Tagarchief: wijkagent

Twittercops

twittercops

Een onderzoek naar de verhouding tussen het genre ?tweets van wijkagenten? en de hoofdtaken van wijkagenten in Nederland in 2014.

Door?Leyla van der Raad,?Masterscriptie ? Nieuwe media, taal & communicatie van de Radboud Universiteit Nijmegen

?Twittercops?, oftewel: twitterende wijkagenten, zijn sinds 2009 een opkomend fenomeen en brengen een nieuw genre met zich mee, namelijk ?tweets van wijkagenten?. Er is nog vrij weinig bekend over hoe de wijkagent zich via Twitter uit. Om hier meer inzicht in te verschaffen, is er?onderzoek gedaan naar hoe het genre ?tweets van wijkagenten? zich verhoudt tot de hoofdtaken van?wijkagenten. In totaal zijn 2.456 tweets uit Nederland uit 2014 geanalyseerd aan de hand van het?genremodel van Steen (2011). Er is een drieledig onderzoek uitgevoerd. Hiertoe is ten eerste een?genreanalyse naar ?tweets van wijkagenten? in Nederland in 2014 uitgevoerd. Vervolgens is?onderzocht hoe de taken van de wijkagent tot uiting komen op Twitter. Ten slotte is de verhouding?tussen beide bekeken, namelijk hoe het genre ?tweets van wijkagenten? zich verhoudt tot de taken?van de wijkagent op Twitter. Door middel van de ??-toets is onderzocht of er verbanden zijn tussen?twee (nominale) variabelen.

Tweets van wijkagenten bleken voornamelijk een informerend doel te hebben en gingen?hoofdzakelijk over het onderwerp ?overig? (nieuwjaarswensen, onderzoek, (Twitter) spreekuur, etc.).?Daarnaast bleken tweets in het bijzonder een ongemarkeerd register, een informatieve retorica en?een objectieve, onpersoonlijke, abstracte stijl in schrijftaal te bevatten. Er bestonden verbanden?tussen de hoofdtaken van de wijkagent en alle genredimensies, namelijk: (1) het doel/de functie, (2)?het onderwerp, (3) het register, (4) de retorica en (5) vier stijlsoorten. Hierdoor kon het genre??tweets van wijkagenten? eenduidig beschreven worden.

Een suggestie voor vervolgonderzoek is om na te gaan of er een verandering zichtbaar is in?het genre ?tweets van wijkagenten?. Ook kan er naar de verschillen en overeenkomsten tussen de?provincies van Nederland worden gekeken, in plaats van naar Nederland in zijn geheel. Daarnaast?moeten enkele beperkingen van het onderzoek in acht worden genomen ten behoeve van de?betrouwbaarheid van het onderzoek. Hierbij valt te denken aan een aanpassing van de methode?door afbeeldingen en hashtags (#) te betrekken in het onderzoek. Daarnaast dienen de onderwerpen??overig? en ?criminaliteit? opgesplitst te worden in meerdere onderwerpen voor een gedetailleerder?beeld. Dit onderzoek biedt een bepaalde aanvulling op eerder onderzoek (o.a. Veltman, 2011).

Doordat er iets bekend is over het effect van ?Twittercops? en hoe deze zich uiten op Twitter, wordt?het fenomeen ?twitterende wijkagent? steeds meer afgebakend. Tot slot kan de rol van social media?onderzocht worden; kunnen deze net als de traditionele media bijdragen aan onveiligheidsgevoelens?in de samenleving?

Weet wat je tweet

Het gebruik van Twitter door de wijkagent en het vertrouwen in?de politie

Door: Dick Roodenburg & Hans Boutellier

Organisaties en sociale media hebben elkaar de afgelopen jaren steeds beter?gevonden. De politie is, zeker als overheidsorganisatie, een voorloper in het gebruik?van sociale media. Hoe een sociaal medium als Twitter zijn werk doet in het dagelijks?werk van de wijkagent is al redelijk goed in beeld gebracht. Onderzoek heeft?uitgewezen dat het gebruik van Twitter een positieve invloed heeft op het?vertrouwen van de burger in de politie. Maar welke factoren zijn bepalend voor dit?vertrouwen en op welke wijze kan het gebruik van Twitter het vertrouwen versterken??Dit artikel onderzoekt de aard van het tweetverkeer van wijkagenten en laat?zien op welke wijze tweets kunnen bijdragen aan de verbetering van de vertrouwensrelatie?tussen burger en politie.

1 Inleiding
Als het gaat om het vertrouwen van burgers in de politie, dan is het belangrijk dat?de politie een nabije en herkenbare rol speelt op wijkniveau (Van Caem 2011).
Vertrouwen wordt in de regel niet in korte tijd door een wijkagent verdiend en als?het vertrouwen eenmaal is gewonnen, dient het zorgvuldig te worden onderhouden.?Bij groepen die op voorhand weinig vertrouwen hebben in de politie, kan vertrouwen?toenemen door de persoonlijke bekendheid van de wijkagent (Beunders,?Abraham, Van Dijk & Van Hoek 2011, 131). Bij de komst van de Nationale Politie?en de daarmee gepaard gaande schaalvergroting is benadrukt dat veiligheidszorg?lokaal verankerd moet zijn. Belangrijk kenmerk daarvan is de bepaling dat er ten?minste ??n wijkagent op 5000 inwoners moet zijn (Inrichtingsplan Nationale?Politie 2012, 14). Het (opbouwen van) vertrouwen op operationeel niveau bij de?wijkagent is en blijft dus een essentieel onderdeel in de organisatie.

Het toenemende gebruik van sociale media zal invloed hebben op de relatie tussen?politie en burger. Het gegeven dat de politie door de sociale media dichter bij?de mensen staat, kan positieve maar ook negatieve gevolgen hebben. De invloed?van sociale media op het imago van de politie moet niet worden onderschat. Het?werk van de politie wordt steeds zichtbaarder. Een politieagent is op elk moment?van de dag het visitekaartje van de organisatie. De politie moet zich hier terdege?bewust van zijn. Hoe een politiefunctionaris overkomt op de burger, ook via de?sociale media, is direct van invloed op de waardering en het respect van de burger?voor de politie (Boutellier, Van Steden, Bakker, Mein & Roeleveld 2011, 62-63).

Gezien het feit dat de politie bewust en nadrukkelijk gebruikmaakt van sociale?media, is het van belang om te weten welke invloed deze media hebben op de vertrouwensrelatie?tussen de burger en de politie. Onderhavig onderzoek is een?exploratief onderzoek dat gericht is op ??n vorm van sociale media die al in
behoorlijke mate is ingeburgerd, namelijk Twitter, meer specifiek het gebruik van?Twitter door de wijkagent. Hierin staat de volgende probleemstelling centraal:
hoe kan het gebruik van Twitter door de wijkagent een bijdrage leveren aan het?vertrouwen van de burger in de politie?

In dit artikel defini?ren we allereerst het vertrouwen van de burger in de politie.?Welke determinanten van vertrouwen worden in de literatuur in het algemeen
onderscheiden? Aansluitend komen aan de orde wat in de literatuur bekend is?over de rol en het gebruik van Twitter door de wijkagent en wat bekend is over
het verband tussen het gebruik van Twitter en het vertrouwen dat de burger heeft?in de politie (de wijkagent). Vervolgens beschrijven we (de resultaten van) het
empirisch onderzoek en doen we enkele aanbevelingen.

2 Vertrouwen in de politie
Het vertrouwen in de individuele politiefunctionaris (sociaal vertrouwen) en het?vertrouwen in de politieorganisatie (institutioneel vertrouwen) kunnen niet los
van elkaar worden gezien (Weijers & Hertogh 2007, 34-35). Ook kan vertrouwen?door gezagsvolle handhaving (Van Dijk 2007, 9) niet los worden gezien van legitiem?optreden en eerlijk, onpartijdig en rechtvaardig handelen. Uit met name?Amerikaans en Engels onderzoek is gebleken dat vertrouwen zelfs niet primair
bepaald wordt door hoe effectief de politie optreedt (performance-based justice).?Acceptatie en vertrouwen lijken met name te maken te hebben met de wijze van
optreden en de bejegening van de burger (procedural justice). De beoordeling van?de politie en de rechtbank zijn volgens Tyler en Huo (2002) niet hoofdzakelijk
gekoppeld aan performance-based judgments zoals kosten en de snelheid van de?procesgang, maar aan de wijze waarop men door hen behandeld is.

De aanpak van criminaliteit (effectiviteit) is weliswaar van invloed op vertrouwen,?maar lang niet zo sterk als men zou veronderstellen. Dit geldt ook voor
degenen die persoonlijke ervaring met de politie hebben. In het geval van een?grote controle waarin de politie op zoek is naar wapens accepteren mensen de
aanhouding en het doorzoeken van hun auto indien de politie professioneel?optreedt en uitlegt waarom de controle wordt uitgevoerd, zich excuseert voor het
oponthoud en dergelijke (Tyler & Huo 2002; Sunshine & Tyler 2003). Met andere?woorden, de wijze waarop men behandeld is door de politie doet er voor burgers?meer toe dan het objectieve resultaat (Hough, Jackson, Bradford, Myhill &?Quinton 2010, 205).

In de literatuur komen veel omschrijvingen van vertrouwen voor die elkaar in?zekere zin benaderen en/of overlappen. De variatie laat tegelijkertijd het complexe
en moeilijk grijpbare van vertrouwen zien. Men noemt bijvoorbeeld?betrouwbaarheid, eerlijkheid en gelijkwaardigheid (Flight, Van den Andel &?Hulshof 2006, 38) of gebruikt termen als voorspelbaar, open, integer en?functioneel handelen (Van der Vijver 2006, 122). Het vertrouwen van de burger?in de politie, ?politieel vertrouwen?, lijkt volgens Van Dijk (2007, 10) in de kern?om ??n ding te gaan: de verwachting dat de politie er voor je zal zijn bij zaken die?er echt toe doen. Het gaat er dan vooral om dat het korps de juiste prioriteiten?stelt en deze aanpakt. Ook moet de politie beschikbaar zijn op momenten waarop?de burger haar hard nodig heeft (zie ook Ringeling & Sluis 2011, 36-37). De?jaarlijkse Veiligheidsmonitor hanteert in zijn vragenlijst de hoofdelementen??tevredenheid over laatste contact met de politie? en ?het functioneren van de politie?in de buurt en in het algemeen?. Hierin komen ook begrippen als ?bescherming?bieden?, ?aanspreekbaarheid?, ?weten wat ze doen? en ?rekening houden met de?wensen van de samenleving? naar voren.

Jackson en Bradford (2010) benaderen de kwestie van vertrouwen breder. Zij?gebruiken het besproken principe van procedural justice van Tyler in hun onderzoek?naar vertrouwen in de Londense politie en maken onderscheid tussen confidence?in policing en trust in the police. Het eerste geldt als een paraplubegrip en?betreft het algehele vertrouwen in het politiewerk: ?doing a good job?. Over het?algemeen wordt dit in de ogen van beleidsmakers en politici vrij eendimensionaal?ge?nterpreteerd: het aanpakken van criminaliteit, overlast en ordeproblemen.

De mate van confidence wordt volgens hen echter bepaald door het bredere begrip?trust in the police. Deze trust gaat er ook om dat de politie de behoeften van de?samenleving (de lokale gemeenschap) kent, dat zij de burgers eerlijk en respectvol?behandelt, dat ze de burgers informatie geeft en mensen de gelegenheid biedt om?hun lokale problemen kenbaar te maken.?Op basis hiervan onderzochten Jackson en Bradford het verband tussen het algehele?vertrouwen (overall confidence) en de drie dimensies van trust. De eerste?dimensie is de effectiviteit van het politiewerk (technische competenties, aanpak?van criminaliteit en openbare-ordeproblemen). De tweede dimensie is eerlijkheid/?rechtvaardigheid in politiewerk (burgers met respect en op eerlijke wijze?behandelen), en de derde is de betrokkenheid van de politie met de directe omgeving?(gedeelde waarden, oog en oor hebben voor de problemen in de buurt). De?conclusies uit hun onderzoek zijn dat er een sterk verband is tussen het algehele?vertrouwen en de factoren eerlijkheid/rechtvaardigheid en betrokkenheid met de?directe omgeving en gedeelde waarden. De effectiviteit van de politie als bestrijder?van de misdaad telt duidelijk minder, maar is wel relevant. Deze conclusies?zijn zichtbaar in figuur 1.

tweetweet
Figuur 1 Model van factoren die algeheel vertrouwen in de politie bepalen?(Jackson & Bradford 2010)

Samenvattend is volgens Jackson en Bradford het publieke vertrouwen, het vertrouwen?van de burger in de politie, opgebouwd uit drie elementen, namelijk het
vertrouwen in de effectiviteit van de politie, in de eerlijkheid/rechtvaardigheid?van de politie en in de betrokkenheid met de lokale gemeenschap en gedeelde
waarden. In het kader van dit onderzoek naar de wijze waarop het gebruik van?Twitter door wijkagenten bijdraagt aan het vertrouwen van de burger in de politie,
zullen deze definitie van vertrouwen en het bijbehorende begrippenkader als?conceptuele gereedschapskist worden gebruikt.

3 Politie, Twitter en vertrouwen
Met het gebruik van Twitter door een individu of organisatie kan een behoorlijk?grote groep mensen worden bereikt. Wereldwijd zijn er ongeveer 200 miljoen
mensen die actief twitteren. In januari 2013 is er een online onderzoek gehouden?onder 13.740 Nederlanders, ouder dan 15 jaar (Newcom Research & Consultancy?2013). Hieruit blijkt dat 3,3 miljoen Nederlanders (boven de 15 jaar) gebruikmaken?van Twitter, van wie ongeveer de helft (1,6 miljoen) actief dagelijks. De?vijf organisaties die het meest gevolgd worden, zijn nieuwszenders (47%), artiesten/?zangers (33% ), politie en gemeenten (beide 32%). Facebook en YouTube zijn?het grootst in Nederland met 7,9 respectievelijk 7,1 miljoen gebruikers. LinkedIn?staat met 3,9 miljoen gebruikers nog net boven de 3,3 miljoen gebruikers van?Twitter. Het aantal twitteraars is het afgelopen jaar niet meer gegroeid in?Nederland.

Het feit dat de politie door een grote groep mensen wordt gevolgd, is een sterke?aanwijzing dat Twitter zich stevig gevestigd heeft in de politieorganisatie. Meijer,
Grimmelikhuijsen, Fictorie en Bos (2011) stellen in een onderzoek vast dat de?politie Twitter gebruikt om nieuwe samenwerkingsverbanden met burgers vorm
te geven. Dit kan in de vorm van coproductie bij opsporings- en handhavingstaken.?Daarnaast cre?ert Twitter mogelijkheden om burgers te betrekken bij
preventief politiewerk. De potentie tot verdere groei zit in de wederkerige functie?van het medium. De wijkagent kan zijn werk ?delen? met de omgeving via
berichten over waar hij zich mee bezighoudt, maar ook door oproepen om mee te?werken of informatie te geven over criminaliteit en preventietips. Tegelijkertijd is?er een gem?leerd publiek van twitterende burgers die ge?nteresseerd zijn in het?werk van de politie, in het bijzonder in hun eigen wijk. Deze beide perspectieven?hebben een wederzijds versterkend effect (Meijer e.a. 2011; Meijer, Grimmelikhuijsen,?Fictorie, Thaens & Siep 2013).

Communicatie is de crux van lokale strategie?n om het vertrouwen van de burger?in de politie te verbeteren. Wederkerige informatievoorziening is daarbij essentieel (Beunders e.a. 2011). De burger alleen als informant gebruiken is niet voldoende.?Het belang van terugkoppeling, hem ge?nformeerd houden over gehouden?acties en de resultaten daarvan spelen een belangrijke rol (Van Caem 2012).?Dat is een centrale gedachte achter community policing, waarvan de belangrijkste?kenmerken zijn: het werken in geografisch beperkt gebied, nabijheid van de politie?en betrokkenheid van de politiefunctionaris (Van der Vijver & Zoomer 2004).?In hun onderzoek onderscheiden Meijer e.a. (2013) de bijdrage van sociale media?aan de effectiviteit van de opsporing en aan de effectiviteit in het kader van community?policing. Bij het eerste gaat het om het gebruik van sociale media om informatie?in te winnen en te verwerken en zo effectiever te kunnen opsporen, bij het?tweede om de veiligheidsbeleving en de perceptie van burgers van de politie. De?aanname hierin is dat de effectiviteit van community policing toeneemt met de?mate van interactie tussen politie en burgers gericht op het vergroten van de?buurtveiligheid. Dit is bij uitstek een functie waarin Twitter een rol kan spelen.?Meijer e.a. komen tot de slotsom dat de mate waarin tweets van de politie worden?gelezen, samenhangt met de mate waarin volgers de politie legitiem vinden (legitimiteit is een wat ander begrip dan vertrouwen, maar in het kader van deze theoretische?beschouwing maken we geen onderscheid).?Daarbij stellen zij (voorzichtig) vast dat het volgen van de politie een bijdrage aan?de gepercipieerde legitimiteit kan leveren. Coproductie leidt tot positieve effecten?op de percepties van burgers. Uit de analyses blijkt dat mensen die meer accounts?volgen en frequenter politietweets lezen, de politie meer legitiem vinden. Zij constateren?wel dat een oorzakelijk verband moeilijk is vast te stellen.?Een andere?mogelijkheid is namelijk dat men de politie intensiever volgt juist vanwege de grotere?steun die men al heeft. Toch zien Meijer e.a. (2013, 103-104, 118) aanwijzingen?in ander onderzoek en in de interviews in hun eigen onderzoek dat het volgen?een bescheiden bijdrage aan de gepercipieerde legitimiteit kan leveren. Laten we?er in dit verband van uitgaan dat de positieve relatie plausibel is.?

In ander onderzoek wordt geconstateerd dat tweets invloed hebben op de?informatieverwerking, de attitude en het gedrag van de volgers. Een interessant?gegeven is daarbij dat door het contact tussen de wijkagent en zijn volgers op?Twitter de wijkagent ook fysiek meer herkend wordt op straat. Twitter wordt?door de wijkagenten tactisch en strategisch gebruikt. Ten eerste om informatie te?delen en daarnaast om een beeld bij de volgers te ?framen?. Ze geven aan zodanig?te twitteren dat de zichtbaarheid en effectiviteit van de politie positief worden?be?nvloed (Boverman, Van Duijn, De Graaf & Ritzema 2011, 66-68).

Het lijkt er dus op dat sociale media, in het bijzonder Twitter, een belangrijke rol?in de (vertrouwens)relatie tussen burger en politie spelen. Frissen e.a. (2008)
brengen dit in verband met de veranderende verhouding tussen overheid en burgers.?Van alleen ?zender? van informatie (hi?rarchisch) zijn overheidsinstanties
steeds meer ?deler? van informatie. De literatuur geeft ons dus voldoende aanknopingspunten?om de betekenis van Twitter voor het vertrouwen in de politie te
onderzoeken. Het model van Jackson en Bradford (2010) gebruiken we daarbij als?richtsnoer.

4 Onderzoeksopzet en -methode
Uitgaande van een plausibele positieve relatie tussen het gebruik van Twitter?door de wijkagent en het vertrouwen van de burger in de politie, beoogt dit
onderzoek op exploratieve wijze een preciezer beeld te geven van de factoren die?daarbij een rol spelen. Dit is relevant, omdat Twitter als medium een nieuwe kwaliteit?inbrengt in de veranderende verhouding tussen overheid en burger, en de?gebruikswijze van Twitter de verhouding (vertrouwensrelatie) kan be?nvloeden.?Daarbij gebruiken we het model van Jackson en Bradford, waarin het algehele?vertrouwen in de politie (confidence) door drie factoren wordt bepaald: effectiviteit,?goede bejegening en betrokkenheid bij de directe leefomgeving. Analoog hieraan?gaan we ervan uit dat de tweets van een wijkagent inhoudelijk te relateren?zijn aan een van deze drie factoren. De tweets zijn derhalve in te delen naar drie?hoofdcategorie?n: (A) effectiviteit, (B) eerlijkheid/rechtvaardigheid/respect, en?(C) betrokkenheid.

Het onderzoek valt uiteen in twee onderdelen. Het eerste bestaat uit interviews?met dertig burgers die hun actief twitterende wijkagent volgen. Daarnaast is een
inhoudsanalyse gemaakt van de tweets van de desbetreffende wijkagenten over?een periode van een jaar. Met het onderzoek hopen we enig systematisch inzicht
te krijgen in de factoren die er in het twitterverkeer van de wijkagent toe doen. In?het verlengde daarvan denken we enige concrete aanbevelingen te kunnen formuleren.

Selectie onderzoekseenheden
De onderzoekseenheden betreffen Twitter-accounts van drie wijkagenten. Het?eerste account is van de wijkagent van Leidsche Rijn (bekend als: @wijkagentLR).
Dit account bestaat sinds februari 2012. De wijk Leidsche Rijn telt circa?26.000 inwoners en op 1 februari 2013 had dit Twitter account 2081 volgers.
Leidsche Rijn is onderverdeeld in vier wijken: Parkwijk, Langerak, Terwijde, Het?Zand, Grauwaart, Lage Weide. Het tweede Twitter-account is van de wijkagent
van Vleuten De Meern (bekend als: @politieVDM), dat sinds 18 februari 2012 te?volgen is en inmiddels 3098 volgers heeft (peildatum 1 februari 2013). Vleuten
De Meern heeft ongeveer 43.000 inwoners. Het derde Twitter-account is van de?wijkagent van Mijdrecht (gebied Proosdijlanden, Wickelhof, centrumgebied Mijdrecht?en De Hoef) (bekend als: @pol_Mijdrecht). Mijdrecht heeft circa 17.000?inwoners en De Hoef circa 900 inwoners. In Mijdrecht zijn drie wijkagenten ieder?voor hun eigen wijk actief op Twitter. De wijk van het te onderzoeken Twitteraccount?omvat ongeveer 6000 inwoners. Op 1 februari 2013 had het account
@pol_Mijdrecht 995 volgers. Overigens stond het aantal volgers, als gevolg van?een persoonlijke wervingscampagne, rond 1 maart 2013 op 1100.

De keuze van deze accounts is tot stand gekomen in samenspraak met de politiefunctionaris?die namens de politie zitting heeft in de bestuurlijke werkgroep??Publiek Vertrouwen? (portefeuillehouder) van politie-eenheid Midden-Nederland.?Bij de keuze is pragmatisch te werk gegaan. Er is voornamelijk gekeken of men?actief twittert, hoe lang men twittert en hoeveel volgers men heeft. In dat kader?zijn de accounts van Leidsche Rijn en Vleuten De Meern naar voren gekomen,?omdat naar aanleiding van een aantal incidenten het gebruik van Twitter doelbewustactief is ingezet als communicatiemiddel. Het account van Mijdrecht kent?een relatief grote groep volgers in verhouding tot het aantal inwoners van de wijk?en heeft een minder stedelijk karakter ten opzichte van de andere twee accounts.?Per wijkagent zijn tien burgers ge?nterviewd die de agent via Twitter volgen, in?totaal dus dertig volgers. Om per wijkagent tien volgers te selecteren hebben alle?wijkagenten op verzoek een tweet geplaatst met een oproep om mee te werken?aan het onderzoek. Dit werd bijvoorbeeld op de volgende wijze gedaan:

tweet1

Dit leidde ertoe dat bij alle drie de wijkagenten zich binnen ??n tot anderhalf uur?tien volgers meldden en mee wilden werken. Daarnaast zijn de drie desbetreffende?wijkagenten ook ge?nterviewd.

5 Dataverzameling en operationalisering

Interviews
De interviews zijn volgens een gestructureerde vragenlijst afgenomen. In de interviews?met de volgers is gevraagd wat de respondenten zelf verstaan onder het
begrip vertrouwen en of zij bij zichzelf een ontwikkeling in hun vertrouwen hebben?ervaren als gevolg van het gebruik van Twitter. Voorts zijn de factoren die
volgens het model van Jackson en Bradford bepalend zijn voor het vertrouwen?van de burger in de politie voorgelegd aan de respondenten. Daarbij werd?gevraagd welke factor in hun beleving het meest gewicht heeft om het vertrouwen?positief te be?nvloeden, ofwel de bijdrage aan het vertrouwen het meest vergroot.?De uitleg van de categorie?n vond plaats aan de hand van de hierna genoemde?uitleg. Aan de drie wijkagenten zijn dezelfde vragen voorgelegd, maar dan uiteraard?geredeneerd vanuit hun eigen perspectief als wijkagent.

Tweets
Met behulp van een zogenoemde ?Twitter-tool? van de firma Coosto zijn de tweets?van de drie wijkagenten over de periode 1 februari 2012 tot 1 februari 2013 uit de?database van Twitter gehaald en naar een Excelbestand ge?xporteerd. Van het?Twitter-account van Leidsche Rijn zijn dat 1421 tweets, van Vleuten De Meern
1533 en van Mijdrecht 552; in totaal zijn dus 3506 tweets geanalyseerd.?Het begrip vertrouwen in de politie is ontleed in drie categorie?n. Categorie A?betreft de effectiviteit van de politie. De indicator is of de tweet met name betrekking?heeft op de resultaten van de aanpak van misdrijven en overtredingen. Categorie
B is gericht op eerlijkheid/rechtvaardigheid/respect waarmee de politie een?burger behandelt. Hier gaat het om het geven van antwoord op gestelde vragen,?op een respectvolle toon, vriendelijk en benaderbaar. Categorie C gaat over betrokkenheid?van de politie met zijn werkgebied, ofwel de buurt of de wijk. Om hierop
te scoren geeft de tweet inhoudelijk blijk van het kennen van de lokale problemen,?het omgaan met zaken in de omgeving die er toe doen en luisteren naar wat
mensen in de buurt bezighoudt.

Alle tweets zijn inhoudelijk beoordeeld aan de hand van deze driedeling. Als de?tweet voldoet aan een bepaalde categorie, krijgt deze een score ?1?. Per tweet kan
in slechts ??n categorie gescoord worden. Idealiter zou voor de ?zuiverheid? alleen?op A, B of C gescoord kunnen worden, maar volgens verwachting waren er ook
combinaties. Een score op een combinatie gebeurt alleen wanneer dit overduidelijk?een combinatie is. Indien tweets in het geheel niet in te delen waren naar A, B,?C of een combinatie daarvan, vallen ze in categorie X. Daarnaast is een onderscheid?gemaakt naar soorten tweets. Dit kan zijn een tweet (T): een bericht dat de
wijkagent zelf plaatst. Ten tweede kan er sprake zijn van een retweet (R): het herhalen?van een bericht van een andere gebruiker, zodat alle volgers van de desbetreffende?wijkagent hiervan op de hoogte gebracht zijn. Ten slotte kan er sprake?zijn van een antwoord of een zogeheten ?mention? (M). Dit is een bericht (vaak?een antwoord op een vraag) van de wijkagent naar een andere gebruiker, dat?tevens zichtbaar is voor alle volgers van de wijkagent.

6 Resultaten interviews

Algemeen
Voor vrijwel alle volgers geldt dat ze de wijkagent zijn gaan volgen vanwege?belangstelling voor wat er leeft en gebeurt in de eigen omgeving. Eveneens geldt
voor vrijwel alle respondenten dat Twitter de wijkagent wel dichterbij heeft?gebracht en de toegang tot de wijkagent (behoorlijk) laagdrempeliger heeft?gemaakt. Men blijkt over het algemeen eerder contact te zoeken met de wijkagent?via Twitter dan op een andere vaak genoemde wijze, namelijk telefonisch. Men?durft ook voor ?kleinere zaken? die stap eerder te zetten. Een van de respondenten?zegt: ?Twitter heeft politie dichterbij gebracht. Bij simpele dingen stel ik mijnvraag eerder via Twitter dan via 0900-8844.?

Vertrouwen
Alle elementen die volgens het model bepalend zijn voor het (algehele) vertrouwen?van de burger in de politie zijn bij vrijwel alle respondenten in meerdere of
mindere mate terug te vinden. Veel heeft van doen met interactie in de vorm van?communicatie, reageren op meldingen en vragen, en behoefte aan terugkoppeling?over ondernomen actie. E?n respondent koppelt vertrouwen aan gezag en respect,?iets wat verdiend moet worden.

Of het gebruik van Twitter door de wijkagent een positief effect heeft op het vertrouwen?in de wijkagent, geeft een gevarieerder beeld. Geen enkele respondent?heeft zijn vertrouwen zien afnemen. Daarnaast is een aantal respondenten hetzelfde?gebleven in hun vertrouwen. Grofweg de helft van de respondenten ervaart?wel een toename van het vertrouwen in de wijkagent juist door de nabijheid,?benaderbaarheid en het inzicht dat ze geven in wat ze doen en wat er speelt. E?n?respondent zegt: ?Vertrouwen [is] niet groter, maar ze zijn dichterbij gekomen, er?zit een mens achter de politie.? Een ander: ?Ja, gek genoeg wel, ik had totaal geen?hoge pet op van de politie. Ben ooit een keer aangehouden omdat ik toeterde en?dat liep uiteindelijk hoog op. Ik was heel kwaad en had geen vertrouwen meer.?Maar sinds Twitter (?), bijvoorbeeld dat ze zeggen een ronde te maken en vragen?waar op te letten. Ze zijn er en ze zijn bezig met ons.?

tweet2

Vertrouwen volgens het model
Wanneer het model van vertrouwen voorgelegd wordt aan de respondenten met?de vraag een rangorde (voorkeur) aan te geven binnen welke categorie het meest
getwitterd moet worden om hun vertrouwen het meest te be?nvloeden, levert dit?de opsomming op zoals weergegeven in tabel 1. Hierbij wordt bij de gewogen en
ongewogen telling uitgegaan van 28 scores. Met de gewogen telling wordt sterker?uitdrukking gegeven aan de categorie?n die in totaal het hoogste scoren door drie?punten toe te kennen als ze op de eerste plaats scoren, twee als ze op de tweede?plaats scoren en ??n als ze op de derde plaats scoren. Met de ongewogen telling?wordt weergegeven hoe vaak de categorie?n op de verschillende plekken scoren.

Het mag duidelijk zijn dat, zowel plaatselijk als over het geheel genomen, de volgers?er het meeste belang aan hechten dat in de tweets van de wijkagent de?betrokkenheid met de buurt/de eigen woonomgeving het sterkst tot uitdrukking?komt. Het totaal aantal keren dat C de eerste plek scoorde, is namelijk ruim drie?tot bijna vier keer zo groot als het aantal keren dat over de effectiviteit van het?politiewerk (A) of respectvol/ eerlijk behandelen (B) wordt getwitterd.?Het respectvol, eerlijk en rechtvaardig behandelen komt eerder tot uitdrukking in?face to face contacten en (telefoon)gesprekken tussen de politie en de burger. In?Tabel 1: Totaal scores categorisering voorkeursvolgorde en rangordening?(gewogen en ongewogen)?voorkeursvolgorde?categorie?n?het twitteren zal het voornamelijk ?verdiend? moeten worden door de wijze?waarop de wijkagent op volgers reageert. En dat is niet het eerste gebruiksdoel?van Twitter. Dat kan een verklaring zijn voor het feit dat deze categorie veelal op?de derde plaats staat en gewogen de minste punten heeft. Daarnaast is enkele?keren door respondenten uitgesproken dat respectvol, rechtvaardig behandelen?als vanzelfsprekend wordt beschouwd. Binnen de context van dit onderzoek is het?opvallend dat de effectiviteit van het politiewerk (A) over het algemeen als minder?belangrijk wordt beschouwd dan het tonen van betrokkenheid.

Wijkagenten
Gezien het beperkte aantal wijkagenten dat is ge?nterviewd, is het moeilijk in?brede zin conclusies te trekken over de percepties van de wijkagenten van het vertrouwen.?Allen plaatsen het begrip vertrouwen in de sfeer van bejegening en communicatie.?Serieus nemen, zeg wat je doet en doe wat je zegt, en openheid. Twee?van de drie wijkagenten stellen vast dat in hun beleving de betrokkenheid de categorie?is waar tweets het meest inhoud aan moeten geven om het meest bij te dragen?aan het vertrouwen. Dit ligt in lijn met hoe de respondenten dit zien.

7 Resultaten tweets

Categorisering
Zoals in de onderzoeksopzet al is aangegeven, is onderscheid gemaakt naar het?soort tweet: een tweet (T), een retweet (R) of een mention (M). Daarbij was de
opzet om zo veel mogelijk te scoren op de categorie?n A, B of C. Een score op een?combinatie komt alleen voor wanneer dit overduidelijk het geval is. Per tweet kan?in slechts ??n categorie worden gescoord. Aanvankelijk is gestart met een proeffase?van circa 160 tweets, verdeeld over de drie accounts. Dit om aan de hand van?de inhoud van de tweets indicatoren te kunnen destilleren. Met behulp van deze?indicatoren kon een indicatorenlijst worden opgesteld waarmee het eenvoudiger?werd gemaakt om de tweets op een eenduidige wijze in te delen. De lijst is hier?weergegeven.

Indicatorenlijst voor het indelen van de tweets naar categorie?n
A: melding van een resultaat.?bijvoorbeeld:?Twee verdachten aangehouden voor poging #inbraak woning Wapendragervlinder?#Parkwijk. Worden verhoord. ^JM
B: is een individuele bejegening, een mention waarin ?@? een (persoonlijk)?antwoord of uitleg krijgt. Is ook persoonlijk bedoeld, aangezien in veel?gevallen niet te achterhalen is waar het ex?ct over gaat. Is ook primair?alleen voor deze persoon bedoeld.?bijvoorbeeld:?@DennisDenkt Dit zijn vaak hardnekkige problemen die niet alleen met?bekeuringen worden opgelost. Info is naar wijkagenten Ton+Elsbeth. ^JM
C: tonen van betrokkenheid met de directe omgeving.?bijvoorbeeld:?Nu overleg met buurtnetwerk?wat leeft er in de wijk? Aanschuiven kan?altijd!?of:?Komt plotseling groep 1-2 van basisschool #krullevaaar #veldhuizen het?politiebureau binnenvallen. Gezellig hoor. ^JM http://t.co/HubhCxDW
AB: melding van een resultaat als mention persoonlijk gericht aan een @.?bijvoorbeeld:?@TomTuijp Wijkagent Ton heeft afdeling Toezicht gemeente ingeseind.
Die hebben een dader kunnen achterhalen. Dader is thuis bekeurd. ^JM
AC: melding van een (gedeeltelijk) resultaat of incident/gebeurtenis in de?omgeving waar aanvullend informatie ten behoeve van bijvoorbeeld?opsporing gevraagd wordt.?bijvoorbeeld:?Vrijdag 25\2 21.15 vandalen hebben een auto op z’n kant gegooid ppl?C1000 achter cafe #De Don. Iets gezien of gehoord ? Bel 0900-8844. ^JM
BC: in eerste instantie gericht op een @, maar wel vanuit betrokkenheid?gericht op groter bereik.?bijvoorbeeld:?@WSDRV Het zou goed zijn als ouders eens zagen hoe laveloos hun kinderen?uit de horeca of bij schuurfeesten naar buiten kwamen.
ABC: combinatie van elementen van resultaat, bejegening, betrokkenheid.?bijvoorbeeld:?@NHvdBroek De 140 tekens lieten het niet toe, maar de #125cc is uiteraard?in beslag genomen. #Operettelaan #Terwijde. ^B
X: niet te categoriseren, omdat de inhoud van de tweet geen betrekking?heeft op het politiewerk.
Algemene pol info: een tweet die wel betrekking heeft op het politiewerk?of praktische informatie of dergelijke verstrekt en ook nuttig is, maar meer
een algemene strekking en niet specifiek op de buurt betrekking heeft.?bijvoorbeeld:?Moet u ondanks het barre winterse weer toch nog met de auto op pad?
Maak dan naast de ruiten ook uw lampen sneeuwvrij! #gratistip. ^B

Extra categorie:?Naar aanleiding van de samenstelling van deze indicatorenlijst is het noodzakelijk?gebleken een extra categorie toe te voegen, namelijk de categorie ?algemene politie-informatie? (Alg). Dit was noodzakelijk en nuttig, omdat in de algemene politie-informatie niet specifiek de betrokkenheid met de omgeving naar voren komt,?terwijl de inhoud van deze tweet wel van nut is voor de buurt. Niettemin zou het?niet onderscheiden van deze categorie de werkelijke betrokkenheid met de eigen?buurt (C), vaak herkenbaar door een genoemde straat en dergelijke, te veel ?vervuilen?.?Nu gaat categorie C ook werkelijk over de eigen buurt.

Een goed voorbeeld van een tweet die de betrokkenheid van de wijkagent met de?eigen buurt weergeeft en waar tegelijkertijd ook een stuk betrokkenheid van de?inwoners gevraagd wordt, is de zogenoemde twittersurveillance. De wijkagenten?van Leidsche Rijn en Vleuten De Meern hebben hier een paar keer mee ge?xperimenteerd,?hetgeen, zo blijkt uit de reacties van een aantal respondenten, ook erg?positief werd ontvangen. De tweet van de twittersurveillance gaat bijvoorbeeld als?volgt:

tweet3

De genoemde url verwijst dan naar de volgende overzichtsfoto van de route van?de surveillance:

tweet4

Categorie AC
In de proefanalyse kwamen ook tweets naar voren die weliswaar betrekking hadden?op de directe omgeving, maar ook een specifiek doel dienden, namelijk informatie?ten behoeve van opsporing. Het gaat dan om een gebeurtenis of incident?waar de politie nog geen of slechts gedeeltelijk resultaat op heeft gerealiseerd,
maar waar zij de burgers vraagt om relevante informatie te leveren. Hier is dus?sprake van een combinatie van effectiviteit en betrokkenheid. Er zit uiteraard wel
een element in dat de wijkagent weet wat er speelt in de buurt, maar de vraag?heeft als doel de politie effectiever te laten werken. De keuze was om deze tweets
als aparte categorie AC te benoemen, waardoor A en C ?zuiverder? blijven. Overigens?is het voorbeeld van de twittersurveillance dus geen tweet die onder categorie AC valt, omdat er geen opsporingsinformatie gevraagd wordt ten aanzien van?een bepaalde gebeurtenis of incident. De twittersurveillance is een goed voorbeeld?van het tonen van betrokkenheid met de eigen buurt en tevens de uitnodiging?aan de volger hierin mee te denken en mee te werken.

Categorie B en BC?
Met alleen een B-score is het duidelijk dat iemand persoonlijk bejegend wordt. In?de categorie BC betrekt de wijkagent in zijn tweet ook derden of richt zich rechtstreeks?tot hen.

Resultaten tweetanalyse
De analyses van de drie accounts leveren het totaalbeeld op zoals is weergegeven?in tabel 2 en figuur 2.

Tabel 2: Totaaloverzicht analyse van de tweets conform de indicatorenlijst

tweet5

tweet6

Figuur 2 Totaaloverzicht analyse van de tweets conform de indicatorenlijst

Het feitelijke tweetgebruik blijkt voornamelijk gedomineerd te worden door?tweets die betrokkenheid met de eigen omgeving laten zien. Categorie C is goed
voor bijna 32% van alle tweets. Verder zijn de tweets die te relateren zijn aan eerlijke?en respectvolle bejegening (B) in combinatie met bereik van omgeving (BC)
samen goed voor 26% van alle tweets. In 13% van alle berichten doet de wijkagent?melding van een resultaat, een effectief optreden (A). Opvallend is categorie AC,?waarin de wijkagent in zijn tweets om concrete (opsporings)informatie van de?volger vraagt naar aanleiding van een bepaald incident in de directe omgeving:
goed voor ruim 16% van de tweets. Algemene politie-informatie beslaat 11% van?het totaal aantal tweets, waarbij overigens bij deze categorie opvalt dat bijna de
helft van deze tweets ?retweets? zijn. Dit is een indicatie van de algemenere aard?van het bericht, dat kennelijk voor de volgers nuttig wordt bevonden.

Tweetanalyse gespiegeld aan het model voor vertrouwen
Voor de analyse van de 3506 tweets aan de hand van de categorie?n A, B en C?werd eveneens het model van Jackson en Bradford als uitgangspunt gehanteerd.?Ondanks het aanbrengen van meer categorie?n blijkt in de kern het model van?Jackson en Bradford bij het analyseren van de tweets heel goed toepasbaar te zijn?om de gegevens te duiden en te bewerken. De combinaties van categorie?n zijn?bijna allemaal afgeleiden van de hoofdcategorie?n, op categorie X na, maar die?kwam ook nauwelijks voor. Aangevoerd zou kunnen worden dat ook categorie Alg?niet een afgeleide van A, B of C is, maar het is verdedigbaar dat de algemene?informatie vanuit een stuk effectiviteit, eerlijkheid/rechtvaardigheid/respect of?betrokkenheid wordt gedeeld. Dat zou een nadere analyse vergen, wat buiten het?bestek van dit onderzoek lag.

Het model van Jackson en Bradford veronderstelt dat betrokkenheid van de politie?met de directe omgeving (categorie C) het meeste invloed heeft op dan wel de
grootste bijdrage levert aan het algeheel vertrouwen van de burger in de politie.?In dat kader blijkt uit de analyse dat, gezien de hoge categorie C-score, de wijkagenten?(bewust dan wel onbewust) blijk geven van betrokkenheid met de directe?A = effectiviteit, B = eerlijkheid/rechtvaardigheid/respect, C = betrokkenheid?Figuur 2 Totaaloverzicht analyse van de tweets conform de indicatorenlijst?omgeving en weten wat er speelt. Zonder daarmee te poneren dat dit het vertrouwen?direct positief be?nvloedt; ook dat zou nader uitgebreider onderzoek vergen.?De redelijke hoeveelheid tweets in (de nieuw ontstane) categorie AC vallen op. Dit?appelleert mogelijk aan de eerder vermelde conclusie van Meijer e.a. (2013) dat?sociale media bijdragen aan de effectiviteit van de opsporing en de effectiviteit?van community policing. Hierin ligt A en C als het ware besloten. Uit de interviews?blijkt dat de volgers over het algemeen ook de verzoeken om (opsporings)informatie?waardeerden. Maar daarbij werd door sommigen wel gesuggereerd niet te?eenzijdig te twitteren over bepaalde incidenten. Dit zou het idee geven dat men in?een wel heel onveilige buurt woont. Anderzijds werd men er wel alerter van door?zelf ook maatregelen te nemen, zoals inbraakalarm, beter hang- en sluitwerk.?Daarnaast werd in deze gevallen terugkoppeling wel als belangrijk ervaren: weten?hoe het afgelopen is en of het iets opgeleverd heeft. Hoe lang dat misschien ook?duurt.

Wat categorie A betreft blijkt uit de analyse van de tweets dat de wijkagenten?redelijk spaarzaam zijn met het uiten van effectiviteit, zeker in verhouding met
de categorie van betrokkenheid. Het vraagt om uitgebreider onderzoek om conclusies?te kunnen trekken of deze verhouding in het licht van het model Jackson
en Bradford de juiste is. Categorie B en BC hebben in de tweets een relatief hoge?score behaald. Gelet hierop is het een interessante vraag of de rechtstreekse ?twitterconversaties?,?conform het model van Jackson en Bradford, nog steeds indirect?in verband staan met het algehele vertrouwen (formerend voor betrokkenheid) of?dat dit rechtstreekser van invloed is. Dat zou nader onderzocht moeten worden.?Murthy (2012) heeft betoogd dat Twitter in sociologische zin dezelfde kenmerken?heeft als een gesprek, met uitzondering van het onderscheid van de onmiddellijkheid.?Dus de bejegening via Twitter heeft uitgaande hiervan misschien wel bijna?dezelfde ?kracht? als een persoonlijk contact via de telefoon of een face to face?gesprek. Negatief uitgelegd: genegeerd worden in een ?twittergesprek? heeft misschien?wel net zo’n impact als genegeerd worden in een ?gewoon gesprek?. Zeker?in verband met frequentere wederkerige contacten zou dit wel eens sterk van?invloed kunnen zijn op het vertrouwen.

8 Conclusie en aanbevelingen voor de twitterende wijkagent
Met dit onderzoek is systematisch inzicht gekregen in de wijze waarop Twitter?door wijkagenten gebruikt wordt en welke mogelijkheden zij hebben om het als
instrument in te zetten om een bijdrage te leveren aan het vertrouwen van de?burger in de politie. Het model van Jackson en Bradford is hierbij heel bruikbaar
gebleken, zowel om empirisch materiaal te analyseren als om verder onderzoek te?doen naar het verband tussen het gebruik van Twitter en het algehele vertrouwen?van de burger in de politie. De wijze van twitteren doet ertoe. De twitterende?wijkagent zou bewuste keuzes moeten maken als het gaat om waarover hij twittert?(welke categorie) en hoe de boodschap geformuleerd wordt. Kortom, dat hij?weet wat hij tweet.

Gezien de beperkte omvang van dit onderzoek is het niet mogelijk om betrouwbare?uitspraken te doen over de mate waarin Twitter-gebruik het vertrouwen van
de burger daadwerkelijk be?nvloedt. Met dit voorbehoud is het wel mogelijk een?aantal aanbevelingen te formuleren die de wijkagent mogelijk praktische handvatten?geven om het Twitter-gebruik doelgericht(er) in te kunnen zetten:
? Zoals uit de analyse van de tweets vast kwam te staan en daaraan gespiegeld
uit de interviews naar voren is gekomen, hebben de tweets die gaan over?betrokkenheid in de buurt (categorie C) een groot aandeel in het dagelijks?twitterverkeer en wordt dit door volgers gewaardeerd.
? De burgers zijn voor een groot deel bereid om mee te werken en (opsporings)?informatie te verstrekken als daarom gevraagd wordt (categorie AC). In?de tweets kwam dit vaak voor en de burger waardeert dit ook, zo blijkt uit?interviews. Echter, het is hierbij wel van belang te beseffen dat eenzijdig en?vooral veelvuldig gebruik van deze categorie (voor een bepaald gebied) deels?stigmatisering, deels gelatenheid/afstomping oplevert.
? Het is van belang zo veel als mogelijk de cirkel rond te maken. Dat houdt in?dat bij verzoeken ook teruggekoppeld wordt aan de volgers ?f en waartoe
hulp en inzet van burgers hebben geleid. Daarbij past het ook om van tevoren?goed te beseffen of een verzoek om informatie daadwerkelijk iets op zou k?nnen
leveren. Indien van tevoren duidelijk is dat dit niet het geval zal zijn, is?het beter geen tweet hierover te plaatsen.
? Het twitteren van effectief optreden van de politie (categorie A) kan goed?werken wanneer dit gepaard gaat met dat men weet wat de burger belangrijk
vindt. Snelheidscontroles en de mate waarin de politie daarmee succesvol is,?hoeven over het algemeen niet te rekenen op veel waardering. Wanneer?getwitterd wordt over snelheidscontroles in de eigen wijk en in de buurt van?scholen, is het effect alweer anders; het getuigt meer van kennis van wat er?speelt, wat belangrijk is. Zo mag duidelijk zijn dat de ?betrokkenheidscomponent??hierin ook weer een rol speelt.
? Als het gaat om de tweets in categorie B, is het belangrijk te beseffen dat deze?veelal getuigen van adequaat, respectvol, eerlijk, professioneel antwoord
geven op een vraag of reageren op een opmerking. De bejegening via Twitter?heeft misschien wel bijna dezelfde ?kracht? als een persoonlijk contact via de?telefoon of een face to face gesprek. Negatief uitgelegd: genegeerd worden in?een twittergesprek heeft misschien wel net zo’n impact als genegeerd worden?in een ?gewoon gesprek?. Door de volgers wordt in de interviews niet het?meeste gewicht aan B toegekend, veelal omdat deze categorie als vanzelfsprekend?wordt verondersteld. Echter, de redelijke hoeveelheid rechtstreekse antwoorden?in de analyse doen vermoeden dat het wel van belang is.
? Voortbordurend op de vorige aanbeveling: men moet, als het even kan, het?antwoord of de uitleg zodanig formuleren dat andere volgers er ook iets mee
kunnen, waarmee het een categorie BC wordt.
? Op dit moment is Twitter een van de ?hoofdrolspelers? in sociale media. In dat?licht (en dat blijkt ook nu weer) worden allerlei manieren gezocht om het
gebruik beleidsmatig in te bedden. De aard van Twitter leent zich er niet voor?om volgens een vast beleid dit middel op te leggen. Met inzicht in de?gebruiksmogelijkheden moet de ruimte er voor elke wijkagent zijn om het als?maatwerk toe te passen. Hij kent de eigen wijk immers het beste en voelt het
beste aan of men wat meer A-, C- of juist meer AC-tweets nodig heeft. De?categorisering mag hier juist een hulpmiddel in zijn.

9 Slotbeschouwing
Zie in dit verband ook de reflectie op de resultaten uit dit onderzoek in de diesrede van?H. Boutellier (2013).

We hechten eraan het gebruik van Twitter door de politie nader te duiden in de?context van de huidige netwerksamenleving. Het bericht over de twittersurveillance?en de bijbehorende overzichtsfoto is om een aantal redenen interessant. In?de eerste plaats verwijzen ze naar internet, dat in circa vijftien jaar ons leven is?gaan beheersen. Het digitale web verbindt ons permanent, niet alleen met onze?naasten, maar met iedereen die we maar willen. Mondiaal maar juist ook in de?eigen omgeving, zoals de wijkagent in Leidsche Rijn laat zien.?De tweet verwijst in de tweede plaats naar een verandering in de beroepsuitoefening,
in dit geval die van de politieagent. De politie zoekt van oudsher een balans?tussen afstand houden en nabijheid cre?ren (Van Caem 2012). De politie bewaakt
met gezag, op basis van het geweldsmonopolie, de morele grenzen van ons?samenleven. Maar dat kan in een rechtsstaat alleen op basis van een goede verstandhouding?met de burger. In elke tijd zoekt men weer op een andere manier?naar die juiste balans. In dit onderzoek is aangetoond dat met twitteren de agent?zijn betrokkenheid met de buurt kan laten doorklinken. Dat staat niet op zichzelf.?De professional van deze tijd onderhoudt steeds meer een ?dialogische relatie? met?zijn bewoners, zijn pati?nten, zijn klanten, zijn cli?nten of zijn afnemers ? de terminologie is afhankelijk van de werksoort. Co-creatie, coproductie, partnerschap?? modieuze termen die desalniettemin op een wezenlijke verandering wijzen. Een?nieuw soort professionaliteit dient zich aan.

Een bericht als de twittersurveillance verwijst ten derde naar een nieuwe verhouding?tussen staat en burger. In het twitterverkeer tussen de wijkagenten en hun
volgers schuilt een nieuwe vorm van legitimiteit van de overheid. Je zou met?enige goede wil zelfs kunnen spreken van directe democratie. Met het wegkwijnen
van de twintigste-eeuwse ideologie?n verschrompelde ook het vanzelfsprekende?gezag van de politicus. In plaats van welbespraakt vertegenwoordiger van een
gedachtegoed dat de kiezer met hem deelt, is de politicus steeds meer op zichzelf?aangewezen om het zwevende electoraat te overtuigen. Men spreekt van een crisis?in de representatieve democratie ? de politicus is een tragische figuur geworden,?die het moet hebben van zijn eigen overtuigingskracht. Toch lijkt er, in de
woorden van Danielle Allen (2006), eerder sprake te zijn van een democratische?paradox: het geloof in de parlementaire democratie neemt weliswaar af, maar
gaat gepaard met een groeiende betrokkenheid bij de eigen omgeving. Zo hebben?de twitterende wijkagent en zijn volgers vast weinig boodschap aan de Nationale?Politie en haar beleidsplannen.

Zij trekken wel hun eigen plan: ?Dit is mijn surveillanceronde,?wat vindt u ervan???Het empirische onderzoek naar de rol van de twitterende wijkagent bevestigt de
betekenis die sociale media kunnen hebben voor de nieuwe verhoudingen die?groeien tussen overheid en burgers. Dat daarin juist de betrokkenheid van de
politie bij de buurt van cruciaal belang blijkt, bevestigt de theoretische voorspelling,?maar sluit ook aan bij de notie van gezamenlijkheid die zo sterk doorklinkt in
het debat over de participatiesamenleving.

Literatuur
Allen, D.S. (2006) Talking to Strangers. Chicago: University of Chicago Press.
Beunders, H.J.G., M.D. Abraham, A.G. van Dijk & A.J.E. van Hoek (2011) Politie en publiek.?Een onderzoek naar de communicatievormen tussen burgers en blauw. Amsterdam: Reed?Business.
Boutellier, J.C.J. (2013) Spontaniteit en regulering. Over de complexiteit van samenleven in de?21e eeuw en de relevantie van de sociale wetenschappen (diesrede Vrije Universiteit?Amsterdam).
Boutellier, J.C.J., R. van Steden, I. Bakker, A. Mein & W. Roeleveld (2011) De positie van de?politie. Een verkennende studie voor de strategische onderzoeksagenda politie. Apeldoorn:?Politieacademie.
Boverman, E., L. van Duijn, P. de Graaf & J. Ritzema (2011) Politie, twitter en gezag (Strategisch?Leidinggevende Leergang 7; scriptie Politieacademie Warnsveld).
Caem, B. van (2012) Buurtregie met mate. Over de spanning tussen nabijheid en distantie in de?relatie tussen politie en burgers. Amsterdam: Boom.
Dijk, T. van (2007) 100%. Een onderzoek naar het vertrouwen van burgers in de politie.?Amsterdam: Intomart.
Flight, S., A. van den Andel & P. Hulshof (2006) Vertrouwen in de politie. Een verkennend?onderzoek. Amsterdam: DSP-Groep.
Frissen, V., M. van Staden, N. Huijboom, B. Kotterink, S. Huveneers, M. Kuipers &
G. Bodea (2008) Naar een ?User Generated State?? De impact van nieuwe media voor overheid?en openbaar bestuur. Delft: TNO.
Hough, M., J. Jackson, B. Bradford, A. Myhill & P. Quinton (2010) Procedural Justice,?Trust and Institutional Legitimacy. Policing, 4(3), 203-210. DOI: 10.1093/police/paq027.
Jackson, J.P. & B. Bradford (2010) Different Things to Different People? The Meaning and?Measurement of Trust and Confidence in Policing Across Diverse Social Groups in London.?http://ssrn.com/abstract=1628546 of http://dx.doi.org/10.2139/ssrn.1628546.
Meijer, A.J., S.G. Grimmelikhuijsen, D. Fictorie & A. Bos (2011) Politie en Twitter, coproductie?en community policing in het informatietijdperk. Bestuurskunde, 25(3), 14-25.
Meijer, A.J., S.G. Grimmelikhuijsen, D. Fictorie, M. Thaens & P. Siep (2013) Politie & sociale?media. Van hype naar onderbouwde keuzen. Utrecht/Apeldoorn: Universiteit Utrecht/?Centre for Public Innovation/Politie & Wetenschap.
Murthy, D. (2012) Towards a Sociological Understanding of Social Media: Theorizing Twitter,?Sociology, 1-15, DOI: 10.1177/003803851142253.
Newcom Research & Consultancy (2013) Social Media in Nederland 2013. Grootste longitudinale?studie. Amsterdam: Newcom Research & Consultancy.
Ringeling, A. & A. Sluis (2011) Verkenning naar het thema ?gezag?. Een verkennende studie voor?de strategische onderzoeksagenda politie. Apeldoorn: Politieacademie.
Roodenburg, D.T. (2013) Weet wat je tweet (masterthesis Vrije Universiteit Amsterdam).
Sunshine, J. & T.R. Tyler (2003) The Role of Procedural Justice and Legitimacy in Shaping
Public Support for Policing. Law & Society Review, 37(3), 513-548.
Tyler, T.R. & Y.J. Huo (2002) Trust in the Law. Encouraging Public Cooperation with the Police?and Courts. New York: Russel Sage Foundation.
Vijver, C.D. van der (2006) Legitimiteit, gezag en politie. Een verkenning van de hedendaagse?dynamiek. In: C.D. van der Vijver & F. Vlek, De legitimiteit van de politie onder?druk? Beschouwingen over grondslagen en ontwikkelingen van legitimiteit en legitimiteitstoekenning.?Den Haag: Elsevier Overheid.
Vijver, C.D. van der & O.J. Zoomer (2004) Evaluating Community Policing in the Netherlands.?European Journal of Crime, Criminal Law and Criminal Justice, 12(3), 251-267.
Weyers, H. & M. Hertogh (2007) Legitimiteit betwist. Een verkennend onderzoek naar de ervaren?legitimiteit van het justitieoptreden. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen.
Beleidsdocumenten?Inrichtingsplan Nationale Politie, Ministerie van Veiligheid en Justitie, versie 3.0, december?2012.

WhatsApp groepen voor buurtpreventie: gemeente Eersel

whatsapp buurt

Door: Nicky Fischer-van de Vliert en Michiel Oldenhof

Een moderne en digitale vorm van buurtpreventie is WhatsApppreventie. Gebruikers kunnen met de mobiele telefoon via WhatsApp gratis met elkaar berichten uitwisselen en bestanden delen. Er zijn inmiddels steeds meer WhatsAppgroepen die op lokale schaal een buurt veiliger proberen te maken. Het grote voordeel van WhatsApp is dat je elkaar snel een berichtje kunt sturen en elkaar eventueel kunt waarschuwen. Een bijkomend voordeel is dat het tegelijkertijd leidt tot zeer intensieve sociale contacten. WhatsApp is een veel krachtiger middel dan ?de buurtpreventie oude stijl’, waarbij mensen op straat surveilleren. Iemand kan heel snel een heel grote groep mensen waarschuwen en eventueel ook foto’s meesturen.

Gemeente Eersel prikkelt, stimuleert en faciliteert
De gemeente Eersel stimuleert het gebruik van WhatsApp voor buurtpreventie. Michiel Oldenhof, veiligheidsco?rdinator gemeente Eersel: ?We merken dat buurtbewoners dit medium herkennen en priv? regelmatig gebruiken. Ze staan alleen nog niet massaal op als groepsbeheerder.?

Daarom heeft de gemeente onlangs alle secretarissen van de buurtverenigingen, dorpsraden en leefbaarheidsgroepen via e-mail benaderd om het item onder de aandacht te brengen. E?n buurtvereniging heeft vervolgens het initiatief genomen om politie en gemeente uit te nodigen voorlichting te geven over inbraakpreventie. Deze buurtvereniging gaat proberen draagvlak te krijgen voor een WhatsAppgroep. ?Dit is precies de route die we voorstaan. De overheid prikkelt, stimuleert en faciliteert waar mogelijk de initiatieven van de inwoners,? aldus Michiel Oldenhof.

Mensen vinden elkaar, werken samen en delen kennis en idee?n uit. Naast een initi?rende rol, wil de gemeente Eersel de groepsbeheerder per wijk op de website publiceren. Inwoners of ondernemers kunnen zo zien voor welke Whats-Appgroep zij zich willen aanmelden en bij wie. Het is aan groepsbeheerders zelf om op andere wijze kenbaarheid te geven aan hun WhatsAppgroep. Ze kunnen daarbij denken aan buurtverenigingen, leefbaarheidsgroepen of dorpsraden.

De gemeente denkt graag mee over het gebruik van de WhatsAppgroepen in de praktijk. Michiel Oldenhof: ?Mochten er een groter aantal WhatsAppgroepen ontstaan,?dan is het handig per groep ??n persoon (de groepsbeheerder) op te nemen in een aparte groep. In deze beheerdersgroep kunnen dan partners zoals de gemeente, jongerenwerker of andere groepsbeheerders berichten plaatsen die voor alle groepen interessant kunnen zijn?. De wijkagent neemt niet direct deel aan WhatsAppgroepen, maar kan de groepsbeheerders bijvoorbeeld via de telefoon, Twitter of met Burgernet informatie verstrekken die gedeeld kan worden.
Michiel geeft verder aan dat het duidelijk moet zijn dat de politie alleen in actie komt via een melding bij 112 of 0900-88444 (politie). Deelnemers aan een groep moeten zich bewust zijn van het doel en de spelregels die voor een groep gelden. Geef bij de groepsomschrijving bijvoorbeeld aan wat men mag verwachten en ook waarvoor de groep niet bedoeld is (zoals contact/priv?berichten).

Voorbeelden waarbij WhatsAppgroepen ingezet kunnen worden
Drie voorbeelden waarvoor wij denken dat WhatsAppgroepen van meerwaarde kunnen zijn:

?Vorige week liet ik rond de lunch de hond uit en zag in de verte drie jongens door de heg uit een tuin komen. Dankzij mijn melding werden zij op afstand in de buurt in de gaten gehouden. Als zulke jongens ergens een hekel aan hebben, dan is dat het. Ook werd direct de politie gebeld.?

?Twee mannen kwamen in mijn winkel en ??n van hen maakte met mij een praatje over energiezuinigheid. De ander maakte met zijn tablet beelden van mijn hele winkel. Nadat hij zijn verkenningsrondje gemaakt had was het gesprek snel afgekapt. Ik had er geen goed gevoel bij en heb via de WhatsAppgroep van mijn collegawinkeliers gewaarschuwd.?

?Bij de supermarkt zag ik wat rare types bij de winkelwagentjes. Ze hadden een doos met boodschappen laten vallen, spraken me aan en vroegen mijn hulp bij het oprapen. Na het rapen van wat sinasappelen zag ik dat er ??n van de drie bij mijn karretje met daarin mijn handtas stond. Ik vertrouwde het eigenlijk niet en heb een Whats-Appberichtje gemaakt. E?n van de groepsappleden reageerde dat dit wel een melding voor de politie is. Dat hielp me over de drempel om de politie te bellen.?

Whats-app inzetten voor buurtpreventie Eersel

Vijf tips voor het inzetten van WhatsAppgroepen
Vanuit onze ervaringen, hebben we vijf tips opgesteld voor gemeenten die WhatsApp willen gaan inzetten:

1. Denk goed na over de beheerder van de groep
Als beleidsambtenaar of wijkagent kun je natuurlijk zelf een WhatsAppgroep starten. Jij bepaalt dan zelf wie deelnemen in het gesprek. Het voordeel is dat je misbruik van een WhatsAppgroep voor koetjes en kalfjes meteen kan tegengaan. Een nadeel is dat je via WhatsApp ook vragen binnen kunt krijgen die niet bijdragen aan het doel van de groep. Wat doe je als iemand een vraag stelt over openingstijden van het gemeentehuis in een groep die bedoeld is als buurtpreventie? De kans dat iemand een dergelijke vraag stelt aan een willekeurige wijkbewoner is kleiner.

2. Een WhatsAppgroep kan maximaal 50 deelnemers hebben
De meeste voorbeelden van WhatsAppgroepen zijn momenteel buren die gezamenlijk de buurt in de gaten houden. Zij delen informatie over verdachte personen snel?via de WhatsAppgroep. Tot vijftig personen ondersteunt WhatsApp dit uitstekend. Wil je echter een hele wijk bereiken, dan loop je aan tegen de beperking dat Whats-App maar 50 leden in een gesprek toestaat.

3. Ongeveer 75% van de Nederlanders heeft een smartphone
De opmars van de smartphone is heel snel gegaan, maar nog steeds niet iedereen heeft een smartphone. WhatsApp is een app die vrijwel elke bezitter op zijn?smartphone heeft. In februari nam Facebook WhatsApp over en leek het er even op dat veel mensen zouden stoppen met WhatsApp. Dat is echter niet gebeurd. Rond de overname meldden veel mensen zich aan bij bijvoorbeeld Telegram, een soortgelijke dienst als WhatsApp. Maar sociale netwerken zijn afhankelijk van de hoeveelheid gebruikers die ze hebben en omdat de meeste mensen WhatsApp ook bleven gebruiken is Telegram niet echt van de grond gekomen als vervanger van WhatsApp. Uiteindelijk bleek dat er alleen nog meer mensen gebruik zijn gaan maken van WhatsApp. Vooral mensen die voor de overname van Facebook nog niet bekend waren met WhatsApp.

4. WhatsApp is niet het einde van een ontwikkeling, kijk dus ook verder
In feite is WhatsApp een mobiele versie van het vroegere MSN en, nog oudere, ICQ. Het is te verwachten dat deze lijn doorzet. FireChat laat bijvoorbeeld zien dat een techniek als Open Garden – waarbij je contact maakt zonder een internetverbinding – weer hele nieuwe mogelijkheden gaat bieden. In hoeverre wil je daar nu al op inspelen?

5. Zorg ervoor dat niet alleen insiders weten van de WhatsAppgroep
De kracht van ieder netwerk is de flexibiliteit. Maak het bestaan van de groepsgesprekken kenbaar op andere kanalen, zoals Eersel doet via de wijkraden en haar?website. Zo krijgen ook relatieve buitenstaanders de kans om deel te nemen.

Spelregels WhatsAppgroepen
Naast deze tips, vinden wij het handig om van te voren een aantal spelregels af te
spreken over de buurt- en/of ondernermersgroep. Denk daarbij aan zaken als:

  • Deelnemers hebben minimaal de leeftijd van 18 jaar.
  • Deelnemers zijn woonachtig/gevestigd in de gemeente Eersel.
  • WhatsApp is een burgerinitiatief.
  • Laat door middel van een WhatsAppbericht aan elkaar weten of 112 al gebeld is!
  • Let op het taalgebruik. Niet vloeken, schelden, discrimineren en dergelijke.
  • Speel geen eigen rechter en overtreedt geen regels/wetten.
  • Het versturen van foto?s van een verdachte is alleen toegestaan voor het verstrekken?van een signalement, wanneer dit voor de melding noodzakelijk/van meerwaarde?is. Daderkenmerken zoals geslacht, huidskleur, lengte en gezicht kunnen?ook goed beschreven worden.
  • Denk bij voertuigen aan de kleur, het merk, het type en het kenteken.

Hoe werkt WhatsApp en het aanmaken van zo?n groep?
Wanneer je een groep maakt, word je de eigenaar van de groep en heb je het beheer
over wie lid kan worden van de groep. Je kunt een groep maken door:

  • Open WhatsApp en ga naar het scherm Chats.
  • Bovenaan het chats scherm, tik de [New Group] knop. Note: je moet een bestaande?chat hebben voordat je een nieuwe groepschat cre?ert.
  • Typ een onderwerp of titel voor de groepschat. Dit is de naam van de groep die?alle leden zien.
  • Voeg groepsleden toe door de [+] te selecteren, of door de naam van het contact?te typen.
  • Tik op de knop [Maak aan] om het aanmaken van de groep te be?indigen.

Bronnen: Eersel.nl, WhatsApp, Buurt WhatsApp, Emerce?en we plaatsten eerder al een artikel over het gebruik van whatsapp buurtgroepen om de veiligheid te verbeteren.

Dit artikel is eerder geplaatst in Digitale Dialoog, de sociale media almanak voor gemeenten.

Gesprek met de digitale wijkagent

boudewijnBoudewijn Mayeur werkt sinds 2011 als digitale wijkagent bij de Limburgse politie. Zijn werkterrein beslaat internet, sociale media als Facebook en Twitter, maar ook een politiebureau in?Habbo?Hotel. Over Habbo Hotel hebben we reeds een uitgebreid blog geschreven waar Boudewijns rol duidelijk is geworden. Maar hij doet uiteraard meer, dus werd het tijd om wat nader in te gaan op de gedreven digi-cop. Onlangs had De Limburger een gesprek met hem:

Ik wil dat jongeren ook online veilig zijn. Dus moet ik actief zijn in hun wereld. En daar hoort ook internet bij. Dus speurt Boudewijn Mayeur (42) op het web naar signalen van misdrijven en misdragingen. Internet is voor hem ook een middel om in contact te komen met jongeren.

De internetspeurder is een gedreven prater. De ICT’er van oorsprong strooit kwistig met computerbegrippen, zoals over het feit dat hij geen `analoge wijk’ heeft en over mannen die meisjes benaderen voor `analoge seks’. Vol vuur vertelt hij hoe mooi het is dat politiejunioren hem helpen (`dat is toch prachtig!?’) en jongeren geregeld met tips komen. Ze willen de politie helpen. Daar moeten we gebruik van maken. In de chatsessies die Mayeur wekelijks heeft met rond de honderd jongeren, komen tientallen vragen op hem af. Maar er zijn ook heftige zaken, die in een priv?-chat naar voren komen. Een meisje vertelde me dat haar vader vaak bij haar in bed kruipt. Dat is heftig. Maar kinderen zijn ook loyaal aan hun ouders. Toen ik zei: `Daar moeten we iets aan doen,’ reageerde ze: `Haal hem niet uit huis!’

Soms zijn problemen te voorkomen. Zoals die keer dat zich een soort Project X dreigde te gaan afspelen, ergens in Limburg. Mayeur kreeg signalen dat er veel mensen heen dreigden te gaan. Hij wil er niet al te veel over kwijt, maar stelt wel dat door duidelijk te maken dat de politie de zaak in de gaten had en door op tijd in te grijpen incidenten zijn voorkomen. Maar dat lukt niet altijd. Ik kreeg signalen dat ergens huiselijk geweld speelde. In het gesprek met de ouders kwamen we er niet uit. Daar voelde ik me niet goed bij. Toen ik de deur achter me dicht trok, dacht ik: krijgt ze nu klappen omdat wij hier zijn geweest? Online krijgt Mayeur geregeld signalen over huiselijk geweld. Een meisje meldde: `Ik word geslagen. Mijn ouders liggen in scheiding en hebben steeds ruzie.’ Dat is triest. Maar Mayeur neemt problemen niet mee naar huis. Hij probeert wel te helpen, maar is geen hulpverlener.

Hij moet zaken onderzoeken, maar mag zijn bevoegdheden pas gebruiken als er aanwijzingen zijn voor strafbare feiten. Hij vindt dat de politie wel wat meer bevoegdheden zou mogen krijgen, want de regels zijn niet afgestemd op internet. Soms gaat hij tot het randje om iemand te helpen. Zoals die keer dat een jonge man dreigde naaktfoto’s van een meisje op internet te zetten als ze niet verder zou gaan met seksuele handelingen voor de webcam. Mayeur benaderde hem en waarschuwde dat zijn gedrag strafbaar was en hij in de gaten werd gehouden. Dat hielp. Het stopte.

Zo nodig kan de politie de gegevens van iemand achter een Facebook- of Twitter-account opvragen. En via speciale zoekmethoden en beveiligde verbinding kan hij als internetrechercheur achter de identiteit van anonieme dreigers komen. Maar ook van hulpvragers. Toen een meisje dat misbruikt was door een familielid aangaf dat ze het leven niet meer zag zitten, seinde hij de politie in, die een inval deed. Dat vond ze niet leuk. Maar ik deed het in haar belang. Mayeur weet hoe kwetsbaar jongeren zijn voor misbruik op internet. Ouders hebben vaak geen idee wat hun kind online doet.Waar jongeren zijn, zijn ook pedofielen. Ik krijg bijvoorbeeld soms signalen van jongeren dat in?Habbo?Hotel iemand jongens van zestien benadert met de vraag of ze seks willen. Dat is niet strafbaar, maar ik hou hem wel in de gaten en geef het door. Bij de afdeling zeden was hij nog niet bekend. Daar kunnen ze ook een oogje in het zeil houden. Als hij bijvoorbeeld bij een kinderboerderij wil gaan werken, kun je je afvragen: is dat wel zo handig? Ik volg sommige pedofielen preventief online. Er ligt overigens een wetsvoorstel voor het intensiever volgen van veroordeelde zedendelinquenten.

Maar ik volg ook slachtoffers. Zodat iedereen ziet dat ik ze in de gaten houd. Overigens zijn niet alle pedofielen slecht, weet Mayeur. Ik moet objectief zijn en me van een oordeel onthouden. Maar een klein percentage van de pedofielen gaat over tot misbruik. Ze kunnen getrouwd zijn, maar wel seksuele gevoelens voor kinderen hebben waar ze nooit iets mee doen. Een enkeling praat daarover in de chat. Ook al wordt hij dan uitgescholden. Dat vind ik wel moedig.

Taken digitale wijkagent

Boudewijn Mayeur houdt digitaal spreekuur in zijn virtuele politiebureau in?Habbo Hotel. Daarnaast chat hij twee keer per week met jongeren. De digitale wijkagent geeft ook voorlichting over de gevaren van internet aan ouders, scholen en jongeren. Hij moet ook collega’s bewust maken van de mogelijkheden om sociale media in te zetten en online onderzoek te doen. Mayeur maakt agenten ook bewust van nieuwe gedragingen als stalken, online bedreigen en pesten. Digitaal pesten heeft grote gevolgen. Digitaal pesten is niet strafbaar, maar als ik zie dat het gebeurt, geef ik het wel door aan scholen. Die zeggen vaak: het gebeurt niet hier. Maar het heeft vaak wel gevolgen voor de school. Ik kende bijvoorbeeld een meisje dat niet meer naar school ging omdat een foto waarop ze deels ontkleed te zien is, rondgestuurd is.

Bron: Limburger?

 

Dilemma’s van Twitterende @wijkagenten

In de Volkskrant van dinsdag 5 augustus stond een aardig artikel over Twitteragenten. Inmiddels zijn er ruim 1.800 agenten die op Twitter hun ervaringen delen burgers om hulp vragen bij het oplossen van zaken. En ook Belgische agenten zijn aan het leren op Twitter en Facebook. De Antwerpse politie kreeg een paar maanden geleden al kritiek, onder meer omdat agenten racistische commentaren hadden gegeven op Facebook. En ook de afgelopen dagen kwamen er ongepaste opmerkingen na een vechtpartij in een caf?, waarbij de agenten hardhandig optraden. De?Antwerpse politie woordvoerder Sven Lommaert zegt erover: ?De agenten moeten beseffen dat wat ze op Facebook zetten niet kunnen beschouwen als een gesprek onder vrienden, maar dat iedereen dat kan meelezen en dat je daar andere regels voor moet hanteren.? ?Ook in andere landen is men nog veel lessen aan het leren, zoals in de VS, waar we eerder blogden over de #myNYPD actie en diverse andere politiekorpsen?die het daarna moeilijk?hadden met alle publieke kritieken.


ABC News | More ABC News Videos

Kortom, het ?levert diverse dilemma’s op, zoals wij die ook in ons boek Social Media DNA (hoofdstuk 5) beschreven hebben. Onderstaand een aantal concrete voorbeelden daarvan die ontleend zijn aan het artikel, met de tweets in kwestie.

De twitterende wijkagent?Wesley Wessendorp (382 volgers) stapt uit zijn auto en slalomt resoluut door het dichtgegroeide natte Castricumse bos. Hij is op weg naar een ondergrondse woning die op deze zomerdag geen ondergrondse woning meer is, maar een kuil van jewelste en die drie maanden eerder zijn digitale dilemma als twitterende wijkagent?blootlegde.

Het bijgevoegde kiekje gaf open huis: verscholen achter de bomen waren daar een dak, een kachel, een keuken, een houten vloer en levensmiddelen toebehorend aan een mens. Nu is hij hier voor de tiende keer, na die ene tweet en staart hij naar een afgraving waar alleen een rondslingerend deel van een kachelpijp nog naar de vorige bestemming verwijst. De tweet werd acht keer geretweet, vier keer als favoriet gezien en er volgden negen replies. @roelsint dacht aan een 1-aprilgrap en @martinsneijder wist zeker dat vakantiehuisjesmoloch Landal alweer illegaal zonder vergunning een proefmodelwoning had geplaatst. Het zag er best mooi uit, dat bouwwerk, daar niet van, maar het stond op het terrein van een psychiatrische instelling en er was geen bouwvergunning voor. Hij moest het zelfs met een speciale machtiging de eerste keer binnentreden, want voor de wet werd dit bijeengeraapte bouwsel als woning zien. Wie woonde hier? Het moest wel iemand zijn die hulp nodig had. Daar diende zich dan ook het digitale dilemma aan van de twitterende wijkagent. Als hij deze vondst op Twitter zette en het bericht zou talloze keren worden verspreid, zou hij erachter kunnen komen wie de bewoner was en kon die worden geholpen. Maar aan de andere kant werd de attractiviteit van deze geheime plek in het bos vergroot en zouden er veel mensen op af komen, zou er wellicht een heksenjacht volgen via Twitter, op de grote onbekende. Want hoe razendsnel en ongecontroleerd Twitter werkt, had hij al eerder gemerkt, twee weken eerder.

Er was een tip binnengekomen dat een meisje bijna een witte bestelbus was binnengetrokken. Er werd in Castricum en omgeving jacht gemaakt op een witte bus, zeker omdat het kenteken ook was gedeeld. De witte bus was overal gezien, dook overal op en er leken meer witte bussen te zijn dan lantaarnpalen. Uiteindelijk ging?Wessendorp zelf, zonder digitale burgerparticipatie, op onderzoek uit met een collega. Het bleek niks te zijn.

Op 15 mei 2013 meldde wijkagent?Wessendorp (36) zich op Twitter aan, net als de drie andere wijkagenten van Castricum. Het leek hem wel wat, eigentijds noodzakelijk en een manier om de jongeren te bereiken en de afstand tussen politie en burgers te verkleinen. Zijn motto: uit niets cre?er je alles. Zijn gebied bevat Bakkum en de wijk Kooimeer, een bereik van achtduizend mensen, in de zomer bijna verdubbeld door de twee aanwezige campings. Inmiddels heeft hij 263 keer getweet, veelal met zijn Blackberry en houdt hij zich een kwartier per dag ermee bezig. Twitter is nog net voor hem te doen. Als hij WhatsApp, Facebook, Instagram en som het allemaal maar op, er ook nog bij zou moeten moet doen, raakt hij in een digitale stress. Hij is een doener en hij weet dat hij met alles iets moet doen. Binnen enkele seconden moet hij voor elk probleem een oplossing bedenken, dus als die digitale stroom maar aanhoudt, verliest hij de rode draad als wijkagent.

Nu waarschuwt hij per Twitter en hoopt hij dat mensen reageren, omdat hij ook wel weet dat 75 procent van de zaken door de inzet van burgers wordt opgelost. Dus pas op voor #babbeltrucs en Ierse travellers die onder valse voorwendselen je huis binnenkomen. Hij maakt melding van dubieuze stroopwafels die huis aan huis worden verkocht. ‘Vertrouw je het niet, vraag om een ID.’

De vondst van een magere zeehond op het strand van Castricum is een foto waard, net als het omvergereden parkeerpaaltje. ‘Ook een paal aanrijden en wegrijden is een misdrijf. Getuige heeft het kenteken genoteerd. Top.’

En omdat wijkagent?Wessendorp ook van een beetje humor houdt, post hij bij een tweet een foto van een gevonden deel van een kunstgebit.

Wijkagent Wessendorp verlaat de kuil, en loopt terug naar zijn auto. De gehoopte hulpverlening aan de bouwkundig architect van de ondergrondse woning is er nooit van gekomen. Hij heeft wel een vermoeden wie het was, een bekende Castricumse Swiebertje, maar die ontkende alles. Inderdaad, de plek werd veel bezocht door nieuwsgierigen, maar een heksenjacht bleef gelukkig uit. De boel is keurig afgehandeld en opgeruimd. De twitterende?wijkagent?heeft zich niet laten verleiden om aan de lopende band over deze zaak te blijven twitteren. Zo zit hij niet in elkaar. Je moet wel wat te melden hebben.

Hoe het kan misgaan

De politie is op Twitter actief met ongeveer 1.800 accounts, van met name wijkagenten. In 2009, twee jaar na het begin van Twitter, werd het eerste ‘politieaccount’ aangemaakt. Agenten worden aangemoedigd om te twitteren omdat het de afstand tot de burgers verkleint.?In hoeverre de gestage toename van het aantal twitterende wijkagenten ook leidt tot meer opgeloste zaken, weet de politie niet. Wel zijn er hier en daar successen behaald door toedoen van oplettende twitteraars, zoals bij poging tot inbraak, het ontdekken van hennepkwekerijen, het voorkomen van zelfmoord. Ook meldden getuigen zich eerder. Als het gaat om noodoproepen heeft de politie nog steeds liever dat mensen eerst 112 bellen. Bevindingen die de politie via Twitter vergaart, komen indien ze van belang zijn, gewoon in een proces-verbaal om als bewijs in een strafdossier terecht te komen. Wijkagenten, soms het Twitcorps genoemd, hebben een twittercursus gevolgd. Daar gaat het bijvoorbeeld over fotograferen: dat mag alleen op plaatsen waar iedereen mag komen. Persfotografen hadden geklaagd dat de politie hen weghoudt bij bepaalde plekken die agenten vervolgens zelf fotografeerden en rondstuurden. Agenten zijn zelf verantwoordelijk voor de inhoud en hoeven die niet telkens voor te leggen.

De?tweet van het politiekorps in Bordesley Green, bij Birmingham, is in ieder geval?verkeerd gevallen. Een agent twitterde een cartoon over ?een nieuwe autogordel? die vrouwen in auto?s de mond snoert. ?45% less carr accidents?. Poging tot humor? Het geeft maar weer eens aan hoe dun de scheidslijn is op twitter, tussen een grap en een belediging. Het halve land viel over de tweet, de twitterende agent bood excuses aan maar is wel hoofdrolspeler in een intern onderzoek. ?Did the police officer who tweeted this image really think that women would laugh at this offensive sexist stereotype?? Engelse parlementari?rs hebben vragen gesteld hoe het mogelijk is dat dezelfde agenten die huiselijk geweld moeten bestrijden zulke foute grappen maken.

Behalve de Groningse rechercheur met zijn commentaar op de Gay Pride, kwamen ook enkele twitterende wijkagenten onlangs in het nieuws omdat hun twittergedrag niet in goede aarde viel.

oomaagenthoudtnietvaneennaaktevent.jpg.jpg

Terwijl een politieagent in Fort Worth juist openlijk aandacht vraagt voor homoseksualiteit, ook in het korps, en er op YouTube een filmpje van maakte:

In Rotterdam twitterde een?wijkagent?over een grote plas bloed (met foto) midden in de stad. Even later liet hij weten dat het hier ging om een door een slager omgegooide emmer. Na verontwaardiging over ‘de zieke grap’, liet de politie optekenen dat het om een ‘een onhandige tweet’ ging.

@agenthorecaFred uit Naarden tweette onlangs trots dat hij samen met een verdachte de ontknoping van Nederland-Mexico op de bank had bekeken. #MoetKunnen.

Vervolgens bleek dat de verdachte een 9-jarig meisje ernstig zou hebben mishandeld. De ouders van het meisje deden hun beklag over de twitterende wijkagent?die zo gezellig samen met zo iemand voetbal ging kijken en dat ook nog meldde op Twitter als zijnde een goede daad.

De wijkagent werd niet berispt om zijn twittergedrag. Het was niet handig geweest, erkende de politie, omdat in 140 tekens ‘de context’ rond de curieuze aanhouding niet kon worden uitgelegd. De?wijkagent?had de verhitte gemoederen tot bedaren willen brengen door bij de verdachte te blijven zitten.

Andr? SchuttenOok @wijkagentAndre uit Hengelo kreeg spijt van een tweet. Drie maanden geleden zette hij zijn nieuwe handwapen op Twitter, met de tekst: ‘Mijn nieuwe vriend voor de rest van mijn loopbaan. Ik zeg maar zo: Don’t F… with de?wijkagent!”Vervolgens werd het bericht tweehonderd keer geretweet en werd @wijkagentAndre?op Twitter neergezet als een op zijn wapen verliefde gestoorde diender.??Iemand zei dat ik de laatste kogel maar voor mezelf moest bewaren?, blikt de agent terug. Nu waarschuwt hij per Twitter, dus: pas op voor #babbeltrucs

Andr? Schutten is kort daarna op eigen initiatief gestopt met twitteren. Als agent zegt hij zich beknot te voelen in zijn vrijheid door Twitter. Zijn laatste tweet was woensdag 13 augustus 2014: ?Er zijn weer ?babbel?zigeuners actief. Poeier ze af en laat ze niet binnen (…).? ?Iemand reageerde dat het woord zigeuner stigmatiserend is. Een ander begreep niet wat ik met babbelzigeuners bedoel. Daar moet je dan weer energie in steken om dat uit te leggen. Ik ben er wel klaar mee.? Hij heeft er geen zin meer in om op Twitter elk woordje op een goudschaaltje te moeten leggen uit angst dat zijn boodschap door de buitenwacht verkeerd wordt ge?nterpreteerd. Dan maar niet.

Bronnen: Twitter, Volkskrant (5 augustus 2014), CopsInCyberspace.

Allemaal agent?

Als er op websites als GeenStijl een bericht wordt geplaatst over een laffe roofoverval of zinloos geweld zijn wij burgers er als de kippen bij om de daders op te sporen en publiekelijk aan de (moderne internet) schandpaal te nagelen. Maar ook de politie zelf betrekt op grote schaal burgers bij opsporing en veiligheid.?Op 6 maart was er een uitzending van Zembla over burgeropsporing en buurtwachten. Hieronder de beschrijving van de site over de uitzending waarin experts als?Albert Meijer,?Bart de Koning en Diederik Greive hun mening delen.

De veiligheid is niet slecht in Nederland en de cijfers zijn in 2013 gedaald. Op grote schaal worden burgers betrokken bij opsporing en veiligheid. Bijna anderhalf miljoen doen mee aan Burgernet. En in meer dan 200 wijken en buurten zijn burgerwachten de ogen en oren van de politie. ’s Avonds patrouilleren ze door de straten, verdachte situaties worden doorgegeven aan de wijkagent. Veiligheid is een zaak van ons allemaal, zegt het kabinet, en de burger? mag best een handje helpen. Maar steeds vaker nemen burgers zelf het initiatief.? Ondernemers beginnen op Facebook hun eigen Opsporing Verzocht. Op het internet wordt jacht gemaakt op dierenbeulen.? En pedojagers trappen de deur in bij vermeende kindermisbruikers. ZEMBLA onderzoekt: Waarom willen zo veel mensen zelf politieagent spelen? En wat zijn de gevaren?

Op geen enkel ander terrein is de bereidheid van de burger om te participeren zo groot als op gebied van veiligheid.’, zegt Albert Meijer, hoofddocent publiek management verbonden aan de? Universiteit Utrecht. ‘Als mensen de politie helpen, dan is daar natuurlijk helemaal niks mis mee. Maar mensen kunnen? snel een stap te ver gaan.‘?Meijer doet onderzoek naar de rol van sociale media bij de politie.?‘Je ziet dat de politie steeds vaker de sociale media gebruiken om de burger te betrekken bij de veiligheid. Het is snel en goedkoop en je kan op een makkelijke manier veel mensen bereiken.

Zembla laat zien hoe in Nijmegen een twitterbericht van de dierenpolitie over een dode hond uitloopt op een bijna-lynchpartij.

Volgens publicist en privacy expert Bart de Koning lopen de gemoederen vooral hoog op als het gaat om dierenmishandeling of misbruik bij kinderen. ‘Op het internet wordt jacht gemaakt op ?een ponypletter?. Vermeende pedo?s worden ernstig bedreigd.? Als we niet uitkijken gaan er doden vallen.

Hieronder een deel uit de uitzending van ZEMBLA: ?Allemaal agent?, over de aanpak van dierenmishandeling door burgers:

 

YouTube

youtube-logo2In mei 2012 is YouTube is in Nederland het tweede social media platform (na Facebook) met 6,9 miljoen gebruikers, waarvan 1 miljoen dagelijkse gebruikers.?YouTube?is een?website?waar de gebruiker filmpjes kan publiceren en in ruil daarvoor zijn exclusieve vermenigvuldigings- en auteursrechten afstaat. De?slogan?van deze website is?YouTube, Broadcast Yourself. De?uploader?kan de film voorzien van?tags?(trefwoorden, op de?Nederlandse?versie van YouTube ‘labels’ genoemd) die een niet-hi?rarchische classificatie mogelijk maken. In februari 2005 opgericht door drie medewerkers van?PayPal en nu eigendom van?Google.

In?juli 2006?werden er zo’n 65.000 filmpjes per dag op deze site gezet en zouden er meer dan 100 miljoen filmpjes per dag bekeken worden.?Volgens een artikel in de?The Wall Street Journal?in augustus?2006?telde de website 6,1 miljoen video’s, die een totale opslagruimte van circa 45?terabyte?tellen.?Beginnende artiesten hebben hun groeiende populariteit te danken aan hun video’s op YouTube. De?Nederlandse?Esm?e Denters?is een goed voorbeeld: enkele platenmaatschappijen in de Verenigde Staten zijn vanwege de populariteit van haar videoclips op YouTube in 2007 met haar in gesprek gegaan. En ook?Justin Bieber?werd ontdekt via YouTube.

Tot nu toe heeft de politie regelmatig gebruikgemaakt van YouTube om zaken op te lossen. Soms zetten de daders zich trouwens zelf op de kaart. Dat overkwam een zestienjarige jongen uit Den Haag die vanaf een balkon met een gaspistool schoot. Om het filmpje daarna met de nickname Den Haag Gangster op YouTube te zetten. De straat, het portiek en de voordeur op de film waren voor de politie genoeg om de jongen op te sporen. De vader klaagde GeenStijl daarvoor ook aan:

YouTube kan ook op andere manieren nuttig zijn. Voor de opsporing van vermiste kinderen bijvoorbeeld. Het International Center for Missing & Exploited Children zette samen met YouTube een nieuw videokanaal op: Find Madeline Campaign, speciaal voor het plaatsen van video?s van vermiste kinderen (youtube.com/DontYouForgetAboutMe).

Rechtzaak of adoptie?

Sinds de overname door Google spannen steeds meer bedrijven rechtszaken aan tegen de website, waaronder de?Premier League?vanwege onrechtmatig gebruik van voetbalbeelden. Sommige bedrijven, waaronder de?BBC,?VEVO?en?Samsung?sluiten juist contracten met YouTube af om hun videoclips te laten vertonen op de website. Dit geldt ook voor verschillende muziekproducenten als?Nuclear Blast?en?Sony BMG. Daarnaast zijn ook voetbalclubs actief op YouTube. Onder andere?PSV?en?Ajax?hebben een eigen kanaal met filmpjes van zaken omtrent de club. Op?14 november?2006?werd YouTube overgenomen door?Google?voor een bedrag van 1,65 miljard?dollar

Op?8 maart?2007 werd YouTube geblokkeerd in?Thailand.?Vooralsnog zijn de redenen van de blokkering onduidelijk, geruchten spreken van voor de regering negatieve filmpjes. Het Thaise?ministerie?van ICT blokkeert regelmatig websites, inmiddels zijn er enige tienduizenden websites geblokkeerd. Ook de?CNN- en?BBC-websites en -tv-uitzendingen worden regelmatig tijdelijk geblokkeerd wanneer er voor de Thaise regering ongunstig nieuws is. Vanaf 30 augustus 2007 was YouTube niet meer geblokkeerd in Thailand, maar de landen?Iran,?Brazili??en?Pakistan?hebben ook ??n of meerdere keren de website geblokkeerd. In?China?is YouTube nog steeds geblokkeerd en ook in?Turkije?is YouTube circa vier jaar ontoegankelijk geweest wegens video’s die grondlegger?Mustafa Kemal?zouden beledigen.?Desondanks maakte de Turkse Premier?Erdogan?er via een?proxy?gewoon gebruik van, net zoals miljoenen andere Turken. De site stond derhalve ook in Turkije in de top 10 van meest bezochte sites.?In 2011 werd de YouTube-blokkade in Turkije opgeheven, nadat ook president Abdullah Gul zich tegen de blokkade had uitgesproken via Twitter.

Vele instanties maken gebruik van YouTube voor verspreiding van hun boodschap zoals Al Jazeera, maar ook het Nederlands Koninklijk Huis

Een achtergrondfilm over gebruik van YouTube

Burgemeester Opstelten spreekt jongeren aan via YouTube

‘Het is uit, basta’. Met deze woorden spreekt burgemeester Ivo Opstelten van Rotterdam de jongeren van zijn stad toe. Niet op televisie, of tijdens een bijeenkomst, maar in een filmpje dat op YouTube te zien is. Op deze manier wil de burgemeester alle tramvandalisten een laatste keer waarschuwen: houd op met rotzooi trappen en gedraag je in het openbaar vervoer. Anders kom je de tram niet meer in.

Overvaller van pompstation gepakt met hulp YouTube

De politie heeft met succes YouTube gebruikt om een verdachte van een overval op een tankstation op te pakken. Bijna 40.000 mensen bekeken de filmbeelden die Hollands Midden op de site plaatste. Vier tips kwamen binnen die alle naar dezelfde verdachte, een 27-jarige Leidenaar, leidden. Hollands Midden gebruikte YouTube al langer voor algemene informatieverstrekking. Het was voor het eerst dat de filmpjeswebsite ook ingezet werd voor opsporing. De beelden van het tankstation waren niet erg helder maar volgens een politiewoordvoerster hebben mensen voor herkenning soms weinig nodig als ze iemand goed kennen.
Door het succes van deze zaak gaat de politie vaker opsporingsfilmpjes plaatsen.

Wil je Youtube iets veiliger maken voor je kinderen? Dat kan. Google schrijft zelf een aantal safety tips voor en raadt aan om YouTube in de veiligheidsmodus te zetten.

Vroegsignalering van een moord

Er zijn eerder voorbeelden geweest van aankondigingen van criminele activiteiten op YouTube. In California heeft de zoon van een Hollywoord regisseur het nieuwe TV kanaal gebruikt om een dag van te voren zijn ongenoegens te uiten en daden aan te kondigen. Hij ging op 12 plekken langs bij jongens en meiden van zijn school wat leidden tot 7 dodelijke slachtoffers. Op diverse nieuwssites zijn die slachtoffers via sociale media opgezocht en volgenden diverse reconstructies om het verhaal te kunnen vertellen, zoals deze.

Twitter

Twitter is een internetdienst waarmee gebruikers korte berichtjes van maximaal 140 tekens publiceren. Net als bij Facebook heb je hier een profiel (een digitaal personage). Een bericht via Twitter versturen heet twitteren (of tweeten), dat kwetteren betekent. Het logo van Twitter is dan ook een vogeltje. Twitteren is real-time communiceren via een microweblog op een pc, mobieltje, smartphone of andere mobiele apparaten met een internetaansluiting, vaak ook via een app zoals Tweetdeck of Hootsuite. Twitter wordt ook steeds vaker door bedrijven gebruikt voor marketing. In dit boek hebben we al kunnen lezen over het nut van de twitterende wijkagent waarvan er in Nederland nu al duizend zijn. Maar ook twitterende criminelen zijn nuttig. Die maken het de politie soms wel heel gemakkelijk.

In San Francisco stuurden bendeleden elkaar een waarschuwing via Twitter: ?Een van ons is een verklikker.? Het klinkt als een slecht sprookje, maar ze wisten dus niet dat hun tweets werden gevolgd door de politie. Vermoedelijk via een valse alias, want je gaat natuurlijk geen bende volgen onder de naam @SanFranciscoPolice. Twitter en Facebook zijn populair onder Amerikaanse bendes. Daardoor vormen ze een belangrijke informatiebron voor de politie. Volgens sommige berichten zetten criminele bendes zo veel materiaal op social media dat het soms verrassend eenvoudig is om hele netwerken op te rollen.

Uitleg Twitter door collega Marcel Nieuwenhuis

De twitterende wijkagent

De Twitterende wijkagent from De Indruk | Audiovisuele Product on Vimeo.

Hieronder enkele quotes van twitterende politiemensen:

‘Tweets kunnen reacties opleveren’. ,,Het is een extra manier, bovenop bestaande werkwijzes, om nog beter over en weer contact te krijgen met de burger, ook met mensen die je anders niet bereikt”
,,Over het algemeen leveren de tweets reacties op en kun je er bruikbare informatie aan over houden.”
,,Ik merk dat mensen die informatie niet zozeer naar mij tweeten, maar naar aanleiding van een tweet bellen of een mailtje sturen.”
,,Het is een mooi extra middel bovenop je bestaande contacten en werkwijze. Mensen zien met een foto direct waar het om gaat.”
,,Ik bent dan makkelijk aanspreekbaar over mogelijke ergernissen of voor zomaar een praatje. Maar ik kan natuurlijk niet overal tegelijk zijn. Ik merk dat in die zin twitteren ook wat toevoegt. Mensen ervaren twitter als een snelle, directe manier om persoonlijk contact te leggen met de wijkagent. En het is net even wat minder moeite dan een telefoontje of een emailtje.”

Achtergrondreportage over ?gebruik van Twitter op TV-Noord

En een grappig filmpje over het gebruik van Hashtags van Jimmy Fallon en Justin Timberlake:

Grapje op zijn tijd, of altijd serieus werk?

Wijkagent op de vingers getikt om kruiptweet

De Amsterdamse wijkagent die twitterde over een kruipende sm-slaaf werd door de politie op de vingers getikt. De kruiper in kwestie is inmiddels opgepakt.?De politie had het enige tijd druk met de man, die slechts gekleed in zijn onderbroek door de Westelijke Grachtengordel kroop.

Wijkagent Misha Nauman twitterde dat hij deze week meermaals werd geconfronteerd met een man die in witte onderbroek door de wijk kroop of liep, in opdracht van zijn meesteres.”Hier gaan wij natuurlijk zakelijk mee om……. (maar ondertussen #woehahahaha)”, schreef hij.?”Deze week worden wij, bij herhaling, geconfronteerd met een man met een missie. De eerste keer liep hij, gekleed in slechts een witte onderbroek, met een speen in zijn mond door de wijk. De tweede keer kroop hij, nog steeds gehuld in de befaamde witte onderbroek, maar nu voorzien van hoge zwarte laklaarzen, door de wijk. Dit moest hij allemaal doen van zijn meesteres. Hier gaan wij natuurlijk zakelijk mee om……. (maar ondertussen?#woehahahaha)” (Bron: Twitlonger)

“Wat mij betreft had dit niet mogen gebeuren. Het was een bericht in de categorie leedvermaak. Er is van alles mis met mensen en daar zit meestal een verhaal achter. De wijkagent wordt erop aangesproken”, laat een woordvoerder van politie in Amsterdam weten.?De wijkagent mag de tweet overigens laten staan en zal verder geen consequenties ondervinden van zijn bericht. De ‘slaaf’ is aangehouden wegens ordeverstoring en gehoord.

Bronnen: NRC, Telegraaf