Agent in burger

De politie maakt steeds meer gebruik van de capaciteit, kennis en kunde van burgers, vooral in de context van Gebiedsgebonden Politiewerk (GGP). Sociale media en nieuwe technologie spelen hierbij een belangrijke rol, omdat ze nieuwe mogelijkheden cre?ren voor verdergaande samenwerking. Daarnaast is er een trend dat burgers meer initiatieven gaan nemen, wat (nog) meer eisen stelt aan de co?rdinatie van verschillende activiteiten. Om goed in te kunnen spelen op het brede scala aan burgerhulp is meer inzicht nodig in de mechanismen die hieraan ten grondslag liggen.

Een artikel van Jos? Kerstholt, hoogleraar psychologische besliskunde aan de Universiteit Twente en Arnout de Vries, senior onderzoeker op het gebied van veiligheid en internet. Beiden zijn werkzaam bij TNO.

Binnen het concept van GGP is er een breed scala aan mogelijkheden om burgers te betrekken bij politietaken en zo samen te werken aan het verhogen van de veiligheid in de buurt. Op basis van
een categorisatie van Van der Land, Van Stokkom en Boutellier (2014) stelden Kerstholt et al. (2015) een indeling langs twee dimensies voor: betrokkenheid van burgers en veiligheidsdomein (zie tabel 1).

Burgerparticipatie: altijd een ?agent? in de buurt
Voor de mate van betrokkenheid van burgers bij een activiteit werd de volgende driedeling gehanteerd: informeren en consulteren; adviseren; en coproduceren/meebeslissen. Bij informeren en consulteren is de betrokkenheid van burgers het laagst, omdat de controle en beslisbevoegdheid geheel bij de politie liggen. Dat is anders op het hoogste niveau van participatie, waar sprake is van een gelijkwaardige samenwerking en burgers en politie gezamenlijk het probleem aanpakken. Daarnaast kan burgerparticipatie plaatsvinden in verschillende veiligheidsdomeinen: preventie, handhaving, opsporing en ?kwaliteit van leven?. In de tabel staan typische voorbeelden van initiatieven waarin burgers en politie in bepaalde mate samenwerken op elk veiligheidsdomein.

De rol van social media is voor alle vormen van burgerinitiatieven toegenomen. Daarbij is het van belang om op te merken dat online en offline participatie niet los staan van elkaar. Online participatie moet gezien worden als een aanvulling op offline participatie in plaats van een vervanging. Een voorbeeld van online communicatie ten behoeve van offline contactmomenten is het concept van de mobiele wijktafel en later het ?pop-uppolitiebureau? dat door de Rotterdamse wijkagent Wilco Berenschot landelijke bekendheid kreeg en daarna in diverse andere eenheden,
maar ook bij andere veiligheidspartners opvolging zag. Over het algemeen is er een verschuiving waarneembaar naar ?hogere? vormen van burgerparticipatie en een verspreiding
naar meer politietaken, waaronder ook opsporing. Deze verschuiving brengt echter ook de nodige risico?s met zich mee. Burgers die bijvoorbeeld actiever worden in handhaving of opsporing maken steeds vaker inbreuk op privacy van anderen en eigenrichting ligt op de loer. Om deze initiatieven in goede banen te leiden, is het van belang beter te begrijpen wat burgers motiveert om mee te doen aan activiteiten in het veiligheidsdomein.

Menselijk gedrag
Menselijk gedrag wordt door verschillende factoren be?nvloed. Om als burger in actie te komen, moet je bijvoorbeeld weten dat er ?berhaupt een probleem is. Mensen be?nvloeden elkaar bij het detecteren en oplossen van allerlei problemen en ook hoe burgers de politie zien speelt een rol bij de bereidheid om zelf in actie te komen. Op alle niveaus (individueel, groep en institutioneel) spelen verschillende mechanismen een rol. Inzicht in deze mechanismen biedt aangrijpingspunten voor meer effectieve interventies (Lub, 2013).

Individueel niveau
Bewustwording De eerste voorwaarde om in actie te komen, is dat burgers zich ervan bewust zijn dat er ?berhaupt een probleem of risico is en dat zij iets kunnen bijdragen aan de oplossing
daarvan. Binnen de handhaving wordt dit vaak al op een?goede manier gecommuniceerd. Een bericht dat bijvoorbeeld via Burgernet wordt verspreid, geeft duidelijk aan wat er aan de hand is (bijvoorbeeld een vermissing) en wat er van burgers wordt verwacht (geef het door als je iemand ziet die aan dit signalement voldoet).

Samenwerking met burgers vindt steeds meer plaats op het snijvlak van offline en online communicatie. Zo werkt de politie momenteel aan webcare voor modern contact met burgers. Via sociale media kunnen vragen van burgers worden beantwoord en kan gerichter advies worden gegeven. Dit draagt niet alleen bij aan een grotere bewustwording onder burgers, maar zal ook invloed hebben op de zichtbaarheid en legitimiteit van de politie.

Efficacy
Verder is van belang dat mensen zichzelf in staat achten om het aangeboden handelingsperspectief ook daadwerkelijk uit te voeren (in het Engels self-efficacy genoemd). Een heel simpel voorbeeld is dat mensen misschien niet weten waar zij een bericht naartoe moeten sturen als zij een voorval in hun buurt willen melden. En wat complexer voorbeeld is dat voor conflictbemiddeling specifieke competenties nodig zijn waarover niet iedereen beschikt. En ook niet iedereen zal zichzelf in staat achten om bij te dragen aan toezicht via een buurtpreventieteam.

Naast self-efficacy wordt response efficacy onderscheiden: de inschatting van mensen dat hun actie ook daadwerkelijk bijdraagt aan het oplossen van het probleem. Bij fietsendiefstal bijvoorbeeld is de response efficacy doorgaans laag. Mensen kunnen wellicht wel aangifte doen, maar omdat ze inschatten dat het effect van hun handeling laag zal zijn, doen ze dat misschien toch niet. Van een
gebrek aan response efficacy is eveneens sprake bij de toenemende cybercrime, waarbij de verwachtingen van burgers na aangifte over opvolging op gespannen voet staan
met het huidige gebrek aan kennis op dit gebied bij de politie en de lage pakkans.

Een voor de hand liggende manier om self-efficacy te versterken, is burgers feedback te geven over hoe hun activiteiten hebben bijgedragen aan het oplossen van bepaalde problemen. In het voorbeeld van aangifte bij fietsdiefstal kan de response efficacy verhoogd worden door meer feedback te geven over wat er is gebeurd met de aangifte, zodat de inschatting van mensen over het nut van aangifte zal toenemen.

?The police are the public and the public are the police?

Sir Robert Peel (188-1850), voormalig premier van het Verenigd Koninkrijk en oprichter van de Metropolitan Police in Londen in 1829.

Emoties
Behalve voor bewustwording en kennis is er de laatste jaren ook meer aandacht gekomen voor de invloed van emoties op de motivatie van burgers om in actie te komen. Emoties zijn een belangrijke trigger voor gedrag. Onderzoek van Schreurs et al. (2018) laat bijvoorbeeld zien dat directe reacties van burgers op misstanden, zoals mensen aanspreken op hun gedrag of de politie bellen, sterk worden gestuurd door morele emoties als schuld, verwarring of boosheid.

Emoties worden steeds vaker via sociale media gedeeld, waardoor een vonk kan overslaan op anderen (Kramer, Guillory & Hancock, 2014; De Vries et al., 2018). Zo werden heftige emoties losgemaakt door de opsporingsvideo van de ?kopschoppers Eindhoven?. Hoewel de daders dankzij de hulp van een grote groep burgers in ??n dag werden opgespoord, kregen zij strafvermindering omdat hun privacy was geschaad. Hoewel de burgers waarschijnlijk in actie kwamen door de verspreide beelden, laat dit voorbeeld dus ook zien dat politie en Openbaar Ministerie in het contact met burgers een goede balans moeten zoeken tussen informatiewaarde en de rol van emoties. Inspelen op emoties vereist een andere manier van communiceren dan alleen maar informeren en is ook lastiger omdat emoties niet overeen hoeven te komen met wat er feitelijk gaande is.

Groep

Trekkers en volgers
Mensen leven niet in een sociaal vacu?m, maar worden sterk be?nvloed door hun sociale omgeving. Bij initiatieven die burgers zelf nemen kan een onderscheid worden gemaakt tussen trekkers en volgers. Trekkers nemen een bepaald initiatief, bijvoorbeeld het opzetten van een zoekactie als iemand wordt vermist. Zij zijn vaak mensen die iets voor hun omgeving willen betekenen en bij meerdere initiatieven betrokken zijn. In de praktijk is er echter een veel grotere groep volgers: mensen die met het initiatief gaan meedoen. Dit komt niet door gebrek aan motivatie, maar simpelweg omdat menselijk gedrag nu eenmaal redelijk associatief tot stand komt. Bij de vermissingszaken van Ruben en Julian en later ook Anne Faber ontstond, aangewakkerd door (sociale)
media, een ongekende betrokkenheid die al snel leidde tot grootschalige mobilisatie onder burgers om te gaan zoeken. In de zaak van Anne Faber richtte de familie zelfs een soort eigen TGO (Team Grootschalige Opsporing) op naast het TGO van de politie. Enerzijds kon de politie hier baat bij hebben, omdat burgers de belangrijkste succesfactor zijn in de opsporing (Kop, 2016), maar anderzijds kon het onderzoek hiervan schade ondervinden doordat bijvoorbeeld sporen vernield werden. In dit soort situaties is het lastig om een balans te vinden tussen de belangen van effectieve opsporing en die van de helpers en de nationale aandacht die dit soort situaties nu eenmaal oproept.

Een recente innovatieve ontwikkeling is de co?rdinatie van zoekacties van burgers naast die van de politie in goede banen leiden via apps als ?Samen zoeken? (zie kader). Hierin is aandacht voor overdracht van informatie over bijvoorbeeld gebieden waar men geweest is, maar wordt ook vermeld wanneer de politie een zoekactie van burgers overneemt.

“De familie richtte zelfs een soort eigen TGO op naast dat van de politie”

De zoektocht naar Anne Faber
?Als een van de ME?ers het commando ?voorwaarts, n?? roept, stapt het legertje burgers als lijn het bos in; rustig lopen de zoekers voorwaarts, soms gehinderd door dicht struikgewas en stekelige braamstruiken. Opeens klinkt het commando ?Halt houden, n?? door de bosschages als de linie uiteen dreigt te vallen. Snel wordt de rij hersteld? (Penris, 2017). Of massale zoektochten door burgers veel zin heeft, wordt door deskundigen betwijfeld. Maar als ze dan toch gaan zoeken, dan kun je dat maar beter in goede banen leiden. Helemaal zinloos zijn de massale zoekacties zeker niet, want je houdt de mensenmassa ermee in de hand. De politie kan op deze manier bovendien veel effici?nter zoeken op de plekken waar het er echt toe doet, zoals in het water. Sinds de
vermissingszaak van Ruben en Julian in 2013 heeft de politie volgens Petra Blankwaard van het burgerinitiatief ?Zoek Je Mee? grote stappen voorwaarts gemaakt. ?Ze zijn heel actief op sociale media, delen veel informatie met de burger, geven antwoord op vragen en reageren heel serieus op tips, hoe waardeloos die ook kunnen zijn.?

Samen zoeken
?Samen zoeken? is een app die burgers helpt in de co?rdinatie van het (mee)zoeken naar een vermiste en geeft tips hoe en waar te zoeken. De app is nog in ontwikkeling en is in eerste instantie een zelfhulptool om een zoekactie op te starten, waarna mensen die willen meezoeken zich kunnen aansluiten. Via gps wordt op een kaartje bijgehouden waar men gezocht heeft. Deelnemers kunnen onder meer foto?s toevoegen en chatten met de co?rdinator en zodra de politie aansluit, kan alle informatie over de zoektocht overdragen worden. Dit initiatief getuigt van een wezenlijk andere kijk op burgerparticipatie: de politie vraagt burgers niet om te helpen bij opsporing, maar helpt burgers bij hun zoektocht.

Sociale samenhang
Burgers die in buurten wonen met een grote mate van sociale samenhang komen eerder in actie dan burgers in buurten waarin men zich minder met elkaar bemoeit. Daarnaast komen burgers die al actief zijn in de buurt eerder in actie dan burgers die dat niet zijn (Penris, 2017). Een mogelijke verklaring hiervoor is dat actieve burgers grotere netwerken hebben, waardoor zij eerder informatie krijgen over een bepaald initiatief (zie de paragraaf over bewustwording hiervoor).

Een voorbeeld van activiteiten op groepsniveau zijn de duizenden BuurtWhatsAppgroepen. Hoewel dergelijke platformen nuttig zijn voor het delen van allerlei aan veiligheid gerelateerde informatie, verloopt het contact tussen de politie en de BuurtWhatsAppgroepen op veel plaatsen nog moeizaam door allerlei belemmeringen. Zo is er privacy- en politiewetgeving die het de politie lastig maakt om lid te worden van deze groepen en met gemiddeld ??n wijkagent per vijfduizend inwoners is het onhaalbaar om goed contact te onderhouden met alle deelnemers.
Overal in het land zoekt men naar betere werkvormen, zoals WhatsAppgroepsbeheerders die met elkaar een escalatiegroep vormen over de buurtgroepen heen en als intermediairs contact houden met elkaar en met overheidsinstanties, waaronder de politie.

BuurtWhatsApp
De duizenden BuurtWhatsAppgroepen in Nederland hebben steeds vaker een kort lijntje met de politie, en dat helpt. Koppen als ?Dieven aangehouden dankzij BuurtWhatsApp? zijn te vinden in veel lokale media en daarmee lijkt WhatsApp een mooi wapen tegen criminelen. Ook worden hiermee verloren voorwerpen en huisdieren teruggevonden ? minder spannend misschien, maar voor de eigenaars wel heel fijn. De kans op escalatie is via WhatsApp minder groot dan bijvoorbeeld op Facebook, waar andere mensen zich nog wel eens in gesprekken voegen. En in de meeste spelregels staat duidelijk dat burgers geen vervanging zijn van de politie. Een belangrijke spelregel is dan ook: eerst waarnemen, vervolgens alarmeren via 112 en dan gaan appen. BuurtWhatsAppgroepen zijn daarmee geen vervanging van, maar een belangrijke aanvulling op bestaande politiekanalen.

Instituties

Van burgerparticipatie naar politieparticipatie
Naarmate burgers zelf meer initiatieven nemen (verschuiving op de participatieladder) en ook het pakket van veiligheidstaken breder wordt (van handhaving naar preventie en opsporing), verandert de rol van de politie. Over het algemeen is een omschakeling vereist van een organisatie die top-down stuurt naar een organisatie die initiatieven van burgers omarmt en faciliteert. In deze context wordt wel gesproken van de verschuiving van burgerparticipatie naar politieparticipatie.

Vertrouwen
Vertrouwen is een noodzakelijke voorwaarde voor een succesvolle samenwerking tussen burgers en politie. Lokale zichtbaarheid en rechtvaardigheid zijn kernwaarden om het vertrouwen van burgers en de legitimiteit van de politie te bevorderen (Beunders et al., 2011; Flight, Van den Andel & Hulshof, 2006). Uit de Veiligheidsmonitor van 2017 (CBS, 2017), die opnieuw dalende criminaliteitscijfers laat zien, blijkt dat vanaf?2005 de tevredenheid over het contact met de politie met?15?procent is toegenomen en dat de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt en in het algemeen niet is veranderd in vergelijking met?2016, maar iets is toegenomen in vergelijking met?2012. Slechts 20 procent van de burgers is het echter eens met de stelling dat
de politie contact heeft met bewoners in de buurt en zaken effici?nt aanpakt. Mensen zijn het meest negatief (47 procent) over de zichtbaarheid van de politie, waarbij 40 procent vindt dat de politie ?te weinig uit de auto komt?. De Commissie-Kuijken, die uitgebreid onderzoek deed naar de stand van zaken binnen de politieorganisatie, constateerde: ?Dankzij beyond the call of duty inzet en improvisatievermogen in alle geledingen van het korps bleven ondanks alle interne turbulentie de operaties en de voor de burger direct zichtbare dienstverlening goeddeels doordraaien? (Kuijken, 2017).

Empowerment
Om burgers in actie te laten komen, is het niet alleen vertrouwen van burgers in de politie nodig, maar ook vertrouwen van de politie in burgers. Paton (2013) spreekt in dit verband van empowerment. Burgers die het gevoel hebben dat zij controle hebben over de situatie en door professionals serieus genomen worden, zijn actiever en zullen meer doen voor het gemeenschappelijke belang.

Zowel in het faciliteren als het stimuleren van burgerinitiatieven is goede communicatie van groot belang. Dat lijkt simpel, maar is het niet. Communicatie wordt sterk be?nvloed door de verwachtingen die partijen van elkaar hebben. Tonkens en De Wilde (2013) constateren op basis van casestudies bijvoorbeeld dat burgers zich vaak niet serieus genomen voelen in de communicatie met instituties. Mogelijk spelen emotionele factoren (zoals erkenning, respect en gezien worden) hierbij een grotere rol dan de inhoud.

Conclusies
Burgers kruipen individueel of als groep steeds meer in de rol van de politie en zij doen dat met betrekking tot steeds meer politietaken: preventie en toezicht, handhaving, opsporing en hulpverlening. Er is een verschuiving gaande naar ?hogere? vormen van burgerparticipatie en een verspreiding naar een toenemend aantal domeinen van politiewerk. De rol van de politie verschuift daarmee steeds meer naar politieparticipatie.

De rol van de politie kan vari?ren van het faciliteren van processen om zaken in goede banen te leiden tot het overnemen van taken van burgers als dat nodig is. De politie dient daarom meer in de huid te kruipen van burgers, want alleen als zij de onderliggende psychologische mechanismen begrijpt, kunnen de interventies worden gekozen die hierbij goed aansluiten. Daarnaast kunnen professionals de burgeramateurs helpen met advies over hoe zij bepaalde zaken kunnen aanpakken. Een voorbeeld is de app ?Samen zoeken?, die burgers helpt met advies en hulpmiddelen om
zelfstandig een zoekactie op te zetten en wanneer nodig de samenwerking met de politie op te zoeken, zeker bij complexe en risicovolle zaken.

Er dient meer aandacht te zijn voor de rol van (sociale) media als het om zaken gaat die sterke emoties oproepen. Wijzen op (zelf)hulpmiddelen en advies op inhoud volstaat dan niet meer. Interventies die gericht zijn op het kanaliseren van emoties worden belangrijker en lokale webcare, maar ook nieuwe vormen van samenwerking kunnen hierin een belangrijke rol spelen. In alle gevallen zal de reactie op maat moeten zijn, toegesneden op de lokale context. Dit betekent dat basisteams en wijkagenten discretionaire ruimte nodig hebben: zij moeten de ruimte hebben om
binnen algemene kaders zelf beslissingen te nemen op basis van hun inschatting van de lokale situatie.

Vertrouwen in elkaar en een samenwerkingsbasis in de ?koude fase? zijn noodzakelijke voorwaarden voor een succesvolle samenwerking tussen burgers en politie op het moment dat het er (ineens) toe doet. Lokale zichtbaarheid en rechtvaardigheid zijn noodzakelijk om het vertrouwen van burgers in de politie te bevorderen. Sociale media en webcare kunnen een goede bijdrage leveren aan zichtbaarheid en herkenbaarheid als aanvulling op de fysieke aanwezigheid van agenten in de wijk. Door snelle en directe communicatie kunnen burgers beter betrokken worden en wordt het enorme potentieel aan capaciteit, kennis en kunde van burgers verbeterd en beter benut. ?

Dit onderzoek werd uitgevoerd in het kader van het Europese project INSPEC2T (Inspiring CitizeNS Participation for Enhanced Community PoliCing AcTions).

Literatuur

  • Beunders, H.J.G., Abraham, M.D., Dijk, A.G. van & Hoek, A.J.E. van (2011) Politie en publiek. Een onderzoek naar de communicatievormen tussen burgers en blauw. Amsterdam: Reed Business.
  • Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) (2017). Afname criminaliteit in alle delen van Nederland. Geraadpleegd op 7 mei 2018 via?https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2018/09/afname-criminaliteit-in-alledelen-nederland
  • Flight, S., van den Andel, A. & Hulshof, P. (2006) Vertrouwen in de politie. Een verkennend onderzoek. Amsterdam: DSP-Groep.
  • Kerstholt, J.H., Vries, A. de, Mente, R. & Huis in ?t Veld, M. (2015). Politie en burgers. Van informatie delen naar volwaardige samenwerking. Tijdschrift voor Veiligheid, 14, 78-88.
  • Kop, N. (2016). Burgerparticipatie in de opsporing. Kunnen we een treetje hoger? Tijdschrift voor de Politie, 78(7), 27-30.
  • Kramer, A., Guillory, J.E. & Hancock, J.T. (2014). Experimental evidence of massive-scale emotional contagion through social networks. Proceedings of the National Academy of Sciences,?111(24),8788-8790.
  • Kuijken, W.J., (2017). Evaluatie Politiewet 2012. Doorontwikkelen en verbeteren. Den Haag: Commissie Evaluatie Politiewet 2012.
  • Land, M. van der, Stokkom, B. van & Boutellier, H. (2014). Burgers in veiligheid. Een inventarisatie van burgerparticipatie op het domein van de sociale veiligheid. Den Haag: WODC.
  • Lub, V. (2013). Schoon, heel en werkzaam? Sociale interventies op het terrein van leefbaarheid wetenschappelijk beoordeeld. Den Haag: Boom Lemma.
  • Paton, D. (2013). Disaster Resilient Communities. Developing and testing an all-hazards theory. IDRiM Journal, 3(1) 1?17.
  • Penris, I. (2017). Publiek zoekt massaal mee. Maar heeft dat zin? Algemeen Dagblad, 6 oktober.
  • Schreurs, W., Kerstholt, J. Giebels, E. & Vries, P. de (2018). Citizen participation in the police domain. The role of citizens? attitude and morality. Journal of Community Psychology (doi: 10.1002/jcop.21972).
  • Tonkens. E. & Wilde, M. de (2013). Op zoek naar erkenning. Verhitte verhoudingen tussen bewoners en instituties. In: E. Tonkens & M. de Wilde (red.), Als meedoen pijn doet. Affectief burgerschap in de wijk. Amsterdam: Van Gennep.
  • Vries, A. de, Menkhorst, M., Vliet van, H., Stavleu, H., Bonte, C. & Schilder, C. (2018). Wie kijkt er mee?? Het Nieuwe Melden. De impact van beeld. Den Haag: TNO

Bron: Tijdschrift voor de politie

[slideshare id=102812278&doc=1805tvdplowres-180622110139&type=d]

Filmende tienermeiden jagen op zakkenrollers

Tienermeiden Sara en Iris uit Rotterdam hebben een bijzondere hobby. In plaats van de gebruikelijke selfies, leggen ze met hun mobiele telefoon zakkenrollers vast. Dankzij hun inspanning heeft de politie Rotterdam in een jaar tijd zeventig zakkenrollers opgepakt.

Ze willen niet met achternaam of leeftijd genoemd worden. ,,Het liefst blijven ze zo anoniem mogelijk”, legt politiewoordvoerder Willemieke de Vos uit.

Het tweetal begon tussen het winkelend publiek op Zuidplein. Inmiddels lopen ze twee dagen in de week rond in het centrum van Rotterdam en hebben ze contact met wijkagent Henri Appeldoorn. Die geeft hen tips. Onveilig is het nooit, stelt de politie. ,,Ze blijven altijd op gepaste afstand, houden met elkaar contact via de telefoon, en wanneer ze een dief in het vizier hebben stappen ze op beveiliging af of bellen ze ons.”

Het tweetal werd niet direct serieus genomen door beveiligers. ,,Inmiddels kennen ze ons bijna allemaal.?

Niet moeilijk

De politie van Rotterdam liet de meisjes ? geanonimiseerd ? aan het woord. Volgens de twee is het niet moeilijk een zakkenroller te ontdekken tussen het winkelend publiek. Hun signalement? De gauwdieven lopen qua mode drie jaar achter, dievegges lopen vaak op ?afgetrapte ballerina?s?, dieven op afgetrapte sportschoenen. En niet onbelangrijk: de straatstropers gedragen zich vreemd. Zo steken ze ?een winkelstraat vaak meerdere keren over en kijken ze vaak achterom?.

De politie van Rotterdam is dolblij met alle hulp. ?Samenwerking met burgers is essentieel?, zegt Willemieke de Vos van de Rotterdamse politie. ?Maar deze meiden hebben zich in korte tijd ontwikkeld tot een zeer gewiekst koppel. Of ze gevaar lopen? Wij denken van niet. Ze zijn tot nu toe nog nooit herkend en als ze het gevaarlijk vinden worden, dan stoppen ze ermee.?

De twee werken inmiddels samen met beveiligers in het centrum van Rotterdam en dragen zo de zakkenrollers aan de politie over. ?Ze leveren dus ?cht een bijdrage aan de veiligheid van de stad?, aldus De Vos.

Bronnen: AD, Trouw, Hart van Nederland

 

Misdaadnetwerkkaart Noord Nederland

Behalve in mensen?steekt het kabinet?ook 64 miljoen euro in moderne technologie?n die bijvoorbeeld gebruikt kunnen worden om allerlei digitale data aan elkaar te koppelen. In Groningen maken ze al gebruik van zo’n nieuwe methode.

Alle gegevens over verdachte personen en criminele markten als de hennepmarkt en de coca?nemarkt worden ingevoerd in de computer, in kaart gebracht en met elkaar verbonden. “Zo krijg je een misdaadkaart van Noord-Nederland”, zegt politiecommissaris Smilda over het project.

Realtime

De kaart komt tot stand door alle informatie over verdachte activiteiten direct in te voeren, of die nou afkomstig is van de wijkagent, de noodhulp of van burgers die anoniem een misdaad melden. “Op die manier heb je een realtime beeld.”

Smilda vertelt dat met behulp van de nieuwe technologie inmiddels tien zaken zijn opgelost. Er is onder meer een xtc-lab opgerold en een grote hoeveelheid vuurwapens gevonden “omdat deze technologie een netwerk als het ware op een presenteerblaadje aanreikt”.

Minister Grapperhaus zegt dat de Nederlandse politie nog heel sterk leunt op het systeem van wijkagenten, maar dat ook die inmiddels met een iPad op pad gaan waarin zij op straat meteen alles invoeren, terwijl ze vroeger terug moesten naar het bureau.

Hij denkt dat ook voor burgers dingen veranderen door de moderne technologie. “Als je aangifte gaat doen, staat die niet meer op zichzelf, maar wordt die automatisch verbonden met andere gebeurtenissen in de buurt.”

Bronnen: NOS

Burgeropsporing op Interactief Plaats Delict

Op de 112GroningenDag die op zaterdag 16 juni in Martiniplaza werd gehouden trok veel belangstelling. Het initiatief kon onder de hulpverleners ook op veel enthousiasme rekenen, en werd nu voor de tweede keer gehouden. Op de dag presenteren de hulpverleningsdiensten en aanverwante organisaties en instellingen zich door middel van demonstraties, informatie geven en door met elkaar in gesprek te gaan. Organisator Martin Nuver benadrukt dat het op deze dag meer gaat dan alleen om blauwe lampen en sirenes. ?Zo?n dag is de ideale manier om mensen, jong en oud, iets te leren. Een ongeluk zit tenslotte in een klein hoekje. Maar hoe kun je zoiets voorkomen? En wat moet je doen als het een keer mis gaat? Groningen een stukje veiliger maken, dat is het achterliggende doel van deze dag.?

Op de dag werd door de politie een Interactief Plaats Delict ingericht. Bezoekers konden hier leren wat sporenonderzoek op een plaats delict inhoudt. Ook konden burgers hier leren wat ze beter wel en niet kunnen doen als hij bij hen of een ander is ingebroken. Steeds meer burgers willen iets doen na een incident. Zo ook bij een woninginbraak. Wat kunnen burgers het beste wel en niet doen als er is ingebroken? Een soort Eerste Hulp Bij Opsporing.

De familie Schouten is naar Frankrijk op vakantie met de caravan en ze hebben het huis afgesloten. Maar een inbreker heeft de caravan voor hun huis zien staan en in de gaten gehouden. Als de familie weg is, slaat hij zijn slag. Als de familie thuiskomt zien ze dat er een raam openstaat. Wat is er gebeurd? Mevrouw Schouten belt 112 en politie is onderweg.

Op de beurs is een woonkamer nagemaakt waarin op diverse plaatsen sporen te vinden zijn en tips worden gegeven:

De aspecten zijn afgeleid van een TNO onderzoek onder burgers dat werd ondersteund in het veilig stellen van sporen. In samenwerking met de forensische recherche en forensic science van de NHL heeft dit geleid tot een concept informatiekaart die door politie of gemeenten gebruikt zou kunnen worden om burgers te voorzien van handelingsperspectief na een inbraak:

[slideshare id=104943955&doc=tnoehbwoninginbraaka4-180709104336&type=d]

 

Onderzoek naar burgeropsporing

In het Mobiel Media Lab is een enqu?te afgenomen onder de bezoekers. Een klein inkijkje in de resultaten van dat onderzoek:

Doel van het Mobile Media Lab van de politie:

An Inconvenient Truth: The dark side of digital

Sciencefiction wordt werkelijkheid, met ook de nadelige gevolgen. Sommige scenario?s uit series als Black Mirror zijn realiteit. Criminelen en het commerci?le bedrijfsleven lopen voorop en een data-gretige overheid maken maar wat graag gebruik van digitale technologie. En niet te vergeten: kunstmatige intelligentie geeft super-powers aan kwaadwillenden. Hoe ziet de toekomst eruit? Moeten we ons zorgen maken of valt het wel mee?

Op 28 mei vertelden Frank Smilda en organisator Jarno Duursma over de gevolgen en gevaren van nieuwe technologie. Bekijk hieronder hun verhaal terug:

Jarno Duursma is technologie trendwatcher en auteur van het boek: De digitale butler ? Kansen en bedreigingen van kunstmatige intelligentie. Hij heeft 12 redenen waarom we bezorgd moeten zijn over de kwalitatieve groeispurt van kunstmatige intelligentie waaronder privacy, face&voice recognition, loss of skills, de macht van techbedrijven en biased algorithms.

Dark web, Ransomware-as-a-service en cybercriminaliteit. Het topje van de ijsberg van digital crime. De georganiseerde misdaad heeft de voordelen van de digitale wereld ontdekt. Frank Smilda is ?Head of the intelligence organisation? bij de politie en gespecialiseerd in de inzet van digitale machtsmiddelen van criminelen en overheid. Criminelen zijn zeer inventief op het gebied van digitale technologie en wat zet de politie daar tegenover? Hoe ver is het bijvoorbeeld met ?predictive policing??


Op Noordz een artikel over de bijeenkomst:

?De werkelijkheid is soms bizarder dan Homeland.? Het is een uitspraak van Dick Schoof, de Nationaal Co?rdinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). En die uitspraak kwam tijdens de 69e?editie van de Social Media Club 050 veelvuldig terug. En met recht. De avond had als thema ?The dark side of digital?. Die donkere kant werd door sprekers Jarno Duursma en Frank Smilda volop belicht. Want sciencefiction wordt werkelijkheid, met ook de nadelige gevolgen.

Duursma liet zijn eigenlijke rol als gastheer even voor wat die was en had de regie van de avond in de handen gelegd van Lykle de Vries. Op die manier kon de technologie trendwatcher en eigenaar van Studio Overmorgen zelf het podium gebruiken om de gevaren van kunstmatige intelligentie uit de doeken te doen. Frank Smilda is ?Head of the intelligence organisation? bij de politie en gespecialiseerd in de inzet van digitale machtsmiddelen van criminelen en overheid. Hij sprak over hoe criminelen digitale technologie?n inzetten en wat de politie daar onder meer tegenover zet.

Kunstmatige intelligentie

Duursma trapte af met de serie Black Mirror. Wanneer je ge?nteresseerd ben in de toekomst en technologie?n, dan is het advies van de spreker om die serie absoluut te volgen. ?En sommige zaken lijken dan zo ver weg, maar vergis je niet: de groei binnen de technologie is exponentieel. Er is een enorme groeispurt in wat slimme systemen kunnen.?

Zo komt Duursma bij het onderwerp kunstmatige intelligentie. Dat klinkt voor velen positief in de oren, want hoe slimmer de wereld wordt, hoe beter? Dat is zeker niet het geval. Hij somt twaalf redenen op waarom mensen zich zorgen moeten maken over deze enorme groei van kunstmatige intelligentie.

Vooringenomen algoritmes

Het begint allemaal met een gebrek aan transparantie. Duursma: ?Het bekende black-box probleem. We weten vaak niet exact wat er in de systemen allemaal gebeurt. En we leggen veel in de handen van de systemen, maar daar gaat geregeld wat fout.? Ter onderbouwing van zijn woorden laat hij voorbeelden zien waar een mens wordt gekwalificeerd als een gorilla en een husky als een wolf.

(tekst gaat verder onder de afbeelding)

Jarno Duursma SMC050 Kunstmatige intelligentie

Ook noemt hij vooringenomen algoritmes, een gevaar dat hij uitlegt met een voorbeeld uit de Verenigde Staten. ?Een opgepakte blanke Amerikaan met meerdere overtredingen werd door een systeem als een lager risico ingeschaald dan een donkere afro Amerikaan die slechts eenmalig was aangehouden zonder daarbij geweld te gebruiken?, vertelt Duursma. ?De cijfers? Eerstgenoemde kreeg een 3 als risicofactor, de ander een 10. Dat lijkt op een vooroordeel, want de donkere Amerikaan kreeg een veel negatievere beoordeling dan de blanke.?

Verbazing

Maar er is nog veel meer. Een digitale assistent die zo getraind is dat het afspraken voor je kan maken. Dat klinkt leuk, maar die stem is vrij gemakkelijk te klonen. ?Dan kun je van je baas horen om even 1000 euro over te maken naar een bepaald bedrijf. Maar is die stem wel echt jouw baas?? Inmiddels zijn we ook al zo ver dat we een foto van het internet kunnen halen en die in bewegend beeld kunnen integreren. Duursma: ?Dus als je iemand op een scherm ziet praten, is dat wel echt die persoon? Dat is onderdeel van ?Faceswap video blackmailing?. Je kunt straks je eigen oren en ogen niet meer geloven.?

?Dan kun je van je baas horen om even 1000 euro over te maken naar een bepaald bedrijf. Maar is die stem wel echt jouw baas??

Bij elke nieuwe reden die Duursma opsomt, valt er verbazing uit de zaal te horen. Een grote zorg van de trendwatcher is dat ?technologie vaak een doel heeft dat altijd blijft, ook als wij dat doel inmiddels al niet meer tof vinden.? Hij noemt Facebook als voorbeeld. ?De nieuwsfeed van Facebook had als doel dat mensen zo lang mogelijk bleven kijken. Maar een filter zat er niet in, waardoor onder andere ?fake news? kon ontstaan.?

Opschaling

Wanneer Frank Smilda het podium overneemt, maakt de avond een wending naar het criminele circuit. ?Er is een daling in het aantal inbraken en andere bekende criminaliteit, maar cybercrime neemt juist enorm toe.? Duidelijke taal. Smilda neemt de zaal mee in diverse voorbeelden, ook enkele die specifiek uit Noord-Nederland komen.

?Tegenwoordig wordt een bankoverval niet meer op de ouderwetse manier met bivakmutsen gepleegd. Dat gaat nu gewoon via grote hacks. Er is een enorme opschaling binnen de criminaliteit. Jaren terug was er de ?Great Train Robbery?, dat was toen een grote opschaling. In een trein kon je natuurlijk veel geld vervoeren. Die opschaling zie je nu digitaal.?

Hack met enorme impact

Het donkere web is voor de politie geen onbekende wereld, zo laat Smilda zien. Er wordt volop aandacht aan gegeven en veel aan gewerkt. ?Maar voorkomen is zo ontzettend moeilijk?, geeft hij aan. ?Eigenlijk niet te doen. Momenteel gaat het voor ons al heel snel en ver. Maar als je dan het verhaal van Jarno Duursma net hoort over mogelijkheden, of eigenlijk de gevaren, van kunstmatige intelligentie??

(tekst gaat verder onder de afbeelding)

Frank Smilda SMC050 cybercrime hacks

De hack die onder meer de Rotterdamse haven platlegde wordt naar voren gehaald. Weinigen hadden zo?n grote impact van een hack verwacht. ?Als iemand een jaar geleden had gezegd dat een hack zo veel invloed zou kunnen hebben, had ik dat niet geloofd. Wat er in juni gebeurde ging mijn fantasie te boven en gaf stof tot nadenken?, zo liet de Rotterdamse havenmeester weten na de grootschalige hack. Het geeft de exponenti?le groei aan van tech-mogelijkheden.

Predictive policing

Naast de vele grootschalige hacks is ook de illegale handel een voorbeeld dat Smilda gebruikt. Prostitutie, wapenhandel, drugs. Er zit een enorme wereld achter. ?Voor de handel wordt ook innovatie gebruikt. Het gaat de hele wereld over. We zijn de VOC van verdovende middelen.?

De politie maakt zelf ook gebruik van nieuwe technologie?n. Onder de noemer ?predictive policing? worden voorspellingen gedaan waar inbraken plaats gaan vinden. Dat heeft al mooie resultaten opgeleverd. ?Met voorspelling van misdaad hebben we in een Groningse pilot een derde van de inbraken in de stad goed weten te voorspellen. Dankzij de technologie kunnen we nu voorspellingen doen en daar onder andere onze mankracht op inzetten en aanpassen.?

De politie maakt zelf ook gebruik van nieuwe technologie?n. Onder de noemer ?predictive policing? worden voorspellingen gedaan waar inbraken plaats gaan vinden.

Daarmee wordt de avond besloten met een positief gevolg van de groei van technologie en digitaal. Maar dat de technologische ontwikkelingen voornamelijk goed zijn voor de wereld, daar kan de hele zaal nu vraagtekens bij zetten. Zeker als ?door verkeerde handen wordt gebruikt?.

SMC050 is een initiatief om professionals, bedrijven en experts op het gebied van nieuwe media, technologische trends en digitale innovatie in de regio bij elkaar te brengen. Een maal in de zes weken is er in Martiniplaza een avond met twee of drie lezingen. Videoregistraties van die avonden zijn terug te vinden op Youtube.

Bronnen: SMC050, Noordz

De transparante keten

Op 28 mei 2018 vond in Mediaplaza in Utrecht de tweede editie van het congres ?De Transparante Keten? plaats. Tijdens dit congres werden deelnemers uitgenodigd om na te denken over de randvoorwaarden om toekomstige wietteeltexperimenten te laten slagen.

Nederland heeft de voordeur van de coffeeshop redelijk op orde. Waar het aan schort is het organiseren en het controleren van de achterdeur.

Nederland was ooit gidsland met een liberaal coffeeshopbeleid. Nu is er vanuit veel gemeenten de roep om regulering van de cannabisteelt omdat illegale cannabisteelt leidt tot gevaren voor de openbare orde en de volksgezondheid. Inmiddels is in de Amerikaanse staten Colorado en Washington het gebruik en de teelt van wiet toegestaan. Ook in Uruguay heeft het parlement met regulering ingestemd. In Spanje schieten de cannabis social clubs uit de grond en wordt in de regionale parlementen gedebatteerd over regulering. Kortom ontwikkelingen die vragen om goede regelgeving waarbij volksgezondheid en openbare orde gediend zijn.

Programma
Centrale vragen tijdens het congres zijn: Hoe ziet de Nederlandse cannabismarkt eruit en wat betekent dit voor de inrichting van de wietteeltexperimenten? Welke uitdagingen zien verschillende betrokken partijen bij de wietteeltexperimenten? Welke problemen kunnen de wietteeltexperimenten al dan niet oplossen? Aan welke randvoorwaarden moeten realistische en uitvoerbare wietteeltexperimenten voldoen? Wat kunnen we leren van wietteeltexperimenten in andere landen? Hoe wordt gewaarborgd dat bij de inrichting van de wietteeltexperimenten voldoende rekening wordt gehouden met de Nederlandse cannabiscultuur?

H?t congres over het inrichten van de wietteeltexperimenten
Het Transnational Institute en stichting Epicurus organiseerden dit congres voor bestuurders, beleidsmakers, politici, wetenschappers en professionals die betrokken zijn bij het coffeeshopbeleid en/of het opzetten en uitvoeren van de wietteeltexperimenten.

In het NRC een artikel van Freek Schravesande naar aanleiding van het congres, met de veelzeggende titel:

“De wietteelt reguleren, dat kan. Maar man, wat is het moeilijk”

?Hoe organiseer je met elkaar iets dat je nooit eerder hebt gedaan?? Op het witte podium kijkt een kleine vrouw in rode jurk de felverlichte zaal rond. Een kordate Amerikaanse te midden van ruim 150 Nederlanders. ?Natuurlijk, dan kom je bij elkaar en zoek je een oplossing.?

Barbara Brohl, drugsadviseur en voormalig hoofd belastingdienst van Colorado, vertelt hoe h??r staat in amper veertien maanden tijd een hele wietindustrie wist te reguleren. Hoe tientallen partijen, van teler tot verslavingszorg tot politie, met elkaar bijeenkwamen in werkgroepen en nadachten over het best mogelijke model voor iedereen. En hoe dat uitmondde in een systeem met 39.942 werknemers die verantwoordelijk zijn voor teelt en verkoop, inclusief testfaciliteiten en een volgsysteem voor elke plant.

Het verhaal van Brohl staat in scherp contrast met dat van haar publiek. Coffeeshopondernemers, lamgeslagen na 42 jaar gedogen. Gemeenteambtenaren die ?t ook niet meer weten, beleidsadviseurs met de handen in ?t haar. Zij denken al sinds de gedoogwet in 1976 na over hoe om te gaan met dat verdomde plantje ? en ze komen er maar niet uit.

Brohl sprak maandag in de Jaarbeurs in Utrecht op het congres De Transparante Keten, georganiseerd door Stichting Epicurus en het Transnational Institute. Beide organisatoren zijn voorstander van regulering, zoals ook overwegend het publiek ? een kleurrijk gezelschap van beleidsmensen en ondernemers, van pak tot korte broek. Ze kwamen bijeen om na te denken over de voorwaarden die nodig zijn om het aanstaande experiment met gereguleerde wietteelt in Nederland te laten slagen.

Dat experiment komt er, zo is afgesproken in het regeerakkoord. Zes tot tien gemeenten zullen eraan deelnemen en het experiment mag maximaal vier jaar duren, meer is er nog niet over bekend. Een onafhankelijke commissie met daarin wetenschappers op gebied van onder meer zorg, justitie, voedsel en waren, benoemd door het kabinet, denkt na over de randvoorwaarden. De commissie, onder leiding van hoogleraar Andr? Knottnerus, komt naar verwachting deze week met haar advies.

Van een juichstemming is op het congres niets te merken. Eerst maar eens afwachten waar ze mee komt, is de teneur. Want het zijn volgens de congresleden juist de v??rwaarden die bepalen of het experiment zal slagen of niet. Kiest het kabinet, met VVD en D66 en ?het christelijk blok? van CDA en ChristenUnie, voor een kansrijk of kansarm model?

Negatief imago

?We kunnen niet enthousiast zijn over een experiment zolang we er niets over weten?, zegt de Utrechtse coffeeshopondernemer Tino Bos. ?D? handicap is de afgesproken testperiode van vier jaar?, zegt Bart Vollenberg, coffeeshopondernemer in Lelystad en Almere. ?Wie wil er investeren in een project dat na vier jaar stopt?? En ook aanwezige gemeenteambtenaren zijn kritisch. Wat nou als het experiment mislukt? Dat straalt negatief af op je gemeentelijk imago, klinkt het. Van de ruim dertig gemeenten die zich jaren geleden hebben opgegeven als kandidaat, is het maar de vraag of ze straks nog willen.

En zo zijn er volgens de congresleden wel meer beren op de weg. Welk THC-gehalte gaat de overheid hanteren? En wat nou als de klant liever een hoger gehalte heeft, of andere wiet? En wat mag de gereguleerde wiet straks kosten? En wat nou als de straatdealer een lagere prijs hanteert? En hoe zit het met de internationale verdragen? Gereguleerd wiet telen m?g toch helemaal niet? Van oudsher was dit een belangrijk argument om regulering tegen te houden.

En, wie g??t er eigenlijk telen? In de congreszaal zitten ook tuinders. Die zien als ?B.V. Nederland? het aanstaande wietexperiment als een ?business case? en denken graag groot. Ze willen de teelt inrichten zoals die van de sperzieboon en de tomaat. Maar dat zien de coffeeshopondernemers juist weer niet zo zitten. Tino Bos: ?Wij hebben een voorkeur voor onze eigen kwekers. Die hebben de kennis en kunde.? Vollenberg: ?Wiet kweken is net als wijn maken, dat leer je niet zomaar.? Joachim Helms, voorzitter van de Bond voor cannabisdetaillisten, pleitte op het congres voor een model waarbij meerdere telers zich verenigen in een ?kweekverzamelgebouw?, zodat coffeeshops de keuze houden bij wie ze afnemen. ?Op dit moment zijn bepaalde soorten wiet populair, straks weer andere. Daar moet je als ondernemer op kunnen inspelen.?

Al die perspectieven maken het volgens Nicole Maalst?, van organisator Epicurus, zo lastig om in Nederland de stap naar regulering te maken. ?Er zijn niet twee maar m??rdere partijen en die hebben allemaal hun eigen belang.? En praten m?t elkaar is ook niet even gebruikelijk. Maalst? zegt veel moeite te hebben gedaan om ook ambtenaren van het ministerie van Justitie en Veiligheid naar het congres te krijgen, maar dat is niet gelukt ? op ??n rechercheur na, gekomen op persoonlijke titel. ?Kennelijk is het lastig hierover in gesprek te gaan.?

Een proces naar regulering ?s moeilijk, zegt de Amerikaanse Barbara Brohl op het podium. ?Het duurt langer dan je denkt en het kost meer geld dan je denkt.? Maar, zegt ze ook, de belastinginkomsten verzachten de pijn. ?Sinds de invoering begin 2014 hebben we in Colorado 606,4 miljoen dollar opgehaald. Dat gaat naar scholen, voorlichting, preventie.?

En die internationale verdragen dan, klinkt uit het publiek, die verbieden regulering toch? ?Tja?, zegt Brohl, ?daar hebben we niet eens aan ged?cht. Gewoon negeren.?

Bronnen: DeTransparanteKeten, NRC

Crimebusterbot winnaar Dutch Open Hackathon

De Dutch Open Hackathon 2018 is gewonnen door het team m?CrimeBusterBot?met de ontwikkeling van een tool (Github link) voor het identificeren van malafide websites. Bij de ontwikkeling van deze tool is gebruikgemaakt van de beschikbare datasets van het Kadaster, Politie en SIDN. In de toepassing vindt en analyseert een automatische bot malafide websites. Tijdens het Dutch Open Hackathon-weekend werkten 23 teams aan de ontwikkeling van toepassingen op basis van data die beschikbaar werd gesteld door HeadFirst, het Kadaster, KPN, Politie, PostNL en SIDN.

Aan de Dutch Open Hackathon 2018 deden ruim 100 developers uit binnen- en buitenland mee. Zij konden gebruikmaken van uiteenlopende datasets en API?s van de partners en sponsors van het evenement. De keuze van de jury viel op CrimeBusterBot omdat het een relevant probleem aanpakt en tevens goed gebruikmaakt van de data die de partners beschikbaar hebben gesteld. CrimeBusterBot won met hun eerste plaats een bedrag van ? 7.500. Ook wonnen zij de pioniersprijs die werd uitgereikt namens SIDN Fonds.

Detecteren netwerk van malafide websites
De winnende oplossing van CrimeBusterBot is een automatische bot die malafide websites opspoort. Op basis van webcrawling-informatie en het uitvoeren van een DNS-analyse kan de bot complete netwerken van malafide websites blootleggen. Bij de ontwikkeling van de CrimeBusterBot zijn machine learning-technieken toegepast die ervoor zorgen dat de tool automatisch websites aanmerkt als mogelijk malafide. In eerste instantie is de toepassing niet direct gericht op consumenten, maar moet het vooral de Politie en SIDN ondersteunen in hun strijd tegen deze vorm van cybercrime.

De publieksprijs ging naar A-ware International voor de ontwikkeling van een online challenge die consumenten bewuster moet maken van de gevaren van ransomware. De incubatieprijs ging naar Sharefox, een applicatie voor het veilig delen van bestanden.

Richard Garsthagen, teamlid van CrimeBusterBot: ?De Dutch Open Hackathon is een bijzonder evenement omdat het de gelegenheid biedt datasets met elkaar te combineren die normaal gesproken niet gezamenlijk toegepast kunnen worden. Hierdoor hebben wij een tool kunnen ontwikkelen die niet alleen afzonderlijke malafide websites kan identificeren, maar juist ook de achterliggende netwerken kan ontmaskeren. Als je ??n website hebt gevonden, blijkt het vrij eenvoudig om te achterhalen of er nog meer malafide websites actief zijn.?

Foto credits: Vincent van den Boogaard.

Open innovatie
De Dutch Open Hackathon 2018 stond volledig in het teken van open innovatie en nam dit jaar zijn intrek in de Dutch Innovation Factory in Zoetermeer. Een overzicht van de resultaten van deze editie van de Dutch Open Hackathon vind je hier.

De Dutch Open Hackathon 2018 is een initiatief van Stichting Dutch Open Innovation, Big Data Innovatiehub, het Kadaster, Koninklijk Instituut Van Ingenieurs (KIVI), KPN, Politie, PostNL en SIDN.

Crimemap: Misdaadmeter

Mocht de kaart niet laden, klik dan?hier.
Hoe scoort jouw gemeente? Alle misdaadcijfers in kaart

Hoe komt de lijst tot stand?
Voor de AD Misdaadmeter is gebruikgemaakt van gegevens van de politie over 2017. De ranglijst van (on)veilige gemeenten komt tot stand door te kijken naar aangiftes en meldingen van tien delicten: woninginbraak, inbraak in schuur, garage of tuinhuisje, diefstal uit of vanaf een auto/motor, diefstal van auto of motor, zakkenrollen, bedreiging, mishandeling, straatroof, overvallen en vernieling.

Deze delicten worden per gemeente afgezet tegen het inwoneraantal. Daardoor tellen tien inbraken in een kleine gemeente zwaarder mee dan tien inbraken in een grote gemeente. Bovendien worden de delicten gewogen naar de impact voor het slachtoffer, gebaseerd op onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau. Mishandeling telt op die manier zwaarder mee dan bedreiging, en woninginbraak zwaarder dan zakkenrollen.

Gemeenten met minder dan 4000 inwoners zijn niet meegenomen in de ranglijst. Dit zijn de Waddeneilanden Vlieland, Ameland en Schiermonnikoog en de Gelderse gemeente Rozendaal.

Bronnen: AD

Cybervrijwilligers bij politie nodig

In de strijd tegen wraakporno, phishing en ransomware moet het eenvoudiger worden om cyberexperts als vrijwilliger bij de politie in te zetten. Dat wil de VVD. Nu is het zo dat de politie vaak niet de beste mensen krijgt omdat die voor veel meer geld in het bedrijfsleven kunnen werken.

Maar de druk op de politie neemt toe door de veelvoorkomende criminaliteit op internet. De VVD wil dat minister van Justitie Ferdinand Grapperhaus (CDA) zo snel mogelijk om tafel gaat met de korpsleiding van de politie en het bedrijfsleven om te kijken hoe cyberexperts als vrijwilligers kunnen worden ingezet bij de politie.

‘Ik heb zelf ook kinderen’

Zoals Arnout de Vries, die in het dagelijks leven onderzoeker internetveiligheid is bij TNO. In zijn vrije tijd helpt hij de politie met de aanpak van deze internetcriminaliteit, vrijwillig. “Ik ben natuurlijk beroepsmatig al met internetveiligheid bezig. Je ziet zoveel narigheid. Ik heb zelf ook kinderen. Er zijn allerlei redenen waarom ik denk dat ik wat kan bijdragen. Hoe klein die bijdrage ook is.”

De Vries is een van de eerste cyberexpertvrijwilligers bij de politie. “Het is heel hard nodig. De politie heeft echt schaarste op het gebied van cybercrime-expertise. Enorme schaarste. Digitale expertise is sowieso schaars in de hele markt. Ook voor commerci?le bedrijven. En daar moet de politie mee concurreren. Dat is behoorlijk lastig.”

Gesprek bedrijfsleven ?n politie

De VVD wil daarom dat de minister gaat praten met het bedrijfsleven ?n de politie over hoe ze elkaar kunnen helpen.

VVD-Tweede Kamerlid Arno Rutte wil dat ‘het talent dat er al in Nederland is zo slim en zo goed mogelijk wordt ingezet’. “Door een deel van dat talent in te zetten als vrijwilliger bij de politie krijgt de politie toegang tot de slimste koppen van Nederland en kunnen de slimste koppen van Nederland naast hun gewone werk ook iets betekenen voor het hele land.”

Zo voorkom je dat ransomware je computer ‘gijzelt’:

Ransomware zet je computer op slot en ‘gijzelt’ je bestanden. Je kan niets meer op je laptop of pc. Dat wil je het liefst voorkomen of anders zo snel mogelijk oplossen. Nou, dat kan.

Burgerparticipatie bij team high tech crime. Wat zijn de mogelijkheden en kansen voor de toekomst?
[slideshare id=98420843&doc=burgerparticipatiebijteamhightechcrime-180524082413&type=d]
Bronnen: RTL Nieuws

App: Reyets

 

Toen Wa’il Ashshowwaf de deur van zijn studentenkamer opende en de politie voor zijn neus stond, veranderde zijn leven voorgoed.?Als eerstejaarsstudent aan de universiteit van New York, 25 jaar geleden, bracht Ashshowwaf net als veel andere studenten een groot deel van zijn tijd door met rondhangen met vrienden. Maar toen hij ervan beschuldigd werd een andere student te hebben aangevallen, kwam er een abrupt einde aan zijn studieperiode.

“Ik kende die student niet. Ik had haar nooit gezien, “zei Ashshowwaf. “Toen de politie mijn kamer binnenkwam om me te arresteren, wist ik dat het een vergissing was, maar toen dacht ik nog dat na een goed onderzoek en proces de waarheid wel boven tafel zou komen.” Die veronderstelling was na?ef en leidde bij Ashshowwaf tot het verliezen van een juridische strijd en hij werd geschorst van de universiteit.

“Toen ik dat doormaakte, liep het niet goed af voor mij. Ik moest van de universiteit af en een langslepende rechtszaak voeren. Ik moest wel een lang proces doorlopen omdat ik mijn rechten niet goed kende.” vertelt hij.? Jaren later, nadat hij zich in zijn carri?re in de bankensector had bewezen, werd Ashshowwaf ge?nspireerd om Reyets op te zetten. Een app voor sociale rechtvaardigheid die plaatsbepalingstechnologie gebruikt en gebruikers informeert over hun rechten. Hij voelde dat het tijd was om een verschil te maken toen hij het nieuws zag over de moord op de politie van Philando Castile tijdens een routinematige verkeerscontrole.

In de afgelopen jaren zijn live-streams van politie-interacties door burgers meer gemeengoed geworden en we hebben er eerder over geblogd. In de zaak Philando Castile gebruikte de vriendin van Castili?, Diamond Reynolds, Facebook Live om de fatale verkeerscontrole op te nemen. Veel politiekorpsen in de Verenigde Staten gebruiken zelf ook?bodycams?om meer transparantie en verantwoording te bieden richting de maatschappij.

 

Reyets heeft ook een livestreaming functie waarmee gebruikers politie-interacties en andere incidenten voor diverse doeleinden kunnen vastleggen. De livestreams kunnen op Facebook en andere social-mediaplatforms worden geplaatst en automatisch wordt een back-up naar de cloud gemaakt. Ashshowwaf denkt dat zonder videocamera’s veel mensen nooit zouden weten van de vele schietpartijen met politie. Gebruikers kunnen incidentmeldingen documenteren en vragen over hun rechten stellen aan chatbots met een paar eenvoudige handelingen. De app maakt gebruik van plaatsbepaling en kunstmatige intelligentie om vast te stellen in wat voor soort situatie de gebruiker zich bevind en welke informatie ze op dat moment vermoedelijk nodig hebben.

“Als je de app gebruikt op het vliegveld, denkt de app dat je meer wilt weten over de flyers of immigratierechten,” zei Ashshowwaf. “Als je op de snelweg bent, gaat het misschien om een ??verkeerscontrole.” Reyets actualiseert voortdurend wetswijzigingen en gebruikers kunnen ook passages markeren als ze onjuiste of verouderde informatie hebben.

“Mensen moeten hun rechten kunnen benutten zonder dat het escaleert,” zei Ashshowwaf. “Reyets biedt een beter begrip van je rechten in elke situatie. Je hoeft niet langer in een situatie terecht te komen zonder je rechten te kennen. ‘

Bronnen:?Reyets, Americaninno