SocialMediaDNA richt zich op kennisdeling rondom social media, politie en maatschappelijke veiligheid. Onderwerpen vari?ren van de online aspecten van openbare orde, opsporing, vervolging, rechtspraak tot crisisbeheersing en communicatie.
Crimemapping is internationaal gezien enorm in ontwikkeling. Niet alleen misdaad in brede zin wordt in kaart gebracht. Er zijn ook thematische kaarten, zoals hieronder voorbeelden van drugs gerelateerde misdaad, aanranding en moord. Aangezien het vaak publiek-private samenwerkingen zijn die crimemapping mogelijk maken, en data steeds vaker uit meerdere bronnen zal komen (ook van burgers) komen verwachte vragen over de gevolgen en aansprakelijkheden van het ontsluiten van deze data, maar ook het eigendomsrecht. We weten immers hoe je met crimemapping data niet alleen naar het verleden kunt kijken, maar het ?real-time crimemaps zou kunnen maken (door oa social media berichtgeving weer te geven op thema’s) en zelfs geografische voorspellingen kunt doen over misdaad (predictive policing).
Mooi filmpje over gebruik crime data in de Verenigde Staten:
Eigendom van de misdaad-data
In de Verenigde Staten zijn er inmiddels zoveel crimemapping diensten en bedrijven, dat er nu een discussie is ten aanzien van het eigendom van die misdaadgegevens. Diverse bedrijven krijgen van de politie geld om crimemapping diensten mogelijk te maken, maar doordat ze andere businessmodellen hanteren is niet duidelijk of all bedrijven nu bij deze data zouden mogen. Zo liggen CrimeReports.com en Spotcrime.com in een juridisch geschil verwikkeld.
Narcotica maps
Onderstaande misdaadkaart toont alle drugsgerelateerde geweldsdelicten in?Mexico. De website?Wikinarco.com?geeft een zelfs uitgebreider overzicht waarin diverse doorsnijdingen te maken zijn in de beschikbare data. Ook het huidige gebied dat gecontroleerd wordt door ” Los Zetas” is in paars weergegeven. Alle vermeende gebieden van de grote drugskartels zijn te vinden op de site.
Zedenmisdrijven in kaart gebracht:
Family Watchdog is een gratis dienst in de VS die veroordeelde plegers van zedenmisdrijven in kaart brengt. Zo kun je zien wie er in je buurt woont. De data wordt ook door de FBI bijgehouden in een landelijke database.
Aanrandingen in kaart en via app ontsloten:
Ook in andere landen zijn dit soort initiateven populair. Hieronder een voorbeeld van een dienst die zich met name op vrouwen richt.?Rebecca Chiao geeft uitleg over de Harassmap:
Moorden in kaart:
Zie hieronder de moordkaart van Washington, D.C. van november 2004 tot november 2006 (bron: Crime maps?van de Metropolitan Police Department).
ALert ID
Alert ID?app met realtime Crimemaps is een soort Burgernet die burgers waarschuwt over diverse delicttypen. Daarnaast biedt de dienst ook de mogelijkheid om besloten groepen aan te maken en als burgers of bedrijf onderling te communiceren op een veilige en privacyvriendelijke manier. Men kan daarnaast natuurlijk ook de politie zelf op de hoogte brengen via diverse mogelijkheden.
MapInfo Crime Profiler?is een interessante misdaadanalyse tool voor de politie om hotspots en andere patronen te identificeren.
Mapinfo biedt data visualisatie van crime reports in diverse vormen om de agent optimaal te ondersteunen:
Trulia crime maps?heeft ook een nette manier van visualisatie en plot misdaden op opensource kaarten van OpenStreetMaps.org:
Crimemapping in Australi? door Daily News:?
Crime mapping in Alaska (Anchorage):?
Crimemapping partijen
?
In ons inleidende blog noemden we al?CrimeReports.com?die in de VS de marktleider is en al zo’n 80 miljoen misdrijven in haar database heeft en kan ontsluiten. Maar ook?SpotCrime.com?is een grote partij en deze kent ook een zustersite?MyLocalCrime.com, en een full-screen versie van SpotCrime -?SpotCrime.info. Dan is er nog?MyLocalCrime?geeft dezelfde data weer als SpotCrime, maar in een ander formaat. SpotCrime.info is weer eenvoudiger op een mobiele telefoon te raadplegen. Het bedrijf erachter, ReportSee Inc. heeft daarnaast ook?UCrime.com, een universiteitscrime mapping website. Er is daarnaast een?iGoogle?Gadget,?iPhone?versie,?Android,?Layar?en?DirecTV?versie.
Op 4 augustus 2011 werd?de 29-jarige Mark Duggan door de politie in Londen neergeschoten bij een poging hem aan te houden. Hij stierf aan zijn?verwondingen. De dood van Mark was de aanleiding voor massale rellen in Londen en andere?Britse steden, de ergste sinds de Brixtonse rellen.
Al snel werd een?Facebookpagina?geopend ter nagedachtenis aan de 29-jarige Duggan. Deze post op Facebook trok de belangstelling van de Britse media en politie:
Het lijkt erop dat deze post de lont in het kruitvat is geweest, in combinatie met tweets waarin aangekondigde doelwitten stonden, vergezeld van foto?s van leeggeplunderde winkels en uitgebrande politiewagens. Niet erg clever, omdat de Britse politie ook actief is op sociale media en BlackBerry-gebruikers weet te achterhalen en te vervolgen, zoals deze tweet van BBC News laat zien:
Gewelddadige confrontaties tussen honderden, vooral jeugdige, relschoppers en de Engelse?politie. Ze begonnen op 6 augustus?in Tottenham?in Noord-London?en verspreidden zich later naar andere wijken en steden, waaronder Birmingham, Manchester, Liverpool, Nottingham, Bristol en Medway. Tijdens de rellen werden auto’s, winkels en huizen in brand gestoken en ook werden er winkels geplunderd. Op 9 augustus viel het eerste dodelijke slachtoffer van de rellen in het Zuid-Londons?stadsdeel Cryodon. Op 10 augustus vielen er drie doden in Birmingham; zij waren onderdeel van een?burgerwacht.?Een van de drie mannen die in de nacht van dinsdag op woensdag omkwam bij de rellen in Birmingham, stierf voor de ogen van zijn vader. Die probeerde zijn zoon te reanimeren, maar tevergeefs.
Premier Cameron wijst naar de politie, zo bleek tijdens het debat in het parlement. Volgens de premier ziet de politie de rellen teveel als een probleem met de openbare orde, en niet als criminaliteit.?Tijdens het debat bleek dat er binnen de politiek veel onenigheid is over de oorzaken en mogelijke oplossingen van de rellen.
Conservatieve parlementari?rs stellen dat een slechte opvoeding en slecht onderwijs de boosdoeners zijn. Links meent dat er veel kansloosheid is als gevolg van bezuinigingen en gebrek aan banen.
Intussen maken rechtbanken overuren om het grote aantal arrestanten te verwerken. Er zijn alleen al in Londen nu bijna 1000 verdachten aangehouden.?De situatie is chaotisch. Soms is onduidelijk welke arrestanten waar zijn ondergebracht. Voor de rechtbanken staan busjes met verdachten in de file.?Scotland Yard deed donderdagochtend invallen bij verdachten. Daarbij zijn niet alleen arrestaties verricht, maar zijn ook goederen in beslag genomen die vermoedelijk afkomstig waren van plunderingen.
De media deden uitgebreid verslag van de rellen. Zowel het nieuwskanaal van de BBC?als SkyNews?zonden dagelijks rechtstreekse beelden uit van de rellen. Sociale media, in het bijzonder de BlackBerry Messenger, speelden, naast de?klassieke media, een grote rol in het verspreiden van de rellen.De rellen werden gevoed door?en becommentarieerd op Facebook en Twitter. Twitter heeft nauwelijks een rol gespeeld bij het ontstaan van de rellen in Londen en andere Britse steden een paar weken geleden. Dat meldt de Britse krant?The Guardian.De krant analyseerde meer dan 2,5 miljoen tweets over de rellen en daaruit blijkt dat het sociale netwerk vooral gebruikt werd om te reageren op de onrust en plunderingen. De actieco?rdinatie vond vooral plaats met behulp van?BlackBerry Messenger (BBM). Met BBM is het mogelijk om een versleuteld bericht gratis te?versturen naar een grote groep mensen. Dankzij een uniek PIN-nummer kan alleen de?ontvanger het bericht lezen.?In Groot-Brittani? zijn BlackBerry?s goedkoper dan op het Europese vasteland en meer in omloop dan de iOS en Android-smartphones. Ruim eenderde van de Britse jongeren heeft?volgens een onderzoek van de Britse telecomautoriteit?een BlackBerry. Daarnaast is BlackBerry Messenger –pingen?in de volksmond-?gratis, kunnen je berichten naar meerdere mensen tegelijk sturen, en worden ze versleuteld verstuurd, waardoor gedacht wordt dat de autoriteiten de BlackBerry niet kunnen aftappen. Twitter is daarnaast geen handig medium om rellen te organiseren: de autoriteiten kijken mee.
Foto: Brand in Tottenham ten noorden van Londen op zaterdagavond.
The Guardian?verzamelde BlackBerry berichten, die aan duidelijkheid weinig te wensen overlaten.
?Everyone from all sides of London meet up at the heart of London (central) OXFORD CIRCUS!!, Bare SHOPS are gonna get smashed up so come get some (free stuff!!!) fuck the feds we will send them back with OUR riot! >:O Dead the ends and colour war for now so if you see a brother? SALUT! if you see a fed? SHOOT!?
Vlak voor het uitbreken van de rellen in Enfield op zondag werd deze oproep gepingt.
?Everyone in edmonton enfield wood green everywhere in north, link up at enfield town station, at 4 o clock sharp!?
Jenny Jones, kandidaat voor de burgemeestersverkiezingen in Londen in 2012 maakte direct haar eigen analyse over?who is to blame ?(ze was er snel bij):?als er meer politieagenten waren, zouden ze meer tijd hebben om alle Twitterberichten en Facebookposts door te nemen. ?It?s quite possible if they had more resources they could have picked up on this.?
Slechts door een overmacht van politie in de straten wist de overheid de rellen?te bedwingen. BlackBerry Messenger bleek heel effectief te zijn in het organiseren van de?mensen op straat en het identificeren van doelwitten, volgens een relschopper zelfs met?militaire precisie. Het was bijvoorbeeld mogelijk om direct dezelfde ?informatie te zenden naar?alle contacten, soms honderden tegelijk. Ook werd geadverteerd voor middelen voor de rellen,?zoals handschoenen, maskers of petroleumbommen. Daar waar BlackBerry Messenger en?Facebook het belangrijkste medium waren voor het organiseren van de rellen, werd Twitter?meer gebruikt als nieuwsbron met reportages en actualiteiten over de rellen. Overigens?werden ook liveblogs van traditionele media gebruikt om te zien waar politietroepen zich?bevonden.
Dat de overheid een invloedrijke rol toekent aan het pingen, blijkt uit de oproep van enkele Britse parlementari?rs om het pingen tijdelijk te verbieden. Een linkse Nederlandse politicus kwam ook met dit weinig democratische idee.
Waarom zet niemand BlackBarry Messenger uit in London? Lijkt me een effectieve manier de 'organisatie' van nieuwe rellen te ontregelen #dtv
Groot-Brittanni? onderzoekt de invloed van social media bij de rellen. Dat heeft premier Cameron laten weten. Is het een goed idee om een censuur in te stellen? Cameron sluit niet uit dat het gebruik van social media aan banden wordt gelegd. ?”Wij werken samen met de politie, de inlichtingendiensten en bedrijven om te kijken of het goed zou zijn om mensen het communiceren via deze websites en diensten onmogelijk te maken als wij weten dat zij geweld, onrust en criminaliteit beramen”, aldus Cameron.
Drempel
Eerder deze week kwam de berichtendienst BlackBerry Messenger al onder vuur te liggen. De relschoppers zouden daar veel gebruik van maken om informatie uit te wisselen.
Volgens social-media expert Edwin Res van Social Inc., een bureau voor social media marketing, verlagen social media inderdaad de drempel om groepen bij elkaar te krijgen die rotzooi willen trappen.?Toch lijkt het hem geen goede stap om deze manier van communicatie aan banden te leggen: “Dat voelt een beetje als censuur zoals China of Noord-Korea dat doet. Dat kan je niet maken.”?Cameron kan de social media beter op een positieve manier gebruiken, stelt Res: “Vraag de mensen die iets zien, dat direct te melden.”
Premier David Cameron wil dat relschoppers geband worden van social networksites als Twitter en Facebook, naar aanleiding van de?rellen in Londen en andere Engelse steden?twee weken geleden. Maar of dat voorstel nog steun krijgt, is maar de vraag. De minister van Binnenlandse Zaken, Theresa May?wil inventariseren wat de grote sociale netwerken zouden kunnen doen om onrust te beperken, in plaats van de sites af te sluiten. Ook wil ze kijken hoe de overheid gebruik kan maken van de websites, dus hoe politie en netwerksites kunnen samenwerken – wat nog een interessant discussiepunt kan worden. Zij wenst dat?de sociale netwerken meer verantwoordelijkheid nemen voor wat er op hun websites gepost wordt. En Twitter en Facebook moeten aantonen wat ze al doen om berichten die oproepen tot geweld te verwijderen. Facebook zegt dat ze ten tijde van de rellen in de Britse hoofdstad meerdere “geloofwaardige bedreigingen” hebben verwijderd. En Research in Motion, het Canadese bedrijf dat de BlackBerry maakt, moet uitleggen welke delen van hun Messenger priv? of gecodeerd zijn. Relschoppers zouden vooral met Ping van BlackBerry gecommuniceerd hebben.?De Amerikaanse bedrijven gaan de overheid ten sterkste afraden om noodmaatregelen te nemen die een nieuwe vorm van internetcensuur zouden kunnen inluiden.?De sociale netwerken willen uitleggen wat zij gepaste maatregelen vinden tegen provocerend materiaal. Bedrijven kunnen gedwongen worden om berichten van gebruikers aan de politie te overhandigen. En de Britse politie wist enkele ongeregeldheden te voorkomen door priv?-berichten op de BlackBerry te onderscheppen. Dat is mooi, maar hoe ver mag de politie hiermee gaan?
?The discussions looked at how law enforcement and the networks can build on the existing relationships and co-operation to prevent the networks being used for criminal behaviour. The government did not seek any additional powers to close down social media networks.?
De volgende vraag is natuurlijk: aan wat voor ?co-operation? zou de Engelse regering denken ? zeker als die bedoeld is om rellen te?voorkomen? Dit verhaal krijgt vast nog een vervolg.
Riot Clean Up?
Via bovenstaande account werden inwoners van Londen en andere getroffen steden en wijken opgeroepen om hun wijken en steden op te ruimen. Hier kwam massaal reactie op: @RiotCleanUp?heeft op dit moment maar liefst zo?n 86.419 followers, en dat op slechts enkele dagen. Mensen komen dan ook massaal op straat met de bezem in de aanslag om alles terug op te kuisen.
En dat het werkt is te zien in?deze fotoserie.?Ondertussen zijn er ook nog andere Twitter accounts opgericht met gelijkaardige doelen:?@RiotCleanUpBrum?@RiotCleanUpManc?@riotcleanupWolv?@cleantottenham?@RiotRescue?@RiotRescue?bijvoorbeeld wilt mensen en idee?n samenbrengen om de kleine handelaars die overvallen en geplunderd zijn tijdens de rellen. En ook YouTube wordt gebruikt om een anti-rellen boodschap te verkondigen. Zo heeft rapper Guvna B een video online gezet waarin hij mensen verzoekt om te stoppen met de rellen: ?A track pleading with the youth involved in the current UK riots to stop?.
http://youtu.be/KzNmrYrGs_8
Ook zijn er burgers die YouTube gebruiken om hun afschuw uit te spreken over de rellen. Bekijk bijvoorbeeld onderstaande video waarin een burgerjournalist aan de plunderaars vraagt of ze trots zijn op zichzelf?
Burgeropsporing na de rellen
Afgelopen donderdag een interessant artikel van Eva de Valk in de NRC. Hieronder een weergave van het artikel aangevuld met achtergrondinformatie.
Burgers ontdekken de mogelijkheden van internet als digitale schandpaal, blijkt bij de rellen in Groot-Brittanni?. Op straat weren burgers zich tegen relschoppers met honkbalknuppels, op internet plaatsen ze foto’s van plunderaars met het verzoek extra informatie te sturen. Maandag zijn twee van zulke ‘name-and-shame’- sites opgericht: ‘Catch a Looter’ en ‘Identify the London Rioters’. ,,Ik wil laten zien dat gewone mensen dit gedrag niet accepteren en actie ondernemen”, zegt de oprichter van ‘Catch a Looter’.
Ook de Britse politie heeft?beveiligingsbeelden?van vermeende Londense relschoppers prijsgegeven op internet. Opvallend niet genoeg alleen op hun eigen website, maar ook via Flickr (Metropolitan Police?Flickr account), een site waar particulieren foto’s kunnen delen. De boodschap: weet je wie deze mensen zijn, neem contact op met het onderzoeksteam.?En ondertussen werd er ook een?Google Group?aangemaakt, ?London Riots Facial Recognition? waarbij men hoopt via gezichtsherkenningstechnologie mogelijke daders te kunnen laten vervolgen.
In Groot-Brittanni? wordt traditioneel niet moeilijk gedaan over de privacy van verdachten. Het land heeft de meeste beveiligingscamera’s ter wereld en anders dan in Nederland plaatsen kranten zonder pardon foto’s van verdachten. Vandaag plaatst The Times foto’s van vermeende relschoppers op acht pagina’s.?Foto’s van verdachten op internet leiden tot nieuwe dilemma’s. Waar bij de foto’s van de politie kan worden aangenomen dat ze alleen foto’s plaatsen van mensen waarbij een redelijk vermoeden van schuld is, is dat bij particuliere sites minder vanzelfsprekend. Hoe weten we dat de mensen die we zien daadwerkelijk betrokken waren?
‘Identify the London Rioters’ bestaat uit een lange reeks foto’s van jongens en meisjes die met tassen vol kleding, computers en plasmatv’s door Londen sjouwen. Bij elke foto kan de bezoeker aanklikken of hij de afgebeelde persoon kent en zo ja, extra informatie doorgeven. Ook kunnen nieuwe foto’s worden geplaatst. Het is niet duidelijk wie er achter de site zit en wat het beleid is ten aanzien van de geplaatste afbeeldingen. Een verzoek om extra informatie te verschaffen blijft onbeantwoord.
De oprichter van Catch a Looter is wel bereid om de pers te woord te staan. Om veiligheidsredenen wil hij anoniem blijven, en hij beantwoordt vragen uitsluitend via e-mail.?Hij kwam op het idee voor de site toen iemand op Twitter voorstelde om de relschoppers terecht te stellen via internet, schrijft hij. ,,We waren het erover eens dat de plunderaars niet handelden uit sociaal-economische motieven, maar dat ze wilden profiteren door gestolen goederen te verkopen, of simpelweg een nieuwe tv wilden. Het kostte een uurtje om de site te ontwerpen en een paar foto’s te plaatsen. Vanaf dat moment ging het vanzelf.”
Aanvankelijk plaatste hij foto’s die al op internet stonden. Nadat nieuwssites over zijn initiatief schreven en #CatchaLooter trending topic werd op Twitter, werden nieuwe foto’s direct naar hem opgestuurd.?Veel van het materiaal besloot hij niet te publiceren. ,,Sommigen stuurden Facebookfoto’s op van anderen of foto’s waarop niet duidelijk was wat er te zien was. Ik heb geprobeerd alleen foto’s te plaatsen waarbij overduidelijk sprake was van plunderen. Ik wil mensen niet vals beschuldigen.”?Al snel groeide het werk hem boven het hoofd. ,,Ik heb een baan en een gezin”, schrijft hij. Sinds gisterochtend, ??n dag na de oprichting van de site, accepteert hij daarom geen nieuwe foto’s meer en verwijst hij mensen met tips en foto’s door naar de site van de politie.?De al geplaatste foto’s blijven staan. Wel plaatste hij een waarschuwing op zijn site: ‘Het moge duidelijk zijn dat het verschijnen in een foto niet betekent dat iemand schuldig is. Het dragen van een bivakmuts of het vervoeren van spullen is niet illegaal.’
De dinsdag opgerichte Google discussiegroep ‘London Riots Facial Recognition’ gaat verder dan het vragen om tips: zij willen beveiligingsbeelden en foto’s van de rellen analyseren met gezichtsherkenningstechnieken. Dat is nu nog niet mogelijk, maar in de nabije toekomst misschien wel. ,,We zijn een groep computerprogrammeurs die technologie willen inzetten om te helpen”, schrijft de beheerder van de groep per e-mail.?De groep gebruikt alleen beelden die zijn vrijgegeven door de politie, en willen niet dat hun techniek wordt gebruikt om mensen direct te beschuldigen.?Maar in eerste instantie gaat het om de technische uitdaging, schrijft de beheerder. ,,Ons doel is om te experimenteren met technologie, we willen niet in sociale en ethische discussies verzeild raken. We zullen onze Google-groep binnenkort sluiten om ons buiten de schijnwerpers op het technische handwerk te concentreren.”?’Ik wil mensen niet vals beschuldigen’ – oprichter website Catch a Looter.
Hulp van buiten: Bill Bratton?
Het besluit van premier Cameron om de Amerikaanse oud-politiecommissaris Bratton als adviseur straatgeweld aan te stellen, is bij de Britse politie?niet lekker gevallen.?Bill Bratton, oud-politiechef van New York, Boston en Los Angeles, gaat de Britse regering helpen bij het bestrijden van ongeregeldheden en het in kaart brengen van bendes.?Politiechef Hanson van Manchester is boos over de benoeming van iemand ?die 5000 mijl verderop woont?. Hij zei dat in zijn korps met woede, teleurstelling en ongeloof is gereageerd.?Volgens Hanson heeft de Britse politie het bij de onlusten uitstekend gedaan. ?Het enige wat we nodig hebben is meer geld, en geen bezuiniging van 20 procent. Lees meer over Bill Bratton in ons artikel over hem.
Duivestein en Bloem 2012: Duivestein, S. en Bloem, J., ?De zwarte kant van sociale media?2012. Alarmbellen, analyse en de way-out?, Frankwatching, 2012.
Dagelijks worden 35.000 doodsbedreigingen via internet verspreid. Kinderen pesten elkaar online. En pedofielen zoeken digitaal naar potenti?le slachtoffers. Delicten uit de fysieke wereld vinden ook plaats in onze digitale samenleving. Maar er zijn nauwelijks beproefde methoden om op te treden tegen ongewenst digitaal gedrag. TNO brengt daar nu verandering in.
In de publicatie #SM @OOV presenteert TNO haar visie op social media en kansen in het veiligheidsdomein. Kijken, zenden, vragen en interacteren met behulp van sociale media spelen een centrale rol in deze visie. “Het helpt je inzicht te krijgen in wat er leeft in de (digitale) samenleving, informatie te verspreiden via social media, vragen te stellen en te interacteren met burgers”, vertelt Carlijn Broekman, onderzoeker bij TNO. “De politie maakt al wel gebruik van sociale media, maar vaak is het op eigen initiatief van agenten en rechercheurs. En het ontbreekt hen aan beproefde mogelijkheden om ongewenst digitaal gedrag te detecteren en er tegen op te treden. Zo mag de politie zich bijvoorbeeld niet voordoen als een minderjarige om een pedofiel te kunnen pakken. Daarom ontwikkelt TNO een aanvullende methode die de politie helpt bij haar werk in de digitale samenleving.”
Positieve gedragsbe?nvloeding
Digigeren is een nieuwe methode om online gedrag positief te be?nvloeden. Het kan ongewenst digitaal gedrag voorkomen en biedt handelingsperspectief naar aanleiding van dergelijk gedrag. Broekman: “Door je informatiepositie te verbeteren of door te informeren, interveni?ren, motiveren, demotiveren of te de-escaleren, valt online gedrag te be?nvloeden.” Als voorbeeld haalt zij de vele doodsbedreigingen aan. “Om te achterhalen of een bedreiging serieus is, wil je de informatiepositie verbeteren. Om het aantal te verminderen, kun je informatie verstrekken over de strafbaarheid daarvan. Interveni?ren doe je door mensen te wijzen op hoe zij onbewust zichzelf of hun kind aantrekkelijk maken als potentieel slachtoffer. En motiveren of de-escaleren kan door slachtoffers van pestgedrag of digitale omstanders handelingsperspectieven aan te reiken.”
Inzet social media
De methode maakt gebruik van de mogelijkheden die sociale media bieden: een bericht sturen, volgen, favoriten of liken, forwarden, een vraag stellen en reageren. Cruciaal bij het be?nvloeden van ongewenst digitaal gedrag zijn inhoud, woorden en afzender van het bericht. Naast de politie kunnen ook andere partijen gebruik maken van digigeren. Zo hebben ook scholen een rol in de digitale opvoeding en het digitale toezicht.
Het eiland Ut?ya in Noorwegen, genomen op 21 Juli 2011, met daarop de route die Anders Behring Breivik liep,?gekleed in politie uniform terwijl hij het vuur opende op een jeugdkamp op het eiland.
Bomaanslag in Oslo
Om 15:26 uur (CEST) vond een bomaanslag plaats in in het?Regjeringskvartalet, de regeringswijk van?Oslo. Een?ANFO-autobom?explodeerde vlak voor de ingang van het kantoor van premier?Jens Stoltenberg, gelegen aan het?Einar Gerhardsens Plass?bij Grubbegata. Centrale delen van de regeringsgebouwen liepen door de explosie ernstige schade op en in de wijde omtrek braken ruiten. Na de explosie brak er brand uit in een gebouw aan Grubbegata, achter de kantoren van de premier. De kracht van de explosie werd deels opgevangen door een onderliggende parkeergarage. Zonder deze parkeergarage zou het kantoor van de premier en het Ministerie van Justitie en Politie hebben kunnen instorten met een groot aantal slachtoffers tot gevolg.?Nu vielen er acht doden, twee zwaargewonden en vijftien gewonden.?De premier en de andere ministers raakten niet gewond.
Ut?ya
Twee uur na de explosie van de bom in Oslo vond een bloedbad plaats op het eiland?Ut?ya, circa 50 kilometer ten noordwesten van Oslo. Op dat eiland werd door de jeugdafdeling van de regerende?sociaaldemocratische?Noorse Arbeiderspartij?een jeugdkamp georganiseerd waar tussen de 500 en 700 jongeren aanwezig waren.?Rond 5 uur op 22 juli 2011 arriveerde Breivik ?als ge?niformeerde man met een grote tas op het eiland. Hij deed zich voor als politieman en wist zich onder het mom van een routinebezoek in verband met de bomaanslag in Oslo toegang tot het eiland te verschaffen. Eerst riep hij de jongeren op zich rondom hem te verzamelen en daarna begon hij op hen te schieten en later ook op de mensen die daarna al zwemmend probeerden te vluchten. Sommigen zochten toevlucht in het water, terwijl anderen zich probeerden te verstoppen en met hun mobiel tekst berichten via SMS en Twitter verstuurden om hulp in te schakelen. ?Onderstaand bericht toont de tweet van Kjetil Vevle??Er is iemand aan het schieten op Ut?ya. Bel de politie!?.
De spaarzame berichtgeving van het eiland kwam van tieners – de meeste waren rond de 15 a 16 jaar – die berichten verstuurden waarin ze aangaven niet te kunnen bellen omdat ze zich verschansten en stil probeerden te blijven. Ouders in volledige paniek konden geen betrouwbare informatie krijgen. De politie en ambulances durfden uit vrees voor meer bomaanslagen niet zomaar het eiland te benaderen. Berichten (vertaald) toonden ” Bel me niet, ik schuil hier” ?en ?Is er iemand met een boot nabij Ut?ya? Haal de zwemmende jongeren uit het water die het eiland ontvluchten! Vertel het voort!? gaven ze aan. Velen deden alsof ze voor dood lagen om te overleven.
Er verscheen kort daarna een foto op Twitter ? ogenschijnlijk vanuit een helicopter genomen ?? terwijl de aanslag nog gaande was, waarbij de schutter hoewel op afstand in beeld is.
Breivik belde gedurende de schietpartij verscheidene malen met de politie. Op een persconferentie op 18 augustus gaf de politie details vrij van twee telefoongesprekken die hij pleegde met telefoons die hij vermoedelijk op het eiland had buitgemaakt. Tussen de gesprekken door ging hij door met schieten. In die gesprekken noemde hij zichzelf de gezagvoerder van de Noorse verzetsbeweging die namens de ridderorde van de Tempeliers een opdracht vervulde. “Ik wil me graag aangeven”, zei hij tegen de telefoniste. “Ik heb de operatie volbracht.”
Lees hier wat burgerjournalistiek verzameld met Storify:
De twee gesprekken werden vanmiddag in Noorwegen vrijgegeven in een persconferentie van de politie en zijn gepubliceerd door de?Noorse krant VG. Het eerste telefoontje kwam 35 minuten na de eerste melding van de schietpartij op Ut?ya. Nadat hij zei zichzelf te willen aangeven, duurde het nog 28 minuten voordat hij daadwerkelijk gearresteerd werd. Er gingen geruchten op Twitter rond dat er een tweede schutter was. In de tussentijd ging hij onverstoord door met het bloedbad. Breivik belde met een telefoon die niet van hem was. Lees hieronder de gesprekken tussen Breivik en de Noorse politie.
Gesprek I om 17.59 uur
Gesprek met de politie van Noord-Buskerud (Noorse provincie), welke ook na te luisteren is:
Politie: U spreekt met de politie
Breivik: Ja, hallo. Mijn naam is gezagvoerder Anders Behring Breivik van de Noorse anti-communistische verzetsbeweging.
P: Ja.
B: Ik ben nu op Ut?ya. Ik wil me aangeven.
P: Okee, met welk nummer belt u?
B: Ik bel met een mobiel nummer.
P: U belt met uw mobiel?
B: Ja. Het is niet mijn telefoon, een andere.
P: Moment, wat was u aan het doen? Hallo? Hallo.
Gesprek II om 18.26 uur
Het tweede gesprek is volgens de krant VG gevoerd met een mobiele telefoon zonder simkaart. Daarmee is het nog altijd mogelijk het alarmnummer 112 te bellen.
Gesprek met de politie van Zuid-Buskerud:
Politie: U spreekt met de politie.
Breivik: Hallo, mijn naam is Anders Behring Breivik.
P: Hallo.
B: Ik ben de gezagvoerder van de Noorse verzetsbeweging.
P: Ja, hallo.
B: Kunt u mij doorverbinden met het hoofd van de Delta-politie (speciaal Noors arrestatieteam, red.)?
P: Ja. Waarvandaan belt u en waarvoor?
B: Ik ben op Ut?ya.
P: U bent op Ut?ya, okee.
B: Ik heb mijn operatie voltooid, ik wil me overgeven.
P: U wilt zich aangeven?
B: Ja.
P: Kunt u uw naam nog eens noemen?
B: Anders Behring Breivik.
P: En u was gezagvoerder van wat?
B: De ridderorde van de Tempeliers Europa heeft hiervoor gezorgd, maar we zijn georganiseerd in de anti-communistische verzetsbeweging tegen de Islamisering van Europa en Noorwegen.
P: Ja.
B: We hebben zojuist een operatie uitgevoerd uit naam van de Tempeliers.
P: Ja.
B: Voor Europa en Noorwegen.
P: Ja.
B: En aangezien de operatie voorbij is, ben ik er klaar voor mezelf aan te geven.
P: U wilt zichzelf aangeven?
B: Kunt u me nu doorverbinden met het hoofd van de Delta-politie?
P: Ja, u kunt met de hoofdverantwoordelijke praten.
B: Kijk maar wat u kunt doen en bel me dan terug op dit nummer.
P: Ja, maar het telefoon.
B: Mooi, dag.
P: Ik heb het nummer niet! Hallo?
Na de aankomst van een antiterrorisme-eenheid gaf de dader zich over en kon hij worden gearresteerd. Dit optreden is deels gefilmd vanuit de helicopter.
http://www.youtube.com/watch?v=cXwY47Y3sso
Het offici?le dodental van dit bloedbad ligt op 69 personen. Premier Stoltenberg zou oorspronkelijk op 23 juli, de dag na de aanslag, een bezoek brengen aan het kamp maar dat vond vanwege de aanslagen geen doorgang.?Op de dag van de aanslag was wel ex-premier?Brundtland?aanwezig, maar doordat de schutter onderweg naar Ut?ya werd opgehouden, had Brundtland Ut?ya reeds verlaten toen hij arriveerde. Op het inwonersaantal van Noorwegen heeft het land minstens, zo niet meer, relatief meer mensen verloren in 1 dag dan Amerika met 9/11 meemaakte.
De schutter die op Ut?ya werd gearresteerd, was de 32-jarige Noorse man Anders Behring Breivik uit Oslo, met naar eigen zeggen?radicaal rechtse?en?anti-islamitische?opvattingen.?Zowel voor deze aanslag als voor de schietpartij op Ut?ya legde hij een bekentenis af.?Breivik is op 24 augustus 2012 door de rechters toerekeningsvatbaar verklaard en is daarbij veroordeeld tot een celstraf van 21 jaar
Vele jongeren verwerkten hun drama en verdriet op social media. Zoals op Facebook waar?Nina Volstad?haar verhaal doet. Ook via traditionele media deden velen hun verhaal:
Veel indruk maakt ook de blog van Prabhleen Kaur (18). Onder de titel De hel vanUtoya?beschrijft ze tot in detail hoe ze een uur lang dood speelt om te overleven. Als ze eindelijk haar hoofd optilt en rondkijkt merkt ze dat haar drie vrienden over haar heen liggen. Dood. “Er is een paar uur verstreken. Ik ben nog steeds in shock. Ik heb de lijken van mijn vrienden gezien. Ik ben blij dat ik kan zwemmen. Ik ben blij dat ik leef. Dat God op mij gepast heeft… Het mooiste zomersprookje is Noorwegens ergste nachtmerrie geworden”, schrijft ze.
Gemeenteraadskandidate voor Oslo Khamshajiny Gunaratnam (21) beschrijft haar vlucht van het eiland. “We renden en renden. Het ergste was, dat we wisten dat degene die schoot eruit zag als een politieman. Wie kunnen we vertrouwen? Als we de politie bellen, is het dan deze vent die komt kijken?” Ze duikt in zee en begint samen met een vriend te zwemmen. “Mijn vriend zei: Kamzy, nu moet je niet achterom kijken, alleen vooruit naar de wal en bedenken dat dat je doel is.” De man schiet op hen, maar mist.
Anderen hebben behoefte te laten weten dat ze ok? zijn, maar eerst alles willen verwerken. “Ben helemaal leeg, alles voelt zinloos, denk aan al mijn overleden kameraden”, twittert politiek adviseur Edvin S?vik (26).
Ook Facebook biedt troost. Wereldwijd gebruiken veel mensen een Noorse vlag of ‘I love Oslo’ logo als profielfoto om hun steun te betuigen. Maar ook voor nabestaanden en vrienden van de vermisten zijn sociale media een belangrijk communicatiekanaal. H?vard Vederus (21) wordt nog steeds vermist. Vriend Espen Briskodden Aarflot schrijft op zijn Facebook-muur: “Ik heb vannacht van je gedroomd… Droomde dat je een nieuwe status op Face had, dat je in leven en in goeden doen was. Ik hoop… Ik hoop dat die status snel komt…”
In de week voorafgaande aan de aanslagen in Oslo heeft de politie oefeningen gehouden die gebaseerd waren op een soortgelijk scenario. Dit scenario ging uit van een aanslag, waarbij een of meerdere personen zo veel mogelijk mensen zouden doodschieten. De oefeningen eindigden op de dag dat de ‘echte’ aanslag plaatsvond, om 15:00 uur, 26 minuten voordat de bom ontplofte.
Breivik heeft enige tijd gebruik gemaakt van Facebook (inmiddels verwijderd) en op?Twitter?ha dhij slechts 1 posting:
Ook op YouTube was hij aanwezig. Hiernaast zie je Anders Breivik op een foto uit het filmpje dat hij op youtube heeft gezet onder de naam Andrew Berwick. Deze naam hebruikte hij ook voor zijn manifest.
Het manifest van meer dan 500 pagina’s dat hij op internet plaatste is door TNO onderzocht op sentiment. Deze resultaten kunnen niet gedeeld worden, maar het was opvallend dat het stuk eerst pseudo wetenschappelijk en redelijk objectief is opgeschreven, waarna hij zich aan het einde van het document verliest in zijn woordgebruik en sentiment- en anomalie analyse uitwees dat zijn schrijftstijl begon af te wijken. Uiteraard is het ondoenlijk om op deze manier alle documenten die gepubliceerd worden op het internet te analyseren, maar wellicht is mens en computer in de toekomst beter in staat dit soort zwakke signalen op te pikken, aan elkaar te binden en er melding van te doen of te?interveni?ren?indien mogelijk.
Het incident leidde in Nederland ook tot enkele ” Breivikjes”, dreigingen op Twitter. Zo bericht de Twentsche Courant Tubantia?over een 15-jarige jongen uit Nijverdal die voor commotie zorgde met de tweet??’Ik ga naar Texel en pleeg een aanslag als Breivik.’ Volgens justitie bedreigde de jongen zo twitteraars en volgers in zijn woongemeente Hellendoorn en op Texel. Hij stond gisteren voor de kinderrechter in Almelo. Daar is hij schuldig bevonden, zonder strafoplegging. Anders gezegd: hij kreeg een stevige waarschuwing van de rechter. De officier van justitie had een voorwaardelijke taakstraf van 24 uur ge?ist, met een proeftijd van een jaar. Hij uitte meerdere bedreigingen zoals dat hij ‘een nekschot’ zou geven en ‘Na de zomer ga ik met Hitlersnor op school komen’, was een andere boodschap. Tijdens de zitting breidde de officier van justitie de aanklacht tegen de jonge Tukker uit. Hij moest zich niet alleen verantwoorden voor een bedreiging, maar het Openbaar Ministerie voegde er een tweede feit aan toe: het opzettelijk door vals alarm verstoren van de rust, juridisch gezien een minder zwaar vergrijp. De Almelose rechter sprak de verdachte Nijverdaller vrij van de bedreiging en veroordeelde hem voor het verstoren van de rust. Het vonnis: schuldigverklaring zonder strafoplegging.
Wil je meer lezen, dan is dit wetenschappelijk onderzoek naar het gebruik van?Anders Behring Breivik van?social media een aanrader.?Een kijktip is ook de uitzending van Medialogica die probeert de verklaren waarom er een tunnelvisie bestond bij de media en sommige experts:
Crimemaps bij Engelse politie
Eerder schreef journalist Gert-Jan van Teeffelen een artikel in de Volkskrant over het gebruik van crimemaps bij de Engelse politie. De titel van het artikel luidde: ‘Misdaad op de kaart gezet. Britten kijken massaal naar de?criminaliteitsstatistieken?in hun eigen wijk’. Op de website police.uk kun je zoeken op elke straat van het land en krijg je meteen te zien hoeveel inbraken, overvallen, gevallen van autovandalisme, geweldplegingen of antisociaal gedrag er plaatsvonden. Uniek is de kaart niet – de Amerikaanse stad Chicago heeft er bijvoorbeeld een – maar volgens de Britse regering was het de eerste keer dat een gedetailleerde misdaadkaart gelanceerd wordt voor een volledig land. Elke maand worden de nieuwste cijfers toegevoegd. De misdaadkaart is een zeer belangrijke stap in het transparant maken van het beleid. Ze kan helpen om de politie te laten inspelen op de behoeften van de plaatselijke bevolking. Deze blog is een integrale weergave van het artikel aangevuld met achtergrondinformatie.
Het is opvallend: bij het intikken van een straatnaam in Noord-Londen verschijnt een Googlekaartje bomvol zwarte cirkels. In december blijkt in deze omgeving 596 misdrijven en incidenten te zijn geregistreerd, waaronder 72 inbraken, 17 berovingen, 95 autokraken en 51 geweldsdelicten. Miljoenen Britten kunnen sinds februari inderdaad zo’n kaart van hun eigen buurt bekijken, sinds de politie haar statistieken op straatniveau voor het eerst online heeft gezet. Dat lieten de eilandbewoners, geobsedeerd als ze zijn door criminaliteit ?n de prijs van hun huis, zich geen tweemaal zeggen. Bij de lancering kreeg website?www.police.uk?bijna vijf miljoen verzoeken per uur, waardoor de site uiteraard plat ging.
Het is een fraai stukje technologie: door op de cirkels te drukken, kun je direct zien welk type misdaad waar is gepleegd. Zedenmisdrijven zijn uit privacyoverwegingen ondergebracht in de categorie ‘overige misdaad’, en dus niet als zodanig te lokaliseren. De site vermeldt de namen van de agenten van het desbetreffende buurtteam, in veel gevallen met pasfoto’s en mobiele telefoonnummers. Ook zijn er Youtube-filmpjes met bewakingsbeelden van verdachten die nog worden gezocht. In de toekomst zal de informatie nog gedetailleerder worden.
Met het project wil de regering-Cameron de politie in Engeland en Wales transparanter maken. Gewapend met de informatie kan het publiek de wetshandhavers immers ter verantwoording roepen en desnoods tot actie manen, is de gedachte. In de Labour jaren ‘spendeerde de politie haar tijd aan centraal opgelegde doelen, in plaats van te reageren op behoeften van de gemeenschappen die zij had moeten dienen’, zei Theresa May, de minister van Binnenlandse Zaken die met haar pinnigheid doet denken aan oud-premier Margaret Thatcher. ‘Uit een recent rapport bleek dat, op elk gegeven moment, slechts 11 procent van de agenten zichtbaar en beschikbaar is voor het publiek.’ Veel agenten verdoen volgens May nu hun tijd aan alle formulieren die ze van Labour moesten invullen. In die bureaucratie wordt daarom het mes gezet. Bovendien worden alle door het ministerie opgelegde doelen geschrapt. ‘De enige opdracht luidt voortaan: dring de misdaad terug.’
Toespraak Theresa May de minister van Binnenlandse Zaken
Het past allemaal in het postbureaucratische tijdperk dat de Britse coalitie voor ogen staat. Hierin krijgen burgers meer macht en eigen verantwoordelijkheid. Bij de politie is het zelfs de bedoeling gekozen commissarissen te introduceren. Maar de site met crime maps oogst intussen ook veel kritiek. ‘Dit willen we helemaal niet weten’, is een veel gehoorde reactie. Tot hun afgrijzen zien bewoners van keurige straten dat hun omgeving criminele hotspots lijken. In de buurt van een winkelcentrum (diefstal) zal het aantal incidenten bijvoorbeeld hoog liggen, terwijl er op straat weinig aan de hand is. Makelaars hebben er in elk geval een uitdaging bij om hun koopwaar aan te prijzen. Ook zouden de kaartjes de angst voor criminaliteit aanwakkeren, toch al niet gering dankzij alle media-aandacht. Dit terwijl de Britse misdaad zich op het laagste punt sinds 1981 bevindt, zoals vorig jaar bleek uit het British Crime Survey, een onderzoek onder burgers. Een andere maatstaf, de geregistreerde misdaad, suggereert een daling van 45 procent sinds 1995.
We beginnen met het einde van de opsporing: de 19 jarige Dzhokhar A. Tsarnaev werd uiteindelijk gevangen genomen in Watertown en beschuldigd van het gebruik van een ?weapon of mass destruction?(namelijk zijn zelfgemaakte bom, ook wel IED; Improvised Explosive Device) welke leidde tot drie doden en meer dan 200 gewonden.?De andere verdachte, de 26 jarige Tamerlan Tsarnaev vond de dood na een schietpartij met de politie op vrijdag.
Met name de FBI was bezorgd dat de Tsarnaevs de klopjacht zou kunnen uitmonden in een free-for-all, “met nieuwsmedia auto’s en helikopters, evenals online burgerwacht detectives, concurrerend met de politie in de achtervolging om als eerste de verdachten te vinden”.
Ondanks de vele kritiek die het kreeg was het gebruik van Reddit niet alleen onhandig en schadelijk. De kracht zat hem juist ook in de curatie van content; het aggregeren, duiden en verifi?ren van informatie, vergelijkbaar met een Wikipedia proces, ?had ook grote waarde. En dat met een snelheid die ongekend is: meerdere updates slechts minuten van elkaar en nauwkeurig voorzien van tijdstippen en duidelijk gemarkeerde aanpassingen, zodat instappen voor nieuwe bezoekers altijd mogelijk bleef.
“Ik ben een soort DIY detective,” vertelt Michelle McNamara, die een blog bijhoudt met de naam?True Crime Diary. Ze schreef recent een stuk in het?Los Angeles?magazine waarin ze beschrijft “I duik in cold cases door het internet uit te pluizen voor digitale aanwijzingen die de autoriteiten misschien hebben gemist,en daarna deel ik mijn theorie met zo?n 8000 online puzzelaars die mijn blog regelmatig bezoeken.” Amateur speurneuzen als Doe Network?en de?Vidocq Society?hebben in tientallen gevallen geholpen bij de oplossing van zaken, vari?rend van vermissingen tot moord.
De recherche kan soms moeilijk geloven dat er iemand is met bruikbare idee?n die hun eigen personeel en computers niet had weten te achterhalen. “Enige terughoudendheid [van de kant van de politie] is er altijd,” zegt William Fleischer, een priv?-detective in Philadelphia en de commissaris van de Vidocq Society. “Toen we 24 jaar geleden begonnen, waren de eerste woorden uit hun mond ‘wie???’. ?Nu worden we inmiddels vermeld als bron door het ministerie van Justitie bij cold cases.?
Hij voegt eraan toe: “De politie is, net als anderen, zeer competitief, beschermend en territoriaal.” En: ?Er is een tendens onder de politie om goedbedoelende burgers met een theorie over de zaak vriendelijk doch afwijzend te bedanken?, zegt McCrie. “De realiteit is dat de politie niet in hun inspanningen slagen zonder de steun van het publiek,” zegt hij.
Duizenden beelden
In Boston kwam die steun in de vorm van duizenden en duizenden beelden. Er is veel meer visuele informatie beschikbaar dan kon worden gedroomd tijdens de moord op Kennedy, of de Olympische bomaanslag in Atlanta in 1996, of zelfs de terreuraanslagen die plaatsvonden op 11 september 2001. “Dit klinkt als een kapotte plaat ? het lijkt wel alsof we dit altijd zeggen bij elke ramp – maar nu is het anders,” zegt Posner, auteur van ?Case Closed: Lee Harvey Oswald en de moord op JFK?.
De politietopchef Bill Bratton (hij was chef in Boston, NYPD en LAPD) zegt erover: “The game changer here is that the big data era, the social media era, all aspects of that new world that was nonexistent even on 9/11, all of that came into play during this?event?
De politie werkte voor de opsporing samen met Buzzient:
Via diverse media is er ook een indrukwekkende fotoserie van de manhunt, na het moment dat de FBI de foto?s vrijgaf van de vermeende daders.
De FBI had expliciet om hulp gevraagd – “De reactie van de gemeenschap is overweldigend,” zei de mede-opsteller van de nieuwe FBI tip. Maar ze vroegen niet om een publieke schandpaal met het vrijgeven van de 12 foto’s die vrijdagavond. Richard Deslauriers, de FBI special agent die belast was met de zaak, zei dat “deze beelden moeten de enige online foto’s zijn, en ik benadruk DE ENIGE, die het publiek moet bekijken om ons te helpen. Andere foto’s kunnen als ongeloofwaardig geacht worden en ze zullen de publieke aandacht onnodig in de verkeerde richting sturen en teveel overlast opleveren voor de overige hulptroepen en veiligheidsambtenaren. ”
Maar toen ontplofte het internet pas echt?
Met een massale manhunt richting Watertown in zowel de fysieke als online wereld. Hieronder enkele impressies van die grootschalige actie, ook aan de kant van de politie. En met groot materieel:
?
?
En dat midden in een druk bewoonde wijk, waarin het leven gewoon doorgaat.
?
Bomexperts, een ?bomb disposal device? en drones, er werd vanalles uit de kast gehaald om de daders te vinden.
?
Popular Science publiceerde een artikel ?Five ways drones could help in a disaster like the Boston Marathon bombing? waarin ze voorbeelden geeft hoe deze drones zouden kunnen helpen. Van quadcopters in de lucht tot onbemande grondvoertuigen. Hadden drones kunnen helpen? Het is een vraag die omringt wordt door veel maatschappelijke discussie. Florida heeft onlangs het gebruik van drones verboden, behalve in zeer bijzondere gevallen; Virginia overweegt dergelijke inzet nog en de politie van Seattle heeft plannen om drones te gebruiken losgelaten na veel kritiek van stadsambtenaren en inwoners. Tot vorig jaar hield de Boston Police Department vol dat ze drones niet gebruikten, maar wellicht dat dit nu is veranderd.
Watertown lockdown
?
De??Watertown lockdown??in Massachusetts en ?Shelter in a Place? door de hele stad van Boston was een grote operatie waarin hele wijken werden afgesloten op zoek naar de daders. Omdat een gebied niet zomaar ontruimd kan worden was het lastig voor politie om haar werk te doen. Social media broadcasting werd door de politie in die fase niet gewaardeerd, zowel in de aanloop naar de acties, als bij het inrekenen van de dader die bebloed uit zijn schuilplaats (een geparkeerde speedboot) kwam.
Uiteindelijk kwam het verlossende woord via Twitter waarin alles over leek te zijn. Deze werd zelfs 143.000 keer geretweet en de Boston Police account steeg in enkele dagen van 50k volgers naar meer dan 300k.
Social media sites spelen steeds vaker een rol in de uitvoering van criminele activiteiten. De overheid moet het DNA van social media en de mogelijkheden leren begrijpen, maar ook weten hoe social media tools en middelen kunnen worden gebruikt om criminaliteit te voorkomen, te beperken, in te grijpen en criminele activiteiten op te sporen.
Social media sites zijn bijna onmisbare hulpmiddelen voor burgers, bedrijven en de overheid geworden, maar criminelen weten in toenemende mate ook hoe ze het voor onrechtmatige doeleinden kunnen gebruiken. Social media sites kunnen worden gebruikt om ??crimineel-gerelateerde flash mobs te co?rdineren, een overval te plannen en terroristische groepen maken steeds meer gebruik van sociale media sites om nieuwe leden te werven en criminele plannen tot uitvoer te brengen. Om de informatie die wordt verkregen uit social media bronnen voor opsporing in goede banen te leiden is rechtmatigheid van belang, en daarmee de bescherming van individuen en groepen, waaronder privacy, burgerrechten en burgerlijke vrijheden.
Daarom heeft de IACP (De International Association of Chiefs of Police)een handreiking voor social media beleid gemaakt. Hierin is samengewerkt met het Bureau of Justice Assistance (BJA), het Global Justice Information Sharing Initiative (Global) Advisory Committee (GAC), een Federaal Adviescomite (FAC) en de Criminele Inlichtingen Co?rdinerende Raad (CICC).
Het IACP definieert social media als “een verzameling van op internet gebaseerde middelen die user-generated content en gebruikersparticipatie? integreert. Dit omvat, maar is niet beperkt tot, sociale netwerksites (Facebook, MySpace), microblogging sites (Twitter), foto-en video-sharing sites (Flickr, YouTube), wiki’s (Wikipedia), blogs en nieuwssites (Digg, Reddit). ”
Sociale media kan op een aantal manieren worden gebruikt waaronder:
Antecedenten onderzoeken
Bereik en betrokkenheid in de gemeenschap
Noodhulp alerteringen
Analyses
?Situational awareness? rapporten
Opbouw intelligence
Strafrechtelijke onderzoeken
Analyses en situationeel bewustzijn rapportages verstrekken informatie over een bepaald onderwerp dat handhaving en openbare veiligheid ondersteund. Deze beoordelingen kunnen dienen als een graadmeter voor het bepalen van de aard van de criminele activiteit binnen een regio of bepalen of er dreigingen zijn in verband met een op handen zijnde openbaar evenement. Informatie uit sociale media bronnen kan worden gebruikt in analyses die het huidige niveau van criminele activiteiten in kaart brengen. Zo kan een eenheid in Twitter-feeds zoeken naar informatie over bende-gerelateerde activiteiten of in Flickr zoeken naar foto’s van bende-gerelateerde graffiti.
Volgens het IACP richt het document zich op “traditionele” sociale media, waaruit blijkt dat er al een gevestigde orde lijkt te zijn. Hoewel in veel gevallen social media ?informatie openbaar is en beschikbaar gesteld is voor iedereen met internettoegang, mag de overheid alleen gebruik maken van dit soort informatie bij een ?geldig rechtshandhavingsdoel.
De essentie van de social media beleid zou volgens de handreiking daarom moeten bestaan uit:
1. Het gebruik van sociale media middelen moeten in overeenstemming zijn met wetgeving, voorschriften, en andere beleid.
2. Bepalingen die duidelijk aangeven wanneer ?gebruik van sociale media sites of hulpmiddelen is toegestaan ??(evenals gebruik van de informatie uit deze bronnen op grond van de juiste juridische kaders).
3. Definieer de bevoegdheden per niveau die nodig zijn om informatie van sociale media bronnen te gebruiken.
4. Informatie afkomstig uit social media bronnen zal zorgvuldige moeten worden geevalueerd om betrouwbaarheidsniveaus te bepalen (waarbij betrouwbaarheid van de bron en inhoudsvaliditeit wordt meegenomen).
5. Specificeer hoe gedocumenteerd wordt.
6. Identificeer de redenen en het doel (ook voor agenten buiten hun dienst om) als social media-informatie gebruikt wordt in verband met een onderzoek, alsmede hoe en wanneer politie middelen gebruikt kunnen worden voor bepaalde geautoriseerde rechtshandhavingsdoeleinden.
7. Leg procedures vast over hoe intelligence wordt gedeeld en hoe opsporings-producten die verkregen zijn via social media bronnen. Het mag alleen gedeeld worden als “er een legitiem doel” is. ?In het geval van intelligence, mag de informatie niet worden verzameld of bijgehouden, tenzij er een redelijk vermoeden bestaat om aan te nemen dat het individu is of betrokken kan raken bij crimineel gedrag of – activiteiten en de informatie direct is te relateren aan strafbare gedragingen of activiteiten.
Amerika heeft natuurlijk iets andere wetgeving. In het stuk wordt daarom in het bijzonder ingegaan op het Fourth Amendment. Iedere persoon heeft het recht om vrij te zijn van “onredelijke huiszoekingen en inbeslagnemingen” van hun “personen, huizen en papieren.” Deze zelfde bescherming is ook toe te passen bij het gebruik van sociale media bronnen, zoals het uploaden van foto’s, het plaatsen van berichten, en zichtbare relaties tussen individuen en groepen. Met het toenemende gebruik van technologie en de vrije stroom van informatie op het internet kan het moeilijk zijn om te bepalen wanneer toegang onredelijk zou zijn onder het Vierde Amendement. Het social media beleid zou hierin duidelijk moeten zijn.
De Katz test is hierbij een methode die wordt aangereikt om te bepalen of informatie openbaar of priv? is op social media sites. Deze test is gebaseerd op een Supreme Court case Katz v. United States, 389 US 347 (1967), die privacyverwachtingen en de intentie om informatie priv? te maken adresseert. Deze methode kan helpen in het bepalen of een social media gebruiker van de site bepaalde informatie heeft vrijgegeven met bepaalde privacyverwachtingen die redelijk zouden zijn. Informatie op het internet (via een social media site) waarbij een gebruiker geen moeite heeft gedaan om deze priv?-of verborgen te maken, levert hoogstwaarschijnlijk op dat de informatie dus openbaar is.
Onderstaand plaatje geeft weer hoe richtlijnen onderscheiden kunnen worden voor diverse rollen:
Agent in uniform
Agent in burger
Undercover agent
Dan enige jurisprudentie, waarin duidelijk wordt wat het belang is van validatie van informatie die verkregen wordt via social media:
In Griffin v. Maryland, 2011 Md LEXIS 226 (Md 2011), oordeelde het hof dat MySpace-pagina’s ten onrechte werden toegelaten tot het bewijs, omdat ze niet goed geverifieerd waren. De rechtbank gaf wel toe dat de posts op MySpace bij de foto en het profiel behoorden van de vermeende eigenaar van die pagina (die overeenkomstige geboorteplaats en datum hadden als de verdachte). Maar de foto vormden niet voldoende “onderscheidende kenmerken” om het profiel en de postings daarmee onomstotelijk te verifi?ren en toe te kennen aan de verdachte, omdat de mogelijkheid bestond dat iemand anders het profiel kon hebben aangemaakt of toegang had kunnen hebben tot het account. De rechtbank verklaarde daarom dat er verschillende problemen waren bij de verificatie van de gebruikte sociale media sites die verder gaan dan slechts de authenticatie van e-mails, chats via internet, en SMS-berichten. Sommigen bepleitten daarom dat voor goede sociale media authenticatie van de gestelde profieleigenaar er een onderzoek nodig is van de computer van de verdachte waarbij onder andere de browsergeschiedenis, en eventueel het IP-adres, wordt onderzocht om met zekerheid vast te stellen dat de betreffende computer door betreffende persoon is gebruikt om informatie op social media te zetten.
Gebruik van sociale media buiten diensttijd
Bijvoorbeeld, een agent plaatst buiten diensttijd een update op zijn Twitter-pagina. Terwijl hij op Twitter zit, valt hem een trending topic op voor zijn stad waarin gesproken wordt over een overval op een juwelier. Het bureau waar hij werkt kan hierbij middels het social media beleid vereisen dat deze agent dit probleem netjes vermeld, voordat er verdere actie wordt ondernomen, waarbij hij dient te documenteren wat hij gezien heeft, waar, wanneer en welke actie hij heeft ondernomen gebaseerd op die informatie.
En als laatste een inlichtingenofficier die gespecialiseerd is in bende-gerelateerde misdrijven. Hij gebruikt zijn persoonlijke Twitter-account om een expert van een bedrijf te volgen op het gebied van de bende identificatie en trend. Het beleid van de eenheid staat hem toe om op persoonlijke titel actief te zijn op social media, waarbij de officier regelmatig zijn leidinggevende en inlichtingeneenheid informeert van trends zoals die door het bedrijf worden aangereikt en welke gevolgen dit kan hebben in het gebied.
Boston politiescanners werden live gestreamed en er was een Reddit gebruiker die de belangrijkste berichten uittikte. De 22 jarige Joseph Stuhr die werd geprezen om zijn snelheid typen verdedigde de acties van burgerrechercheurs en benadrukte het verschil met de politie. ?Onschuldige mensen worden altijd wel aangewezen? zei hij, ?Daarom hebben we juist de politie. Wij geven hen tips en zij zijn verantwoordelijk voor het omzetten daarvan in feiten en aanwijzingen.? Hij benadrukte verder dat feiten snel weer werden gecorrigeerd, en dat het beter is om achteraf sorry te zeggen dan helemaal niets te doen. ?Uiteindelijk luisterden 260,000 mensen live naar de politie scanner en waren er zo?n 2.32 miljoen luisteraars op Ustream.tv. Toen de verdachte van de aanslag in de boot gevonden werd werd er veel getwitterd over informatie die uit de scanners kwam over het exacte adres in Watertown.
De politie had goed door dat ze werden beluisterd en nam maatregelen. “Watch your mics. Watch your mics,” zeiden ze frequent tegen elkaar om zo geen gevoelige informatie te delen. “If you’ve got an open mic, watch your mic. Watch the radio.” Want eerder was dit al fout gegaan toen de namen van Sunil Tripathi en Mike Mulugeta over de radio gingen.
Ze twitterden verscheidene malen het bericht “WARNING: Do Not Compromise Officer Safety by Broadcasting Tactical Positions of Homes Being Searched,” welke meer dan 20.000 keer geretweet werd. Toch was die waarschuwing te laat voor de vermiste Brown University student, Sunil Tripathi. “Mike Mulugeta” leek een niet bestaande naam.
Ook in de ontknoping van de zaak waarbij een politiehelicopter?infrarood beelden maakte van de laatste dader die zich in boot had verschanst, werden deze beelden getapt door de media. De?hele afwikkeling werd op diverse media live in beeld gebracht. De hele wereld keek mee?en de druk was hoog voor het tactische team om deze zaak tot een goed?einde te brengen. De autoriteiten hadden op dat moment al besloten de laatste dader levend te willen?arresteren, maar de tactische chef was nog op de juiste strategie aan het kauwen. Op?gegeven moment besloot de politie de beelden uit te zetten en over te gaan tot de arrestatie die gelukkig zonder al te veel geweld plaatsvond.
Met Stopdecriminaliteit.nl vraagt de politie de Utrechters om mee te helpen met het oplossen van woninginbraken ?n geeft de politie informatie over hoe de inwoners deze kunnen voorkomen. Op de nieuwe website van de politie kunnen bezoekers het actuele overzicht van woninginbraken in de stad Utrecht bekijken, meehelpen deze op te lossen en zien hoe zij zelf inbraak kunnen voorkomen.
Uniek aan Stopdecriminaliteit.nl is dat per straat het aantal woninginbraken te zien is (waarvan aangifte is gedaan) en dat deze cijfers elke dag aangevuld worden. Daarbij wordt vermeld op welke wijze is ingebroken. Dit kan bijvoorbeeld insluiping, ingooien van een raam of openbreken zijn. Aan elke inbraakmethode is een preventiefilmpje gekoppeld met uitleg over het voorkomen van deze manier van inbraak.
De site bevat naast het actuele beeld van de woninginbraken ook informatie over bijzondere goederen die gestolen zijn en goederen die teruggevonden zijn maar waarvan de eigenaar niet bekend is. Daarnaast roept de politie de hulp in van inwoners bij het oplossen van woninginbraken, bijvoorbeeld door een getuigenoproep of door het tonen van beeldmateriaal van een verdachte.
TNO doet voor verschillende opdrachtgevers onderzoek naar zowel technologische als sociale innovatie en kijkt vanuit verschillende projecten naar de mogelijkheden van sociale media. Afgelopen jaar deed TNO onderzoek naar het vroegtijdig signaleren van mogelijke incidenten.
In het kader van dit onderzoek werd een instrument ontwikkeld waarmee berichtgeving op Twitter wordt gefilterd en geanalyseerd zodat actuele en betrouwbare informatie overblijft. Hiermee kunnen hulpverleners uit de voeten.
Een aantal hulpdiensten maakt al gebruik van het ontwikkelde instrument. Zo gebruiken de hulpdiensten in de Veiligheidsregio Twente het instrument om tijdens Serious Request 2012 de grote publieke toeloop in het centrum van Enschede in goede banen te leiden.
Eerder?publiceerde TNO?een Visie op Sociale Media in de Openbare Orde en Veiligheid.