Tagarchief: opsporing

Podcast: De moord op Patrick

Voorbeelden waarin?de politie zelf gebruik maakt van (online) podcasts, waarbij informatie gegeven wordt over misdrijven, criminelen of preventie zijn zeer zeldzaam. Er zijn er wel wat voorbeelden waarmee podcasts vooral gebruikt worden om zo dichter bij de mensen te kunnen staan. Totdat?Serial, een nieuwe podcastserie van de makers van?This American Life?een echte moordzaakserie online slingerden en honderdduizenden volgers kreeg?die deels online zelf op zoek gingen in deze zaak.?Een paar jaar geleden schreven we al?over deze podcast die miljoenen mensen in zijn greep hield, en ook?in het rechtssysteem heel wat teweeg bracht.?Serial?liet zien waar het medium toe in staat is. Nu is er opvolging van dit concept in Nederland door Argos van de VPRO met de Limburgse cold case “De Moord op Patrick”. We zijn benieuwd naar wat het teweeg brengt…

Featured Image for True-crime podcast ???Serial??? will convert you to the format

De moord op Patrick

Op tweede kerstdag 2002 wordt een 36-jarige tennisleraar ?s ochtends dood gevonden in zijn appartement. Hij is vermoord. Twintig rechercheurs worden op de zaak gezet. Vijftien jaar later is de moord op Patrick van der Bolt nog steeds niet opgelost. Sanne Boer duikt in het leven van Patrick en ontdekt dat niets is wat het lijkt. In Argos vertelt Ron, de broer van Patrick, voor het eerst zijn verhaal.

In Nederland zijn er ruim 1500 onopgeloste zaken, cold cases. Waar ging het mis in het politieonderzoek bij Patrick? En wat zegt dit over de kwaliteit van de opsporing in Nederland?

Aflevering 1 – Het bericht

In de eerste aflevering van?De moord op Patrick?hoor je een reconstructie van die Tweede?kerstdag in 2002. De dag dat Patrick gevonden werd.?Waarom is het de politie nog niet gelukt om de moord op te lossen? En wat zegt dit over de kwaliteit van het opsporingsonderzoek? Patricks broer vertelt?voor het eerst zijn kant van het verhaal.

In de tweede aflevering van?De moord op Patrick?gaat het over de ex van Patricks vriendin. Waarom was hij lange tijd de hoofdverdachte en dus volgens de politie de mogelijke moordenaar van Patrick? Bewijs dat hij degene was die met kerst in het appartement is geweest en Patrick vanachter heeft neergeschoten, is er nooit gevonden. De vrienden van Patrick lijken meer te weten.

Politie en justitie hebben in 2013 informatie gekregen over de moord op Patrick van der Bolt uit Heerlen begin deze eeuw. Maar met die aanknopingspunten, aangeleverd door rechtspsycholoog Robert Horselenberg van de Universiteit Maastricht, is tot op heden ogenschijnlijk niets gedaan.

Heropening van de zaak?

Het Openbaar Ministerie in Limburg laat in een reactie weten dat de moordzaak zeker niet gesloten is, of dat informatie terzijde is geschoven. “We bekijken of we deze cold case weer kunnen activeren”, laat een woordvoerder weten. Hij weet niet precies wanneer dat gaat gebeuren. “Soms gaan zaken niet zo snel als we zouden willen.”

Abonneer je via volgende kanalen om niets te missen via??iTunes, ?RSS-feed,??Stitcher?.

Nieuwe afleveringen zijn ook te horen in Argos, iedere zaterdagmiddag van 14.00 tot 15.00 uur op NPO Radio 1. De afleveringen zullen onregelmatig verschijnen omdat de opnames nog lopen. De serie wordt gemaakt door Sanne Boer. Heb je een tip? Mail naar:?[email protected].

Bronnen: VPRO,?De Limburger

Politie schakelt de hulp in van een heel dorp bij oplossing cold case

De politie schakelt de hulp in van een heel dorp bij een onopgeloste vermissing. En dat is vrij uniek. Het gaat om de vermissing van Herman Ploegstra. Hij was 35 jaar toen hij op 26 oktober 2010 verdween.

Hij zou gaan sporten in de plaats Breskens, maar kwam niet meer thuis in zijn woonplaats IJzendijke. Zijn auto is later nog wel gevonden, met daarin zijn sleutels en z’n portemonnee. Na onderzoek gaat de politie inmiddels uit van een misdrijf. Vanavond is er een speciale meedenk-avond. De complete presentatie kun je hieronder bekijken en is geplaatst in een artikel van Omroep Zeeland:

De 35-jarige kraanmachinist Herman Ploegstra uit IJzendijke is in oktober 2010 spoorloos verdwenen, onder verdachte omstandigheden. De politie gaat ervan uit dat hij het slachtoffer is geworden van een misdrijf.

Beloning

De politie wil reuring in IJzendijke brengen om de zaak Ploegstra eindelijk op te lossen. Het cold case team vermoedt dat het antwoord dichtbij is, maar op dit moment zijn er nog geen verdachten in beeld. Er is ook nog altijd een beloning uitgeloofd voor de gouden tip: 15.000 euro. Die beloning staat al jarenlang uit, maar heeft nog niets opgeleverd.

De familie en het televisieprogramma Vermist hebben in oktober 2014 de beloning?verdubbeld tot 30.000 euro, maar ook die verhoogde beloning leidde niet tot de gouden tip. Inmiddels is die verdubbeling niet meer van kracht en is dus nog ‘alleen’ de originele beloning van politie en justitie van 15.000 euro over.

Vragen

Bij bijeenkomst in het gemeentehuis van de gemeente Sluis, in Oostburg, waren 25 ge?nteresseerden aanwezig. Tijdens de bijeenkomst werden er ook enkele vragen voorgelegd aan de inwoners van IJzendijke, die de politie graag snel beantwoord wil krijgen:

  • Wie weet er meer over Hermans buitenechtelijke relaties? Het cold case team weet al van meerdere mogelijke buitenechtelijke relaties, maar is nog op zoek naar meer informatie over een Marokkaanse vrouw waar Herman volgens getuigen mee om zou gaan. De politie weet nog niet om wie het gaat.
  • Waar kluste Herman bij ten tijde van zijn verdwijning? Volgens zijn baas verdiende hij een zakcentje bij, mogelijk met zwart werk. De politie wil nu weten waar hij toen bijkluste.
  • Waar is Hermans geheime telefoon? Hij had een tweede telefoon om zo zijn buitenechtelijke escapades geheim te houden. Die telefoon is nooit gevonden.
  • Waar ging Herman heen als hij wegsloop op zijn werk? Tijdens een werkdag ging hij weleens ongeoorloofd weg, de politie wil nu weten waarnaartoe.
  • Naar wie belde Herman vanaf de kraanmachine? Volgens getuigen zat hij urenlang te bellen, de politie wil weten met wie.
  • Werd Herman bedreigd door criminelen? In de periode voor zijn verdwijning zou hij meerdere malen zijn bedreigd, de politie wil nu weten of hij bij criminele activiteiten betrokken was.

De politie hoopt dat dankzij deze zogenoemde bewonersparticipatieavond mensen uit het dorp naar voren komen met nieuwe informatie over de zaak. Tegelijkertijd is het cold case team ook realistisch. De kans is klein dat iemand zijn vinger opsteekt en zegt: “Ik heb het gedaan.” Maar bij het bestuderen van het oorspronkelijke onderzoek is volgens het cold case team gebleken dat nog lang niet alle getuigen het achterste van hun tong hebben laten zien.

Kritisch op het oorspronkelijke onderzoek

Het cold case team is sowieso erg kritisch op het oorspronkelijke onderzoek. Zo zou er niet, of in ieder geval onvoldoende, gekeken zijn op plaatsen waar Herman zich op dat moment mogelijk had kunnen bevinden. Ook zouden niet alle mogelijke getuigen verhoord zijn en waren bij sommige getuigen die w?l ondervraagd zijn volgens het cold case team de verhoren niet grondig genoeg.

Daarom heeft het cold case team besloten om het volledige oorspronkelijke onderzoek opnieuw uit te voeren, inclusief alle verhoren en het forensisch onderzoek. Bovendien zijn er al meerdere bruikbare tips binnengekomen sinds het heropenen van de zaak. De politie is tevreden over het aantal binnengekomen tips, maar hoopt op meer, mede dankzij deze informatieavond.

Emotionele oproep

Tijdens de informatieavond werd ook aandacht besteed aan de impact van deze zaak op de familie. Hermans oudste broer Jan deed daarom een emotionele oproep: “Dit is heel moeilijk, maar ik ben gekomen om te kijken of we dit samen kunnen oplossen, om antwoorden te krijgen op alle vragen. Ik hoop echt dat er antwoorden komen. En aan iedereen die wat weet, zeg ik: meld het. Hoe klein het ook is. Dank u wel.”

Papa, ik mis je

Ook werd een briefje getoond dat dochter Anouk korte tijd na de verdwijning van haar vader schreef. “Papa, ik mis je en ik wil je zien, maar dat gaat niet en ik hoop dat je gevonden wordt”, schreef ze destijds.

Briefje van de dochter van Herman Ploegstra over de verdwijning van haar vader (foto: Politie)

In oktober 2010 verdween de toen 35-jarige Herman Ploegstra spoorloos. Een rechercheonderzoek leverde geen aanwijzingen op. Na bijna acht jaar heeft het Cold Case Team van de politie Zeeland-West-Brabant besloten deze zaak te heropenen.

De feiten op een rij

Tijdens de presentatie zette het cold case team nogmaals de feiten rond Ploegstra’s vermissing op een rij. Herman vertrok thuis rond 19.15 uur en reed naar de sportschool. Daar reed hij tussen 21.15 en 21.30 uur weg, maar hij zou nooit thuis aankomen.

Tussen 23.15 en 23.30 uur vonden vrienden zijn auto, haastig in de berm geparkeerd, met de sleutels nog in het contact en zijn portemonnee en brandweerpieper lagen naast de auto. Bij forensisch onderzoek werden later kleine bloedspatten in de auto gevonden.

Kaart van route die Herman Ploegstra aflegde op dag van zijn verdwijning (foto: Politie)

Het cold case team gaat uit van een misdrijf. Daarbij wordt rekening gehouden met drie scenario’s: dat het gaat om een misdrijf vanuit de familiale kring, de relationele sfeer of het crimineel circuit.

Tweede telefoon

Het cold case team bevestigt het beeld dat eerder in documentaires van misdaadjournalisten Peter R. de Vries en John van den Heuvel werd geschetst, namelijk dat Ploegstra er een dubbelleven op nahield. Hij ging vreemd en onderhield met behulp van een tweede telefoon contact met zijn buitenechtelijke sekspartners.

Het cold case team vermoedt nu dat meerdere ‘bekenden’ van Herman belang hadden bij het laten verdwijnen van zijn ‘geheime vrouwtjes-telefoon’, zoals de politie het toestel omschrijft. Het cold case team hoopt dat er inwoners van IJzendijke zijn die weten wie er mogelijk baat bij zou kunnen hebben om Ploegstra’s tweede telefoon te laten verdwijnen. Verder had Herman volgens het cold case team ruzie met ??n of meer collega-brandweermannen.

Uitgescheurde pagina

In zijn notitieboekje werd een uitgescheurde pagina gevonden. In de pagina eronder stond een vreemde tekst doorgedrukt. Herman schreef daarin onder meer: “Na al die tijd ben ik er vorige week achter je karakter gekomen”, en: “Ik geef om je maar niet op zoo’n manier.” Het cold case team wil nu weten om wie dit gaat.

Notitie van Herman Ploegstra, over wie heeft hij het hier? (foto: Politie)

In Hermans agenda werden ook meerdere vreemde symbolen gevonden. Vermoedelijk waren dit notities voor ontmoetingen met iemand. Mogelijk weet degene met wie Herman die afspraken maakte meer over wat er met hem is gebeurd.

Mysterieuze notitie in agenda van Herman Ploegstra (foto: Politie)

Wat voor symbool dat is, wil teamleider Ralph Nagelkerke van het cold case team niet zeggen. “Ik ga niet vertellen wat wij denken dat het zou kunnen zijn, ik vraag u om aan ons te vertellen wat u denkt dat het is”, zei hij tegen de aanwezigen.

Mysterieuze notities

Het cold case team hoopt dat dorpsgenoten meer weten over deze geheime afspraakjes en mysterieuze notities in zijn agenda. Mogelijk hebben deze notities te maken met Hermans buitenechtelijke escapades, maar het kan ook iets te maken hebben met een ander scenario: dat van zijn vermeende criminele contacten.

Mysterieuze notitie in agenda van Herman Ploegstra (foto: Politie)

Zo heeft Herman voor zijn verdwijning meerdere keren tegen zijn broers gezegd dat hij werd bedreigd, maar niemand kan die bedreigingen bevestigen. “De door Herman geuite bedreigingen zijn door niemand anders waargenomen dan door Herman zelf”, staat te lezen in de presentatie van het cold case team.

Kogel onder de ruitenwisser

Volgens zijn broers had Herman een envelop met daarin een kogel onder zijn ruitenwisser gevonden, waren zijn banden herhaaldelijk lekgestoken, werd hij meerdere malen achtervolgd en kreeg hij ’s nachts vaak dreigende telefoontjes. Volgens het cold case team is daar nog geen hard bewijs voor, maar het is wel een van de scenario’s die nu onderzocht worden.

Sinds de heropening van de zaak heeft het cold case team van de politie al meerdere zaken in beslag genomen die relevant zijn voor het onderzoek. Bij de presentatie kondigt het team aan dat er mogelijk meerdere huiszoekingen zullen volgen en dat de komende tijd meer goederen voor onderzoek in beslag genomen zullen worden.

Nogmaals het briefje van dochter Anouk

Tot besluit van de informatieavond toont het cold case team nogmaals het briefje van dochter Anouk, om alle aanwezigen ervan te doordringen dat nu nog steeds na acht jaar de familie van Herman nog altijd niet weet wat er gebeurd is met hun man, broer, vader of zoon. Iedereen die nog informatie wordt opgeroepen om die nu alsnog te delen, zodat zijn familieleden eindelijk de antwoorden krijgen waar ze nu al bijna acht jaar op wachten.

Bronnen: RTL, Omroep Zeeland

App: FBI Wanted

Vroeger waren wanted posters te vinden in de postkantoren en op straat. Nu heeft iedereen een mobiele telefoon, dus dat is hoe de FBI nu misdaad wil bestrijden. Iedereen die de smartphone-app Wanted gebruikt, kan hun eigen stad doorzoeken en het profiel van een verdachte vinden. Ze kunnen dan een bericht sturen via de app en de FBI vertellen wat ze weten. De FBI noemt het technologiegedreven misdaadbestrijding. “De FBI moet zijn waar de mensen zijn, en dat is op sociale media”, zegt Sandra Breault bij de FBI Las Vegas. “Het is niet alleen op Twitter of Facebook, maar via deze interactieve apps kun je de FBI ook rechtstreeks bereiken.”

De nieuwe mobiele applicatie FBI Wanted biedt het publiek snel en eenvoudig toegang tot profielen, foto’s en meer over FBI-gezochte voortvluchtigen. Er is ook informatie beschikbaar over ontvoerde en vermiste personen, waaronder kinderen. Chris Allen is hoofd van de eenheid Investigative Publicity and Public Affairs, vertelt: “Het doel is om de Wanted-poster voor zoveel mogelijk mensen aan te bieden. Dus dat was vroeger een Gezocht-poster in een postkantoor, want daar waren mensen. En nu gaan we naar waar de mensen zich bevinden – en dat zijn mobiele applicaties.

Je bekijkt je lokale nieuws op tv wanneer je een verhaal over een gezochte voortvluchtige in je gemeenschap ziet. De persoon lijkt iemand te zijn die je een paar blokken verderop hebt gezien. Je pakt je mobiele telefoon, opent de FBI Wanted-app, doorzoekt je stadsnaam en vindt snel het profiel van de persoon met extra foto’s en informatie. De gelijkenis is opvallend. Dus je tikt op de knop “De FBI bellen” in de app en meld wat je weet.

Met de app kunt u bijvoorbeeld:

  • Toegang krijgen tot informatie in ??n gebruiksvriendelijke interface, met ??n tik op het app-pictogram met alle Gezocht-profielen;
  • Maak gebruik van een reeks zoek- en filteropties (zie zijbalk);
  • Meld eenvoudig informatie via knoppen die de FBI bellen of rechtstreeks naar het online formulier van het Bureau gaan voor het geven van tips;
  • Maak een bladwijzer van afzonderlijke profielen met ??n druk op de knop, voeg ze toe aan een favorietenpagina zodat u ze later gemakkelijk kunt openen; en
  • Pas uw startscherm aan om de informatie weer te geven die voor u het meest relevant of interessant is.

Samen met het hierboven beschreven tv-nieuwscenario kan de app in een aantal situaties nuttig zijn. Je zou iemand kunnen zien die op een verdachte of gevaarlijke manier handelt en wil bepalen of die persoon wordt gezocht door de FBI. Of misschien ben je ge?nteresseerd in de gevallen waar het Bureau hulp nodig heeft bij jou in de buurt.

FBI Wanted is de derde mobiele app gebouwd door het Bureau. Met de Child ID-app, ge?ntroduceerd in 2011, kunnen ouders de foto’s van hun kinderen en essenti?le informatie elektronisch opslaan voor het geval hun kinderen vermist raken; het is bijna 350.000 keer gedownload. De FBI Bank Robbers app werd gelanceerd in augustus 2016 en publiceerde onbekende gewelddadige en seri?le overvallers gezocht door het Bureau.

Sinds 1996 – toen de FBI begon met het plaatsen van wanted posters op haar nieuwe website – heeft het Bureau een aantal digitale technologie?n gebruikt om de hulp van het publiek in te lokken bij het lokaliseren en identificeren van verschillende individuen. Deze hulpmiddelen zijn oa:

  • Sociale media: de FBI publiceert informatie over voortvluchtigen, vermiste personen en andere personen via meer dan 60 afzonderlijke pagina’s of sites voor sociale media, waaronder een speciale FBI Most Wanted Twitter-pagina met 50.000 volgers.
  • Digitale reclameborden: sinds 2007 werkt de FBI samen met externe reclamebedrijven om belangrijke openbare veiligheidsberichten te delen, waaronder meldingen over gezochte voortvluchtigen en vermiste kinderen, op ongeveer 6700 digitale billboards in het hele land.
  • Audio- en video-podcasts: het bureau publiceert een regelmatige reeks podcasts in de reeks Wanted by the FBI die beschikbaar zijn op iTunes en FBI.gov. Video-podcasts – of vodcasts – kunnen worden bekeken op YouTube of de FBI-website.
  • RSS-feeds: op FBI.gov kun je je op 170 verschillende feeds abonneren die het nieuws en de informatie van de organisatie bezorgen. Meer dan 70 van deze feeds hebben betrekking op opsporingsberichtgeving.
  • Mobiele app: op basis van de Bank Robbers-website brengt de FBI Bank Robbers App de locatie van overvallen lokaal en nationaal in kaart en stelt mensen in staat zich aan te melden voor nieuwe vermeldingen.
  • Widgets: de FBI heeft verschillende widgets of modules gemaakt die kunnen worden opgenomen in andere websites of blogs, waaronder vier met betrekking tot het Wanted-programma: Ten Most Wanted, Wanted door de FBI, Predators en vermiste personen en meest gezochte bankrovers.

Bronnen: FBI

Cybervrijwilligers bij politie nodig

In de strijd tegen wraakporno, phishing en ransomware moet het eenvoudiger worden om cyberexperts als vrijwilliger bij de politie in te zetten. Dat wil de VVD. Nu is het zo dat de politie vaak niet de beste mensen krijgt omdat die voor veel meer geld in het bedrijfsleven kunnen werken.

Maar de druk op de politie neemt toe door de veelvoorkomende criminaliteit op internet. De VVD wil dat minister van Justitie Ferdinand Grapperhaus (CDA) zo snel mogelijk om tafel gaat met de korpsleiding van de politie en het bedrijfsleven om te kijken hoe cyberexperts als vrijwilligers kunnen worden ingezet bij de politie.

‘Ik heb zelf ook kinderen’

Zoals Arnout de Vries, die in het dagelijks leven onderzoeker internetveiligheid is bij TNO. In zijn vrije tijd helpt hij de politie met de aanpak van deze internetcriminaliteit, vrijwillig. “Ik ben natuurlijk beroepsmatig al met internetveiligheid bezig. Je ziet zoveel narigheid. Ik heb zelf ook kinderen. Er zijn allerlei redenen waarom ik denk dat ik wat kan bijdragen. Hoe klein die bijdrage ook is.”

De Vries is een van de eerste cyberexpertvrijwilligers bij de politie. “Het is heel hard nodig. De politie heeft echt schaarste op het gebied van cybercrime-expertise. Enorme schaarste. Digitale expertise is sowieso schaars in de hele markt. Ook voor commerci?le bedrijven. En daar moet de politie mee concurreren. Dat is behoorlijk lastig.”

Gesprek bedrijfsleven ?n politie

De VVD wil daarom dat de minister gaat praten met het bedrijfsleven ?n de politie over hoe ze elkaar kunnen helpen.

VVD-Tweede Kamerlid Arno Rutte wil dat ‘het talent dat er al in Nederland is zo slim en zo goed mogelijk wordt ingezet’. “Door een deel van dat talent in te zetten als vrijwilliger bij de politie krijgt de politie toegang tot de slimste koppen van Nederland en kunnen de slimste koppen van Nederland naast hun gewone werk ook iets betekenen voor het hele land.”

Zo voorkom je dat ransomware je computer ‘gijzelt’:

Ransomware zet je computer op slot en ‘gijzelt’ je bestanden. Je kan niets meer op je laptop of pc. Dat wil je het liefst voorkomen of anders zo snel mogelijk oplossen. Nou, dat kan.

Burgerparticipatie bij team high tech crime. Wat zijn de mogelijkheden en kansen voor de toekomst?
[slideshare id=98420843&doc=burgerparticipatiebijteamhightechcrime-180524082413&type=d]
Bronnen: RTL Nieuws

Opsporen? Doe het zelf!

Onderstaand artikel is geplaatst in het politie magazine Blauw in april 2018, tekst van Steven Walter.

Burgers die zelf speuren of de politie hierbij willen helpen, het is een trend. Gestolen fietsen terugvinden, pedoseksuelen ontmaskeren of zelfs een vinger achter de schuldvraag rond de MH17-ramp krijgen, de burgerrechercheur kent vele varianten. ?Dit fenomeen zal alleen maar toenemen?, voorspelt Frank Smilda van de Eenheid Noord-Nederland. ?Misschien wordt er wel eens anders over gedacht, maar niemand heeft het monopolie op opsporing.?

?De vermissing van Anne Faber was een gamechanger?, stelt Smilda. Burgers namen het heft in eigen handen en meldden zich massaal aan om te zoeken naar de vermiste Utrechtse. Daarnaast startte de familie een eigen ?TGO?. ?Deze zaak is de nieuwe standaard. We moeten als politie vanaf het begin samen met burgers optrekken. Dat zag je bij het Faber-onderzoek. Er kwam heel veel nuttige informatie los via die burgers. Ze zijn qua opsporing amateur, maar expert op andere terreinen. Zo hebben ze beroepsmatig misschien veel kennis over social media. Je kunt expertise binnenhalen die je als onderzoeksteam niet altijd direct voorhanden hebt. Door samenwerking kweek je ook goodwill en zullen mensen meer vertrouwen in de politie krijgen en informatie delen.?

7.000 Whatsappgroepen

?Burgeropsporing neemt toe. En qua hoeveelheid wordt het ook steeds moeilijker om te volgen?, zegt Arnout de Vries van onderzoeksbureau TNO. Voor die toename heeft De Vries een aantal verklaringen. Een ervan heeft te maken met technologische ontwikkelingen die elkaar in rap tempo opvolgen. ?Er is een exceptionele groei van WhatsApp-buurtgroepen. In Nederland zijn er nu al meer dan 7.000. Daarnaast willen mensen graag helpen bij opsporing en het bestrijden van criminaliteit. Dankzij de huidige techniek kunnen ze dat en doen ze dat ook.?

‘Het aantal burgerinitiatieven zal alleen maar stijgen, dus wen er maar aan’

Sherlock Holmes

Dat burgers steeds meer de rol van Sherlock Holmes oppakken, vindt Smilda niet vreemd. ?Hoeveel misdrijven worden jaarlijks in Nederland gepleegd? Vier ? vijf miljoen*? Daarvan komt nog geen miljoen bij de politie terecht en minder dan een kwart van die zaken gaat naar het Openbaar Ministerie. Kijk je naar het ophelderingspercentage van bijvoorbeeld inbraken, dan lag dat in 2016 rond de 10 procent**; ondanks al het harde werk van de politie. We roepen mensen op alles te melden, maar vervolgens kunnen we niet altijd alles oppakken. Mede hierdoor gaat de burger zelf aan de slag.?

Het heft in eigen handen nemen is volgens TNO-onderzoeker De Vries niet alleen gebaseerd op onvrede over achterwege blijvend politiewerk. ?Mits goed uitgelegd, snappen mensen ook wel waarom de politie niet altijd of direct in actie komt. Toch schrikken ze als ze bijvoorbeeld horen hoe klein een zedenteam is. Dan willen ze helpen en gaan ze aan de slag. Dat doen ze uit betrokkenheid, maar soms ook omdat ze emotioneel bij een zaak betrokken zijn. Of ze zijn wereldverbeteraars die voldoening halen uit het feit dat ze een steentje bijdragen. Probeer hen in goede banen te leiden.?

Smilda vult aan: ?Het is daarom belangrijk aan melders duidelijk te maken wat de politie wel kan oppakken en wat niet, en waarom. Wees transparant en geef aan wat er allemaal op ons bord ligt. Maar maak ook de burger actief. Vertel wat hij of zij kan doen. Leg uit wat een burgerarrest is en wat bij het opsporen toelaatbaar is.? Het hoofd van de Dienst Regionale Informatie Organisatie verwacht dat samenwerking met burgers een gunstig effect zal hebben op oplossingspercentages. ?Hoe meer ogen op straat, hoe groter de pakkans.?

Omarmen

De Vries en Smilda delen de mening dat de politie burgerparticipatie moet omarmen. Faciliteer burgers, geef hen richtlijnen, beweeg mee met de maatschappelijke beweging, luidt hun advies. Maar dat is voor een hi?rarchische organisatie als de politie best lastig, beseft de TNO?er zich. ?Agenten hebben een belangrijke maatschappelijke rol. Zij zetten zich in voor de veiligheid van anderen. Maar ze bezitten ook een bepaald cynisme omdat ze steeds met criminelen te maken hebben. Ze weten dus niet of ze zomaar iedereen die wil helpen, kunnen vertrouwen. Daarnaast is de politie ?gesloten? van aard. Dit heeft onder meer te maken met allerlei privacywetgeving waaraan zij zich dient te houden. Vergeleken met buitenlandse korpsen is die cultuur in Nederland wel iets opener, maar er zijn allerlei motieven om die burger buiten de deur te houden. ?Ze doen mijn werk; straks heb ik niets meer te doen? hoor ik weleens. Of agenten willen burgers beschermen tegen de heftige kanten van het politiewerk.?

Good, bad en ugly

Volgens De Vries bestaan er drie soorten helpers. Hij noemt ze de ?good?, de ?bad? en de ?ugly?. ?Meer dan 90 procent behoort tot de good. Dat zijn mensen die echt willen helpen zaken op te lossen, maar de regels niet kennen. Neem hen bij de hand. De bad zijn burgers die overgaan tot strafbare feiten, zoals eigenrichting en inbreuk op privacy. De meest interessante is de ugly. Dat zijn mensen die dingen doen waardoor de politie de wenkbrauwen fronst. Zoals recent een vlogger die een pedofiel wilde ontmaskeren en op ?undercoverdate? ging. Hij ontving kinderporno en ging daarmee naar de politie. De politie werkte mee door de pedofiel aan te houden, maar de vlogger liep het risico zelf te worden aangehouden voor het bezit van kinderporno. Mensen snappen dat niet. Leg dus uit wat mag en wat niet. Leer ze hoe ze sporen, ook digitale, moeten vastleggen en overdragen aan de politie.?

Eigenrichting

Gevaar voor eigenrichting ligt op de loer, benadrukt Smilda. Zoals overvallen winkeliers die digitale schandpalen oprichten met bewakingsbeelden waarop een dief is te zien. ?Dat moet je niet willen. Daarom is het belangrijk dat je die welwillende burger bij de hand neemt. Iemand kan zichzelf in gevaar brengen als hij niet goed weet wat hij doet. Geef instrumenten mee waarmee mensen iets kunnen doen. Maak duidelijk wat ze wel mogen en kunnen. Zelf iets kunnen betekenen, vergroot het veiligheidsgevoel. En geef duidelijk aan dat mensen niet voor eigen rechter kunnen spelen. Dus geen namen noemen of foto?s plaatsen.?

Alarmbellen

?Het aantal burgerinitiatieven zullen alleen maar stijgen, dus wen er maar aan?, zegt Smilda. De Vries geeft een praktijkvoorbeeld: ?Twee meiden waren getuige van een ernstige mishandeling door drie jongens. Binnen korte tijd achterhaalden ze via Facebook de identiteit van een van de aanvallers, waarna ook de andere twee betrokkenen boven water kwamen. Met hun speurwerk gingen ze naar de politie, die de jongens aanhield. ?De advocaat van de jongens vond deze werkwijze niet kunnen en deed het af als amateurspeurwerk. Onrechtmatig in zijn ogen. De rechter zag dit echter anders en zei: Welkom in de eenentwintigste?eeuw.?

De Vries voorspelt dat dit soort acties zal toenemen. Als de politie op dat soort momenten niet thuis geeft, tast dat het vertrouwen van burgers in de politie aan. ?Het heeft effect op de legitimiteit van de politie. Want waar sta je dan als politie??

Probeer als politie en burger de juiste balans te vinden. Dat verschilt per zaak, want de vraag blijft: ?Hoe ver mag je als burger gaan?? De Vries: ?Ga het gesprek aan over wat toelaatbaar is. Weet ook als politie wanneer het moment is dat je het werk van de burger moet overnemen. Dat moet je leren aanvoelen. Zo kun je bijvoorbeeld voorkomen dat bijvoorbeeld een wraakvader de belager van zijn dochter mishandelt.? Als een burger bij de politie meldt dat hij weet wie en waar de verdachte is, dan moeten wat de TNO-onderzoeker betreft ?alarmbellen gaan rinkelen? en moet de politie de zaak overpakken. Ik hoop dat de politie wil leren en gaat experimenteren. Het gaat vast een keer mis, maar dat gaat het nu ook al. Wees dus niet bang en accepteer die extra hulp van burgerspeurders?, zegt De Vries.

* cijfers gebaseerd op het jaar 2015
** Bron: jaarverantwoording politie 2016

?Doe-het-zelfpolitie: kansen en risico?s

?Kansen:

  • veiligheid verbeteren
  • digitaal kundige burgers
  • betrouwbare binding met burgers
  • vaardigheden van burgers
  • kennis van de massa

Risico?s:

  • gebrek aan juridische kennis
  • incomplete, partijdige of eenzijdige informatie
  • informatie-overload
  • verminderde privacy
  • ?eigen rechter spelen? (burgers die het recht in eigen hand nemen)

Dit zijn enkele voor- en nadelen die volgens Europese veiligheidsexperts kleven aan doe-het-zelfpolitie. Zij bespraken dit onlangs tijdens de eerste internationale workshop Do It Yourself Policing in Berlijn van het EU project Media4Sec.

Bron: Blauw

Burgers zetten steeds vaker de politiepet op

De rol van burgers in de opsporing van daders en in handhavingstaken groeit. Denk aan burgers die iemand staande houden of online sporen veiligstellen. Er zijn echter ook dilemma?s rondom de bevoegdheden van burgers die via het internet de politie helpen. Welke grenzen stel je daarbij? En wat doe je met het delen van opsporingsbeelden?

Kunnen politie en justitie aan slagkracht winnen door burgers intensiever te betrekken bij politiewerk? In menig beleidsstuk en ook vanuit de wetenschap wordt de potenti?le rol van burgers onderstreept. Er lijkt echter een verschuiving gaande van participerende burgers naar een participerende politie. Burgers gaan steeds meer zelf aan de slag en lossen veiligheidszaken op. Het geweldsmonopolie en vervolgingsmonopolie zijn evident en eenduidig in wetgeving vastgelegd, maar een monopolie op andere veiligheidstaken is er niet. Als het de politie lukt om?DIY-policing?(doe-het-zelf) in goede banen te leiden, kan dit gepaard gaan met grote maatschappelijke winsten:

  • toegenomen politiecapaciteit, zonder of met een minimaal financieel prijskaartje;
  • sterkere binding tussen politie en burgers, en tussen burgers onderling;
  • beter beeld van de werkelijke criminaliteit;
  • dalende criminaliteitscijfers door hogere pakkans en meer, met politie samenwerkende ogen op straat.

Informatiepositie van burgers

Door sociale media wordt de informatiepositie van burgers gedemocratiseerd en ook kennis en kunde zijn door het internet steeds meer openbaar. YouTube is een doe-het-zelf-academie. Instructievideo?s en allerlei tools worden door vrijwilligers gratis aangeboden als apps. De adoptie van sociale media is zo groot in Nederland dat burgers elkaar weten te vinden en te mobiliseren. Het?rapport?over de MH17 laat zien dat burgers niet schromen hun krachten te bundelen na een ramp. Ook in opsporing laten burgers van zich horen, getuige de?zaak?waarin een vrouw haar eigen aanrander opspoort en in de val lokt. En vanuit hun emoties startten burgers een massale klopjacht op de?‘kopschoppers‘.

Doe-het-zelf-politie

Deze doe-het-zelf-politie verandert het werk van de politie radicaal. Zaken die nu op de plank blijven liggen kunnen worden opgelost door burgers, of met hun hulp. Burgers en politie komen bovendien nader tot elkaar door nieuwe samenwerkingsmogelijkheden. Maar het kan ook helemaal misgaan. Als burgers het recht in eigen hand nemen bijvoorbeeld. Of als zij in gevaarlijke situaties belanden, omdat zij onrecht bestrijden.

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die de politie geniet

Burgers hebben niet de autoriteit of de bevoegdheden die bijvoorbeeld de politie geniet. Nu ontbreekt het bij burgers meestal aan de kennis en middelen om rechtmatig bewijsmateriaal op te bouwen tegen een verdachte. Het zijn processen die in goede banen kunnen worden geleid, als de overheid een faciliterende rol inneemt. Tijdens de eerste internationale?workshop?Do It Yourself Policing in Berlijn zijn niet alleen de sterktes en zwaktes benoemd van burgers die veiligheidstaken op zich nemen, maar ook de kansen en bedreigingen werden ge?nventariseerd. Hier hebben verschillende experts uit wetenschap, politie en bedrijfsleven uit verschillende Europese landen aan bijgedragen. Vanuit Nederland waren onder andere de politie, het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, Privacy Company en Universiteit Utrecht vertegenwoordigd.? In figuur 1 is deze SWOT-analyse (Strengths, Weaknesses, Opportunities & Threats) weergegeven.

Figuur 1>? SWOT-analyse van Do It Yourself Policing

Dilemma’s rondom Doe-het-zelf-politie

Uit bovenstaande analyse zijn verschillende praktische en oplosbare vraagstukken af te leiden, maar ook lastig te slechten dilemma?s. Een praktisch en oplosbaar vraagstuk is bijvoorbeeld het gebrek aan kennis over sociale media, of de wijze waarop politie en burger laagdrempelig en snel met elkaar kunnen samenwerken. In het Europese onderzoeksproject?INSPEC2T?wordt bijvoorbeeld een nieuwe community-policing oplossing ontwikkeld en in meerdere experimenten getest, zoals in?Buurtlab Groningen. Met een online-community-policing-platform kunnen burgers, gemeente en politie op moderne manieren met elkaar contact zoeken en samenwerken. In Den Haag loopt een onderzoek naar een publiek-privaat samenwerkingsconcept genaamd BART!: Burger Alert Real Time.

Project BART! in Den Haag
Lees ook:?Met BART! werken aan een veilige buurt

Lastigere dilemma?s komen om de hoek kijken als het gaat om de bevoegdheden van burgers die via internet van over de hele wereld kunnen meedoen. Welke grenzen stel je wanneer en voor wie? Nieuw beleid moet vastleggen wat burgers (niet) mogen en wat tot de taak van de politie en het OM behoort. Echter, het opstellen van regels en richtlijnen, maar ook het toetsen van praktijksituaties zal niet makkelijk zijn. De vraag is of van een burger, die ook nog persoonlijk betrokken is door een relatie met het slachtoffer, dezelfde zelfbeheersing kan worden verwacht als van een niet-betrokken politiebeambte. Denk aan het voorbeeld van de??wraakvader?, die de vermeende online belager van zijn dochter via Facebook opspoorde.

Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten

Een ander voorbeeld van een lastig dilemma is het delen van beelden. Het gebeurt steeds vaker dat mensen beelden van mogelijke misdrijven online zetten in de hoop de dader(s) op te sporen. ?Zolang het in een neutrale context gebeurt? heeft het OM er geen problemen mee dat mensen op eigen houtje opsporingsbeelden op sociale media zetten, en: ?Het is niet strafbaar?. Het OM stelt dat het online zetten van opsporingsbeelden alleen strafbaar is ?als er een belediging wordt geuit aan het adres van de gefilmde persoon? of wanneer deze wordt beschuldigd van iets wat hij/zij niet heeft gedaan. Toch ligt?naming & shaming?op de loer, een online fenomeen waar niemand momenteel vat op lijkt te hebben.

Groeiende rol van burgers

Niet gehinderd door de uitdagingen en (ethische) dilemma?s zetten burgers steeds vaker de ?Sherlock?-pet op bij opsporing of de politiepet bij handhavingstaken. Burgers wachten niet tot beleid of draaiboeken om met burgers samen te werken zijn uitgekristalliseerd. De duizenden WhatsApp-buurtgroepen in Nederland zijn een goed voorbeeld van Do It Yourself Policing. Buurtbewoners vormen samen met de wijkagent en soms ook gemeente een barri?re tegen criminelen. In het rapport?Worldwide Mapping of Best Practices and Lessons Learnt?zijn vele internationale voorbeelden van Do It Yourself Policing te vinden.

Burgeropsporing, burgerhandhaving, burgerhulpverlening, burgertoezicht ? ? Burgers die eerste hulp verlenen, iemand staande houden of eerste hulp bij opsporing leveren door alvast online sporen veilig te stellen. Het zijn voorbeelden van werkvoorbereiding door burgers die zeer waardevol kunnen zijn. Daarna nemen professionals de zaak over. Burgers bieden een overschot aan denkkracht en capaciteiten die door de politie nog onvoldoende worden benut.

In het in oktober 2017 gepresenteerde programma ter verbetering en vernieuwing van opsporing en vervolging, omarmt de politie deze toenemende rol van burgers (zie ook het rapport?Handelen naar Waarheid,?dat een belangrijke start betekende voor het Programma Herijking Opsporing). Onderzocht wordt hoe de nieuwe, gerechtvaardigde, verwachtingen van burgers waargemaakt kunnen worden. Samenwerking wordt gefaciliteerd door sociale media en webcare, maar ook met apps waarmee burgers zelf kunnen opsporen in geval van bijvoorbeeld een vermissing, autodiefstal of woninginbraak. <<

Europees project
Het onderzoeksproject MEDI@4SEC brengt de kansen en bedreigingen in kaart die nieuwe communicatietechnologie?n teweegbrengen voor de veiligheid en veiligheidsinstanties. Dit artikel is het eerste van 6 artikelen over specifieke thema’s binnen dit onderwerp: ) Do It Yourself (DIY) Policing; 2) Rellen en massabijeenkomsten; 3) Dagelijks politiewerk; 4) Dark Web; 5)?Trolling?en; 6) Innovatieve marktoplossingen. Lees ook het inleidende?artikel?in Secondant over de kansen van nieuwe communicatietechnieken voor justitie en politie.
Meer informatie over MEDI@4SEC is te vinden op de?projectwebsite. Hier zijn ook de volledige onderzoeksrapporten te downloaden zodra deze openbaar zijn.

Arnout de Vries en Carlijn Broekman zijn werkzaam bij TNO. Zij zijn bereikbaar voor vragen en discussie via e-mail:?arnout.devries(at)tno.nl?en?carlijn.broekman(at)tno.nl.

Bron: Secondant.nl

Priv?detective Eliot Higgins van onderzoekscollectief Bellingcat

Sommige mensen delen vakantiekiekjes op Facebook. Anderen gebruiken sociale media om de verborgen agenda van het Russische ministerie van Defensie bloot te leggen. Eliot Higgins, oprichter van onderzoekscollectief Bellingcat, achterhaalt hoe MH-17 werd neergeschoten. Onderstaand is een artikel van Paul Serail in Quest:

In de eerste dagen na 17 juli 2014 waren er al voorbijgangers die foto?s en video?s op sociale media zetten van een luchtafweersysteem dat vervoerd werd door Oekra?ne. Ze praatten er online over. Waar zijn die foto?s genomen en wanneer? Iedereen kan helpen om dat uit te zoeken. Het is een vrij eenvoudige taak. Er ontstond een groep mensen die naging wat er met vlucht MH-17 gebeurd was. Sommigen deden al langer dit soort werk, anderen niet. Een paar maanden nadat het vliegtuig was neergeschoten, nam het Joint Investigation Team contact op: de offici?le onderzoeksgroep die helder moet krijgen wat er gebeurd is, ondervroeg mij over onze technieken. Achteraf gezien heb ik ze een gratis training gegeven. Ze waren blij met wat we ontdekten, vertrokken en een paar maanden later presenteerden ze hun eigen onderzoek, gebaseerd op dit soort methoden.?

?De Russen zijn niet ge?nteresseerd in de waarheid. Ze willen verwarring zaaien?

De verhalen (1)

?Het Russische ministerie van Defensie gaf op 21 juli 2014 een persconferentie vol onzin. De Russen beweerden eigenlijk niets, ze verspreidden vooral informatie. Ze zeiden dat het toestel zijn koers drastisch gewijzigd had waarna het in de gevarenzone kwam. Ze lieten satellietbeelden zien van Oekra?ense Buk-raketsystemen. En een van de eerste claims was dat ze radarbeelden hadden van een Oekra?ens Su-25 grondaanvalsvliegtuig dat op drie tot vijf kilometer van MH-17 vloog. Ze zeiden niet dat het toestel MH-17 neerschoot, ze zeiden: ?Er was een Oekra?ens toestel in de buurt. Wat kan dat betekenen?? Vervolgens beantwoordden de Russische media en de online-gemeenschap die vraag. Zo ontstond een verhaallijn: een Oekra?ense straaljager heeft het vliegtuig neergeschoten. Het verhaal van Oekra?ne en het Westen is dat een Russische Buk-raket MH-17 neerschoot: twee sterke verhaallijnen die met elkaar botsen, dat maakt het werk nog interessanter. Informatie die vrij beschikbaar is op internet, wijst aan welk verhaal waarschijnlijk waar is.?

De foto?s (1)

?Het is een soort ?zoek-de-verschillen? voor volwassenen. De lanceerinstallatie staat op een vrachtwagen. En de eigenaar van de vrachtwagen zegt zelf dat geen van zijn trucks op dezelfde manier beschilderd zijn. We zien dus steeds dezelfde vrachtwagen. Gebaseerd op getuigen en op de tijden waarop de foto?s genomen zijn, is het onmogelijk dat er verschillende raketsystemen op die truck gestaan hebben. Het zou ook onzinnig zijn om er een af te laden en een andere op te laden. De markeringen en de beschadigingen op de lanceerinstallatie komen steeds overeen. De rubberen flappen die de rupsbanden afschermen, trekken krom op hun eigen specifieke manier. We zien elke keer dezelfde. De nummers staan steeds op exact dezelfde plaats en in hetzelfde lettertype. Dat is niet voor de hand liggend. We hebben veel raket?systemen van Rusland en Oekra?ne vergeleken. Twee lanceerinstallaties met hetzelfde nummer op exact dezelfde plaats in dezelfde schrijfstijl, zou heel ongewoon zijn.?

Het team

?Begin gewoon. Kies een eenvoudig onderwerp en schrijf daarover een blog. Zo oefen je je schrijfvaardigheid en ga je door alle analyses. Je moet een reputatie opbouwen. Je kunt niet met een grote zaak beginnen en verwachten dat anderen het meteen oppikken. Maar als je een blog bijhoudt, krijgen anderen een idee van je werk. Mensen komen naar mij toe en laten zien wat ze gedaan hebben. Leveren ze goed werk af, dan werk ik graag met ze samen. Als je er lol in hebt, aarzel dan niet om er een hobby van te maken. Er zijn niet zo veel mensen die dit werk doen en er is zo veel informatie te vinden. Als je de eerste bent in een land of over een onderwerp, dan kun je zomaar de expert op dat gebied worden.?

De foto?s (2)

?Volgens het Russische ministerie van Defensie liet een foto van 14 juli 2014 zien dat er Buk-raketinstallaties stonden op een Oekra?ense legerbasis. Op een foto van 17 juli zijn ze verdwenen. De Russen vragen zich af wat er gebeurd kan zijn. Tijdens workshops over het gebruik van satellietbeelden gebruik ik dit voorbeeld. Ik heb Google gevraagd of ze satellietbeelden van rond 17 juli 2014 online konden zetten op Google Earth. Iedereen kan die beelden bekijken. Op de foto?s van de Russen is begroeiing te zien, terwijl die meestal weggehaald wordt in juli. Op de beelden van 17 juli van Google is die vegetatie inderdaad verdwenen. De Russische foto?s laten sporen in het gras zien. Die matchen met beelden van Google, maar dan wel van anderhalve maand voordat MH-17 werd neergeschoten. De foto?s van de Russen zijn gemaakt tussen de laatste dag van mei en midden juni. Dat was eenvoudig te bewijzen. We hebben dus een duidelijke aanwijzing dat iemand niet helemaal eerlijk is.?

?Een rechter overtuig je niet met een gammele complottheorie?

De verhalen (2)

?De Russen zeggen dat ze de radargegevens met daarop de Oekra?ense Su-25 zijn kwijtgeraakt na de persbijeenkomst van 21 juli 2014. Maar wat gebeurt een paar dagen voordat het Joint Investigation Team op 28 september 2016 een persconferentie geeft? De Russen vinden hun radarbeelden terug. Verrassing! Of een poging om de persbijeenkomst van het JIT te ondergraven? Volgens de teruggevonden radargegevens is MH-17 niet afgeweken van zijn koers. Dat is inderdaad nooit gebeurd, blijkt uit het onderzoek van het JIT. Daarover hebben de Russen dus gelogen. Er is ook geen vliegtuig te zien in de buurt van MH-17. Het verhaal is nu dat er niets te zien is op de beelden, ook geen Buk-raket. Dat zou bewijzen dat de raket niet is afgeschoten door de separatisten. Het zijn dezelfde mensen die op basis van dezelfde gegevens een heel ander verhaal vertellen. Ze liegen net zo makkelijk als dat ze ademhalen.?

De foto?s (3)

?De meest waardevolle berichten zijn geplaatst voordat het vliegtuig is neergeschoten. Niemand kon schrijven: dit is de raket waarmee MH-17 straks neergeschoten wordt. Want niemand wist dat het ging gebeuren. Op Google Streetview gaan we de locatie na. Aan schaduwen op de foto?s zien we wanneer ze genomen zijn. Zo konden we de route achterhalen die het raketsysteem afgelegd heeft en kregen we een tijdslijn van de gebeurtenissen. Een paar weken geleden plaatste het JIT een foto van de lanceerinstallatie die niet eerder onderzocht was. Ze vroegen het publiek na te gaan wat de locatie was. Ze dachten aan Makijivka, net buiten Donetsk. Uit onze tijdslijn weten we dat het raketsysteem rond die tijd in Donetsk geparkeerd was. De beelden die we hebben van Google Streetview komen overeen met wat we op de foto zien. Mensen gingen erheen. De rots die je ziet, de bast van de boom: het klopt precies.?

De vragen

?De Russen zijn niet ge?nteresseerd in het achterhalen van de waarheid. Ze proberen verwarring te zaaien. Dus stellen ze vragen in plaats van dat ze statements maken. Zolang mensen vragen blijven stellen, komen ze niet tot conclusies. Het is ook het motto van de Russische nieuwszender?Russia Today:?Question More. Het gaat om nog?meer vragen stellen en geen antwoorden vinden. Want als je antwoorden hebt, kun je ergens in geloven. Als je vragen blijft stellen, raak je in de war en geloof je niets.?

De foto?s (4)

?Veel Russen fotografeerden het konvooi met Buk-raketinstallaties toen het tussen 23 en 25 juni door Rusland reed. We volgden het spoor. De legereenheid komt uit Koersk. De nummerplaten op de voertuigen zijn van het Moskow Military District. Er is maar ??n brigade bij Koersk van het Moskow Military District met Bukraketsystemen en dat is de 53ste luchtafweerbrigade. Die eenheid heeft een eigen pagina op VKontakte, een soort Russische Facebook. Je kunt de profielen van alle militairen bekijken. Ze taggen elkaar, zetten opmerkingen bij foto?s. Ik spreek geen Russisch, maar dat hoeft ook niet. Met sleutelwoorden is een eerste schifting te maken. En het is vooral klikken op links. Zie ik mensen in uniform? Zie ik het bataljonnummer? Het is bizar om te zien hoeveel online te vinden is. Soldaten maken foto?s van de presentielijst van die dag. Dan weet je meteen wie er in hun eenheid zitten en wie die dag aan het werk is.?

De antwoorden (1)

?We konden vaststellen wie de raketsystemen naar de grens met Oekra?ne hebben gebracht. We achterhaalden wie de commandant was van de lanceerinstallaties in het konvooi. Een van de raketsystemen is dezelfde als de installatie die de grens over ging en MH-17 neerschoot. We hebben geen bewijs dat de militairen samen met hun lanceerinstallaties de grens overgestoken zijn. Maar die systemen zijn niet eenvoudig te bedienen. Er is een goed getrainde bemanning nodig. Ik kan onmogelijk geloven dat het bediend is door een paar Oekra?ense separatisten die nooit eerder een Buk-raketinstallatie hebben gezien. De waarschijnlijkheid is heel groot dat een Russische bemanning het raketsysteem bediend heeft.?

De verhalen (3)

?Er is een heel actieve groep mensen die eigen conclusies trekt. Ze vinden iemand met een nieuwe theorie, dat haalt?Russia Today?en zij nodigen een ?expert? uit om deze?wacky theory?te verkondigen. Twee weken later komt een andere ?deskundige? met de volgende versie van de gebeurtenissen. De beste manier om mensen in de war te brengen is informatie vrij laten komen die in tegenspraak is met eerdere informatie.

Dit soort mensen is continu op zoek naar alternatieve theorie?n over MH-17. Zodra ze iets vinden, overtuigen ze zichzelf ervan dat het waar is. En als bewezen wordt dat het niet zo is, vergeten ze het weer en stappen ze over op het volgende verhaal. Terwijl het na alle onderzoeken helder is wat er gebeurd is. MH-17 is neergeschoten met een Buk-raketinstallatie die van Rusland naar Oekra?ne is gebracht. Daarna is het raketsysteem teruggegaan. Naar mijn idee dachten de militairen dat ze een transportvliegtuig hadden neergehaald. Daarom klinken ze blij in de afgetapte telefoongesprekken. Als ze zich realiseren wat ze gedaan hebben, raken ze in paniek. Als ze er de volgende dag over praten, zijn ze ge?rriteerd.?

De antwoorden (2)

?Waarom de Russen niet ge?nteresseerd zijn in de waarheid? Ze hebben 298 mensen gedood, daarom. En dat gebeurde op een moment waarop de Russische overheid ontkende dat ze Russische militairen naar Oekra?ne stuurde. Een Russisch raketsysteem dat vanaf een veld dat in handen is van de separatisten een vliegtuig neerschiet, ondergraaft die bewering. En het maakt de Russen gevoelig voor juridische sancties.?

De verhalen (4)

?Iedereen mag zijn complottheorie aanhangen en denken dat hij slimmer is dan alle anderen, uiteindelijk komt de zaak voor de rechter. Hij wordt grondig uitgezocht door serieuze mensen. Als iemand opduikt die beweert dat hij een straaljager zag op 17 juli, dan streept dat het andere bewijsmateriaal niet weg. Met een gammele complottheorie ga je de rechter niet overtuigen.

MH-17 werd trouwens neergeschoten drie dagen nadat we Bellingcat begonnen. Dat gegeven brengt ook allerlei complottheorie?n voort. Alsof ik op een of andere manier geweten zou hebben dat dat zou gaan gebeuren. Ik vind het heerlijk als ik op Twitter weer eens dat verwijt krijg.?

Wie is Eliot Higgins?

8 januari 1979:?Higgins wordt geboren in Shrewsbury in Engeland. Zijn achtergrond in twee woorden: jaren negentig. ?Ik keek het satirisch programma?TV Nation.?Ik?hield van comedians als Bill Hicks en ik luisterde Rage Against the Machine.?

1998:??Ik was een slechte student. Ik kon me niet motiveren.? Higgins doet ?media studies? aan het Southampton Institute of Higher Education. ?Als ik mijn studie afgemaakt had, was ik goed geweest in tapes aan elkaar plakken. Maar ik ben gestopt in mijn tweede jaar.?

2011:?Higgins werkt een rijtje administratieve banen af. Daarnaast volgt hij de Arabische Lente op het livelog van de krant?The Guardian.??Ik?kreeg naam omdat ik zo vaak commentaar toevoegde.?

19 oktober 2011:??Een dag voordat Kadhafigedood werd, werd mijn dochter geboren.? Higgins is zes maanden thuis om voor haar te zorgen. ?Ik had verder niks te doen.? Hij begint het Brown Moses-blog, waarin hij smartphonefoto?s en video?s uit Syri? analyseert.

2014:?Higgins richt Bellingcat op, waarin onderzoekers samenwerken en hun speurtechnieken toelichten.

2017:?na audioanalyse van een telefoongesprek wijst Bellingcat een Russische generaal aan als vermoedelijke leidinggevende van pro-Russische strijders in Oekra?ne in 2014.

Bronnen: Quest.nl

Sherlock – DIY opsporingsplatform voor burgers

Daar sta je dan. Net terug van een feestje, lijkt er thuis ingebroken te zijn. De sporen van een inbraakpoging zijn duidelijk te zien. De adrenaline giert door je lijf. Die inbreker ga je opsporen! Maar hoe pak je dat aan? Met de Sherlock-app voor burgeropsporing, ontwikkeld door TNO en de politie.

Via de Sherlock-app openen slachtoffers van bijvoorbeeld vernieling, cyberpesten, een poging tot woninginbraak of diefstal hun eigen opsporingsdossier. Daarin leggen ze ? afhankelijk van het misdrijf ? de locatie, zichtbare sporen, mogelijk motief, getuigenverklaringen en gestolen goederen vast. Een andere mogelijkheid is het samenstellen van een compositiefoto van een verdachte. Veel mensen vinden het moeilijk om de juiste ogen, oren of neus op een gezicht te plakken. Daarom bevat de app een trainingsspel, waarmee gezichten van bekende personen ?bij elkaar geklikt? moeten worden. Is het dossier compleet? Dan deelt de gebruiker eenvoudig via diverse socialmediakanalen of e-mail een opsporingsbericht, en stuurt hij het complete dossier naar de politie zodat zij actie kan ondernemen. Vervolgens wisselen de gebruiker en politie updates uit via de app.

Zelf buurtonderzoek doen

?De app maakt het mogelijk om gebruik te maken van ?the wisdom of the crowd??, vertelt Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO. ?De politie schakelt burgers nu nog vrij traditioneel in, bijvoorbeeld via Opsporing Verzocht. Maar burgers hebben niet alleen ogen en oren waarmee ze kunnen waarnemen, ze hebben ook hersenen met kennis en denkkracht, en handen en benen om iets te doen. Dat mobiliseren we via de app. Een buurtonderzoek kost bijvoorbeeld veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring? Ik weet wanneer ze thuis zijn en dankzij de app weet ik ook wat ik moet vragen. De politie hoeft niet meer alles zelf te doen. Zij kan haar schaarse capaciteit voortaan zo effectief mogelijk inzetten, waardoor er hopelijk meer zaken worden opgelost.?

?Een buurtonderzoek kost veel tijd en mankracht. Wat is er handiger dan dat ik na een inbraak zelf bij mijn buren langsga voor een verklaring??

Risico’s van zelf daders opsporen

Als burgers zelf daders gaan opsporen, brengt dat risico?s met zich mee. Hoogoplopende emoties kunnen bijvoorbeeld leiden tot eigenhandig optreden. De Vries is zich daarvan bewust, maar stelt dat dit ook zonder de app al het geval is: ?Je kunt burgers niet zomaar tegenhouden. Ze starten nu al hun eigen onderzoek via Facebook, omdat ze merken dat de politie aan lang niet alle zaken prioriteit geeft of te kampen heeft met capaciteitsgebrek.?

Burgeropsporing

Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee.? Daarom helpt de Sherlock-app niet alleen bij de opsporing, maar geeft het burgers ook informatie over preventie en over wat volgens de wet wel en niet mag. Daarnaast maakt de app inzichtelijk wat de consequenties zijn van sommige handelingen, zoals het online delen van namen en foto?s van verdachten en slachtoffers.

?Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen?

Programma ‘herijking opsporing’

Op dit moment is de Sherlock-app nog een prototype en niet daadwerkelijk in gebruik. TNO hoopt deze innovatieve app verder te ontwikkelen, in het kader van het programma ?Herijking opsporing? van de politie. Burgerparticipatie krijgt binnen dit vernieuwingsprogramma de nodige aandacht, omdat het besef binnen de politie doordringt dat een ?chte revolutie nodig is: een actieve rol van, en samenwerking met burgers. De Sherlock-app is daarvoor een goed middel.

Cultuurverandering noodzakelijk

De Vries is realistisch genoeg om te weten dat hiervoor een cultuurverandering nodig is. ?Binnen de politie wordt niet voor niets gesproken over blauw ? de agenten op straat ? en grijs ? de recherche. De opsporingstak van de politie heeft dagelijks te maken met misdrijven en vertrouwt niet zomaar burgerspeurneuzen die zelf hun zaak willen oplossen. Het kost tijd om een meer open houding te realiseren richting goedwillende burgers, en politieprocessen te veranderen.?

?Burgeropsporing is nu nog relatief klein, maar het is wel een trend die steeds belangrijker wordt. Daar moet je wat mee?

Samenwerken met de politie

Daarnaast is een verandering in mindset nodig. Nu wordt burgerparticipatie vaak nog gezien als een laatste redmiddel om een zaak op te lossen. Ook zijn politieprofessionals bang dat burgers een zaak schaden, waardoor een dader niet berecht kan worden. ?Uit de onderzoeken die ik doe, blijkt dat de meeste burgers van goede wil zijn en bereid zijn om samen te werken met de politie. Daarom gaan TNO en de politie na een testfase het in gebruik nemen van de app verkennen. Zo gaan we op bezoek bij slachtoffers van een inbraak en maken we samen met hen een opsporingsdossier. Politie en burgers kunnen de samenwerking op die manier aan den lijve ervaren, waardoor meer respect en vertrouwen in elkaar kan ontstaan. De moderne Sherlock met app heeft de toekomst.?

Bronnen: TNO Time

Burgers: amateur in speurwerk, maar professional op specifieke onderwerpen

Sinds het verschijnen van hun boek Social media: het nieuwe DNA zijn Arnout de Vries (onderzoeker en adviseur TNO) en Frank Smilda (sectorhoofd DRIO Noord-Nederland) niet stil blijven zitten. Weliswaar heeft hun gezamenlijke werk het geschopt tot verplichte kost op de Politieacademie, een boek uit 2014 is in internettermen een eeuwigheid geleden. Het is tijd voor een update. Hoe kijken ze anno 2017 aan tegen de rol van ?de burger? in de handhaving en opsporing, domeinen die tot voor kort nog als exclusief voor de politie werden gezien?

Auteurs:?Wouter Jong en Matthijs Hogendoorn.

Smilda: ?Voor zowel Arnout als mijzelf begon onze fascinatie voor sociale media en internet al ver voor onze gezamenlijke publicatie. Bij mij is het begonnen in 2005 en 2006 toen Maurice de Hond zich op de Deventer moordzaak stortte. Hij begon wat hij aan informatie verzamelde op een weblog te zetten. Dat vond ik z? baanbrekend. Als mensen de wisdom of the crowd inzetten om dingen toe te voegen en op een weblog bij elkaar te brengen zou dat een hele nieuwe dynamiek in de opsporing brengen.
Allerlei krachtige kennis deed mee met het onderzoek van Maurice de Hond. Beeldmateriaal, kennis en kunde kwamen vanuit verschillende invalshoeken bij elkaar: een bioloog, een natuurkundige, een filosoof, een jurist. Ik begon me af te vragen: dat zouden wij toch ook moeten kunnen??

Smilda werkte toen bij de politie in Utrecht. Daar stelde hij voor om met cold cases te gaan werken, vanuit de gedachte dat het afbreukrisico klein zou zijn. Hij ging de ontwikkelingen volgen. De term ?sociale media? bestond nog niet, maar de start lag juist in die periode: Hyves, Facebook, Youtube en Twitter ontstonden alle in die periode. Smilda startte politieonderzoeken.nl en hij gaf veel spreekbeurten. Hij won de politie-innovatieprijs met zijn experiment. En kon met een startbudget van 35.000 euro instappen op die platforms.
?Ik heb toen nog onder meer bij Second Life een plaats delict opgebouwd met een echte case. Dat was toen zo?n virtuele wereld waarin je in kon opgaan. Met burgers eromheen, rechercheurs? Ik startte een blog in 2008. Het begon bij mij in feite als een hobby die uit de hand liep. Arnout was met dezelfde dingen bezig en interviewde mij erover. Zo is het contact een jaar of zes geleden ontstaan.?

Politie 2.0
De Vries werkte eind jaren 90 bij KPN Research, waar men toen al met virtual communities bezig was, vooral vanuit
commerci?le invalshoek.
?Dat was de begintijd van internet. Het ging met vallen en opstaan. Ik richtte mij al snel op de ?goede kanten? van het internet. Hoe kunnen bijvoorbeeld techneuten en sociale wetenschappers beter samenwerken? Het was de tijd van ?Samen innoveren, online cocreatie, crowdsourcing?.
Allengs kwamen daar de veiligheidsthema?s bij, de laatste jaren richt ik mij meer op crisisbeheersing, wat een vlucht nam na een analyse van sociale media bij het noodweer van Pukkelpop in 2011 en Project-X in 2012. Daarna kwam ook de interactie van online bewegingen en de opsporing meer in beeld.?
Op het moment dat de wegen van Smilda en De Vries elkaar kruisten waren zij beiden bezig om gedachten op?papier te zetten onder de titel Politie 2.0. Samenwerking lag ook inhoudelijk voor de hand. Zouden ze daar een boek van kunnen maken?
Smilda: ?Vier maanden na dat initi?le plan volgde Project X in Haren?? Lachend: ?Toen belde Arnout mij:
Volgens mij wil jij geen boek meer met mij schrijven??

En was dat zo?
?Het was voor mij wel dramatisch, natuurlijk. Ik kreeg de nodige reacties van collega?s: Frank, jij zit toch helemaal in die wereld? Hoe kan het nou dat het zo misgaat? Maar goed, voor de hele politie was Project X een keerpunt. Ook voor ons. We hebben elkaar vastgehouden en zijn doorgegaan met het schrijven van het boek.?

Maar men was misschien wat minder enthousiast over jouw experimenten?
Smilda: ?In de tijd van de blog van Maurice de Hond was er zeker weerstand. Maar gelukkig kreeg ik de ruimte van de politieorganisatie om de cold cases op een vergelijkbare manier open te breken. Als er bezwaar was en is, dan gaat dat vooral over de grenzen van de rechtsstaat. Er waren genoeg collega?s die rond de Deventer moordzaak stomverbaasd waren dat het allemaal maar op internet kon worden gedeeld, terwijl de zaak tot in de hoogste instantie was afgedaan. En voor alle duidelijkheid, ik begrijp die bezwaren. Maar we hebben nu eenmaal te maken met een nieuwe wereld waar we ons toe moeten verhouden. Die tweeslachtigheid zag je toen ook al terug in de politieorganisatie. De burger heeft zelf de stap richting opsporing gezet en zal daar niet meer weggaan.?
?Inhoudelijk gezien was Project X een geweldige wakeup call. Niet alleen omdat het rapport van de commissie-
Cohen tot het aftreden van de burgemeester leidde. Maar ook omdat het een gamechanger in de veiligheidswereld
werd.?

De Vries: ?Drie maanden na Project X startte de nationale politie. Dat had z?n impact, met nationale teams en een
programmatischer aanpak, met meer oog voor de online doorwerking in de offline veiligheid. Eerst lag de focus vooral op de impact op de openbare orde, zoals bij Project-X, daarna druppelde het heel langzaam ook de opsporing binnen. Het DNA waar de titel van ons boek naar verwijst, heeft daar betrekking op. Naar ons idee is de impact van sociale media op zowel openbare orde als opsporing zo groot, dat het in het DNA van de gehele politie moet zitten om er goed mee om te gaan.?

Anne Faber
Op het moment dat we dit interview houden, is de zaak Anne Faber prominent in het nieuws. Het gesprek komt op de ontwikkelingen in verhouding tot een eerdere zaak waarbij burgers massaal meeleefden en zich gingen inzetten: bij de verdwijning van de broertjes Ruben en Julian in 2013.
De Vries: ?Destijds was er een burgerinitiatief dat alle informatie op Twitter bij elkaar bracht. Rijp en groen door elkaar. Laatste informatie van de politie, geruchten. Alles kwam langs om de zoektocht naar de broertjes te ondersteunen. Dat initiatief is kort daarna Zoekjemee.nl geworden. Ik herinner de worsteling nog. Wat is dat voor persoon die daar een website voor wil starten? Gaat die over de rug van vermisten geld proberen te verdienen??

?Voor de politie was het ook verwarrend. Want als willekeurige mensen zich na een online oproep op Facebook of Twitter in een bos melden, wie heeft er dan de leiding, wie is het aanspreekpunt? Wat moet daarvan worden? Wat? gebeurt er met mogelijke sporen? Met forensisch bewijs? Wat als burgers plotseling geconfronteerd worden met een lijk? Er?kwam een burgerbeweging op gang die de politie nooit eerder had gezien. Daar werd toen heel ad hoc op ingespeeld, zo goed en zo kwaad als dat ging.?

Gaat de politie er nu anders mee om?
?In mijn beleving wel. In 2013 werden ze overrompeld. Het was niet georganiseerd, weliswaar nu nog steeds niet op een aantal vlakken, maar er is al meer gekanaliseerd.?
Smilda: ?Tijdens de zoektocht naar Ruben en Julian heeft woordvoerder Bernard Jens goed opgetreden. Veel initiatieven werden gehonoreerd, maar wel onder begeleiding van de politie. Rond Anne Faber trad hij op een vergelijkbare manier op. Dat deed hij heel krachtig. De politie bevestigde niet alleen op politie.nl dat een verdachte was aangehouden, maar vergezelde dat ??k meteen met een videoboodschap waarin de situatie kort werd geduid. Dan beweeg je mee als politie.?
En natuurlijk is het wennen, zegt Smilda. ?Je geeft als politie immers een stuk prijs in de virtuele wereld als je de oproep doet: denk mee, rechercheer en help mee. Maar de zaak van Anne Faber laat zien dat er dan allerlei nuttige
informatie op je pad komt. Soms is dat hele krachtige intelligente intel vanuit die virtuele wereld, die je enorm verder kan helpen met het onderzoek, maar die een rechercheur in klassiek onderzoek niet snel was tegengekomen.
Het is de uitdaging om dan die ?klassieke? politiebril af te zetten en de recherche niet als een bok op de haverkist te
verdedigen, maar de ruimte te geven aan derden.?

?Wat denk je van zo?n journalist (en cartograaf Michiel Hegener ? red.) die uren onderzoek doet naar route, tijdstippen en weersomstandigheden? Hij kende het gebied en had voor de ANWB ooit de fietsroute gemaakt die Anne Faber leek te hebben gevolgd. Hij wist een wolkbreuk te verbinden aan een plek waar Anne Faber zou kunnen hebben geschuild? Dat is zulke specifieke kennis, die je niet 1-2-3 in een rechercheteam hebt. Zo zijn er zoveel andere specifieke deskundigen. Overigens vond hij wel dat het erg lang duurde voordat zijn bevindingen werden opgepikt (NRC, 10 oktober). Vergeet niet dat ook de recherche ermee moet leren om te gaan. Maar het zijn ontwikkelingen die iets in beweging zetten en waar we de komende jaren ongetwijfeld meer van zullen zien.?
De Vries: ?Burgers zijn er echt mee bezig. Dagenlang. Zo betrokken. Je vraagt je soms af waar ze de tijd vandaan halen.?

DIY-policing
De kunst is dan wel het kaf van het koren te scheiden en verkeerde initiatieven en eigenrichting te voorkomen. En de
politie krijgt op allerlei platforms steeds meer informatie binnen, maar onvermijdelijk zitten daar ook trollen bij, de
waarzeggers en online paragnosten. Hoe organiseer je dat?
Smilda: ?Het begint ermee te erkennen wat er is veranderd. We noemden al ?het nieuwe DNA? uit de titel van ons
boek. Dat had ook betrekking op veranderingen die eigenlijk net zo fundamenteel zijn als indertijd, toen het DNA in de opsporing een rol ging spelen. Dat had allerlei consequenties voor hoe er op een PD werd opgetreden. Iets dergelijks is nu ook aan de gang in de interactie tussen online en offline.?

Als je dat hebt erkend, volgt de ondertitel: Do It Yourself Police. Smilda: ?Het is hetzelfde als in de gezondheidszorg,
waar de arts een pati?nt met veel meer kennis dan vroeger tegenover zich vindt. En stel dat die pati?nt geen arts of
verzekering zou kunnen betalen: zou hij dan gaan googelen om te zien wat zijn kwaal is? Natuurlijk! Als wij als opsporingsinstanties burgers niet begeleiden, zoeken ze dan zelf hun weg? Retorische vraag.?

[slideshare id=80211679&doc=diy-policingmedia4sec-170927105836&type=d]

Veel van de voorbeelden die Smilda en De Vries geven, laten dat zien: DIY-policing. Iemand die z?n eigen gestolen iPhone heeft opgespoord en door een raam op een keukentafel ziet liggen. Politie gebeld, maar die hebben geen huiszoekingsbevel en als de dader niet opendoet, gaan ze weer weg. Wat bedenkt deze man? Hij heeft een andere telefoon bij zich en zet Periscope (Live Video Streaming) aan. Kondigt aan wat hij gaat doen. Honderden mensen volgen live hoe de man aanbelt. Hij neemt daarmee het risico dat het een matpartij wordt. Maar de man legt keurig uit dat hij zeker weet dat diegene zijn telefoon heeft en dat er heel veel mensen meekijken. Juist dat laatste gegeven werkt als een bescherming. Uiteindelijk gaat de dader met een smoesje door de knie?n en geeft de telefoon terug.

Smilda: ?Briljant bedacht van die inwoner, al is er enig risico. Maar het voorbeeld raakt ook aan iets anders. De scheidslijn tussen opsporing en openbare orde wordt veel sneller overgestoken. Dat zag je ook al bij Project X. In dit geval, als het inderdaad vechten was geworden, was er waarschijnlijk een openbare-ordeprobleem ontstaan. Dan komt de burgemeester aan boord. Dan zou het ook zijn opgelost, maar op een andere manier. Met de komst van
sociale media is de interactie tussen opsporing en openbare orde veel groter dan voorheen.?

Handboek soldaat
We begrijpen, de burger gaat zelf op pad, wat je ook doet. Maar hoe hou je daar controle op?
Een kwestie van educatie, zeggen Smilda en De Vries. Want veel van wat rechercheurs doen, doen anderen ook al
op een vergelijkbare manier: journalisten, wetenschappers, advocaten.

De Vries: ?Eigenlijk zou je burgers een spoedcursus rechercheren willen geven. Alleen dat ligt niet op de plank.?
Smilda: ?Een Handboek soldaat voor burgers. We zijn er mee bezig hoor, er zijn drie apps in ontwikkeling?waarvan er ??n specifiek een soort Zwitsers zakmes moet worden: de burger helpen als hij of zij op onderzoek uitgaat. Wat is wijsheid? Wat doe je wel, wat doe je niet? Of wat doe je als er bij je is ingebroken en je ziet een duidelijk voetspoor in de tuin? Hoe stel je zelf dat soort sporen veilig? Aan dat soort kennis is bij burgers wel behoefte.?

Als de politie het niet doet, dan doen burgers het snel zelf, zo leert de ervaring. Demonstranten in Groot-Brittanni?
hebben een bijvoorbeeld een app ontwikkeld om live ME-linies en afzettingen tijdens demonstraties inzichtelijk te maken. Als we op het gebied van opsporing de burgerinitiatieven een plek willen geven, gaat omarmen beter werken dan afhouden.

De Vries: ?Zo zijn er zoveel meer dingen mogelijk en nogmaals, je moet meebewegen met de ontwikkelingen. Ik was eerder in een meldkamer. Mooi hoor, al die camera?s van Rijkswaterstaat. Maar straks zijn er miljoenen priv?camera?s met dashcams, en denk ook aan de zelfrijdende auto?s van morgen. Al die beelden en gegevens geven een beter beeld dan waar Rijkswaterstaat ooit van kan dromen.
Maar de hamvraag is ook: van wie zijn al die data? Van Google, of een concurrent? Als die de beste data hebben, wie gaat dan de verkeersveiligheid regelen? Hoe ga je daar mee om als politie? Als overheid? Je ziet nu al dat dat soms speelt, bijvoorbeeld met een Apple iPhone of een Amazon Echo in de VS. Van wie zijn de data in het slimme energiemetertje thuis, waaraan je al kunt zien of er iemand thuis is of niet? Behoort die toe aan de burger die de politie zou kunnen of willen helpen? Vaak is het antwoord nog ?nee?. Veel data zijn vooralsnog van de grote bedrijven.?

Langzaam begint het te duizelen. En het wordt er niet beter op als Smilda en De Vries een filmpje tonen dat De Vries in alle meldkamers laat zien. Er is een Amerikaanse app, Vigilante, met een private meldkamer. Iedereen in een bepaalde straal wordt automatisch en razendsnel op de hoogte gebracht om bijvoorbeeld in actie te komen als een
vrouw zich bedreigd voelt door een haar achtervolgende man.
De Vries: ?De politie moet dan maar hopen dat zij dat ook oppikken. De NYPD heeft hier momenteel echt hoofdpijn
van.?

Dit laat zien wat de burger zichzelf potentieel kan aandoen.
De Vries: ?Die burger kan zichzelf geweldig in gevaar brengen! Wat mensen van zichzelf laten zien op sociale
media, dat kan soms best link zijn. Denk aan de buurt-WhatsAppgroepen. Daar ben je lid van met je 06-nummer.
Als jij een melding doet en een potenti?le dief op de foto zet, moet je je bewust zijn van de consequenties. Als er een
serieuze zaak speelt en een crimineel is een beetje ?genetwerkt?, dan pikt die je er zo tussenuit. Dan weet hij dat jij de
eerste foto nam waardoor een zaak aan het rollen kwam. Dat moet je mensen duidelijk maken.?

De Vries noemt ook eigenrichting en inbreuk op de privacy als kwetsbare punten. ?Maar denk ook aan die
jongen die in de situatie rond de Rotterdamse Maassilo werd opgepakt. Hij denkt even undercover cop te kunnen
spelen. Als hobby een terroristische groep ontmaskeren. Wat ben je allemaal aan het doen? Is het overmoed of
na?viteit? Het zijn overigens niet alleen hobbyisten. Ook journalisten mengen zich online in de krochten van het
internet, op zoek naar een scoop.?

Smilda: ?Wat daarom heel erg helpt, zijn de 8 W?s van de opsporing die elke rechercheur, maar ook elke journalist,
gebruikt. Dat brengt een kader aan in de handelwijze van mensen.?

Geen opsporingsmonopolie
Des te meer reden om ook de burger zoveel mogelijk te voorzien van de tools en kaders om al die initiatieven enigszins onder rechtsstatelijke controle te houden.

Smilda: ?Zie het als doe-het-zelf-gids binnen law enforcement. Hoeveel mensen volgen er al niet webinars en dergelijke? Laat het zien. Geef voorbeelden van hoe te handelen. In de recherche wordt geschermd met onderzoeksbelangen. Maar hoeveel procent van de kennis van de recherche is in feite geheim? Het gros van de informatie kun je delen, zonder zaken stuk te maken. Wat ons betreft wordt het tijd om stappen te zetten en de burger daarin de hand te reiken.?

De Vries: ?Het geweldsmonopolie ligt bij de politie, het vervolgingsmonopolie bij het OM, maar niemand heeft het
monopolie op opsporen. De politie moet beseffen dat iedereen sinds mensenheugenis kan en mag opsporen, al veel
langer dan wij wetten en regels hebben. Maar je moet er flexibel mee omgaan. Elk fenomeen is anders, met alle
opsporingsmethodiek en kennis die daarbij nodig is. Er zijn de buurt-WhatsAppgroepen en de landelijke initiatieven
zoals zoekjemee.nl.

We hebben Bellingcat nog niet eens genoemd, dat is internationaal. Een volstrekt zelfstandige club van vrijwilligers,
overigens veel kleiner dan mensen denken. Natuurlijk heeft de politie ze gevraagd of ze in opdracht willen werken. Maar dat doen ze niet. Ze koesteren hun onafhankelijkheid.
Bij MH17 hadden zij al sporen veiliggesteld voordat er naar werd gevraagd. Tegen de tijd dat de recherche ging zoeken was zo?n selfie van Russische soldaten alweer weg. Maar Bellingcat had ?m nog.?

?Ons credo is: faciliteer zulk soort clubs zonder de volledige regie te willen hebben. Laat ze zien hoe je (digitale)
sporen kunt veiligstellen, hoe je dat op een gegeven moment netjes overdraagt en hoe je kunt aantonen dat je er
niet zelf mee hebt lopen rommelen. Dat soort samenwerking vraagt vertrouwen van de overheid. Waarbij je bij elke
online groep opnieuw bekijkt wat passend is.?

Smilda: ?Daar zijn we nu mee bezig en die apps zijn daar een voorbeeld van. Beweeg mee, maar zorg wel voor een
goede disclaimer richting het publiek. Wijs op de basisregels: geen eigenrichting, geen namen en rugnummers,
niet zelf foto?s plaatsen. Als je iets wilt delen stem het dan af met de politie.?

Rechtsstatelijkheid
Dan is er de vraag van de rechtsstatelijkheid en hoe beperkend het OM daarin staat. De Vries bevestigt dat men
worstelt.

?Een voorbeeld is opsporingsberichtgeving. Daar is vanuit het Openbaar Ministerie een aanwijzing voor, een flink pak papier. Het is duidelijk dat slimme mensen daarover hebben nagedacht. Maar zeker bij zo?n zaak als Anne
Faber zie je nu dat iedereen zelf aan opsporingsberichtgeving doet, zonder handreiking. Dan is het de vraag of je dat
als OM in goede banen kunt leiden. En dan zie je de worsteling door de media en andere partijen.?

?Een ander voorbeeld is de Kopschopperszaak in Eindhoven. Het OM maakte een film publiek waar de verdachten
op te zien waren. Er ontstond een hetze jegens de verdachten. Dan wordt het OM daarop aangekeken. De worsteling
blijft: burgers zijn verantwoordelijk voor hun eigen gedrag. Maar in welke mate hebben wij als OM daar een rol in
gehad??

Een ander voorbeeld: de pomphouder die elke?keer netjes aangifte doet als klanten wegrijden zonder te betalen. Op een gegeven moment is hij het zat. Hij heeft de camera?s voor het bewijs, maar er gebeurt niets mee. Hij denkt: ik ga mezelf beschermen, ik maak een online schandpaal. En, voordat het verboden wordt, laat hij met een sticker duidelijk weten op het pompstation wat de gevolgen zijn als je wegrijdt zonder te betalen: met je hoofd achter het stuur voor de wereld op het web herkenbaar.

De Vries: ?Daar kun je ethische vragen over stellen. Er zal vast wel eens iemand in de war zijn die gewoon vergeten heeft te betalen. Maar bij de pomphouder werkte het prima, alle benzineboeven bleven bij hem weg. Er zijn andere zaken bekend van winkeliers die foto?s online publiceerden, waarbij veroordeelden uiteindelijk de winkelier aanklaagden. Dan zie je bij een veroordeling vervolgens weer crowdfunding om de hoek komen om de boete van de winkelier te betalen.?

Oplossingen
Frank Smilda wil graag vanuit de essentie de samenwerking laten vinden. ?Wij lossen met ons korps van 65.000 mensen ongeveer een kwart op van de miljoen zaken die op ons bordje komen. Dat wij hier in het noorden op 12% oplossing woninginbraak zitten, stemt alleen maar tot tevredenheid als je het vergelijkt met de Randstad, waar het 8% is. Maar het blijft een klein aantal. En we hebben het alleen over de zaken waar aangifte over is gedaan. Die 65.000 politiemensen, dat worden er nooit twee keer zoveel. En 25% wordt niet opeens 50% op deze manier, laat staan bijvoorbeeld 85%.?

Het omarmen van burgerinitiatieven is de enige manier die het percentage significant omhoog kan krijgen, wil Smilda maar zeggen. ?Hier in Noord Nederland hebben we vorig jaar innovatie-experts gevraagd ons te helpen, en dat gekoppeld aan het thema burgeropsporing. In verschillende groepjes kwamen zij samen in verhoudingen van tweederde politie- en justitiemensen en eenderde mensen van buiten de politie. Daar zaten mensen bij als Arnout van TNO en bijvoorbeeld iemand van Deloitte, die ook goed thuis is in de law enforcement-wereld. Daar zijn die apps uitgekomen. In dat soort samenwerking kun je stappen maken. Als dan maar steeds blijft hangen in je rechtsstatelijke verhaal, dan blijf je ook hangen in die belabberde opsporingspercentages.?

Gevoel
?En voor alle duidelijkheid?, vervolgt Smilda, ?dat geldt ook voor vermissingen: het gaat niet alleen over de oplossing, maar ook om duidelijk te maken wat de stappen zijn en waarom. Van de 40.000 vermissingen per jaar is 0,01% echt urgent. Door kennis te delen cre?er je ook rust, omdat in heel veel gevallen al snel zal blijken dat er niet zoveel aan de hand is. En in de hele ernstige gevallen, zoals met Anne Faber, ontstaat er wel een gevoel van saamhorigheid, van politie, leger, Rode Kruis en het legioen aan vrijwilligers, tegen de vreselijke onzekerheid en het ellendige voorgevoel (en later de bevestiging ? red.) in.?

De Vries: ?Algemener zou dat ook kunnen gelden voor die almaar groeiende WhatsApp-buurtgroepen. Al meer dan 7000! We weten dat er ??rst een negatief gevolg is als zo?n groep wordt gestart, want mensen schrikken van de hoeveelheid inbraken en andere ellende in hun buurt. Dat gevoel blijkt kort na de start echter weer te verdwijnen als men doorkrijgt er samen iets aan te kunnen doen. We?weten dat het gaat helpen om oplossingspercentages omhoog te brengen, dat zou ook voor het gevoel positief kunnen zijn. Met al die kennis die je kunt delen, de samenwerking met 3000 wijkagenten op Twitter, een aantal thematische accounts? Ik zie echt een rol voor Nederland als een internationale early adopter, en de volgende stap is dan die rechtsstaat 2.0. Laat ook zien wat we hier aan het doen zijn en leer ook internationaal van elkaar.?

Een paar voorzetten
Veel was al bekend, maar als je de voorbeelden hoort die Smilda en De Vries uit hun mouw schudden, blijkt nogmaals hoe snel de ontwikkelingen elkaar opvolgen. Het interview is ook een opmaat naar het congres Participerende Politie van dit Tijdschrift. De politie die ?deelneemt? aan wat de maatschappij onderneemt tegen openbare-ordeverstoringen en criminaliteit. We dagen Smilda en De Vries uit nog een paar voorzetten te geven:

De Vries: ?Ik vroeg een paar van de mensen bij Bellingcat: hebben ze jullie nou ook gevraagd met welke andere zaken dan MH-17 je bezig bent? Antwoord: Nee. Een van die jongens is werkloos en ik vroeg: hebben ze jou gevraagd of het wat voor jou zou zijn om bij de politie te werken? Antwoord: nee. Sommigen van hen vinden: de politie kwam onze informatie halen en daarna hoorden we nooit meer wat van ze. De erkenning en de samenwerking kan zogezegd?beter.?

Smilda: ?Iedereen publiceert rapporten: WODC, ministerie, vakgroepen criminologie, politie. Over heel veel onderwerpen. Ik loop al langer met het idee om al die kennis en kunde te vertalen naar het geografische gebied?waar iets speelt. Probeer er hapklare brokken van te maken voor dat gebied. En ga verkennen wie voor ons in dat gebied vertrouwde partners (inwoners!) zijn om op een intelligente manier te kijken naar de veiligheidsproblemen, waar in rapporten al eens over is nagedacht.?

De Vries: ?Leer snel te denken, soms kan de burger in vijf minuten aan een doorbraak bijdragen. Denk aan crowdsourcing in bijvoorbeeld zedenzaken. Daar zijn hele groepen online mee bezig. Laatst kwam Europol met een foto van een hotelkamer. Zit je bij de tandarts, even een paar fotootjes kijken, commentaar geven en weer door. In deze zaak herkende iemand iets heel kleins, maar die simpele brokjes informatie kunnen tot heel veel leiden. Dat is bewezen, het heeft echt in een aantal zaken tot een oplossing geleid In dit geval was binnen 24 uur duidelijk dat het om een hotel op Mauritius ging.?

Smilda: ?Laten we met overvallen beginnen. Zijn er 2000 per jaar. Zet iedere overval bijvoorbeeld binnen 24 of?48 uur online. Met een kaartje erbij. Modus operandi erbij. Daderwetenschap die je niet wilt weggeven is maar 5 of 10% van de informatie in zo?n zaak. De rest is al algemeen bekend of heeft een getuige gezien. Als je dat al in het systeem zou kunnen brengen, kan dat enorm veel opleveren. De doorlooptijd is vele malen hoger dan wanneer je moet wachten op Opsporing Verzocht, en daar worden ook nog eens veel minder zaken behandeld dan wij met de verschillende platforms zouden kunnen doen.

De Vries: ?Het gaat om de mindshift: burgers mogen misschien amateur zijn in het speurwerk, maar ze zijn bijna altijd professional in een bepaald onderwerp en in hun leefomgeving. Betrek ook de jeugd. Eerder is een recherchegame bij de politie afgeketst op de kosten en het vooroordeel ?we maken van opsporing geen spelletje?. Als een game een goede manier is om in een onderzoek een specifieke doelgroep aan te spreken, dan zou ik denken: wat let je??

Smilda: ?Veel modellen ontstaan op een platform, bijvoorbeeld AirBnB. Breng ieder type crime op een platform. Laten we zeggen: overvallen en neem als voorbeeld juweliers, dat is een grote en inmiddels goed georganiseerde slachtoffergroep. Zo kun je er veel meer per criminaliteitsveld onderscheiden en ondersteunen en mee laten denken. Denk ook aan krachtige voorbeelden uit de medische en onderwijswereld om dat te doen. We moeten op zoek naar de gezamenlijke belangen van politie en maatschappij. Daarom heb ik het ook liever niet over ?de burger?, alsof het iets anders is dan de politie. Er is veel minder onderscheid dan lang is gedacht. We zijn allemaal??inwoners? van dit land. Uiteindelijk hebben wij als politiemensen dezelfde doelen voor ogen als de mensen voor wie wij werken.?

De Vries: ?En kijk naar en haak aan bij het bedrijfsleven. Op Reddit was kritiek vanwege mogelijke aanwakkering van tunnelvisie bij het online speurwerk na de aanslag op de Boston Marathon. Gingen ze dat speurwerk verbieden? Nee, ze pasten hun platform aan. Want zij zien er business in. Inmiddels heeft Reddit zelfs een eigen Bureau of Investigation voor burgers. Voer absoluut steeds de discussie over wat er toelaatbaar is, over sporen zoeken, over burgerarrest, tot aan de vervolging. Maar wen aan de ontwikkelingen. Dit is wat er gebeurt. Onthoud dat voor het congres en in de nabije toekomst.? ?

Drie apps
Het gaat voorlopig om testversies van de apps, die alleen worden gelanceerd als blijkt dat ze echt werken.

Zo gaat de app Samen Zoeken gebruikers op de hoogte houden van zoektochten naar vermiste personen. Gebruikers kunnen op hun beurt informatie uploaden, zoals foto?s van gevonden voorwerpen en sporen. De politie wil de deelnemers volgen, om zo te kunnen achterhalen welke gebieden bij een zoektocht zijn uitgekamd.


De tweede app, Automon genaamd, is ge?nspireerd door Pok?mon Go en stuurt een bericht naar gebruikers zodra er een gestolen auto in zijn of haar buurt is gesignaleerd. Aan de hand van informatie als kentekennummers, kleur en merk kunnen gebruikers vervolgens ?op jacht?. Als een auto wordt gevonden, scoort de vinder punten.

Tot slot is er een app in ontwikkeling die als Zwitsers zakmes moet werken, met een palet aan opsporingsmethoden die burgers zelf kunnen uitvoeren, zoals bijvoorbeeld een buurtonderzoek na een inbraak. De politie kan slachtoffers leren om zelf buren te ondervragen en deze info in de app te combineren tot een dossier. Ook de mogelijkheid tot het opnemen van een getuigenverklaring behoort tot de mogelijkheden.

Bron: Tijdschrift voor de Politie,??jg.79/nr.7/17

DIY Policing

Social media zorgt dat burgers activiteiten ontplooien die normaal onderdeel waren van het politiewerk en het werk van andere organisaties die zich bezighouden met de openbare veiligheid. Als moderne Sherlock Holmes helpen burgers de politie of nemen ze taken zelfs over. Zij onderzoeken misdaden, identificeren verdachten, vormen lokale buurtwachten, jagen op pedofielen en melden op allerlei manieren?misdaad.

Vanuit het Europese onderzoeksproject Medi@4Sec is gisteren het beknopte rapport over DIY Policing publiek gemaakt dat precies naar dit nieuwe fenomeen wereldwijd onderzoek heeft gedaan. Er zijn veel voorbeelden bekeken, en de ethische en juridische uitdagingen zijn hierbij ook onder een vergrootglas gelegd.

Al reeds in januari was er in Berlijn de eerste Europese bijeenkomst over dit onderwerp om met experts uit politie, OM, ministeries, wetenschap, bedrijfsleven en burgergroepen te praten over de kansen en bedreigingen die dit nieuwe fenomeen bieden.

Hieronder kun je de publicatie online lezen of downloaden. Mocht je het volledige achterliggende onderzoeksrapporten willen lezen verwijzen we je naar de website van?Medi@4Sec?waar ook andere interessante publicaties over de impact van social media op politiewerk te vinden zijn:

Bronnen:?Medi@4Sec