Auteursarchief: Arnout de Vries

Beter Buren

Beterburen biedt bemiddeling aan buren die overlast van elkaar ervaren. Onze bemiddelaars ondersteunen beide buren bij het voorbereiden naar een eventueel gezamenlijk bemiddelingsgesprek onder leiding van de bemiddelaars.

Stichting Beterburen is in 2004?opgericht en?ingeschreven bij de Kamer van Koophandel?reg.nr. 34192878. Beterburen heeft een? ANBI status (Algemeen Nut Beoogende Instelling) geregistreerd onder nr. 8136.98.534. De Stichting volgt voor haar medewerkers de CAO Sociaal Werk. De circa 245 vrijwilligers en het bestuur ontvangen geen vergoeding.

Doel is burenconflicten op te lossen door buurtbewoners in Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam, Edam-Volendam, Landsmeer, Ouder-Amstel, Uithoorn, Wormerland en Zaandam. Voor iedere gemeente zijn de afspraken vastgelegd in een overeenkomst.

Good Governance
Beterburen vindt goed stichtingsbestuur (Good Governance) van groot belang en hanteert het Good Governancemodel Toezichthoudend bestuur van Sociaal Werk van de MOgroep. Dit model bevat normen voor goed bestuur en toezicht, transparantie, externe verantwoording en financiele beheersing. Als stichting zetten wij gemeenschapsgeld in om onze doelen te bereiken. Dit geld willen wij zo goed mogelijk besteden. Hiervoor leggen wij jaarlijks verantwoording af aan de financiers.

Bron: Beter Buren

App: Refunite

REFUNITE_LOGO-TAGLINE_CMYK-01

De app Refunite brengt met een enorme database familieleden die elkaar kwijtraakten nadat ze huis en haard achter lieten weer bij elkaar.

Tijdens het maken van een documentaire ontmoetten de Deense broers David en Christopher Mikkelsen een 17-jarige Afghaanse vluchteling, die zijn familie was kwijtgeraakt. In een poging om hem te helpen spraken de broers met een paar vluchtelingen-organisaties en ze ontdekten dat er geen digitale toepassing was om al die instanties en gegevens aan elkaar te linken.

Dat moest worden geregeld, dus in 2008 lanceerden ze Refunite: een gratis mobiel platform waarop data van vermiste personen worden gematcht aan familieleden. Ze werken hiervoor samen met onder meer het Rode Kruis en Vluchtelingenwerk.

Het werkt zo: wie zich registreert, krijgt een paar vragen over de vermiste persoon: woonplaats, geboortejaar, school, et cetera. Die worden door de anonieme database van Refunite gehaald (zo’n 400.000 registraties) en de gebruiker krijgt sms’jes, kan een gratis hotline bellen of de site bezoeken voor informatie over mogelijke matches.

refunite

Het is moeilijk te zeggen hoeveel precies, maar zo?n 1500 vluchtelingen zijn al herenigd met hun geliefden. En daar komen iedere maand 100 tot 150 bij.

Refunite is in veertien Afrikaanse en Midden-Oosterse landen actief, waaronder Kenya, Uganda, Somali?, and Egypte.






Bronnen: Bright, Refunite

WAAKS

Waaks is een samenwerkingstraject tussen politie, gemeente en hondenbezitters om de veiligheid in de wijk te verhogen en woninginbraak, auto-inbraak en andere vormen van criminaliteit tegen te gaan.

Hondeneigenaren lopen dagelijks, vaak op gezette tijden op straat en kennen hun eigen wijk goed. Zij herkennen daardoor ook sneller verdachte situaties, zoals personen in de tuin van de buren terwijl deze van huis zijn. Of personen die opvallend in auto?s of woningen kijken. Als gemeente kunt u daarom aan de hondenbezitters vragen om de ogen en de oren van hun wijk te zijn en mee te doen aan Waaks.

Meedoen aan Waaks betekent dat hondenbezitters extra alert zijn op verdachte situaties en deze situaties melden bij de politie. Hierdoor kan de politie snel handelen wat de pakkans vergroot. Het is van belang dat de hondenbezitters niet zelf ingrijpen bij een verdachte situatie, maar dat zij de politie bellen. Hun eigen veiligheid staat uiteraard voorop. Dit geldt voor alle buurtpreventie initiatieven.

Hoe werkt het?

Gemeenten nodigen hondenbezitters uit voor een startbijeenkomst. Daarna kunt u via een nieuwsbrief contact houden met de deelnemers van Waaks over de situatie in de wijk en natuurlijk de resultaten van Waaks.

Waaksdeelnemers krijgen van de politie een training in het signaleren van verdachte situaties en het onthouden van signalementen. Ook is er aandacht voor de veiligheid van de hondenbezitter. Politie en hondenbezitters houden in het project Waaks vaak rechtstreeks contact. De politie laat ze weten wat er met hun melding is gedaan.

Deelnemers

Waaks is niet alleen voorbehouden aan hondenbezitters. Ook deelnemers van buurtpreventieprojecten of Burgernet kunnen deelnemen. Het voordeel is dat deze mensen bekend en bereikbaar zijn en al betrokken bij de veiligheid en leefbaarheid in de buurt.

Ook niet georganiseerde burgers kunnen waaks zijn. In de gemeente Huizen bijvoorbeeld kent men burgerparticipanten: individuele burgers die actief bijdragen aan de veiligheid. Ook zij krijgen een workshop met tips en uitleg van de politie.?Tijdens de bijeenkomst geven politie en gemeente meer uitleg over het project. U wordt meegenomen in de geheimen van het signaleren, opsporen en herkennen van verdachte situaties. Uiteraard is er ook voldoende ruimte om met elkaar in gesprek te gaan. Meedoen is vrijwillig.

Effectiviteit

Er zijn geen cijfers beschikbaar waaruit blijkt dat Waaks een direct positief effect heeft op de inbraakcijfers. Gemeenten passen dit middel toe in combinatie met andere interventies. De inzet van Waaks leidt vaak wel tot meer meldingen bij de politie, maar het is niet te herleiden of deze meldingen ook voor meer aanhoudingen zorgen. Waaks lijkt een positief effect te hebben op de sociale cohesie en veiligheidsbeleving. Bewoners ervaren meer betrokkenheid en meer sociale controle in de wijk.

Voorbeelden

Bronnen: Politie.nl,?CCV

Behind The Crime: Moordzaak

Een geweldig voorbeeld van transparantie voor een opsporingsproces. De politie van West-Midlands heeft een moordzaak van bijna minuut tot minuut op een blog gezet, zodat burgers kunnen volgen hoe het nu in het echt gaat. Natuurlijk was het nog niet live te volgen, maar ging het om het relaas van een zaak uit het verleden, maar toch. Het geeft aan hoe een verhaal online verteld en gevolgd zou kunnen worden, iets wat we bij steeds meer zaken ook in live blogs zien gebeuren. Door social media gebruikers, de media en soms ook de politie.

Onderstaand blog werd in 2014 gepubliceerd en start vanaf de eerste melding. Het verhaal is in het Engels gelaten, om de ‘echtheid’ ervan niet aan te tasten…


WEDNESDAY 7:45

The investigation starts as soon as we receive the initial murder report which would come in to one of our contact centres. It?s taken by one of call handlers who dispatches officers to the scene on an immediate response.

WEDNESDAY 7:55
Listen to one of our 999 call operators, Emily Poste talk about how the job affects her

WEDNESDAY 7:55
Profile ? Emily Poste
btc1
Emergency Call Operator ? Emily Poste

Name: Emily Poste

Role: Emergency Call Operator

Worked for West Midlands Police for 4 years. Before working for WMP Emily was an Auxiliary Nurse for Hampshire NHS.

Emily?s role is to take 999 calls from the public and calls from other agencies and she also works on the Traffic desks as a Resource Allocate and Dispatcher at Bournville Lane Force Control centre.

 

WEDNESDAY 8:12
Once the call is received, uniformed officers are immediately deployed. The scene of the crime will be cordoned off ready for the senior investigating officer (SIO) and the forensic crime scene coordinators.
PCSOs Judith Chetwood and Daniel Cowell outside crime scene in Wolverhampton.

PCSOs Judith Chetwood and Daniel Cowell outside crime scene in Wolverhampton.

WEDNESDAY 8:30
Detective Chief Inspector Caroline Marsh talks about the role of the Senior Investigating Officer

WEDNESDAY 8:49
Profile ? Detective Chief Inspector Caroline Marsh
btc3
Detective Chief Inspector Caroline Marsh

Name:?Caroline Marsh

Role:?Detective Chief Inspector

Senior Investigating Officer within Force CID for two years

WEDNESDAY 8:56
The forensic crime scene coordinators will also be on their way to the scene.
WEDNESDAY 9:02
Once they arrive at the scene and speak to the uniformed officers, the Senior Investigating officer and crime scene coordinator agree a plan of action.
WEDNESDAY 9:09
Once they have on the correct protective wear the SIO and crime scene coordinator will enter the scene together.
WEDNESDAY 9:27
Profile ? Tony Murphy
btc4
Crime Scene Co-ordinator ? Tony Murphy

Name: Tony Murphy

Role: Crime Scene Co-ordinator

Worked for WMP for 22 years

 

WEDNESDAY 9:28
This video shows the amazing work the crime scene coordinators carry out on a daily basis.

WEDNESDAY 10:09
The local neighbourhood officers manage the cordon and deal with any enquiries at the scene
btc5
WEDNESDAY 10:23
Local CID officers conduct the door to door investigations in the area.
WEDNESDAY 10:35
While officers are out at the scene, an incident room will have been set up and a team of police officers and staff will already be in place.
WEDNESDAY 10:49
DCI Caroline Marsh walks us through an incident room and talks about all the different roles involved

WEDNESDAY 11:09
The incident room is the central place where all the information on the investigation is gathered.
WEDNESDAY 11:50
CCTV is often a crucial aspect of a murder investigation. Officers will gather all CCTV from public and private sources and feed it back to the incident room
btc6
WEDNESDAY 12:08
The SIO will now head back to the incident room to hold the first briefing for staff around the murder

 

WEDNESDAY 12:15
The family liaison officer (FLO) will be appointed at this point in the investigation. They will meet the family of the victim and support them through every aspect of the investigation.

 

WEDNESDAY 12:20
Profile ? Julie Yearsley
btc7
Family Liaison Officer ? Julie Yearsley

Name: Julie Yearsley

Rank:?Detective Constable

Role: Family Liaison officer

Joined the force 19 years ago having previously been an auxiliary Nurse.? She became a detective after 3 years in uniform and has been the force lead FLO for the last 12 months.

As an FLO, Julie?s role is to support the next of kin to deceased from the initial notification of death, formal identification, Coroners court,?victimology and evidence gathering of family members and guide through all aspects of enquiry until court case.

 

WEDNESDAY 12:21
Video of one of our FLOs talking to the brother of a murder victim about the role of the FLO and how they work with victim?s families

Family Liaison officer Julie Yearsley talks to Johnson Nwakubo about the murder of his brother and how family liaison officers helped him through the ordeal.

WEDNESDAY 12:58
The FLO will now be on their way to meet the family of the victim. They will work with the family over the coming weeks as part of the investigation.
WEDNESDAY 13:20
Once the crime scene coordinators have finished at the scene they will send all the evidence they gathered to the forensics lab for further investigation.
WEDNESDAY 13:31
The crime scene coordinator meets with the SIO to discuss and review any evidence which has been gathered from the scene.
Forensic scene investigator using a ultraviolet light to detect footprints.

Forensic scene investigator using a ultraviolet light to detect footprints.

WEDNESDAY 13:36
This video shows you the process all evidence submitted to the forensics department goes through.

WEDNESDAY 14:17
Profile ? Hazel Johnson
btc9
Senior Forensic Scientist ? Hazel Johnson

Name: Hazel Johnson

Role: Senior Forensic Scientist

Has worked for the force for?18 months.? Before working for WMP, Hazel worked for the Forensic Science Service?for 25 years as a forensic biologist.

Her role with WMP includes? screening submitted items for the presence of blood and providing general forensic support to the force by attending scenes of crime or by providing advice on submissions to the forensic science provider.

 

WEDNESDAY 14:18
If the SIO feels it necessary, a Home Office pathologist will be called to help determine the cause of death at the scene.
WEDNESDAY 14:26
The deceased will now be taken to a local mortuary for a forensic post mortem to establish a cause of death.
WEDNESDAY 14:37
The SIO will be receiving updates from all the different teams throughout the course of the investigation.
WEDNESDAY 14:46
The crime scene coordinator will have taken photographs of the scene, taken fibres, fingerprints and footwear prints and clothing. It is up to the SIO to decide what they feel is relevant.
btc10
WEDNESDAY 15:01
This video shows the inner workings of the force fingerprint bureau.

WEDNESDAY 15:18
If they need to conduct any covert activity, the SIO will need to get authority from the Head of Homicide. Detective Superintendent Mark Payne is the current Head of Homicide for the force

 

WEDNESDAY 15:35
The Head of Homicide also sets the budget for the investigation
WEDNESDAY 15:46
In some investigations, 24 hours after the initial incident, officers will visit the area and speak to the public to see if they were in the same area yesterday
WEDNESDAY 16:00
At this point the SIO may decide to appeal to the public for further help. The force?s Corporate Communications department will have been briefed about the incident by the SIO and will have prepared a communications strategy.
btc11
WEDNESDAY 16:15
The communications strategy will be developed with the SIO. The media activity can range from a statement confirming basic facts about the incident to a press conference with the family appealing for information. We also use a range of social media to contact possible witnesses.
WEDNESDAY 16:27
Head of News Keiley Gartland talks about the importance of communications in an investigation

WEDNESDAY 16:38
Any information that is the result of the press appeal will be fed back into the investigation room.
WEDNESDAY 16:43
Profile ? Keiley Gartland
btc12
Head of News ? Keiley Gartland

Name: Keiley Gartland

Role: Head of News ? Corporate Communications

Worked for the force for 10 years.? Her role as Head of News involves working with local and national media, managing the force?s social media ?and supporting investigations and major operations.

 

WEDNESDAY 16:51
If an arrest has been made, an interview strategy will now be agreed with the SIO. Specially trained detective constables and detective sergeants carry out the interviews.

WEDNESDAY 17:08
An interview can run across several days. Detectives are initially able to hold a suspect for 24 hours. If they require longer they have to apply to a Superintendent for an extension which can be up to 36 hours.

WEDNESDAY 17:19
The interviewers will be regularly in touch with the SIO who is still gathering information throughout the process.

 

WEDNESDAY 17:54
Following on from an arrest, searches will be taking place at all locations linked to the crime.
WEDNESDAY 18:09
The SIO will work with local neighbourhood officers looking at how the incident affects the local community and how they can minimise any negative impact.

WEDNESDAY 18:17
The SIO will also make sure that they are keeping the senior command team and the Police and Crime Commissioner (PCC) informed of any developments as they happen.

 

WEDNESDAY 18:37
We?ve reached the end of our updates. After a 48 hour period any suspects would either have been charged or released on bail. In certain circumstances officers will have applied to a magistrate for a further extension for questioning.

Behind The Crime: Achtervolging

Chace Avenuse response officers

Chace Avenuse response officers

Snelle achtervolgingen, gevaarlijk rijgedrag en state of the art technologiegebruik. Bekijk hoe de politie van?West Midlands (UK) de wegen veilig houdt in een live behind the crime verslag dat grotendeels via?social media wordt prijsgegeven aan het publiek.


See below for the ?Behind the Wheel? live blog ?which had live updates throughout the evening, with footage of real life crashes and incidents and driving advice from the team.

TUESDAY 18:02
If you have any questions, please tweet us using the hashtag #btwlive.
TUESDAY 18:04
Supt. Blakeman and his team will be providing updates throughout the evening.
TUESDAY 18:06
Acting Superintendent Kerry Blakeman
btc01
Acting Superintendent Kerry Blakeman

Name: Kerry Blakeman

Role:?Acting Superintendent in Force Operations

Age 48. Has worked for WMP for 27 years. ?His favourite car is a?Morris Marina 1.8TC.

Top driving tip:?Adopt the ?what if?? principle ? for example ?what if that car pulls out on me, am I prepared to react??

 

TUESDAY 18:09
B unit started their shift at 3pm with a team briefing led by the shift sergeant. They receive updates about what?s been happening across the force, receive any up to date intelligence and get notified of any vehicles they need to be looking out for while they are on patrol.
btc02
TUESDAY 18:15
We will be using Periscope for our live video updates during tonight?s blog. You can view it live and the footage will be available from mobile devices for 24 hours.
TUESDAY 18:28
btc03
TUESDAY 18:29
Officers are en route to Dudley to an RTC between a motorcycle and a pedestrian.

 

TUESDAY 18:33
Watch this short video to find out about ?the fatal four? ? the four top causes of fatal crashes

TUESDAY 18:35
Latest update from the team and general information about the equipment in a traffic car

TUESDAY 19:01
Collision Investigation Unit at the scene. They are using equipment to get the ?friction value? for the road which forms part of the investigation.

 

TUESDAY 19:02
Profile of PC Jon Butler
btc04
PC Jon Butler

Name: PC Jon Butler,

Age 33

10 years in the job, 6 years on traffic.

Favourite car is Aston Martin DBS

Top driving tip ?? Safely pull over to the left hand side of the road when you see emergency vehicles approaching, do not just stop, it causes great danger to yourself and other road users.

TUESDAY 19:11
Officers have now left the scene and are heading back towards Birmingham on general traffic patrol
TUESDAY 19:14
The Collision Investigation Unit are the ?investigative? arm of the traffic unit. They incorporate the reconstruction team who survey scenes of accidents and recreate them in order to understand what happened and present evidence to court

TUESDAY 19:27
The main aim of all traffic officers is to deny criminals the use of the region?s road network.
TUESDAY 19:31
Officers stopped a driver earlier for speeding on the Hagley road which has a limit of 40mph road. Driver advised in relation to his speed.

 

TUESDAY 19:34
TUESDAY 19:45
TUESDAY 19:56
Do you panic when you hear sirens when you?re driving ? Watch this video for advice about how to react when you experience an emergency vehicle approach

TUESDAY 19:59
Just pulled a Mercedes over for not driving with due care and attention on the Walsall Rd in Brum #btwlive Officers having words now??..
TUESDAY 20:03
TUESDAY 20:06
Officers responding to 999 call about a stolen car in West Bromwich

 

TUESDAY 20:20
Profile of PC Stuart Allen
btc05
PC Stuart Allen

Name ? PC Stuart Allen

Role ? Traffic Officer

Age 44 years. 21 years in the job, 14 years on traffic

Favourite car is Ford Fiesta Mark 1 XR2

Top driving tip ? never rush your journey, leave with plenty of time and know your route.

TUESDAY 20:26
This interview with Avril Child, the mother of a young girl who died because of a speeding driver highlights the devastating impact of speeding.

TUESDAY 20:31
Since the accident, Avril has campaigned tirelessly to get the law on speeding drivers changed.

She has recently succeeded in getting a loophole closed which means the most dangerous drivers who are jailed for causing death on the roads can serve out their driving bans while they are in prison. In some cases this meant offenders who have killed people by dangerous or careless driving are able to drive again as soon as they are released. The change in the law means all such driving bans begin only after offenders have left prison. ?News coverage

TUESDAY 20:40

TUESDAY 21:45
Thanks for watching! We hope you enjoyed the blog and we really appreciate everyone getting involved. Make sure you keep an eye out for more blogs in the ?Behind the Crime? series later in the year.

Bronnen: Behind The Crime, West-Midlands Police UK

De gevolgen van de tweet van zoon El Chapo

De ontsnapte Mexicaanse drugsbaas Joaqu?n ‘El Chapo’ Guzm?n houdt zich wellicht schuil in het Midden-Amerikaanse Costa Rica. Dat zou blijken uit een bericht met foto op Twitter dat door zijn zoon vanuit dat land is verstuurd.

Op de foto is de zoon van Guzm?n te zien samen met een man die deels is afgedekt maar die sterke overeenkomsten heeft met de drugsbaas. De zoon, Alfredo, stuurde de tweet waarschijnlijk zelf de wereld in maar hij verzuimde af te schermen waar het bericht vandaan kwam.

De autoriteiten in Costa Rica zijn inmiddels een onderzoek begonnen.

Guzm?n (55) ontsnapte in juli op spectaculaire wijze via een stiekem gegraven anderhalve kilometer lange tunnel uit de Mexicaanse Altiplano-gevangenis, ??n van de meest beveiligde gevangenissen. Sindsdien reisde hij volgens de berichten kriskras door het land. Begin vorige maand meldde de Amerikaanse drugsbestrijding dat El Chapo (Kleintje) mogelijk in de buurt van Mazatl?n was. Daarop zou hij zijn vertrokken. Mogelijk ging hij toen per bus naar de staat Chiapas in het verre zuiden, aan de grens met Guatemala. Daar woont een tante van El Chapo. Hij zou van zijn vrijheid genieten. Uit foto’s in verschillende media blijkt dat Joaquin ‘El Chapo’ Guzman met een biertje in de hand op een feestje zit en in een vliegtuigje rondvliegt. Wie de gouden tip doorgeeft, waardoor El Chapo kan worden opgepakt, krijgt van de Verenigde Staten 5 miljoen dollar (4,5 miljoen euro).

Vluchten

De drugsbaron verbleef sinds vorig jaar in de Altiplano-gevangenis in Almoloya de Ju?rez in Mexico, vlak bij de hoofdstad Mexico-City. Via de tunnel kwam drugsbaron ‘El Chapo’ terecht in een gebouw naast de gevangenis. De ontsnappingsroute was ongetwijfeld goed gepland. De Engelstalige krant Daily Mail schrijft dat de tunnel voorzien is van elektriciteit, verluchting en zuurstoftanks voor in noodgevallen. De drugsbaas zou een motorfiets hebben gebruikt om snel door de tunnel te komen. El Chapo slaagde er jaren geleden ook al eens in om te ontsnappen. Nadat hij in 1993 in Guatemala werd gearresteerd, wist hij in 2001 uit een extra beveiligde gevangenis in de deelstaat Jalisco te komen. Hij werd weggevoerd in een wasmand nadat hij gevangenisbewakers had omgekocht.

Vanaf El Chapo’s Twitteraccount, die wordt beheerd door diens zoon Ivan, werd bijvoorbeeld ook geschreven: ‘Als je me blijft afzeiken, zorg ik dat je je hoerenwoorden weer moet inslikken, jij verrotte blonde melkschijter @realDonaldTrump.?In Mexico is ‘een melkschijter’ een denigrerende term voor homoseksuelen.?De miljardair zou het dreigement serieus nemen en heeft de FBI gevraagd de dreigementen te onderzoeken, zo meldt de website TMZ.

In een andere tweet werd de Mexicaanse president Enrique Pena Nieto aangesproken. ‘En jij @EPN, noem me geen delinquent want ik geef mensen tenminste werk, iets wat jij niet doet, jij laffe politicus’. De tekst loopt verder onder de tweets


Er werd ook getwitterd: ‘Zeg nooit nooit, de wereld draait door. Degene die niets riskeert, zal in dit leven ook niets winnen’. En: ‘Er is geen gevangenis voor zo’n grote mug’. Hiermee bedoelt hij waarschijnlijk zichzelf want El Chapo betekent mug en dat is zijn bijnaam geworden omdat Guzman zo klein van stuk is. Via het account werden ook mensen bedreigd die El Chapo zouden hebben verraden, waaronder El Chabelo, de baas van de Zetas, een rivaal van het Sinaloa kartel dat door El Chapo wordt gerund. El Chabelo zit ook in de gevangenis en El Chapo twitterde: ‘De eerste die sterft is El Chabelo, omdat hij me dood wilde hebben in de gevangenis’. Hij hintte er ook op dat hij bij zijn ontsnapping is geholpen door de autoriteiten. ‘De hond (straattaal voor de Mexicaanse regering – red.) danst voor het geld en ik heb hem gekocht’.?Het is moeilijk?om te controleren of deze tweets daadwerkelijk door El Chapo zelf zijn geschreven. De zoon van El Chapo had vorige week op zijn eigen account al getweet dat ‘goede dingen komen voor degenen die wachten’. In mei al, schreef hij ‘Ik zal niet liegen, ik heb gehuild, maar ik beloof dat de generaal snel weer terug is’.

Maar na al deze social media?activiteiten is er een ware social media oorlog onder de Mexicaanse ‘ narcos’ (drugsbendes) ontstaan. Bekijk onderstaande foto’s en artikel eens dat duidelijk maakt hoe populair het?Instagram Thuggin’ of Instgarm Banging is, het opscheppen over hun rijkdom lijkt geen grenzen te kennen. Een potenti?le goudmijn voor opsporingsdiensten, maar mogelijk ook nieuwe voedingsbodem voor onderlinge jaloezie en strijd.

Bronnen: De Volkskrant, CNN.

Met je gemeente op WhatsApp: Terneuzen & Lelystad delen hun ervaringen

WhatsApp_gemeenten-183x133

Door?Frank Bruijninckx en?Imke Kerkhof van HowAboutYou

Appcare, de nieuwe naam voor webcare via WhatsApp, is hot. De berichtendienst is the new kid on the block op webcare-afdelingen. Eerder deelden enkele bedrijven al hun eerste ervaringen. Ook gemeenten ontdekken deze nieuwe vorm van webcare. Enkelen startten een proef, nog meer spreken de ambitie uit om ook via WhatsApp bereikbaar te zijn. Maar wat komt er allemaal bij kijken voor gemeenten om dat te organiseren? We vroegen het enkele gemeenten zelf.

Uit het jaarlijkse onderzoek naar sociale media en gemeenten (dat 15 september verschijnt) blijkt dat 11 procent van de 393 gemeenten WhatsApp gebruikt als extern communicatiekanaal. 2 procent geeft aan al wel een nummer te hebben, maar communiceert dat nog niet naar buiten. Verschillende gemeenten zoals Utrecht, Groningen en ook kleinere gemeenten als Hof van Twente zien kansen om de messengerservice in te zetten.

Gemeente Lelystad startte haar ?appcare? medio augustus. Gemeente Terneuzen is d? ervaringsdeskundige in Nederland en proeft al twee jaar aan WhatsApp als webcarekanaal, maar is nog een positieve uitzondering. We vroegen gemeente Terneuzen en Lelystad naar hun ervaringen bij het nieuwe webcarekanaal. De ervaringen zijn nog pril, maar voor gemeenten niet minder interessant als ori?ntatie op het gebruik van WhatsApp.

WhatsApp het logische, nieuwe webcarekanaal

Met zo?n 9,7 miljoen Nederlandse gebruikers is het eigenlijk gek dat WhatsApp niet eerder voet aan de grond kreeg bij gemeenten. Iedereen kent en gebruikt het. Terneuzen zag er twee jaar geleden wel heil in. Een speciale werkgroep wilde onderzoeken of de dienst ook voor klantcontact gebruikt kon worden:

We zijn op allerlei mogelijke manieren bereikbaar voor onze inwoners. WhatsApp is een mooie, laagdrempelige en gebruiksvriendelijke toevoeging aan deze bestaande kanalen. Het sluit bovendien aan bij het kanalenbeleid van de gemeente en het motto ?digitaal waar het kan?.?

Gemeente Lelystad startte begin augustus 2015 en zet de app in eerste instantie in op projectbasis:

In Lelystad is er momenteel veel onderhoud aan stadswegen. Vanuit de afdeling Ingenieursbureau en Projectmanagement kwam de vraag of ze naast de sociale media kanalen als Twitter en Facebook ook WhatsApp kunnen gebruiken voor vragen over de wegwerkzaamheden. Team Communicatie had dit al in onderzoek, het bleek via ons webcaresysteem OBI4wan te kunnen, dus konden snel schakelen. Zo is de bal gaan rollen. In eerste instantie draaien we dit een aantal maanden als proef waarbij wij vragen specifiek over de wegwerkzaamheden beantwoorden.?

Met het gebruik van WhatsApp heb je te maken met een paar platformspecifieke kenmerken. Zo zitten mensen niet vast aan de 140 tekens zoals bij Twitter. Gemeente Lelystad merkt dat mensen hun vraag concreter en met meer details stellen. Daarnaast werkt het gesloten karakter van WhatsApp drempelverlagend voor het stellen van vragen. Uit de evaluatie van Terneuzen blijkt bovendien dat mensen het fijn vinden dat zij niet meer per se hoeven te bellen.

Ervaringen bij WhatsApp als webcarekanaal gemeenten

Ook medewerkers van de gemeente Terneuzen staan positief tegenover het nieuwe kanaal. Niet alleen worden zij vaker bedankt dan op Facebook of Twitter, ook lijkt de toon wat vriendelijker en rustiger. Een conclusie die ook enkele bedrijven al trokken in hun evaluatie. Zowel Terneuzen als Lelystad geven aan dagelijks ongeveer 5 ? 10 gesprekken via WhatsApp te voeren. De vragen verschillen volgens hen niet heel erg van die van andere kanalen als telefoon, Twitter of Facebook. Veruit de meeste vragen zijn eenvoudige vragen (openingstijden, aanvraag paspoorten & huwelijken) en door het Klant Contact Centrum (KCC) of Burgerzaken prima te beantwoorden.

De kans op escalatie is via WhatsApp minder groot dan bijvoorbeeld op Facebook. Daar willen andere mensen zich nog wel eens in gesprekken voegen. Dat het medium niet alleen voor jongeren is, blijkt uit de leeftijdsverdeling van WhatsAppcontacten van de gemeente Terneuzen. Zo appten zij ook al eens met iemand van 80 jaar.

Aantal WhatsApp reacties in vergelijking met Twitter en Facebook

De verwachtingen van burgers bij het nieuwe medium zijn extra hoog, zegt Terneuzen:

Burgers verwachten dat je heel snel antwoord geeft. Vaak ook buiten werktijd, ondanks dat we breed bekend maken dat we alleen tijdens kantooruren reageren. Door het medium zelf hebben burgers mogelijk de verwachting dat er altijd iemand naar WhatsApp kijkt.?

Lelystad adviseert ook rekening te houden met een andere verwachting:

Mensen verwachten echt antwoord, ook bij minder concrete vragen. Met antwoorden laten liggen kom je nog wel eens weg op Twitter, maar via WhatsApp moet je echt aan de slag.?

De ervaring zal leren of WhatsApp tot minder klantcontact op andere kanalen zoals de telefoon gaat leiden. Daarover zijn wij ook wel benieuwd naar, maar op dit moment zijn daar nog weinig statistieken over.

Zonder kanaalsturing geen interactie

Wat soms nog wel eens vergeten wordt bij de lancering van nieuw communicatiekanaal, is de aandacht voor de marketing. Hoe laat je burgers weten dat je voortaan ook via WhatsApp bereikbaar bent? Gemeente Lelystad over haar strategie:

We hebben er bekendheid aan gegeven via een persbericht en sociale media. De plaatselijke media heeft het massaal opgepikt, o.a. door een video item met de wethouder op locatie over de proef.?

Gemeente Terneuzen zocht voor de bekendmaking van haar nieuwste, online loket ook actief de publiciteit op. In eerste instantie via reguliere communicatie als een persbericht, huis-aan-huisbladen en eigen sociale media. De primeur van Terneuzen als eerste Nederlandse ?WhatsApp-gemeente?leverde hen lokale, regionale en zelfs landelijke landelijke media-aandacht op. Maar ook nu nog wijzen zij burgers via kruisbestuiving van eigen kanalen herhaaldelijk op de vele manieren om met de gemeente in contact te komen.

Wat heb ik allemaal nodig?

Veel gemeenten hebben hun webcareprocessen voor Twitter en Facebook al aardig opgetuigd. Om grip te houden op klantcontact, is het dus fijn als WhatsApp in al bestaande processen kan worden ge?ntegreerd. Hoewel de toevoeging van WhatsApp enkele platformspecifieke aandachtspunten kent, vraagt het weinig aanpassingen aan dat werkproces. Een boodschappenlijstje:

  1. Een SIM-kaart met 06-nummer
  2. Een profielfoto die als avatar getoond wordt op de smartphone van de ontvanger
  3. Een goede statusmelding (?Hey there, I?m using WhatsApp? is niet handig, vermelding van webcaretijden wel)
  4. Een duidelijke voicemailmelding die gebruikers de weg wijst naar het juiste telefoonnummer van de gemeente (doorschakelen, maar leidt tot extra gesprekskosten)
  5. Een browser die emoticons ondersteunt (niet alle browsers laten de?Smiley WhatsApp,?Thumbs Up Whatsapp,en Drol met ogen WhatsApp zien)
  6. Je online mediamonitor waarmee je ook je webcare organiseert, inregelen voor WhatsApp (ga vooral niet zelf sleutelen of met een telefoon aan de gang)
  7. Een rapport om de prestaties te volgen (hoeveel, hoe snel, hoeveel in ??n keer beantwoord, etc.)

Omdat WhatsApp geen eigen API heeft (kortweg, een stekker die systemen aan elkaar koppelt) zijn op dit moment alle toepassingen nog van eigen makelij. Het is nog geen uitgemaakte zaak wat WhatsApp toelaat aan dataverkeer, maar duidelijk is wel dat het zuinig is op haar persoonlijke karakter. Wie grote campagnes wil uitsturen, loopt het risico geblokkeerd te worden als gebruiker. En daar zit geen enkele organisatie op te wachten.

WhatsApp in online media monitor OBI4wan

Op de vraag wat je andere gemeenten zou adviseren, antwoordt Terneuzen kort: ?Just do it!? Lelystad adviseert om te beginnen met een project dat leeft onder bewoners of waarvan je verwacht dat het reuring veroorzaakt. Ook is een goede organisatie van de backoffice volgens hen een voorwaarde.

Foto intro via Flickr/Jan Persiel/CC BY-SA 2.0/

Bron: Frankwatching

Sociale media vaak betrokken bij noodsituaties

Sociale media zijn en blijven een belangrijke informatiebron bij noodsituaties. Whatsapp, Twitter en Facebook zijn nog steeds de belangrijkste kanalen voor informatie, hoewel een klein deel van de Nederlanders vindt dat hulpdiensten ook via Youtube relevante informatie zouden moeten communiceren.

Dat blijkt uit onderzoek van VDMMP (sinds 1 sept?onderdeel van?PBLQ)?in opdracht van het Rode Kruis. Mensen verwachten anno 2015 dat hun hulpvraag in noodsituaties door de betrokken instanties snel wordt beantwoord. Een melding via sociale media zou volgens 40% van de respondenten in 2020 net zo snel opgepakt moeten worden als een melding via 112. Meer dan de helft van de respondenten geeft aan hulpdiensten via sociale media te benaderen indien het telefoonnetwerk overbelast is.

Persoonlijk contact nog steeds het belangrijkst
Mensen aanwezig bij een noodsituatie halen hun informatie steeds vaker van sociale media. Ook andere media en telefonisch contact met familie en vrienden zijn belangrijk. Respondenten aanwezig bij een noodsituatie hebben vooral via televisie, radio, websites van lokale overheid en de Whatsapp informatie ontvangen. Twitter en Facebook volgen hierna pas.

In dit digitale tijdperk is telefonisch contact nog steeds populairder dan sociale media om familie en vrienden op de hoogte te brengen van de eigen situatie. Minder dan de helft van de respondenten is van plan zelf berichten op sociale media te plaatsen, mochten zij in een noodsituatie verkeren.

Onderzoeker Niek van As van VDMMP: ?Interessant is dat sociale media ??n van middelen is voor informatie, terwijl de bron van informatie zoals familie/vrienden, buurtbewoners, hulpdiensten en media verschillen. De bronnen komen dus bij elkaar op sociale media. De onderzoeken laten door de jaren heen zien dat sociale media vooral worden gebruikt om informatie te ontvangen bij noodsituaties, minder om zelf informatie te delen. Je zag bijvoorbeeld na de ramp met de MH17 op 17 juli 2014 in de Oekra?ne dat iets minder dan de helft (45%) van de respondenten sociale media gebruikt, waarbij 90% het heeft gebruikt voor het verzamelen van informatie.?

MH17 social media

Als het gaat over alerteringen bij noodsituaties, hebben de bestaande alerteringen via bijvoorbeeld NL-Alert de voorkeur (zo?n 60%). Een extra app gebruiken om informatie te ontvangen bij een noodsituatie heeft de voorkeur van ruim 40% van de respondenten. Nieuwe mogelijkheden zien respondenten ook voor YouTube als rampenzender, maar dit gaat voor sommigen nog te ver. Inmiddels zijn halverwege 2015 de (live) streaming apps Periscope en Meerkat door enkele media, zoals RTV Noord en TV West, al omarmd als extra communicatiekanaal.

social media noodsituaties

Werk aan de winkel voor het Rode Kruis
Om familie en vrienden te informeren bij noodsituaties is het ook mogelijk om gebruik te maken van de Rode Kruis website ?ikbenveilig.nl?. Minder dan 5% geeft echter aan de website al te kennen. De website is bedoeld om het grotere sociale netwerk buiten directe familie en vrienden te bereiken in geval van nood.

Het Rode Kruis kan rekenen op veel burgerhulp. Indien het Rode Kruis een oproep zou doen om hulp te verlenen bij een noodsituatie geeft 49% van de respondenten aan dat zij hier gehoor aan wil geven (al dan niet via sociale media). Hun reactie is daarmee vaak dat ze een bijdrage willen leveren aan waar de hulp nodig is. Ruim een derde geeft aan zich te willen aanmelden. Dit kan inmiddels ook bij het netwerk Ready2Help van het Rode Kruis. Overigens geeft zeventig procent aan niet eerder voorlichting of tips over noodsituaties te hebben gezien van het Rode Kruis.

burgerhulp

Samenwerking VDMMP met het Rode Kruis
Het onderzoek ?Sociale media bij noodsituaties? is in 2012 voor het eerst landelijk uitgevoerd door VDMMP. In 2015 is samengewerkt met het Rode Kruis. Het onderzoek is deze keer met een geactualiseerde vragenlijst uitgezet bij een panel, voor een representatieve steekproef van de Nederlandse bevolking. Ruim duizend respondenten hebben deelgenomen aan het onderzoek.

Lees hier het onderzoeksrapport.

Bronnen: VDMMP, SocialMediaSocialMedia

Een gesloten binnenwereld en een kritische buitenwereld – burgerparticipatie in de opsporing

Een exploratief onderzoek naar de attitude van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede ten opzichte van burgerparticipatie in de opsporing. – Auteur: Martin Boezen, 2015.

De probleemstelling van dit onderzoek was:
Wat is er bekend over de attitudes van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede ten opzichte van burgerparticipatie in de opsporing en welke verklaringen zijn er voor deze attitudes?

Door het uitvoeren van het literatuuronderzoek en het spreken van verschillende respondenten met verschillende achtergronden is deze probleemstelling beantwoord. Bij het inzichtelijk maken van de cognitieve -, affectieve – en conatieve componenten is tevens oog en oor geweest voor mogelijke verklaringen hieromtrent. In het vorige hoofdstuk werd dit inzicht en deze verklaringen reeds uitgebreid beschreven, tevens werden hier enkele tussenconclusies beschreven.

Resumé
Uit dit onderzoek is dan ook gebleken dat de cognitieve component van de attitude van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede bestaat uit verschillende aspecten. Zo is het kader waarin de kennis van de politie en burgerparticipatie in de opsporing wordt geplaatst gekleurd door culturele, historische en communicatieve factoren. Deze factoren verschillen tussen enerzijds het attitude-object en anderzijds de Marokkaanse gemeenschappen: de grofmazige – ten opzichte van de fijnmazige cultuur en de historische achtergrond van verzet en wantrouwen tegen de regering.

De affectieve component van de attitude van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede bestaat uit gevoelens van wantrouwen en onbetrokkenheid uit schaamte en uit angst voor gezichtsverlies. Tot slot bestaat de conatieve component van de attitude van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede uit onmacht, praktische overwegingen zoals angst voor de consequenties en de pragmatische overwegingen waarbij een keuze moet worden gemaakt tussen de gesloten binnenwereld en de kritische buitenwereld.

Conclusies
Er kan geconcludeerd worden dat de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede een sterke attitude bezitten ten opzichte van het attitude-object: burgerparticipatie in de opsporing. Deze attitude beïnvloedt het gedrag van de Marokkaanse gemeenschappen, met als resultaat dat de mate van burgerparticipatie in de opsporing van deze gemeenschappen zeer beperkt is. Holland, Verplanken en Van Knippenberg (2002) schreven dat een sterke attitude leidend is bij gedrag en dat sterke attitudes herkenbaar zijn en resistent zijn tegen tijd en verandering. Dit komt overeen met de resultaten uit dit onderzoek. Ook in dit onderzoek waren de attitudes herkenbaar en resistent tegen tijd en verandering. De attitude van de gemeenschappen is te omschrijven als negatief. Een positieve attitude hoeft echter ook niet te leiden tot bepaald gedrag. Zowel een positieve als een negatieve attitude hoeven niet te leiden tot bepaald gedrag.

De Marokkaanse gemeenschappen zijn te omschrijven als los zand, maar toch sluiten de gelederen zich wanneer zij slecht in het nieuws komen. Zo lang het besef er niet is dat er een criminaliteitsprobleem onder Marokkaanse jongens is of zo lang dit genegeerd wordt. Zo lang de slachtofferrol gehanteerd wordt, wordt het zeer moeilijk om de pragmatische overwegingen in gedrag om te zetten. De besloten binnenwereld dient opengebroken te worden, er dient vertrouwen gewonnen te worden door de kritische buitenwereld. Tot een oplossing hiervoor is echter niet eenvoudig te komen.

De ontwikkeling van inbraken binnen de eigen gemeenschappen doen wellicht overgaan tot burgerparticipatie in de opsporing. Zodoende kunnen de gemeenschappen hun gedragsintentie bijstellen en hun mate van burgerparticipatie in de opsporing verhogen, waarna een positieve houding kan volgen en de kennis kan worden bijgesteld. Echter, uit dit onderzoek blijkt dat de attitude zeer sterk is waardoor verandering erg moeilijk wordt, tevens is het culturele, fijnmazige kader zeer sterk bij de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede. Wanneer de huidige verhoudingen tussen de politie en de Marokkaanse gemeenschappen niet wijzigen zal de attitude van de Marokkaanse gemeenschappen eveneens niet wijzigen.

Het lijkt een vicieuze cirkel. De criminaliteit onder specifieke Marokkaanse jongens gaat gestaag door. De politie reageert door Marokkaanse jongens in de gaten te houden. De Marokkaanse jongen brieft dit door binnen de gemeenschappen. Dit levert angst voor schaamte op bij de Marokkaanse gemeenschappen, waardoor de gelederen van de besloten binnenwereld sluiten. Het onbegrip van de kritische buitenwereld over deze geslotenheid vergroot: het stigmata verhard en de partijen lijken lijnrecht tegenover elkaar te staan. De angst voor uitsluiting, schaamte, gezichtsverlies en andere repercussies is dusdanig groot binnen de Marokkaanse gemeenschappen dat een kritische, zelfreinigende blik uitblijft. Wellicht zijn de Marokkaanse gemeenschappen trots en hebben ze een groot gevoel voor onrecht. Zolang de façadecultuur gehandhaafd blijft zijn de Marokkaanse gemeenschappen moreel failliet zoals Ahmed Marcouch (2013) verwoordde in zijn roep de zwijgzame massa te doen spreken.

Aanbevelingen
Op basis van de bevindingen uit dit onderzoek kunnen diverse aanbevelingen gedaan worden. Zoals reeds werd beschreven bezitten de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede sterke attitudes ten opzichte van burgerparticipatie in de opsporing en de politie. De aanbevelingen die in dit hoofdstuk worden opgesomd zullen niet zorgen voor een acute verandering in de attitudes van de Marokkaanse gemeenschappen in Culemborg en Ede. Er mag ook niet verwacht worden dat de sterke attitudes met enkele aanpassingen veranderd kunnen worden, zoals reeds werd beschreven zijn sterke attitudes herkenbaar aan resistentie tegen verandering (Holland et al., 2002). De volgende aanbevelingen kunnen echter wel bijdragen aan een betere verstandhouding en kunnen wellicht op de lange termijn zorgen voor kleine, maar gestage veranderingen in de attitudes.

Aanbeveling 1:
Een goede basisopleiding voor politieambtenaren waarin veel aandacht besteed wordt aan multiculturele vraagstukken.

De politieorganisatie heeft talloze initiatieven ingesteld om huidige politieambtenaren te onderwijzen in multiculturele vraagstukken. Echter, zo blijkt uit dit onderzoek, is het de fase van aspirant waarin de eerste contacten tussen de Marokkaanse gemeenschappen en de politie tot stand komt. Er kan afgevraagd worden of het gewenst is om begrip te creëren en inzicht te geven in multiculturele vraagstukken wanneer er reeds een eerste indruk is bepaald. Met andere woorden: komen de huidige initiatieven wellicht te laat? Deze aanbeveling is vooral gericht aan de politieacademie en de ‘blauwe tak’ van de politieorganisatie.

Aanbeveling 2:
Wees bewust van het ‘spel’

Op straat wordt de houding ten opzichte van de politie vooral duidelijk tijdens het spel van de Marokkaanse jongen en de politieambtenaar. Door bewustwording van dit ‘spel’ kan er ingespeeld worden op de verstandhouding tussen politie en de gemeenschappen. Hierbij zijn enkele punten zeer belangrijk zo bleek uit de bevindingen van dit onderzoek: Wees bewust van niet willekeurigheid met betrekking tot staande houdingen van Marokkaanse jongens. En: Bij contact met personen van Marokkaanse herkomst: benadruk de gezaghebbende rol van de politie en leg beslist geen nadruk op de fictieve machthebbende rol. Deze aanbeveling geldt voor zowel de handhaving als de opsporing. De opsporingspraktijk dient rekening te houden met het spel dat Marokkaanse verdachten kunnen spelen tijdens het verhoor. Door bewustwording kan ingespeeld worden op dit spel. De verdere uitwerking van deze bewustwording valt echter buiten de
doelstelling van dit onderzoek.

Aanbeveling 3:
Doelgerichte communicatie: Verbeter de communicatie omtrent burgerparticipatie in de opsporing wanneer de Marokkaanse gemeenschappen de doelgroep zijn.

De bevindingen uit dit onderzoek logen er niet om. De communicatie van de politie voldoet niet aan de eisen van interculturele communicatie. De huidige opsporingscommunicatie kan omschreven worden als “iets over de schutting gooien”. De Nederlandse, grofmazige waarden zijn zeer duidelijk aanwezig in de communicatie van de politieorganisatie. Doelgroepgerichte communicatie is dan ook zeer aan te bevelen. Deze laatste aanbeveling geldt voor de opsporingspraktijk en specifieker voor de opsporingscommunicatie.

Aanbeveling 4:
Vervolgonderzoek

Er zijn tal van vervolgonderzoeken te formuleren. De meest belangrijke in de ogen van deze onderzoeker is het onderzoeken van verschillen in attitudes tussen verschillende Marokkaanse gemeenschappen in verschillende steden. Nu doet wellicht de vraag rijzen: is dat niet onderzocht tijdens dit onderzoek? De aanbeveling voor vervolgonderzoek richt zich met name op verschillen tussen attitudes. Met andere woorden: waarom hebben bepaalde Marokkaanse gemeenschappen in bepaalde steden of dorpen een andere attitude ten opzichte van burgerparticipatie in de opsporing en hoe valt dit te verklaren. Deze verklaringen kunnen bijdragen aan de verandering van de attitudes van de Marokkaanse gemeenschappen in bijvoorbeeld Culemborg en Ede. Door deze verklaringen te analyseren kunnen mogelijk inzichten verworven worden waarop de politieorganisatie kan inzetten.

Lees of download hier het onderzoeksrapport:

[slideshare id=238425148&doc=eengeslotenbinnenwereldeneenkritischebuitenwereld-200909070034&type=d]

Bron: Politieacademie

Burgerparticipatie in strijd tegen woninginbraken

Auteur: M.A.R. Sinke

Dit onderzoek maakt onderdeel uit van een onderzoek dat is gedaan in opdracht van het Ministerie van Veiligheid & Justitie naar factoren die leiden tot een effectieve aanpak van woninginbraken.
Hiertoe is in samenspraak met de opdrachtgever de aanpak van de Best of Three Worlds (B3W), bestaande uit probleemgericht werken, informatiegestuurde politie en burgerparticipatie, als
uitgangspunt genomen voor een effectieve aanpak. Vervolgens is op zes locaties in het land onderzoek gedaan naar factoren die leiden tot een effectieve aanpak van woninginbraken. De B3W-aanpak berust op drie pijlers, waaronder burgerparticipatie. Dit deelonderzoek heeft zich derhalve gericht op de vraag:

‘Op welke manier kan burgerparticipatie bijdragen aan een effectieve aanpak van woninginbraken?’.

Deze vraag is beantwoord door voornamelijk kwalitatief onderzoek te doen. In eerste instantie is in de literatuur gebleken dat burgers van grote waarde kunnen zijn in de aanpak van woninginbraken en dat de politieleiding die meerwaarde onderkent. Burgers kunnen bijdragen aan het voorkomen van inbraken, het vergroten van de heterdaadkracht en (daarmee) het opsporen en aanhouden van inbrekers. Vervolgens is in de literatuur gezocht naar de voorwaarden waaronder burgers bereid zijn tot burgerparticipatie. Daarbij werd gestuit op een onderzoek van Collij (2012) naar de voorwaarden waaronder burgers bereid zijn tot samenwerking met de politie. De door haar onderzochte motieven en voorwaarden, zowel vanuit de omgeving als vanuit het project, zijn kwalitatief getoetst op vijf van de zes onderzoekslocaties van het hoofdonderzoek. Deze kwalitatieve toetsing heeft voornamelijk plaatsgevonden aan de hand van interviews met politiemedewerkers en participerende burgers.

Daarnaast zijn burgers wederzijdse verwachtingen van politie en burgers in het kader van de woninginbrakenaanpak bevraagd evenals succes- en faalfactoren van burgerparticipatie. De bevindingen van Collij (2012) blijken grotendeels van toepassing zijn op burgerparticipatie in het kader van de woninginbrakenaanpak, maar niet volledig. Burgers hebben pluriforme belangen om te willen participeren, maar in dit onderzoek bleken burgers primair een persoonlijk belang te hebben in relatie tot eigen veiligheid en veiligheidsgevoelens. Dit in tegenstelling tot het onderzoek van Collij (2012) waarin burgers zowel een persoonlijk- als publiek belang zeggen te dienen en waarbij veiligheidsgevoelens niet als primair motief naar voren komen. Daarnaast blijken initiërende burgers in dit onderzoek niet per definitie een negatief beeld te hebben van de politie, terwijl Collij (2012) dat wel vond.

Verder blijken burgers graag bereid tot samenwerking, mits hun de noodzaak daartoe duidelijk is. Burgers hechten daarbij zeer aan samenwerking, waardering en ondersteuning vanuit de overheid, maar vinden een bepaalde mate van autonomie tegelijkertijd van belang. Serieus worden genomen, adequate opvolging van meldingen, informatie over wijkveiligheid en infomeren over afhandeling dan wel voortgang van meldingen en aangiften blijken belangrijk. Hierin blijkt verbetering wenselijk. Burgers blijken bereid verantwoordelijkheid te nemen en te willen melden bij verdachte situaties, maar blijken het een lastige afweging te vinden in welke gevallen het alarmnummer van de politie gebeld mag worden, waardoor melding geregeld nagelaten wordt.

Samenwerking met de politie leidt vrijwel overal tot een positiever beeld over de politie. Mensen stellen meer vertrouwen in de politie te hebben, sneller informatie te willen delen en de
meldingsbereidheid zou erdoor toenemen.

Op basis van het onderzoek zijn verschillende praktische aanbevelingen gedaan, onder andere gericht op de wijze waarop burgers gemotiveerd worden tot burgerparticipatie, op de burgers die het
beste benaderd kunnen worden en op enkele voorwaardelijke factoren van en voor burgerparticipatie.

Behalve deze praktische aanbevelingen zijn nog drie aanbevelingen geformuleerd met betrekking tot (mogelijk) vervolgonderzoek.

Lees of download hier het onderzoeksrapport:

[slideshare id=238425162&doc=burgerparticipatieindestrijdtegenwoninginbraken-200909070126&type=d]

Bron: Politieacademie