#FreezeFrame

Maandag 9 december 2013?presenteerde Jan Willem Alphenaar zijn idee over FreezeFrame?in Antwerpen en dinsdag in Amsterdam bij Online Tuesday. Bekijk de videoregistratie hieronder (de presentatie duurt slechts vijf minuten). De bijbehorende slides staan eronder.?Het is een idee rondom moderne media dat burgers en politie kan ondersteunen de meest essenti?le informatie van een misdrijf zo snel mogelijk te achterhalen en verzamelen, om zo zaken effectief en snel opgelost te krijgen. Het idee lijkt simpel, maar tot op heden is er nog geen initiatief die dergelijke mogelijkheden biedt, of toch wel? Laat het aan Jan Willem en ons weten!

Zou de Film Freeze Frame (“off-camera is off-guard”) een deel van zijn inspiratie zijn geweest? Bekijk onderstaande trailer:

Bron: Jan Willem Alphenaar

De improvisatiemaatschappij

improvisatiemaatschappij_tcm30-269152Op 2 december 2013 presenteerde Hans Boutellier zijn nieuwe boek: ?De improvisatie- maatschappij. Over de sociale ordening van een onbegrensde wereld?.?De improvisatiemaatschappij?werpt een nieuw licht op de complexiteit van de huidige samenleving. Velen ervaren chaos en onoverzichtelijkheid. Er heerst onbehagen onder burgers en er is onzekerheid bij bestuurders. Het lijkt aan perspectief te ontbreken. Maar misschien zien we wel iets over het hoofd?! Hans Boutellier levert een realistische en inspirerende voorstelling van een nieuwe sociale orde. Het boek gaat over identiteit en woede, waarden en normen, participatie en integratie, en over recht en veiligheid. Het biedt een brede, onderbouwde en constructieve visie op de hedendaagse samenleving.
Hieronder twee fragmenten uit het eerste?hoofdstuk.???Het gaat om sociale orde als inrichting van de morele ruimte, vanuit een oogpunt van de continu?teit van de samenleving?.
In een digitaal onbegrensde wereld is identiteit eens temeer een kernopgave van staten, gemeenschappen, instituties en individuen. De ?power of identity? valt moeilijk te overschatten. Een saillant voorbeeld daarvan betreft een uitspraak van prinses Maxima in 2008 dat ze de Nederlandse identiteit had gezocht, maar niet had gevonden. Ze deed die bij de presentatie van een rapport dat, subtiel,?Identificatie met Nederland?(WRR 2007) is getiteld. We identificeren ons volgens dit rapport met vele posities en rollen, hetgeen het idee van een eenduidige nationale identiteit relativeert. Het leek de WRR dan ook aangewezen als overheid niet te veel te tamboereren op het vraagstuk van nationale identiteit.

Nationale identiteit
Deze enigszins voor de hand liggende stelling kwamen Maxima en de WRR op buitengemeen felle reacties te staan. Publicist Paul Scheffer sprak op de tv zelfs van een belediging van de Nederlanders. Waar de natiestaat op diverse fronten onder druk staat ? door de economische globalisering, door de informatiemaatschappij, door de Europese Unie, door de miljoenen nieuwe Nederlanders ? groeit de hoop op een nationale identiteit, die vervolgens niemand weet te defini?ren. Zo werd met veel poeha in 2006 besloten tot een nationaal historisch museum dat vervolgens (althans vooralsnog) naar de postmoderne ratsmodee is geholpen.

Cultuur, integratie, identiteit ? de grote sociale thema?s van alle tijden, zijn dat nu, in onbegrensde vorm, des te meer. Lange tijd hoopte men dat na de verzorgingsstaat ?de markt? als vanzelf de sociale orde zou regelen. Maar de neoliberale hoop staat ? onder meer door de economische crisis ? onder grote druk. De commercialisering van de jaren negentig werkte eerder ontwrichtend dan ordenend voor de sociale verhoudingen. Een onbegrensde wereld wordt als onleefbaar ervaren als aan haar alleen economische betekenis wordt toegekend ? al zal de kosmopolitische elite haar als probleemloos ervaren. De hiervoor gegeven voorbeelden van culturele disputen typeren de onbegrensde, ambivalente wereld aan het begin van de eenentwintigste eeuw. Zoals auteurs als Bauman en Giddens niet nalaten te benadrukken: onze tijd is er een van onzekerheid. En dat heeft zo zijn consequenties.

Morele kwaliteit
Meermaals is aangetoond dat mensen tevreden zijn met hun eigen leven, maar zich zorgen maken over de morele kwaliteit van de samenleving als geheel. Het is een uiting van een verlangen naar normatieve richting, maar dan vooral voor de ander. De meesten van ons cre?ren voor zichzelf klaarblijkelijk een bevredigende omgeving, maar kunnen deze moeilijk plaatsen ten opzichte van het grotere geheel. De verantwoordelijkheid voor ons handelen is volledig op onze eigen schouders beland, zegt Bauman. We staan voor de psychologisch gesproken niet geringe opgave ons te identificeren met een veelvoud aan rollen, posities en verbanden. Waar vanzelfsprekende identiteitsvormen ontbreken, moeten we zelf zoeken naar onderdak (zonder adres). In dat verband zouden we kunnen spreken van psychologischebricolages: we knutselen onze eigen coherentie in elkaar. Dat lijkt de meeste mensen individueel aardig te lukken, maar ze kunnen zich geen voorstelling maken van de samenleving die daarbij hoort.

De ambivalenties van deze tijd stellen hoge eisen aan gemeenschappen, staten, wijken, instituties, organisaties, families en individuele personen. De gevonden oplossingen voor de identiteitsonzekerheid zijn vaak extreem verschillend. Zo zien we aan de ene kant de hedonistische verheerlijking van het lichaam in sport, mode en cosmetische chirurgie, en aan de andere kant het verschuilen onder hoofddoekjes, in lichaamsbedekkende kleding of zelfs boerka?s. Het zijn voorbeelden van een caleidoscopisch beeld dat overstegen moet worden in een zekere gemeenschappelijke voorstelling. Er schuilt een enorme spanning tussen de fragmenterende krachten van de buitenwereld en het verlangen naar innerlijke coherentie. We weten de eigen omgeving redelijk te organiseren, maar begrijpen nauwelijks hoe die samenhangt met de rest van de onbegrensde wereld.
(?)

Sociale continu?teit
Om misverstanden te voorkomen: ??n enkele geruststellende gedachte zal ik met dit boek niet leveren, maar misschien wel een paar waarmee sociale orde kan worden gedacht. In deze conceptuele?framing?schuilt een wetenschapstheoretisch probleem. Zij is namelijk zowel beschrijvend als normatief. Sterker nog: ik lever commentaar, maar ook een sprankje hoop. Met de articulatie van het actuele sociale ordeningsproces formuleer ik een perspectief dat ik vind passen in de huidige context. Ik probeer tussen het befaamde?Sein?en?Sollen?een positie te vinden die zich laat omschrijven als?K?nnen: ?het zou kunnen zijn?. Daarbij beoog ik bij te dragen aan, wat ik zou willen noemen,?sociale continu?teit. Dat begrip verwijst naar een robuust samenlevingsverband dat zowel standvastig als flexibel is teneinde zijn voortbestaan in de toekomst te garanderen. Het gaat om sociale orde als inrichting van de morele ruimte, vanuit een oogpunt van de continu?teit van de samenleving. De samenleving opgevat als het geheel van betrekkingen tussen mensen die formeel en informeel zijn geregeld of als vanzelfsprekend gelden.

Sociale continu?teit vormt een motief om ordening te realiseren, maar het is nog geen richtinggevend begrip. In zijn toepassing kan het defensief werken, of juist te opdringerig. Het kan libertair zijn, en ook conservatief. Maar het wijst wel op het belang van de relatie tussen ordenende en chaotische krachten. Het gaat om de strijd tussen barbarij en beschaving, tussen lust en realiteit, tussen spontaniteit en veiligheid. Deze tweestrijd voltrekt zich steeds weer onder nieuwe condities. In een onbegrensde wereld ? geografisch en moreel ? neemt zij de vorm aan van een permanent proces van improvisaties. Dat is de centrale stelling van dit boek. Improvisaties die vari?ren van fanatiek structureren tot hopeloos geklungel en schitterende harmonie.

Georganiseerde vrijheid
Het begrip ?improvisatiemaatschappij? biedt een?frame?waarmee de morele incoherentie en de institutionele complexiteit van deze tijd beter begrepen kan worden. In normatieve zin beschouw ik improvisatie als de belofte van?georganiseerde vrijheid. Het gaat om een dynamiek die uitstijgt boven het beeld van chaos versus ordening. In het begrip ?vrijheid? ? zowel positief als negatief ? herkennen we de grandioze premisse van de rechtsstaat, op basis waarvan iedere burger op basis van gelijkwaardigheid en zonder willekeurige overheidsinterventies zijn eigen levensproject kan realiseren. En het woord ?georganiseerd? herinnert aan de onvolkomenheid van diezelfde mens; deze kan niet anders zijn dan in grote afhankelijkheid van medemensen en de ordening die daarvoor nodig zijn: in de gemeenschap, de maatschappij of netwerksamenleving.

Nieuwe omstandigheden vragen om nieuwe vormen van ordening. Na de gemeenschap (Gemeinschaft) met zijn mechanische orde, en de maatschappij (Gesellschaft) met zijn organische orde zouden we kunnen spreken van een?Netzschaftdie zijn ordening realiseert via improvisatie. In netwerkstructuren ontwikkelt zich een nieuwe vorm van samenleven, een sociale ordening van knooppunten en relaties daartussen. Deze kan iedere denkbare gedaante aannemen, afhankelijk van de bewegingen van de omliggende (horizontale en verticale) knooppunten. Over de kenmerken van dit nodale universum kom ik uitgebreid nog te spreken. Voor dit moment constateer ik dat netwerken zich niet aandienen als oorzaak maar als oplossing van complexiteit, mits zij normatief richting krijgen vanuit duidelijke identiteiten.

Hans Boutellier is directeur van het Verwey-Jonker Instituut en bijzonder hoogleraar veiligheid en burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam. Eerder publiceerde hij ?De veiligheidsutopie, hedendaags onbehagen en verlangen rond misdaad en straf? waaraan in Tegenlicht ook een uitzending werd gewijd.??

Bronnen: Sociale vraagstukken

1dagniet

1dagniet
stopdeinbreker-150x150Nederland kent 250 woninginbraken per dag. Op 11 december 2013 (11-12-13) sloegen veel mensen de handen ineen tijdens een nieuw burgerinitiatief?om?inbrekers een halt toe roepen. Met steun van politie en overheden.?E?n actiedag tegen woninginbraken: 1dagniet.

In tientallen steden, wijken en dorpen organiseerden initiatiefnemers acties gericht op inbraakpreventie. Veel buurtpreventieteams waren actief.?Het BuurTeam Gillis in Delft?ging?samen met de wijkagenten en leden van de buurtpreventie verzetstrijdersbuurt door de?wijk wandelen en leerden?waar ze meer op moeten letten.

buurteam

Buurtpreventie Maasland is minimaal 36 manuren deze dag op straat aanwezig geweest om nogmaals duidelijk te maken dat zij geen inbraken of overlast tolereren.

maasland

In Harlingen?heeft burgemeester R. Sluiter het pilot project ?Buurtpreventie Groot Ropens? geopend. Het project is vooral gericht op het voorkomen van inbraken in de wijk. Buurtpreventie is een burgerinitiatief dat in Harlingen door de buurtvereniging in Groot Ropens is opgepakt. De politie en de gemeente ondersteunen deze pilot. Na diverse overleggen met politie en gemeente en een informatiebijeenkomst starten de vrijwilligers vanaf vandaag met surveilleren.

Tijdens het surveilleren wordt gelet op onveilige situaties. De vrijwilligers zullen de bewoners daarop aanspreken en preventietips geven. De vrijwilligers zijn herkenbaar aan de reflecterende armband met het logo van buurtpreventie. Vele wijkbewoners zijn al aangesloten bij een speciale WhatsApp-groep. In deze besloten groep kan men gemakkelijk via de smartphone melding doen van onveilige situaties en/of verdachte personen/auto?s in de wijk.

De gemeente Harlingen kampt met veel woninginbraken. De gemeente schenkt daarom veel aandacht aan preventie. Het afgelopen jaar is er een huis-aan-huisbrief verspreid met preventietips en in de Week van de Veiligheid werd een kortingsactie voor de aanschaf van beveiligingssystemen gehouden. Regelmatig is er overleg met politie, de gemeente Franekeradeel, De Bouwvereniging en woningstichting Accolade.?

Op Goeree-Overflakkee trok de?gemeente samen met de politie en een aantal buurtpreventieteams die in onze gemeente actief zijn de dorpen in. Op deze avond werden?in drie dorpskernen op het eiland Goeree-Overflakkee een preventieactie uitgevoerd.

Tijdens deze actie wordt gelet op onder andere openstaande deuren of ramen, buitenverlichting rondom de woning en opvallende zichtbare en waardevolle voorwerpen in woningen. Bij het aantreffen van een open deur / raam bij een ruimte zonder direct toezicht wordt er een zgn. Wit Voetje gelegd, met de boodschap: dit had een schoenafdruk van een insluiper kunnen zijn. Er wordt daarnaast ook een begeleidende brief in de brievenbus gedaan met uitleg over de inpact van woninginbraken en wat er tijdens de controle is geconstateerd. Op 16 december wordt dezelfde actie gehouden in een drietal andere kernen waar buurtpreventieteams actief zijn.?

Preventieteam Maartensdijk deed extra rondes en er was aan alle inwoners gevraagd om ook een extra wandeling te maken en de buurt te controleren op verdachte situaties. Ook is er gevraagd om het huis extra te controleren op inbraakgevoelige plekken en zoveel mogelijk mensen van deze acties op de hoogte te brengen.

Het Woning Inbraken Team Sittard / Maastricht van de politie gaat samen met diverse ondersteunende politiediensten op deze dag surveilleren om actief te kunnen reageren op alle meldingen m.b.t. woninginbraken in zowel Sittard en Maastricht.

Ook zal in die wijken waar de afgelopen weken een stijging is te zien bewoners door de politie preventief advies worden gegeven in het kader van inbraakpreventie.. Doelgroepen zijn de studenten in Maastricht en de oudere alleenstaande ivm de zogenaamde babbeltrucs. Daarnaast zal ik in het daggedeelte door de politie divers ?pandjeshuizen? bezocht worden in het kader van heling bestrijding.

D – Diefstal: fietsendief

Wie in San Francisco betrapt wordt op het stelen van een fiets, zal het geweten hebben. De Anti-Bike Theft Unit zet de daders meteen met naam en foto op zijn Twitter-account. De account telt meer dan vierduizend volgers. De politie gebruikt de socialemediadienst ook om fietsen op te sporen. Ze vraagt slachtoffers van een fietsdiefstal om meteen een foto van de gestolen fiets te tweeten. De eenheid deelt die tweets dan met haar volgers, die op hun beurt de foto kunnen verder verspreiden. Via Twitter doet de eenheid vooral aan preventie. Ze geeft tips om fietsdiefstallen te voorkomen. Die gaan bijvoorbeeld over hoe je je fiets best op slot zet en welke sloten je best gebruikt.


De politie maakte zelfs een plattegrond van San Francisco met daarop de plaatsen waar je je fiets beter niet onbeheerd achterlaat. De kaart duidt alle plaatsen waar vorig jaar fietsen zijn gestolen aan met een stip. Hoe meer diefstallen op die plaats, hoe groter de stip. De Anti-Bike Theft Unit maakt gebruik van lokfietsen die van gps zijn voorzien. Tegelijk verspreidt de politie massaal stickers met daarop “Is this a bait bike?” (Is dit een lokfiets?).

? SFPD Anti Bike Theft.

In San Francisco verdwenen in 2012 meer dan vierduizend fietsen, een stijging met 70 procent ten opzichte van 2006. De politie wil het aantal fietsdiefstallen tegen 2018 met de helft doen dalen. De forse stijging van het aantal fietsdiefstallen hangt samen met het toenemende fietsgebruik in de VS. Sinds 2000 is het aantal Amerikanen dat naar het werk fietst, met 60 procent gestegen.

In San Francisco kopen veel inwoners ook een duurdere fiets van meer dan 1.000 euro. Die horen bij een alternatieve, trendy levensstijl.

Maar ook het Nederlandse Groningen dingt mee naar wereld fietsstad:

Groningen: The World’s Cycling City from STREETFILMS on Vimeo.

 

Bron: DeMorgen, SFBike.org, CyclingWeekly

C – Cyberpesten: documentaires

Reeds in 2011 was er de documentaire?Cyberbu//y?over een tienermeisje dat gepest wordt. Afgelopen jaar is de Submit documentaire over cyberpesten geproduceerd en gratis online te bekijken:

Submit the Documentary Director’s Cut from SubmitTheDoc on Vimeo.
Ook de bekroonde documentaire??Children full of life? biedt een indringend beeldverslag van Mr. Toshiro Kanamori, een inspirerende, zeer authentieke leerkracht die tegen de conservatieve stroom in verbondenheid cre?ert met en onder zijn leerlingen.




)

Filmpjes van 8 tieners die soms ook ondernemen en de kansen van social media pakken, maar ook risico’s lopen.

Jasmijn (12): ?Heel veel ouders weten niet eens wat Hyves is en wat je er allemaal mee kan doen. En dan kunnen die kinderen gewoon hun gang gaan.?

Wilma (17): ?Zo werd ik steeds verliefder. En hij maakte ook wel duidelijk dat ie een keer wilde afspreken. Eigenlijk wou ik het wel, maar ook weer niet.?

Adil (12): ?Ik verstuur ongeveer honderd tweets per dag. Dat is best veel ja. Later wil ik nog een stapje hoger, nog meer leren.?

Zora (15): ?Hij is nooit uit. Hij is echt nooit uit. Dan lijkt het alsof ik geen contact heb met de buitenwereld.?

Ross (14): ?Je zit in een andere wereld. Hier ben je maar gewoon een kind met Asperger dat nog op de middelbare school zit.?

Nando (13): ?Ik kan er nog niks over zeggen. We zijn best bang dat het idee gestolen wordt.?

Fee (12): ?Op YouTube kun je ook beroemd worden. Sommige van mijn filmpjes zijn wel 3000 keer bekeken.?

Alex (13): ?Ik ben van nature een rustige jongen. Ik voel niet de aandrang om anderen iets aan te doen vanwege zo?n spel.?

Marjolijn Bonthuis licht toe hoe jongeren digitale media gebruiken om te ondernemen. Wat zijn de kansen en valkuilen?

Remco Pijpers legt uit wat je kunt doen om digitaal pesten te voorkomen of op te lossen.

Maar ook in kinderprogramma’s is er aandacht voor digitaal gedrag, zoals bij Phineas and Ferb:

Meer informatie over cyberpesten en wat er tegen te doen vind je op oa:

Inzicht in beslisgedrag maakt dat meer burgers meedoen

Inzicht in beslisgedrag maakt dat meer burgers meedoenZelfredzaamheid is het credo in de nieuwe participatiestaat. Burgers steeds vaker het heft in eigen hand, in de online en fysieke wereld. Mensen wachten na een incident niet tot hulpdiensten ter plekke zijn maar gaan meteen zelf over tot actie, en door het internet en genetwerkte maatschappij steeds vaker ook van een (grote) afstand. Velen nemen zelf initiatieven om problemen in de wijk aan te pakken en de leefbaarheid te vergroten. Helaas ? zo stelt hoogleraar psychologische besliskunde Jos? Kerstholt van de UT en werkzaam bij TNO – geldt dat zelfredzame gedrag lang niet voor iedere burger. Ondanks dat moderne middelen als social media dit laagdrempeliger maken. Eind vorig jaar kwam?TNS NIPO?met het rapport ?Niet iedereen is toe aan de participatiesamenleving. Handreiking voor een gesegmenteerde doe-democratie-strategie.? Uit dit rapport blijkt dat een ruime meerderheid van de Nederlandse burgers bereid is anderen te helpen maar dat niet iedereen geschikt is om anderen te helpen.?Hoe zorg je ervoor dat m??r burgers het heft in eigen handen nemen? Kerstholt beantwoorde deze vraag tijdens haar intreerede. Inzicht in het menselijk beslisgedrag kan ervoor zorgen dat meer burgers meedoen: mensen hebben soms een klein zetje in de rug nodig.

Kerstholt kijkt als psycholoog vooral naar het individuele niveau ? wat zijn de basisprocessen die aan keuzegedrag en zelfredzaamheid ten grondslag liggen, wat drijft nou eigenlijk die individuele burger. Zij richt haar onderzoek voornamelijk op het domein van sociale leefbaar- en veiligheid. Kerstholt: ?Er zijn nog genoeg klussen die burgers niet willen doen. Daarnaast is het lastig mensen aan te zetten tot preventief gedrag, denk bijvoorbeeld aan de installatie van rookmelders.?

Beslissingen
Wanneer je volgens Kerstholt het beslisgedrag van burgers begrijpt, kun je ze ook beter ondersteunen. Beslissingen worden gestuurd vanuit twee verschillende systemen: een analytisch en een intu?tief systeem. Analytische beslissingen worden bewust genomen, het gaat relatief langzaam en kost veel mentale inspanning. De meeste beslissingen worden echter intu?tief genomen. Intu?tieve beslissingen verlopen snel, associatief, onbewust en gevoelsmatig. Kerstholt: ?Ons gedrag is veelal gewoontegedrag wat lastig is om met bewuste sturing te veranderen.?

Heft in eigen hand
Burgers nemen steeds vaker zelf het initiatief om de leefbaarheid in hun directe omgeving te verbeteren: zij richten buurthuizen op, onderhouden gezamenlijk de groenvoorziening en houden speeltuinen en zwembaden open die door bezuinigingen met sluiting worden bedreigd. Maar dit zelfredzame gedrag geldt niet voor elk onderwerp en niet voor elke burger. Zo willen burgers best de stoep voor hun eigen huis vegen maar is er veel minder animo voor het onderhouden van de groenvoorziening in de wijk.1?Bovendien zijn mensen in wijken waar men weinig voor elkaar doet minder bereid om zich in te zetten voor het publieke belang dan burgers in wijken waar men al veel voor elkaar doet. Om meer burgers zelfredzamer te maken is inzicht nodig in menselijk beslisgedrag.

Hoe vergroot je de zelfredzaamheid van mensen? Kerstholt noemt drie manieren. Ten eerste ontwikkelde zij met haar team een ?Serious Game?. Bij ?Serious Gaming? gaat het bijvoorbeeld om een leeromgeving die zich zowel op het analytische als intu?tieve denken richt. In het spel (soort triviant-vorm) gaan deelnemers informatie en verhalen uitwisselen. Het tweede voorbeeld betreft een keuzehulp die gebaseerd is op verhalen en videofragmenten. Kerstholt: ?Door de inzet van deze keuzehulp worden mensen zich bewust van hun motieven. Waarom willen ze graag vrijwilligerswerk doen bijvoorbeeld? Door inzet van deze keuzehulp blijken mensen beter in staat te zijn om hun eigen keuzes te maken en daar ook aan vast te houden.? Tenslotte kun je proberen bureaucratische hobbels en obstakels weg te nemen. Of je kunt proberen beter aan te sluiten bij natuurlijke neigingen van mensen. Zo zou je bij ontwerpplannen voor evacuaties rekening kunnen houden met het feit dat veel mensen vluchten via de weg waarlangs ze ook zijn binnengekomen.

Ons gedrag is veelal gewoontegedrag en daarmee lastig bewust te sturen
Beslissingen kunnen op twee manieren worden genomen: op een analytische en op een intu?tieve manier.2?De analytische manier houdt in dat alle voor- en nadelen van mogelijke opties expliciet tegen elkaar worden afgewogen. Dergelijke beslissingen worden dus bewust genomen, het gaat relatief langzaam en kost veel mentale inspanning. De meeste beslissingen komen echter niet op zo?n analytische manier tot stand, maar worden intu?tief genomen. Intu?tieve beslissingen verlopen snel, associatief (het is gebaseerd op ervaringskennis), gevoelsmatig en men is zich niet bewust van het onderliggende proces.

Ons gedrag wordt meer bepaald door intu?ties dan door analytische afwegingen. Jonathan Haidt gebruikte in dit verband de metafoor van een olifant en zijn berijder3: de olifant is het intu?tieve denken en de berijder het analytische denken. De olifant is geneigd om op zijn gevoel en ervaringskennis af te gaan en daarmee gebaande paden te volgen. De berijder kan in principe verder kijken, overziet het keuzelandschap, en kan zich bewust zijn van de kwaliteit van de verschillende paden. De olifant is echter moeilijk bij te sturen. Met andere woorden: ons gedrag is veelal gewoontegedrag wat lastig is om met bewuste sturing te veranderen.

Mensen doen pas iets als ze gevraagd worden
Daarnaast weet de berijder vaak ook niet welk pad de olifant het liefst zou bewandelen. Hij overziet weliswaar het hele landschap, maar omdat hij de wensen van de olifant niet kent, weet hij niet welk pad het beste is. Met andere woorden: we zijn ons vaak niet bewust van wat wij zelf belangrijk vinden. In het kader van actief burgerschap betekent dit dat mensen zich misschien wel voor de publieke zaak in willen zetten, maar zich niet bewust zijn van hun eigen motieven, hun eigen waarden en hun eigen rol. Gevolg is dat mensen pas iets gaan doen als ze gevraagd worden en niet kiezen op basis van eigen persoonlijke voorkeuren.

Burgers helpen keuzes te maken in vrijwilligerswerk
Om burgers te ondersteunen bij de bewustwording van hun eigen voorkeuren voor vrijwillige inzet, hebben wij een keuzehulp ontwikkeld. Het intu?tieve denken is gebaseerd op ervaring, op beelden en verhalen. Wij gebruiken daarom verhalen om mensen te helpen zich bewuster te zijn van hun keuzes. Ze krijgen korte videofragmenten te zien waarin acteurs een bepaald aspect van het vrijwilligerswerk belichten, bijvoorbeeld overwegingen als ?je hoort iets voor de samenleving te doen? of ?je kunt er iets van leren?. Als mensen zo?n verhaaltje horen, weten ze vaak direct of ze het ermee eens zijn of niet. Het roept een gevoelsmatige reactie op en geeft daarmee informatie over onbewuste voorkeuren. Hierdoor worden mensen zich bewust van wat ze kennelijk meer of minder belangrijk vinden in vrijwilligerswerk en zijn ze beter in staat om eigen keuzes te maken.4

De overheid moet het initiatiefnemers makkelijker maken
Nu kun je proberen om het gedrag van de olifant te sturen, maar je kunt ook ingrijpen in het keuzelandschap. Een voor de hand liggende manier is om ervoor te zorgen dat het gewenste pad ? eigen initiatief ? goed begaanbaar is. In de praktijk blijkt dat burgers vaak nog de nodige bureaucratische hobbels moeten nemen om hun initiatief gerealiseerd te krijgen. Deze burgers zijn dus uit zichzelf al het goede pad ingeslagen, zijn zelfredzaam, maar moeten wel over een forse dosis wilskracht beschikken om niet halverwege af te haken vanwege belemmerende regelgeving en voorschriften. De overheid moet het kortom initiatiefnemers makkelijker maken om hun idee?n ook daadwerkelijk te kunnen realiseren.

Zelfredzaamheid leidt tot minder autonomie bij de kwetsbaren
Een andere manier waarop je het landschap zo kunt veranderen dat het tot meer zelfredzaamheid leidt, is door nieuwe paden te cre?ren. Als gevolg van de bezuinigingen wordt er bijvoorbeeld een moreel app?l gedaan op burgers om meer hulp aan elkaar te verlenen. En dat is natuurlijk een mooi principe, maar uiteindelijk komt het erop neer dat juist de kwetsbare mensen, bijvoorbeeld ouderen, meer hulp uit hun sociale omgeving moeten gaan ontvangen. Deze mensen krijgen dus niet m??r autonomie maar juist minder en bovendien tast je de wederkerigheid in de relaties aan. Dit pad is dus voor veel mensen helemaal niet zo aantrekkelijk.

In Haarlem heeft men daarom een nieuw pad aangelegd. Daar hebben ze een omgeving gecre?erd ? genaamd BUUV, van buurvrouw ? waarin burgers hulp kunnen vragen en aanbieden.5?Iemand kan bijvoorbeeld via de site hulp vragen bij het onderhouden van z?n tuin of hij of zij kan aanbieden om op donderdag op kinderen te passen. BUUV stimuleert burgers dus om elkaar in het dagelijks leven vaker te helpen, en het doorbreekt de sociale normen die in traditionele netwerken als familie of wijk een rol spelen. Deelnemen is een eigen vrije keuze waardoor de drempel lager is om hulp te vragen en aan te bieden.

Deze voorbeelden laten zien dat effectieve interventies tot meer zelfredzaam gedrag leiden. Daartoe is echter wel inzicht nodig in menselijk (beslis)gedrag. Alleen als we snappen welke mechanismen aan gedrag ten grondslag liggen, zijn we in staat om aan de juiste knoppen te draaien, en kunnen we ervoor zorgen dat er geen mensen uit de boot gaan vallen en de participatiestaat ook echt voor iedereen toegankelijk is.

Jos? Kerstholt?is als bijzonder hoogleraar?Psychologische besliskunde?met bijzondere aandacht voor zelfredzaamheid?verbonden aan het onderzoeksinstituut?IGS, van de Universiteit Twente (faculteit GW, vakgroep?PCRV). De leerstoel is mogelijk gemaakt door?TNO.?Haar onderzoek richt zich op zelfredzaamheid in het fysieke veiligheidsdomein (risicoperceptie, voorbereidingsgedrag en burgerhulp) en in het sociale veiligheidsdomein (actief burgerschap, vrijwilligers).

Noten:

  1. NIET IEDEREEN IS TOE AAN DE ?PARTICIPATIESAMENLEVING??? Handreiking voor een gesegmenteerde doe-democratie-strategie.
  2. Kahneman, D. (2011).?Thinking fast en slow. New York: Farrar, Straus and Giroux.
  3. Haidt, J. (2012).?The righteous mind: Why good people are divided by politics and religion. London: Allen Lane.
  4. Kerstholt JH, Zwaard F. van der, Bart, H. & Cremers, A. (2009).?Construction of health preferences: a comparison of direct value assessment and personal narratives. Medical Decision Making, 29, 513-520.
  5. Buuv.nu

Bronnen: UTwente, Sociale Vraagstukken, TNO

De oratie van Jos? Kerstholt:

Lees ook de scriptie die Simone Uiterwijk schreef voor het IFV:

Zoekjemee

zoekjemee_logo_nw

Stichting ZoekJeMee is opgericht naar aanleiding van een spontaan initiatief tijdens de vermissing van de vermiste broertjes Julian & Ruben uit Zeist (mei 2013).

Vanuit een Twitter-account werd een groot publiek bereikt (ca. 12.000 volgers) dat, naast real-time informatie, oproepen kreeg waar hulp van burgers nodig bleek. Dit particuliere initiatief werd door het publiek en overheid gewaardeerd en bleek in een belangrijke behoefte te voorzien.

Na de vermissing van de twee broertjes bleek er behoefte te bestaan om ons werk uit te breiden. Nu geven wij afhankelijk van een hulpvraag van de familie informatie aan een breed publiek en ondersteunen op breder vlak. Hierbij werken wij nauw samen met verschillende andere (maatschappelijke) organisaties.

ZoekjeMee heeft ook een raad van advies:

Wouter Jong?is Adviseur Crisisbeheersing bij het Nederlands Genootschap van Burgemeesters. Verder is Wouter jurist en econoom. Zijn ervaring en inzicht in crisisbeheersing zullen een grote aanvulling zijn bij het verder professionaliseren van onze organisatie.

Carlo Schippers?is hoofdinspecteur en gedragskundige. Ook Carlo heeft jarenlange ervaring binnen de politie. Zijn ervaring en expertise zijn en blijven van grote waarde voor ons werk.

De Raad van Advies kan gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen bij onze werkzaamheden. Het is de bedoeling dat de Raad van Advies vier keer per jaar bijeenkomt om samen met ons het beleid door te spreken.?De functie is onbetaald en wordt dus door de leden van de Raad vrijwillig verricht.

Lees meer over de stichting in onderstaande bedrijfsanalyse:



In de regionale bladen stond in augustus 2013 een artikel over ZoekjeMee.nl
Twitteraar verandert in speurneus

Het was niet de eerste keer dat Milo (11) wegliep. Maar deze keer bleef hij wel heel lang weg.

Vermiste en verdachte personen sneller vinden via de sociale media

De Amsterdamse jongen was niet meer gezien sinds hij rond het middaguur niet in de taxi was gestapt die hem van zijn school voor speciaal onderwijs naar het gezinshuis moest brengen. ?Het was inmiddels 19.00 uur en ik dacht, jeetje, het wordt straks donker. Wat als hij toch in de trein naar Nijmegen is gestapt, naar zijn biologische vader??, vertelt Simone van der Hurk, schoonzus van Milo, over die beruchte dag in april.

De politie schakelde Burgernet in. ?Maar dat was alleen een omschrijving, geen foto. Die moet er toch bij??, dacht Simone. En dus besloot ze haar eigen netwerk in te schakelen. ?WhatsApp, Facebook, Twitter. Op zo?n moment wil je dat hij zo snel mogelijk gevonden wordt.?

Het bericht verspreidde zich razendsnel: op Facebook werd het 58 keer gedeeld, via Twitter werd het 45 keer geretweet. Het bereikte zo?n 150.000 mensen. Ze werd dan ook overspoeld met reacties. Iemand dacht dat hij Milo in Amsterdam-Zuidoost had gezien, een ander meende hem in de supermarkt daar te hebben gesignaleerd. ?Dat was zo?n geruststelling, dat hij in ieder geval in de buurt was.?

De tips bleken te kloppen. Milo had op school ruzie gehad en was weggerend. In zijn oude buurt in Amsterdam-Zuidoost had hij de hele middag met vriendjes gespeeld. Van wat gevonden geld haalde hij een blikje cola in de supermarkt. Toen hij honger kreeg, belde hij bij zijn moeder aan. Die informeerde gelijk de politie dat Milo terecht was.

Simone is niet de enige die het heft in eigen hand nam om iemand op te sporen. Steeds vaker beginnen burgers als een soort virtuele Sherlock Holmes een zoektocht via sociale media. Het afgelopen jaar werden bijna een kwart miljoen berichten met het woord ?vermist? erin de wereld in geslingerd, retweets nog uitgesloten. Het jaar daarvoor waren dat er nog zo?n 165.000, blijkt uit cijfers van Coosto, een bedrijf dat sociale media monitort.

Actief gedeeld

Slechts 5 procent van de meldingen van vermissing was geplaatst door de politie. De berichten werden actief gedeeld: het totaal aantal berichten met het woord ?vermist? erin kwam daarmee afgelopen jaar uit op 731.752. Sociale media zijn snel en hebben een groot bereik. ?Vroeger wilden we ook iemand heel graag terugvinden, maar we konden weinig. Je belde misschien de klassenlijst af. Nu kunnen we het makkelijk op Facebook zetten?, verklaart mediapsycholoog Mischa Coster.

Frank Smilda, politiecommissaris in Noord-Nederland, werkt aan een boek over de invloed van sociale media op het politiewerk. ?Ik denk dat het ook te maken heeft met frustratie over de politie. Mensen willen gelijk geholpen worden, terwijl de politie keuzes moet maken omdat ze veel te veel te doen heeft. Er gebeuren jaarlijks vier miljoen misdrijven in Nederland, waarvan maar ??n miljoen aangiftes worden gedaan. De overige drie miljoen die niet bij ons komen, zijn nu sneller zichtbaar via sociale media. Daar was eerder geen medium voor.?

Burgers hebben dankzij Facebook, Twitter en andere sociale media een eigen opsporingsmiddel in handen en kunnen zo de politie helpen, zegt Smilda. ?Ik weet dat iemand zijn auto weer terugvond nadat hij een foto online zette.? Maar zo?n burgeractie kan aardig uit de hand lopen. In Nijmegen ontstond een klopjacht toen duizenden Twitteraars de naam en het adres deelden van een man die zijn hond zou hebben verdronken.

Ponypletten

Nadat een filmpje op het net was geplaatst waarop was te zien was hoe een extreem dikke vrouw een pony onder haar gewicht liet bezwijken, moest de familie van de ?ponypletter? onderduiken vanwege bedreigingen. En in Eindhoven werd een jongen ten onrechte aangezien voor een van de daders van de ernstige mishandeling in die stad in januari van dit jaar.

Smilda: ?We hebben in Nederland afgesproken dat de politie de opsporing doet, het Openbaar Ministerie de vervolging en de rechter de strafoplegging. Burgers die zelf overgaan tot vervolging, dat kan echt niet. Dan krijg je de terugkeer van de schandpaal.?

Volkswoede

De rechter kan zelfs beslissen dat de verdachte al genoeg is gestraft door de (sociale) media. De politie kan weinig anders dan de volkswoede proberen te kanaliseren. ?Je moet mensen erop wijzen dat ze zelf ook strafbaar zijn als ze overgaan tot eigenrichting.?

Juist mensen met een groot empathisch vermogen, mensen dus die goed in staat zijn zich in iemand anders in te leven, kunnen zich soms niet bedwingen zelf actie te ondernemen, zegt mediapsycholoog Coster. ?En het zijn vaak mensen die de middelen en tijd hebben om iets te doen.?

Hoe meer ogen, des te sneller we iemand (terug)vinden, is het idee. Of het echt helpt, is onbekend. De meest bekende vermissingszaak waar sociale media een grote rol speelden, is die van de broertjes Ruben en Julian uit Zeist. Alle burgerzoektochten ten spijt werden hun lichamen uiteindelijk bij toeval gevonden.

De een voelt zich sterker emotioneel verbonden met een opsporingszaak dan de ander en dat bepaalt of iets wel of niet gedeeld wordt. Coster: ?Je kan je bericht opstellen als ?help, mijn dochter is vermist?, of je geeft het verhaal emotie door iets over haar te vertellen of er een filmpje bij te doen. Dan verhoog je de kans dat je bericht gedeeld wordt. Daarbij moet je wel rekening houden met wat schadelijk kan zijn als iemand wordt teruggevonden.? De vermiste persoon is voor altijd op internet terug te vinden, inclusief eventuele details over bijvoorbeeld drugsgebruik of iemands labiele toestand.

Sneeuwbal

De melding van vermissing is intussen als een sneeuwbal die maar blijft doorrollen, ook al meld je op gegeven moment dat iemand weer gevonden is. Uit cijfers van Coosto blijkt dat die ?weer terecht?-berichten minder mensen bereiken dan die over de vermissing zelf.

Je moet je bovendien afvragen of de gemelde verdwijning waar is of niet. Er zijn voorbeelden dat mensen ten onrechte als vermist werden opgegeven, zoals van een meisje uit Winschoten, van wie de vermissing 4.000 keer werd gedeeld. Van haar werden zelfs posters opgehangen. ?Ikzelf kijk altijd of de melding van offici?le instanties komt, of van iemand die ik ken?, vertelt Johannink van veiligheidsbureau VDMMP.

Hetzelfde geldt voor de reacties die je krijgt. Zijn die wel waar? Valse tips kunnen de zoektocht een heel verkeerde kant opsturen. Het kunnen ook vervelende reacties zijn. Huizenga van zoekjemee.nl: ?Als het gerucht gaat dat je dochter is meegegaan met een loverboy, krijgen ouders soms te horen dat ze maar beter hadden moeten opletten op die hoer van ze. Daar ben je niet op voorbereid.?

Massale betrokkenheid

De massale betrokkenheid bij de vermissing van de broertjes Ruben en Julian uit Zeist toont aan dat onder burgers behoefte is om mee te denken bij zulke zaken. De website Zoekjemee.nl is een van de burgerinitiatieven die daarop inspringt. ?Toen Ruben en Julian gevonden waren, hadden we 12.000 volgers op Twitter. We wisten niet wat we ermee moesten, tot een meisje vroeg of we haar wilden helpen haar vader te vinden?, vertelt oprichter Hans Huizenga.

Inmiddels hebben ze al ruim twintig ?dossiers? afgesloten. Alleen vermissingen waarvan aangifte is gedaan, worden behandeld. ?Je hebt inderdaad pubers die weglopen, maar die zijn vaak snel weer terug. Zo was er onlangs veel onrust op Twitter over twee meisjes uit Westervoort. We hebben de politie daarover gesproken. Die vroeg ons of we ons er even niet mee wilden bemoeien, omdat ze er waarschijnlijk gewoon samen van tussen waren gegaan. Na een paar uur werden ze inderdaad gevonden.?

In het reformatorisch dagblad stond onlangs ook nog een artikel naar aanleiding van een vermissingszaak:

Vermiste Neder?landers opsporen. Met hulp van internetters. Het is de passie van Hans Huizenga (44), co?rdinator van de stichting ZoekJeMee.

Opgetogen is Huizenga over het nieuws dat de 13-jarige Lisa Tuk uit Spijkenisse gisteren is gevonden (zie ?Arrestatie na opduiken meisje?). Dat laat onverlet dat Huizenga twijfels heeft over de pogingen van burgers om het meisje op te sporen met behulp van internetters. ?Op Facebook werd veelvuldig geopperd dat het meisje mogelijk in handen was van een loverboy. Terwijl dat zeer de vraag is.?

Als mensen via bijvoorbeeld Facebook alarm slaan over de vermissing van een geliefde, doen ze er wijs aan hun woorden te wegen, zegt Huizenga. ?Natuurlijk kan het heel nuttig zijn om mensen via internet snel te informeren over een vermissing, maar bedenk wel dat je met vermelding van naam en plaatsing van een foto iemands privacy schendt. Als achterblijvers bijvoorbeeld schrijven dat hun tienerdochter in handen is van een loverboy, kan zo?n meisje daar veel schade van ondervinden. Ooit hoorde ik een moeder van zo?n meisje zeggen: ?Mijn dochter wordt uitgemaakt voor hoer.??

Foto

Sinds 2013 speurt Huizenga, samen met een vijftal andere vrijwilligers, via sociale media naar vermisten. Daartoe is de stichting ZoekJeMee opgericht. Aanleiding was de verdwijning van de broertjes Ruben (9) en Julian (7) uit Zeist. Ze zijn omgebracht door hun vader, die ook de hand aan zichzelf sloeg.

ZoekJeMee krijgt jaarlijks zo?n 150 verzoeken van achterblijvers om een vermissing onder de aandacht te brengen. Altijd wordt in ieder geval een foto van de vermiste op sociale media geplaatst. In de hoop dat mensen de vermiste ergens zien opduiken, vertelt Huizenga, voormalig winkelier en nu werkzoekend. ?Je ziet vaak dat het net rond een vermiste zich sluit. Onlangs was er een jongen vermist. Via onder meer Facebook riepen we mensen op alert te zijn. Iemand zag hem zitten in een bushokje in een Fries dorpje.?

Stichting ZoekJeMee werkt samen met de politie, benadrukt Huizenga. ?We adviseren mensen die zich bij ons melden altijd aangifte te doen. We overleggen geregeld met het Landelijk Bureau Vermiste Personen van de politie. Als de politie een vermissing op politie.nl plaatst, zetten wij die ook op onze sociale media.?

Pati?nt

Soms zitten politie en ZoekJeMee niet op ??n lijn, beaamt hij. ?Zo wilde een meisje graag contact met haar vermiste vader, een psychiatrisch pati?nt. De politie had telefonisch contact met de vader. Hij vertelde te willen zwerven. De politie vond dat hij daar het recht toe had en stopte de zoektocht. Maar wij bleven speuren. Met resultaat. De dochter vond haar vader op een terras. Hij stemde ermee in dat hij weer werd opgenomen.?

ZoekJeMee moet alert zijn op kwaadwillenden, geeft de co?rdinator aan. ?Er meldde zich bij ons een man die op zoek was naar zijn vrouw. Toen bleek dat hij geen aangifte zou doen, kregen we argwaan. Van de politie hoorden we dat de vrouw was ondergedoken in een blijf-van-mijn-lijfhuis. Dan gaan wij haar gegevens niet verspreiden.?

Lastig zijn zaken waarbij ouders strijden om een kind. ?Als bijvoorbeeld een moeder na een scheiding een kind ten onrechte weghoudt bij de vader, is er sprake van onttrekking aan het ouderlijk gezag. Als wij voor de vader het kind proberen op te sporen, krijgen onze vrijwilligers door de tegenpartij van alles naar hun hoofd geslingerd.?

Geregeld heeft Huizenga contact met achterblijvers. ?Ze zijn dankbaar dat wij een luisterend oor bieden.? In een enkel geval is hij erbij als een vermiste wordt gevonden. ?Zo wist ons team via WhattsApp contact te leggen met een meisje dat in handen was van een loverboy. Toen ze ons haar verblijfplaats gaf in Amsterdam lichtten we de politie in en zijn we er met vijf mensen naar toegereden. Op een afstandje zagen we hoe een arrestatieteam de deur intrapte en het meisje bevrijdde.?

Arrestatie na opduiken meisje

Een 41-jarige man uit Koudekerk aan den Rijn is opgepakt omdat hij mogelijk iets te maken heeft met de dagenlange vermissing van de 13-jarige Lisa Tuk. Agenten vonden haar gisterochtend in Koudekerk aan den Rijn. Het meisje zat in een bus richting Rotterdam. Ze zou in goede gezondheid verkeren. De politie zou haar hebben getraceerd met behulp van telefoon?gegevens.

Lisa Tuk was sinds donderdag vermist, nadat ze was weg?gelopen vanaf een bungalowpark in het Veluwse Nieuw-Milligen (in de buurt van Apeldoorn). Via sociale media werd aandacht voor de zaak gevraagd.

Volgens haar vader had een onbekende jongen of man zijn dochter benaderd via Facebook. Het AD meldde dat Lisa Tuk haar internetgeschiedenis voor haar vertrek heeft gewist.

Bron: Zoekjemee.nl, regionaal kranten artikel, Reformatorisch dagblad

App: Meldcode app

Meldcode VWS - screenshot thumbnail

De Meldcode App helpt professionals in te grijpen bij vermoedens van huiselijk geweld en kindermishandeling. De App behandelt de 5 stappen van de meldcode en biedt de mogelijkheid direct met de juiste instanties in contact te treden.

De Meldcode App is onlangs vernieuwd en gratis te downloaden voor iOS en Android. De app biedt de mogelijkheid het stappenplan aan te passen aan de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling van de eigen organisatie. Het is mogelijk om de volgorde van de stappen te wijzigen en eventuele extra stappen toe te voegen.

De App Meldcode is in opdracht van het ministerie van VWS ontwikkeld ter ondersteuning aan beroepskrachten die onder de reikwijdte van de Wet meldcode vallen. De Meldcode App helpt hen in te grijpen bij vermoedens van huiselijk geweld en kindermishandeling. De App behandelt de vijf stappen van de meldcode en biedt de mogelijkheid direct met de juiste instanties in contact te treden.

Notities

In de nieuwe versie is het ook mogelijk om per stap notities in te voegen. Zo kan bijvoorbeeld het telefoonnummer van een deskundige collega worden toegevoegd bij stap 2. Of er kan worden aangeven welke (groepen) medewerkers bepaalde stappen moeten doorlopen.

De notities kunnen professionals eenvoudig delen met anderen. En uiteraard zijn de stappen van de meldcode geactualiseerd en zijn de gegevens van AMK en SHG weer up to date.

iPhone schermafdruk 1iPhone schermafdruk 2

iPhone schermafdruk 3iPhone schermafdruk 4

 

Bronnen: Huiselijk Geweld, Rijksoverheid, Iriszorg.nl

App: TimeOut

De Time Out! App helpt mensen om escalatie van conflicten te voorkomen. Ze leren om emoties die escalaties van ruzie veroorzaken te herkennen en te hanteren. De app is een technologische ondersteuning bij de “time-out”-methode.?Het is gratis te downloaden voor iOS en Android

De Time Out! app helpt koppels om zelf en op eigen kracht hun relatie te verbeteren, met steun van familie, vrienden of mensen uit de eigen sociale omgeving. Een hulpverlener blijft wel altijd beschikbaar. De app werd vanaf begin 2013 ingezet bij cli?nten van lumens in de buurt die zelf hebben aangegeven dat ze aan hun relatie willen werken.

De app wordt ge?nstalleerd op de smartphones van allebei de partners. Een hulpverlener helpt hierbij. Wanneer ??n van de partners voelt dat een ruzie uit de hand loopt, start hij of zij met ??n druk op de knop een time-out. Tijdens de time-out geeft de app beide partners opdrachten met rustgevende taken, die de gebruiker vooraf zelf heeft ingesteld. Bijvoorbeeld een rondje gaan wandelen, een boek lezen, of naar muziek luisteren.

De app controleert via de locatie van de telefoons of de partners tijdens de time-out voldoende afstand van elkaar nemen. Als dit niet zo is, belt de app automatisch een contactpersonen. Dit is bijvoorbeeld een vriend, familielid. Van tijd tot tijd vraagt de app aan beide partners hoe ze zich voelen. Als ??n van de partners tijdens de time-out niet kalmeert, belt de app de contactpersoon. Deze contactpersoon kan een luisterend oor bieden en het koppel helpen om de situatie op te lossen.

timeout app

Bronnen: TimeOut App

Knockout game: mythe of niet?

Knockout King: Kids call it a game. Academics call it a bogus trend. Cops call it murder.

In november 2013 werd?Kroegeigenaar Jasper Bax uit het niets door twee jongens keihard in zijn gezicht geslagen.?Volgens woordvoerder Rob van der Veen van de Amsterdamse politie was dit geen voorval van het knock-out spel. Ook de slechtziende Edammer Charles Steijger denkt dat zijn belager hem voor het hoofd sloeg met een voorwerp. “In dit geval klinkt het ook niet heel aannemelijk dat het om dit spel gaat, want daarbij gaat het om slaan met blote vuisten. We wachten tot deze meneer aangifte doet en dan onderzoeken we de zaak verder.” aldus van der Veen.?Steijger zegt nog behoorlijk ondersteboven te zijn van wat hem is overkomen, maar hij is niet bang geworden om er op uit te gaan. ,,Dit is zo bizar, dat overkomt me vast niet nog eens. De kans dat er een steen van een kerktoren op mijn hoofd valt, is volgens mij net zo groot. En wat moet ik anders? Binnen blijven? Dat lijkt me nog veel erger.”

De?”knock-out game”?is een trend geweest (en komt in diverse vormen af en toe terug) op social media en daarmee ook het nieuws. Als men aanvallen op filmpjes of in social media berichtgeving waarneemt waarin een of meerdere jongeren proberen om een nietsvermoedende voorbijganger een klap te geven of zelfs?knock-out te slaan wordt het fenomeen telkens weer opnieuw geanalyseerd.?Het slachtoffer krijgt vaak uit onverwachte hoek een?sucker punch?(klap zonder waarschuwing) en blijft verbijsterd achter terwijl de?dader en hun medeplichtigen de tijd van hun leven hebben en er vaak ook een filmpje van maken. Andere hashtags die gebruikt worden zijn #KnockOutKing #HitterQuitter #Bomb en soms heeft men het over polar-bearing als het om een blank slachtoffer gaat. Er zijn zeer?ernstige verwondingen en zelfs doden toegeschreven aan dit knock-out spel.?Men vermoed wel dat er meer speelt zoals “hate crime“?waarbij racisme, antisemitisme of homohaat meespeelt. Sommige politici zijn op zoek naar nieuwe wetgeving maar sindsdien is er online en bij traditionele?media veel twijfel ontstaan bij de framing van dit fenomeen. Het zou zelfs een mythe?zijn. Het wordt uitgespeeld door de politiek, omdat liberale analisten beweren dat hun conservatieve tegenhangers de trend valselijk als echt bestempelen om racisme aan te kaarten, terwijl de?conservatieve analisten beweren dat de liberale media het niet benoemen en daarmee geen aandacht willen geven.

Het fenomeen lijkt op happy slapping van een aantal jaar terug dat startte in de UK waarin een slachoffer een tik in het gezicht kreeg. Omdat ook die rage uit de hand liep met een dodelijke gepensioneerd slachtoffer en zelfs zaken van aanranding koos men er in Frankrijk voor stevige maatregelen te nemen met oa. nieuwe wetgeving die het illegaal maakte om geweldsuitingen te filmen en online te plaatsen. Maar ook in Frankrijk en andere landen zijn er gevallen bekend die op dit fenomeen lijken.?De eerste hulp zegt wel vaker bewusteloze jongeren binnen te krijgen die met de dood spelen. Zo was er een morbide ‘wurgspel’?Jeu du foulard, waarmee jongeren zich in een trance brachten. In Frankrijk maakte het spel de voorbije jaren al meer dan tweehonderd slachtoffers en het dook onder andere ook op in?Vlaanderen. Hoogst waarschijnlijk heeft dat wurgspel de dood veroorzaakt van de 15-jarige Nicolas uit de Zuid-Franse kustplaats Nice?.

Een paar voorbeelden

Een student van Endicott College werd?gearresteerd na een reeks van willekeurige knockout-achtige aanvallen. Hij gaf drie mensen een suckerpunch?terwijl hij ze niet kende en ze?allemaal binnen een uur van elkaar plaatsvonden.?Twee van de slachtoffers hebben naar verluidt ernstige verwondingen. Een daarvan, een eerstejaars honkbalspeler, werd in het ziekenhuis met een gebroken kaak opgenomen en moest geopereerd worden en kreeg een titanium plaat in zijn kaak. Het?tweede slachtoffer werd geopereerd aan een gebroken oogkas.?Twee andere studenten liepen samen met Destefano tijdens de aanvallen.

Op bovenstaande video zijn de beelden te zien van zaterdag 15 februari 2014 waarop een bewakingscamera van een meubelzaak?in Mass Ave, Cambridge,?een man vastlegt die een suckerpunch kreeg terwijl hij de winkel verliet met een ander.?”[De aanval] voldoet zeker niet aan het profiel,” geeft plaatsvervangend politiechef Steven DeMarco van de Cambridge politie?aan.?”Een knockout game [aanval] wordt meestal op video opgenomen en op Youtube gezet,” DeMarco toegelicht.

Een ander voorbeeld van een aanslag op een muzikant:

Over het feit dat er zoiets is als de “knock-out game” bestaat weinig discussie. Het is een fenomeen dat eigenlijk al tientallen jaren oud is. Maar er is weinig bewijs over de huidige trend. Ook is onbekend of het waar is dat het vooral blanke of joodse zijn die het slachtoffer zouden zijn en wat daarbij de omstandigheden en motieven waren. Op 24 november 2013 werd een oudere Afro-Amerikaanse man aangevallen en het ziekenhuis ingeslagen, waarbij bleek dat de dader meerdere video’s?op zijn telefoon had van aanslagen op anderen en ook bewijs dat men media aandacht zocht.?CNN claimt dat het een trend is die zich snel verspreid en steeds populairder wordt. Het lastige is ook dat veel video’s op YouTube fake zijn. De knock-out aanvallen worden hierin gespeeld.

De overheid probeert met wetgeving en zwaarder optreden maatregelen te nemen, maar ook buurten ondernemen actie. In Brooklyn waar eind 203 veel joden slachtoffer werden namen veel vertegenwoodigers zoals raadsleden en rabbijnen het voortouw om hier aandacht voor te vragen. Ook vanuit de afro-amerikaanse communities werd actie ondernomen door als gemeenschap extra surveillances te doen. Ze proberen de rust te herstellen en spreken elkaar aan op normen en waarden met boodschappen als “er zijn alleen maar verliezers in dit spel”. ?Zelfs ex-bokser Mike Tyson mengde zich erin en ondersteunde de “No to K.O.” campagne.

Onderzoeken als door John Tucker met de veelzeggende titel “Knockout King: Kids call it a game. Academics call it a bogus trend. Cops call it murder”?laten zien dat er te weinig over bekend is. De politie ziet het fenomeen als iets lokaals en onderzoekers geloven er niet in. Veel autoriteiten mijden in hun communicatie ook het woord ” spel” omdat het wat hen betreft een zeer serieuze zaak is en ze dit absoluut niet met een spel willen associ?ren. De media aan de andere kant blaast het enorm op. Chris Haye van de NBC noemde het zelfs de “Over-Covered Story Of The Year”.

Dit fenomeen en het ware verhaal is nog niet afgelopen. De waarheid zal door de politie samen met onderzoekers wellicht naar boven komen, en in de tussentijd wordt er door de media, politiek en maatschappij vanalles bijgehaald in de discussie.

Bronnen:?Mashable, Slate,?Wikipedia Knockout game, AT5,?Noordhollands Dagblad (13 feb 2014),?WNL-programma?Vandaag de Dag, NJ?video