Categoriearchief: Best Practice

CrimeDiggers

crimediggers financieel

Als onderdeel van een nieuwe wervingscampagne om digitale rechercheurs te werven heeft de politie een online challenge gebouwd. Via de “Crimediggers” challenge (trailer) kunnen deelnemers kennismaken met zowel digitaal als financieel recherchewerk.?Crimediggers is een soort vervolg op de Cybercrime Challenge de afgelopen jaren werd ontwikkeld.

Volgens de politie wordt criminaliteit steeds complexer, heeft het vaker een financi?le of digitale component en speelt het zich tegenwoordig vrijwel altijd af in het digitale domein.?Er wordt daarom gezocht naar hbo’ers en wo’ers met een financi?le of ICT-achtergrond die in het opsporingswerk kunnen instromen. Voor het digitale opsporingswerk zijn in de directe toekomst meer en meer hoogopgeleide politiemedewerkers nodig. Behalve voor de digitale opsporing zoekt de politie ook naar hbo?ers en wo?ers voor de financi?le recherche. Om deelnemers met verschillende achtergronden aan te spreken biedt Crimediggers een financieel ?n een digitaal spoor.

Deelnemers aan de challenge kunnen zelf kiezen welke route ze volgen. “We hebben geprobeerd de online experience zo dicht mogelijk te laten aansluiten bij de werkelijkheid die we dagelijks tegenkomen in de opsporing”, stelt een digitaal specialist van de eenheid Amsterdam. “Het mooie is dat je meteen kunt ontdekken of je, behalve je vakkennis, ook serieus talent hebt voor de opsporing. Je leert op een bijzondere manier kijken naar grote hoeveelheden informatie.”




Helaas kan de experience (nog) niet op een mobiel apparaat worden gespeeld, dus helemaal ingaan op de nieuwe wervingsmogelijkheden doet het nog niet.

Bronnen: Crimediggers, Security.nl

Foto’s verdachten online

geldermalsen

De politie heeft foto?s online gezet van mensen die betrokken waren bij gewelddadige protesten tegen de komst van een azc in Geldermalsen. Op de foto?s zijn de gezichten van tien relschoppers onherkenbaar gemaakt in de hoop dat de mensen zichzelf bij de politie aangeven.?”Op deze foto’s hebben we de gezichten onherkenbaar gemaakt, maar de kleding niet”, zegt een woordvoerder van de politie. “We willen mensen die zichzelf herkennen de kans geven zich alsnog bij ons te melden. Gebeurt dat niet, dan gaan we de foto’s op woensdag 27 januari ongecensureerd laten zien in het opsoringsprogramma Bureau GLD op Omroep Gelderland.”

De protestgroep ‘Geldermalsen Zeg nee tegen azc‘ keert zich?op zijn Facebookpagina tegen het publiceren van de foto’s. “Het is de omgekeerde wereld hier in Nederland”, schrijft de groep, die de?vraag stelt waarom er dan geen beelden van het politie-optreden online worden gezet.

Ruim een maand geleden bestormde een menigte?het gemeentehuis waarop de vergadering over de bouw van een azc?moest worden gestaakt.?Terwijl buiten de politie werd bekogeld met flessen, stenen en vuurwerk en agenten waarschuwingsschoten losten, werden de mensen binnen in?de raadszaal gesommeerd om naar boven te gaan?voor hun eigen veiligheid. De burgemeester toonde zich naderhand?geschokt door de gebeurtenissen.?Zo’n tachtig mensen keerden zich die avond tegen de politie. Er werden toen?veertien mensen aangehouden.

De politie wil mensen de kans geven zichzelf te melden (Video afspelen)

Het rechercheteam dat na de rellen?werd geformeerd, heeft inmiddels ‘enkele tientallen’ echte relschoppers in beeld. De?politie is naar eigen zeggen geholpen door omstanders die foto’s en filmpjes instuurden. “Het bestuderen van de vele beelden was een tijdrovend karwei. Maar we zijn erin geslaagd om het kaf van het koren te scheiden.”

“Het is een eerste stap om aan te geven dat het ons menens is”, zegt Frank de Valk van de politie Oost-Nederland. “Mensen die zichzelf herkennen krijgen zo de gelegenheid om zich vrijwillig te melden, zodat ze later als verdachte kunnen worden gehoord.”

De foto’s van verdachten die zich nu melden, worden meteen offline gehaald, zegt De Valk. “Dat voorkomt ellende in hun omgeving. De mensen op de foto’s zullen zichzelf wel?herkennen, bijvoorbeeld aan de kleding of de manier waarop je staat.”

Het is niet de eerste keer dat de politie zo?n actie onderneemt. In 2005 was het ook raak bij de rellen tussen Ajax- en Feyenoordsupporters. En in 2011 werden foto?s van rellende Feyenoordsupporters getoond op billboards in het centrum van Rotterdam. Toen heeft een aantal mensen zichzelf aangegeven.

Een nadeel van deze actie is dat het stigmatiserend werkt. Dit beeld zal altijd op internet terug te vinden zijn.

Als de daders zich niet melden, zal de politie de actie uitbreiden. Dan worden de foto?s volgende week ongecensureerd naar buiten gebracht via sociale media, regionale omroepen en uiteindelijk via het programma Opsporing Verzocht.

OM knijpt zelf ook oogje toe

Steeds meer winkeliers zijn winkeldieven zo beu, dat ze camerabeelden online zetten waar de dieven herkenbaar opstaan. Dat mogen ze niet: het is een vorm van eigen rechter spelen. Toch laat het Openbaar Ministerie de winkeliers hun gang gaan.

Winkeldief betaalt alsnog: uit angst of uit spijt?

Was het haar geweten? Of was het de angst gepakt te worden? Hoe dan ook kreeg kinderkledingwinkel MOOS Kids in Deventer alsnog het geld van een winkeldief. En er zat een briefje bij.

?Ik zit hier enorm mee. Kan er niet van slapen?, schrijft de winkeldief, die bekent de week ervoor een dure?aankleedkussenhoes te hebben gestolen. In de enveloppe zat behalve het excuus-briefje ook zestig euro.

De vraag is natuurlijk of het echt het geweten van moeder was, zoals ze zelf schrijft, of dat domweg de grond te heet onder haar voeten werd.

Nog geen 24 uur eerder had winkeleigenaresse Monika van den Beld namelijk nog op Facebook gezet dat de diefstal op camera stond ?n dat ze de dief had herkend. De foto?s van de dader had ze er bewust niet bij gezet, vertelt ze tegen RTV Oost. “Nu ben ik blij dat we het niet hebben gedaan, maar er is zeker over nagedacht.”

Bronnen: De Gelderlander, EenVandaag, NOS, RTL Nieuws

BuurtWhatsApp: Goed beheer is complex

De BuurtWhatsApp: ogen en oren van de buurt

Steeds meer burgers melden zich aan voor een BuurtWhatsApp. Via speciale groepen in de berichtendienst WhatsApp waarschuwen ze elkaar als ze iets verdachts zien. Wordt de buurt daar echt veiliger van? Over succesverhalen, kinderziektes en commotie.

Steeds meer burgers delen verdachte situaties digitaal. Dat gebeurt vooral via de berichtendienst WhatsApp. Op de website website www.wabp.nl?kunnen mensen hun zogenaamde BuurtWhatsApp registreren en bijhouden.?Bij het schrijven van dit artikel staan er meer dan duizend?op de site. Via Google zijn allerlei groepen te vinden die zich daar niet hebben geregistreerd, en er zijn ook gemeenten waarin een BuurtWhatsApp gaat starten. Het aantal deelnemers wisselt sterk. In mening gemeente doen honderden bewoners mee.

Dat zoveel burgers een BuurtWhatsApp starten is volkomen logisch, zegt Arnout de Vries, onderzoeker en adviseur bij TNO op het gebied van social media en maatschappelijke veiligheid.??Iedere burger wil in een veilige buurt wonen. En de techniek gaat razendsnel. Aangezien ruim de helft van alle Nederlanders WhatsApp gebruikt, kon je die opmars zien aankomen.?

Het internet staat dan ook vol met succesverhalen. Een kop als ?Dieven aangehouden dankzij BuurtWhatsApp? staat in veel lokale media en daarmee lijkt WhatsApp een mooi wapen tegen criminelen. Volgens De Vries kan een BuurtWhatsApp zeker helpen de buurt veiliger te maken. ?Dit is nu goede burgerparticipatie in de praktijk. Het is een uitstekende toevoeging aan de opsporing van criminelen. Er komen meer ogen en oren op straat.?

Beginnen met een BuurtWhatsApp is heel simpel. Een nieuwe groep aanmaken, mensen verzamelen die mee willen doen, en delen maar. Een BuurtWhatsApp goed beheren is echter een stuk complexer, benadrukt De Vries.

inbreker

Een BuurtWhatsApp kan een verkeerde werking hebben. Zoals recent in de gemeente Aalburg. Een verslaggever van Omroep Brabant meldde zich aan bij de groep, en kwam in september met een verhaal terug over Oost-Europeanen die gestigmatiseerd zouden worden.?Hier de berichten over de?oprichting?van de groep in februari 2015 ?en daarna diverse berichten (1, 2, 3) over de commotie tot de uiteindelijke?opheffing van de groep in september 2015.?Twee voorbeelden: ‘Er houdt zich een Pools of Roemeens obscuur persoon verdacht op bij de boekenwinkel’ en ‘Er rijden twee busjes met Pools kenteken op een verdachte manier in het dorp Veen, politie wordt gebeld’. Volgens Omroep Brabant zou het slechts?om een kleine selectie te gaan.

stekker

In het Brabants Dagblad reageerden diverse raadsleden kritisch. De meesten benadrukten wel dat een WhatsApp-groep een belangrijke meerwaarde kan zijn. Volgens de twee beheerders van de buurtapp in Aalburg, die gestart naar aanleiding van een inbraakgolf, zagen zij wel degelijk strikt toe op de berichten. ?En wij vertellen het gewoon zoals het is, net als Opsporing Verzocht doet.? Inmiddels zijn de beheerders gestopt. Inhoudelijk wil de gemeente voorlopig niet reageren. Burgemeester Fons Naterop zei in het Brabants Dagblad voorstander te zijn van digitale buurtpreventie, en graag mee te denken over een alternatief.

Ook De Vries weet dat het fout kan gaan. Een sterke beheerder noemt hij essentieel. ?Ik heb ook groepen uit elkaar zien vallen door burenruzies. Als beheerder ben je niet te benijden. Je moet de berichten streng scannen, mensen durven aan te spreken op hun taalgebruik en ze desnoods uit de groep durven gooien. Maar groepen die zo?n sterke beheerder hebben kunnen dan ook echt veel betekenen voor de buurt’.

 


BuurtWhatsApp Vlaardingen

In Vlaardingen doen inmiddels ruim 2.500 inwoners mee aan de BuurtWhatsApp. Kor de Jong en Josette Hogewoning beheren de groepen. De Jong is ook wijkagent in Vlaardingen, maar benadrukt dat hij zijn beheertaken uitvoert als burger. ‘Er is een kort lijntje me de politie, dus dat helpt. Maar we maken deelnemers duidelijk dat wij geen vervanging zijn van de politie. Onze belangrijkste spelregel is: eerst waarnemen, vervolgens alarmeren via 112 en dan gaan appen.’

‘Dankzij de BuurtWhatsApp zijn al diverse inbrekers opgepakt’, zegt Hogewoning. ‘Dankzij oplettende buurtbewoners zijn ook verdachten aangehouden voor autobranden en fietsen stelen. En er zijn hondjes teruggevonden. Minder spannend misschien, maar voor de eigenaars wel heel fijn.’

Succesverhalen genoeg, maar bij het beheren komt wel veel kijken, merken ook De Jong en Hogewoning. Problemen zoals in Aalburg kun je volgens hen alleen voorkomen als je als beheerder meteen vanaf het begin helder bent. ‘Iedere nieuwe deelnemer weet bij ons meteen waar hij aan toe is. Houd je je niet aan de regels, gooien we je uit de groep. Dat betekent: niet discrimineren, niet kwetsen, en ook geen zogenaamd grappige acties. Een voorbeeld van dat laatste: de politie zocht een verwarde vrouw, waarop iemand een foto postte van een vrouw in alleen een regenjas. Dat pikken wij dus niet.”

Onderstaande spelregels voor een BuurtWhatsApp komen van de website www.buurtwhatsapp.nl:

  • Een minimumleeftijd van 18 jaar;
  • Momenteel kunnen via WhatsApp maximaal 100 deelnemers in ??n groep;
  • Wijkagent laten meelezen. Onderzoeker Arnout de Vries raadt dit vooralsnog af, oa vanwege (privacy en politie)wetgeving. Hij pleit voor een aparte overleggroep met beheerders, politie en andere partners;
  • Nooit voor eigen rechter spelen;
  • Bij 112 bellen dit ook melden aan de groep, zodat de politie geen vijftig telefoontjes krijgt;
  • Terughoudend zijn met delen van foto’s van personen;
  • Geen overbodige berichten. Voor gezelligheid eventueel een aparte groep openen.

Dienend

?Een groep moet bovenal dienend zijn aan de politie. Dus niet voor eigen rechter spelen, maar puur signalen met elkaar delen. Ziet u een inbreker of denkt u dat er iets verdachts gebeurt, dan 112 bellen. ? Een lastige vraag die altijd om de hoek komt kijken: moet de politie ook meedoen in zo?n groep, of juist niet? De Vries merkt dat bepaalde buurten dat nadrukkelijk niet willen, terwijl anderen de wijkagent juist zelf vragen om mee te kijken.

?Mijn advies is om de wijkagent niet in de groep te laten meekijken. Daar heb ik een aantal redenen voor. Als een wijkagent meekijkt in de groep kan dat te hoge verwachtingen cre?ren. Zo?n groep draait 24/7, maar een wijkagent kan niet overal tegelijk zijn. Ook vanwege de privacy is het af te raden. Bij WhatsApp ziet iedereen je mobiele nummer en de politie heeft die gegevens dan dus ook. Wettelijk gezien kan dat problemen geven. De Wet bescherming persoonsgegevens zegt wel iets over gegevens digitaal delen, maar er is in dit geval nog geen jurisprudentie.?

Korte lijntjes met de politie zijn echter wel heel belangrijk. Daarom stelt De Vries andere varianten voor. ?Laat de beheerders van zo?n BuurtWhatsApp bijvoorbeeld in een aparte WhatsApp-groep overleggen met bijvoorbeeld politie, gemeente, ondernemers en wijkteams. En overleg alleen als je echt moet opschalen. Bijvoorbeeld na een inbraak. Je zit dan nog steeds met de privacy, maar het delen wordt al overzichtelijker.?

Sociale cohesie

De BuurtWhatsApp past in een bredere beweging van digitaal informatie delen. Aan die beweging kunnen professionals in zorg en welzijn ook veel hebben, denkt De Vries. ?Er zijn talloze voorbeelden van effectieve apps en websites die de sociale cohesie versterken. Op de website wehelpen.nl kunnen mensen hulp zoeken en aanbieden in de buurt. Via de app Peerby kunnen buren spullen van elkaar lenen.? Net nieuw is de app Aware, waarmee alleenstaande ouderen aan familie en vrienden kunnen laten weten hoe het met ze gaat. Handig, want als het niet goed gaat kunnen die snel helpen. Het is nog allemaal experimenteren, maar burgers vinden elkaar digitaal toch wel, dus als overheid en als professional kun je maar beter aansluiting zoeken.?

Een sociaal wijkteam zou bijvoorbeeld ook een eigen WhatsApp-groep kunnen beginnen. De initiatiefnemers van de BuurtWhatsApp in Vlaardingen bekijken momenteel of zo?n groep meerwaarde heeft. De Vries verwacht zelf ook veel van de samenwerking met ondernemers. ?Taxichauffeurs en horecapersoneel zien heel veel, dus zij kunnen ook helpen de buurt veiliger te maken. Wij onderzoeken momenteel wat er nodig is om social media effectiever in te zetten. Hoe kun je de informatie die er is nog beter kanaliseren? Welke aanpassingen in de wet zijn nodig, en welke systemen kunnen we het beste gebruiken?? Hij geeft?professionals mee dat zij extra alert moeten zijn op wat burgers doen. ?Bij burgers zit namelijk enorm veel kennis. Cre?er dus mogelijkheden om die kennis effectief te delen en let vervolgens goed op.?

Bronnen: Zorg en Welzijn

Meer blauw op digitale straathoek

blauwe hart
,,Sociale media zijn onmisbare informatiebronnen omdat zich daar vaak de eerste getuigen melden.??

Een reden dat er minder jeugdoverlast op straat is? Kan er mee te maken hebben dat ze tegenwoordig vooral digitaal een beetje rondhangen. Daar moet je als politie dan op inspelen, vindt Rick de Haan. Voor zijn inspanningen om meer blauw op de digitale hangplekken te krijgen, ontving hij onlangs het Blauwe Hart van de eenheid Noord-Holland.

Door [email protected] – 21-1-2016, 21:25?


Het is nog maar ruim een aantal jaren geleden dat de eerste agent van de Nederlandse politie begon te twitteren. Hij inspireerde daarmee Rick de Haan, destijds werkzaam bij de politie in Beverwijk waar hij onder meer de Bazaar en jeugd onder zijn hoede had. ,,Voor ons was Twitter ook in opkomst als middel om met het publiek in contact te komen. En dan niet alleen als zendmiddel – dus om een boodschap over te brengen – maar echt als interactief communicatiemiddel. Met drie wijkagenten zijn we ermee begonnen en toen ging het balletje snel rollen.??

Aanwezig

Rick de Haan kreeg vanuit de eenheidsleiding de taak om vooral wijkagenten en sinds dit jaar ook andere collega?s in de basisteams te trainen in de nieuwe media zoals Twitter en Facebook om daarmee nieuwe informatiebronnen in hun werk aan te boren. Rick de Haan: ,,Via de sociale media is het bijvoorbeeld mogelijk evenementen en publiek te monitoren zonder dat je er zelf fysiek aanwezig bent. Dat kan bij geplande evenementen zoals Bevrijdingspop maar ook bij spontane demonstraties. Sociale media zijn daarbij onmisbare informatiebronnen omdat zich daar vaak de eerste getuigen melden die een rol kunnen spelen in opsporing. We willen meer blauw op straat maar een deel van de straat is gedigitaliseerd. Wij moeten waakzaam en dienstbaar op de plek waar ons publiek is. Als politie kunnen we dus niet om sociale media heen en daarom zijn mensen als ik aangesteld om te kijken hoe we samenhang in het gebruik ervan kunnen bereiken. We weten dat het gebruik van Facebook in alle lagen gebeurt, Instagram richt zich meer op jongeren en op Twitter zie je het vele zakelijk gebruik zoals door journalisten en bestuurders. Soms moet je alle drie gebruiken, soms moet je kiezen en je moet weten wat de do?s en don’ts zijn van elk medium.??

Tandarts

Sociale media kennen hun valkuilen voor nieuwe gebruikers, zoals de Amsterdamse wijkagent die na een belediging en bedreiging twitterde: ?De wijkagent beledigen, zeg het dan recht in mijn gezicht als je een goede tandarts hebt?. Rick de Haan: ,,De gouden regel is: Wat je op straat niet doet moet je ook online niet doen. Bij twijfel even overleggen, maar negentig procent wordt zonder problemen en controle gepubliceerd.??

Sociale media worden ook gebruikt om ongenuanceerd gal te spuwen en azijn te pissen maar de Facebooksites van de politie worden daar nog redelijk van gevrijwaard. Rick de Haan: ,,De reacties zijn genuanceerder dan op krantensites of GeenStijl. Kritiek leveren op de politie mag, als het maar niet beledigend wordt. Daar reageren we op, in principe via een priv?bericht. Soms hoeven we ook niet te reageren. We wachten meestal even en dan wordt er vaak voor ons stelling genomen door andere gebruikers. Er is een zelfreinigend vermogen dat discussies vaak in ons voordeel oplost.??

Het gebruik van sociale media gaat lijnrecht in tegen de hi?rarchische structuur die de politie-organisatie van oudsher kent. Facebook, Instagram en Twitter ontstaan door netwerken waarvan de deelnemers op gelijke hoogte staan. Rick de Haan: ,,Dan merk je dat vooral de wijkagenten, die al met hun foto in het wijkblaadje staan, voor sociale media open staan. Sommige lagen van de organisatie, zoals bij rechercheafdelingen die zich met ondermijningsonderzoeken bezighouden, zijn veel terughoudender. Dat is begrijpelijk maar voor hun spelen de sociale media een andere rol. Elk mens laat online zijn digitale voetafdruk achter, ook criminelen.??

Webcare

Net als bij andere grote dienstverleners en bedrijven zou de politie ook over moeten gaan tot zogenaamde webcare. Rick de Haan: ,,65 Procent van de wijkagenten twittert maar zijn niet zeven dagen in de week en 24 uur per dag in dienst. Dan moet je bellen als je een melding wil doen, maar dan gaat tijd verloren. Mijn voorstel is dat naast de telefonische ook de online bereikbaarheid bij de politie 24/7 gegarandeerd is. Via sociale media bereiken ons persoonlijkere berichten dan via 0900-8844. Daar vinden andere gesprekken plaats. Verder zie ik wel iets in een digitaal vragenuurtje van de wijkagent en het informeren van het publiek via video?s op Facebook.??

Binnen

Op dit moment beschikt de politie al over Realtime Intelligence Centers (RTIC?s) bij de meldkamers. Bij meldingen, bijvoorbeeld van een straatroof, wordt binnen het opgegeven gebied online gerechercheerd op informatie die op sociale media wordt gezet. Rick de Haan: ,,Dan heb je de eerste verklaringen vaak al binnen.??

Bron: Haarlems Dagblad

Camera in beeld

camera

Veel ondernemers gebruiken camera?s voor het houden van toezicht en het beveiligen van hun panden en goederen. Ook steeds meer particulieren gaan hun eigendommen beveiligen met camera?s. De politie maakt in haar dagelijks werk veel gebruik van deze camerabeelden. Om te weten waar camera?s ge?nstalleerd zijn en wat zij ?zien?, maakt de politie gebruik van een databank, genaamd ?Camera in Beeld?.

Camera in beeld is een landelijk systeem, waarbij alle (particuliere en overheids-)camera?s met zicht op de openbare weg op een kaart worden vermeld. Zo heeft de politie overzicht van welke camera?s waar hangen en waar zij opnames van maken.

Mag je zomaar alles opnemen?

Het is toegestaan een camera voor de beveiliging van je eigendom in te zetten. Voor bedrijven en woonhuizen geldt dat er een duidelijk zichtbare aankondiging moet zijn, dat er camerabeveiliging aanwezig is, bijvoorbeeld door een sticker of bordje bij de toegangsdeur.

Uw camera mag alleen opnamen maken van uw eigendom en in principe niet van de openbare weg. U mag namelijk alleen opnamen maken met als doel persoonlijke eigendommen te beschermen en niet om de privacy van mensen, dieren, goederen te schenden. Maar als u bijvoorbeeld uw carport in beeld heeft en daarbij is een deel van de stoep ook te zien, is dit wel toegestaan. Enige overlap is namelijk vaak onvermijdelijk. Wel bent u verplicht duidelijk zichtbaar te vermelden dat er camerabeveiliging aanwezig is.

Bronnen: Camera in Beeld

Vuurwerk monitoring: Jacht op hinder

Met een geluiddectieysysteem, het monitoren van Twitter en Facebook en een mobiel vuurwerkteam dat surveilleert door de stad, moet de vuurwerkoverlast dit jaar worden teruggedrongen. De gemeente Utrecht zet alles op alles om vuurwerkhinder een halt toe te roepen. Dat blijkt na een dagje meedraaien in de meldkamer en een avond op de fiets nog lastig genoeg.

Anil, Mandy en Joeri staan te wachten voor een rood stoplicht in de Van Hoornekade, Zuilen. Het is tot nu toe een rustige dienst voor de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) van de gemeente Utrecht. Het trio is samen met een ander team deze avond op pad in Utrecht om te surveilleren en op overlastmeldingen af te gaan.Het licht is nog steeds rood als plots, aan de overkant van de drukke Marnixlaan, een harde knal klinkt. Onmiddellijk spieden de drie met hun ogen de overkant af. Waar is de afsteker heen? Hoe groot is de rookwolk die ervan afkomt? Is dat illegaal vuurwerk? Omdat de boa’s zich aan de verkeersregels moeten houden is dat het enige, dat ze kunnen doen. Als het licht op groen springt, schieten de drie weg, als ware de Tour de France voor heel even terug is in de stad.boa

De opsporingsambtenaren Anil, Mandy en Joeri overleggen met teamleader Geurts over het plan van aanpak.?

Helaas, een ‘heterdaadje’ zit er niet meer in. De bikers zijn te laat. Wat de drie nog kunnen doen, is een melding maken die zowel bij de gemeente meldkamer als bij de politie voorbijkomt. ,,Het kan zijn dat op basis daarvan de politie hier nog even langs komt en bij een paar woningen aanbelt. Dat maakt hopelijk genoeg indruk op die jochies, zodat ze niet nog een keer met vuurwerk gooien,” zegt Joeri.

De melding die het vuurwerkteam net heeft gemaakt komt binnen in de meldkamer op de dertiende verdieping van het Stadskantoor. Daar zitten drie operators te turen naar een aantal schermen, waarop kaarten van de stad zijn geprojecteerd.

media_l_3486358
Op de centrale in het Stadskantoor komen alle meldingen binnen en worden de vuurwerkteams aangestuurd.

Aansturen
Op die kaarten is goed te zien waar de vuurwerkoverlast zich concentreert. ,,Op die manier kunnen we onze mensen op straat goed en snel aansturen,” zegt teamleider Alex Geurts.

,,We hebben vooraf een aantal locaties aanegewezen waar op basis van eerdere meldingen de meeste overlast valt te verwachten. Dat zijn de hotspots. Op de kaarten kunnen we zien of de overlast zich verplaatst van die hotspots naar andere plekken in de stad. En als dat gebeurt kunnen we daar ook onze inzet op straat meteen op aanpassen.”

Dagelijks komen de mannen en vrouwen, die de vuurwerkoverlast tegen moeten gaan, bij elkaar voor een korte briefing. Daarin worden ze – iedere dag opnieuw – bijgepraat over de gevaren van vuurwerk en wat te doen als ze op een grote partij illegaal vuurwerk stuiten. Tassen gevuld met legaal vuurwerk tot 25 kilo mogen de boa’s zelf vervoeren, grotere partijen en illegaal vuurwerk zijn voor de politie. ,,We blijven het erin stampen, want de veiligheid van onze mensen is erg belangrijk,” zegt Geurts. ,,Iedere dag opnieuw het zelfde praatje.”

In de briefing komen ook de resultaten en de meldingen van de voorgaande dagen voorbij. Samenmet de mensen die de straat opgaan wordt besproken welke plekken in de stad nog eens extra bezocht kunnen worden.

“Omdat onze mensen via een gps-systeem perfect te volgen zijn, kunnen we in de meldkamer meteen zien welk team het snelst ter plekke kan zijn” -?Teamleider Alex Geurts

Geluiddetectie
Ook maakt de gemeente dit jaar voor het eerst gebruik van een geluiddectiesysteem. Op verschillende plekken in de stad zijn er microfoons geplaatst die harde knallen opnemen. ,,Het systeem meet hoe hard die knal is. En als het echt hard is, duidt dat vaak op illegaal vuurwerk. Omdat onze mensen via een gps-systeem perfect te volgen zijn, kunnen we in de meldkamer meteen zien welk team het snelst ter plekke kan zijn,” zegt teamleider Geurts. Waar die microfoons hangen wil de gemeente om tactische redenen niet kwijt.Daarbij komt dit jaar dat ook social media zoals Facebook, Twitter en Instagram nadrukkelijk worden afgezocht.Abdullah Pehlivan, die daarmee is belast, vertelt dat er via een groot aantal zoektermen gezocht kan worden op welke plekken mensen overlast ervaren. Ook zijn er jongeren die er foto’s en filmpjes plaatsen van ontploffend vuurwerk. ,,Het is een experiment en het kan ondersteunend werken aan alles wat we hier al doen,” aldus Pehlivan.

Terug naar de straat, waar Anil, Mandy en Joeri inmiddels door Overvecht fietsen. Dit is een van de wijken die vooraf als hotspot is aangemerkt en waar veel overlast verwacht wordt. Er is geen steegje of pleintje dat de bikers overslaan. En stuiten ze op een groepje hangjongeren, dan gaan ze een praatje aan.

,,Het is belangrijk dat we ons even laten zien,” verduidelijkt Mandy, terwijl ze stevig doortrapt. ,,Sinds 10 december zijn we iedere middag en avond op straat te vinden. Ze weten dat ze in de gaten gehouden worden.”

?”We kunnen niet op alle plekken tegelijk zijn, maar we doen ons best. Bovendien is het signaal ook belangrijk. We laten zien dat we er bovenop zitten” -?Opsporingsambtenaar Joeri

Nooit op tijd
Is de aanpak succesvol? Dat moet nog blijken, oudejaarsdag is pas over ruim een week. En hoewel de bikers strak worden aangestuurd en snel kunnen reageren, zijn ze vrijwel nooit op tijd en zijn de daders alweer weg.

Bovendien zijn er slechts zes bikers actief, op een stad die ruim 300.000 inwoners kent. ,,Dat is wel eens frustrerend,” zegt Joeri. ,,We kunnen niet op alle plekken tegelijk zijn, maar we doen ons best. Bovendien is het signaal ook belangrijk. We laten zien dat we er bovenop zitten.”

,,En”, zegt hij, ,,het is goed voor de conditie. ,,We fietsen zo’n 45 kilometer per dag.”

Bronnen: AD, TaxiPrijzenUtrecht

 

Brandhaarden voorspellen

Hoe kun je uit informatie van derden in combinatie met informatie van jezelf, afleiden waar incidenten de komende 24 uur gaan plaatsvinden en hoe?kunnen hulpdiensten op basis daarvan dynamisch anticiperen en zich dynamisch positioneren?

Doel is om de eerste stappen in de richting van een soort ?Buienradar? te ontwikkelen voor branden, met de gekozen focus op gebouwbranden en buitenbranden. Met andere woorden: ?op zoek naar een ?brandweerradar?.

  • Het antwoord ligt voor een groot deel in het proces. Om gegevens te verzamelen en ter beschikking te krijgen om hiermee aan de slag te gaan, is vergaande samenwerking en vertrouwen tussen data-eigenaren (waaronder partijen die niet gewend zijn om met elkaar samen te werken) en analisten noodzakelijk. Dit maakte het proces binnen het?team van de Coalition of the Willing zeer bijzonder. (Semi-)overheid, overheid en bedrijfsleven werden hier een hecht team.
  • Een tweede deel van het antwoord ligt in een gedegen analyse van de beschikbare data. In een analyse-subteam is samen met domeinexperts gezocht naar correlaties in de data.
  • Het derde deel van het antwoord is de visualisatie van de analyse van de gegevens. Hoe maak je van data informatie waarop vervolgens gestuurd kan worden? Deze drie aspecten worden door de leden van ons team vormgegeven in een tool.

Toepasbaar en uitvoerbaar?
Het verzamelen van data over branden is al lang voor het ontstaan van veiligheidsregio?s begonnen, maar er kan meer mee gedaan worden dan tot nu toe gedaan wordt. Door middel van slimme trendanalyses in datasets en het koppelen van datasets aan elkaar, kan worden gezocht naar verbanden tussen incidenten en omstandigheden die schijnbaar willekeurig zijn, maar waar toch een afhankelijkheid in zit. Op basis van die analyses kan een dynamische manier gevonden worden om proactief voertuigen te positioneren, in te zetten of een optimale bezetting van de kazernes per gebied te bepalen.

Predictive Analytics
Het verzamelen van data en het zoeken naar afhankelijkheden wordt ook in andere vakgebieden dan de brandweer toegepast (zoals politie en ambulancedienst). Voor de brandweer bestaat dit nog niet, laat staan een mooie manier om de resultaten zo weer te geven dat ze ook bruikbaar zijn ten behoeve van een slimme inzet van de brandweer.

brandhaard1

Opschaalbaar in meerdere Veiligheidsregio?s?
De tool die in concept wordt ontwikkeld in deze challenge zal uiteraard ook binnen andere regio?s toepasbaar zijn. De enige voorwaarde voor gebruik in breder/ander verband, is goede kwaliteit van de data. Alleen dan is de analyse betrouwbaar genoeg om gebruikt te worden voor onderbouwde keuzes.

Veiligere en betaalbare samenleving?
De inzet van de brandweer wordt vaak ingegeven door het optreden dat in de loop van de decennia zo is gegroeid: in een tankautospuit zitten 6 brandweermensen. In de afgelopen jaren is door de VRR ingezet op verschillende manieren om sneller en met meer expertise bij incidenten te komen. Voorbeelden hiervan zijn kleinere voertuigen met minder bemanningsleden, zoals het Snelle Interventie Voertuig (de SIV), en de Brambulance (half ambulance, half brandweerauto). Door vooruit te kunnen kijken op het gebied van brand, kan men de inzet van deze voertuigen optimaliseren en zo nog effici?nter te werk gaan. Hiermee blijft veiligheid gegarandeerd, waarbij je?mensen en middelen dynamisch en gerichter kunnen inzetten

Verdere ontwikkeling?
Er wordt in onze eerste concepten gebruik gemaakt van ?losse? datasets; de tool is dus niet gekoppeld aan de systemen waarin de benodigde data zich bevindt. Om de tool daadwerkelijk in te zetten, moet deze ?real-time? worden gekoppeld aan systemen; niet alleen aan de systemen van de veiligheidsregio zelf, maar ook aan de systemen van derden die data aanleveren. Alleen zo kun je een ?buienradar?- achtig concept actueel houden. Realisatie hiervan kan via convenanten en afspraken met derden.

De kern in 3 punten:?

  1. Voorspellend vermogen voor branden in een bepaald gebied
  2. Dynamische inzet van hulpverleners
  3. Dynamische bezetting van kazernes

Bronnen: Veilige Samenleving, Scribd

brandhaard3 brandhaard2 brandhaard5 brandhaard4

Terrorisme voorspellen met big data: handlezen voor gevorderden

?knmi
In Vrij Nederland het volgende?artikel?van Gerard Janssen over big data en de voorspelmogelijkheden van terrorisme.
Als je veel data slim gebruikt, kun je tegenwoordig ?voorspellen wie wat gaat doen en wat waar gebeuren gaat. Terrorismebestrijders kunnen daar hun voordeel mee doen. Maar er schuilen ook gevaren: het is program, or be programmed.

Donderdagmorgen 11 maart 2004 parkeert een gestolen witte Renault Kangoo in de Calle Infantado in Alcal? de Henares. De straat ligt langs het metrostation dat het stadje verbindt met Madrid. Aan de andere kant van een witte blinde muur liggen de rails. Jonge mannen springen uit het busje. Uit de bagageruimte trekken ze rugzakken en sporttassen. De tassen en rugzakken zijn zwaar. Ze staan bol van spijkers, schroeven en 10 kg Goma 2 ECO ? een vloeibaar explosief dat mijnbouwers gebruiken. Koperdraad koppelt de industri?le ontstekers aan mobiele telefoons. De mannen laten dertien rugzakken en tassen achter in verschillende treinstellen van vier verschillende treinen. Tussen 7.37 en 7.40 uur, als de treinen richting station Atocha in Madrid rijden, brengen de terroristen de bommen tot ontploffing. Tien van de dertien gaan af. Het resultaat: 191 doden en 1.824 gewonden.

Meteen begon een klopjacht op de daders. De sleutel is een blauwe sporttas die is gevonden in het Azor?npark, met naast de explosieven een intacte mobiele telefoon, een Mitsubishi Trium T-110. Via het simkaartje in die telefoon weet de politie verschillende terroristen op te sporen. Uiteindelijk eindigt de achtervolging op 3 april 2004 bij een appartement in het zuiden van Madrid. Tussen half zes en half zeven arriveert een zwaar bewapende speciale eenheid. De politie sluit het gebied af en speciale eenheden richten een veldhospitaal in. Vanaf de eerste verdieping klinken Arabische gezangen. De speciale eenheden bestormen het pand en schieten rookbommen naar binnen. De terroristen bellen hun geliefden en gaan in een kring op de grond zitten. Drie minuten over negen blazen ze zichzelf en het pand op. Ook een lid van de speciale eenheid komt daarbij om.

Iedere terroristische aanslag is te vertellen als een verhaal.

Diep morele zielen

Iedere terroristische aanslag is te vertellen als een verhaal. Vanuit een neutraal perspectief is het een donkere tragedie. Maar vanuit het perspectief van een terrorist een hero?sch verhaal. ?De ogen van de terrorist zijn niet leeg,? schrijft de antropoloog Scott Atran in zijn boek Talking to the Enemy, waarvoor hij tientallen extremisten uit Afghanistan, Indonesi? en Marokko interviewde. ?Hun voldoening ligt niet in de rustige anticipatie van maagden in de hemel. Het is lichamelijk als bloed en verscheurd vlees. Terroristen zijn geen nihilisten, wreed of onzeker, maar vaak diep morele zielen met een gruwelijk misplaatst gevoel van rechtvaardigheid.?

Een terrorist is in zijn eigen ogen een klassieke held die zijn leven op het spel zet om een monster te overwinnen. Het is het verhaal dat in iedere cultuur opduikt. David tegen Goliath. De strijd van de rebellen tegen de Galactic Empire. Een onmogelijke opdracht, maar de held heeft een geheim wapen, en de ster des doods heeft een achilleshiel.
Het is geen toeval dat het een filmmaker was die zich realiseerde dat dit een vruchtbaar perspectief is om een terroristische aanslag uit te analyseren. Peter de Kock (48) maakte in 2006 de veel geprezen documentaire De handen van Che Guevara. Een zoektocht naar de handen van Che Guevara, die van zijn lijk waren afgehakt en opdoken in een pot met water en formaldehyde. In 2008 maakte de filmmaker de overstap naar de politie. Een overstap die kleiner is dan die lijkt. De Kock zag de overeenkomst tussen het plannen van filmopnamen, het opdelen van een verhaal in elementaire bouwblokjes en het voorbereiden van een liquidatie of terroristische aanslag. Net als een terrorist maak je als filmmaker een scenario van iets wat nog moet gaan gebeuren.

Zeven lagen diep

De Kock begon in Tilburg aan een promotieonderzoek. Met behulp van databases die vrij op internet staan, zoals de Global Terrorism Database en WikiLeaks wist De Kock 35.000 terroristische aanslagen bij elkaar te schrapen. Hij bedacht een methode om iedere aanslag als een patholoog anatoom uit elkaar te snijden en de organen naast elkaar op de snijtafel te leggen: een held, een vijand, een symbolisch doelwit, een wapen en een valse aanwijzing: ?the red herring?.

Toen De Kock vlak na de aanslag op de marathon van Boston zijn database raadpleegde, rolde eruit dat de verdachten waarschijnlijk uit Tsjetsjeni? kwamen. Daar waren al eerder aanslagen met snelkookpannen gepleegd. Hij realiseerde zich dat hij wat goeds had bedacht en vroeg een patent aan op zijn idee. 10 september 2014 promoveerde De Kock. Nog in rokkostuum zat hij aan tafel bij De Wereld Draait Door. ?En in de weken na mijn promotie belden veiligheidsdiensten, overheidsinstanties en softwarebedrijven me helemaal suf. En dan moest ik zeggen, ja, ik heb alleen maar een schets gemaakt. Maar er belden ook bedrijven die zeiden: wij kunnen van jouw idee werkelijkheid maken. We kunnen de software in no time voor je bouwen. In de afgelopen maanden is alles bij elkaar gekomen. Het is nu niet meer alleen maar Peter die een plannetje heeft.? In Elst, Gelderland hangt nu op een bedrijventerrein, tussen verfgroothandels en smederijen een bordje met ?Pandora Intelligence?.

?Introducing the human dimension in big data?, staat als ondertitel op de website. De Kock: ?We hebben inmiddels een enorme dataset van meer dan 500.000 terroristische incidenten die zijn opgebouwd uit twaalf verhaalcomponenten met onderliggende subcomponenten. Een verhaalcomponent is ?het middel?. Een middel kan een schoen zijn. Als de Amerikaanse president een persconferentie geeft en iemand gooit een schoen naar zijn hoofd, dan kun je dat zien als een terroristische aanslag. Een middel kan natuurlijk ook een vuurwapen zijn. Dat kun je weer een laag dieper onderverdelen in een vuistvuurwapen of automatisch vuurwapen. En vuistvuurwapen kun je weer een niveau lager onderverdelen in revolver of pistool. Zo heb je een hele taxonomie, een verdere vertakking die onder die twaalf basiscomponenten ligt. De tweede laag heeft 198 componenten, de derde laag meer dan zestienhonderd. Het model is zeven lagen diep. We hebben waanzinnig veel subcomponenten en al die subcomponenten zijn onderling met elkaar verbonden. Dat kun je visualiseren als een soort koolstofatoom: allemaal grote en kleine bolletjes die op verschillende afstanden van elkaar liggen. Een driedimensionale puntenwolk; het dna van een aanslag. Op deze manier hebben we van die 500.000 incidenten automatisch dna-structuren gemaakt.?

?Creativiteit? in het model

De Kock heeft nu een verzameling van honderdduizenden enorme puntenwolken die allemaal een terroristische aanslag representeren. ?Zo kun je bijvoorbeeld ontdekken dat er gelijkenis is in de molecuulstructuur van de aanslagen op Anna Lindh en de aanslagen in Dubai.?

En De Kock ging verder. Hij voegde ook romans en computerspellen aan zijn database toe. Het idee hierachter is dat aanslagen soms eerder beschreven zijn in fictie. De ?Oklahoma-bomber? Timothy McVeigh haalde het idee voor zijn aanslag uit de romanThe Turner Diaries van William Luther Pierce. Tom Clancy beschreef in de jaren negentig al een gekaapt vliegtuig dat het Capitool in vloog. De acties van Anders Breivik zijn exact na te spelen op het computerspel GTA. ?Elk spel van Modern Warfare en GTA dat gespeeld wordt, kun je zien als een terroristische aanslag. En de scenario?s uit deAnarchist Cookbook staan natuurlijk ook in de database. Elke aanslag is uniek, maar je ziet ook dat er overeenkomsten zijn. Bovendien wordt hiermee ?creativiteit? in het model ge?ntroduceerd. Gegevens uit aanslagen die eerder bedacht zijn maar nog niet uitgevoerd, worden in het model gekoppeld aan daadwerkelijk gebeurde aanslagen.?

Illustratie: Zenk One

De Kock legt uit wat je hier in de praktijk aan hebt: ?Neem bijvoorbeeld de schietpartij in de Thalys. Het Franse persbureau AFP maakte die schietpartij als eerste bekend, ook voor de veiligheidsdiensten: ?Schietpartij Thalys?. Ons model gaat dan vanzelf lopen, want dat triggert op woorden als ?schietpartij?. Het model zet zichzelf aan en begint te analyseren: ?schietpartij betekent een vuurwapen?, en ?de Thalys is een strategisch object dat rijdt?. Dus op dat moment zegt het model: denk aan de aanslagen in Madrid, of: denk aan de aanslagen op het openbaar vervoer van 2007 in Londen. Maar daar heb je nog weinig aan. Op het moment dat er sprake is van een kalasjnikov ? die informatie kwam als eerste via Twitter binnen ? wordt het aantal scenario?s weer kleiner. Dat duidt erop dat er een criminele organisatie bezig is of dat er sprake is van terrorisme.?

Op de wc

Het model van De Kock voorspelt op basis van een paar feiten die via de persbureaus of social media binnenkomen hoe de hele wolk aan punten er naar verwachting uit gaat zien. Terwijl de rechercheurs nog op weg zijn, geeft het model zo verschillende scenario?s waar de politie rekening mee kan houden. Als een schaakprogramma dat voorspelt wat de volgende zet van een schaker zou kunnen zijn, op basis van honderdduizenden schaakpartijen die eerder zijn gespeeld.

De Kock: ?Dit is wat we de adapt-fase noemen. Het aanpassen aan een situatie die zich ontwikkelt.?

Toen een jongen zich opsloot op de wc van een Thalys in Rotterdam Centraal, moest iedereen meteen aan de schietpartij in de Thalys denken, maar het model van De Kock zag meteen dat het een heel ander verhaal was. Iemand die zich opsloot in een wc om daar een uur te blijven zitten, dat was nooit eerder gebeurd bij een terroristische aanslag.

Een ander doel waar analisten het programma voor kunnen gebruiken, is anticipatie. De Kock: ?Op een dag als Prinsjesdag weten we veel. We weten waar en wanneer politici aanwezig zijn en we weten ook uit welke hoek die politici bedreigd worden. Zo kan het model berekeningen maken van scenario?s waar we op Prinsjesdag mogelijk rekening moeten houden. Hier kunnen we de beveiliging van politici of leden van het koningshuis op afstemmen.?

Een andere voorzichtige conclusie is dat veel hedendaagse terroristen veel gamen, oefenen met computerspellen.

Het model werkt beter dan iedereen verwachtte. ?De eerste voorzichtige conclusie die we nu trekken is dat terroristen vaker de kunst volgen dan we dachten. Het lijkt erop dat terroristen zich veel meer door fictie, computerspellen en andere aanslagen laten inspireren dan tot nu toe werd verondersteld.? Een andere voorzichtige conclusie is dat veel hedendaagse terroristen veel gamen, of net als Anders Breivik, oefenen met computerspellen.

Interessant is dat dergelijke conclusies moeilijk te bewijzen zijn. Het model van De Kock werkt niet op basis van analytische logica, maar met machine learning of deep learning. Dit lijkt misschien een onbelangrijk detail, maar is kenmerkend voor een stormachtige ontwikkeling in de wereld van ?big data?. Het model van Peter de Kock vergelijkt niet analytisch de verschillende datawolkjes met elkaar om er razendsnel verbanden tussen te vinden. De computer simuleert een machine die zijn eigen bedradingen en schakelingen steeds opnieuw verandert, net zoals een brein dat doet. Als een voorspelling uitkomt, dan is de machine tevreden en zal hij zichzelf maar weinig aanpassen, heeft hij het fout gedaan, dan verandert hij meer aan zichzelf, net zolang tot de gesimuleerde machine bij een bepaalde input een output geeft die dicht bij de werkelijkheid ligt. Het resultaat is een voor mensen ondoorgrondelijke algoritme dat soms verrassend goed presteert.

Verboden gebied

Het principe is al oud en gebaseerd op een idee van computerwetenschapper Arthur Samuel. Al in 1956 leerde hij een computer schaken door het partijen tegen zichzelf te laten spelen. Hij programmeerde welke zetten de stukken mochten zetten en definieerde een gewenste uitkomst (winst) en een ongewenste uitkomst (verlies). Het programma speelde steeds weer andere partijen tegen zichzelf. Achter de zet van de computer zat geen gedachte en leek geen logica schuil te gaan, maar de computer leerde de zetten die niet tot winst leidden te vermijden. Het resultaat was dat de computer beter leerde schaken dan Arthur Samuel. Het was de eerste weerlegging van het argument dat computers nooit slimmer zullen worden dan mensen omdat mensen de computers programmeren.

Het idee van Samuel is in de loop van de jaren verfijnd. En de laatste jaren zijn computers zo krachtig dat de principes van deep learning zijn toe te passen op enorme databases. Op dit moment speelt zich daarom een revolutie af in de wereld van beeldherkenning en automatische vertaalprogramma?s.

?Het is niet meer zo dat als je in de programmatuur kijkt, dat er dan iets logisch te zien is,? zegt Selmar Smit van TNO, ?het is niet ?als dit dan dat?. Een uitkomst ?is? er gewoon.?

Telefoontjes moeten in een deurtjeskluis buiten de sluisdeur. Voor de deur pakt een man in duur pak een slick James Bond-achtig reiskoffertje in.

De computerwetenschapper zit in een soort klein schoollokaaltje samen met collega Arnout de Vries achter een tafel. Dertigers in overhemd. De onderzoekers werken in ?verboden gebied? in een kantoorgebouw aan de rand van het natuurgebied Meijendel aan digitale opsporingstechnieken voor de politie. Telefoontjes moeten in een deurtjeskluis buiten de sluisdeur. Voor de deur pakt een man in duur pak een slick James Bond-achtig reiskoffertje in. Ook in de wereld van de veiligheidsdiensten lijkt werkelijkheid be?nvloed door fictie.

TNO onderzoekt de big data mogelijkheden voor de AIVD, de MIVD en werkt samen met bedrijven als AGT, het internationale beveiligingsbedrijf waarvan prins Pieter-Christiaan in Nederland de baas is.

Smit: ?Op een gegeven moment heeft het model verzonnen dat bepaalde input ertoe doet, en dat leidt tot een output met een onbegrijpelijke complexe formule. Als je die zou uitschrijven, zou je kilometers papier nodig hebben. Het is net als bij onze hersenen. Als je ze opensnijdt, kun je zien dat er iets gebeurt, maar je weet niet wat. Tot vijf jaar geleden kon je weinig data slim gebruiken of heel veel data dom gebruiken. Dat is nu anders. Nu kun je heel veel data heel slim gebruiken. Ik werk nu zelf ook met zo?npredictive policing algoritme waarbij ik zelf niet meer begrijp waarop de voorspelling gebaseerd is. Het is een model dat brandhaarden voorspelt. Ik stop er data in en het model voorspelt vrij accuraat wat potenti?le brandhaarden zijn. Maar het model is zo complex dat ik het zelf niet kan lezen of begrijpen.?

Bij het voorspellen van brandhaarden is dit niet zo?n probleem. Bij het voorspellen van aanslagen wordt het al iets dubieuzer. ?Met het model van De Kock kun je voorkomen dat er een delict gepleegd wordt en daar zijn we allemaal heel blij mee,? zegt strafjurist Ybo Buruma, ?juridisch gezien kun je iemand niet in de gevangenis stoppen op basis van zo?n programma. Maar de inlichtingendienst en de politie kunnen verstoren. Dat wil zeggen dat ze een aanslag kunnen voorkomen, terwijl de terrorist vrijuit zal gaan omdat die nog niks heeft gedaan. Die afweging is, denk ik, in het verleden ook wel gemaakt door de AIVD. Sindsdien zijn er nieuwe anti-terrorismewetten gekomen die ook het voorbereiden van aanslagen strafbaar maken. Omdat die wetten heel ruim zijn, moeten we wel oppassen dat we niet in de verleiding komen de programma?s van De Kock te gebruiken om mensen te veroordelen voordat ze iets gedaan hebben ? dat zou net zoiets zijn als dat Amazon me alvast boeken stuurt omdat ik die vast heel mooi zal gaan vinden, maar dan erger.?

Fout positieven

Helemaal griezelig wordt het als dergelijke algoritmes gebruikt worden om te voorspellen of iemand een aanslag gaat plegen. Zoals iedere aanslag een verhaal is, zo is het leven van iedere terrorist te beschrijven als biografie. Het is niet ondenkbaar dat een model dat gevoed wordt met levensverhalen zoals mensen zelf via Facebook en Instagram schrijven, goede voorspellingen kan doen. Om nog maar te zwijgen over de data die scholen bijhouden. Misschien dat zo?n model redelijk kan voorspellen of iemand radicaliseert of het criminele pad op gaat. Net als dat Amazon nu al redelijk kan voorspellen welk boek je leuk gaat vinden. Dit gaat op de film Minority Report lijken. Wat moet je met een deep learning algoritme dat het opmerkelijk goed doet, en dat als output geeft dat een jongen met 90 procent zekerheid iets gevaarlijks gaat doen? Zonder dat iemand begrijpt waarom.

Buruma: ?Je kunt het het gevaar van ?digitale vooroordelen? noemen. Het menselijk brein heeft ook vooroordelen ? ?Noord-Afrikaan met lange baard zal wel fundamentalist zijn en dus terrorist? ? waar de computer misschien juist niet intrapt. Maar door foute input of verouderde gegevens kunnen ook verkeerde verbanden worden gelegd. Ik heb bij Amazon gezocht naar een titel van Plato en daarbij heel veel verschillende zoektermen ingetikt: nu denkt die computer van Amazon dat ik geweldig ge?nteresseerd ben in klassieke filosofie. Ik ben blij dat ze mij niet alvast de nieuwste wetenschappelijke teksten over Plato toesturen. Een winkel wil mij niet boos maken, maar als ik door de politie ?fout-positief? als terrorist wordt aangewezen, nemen ze denk ik al gauw het zekere voor het onzekere. Waar ik bezorgd over ben, is dat we ons over een jaar of vijf realiseren dat die neurale netwerken heel erg veel hebben opgeleverd, maar dat we te weinig de nadelen ervan hebben gezien. Ik denk dat we dankzij programma?s als die van Peter de Kock steeds beter de groep ?fout negatieven? ? mensen van wie we nu nog ten onrechte niet zien dat het terroristen of boeven zijn ? kleiner kunnen maken. Het gevaar is dat de techniek ook een grotere groep ?fout positieven? oplevert ? mensen van wie ten onrechte wordt gedacht dat het terroristen of boeven zijn. Dat zijn onschuldige mensen die er niks mee te maken hebben, maar bij wie wel het arrestatieteam binnenstormt.?

Veiligheidsbutler

Arnout de Vries van TNO is het helemaal met Buruma eens. Maar hij ziet ook dat bedrijven minder terughoudend zijn. De overheid kan en mag volgens De Vries niet achterblijven bij deze bedrijven. En dat is wel wat er nu gebeurt. Om de eenvoudige reden dat ?alle big sisters? zoals Google en Facebook meer mogen dan de overheid en veel grotere innovatiebudgetten hebben. Google kocht begin 2014 het vijftig man tellende bedrijf Deep Mind voor vierhonderd miljoen dollar en haalde daarmee een groot deel van de beste deep learning wetenschappers binnen.

De Vries: ?Verschillende bedrijven willen het KNMI van de terrorismevoorspelling worden. Juist omdat de data die je buiten de politie om kunt krijgen, steeds rijker worden. Waar ik me echt zorgen over maak, is dat de overheid buitenspel komt te staan. Dat de bedrijven de burgers en de criminelen het allemaal wel zelf kunnen. Dan leven we echt in het wilde westen. Ik ben zeker geen voorstander van een grote overheid, maar er moet wel een bepaalde balans zijn.?

Op dit moment rijdt in Silicon Valley al de Knightscope rond, een R2D2-achtige robot. De Vries: ?Hij heeft 360-graden camera?s, kan in het donker kijken en heeft ook voorspellende software, scant social media, is volledig geautomatiseerd. Dat ding kost nu nog een paar duizend dollar. Maar straks zit dat in de grasmaaier in je voortuin, als een veiligheidsbutler. De straat is dan veilig en het kost niks. Maar als we zo?n ding zelflerend maken en toestaan om iemand te taseren, dan kom je in een wereld waar sciencefiction schrijvers over schrijven. Is het erg als het werkt en iedereen zich daardoor juist veiliger voelt? En is het dan erg als er een bedrijf als Google achter zit??
Werken wij mee aan de nieuwe atoombom? Tja. Het is program, or be programmed.

Het zijn vragen waar nu over nagedacht moet worden. De snelheid waarmee deep learning de laatste paar jaar beter wordt, lijkt de mensen die weten wat nu in de onderzoekslaboratoria ontwikkeld wordt, angst aan te jagen. Elon Musk en Bill Gates hebben onafhankelijk van elkaar hun grote zorg uitgesproken over de snelle ontwikkelingen. Musk investeerde 10 miljoen dollar in onderzoek naar de veiligheid en juridische consequenties van kunstmatig intelligente systemen.

De intelligente computer HAL uit 2001: A Space Odyssey begint langzaam maar zeker realiteit te worden. Denk aan een zelflerende schoonmaakrobot die je de opdracht geeft om het huis zo effici?nt mogelijk schoon te houden, een robot die in contact staat met de cloud en andere schoonmaakrobots. Zo?n robot leert misschien dat het huis het beste schoon blijft als hij mensen buiten de deur houdt.

?Wij proberen nu uit te vinden hoe de techniek goed gebruikt kan worden. Maar kun je specificeren wat goed is?? zegt De Vries van TNO. ?Werken wij mee aan de nieuwe atoombom? Tja. Als je er niet door overvallen wilt worden, moet je zelf achter het stuur gaan zitten. Het is program, or be programmed. Als wij niks doen, weten we zeker dat het voor het slechte gebruikt gaat worden.?

Bron: Vrij Nederland

Agent bijt hond

RIO_boterhamzakje

Wilco Berenschot werd rond?2000?wijkagent in de Rotterdamse wijk ?Het Nieuwe Westen?. Hij merkte toen dat het soms moeilijk is om in contact te komen met de buurtbewoners en kwam met verschillende initiatieven om dat contact te stimuleren, zodat hij weet wat er in zijn wijk speelt.

Zo bedacht hij eerder het mobiele politiebureau, waarbij hij tafel en stoel op straat neerzet. En het pop-up-politiebureau, een tijdelijk politiebureau waarbij buurtbewoners op laagdrempelige wijze met hem in contact kunnen komen.

Vast onderdeel bij tv-programma ?Man Bijt Hond?, was het rond etenstijd aanbellen bij nietsvermoedende mensen. Dat bracht Berenschot op het idee voor ?Agent Bijt Hond?: rond lunchtijd aanbellen bij nietsvermoedende buurtbewoners en vragen of hij daar zijn boterhammen mag opeten.

En tijdens dat gezamenlijke lunchmoment elkaar beter leren kennen en van de bewoners horen wat er speelt in hun straat.


Bronnen: EenVandaag

Samen ten strijde trekken op het Dark Web

dark web1Op het Dark Web kunnen criminelen relatief eenvoudig handelen in drugs, wapens of kinderporno. Ook cybercriminelen, mensenhandelaren en terroristische organisaties zijn er actief. Interpol global complex on innovation en TNO ontwierpen een training waarin misdaadbestrijders leren hoe criminelen handelen op dit duistere deel van het internet.

Het Dark Web is een verza?meling van duizenden websites, die gebruik maken van TOR of I2P-adressen om IP-adressen te verbergen. Op die manier kunnen criminelen en terroristen anoniem blijven en dat is precies wat ze willen.? Aan het woord is Pim Takkenberg, TNO?er en oud-politieman. ?Neem een drugshandelaar. Die komt alleen nog in contact met de re?le wereld bij het kopen en het afleveren van de handelswaar. Maar ook daar zijn trucs op gevonden, zoals het gebruik van leegstaande panden.?

Criminelen kunnen op het Dark Web een tweede identiteit aannemen, compleet met virtueel geld, marktplaatsen en sites waar ze elkaar vertellen hoe betrouw?baar een potenti?le zakenpartner is. Takkenberg: ?Ze voelen zich op het Dark Web zo op hun gemak, dat ze de re?le wereld zo veel mogelijk proberen te vermijden.?

Big Data tegen criminelen

Rechercheren op het duistere internet is een vak apart zegt TNO?er Mark van Staalduinen, die van huis uit big data analyse expert is: ?Big data helpt bij de opsporing op het Dark Web. Zo kan de taal die criminelen gebrui?ken een indicatie zijn voor de plaats waarvandaan ze opereren. Maar Nederlandse criminelen weten dat ook en communiceren bij voorkeur in het Engels. Wie nog ?Nederlands gebruikt, krijgt een waarschuwing van de anderen.? Al met al is duidelijk, concludeert Van Staalduinen, dat criminelen en terroristen het internet steeds vaker en steeds slimmer gebrui?ken en dat de opsporingsinstan?ties niet mogen achterblijven.

Van Staalduinen en Takkenberg ontwierpen daarom samen met TNO?er Pieter Hartel en collega?s van het Interpol Global Complex on Innovation de vijfdaagse Dark Web Training Game. Hartel: ?We hebben realistische trainingsomgeving gebouwd waar de cur?sisten de rol van koper, verkoper of administrator spelen en op marktplaatsen handelen met cryptovaluta?s zoals de Bitcoin. Ook leren ze er welke opsporings?methoden effectief zijn en hoe ze die moeten toepassen.?

Cursisten uit 21 landen

Het ?spel? bevindt zich in een veilige en gecontroleerde trainings- omgeving en zonder de beperkingen die de wetgeving stelt aan deals met criminelen in de re?le wereld. Van Staalduinen: ?De trainingsomgeving is flexibel en kan snel worden aangepast aan de nieuwste methoden van crimi?nelen. Met de opgedane kennis kunnen de cursisten bovendien het bewustzijn over de dreigingen van het Dark Web in hun eigen organisatie vergroten.? De cursus is inmiddels in Singapore gehou?den met deelnemers uit eenen?twintig landen, waaronder Australi?, Finland, Ghana, Hong Kong, Indonesi?, Nederland en Turkije. Van Staalduinen: ?De cursisten waren erg enthousiast en we gaan op grond van hun ervaringen nu verbeteringen aanbrengen. Daarna gaan we de cursus verder uitrollen. Bovendien zullen we op 4 november in het kader van de campagne Alert Online aan mkb?ers en journalisten een verkorte versie presenteren.?

De leermomenten van de cursisten

De cursisten van de eerste Dark Web Training Game waren vooral blij met het realistische karakter van de trainingsomgeving waarin ze konden oefenen. Hun namen kunnen om begrijpelijke redenen niet genoemd worden, maar hun meningen zijn duidelijk genoeg.

?Ik was verbaasd over het gemak waarmee je toegang kunt krijgen tot een illegale marktplaats en ook over het gemak waarmee je daar kunt handelen?, schreef een van hen. Een andere cursist merkte op, dat het hem tijdens de training nog eens extra duidelijk was geworden hoe een?voudig het is om een carri?re te maken als crimineel op het Dark Web.

Ook opsporing hoort bij de cursus en tijdens dat onderdeel leerden de cursisten hun nieuwe kennis en vaardigheden toe te passen. ?Eindelijk een training die echt is gericht op wetshandhaving?, was een veelzeg?gende opmerking. ?We maakten fouten en realiseerden ons dat criminelen dezelfde fouten maken. Daar gaan we gebruik van maken?, schreef een andere cursist. En dat de cursus ook direct praktisch nut heeft, wordt duidelijk uit de opmerking van deze cyberrechercheur: ?Ik kon eindelijk een echt onderzoek uitvoeren op het Dark Web.?

Bekijk hoe het Dark Web ook mainstream kan of onvermijdelijk zal?gaan als het aan Jamie Bartlett en Alan Pearce ligt en niet alleen een plek voor criminelen is, maar juist voor iedereen om te gaan begrijpen en gebruiken:

Bronnen: TNO