sturen.

Het iRN is een, bij de politie ontwikkelde, netwerk infrastructuur voor onderzoek op?Internet. Het iRN is gestart in 2004 als internet Recherche & Onderzoek Netwerk bij politie Gelderland-Zuid om een mogeLijkheid te cre?ren voor politie afdelingen om op een verantwoorde?manier Internet bij opsporing en onderzoek te betrekken. Het is ontwikkeld voor zowel niettechnische?gebruikers als vakspeciaListen. Het is eenvoudig in gebruik maar als het nodig is?geavanceerd, veilig, Internet ‘op de Internet manier’ en voorzien van de nodige forensische techniek?om als bewijs in opsporingsonderzoeken te kunnen gebruiken. Het project heeft geresulteerd in een?volledig in eigen beheer ontwikkelde, netwerkinfrastructuur voor onderzoek, opsporing, innovatie en?ontwikkeling op het gebied van Internetonderzoek. Het wordt gebruikt door een breed scala aan overheidsdiensten uit de veiligheidsector,?die zich bezig houden met toezicht, handhaving en opsporing. Het iRN is een platform met een community van inmiddels meer dan 6000 gebruikers die vertrouwd kennis delen en online samen werken. Het iRN is daarnaast ook nog een omgeving?waar veel innovatieve nieuwe technologie, diensten (op basis van open source software) en methoden worden ontwikkeld door een community van ontwikkelaars (wetenschappers, software developers, bedrijfsleven). Binnen het iRN zijn de karaktereigenschappen van het Internet en de successen van Internet bedrijven, -organisaties en -projecten dagelijks leidend?in wat we doen en d? inspiratie voor hoe we georganiseerd willen zijn, hoe we naar ontwikkeling kijken, hoe we innoveren en waarom we een community moeten zijn met onze gebruikers en partners. Die combinatie leidt namelijk tot voortdurend snelle, vernieuwende innovatieve diensten en meer kennis voor alle iRN gebruikers, waarmee hun dagelijkse werk binnen het?veiligheidsdomein bij de overheid voortdurend beter uitgevoerd kan worden.

iColumbo

Een mooi voorbeeld is de toepassing van open source big data technologie (dezelfde technologie waarop Google, Twitter en Facebook gebaseerd zijn) voor onderzoek van grote hoeveelheden informatie. Vanuit iRN ontwikkelen wij op basis van deze technologie volgens de scrum methode toepassingen voor Internet onderzoek (onder de verzamelnaam iColumbo). De?iColumbo technologie is, naast haar toepassing in het iRN, ook prima geschikt voor verwerking en analyse van andere data verzamelingen bij de overheid. Wij delen deze technologie dan ook kosteloos met andere overheidsdiensten en we geven aanpassingen of uitbreidingen op open?source software terug aan de Internet community. De afspraak is dat elke verdere ontwikkeling van de iColumbo technologie weer kosteloos met ons wordt gedeeld. Daarmee cre?ren we een duurzaam innovatief gedistribueerd ?ontwikkel? ecosysteem van technologie en kennis,?waarbij we tegen vrij lage kosten (licentiekosten vrij) de community van iRN gebruikers bij alle aangesloten overheidsdiensten voortdurend van nieuwe en verbeterde toepassingen en kennis kunnen voorzien.

Organiseer volgens het Internet

Om succesvol te innoveren volgens ?het Internet model? is het belangrijk dat de?organisatiestructuur daar op ingesteld is of in ieder geval daarvoor de ruimte en het?vertrouwen kan geven. Dat is bij veel overheidsdiensten een grote uitdaging?omdat de organisatiestructuren en gedachten over sturing en controle nogal haaks staan op dit platte, snelle ?netwerkorganisatiemodel. Toch is het, om bij te blijven met alle snelle ontwikkelingen, zeker die van het Internet, geen echte keuze. Het Internet dwingt, ook overheidsorganisaties, om na te denken over hoe wij georganiseerd zijn, hoe we succesvol innovatief en kosten effici?nt kunnen zijn en of we ons niet veel intensiever als een community?moeten gaan gedragen, waarbij we onze kennis en ontwikkelingen voortdurend delen. Succesvol, sneller, goedkoper en beter innoveren met als inspiratie het Internet model biedt de mogelijkheid, ook voor de veiligheidsector bij de overheid. Het vraagt mogelijk wel om andersoortige kennis en de nodige aanpassingen in de manier waarop we georganiseerd zijn om het daadwerkelijk te gaan doen. Beth Noveck, voormalig plaatsvervangend Chief Technology Officer in de Obama regering hield in juni 2012 een TED Talk over het Open Government Initiative. Zeker de moeite waard om even online?te bekijken en ge?nspireerd te raken:

Aanvullende documenten:
Product Sheet:?iRN ? Internet Recherche (& Onderzoek) Netwerk?(PDF)
Justiti?le verkenningen:?Politie anno 2012?(PDF)
Introductie iRN:?Surveilleren en opsporen in een internetomgeving?(PDF)
Rechtspraak.nl:??Digitaal de straat op?
Wetsvoorstel Ivo Opstelten:?Wetsvoorstel bestrijding cybercrime

Projectplan Verduurzaming iRN iColumbo

Eindrapport Privacy Scan iRN

Bronnen: NCTV, magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing.

Detectie en duiding bedreigingen via internet

Enige weken geleden een interessant artikel van Roelof Muis,?teamleider Open Source INTelligence van de?Landelijke Eenheid, in het februari nummer van het magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing:

Het is maandagavond. Om 22.00 uur staat de laatste KNVB-zaalvoetbalwedstrijd?van het seizoen gepland. Twee rivalen strijden om de eerste plaats.?Het is een pittig duel waarbij een van de keepers herhaaldelijk wordt belaagd.?Na de vierde lichamelijke confrontatie vallen de keeper en de spits van de?tegenpartij over elkaar heen. De keeper bijt de spits toe: ?de volgende keer?schop ik je kop van je romp, lamxxx!? Het komt die wedstrijd nog een aantal?keren tot hoogoplopende verwensingen. Na het eindsignaal bedanken de?teams elkaar en schudden de beide kemphanen elkaar de hand.

Het langetermijngeheugen van internet

Hans-Spkman-621x328De hierboven beschreven verwensingen in de fysieke wereld verschillen eigenlijk?niet erg van de verwensingen op internet, maar met het grote verschil dat de digitale?uitingen niet ?vervluchtigen en publiekelijk zichtbaar blijven. Recent is PvdA-voorzitter?Hans Spekman een persoonlijke campagne gestart tegen dit soort online bedreigen,?waarbij hij enkele voorbeelden van bedreigingen op zijn Facebookpagina publiceerde.?De teksten liegen er niet om en hij is niet de enige die dit overkomt.

Bedreigingen via internet

De aantallen bedreigingen via internet lopen in de duizenden per dag. Het team?Open Source INTelligence (OSINT) bij de politie werkt aan een aanpak tegen deze?vorm van bedreigingen. De afdeling is onder meer verantwoordelijk voor internetmonitoring?op dreigingen binnen het rijksdomein en neemt deze taak zeer serieus. Elke dreiging op bijvoorbeeld bewindslieden of tijdens nationale evenementen is feitelijk een gevaar voor de democratische rechtsorde. Beslissingen binnen de maatschappij kunnen hierdoor?be?nvloed worden. De Zembla-reportage over ?bedreigde bestuurders? is hiervan een?realistisch voorbeeld.

Strafbare bedreigen

Niet alle bedreigingen zijn strafbaar, maar er kan wel degelijk dreiging van uitgaan.?Het aantal aangiftes is echter zeer laag en er komen nog minder ?auteurs? ter rechtzitting.?Als de politie en het Openbaar Ministerie ?lle (strafbare) bedreigingen zouden onderzoeken en vervolgen, zou daar vermoedelijk alle beschikbare capaciteit voor nodig zijn. Vanwege het volume van de bedreigingen is er behoefte aan een effectievere dreigingsduiding en een gerichtere aanpak jegens de auteurs. Dus effici?nter onderkennen, kwantificeren en kwalificeren waardoor politie-inzet op dreigingen geminimaliseerd kan worden.

Innoveren

In samenwerking met het Ministerie van Veiligheid en Justitie, het Centre for?Language and Speech Technology van de Radboud Universiteit Nijmegen en Tardis?Research is een dreigtweetmonitor in ontwikkeling op basis van een lingu?stische studie van bedreigingen via internet. De dreigtweetmonitor filtert specifieke dreigingen door middel van zoekvragen. Dreigtweets worden naar ernst gerangschikt, waarna handmatig bestudering van?de context plaatsvindt om uiteindelijk de serieuze (strafbare) dreigtweets te duiden. En resultaten uit het verleden bieden zeker garantie voor de toekomst. Zo troffen wij diverse verwijzingen naar ?waxinelichtjeshouders? aan. Tja, mensen zijn creatief, maar scherp blijven is belangrijk. Tijdens de eerste monitoringstest tijdens Prinsjesdag 2012, zijn in negen uur vijftien serieuze en specifieke dreigingen waargenomen en binnen de organisatie in het reguliere werkproces opgepakt. Een ?serieuze dreiging? kan bedoeld zijn als grap of andersom. Dat?hangt af van de context en dus van de beoordeling. De huidige samenwerking tussen overheid, wetenschap en commercie binnen de ontwikkeling van de dreigtweetmonitor, kan daarbij zeer goed helpen.

Twitter wil zelf ook werken aan het tegengaan van bedreigingen. Zo was er enige tijd geleden veel ophef over Twitter in Groot-Brittani?,?nadat vrouwen bedreigd werden met de dood, verkrachting en een bomaanslag. Twitter zou volgens veel Britse gebruikers niks doen om het bedreigen te voorkomen.?Dus nu komt Twitter?met een nieuw?beleid, het bedrijf gaat de inhoud van tweets meer in de gaten houden. Maar hoe???Beluister het radio interview?daarover met Arnout de Vries of beluister het interview met blogger Xaviera Ringeling en social mediadeskundige Robert-Jan Mast die alles weten over de?problemen die mensen kunnen krijgen als ze hun mening uiten en waarom men online uitgesprokener is dan in het openbaar.

doodsbedreiging

Lees er meer over in het rapport:?Dreigtweets


Bronnen: NCTV,?magazine?Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing.

Innovatief veiligheidsbeleid vereist diversiteit en continu?teit!

Een interessant artikel van Mark van Staalduinen,?innovatieconsultant bij TNO, over innovatie bij het herkennen digitale informatie in het magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing. Dit artikel is aangevuld met de bijbehorende documenten.

Het Internet verandert de wereld razend snel. Wie kon een paar jaar geleden?bedenken dat bijna iedereen in het bezit is van een smartphone en continu?actief is in sociale netwerken? Dat alle TV?s connected zijn en dat wij?voornamelijk online winkelen en betalen? Als gevolg daarvan ontstaan grote?hoeveelheden data in open bronnen, met consequenties voor de veiligheid?van burgers en de maatschappij. Vanuit TNO werken we aan intelligente?tooling, die ondersteuning biedt bij het duiden en interpreteren van die data?binnen de juridische, privacy en ?forensische kaders. Dit noemen we media?mining. De afgelopen twee jaar hebben we in opdracht van de NCTV in?samenwerking met verschillende veiligheidsdiensten gewerkt aan een aantal?innovatieve tools.?Niet elke website is eenvoudig te analyseren, zoals Flash websites. De meeste zijn?zelfs niet doorzoekbaar met Google. Deze webtechnologie?n worden bewust ingezet om informatie te presenteren voor mensen, die onzichtbaar is voor computers. De conclusie leidde tot een slimme ?clickbot?, die als een mens door een website klikt en alle binnenkomende data afvangt. De ontwikkelde testsoftware verzamelt significant meer data dan standaard oplossingen. Diversiteit van mogelijke oplossingen is bereikt door een inspiratielunch, waar?verschillende diensten hun ervaringen konden delen. Daarnaast is een workshop georganiseerd door het Public Services Innovation Center (PSIC), waar studenten samen met domeinexperts hebben meegewerkt. Omdat de oplossing menselijk gedrag vertoont, blijkt het ontwikkelde?mechanisme ook geschikt voor andere toepassingen, bijvoorbeeld om honeypots te versterken.

Lees hier meer over deze projectresultaten:

Virtuele Muis

Naast tekst staat het internet vol met foto?s en video?s. Er zijn weinig tools, die de?potentie van dit beeldmateriaal benutten. Binnen het beeldmerkenproject zijn drie?ICT-diensten onderzocht aan de hand van het STOF-model. Dat model stelt dat een?ICT-dienst succesvol kan worden als de geboden dienst (Service) waardevol is, de Technologie werkt, de Organisatie van gebruikers en leveranciers op orde is en de Financi?n passend zijn. Dit verklaart, waarom verschillende projecten niet tot bruikbare tools hebben geleid, omdat veelal op ??n domein wordt gefocust. Drie diensten zijn uitgewerkt: locatieherkenning met?Twitter-foto?s, scannen van nieuwe YouTube video?s en het spotten van trends in ?beeldmateriaal. Conclusie: de operationele kosten zijn van die orde dat zij op nationale?schaal te realiseren moeten zijn.

Lees hier meer over deze projectresultaten:

Beeldmerkherkenning

Sinds 2011 werkt TNO als strategisch kennispartner?mee aan het iRN (Internet Research Network).?Het iRN levert diensten aan ongeveer 6000 gebruikers bij verschillende overheden?die toezicht-, opsporing- en handhavingstaken hebben op het internet. Van politie, Belastingdienst en DNB tot en met gemeenten. Binnen het iRN wordt een innovatieve?dienst ontwikkeld voor de ondersteuning van internetonderzoek: iColumbo. Kortom, innovatie is essentieel voor het iRN, en daarom is de samenwerking met TNO vruchtbaar. Het iRN biedt een landingsplaats en inspiratiebron voor innovatieve oplossingen, waarmee continu?teit ontstaat in de innovatieketen van wetenschappelijk onderzoek tot de nieuwste oplossingen voor?eindgebruikers. Wat maakt innovatie succesvol? Essentieel zijn: diversiteit en continu?teit. Diversiteit in mensen, expertises, organisaties, functies en processen. Diversiteit binnen het projectteam, maar ook in de contacten tussen het team en de dagelijkse praktijk om zoveel?mogelijk goede idee?n door te laten dringen en tunnelvisie te voorkomen. Diversiteit is?essentieel om de juiste oplossing te vinden. Continu?teit is vereist in het projectteam, de?doelstelling en vooral in de innovatieketen richting eindgebruikers. Dit betekent dat?innovatieve oplossingen een landingsplaats vereisen. Niets is frustrerender dan resultaten?boeken, die niet gebruikt worden. Continu?teit is essentieel, zodat een goede?oplossing ook waardevol kan worden.

veiligheidinnovatieEerder publiceerde TNO ook het?boek ?Veiligheid schreeuwt om innovatie? waarin TNO onder meer wil inspireren met visieontwikkeling, praktische handvatten, praktijkvoorbeelden en interviews. Verschillende experts van TNO en een aantal vooraanstaande en relevante partners uit het veiligheidsdomein hebben met veel enthousiasme een bijdrage geleverd, waaronder onze minister van Veiligheid en Justitie, Mr. I.W. Opstelten. Hij was bereid het voorwoord te schrijven. Om zichtbaar te maken dat wij met elkaar daadwerkelijke innovaties in de praktijk brengen, is in het boek een viertal voorbeelden opgenomen: The Hague Security Delta, Museumveiligheid, Twitcident en Beveiliging van de waterkant. De digitale versie van dit boek is hier te downloaden.

Bron: NCTV, magazine?Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing:

Vancouver riots: Stanley Cup 2011

vancouver02

Op 15 juni werd in Vancouver de beslissende wedstrijd voor de Stanley Cup (de ijshockeybeker, vergelijkbaar met de Champions League-finale of de WK-finale in het voetbal) gespeeld. Na deze wedstrijd, die werd verloren door de thuisspelende Vancouver Canucks, braken grote rellen uit in het centrum van Vancouver. De politie werd hier door verrast. Er waren veel meer mensen op de been dan dat de politie had verwacht, de massa bestond uit dronken jonge-mannen, die ook nog eens diep teleurgesteld waren. Voor de wedstrijd waren er geen aanwijzingen dat er rellen zouden uitbreken: dat is ongewoon bij het ijshockey. Er waren geen aanwijzingen binnengekomen vanuit agenten (ook niet van wijkagenten of schoolmedewerkers), geen telefoontjes van burgers, niets van andere publieke partners en er was ook niets voorbij gekomen op social media dat wees op rellen. Bovendien is er geen traditie van rellen: een jaar eerder was bijvoorbeeld de ijshockeyfinale van de Olympische Spelen, ook in Vancouver, probleemloos verlopen. Er waren ??n keer eerder rellen geweest, maar dat was in 1994, dus 17 jaar geleden. Dit leidde er toe dat er veel te weinig politieagenten beschikbaar waren en de agenten die ter plekke waren, waren niet goed uitgerust. Aan het uitbreken van rellen werd meegewerkt door duizenden mensen. Een deel daarvan deed actief mee, een ander deel film-de het met telefoons en juichte het toe. Zij zorgden voor een menselijk schild rondom de kern van de rellen, die een spoor van vernieling achterlieten.

De voorbereiding op communicatiegebied was niet gericht op rellen. Tijdens de eerdere wed-strijden was al duidelijk geworden dat er veel media-aandacht was. Daarom waren er twee ?media officers? fulltime beschikbaar. Zij waren strategisch gepositioneerd op twee plekken waar veel gebeurde. Zij waren verantwoordelijk voor het communiceren met de pers: het ge-ven van interviews, informeren over de veiligheid van het publiek, verkeersmaatregelen, statistieken over bijvoorbeeld het aantal fans, maar ook voor de social media monitoring en communicatie via social media. Twitter, Flickr en Facebook werden tijdens alle wedstrijden gebruikt om te communiceren met het publiek.
Voor de wedstrijd begon, werd al getwitterd door de politie. Het doel van deze tweets was om een positieve boodschap uit te zenden, met een vriendelijke toon, om een veilige viering mogelijk te maken. Bij de start van de wedstrijd werd onmiddellijk getweet dat de locatie waar fans op een groot scherm naar de wedstrijd keken vol was. De toon van de berichten veranderde toen: het bleef optimistisch, maar ook waarschuwend van toon. Die omslag kwam op basis van de grootte van het publiek en het gedrag dat werd gezien op videobeelden van het publiek. Aangegeven werd bijvoorbeeld welke pleinen nog toegankelijk waren en welke straten waren afgesloten vanwege de grote mensenmassa.

Rioters run amok after game 7 of the Stanley Cup finals between the Canucks and the Boston Bruins in Vancouver, June 15, 2011.
Toen de wedstrijd vorderde, kwamen steeds meer meldingen van vandalisme binnen. De spanning onder het publiek nam toe. Toen de eerste auto in brand werd gestoken, realiseerde men zich dat er geen plan was voor social media tijdens onrust in het publiek of tijdens rellen. Er waren wel wat tweets voorbereid, maar deze waren niet geschikt voor de situatie die nu ontstond. Dat zorgde voor vertraging in de berichten over de actuele situatie: tweets moesten worden afgestemd met de aansturing binnen het korps. Besloten werd om Twitter te gebrui-ken om het publiek aan te moedigen om rustig te blijven en om het publiek aan te spreken om de hulpdiensten hun werk te kunnen laten doen. Hierbij werden soms ook berichten geret-weet van bijvoorbeeld de burgemeester.

Bruce Bennett/Getty ImagesMike Carlson/ReutersJason Payne/Postmedia News Service

Veel bizarre foto’s en bekijk er hier nog meer, of bekijk diverse filmpjes, zoals deze montage.

Al snel boden mensen aan om bewijsmateriaal, foto?s en video?s aan te leveren. Gevraagd werd om deze informatie nog even te bewaren, de politie kwam hier in een later stadium op terug. Op dat moment kon men de hoeveelheid informatie niet behappen. Tijdens de rellen werd verder in de tweets gefocust op het geven van informatie aan burgers over wat zij moes-ten doen en hoe zij de binnenstad konden verlaten. Alle tweets werden tientallen keren ge-retweet. Het aantal volgers steeg tijdens de wedstrijd en de daaropvolgende rellen van 10.400 naar 13.170. In de daaropvolgende dagen kwamen er nog 2.000 nieuwe volgers bij.

Bekijk onderstaande politie auto van de Vancouver Police Department (VPD), volgeplakt met post-its waarin steun wordt geuit.

En niet alles was kommer en kwel:

Rich Lam/Getty Images

Bovenstaande foto werd een viral op Twitter en men zocht uit hoe dit kon gebeuren: zie hier?en de verklaring later met het stel.

Opsporing en social media

The bigger picture: Fans are trying to identify themselves from this image, which was made by stitching together 218 different photographs taken over a 15-minute periiod

Om bovenstaande foto in extreem gedetailleerd te bekijken, en wellicht te zien dat je er zelf tussen staat: klik dan?hier!

En enorme zee van fans kwam naar downtown Vancouver voor de laastet wedstrijd in de finale van de Stanley Cup playoffs. Op deze foto lijkt het enorm indrukwekkend, maar het is eigenlijk een slim aan elkaar geplakte foto. De foto bestaat uit 218 verschillende foto’s die in een periode van 15 minuten zijn gemaakt. Deze foto trok natuurlijk de aandacht van vele Canadezen, zeker toen er een campagne voor opsporing werd gestart via Facebook, op zoek naar de relschoppers. Fans van het team, the Canucks, haastten zichzelf om zichzelf te ’taggen’ (identificeren) op de Facebook pagina, wat voor Facebook een ?tagging? record betekende. Het taggen ging middels het in-en uitzoomen op de foto op de social networking website en je kon gezichten die je herkende een naam geven.

Sea of faces: Vancouver Canucks fans mass. Can you see yourself here?

De foto werd meer dan 9,500 keer getagged ? meer dan het record tot dan toe van 7,000 bij het Glastonbury muziek festival in Somerset. De initiatiefnemers hopen op 10,000 tags, om dit record een officieel Guinness record te maken waarbij de elke tag door een unieke gebruiker is gemaakt en de spelregel is dat je alleen jezelf kan taggen. Natuurlijk kijkt de politie mee met het taggen van deze IDs, ook al is het een burgerinitiatief. Zij moeten de rellen onderzoeken en de daders opsporen. Tijdens de rellen sneuvelden winkelruiten. auto’s werden in brand gestoken en er werd geplunderd. Zo’n 100 verdachten werden gearresteerd voor verstoring van de openbare orde of publiek dronkenschap. Toch is het onbekend of deze verdachten in de foto’s voorkwamen van Gigapixel fotografe Ronnie Miranda. Om de foto te maken plakte zij 218 foto’s aan elkaar in een grid van 12 bij 18. Het resultaat was een enorme foto met 2,110 megapixels. De foto is genomen op een moment dat de rellen nog moesten beginnen, zodat de identiteit gekoppeld kan worden. Op deze manier kan de politie handig aansluiten bij een burgerinitiatief. Of had de politie ook zelf zo’n initiatief kunnen ontplooien? Want als daders meedoen in het taggen van deze foto’s (door elkaar aan te wijzen), kan dat de opsporing in zo’n enorme massa behoorlijk versnellen.

Why police may be interested: Hours later, riots began after Vancouver lost the NHL title decider. It may be that some of the fans tagging themselves were those who caused trouble

Een ander burgerinitiatief was?http://www.canucksriot2011.com/. Bekijk hieronder het interview met de oprichter ervan:

Net als de Londonse rellen was er in Vancouver ook een CleanUp project via Facebook om de stad schoon te krijgen en werdern er sticky notes op Politie auto’s geplakt met steunbetuigingen en excuses:

Bronnen: Daily Mail, Twitter voor Crowd Control, en het rapport dat de politie in Vancouver zelf achteraf opmaakte na zeer uit-gebreid onderzoek (o.a. 115 interviews):