Auteursarchief: Arnout de Vries

App: Instagent

Er verschijnen politieberichten op internet en wijkagenten tonen hun werk op social media zoals Twitter, Facebook en Instagram. De politie wil transparant zijn en hoopt op meer aansluiting met de samenleving.?Het televisieprogramma De Monitor onderzocht of er voldoende rekening gehouden met de privacy van mensen die via politieberichten online verschijnen.?Zo bekeken datajournalisten van De Monitor alle 163 filmpjes van politievloggers Jan-Willem en Tess en ontdekten 31 gevallen waarin te veel persoonsgegevens worden getoond. De gezichten van verdachten en slachtoffers zijn door de politievloggers onherkenbaar gemaakt, maar de omgeving was nog zichtbaar. De politie verwijderde daarop ook enkele beelden.

Instagent is een app die politiemedewerkers kunnen gebruiken om foto?s te bewerken en te delen op social media. Denk aan het blurren van beelden.

Begin 2018 is er een update aangeboden van de Instagent app:
– Foto?s worden niet meer vierkant uitgesneden
– Elk formaat foto kan snel en gemakkelijk van een watermerk worden voorzien
– Je kunt foto’s op meerdere punten blurren (vervagen).
– Vanuit de app kun je de bewerkte foto delen op Twitter, Facebook of Instagram.

Wanneer je de foto deelt, wordt deze met watermerk en eventuele vervagingen met een goede kwaliteit opgeslagen in de galerij van de telefoon.

Lees ook de publicatie van TNO over de impact van het gebruik van beeld door hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer:

[slideshare id=86728742&doc=tno-2018-wie-180126073315&type=d]

Bronnen: Politie, De Monitor, TNO

App: Opgelicht?!

De opgelicht?! app (iOS, Android) geeft je een overzicht van de meest actuele waarschuwingen op het gebied van oplichting en bedrog.?Door je te abonneren op ??n of meerdere categorie?n binnen de app, krijg je direct een melding zodra wij een voor jou relevante alert plaatsen. Je kunt je ook aanmelden voor waarschuwingen over jouw financi?le instellingen, zoals bijvoorbeeld je bank of creditcardmaatschappij. Hierdoor ben je als eerste gewaarschuwd en voorkom je dat je opgelicht wordt.? Deel de Alerts via Facebook, Twitter, Whatsapp of e-mail. Een gewaarschuwd mens telt voor twee!

Bronnen: AVRO TROS

Priv?detective Eliot Higgins van onderzoekscollectief Bellingcat

Sommige mensen delen vakantiekiekjes op Facebook. Anderen gebruiken sociale media om de verborgen agenda van het Russische ministerie van Defensie bloot te leggen. Eliot Higgins, oprichter van onderzoekscollectief Bellingcat, achterhaalt hoe MH-17 werd neergeschoten. Onderstaand is een artikel van Paul Serail in Quest:

In de eerste dagen na 17 juli 2014 waren er al voorbijgangers die foto?s en video?s op sociale media zetten van een luchtafweersysteem dat vervoerd werd door Oekra?ne. Ze praatten er online over. Waar zijn die foto?s genomen en wanneer? Iedereen kan helpen om dat uit te zoeken. Het is een vrij eenvoudige taak. Er ontstond een groep mensen die naging wat er met vlucht MH-17 gebeurd was. Sommigen deden al langer dit soort werk, anderen niet. Een paar maanden nadat het vliegtuig was neergeschoten, nam het Joint Investigation Team contact op: de offici?le onderzoeksgroep die helder moet krijgen wat er gebeurd is, ondervroeg mij over onze technieken. Achteraf gezien heb ik ze een gratis training gegeven. Ze waren blij met wat we ontdekten, vertrokken en een paar maanden later presenteerden ze hun eigen onderzoek, gebaseerd op dit soort methoden.?

?De Russen zijn niet ge?nteresseerd in de waarheid. Ze willen verwarring zaaien?

De verhalen (1)

?Het Russische ministerie van Defensie gaf op 21 juli 2014 een persconferentie vol onzin. De Russen beweerden eigenlijk niets, ze verspreidden vooral informatie. Ze zeiden dat het toestel zijn koers drastisch gewijzigd had waarna het in de gevarenzone kwam. Ze lieten satellietbeelden zien van Oekra?ense Buk-raketsystemen. En een van de eerste claims was dat ze radarbeelden hadden van een Oekra?ens Su-25 grondaanvalsvliegtuig dat op drie tot vijf kilometer van MH-17 vloog. Ze zeiden niet dat het toestel MH-17 neerschoot, ze zeiden: ?Er was een Oekra?ens toestel in de buurt. Wat kan dat betekenen?? Vervolgens beantwoordden de Russische media en de online-gemeenschap die vraag. Zo ontstond een verhaallijn: een Oekra?ense straaljager heeft het vliegtuig neergeschoten. Het verhaal van Oekra?ne en het Westen is dat een Russische Buk-raket MH-17 neerschoot: twee sterke verhaallijnen die met elkaar botsen, dat maakt het werk nog interessanter. Informatie die vrij beschikbaar is op internet, wijst aan welk verhaal waarschijnlijk waar is.?

De foto?s (1)

?Het is een soort ?zoek-de-verschillen? voor volwassenen. De lanceerinstallatie staat op een vrachtwagen. En de eigenaar van de vrachtwagen zegt zelf dat geen van zijn trucks op dezelfde manier beschilderd zijn. We zien dus steeds dezelfde vrachtwagen. Gebaseerd op getuigen en op de tijden waarop de foto?s genomen zijn, is het onmogelijk dat er verschillende raketsystemen op die truck gestaan hebben. Het zou ook onzinnig zijn om er een af te laden en een andere op te laden. De markeringen en de beschadigingen op de lanceerinstallatie komen steeds overeen. De rubberen flappen die de rupsbanden afschermen, trekken krom op hun eigen specifieke manier. We zien elke keer dezelfde. De nummers staan steeds op exact dezelfde plaats en in hetzelfde lettertype. Dat is niet voor de hand liggend. We hebben veel raket?systemen van Rusland en Oekra?ne vergeleken. Twee lanceerinstallaties met hetzelfde nummer op exact dezelfde plaats in dezelfde schrijfstijl, zou heel ongewoon zijn.?

Het team

?Begin gewoon. Kies een eenvoudig onderwerp en schrijf daarover een blog. Zo oefen je je schrijfvaardigheid en ga je door alle analyses. Je moet een reputatie opbouwen. Je kunt niet met een grote zaak beginnen en verwachten dat anderen het meteen oppikken. Maar als je een blog bijhoudt, krijgen anderen een idee van je werk. Mensen komen naar mij toe en laten zien wat ze gedaan hebben. Leveren ze goed werk af, dan werk ik graag met ze samen. Als je er lol in hebt, aarzel dan niet om er een hobby van te maken. Er zijn niet zo veel mensen die dit werk doen en er is zo veel informatie te vinden. Als je de eerste bent in een land of over een onderwerp, dan kun je zomaar de expert op dat gebied worden.?

De foto?s (2)

?Volgens het Russische ministerie van Defensie liet een foto van 14 juli 2014 zien dat er Buk-raketinstallaties stonden op een Oekra?ense legerbasis. Op een foto van 17 juli zijn ze verdwenen. De Russen vragen zich af wat er gebeurd kan zijn. Tijdens workshops over het gebruik van satellietbeelden gebruik ik dit voorbeeld. Ik heb Google gevraagd of ze satellietbeelden van rond 17 juli 2014 online konden zetten op Google Earth. Iedereen kan die beelden bekijken. Op de foto?s van de Russen is begroeiing te zien, terwijl die meestal weggehaald wordt in juli. Op de beelden van 17 juli van Google is die vegetatie inderdaad verdwenen. De Russische foto?s laten sporen in het gras zien. Die matchen met beelden van Google, maar dan wel van anderhalve maand voordat MH-17 werd neergeschoten. De foto?s van de Russen zijn gemaakt tussen de laatste dag van mei en midden juni. Dat was eenvoudig te bewijzen. We hebben dus een duidelijke aanwijzing dat iemand niet helemaal eerlijk is.?

?Een rechter overtuig je niet met een gammele complottheorie?

De verhalen (2)

?De Russen zeggen dat ze de radargegevens met daarop de Oekra?ense Su-25 zijn kwijtgeraakt na de persbijeenkomst van 21 juli 2014. Maar wat gebeurt een paar dagen voordat het Joint Investigation Team op 28 september 2016 een persconferentie geeft? De Russen vinden hun radarbeelden terug. Verrassing! Of een poging om de persbijeenkomst van het JIT te ondergraven? Volgens de teruggevonden radargegevens is MH-17 niet afgeweken van zijn koers. Dat is inderdaad nooit gebeurd, blijkt uit het onderzoek van het JIT. Daarover hebben de Russen dus gelogen. Er is ook geen vliegtuig te zien in de buurt van MH-17. Het verhaal is nu dat er niets te zien is op de beelden, ook geen Buk-raket. Dat zou bewijzen dat de raket niet is afgeschoten door de separatisten. Het zijn dezelfde mensen die op basis van dezelfde gegevens een heel ander verhaal vertellen. Ze liegen net zo makkelijk als dat ze ademhalen.?

De foto?s (3)

?De meest waardevolle berichten zijn geplaatst voordat het vliegtuig is neergeschoten. Niemand kon schrijven: dit is de raket waarmee MH-17 straks neergeschoten wordt. Want niemand wist dat het ging gebeuren. Op Google Streetview gaan we de locatie na. Aan schaduwen op de foto?s zien we wanneer ze genomen zijn. Zo konden we de route achterhalen die het raketsysteem afgelegd heeft en kregen we een tijdslijn van de gebeurtenissen. Een paar weken geleden plaatste het JIT een foto van de lanceerinstallatie die niet eerder onderzocht was. Ze vroegen het publiek na te gaan wat de locatie was. Ze dachten aan Makijivka, net buiten Donetsk. Uit onze tijdslijn weten we dat het raketsysteem rond die tijd in Donetsk geparkeerd was. De beelden die we hebben van Google Streetview komen overeen met wat we op de foto zien. Mensen gingen erheen. De rots die je ziet, de bast van de boom: het klopt precies.?

De vragen

?De Russen zijn niet ge?nteresseerd in het achterhalen van de waarheid. Ze proberen verwarring te zaaien. Dus stellen ze vragen in plaats van dat ze statements maken. Zolang mensen vragen blijven stellen, komen ze niet tot conclusies. Het is ook het motto van de Russische nieuwszender?Russia Today:?Question More. Het gaat om nog?meer vragen stellen en geen antwoorden vinden. Want als je antwoorden hebt, kun je ergens in geloven. Als je vragen blijft stellen, raak je in de war en geloof je niets.?

De foto?s (4)

?Veel Russen fotografeerden het konvooi met Buk-raketinstallaties toen het tussen 23 en 25 juni door Rusland reed. We volgden het spoor. De legereenheid komt uit Koersk. De nummerplaten op de voertuigen zijn van het Moskow Military District. Er is maar ??n brigade bij Koersk van het Moskow Military District met Bukraketsystemen en dat is de 53ste luchtafweerbrigade. Die eenheid heeft een eigen pagina op VKontakte, een soort Russische Facebook. Je kunt de profielen van alle militairen bekijken. Ze taggen elkaar, zetten opmerkingen bij foto?s. Ik spreek geen Russisch, maar dat hoeft ook niet. Met sleutelwoorden is een eerste schifting te maken. En het is vooral klikken op links. Zie ik mensen in uniform? Zie ik het bataljonnummer? Het is bizar om te zien hoeveel online te vinden is. Soldaten maken foto?s van de presentielijst van die dag. Dan weet je meteen wie er in hun eenheid zitten en wie die dag aan het werk is.?

De antwoorden (1)

?We konden vaststellen wie de raketsystemen naar de grens met Oekra?ne hebben gebracht. We achterhaalden wie de commandant was van de lanceerinstallaties in het konvooi. Een van de raketsystemen is dezelfde als de installatie die de grens over ging en MH-17 neerschoot. We hebben geen bewijs dat de militairen samen met hun lanceerinstallaties de grens overgestoken zijn. Maar die systemen zijn niet eenvoudig te bedienen. Er is een goed getrainde bemanning nodig. Ik kan onmogelijk geloven dat het bediend is door een paar Oekra?ense separatisten die nooit eerder een Buk-raketinstallatie hebben gezien. De waarschijnlijkheid is heel groot dat een Russische bemanning het raketsysteem bediend heeft.?

De verhalen (3)

?Er is een heel actieve groep mensen die eigen conclusies trekt. Ze vinden iemand met een nieuwe theorie, dat haalt?Russia Today?en zij nodigen een ?expert? uit om deze?wacky theory?te verkondigen. Twee weken later komt een andere ?deskundige? met de volgende versie van de gebeurtenissen. De beste manier om mensen in de war te brengen is informatie vrij laten komen die in tegenspraak is met eerdere informatie.

Dit soort mensen is continu op zoek naar alternatieve theorie?n over MH-17. Zodra ze iets vinden, overtuigen ze zichzelf ervan dat het waar is. En als bewezen wordt dat het niet zo is, vergeten ze het weer en stappen ze over op het volgende verhaal. Terwijl het na alle onderzoeken helder is wat er gebeurd is. MH-17 is neergeschoten met een Buk-raketinstallatie die van Rusland naar Oekra?ne is gebracht. Daarna is het raketsysteem teruggegaan. Naar mijn idee dachten de militairen dat ze een transportvliegtuig hadden neergehaald. Daarom klinken ze blij in de afgetapte telefoongesprekken. Als ze zich realiseren wat ze gedaan hebben, raken ze in paniek. Als ze er de volgende dag over praten, zijn ze ge?rriteerd.?

De antwoorden (2)

?Waarom de Russen niet ge?nteresseerd zijn in de waarheid? Ze hebben 298 mensen gedood, daarom. En dat gebeurde op een moment waarop de Russische overheid ontkende dat ze Russische militairen naar Oekra?ne stuurde. Een Russisch raketsysteem dat vanaf een veld dat in handen is van de separatisten een vliegtuig neerschiet, ondergraaft die bewering. En het maakt de Russen gevoelig voor juridische sancties.?

De verhalen (4)

?Iedereen mag zijn complottheorie aanhangen en denken dat hij slimmer is dan alle anderen, uiteindelijk komt de zaak voor de rechter. Hij wordt grondig uitgezocht door serieuze mensen. Als iemand opduikt die beweert dat hij een straaljager zag op 17 juli, dan streept dat het andere bewijsmateriaal niet weg. Met een gammele complottheorie ga je de rechter niet overtuigen.

MH-17 werd trouwens neergeschoten drie dagen nadat we Bellingcat begonnen. Dat gegeven brengt ook allerlei complottheorie?n voort. Alsof ik op een of andere manier geweten zou hebben dat dat zou gaan gebeuren. Ik vind het heerlijk als ik op Twitter weer eens dat verwijt krijg.?

Wie is Eliot Higgins?

8 januari 1979:?Higgins wordt geboren in Shrewsbury in Engeland. Zijn achtergrond in twee woorden: jaren negentig. ?Ik keek het satirisch programma?TV Nation.?Ik?hield van comedians als Bill Hicks en ik luisterde Rage Against the Machine.?

1998:??Ik was een slechte student. Ik kon me niet motiveren.? Higgins doet ?media studies? aan het Southampton Institute of Higher Education. ?Als ik mijn studie afgemaakt had, was ik goed geweest in tapes aan elkaar plakken. Maar ik ben gestopt in mijn tweede jaar.?

2011:?Higgins werkt een rijtje administratieve banen af. Daarnaast volgt hij de Arabische Lente op het livelog van de krant?The Guardian.??Ik?kreeg naam omdat ik zo vaak commentaar toevoegde.?

19 oktober 2011:??Een dag voordat Kadhafigedood werd, werd mijn dochter geboren.? Higgins is zes maanden thuis om voor haar te zorgen. ?Ik had verder niks te doen.? Hij begint het Brown Moses-blog, waarin hij smartphonefoto?s en video?s uit Syri? analyseert.

2014:?Higgins richt Bellingcat op, waarin onderzoekers samenwerken en hun speurtechnieken toelichten.

2017:?na audioanalyse van een telefoongesprek wijst Bellingcat een Russische generaal aan als vermoedelijke leidinggevende van pro-Russische strijders in Oekra?ne in 2014.

Bronnen: Quest.nl

Sherlock – DIY opsporingsplatform voor burgers

Daar sta je dan. Net terug van een feestje, lijkt er thuis ingebroken te zijn. De sporen van een inbraakpoging zijn duidelijk te zien. De adrenaline giert door je lijf. Die inbreker ga je opsporen! Maar hoe pak je dat aan? Met de Sherlock-app voor burgeropsporing, ontwikkeld door TNO en de politie.

Via de Sherlock-app openen slachtoffers van bijvoorbeeld vernieling, cyberpesten, een poging tot woninginbraak of diefstal hun eigen opsporingsdossier. Daarin leggen ze ? afhankelijk van het misdrijf ? de locatie, zichtbare sporen, mogelijk motief, getuigenverklaringen en gestolen goederen vast. Een andere mogelijkheid is het samenstellen van een compositiefoto van een verdachte. Veel mensen vinden het moeilijk om de juiste ogen, oren of neus op een gezicht te plakken. Daarom bevat de app een trainingsspel, waarmee gezichten van bekende personen ?bij elkaar geklikt? moeten worden. Is het dossier compleet? Dan deelt de gebruiker eenvoudig via diverse socialmediakanalen of e-mail een opsporingsbericht, en stuurt hij het complete dossier naar de politie zodat zij actie kan ondernemen. Vervolgens wisselen de gebruiker en politie updates uit via de app.

Zelf buurtonderzoek doen

?De app maakt het mogelijk om gebruik te maken van ?the wisdom of the crowd??, vertelt Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO. ?De politie schakelt burgers nu nog vrij traditioneel in, bijvoorbeeld via Opsporing Verzocht. Maar burgers hebben niet alleen ogen en oren waarmee ze kunnen waarnemen, ze hebben ook hersenen met kennis en denkkracht, en handen en benen om iets te doen. Dat mobiliseren we via de app. Een buurtonderzoek kost bijvoorbeeld veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring? Ik weet wanneer ze thuis zijn en dankzij de app weet ik ook wat ik moet vragen. De politie hoeft niet meer alles zelf te doen. Zij kan haar schaarse capaciteit voortaan zo effectief mogelijk inzetten, waardoor er hopelijk meer zaken worden opgelost.?

?Een buurtonderzoek kost veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring??

Risico’s van zelf daders opsporen

Als burgers zelf daders gaan opsporen, brengt dat risico?s met zich mee. Hoogoplopende emoties kunnen bijvoorbeeld leiden tot eigenhandig optreden. De Vries is zich daarvan bewust, maar stelt dat dit ook zonder de app al het geval is: ?Je kunt burgers niet zomaar tegenhouden. Ze starten nu al hun eigen onderzoek via Facebook, omdat ze merken dat de politie aan lang niet alle zaken prioriteit geeft of te kampen heeft met capaciteitsgebrek.?

Burgeropsporing

Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee.? Daarom helpt de Sherlock-app niet alleen bij de opsporing, maar geeft het burgers ook informatie over preventie en over wat volgens de wet wel en niet mag. Daarnaast maakt de app inzichtelijk wat de consequenties zijn van sommige handelingen, zoals het online delen van namen en foto?s van verdachten en slachtoffers.

?Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen?

Programma ‘herijking opsporing’

Op dit moment is de Sherlock-app nog een prototype en niet daadwerkelijk in gebruik. TNO hoopt deze innovatieve app verder te ontwikkelen, in het kader van het programma ?Herijking opsporing? van de politie. Burgerparticipatie krijgt binnen dit vernieuwingsprogramma de nodige aandacht, omdat het besef binnen de politie doordringt dat een ?chte revolutie nodig is: een actieve rol van, en samenwerking met burgers. De Sherlock-app is daarvoor een goed middel.

Cultuurverandering noodzakelijk

De Vries is realistisch genoeg om te weten dat hiervoor een cultuurverandering nodig is. ?Binnen de politie wordt niet voor niets gesproken over blauw ? de agenten op straat ? en grijs ? de recherche. De opsporingstak van de politie heeft dagelijks te maken met misdrijven en vertrouwt niet zomaar burgerspeurneuzen die zelf hun zaak willen oplossen. Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen.?

?Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee?

Samenwerken met de politie

Daarnaast is een verandering in mindset nodig. Nu wordt burgerparticipatie vaak nog gezien als een laatste redmiddel om een zaak op te lossen. Ook zijn politieprofessionals bang dat burgers een zaak schaden, waardoor een dader niet berecht kan worden. ?Uit de onderzoeken die ik doe, blijkt dat de meeste burgers van goede wil zijn en bereid zijn om samen te werken met de politie. Daarom gaan TNO en de politie na een testfase het in gebruik nemen van de app verkennen. Zo gaan we op bezoek bij slachtoffers van een inbraak en maken we samen met hen een opsporingsdossier. Politie en burgers kunnen de samenwerking op die manier aan den lijve ervaren, waardoor meer respect en vertrouwen in elkaar kan ontstaan. De moderne Sherlock met app heeft de toekomst.?

Bronnen: TNO Time

Kansen en risico’s van burgeropsporing

Burgers helpen graag bij het vinden van een vermiste. Apps maken dat makkelijker. Het risico is dat de burger voor rechercheur, Openbaar Ministerie en rechter speelt. Onderstaand artikel?in NRC van?Kasper van Laarhoven gaat in op de kansen en risico’s van burgeropsporing.

Stel, je dochtertje van vier verdwijnt. Wat doe je? De politie bellen en afwachten? Nee, zegt agent Ronnie Hessels, je gaat direct zelf zoeken. Met die gedachte ontwikkelde hij een app die burgers helpt samen effici?nt op zoek te gaan naar een vermiste.

Vrijdag kreeg Hessels voor deze app de Innovatieprijs 2018, een nieuwe prijs om creatieve idee?n binnen de politie te stimuleren.

Agent Hessels kwam op het idee voor de app doordat het meezoeken van familieleden, vrienden en bezorgde burgers bij vermissingszaken de politie vaak voor problemen plaatst. ?Altijd rijzen dezelfde vragen: hoe kun je de vrijwilligers co?rdineren? Hoe groot is het gebied dat je moet doorzoeken? En waar heeft men al gezocht?? Aan de ene kant is de politie blij dat mensen willen helpen, en dat levert soms ook echt wat op. Zo waren het vrienden van Anne Faber die in oktober haar jas vonden met daarop het DNA-spoor dat uiteindelijk tot de vondst van haar lichaam leidde.

Maar zonder co?rdinatie kan een zoektocht ook leiden tot chaos, dubbel werk, en het voor de voeten lopen van de politie. Dat gebeurde bijvoorbeeld in 2013, toen burgers massaal uitrukten om de vermiste broers Ruben (9) en Julian (7) op te sporen. Zonder overleg met de autoriteiten struinden honderden mensen door de bossen rondom Doorn, Leersum en Rhenen. Gebieden werden niet, onzorgvuldig of juist dubbel doorzocht; bewijsmateriaal werd mogelijk gemist, aangetast of meegenomen.

Zoekgebied op telefoon

De app van agent Hessels, die?Samen Zoeken?heet, kan dit soort problemen voorkomen. Wie meezoekt, krijgt op zijn telefoonscherm een kaartje te zien van het gebied waarin de vermiste zich waarschijnlijk bevindt. Dat zoekgebied bepaalt de app op basis van de leeftijd van de vermiste, de plek van verdwijnen en mogelijke vervoersmiddelen. Over het kaartje ligt een raster heen. Als in ??n van de rastervakjes wordt gezocht, kleurt dit vakje donkerder. Hoe meer burgers daar zoeken, hoe donkerder het vakje. Zo voorkomt de app dat zoekgebieden worden overgeslagen terwijl andere steeds opnieuw worden doorzocht. De politie kan in de app zoektips delen met burgers, en deelnemers kunnen elkaar berichtjes en foto?s sturen, bijvoorbeeld als ze op sporen stuiten.

Het betrekken van burgers bij het oplossen van vermissingen en misdrijven is in Nederland geen nieuw fenomeen. Dat begon ooit met politie-oproepen in kranten en op de radio. Later kwamen daar het tv-programma?Opsporing Verzocht?(1982) en het verzenden van politieberichtjes via Burgernet (2006) en ?Amber Alert? (2008) bij.

Frank Smilda, hoofd van de informatiedienst van de politie Noord-Nederland, zette in 2006 een website op waarop de politie Utrecht zogenoemde ?cold cases? deelde, zaken van lang geleden die de politie niet had kunnen oplossen. Burgers konden op die manier mee rechercheren. ?Wisdom of the crowd, heet dat?, zegt Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO en mede-ontwikkelaar van Samen Zoeken. ?Als je duizend mensen het gewicht van een koe laat raden, dan klopt het gemiddelde behoorlijk goed.?

Een mini-dossier opbouwen

Momenteel werkt hij met Smilda aan een app (werktitel?Sherlock) waarmee slachtoffers van een misdrijf zelf een mini-dossier kunnen opbouwen, nog v??r de politie ter plaatse is. Hoe sneller na het misdrijf getuigenverklaringen vastgelegd worden, hoe betrouwbaarder ze zijn, zegt De Vries. Met deze app kunnen gebruikers straks de vluchtroute van de dader intekenen op een kaartje, een snelle compositietekening in elkaar knutselen en verklaringen van omstanders opnemen.

De Vries ontwikkelde eerder al eens een computerspel met de politie, dat burgers vanuit huis moest laten meehelpen echte zaken op te lossen. Deze game liet een gedetailleerde simulatie zien van de plaats delict, toonde verhoorverslagen en had zelfs een digitaal forensisch lab. Het spel bleek echter te duur en kwam nooit verder dan een prototype.

De Vries, Hessels, en Smilda zien vooral voordelen in het ontwikkelen van nieuwe digitale hulpmiddelen waarmee de burger actief kan bijdragen aan recherchewerk. Strafrechtjurist Sven Brinkhoff van de Radboud Universiteit kijkt daar heel anders tegenaan. Hij doet onderzoek naar de rol van burgers in opsporing en de gevolgen hiervan voor strafzaken. De risico?s zijn volgens hem te groot. ?Stel dat de Samen Zoeken-app wordt ingezet en het vermiste kindje is meegenomen door iemand met kwaad in de zin?, zegt hij, ?wat gebeurt er dan als de zoeker ineens oog in oog komt te staan met de ontvoerder?? De kidnapper kan dan ?iets doen wat hij helemaal niet van plan was?.

Een ander risico is dat een burger die het kind vindt bij een volwassene ervan uitgaat dat diegene de kidnapper is, zegt Brinkhoff. De zoeker zou dan op fysiek geweld kunnen overgaan, terwijl die ander het kindje misschien net zelf gevonden heeft. Een derde gevaar is dat de zoeker de identiteit van de verdachte bekendmaakt nog voor schuld bewezen is.

Dat laatste gebeurde bijvoorbeeld in 2013 in de Verenigde Staten, toen leden van het forum Reddit probeerden aan de hand van camerabeelden de dader van de aanslag op de Boston Marathon te achterhalen. Het scenario dat de meeste steun kreeg van de forumbezoekers, ging over student Sunil Tripathi. Journalisten pikten de beschuldiging op en binnen enkele uren zag heel Amerika deze Tripathi, die later onschuldig bleek, als hoofdverdachte. Zijn familie werd bedreigd en lastiggevallen door de media, wat de FBI weer dwong vroegtijdig de namen van de echte verdachten prijs te geven.

Onrechtmatig verkregen bewijs

?Het gevaar is dat de burger steeds meer de rol van opspoorder, aanklager ?n rechter op zich neemt?, zegt Brinkhoff. ?Op den duur ondermijnt dit de positie van politie, OM en rechterlijke macht. Zij verliezen niet alleen hun monopolie, maar ook het initiatief en de controle.?

Onrechtmatig verkregen bewijs, dat door burgers aangeleverd is, kan later voor problemen zorgen tijdens de rechtszaak. Brinkhoff: ?De politie is verplicht bij een aanhouding te zeggen dat een verdachte het recht heeft te zwijgen, terwijl een burger die iemand op heterdaad denkt te betrappen, de verdachte soms juist tot een bekentenis dwingt.?

Als zo?n bekentenis met een mobieltje wordt gefilmd, is het de vraag of de opname later gebruikt mag worden in de rechtszaak, aldus Brinkhoff. ?Voor je het weet is bewijs besmet en kan de rechter het niet meer meenemen. Dit verkleint de kans op bestraffing, ook als de verdachte w?l schuldig is.?

De risico?s die Brinkhoff noemt, zijn bekend, zegt Wendy Gehrmann, woordvoerder van de Nationale Politie. Maar voor de politie wegen de voordelen van burgers die meespeuren op tegen de nadelen. Bovendien gaan mensen nu eenmaal zoeken als een dierbare vermist raakt. Het is voor de politie de kunst dit soort burgerzoektochten in goede banen te leiden, en daarbij rekening te houden met de rol van Twitter en Facebook. ?We kunnen niet ontkennen dat social media het hele opsporingsproces be?nvloeden. Daarom is het juist van belang er zelf actief in te investeren.? Vandaar dat de politie de app die agent Hessels ontwikkelde, beloonde met de nieuwe Innovatieprijs.

Brinkhoff vreest dat de politie zich op een glijdende schaal begeeft. ?Het begint met onschuldige apps, maar op de lange termijn moet je je afvragen of je het wel wilt stimuleren dat de burger zich steeds meer uitgenodigd voelt om aan recherchewerk bij te dragen?, zegt hij. ?Je wilt niet in een politiestaat leven, maar al helemaal niet in een amateurpolitiestaat.?

Bronnen: NRC

App: Sarea – Samen Zoeken

Een app die burgers helpt bij het meezoeken naar een vermiste. Dat is het idee achter de app Samen Zoeken. De app is nog in ontwikkeling en wordt binnenkort getest door een burgerpanel.

Politiemedewerker Ronnie Hessels kwam op het idee voor de app Samen Zoeken door zijn eigen ervaring met vermissingen in de Eenheid Noord-Nederland. ?Bij een vermissing van een man, die was vertrokken in zijn auto, was me opgevallen dat er vanuit zijn omgeving verschillende zoekacties werden opgezet. Het overzicht was al snel zoek, het zoekgebied werd steeds groter. Ik vroeg me af of je niet beter zou kunnen voorspellen waar iemand zich zou kunnen bevinden en hoe je de zoekactie beter kan co?rdineren.?

Wat Hessels ook opviel, is dat de animo bij burgers om mee te zoeken groot is en dat zij vaak eerder kunnen gaan zoeken dan de politie. De politie moet namelijk vaak eerst een aantal juridische procedures doorlopen die bijvoorbeeld betrekking hebben op de privacy van een vermiste. De app stelt burgers in staat om naar iemand te zoeken, totdat de politie het onderzoek overneemt.

Andere kijk op burgerparticipatie

De app helpt burgers om de zoekactie te co?rdineren en geeft tips hoe en waar te zoeken. Iemand downloadt de app en start een zoekactie. Daarna kunnen mensen die willen meezoeken zich aanmelden. Via gps wordt bijgehouden waar ze zoeken. In de app kunnen deelnemers onder meer foto?s toevoegen en chatten met de co?rdinator. ?Zodra de politie aansluit, kan de co?rdinator de informatie over de zoektocht overdragen. Hessels: ?Het is een wezenlijk andere kijk op burgerparticipatie. Je vraagt burgers niet om de politie te helpen bij opsporing, maar wij helpen burgers bij hun zoektocht.?

De juridische en ethische kanten van dit innovatieve idee worden nog onderzocht. Hessels: ?Er zitten natuurlijk allerlei juridische en ethische kanten aan de app, die ik met een aantal collega?s en andere partners aan het onderzoeken ben. Als iemand bijvoorbeeld op zoek gaat naar zijn bejaarde moeder, mag daar dan bij worden aangegeven dat ze dement is??

Test burgerpanel

Het onderzoek naar de haalbaarheid van de app is dus nog in volle gang. Het zou kunnen dat er in de praktijk nog haken en ogen aan kleven. Intussen is er al wel een prototype gemaakt dat door een burgerpanel van dertig betrokken burgers gaat worden getest. Zij gaan met verschillende realistische scenario?s aan de slag. Hun ervaringen worden meegenomen in verdere bouw van de app.

Oproep zoekactie explodeerde

“Goed nieuws”, zegt Tiko van de Groep. Hij organiseerde een zoektocht naar Savannah. “Er kwamen honderden mensen op af, het was ongelooflijk.”?Het meisje Savannah?was een paar dagen vermist toen Tiko?de zoektocht organiseerde. “Ik wilde iets vinden, dat meisje moest terug”, zegt Tiko. “We wilden een spoor vinden, een telefoon die weggegooid was.”

De dorpsgenoot van Savannah plaatste een oproep op Facebook om te gaan zoeken naar het vermiste meisje. “Ik rekende op een mannetje of 20, 25. Maar het explodeerde.” Tiko zocht contact met de politie. Hij wilde weten wat hij mocht en kon doen als burger. Maar hij kreeg niemand te pakken.

De dag na de oproep bleek pas hoeveel vrijwilligers er waren. “Het waren er honderden”, zegt Tiko. “Het was gigantisch. Dan sta je daar met het team, het leek wel een golf die op ons afkwam. Dat is ongelofelijk. De schattingen gaan tot 800, 900 mensen. Complete verbazing, daar had niemand op gerekend. Het was warm, maar je kreeg er ook een warm gevoel van. Het deed ons heel veel goed.”

Het?Co?rdinatieplatform Vermisten, een vrijwilligersorganisatie die zoekacties begeleidt, had zich ook aangemeld. En dat was maar goed ook, zegt Tiko. “Ze namen de leiding in handen. Wij hadden dat zelf niet aangekund. Er stonden wachtrijen bij de tafels om je aan te melden, het hield niet op. Het platform had alle?zoekteams?een A4’tje met instructies meegegeven. Daarop stond wat je moest doen als je iets had gevonden. Zij hadden ook lijntjes om eventueel de politie in te schakelen.”

Maar echte samenwerking met de politie was er niet, zegt Tiko. “Er zijn twee agenten even langs komen rijden om te kijken hoe het ging. Maar die waren ook zo weer weg. Ik begrijp dat de politie niet in zo’n korte tijd even 900 mensen neer kan zetten, maar ik had meer verwacht van de politie.”

Mensen compleet geschokt

Dat het vinden van sporen, laat staan een lichaam, een grote impact kan hebben op de vrijwilligers heeft Tiko van dichtbij meegemaakt. “Er kwam een helikopter over. Er kwamen busjes met recherche met gillende sirenes vanuit Amersfoort. Toen zag je al mensen compleet geschokt reageren. ‘Het zal toch niet?’ Later bleek toch dat Savannah gevonden was. Ik heb gezien dat mensen geshockeerd waren en overstuur raakten.”

Met de?app moet het zoeken naar vermisten soepeler verlopen.?Tiko ziet dat wel zitten. “In 2017 hebben we diverse zoekacties in de landelijke pers gehad. Als dat gestructureerd kan worden via een?app?is dat fantastisch.”

Zo zal de app werken:

  • Een familielid of vriend van de verdwenen persoon meldt zich aan;
  • Van de vermiste worden gegevens ingevoerd, zoals de leeftijd, geslacht, de laatst bekende locatie, moment van verdwijnen, vervoersmiddel en een foto;
  • De app geeft vervolgens zoekadvies: waar en in welke straal kan worden gezocht;
  • Er kunnen vrijwilligers worden uitgenodigd om mee te zoeken;
  • De?app houdt bij waar er wordt gezocht;
  • Foto’s van gevonden spullen kunnen worden gedeeld;
  • Je kan als co?rdinator aanwijzingen geven aan de vrijwilligers die zoeken;

Vlog over vermissingen om kennis te delen

Irma Schijf start een themavlog Vermissingen. Zij gaat onder andere vloggen over de oorzaken van een vermissing, Wanneer je de politie in kunt schakelen, Waarom en hoe kinderen vermist kunnen raken en hoe je ze het beste kunt zoeken, Hoe je vermissingen kunt voorkomen, de inzet van Social Media bij vermissingen en nog veel meer. Ze streeft ernaar om eens per week een vlog te posten. Je kunt haar volgen via LinkedIn, Twitter en YouTube gewoon onder mijn eigen naam: Irma Schijf. Waarom ze gaat vloggen, vertelt ze haar eerste vlog:

Aanmoedigingsprijs

De Samen Zoeken app van Ronnie Hessels kreeg vandaag de innovatie aanmoedigingsprijs. Deze interne politieprijs is in het leven geroepen om vernieuwende idee?n van politiemedewerkers te ondersteunen en faciliteren. ?Het idee voor de Samen Zoeken app is goed doordacht?, benadrukte korpschef Erik Akerboom bij de uitreiking van de prijs. ?De applicatie heeft groot maatschappelijk nut en kan veel zorgen wegnemen bij burgers. Maar liefst 40.000 mensen raken elk jaar vermist. Zoekacties verlopen niet altijd vlekkeloos, terwijl de emoties oplaaien en de urgentie om iemand te vinden met het uur stijgt. Dan is het cruciaal dat alle partijen elkaar feilloos weten te vinden. Dat bespaart kostbare tijd.?

Bronnen:?Politie, One More Thing, Leeuwarder Courant, RTV Drenthe, RTL Nieuws

Lessen uit crises en mini-crises 2016

De aanslagen in Brussel en de terreurdreiging rond Schiphol. De ophef over het rubbergranulaat op kunstgrasvelden. De onrust vanwege de Zaanse straatvlogger. Welke dilemma’s speelden bij deze casus en wat kunnen we hiervan leren voor toekomstige situaties? In Lessen uit crises en mini-crises 2016 blikken verschillende auteurs terug op vijftien bijzondere gebeurtenissen van het afgelopen jaar.

Rode draden

Lector Crisisbeheersing Menno van Duin en Vina Wijkhuijs, senior onderzoeker bij het lectoraat, stelden de bundel samen. In het inleidende hoofdstuk belichten zij de rode draden uit de casus. Van Duin: “Een centraal thema is dit keer het belang van continuïteit. Dat gold na het stuwincident bij Grave, maar bijvoorbeeld ook na de hagelstorm in Zuidoost-Brabant en natuurlijk na de aanslagen in Brussel. Hoe zorg je er als overheid voor dat voor ondernemers en burgers de dagelijkse gang van zaken weer zo snel mogelijk doorgang vindt?” Andere thema’s die in het jaarboek aan bod komen zijn omgaan met maatschappelijke en politieke onrust, de rol van veiligheidsregio’s en burgers, de betekenis van bevolkingszorg, en de juridische en financiële verwikkelingen die na (mini-)crises volgen.

Jaarboek bestellen

Lessen uit crises en mini-crises 2016 is geschreven voor bestuurders en professionals werkzaam op het terrein van crisisbeheersing en veiligheidsmanagement. De publicatie is uitgebracht bij Boom uitgevers Den Haag en te bestellen via www.boombestuurskunde.nl.​

[slideshare id=238340495&doc=20171121-ifv-lessen-uit-crises-en-mini-crises-2016-200831113955&type=d]

Crises en mini-crises 2016

Casus 1: De ondergang van iconisch V&D; over de retailtransitie
Casus 2: Treinongevallen in Dalfsen en Winsum
Casus 3: Terroristische aanslagen in Brussel
Casus 4: Hondsdolheid in de Gaasperplas?
Casus 5: Als hagel geen hagel meer blijkt te zijn: noodweer in Zuidoost-Brabant
Casus 6: Terrorismedreiging luchthaven Schiphol
Casus 7: Salmonella op Poolse eieren
Casus 8: Brand in het verzorgingshuis te Krabbendijke
Casus 9: Zaanse vlogger: mediastorm over een ‘straatterrorist’
Casus 10: Een reeks van incidenten bij Vindicat Atque Polit
Casus 11: Maatschappeljike discussie over kunstgrasvelden: wie pakt de bal op en binnen welk speelveld?
Casus 12: Gif langs de Merwede: de casus DuPont/Chemours
Casus 13: Bandenbrand in Someren; na dagenlange inzet aan banden gelegd
Casus 14: Onrust door criminaliteit onder asielzoekers
Casus 15: Binnenvaartschip ramt stuwdam bij Grave

Bron: IFV

(Dis)like: onze online rechten op het spel?

Communiceren was nog nooit zo makkelijk als vandaag de dag. Via WhatsApp sturen we elkaar berichten, via Snapchat en Instagram delen we foto?s en zelfs onze zakelijke kant laten we zien op LinkedIn. Met ??n klik op de knop bereiken wij anderen en bereiken anderen ons. Maar moeten we wel zo blij zijn met deze ongekende mogelijkheden? Het gemak dat we ervan hebben verandert in gemakzucht en persoonlijk contact lijkt onpersoonlijker dan ooit. Hebben Facebook, Twitter en al die andere online media niet meer schade toegebracht dan voordeel opgeleverd? Zetten we onze online rechten hierdoor op het spel?

Op die vraag ging het symposium ?(dis)like: onze online rechten op het spel?? in. Tijdens het plenaire gedeelte zullen onder anderen Meester Leonie (strafrechtadvocaat en blogger) en Jan Dijkgraaf (Lijsttrekker GeenPeil en oud-hoofdredacteur HP/De Tijd en PowNed) hier hun standpunt over verkondigen. Tijdens de aansluitende workshops zullen ook advocaten van gerenommeerde advocatenkantoren dieper ingaan op de vraag.


Groningen, 16 november 2017, verslag van de redactiecommissie van LISA

Het plenaire gedeelte
De lounge met uitzicht over het Noordlease Stadion, voorheen de Euroborg, vulde zich rond ??n uur ?s middags met studenten. Alle mannen verschenen keurig in pak en ook de vrouwen waren natuurlijk formeel gekleed. Het is namelijk niet iedere dag dat Lokke Moerel, Jan Dijkgraaf en Meester Leonie naar het noorden komen om een groep rechtenstudenten toe te spreken. Toen iedereen netjes zijn naambordje had opgespeld en een laatste kopje koffie op had, was het tijd om te beginnen.
De dagvoorzitter en tevens mede-oprichtster van LISA Sandra Schaapherder leidde de dag in met enkele anekdotes uit de praktijk over internet en strafrecht. Menig jongere heeft geen idee wat de gevolgen zijn van het verspreiden van een naaktfoto van een zestienjarig leeftijdsgenootje en hoe een zedendelict je kan achtervolgen. Zij vertelde dat haar cli?nten voornamelijk bezig waren met de vraag of ze hun smartphone ook terugkregen.
Natuurlijk was er ook ruimte om nog eens te benadrukken dat de IT-recht bachelor ontzettend is gegroeid de afgelopen vijftien jaar, en daarmee ook de LISA die het symposium ter gelegenheid van het lustrum heeft georganiseerd.

Daarna nam Lokke Moerel het woord. Deze intelligente vrouw die een autoriteit is op gebied van gegevensbescherming gaf meteen aan dat ze niet van plan was om de AVG te bespreken. Nee, zij vond het interessanter om ons te laten nadenken over artificial intelligence (AI). Moerel probeerde te verhelderen hoe groot de impact op onze samenleving kan zijn en hoe weinig we nog weten over de toekomst van AI. Bijvoorbeeld algoritmes kunnen ongelofelijk veel: er is een algoritme dat beoordeelt of iemand homoseksueel is aan de hand van een foto. Moerel vertelde over de be?nvloedbaarheid van algoritmes en hoe die soms ?discrimineren? omdat er veel getinte veelplegers werden ingevoerd in de database waardoor zij volgens het algoritme sneller zouden recidiveren. Haar conclusie luidde ?AI is not good or bad, nor is it neutral?. Ook stipte ze de cookieproblematiek aan. Er is een groot gebrek aan inzicht bij de burger over wat ze eigenlijk online accepteren. Dat men allerlei dingen accepteert op het internet mag geen vrijbrief zijn om bijvoorbeeld gegevens door te verkopen aan derden. Zij pleit voor regelgeving want internetgebruikers de ?keuze? geven is geen afdoende maatregel.

Daarna was het tijd voor pauze en er was al veel stof tot nadenken gegeven dus een extra kopje koffie kon geen kwaad. Na de pauze ving Jan Dijkgraaf aan die zichzelf als een fundamentalist op het gebied van vrijheid van meningsuiting introduceerde. Met de nodige zelfspot vertelde hij over zijn ervaringen bij HP/De tijd en als lijsttrekker van GeenPijl. Zijn poging in de politiek was misschien niet geslaagd maar als columnist is hij des te beter op zijn plaats. Vol enthousiasme heeft hij aan het publiek uitgelegd hoe vrij een columnist is en hoe een journalist, of eigenlijk iedere burger met internet, zijn standpunten kan ventileren zonder naar de rechter te hoeven. Een sterk voorbeeld was de tactiek van vraagstelling: is Wendy van Dijk dun door de coke? Dat kan gewoon, als er in het stuk maar staat: nee, zij eet gewoon erg gezond en sport veel. Meneer Dijkgraaf vond dat de wet gerespecteerd moet worden maar dat journalisten die aan zelfbinding doen helemaal fout bezig zijn. Denk daarbij aan de mediacode rondom het koningshuis. Willem-Alexander zou in Duitsland wel met een eventuele buitenvrouw op de foto kunnen, maar niet in Nederland. Ook wilde hij, verder ongerelateerd, het door Moerel genoemde algoritme wel testen op Mark Rutte. Zijn betoog was verfrissend en grappig maar zeker ook inhoudelijk op sterke argumenten gebouwd. Hij vertelde dat hij zegt wat de meeste Nederlanders denken en dat hij hen zo een stem geeft.
Daarna was het tijd voor de internetheldin onder de rechtenstudenten: Meester Leonie. In een oogverblindend roze pak heeft Leonie van der Grinten inzicht gegeven in haar leven als blogger en inmiddels be?digd strafrechtadvocate. Via haar blog streeft zij na om strafrecht ook aan de gewone burger uit te leggen. Natuurlijk waarschuwt zij voor de gevaren van social media maar ze inspireert ook om er wel mee aan de slag te gaan. Zelf trekt ze de grens tussen priv? en media door haar cli?nten niet als vriend toe te voegen en nooit haar eigen zaken op Meester Leonie te bespreken. Met dertigduizend volgers op Facebook heeft zij natuurlijk ook te kampen met online ?gezeik? maar ze is vast van plan om door te gaan met toegankelijk maken van strafrecht via Instagram en Facebook.

Ter afsluiting was er nog een panel die de nodige internet gerelateerde stellingen bediscussieerde. Arnout de Vries, onderzoeker op gebied van socialmedia, gaf extra informatie en stipte nieuwe ontwikkelingen aan zoals de ?nieuwsbubbel? en Leonie gaf de juridische toevoegingen. Na een vraag over overheidsinvloed op internetgedrag sloot Jan Dijkgraaf het af met: ?Nee!?

Er is geen ??n mobieltje afgegaan en de aanwezigen zaten zelfs om half vijf nog geconcentreerd te luisteren. Dat is een prestatie bij een publiek dat uit overwegend studenten bestaat, wat menig hoorcollege-docent zal kunnen beamen. We zijn aangemoedigd om social media te gebruiken maar ook gewaarschuwd voor de gevaren. Alle aanwezigen zijn geconfronteerd met de ontwikkelingen in het IT-recht en de verschillende gasten hebben meerdere kanten belicht. Het was een lustrumwaardig symposium met dank aan de goede organisatie en bijzonder interessante sprekers.

De workshops
Na het interessante plenaire gedeelte was het om 17:00 tijd om te beginnen met de workshoprondes. In de prachtige ambiance van verschillende skyboxen van het Noordlease Stadion te Groningen werden in twee rondes studenten en overige aanwezigen meegenomen door de advocatenkantoren DirkZwager, Hogan Lovells, JPR en Trip in een divers scala aan onderwerpen.

DirkZwager
Bij Dirkzwager wachtten advocaten Mark Jansen en Jeroen Lubbers tezamen met hun collega Steef Verheijen, als recruiter werkzaam bij dit advocatenkantoor met vestigingen in Arnhem en Nijmegen, de studenten op om hen wat bij te brengen over de implicaties van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Deze nieuwe verordening, u allen vast en zeker welbekend, is op 26 mei 2016 in werking getreden en zal vanaf 26 mei 2018 worden gehandhaafd. Dit betekent voor allen die werken met persoonsgegevens dat zij behoorlijk goed moeten kijken naar hun werkwijze en waar nodig deze moeten wijzigen. Ook is er een nieuwe functie bij veel bedrijven in het leven geroepen: de functionaris voor de gegevensbescherming, die toezicht moet houden op de persoonsgegevensverwerking. Nu schreef ik hier eerder over bedrijven, maar ook voor alle hogere en lagere overheden gelden de bepalingen van de AVG vanaf mei volgend jaar. Of hiermee elke autogarage die algemene periodieke keuringen verzorgd ook een functionaris voor de gegevensbescherming in dienst zal nemen is volgens Jansen maar zeer de vraag.
Jeroen Lubbers heeft de aanwezige studenten bewust gemaakt van de bevoegdheden die Facebook heeft en alle informatie die wij doorgeven door het gebruik van sociale media. Als men Facebook gebruikt via de app op hun telefoon kan Facebook onder andere op elk moment zien wie jouw contacten zijn, wat jouw batterijniveau is en zelfs zien aan wie jij de meeste aandacht besteedt op sociale media. Ook apps als Snapchat en Instagram vallen tegenwoordig onder het moederbedrijf van Facebook, en geven daarom jouw gegevens door conform hun voorwaarden waar bijna iedereen klakkeloos mee akkoord gaat.
Al met al gaf Dirkzwager een ontzettend interessante workshop, die voor studenten die dachten dat ze al veel wisten toch nog een grote eyeopener kon zijn!

JPR
JPR, het bekende kantoor met de oosterse ori?ntatie, was voor de eerste keer aanwezig bij het LISA-symposium. De drie medewerkers van JPR kwamen met elf uitdagende meerkeuzevragen. Deze waren allen ontleend aan recente rechtspraak of een soortgelijke kantoorzaak. Ook onze Groningse professor voor het intellectuele eigendom, Paul Geerts, werd genoemd wegens zijn kritiek op het Hasbro-arrest. Door het goed beantwoorden van de gestelde vragen kon een stageplek worden gewonnen; Max en Ruben mogen zich de gelukkige winnaar van deze prijs noemen. Daarnaast ontvingen zij ook een paraplu en een kistje met twee goede flessen wijn: een prima beloning voor uitmuntende IE-kennis dus.
De workshop van JPR was voor veel leden een feest der herkenning, dan wel een kleine opfrisser die nog eens inzichtelijk maakte waar de kennis bijgespijkerd dient te worden.

Hogan Lovells
Het was het grote internationale kantoor met haar vestiging in Amsterdam die een van de meest hardcore IE-onderwerpen van het LISA-symposium van 2017 had gekozen: octrooirechten op smartphones. Voor veel leden is het octrooirecht een nog onontgonnen gebied in hun kennis, omdat dit in de bachelor niet aan de orde komt en in de master als een van de deelonderwerpen bij het vak intellectuele eigendom. Gelukkig hebben enkelen al wel enige kennis opgedaan bij de Masterclass Octrooirecht van LISA, die onder begeleiding staat van professor Paul Geerts. Dit verschillende kennisniveau vingen Liselotte Cortenraad en Joost Duijm goed op door eerst een korte introductie te geven in het octrooirecht. Ook voor iemand die al wat meer wist van het octrooirecht kwamen nieuwe dingen langs: zo had ondergetekende eerder nog niet gehoord van het zogenaamde Verkort Regime Octrooizaken, een soort tussenvorm tussen enerzijds een normaal kort geding en anderzijds een normale bodemprocedure. Ook werden een aantal interessante kenmerken van octrooigeschillen in de telecom-sector gegeven: vaak spelen zaken gelijktijdig in verschillende landen en wordt er door een octrooihouder tegelijk meerdere andere fabrikanten aangesproken op het vermeende inbreuk maken. Dit kan je ook in je voordeel gebruiken door bij de zittingen aanwezig te zijn van eiser tegenover een andere gedaagde om zo alvast enkele van hun argumenten op te pikken.

Trip
Trip is, met kantoren in Assen, Groningen en Leeuwarden, een echte speler in het noorden.
Wat begon als een praatje over de nieuwe privacywetgeving werd al snel een mini-college, alleen dan eentje waarbij iedereen de aandacht er wel bij kon houden. Door niet alleen de algemene aankomende wetswijzigingen te bespreken maar ook dieper op de gevolgen voor particulier en bedrijf in te gaan wist trip echt verbinding met de stof te verwezenlijken.
De mensen die in de eerste workshopronde zaten hebben echter wel wat gemist. Door een gebrek aan tijd en enige uitloop van het plenaire gedeelte hebben ze niet gehoord aan welke vereisten een vereniging als bijvoorbeeld LISA na 25 mei 2018 moet voldoen. De mensen in de tweede ronde hebben dan ook te zien gekregen dat bij het aanmaken van een account, en daarbij het verzamelen en verwerken door LISA van persoonsgegevens straks veel meer komt kijken.
De meeste leden zullen bij de workshop van Trip ook hebben gehoord dat we nog steeds de goeie studierichting hebben gekozen, aangezien de ICT-recht jurist nog zeer gewild is! Trip Advocaten & Notarissen heeft hiermee een prachtige workshop afgeleverd.

Recruitmentdiner?
Het laatste onderdeel van het symposium van dit jaar was de tweede editie van het recruitmentdiner van LISA. Een select gezelschap studenten van 12 personen mocht aanschuiven bij Dirkzwager, Hogan Lovells en JPR om onder het genot van een heerlijk diner in drie gangen nader kennis met elkaar te maken en al hun vragen te stellen. Ik kan alleen spreken voor mijn eigen tafelgenoten, maar ik geloof dat wij inderdaad een aardig vragenvuur hebben afgevuurd op de aanwezigen van de kantoren. Gelukkig was er ook tijd voor gewoon ontspannen genieten van het heerlijke eten en het aangename gezelschap. Wederom vatbaar voor herhaling dus!

Namens de Redactiecommissie van LISA,

Auke-Frank Tadema, Thomas ten Berge, Maaike Meijer & een gast-bijdrage van Joris Vos

Bronnen: Lisa Groningen

Argos: Boeven vangen met algoritmes

De politie kan misdaad voorspellen. Meer dan de helft van basiseenheden van de politie werkt al met?Predictive Policing. Volgend jaar moeten alle politie-eenheden ermee gaan werken.Het Criminaliteits Informatie Systeem, Het Cas, maakt gebruik van de kracht van Big Data. Met behulp van politiegegevens, CBS-gegevens, cijfers van aangiftes enzovoort, kan bijvoorbeeld worden voorspeld in welke buurt morgen de kans op woninginbraken het grootst is. Het geeft de politie de mogelijkheid op te treden nog voordat er een misdaad is gepleegd. Maar wat voorspelt CAS eigenlijk? Wie controleert of de ingevoerde data kloppen? Kunnen algoritmes ook discrimineren?

Een Radio programma met Dick Willems van de politie geeft uitleg over de werking van CAS dat al bij 110 van de 168 politieteams wordt gebruikt en in 2018 in alle politieteams om effici?nter te werken en politie inzet niet op buikgevoel te sturen.? En met Selmar Smit van TNO geeft uitleg over hoe kunstmatige intelligentie en machine learning werkt. De Big Brother Awards 2015 komen aan bod waarin de politie een award kreeg en predictive policing aanprees. Ook Marc Schuilenburg, jurist en filosoof aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, geeft commentaar en is kritisch over het middel predictive policing omdat er nog weinig over bewezen is en dat de nadelen momenteel zwaarder wegen dan de voordelen. Algoritmes kunnen volgens hem alles bepalend worden, niet objectief zijn en toch sturend. Predictive policing doet namelijk geen voorspellingen, maar aan extrapoleert volgens hem alleen historische data. Het cre?ert een bias, een tunnelvisie die zich blijft focusseren op een bepaalde groep of gebied door de data in het systeem. Stel dat de politie alleen mensen met een migratie staande houdt, dan zal het systeem zich daarop trainen. De bias van de mens, en dit geval heel veel politiemensen, sluipt op die manier in het systeem. In Amerika blijkt al dat donkere amerikanen die wiet roken tien keer meer gearresteerd worden dan blanken die evenveel wiet roken. Dit is een vorm van etnisch profileren die in de algoritmen kan sluipen als dit de enige basis vormt voor predictive policing. Een ander risico is dat de politie zich kan gaan focusseren op gedragingen die op zichzelf nietszeggend zijn, zogenaamde zwakke signalen. Het gaat hier om correlaties en combinaties van gedragingen die statistisch gezien tot crimineel handelen kan leiden. Politie handelt in dat geval als een soort psychiater en niet meer alleen op redelijke gronden van schuld, maar leggen een verhaal vast. Het idee van predictive policing is volgens hem om in een steeds vroegtijdelijker stadium met voorbereidende handelingen al in gaat grijpen, bijvoorbeeld in het geval van terrorisme. Er is momenteel in Amerika, maar ook in Nederland, te weinig controle op welke data er in de systemen wordt meegewogen om tot statistische voorspellingen te komen. Het kan leiden tot een totaal andere manier van functioneren van de politie dan we de afgelopen 300 jaar gewend zijn geweest en deze discussie wordt volgens Schuilenburg onvoldoende tot niet gevoerd.

Gasten in de Argos studio zijn Rutger Rienks is data-analist, eerder ook bij de politie, en schreef in 2015 een boek over?predictive policing. En Bart van der Sloot is onderzoeker op de Tilburg University, op het gebied van big data en privacy. Ook schreef hij mee aan een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid over big data-gebruik bij de overheid. Volgens Bart van der Sloot is de politie de enige die zegt dat predictive policing in Nederland werkt, een soort “WC Eend adviseert WC Eend”, terwijl het maar sterk de vraag is of het werkt. EEn expliciete juridische basis ontbreekt bovendien volgens hem of is onvoldoende. Rutger geeft aan dat algoritmen beter zouden kunnen zijn. Hij ziet dat de bias verminderd kan worden door schaalgrootte: hoe meer data je gebruikt van meer mensen, hoe stabieler je een uitspraak kan doen omdat de individuele menselijke bias minder zal zwaar zal meewegen. Niemand wil een Big Brother die elk individu 24/7 in de gaten houdt. Maar geen politie wil ook niemand. Het waarnemingsvermogen van politie wordt steeds beter, denk aan extra camera’s op de weg, krijgt een steeds betere informatiepositie (big data en hierover kunnen redeneren) en kan steeds meer en beter met ketenpartners en publiek private partners ingrijpen. De politie krijgt momenteel nieuwe middelen, maar Bart van der Sloot vindt dat problematisch als die middelen niet werken en meer nadelen dan voordelen kennen. De politie is nu al bezig met Smart Cities in samenwerking met bedrijfsleven. Mandarijnengeur spuiten in de straat om geweld te voorkomen, onbewuste manipulatie van burgers om veiligheid te verbeteren. De overheid tast hier volgens hem de autonomie van burgers hiermee aan. Al deze experimenten vinden op dit moment plaats in een wettelijk niemandsland. De WRR pleit in haar rapport voor meer controle achteraf, maar ook tussentijds door bijvoorbeeld een autoriteit bescherming persoonsgegevens.

Bronnen: Argos

Onderzoek van de Politieacademie naar Predictive Policing: lessen voor de toekomst
[slideshare id=73217737&doc=predictivepolicing-lessenvoordetoekomst-170316163022&type=d]
Publicatie van Rutger Rienks “Predictive policing – kansen voor een veiligere toekomst”
[slideshare id=46552302&doc=predictivepolicing-kansenvooreenveiligeretoekomst-150401143504-conversion-gate01&type=d]

Publicatie van TNO over de volgende stap na predictive policing: prescriptive policing
[slideshare id=61354641&doc=104tnorpredictivepolicingweb-160426065651&type=d]

Publicatie van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid over Big Data gebruik bij de overheid
[slideshare id=61479991&doc=bigdataineenvrijeenveiligesamenleving-160428204125&type=d]