Categoriearchief: Cases

Sociale media cases uitgelicht en gebundeld; van live verslagen tot overzichtelijk archief. Denk aan Project X de Londonse rellen of het Utoya schietincident.

Case: Ashley Madison

ashleymadison

Emotionele gesprekken aan duizenden keukentafels, kapotgemaakte huwelijken en reputaties, chantage en misschien ook zelfmoord – nadat de gegevens van de gehackte overspelwebsite Ashley Madison op straat belandden, tekenen de gevolgen ervan zich allengs duidelijker af. De site koppelt getrouwde mensen die seks of een relatie zoeken. Door de hack kwamen gegevens van 37 miljoen klanten op straat te liggen. De hackers, of hacker, met de naam The Impact Team publiceerden hun e-mailadressen, gps-co?rdinaten, wachtwoorden, huisadressen, creditcardgegevens en seksuele wensen.

Data van klanten van datingsites werden al vaker gestolen, net als creditcardgegevens. Steeds bleek hoe makkelijk de privacy van internet soms is door te prikken. De huidige gehackte huwelijksgeheimen laten dit besef extra pijnlijk doordringen. Het verweer komt dan ook snel op gang. Het Canadese Ashley Madison werd vorige week meteen aangeklaagd door een groep gedupeerden die een schadevergoeding eisen van 760 miljoen Canadese dollar (500 miljoen euro).

Message from the hackers

The Impact Team dreigde vorige maand al de gestolen gegevens te publiceren, tenzij de sites van Avid Life – behalve de overspelsite nog twee datingsites – uit de lucht zouden worden gehaald. In een online gepubliceerde motivatie noemden de hackers klanten van de overspelsite ,,overspelige smeerlappen”. Bovendien wordt het bedrijf bedrog verweten: gebruikers betalen 19 dollar om hun profiel te laten verwijderen, maar dit gebeurde naar nu blijkt duidelijk niet.

Volgens Avid Life Media worden de gegevens wel vernietigd als iemand zijn lidmaatschap opzegt. Het bedrijf, in 2001 opgericht door de Canadese internetondernemer Noel Biderman (inmiddels afgetreden als CEO), is actief in 53 landen en maakte vorig jaar op een omzet van 115 miljoen dollar 55 miljoen winst, al moest daar nog wel belasting over worden betaald.

Onder de gehackte gegevens zijn de e-mailadressen van hooggeplaatste werknemers van grote bedrijven, militairen en ambtenaren in Canada en het Verenigd Koninkrijk. 15.000 gelekte e-mailadressen leiden naar naar medewerkers van Amerikaanse ministeries en het Witte Huis. Ook 600 Nederlanders hadden zich op de site geregistreerd. Overigens is in de meeste gevallen onduidelijk of het om re?le of valse adressen gaat.

De Canadese politie, het Amerikaanse ministerie van Binnenlandse Veiligheid en de FBI onderzoeken de diefstal, net als het Amerikaanse leger. Ook roepen ze White hat hackers op om te helpen de daders te vinden.

Ook namen van bekende mensen duiken op. Een realityster en een in de VS bekende christelijke videoblogger, pleitbezorgers van het gezin en het monogame huwelijk, hebben excuses gemaakt omdat ze zich hadden geregistreerd. De naam van de Britse ex-premier Tony Blair dook op, evenals die van het Canadese parlementslid Eve Adams, maar zij ontkende zich te hebben ingeschreven.

Inmiddels zijn ook de eerste afpersingszaken (vaak in bitcoins) gemeld. Afgelopen dagen doken meteen websites op die aanbieden de gegevens op een bepaald adres te doorzoeken, of die claimen gegevens alsnog te kunnen afschermen – tegen betaling. Ook de eerste afpersingszaken van mensen die dreigen de registratie te melden aan echtgenoten, familie en collega’s zijn volgens Evans al gerapporteerd. De gebruikers werden ,,vreemdgaande smeerlappen” genoemd. Experts waarschuwen gedupeerden voor vervolgaanvallen nu hun online-identiteit zo grondig en compleet gestolen is. De impact op de gezinnen van de slachtoffers is dan ook groot.

Persoonlijke impact met o.a. afpersingen en zelfmoorden

De hack en de daaropvolgende diefstal van gegevens heeft al geleid tot 2 zelfmoorden. Dat feit is volgens Avid Life Media ernstig genoeg om een prijs te zetten op het hoofd van de schuldigen.?Het komt niet zo heel vaak voor dat een bedrijf op deze manier probeert om een hacker te achterhalen. In 2011 loofde Microsoft een bedrag van 250.000 dollar uit voor een tip die zou leiden naar de arrestatie van de mensen die achter het botnet Rustock zaten. Die groep was toen verantwoordelijk voor 40 procent van alle verstuurde spam in de wereld. Rustock werd door Microsoft en de FBI samen ontmanteld in 2011.

Voor leedvermaak is in de zaak geen reden, zei het hoofd van het Canadese politieonderzoek Bryce Evans, in bovenstaande persconferentie in Toronto. Hij waarschuwde voor haatdelicten en fraude door de hack, die volgens hem al twee mensen tot zelfmoord zou hebben gebracht. ,,Het gaat hier om gezinnen, om partners en kinderen.”

Er zijn intussen websites gemaakt die beweren gegevens weer te kunnen afschermen – tegen betaling. Ook de eerste chantagezaken van mensen die dreigen de registratie te melden aan echtgenoten zijn volgens Evans al gerapporteerd. Experts waarschuwen gedupeerden voor vervolgaanvallen nu hun online-identiteit zo grondig en compleet gestolen is.

Avid Life Media heeft 500.000 Canadese dollars gezet op het hoofd van de hackers, waarvan John McAfee zegt te weten uit welke hoek de daders komen.?Het gaat om mensen die zich verschuilen achter de naam The Impact team. De hackers lieten voor het eerst van zich horen in juli en ze dreigden toen om alle buitgemaakte gegevens openbaar te maken.

Bronnen: NRC Handelsblad (26 aug 2015), NRC Next (26 aug 2015), Automatiseringsgids,?Security.nl, Fusion.Net, ComputerWorld, AD, Huffington Post, Fortune, Wired, ABC News, Nederlands Dagblad, Stuff

Rapport Project X Haren revisited

Onderstaand artikel van Peter Vasterman en Huub Wijfjes verscheen in Tijdschrift voor Communicatiewetenschap?en is een?kritische beschouwing over het onderzoek naar media in de?Facebook-rellen van september 2012.

Inleiding
Op 8 maart 2013 verscheen het rapport van een commissie onder leiding van?Job Cohen die, in opdracht van de Groningse gemeente Haren, had onderzocht hoe?ogenschijnlijk onschuldige gebeurtenissen in Haren op 21 september 2012 konden?uitmonden in rellen, plunderingen en gewelddadige confrontaties tussen jongeren?en de politie. Na de presentatie van het rapport Twee werelden. You only live once?? voorzien van drie deelrapporten over de rol van de overheden, de media en de?jeugdcultuur ? trokken de politiek-bestuurlijke kanten de meeste aandacht. Ze hadden?ook de grootste consequenties. Burgemeester van Haren Rob Bats trad enkele?dagen na de presentatie af en het regionale politiekorps nam maatregelen ter verbetering
van het handelen bij eventuele toekomstige rellen.

Daarmee leek de kous af. Maar de rapportage inspireerde ook debatten in professionele?en wetenschappelijke kringen over verschillende deelonderwerpen. E?n daarvan?is de rol van media, een onderwerp waarbij in het bijzonder de interactie van de?traditionele en de nieuwe sociale media in de belangstelling staat.1 Bij het hoofdrapport?was een deelrapport, De weg naar Haren, gevoegd dat deze rol van media en?communicatie centraal stelde, terwijl in het deelrapport over jeugdcultuur, Hoe Dionysos?in Haren verscheen, ook een en ander aan de orde kwam over de plaats en functie?van media in deze cultuur.

Het functioneren van media werd al in de directe nasleep van de rellen stevig bediscussieerd,?zoals de rol van media altijd wel op een of andere manier aan de orde?komt na afloop van ernstige ongeregeldheden of grote maatschappelijke onrust. Dat?effect was hier ook te zien, mede omdat de rellen in Haren hun oorsprong en motor?leken te vinden in de omgeving van de zogenoemde ?sociale media?, waarvan het?gebruik en de betekenis bepaald nog niet solide in kaart zijn gebracht. De rellen in?Haren staan dan ook bekend als de ?Facebook-rellen?, een verwijzing naar het openbaar?plaatsen van een oproep op Facebook op 6 september om de verjaardag van het?16-jarige meisje Merthe te gaan vieren in haar woonplaats Haren. Het was een?oproep die in de sociale media al snel werd ge?dentificeerd als een Nederlands Project?X-feest en vervolgens gekaapt door anonieme internetgebruikers. Op deze?gekaapte Project X-Facebookpagina gaven na twee weken meer dan 30.000 bezoekers?aan naar Haren te komen voor het feestje. Dat werden er uiteindelijk zo?n?5.000, met gevolgen die uitvoerig staan beschreven in het hoofdrapport Twee werelden.

Een belangrijke conclusie van het hoofdrapport was dat jongeren zich ?via een breed?palet aan communicatiemiddelen organiseerden, met Facebook als centraal platform,?en dat het feest door massamedia op de agenda werd gezet?. Die agendasetting?leidde tot acties bij de gemeenten en de politie, maar uiteindelijk ook tot verdere?mobilisatie van jongeren die al een bezoek overwogen (Twee werelden, p. 10 en?13). Deze uitspraak lijkt te contrasteren met de conclusies uit het deelrapport over?media dat ?de rol van massamedia niet doorslaggevend was?, maar dat die gevestigde
media zoals krant, radio en televisie ?juist reageerden op een ontwikkeling binnen?de sociale media? (De weg naar Haren, p. 120). Dit wijkt ook af van de conclusie in?het deelrapport over de jeugdcultuur van het onderzoeksteam onder leiding van de?socioloog Gabri?l van den Brink dat ?een minder opgewonden berichtgeving bij traditionele?media? de mobilisatie die via sociale media onder jongeren gaande was had?kunnen verminderen (Hoe Dionysos in Haren verscheen, p. 138).

De ogenschijnlijke verdeeldheid in de commissie bij de interpretatie van verschillende?onderzoekingen, roept de vraag op hoe het onderzoek naar de rol van media?in Project X Haren, met name ook de interactie van traditionele en sociale media,?inhoud en vorm is gegeven.

Onderzoekstraditie mobilisatie en media
Het onderzoek naar Project X Haren past in een lange traditie van onderzoek naar?de rol van de media bij grootschalige ordeverstoringen en de mobilisatieprocessen?die eraan voorafgaan. Vooral in en na de jaren zestig van de vorige eeuw was de?focus gericht op de manier waarop de media de schijnwerpers richtten op en zo?mede vormgevers werden van nieuwe protestbewegingen of subculturen. Dat?leverde verschillende klassiekers op zoals de studies van Halloran, Elliott en Murdock?(1970) en Gitlin (1980). Baanbrekend was ook Folk devils and moral panics:?the creation of the Mods and Rockers uit 1972, het begin van de onderzoekstraditie?rond moral panics, een typering die overigens naadloos valt toe te passen op de maatschappelijke?reactie na afloop van de Haren-rellen (Cohen, 1972).

In deze sociologische en communicatiewetenschappelijke onderzoekingen kregen?de media een centrale rol toebedeeld bij maatschappelijke escalatieprocessen. Door?er op een stereotiepe manier verslag van te doen ? het centrale frame was gericht op?mogelijke ordeverstoringen ?, wakkerden ze niet alleen de verontrusting aan, maar?be?nvloedden ze ook het gedrag van de vermeende folk devils, die zich juist gingen?vastbijten in hun afwijkend gedrag. Dat proces staat in de criminologie al jaren?bekend als ?deviancy amplification spiral?: de maatschappelijke reactie op het afwijkend
gedrag zorgt juist voor polarisatie en escalatie (O?Brien & Yar, 2008).

Een belangrijke, maar helaas wat onderbelicht gebleven studie in Nederland is het?onderzoek dat de Leidse sociologen Van de Beek, Engbersen en Van der Veen?(1983) deden naar de rol van media bij de rellen rond de inhuldiging van koningin?Beatrix in Amsterdam in april 1980. Op basis van inhoudsanalyse van berichtgeving?in verschillende massamedia en interviews met journalisten legden zij het ?journalistieke?regelsysteem? bloot waarin objectiviteit en feitelijkheid bij de meeste media?weliswaar de basisprincipes waren, maar waarin ideologische voorkeuren van sommige?bij de rellen aanwezige verslaggevers de berichtgeving bepaalden (Van de Beek?et al., 1983). Links ge?ngageerde media zoals VARA, Radio Stad en de Volkskrant die?min of meer de kant kozen van de krakers en de relschoppers, werden achteraf door?autoriteiten (en de ?rechtse? media) aangewezen als een voorname oorzaak van de?escalatie van het geweld (Van de Beek et al., 1983; Wijfjes, 2009, p. 418-425).

In al deze studies lag de nadruk op de zichtbare rol van de media en ontbrak onderzoek?naar de sociale component: wat speelde zich allemaal af in die groepen en subculturen?die betrokken waren bij deze mobilisatie en ordeverstoringen? Tegenwoordig?is daar dankzij de sociale media zoals Facebook en Twitter veel meer zicht op.?Wat vroeger binnenskamers of in de wandelgangen speelde, is tegenwoordig op de?voet te volgen in het openbare domein van de sociale media. Sterker nog, de sociale?media lijken een belangrijk instrument voor sociale mobilisatie geworden. De niethi?rarchische?structuur, het open en internationale karakter en de snelle verbindingen?tussen verschillende netwerken maken die processen makkelijker en groter.?Dat bleek bijvoorbeeld uit het onderzoek naar de onverwachte rellen in een groot?aantal Engelse steden in de zomer van 2011 (House of Commons Home Affairs?Committee, 2011; Baker, 2011). De vroegere studies over demonstraties waren volgens?Cottle (2008) opvallend zwijgzaam over de dynamiek achter de schermen en?concentreerden zich (net zoals de media in hun berichtgeving) vooral op het zichtbare
visuele spektakel van rellen en demonstraties.

Inmiddels is het bestuderen van de mobiliserende werking van de online sociale?netwerken een aparte onderzoekstak geworden rond begrippen als ?information cascades??(Lemieux, 2004), ?availability cascades? (Kuran & Sunstein, 1999), ?tipping?points? (Gladwell, 2001) en ?critical mass? (Marwell & Oliver, 1993). Dat onderzoek?belicht de rol van media bij omslagmomenten in een sociaal systeem waarbij een?zelfversterkend proces ontstaat, zoals bij een echte epidemie (Gonz?lez-Baillon e.a.,?2011). De analogie met epidemische verspreiding van ziektes is geen toeval, want
veel van deze begrippen zijn ontleend aan onderzoek naar bijvoorbeeld complexe?ecosystemen waarin kleine verstoringen grote gevolgen kunnen hebben voor ?critical?transitions? (Scheffer, 2009).

Ook in de sociale wetenschappen hebben deze complexiteitstheorie?n opgang?gedaan, al zijn sociale systemen nog veel onvoorspelbaarder dan ecosystemen. Een?belangrijk uitgangspunt is dat er geen lineaire oorzaak- en gevolgketen is, maar dat?de verschillende zelfsturende componenten of (reflecterende) actoren in het?systeem voortdurend op elkaar reageren. Daarbij kunnen nieuwe macropatronen?ontstaan die weer als feedback het systeem ingaan en zelfversterkende processen?veroorzaken tot er een nieuw (tijdelijk) evenwicht ontstaat (Waldherr, 2012, 2014).?Binnen lineaire systemen zijn oorzaak en gevolg proportioneel, maar in complexe?systemen kunnen kleine gebeurtenissen disproportionele gevolgen opleveren. Dit?zijn onvoorspelbare processen, maar onderzoekers kunnen wel de patronen?beschrijven die leiden tot omslagpunten en zelfversterkende processen, bijvoorbeeld?door mediagebruik in communicatienetwerken (Aarts, Steuten & Van Woerkum,?2014).

In het licht van deze theorievorming is de rapportage van de commissie-Cohen?belangwekkend, want de aanloop naar Haren valt te bezien als een complex systeem?met interacties tussen zowel de verschillende actoren als tussen de online en offline?wereld.

Met inachtneming van het feit dat het rapport onderdeel uitmaakte van een primair?bestuurskundige evaluatie, kunnen we ons afvragen of de onderzoeken nieuwe?inzichten bieden in dit soort processen die onder bepaalde omstandigheden kunnen?leiden tot grootschalige ordeverstoringen. Leveren de studies nieuwe theorie?n op,?of nieuwe definities van bestaande concepten, zoals het veelvuldig gebruikte begrip??mediahype?? En vooral: wat is de wetenschappelijke kwaliteit van dit onderzoek dat?in dienst stond van de vooral bestuurlijke evaluatieopdracht die de commissie meekreeg?

Het Haren-onderzoek op de snijtafel

Het onderzoek naar de sociale media
Het onderzoek in het deelrapport De weg naar Haren is uitgevoerd door een team?onder leiding van de communicatiewetenschapper professor Jan van Dijk van de?Universiteit Twente. Het bestaat uit deelstudies naar de speelfilm Project X als inspiratiebron?en naar de rol van Facebook, Twitter, YouTube en de massamedia als?informatie- en mobilisatiefactor. Daarnaast zijn jongeren ondervraagd over hun?mediagebruik en hun overwegingen om al dan niet naar Haren te gaan. De vragen?die de commissie-Cohen aan het team van Van Dijk gaf waren ook vrij algemeen
geformuleerd: ?Wat kan gezegd worden over de rol van de sociale media bij de?mobilisatie en actieco?rdinatie?? en ?Op welke wijze interacteren nieuwe en traditionele?media met elkaar??. Het is merkwaardig dat de onderzoekers deze algemene?vragen niet hebben vertaald in concrete, onderzoekbare deelvragen. Ze melden?alleen dat de interactie tussen de verschillende media en hoofdrolspelers (bezoekers,?autoriteiten en ouders) centraal staat. Iedere deelanalyse is voornamelijk beschrijvend?van aard, zoals het hoofdstuk over de speelfilm Project X waarin de vraag wordt
opgeworpen (maar niet beantwoord) of er sprake is van een soort virale besmetting?of van imitatiegedrag onder jongeren.

Ook het hoofdstuk over de online mobilisatie op Facebook begint beschrijvend met?Merthe die op 6 september haar vrienden uitnodigt voor een sweet sixteen party en?de optie ?openbaar? aanklikt. Voor de analyse van wat er vervolgens op Facebook en?Twitter gebeurde, maakten de onderzoekers gebruik van twee databases met?52.227 Facebookberichten en ruim 500.000 Twitterberichten.

De vraagstellingen die bij de analyse zijn gehanteerd zijn wederom beschrijvend van?aard: ?Hoe verloopt het berichtenverkeer en het aantal aanmeldingen in de loop van?de tijd? Kunnen bepaalde groepen worden onderscheiden? Hoe ontwikkelt zich het?netwerk in de loop van de tijd? (?) Wat is bijvoorbeeld de rol van de massamedia en?de sociale media zelf geweest??

Een theoretische inbedding ontbreekt, waardoor niet duidelijk is wat de antwoorden?op deze vragen zouden kunnen betekenen. Als er bepaalde groepen zijn te onderscheiden,?wat zegt dat dan? En bij de vraag ?hoe het netwerk zich ontwikkelt?: welke?kanten zou dat dan op kunnen gaan? Gaat het om een ontwikkeling vanuit een centrummodel?of een model met veel zelfstandige nieuwe kernen? Door het ontbreken?van waarom-vragen blijft het onderzoek beschrijvend.

Het eerste deel van het onderzoek is gebaseerd op het tellen van het aantal Facebookberichten?per dag, per bezoeker en per groep. Dat levert een aantal grafieken op?(zoals Figuur 3.2 die hier als Figuur 1 is weergegeven) waaruit volgens de onderzoekers?zou moeten blijken dat het aantal Facebookberichten al op maandag 17 september, de dag v??r de massamedia aandacht gingen besteden aan Haren, sterk?toenam.

Px01

Figuur 1. Figuur 3.2 uit De weg naar Haren, p. 22

Deze lijngrafiek wekt de indruk dat er een stijging plaats vindt van maandag op?dinsdag, maar als de gegevens uit de door de onderzoekers gebruikte database in?een staafdiagram worden weergegeven, wordt duidelijk dat de explosie pas komt op?dinsdagmiddag, direct na de start van de media-aandacht, waar overigens veel?bezoekers in tal van berichten op sociale media melding van maken.

px02
Figuur 2. Aantal Facebookberichten per dag, 9 tot en met 21 september

Dat komt nog duidelijker naar voren als de berichten op dinsdag per uur in beeld?worden gebracht, zoals in figuur 3.

px03
Figuur 3. Aantal Facebookberichten per uur op dinsdag 18 september 2012

Op maandag 17 september waren er inderdaad meer berichten dan op de dagen?daarvoor, namelijk 615 berichten, tegen daarvoor tussen de 100 en de 200. Maar de?grote toename komt pas op dinsdagmiddag nadat de massamedia er aandacht aan?hebben besteed. Binnen enkele uren verschijnen maar liefst 5949 berichten;?tien keer zoveel. Die stroom komt pas eind van de middag op gang wanneer er soms?in een uur tijd meer dan 800 berichten worden gepost. Het is onduidelijk waarom?de onderzoekers deze explosie van berichten niet als het grote omslagpunt beschouwen.
Tot ?s middags 18 september heeft de Project X-pagina nog maar 720 bezoekers?gehad die een bericht hebben achtergelaten, maar die middag en avond komen?er 1696 nieuwe bezoekers bij tegen 201 op maandag 17 september.

Volgens het rapport is echter op maandag 17 september al de zogenoemde ?kritieke?massa? bereikt op Facebook, een omslagmoment waarop het proces ?als het ware
vanzelf gaat lopen?. Helaas geven de onderzoekers geen definitie van dat omslagpunt?en geen criteria voor het vaststellen ervan. In een voetnoot melden ze: ?Een kritieke?massa wordt gevormd bij een niet exact aan te duiden omslagpunt in het aantal?aanmeldingen, verbindingen of andere deelnemingen. Op dit punt vindt in elk?geval een duidelijke versnelling plaats? (De weg naar Haren, p. 27, noot 15). Het gaat?dus blijkbaar niet om het aantal aanmeldingen maar om een ?versnelling?. Maar niet?duidelijk is hoe ?snel? die ?versnelling? dan moet zijn en wanneer het dan ?vanzelf?gaat lopen?. Gezien het verloop van het aantal berichten ligt eerder de conclusie voor?de hand dat het grote omslagpunt plaatsvindt op het moment waarop de massamedia?aandacht gaan besteden aan het Project X-feestje. Daarmee is niet gezegd dat?de massamedia doorslaggevend waren ? er was immers al een zelfversterkend proces?gaande online ? maar wel dat hier een belangrijk tipping point was bereikt.

Naast het kwantificeren en classificeren van de berichten en de bezoekers op de?Facebookpagina is ook een ?netwerkanalyse? uitgevoerd om na te gaan ?of bepaalde
groepen (of zelfs individuen) een cruciale rol hebben gespeeld in het proces?. Dit?levert een kleurrijke figuur op van de ontwikkeling van het netwerk, die in videoanimatievorm?tijdens de persconferentie van de commissie-Cohen op 8 maart 2013?werd vertoond (Videoverslag persconferentie commissie-Cohen 8 maart 2013). Maar?deze figuur biedt feitelijk geen antwoord op de onderzoeksvraag (De weg naar?Haren, p. 26, figuur 3.7). De onderzoekers zeggen geen onderscheid te kunnen?maken tussen ?verschillende clusters van mensen doordat de verbondenheid binnen
het netwerk zeer groot is.? Volgens de Tilburgse socioloog Rense Corten, specialist?in netwerkanalyse, zijn wel degelijk kwantitatieve methoden beschikbaar om dergelijke?clusters op te sporen. Dan zou misschien ook de structuur van het netwerk?beter in beeld komen, want het is van belang om te weten of zich nieuwe knooppunten?ontwikkelen los van het centrum, bijvoorbeeld onder invloed van mediaberichtgeving.?Volgens Corten blijkt uit de netwerkanalyse niet dat er sprake is van?een kritieke massa: ?het enige dat we zien is dat op een bepaald moment het aantal
berichten sterk toeneemt. Of dit komt door de interne dynamiek van het proces of?door externe factoren kunnen we in de plaatjes helemaal niet zien? (Corten, 2013).

De algemene conclusie van het rapport dat er al een kritieke massa op Facebook?bestond voordat de massamedia aandacht gaven, wordt dus niet overtuigend door de?onderzoeksresultaten ondersteund.

Het onderzoeksdeel over het Twitterverkeer is nog beschrijvender van aard, hetgeen?vooral blijkt uit het feit dat conclusies aan het eind ontbreken. De beschrijving laat?zien dat het Twitterverkeer pas goed op gang kwam nadat in Haren de rellen waren?uitgebroken.?Het hoofdstuk over YouTube is zeer beperkt en omvat maar ??n pagina in het rapport,?terwijl sommige ?teasers? in de aanloop (er werden maar liefst 564 unieke?video?s over Project X op YouTube geplaatst) meer dan honderdvijftigduizend hits?kregen. Dat deze video?s vooral populair werden nadat de massamedia ernaar hadden?gelinkt, blijft onbesproken. De ?kijkcijfers? van deze video?s waren makkelijk?achteraf op datum te reconstrueren, maar dat is niet gebeurd. De teasers werden?bovendien vele malen op televisie vertoond bij items over Haren voorafgaand aan?21 september. Vooral bij dit onderdeel over YouTube wreekt zich het gebrek aan een?duidelijke vraagstelling en conclusies.

Het onderzoek naar de massamedia
Het onderzoek naar de rol van de massamedia (kranten, radio, televisie) bestaat uit?een inhoudsanalyse van de berichtgeving over Haren in 34 verschillende media en?een serie interviews met ?redactioneel verantwoordelijken? van deze media. In totaal?zijn 1833 uitspraken onderzocht op de teneur (positief of negatief), de inhoud?(?gezellig? versus ?gevaarlijk?) en de aanwezigheid van (de)mobiliserende uitspraken.?Daartoe is gebruik gemaakt van de methoden die zijn ontwikkeld door de Nederlandse?Nieuwsmonitor, die het onderzoek ook uitvoerde. Methodologisch gezien
valt de vraag naar de effecten van de media bij het publiek niet te beantwoorden met?alleen een inhoudsanalyse, daar zou publieksonderzoek voor nodig zijn. De onderzoekers?zijn zich van die beperking bewust en wijzen erop dat ?mobiliserend? of??demobiliserend? geen betrekking heeft op de wijze waarop deze boodschappen worden?ervaren door de ontvangers.

Volgens deze inhoudsanalyse waren de meeste uitspraken (65%) in de massamedia??neutraal?, 21,2% was ?demobiliserend? en 13,6% ?mobiliserend?. Daarnaast bleek dat?de teneur van de berichtgeving ?overwegend positief? was, met uitschieters als de?landelijke popradiostations en het televisieprogramma De Wereld Draait Door.

Helaas blijft onduidelijk hoe de categorie?n precies zijn geoperationaliseerd en?vooral in welke mate de context van een uitspraak bepalend was voor de classificatie.?De percentages met cijfers achter de komma kunnen echter niet verhullen dat het?hanteren van een zeer beperkt aantal brede inhoudscategorie?n een enorme versimpeling?oplevert van de complexe werkelijkheid achter het nieuws.

Beide conclusies zijn tijdens en na de persconferentie over het rapport sterk generaliserend?vertaald in de conclusie dat de massamedia voornamelijk ?neutraal? hebben?bericht over Haren. Voor veel journalisten was dat natuurlijk een hele opluchting,?want het leek hen vrij te pleiten van mogelijk sturende berichtgeving of stemmingmakerij.?Die medeverantwoordelijkheid van de media was ? zoals gebruikelijk bij?excessieve gebeurtenissen ? meteen na de rellen in allerlei discussies aan de orde?gesteld. Over Project X Haren en de media zijn dan ook voor en na maart 2013 verschillende?debatten georganiseerd, een teken dat de journalistiek wil voldoen aan de?hogere eisen die het publiek tegenwoordig aan dergelijke vormen van accountability?hecht (Groenhart, 2013).

Maar al die debatten stonden alle tamelijk los van de inhoudsanalyses die bij het?rapport van de commissie-Cohen zijn gevoegd. Dat geldt ook de televisiedocumentaire?Project X, de media hebben het gedaan (24 juni 2013) van het Human/VPROprogramma?Argos-TV, waarin verscheidene journalisten ? onder andere Jeroen?Wollaars van de NOS ? de hand dieper in eigen boezem staken dan ze deden direct?na de presentatie van het rapport. Wollaars heeft immers vrijwel onmiddellijk na de?rellen de eventuele medeverantwoordelijkheid van de NOS-berichtgeving bij het verloop van gebeurtenissen van de hand gewezen, veronderstellende dat de rellende?jongeren vast geen mensen waren die met hun ouders op de bank naar het Achtuurjournaal?keken (Wollaars, 2012).

Het is jammer, maar wel verklaarbaar dat de inhoudsanalyses uit De weg naar Haren?nauwelijks een rol hebben gespeeld in de journalistieke reflectie na afloop. Deze analyses zijn namelijk zeer beperkt opgezet en werpen weinig gedetailleerd licht op?specifieke journalistieke gedragingen of op de dynamiek die vanaf dinsdag 18 september?is ontstaan in het journalistieke veld.?Zo komt bijvoorbeeld niet aan bod de kwestie van de niet-bestaande noodverordening?die als ?feit? werd gemeld en die het startschot vormde voor alle mediaaandacht.?Een woordvoerder van de burgemeester van Haren zei namelijk in antwoord?op de vraag van de verslaggever van Trouw welke maatregelen de gemeente?dacht te nemen: ?Het is lastig om in te schatten hoeveel mensen er komen. We hebben?nooit eerder zoiets meegemaakt. De kans dat we de ME gaan inzetten is klein,?maar een noodverordening of samenscholingsverbod behoort tot de mogelijkheden.??Het stuk van Trouw op dinsdagochtend 18 september verscheen onmiddellijk?op allerlei nieuwswebsites onder de stellige kop: ?Noodverordening in Haren om?Facebookfeestje?. Door de noodverordening als voldongen feit te presenteren steeg?de nieuwswaarde van het onderwerp en namen alle media het nieuws over. Meteen?diezelfde dinsdagmiddag volgde de eerdergenoemde explosie van berichten op Facebook.

Het tweede onderdeel van het massamediaonderzoek is gebaseerd op interviews die?volgens de onderzoekers vooral bedoeld zijn om de resultaten van de inhoudsanalyse
te ?duiden?. Ze hebben dus alleen een aanvullende functie gehad. De commissie?maakte interviews met vijftien journalisten, waarbij de non-response bijna?twee derde was. Dat betekent dat de onderzoekers ongeveer 23 journalisten hebben?uitgenodigd. Niet duidelijk is hoe deze selectie tot stand is gekomen, behalve dat het?gaat om de ?verantwoordelijke redacteuren? van 34 media (inclusief hoofd- en eindredacteuren).?Evenmin is duidelijk welke media ontbreken in het onderzoek met 13?van de 34 media (zowel NOS als RTL tellen overigens twee respondenten; waarom
is onduidelijk). Ook hier ontbreekt weer een duidelijke vraagstelling, de twaalf vragen?zijn deels feitelijk en hebben deels betrekking op interpretaties en overwegingen?bij het verslaan van Project X Haren. De weergave van de resultaten is beschrijvend,?met af en toe een citaat ter illustratie. De interviews zijn kennelijk niet op een?systematische manier geanalyseerd.

De slotconclusie van dit onderzoeksdeel is dat de massamedia het aankomende Project?X-feestje pas drie dagen tevoren hebben geagendeerd, en dat de enorme groei in?de hoeveelheid berichtgeving beperkt bleef tot de dag van de rellen. Aangezien de?berichtgeving volgens de inhoudsanalyse overwegend ?neutraal? was, concluderen?de onderzoekers dat de massamedia een beperkte rol hebben gespeeld in de mobilisatie?van de jongeren; een paar uitzonderingen zoals de popmuziekzenders daargelaten.

Het optreden van de verslaggevers ter plekke is wel voor discussie vatbaar, omdat?hun aanwezigheid mogelijk invloed kan hebben gehad op de aanwezige jongeren.?Dit onderwerp is wel aan bod gekomen bij de interviews met journalisten en in het?onderzoeksdeel met reacties van bewoners, maar een systematisch onderzoek ontbreekt.

Het mediagebruik van jongeren en de vraag door wie zij zich hebben laten be?nvloeden?

De onderzoekers van De weg naar Haren concluderen dus dat de massamedia in?tegenstelling tot de sociale media geen doorslaggevende rol hebben gespeeld in de?aanloop naar de rellen. Kijken we wat gerichter naar een empirische ondersteuning?van de bewering dat traditionele media letterlijk achter de feiten in de nieuwe?mediawereld aanlopen, dan zou men ook een andere interpretatie kunnen geven.?Namelijk dat juist de interactie tussen sociale media en massamedia op dinsdag?18 september de motor was achter de mobilisatie van jongeren om zich aan te melden?en naar Haren te komen.

De weg naar Haren bevat uitgebreide paragrafen over de plaats en betekenis van?massamedia in het leven van jongeren. Voor een deel zijn die gebaseerd op een?enqu?te onder 3115 Noord-Nederlandse jongeren tussen 15 en 25 jaar. De enqu?te?kende een respons van 31%. Het blijkt dat de voornaamste bronnen voor het besluit?van deze jongeren om al of niet naar Haren te gaan, de radio en de eigen vriendenkring?waren. Pas daarna noemen ze sociale media als een factor; maar ook televisie?en zelfs kranten noemen de jongeren nog vaak als een informatiebron, waarbij de
goedkope en populaire kranten Metro, Spits en Telegraaf hun voorkeur hebben?(De weg naar Haren, p. 41 en 43).

Deze onderzoeksresultaten bevestigen dat de consumptie door jongeren van een traditioneel?medium zoals televisie nog steeds erg hoog is, ook al blijkt uit tijdbestedingonderzoek?van SPOT dat de leeftijdscategorie van 13 tot 19 jaar de meeste van?haar mediaconsumptietijd besteedt aan internet (als enige categorie; bij alle andere?leeftijden is televisie het belangrijkste medium) (SPOT, 2012). Hetzelfde onderzoek?toont overigens ook aan dat jongeren (die in de daar gebezigde marketingtermen??jonge connectors? worden genoemd) beschikken over de meeste vrije tijd, omdat ze?van alle groepen het minste tijd investeren in media (SPOT, 2012, p. 19, 22 en 48).

Een opvallende uitkomst van de enqu?te is dat jongeren relatief veel naar de radio?luisteren. Het is niet verbazingwekkend dat de door hen meest beluisterde radiostations?programma?s maken die aansluiten bij de jongerencultuur: Radio 538, 3FM?en Slam!FM. Dat is bij een vraag naar hun belangrijke televisieprogramma?s veel?minder evident, wellicht omdat er weinig specifieke televisiezenders en?-programma?s voor jongeren in deze leeftijdsgroep zijn. Gevraagd naar de populairste?informatiebronnen op televisie noemen jongeren dan ook klassieke programma?s
zoals NOS-Journaal, RTL-Nieuws, De Wereld Draait Door, Hart van Nederland?en NoordNieuws (van RTV-Noord). Pas daarna komt een ?nieuw? programma?zoals PowNews, dat om andere kwaliteiten dan een betrouwbare nieuwsbron wordt?gewaardeerd.

Want betrouwbaarheid speelt een belangrijke rol in het nieuwsproces. In dit verband?is het goed om nog eens te herinneren aan de overname van het Trouw-bericht?van 18 september door vrijwel alle massamedia, ANP en NOS voorop. Deze overname,?in het bijzonder de opening van de uitzending van NOS op 3, had tot gevolg?dat de sociale media het massaal als nieuws brachten. Daaruit zou men kunnen?concluderen dat de kracht van massamedia om nieuws ?officieel? en ?belangrijk? te?maken onverminderd aanwezig is, mede dankzij de presentie van die massamedia?in de online omgeving.

Het idee dat er echt iets aan de hand was en er mogelijk sensationele dingen stonden?te gebeuren werd krachtig versterkt toen massamediaorganisaties met een sterk?profiel rond betrouwbare nieuwsvoorziening, zoals NOS, RTL en RTV-Noord,?besloten eigen verslaggevers en cameraploegen naar Haren te zenden. Dat in hun?programma?s vooral demobiliserende uitspraken waren te vinden (van politie,?burgemeester, ouders en andere autoriteiten), betekende vooral extra mobilisering?bij jongeren die, zoals uit het sociologische onderzoek blijkt, een krachtige antiautoriteitenhouding?bezaten. In dat verband was de feestvreugde die De Wereld?Draait Door op vrijdagavond vertolkte met de uitspraak ?Als je dit zo ziet, is het jammer?dat we hier zitten, toch??, een juiste taxatie van de stemming onder jongeren.

De aandacht van dit programma (en andere massamedia die voor jongeren aantrekkelijke?infotainment brengen, zoals popradiostations) bevestigden dat het mogelijke?feestje vooral als een fungebeurtenis zonder weerga moest worden gezien. Daarmee?werd de suggestie gewekt dat hier inderdaad een ideale sensatiegebeurtenis kon ontstaan.?Het is in dit verband opvallend dat de redactie van De Wereld Draait Door zich?heeft onthouden van commentaar bij de commissie-Cohen. Het programma dat?doorgaans zegt het journalistieke gesprek van de dag te willen zijn, vond zichzelf in?dit geval ?amusement?, waaraan verder niet zoveel waarde moet worden gehecht en?waarover het gesprek van de dag in ieder geval niet mag gaan.

Dat zegt overigens veel over de maatschappelijke ontwikkeling naar verminderd?politiek engagement in dertig jaar. Werden in 1980 de journalisten van de VARA en?Radio Stad na afloop bekritiseerd over hun te links betrokken benadering van de?terecht tegen falende autoriteiten vechtende actievoerders, in de nasleep van Haren?kreeg het VARA-programma De Wereld Draait Door ook kritiek over eenzijdigheid te?verwerken. Dit keer ging dat niet over een teveel aan politiek engagement, maar?over een te sterk engagement met de feestende jongeren op zoek naar dynamische?en media-actieve spanning. Dat jonge levensgevoel was misschien wel de meest verklarende?factor bij de rellen in Haren. De commissie-Cohen geeft in ieder geval het?hoofdrapport de ondertitel You only live once mee, een in het socialemediaverkeer?populaire metafoor die verwijst naar een hedonistisch verlangen naar onmiddellijke?en persoonlijke behoeftebevrediging.

Grenzen opzoeken en iets bijzonders meemaken, dat zou de drijfveer van de?moderne jeugd zijn (Twee werelden, p. 24). Maar was zoiets niet al eerder te zien in?een andere constellatie of tijdsperiode? Uit de historische beschouwing is bekend?dat in de jaren zestig van de vorige eeuw een jongerencultuur opkwam waar een?losse organisatie van thrill seeking jongeren onder leiding van zich ?provo? noemden?figuren dagelijks het gezag tartte met ludieke acties. Alternatieve en opzienbarende?figuren zoals Robert Jasper Grootveld lieten manifestaties plaatsvinden rond het
Lieverdje aan het Spui in Amsterdam. Ook dat waren acties waar de toenmalige?massamedia een rol in speelden, hetzij door ze uitbundig te laten zien, hetzij door?ze ostentatief te veroordelen of te verzwijgen (Pas, 2003).

Uit de in dit artikel uitvoerig besproken rapportages rond Haren blijkt dat het?gedrag van jongeren momenteel op dezelfde grondslag is gebaseerd: een levensgevoel?om het leven te genieten en met sensatie te vullen. Daarin schuilt, hoezeer?dat ook verborgen is achter een dikke laag feestelijke activiteiten, een behoefte om?zich als aparte groep te manifesteren ten opzichte van een establishment. Dat establishment?wordt vooral belichaamd door het openbaar gezag, maar ook door massamedia?die met oudere generaties worden geassocieerd. Deze drijfveren in groepen?jongeren kunnen door de communicatiekracht van Facebook in interactie met?massamedia een tot nu toe ongekende schaalgrootte en intensiteit krijgen.

Al met al kan men dus spreken van een behoorlijk prominente rol voor massamedia?in de jongerencultuur, maar men kan deze rol niet isoleren van communicatiepatronen?in sociale media. Uit de enqu?te onder noordelijke jongeren blijkt dat de beslissing?om al of niet naar Haren te gaan, sterk heeft afgehangen van de mening van?vrienden, soms virtueel, soms via sociale media. En natuurlijk was het al langer?bestaande verlangen van jongeren naar spanning en vermaak een factor. De wil om?de dagelijkse verveling te doorbreken en situaties op te zoeken waar men bijzondere,?sleurdoorbrekende gebeurtenissen verwacht vol met spanning, fun en aandacht?is veruit de belangrijkste drijfveer van jongeren.

Dat blijkt ook uit het deelrapport dat de maatschappelijke facetten van Haren onderzocht?en dat de fascinatie van jongeren voor sensatie als een trend uitlichtte (Hoe?Dionysos in Haren verscheen, p. 15-35). De onderzoekers van dat rapport signaleren bij?jongeren zowel een drang om tegen de autoriteit in te gaan van ouders, politie en?andere gezagsdragers als een ontvankelijkheid voor hun argumenten bij de beslissing?om al of niet naar Haren af te reizen (Hoe Dionysos in Haren verscheen,?p. 67-74). In de perceptie van jongeren is er blijkbaar een hi?rarchie in de waardering?van het belang van verscheidene media. Sociale media cre?ren een openbare?virtuele ruimte die gedragingen en opvattingen in selecte groepen gebruikers be?nvloeden.?Massamedia worden vooral gezien als betrouwbare media voor het bevorderen?van gebeurtenissen tot echt belangrijk nieuws met een impact voor de maatschappij,?het openbaar bestuur en de massamedia zelf.

In het bredere licht van de jongerensociologie lijkt de conclusie dat de massamedia?voornamelijk neutraal hebben bericht met veel demobiliserende uitspraken, de?plank over de dynamiek in het mediaveld nogal mis te slaan, ook al zegt men er zelf?bij dat ?de volledige vermenging van nieuws en amusement het bezoek aan Haren?gestimuleerd kan hebben? (De weg naar Haren, p. 68). Traditionele manieren van?inhoudsanalyse, waarbij de inhoud van specifieke media als ge?soleerde verschijnselen?worden beschouwd, lijken niet goed van toepassing op de nieuwe mediawereld.
Zeker voor jongeren geldt volgens een aantal mediawetenschappers dat niet meer?gesproken kan worden van een leven met media, maar in media (Deuze, 2012).

Waarbij de grote empirische vraag is hoe die voortdurende dynamische interactie?van media en sociaal leven er dan uitziet. Dat was in het traditionele denken over?communicatiepatronen een vraag naar kip of ei, waarbij nooit doorslaggevend werd?opgelost of media nu sociale gedragingen be?nvloedden of andersom. Wat we van?het relatief nieuwe onderzoek naar de interactie van media en sociaal gedrag (zoals?dit rapport over Project X) kunnen leren, is dat we eerder moeten spreken van roerei?met kip: er is een permanent samenhangend en interacterend mediaveld dat wel?degelijk een bepaalde hi?rarchie in de waardering van signalen kent. De connecties?tussen allerhande mediavormen en sociale contexten laten amusement en nieuws?volledig in elkaar vervloeien, maar dat wil niet zeggen dat alles in deze wereld evenveel?waarde heeft. Sommige media worden blijkbaar nog steeds hoger gewaardeerd?als het gaat om ?betrouwbaar? en ?echt? dan andere. De berichtgeving van ?betrouwbare?en echte? massamedia loopt weliswaar achter de communicatie op sociale?media aan, maar hun legitimerende kracht is duidelijk versterkend voor het gedrag?dat jongeren daarna vertonen.

Een belangrijke conclusie ten aanzien van de mobilisatieprocessen in het digitale?tijdperk is dat de professionele nieuwsmedia nog steeds belangrijk zijn bij de doorbraak?van issues die spelen binnen sociale netwerken naar de samenleving als?geheel. Nog steeds zorgen de massamedia voor de legitimatie van relevantie van een?onderwerp of ontwikkeling voor bijvoorbeeld politiek en openbaar bestuur. Nieuwswaardecriteria?(drama, de kans op geweld) spelen daarbij nog steeds een belangrijke?rol; in dat opzicht is er voor de protestbewegingen of relschoppers niet veel veranderd.?Volgens Negrine (2014, p. 71) bereiken de mobilisaties op de sociale netwerken maar een fractie van de bevolking, mensen die al overtuigd zijn en veel bereidheid?tot actie tonen. De nieuwsmedia zorgen voor de connectie met de grote massa.?Uit onderzoek naar de rellen in Engeland in de zomer van 2011 blijkt dat de sociale?media een belangrijke rol speelden, niet zozeer voor het mobiliseren van relschoppers,?maar voor de angstige buurtbewoners die elkaar op de hoogte hielden van de?plunderingen en brandstichtingen in hun wijk. Omgekeerd gaven daders in interviews?achteraf aan ge?nspireerd te zijn door de vele dramatische televisiebeelden en?vooral de beeldvorming op tv dat de politie de controle op straat totaal kwijt was?(Lewis et al., 2011). De nieuwsmedia mogen dan nog steeds een belangrijke rol spelen,?duidelijk is ook dat hun berichtgeving steeds meer verknoopt raakt met de?informatiestromen op de sociale media en dat in beide systemen zelfversterkende?effecten optreden.

Een mediahype?
In het hoofdstuk ?Crossmedia: de interactie tussen sociale media, massamedia,?mobiele telefonie en offline mobilisatie? proberen de onderzoekers van De weg naar?Haren tot een synthese te komen. Dat begint met de constatering dat er een ?krachtige mediahype? is ontstaan die niet alleen een zaak is geweest van de traditionele?massamedia, maar ook van de nieuwe media. Dat lijkt in tegenspraak met de eerdere?conclusie dat de berichtgeving over Project X in de massamedia laat op gang?kwam, tamelijk beperkt was en overwegend neutraal van toonzetting.

De onderzoekers hanteren kennelijk een veel bredere definitie van een mediahype?dan in de literatuur gebruikelijk is. Daarin is namelijk een mediahype een mediabrede,?snel escalerende nieuwsgolf die het resultaat is van zelfversterkende processen?die op gang komen zodra de media zich massaal op een onderwerp storten?(Vasterman, 2004; Wien & Elmelund-Praesteker, 2009; Boydstun, Walgrave &?Hardy, forthcoming). In de bredere betekenis van het rapport-Haren is mediahype?een golfbeweging in het maatschappelijk proces waarin alles en iedereen lijkt te participeren,?maar een definitie met criteria ontbreekt. Zodra de media aandacht gaan?besteden aan Haren vormt dat volgens het rapport ?de start van een mediahype die?door de massamedia in wisselwerking met de overige media zoals sociale media en?mobiele telefonie wordt gecre?erd (18-20 september)?. Het is niet duidelijk wat dan?onderscheidend is voor deze ?veelzijdige? en ?alomvattende mediahype?: de omvang?van de informatiestromen of juist de wisselwerking tussen massamedia en sociale?media?

En waar ligt dan de grens tussen een ?gewone? wisselwerking en een mediahype??Een ingewikkeld schema in het rapport (figuur 4) dient om een en ander te illustreren,?maar laat niet meer zien dan dat alles met alles samenhangt in de diverse?fasen. Volgens dit schema bereikt de mediahype een hoogtepunt op de avond van de?rellen, maar wat de ?sterkte? is van de verbanden en invloeden in het schema blijft?onduidelijk.

Zonder een concrete aanwijzing daarvoor te geven beweren de onderzoekers dat?mediahypes steeds vaker voorkomen in de media; het zijn hypes die volgens hen?een directe weerspiegeling in de online wereld kennen. In deze formuleringen spelen?de massamedia weer duidelijk een hoofdrol in het cre?ren van mediahypes die?zich online zouden weerspiegelen. Maar men zou zich evengoed kunnen afvragen?of het niet ook steeds vaker voorkomt dat online hypes zich weerspiegelen in de?massamedia? Het rapport stelt bijvoorbeeld vast dat massamedia ?haast ongemerkt?van toeschouwer tot medespeler? werden en voorts dat ?zij meer doen dan verslaan,?zij worden deel van de enscenering? (Twee werelden, p. 23).?Het subrapport De weg naar Haren is milder: media valt weinig te verwijten met een?enkele uitzondering wellicht. Niettemin knopen de onderzoekers hier wel een tamelijk?vergaande aanbeveling voor massamedia aan vast: ?Wanneer er opgeroepen
wordt voor een bepaald evenement dienen zij zich af te vragen of zij zich voor een?karretje laten spannen. Zo werd de groeiende media-aandacht voor Haren op Facebook?met gejuich ontvangen. Een onafhankelijke en gereserveerde houding verdient?de voorkeur in een tijd waarin zo gemakkelijk mediahypes ontstaan? (De weg naar?Haren, p. 121).?Er zijn inderdaad nieuwe concepten nodig om deze interacties tussen massamedia?en sociale media te kunnen onderzoeken: onder welke omstandigheden vormen de?sociale media de turbo die de nieuwsgolf in de media verder aanjaagt?

px04
Figuur 4. Figuur 7.1 uit De weg naar Haren, p. 86. Oorspronkelijk onderschrift:?De ontwikkeling van het Concept voor ?Haren? in de Publieke Ruimten van?Massamedia, Sociale Media en Bijeenkomsten

Of omgekeerd: hoe versterken de nieuwsmedia escalatieprocessen bij de nieuwe media??Daarbij zou het complexiteitsperspectief een belangrijke rol kunnen spelen: er is?niet ??n mediahype die alles veroorzaakt, het zijn er vele, ?n in verschillende netwerken?die ook weer op elkaar reageren.

De balans opmakend
De onderzoekers van de commissie-Cohen hebben in zeer korte tijd indrukwekkend?veel materiaal verzameld en geanalyseerd. Wellicht onder die tijdsdruk heeft men?zich in de interpretatie te veel laten meeslepen door de enorme fascinatie die?nieuwe, sociale media oproepen. Hun conclusies op dat vlak zijn te stellig en omdat?die conclusies vrijwel kritiekloos in het publieke debat verder zijn uitvergroot, is een?overtrokken beeld van de rol van sociale media ontstaan. Onze evaluatie laat zien dat?er op de wetenschappelijke kwaliteiten van het onderzoek het nodige valt af te dingen.?Het onderzoek is vooral beschrijvend en niet zozeer verklarend van aard: specifieke?vraagstellingen met bijbehorende operationalisaties ontbreken, evenals definities?en criteria voor centrale concepten als kritieke massa of mediahype. De?inhoudsanalyses zijn ontoereikend om de dynamische samenhang tussen sociale en?massamedia te kunnen verklaren. En er is zeer weinig poging gedaan om aan te?sluiten bij de soms toch uitvoerig beschikbare wetenschappelijke literatuur over?mediahypes, morele paniek en jeugdcultuur. Dat is vermoedelijk ook de reden dat
de verschillende deelrapporten elkaar op cruciale punten kunnen tegenspreken.

Desondanks inspireert de rapportage over Project X Haren tot nadenken over de? noodzaak om de bestaande mediatheorie?n te herijken in het licht van de nieuwe?structuur van de openbaarheid en de mobilisatieprocessen die zich daarin kunnen?afspelen. Dat vereist wel een integratie van de verschillende disciplines die nu nog?tamelijk los van elkaar staan, zoals de communicatiewetenschappen en het sociologisch?onderzoek naar sociale mobilisatieprocessen. De complexiteitstheorie?n bieden?daarbij vooral een perspectief in plaats van een kant-en-klare theorie. Maar wel?een andere manier van denken die kan helpen bij het analyseren van allerlei op?elkaar inwerkende en reflexieve systemen.

Literatuur

Het Haren-rapport
Twee werelden. You only live once. Hoofdrapport Commissie ?Project X? Haren, maart 2013.?De weg naar Haren. De rol van jongeren, sociale media, massamedia en autoriteiten bij de mobilisatie voor Project?X Haren. Deelrapport Commissie ?Project X? Haren, maart 2013. Onder redactie van Jan van Dijk?en Thomas Boeschoten.

Hoe Dionysos in Haren verscheen. Maatschappelijke facetten van Project X Haren. Deelrapport Commissie??Project X? Haren, maart 2013. Onder redactie van Gabri?l van den Brink. Ook verschenen in enigszins bewerkte vorm als: G.J.M. van den Brink, M.J. van Hulst, N.J.M. Maalst?, R. Peeters & S.B. Soeparman?(2013). Project X in Haren. Maatschappelijke facetten van een feestje dat in rellen uitmondde.?Amsterdam: Amsterdam University Press.

Videoverslag persconferentie commissie-Cohen 8 maart 2013. Opgehaald via http://vimeo.com/61168563

Aangehaalde literatuur

  • SPOT (2012). Alles over tijd. Tijdsbestedingsonderzoek. Opgehaald via http://www.spot.nl/docs/defaultsource/tijdbestedingsonderzoek/boekje-alles-over-tijd-2012.pdf?sfvrsn=0
  • Aarts, N., Steuten, C., & Van Woerkum, C. (2014). Strategische communicatie, principes en toepassingen.?Assen: Van Gorcum.
  • Baker, S. A. (2011). The mediated crowd: New social media and new forms of rioting. Sociological Research?Online, 16(4), 21.
  • Boydstun, A. E., Walgrave, S., & Hardy. A. (forthcoming). ?Two faces of media attention: Media storms vs.?general coverage?. Political Communication.
  • Deuze, M. (2012). Media life. Cambridge: Polity Press.
  • Cohen, S. (1972). Folk devils and moral panics: The creation of the Mods and Rockers. Oxford: MacGibbon &?Kee.
  • Cottle, S. (2008). Reporting demonstrations: The changing media politics of dissent. Media, Culture &?Society, 30(6), 853-872.
  • Gitlin, T. (1980). The whole world is watching: Mass media in the making and unmaking of the new left. Berkeley,?L.A., London: University of California Press.
  • Gladwell, M. (2001). The tipping point: How little things can make a big difference. London: Little Brown.
  • Gonz?lez-Bail?n, S., Borge-Holthoefer, J., Rivero, A., & Moreno, Y. (2011). ?The dynamics of protest?recruitment through an online network?. Scientific Reports, 197(1).
  • Groenhart, H. (2013). Van boete naar beloning. Publieksverantwoording als prille journalistieke prioriteit.?Proefschrift Radboud Universiteit Nijmegen.
  • Halloran, D., Elliott, P., & Murdock, G. (1970). Demonstrations and communication: A case study. Harmondsworth:?Penguin.
  • House of Commons Home Affairs Committee (2011). Policing large scale disorder: Lessons from the disturbances?of August 2011. The government response to the sixteenth report of the home affairs committee session?2010?12 hc 1456. UK: The Stationery Office Limited.
  • Kuran, T., & Sunstein, C. (1999) Availability cascades and risk regulation. Stanford Law Review, 51(4),?683-768.
  • Lemieux, P. (2004). Information cascades. Following the herd. Why do some ideas suddenly become?popular, and then die out just as quickly? Regulation, winter 2003-2004, 16-21.
  • Lewis, P., Newburn, T., Taylor, M., Mcgillivray, C., Greenhill, A., Frayman, H., & Proctor, R. (2011). Reading?the riots: Investigating England?s summer of disorder. Reading the riots, The London School of Economics?and Political Science and The Guardian, London, UK.
  • Marwell, G., & Oliver, P. (1993). The critical mass in collective action: A micro-social theory. Cambridge, UK:?Cambridge University Press.
  • Negrine, R. (2014). Demonstration, Protest, and Communication. Changing Media Landscapes, Changing?Media Practices? In R. Werenskjold, K. Fahlenbrach & E. Sivertsen (Eds.). Media and revolt: Strategies?and performances from the 1960s to the present (pp. 59-74). New York: Berghahn Books.
  • O?Brien, M., & Yar, M. (2008). Criminology: The key concepts. New York: Routledge.
  • Pas, N. (2003). Imaazje! De verbeelding van Provo (1965-1967). Amsterdam: Wereldbibliotheek.
  • Scheffer, M. (2009). Critical transitions in nature and society. Princeton: Princeton University Press.
  • Van de Beek, E., Van de Engbersen, G., & Van der Veen, R. (1983). De regels van de journalistiek. Een?onderzoek naar ?de boodschappers? van 30 april 1980. Leiden: Sociologisch Instituut van de Rijksuniversiteit.
  • Vasterman, P. (2004). Mediahype, Amsterdam: Aksant.
  • Waldherr, A. (2012). Die dynamik der medienaufmerksamkeit: Ein simulationsmodell. Baden-Baden: Novos.
  • Waldherr, A. (2014). Emergence of News Waves. A Social Simulation Approach. Journal of Communication,?64(5), 852-873.
  • Wien, C., & Elmelund-Praesteker, C. (2009). An anatomy of media hypes: Developing a model for the?dynamics and structure of intense media coverage of single issues. European Journal of Communication,?24(2), 183-201.
  • Wijfjes, H. (2009). VARA. Biografie van een omroep. Amsterdam: Boom.

Overige bronnen

Noten
1 We treden hier niet in discussie over deze discutabele terminologie, maar hanteren de begrippen
?sociale? en ?traditionele? of ?massamedia? als een praktische manier om bepaalde mediavormen te scheiden.

* Dr. Peter Vasterman (1951) is mediasocioloog. Hij is universitair docent bij de leerstoelgroep Media
en Journalistiek van de afdeling Mediastudies van de Universiteit van Amsterdam. Ook is hij docent
aan de master Journalistiek. Contactgegevens: Turfdraagsterpad 9, 1012 XT, Amsterdam. Tel.:
020 525 36 47. [email protected]

Prof. dr. Huub Wijfjes (1956) is mediahistoricus. Hij is bijzonder hoogleraar Geschiedenis van Radio
en Televisie aan de afdeling Mediastudies van de Universiteit van Amsterdam. Ook is hij als universitair
hoofddocent verbonden aan de masteropleiding Journalistiek van de Rijksuniversiteit Groningen.
Contactgegevens: Oude Kijk in ?t Jatstraat 26, 9712 EK, Groningen. Tel.: 050 363 52 69. h.b.m.wijf
[email protected]

 

Project X De Lier

PXLier

Een voor 21 februari aangekondigd Project X-feestje in De Lier gaat niet door.?Er is g??n feestje! Waar hebben we meer gehoord, zo’n waarschuwing? Dit keer is de gemeente Westland aan de beurt: in het dorp De Lier is voor zaterdag 21 februari, een Project-X feestje aangekondigd. Op Facebook gaat de uitnodiging rond, twee?pagina?s zijn er zelfs. Op het opgegeven adres is een kwekerij gevestigd ? het is immers in het Westland! De feestjes hebben rond de 1500 ?aanmeldingen?. Op YouTube verscheen een ?mooie en nette? teaser.??Jij komt tog ook??

Volgens de gemeente heeft de initiatiefneemster de uitnodiging voor haar verjaardagsfeestje al weer ingetrokken. Ze zette die op meerdere sociale media maar ze zou zijn geschrokken van de deel-snelheid van haar bericht. Het meisje lichtte volgens lokale media zelf de politie in. Niettemin staan de pagina?s (vrijdagmiddag althans) nog steeds online. De organisatoren riskeren een boete van 25 mille, zegt de gemeente verder.?Toch?verscheen er nog een filmpje op YouTube, waarin mensen wordt gezegd dat het feestje ‘echt wel’ doorgaat en iedereen wordt opgeroepen het bericht te delen op Instagram. Daarnaast roept het filmpje mensen op drank mee te nemen naar het feest.

Project X?

Een Project X-feestje is een uitnodiging op internet, die onbedoeld door veel andere mensen wordt gedeeld die helemaal niet uitgenodigd waren. Lees onze blogs over hoe dat feestje in Haren?(Groningen) in 2012 compleet uit de hand liep.?Een meisje had toen via Facebook een groep vrienden uitgenodigd voor haar verjaardag, maar onbekenden hebben die uitnodiging toen veel verder verspreid en iedereen opgeroepen naar het Groningse dorpje te komen.

Daardoor ontstonden rellen, raakten feestgangers en agenten gewond, waren er plunderingen en moest zelfs de mobiele eenheid er aan te pas komen. Sindsdien ziet de overheid streng toe op dit soort feestjes.

Volgens de gemeente heeft de initiatiefneemster van het betrokken feestje de uitnodiging ingetrokken en gaat haar feest niet door.

projectXDeLier2? ? ?PXDeLier

Dwangsom 25.000 euro

De betrokken pagina is donderdagavond overigens?nog?gewoon?op Facebook te vinden. Volgens de gemeente worden Project X-feesten net zo behandeld als bijvoorbeeld illegale schuurfeesten, ook een bekend fenomeen in het Westland. Organisatoren riskeren volgens de gemeente Westland een dwangsom van 25.000 euro.


Update: Eerst werd?Project X De Lier niet meer dan een rimpeling in stilstaand water. De gemeente Westland wil nog bekijken of ze de kosten voor de inzet van onder andere politie kan verhalen. ?Hoewel de algemene uitnodiging ingetrokken werd, namen anderen het Project X-initiatief vervolgens over. ?Ondanks verschillende waarschuwingen van de gemeente dook zelfs op de laatste dag?een hernieuwde oproep van een jongen op. De wijkagent is bij hem langsgegaan voor ‘een goed gesprek’, laat de politie weten.

Toch zijn er op?het afgelaste Project X in De Lier nog bijna duizend mensen afgekomen, zo heeft burgemeester Sjaak van der Tak donderdagavond laten weten. Er zijn ruim zeshonderd jongeren tegengehouden die lopend of op de fiets naar De Lier kwamen en verder werden circa driehonderd mensen weggestuurd die per auto naar het dorp kwamen.?Er zijn die zaterdagavond, 21 februari, twee mensen gearresteerd: ??n wegens belediging en de ander wegens rijden onder invloed. Er verder werden 39 zogeheten noodbevelen uitgereikt aan mensen die toch probeerden de afzettingen te passeren of die politieagenten beletten hun werk te doen.

Het goede nieuws is dat er geen vernielingen zijn gepleegd of andere incidenten hebben plaatsgevonden. Verder meldde Van der Tak dat bewoners uit de omgeving van de aanvankelijke feestlocatie grote dankbaarheid hebben uitgesproken over de aanpak van gemeente en politie.

Bronnen: OmroepWest?(en 2), Facebook, ThePostOnline, CopsinCyberspace

Project X Haren 2015, 2016, 2017

Project X Haren blijft een hardnekkig fenomeen. 2015, 2016 en 2017 lijken niet van gevrijwaard van deze?internet meme. Op Facebook doet de meme goed dienst voor wat lol over een feestje bij de komende huishoudbeurs, maar het blijft allemaal onschuldig; het virtuele miltvuur zoals Ritzo ten Cate het destijds noemde blijft uit en gelukkig maar, want virtueel miltvuur zien we al genoeg in de vorm van?Jihad 3.0. Toch even een kleine opsomming?van de storm in het bekende?glaasje water?dat de Nederlandse jeugd nu probeert te cre?ren, waarbij de politie zich genoodzaakt voelt het allemaal toch maar in de gaten te houden, hoe druk ze het ook hebben met belangrijkere zaken.

armin

2015

Duizenden Facebookers trollen de eventpage van de Huishoudbeurs: ‘Dreft Punk’ treedt op en bij wiens moeder is de afterparty? Als het aan een grote groep jongeren ligt, wordt de doorgaans oerdegelijke Huishoudbeurs stukken spannender. Denk aan dj’s en flink wat drugs. De Facebookpagina van de welbekende beurs telt een eindeloze stroom grappige berichten en gephotoshopte afbeeldingen. De ‘Huis House Beurs’ is geboren. Diverse flauwe grappen, maar allemaal toch aardig uitgewerkt met mooie plaatjes op diverse social media platformen. Zoals eerder gezegd: laat het promotiemateriaal maar over aan de jeugd van tegenwoordig, daar kan de huishoudbeurs al niet meer aan tippen.

Er zingen plannen rond voor een pre- en afterparty. ,,Waarschuwing! De samples Robijn Wasverzachter kunnen mogelijk witte hero?ne bevatten” en ,,Special guests gelekt: Zac Magnetron, Bleek Lively, Britney Spiritus en Brad Kookpit!” zijn slechts een greep uit de stortvloed aan creatieve grappen.Even was de organisatie van de Huishoudbeurs bang voor Project X-praktijken, toen enkele media kopten over jongeren die de Huishoudbeurs zouden willen ‘slopen’. Maar de beurs kan om de grappen lachen, zegt beursmanager Nicole Mengerink. ,,We worden op de hak genomen, maar we hebben ons vooral kostelijk vermaakt. De reacties worden steeds grappiger.”

dreft punk

Honderden berichten over dj-sets van ‘Paul Antikalkbrenner’ en ‘Joris Voornuis’, waarschuwingen voor ongeteste vaatwaspillen, afterparty’s bij moeders thuis, etc. De?Facebook-page van de Huishoudbeurs 2015?is sinds woensdag overspoeld door trollen, die h?t huisvrouwenevenement van het jaar omtoveren tot een technofeest.

huishoudbeurs

Zie ‘Dreft Punk‘?op zijn gasfornuis en een hele?lijst met vragen over het event:

En een oude bekende flashmobber Renzo Engwerda (Project X, Harlem Shake) doet natuurlijk ook weer mee in de voorpret:

Renzo

Inmiddels hebben zevenduizend mensen zich aangemeld op de pagina. De organisatie van de Huishoudbeurs, vanaf 21 februari in de RAI, lijkt het sportief op te vatten en belooft ‘VIP-kaarten voor de beste grap’.

Overigens Facebook greep wel in, mogelijk om te voorkomen dat dit in het echt een soort Project X wordt. Je kan momenteel niet meer zien hoeveel mensen er komen en wie van je vrienden aanwezig zijn. Een Utrechtse bar haakte in met een Huishoudbeurs Pre-party,?waar al 1300 man zich voor heeft aangemeld.

Tot slot, de ’timetable’ van Huishoudbeurs 2015:


?

Beste grap
Daarom geeft de beurs vandaag een prijs aan de beste grappenmaker. Dat is dan toch Jim van Leeuwen, zegt Mengerink. Hij plaatste een filmpje met een dj die achter een gasstel staat, met de tekst ,,Dreft Punk”, refererend aan het wereldberoemde houseduo Daft Punk. Van Leeuwen krijgt vip-tickets, waarmee hij over een rode loper binnenkomt, tijdens de beurs artiesten zal ontmoeten en verwend wordt met hapjes en drankjes en een massage.Is het niet allemaal ??n grote publiciteitsstunt van de huishoudbeurs? Nee, zegt Mengerink. ,,Als we het zelf hadden bedacht, dan was het waarschijnlijk niet zo gegaan.” Mochten er veel jonge houseliefhebbers op de beurs afkomen, dan hoeven ze zich niet te vervelen. ,,We hebben de eerste twee dagen het Beauty Fashion Friends Event, bedoeld voor meiden tot en met 25 jaar. Daar komen echt geen mensen binnen die ouder zijn dan 25.”
Voorbereidingen
Als het echt stormloopt met feestgangers, dan overweegt Mengerink zelfs om dj’s in te huren. Op dat idee kwam ze nadat jongerenradiostation SLAM!FM aandacht besteedde aan de hype rondom de Huishoudbeurs. Maar Mengerink gaat daar alleen tot over als er ook echt veel jongeren komen opdagen. ,,Als die jongeren komen, dan gaan we dj’s proberen te regelen. Maar als we dat vooraf doen, dan is het niet grappig meer. We moeten het niet te veel uitbuiten.”In het geval dat er mensen met slechte bedoelingen komen, zoals tijdens Project X in september 2012 in Haren, dan is de organisatie daar ook op voorbereid, zegt Mengerink. De Huishoudbeurs verwacht dit jaar zo’n 250.000 bezoekers, evenveel als de laatste paar jaren. De beurs vindt plaats van 21 februari tot en met 1 maart.

De bekendmaking van de leukste Huishoudbeursgrap. ? Facebook.

2016

Trek de agenda voor 2016 alvast ook maar, want het is weer zo ver: er is ook voor dat jaar een nieuwe Project X Haren Facebooksite in de lucht sinds 31 december 2014. Hij groeide snel. Het ?aantal deelnemers stond vlot?boven de 7000, terwijl er 28.000 mensen zijn uitgenodigd. De site zegt op 21 september 2016 een feest te willen houden, in de traditie van Project X. Alleen zou het allemaal legaal moeten, dit keer. Op het moment dat het vier jaar geleden is: 21 september 2016. Met de opbrengst zou de schade van de vorige keer moeten worden vergoed. Zie ook de webpagina erover.

Op 30 december vorig jaar haalde Julius Heijer een Project X Haren 2017 van Facebook. Het ging daarbij om een oude site uit 2012 die toevallig weer was gaan groeien. Hij wilde er niets meer mee te maken hebben.

project x 2016

Sommige?inwoners van Haren hebben trauma?s overgehouden aan het vorige Project X Haren feest. De toen zeventienjarige Frank uit Veendam kaapte toen het verjaardagsfeestje van een zestienjarig meisje uit Haren en maakte er een groot evenement van, waar duizenden jongeren op af kwamen. Lees de hele reconstructie die we deden in dit drieluik.

De politie kon er weinig aan stoppen want Frank had zich achter een vals Facebookprofiel verstopt. Hij werd nooit door de politie achterhaald. Jongeren hebben andere herinneringen aan Project X Haren 2012. Onder de nieuwe aanmeldingen voor 2016 zitten opvallend veel deelnemers van 2012, al zijn er ook veel jongeren die afkeurend reageren.

Legaal

Dit keer zou het legaal moeten. En veel jongeren voelen daar voor. De teller staat nu al boven de zevenduizend deelnemers.

?Bedankt voor alle leuke reacties die we tot nu toe hebben mogen ontvangen. We hebben veel vragen gekregen en willen graag een stukje duidelijkheid scheppen?.

Er is nu ook een zelfstandige website bij gemaakt. Daarop is te lezen:

?Het doel is om in 2016 een Project X feest met toestemming te organiseren. Om dit te kunnen doen hebben we daar jullie hulp bij nodig. We zoeken mensen die dingen kunnen regelen.?

Vals profiel

Organisator is een Harry van Assen (geboren in 1988?). Probleem echter: ook dit lijkt een vals Facebookprofiel te zijn. Dus gaat het hier wel om iemand die te goeder trouw handelt?

Maatregelen

In ieder geval hebben politiek en politie nu nog ruim de tijd om maatregelen te nemen. Een herhaling van 21 september 2012 zal zich niet voordoen. En als de ondernemersvereniging in Haren handig is, maken ze er inderdaad een legaal knalfeest van, dat Haren in ??n keer weer op de kaart zet. En het toenmalig zestienjarig meisje? Die zit tegenwoordig in de Verenigde Staten.

2017

En we gaan nog een jaar verder in de tijd. Het lijkt Back to the future wel. Duizenden mensen hebben afgelopen namelijk ook?gereageerd op een uitnodiging op Facebook voor een nieuw project X in Haren, in 2017. ?Merthe haar 21ste verjaardag tien keer groter dan haar 16de’, luidde de tekst.

Toen de eigenaar merkte dat het bericht viraal ging, zette hij die pagina echter offline. Oproepen tot een nieuw project X is nooit zijn bedoeling geweest.

Het is opvallend dat het evenement ineens zoveel aandacht trok. Onderaan de Facebookpagina was te zien dat het evenement al in september 2012 was aangemaakt. Op 31 mei 2014 werd de naam en tijd van het evenement veranderd in Project X Haren Merthe 21, donderdag 21 september 2017. Pas sinds afgelopen maandagavond vloog het aantal aanmeldingen omhoog. Dinsdagavond om zeven uur gaven ruim 2600 mensen aan te komen, een half uur later waren het er al 3200. Ook hier waren niet alle reacties op de Facebookactie positief, er was ook een aantal mensen dat de actie veroordeelde.

Bronnen: Harener Weekblad, AD, Dagblad van het Noorden, Bright

Bellingcat interview

bellingcat logo3

In aanloop naar de seminar over burgeropsporing?van 10 februari waar aandacht zal zijn voor meerdere ontwikkelingen heb ik afgelopen week een interessant interview gehad met Eliot Higgins. Achter de schermen was er al langer contact, maar het werd hoog tijd om meer te delen over zijn initiatief Bellingcat, en Elliot vertelt zelf over wat hij doet, denkt en droomt.

Bellingcat is een exemplarisch?voorbeeld van de moderne Sherlock die online speurt en zaken probeert op te lossen. Bellingcat wil?bovendien deze lessen en tools graag delen met anderen om iedereen te leren hoe zij ook een moderne Sherlock kunnen worden. En dat zoeken ze breed: onder burgers, media, bedrijven of overheid. Eliot?was al eerder in de Nederlandse media geweest, onder andere vanwege zijn werk in relatie tot MH17, waarover eerder ook een blog op deze site?is gemaakt.

Het is ongelooflijk leerzaam om te zien hoe hij zaken onderzoekt, daarin samenwerkt en informatie valideert, zoals bij de MH17 waar Rusland veel propaganda lijkt te produceren, maar ook in de strijd in Syri? waarin ISIS zeer actief is op social media. Ik vroeg hem naar successen, valkuilen en zijn manier van werken en hoe zich dit ontwikkeld heeft maar ook zal gaan ontwikkelen.

Dit interview kijkt iets breder naar de activiteiten van Bellingcat, en vooral daar waar het politie en justitie raakt. Zo heeft de Britse politie Eliot ook al gevonden om te kijken wat ze voor elkaar kunnen betekenen. Bellingcat houdt zich namelijk niet meer uitsluitend met oorlogsmidaden bezig, maar ook met andere soorten nationale en internationale misdaad.

Bekijk de hele playlist hieronder of bekijk het fragment naar je keuze. De vragen die ik hem stelde zijn hopelijk duidelijk door de titel van elk?filmfragmentje:

Bellingcat rapport ook in Nederlands!

Op 8 november bracht Bellingcat het een rapport uit met daarin bewijs dat de Buk-lanceerinstallatie, die in verband wordt gebracht met het neerhalen van MH17 in Oekra?ne, afkomstig was van het Russische leger en eind juni vertrokken was naar de Oekra?ense grens. Met het onderzoeken van bewijs uit openbare bronnen was het Bellingcat MH17 onderzoeksteam erin geslaagd om de verplaatsingen van de Buk-lanceerinstallatie op 17 juli, in door separatisten gecontroleerd gebied, in kaart te brengen. Dit geldt ook voor de route van de Buk toen deze deel uitmaakte van een konvooi, dat in de periode 23 juni – 25 juni in Rusland was vetrokken van Koersk naar Millerovo, nabij de grens met Oekra?ne.

Aan de hand van het bewijs verzameld door het Bellingcat MH17 onderzoeksteam is duidelijk geworden dat het Russische leger de Buk-lanceerinstallatie, die op 17 juli werd gefilmd en gefotografeerd in Oekra?ne, heeft geleverd.

Het Bellingcat MH17 onderzoeksteam bestaat uit leden afkomstig uit verschillende landen, waaronder Nederland, Finland, Rusland, het Verenigde Koninkrijk en de Verenigde Staten en blijft doorgaan met het onderzoeken van andere kwesties met betrekking tot het conflict in Oekra?ne.

Voor meer informatie over Bellingcat en zijn werkzaamheden kan contact opgenomen met Eliot Higgins via?eliothiggins@bellingcat.com

Download hier, of lees het hieronder.?Dit rapport is ook beschikbaar in?Engels,?Duits,?Frans?en?Russisch.

We zijn benieuwd wat je vind van zijn werk, welke vragen het nog oproept of welke suggesties je zou willen meegeven voor zijn initiatieven. En misschien beweegt het je tot deelname in een van de Bellingcat initiatieven, want Bellingcat verwelkomt alle hulp!

SKUP 2015

Enige tijd later presenteerde Eliot Higgins ook op SKUP, de Noorse stichting voor vrije onderzoeksjournalistiek?(SKUP = Stiftelsen for en Kritisk og Unders?kende Presse). Bekijk hieronder zijn bijdrage:



Broadcast live streaming video on Ustream



Broadcast live streaming video on Ustream

Troonswisseling: veilig door feest

Door: Maureen Sarucco
1 Inleiding

Voor mij is ? net als voor vele anderen ? het startpunt van deze bijzondere gebeurtenis de middag van 28 januari 2013; de dag waarop de Rijksvoorlichtingsdienst meldt dat die avond een toespraak van koningin Beatrix zal worden uitgezonden. Ik heb het bericht gemist, maar een van mijn zussen belt mij hierover op en vertelt dat het gerucht gaat dat de koningin naar alle waarschijnlijkheid haar aftreden zal aankondigen. Ik ben er even stil van en vervolgens gaat een vloek door de telefoon. Gaat deze klus nu aan mijn neus voorbij, omdat ik sinds 28 dagen niet meer bij de directie Openbare Orde en Veiligheid (OOV) werkzaam ben? Mijn zus herinnert mij eraan dat ik de rust wil opzoeken na 30 jaren noeste arbeid. Zij heeft gelijk, maar het zijn niet de
woorden die ik op dat moment wil horen en hang mopperend op.

In mijn dertigjarige loopbaan (1982-2013) bij de directie OOV van de gemeente Amsterdam ? waarvan de laatste 22 jaar als directeur OOV ? heb ik alle ontwikkelingen op dit gebied mogen meemaken en aan vele daarvan ambtelijk sturing gegeven. Naast de verantwoordelijkheid voor het functioneren van een directie, was ik op dit terrein de ambtelijke rechterhand van de burgemeester en ? zoals in Amsterdam gebruikelijk is ? technisch voorzitter van het gemeentelijk beleidsteam bij bijzondere gebeurtenissen en incidenten. Ik heb in deze functie vele crises helpen managen; van de Bijlmerramp tot aan de moord op Theo van Gogh en de zedenzaak Robert M. Voorts was ik de projectleider OOV bij onder andere de Eurotop in 1997, het koninklijk huwelijk in
2002 en de huldiging van het Nederlands Elftal na het WK in 2010. Na zoveel werkzame jaren in het hectische OOV-domein, ben ik op 1 januari 2013 als in te huren adviseur begonnen aan een nieuwe fase in mijn loopbaan bij het Project Management Bureau van de gemeente Amsterdam. En nu zou juist dit jaar de troonswisseling plaatsvinden?

In dit hoofdstuk volgt een persoonlijk chronologisch verhaal rondom de voorbereidingen van de troonswisseling van 2013 met als hoofdthema het voordeel van werken met uitgangspunten, uitmondend in een nieuw veiligheidsconcept. Ook wordt ingegaan op het belang van bestuurlijke sturing op de voorbereiding van dit soort grote evenementen. Het is een hoofdstuk over de openbare orde en veiligheid, waarin een aantal knelpunten en persoonlijke leerpunten aan de orde komt.

Het vermeldt niet de vele momenten van tevredenheid over gezette stappen, de wijze waarop iedereen elkaar bijstond, de energie en ook het plezier waarmee is gewerkt. Ook zijn de vele werkzaamheden van het civiele deel van de organisatie onderbelicht. Het hoofdstuk vertelt dus slechts een deel van het gehele verhaal. (De openbare offici?le evaluatie die plaatsvond onder begeleiding van het COT bevat het volledige verhaal en alle ge?nventariseerde leerpunten. Zie hiervoor ?De Troonwisseling 2013: feestelijk, open, ongestoord en veilig?, 2013).

troons1

2 Het begin
De aankondiging van abdicatie
Wanneer velen die maandagavond, 28 januari 2013, met zekere vermoedens naar de televisie kijken, is de burgemeester enkele uren eerder door de minister-president bericht dat koningin Beatrix haar abdicatie zal aankondigen. Nederland staat voor een historische gebeurtenis, Amsterdam voor een unieke uitdaging. De hoofdstad van Nederland is de grondwettelijke plaats van abdicatie. In het Paleis op de Dam zal de koningin met een handtekening afstand doen van de troon, waarna de kroonprins automatisch de nieuwe koning wordt. In de Nieuwe Kerk zal de nieuwe koning vervolgens worden ingehuldigd in een gezamenlijke vergadering van de Eerste en Tweede Kamer.

De volgende dag, 29 januari 2013, bespreekt het Amsterdamse College van Burgemeester en Wethouders wat de abdicatie precies voor de stad betekent. Amsterdam wil natuurlijk graag aan haar grondwettelijke verplichtingen voldoen. Het College wenst het land ook een publieksevenement aan te bieden, een moment waarop de nieuwe koning en koningin zichzelf aan de bevolking presenteren. De burgemeester wordt aangewezen als bestuurlijk trekker van dit evenement; bij hem ligt dan ook de keuze voor het ambtelijk projectleiderschap.

Aan het einde van de middag word ik door de burgemeester gebeld. Ik slaak een zucht van verlichting bij het horen van zijn stem en, inderdaad, bij zijn vraag of ik de projectleider OOV Troonswisseling wil worden. De huidige directeur OOV is zich nog aan het inwerken en moet aan de slag met een grote reorganisatie van de directie. Ik antwoord natuurlijk positief en word uitgenodigd voor een eerste overleg diezelfde avond in de ambtswoning. De burgemeester vertelt voorts dat hij Pierre van Rossum (directeur van het Project Management Bureau van de gemeente) als projectleider Civiel wil vragen. Door ?civiel? te scheiden van ?OOV? worden deze twee rollen van de gemeente bij het evenement gescheiden. De rol van organisator wordt gescheiden van
de rol van toezichthouder en handhaver (vallend onder de verantwoordelijkheid van de burgemeester voor de openbare orde en veiligheid). Beide projectleiders krijgen de opdracht om de Amsterdamse bijdrage aan de troonswisseling voor te bereiden.

Die avond komt een aantal personen voor een eerste overleg bijeen in de ambtswoning van de burgemeester. De voorbereidingstijd is slechts drie maanden en het zou lonen om zo snel mogelijk een aantal piketpaaltjes te slaan. Het doel van de bijeenkomst is het maken van een eerste inventarisatie van wat er gebeuren moet. De driehoek, de gemeentesecretaris, de directeur en een senior adviseur van de directie OOV, het hoofd Voorlichting en beide projectleiders formuleren die avond echter al een aantal uitgangspunten. Achteraf bezien leiden de uitgangspunten tot een nieuw veiligheidsconcept.

Fundamentele keuzen
In het overleg vindt in feite de kick-off van de voorbereidingen plaats. Iedereen is zich bewust van het speciale karakter van het evenement. Maar ook van het vele, deels ingewikkelde werk dat ons te wachten staat. Wij bespreken de (psychologische) druk van de troonswisseling in 1980, toen het qua openbare orde zo uit de hand liep. Hoewel de OOV-discipline in de daarop volgende drie decennia waar het gaat om het beheersen van menigten (crowd control) en grootschalig optreden veel kennis en ervaring heeft opgedaan, beseffen wij allen dat deze historische erfenis aan de komende gebeurtenis kleeft. Bij de troonswisseling in 2013 m??t het goed gaan!

De startbijeenkomst levert meer op dan wij allen op de avond van 29 januari vermoeden. Er wordt een hoofduitgangspunt geformuleerd: de troonswisseling moet feestelijk, open, ongestoord en veilig verlopen. Maar er worden meer uitgangspunten vastgesteld: de veiligheidsmaatregelen moeten zo beperkt mogelijk blijven en van een zo kort mogelijke duur zijn. Voorts moet het gebied waarin de maatregelen zullen gelden, zo klein mogelijk zijn. Daar waar burgers onevenredig veel last hebben van maatregelen, zullen alternatieve c.q. compenserende maatregelen moeten worden bedacht.

Bij de discussie over de uitgangspunten maakt de burgemeester duidelijk dat de troonswisseling niet alleen een feestdag voor VIP?s mag worden. De burgervader vindt het belangrijk dat iedere burger deze historische gebeurtenis kan mee-ervaren en zo min mogelijk in die ervaring wordt gehinderd. Dit zal ook het draagvlak bevorderen voor de te nemen veiligheidsmaatregelen. De burgemeester geeft daarom als richtlijn dat de stad niet hermetisch mag worden afgesloten; het moet voor burgers mogelijk blijven om de stad te doorkruisen. Alle aanwezigen zijn het eens met deze invulling van de uitgangspunten ?feestelijk en open? en ik realiseer mij hoezeer de richtlijnen bij de burgemeester passen. Eberhard van der Laan is een bestuurder met een scherp oog voor de rechten en belangen van burgers. Ik ben mij er op dat moment echter onvoldoende van bewust hoe letterlijk de burgemeester dit bedoelt en voor welke uitdagingen dit ons professionals zal stellen.

De burgemeester wil ook graag dat de jaarlijkse viering van Koninginnedag gewoon doorgaat. Het uitgangspunt ?feestelijk? betekent zijns inziens ook dat burgers door de troonswisseling niet van hun jaarlijkse feestje mogen worden beroofd. Ik breng onder de aandacht dat het bij de combinatie troonswisseling en Koninginnedag om twee massale, grotendeels ongelijksoortige evenementen gaat. Koninginnedag heeft een open en vrij toegankelijk karakter, terwijl de troonswisseling voornamelijk besloten, protocollair en logistiek precies van aard is. Ook is de vraag hoe voor de troonswisseling ruimte te maken in een
stad die op Koninginnedag jaarlijks al 700.000 bezoekers trekt, waarvan een deel met een voor de openbare orde riskant profiel (overmatig alcoholgebruik). De burgemeester is ervan overtuigd dat wij dat aankunnen, dat Koninginnedag het publiek zal helpen spreiden en daarmee zal bijdragen aan de crowd control. Voor mij is de bestuurlijke lijn helder. Het is nu aan de professionals om het besluit uit te werken en daar waar zij tegen professionele grenzen aanlopen, de knelpunten ter bespreking op bestuurlijk niveau op tafel te leggen.

troons3

3 De voorbereidingen

Bundelen professionaliteit en ervaring

Na de startbijeenkomst is het zaak om samen met mijn collega-projectleider de organisatie op te zetten en goede mensen aan te trekken. Ik start met de club om mij heen. Uit de directie OOV haal ik Nicky Jansen Schoonhoven als mijn allround plaatsvervanger, Berend Temme als deelprojectleider crowd management en onze assistent wordt Nika Haspels. Van het stadsdeel Noord vraag ik Maaike Smeels, een voormalig teamhoofd van de directie OOV, als deelprojectleider?Crisismanagement. De interim-directeur ICT, Jan Martijn Metselaar, wordt deelprojectleider ICT. Marco Zannoni, de directeur van het COT, vraag ik om mij te adviseren en als tegendenker te fungeren. Het zijn allen zeer ervaren en gekwalificeerde professionals; een mooie club. Ook Pierre van Rossum bouwt een club met zeer capabele professionals om zich heen. Tussen het civiele en OOV deel lopen vele dwarsverbanden met, qua bezetting, een personele kruisbestuiving.

Het opzetten van de organisatie vraagt natuurlijk tijd; het is niet eenvoudig om een geoliede organisatie op te zetten. In het OOV deel komen de belangrijkste partijen wier bevoegdheden essentieel zijn voor het welslagen van het project, op 19 in totaal. Voorts komen wij uit op 14 cruciale co?rdinatie- en besluitvormingsgremia. Lastig, omdat naast vergaderen er ook gewerkt moet worden!

Hoewel het officieel om een Nationaal Evenement gaat (een Nationaal Evenement is een evenement dat bezocht wordt door personen die staan op een door het Rijk opgestelde limitatieve lijst, waarbij het nationaal belang centraal staat en het karakter van het evenement een specifieke of verhoogde druk legt op de bewaking en beveiliging van die personen), hebben de minister van Veiligheid en Justitie en de burgemeester afgesproken dat het zwaartepunt lokaal ligt en ?de zeshoek? in charge is. In de bestuurlijke zeshoek zitten onder voorzitterschap van de burgemeester de zes partijen die cruciaal zijn voor het handhaven van de openbare orde en veiligheid: de burgemeester, de hoofdofficier van justitie, de eenheid chef van politie, de co?rdinator bewaken en beveiligen NCTV,78 en voorts ook de beide projectleiders. Daarnaast functioneert onder mijn voorzitterschap een ambtelijke subzeshoek, waarin de zes partijen op?directieniveau vertegenwoordigd zijn, plus de projectleider Civiel en vertegenwoordigers van het departement van Algemene Zaken en het Hof. In de ambtelijke subzeshoek komt alles bijeen ter voorbereiding van de besluitvorming in de bestuurlijke zeshoek. Naast de projectleider Civiel is mijn belangrijkste partner in de subzeshoek plaatsvervangend eenheidschef Jan Pronker, een zeer ervaren politiecommissaris in grootschalig optreden. De subzeshoek is een bekwame club vol ouwe rotten in het vak die al jaren met elkaar samenwerken. Dat werkt snel en goed. Ook de lijnen naar het Rijk en het Hof zijn kort en de?samenwerking is constructief. Bij het Rijk zijn vooral de NCTV en het departement Algemene Zaken onze belangrijkste partners.

Te tackelen problemen

Het verkrijgen van capaciteit blijkt geen knelpunt bij de voorbereidingen; iedereen wil wel meewerken aan zo?n uniek evenement. Sterker nog, dat wordt zelfs een probleem. Om effectief te organiseren kun je namelijk niet iedereen gebruiken (qua aantal en kwaliteiten); er moeten ook mensen zijn die het gewone werk blijven doen. Een ander ? eeuwig terugkerend ? probleem is natuurlijk de informatieoverdracht. Hoe krijg en houd je iedereen ge?nformeerd? Een groot deel van de dag wordt dan ook besteed aan het uitwisselen van informatie, het wegwerken van misverstanden, het opruimen van ruis et cetera.

Gelukkig helpt de krappe voorbereidingstijd om tot snelle ?n goede besluitvorming te komen. Alle betrokkenen voelen de tijdsdruk en het belang van efficiency en effectiviteit, temeer omdat op het gebied van de openbare orde en veiligheid een groot aantal problemen te tackelen is. Zo dreigt, met de combinatie van de troonswisseling en Koninginnedag, een overvolle stad. Hoe voorkomen wij een ongecontroleerde aan- en afvoer van grote bezoekersstromen met verschillende publieksprofielen, waaronder overmatig alcoholgebruik? Hoe gaan wij om met potenti?le demonstraties? Amsterdam is van oudsher tolerant waar het gaat om protesteren en demonstreren en de troonswisseling mag daarop geen uitzondering zijn. Het is niet de bedoeling dat demonstranten volledig uit het zicht blijven. Maar bij het koninklijk huwelijk kon nipt worden voorkomen dat demonstranten de linies doorbraken en de gouden koets bereikten.

Een andersoortig probleem vormen de communicatieverbindingen die op Koninginnedag altijd al kwetsbaar blijken te zijn. Op deze 30ste april moet de communicatie gegarandeerd zijn. Operationele diensten moeten met elkaar kunnen communiceren, ook met de actiecentra en het beleidscentrum. Burgers moeten ? vanuit overwegingen van crowd control ? op hun mobiele telefoons actuele informatie kunnen ontvangen over de evenementen, looproutes, NS-tijdstippen etcetera. Een uitdaging is ook de microfoon op het balkon van het paleis. In 1980 kwamen de koninklijke stemmen ternauwernood boven het lawaai uit. Wij herinneren ons allen de beelden van prinses Juliana, die op het balkon van het paleis de menigte tot stilte maant. Dat mag nu niet meer gebeuren.

Een andere uitdaging is de beschikbare ruimte op de Dam, het is vechten om elke centimeter. De ruimte op het plein moet verdeeld worden tussen het publiek, de erehagen, de passerelle, de NOS-cabine en de veiligheidsringen. Ten behoeve van de beveiliging wordt gewerkt met zogenoemde ?ringen?: een afgebakend gebied met beveiligingsmaatregelen waarbinnen geen publiek mag komen. Hoe dichter bij de te beveiligen persoon, hoe strenger de maatregelen. Een ring kan stabiel zijn (rondom een gebouw waarin de persoon zich bevindt), maar ook mobiel (rondom de verplaatsing van de te beveiligen persoon). Rondom het paleis en de Nieuwe Kerk op de Dam moet een veiligheidsring komen, waardoor de Dam wordt afgesloten voor publiek. Voorts liggen woningen en bedrijven in de?veiligheidsring. Ook de beveiligde route ? de afgesloten route voor het vervoer van gasten ? ligt lastig in de infrastructuur van Amsterdam. De routes gaan dwars door de stad en belemmeren burgers de stad te doorkruisen en soms zelfs nog praktischer, om de straat waar ze wonen in of uit te komen.

Dan is er nog de vraag hoe om te gaan met de zogenoemde ?potentieel gewelddadige eenlingen? (PGE?ers). Sinds de aanslag in Apeldoorn in 2009 wordt bij high profile evenementen rekening gehouden met het risico van personen die de openbare orde en veiligheid verstoren en wellicht zelfs in staat zijn tot extreem geweld. Het gaat vaak om gekende personen die door persoonlijke of psychische problemen publieke gezagsdragers bedreigen.

Dit is slechts een deel van de vele vragen en knelpunten die soms heftige botsingen opleveren tussen de uitgangspunten ?feestelijk en open? en ?veilig en ongestoord?. De kernvraag is steeds hoe wij deze uitgangspunten kunnen samenbrengen in een bomvolle stad, die niet op slot mag en waarin burgers zich zo vrij mogelijk moeten kunnen bewegen. Wij beginnen te beseffen hoe moeilijk de invulling die de burgemeester aan de uitgangspunten ?feestelijk en open? heeft gegeven, zich verhoudt tot traditionele (massale) veiligheidsmaatregelen. Het consequent vasthouden aan de uitgangspunten maakt het werk lastiger, het?vinden van oplossingen vraagt tijd, denkkracht en energie. De eerlijkheid gebiedt te bekennen dat bij een ieder van ons wel eens de gedachte postvat om dan maar in te teren op een uitgangspunt, te kiezen voor de gemakkelijke weg. Maar er komt gelukkig altijd een correctie vanuit de (sub)zeshoek, een pleidooi om vast te houden aan de uitgangspunten en op zoek te gaan naar oplossingen. Een zoektocht die steevast leidt naar creativiteit en vaktechnische rijkdom.

Bestuurlijke vasthoudendheid

Voor alle problemen vinden wij een oplossing, dat is Amsterdam wel toevertrouwd. Ik heb dan ook geen moment van wanhoop. Zo zetten wij het in de afgelopen jaren op Koninginnedag gevoerde alcoholbeleid voort en scherpen het hier en daar aan. Verspreid over de stad wijzen wij zes demonstratieplekken aan. Defensie plaats extra zendmasten voor de verbindingen en de ruimte op de Dam wordt keurig verdeeld onder alle belanghebbenden. Voor de bewoners en bedrijven in de veiligheidsringen worden maatoplossingen gevonden. Voor de PGE?ers ontwikkelen wij per persoon een plan van aanpak et cetera.

Het meest spannende en voor mij meest leerzame moment doet zich voor rondom het zoeken naar een geschikte locatie voor het publieksevenement. Dat is het moment waarop de nieuwe koning en koningin en de bevolking elkaar zullen ontmoeten en begroeten. Overwogen wordt een rit met de gouden koets, zoals op de dag van het koninklijk huwelijk. Deze optie wordt niet goed bevonden, omdat de route onvoldoende plek biedt voor de vele te verwachten toeschouwers. Een vaartocht door de grachten wordt afgekeurd vanwege de veiligheidsrisico?s en de stremmingen die een dergelijke vaartocht oplevert voor de vele boten en bootjes op Koninginnedag. Het IJ biedt echter volop gelegenheid voor een Koningsvaart. Navraag bij kringen rondom het Hof leert dat ook de toekomstige koning een dergelijk evenement op prijs zal stellen.

Een operationele schouw van een evenement op het IJ maakt echter een aantal grote knelpunten zichtbaar. Hoewel ook enqu?tes geen enduidig beeld geven van de hoeveelheid te verwachten publiek, gaan wij uit van grote aantallen bezoekers (jaarlijks minimaal 700.000 op Koninginnedag), van een grote aan- en afvoer van mensen en een grote stroom van bezoekers naar het IJ. Voorts houden wij rekening met het bijeenkomen van verschillende typen publiek publieksprofielen), waaronder jongeren uit Noord-Holland die op Koninginnedag altijd in grote aantallen naar Amsterdam komen en veel overlast (kunnen)?geven. Het grootste knelpunt verwachten wij bij het Centraal Station, waar naar verwachting publiek van Koninginnedag en publiek voor de Koningsvaart elkaar zullen ontmoeten in de vorm van tegengestelde vervoersstromen. Rondom het einde van Koninginnedag en de start van de Koningsvaart ? ongeveer tussen 19.00 en 21.00 uur ? zullen grofweg drie publiekstromen tegelijk gebruikmaken van het Centraal Station. Aan het einde van Koninginnedag zal een stroom mensen?de vrijmarkt en evenementen in Amsterdam verlaten en het Centraal Station betreden richting perrons/treinen. Een tweede stroom mensen zal vanuit Nederland met de trein naar Amsterdam komen en de perrons verlaten voor de verschillende evenementen ?s avonds. Ten slotte zal een derde stroom mensen vanuit de binnenstad het Centraal Station als doorgang gebruiken richting het IJ om naar de Koningsvaart te kijken. De ramp in Duisburg tijdens Love Parade in 2010 (met 21 doden) heeft laten zien welke dramatische gevolgen tegengestelde stromingen van grote groepen mensen in een kleine ruimte kunnen hebben.

De subzeshoek ziet geen oplossing voor dit knelpunt en dit betekent dat de Koningsvaart misschien niet door kan gaan. De subzeshoek is zich bewust van deze consequentie, maar voelt ook de druk van de combinatie troonswisseling en Koninginnedag. Wij hebben ambtelijk de grenzen van het behapbare bereikt.

Bij de bespreking van de Koningsvaart in de zeshoek blijkt dat de burgemeester zich niet neerlegt bij de ambtelijke grenzen en erin gelooft dat wij professionals een oplossing zullen vinden. Daar komt bij dat het weidse IJ, met op de kade de mooie bebouwing, een geweldige locatie voor het publieksevenement is. De televisiebeelden van een Koningsvaart zullen voor Amsterdam een uniek en wereldwijd visitekaartje zijn.

De burgemeester houdt dus vast aan een Koningsvaart op het IJ en het is een spannende bespreking in de zeshoek rondom de uitgangspunten ?feest? en ?veilig?. Een bespreking die uitmondt in de afspraak dat er opnieuw zal worden gezocht naar mogelijkheden om de Koningsvaart op het IJ toch door te laten gaan. De burgemeester geeft mij de opdracht om met de subzeshoek een laatste poging te doen, nu met inbreng van alle externe expertise, denkkracht en creativiteit. Dat de burgemeester op voorhand aangeeft dat hij na een nieuwe oprechte zoektocht eerder geneigd zal zijn het advies van de subzeshoek over te?nemen, houdt de professionals in hun waarde. Het is geven en nemen.

Denken in kansen

We organiseren een creatieve sessie; een sessie waarin denkkracht wordt georganiseerd door actief kennis, ervaring en creativiteit van buiten naar binnen te halen. We doen dat op de bovenste etage van het Havengebouw, met een panorama-uitzicht over het IJ. We zitten dus letterlijk bovenop de plek waar het gebeuren moet.

De bijeenkomst met een diversiteit aan expertise blijkt een gouden greep te zijn (aan de creatieve sessie onder leiding van het COT namen externe deskundigen deel van het Zwarte Cross Festival, MOJO concerts, Traffic Support, de Politieacademie, gemeente Nijmegen, de NS, Prorail, Defensie, TU Delft en TNO, en verder een deskundige sociale media en gedrag en verschillende gemeentelijke onderdelen). Ik ben verrast over het grote aantal ? ook nieuwe ??idee?n en voorstellen. Na de sessie blijft de subzeshoek achter en wij inventariseren en ordenen de oogst. Er zijn voorstellen gedaan voor het spreiden van publiek, voor het scheiden van publieksprofielen en voor het be?nvloeden van publieksstromen. Er zijn zelfs voorstellen om meer grip te krijgen op de massa mensen in de gehele stad. De vraag die de subzeshoek nu moet beantwoorden is of met de voorstellen alle knelpunten voldoende worden opgelost. Wij spreken af om onszelf een week te gunnen om de voorstellen uit te werken en zo inzicht te krijgen in de realiseerbaarheid.

Na een week is er veel en goed werk verzet en de politie is tot het uiterste gegaan om de IJ-optie door te kunnen laten gaan. Er ligt een raamwerk van inzetbare maatregelen voor publieksspreiding, profielscheiding en publieksstromen. Hoewel vele voorstellen niet nieuw zijn ? Amsterdam heeft veel ervaring op het gebied van zeer grote evenementen ? is wel de enorme omvang van de voorstellen en de samenhang daartussen nieuw, als ook de diepgang en doordachtheid. De kracht van de aanpak zit vooral in de integraliteit en dat betekent dat ?lle maatregelen gerealiseerd moeten worden. De subzeshoek moet nu?een besluit nemen. Durven wij bij zo?n groot en uniek evenement als de troonswisseling een nieuwe aanpak aan en de zeshoek positief te adviseren?

Echte samenhang is hard werken

De gepokt en gemazelde Amsterdamse professionals blijken niet te oud om te leren; ze nemen de voorstellen over en stappen hiermee uit hun routine. Ik ervaar dit als een mooi moment. Nieuw is ook dat wij meer veiligheid willen cre?ren met meer feest, in plaats van met meer traditionele veiligheidsmaatregelen. De maatregelen betekenen wel extra werk in de maand voorbereidingstijd die resteert, terwijl er al zoveel nog te doen is. Enkele voorbeelden van de maatregelen.

Publieksspreiding/publieksprofiel: Door zelf evenementen op te zetten en de evenementen over de stad te verspreiden, kun je als overheid de spreiding van het publiek be?nvloeden. Door ook te sturen op de programmering van de evenementen kun je invloed uitoefenen op wie (welk publieksprofiel) je wanneer op welke locatie wilt hebben.

Dit leidt tot de opzet van twee grote evenementen, die speciaal ten behoeve van de crowd control worden georganiseerd. Ten eerste een feest op het Museumplein, om publiek vast te houden en de toeloop naar de Koningsvaart op het IJ te verminderen. Het Museumplein fungeert daarmee als het ware als ?overloopgebied?. Het programma is bedoeld voor gezinnen. Voorts wordt op verzoek van Amsterdam door Radio 538 een dance event in Alkmaar georganiseerd, teneinde risicovolle jongeren uit Noord-Holland daar te houden. De kosten van beide evenementen worden door Amsterdam en sponsoren betaald.

De locaties van de andere zeven grote betaalde dance-evenementen in het kader van Koninginnedag passen goed in dit concept. De locaties liggen verspreid over de stad (niet in de binnenstad) en helpen het publiek verder te spreiden, zodat dance-liefhebbers niet de binnenstad in hoeven.

Publieksstromen: Door slimme fasering in eindtijden van evenementen, door te werken met uitgelijnde looproutes met verwijzingsborden en door uitgekiende communicatie kun je invloed uitoefenen op waar en wanneer je een publieksstroom wilt hebben. Zo wordt bijvoorbeeld een app ontwikkeld voor bezoekers. Door de fasering in de eindtijden van alle evenementen, kun je invloed uitoefenen op de afvoer van personen via het Centraal Station ? en de andere stations ? rekening houdend met de maximale vervoersbelasting van de NS.

Dit leidt tot een uitgekristalliseerde spreiding van de aanvangs- en sluitingstijdstippen van de evenementen. De fasering in de tijdstippen voorkomt een piekbelasting op de wegen en de drie NS-stations. Ook wordt zo voorkomen dat publiek na afloop van het ene evenement massaal naar de start van een ander evenement gaat.

De volgende horde

Ook over de beveiligde route ? de afgesloten route waarlangs de gasten zullen worden vervoerd ? vindt in de zeshoek een stevige botsing plaats tussen de uitgangspunten, in dit geval gaat het om ?open? en ?veilig?. Vanwege de locatie van het Paleis en de Nieuwe Kerk (midden in de stad), loopt deze route door de stad, waardoor het publiek grote omwegen zou moeten maken om de stad te doorkruisen. De burgemeester kiest voor de afgesproken richtlijn dat de stad niet op slot mag. Een tweede creatieve sessie levert oplossingen. Zo wordt de route op gezette tijden via sluisjes voor het publiek opengezet en komen op twee plekken over de beveiligde route bruggen te liggen. Dit zijn geen simpele oplossingen. De sluisjes betekenen voor de politie een extra complicatie, omdat
bij de logistiek van het vervoer van de stoetjes ? op zich al ingewikkeld genoeg ? rekening moet worden gehouden met doorkruisend publiek. Het bouwen van bruggen ligt ook ingewikkeld in de infrastructuur van Amsterdam en is een dure aangelegenheid. Gelukkig blijkt de Genie in staat en bereid een brug (kosteloos) te bouwen. De andere brug wordt tegen betaling door een aannemer aangelegd.

De uitgangspunten ?feestelijk en open? blijken in meer dan ??n betekenis kostbare uitgangspunten te zijn; kostbaar in professionele rijkdom en kostbaar in geld. Maar het bestuur van Amsterdam is bereid de kosten te betalen, samen met sponsoren en het Rijk.

troons4

4 Een prachtige dag

Op 30 april betreed ik om 08.00 uur het beleidscentrum. Ik heb de bunker niet eerder zo vol gezien. De sfeer is uitstekend, iedereen is blij dat d? dag is aangebroken. Ik merk ook een rust, een vertrouwen dat de zaken goed zijn voorbereid. Het is nu aan de professionals op straat; het beleidscentrum is er ?slechts? voor grote knelpunten en calamiteiten. Elders in het stadhuis is een aantal actiecentra gehuisvest (voor communicatie, ICT, toezicht, infrastructuur) en ook daar proef ik dezelfde sfeer.

Hoewel de programmaonderdelen in Amsterdam plaatsvinden, werken wij met een opgeschaalde crisisorganisatie (GRIP-4) en een regionaal beleidsteam (RBT). Dit omdat incidenten tijdens de troonswisseling grote consequenties kunnen hebben die regionaal gemanaged moeten worden (bijvoorbeeld verdelingsvraagstukken rondom de inzet van hulpdiensten). Door reeds opgeschaald te werken, gaat geen tijd verloren in de respons.

Omdat de burgemeester een grondwettelijke rol heeft bij de abdicatie, en op andere momenten gedurende de dag de stad Amsterdam moet vertegenwoordigen, wordt hij in zijn rol als opperbevelhebber en voorzitter van het RBT vervangen door de plaatsvervangend voorzitter van de Veiligheidsregio, de burgemeester van Amstelveen. Voor de burgemeester van Amsterdam is in de Nieuwe Kerk een zitplaats geregeld buiten het bereik van de televisiecamera?s, zodat hij ? indien nodig ? ongemerkt kan weglopen om naar het beleidscentrum te komen. Hij is verder ? met uitzondering van het offici?le moment van abdicatie ??wel bereikbaar voor overleg en komt tussen de verplichtingen door regelmatig naar het beleidscentrum om zich te laten bijpraten. Als technisch voorzitter van het RBT heb ik gedurende de dag tussen de briefings door niet veel te doen. Dat komt in de bunker niet vaak voor.

De dag van de troonswisseling wordt een zeer geslaagde dag. De maatregelen pakken goed uit. Er zijn geen problemen van betekenis met de mensenmassa en de programmaonderdelen verlopen vlekkeloos, inclusief de Koningsvaart. Het enige smetje vormen de onterechte aanhoudingen van twee personen op de Dam. Bij beide personen bezorgt de politie dezelfde middag bloemen thuis. Een combinatie van factoren heeft tot deze aanhoudingen geleid. Bij de ene aanhouding is sprake van een persoonsverwisseling met iemand op de PGE-lijst. Voorts zijn er moeizame portofoonverbindingen en is er veel omgevingslawaai op?de Dam, wat verificatie van de identiteit op dat moment onmogelijk maakt. Voor de andere aanhouding is geen eenduidige verklaring, al stond deze persoon wel op een lijst van personen die mogelijk een risico zouden vormen voor het ongestoord verloop van de troonswisseling. Bij beide aanhoudingen speelt mogelijk ook mee de wellicht te ver doorgevoerde wens van ons allen om 1980, die dag vol ordeverstoringen, achter ons te laten. De algemene conclusie is dat dat is gelukt.

Bij de Koningsvaart ervaart ook het beleidscentrum de grenzen van haar invloed wanneer de koning en koningin, tegen het advies van het beleidscentrum in, de boot verlaten en het podium op het Java-eiland betreden om dj Armin van Buren en de dirigent van het Concertgebouworkest de hand te schudden. In het daaraan voorafgaande half uur is er over en weer telefonisch overleg tussen de burgemeester en mij over de vraag of deze uitstap veiligheidstechnisch?mogelijk is. Ondanks het advies van het beleidscentrum om in de boot te blijven, stapt de nieuwe koning toch van boord. Terwijl wij vrij machteloos naar de televisiebeelden kijken, dringt tot ons door dat de koning een beter besef van h?t moment heeft dan wij. Dit moment wordt het hoogtepunt van de Koningsvaart.

Straaljagers

Ik beleef een ander hoogtepunt. Een grote persoonlijke wens van mij gaat in vervulling. Toen ik tijdens het eerste overleg in de ambtswoning van de burgemeester het idee opperde om op de dag van de troonswisseling straaljagers te doen overvliegen, reageerde de burgemeester gereserveerd, omdat de aard van Amsterdam en Amsterdammers er niet bepaald ??n is met liefde voor groot militair vertoon. Ik had echter het gevoel dat het wat genuanceerder ligt en in de eerste weken van de voorbereidingen herinner ik de burgemeester regelmatig aan het idee van de straaljagers. Ik lijk op een haperende plaat, verwijs?naar het buitenland waar militair ceremonieel bij plechtstatige aangelegenheden mooie beelden oplevert, refereer aan de succesvolle inzet van de Chinook die het Nederlands Elftal na het WK in 2010 van Den Haag naar Amsterdam vervoerde, en bepleit dat de jonge generatie Amsterdammers anders tegen dit soort ceremonieel aankijkt.

De burgemeester bleef in eerste instantie gereserveerd, maar geeft na een aantal weken zuchtend aan bij deze en gene de voelhorens te zullen uitsteken. Ik ben blij en besluit mijn burgemeester te ?helpen?. Aan Defensie en het Hof stel ik de vraag waarom de luchtmacht op 30 april geen rol heeft in de vorm van overvliegende straaljagers met rook in de kleuren van de Nederlandse vlag. De landmacht zal die dag verschillende erehagen vormen en van zeker ??n fregat zullen de kanonnen spreken. Ik pols ook de reacties in de subzeshoek. Sommigen vinden het een leuk idee, anderen zijn neutraal, een enkeling heeft er?helemaal niets mee. Maar geen van hen is tegen en allen beloven mij hun bazen positief te adviseren. Bij de bespreking van dit onderwerp in de zeshoek mag ik van de burgemeester niet meepraten, omdat hijeen objectieve discussie wil. Ik heb geen moeite met de zwijgplicht, per slot van rekening is het voorbereidend werk gedaan. Wanneer de burgemeester het onderwerp uiteindelijk in het landelijk bestuurlijk overleg bespreekt, besluit de Ministeri?le Commissie Troonswisseling tot inzet van straaljagers. De burgemeester belt mij na de vergadering op met het bericht dat hij voor mij verheugend nieuws heeft. Maar toen bleek er toch nog een hindernis te zijn. Nederland beschikt niet over rookpotten met rode, witte en blauwe rook, maar ? gelukkig! ? Frankrijk wel. Aan het einde van de dag van de troonswisseling ontvang ik van vele personen mails met foto?s en filmpjes van de overvliegende straaljagers
met rook in de kleuren van onze vlag. Ik bewaar ze zorgvuldig, voor mij h?t hoogtepunt van de dag.

troons2

5 Tot slot

Op 1 mei hebben omstreeks 01.30 uur de meeste bezoekers Amsterdam verlaten. In het beleidscentrum gaan dan de flessen champagne open en bij uitzondering drinken de operationele diensten een glaasje mee. Wij omarmen elkaar, zijn tevreden en trots over het verloop van de dag, onze inspanningen zijn beloond. De burgemeester spreekt een mooi dankwoord en staat stil bij het werk van elke partner. Wanneer de burgemeester mij bedankt, begin ik mij te realiseren welke klus wij allen samen hebben geklaard en welke ambtelijke verantwoordelijkheid op mijn schouders rustte. Ook op de schouders van de politie. Zonder?anderen tekort te willen doen, noem ik hier toch even de politie, die operationeel en logistiek een bijzondere prestatie heeft geleverd. Om 03.00 uur ga ik moe maar blij naar huis.

Wij kunnen met voldoening terugkijken op alle voorbereidingen, met trots op een zeer geslaagde dag. In de drie voorbereidingsmaanden is door vele professionals keihard gewerkt. Mede dankzij de vasthoudendheid van de burgemeester, de kwaliteiten van de professionals en de inbreng van externen heeft een aantal dilemma?s ons tot ?chte samenwerking en professionele groei gebracht. De instrumentenkist voor de voorbereiding van (grote) evenementen is verrijkt met het concept ?meer veiligheid door feest?. En er is een nieuwe standaard bereikt waar het gaat om de daadwerkelijke realisatie van uitgangspunten en?integraal werken, en dat alles binnen de door de gemeenteraad toegekende begroting. Met zo?n resultaat is hard werken niet erg. Ik heb geleerd dat het extra werk dat gepaard gaat met het recht doen aan uitgangspunten ten volle opweegt tegen het eindresultaat: een prachtige dag; een dag van ons allen voor ons allen.

Project X feest? Daar is nu een app voor: KickOn

party kick on app dancing crowd people

Binnenkort een Project X Feestje? Daar is nu een app voor. De app KickOn (nu nog alleen?iOS) is al erg populair down under, waar Project X feesten destijds ook als een van de eerste werden georganiseerd. Niet verwonderlijk, want de app is ontwikkeld door een ondernemer uit Sydney, Charles Stewart. De app wordt al in de volksmond de “Tinder foor feestjes” genoemd en is het antwoord op de lockout wetgeving die in Australi? van kracht werd om feestjes en partijen die via social media georganiseerd werden een halt toe te roepen. Stewart stelt:”Verantwoordelijke volwassen mensen die graag een feestje willen worden kinderlijk door de overheid naar huis gestuurd bij een feestje dat in andere landen pas net op gang zou komen”.
In KickOn kunnen gebruikers zelf een profiel aanmaken en feestjes aanmaken en vrienden en vreemden daarvoor uitnodigen. Ook kunnen ze verzoeken om te mogen komen op een feestje van een ander. Zowel de gastheer als de feestgangers kunnen middels de app ook beoordeeld worden op hun gedrag.
kickon-app-337x600
Toch kopten de kranten sensationeel. De Syndey Morning Herald?waarschuwde voor het effect onder jongeren en verwees naar het uit de hand gelopen feest van Corey Worthington?uit 2008 met 500 feestgangers waar de film Project X op is gebaseerd:

De politie waarschuwde alvast dat zij de app ook zullen gebruiken om dat soort feestjes de kop in te drukken. De nieuwe wetgeving moet daarbij helpen, die de overheid in staat stelt “gewelddadige activeiten” te voorkomen.

Stewart vind het allemaal overdreven:”Ze hebben een zeer conservatieve blik op de zaak. ?Wij willen alleen maar exclusieve private feesten vindbaar en toegankelijk maken. Waarom zou een 17 jarige niet kunnen afspreken met een 19 jarige, zeker als het feest niet gericht is op het drinken van alcohol? Wij bieden juist opties in de app om gewelddadige ladingen bij feesten te melden. Ongepaste inhoud die gedeeld wordt in aanloop van het meest kan eenvoudig gemeld worden.”

” Dat de politie mee gaat kijken is niet het beoogde doel van de app, het is zelfs verrassend te noemen dat ze die uitspraken doen. Meestal is het zo dat als de politie iets zegt over verkeerd gedrag, zoals “niet springen” ?vraagt de menigte meestal ” hoe hoog?”. Meestal heeft het zelfs een aanzuigende werking doordat het aandacht geeft in de pers, dus zo’n slecht idee is het misschien niet. ?KickOn is vooral bedoeld om de uitnodigingen van feesten beter te managen, beter dan Facebook nu doet, dus we hopen dat de politie het initiatief juist steunt.”

Op de vraag of KickOn niet bang is dat ze aangeklaagd gaan worden, net als AirBnB dat werd toen een flat in New York?als orgieplaats werd gebruikt, antwoord Stewart:”Ja, daar hebben we nauwkeurig naar gekeken. ?KickOn kan tenslotte best gebruikt worden voor orgies, maar dat terzijde. We hebben een privacy beleid en gebruikersvoorwaarden, maar wij zijn uiteindelijk niet verantwoordelijk voor het gedrag dat mensen vertonen op de locaties van dergelijke bijeenkomsten.”

iPhone Screenshot 1iPhone Screenshot 2

Bronnen: TheNewDaily, IntheMix, ToneDeaf, 3News

Deventer dilemma?s: vermeende aanwezigheid van pedofielen leidt tot hetze

Wat doe je als sociale media een gerucht verspreiden dat niet klopt maar waardoor wel een woedende massa wordt gemobiliseerd, zoals bij de Deventer pedo-protesten? Dat is ??n van de de vragen die voorliggen in Lessen uit crises en mini-crises 2013.

Menno van Duin, lector crisisbeheersing aan de Politieacademie en het Instituut Fysieke Veiligheid, had samen met collega-onderzoeker Vina Wijkhuijs de redactie over?het boek dat onlangsuitkwam. De auteurs sommen samen met anderen voorbeelden op van gebeurtenissen waarbij sociale media als Twitter en Facebook een rol hebben gespeeld zoals bij de ‘kopschoppers van Eindhoven‘, de vermissing van de broertjes Ruben en Julian en de scholen in Leiden die sloten vanwege een bericht op 4Chan. De Deventer pedo-protesten passen in dit rijtje:

Deventer dilemma?s: vermeende aanwezigheid van?pedofielen leidt tot hetze

Auteurs: Renate den Elzen, Dick van Gooswilligen

1 Inleiding

Van 28 augustus tot en met 4 september 2013 was er in en rond?Deventer veel maatschappelijke onrust, omdat het verhaal de ronde?deed dat Marthijn Uittenboogaard, de voormalige spreekbuis van Pedofielenvereniging Martijn, zich zou gaan vestigen in deze stad; iets wat hij helemaal niet van plan was. Wel was hij op verschillende plaatsen in de stad gezien. Ondanks tegenwerpingen vanuit de gemeente en politie bleef zijn vermeende voornemen zich in Deventer te vestigen een hardnekkig gerucht, dat via de sociale media leidde tot een lokale hetze die in de media werd omschreven als ?een heksenjacht op pedo?s?. De onrust die ontstond was natuurlijk een op zich begrijpelijke menselijke reactie. Een van de grootst denkbare nachtmerries van iedere ouder is dat je kind slachtoffer wordt van een pedoseksueel. Geruchtmakende zedenzaken als Marc Dutroux, Robert M. en Benno L. zijn zo enkele voorbeelden die de stoppen in de samenleving deden doorslaan. Nuance en verdraagzaamheid zijn dan ver te zoeken. Vanwege de steeds verder aanzwellende onrust in Deventer, werd vanaf?donderdag 29 augustus de hulp van het Crisiscommunicatieteam (CCT) van de nationale politie ingeroepen. Aan de hand van omgevingsanalyses en mediascans is toen de buitenwereld ?naar binnen? gehaald en werd een basis gelegd voor communicatieadviezen. In dit hoofdstuk beschrijven we hoe ?niets uitgroeide tot iets?. We beginnen met het feitenrelaas, waarna we een aantal dilemma?s benoemen en beschrijven. In de afronding doen we, mede op basis van een gesprek met recherchekundige Van Lier, werkzaam als operationeel specialist Zeden, en met Van Kleef, projectleider Zeden bij de nationale politie, enkele aanbevelingen voor de toekomst.

2 Feitenrelaas

Zelfverklaard pedofiel Ricardo Hunefeld is eind augustus 2013 samen met Marthijn Uittenbogaard, oud-bestuurslid van de pedofielenvereniging Martijn, in Deventer. Het argument om daar te zijn is ?om een verslaafde vriend die al dagen op straat zwierf, te helpen.? Wanneer Hunefeld in het bijzijn van Uittenbogaard door het publiek wordt herkend, worden zij ? tot twee keer toe ? belaagd en bedreigd. De eerste keer is woensdagavond 28 augustus. Nadat zij worden gezien in een supermarkt aan de Beestenmarkt, worden ze door een groep jongeren bedreigd en achtervolgd. Vooral Uittenbogaard is het mikpunt van verwensingen. Van woensdag op donderdag overnachten de twee mannen in Deventer. De volgende dag worden ze opnieuw in de stad gezien, nu in een ijssalon aan de Brink. Via sociale media wordt de locatie bekendgemaakt en dat zorgt voor een razendsnelle toeloop. Het tweetal vlucht de ijssalon in en de politie moet erbij komen om het tweetal van hun belagers te ontzetten.

Een woedende menigte verzamelde zich eerder dit jaar bij de Parkzichtflat in Deventer. Daar zouden de twee pedofielen uithangen.

?Geen bal op tv?

Nadien gaat het gerucht dat de twee zich bevinden in de flat Parkzicht?in de doorgaans rustige Oranjewijk. Een woedende menigte verzamelt?zich die donderdag voor de flat die door sommigen de ?Pedofielenflat??of het ?PedofielenHotel? wordt genoemd (bron: ?Bijnaam pedofielenflat. Dat wil je toch niet?, De Stentor, 2 september 2013). De realiteit is echter dat het?tweetal met een taxi Deventer is ontvlucht. Desondanks vindt er, mede?door mobilisering via sociale media, een anti-pedodemonstratie bij?de flat plaats. Vooral twintigers en dertigers zien het als een verzetje, meldt dagblad de Stentor: ?Er is geen bal op TV en ?t is mooi weer? (?Woedende Deventenaren twee avonden voor flat op Wezenland?, De Stentor, 31 augustus 2013).?Agenten maken de betogers duidelijk dat het tweetal zich niet in de flat bevindt en de rest van de avond verloopt rustig. De volgende avond, vrijdag 30 augustus, vindt er wederom een demonstratie plaats. Rond de 100 tot 200 mensen, voor een deel ?reltoeristen?, komen op de protestactie af (bron: ?Reltoeristen?, De Stentor, 2 september 2013). Hoewel de politie, net als donderdagavond, herhaaldelijk duidelijk maakt dat de mannen niet in de flat zijn, weigert een deel van de betogers te vertrekken. Ze geloven niet dat het tweetal daar niet is en geven geen gehoor aan het verzoek van de agenten om het gebied te verlaten. Er wordt zwaar vuurwerk afgestoken en naar agenten gegooid die de sfeer als bedreigend en grimmig ervaren. Nadat er bovendien ruzie ontstaat tussen betogers en bewoners van de flat die overlast ondervinden, grijpt de Mobiele Eenheid (ME) in en veegt het plein en de straten rond de flat schoon. Er wordt een arrestatie verricht. Er raakt niemand gewond. Rond half twee ?s nachts keert de rust in de wijk terug.

?Doodstraf voor pedo?s?

Zaterdagmiddag 31 augustus bezoekt burgemeester Heidema de flat?Parkzicht en spreekt met verontruste bewoners, zo meldt de NOS op Radio 1. Op de regionale omroep RTV Oost uit Heidema zich als volgt: ?Het gedonderjaag moet afgelopen zijn. We houden met alles rekening.?Als er toch mensen zijn die het idee hebben om vanavond weer?gezellig naar de flat te komen, zullen ze ontdekken dat het echt niet?gezellig is.?

De zaterdagavond en -nacht verlopen rustig, constateert politiewoordvoerder?Nijman in de loop van de zondag. Op woensdagmiddag?4 september?lopen echter toch nog ruim 150 mensen mee in een?anti-pedodemonstratie. Op Facebook was een oproep gedaan om te?demonstreren. De demonstranten (waarvan velen hun (klein)kinderen?hebben meegenomen) lopen rustig naar het Stadhuis en dragen?spandoeken met de tekst: ?Wij trekken een grens, een pedo is geen?mens!? Burgemeester Heidema spreekt de demonstranten toe en?noemt pedofilie?een ?open zenuw? in de samenleving. ?Ik deel jullie?weerzin tegen pedofilie; ik ben ook vader en opa.? Maar hij pleit er ook?voor onderscheid te maken tussen pedofielen en pedoseksuelen. De?oproep tot nuance en verdraagzaamheid wordt door de demonstranten?niet gewaardeerd. Zij zijn fel in hun bewoordingen en ?willen niet dat?er eerst een kind misbruikt wordt, voor er actie wordt ondernomen.? De?demonstratie verloopt verder zonder problemen.?Die avond zit een aantal demonstranten, merendeels vrouwen, in?de studio bij Pauw en Witteman, waar het ?Pedoprotest in Deventer??aan de orde komt. Ze zijn woedend en eisen onder meer de doodstraf?voor pedo?s, ?ook als ze zich niet aan een kind hebben vergrepen.?

3 Dilemma?s

In deze casus kunnen we een aantal dilemma?s ontwaren:
1. Ten eerste vindt via sociale media snelle en real-time verspreiding?van (onjuiste) informatie plaats, die ertoe leidt dat mensen in actie?komen en demonstreren bij een flat waar de twee pedofielen zich?niet bevinden. Het zelfreinigend vermogen van sociale media werkt?niet altijd optimaal; geruchten worden ?feiten? die maar moeilijk te?weerleggen zijn.

2. De (sociale) media bereiken ook ?buitenstaanders? en mobiliseren?niet alleen direct betrokkenen, zoals flatbewoners of inwoners van?Deventer, maar een brede groep van anti-pedodemonstranten. Dit?leidt er toe dat op vrijdagavond een andere groep betogers dan op de?eerste demonstratieavond actie voert.

3. Overheden en reguliere media worden niet geloofd. Terwijl de politie?en de media aangeven dat het tweetal niet meer in Deventer is,?vinden er toch demonstraties plaats. De sociale media vergroten het?wantrouwen jegens overheden en media.

4. Ten vierde speelt een privacydilemma. Door meer informatie?te geven over bijvoorbeeld de daadwerkelijke verblijfplaats van?Hunefeld en Uittenbogaard zou de rust in de gemeente Deventer
kunnen terugkeren, maar dit is niet mogelijk, omdat dit de privacy?van het duo schaadt, en niet handig, omdat het kan leiden tot?demonstraties op andere plaatsen.

5. Ook ligt een dilemma besloten in het vinden van een balans tussen?enerzijds het beschermen van de bevolking tegen pedofielen en?anderzijds de bescherming van personen (inclusief het duo) tegen
de betogers.

6. Ten slotte speelt de subjectieve risicoperceptie van de maatschappij?een rol in deze casus. De maatschappelijke inschatting van?het risico op misbruik van kinderen, wijkt af van het wetenschappelijk?ingeschatte risico. Daarbij is de maatschappij zich minder?bewust van het risico op andere vormen van kindermisbruik, zoals?grooming.

Hieronder volgt een verdere toelichting bij de dilemma?s.

4 Analyse

Dat Uittenbogaard en Hunefeld op woensdagavond 28 augustus in een?supermarkt in Deventer werden gespot, kwam door berichten op de?sociale media. Hierdoor kwamen veel mensen naar de Beestenmarkt?toe. De volgende dag herhaalde dit zich, nadat het tweetal bij een ijssalon?werd gezien. Dit keer werd via sociale media bekend dat zij zich?in de buurt van de Brink bevonden. Daar werden ze vervolgens beledigd?en bespuugd. Ze vluchtten de ijssalon in, in afwachting van de?politie die hen een veilige aftocht bood. Volgens De Stentor kregen zij?van de lokale overheid het advies om niet meer naar Deventer toe te?komen om herhaling te voorkomen (bron: ?Agenten bieden aangeslagen tweetal veilige aftocht?, De Stentor, 30 augustus 2013). Enerzijds een begrijpelijk advies.
De gemoederen waren inmiddels flink opgelopen en de kans dat het?tweetal opnieuw zou worden belaagd was groot. Anderzijds hadden?Uittenbogaard en Hunefeld niets misdaan; ze hebben geen strafblad?en zijn nooit veroordeeld. Ze zouden wat dat betreft vrij moeten zijn om?te gaan en staan waar ze willen.

In strafwetgeving wordt onderscheid gemaakt tussen pedofilie (het??verlangen naar seksueel contact? met kinderen) en pedoseksualiteit (het??daadwerkelijk hebben van seks? met kinderen). Slechts seksueel contact?met kinderen, het produceren en in bezit hebben van kinderporno?zijn strafbaar; het verlangen en fantaseren niet. Dit onderscheid wordt echter in maatschappelijke discussies niet gemaakt. Pedoseksualiteit en pedofilie worden veelal over een kam geschoren, omdat het ?verlangen naar? de eerste aanzet kan zijn tot het daadwerkelijk hebben van seks met kinderen. Dit zorgt ervoor dat emoties hoog op kunnen lopen.

Omgevingsanalyses

Naar aanleiding van de onrust in Deventer heeft het Crisiscommunicatieteam?van de politie omgevingsanalyses (ook wel?media-analyses genoemd), verzorgd. Het team werkt volgens het proces
van ? Analyse ? Advies ? Aanpak ? Effectmeting.

Door berichten in zowel de traditionele media als op sociale media?te analyseren, is in kaart gebracht wat het sentiment en de informatiebehoefte??in de buitenwereld? was: wat zijn de meest prangende?vragen, wie zijn de belangrijkste actoren en welke duiding wordt er?aan het incident gegeven? De berichten van dagbladen en omroepen?zijn voor de analyse vaak minder van belang dan de reacties van lezers?daarop. Zo kun je door het scannen van reacties op bijvoorbeeld een?bericht van RTV Oost snel ontdekken welke sentimenten er leven.?Zijn mensen bang, boos of vinden ze het vermakelijk. Deze reacties?worden aangevuld met reacties op Facebook, Twitter of andere?sociale?media-platforms waarop mensen actief over het incident hun?mening geven en discussi?ren. Analyses worden gecompleteerd met?bijvoorbeeld vragen die binnenkomen bij het algemene politienummer?0900-8844 of bij de wijkagent, zo ontstaat een redelijk beeld van het?heersende sentiment en dit vormt de basis voor de communicatiestrategie.?De uitvoering van de communicatiestrategie wordt vervolgens in?een nieuwe analyse gemeten: de zogeheten effectmeting. En zo start?het proces van meet af aan. Dit proces kan desgewenst ieder uur doorlopen?worden, waardoor de afdeling communicatie snel kan inspelen?op nieuwe ontwikkelingen.

Ook in deze casus vormden de analyses de basis voor de communicatiestrategie.?Uit de analyses kwam naar voren op welke doelgroep en?prangende vragen de communicatie zich moest richten; welke geruchten?moesten worden ontkracht; hoeveel mensen er mogelijk op een?demonstratie afkwamen en hoe groot de onrust daadwerkelijk was. De?analyses en adviezen werden via de communicatieadviseur van de politie-eenheid Oost in het gemeentelijk beleidsteam ingebracht.

Politie:

Ruimte voor tegengeluid

Er werden in deze zaak twee Facebookpagina?s opgericht die een grote?rol speelden in de mobilisatie van demonstranten: de Facebookpagina??Weg met Martijn uit Deventer? en een pedo-protestpagina. De?Facebookpagina?s bleken populair, want het aantal ?likes? groeide snel.?Vlak na de oprichting van de pagina ?Weg met Martijn uit Deventer???liken? duizenden mensen de pagina en gaven daarbij aan met de?demonstratie op woensdagmiddag 4 september mee te willen lopen.?Deze middag was bewust gekozen, zodat ook veel kinderen konden?meelopen. Vermoedelijk is niet alleen Facebook gebruikt om mensen?te mobiliseren, maar ook WhatsApp en sms. De politie en de gemeente?stonden voor een dilemma. De boodschap dat het duo Hunefeld en?Uittenbogaard niet in de flat Parkzicht verbleef, werd nog steeds niet?geloofd. Enerzijds wenste de gemeente de bewoners van de flat te?beschermen die zich onveilig voelden omdat er kennelijk een pedofiel?zou wonen, maar ook last ondervonden van de demonstraties en?de relschoppers. Aan de andere kant was het begrijpelijk dat ouders?met kinderen zich minder veilig voelden en wilde de gemeente ruimte
geven voor tegengeluid.

Alleen donderjagen

Op de demonstratie vrijdagavond bij het flatgebouw Parkzicht kwam?een groot aantal demonstranten en relschoppers af. Dit keer niet alleen?uit Deventer, maar ook uit omringende steden. Er werd zwaar vuurwerk?afgestoken en naar agenten gegooid. Uiteindelijk was die avond?inzet van de ME nodig nadat betogers ruzie hadden gekregen met?bewoners. Jongelui zouden onrust hebben veroorzaakt toen ze over de?galerijen van de flat zwierven op zoek naar Uittenbogaard en Hunefeld.?Dit terwijl het duo vanaf donderdag al niet meer in Deventer was en?dit ook regelmatig was gecommuniceerd. Deze boodschap landde niet.?Burgemeester Heidema reageerde hier in de media als volgt op: ?Dan?ben je doof of stom, of ben je er alleen om te donderjagen. Het heeft
niets meer te maken met bezorgdheid over pedofilie, maar met rotzooischoppen.? (bron: ?Geweld bij betoging tegen ex-Martijnlid?, NRC Handelsblad, 2 september 2013). De demonstranten waren dan veelal ook geen ongeruste?inwoners van de flat, zo gaf een journalist van De Stentor aan:

?Wat opviel was dat er van heinde en verre vooral veel nieuwsgierige??reltoeristen? op de schermutselingen afkwamen. Snel ge?nformeerd?via vooral de sociale media kwamen ze in auto?s en op scooters en?fietsen naar de flat Parkzicht.? (bron: ?Reltoerisme?, De Stentor, 2 september 2013).

Om er voor te zorgen dat er zaterdagavond niet opnieuw onrust zou?ontstaan, ondernam de gemeente na vrijdagavond actie en legde contact?met de oprichters van de Facebookpagina?s. Nadat de gemeente?hen had verteld dat eventuele schade die door volgende demonstraties?zou ontstaan, op hen zou worden verhaald, werden de pagina?s offline?gehaald (bron: ?Tweede Facebookpagina die was gewijd aan anti-pedodemonstratie in Deventer ook verwijderd?,?De Stentor, 3 september 2013).

Het recht op vrije meningsuiting werd op deze manier niet?geschaad, maar de keuze werd bij de initiatiefnemers van de pagina?s?neergelegd: stoppen of instaan voor de (financi?le) gevolgen. De Facebookpagina?voor de demonstratie op woensdagmiddag 4 september?werd na het weekend weer online gezet, nadat de initiatiefneemster?zich bij de gemeente had gemeld als aanspreekpunt voor de protestactie.?Op de protestactie kwamen ongeveer 150 mensen af (bron: ?Protest tegen pedofielen ? ?open zenuw??, De Stentor, 5 september 2013).

De demonstratieverliep rustig.

deventer

Geruchten worden feiten

Sociale media hebben een grote rol gespeeld bij het verspreiden van?onjuiste berichten. Terwijl sociale media ook een groot zelfreinigend?vermogen kunnen hebben ? omdat mensen elkaar verbeteren of een?discussie aangaan ? was dat in deze casus niet het geval. Onder andere?de politie en de media hebben vanaf donderdag steeds benadrukt dat?Uittenbogaard en Hunefeld niet in de flat woonden. Ook op Facebook?en via Twitter was dit door de gemeente en politie gemeld. Het bericht?werd echter niet geloofd. Donderdagavond lieten betogers zich bij de?flat nog overtuigen door agenten en gingen ze naar huis. Vrijdagavond?was dat niet meer het geval en moest de ME worden ingezet. Een van?de betogers op vrijdagavond, zo schrijft de Stentor, is een ?opgewonden?knaap?. In discussie met een agent zegt hij: ?We willen zelf beoordelen?of die lui in die flat aanwezig zijn. Bovendien, waarom is hier dan nog zoveel politie aanwezig als die pedofielen er volgens jullie niet zijn??

Het wantrouwen naar de politie en media werd versterkt door een foto?die online werd gedeeld. Op deze foto is een man te zien op een balkon?van de flat Parkzicht. De man lijkt van een afstand op Uittenbogaard,?maar hij is het niet. Mensen waren er echter van overtuigd dat hij?nog steeds in Deventer was. Voor de boodschap ?hij is hier niet? die?ook online (Facebook en Twitter) door de politie (@PolitieIJS) en de?gemeente (?GemeenteDeventer? op Facebook) werd gemeld, stond men?niet open. Mogelijk had het beter gewerkt als men dit meer expliciet en?vaker via sociale media had aangegeven. De vraag of herhaling in deze?meer effect heeft, zou het waard zijn te onderzoeken.

Manhunting

Foutieve informatie die niet wordt ontkracht of kan worden ontkracht,?kan schadelijke gevolgen hebben. De laatste jaren hebben we tal van?voorbeelden gezien waarbij mensen zelf voor rechter dreigden te gaan?spelen. Na de aanslag op de Koningin in Apeldoorn in 2009 plaatste?het Algemeen Dagblad op de voorpagina een foto van de vermoedelijke?dader. Dit bleek echter niet de dader te zijn, maar iemand met dezelfde?achternaam. Deze man werd vervolgens bedreigd en lastig gevallen.?Hetzelfde gebeurde bij de identificatie van de ?kopschoppers? in de?zaak van de ernstige mishandeling in Eindhoven. De?namen van de verdachten werden op de website van GeenStijl gepubliceerd?waarmee de ?reaguurders? een man hunt organiseerden. Een?van de verdachten had een naamgenoot (dezelfde voor- en achternaam)?die werd lastiggevallen, bedreigd en beledigd. Ook zijn er voorbeelden?van zogenaamde ?pedojagers? die de mist in zijn gegaan. Begin november
2013 drongen in Harderwijk vier ?pedojagers? al schreeuwend een?woning binnen. Ze dachten dat daar een man woonde die via Facebook?een jong meisje een oneerbaar voorstel zou hebben gedaan. Toen ze?ontdekten dat ze op het verkeerde adres waren, gingen ze ervandoor.?Het gemak waarmee informatie op sociale media als waarheid wordt?beschouwd, is dan ook zeker een dilemma. Zeker wanneer het tegengeluid?van overheden niet wordt geloofd.

Kans op recidive door isolement

Eigenrichting is in feite een negatieve vorm van burgerparticipatie.?Bij het grote publiek bestaat veel begrip voor dergelijke particuliere?initiatieven richting pedo?s, vooral van ouders van misbruikte kinderen.?Toch zien we dikwijls ook positieve vormen van burgerparticipatie,?zelfs bij de terugkeer van pedoseksuelen in de samenleving. Uit?onderzoek is gebleken dat een sociaal isolement van een pedoseksueel?de kans op recidive vergroot (Boone, Van de Bunt & Siegel, 2014, zie onderaan dit blog).?Reclassering Nederland heeft daarom het project COSA (Cirkels voor?Ondersteuning, Samenwerking en Aanspreekbaarheid) omarmd, waarbij?veroordeelde pedoseksuelen na het uitzitten van hun straf in hun?woonomgeving worden bijgestaan door getrainde vrijwilligers en professionals.?In het buitenland is bewezen dat COSA het recidivegevaar?met 80 procent terugdringt. Tijdens de terugkeer van pedoseksueel?Benno L., de oud-zwemleraar uit Den Bosch die vast heeft gezeten voor
kindermisbruik, was er vanuit de bevolking veel weerstand tegen zijn?komst naar de gemeente Leiden. Toch was hier ook een ander geluid?te horen. COSA-vrijwilligers lieten weten Benno L. te gaan begeleiden?en dit zorgde voor relatieve rust. De casus Benno L. dient inmiddels als?voorbeeld hoe maatschappelijke onrust rond dit thema door maatwerk?valt te beteugelen.

Naming and shaming

Op sociale media werd niet alleen verkeerde informatie gedeeld, maar?ook privacy gevoelige gegevens. Naming and shaming (alles met naam?en toenaam noemen en personen aan de schandpaal nagelen) is tegenwoordig?op sociale media volledig ingeburgerd. De volledige namen?van Uittenbogaard en Hunefeld, hun vermoedelijke verblijfplaatsen,?foto?s en video?s werden gedeeld. Mensen laten zich kennelijk niet?weerhouden van het delen van privacygevoelige informatie, terwijl dit?niet zomaar is toegestaan. De overheid heeft zich uiteraard aan deze?regels te houden. Het geven van meer informatie over bijvoorbeeld de?verblijfplaats van Hunefeld en Uittenbogaard had wellicht kunnen leiden?tot meer rust, maar uit privacyoverwegingen konden zowel politie?als gemeente deze informatie niet zomaar vrijgeven. Het geven van?extra informatie over de feitelijke verblijfplaats garandeert bovendien?niet dat het probleem dan is opgelost; de kans dat de onrust zich verplaatst
of juist aanzwelt is aanwezig.

In een recent onderzoek van Boone, Van de Bunt en Siegel (2014, zie onderaan dit blog)?wordt dit privacy-dilemma ook opgemerkt. De onderzoekers bestudeerden?negen zaken waarin maatschappelijk onrust ontstond rond?een zedendelinquent. Daaruit blijkt dat burgemeesters al snel te veel?priv?-informatie over delinquenten delen. In eerste instantie vertellen
bestuurders het liefst zo weinig mogelijk om onrust te voorkomen,?maar als eenmaal bekend is dat er een zedendelinquent in de gemeente?komt wonen / woont, dan willen zij ter geruststelling en in het kader?van openheid en transparantie zoveel mogelijk vertellen, bijvoorbeeld?over de kans op recidive of de psychische toestand. Maar dit is wettelijk
niet toegestaan. Dit betekent volgens de onderzoekers dat ?de burgemeester?soms met gebonden handen op de barricaden staat? (Boone,?Van de Bunt & Siegel, 2014, zie onderaan dit blog).

Risicoperceptie

Burgers hebben niet altijd een re?le risicoperceptie. Uit angst voor?herhaling, reageren burgers soms fel op de komst van een pedofiel in?hun woonomgeving, maar het risico dat een pedofiel via het wereldwijde?web kinderen verleidt is feitelijk veel groter. Men is zich daar?over het algemeen weinig van bewust. Tegenwoordig zijn pedofielen?en pedoseksuelen steeds vaker actief op het internet. Dit digitale kinderlokken?noemen we grooming (inkapselen). Een groomer doet zich?voor als iemand anders en neemt bij het eerste contact ? bijvoorbeeld?via een chatforum ? de leeftijd van het potenti?le slachtoffer aan en?maakt daarbij gebruik van fictieve profielfoto?s. De groomer probeert?het vertrouwen van de minderjarige te winnen door aan te sluiten op de?belevingswereld en een luisterend oor te bieden. Dat gaat heel subtiel.?Vervolgens gaat de groomer over op meer dwingende methoden die?ertoe kunnen leiden dat het slachtoffer zich bijvoorbeeld uitkleedt voor
de webcam. Deze beelden of chatberichten worden vaak gebruikt als?chantagemiddel richting klasgenoten of ouders. In sommige gevallen?leidt het contact tot een daadwerkelijke ontmoeting met de groomer.?Een groomer richt zich niet op een of enkele slachtoffers, maar vaak op?tientallen of honderden tegelijk. Uit onderzoek blijkt dat 15 procent van?de Nederlandse middelbare scholieren (13-16 jaar) via internet weleens?het verzoek heeft gehad tot het hebben van seksueel contact. Volgens?Van Kleef, projectleider Zeden bij de nationale politie, zullen we ook of?juist grooming moeten voorkomen, en ligt daar een taak voor iedereen:??We moeten meer investeren in de bewustwording van de risico?s van?grooming bij ouders, opvoeders, leerkrachten en uiteraard de jongeren?zelf.?

5 Afronding

De terugkeer van een (veroordeelde) zedendelinquent lijkt vaak voor?maatschappelijke onrust te zorgen. Volgens recherchekundige Van?Lier, operationeel specialist Zeden, is echter het tegendeel waar. Er?keren per jaar honderden zedendelinquenten terug in de maatschappij?en meestal ontstaat er helemaal geen onrust. Dat betekent volgens?Van Lier niet dat we niets moeten doen.
?Het allerbelangrijkste is dat zoveel mogelijk wordt gedaan om te?voorkomen dat de zedenpleger opnieuw in de fout gaat, zoals behandeling?en adequaat toezicht door de reclassering in samenwerking
met de gemeente en de politie.??Een proactieve, integrale aanpak en gebruikmaken van de ervaringen?die inmiddels met zedenzaken zijn opgedaan (zie bijvoorbeeld Vollenbroek,?2003), lijken de sleutel tot succes. En als er toch onrust ontstaat,?is maatwerk noodzakelijk, aldus Van Lier:

?Het kan gaan om diverse aanjagers van onrust: slachtoffers, buurtbewoners,?pedojagers of relschoppers. Naast huisvesting en hulpverlening?is daarom het communicatietraject belangrijk. De aanpak
is afhankelijk van het type aanjager en van de mate en de aard van de?onrust. Waar bij ongeruste buurtbewoners persoonlijke aandacht en?betekenisgeving goed werken, heeft dit bij pedojagers en relschoppers?een averechts effect.?

Ook Van Kleef meent dat het een kwestie is van communicatief maatwerk.

?Beleg niet direct bij het eerste bericht of gerucht een voorlichtingsavond,?terwijl je weet dat je dan voor een zaal staat zonder antwoord?te kunnen geven op de meest prangende vragen. Dat vergroot alleen?maar de onrust. Het vergt een afweging tussen openheid, snelheid?en zorgvuldigheid.?

Om maatwerk te kunnen leveren, is het van belang om goed op de?hoogte te zijn van wat er in de maatschappij leeft. Omgevingsanalyses?zijn daarvoor een goed instrument en tegenwoordig vrijwel onmisbaar.