Auteursarchief: Arnout de Vries

Bepaal in 4 stappen je co-creatie of eParticipatiestrategie

Co-creatie, user driven innovation, eParticipatie, co-design, crowdsourcing en open innovatie: aan termen geen gebrek. Maar wat moet je organisatie ermee? TNO onderzoekt de strategie?n voor en de waarde van organisatiegestuurde eParticipatie en user empowerment.

 

eParticipatiemodel

Figuur 1: Beslismodel in 4 onderdelen voor het bepalen van de juiste co-creatie en eParticipatiestrategie

Dat het samenwerken met partnerbedrijven en betrekken van consumenten of burgers voor steeds meer organisaties van belang is, staat vast. Ook starten consumenten en eindgebruikers steeds vaker hun eigen initiatieven, onafhankelijk van het beleid van organisaties, waarop organisaties vervolgens op een goede wijze moeten reageren. Er is weinig bekend over hoe een organisatie echt succesvol gebruik kan maken van eParticipatie (als verzamelterm voor bovenstaande termen) en user empowerment (consumenten en burgers die zelf initiatieven starten), en wat de impact is voor een organisatie. Tegelijkertijd staan een ?traditionele? cultuur, gebrek aan inzicht in de waarde van eParticipatie en angst voor het onbekende het opzetten van nieuwe initiatieven vaak in de weg.

TNO is daarom een onderzoek gestart om strategie?n voor en de waarde van organisatiegestuurde eParticipatie en user empowerment te bepalen. Samen met onder andere markt- en overheidsorganisaties ontwikkelen we een beslismodel waarmee organisaties succesvolle eParticipatiestrategie?n kunnen vaststellen. In een reeks van 6 artikelen zal komende weken iedere donderdag worden ingezoomd op de diverse elementen van het beslismodel.

Deel 1 (dit artikel) vormt een introductie over hoe organisaties hun eParticipatiestrategie kunnen vormgeven.

Sociale innovatie

Het internet fungeert al langere tijd als een platform voor samenwerking, uitwisseling, innovatie en user-created content (Lai en Turban, 2008). Participatie is van alle tijden (zoals?crowdsourcing door de eeuwen heen), maar het is vandaag de dag niet meer mogelijk om ?alle kennis van de wereld? te doorgronden door slechts een paar slimme koppen bij elkaar te brengen in bijvoorbeeld een Forum uit de oudheid. De massa is nu mondiger en meer ?empowered? geworden; iedereen doet mee, de wereld is plat (Thomas Friedman, 2005). Nieuwe ontwikkelingen (sociaal en technologisch) zorgen ervoor dat gebruikers een steeds meer centrale rol gaan innemen en gelukkig wordt door overheden en bedrijven steeds meer gebruikgemaakt van de verbindingen tussen deze gebruikers en hun?collectieve intelligentie.

Belangrijke randvoorwaarden om in een gelijkwaardige dialoog met burgers en consumenten te treden zijn onder andere intensieve en rijke interactiviteit,?transparantie, vertrouwen versus management en controle (David Weinberger),?decentralisatie?en?lagere drempels. eParticipatie en co-creatie veranderen de waardeketen (zie figuur 2 en 3) en voor alle stakeholders zou er sprake moeten zijn van waardecreatie.

Klassiek vindt participatie aan het einde van de waardeketen plaats, bij zowel overheden als bedrijven.

Waardeketen

Figuur 2: Waardeketen producenten van producten, content of diensten

Waardeketen

Figuur 3: Waardeketen overheidsinstellingen

Maar eParticipatie door de gehele keten met allerlei verschillende stakeholders (waaronder eindgebruikers) zal leiden tot een dialoog met meer impact.

Waardeketennieuw

Figuur 4: Indicatieve aanduiding van eParticipatiemogelijkheden door de hele waardeketen

Keuzes, keuzes, keuzes?

De keuzes voor het ontwikkelen van een eParticipatiestrategie vallen grofweg uiteen in 4 elementen ? het bepalen van:

  1. het eParticipatie adoptieniveau en -doelstellingen;
  2. waar je eParticipatie voor wilt inzetten;
  3. hoe je strategie eruit moet zien;
  4. hoe je de doelstellingen en strategie gaat evalueren.

eParticipatiemodel

Figuur 1: Beslismodel in 4 onderdelen voor het bepalen van de juiste co-creatie en eParticipatie strategie

ladder1. Waar wil je als organisatie staan op eParticipatieladder?

Is je organisatie geschikt voor eParticipatie? En indien je het al doet: waar sta je op de ladder en waar zou je willen staan? De huidige plek op de ladder wordt bepaald door de mate van ervaring en adoptie; in welke mate is er nu al een dialoog met doelgroepen of de massa en welk deel van de organisatie speelt hierin een rol? De doelstellingen en strategie van de organisatie zijn bepalend voor de gewenste plek op de ladder. Dit doel verschilt uiteraard sterk per type organisatie; niet elke organisatie zal online participatie in zijn strategie opnemen. Organisatie cultuur, processen en management zijn belangrijke indicatoren om te bepalen hoe goed online participatie past bij de organisatie en om te weten welke verandering de organisatie zal moeten ondergaan om er meer succes mee te bereiken.

In het onderzoek worden allerlei indicatoren bekeken die in andere maturity modellen worden gebruikt, zoals in:?Social Media?of?E-business, marketing, verandermanagement, het?Ninesigma?crowdsourcing model,?business modellen?voor co-creatie of de diverse methodieken om strategic fit te bepalen voor organisatie en beoogde doelgroep (zoals o.a. TNO?s spinoff?InnovationFit?met SUMI doet). Deze indicatoren worden gebruikt tot inzicht te komen in de geschiktheid en volwassenheid van organisaties t.a.v. eParticipatie.

FOCUS2. Wat is de sweet spot?

Zelfs als je organisatie veel aan eParticipatie doet, moet je je per initiatief afvragen of dit het juiste middel is. En als het geschikt is, zit je dan in de ?sweet spot? waarin je met weinig inspanning bijna gegarandeerd succes lijkt te bereiken, of zit je daar verder vanaf en zijn er een aantal belangrijke aandachtspunten?

Naast de organisatiedoelstellingen uit het vorige onderdeel heeft elk initiatief specifieke doelstellingen en randvoorwaarden. Welke rollen en businessmodellen zijn wenselijk, is de organisatie er klaar voor en is de groep of massa goed te bereiken en (intrinsiek) gemotiveerd om te participeren?

Er zijn verschillende modellen die inzicht geven over de geschiktheid van online participatie voor het beoogde initiatief zoals voor?co-creatie,?crowdsourcing?(intern crowdsourcing model?en?extern crowdsourcing model),?business modellen voor co-creatie communities?en het door TNO ontwikkeldeICSE model?dat de sweet spot bepaalt in termen van plaats in de innovatiecyclus, mate van expertise, grootte van de crowd en complexiteit.

Dit onderzoek bouwt voort op deze kennis en scherpt deze indicatoren aan op basis van zowel wetenschap als ervaringen in de praktijk.

Ultimatesuccesformula3. Wat is de succesformule?

Als je weet dat eParticipatie geschikt is, hoe bereik je dan het beoogde succes? Welke participatiestrategie kun je het beste implementeren en hoe doe je dat succesvol?
Hoe vertaal je de doelstelling van het initiatief in een concreet communicatieplan, participatieproces, de juiste selectie van faciliterende middelen (o.a. tools en incentives voor participanten), gewenste rolverdeling en geschikt waardemodel?

Veel partijen (commercieel en wetenschappelijk) proberen meer zicht te krijgen op een goed toepasbare succesformule, dat tegelijkertijd breed toepasbaar is. Zo is er een?FLIRT?model voor crowdsourcing, weer gebaseerd op het?DART?co-creatie model van Prahalad waarin gelijkwaardige dialoog, laagdrempelige toegang tot informatie en tools, risico?s en transparantie belangrijke succesfactoren zijn. Verder zijn er vele bronnen waarin geleerde lessen en tips verzameld worden zoals voor overheidsorganen de participatieprincipes en richtlijnen van?Ambtenaar 2.0?en uitgangspunten van de?participatieladder.

Dit onderzoek probeert tot een hanteerbare handleiding te komen met de belangrijkste succescriteria die organisaties concreet helpen bij het maken van implementatiekeuzes.

evaluatie4. Hoe meet je succes (met harde feiten)?

Hoe leer je van elk initiatief en hoe bepaal je het succes? Dit onderdeel evalueert feitelijk de voorgaande 3 onderdelen: in welke mate heeft het bijgedragen aan de doelstellingen van de organisatie en het initiatief, en wat kan er geleerd worden van het proces? Deze aspecten maken duidelijk wat de impact (waardecreatie) was voor de organisatie en voor de betrokken groep of massa, en geeft alsmede inzicht in de lessons learned; wat ging goed en wat kon beter bij de uitvoering?

Er zijn op dit moment slechts een beperkt aantal manieren om het succes van eParticipatie te evalueren. Zo zijn er modellen in ontwikkeling voor?waardebepaling?van co-creatie, men kan?web analytics?of?socialnomics?modellen toepassen, overwegingen bij evaluatie zoals?Interact, hetevaluatiemodel?van het Teledemocracy Centre en de TNO?eParticipatiemonitor?zoals gebruikt voor deeParticipatie-awards?zijn enkele voorbeelden.

Dit TNO-onderzoek tracht niet alleen de meest betrouwbare en concrete meetmethoden te identificeren, maar probeert ook hetgeen gemeten wordt (o.a. de waardecreatie) in harde cijfers uit te drukken.

Wetenschappelijke discussie over terminologie van co-creatie of eParticipatie is niet het doel van dit onderzoek, wel meer valide bewijs over hoe je ?HET? succesvol inzet en wat het oplevert. Wij nodigen je uit om online te participeren en gezamenlijk oplossingen te cre?ren voor dit vraagstuk.

Lees hier de hele serie ?Bepaal je co-creatie of eParticipatiestrategie?.

App: I?m Getting Arrested

capture_gettingarrested
I?m Getting Arrested?(Android) werd gelanceerd in 2011 en is ge?nspireerd op de Occupy Wall Street protestbeweging. Demonstranten wilden hun vrienden en familie onmiddellijk kunnen vertellen als ze gearresteerd werden. Deze app is ontworpen om een?groep met ??n druk op de knop een vooraf ingegeven tekstbericht te versturen. Jason van Anden, de maker van de app, ziet het als een paniekknop.

arrested1 arrested2arrested3

B – Bangalijsten online

Woman

Wat zijn bangalijsten?
Bangalijsten circuleren steeds vaker op internet. Op de lijsten worden de namen van meisjes genoemd die bepaalde seksuele handelingen verrichten.?’Banga’ is straattaal voor ‘slet’.?In sommige gevallen staan personen er?zelfs op met achternaam en bijbehorend?Twitter-account.?In veel gevallen gebeurt dit om anderen te?pesten of te?chanteren.

Politie laat online bangalijsten verwijderen

De politie Groningen heeft een bangalijst van twitter laten verwijderen. Dit meldt jeugdagent Inge Warringa.?De directe aanleiding is het nieuws van vandaag. Gisteren zou een dertienjarig meisje in Pijnacker zelfmoord hebben gepleegd omdat ze op een bangalijst zou staan.?Een bangalijst is een nieuw fenomeen onder jongeren, waarbij scholieren elkaar lijstjes doorsturen met een top 10 van meisjes, die volgens hen de grootste sletten zijn. De meisjes op de lijsten balen ervan, want ze hebben vaak geen enkele aanleiding gegeven en het is moeilijk van zo?n stigma af te komen.?Warringa wijst er op dat het twitteren van zo?n Bangalijst strafbaar is: ?Jongeren begin er niet aan en werk er niet aan mee!? Wijkagent Peter?Boekweg: ??Als je op een bangalijst staat, kun je aangifte?doen bij de politie. Het verspreiden van een bangalijst is strafbaar, omdat je niet zomaar iets mag roepen over iemand waarmee je iemands eer of goede naam aantast. Dit heet smaad.Het expres verspreiden van een bericht waarvan de dader weet dat het een leugen is, heet laster. Voor smaad en laster kan de dader dus een straf krijgen.

Bij het doen van aangifte is het belangrijk dat je zoveel mogelijk bewijsmateriaal verzamelt. Laat de politie altijd weten waar de bangalijst online te vinden is. Wanneer deze verspreid wordt via een fotosite, noteer dan het webadres (de URL) en de accountnaam van diegene die de lijst online gezet heeft. Daarnaast is het slim om ook een ?print screen? te maken van de lijst die online staat. Je kunt deze lijst printen of digitaal meenemen (bijvoorbeeld op een USB-stick) naar het politiebureau.

Wordt de bangalijst via mail verstuurd, dan is het mailbericht zelf belangrijk. Gooi deze dus niet weg. Meld aan de politie dat je de mail nog in jouw bezit hebt. Het bewijsmateriaal wordt aan je aangifte gekoppeld. ?

Laster en smaad
Bangalijsten worden meestal door scholieren opgesteld.?Zij stellen lijsten op met namen van klasgenoten en medescholieren. Deze lijsten worden vervolgens verspreid?op internet. Jongeren die bewust publiekelijk schade toebrengen aan andermans reputatie, maken zich schuldig aan laster en smaad. Het samenstellen van bangalijsten is dus een strafbaar feit.?Wat de samenstellers van de lijsten zich daarnaast niet beseffen is dat dergelijke informatie jarenlang op internet blijft rondzwerven.?Overal in het land wordt aangifte gedaan van bangalijsten. Scholengemeenschap Stad en Esch in Meppel is naar de politie gestapt omdat ze is gestuit op een bangalijst en adviseert ouders aangifte te doen.

Voorbeeld: VUmc roept studentes op tot aangifte om ?bangalijst?
Studentes van de Vrije Universiteit in Amsterdam die op een bangalijst op facebook staan, moeten aangifte doen bij de politie. Dat zegt onderwijsdirecteur Gerda Croiset van de VU School of Medical Sciences. Op de opleiding geneeskunde circuleert zo?n lijst,meldt journalist Ton F. van Dijk. Croiset spreekt in een interne mail van een ?juridisch strafbaar feit?. De lijst wordt ?moreel en maatschappelijk onaanvaardbaar? genoemd. Ze kondigt ook ?gepaste? maatregelen aan tegen de makers van de lijst, die sinds november op facebook circuleert. Volgens Van Dijk is ??n dader-naam inmiddels bekend. De VU zegt echter meerdere daders te zoeken.

Hulpdiensten
De Raad van Korpschefs raadt slachtoffers aan eerst op sites als Meldknop.nl en Mijnkindonline.nl te kijken wat voor actie tegen bangalijsten kan worden ondernomen. Een gesprek op school over het onderwerp kan veel problemen al verhelpen. Blijft het probleem zich voordoen dan kun je altijd nog naar de politie stappen om?aangifte?te doen.

Overzicht van gerelateerde berichten, met dank aan Mediawijsheid:

Bronnen: Mediawijsheid, Harener Weekblad

Pomphouder zet dieven online

Dome 2 2012-09-30 14.57.22.031Pomphouder Pascal Tausch uit het Noord-Brabantse Drunen is het zo zat dat zijn zaak jaarlijks voor vele duizenden euro?s wordt bestolen door benzinedieven, dat hij heeft besloten het recht in eigen hand te nemen. Sinds kort heeft de ondernemer daarom een groot aantal bewakingsbeelden op zijn site gezet van automobilisten die niet betaalden voor hun tankbeurt. Ongecensureerd, met gezichten, kentekens en zelfs zichtbare bedrijfsnamen.

Veertig camerabeelden publiceerde Tausch tot nu toe op?zijn site?en via zijn?Twitteraccount. “Wel geld voor tatoo’s maar niet voor zijn diesel !! zielig figuur !!!”, zo schrijft hij bijvoorbeeld bij een foto van getatoe?erde klant die niet betaald zou hebben. De hulp van het publiek is nodig, omdat de dieven vaak valse kentekens gebruiken en daardoor voor de politie moeilijk traceerbaar zijn.

Over privacy maakt hij zich niet druk. “Ik weet tweehonderd procent zeker dat de mensen die op de foto’s staan, iets hebben gestolen?, zo zegt hij tegen Omroep Brabant. “Als je bij ons steelt, verspeel je jouw privacyrechten.”?De politie laat via een woordvoerder weten niet blij te zijn met het initiatief, maar volgens Tausch hoort hij van agenten zelf heel andere geluiden. Al zullen ze dat ?nooit hardop zeggen.??Taush weet dat veel collega pomphouders met hetzelfde probleem zitten. Hij hoopt daarom dat er op termijn een landelijke database met vermeende dieven komt.

Burgers en bedrijven mogen sinds enige tijd beelden van bewakingscamera’s zelf op het internet zetten als dat bijdraagt aan de oplossing van een misdaad. Eigenaar Pascal Tausch van het Shell-tankstation in Drunen is blij met de nieuwe wet. Onder deze wet is het online zetten van bewakingsbeelden wel aan regels gebonden. Eerst moet aangifte bij de politie worden gedaan. Daarna gaan politie en justitie de beelden beoordelen. Pas als justitie toestemming geeft, mogen de beelden op internet worden gezet.?”Fantastisch”, is de reactie van pompeigenaar Tausch. “We zijn er nog niet helemaal, maar dit is in ieder geval wel een teken dat het de goede kant op gaat. Dat je eerst aangifte moet doen is logisch, dat heb ik ook altijd gedaan voordat ik beelden online zet.”?Wel is Tausch minder blij dat justitie eerst toestemming moet geven voordat beelden online mogen. “Maar het ligt er heel erg in wat voor tijdsbestek die controle plaats gaat vinden. Als het niet te lang mee duurt, kan ik daar mee leven.”


Bronnen: de Telegraaf, Omroep Brabant, Shell Drunen

Vereniging Eigen Huis en de schandpaal voor inbrekers

Inbrekers op internet te kijk gezet

De Vereniging Eigen Huis (VEH) wilde in juni 2011 inbrekers aan de schandpaal nagelen. Beelden van inbrekers zouden?op een speciale website komen.?De maat is vol voor de vereniging voor huizenbezitters, ze hebben?er genoeg van?dat nog geen 5 procent van de inbraken in particuliere huizen wordt opgelost. Daarom gaat de?vereniging beeldmateriaal dat anoniem wordt aangeboden online zetten. Iedereen kan beelden opsturen van inbrekers. Voorwaarde voor plaatsing is dat een kopie van een aangifte wordt meegestuurd, met daarin een verwijzing naar het beeldmateriaal.

Bij Vereniging Eigen Huis (VEH) zijn sinds zoveel filmpjes en foto?s van inbrekers binnengekomen, dat de consumentenorganisatie meer tijd nodig heeft om het materiaal op de site te zetten.?Mogelijk wordt de?internetpagina?gebruikt als een opsporingsmiddel, waarbij burgers wordt gevraagd zich te melden bij de politie als zij dieven op de beelden herkennen.

VEH

Grappenmakers

?We gaan online met de site, maar er zullen nog geen filmpjes op te zien zijn. Wel laten we foto?s van inbraakschades zien en geven we tips ter voorkoming van. We hebben zoveel materiaal binnengekregen, dat we dat eerst goed willen onderzoeken. Er blijken tot nu toe ook wat grappenmakers tussen te zitten. De privacy van een crimineel boeit ons niet, maar we moeten wel alles doen om te voorkomen dat iemand als boef wordt afgebeeld terwijl hij dat niet is?, aldus woordvoerder Andr? de la Porte van de VEH.

Bij de VEH zijn ook kritische en bezorgde reacties binnengekomen van leden die niet begrijpen waarom de belangenvereniging voor woningbezitters zich met deze anti-inbraakactie bezighoudt. ?We doen dit omdat we vinden dat het genoeg is geweest. Mensen moeten zich weer veilig voelen in hun huis?, reageert de zegsman.

Politie en justitie omarmen het plan van Vereniging Eigen Huis (VEH) om inbrekers publiekelijk aan de schandpaal te nagelen. De Raad van Korpschefs heeft laten weten het tijd te vinden voor meer controversi?le maatregelen. De partijen gaan op korte termijn om tafel om te kijken of ze tot een samenwerking kunnen komen.

Publicatie van foto’s van inbrekers op een particuliere website is nieuw, maar sluit wel aan bij een bestaande?ontwikkeling. Politie en Justitie zetten foto’s van boeven in alle gradaties op hun websites http://boevenvangen.nl en?http://overvallersgezocht.nl, GeenStijl?schroomt niet foto’s van skimmers te plaatsen en via?opsporingsprogramma’s op tv zijn vaak beelden te zien van criminelen die hun slag slaan.?Politie en Justitie hebben offici?le bevoegdheden. Eigen Huis niet. Of de actie juridisch door de beugel kan, is niet?duidelijk. De vereniging heeft niet overlegd met Justitie noch met het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP).?’We merken wel waar we tegen de grenzen aanlopen’, zegt woordvoerder Hans Andr? de la Porte van Eigen Huis.?Zowel Justitie als het CBP houden zich op de vlakte. Het CBP zegt dat er geen contact is geweest, maar dat de?publicaties wel degelijk vragen over privacy oproepen.?Er bestaan richtlijnen over publicatie van foto’s op internet. Het CBP heeft in het verleden een aantal keren met succes?geageerd, onder andere tegen de site http://Beoordeelmijnleraar.nl.?Beveiligingscamera’s spelen een belangrijke rol. Voorheen waren ze slechts te zien bij grote bedrijven en villa’s, nu?steeds vaker in de hal van een flatgebouw of woning. Op elke bouwmarkt is zo’n camera te koop. Eigen Huis plaatst?alleen foto’s en video’s die vergezeld gaan van een offici?le aangifte bij de politie. Is er twijfel over de herkomst van de?foto, dan wordt de indiener nader aan de tand gevoeld. Blijft de twijfel bestaan, dan volgt er geen publicatie. ‘We willen?geen YouTube-achtige filmpjes, die we achteraf moeten verwijderen’, zegt De la Porte.

Directeur ontwerpbureau zet inbraakvideo op internet

Terwijl op de achtergrond een James Bond-achtig deuntje speelt toont een filmpje op Youtube hoe inbrekers vijftien computers stelen bij ontwerpbureau Mediamatic in Amsterdam. Het zijn echter geen sc?nes uit een nieuwe actiefilm, maar bewakingsbeelden van zondagnacht. Drie dieven namen voor ruim vijftienduizend euro aan spullen mee. Mediamatic was het zoveelste bedrijf in het Duintjer CS gebouw aan de Vijzelstraat in Amsterdam waar in augustus is ingebroken. Directeur Willem Velthoven zette daarom de beelden op internet. Dat hij de wet overtreedt door de privacy van verdachten te schenden, neemt hij voor lief.

“Ik begrijp dat zij recht hebben op privacy, maar de inbraken gaan maar door. Ik vind dat ik als burger ook het recht heb op privacy in mijn kantoor”, zegt Velthoven. Op de video is te zien hoe de dieven recht in de camera kijken. “Daar lijken ze zich niets van aan te trekken”, zegt Velthoven. “Ze gaan gewoon door en schermen hun gezicht niet eens af. Als je je zo blootstelt, vind ik dat de privacywetgeving best anders ge?nterpreteerd mag worden.” Velthoven is niet de enige die de behoefte heeft inbraakbeelden van bewakingscamera’s online te zetten. In juni ontstond een fel debat over de privacy van inbrekers toen?Vereniging?Eigen Huis?gegevens van dieven op internet wilde zetten. Het College Bescherming Persoonsgegevens riep de vereniging op het matje, maar vindt het wel een goed idee dat er een?website?komt waar mensen de beelden kwijt kunnen. De politie zou die dan moeten beheren en ervoor moeten zorgen dat er geen gemanipuleerd materiaal op komt.

“Geweldig idee”, vindt Velthoven. “Maar zolang die?website?nog niet bestaat, heb ik er niets aan. We hebben veel materi?le schade, maar de emotionele schade raakt mij dieper. Mijn personeel durft niet meer ’s avonds te werken.” Dat zijn actie consequenties kan hebben, beseft de directeur. “Het zou kunnen dat ik me bij de rechter moet verantwoorden. Dat begrijp ik, maar ik zie nu even geen andere uitweg om de dieven te vinden.” Velthoven heeft de video ook aan de politie gegeven, maar vertrouwt er niet op dat die de daders vindt. “Als de beelden alleen in het politiesysteem worden verspreid, moet een agent de jongens toevallig herkennen. Op Youtube zien veel meer mensen het filmpje.”

Tot die tijd bivakkeert de directeur in het kantoor, want hij verwacht dat de daders nog een keer terugkomen. “Ze hebben alleen meegenomen wat ze konden dragen. Maar ik zit hier heus niet met een knuppel te wachten. Ik jaag ze weg door hard te schreeuwen en bel 112.”

Toch werd het stil bij de digitale schandpaal

Kan dit allemaal zomaar? Wat als iemand zijn buurman een loer wilde draaien? Het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), de privacywaakhond, dreigde de vereniging met dwangsommen als inbrekers herkenbaar in beeld zouden worden gebracht.

Dat moest dan maar, vond VEH, die het plan wel wilde uitstellen, maar niet van afstel wilde weten. Toch was dat wat gebeurde. Het voornemen bloedde stil dood. Foto’s van inbraken werden wel gepubliceerd, maar zonder personen erbij. Andr? de la Porte benadrukt dat de VEH alleen beelden wilde gebruiken van echte inbrekers. ‘In het begin zat er een groot aantal twijfelgevallen tussen. Daarom wilden we per se een bewijs van aangifte erbij. Op dat ? ?verzoek hoorden we meestal niets meer.’ De PVV liet het er niet bij zitten en diende vorige week een motie in. Burgers moeten beelden van overvallers op internet kunnen zetten, tenminste als ze dan ook aangifte doen en het beeldmateriaal tevens aan de politie geven. De Tweede Kamer nam de motie aan. Het CPB staat voor een voldongen feit, en respecteert de wens van de politiek, aldus een woordvoerster. Terug naar de VEH, van wie je juichende reacties zou verwachten. Niet dus. ‘Deze ontwikkeling verrast ons eigenlijk. We zijn nog geen half jaar verder en nu kan het opeens wel’, aldus woordvoerder Hans Andr? de la Porte. Hij geeft aan dat VEH nu niet ‘halsoverkop’ de actie ‘Zet inbrekers te kijk’ nieuw leven gaat inblazen. De actie was expres gepland vlak voor de zomervakantie, als veel mensen weg zijn. Vraagtekens Net als de VEH is ook MKB Nederland, de brancheorganis atie voor ondernemers, terughoudend over het nieuwe fenomeen. ‘Hoewel we blij zijn met de verruiming van de mogelijkheden om iets met de beelden te doen, plaatsen we vraagtekens bij de effectiviteit en doelmatigheid ervan’, aldus woordvoerster Mieke Ripken. ‘Als mensen op allerlei sites beelden van overvallers en andere criminelen plaatsen, wie kan ze dan vinden? De kans op versnippering is groot. MKB-NL zou het toejuichen als mensen de beelden op een centrale?website?van de politie zouden plaatsen.’ De brancheorganisatie is vooralsnog niet van plan op de eigen?website?een mogelijkheid te cre?ren waar ondernemers de beelden kwijt kunnen. Dat geldt ook voor Koninklijke Horeca Nederland (KHN). Wel hebben ruim zeventig hotels in de regio Amsterdam hun eigen semi-openbare site waar beelden van dieven en ongenode gasten kunnen worden bekeken. ‘Het is bedoeld om elkaar te waarschuwen’, vertelt Guno Lauppe, voorzitter van Hotel Security Management die de?website?beheert. ‘Als een melding is geplaatst, krijgen alle leden een mailtje en kunnen ze het incident bekijken. Het kan gaan om diefstal van een koffer in de lobby, creditcardfraude of gasten die een kamer hebben vernield.’ Aanhoudingen Volgens Lauppe is er elke week wel een incident. ‘En het levert zeker wat op. Vorig jaar heeft de politie acht mensen aangehouden door dit systeem.’ Hoteleigenaars die meedoen, moeten zich wel aan een aantal voorwaarden houden. Ze moeten verplicht aangifte doen en ze mogen de beelden en de inloggegevens voor de site niet aan derden geven. Lauppe is tevreden met de werkwijze en ziet geen reden die te veranderen. ‘Wij willen niet dat iedereen die beelden kan bekijken.’ Ook de politie zelf benadrukt dat ze er de voorkeur aan geeft dat mensen beelden van inbrekers en overvallers aan de politie overhandigen, in plaats van ze zelf op internet te zetten. ‘Voor de zuiverheid is dat beter’, meent Ron Looije, woordvoerder van de Raad van Korpschefs. van internet, maar wijzen iedereen op z’n verantwoordelijkheid. Als je iemand online zet die niets met een crimineel feit te maken heeft, heb je wel een probleem.’ ‘Het zou heel vervelend zijn als onschuldige mensen worden beschuldigd van iets. We sluiten niet onze ogen voor de mogelijkheden

Film de overval en help de politie

Burgers mogen van de Tweede Kamer foto’s van overvallers online zetten. Je zou juichende reacties verwachten, maar dat valt tegen. Belanghebbenden vinden dat het met name een taak van de politie is om beelden openbaar te maken.

Stel, je bent getuige van een overval. Je eerste impuls zal misschien zijn maken dat je weg komt. Maar dat heeft de politie liever niet. Die heeft liever dat je je mobiele telefoon pakt en de overval filmt, op veilige afstand dat wel. Onder het motto ‘Pak de overvaller. Pak je mobiel,’ is de politie onlangs een campagne gestart waarin mensen worden opgeroepen de daders van een overval te filmen of te fotograferen. Want beeldmateriaal van de eventuele daders vergroot de pakkans, is de redenering. Je kunt je beeldmateriaal vervolgens uploaden via de?website www.nationale-recherche.nl. Hoe vaak dat inmiddels is gebeurd, kon de politie gisteren niet zeggen.

We willen niet dat iedereen die beelden kan bekijken.?Hotels hebben hun eigen semi-openbare boevensite.?Op de site van VEH stonden foto’s van inbraken maar zonder personen, dat mocht in juni niet.

VEH praat met OM over inbrekerssite

De animo voor het insturen van bruikbare beelden van inbrekers voor een?website?van de?Vereniging?Eigen Huis?(VEH) valt dusdanig tegen dat de vereniging de opzet van de?website?wil veranderen. Daarom?overlegt zij met het Openbaar Ministerie om de site te gebruiken als landelijk platform voor (bewegende) beelden van onder meer inbraken en buurtvandalisme. Tot nu toe kreeg de vereniging ongeveer 100 inzendingen, vaak zonder aangifte. Ook ontbrak essenti?le informatie, zoals over data en over wat er op de beelden te zien is. Daarnaast kreeg de VEH positieve reacties van verscheidene regionale politiekorpsen.

Het CBP dreigde met boetes als beelden geplaatst zouden worden die niet door het Openbaar Ministerie of de politie bekeken waren.Nu is het tij echter gekeerd. Het CBP wil zelf een nationale misdaadsite opzetten, waarop burgers beelden van bijvoorbeeld overvallers en inbrekers kunnen plaatsen, maar deze beelden worden wel eerst gecontroleerd door de politie om onzorgvuldigheden te voorkomen.

Bronnen: Hart van Nederland,?De Telegraaf?(wo 08 jun 2011),?ANP (5 juli, 2011), ANP (15 november 2011),?Haarlems Dagblad (3 september 2011),?Trouw (26 augustus 2011)

 

M – Mishandeling

Verdachte mishandeling YouTube meldt zich

Veendam21Een 21-jarige man uit Veendam heeft zich zaterdagochtend vrijwillig gemeld naar aanleiding van camerabeelden, die een dag eerder op het YouTube-kanaal van Regiopolitie Groningen waren geplaatst. De Veendammer had zichzelf op de beelden herkend.

Tijdens het verhoor bekende hij de 21-jarige Stadjer te hebben geslagen, terwijl hij een bierglas in zijn hand had. De Veendammer had volgens eigen zeggen geslagen in reactie op eerder geweld. Van dit geweld heeft de verdachte alsnog aangifte gedaan. De man gaf aan zeer geschrokken te zijn van het incident. De politie stelt een nader onderzoek in naar de toedracht van de mishandeling. De verdachte mocht na het verhoor het politiebureau verlaten.

Diverse tips

De Groningse politie plaatste de beelden op YouTube naar aanleiding van een aangifte van een 21-jarige inwoner van Groningen. Hij raakte op donderdag 3 februari 2011 rond 04.00 uur gewond in caf? ?De Tapperij? op de Grote Markt in Groningen. Dankzij beelden van de camera?s in de binnenstad van Groningen beschikte de politie over beelden van de weglopende verdachte in de Gelkingestraat. Het filmpje op YouTube is meer dan 80.000 keer door ge?nteresseerden bekeken. Er kwamen meerdere tips via de telefoon en Twitter binnen. De beelden werden direct na het bekend worden van de identiteit van de verdachte van YouTube gehaald.

Na de plons weerklinkt het gelach van de daders

In 2008 duwde R. el M. een dakloze in de gracht. Een filmpje ervan verscheen vorige week op internet. Daar uiten velen hun woede, ook over de politie.

Nadat het filmpje op YouTube verscheen? en de Telegraaf, het AD en AT5 erover berichtten, ontstond? onmiddellijk grote ophef. Daarop verbood de advocaat van R. el M., wiens cli?nt herkenbaar in beeld is, de media het filmpje nog langer te vertonen. Het zou een inbreuk zijn op de privacy van zijn cli?nt en mogelijk ,,strijden met zijn portretrecht”. YouTube gaf gevolg aan de sommatie, webblog GeenStijl niet. Het blog kondigde aan het ,,voor 100 jaar online” te houden. Het filmpje is er nog steeds te zien.

Deel van de woede richtte zich op de politie. Die? zei vorige week ,,voorlopig” niets met de zaak te doen omdat er geen aangifte was gedaan. Woordvoerder Ellie Lust zei ook: ,,En het scenario kan ook zo geweest zijn, al kan ik me dat niet voorstellen, dat de man het helemaal niet erg vond om in het water gegooid te worden”.? Ze verdedigde die uitspraak gisteren door te wijzen op ,,de context”.

Strafrechtadvocaten Jan Boone en Paul Waarts zijn van mening dat de politie in dit geval ,,helemaal geen aangifte” nodig heeft. Waarts noemt de reactie van de politie ,,onvoorstelbaar”. Boone zegt: ,,Gezien de ernst van het misdrijf, de gevolgen die het? had kunnen hebben en gezien het bewijs dat geleverd wordt door het filmpje, had de politie direct over moeten? gaan tot opsporing en aanhouding”. Volgens Boone is er grond om te vervolgen voor poging tot moord. ,,Dit gebeurt duidelijk met voorbedachten rade.” Ook de filmer dient vervolgd te worden voor ,,mededaderschap”, zegt Boone.

Volgens politiewoordvoerder? Lust moet eerst de toedracht worden vastgesteld. Volgens haar kan de politie, anders dan de advocaten betogen, in een geval als dit? (,,buiten heterdaad”) niet zonder toestemming van het OM in actie komen. Of ook de filmer wordt vervolgd, kon zij gisteren niet zeggen.

Na de plons weerklinkt het gelach van de daders; Een jongen die man de gracht induwde, wordt na publicatie van beelden op? internet alsnog vervolgd door het OM

Bronnen:?Politie.nl?en NRC Handelsblad (19 juni 2010)

Be connected, be social, be polite

Sociale media, de verbindende factor tussen politie en burger

Sociale media is niet meer weg te denken in ons leven. Via sociale media voelen we onszelf betrokken bij organisaties. Om ervoor te zorgen dat de verbinding met burgers versterkt wordt is er voor politie een onderzoek uitgevoerd naar het gebruik van sociale media in haar informatievoorziening. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat burgers het erg waarderen als wijkagenten twitteren en gebruik maken van andere vormen op het gebied van sociale media. Op deze manier wordt de band met politie versterkt omdat burgers weten wat een politiemedewerker doet op straat. Daarnaast verloopt de communicatie tussen wijkagenten en andere politiemedewerkers een stuk vlotter omdat de informatielijnen korter en toegankelijker zijn geworden. Naast een onderzoek onder burgers, zijn er ook gesprekken gevoerd met deskundigen op het gebied van sociale media. Via dit kwalitatieve onderzoek is naar voren gekomen dat er een aantal succesfactoren nodig zijn om sociale media binnen een organisatie te implementeren. Vanuit deze succesfactoren zijn concrete adviezen gegeven aan politie Noord- en Oost-Gelderland om zodoende de verbinding met de burger te versterken.

Auteur: Antonie Mauritz, 2011

Christelijke Hogeschool Ede,?InstituutAcademie Journalistiek & Communicatie – Communicatie

Bron: HBO kennisbank

Burgerparticipatie, al eeuwenoud

Burgerrechercheur mag meespeuren

De politie houdt informatie niet meer onder de pet. Steeds vaker wordt het publiek gevraagd te helpen: het tijdperk van de burgerrechercheur.

Billboards met foto’s van hooligans. Oproepen om filmpjes van rellen te uploaden. Burgernet. Opsporing Verzocht. Een rechercheteam dat een deel van een moordonderzoek online zet zodat iedereen mee kan puzzelen.??Voorbeelden van burgerparticipatie in opsporing. De politie, die jarenlang heeft geprobeerd opsporingsinformatie onder de pet te houden, beseft dat de massa veel kennis heeft waarmee misdrijven kunnen worden opgelost.

“Burgerparticipatie bestaat al sinds Sherlock Holmes”

Dit zegt criminoloog Henk Ferwerda. Bureau Beke in Arnhem, waar hij directeur is, heeft onderzoek gedaan naar burgerparticipatie in de opsporing.??”Een getuigenverhoor en buurtonderzoeken zijn klassieke vormen van burgerparticipatie. Door internet, Twitter en Facebook kan de politie veel gemakkelijker veel meer mensen bereiken en betrekken. De burger is niet enkel getuige. Er wordt zelfs gesproken van burgerrechercheurs.” ?Twee feiten spreken volgens Ferwerda in het voordeel van burgerparticipatie: “85 procent van alle aangehouden verdachten van misdrijven wordt op heterdaad betrapt en opgepakt. Zo’n 60 procent met hulp van burgers. Als tweede speelt de factor tijd een belangrijke rol. Het eerste uur na een misdrijf wordt het gouden uur genoemd. De uren daarna neemt de kans dat de zaak ooit wordt opgelost dramatisch af. Een getuigenoproep twee weken na een misdrijf heeft weinig zin. Het menselijke geheugen is een slechte bron, zeker als er veel tijd overheen gaat.”

Volgens Ferwerda moet het inzetten van het publiek een vaste plek krijgen in een onderzoek. “Net zo goed als dat je zoekt naar vingerafdrukken, zou je ook standaard direct het publiek om informatie moeten vragen.? Niet pas als je ten einde raad bent, veel eerder.”

Het gaat niet alleen om informatie van getuigen. “Ik weet dat in een onderzoek een slager nuttige informatie kon geven over met welk mes bepaalde verwondingen werden veroorzaakt. Het gezamenlijke publiek heeft onschatbaar veel informatie. Wisdom of crowds wordt dat genoemd, de wijsheid van de massa. Zeer ervaren rechercheurs zeggen dat de politie de schaarse middelen beter kan investeren in burgerparticipatie dan in recherchecapaciteit.” Natuurlijk zijn er valkuilen. “Je kunt niet onbeperkt een beroep doen op het publiek. Als je drie keer per dag een oproep krijgt van Burgernet, werkt het niet meer.”

Een andere valkuil is het gevaar dat burgers op eigen houtje aan de slag gaan. “Burgerrechercheurs moeten niet aan de slag gaan met burgeropsporing. De regie moet bij de politie liggen. Als je ziet hoe pedojagers zelf aan de slag gaan met namen en shamen. Of de hetze die Maurice de Hond voerde tegen de ‘Klusjesman’ in de Deventer moordzaak. Zo moet het dus niet. Ook niet op de manier van Alberto Stegeman: die spoort met een verborgen camera misstanden op en confronteert dan de politie.” Aldus Ferwerda.

Uit diverse onderzoeken blijkt dat de bereidheid van het publiek de politie te helpen groot is. “Niet iedereen wil politieagent zijn, maar burgers willen graag helpen. Kijk naar programma’s als Radar, Opgelicht?! en Vermist. Die behandelen zaken waar voor de politie te weinig opsporingsindicatie inzit. Daar gaan twee signalen vanuit: de politie doet zijn werk niet goed. Dan gaan mensen zelf aan de slag. Aan de andere kant laat het wel zien dat mensen graag samenwerken om criminelen te pakken.”

De politie kan volgens Ferwerda over veel extra ogen en oren beschikken. “Maar zorg dat je het snel doet, open bent en terugkoppelt wat je met de informatie hebt gedaan. Opsporing Verzocht zendt met regelmaat een blokje uit waarin wordt gemeld: ‘Deze zaken zijn met uw hulp opgelost’. Dat willen mensen horen.”

Er zijn destijds bij de verschillende korpsen veel initiatieven opgedoken. Ferwerda heeft in zijn onderzoek een zo compleet mogelijk beeld proberen te geven.

“Er zitten goede en minder goede initiatieven tussen. Probleem is dat er geen eenheid is. De politie is ??n organisatie. Maar toch wordt niet overal op dezelfde manier gewerkt. Initiatieven belanden op eigen websites, niet op http://politie.nl. Net of de Albert Heijn in Zeeland plots eigen ‘Hamsterweken’ heeft. Mogelijk dat het onder de Nationale Politie verbetert. Er ligt een taak voor de nationale korpschef.”

Volgens Ferwerda ontbrak het tot voor kort aan visie. “Het is goed dat overal proeftuinen zijn, maar er is behoefte aan professionalisering. Door alle wildgroei, sneuvelen mooie initiatieven. De innovatieve kracht is bij de politie lager in de organisatie groter dan in de top. Overal groeien bloemen, maar niemand maakt er een boeket van. Waarom gebeurt dat met dit soort projecten niet, maar wel bij de aanschaf van een nieuw dienstwapen? De terughoudendheid is ingegeven door de angst fouten te maken. Je moet fouten durven maken. Het enthousiasme is nu groot. Daar moet je gebruik van maken.”

Het ministerie van Veiligheid en Justitie probeert burgerparticipatie bij professionele hulpdiensten zo breed mogelijk in te zetten. Onderzocht wordt de mogelijkheid om ook commerci?le beveiligingsbureaus en vervoerders als bus- en taxichauffeurs bij de opsporing van verdachten in te zetten. Maar inzet van burgers bij de opsporing oogst ook nog steeds kritiek. ‘Je loopt het risico van persoonsverwisseling’, stelt GroenLinks-Kamerlid Arjan El Fassed, die vreest voor privacyschendingen. ‘Het inschakelen van burgers zou een laatste redmiddel moeten zijn, niet iets waarmee je begint.’

Bronnen: (15 dec 2011), Politieacademie.

Overval Haagse juwelier en opsporingsberichtgeving

Twee mannen overvielen de juwelier woensdag om 12.30 uur in zijn winkel aan de Beeklaan.?De?overval?van november 2011 had plaats rond 12.30 uur. Politieagenten troffen in de zaak het zwaargewonde slachtoffer aan.?De man werd neergeschoten en overleed in het ziekenhuis aan zijn verwondingen.

lapidee

De juwelierszaak Lapidee aan de Beeklaan in Den Haag. Na de fatale overval waarna de juwelier overleed, besloot zijn vrouw te stoppen met de winkel.

Die woensdag aan het begin van de middag bracht de 22-jarige man de toen twee 19-jarige mannen met de auto naar de Beeklaan. Zij hadden een tas bij zich met daarin tape, waarmee ze de juwelier hadden willen vastbinden. De twee mannen deden buiten voor de etalage alsof zij de sieraden van de juwelier bekeken en belden daarna aan. De juwelier had de winkel zo beveiligd, dat hij klanten zelf kon binnenlaten door op een knop te drukken. Hij liet de twee mannen, die er netjes uitzagen binnen.

Na in de winkel ringen bekeken te hebben, bedreigden ze de juwelier met hun vuurwapens en droegen hem op om op de grond te gaan liggen, maar de juwelier weigerde dit. Hij maakte duidelijk dat hij niks zou geven en dat de mannen weg moesten gaan. De nu 20-jarige man loste vervolgens drie schoten. Hij raakte het plafond en de juwelier werd twee keer geraakt. De twee mannen lieten de juwelier nog de deur openmaken en gingen er toen vandoor. De juwelier werd naar het ziekenhuis gebracht maar overleed uiteindelijk aan zijn verwondingen. De overvallers waren, zo bleek later, opgehaald door de 22-jarige man met de auto.

Direct na de fatale overval kamde de politie met honden en een helikopter de omgeving uit. Van de daders ontbreekt elk spoor. De politie heeft 25 rechercheurs op de zaak gezet.?Politie en justitie hebben schokkende beelden vrijgegeven van de dodelijke overval op een juwelier in Den Haag afgelopen woensdag. De beelden zijn gemaakt door bewakingscamera’s. De daders zijn duidelijk te zien. Justitie looft een beloning van 15.000 euro uit voor tips die leiden tot aanhouding.?Een vrouw die zo geraakt is door?het drama, heeft volgens de politie nog eens 5.000 euro extra toegezegd voor de gouden tip.


Het politiebericht met de daarin beelden van beveiligingscamera’s die in de winkel hangen. Op de schokkende beelden zijn de daders duidelijk te zien:

Kritieke toestand
De eigenaar van de zaak werd met spoed naar een ziekenhuis gebracht waar hij later overleed. Over de aard van de verwondingen wil de politie in verband met het onderzoek niets zeggen.?Direct na de fatale overval kamde de politie met honden en een helikopter de omgeving uit. Van de daders ontbrak elk spoor.

De politie heeft na twee dagen al 65 tips en later bijna 100 tips ontvangen over de gewelddadige overval op een juwelierszaak in Den Haag waardoor woensdag de 47-jarige eigenaar om het leven kwam. Een paar dagen daarna weet de politie wie de twee daders zijn van de roofmoord op een juwelier in Den Haag. De politie is de twee mannen op het spoor, maar heeft ze nog niet weten aan te houden.?’We komen steeds een stapje verder. Het onderzoek is in volle gang en stemt hoopvol,’ zegt de politie in een verklaring. Er werken meer dan veertig rechercheurs aan de zaak.

De tweede verdachte van de overval op de Haagse juwelier Ruud Strattman is gisteren aangehouden in Georgi?. Het gaat om de 19-jarige Sandro G. Hij heeft zichzelf gemeld bij de Nederlandse ambassade in de hoofdstad Tbilisi, aldus de politie in Den Haag. De verdachte meldde zich gisteren aan het begin van de avond met enkele familieleden bij de Nederlandse ambassade. De verdachte heeft de komst van de politie afgewacht, waarna hij werd aangehouden. De Georgische en Nederlandse autoriteiten overleggen over zijn moment van uitlevering.

De eerste verdachte van de roofoverval werd dinsdagnacht opgepakt in Den Haag. Bij zijn arrestatie waren 35 agenten betrokken.?’Hij was altijd een rustige jongen, die zelfs bang was voor spinnen’, vertelt hij in het?vragengesprek?met RTL-verslaggever Koen de Regt. ‘Als hij een spin zag, moest zijn moeder of ik komen om die op te pakken.’?’Ik kan het niet begrijpen. Ik snap niet dat mijn zoon zo’n domme, stomme idioot is geweest.’ Usler vindt dat zijn zoon straf moet krijgen voor wat hij heeft gedaan. ‘Ik zou hem met eigen handen naar het politiebureau hebben gebracht als ik het had geweten.’ Hij gaat verder: ‘Ik brand voor die arme man die is overleden. Als hij in zijn been of zijn arm zou zijn geschoten, zou ik mijn eigen arm of been geven als hem dat zou helpen. Maar dat kan niet meer, want hij is dood.’

Later wordt de derde verdacht aangehouden. Het Openbaar Ministerie (OM) meldt dat de 27-jarige?al op 31 mei in Almere is aangehouden. In het belang van het onderzoek is de arrestatie niet eerder bekendgemaakt, aldus het OM.?De 27-jarige zou?de twee hoofdverdachten, de negentienjarige Hagenaars Sandro G. en Ziya B., met de auto naar en van?Stratmanns juwelierswinkel Lapidee?hebben gereden.

Als het aan justitie ligt, gaan de mannen die hebben bekend dat ze de Haagse juwelier Ruud Stratmann hebben overvallen, 18 jaar de gevangenis in. Deze eis geldt voor zowel Sandro G. (20) als Ziya B. (19). Lasha G. (22) zou 15 jaar moeten krijgen. Het Openbaar Ministerie vindt hen alle drie schuldig aan de overval met dodelijke afloop op Stratmann. De overval was op 25 april. Lasha G. heeft volgens het OM Sandro en Ziya naar juwelierszaak Lapidee aan de Beeklaan gereden. Hij heeft daar op hen gewacht en hen ook weer weggereden. Sandro en Ziya pleegden de daadwerkelijke overval, aldus justitie. De aanklager ziet Sandro G. als de schutter, ‘maar degene die niet heeft geschoten, is net zo schuldig’.

Hier een liveblog van de eerste zitting

http://www.omroepwest.nl/nieuws/24-01-2013/overval-juwelier-was-kinderwerk

Advocaat Plasman wil strafvermindering vanwege beelden

Advocaat Gerard Spong pleit ‘vrijspraak’ voor?Ziya B. en gaat in op de opsporingsberichtgeving en proportionaliteit.

Bronnen: Omroep West, AD, NRC.