Google Person Finder

Google lanceert Person Finder voor Japan

Google Person Finder werd ontwikkeld na de grote aardbeving in Ha?ti in januari 2010. De site is gebaseerd op het Katrina PeopleFinder Project dat werd opgezet door ruim 4000 vrijwilligers na orkaan Katrina. De Amerikaanse regering had hierom gevraagd omdat het zich grote zorgen maakte over de wirwar aan lijsten met vermisten die in omloop waren. Google heeft dit project in 2010 overgenomen.

Doel is het om mensen te helpen weer in contact te komen met vrienden en familie. Na de grote Japanse tsunami werden meer dan 600.000 personen ingevoerd. De Person Finder dienst kan op een mobiele telefoon worden gebruikt, maar ook via een website worden geraadpleegd. Ontwikkelaars kunnen de code eenvoudig opnemen op een website. Gebruikers van de People Finder kunnen de data ook lokaal opslaan of exporteren en dan vergelijken met een hun eigen bestaande database.

De Googe Person Finder dienst maakt onderdeel uit van Google.org, de filantropische organisatie van Google. De zoekgigant gebruikt jaarlijks ??n procent van de winst voor goede doelen. Zo houdt Google.org zichonder meer bezig met goedkope energie en het ondersteunen van kleine bedrijven, maar probeert ze ook tijdens grote rampen zoals de aardbeving in Turkije hulp te bieden.

Gebruikers kunnen via de site aangeven dat iemand vermist is door een mini-dossier met personalia aan te maken, tevens kan er een persoonlijke oproep of een foto aan toe worden gevoegd. Als iemand informatie over een vermist persoon heeft kan hij/zij hier vervolgens op reageren. Ook de vermisten zelf kunnen aangeven waar ze zich bevinden. Als de ramp onder controle is en de meeste vermisten gevonden zijn worden de gegevens weer verwijderd en wordt de site weer offline gehaald. De site is namelijk alleen online als er ook daadwerkelijk een ramp is geweest.

Google Person Finder

Ook tijdens de aanslag bij de Boston Marathon werd?Google People Finder gebruikt en konden mensen zien of hun bekenden zich al hadden?gemeld. De Boston Globe heeft daar ook een Google Docs document gemaakt waar mensen plaats bieden aan gestrande mensen om te overnachten. En ook het Amerikaanse Rode Kruis bood?een vergelijkbare tool voor het vinden van bekenden.

De site werd onder meer ingezet bij de volgende rampen:

Bronnen: Wikipedia, Google Person Finder

 

SMC Amsterdam: rol van sociale media bij (georganiseerde) misdaad

Voor het eerste event van seizoen 2013/2014 zijn we te gast bij?OMspaces?aan de Herengracht, een mooie plek midden in de stad waar het Openbaar Ministerie verschillende bijeenkomsten organiseert. Na een welkomstwoord van bestuurslid?Gitta Bartling, een korte toelichting op?de veranderingen binnen SMC Amsterdam?en het voorstellen van ons nieuwste bestuurslid?Ghislaine Peters, gaan we van start?

Misdaadbestrijding 3.0 & Opsporingscommunicatie

Bart Driessen?werkt al bijna 40 jaar bij de Politie Amsterdam-Amstelland, waar hij inmiddels?verantwoordelijk is voor opsporingscommunicatie. Hij houdt zich dagelijks bezig met de vraag: hoe zet je verschillende communicatiemiddelen zo effectief en effici?nt mogelijk?in om verdachten van misdrijven?op te sporen? Van groot belang hierbij is het zogenaamde?framing; de bewoording die je gebruikt in je opsporingsbericht en de informatie die je wel of juist niet vrij geeft.

Om het publiek te bereiken worden persberichten en televisieprogramma?s zoalsOpsporing Verzocht?en?Hart van Nederland?ingezet. De Politie maakt nog steeds gebruik van deze middelen, maar merkt ook dat de afhankelijkheid van deze traditionele media de snelheid uit het onderzoek kan halen. In de zomer zendt?Opsporing Verzocht?niet uit. Hoe bereik je mensen dan? Het antwoord is via de website?Politie.nl/gezocht. Op deze site staan alle opsporingsberichten uit heel Nederland. Je kan er zien welke misdrijven bij jou in de buurt zijn gepleegd en welke verdachten daarbij worden gezocht. De berichten worden automatisch doorgezet naar verschillende website via RSS, maar ook naar het Twitter-account van de Politie. Zo worden duizenden mensen bereikt.

2013-09-18 - Bart Driessen

Bart leert ons meer over opsporingscommunicatie aan de hand van een aantal cases. De eerste case gaat over de mishandeling van een meisje in een Amsterdams zwembad. Ze werd daar door twee andere meisjes in elkaar geslagen. Het voorval was opgenomen door de bewakingscamera?s van het zwembad en de beelden (alleen van de verdachten,?niet?van de mishandeling zelf)?werden ? na het verplichte overleg met het Openbaar Ministerie ? door de Politie op YouTube geplaatst. Nieuwswebsites namen de video over en binnen 5 dagen kwam de moeder van ??n van de daders haar dochter aangeven. De dader was nu zelf slachtoffer geworden. Ze werd door haar klasgenootjes bedreigd, die de beelden op YouTube ook hadden gezien.

Content, zoals de genoemde video, is een soort ruilmiddel geworden. Nieuwssites zijn voortdurend op zoek naar dit soort content en de Politie kan het bereik van deze sites goed gebruiken bij hun opsporing. Door de inzet van nieuwe media is het oplossingspercentage al met 15% gestegen, maar in de toekomst wil de Politie nog sneller kunnen handelen. Ze zouden meer op een GeenStijl-achtige manier verslag willen kunnen doen, waardoor ze minder afhankelijk zijn en misdrijven effici?nter en effectiever kunnen oplossen.

Sociale media, DNA van de opsporing

Dit sluit mooi aan op het korte verhaal van?Frank Smilda?(Politie Noord-Nederland), die ons vertelt dat de informatie op sociale media wat hem betreft het nieuwe DNA van de opsporing is. Alle informatie die mensen hier zelf op plaatsen zijn van grote waarde voor het oplossen van misdrijven en het opsporen van verdachten. Op de websiteSocialMediaDNA, die hij samen met?Arnout de Vries?(TNO) is gestart, lees je er veel meer over.

Deze nieuwe middelen brengen echter wel een aantal dilemma?s met zich mee. Deze dilemma?s werden eerst door Frank en Arnout toegelicht en daarna in break out sessies verder behandeld.

2013-09-18 - Arnout de Vries

Dilemma 1: Hoe ga je als veiligheidsorganisatie om met bedreigingen via sociale media? Moet je bij ieder bericht ingrijpen of wacht je totdat er veel geklaagd en gebuzzt wordt? En wat is veel? De groep geeft aan, dat dit afhangt van de context. Wat is de impact van de dreiging? Hoe is er omgegaan met eerderde, vergelijkbare berichten en problemen? Iemand zal dit moeten uitzoeken. Volgens de groep kan de wijkagent daarin een belangrijke rol spelen, maar ook burgers kunnen helpen. Er wordt gesproken over gezamenlijke dossiervorming, het inhuren van een bureau of jongeren die hierbij kunnen helpen. Tenslotte wordt nog het verschil tussen een melding en een aangifte benadrukt. Op het moment dat je ergens aangifte van doet,?moet?de Politie daarmee aan de slag gaan. Een melding?kunnen?ze naast zich neerleggen.

Dilemma 2: Wie bepaalt wat een echte dreiging is en of die impact heeft op onze veiligheid? Veiligheidsorganisaties? De overheid? Het sociale platform waarop mensen zichzelf organiseren? Of de burger zelf? Met het uit de hand gelopen Project X feest in Haren (2012) vers in het achterhoofd, gaat de groep aan de slag. Hoewel de veiligheidsorganisaties wel een?worst case scenario?hadden benoemd, hadden ze dit niet uitgewerkt. Ze werden overvallen door de kracht en snelheid van (sociale) media, waardoor het feest uit de hand kon lopen. Er is echter wel veel van geleerd. Arnhem ging een paar maanden later volledig op slot, toen daar een dergelijk feest werd aangekondigd. Iets dat sinds de Tweede Wereld Oorlog niet meer is voorgekomen.?Oplossingen vanuit de groep zijn: in een stadium vroeg stadium virtueel contact zoeken met de doelgroep, maar ook met influencers. Luister goed naar hen, leer veel en probeer te duiden. Op basis daarvan kan je voorspellingen doen, een draaiboek maken, protocol opstellen, maar ? net zo belangrijk ? een communicatie- en contentplan.

2013-09-18 - Frank Smilda

 

Dilemma 3: Hoe kan de Politie bij haar offici?le opsporingstaak sociale media en burgers effectief en effici?nt inztten, zonder de privacy van (potenti?le) criminelen ernstig te schaden? Hoe kan je eigenrecht voorkomen? De groep geeft aan, dat er veel burgerinitiatieven zijn. Zo zijn er straten met een eigen Facebook-groep. Binnen die groep worden buurtbewoners gealarmeerd als er dealers in de straat staan of iemand een fiets probeert te stelen. Helaas komt deze informatie nu nog niet bij de Politie terecht. Het zou fijn zijn als er vanuit de Politie een bepaalde structuur (een soort vast grid) wordt geboden, dat de burger kan gebruiken om meldingen te doen. Dit zorgt ook voor (h)erkenning bij de burger. Het lijkt de groep een goed idee als er meer analyse en duiding van data gedaan kan worden door gebruik te maken van sensoren en de meta data die foto?s en video?s bevatten. De Politie mag van de groep wel wat meer lef tonen: zoek de randen maar op van wat mag en wat wij als samenleving accepteren. Het is goed om de maatschappelijke discussie op gang te brengen.

Dilemma 4: Wat vinden wij acceptabel als het gaat om monitoring van ons gedrag op internet en sociale media? Hoe ver mag een veiligheidsinstantie gaan om het land en de brugers veilig te houden? De groep discussieert over het?profilen?wat veel commerci?le organisaties doen om ons producten en diensten te verkopen. Daar heeft de groep meer moeite mee, dan met het?profilen?van mensen om onze veiligheid te kunnen waarborgen. Wel wil de groep graag de optie hebben om op online netwerken aan te geven welke informatie ze wel en welke informatie ze juist niet willen laten zien. De optie om soms helemaal anoniem te zijn, spreekt mensen ook aan. Eigenlijk tot het moment dat iemand verdacht is en de Politie van het OM toestemming krijgt om iemand te volgen. In dat geval mogen veiligheidsinstanties alle gegevens hebben, zegt de groep. Tenslotte benadrukt de groep het belang van opvoeding / bewustwording: mensen moeten bewust gemaakt worden van het feit dat ze gemonitord worden ? zowel online, als off line. Alles wat je online doet, blijft daar echter altijd staan en de snelheid van deze middelen zorgen er ook voor dat er snel gestigmatiseerd wordt. Houd daar rekening mee.

Na de terugkoppeling vanuit alle groepen liet Frank weten blij te zijn met alle input. Hij gaf aan, veel geleerd te hebben van de discussies en inzichten van de SMC-leden. Wij waren op onze beurt erg blij met de komst van Frank en Arnout naar Amsterdam en het interessante verhaal van Bart. Een stuk wijzer was het voor iedereen tegen 22:00 uur tijd om aan de borrel te gaan. Het OM zorgde niet alleen voor de mooie locatie, maar ook voor de hapjes en drankjes. Veel dank daarvoor!

Wil je meer zien van deze avond? Bekijk dan?het fotoalbum?met fraaie foto?s van huisfotograaf?Daniel van de Wetering?op onze Facebook-pagina. Hoge resolutie foto?s kan je bij Daniel nabestellen.

Dossier opsporingsberichtgeving “8 van Eindhoven”

kopschoppers-621x328 Burgers betrekken bij de opsporing loont. Dit was eind januari te zien bij een mishandelingszaak in Eindhoven. Deze mishandeling in Eindhoven leidde tot een fel debat over de inzet van burgers bij opsporing. Nu de politie steeds vaker burgers betrekt bij politiewerk zal het debat over burgeropsporing nog wel een tijdje doorgaan. Deze blogpost geeft achtergrond en inzicht in het debat. Opmerkingen uit de media van gezaghebbende specialisten worden op een rijtje gezet.

Een reconstructie
Acht jongens (15 tot 19 jaar oud) uit Turnhout en omgeving gingen een nachtje stappen in Eindhoven. Op een gegeven moment ontstond er enige irritatie waarbij er eentje sloeg met een ketting tegen een fiets. Een voorbijganger – een 22-jarige student uit Oirschot – zei daar wat van. Dat schoot de jongens in het verkeerde keelgat. Ze sloegen en schopten de voorbijganger en lieten hem voor dood achter.
Drie weken later zorgde de politie ervoor dat de beelden van de mishandeling werden getoond op de regionale televisiezender Omroep Brabant. Een zaak die eerst niet opschoot beleeft door het raadplegen van burgers plots een doorbraak. Het filmpje werd door geschokte burgers verspreid via Facebook en Twitter. Binnen een paar dagen meldden drie Nederlandse jongens zich bij de politie in Eindhoven. Zij werden direct aangehouden en vastgezet.

Burgeropsporing:
Steeds vaker betrekt de politie burgers bij de opsporing, via de televisie, tiplijnen, en door het vrijgeven van?beelden via internet. En het werkt: misdaden worden vaker opgelost. Sterker nog, verdachten melden zich vaak spontaan bij de politie vanwege de publiciteit. Maar er is een keerzijde, want wat als de vrijgegeven beelden leiden tot een klopjacht op de daders? Foto’s en namen van de vermeende daders verschenen voluit op sociale media en sites als GeenStijl. Een onschuldige naamgenoot van een van de betichte mannen kreeg tientallen dreigtelefoontjes.

Het raadplegen en betrekken van burgers bij politiewerk is een trend. Niet voor niets vertelde hoofdofficier bij het?OM in Arnhem Nicole Zandee bij Pauw Witteman dat het ,,goed” is om burgers te betrekken. Het is effectief, vertelde ze: tv-programma Opsporing Verzocht heeft volgens wetenschappelijk onderzoek?geleid tot een significant hoger oplossingspercentage van misdaden.

Hier het fragment uit Pauw en Witteman:

Hier het onderzoek ten aanzien van Opsporing Verzocht:

In de NRC zegt universitair docent strafrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen Nico Kwakman er het volgende over:

Maar het betrekken van burgers maakt het OM ,,tot op zekere hoogte” verantwoordelijk voor de ,,dynamiek”?die daarna onder burgers ontstaat. ,,Als je burgers betrekt, bestaat het risico dat sommigen van hen te ver gaan.”?Kwakman noemt Winschoten, waar de politie afgelopen najaar op zoek was naar een pyromaan. ,,De?politie betrok de burgers. ‘Wees oplettend’, zei ze. Daar is op zich niets mis mee, maar burgers kunnen zo’n?instructie ook verkeerd opvatten. Zo van: als we de dader vinden, dan zullen we die eens een lesje leren.”?Tot dusver blijft het bij harde woorden van burgers die zich opwinden over de betreffende misdaad, zegt?Kwakman. ,,Maar ik houd mijn hart weleens vast, als ik merk hoe sommige burgers praten over laffe?vonnissen, of hoe ze praten over het recht op zelfverdediging in noodweersituaties.” En daarom, zegt?Kwakman, moet het OM duidelijk de grenzen aangeven aan de burger. Hij prijst het persbericht van het OM?dat opriep tot het stoppen met eigenrichting. ,,Maar stel: de politie raadpleegt burgers, en vervolgens gaat er?iets fout. Dan moet de politie zich wel achter de oren krabben”, aldus Kwakman. ,,Is er wel de goede?afweging gemaakt? Was er geen risico voor de verdachten?”

In hetzelfde NRC artikel reageert Diederik Greive, hoofdofficier van justitie verantwoordelijk voor de manier waarop de media worden ingezet om misdaden op te lossen:

“Zo’n afweging maken wij juist altijd. Zo wegen wij het privacybelang van de in beeld verschijnende verdachten af tegen het opsporingsbelang.” De inbreuk op de ?privacy, zegt Greive, wordt ,,be?nvloed door wat er gebeurt op sociale media. Dat wegen wij dus mee.” Maar, zegt hij, als het delict ernstig is, andere opsporingsmethoden tot niets leiden, en verwacht wordt dat het betrekken van burgers effectief kan zijn, dan ,,kunnen we de beelden naar buiten brengen”.?Verantwoordelijkheid voor de klopjacht werpt het OM verre van zich. Greive: ,,Wij staan voor de dingen die?wij doen. Niet voor de dingen die anderen doen.” Het zijn gebruikers van sociale media, het is GeenStijl, die?besluiten om verdachten om te dopen tot daders, en hun namen te publiceren. ,,Zeker”, zegt Greive, ,,je kunt?redeneren: als wij de beelden niet hadden vrijgegeven, was de hetze niet ontstaan. Maar daarmee hebben wij die niet veroorzaakt.” Laat ??n ding duidelijk zijn, zegt Greive: ,,Ik ben niet bereid de veiligheid van de?burger, of de gerechtigheid van een zaak op te offeren vanwege de grillen van twitterende burgers en?Facebook-users.”
Draai het eens om, zegt Greive. ,,Als we de beelden hadden achtergehouden, had u mij ook gebeld. Dan
had ik Kamervragen gekregen. Men had gezegd: on-be-grij-pe-lijk dat het OM geen beelden laat zien! Dan?had de roep om veiligheid en gerechtigheid de boventoon gevoerd. En dat mogen burgers ook van justitie?verwachten.” Het OM zal, zo zegt hoofdofficier Greive, niet uit zichzelf optreden tegen media die hebben bijgedragen aan de klopjacht. ,,Dat moeten we niet willen.” In geval van smaad, of van laster, kan men aangifte doen. Voor?zover bekend heeft nog geen van de verdachten dat gedaan.

Hier de reactie van Diederik Greive bij het NOS-journaal:

Het succes heeft ook duidelijk gemaakt hoeveel moeite politie en justitie nog steeds hebben om de krachten?van internet in te schatten, en waar nodig in bedwang te houden. De tijd is allang voorbij dat filmpjes alleen door handige computergebruikers verspreid konden worden. Iedereen kan dat, met de telefoon in de hand. En steeds vaker staat de politie voor de keuze: als zij niet zelf de beelden uitzenden, doen de ‘brutale media’ of burgers dat zelf wel.?Dat vergt nieuwe afwegingen en nieuwe inschattingen in de opsporing. Bijvoorbeeld: moet het altijd het?filmpje zelf zijn dat wordt uitgezonden, of is het soms beter om stilstaande beelden te kiezen? Of: wat?moeten de waarborgen zijn als de verdachten nog minderjarig lijken?

Het OM werkt met een richtlijn voor opsporingsberichtgeving. Het is van belang, meldt die richtlijn, dat er?rekening wordt gehouden met ‘het grote (en steeds grotere) bereik van verschillende mediavormen zoals het?internet. Ook moet rekening worden gehouden met de omstandigheid dat eenmaal gepubliceerde?berichtgeving zich niet meer zonder meer laat verwijderen of herroepen’. En wat betekent het als je naam en?je foto online altijd geassocieerd worden met een misdrijf waarvoor je je straf hebt uitgezeten, of – ernstiger -?voor een misdrijf dat je niet hebt gepleegd?
De Rotterdamse criminoloog Judith van Erp schreef: ‘Opsporing via internet leidt tot een gelijkwaardiger?relatie tussen politie en burger, maar dat leidt er ook toe dat burgers hun eigen invulling geven aan de?opsporing. Dit kan een aanvulling zijn op formele handhaving, maar ze kan ook tot gevolg hebben dat?opsporing gestart door de politie uitmondt in willekeurig en disproportionele reacties.’?Dat opsporing geholpen kan worden door internet – daar is iedereen het over eens. Maar een oplossing voor?de nadelen die daaraan kleven, lijkt voorlopig niet in zicht.

De eis van het Openbaar Ministerie:

Uitspraak rechter
Vanwege de ,,buitengewoon grote media-aandacht” voor hun daad gaf de strafrechter in Den Bosch twee van de vier verdachten van ernstig uitgaansgeweld lagere straffen dan ge?ist. De hoofdverdachte Brent L. (nu 18) kreeg tien maanden jeugddetentie, waarvan vier voorwaardelijk, terwijl twee jaar was ge?ist. Verdachte Tom K. (17) kreeg een half jaar, waarvan drie maanden voorwaardelijk. De rechter woog daarbij ook mee dat de jongens niet eerder delicten hadden gepleegd en spijt hebben betuigd.

De rechter verweet het openbaar ministerie dat het de beelden van deze ,,geweldsexplosie” aan de regionale televisie ter beschikking stelde zonder zich af te vragen of de identiteit van de verdachten ook op een minder belastende manier achterhaald kon worden. Niet alleen voor de verdachten, maar ook voor het slachtoffer, aldus de rechter. Als ,,minder ingrijpende opsporingsmiddelen” zag de strafrechter het verspreiden van stilstaande beelden van de afzonderlijke verdachten. Door ook de ,,geweldsexplosie” te laten zien kon het openbaar ministerie een golf media-aandacht verwachten, die ,,grote gevolgen zou hebben voor de persoonlijke levenssfeer van de verdachten, maar ook, zoals ook feitelijk is gebleken, van het slachtoffer”. De rechter zegt in het dossier geen aanwijzingen te hebben kunnen vinden dat het Openbaar Ministerie hierover heeft nagedacht. De officier van Justitie in Eindhoven had evenmin toestemming voor uitzending gevraagd aan de hoofdofficier, zoals wettelijk verplicht. De rechter weegt mee dat twee verdachten na de uitzending niet meer bij hun werkgever en hun opleiding welkom waren en ook niet bij sportscholen en uitgaansgelegenheden. De rechter neemt aan dat de beelden nog lang op internet beschikbaar blijven en ,,verstrekkende gevolgen” hebben voor de rest van hun leven. Een derde verdachte, die een gering aandeel had, kreeg een straf van twee maanden. Deze dader werd ontslagen, raakte zijn partner kwijt en werd tijdens zijn voorarrest zo ernstig bedreigd dat hij moest worden overgeplaatst. In de publieke opinie werd hij bovendien verantwoordelijk gehouden voor ,,veel verder gaande handelingen” dan hij had verricht. Deze verdachte moest enige tijd door de politie worden beveiligd. Een vierde verdachte werd vrijgesproken. Weliswaar stond hij ,,dicht op het geweldincident” maar hij leverde geen bijdrage.

Uitspraak van de rechter en achtergrond:

Super PG Herman Bolhaar over het hoger beroep in Pauw en Witteman:

Hoofdverdachte heeft spijt:

Onderzoek: ?Boeven vangen? via internet: beelden over criminaliteit in opsporingsberichtgeving

Rede over burger en opsporing van Mr. F. W. Bleichrodt

Bronnen: NRC, NOS, Geenstijl, PenW,

App: StopRob

stoprob

StopRob (oftewel ?Stop a Robbery?) ? de overvalpreventie app van Risicobesef. StopRob is een app die ondernemers de kans geeft om het publiek in te schakelen bij overvalpreventie. Daarnaast helpt de app politie en justitie bij de opsporing
van overvallers.

Hoe werkt de app?

Het slachtoffer (bijv een winkelmedewerker) drukt bij een overval op de paniekknop van de app. Daarna ontvangen burgers in de buurt meteen een waarschuwing: ?Opletten! Overvallers in de buurt! Ga niet de held uithangen maar hou uw oren en ogen open: ziet u een verdacht persoon? Kunt u een foto of video maken? Omschrijf hem: postuur, kleur huid, kleur haar, kleding. Hoe laat is het? Waar bent u nu?? Deze gegevens worden daarna verzameld op een centrale locatie waar politie en justitie deze gegevens kunnen raadplegen.

Speciaal voor ondernemers

Om misbruik te voorkomen kunnen alleen ondernemers (die bijv aangesloten zijn bij een brancheorganisatie) alarm slaan. Iedereen kan daarnaast StopRob downloaden en alarmmeldingen uit de buurt ontvangen. Natuurlijk is het niet de bedoeling dat burgers zelf het heft in eigen handen nemen bij een overval; StopRob legt duidelijk uit wat je moet doen bij een melding: opletten en signaleren. Dit sluit aan bij het beleid van de politie die bijv. wil dat burgers overvallers fotograferen.

iphone (2)

Bronnen: Beveiligingsnieuws, Risicobesef

 

 

BIN – Buurt Informatie Netwerk

BIN

De politie is in Den Bosch gestart met een speciale proef waardoor wijkbewoners via de mail van de politie te horen krijgen wat er bij ze in de wijk speelt. Het Buurt Informatie Netwerk, afgekort BIN, is een succes te noemen. De bewoners letten beter op en komen vaker met tips.

Wijkagenten in de buurt mailen iedere week belangrijke gebeurtenissen in de wijk naar een BIN-co?rdinator. Deze stuurt de mail vervolgens door naar de mensen die vrijwillig lid zijn geworden van het Buurt Informatie Netwerk.

Wijkbewoners waarschuwen
Wijkagent Turgay Aslan maakt iedere week een BIN-bericht voor de Maaspoort in Den Bosch. Hier zijn zo’n duizend mensen lid. “Hierin neem ik bijvoorbeeld opsporingsberichten en waarschuwingen op. Als we een tendens waarnemen in de wijk, willen we de wijkbewoners waarschuwen. Zo kunnen die bewoners ook opletten.”

Die berichten stuurt hij naar een BIN-co?rdinator. Een vrijwilliger die het bericht doorstuurt naar alle BIN-leden en de reacties erop als eerste bekijkt. Dat het niet direct naar de politie gaat is een voordeel.

Selectie maken
De reacties komen niet direct binnen bij de politie, maar bij de BIN-co?rdinator zoals Ilse van der Doelen die de eerste selectie maakt. “Wat je merkt is dat mensen kleine vergrijpen vaak niet doorgeven. Maar door een mailtje komen ze alsnog een actie en melden ze bijvoorbeeld alsnog die verdachte auto die ze donderdag zagen rijden.”

Niet alle berichten worden goed gelezen. “Ik merk dat mensen vooral reageren op vandalisme en overlast. Daar krijg je een stuk meer reacties op dan bij een woningoverval.”

Nog geen verdachten opgepakt
De proef heeft er nog niet voor gezorgd dat mensen zijn opgepakt, wel lijkt het erop dat mensen beter opletten in de buurt. Politie en gemeente in andere plaatsen in Nederland hebben interesse om het BIN-systeem in te voeren.

Bosschenaren helpen de politie door Buurt Informatie Netwerk, maar ook bijvoorbeeld in Antwerpen?of?Uden?wordt het succesvol ingezet. Bekijk het filmpje op Omroep Brabant.

Crime maps: inleiding

Misdaad in kaart

Per 28 oktober 2013 heeft de Nederlandse politie Misdaad in kaart gelanceerd. Er is gestart met het in kaart brengen van woninginbraken (zo’n 91.000 per jaar).

Op Misdaad in Kaart kun je zelf zien of en waar er de afgelopen drie maanden in je omgeving is ingebroken. Pogingen om in te breken worden getoond en de?kaart wordt dagelijks bijgewerkt. Vanwege de privacy van?gedupeerden inbraken in het midden van het viercijferige postcodegebied weergegeven.?Inbraak staat?in heel Nederland hoog op de agenda. Samen met veiligheidspartners zoals gemeenten en Openbaar Ministeries probeert de politie deze inbraakcijfers omlaag te brengen. Door voor iedereen zichtbaar te maken in welke postcodegebieden er wordt ingebroken, hoopt de politie dat men de nodige maatregelen treft om de kans op een woninginbraak te verkleinen.

Interview met Janine vd Berg, Nationale korpsleiding:

Crime mapping voor misdaad analyses

Crime mapping?wordt ook gebruikt door analisten bij de politie om hot spots van misdaad te identificeren en trends en patronen te ontdekken. Zo plot de politie Brabant al een tijdje overvallen op Google maps. In Geografische Informatie Systemen worden niet alleen misdaden in kaart gebracht, maar juist naar relaties gezocht met andere geografische objecten zoals scholen, bedrijfsterreinen en andere ” points of interest”.?Google maps wordt vaak gebruikt als een?mashup, waarbij?gegevens uit meerdere bronnen gecombineerd en gezamenlijk gepresenteerd worden.

CrimeReports heeft al meer dan 80 miljoen misdaden in kaart gebracht (USA) #BigCrimeData

In de Verenigde Staten worden de crimemaps door meer dan 30% van de bevolking gebruikt. De toename van het aantal gerapporteerde misdaden leidt volgens Public Engines, de aanbieder van CrimeReports, tot een grotere mate van transparantie en een toename in publieke veiligheid. Het gebruiksgemak betrekt burgers en moedigt ze aan om misdaden te melden, zodat ze aangepakt kunnen worden. De meldingen moeten leiden tot actiegerichte intelligence waar de politie naar kan handelen, maar zorgt daarnaast ook voor grotere betrokkenheid in de wijken waarbij politie, scholen en diverse overheden samenwerken met burgers. In de USA is CrimeReports de meest uitgebreide crimemapping dienst waarin geavanceerde analyses op los gemaakt kunnen worden.

Het online platform, welke nu toe is aan een 3.0 versie, is?ge?ntegreerd?met de publieke veiligheidsystemen waarin lokale misdaden worden opgeslagen en er tweeweg verkeer met de inwoners plaatsvindt over de afhandeling ervan. Ook is het mogelijk anonieme tips achter te laten.

Meer dan 1000 politie eenheden van uiteenlopende omvang zijn aangesloten door heel Noord Amerika en delen hiermee ook met elkaar informatie. Sinds 6 jaar wordt het systeem gebruikt, waarbij er elk jaar meer meldingen binnenkwamen. Op dit moment is het de grootste en meest up-to-date databank met misdaadgegevens.

Onderliggende criminologische theorieen gaan uit van het geografische gedrag van criminelen (zoals omgevingscriminologie uit de jaren 80), de?routine activiteitspatronen theorie?en?de?rationele keuze theorie. Pas recentelijk zijn crime mapping en de bijbehorende analyses ingeburgerd bij de standaard data analyse technieken. Geografische data analyse helpt om criminaliteitsgegevens beter te begrijpen in het waarom en waar misdaad nu juist plaatsvindt.

Misdaad analytici gebruiken deze intelligence bij hun beslissingen voor inzet van resources, strategieformulering en tactische analyses (zoals misdaad voorspellingen en geografische profiling).

Misdaadkaart.nl

Het is alweer enkele jaren geleden dat Robert Jan de Heer, internetmanager van de Volkskrant, een website maakte waarop hij alle?misdaden in Nederland in kaart bracht. De site bevat nog steeds informatie over misdaden waarover de Nederlandse?politie persberichten verspreidt. Misdaadkaart.nl bevat inmiddels meer dan 23.000 misdaden.
Waarschuwingskaart van de?Task Force Opsporing Vuurwerk Bommenmakers

De?waarschuwingskaart?is een kaart over?illegaal vuurwerk waarop?Task Force Opsporing Vuurwerk Bommenmakers vuurwerkgevaarlijke personen heeft ge?dentificeerd:

vuurwerk

Bronnen: PublicEngines?(5 februari 2013)

M- Moord: Facebookmoord

Winsie Hau werd op 14 januari 2012 op straat bij haar ouderlijk huis in Arnhem neergestoken. Zij overleed aan de verwondingen. Een vijftienjarige jongen zou die hebben toegebracht in opdracht van Winsie?s beste vriendin Polly (16). Polly en haar zeventienjarige vriend worden verdacht van het uitlokken van de moord. Winsie moest vermoedelijk een lesje krijgen omdat ze over Polly had geroddeld. Polly?s vriend ontkende echter dat hij iets met de moord te maken had. Hij wees zijn vriendin aan als opdrachtgever. Zij zou accounts van hem ? onder meer op Facebook ? hebben gebruikt om de moordopdracht te geven. Het OM meende echter dat de jongen wel degelijk actief was geweest om de steekpartij mogelijk te maken. Polly wees juist weer naar haar vriend. Wegens de ernst van de zaak wilde het OM hen volgens het volwassenenstrafrecht berecht zien. Men eiste vijf jaar cel met tbs. Die eis werd herhaald tijdens het hoger beroep in juli 2013.

Hier een aantal goede achtergronduitzendingen:

Haar vader Chun Nam Hau hoopt dat ouders en tieners gewaarschuwd zijn voor de gevaren van ruzies via internet. ‘Ik hoop dat deze zaak de mensen wakker kan schudden.??Kleine dingen kunnen via internet zomaar uit de hand lopen -?Vader Chun Nam Hau

Blinde woede
Joyce zou bij een onbenullige ruzie via Facebook haar vriendin Polly W. (toen 15) diep hebben gekwetst. ? Wesley liet daarop zijn dan pas 14-jarige ‘stapmaatje’ Jinhua K. opdraven die vervolgens met een mes naar de woning van Joyce ging, die hij vaag kende. Voor naar verluidt 100 euro stak Jinhua op 14 januari van dit jaar op Joyce in, ze stierf enkele dagen later in het ziekenhuis.

Wat de tieners exact heeft bezield, is nog een raadsel. Maar voor vader Hau is ??n ding duidelijk: het chatleven van zijn dochter en haar leeftijdsgenoten is een katalysator geweest in een onbenullige tienerruzie. ‘De wereld is veranderd sinds het internetgebruik,’ vertelt hij daags voor het proces.

Chun Nam Hau raakte gewond aan het gezicht toen hij zijn dochter Joyce wilde verdedigen.

Gevaren
‘De wereld is zoveel groter geworden met het gebruik van sociale media en mobiele telefoons. En de gevaren zijn daarmee ook groter geworden. Ik denk dat het te snel komt voor de kinderen. Ze zijn nog te jong.’

Rechtszaak openbaar
De rechtbank in Arnhem heeft vandaag besloten de zaak tegen de 15-jarige Jinhua K., die in januari het meisje Winsie Hau zou hebben neergestoken, in de openbaarheid te behandelen. De drie kinderrechters die de zaak behandelen, vinden dat het belang van de maatschappij om de feiten in de zaak te kennen zwaarder weegt dan K.’s persoonlijke belang. Rechtszaken tegen minderjarigen worden doorgaans achter gesloten deuren behandeld.

De rechtbank in Arnhem heeft maandag en dinsdag uitgetrokken voor de inhoudelijke behandeling van de strafzaken tegen drie jongeren van 15, 16 en 17 jaar, die verdacht worden van betrokkenheid bij de moord op een 15-jarig meisje uit Arnhem. Hoofdverdachte is een jongen, die zich op 14-jarige leeftijd voor een klein bedrag liet inhuren om het meisje in de deuropening van haar ouderlijk huis dood te steken.

De zaak staat bekend als de Facebook-moord, omdat de aanleiding voor de moord een ruzie op Facebook was. Het slachtoffer zou iets lelijks hebben gezegd over haar beste vriendin, de 16-jarige verdachte. Dit meisje klaagde bij haar 17-jarige vriendje, die vervolgens de nu 15-jarige jongen inhuurde om het Arnhemse meisje om het leven te brengen. De moord op de scholiere op 14 januari van dit jaar zorgde voor een grote schok in Arnhem.

Zaken tegen minderjarige verdachten hebben gewoonlijk achter gesloten deuren plaats. Maar omdat het om een ‘ernstige en uitzonderlijke zaak’ gaat, besloot de rechtbank eerder om die toch in het openbaar te behandelen.

De raadsman van het meisje verzette zich daar met succes tegen, zodat haar zaak alsnog achter gesloten deuren wordt behandeld. De advocaten van beide jongens willen dat ook. Daarover neemt de rechtbank aan het begin van de zittingen tegen die verdachten een besluit. Eerder oordeelde de rechtbank dat het belang van de openbaarheid boven dat van de privacy van verdachten gaat.

Bron: NOS,?AD,?EenVandaag

L – Loverboys


In bijna de helft van de gevallen van jeugdprostitutie is er een loverboy in het spel. En in de helft van die gevallen is het slachtoffer geworven via internet. Reden genoeg voor een voorlichtingsactie, Loverboy 2.0. De verleidingstactieken van een loverboy noemen we?grooming: aandacht, vleierij, cadeautjes en indruk maken met status. Voor je het weet heeft een loverboy je ingepalmd en begint de seksuele uitbuiting. Of moet je meedoen met criminele handelingen. In onderstaand filmpje vertelt een Rotterdamse politieman hoe het werkt: ?Het begint met verleiding en misleiding. Daarna volgt chantage, de ronselaar dreigt naaktfoto?s of seksfilmpjes op internet te zetten. Met al die social media heb je tegenwoordig heel veel technieken om iemand te chanteren. Excessief geweld, wat we vooral in het begin zagen, gaat steeds vaker over in psychisch geweld.

De Mooiste Chick van het Web’ is een voorlichtingsfilm over de ‘loverboy 2.0′. De film is bedoeld om jongeren voor te lichten over de risico’s van het gebruik van sociale media – die door loverboys steeds meer als werkterrein gebruikt worden. Daarnaast is de film bedoeld voor de omgeving van de kwetsbare groep slachtoffers; vriendinnen, ouders, leraren. Want hoe merk je nou aan je dochter, vriendin of leerling dat er iets aan de hand is? De film is geproduceerd in opdracht van het Ministerie van Veiligheid en Justitie en zal ingezet worden als voorlichtingsfilm op scholen door het hele land.

K – Kinderporno

Een achttienjarige Tilburger zette een zogenoemd misbruikfilmpje op internet waarop te zien was hoe een meisje van veertien seks had met meerdere jongens in de leeftijd van dertien tot zestien jaar. Ze werden gearresteerd voor verkrachting dan wel het verspreiden van een kinderpornografisch filmpje. PowNews bracht het filmpje op tv. Telefonisch en via Twitter kwamen enkele tientallen tips binnen. De tipgevers bevestigden dat de jongens en het meisje in het filmpje uit Tilburg komen. Burgemeester Peter Noordanus, plaatsvervangend districtschef van de politie Rianne Visser en rector Tomas Oudejans van het Theresialyceum – de school van het meisje – reageerden vol verontwaardiging op de uitzending van televisie PowNews maandagavond. Tijdens die uitzending werden de beelden getoond. In het filmpje lijkt het er op dat het meisje seks heeft met een jongen, terwijl drie anderen, onder wie de filmer, toekijken. In het filmpje valt het meisje voorover en vraagt een jongen ‘of ze moet huilen’.

De verontwaardiging van de burgemeester schoot televisieprogramma PowNews in het verkeerde keelgat. PowNews besloot volgens presentator Dominique Weesie de beelden te laten zien omdat de video v??r de uitzending via twitter ‘al 540.000 keer was bekeken’.

Op die video was het meisje herkenbaar in beeld. PowNews werd maandag ‘maar’ door 291.000 mensen bekeken. Weesie: “Noordanus heeft geen idee hoe social media werken.” Volgens Weesie werd het filmpje – ‘met onherkenbaar gemaakt meisje’ – door PowNews uitgezonden met de bedoeling ‘zo snel mogelijk’ de daders te pakken’. “Anders had de opsporing nog weken geduurd.”

Hier de uitzending van Pownews:

Bron: ?Pownews en BN/DeStem, 19 mei 2012 zaterdag

P – Pedofilie

GroomingEen Britse detective deed zich voor als veertienjarig meisje op Facebook: ?Binnen vijf minuten had het profiel drie berichten van mannen tussen twintig en veertig die ?asl? vroegen (leeftijd, geslacht en woonplaats). De mannen deden maar weinig moeite zichzelf te verbergen, misschien omdat ze denken dat ze ermee weg komen, zoals velen ook doen. (…) Sommige bouwden het traag op, eerst met een beetje small talk in tienertaal of vragen over mijn hobby?s. Maar al gauw kwamen de vragen: of ik al seks had gehad, met wie en of ik dat leuk vond. Anderen gingen nog verder en vroegen of ik het erg zou vinden iets seksueel te doen voor de webcam. Of ze vroegen of zij iets mochten tonen via de webcam. En ik was maar een uur online geweest!? Het zijn geen vieze oude mannetjes of engerds: ?Ze lijken heel verantwoordelijk en degelijk. Ze hebben zelfvertrouwen en weten precies hoe ze kinderen en tieners moeten benaderen. Ouders moeten zich realiseren dat pedofielen heel normaal lijken, ze vallen niet op. Ze hebben werk, en gebruiken de anonimiteit van het internet om zich uit te leven.? Het Engelse woord ‘grooming’ wordt vaak gebruikt voor dit soort zaken.

Uitleg Grooming

Grooming is het benaderen van en contact leggen met kinderen door een pedofiel met als uiteindelijke doel het mogelijk maken van seksueel contact door de seksuele drempels en remmingen van het kind te verlagen. De Nederlandse uitdrukking ‘kinderlokker’ komt hier dicht bij in de buurt, hoewel het niet hetzelfde is. Ook bij seksueel misbruik binnen een gezin kan sprake zijn van een groomingproces, waarbij de dader de normale familierelatie stap voor stap ‘ombuigt’ tot een seksuele relatie. Niet elke pedofiel die contact legt met kinderen heeft echter tot doel om seksueel contact te hebben met kinderen. Er dient dus een onderscheid gemaakt te worden tussen grooming en andere vriendschappelijke contacten tussen een pedofiel en een kind. Niet alle pedoseksuele contact gebeuren door pedofielen en lang niet alle pedofielen hebben seksueel contact met kinderen.

Grooming in Opsporing Verzocht

BBC over gebruik van Twitter door pedofielen: