Tagarchief: burgeropsporing

DIY Detectives: Creep Catchers

creep-catcher-screenshot

In de serie op dit blog over online burgeropsporingsgroepen, blogden we eerder over online pedojager groepen als?Online Predator Investigation Team (OPIT),?The Punisher Squad,?Stinson Hunter,?Letzgo Hunting,?Daemon Hunters,?Dark Justice,?Anonymous DeathEaters, The Internet Interceptors?en?Peadophiles Unmasked. Maar ook televisieprogramma’s die dergelijke methodes gebruiken zoals “To Catch A Predator en?Dog The Bounty Hunter. Dit blog gaat over een groep uit Calgary, Canada” de Creep Catchers.

o-CREEP-CATCHERS-570 (1)

Ook de leden van de Creep Catchers gebruiken?gefingeerde?social media accounts om?vermeende online pedofielen te ontmaskeren.?De politie in?Alberta (VS)?ontmoette?twee leden van de?”Creep Catchers” nadat ze een verdachte in beeld kregen.?Zij vertelden aan de agenten dat ze zich als een tienermeisje voordeden die deed alsof ze wel in was voor een afspraakje. Ze namen vervolgens alles op video op en dreigden de beelden op social media te publiceren als de verdachte zich niet zou aangeven bij de politie. De politie zei erover:?”Mensen?die zich bezighouden met burgeropsporingsactiviteiten lopen?een?aanzienlijk risico bij de mensen die ze confronteren”.?Creep Catchers zijn onderdeel van een?groeiende trend die zorgt voor hoofdpijn?bij de lokale autoriteiten, waaronder die van Calgary waar Dawson Raymond, die zich leider van de groep noemt, met een openbare naming & shaming campagne is begonnen.

Raymond legt uit dat ook hij zich?voordoet als een jong tienermeisje op diverse online dating sites. Daar beweert hij dat er al snel tientallen mannen zijn die hem benaderen, terwijl ze weten dat ze met een (weliswaar fictief) minderjarig meisje praten. Hij confronteert deze mensen vervolgens met video-opnames?die hij op zijn website plaatst.

Zijn?website?stelt dat Creep Catchers de uitbuiting van kinderen en jonge volwassenen helpt voorkomen. “We breiden onze groep?in Canada uit om pedofielen te identificeren en te vangen?en we werken ook aan andere online misstanden”, aldus de site.

De politie van Calgary geeft aan dat ze de tactieken van Raymond niet zomaar goedkeuren, maar ze hebben wel onderzoeken lopen op de opgenomen video’s die Raymond bij ze aanleverde. De politie waarschuwt dat burgeropsporingshandelingen het?politieonderzoek kunnen bemoeilijken en het verzamelen van bewijsmateriaal be?nvloeden waardoor verdachten mogelijk niet veroordeeld kunnen worden. De politie van Medicine Hat voegt daaraan toe dat burgers die mensen beschuldigen zonder bewijs het risico lopen dat ze zelf vervolgd kunnen worden voor laster of smaad omdat ze nog?onschuldige mensen reeds?veroordelen.?”Hoewel de meeste Creep Catchers binnen de wettelijke grenzen blijven, komen veel van de incidenten gevaarlijk dicht in de buurt van?strafbare feiten,” zei politie van Medicine Hat.

Ook het maken van valse online profielen op social media kan identiteitsdiefstal of fraudezaken tot gevolg hebben. Daarnaast kan?Creep Catchers worden beschuldigd van intimidatie of belemmering van de rechtsgang als ze hun inspanningen al te ver doorvoeren.”

“Als burgers?echt potenti?le slachtoffers willen beschermen en een?veilige buurt wensen, kunnen ze het beste vertrouwen op het rechtssysteem dat het?beste middel?is voor dit soort doeleinden”, aldus de politie.?”Onafhankelijke buurtwachtonderzoeken cre?ren complicaties voor rechtbanken en ondermijnen uiteindelijk de ware?gerechtigheid.”

creep-catchers

o-CREEP-CATCHERS-570

Bronnen: Calgary Herald, CBC, Huffington Post, Net Newsledger

DIY Detectives: Online pedojagers

pedophiles

De komende dagen plaatsen we?op dit blog een serie over online burgeropsporingsgroepen, met groepen?als het?Online Predator Investigation Team (OPIT),?The Punisher Squad,?Stinson Hunter,?Letzgo Hunting,?Daemon Hunters,?Dark Justice,?Anonymous DeathEaters, The Internet Interceptors,?Creep Catchers?en?Peadophiles Unmasked. Maar ook televisieprogramma’s die dergelijke methodes gebruiken zoals “To Catch A Predator en?Dog The Bounty Hunter?die social media nu ook omarmen in de opsporing van criminelen.

Pedofielen op Facebook en gewone burgers?die ze opsporen, het is een groeiende trend. Wat ook groeit is online?kindermisbruik dat sinds 2010 is verviervoudigd, en zeker in het Verenigd Koninkrijk lijkt de deksel nu echt?van de beerput. Bijna dagelijks is er een geval in de kranten en soms komen er?zaken naar voren met grote namen, zoals?bekendheden in politiek, bedrijfsleven en entertainment industrie.

Maar hoe vind?je de pedofielen?eigenlijk die?verborgen zitten achter een social media profiel?

Nicci Astin scrolde door een?Facebook-groep over stoppen met roken toen ze iets vreemds zag. Tussen de?tips en anekdotes stond een foto?van een kind dat werd misbruikt en geplaatst was door een mannelijke Facebook gebruiker. “Ik dacht eerst dat hij gewoon een trol was. Maar dat?bleek niet zo te zijn. De man had nog meer?soortgelijke foto’s?op zijn profiel”, vertelt ze. Toen ze doorklikte op zijn “vrienden”-lijst zag ze nog veel meer?pagina’s die gevuld waren met dezelfde.

Astin kwam zo voor het eerst in aanraking met de sociale wereld van pedofielen en kindermisbruikers die niet alleen beelden uitwisselen, maar ook connecties aangaan met elkaar en zelfs kinderen op social media benaderen. Ze was niet de enige die dit opmerkte. Ook andere gewone mensen werden meegezogen in dit fenomeen dat vrij open aanwezig was. Katie Ivall?zocht online?pedofielen omdat haar eigen dochter werd benaderd. Ze vertelde de BBC: “Dit is de donkere kant van het internet”.

Allereerst klopte Astin aan bij de politie die haar alleen kon melden: “Het is op Facebook, wat wil je dat we doen?”.

Ze sprak vervolgens met anderen die soortgelijke?ervaringen hadden en ze vormden samen een groep met als?doel meer informatie over deze mensen te verzamelen. Om deze?dan vervolgens door te spelen?aan de politie. Meerdere leden van?de groep deden zich voor als?13 of 14 jarige meisjes en spraken met de mensen die hen benaderden totdat ze hun telefoonnummer onthulden of een ??ontmoetingsplaats hadden afgesproken.

Dit lijkt misschien een vreemde hobby, maar het werd vooral ingegeven door de wettelijke en technologische bureaucratie?waar burgers?die dit soort zaken melden mee worden afgescheept. Het?Facebook beleid stelt dat “seksueel materiaal, seksuele berichten?met minderjarigen, bedreigingen tot het delen van intieme foto’s en aanbiedingen van seksuele diensten worden verbannen van de site”. Toch kunnen?bekende actieve pedofielen de volgende dag met een?nieuw account weer aan de slag.

hackers on steroids

Oisin Sweeney, die ook een lid van de groep werd, schrijft in zijn boek Hackers on Steroids over deze duistere internet subculturen. In zijn boek beschrijft hij een zaak waarin een zekere?Paolo Ghelardini?als “topprioriteit” doelwit werd van?de groep. Toen de politie deze man?arresteerde, vonden ze 9.500 foto’s en 1.000 videobeelden van kinderen in zijn huis. Hij had ten minste 19 Facebook-accounts gehad in de periode tussen?januari 2010 en mei 2011.

De groep beweert ook?direct betrokken te zijn geweest bij?de arrestatie van een aantal andere individuen?die online actief waren en foto’s van kinderen bezaten van wie sommigen actief werden misbruikt. Ze gaven informatie door aan de?Internet Watch Foundation (IWF), een organisatie die samenwerkt met Facebook om kinderen online veilig te houden. De groep stuurde ook bewijsmateriaal aan de?Child Exploitation and Online Protection Agency (CEOP), onderdeel van?de National Crime Agency.

Astin geeft als voorbeeld een zaak?waarin een?aantal leden van de groep zich online voordeed als tiener en met?John Huitema afspraken, een Nederlandse man uit Glasgow. Oisin Sweeney gaf de gegevens vervolgens door?aan de CEOP (de CEOP zegt alleen dat zij blij zijn met tips van burgers, maar wil niet ingaan op individuele zaken).

Toen de politie hem arresteerde bleek dat meneer Huitema 7.333 illegale beelden had op zijn computer. Zoals de groep al dacht, had hij ook een twee jarig meisje misbruikt en er foto’s van online gezet. Hij werd in juli 2012 veroordeeld tot vier en een half jaar gevangenis, en zal na vrijlating worden uitgezet naar?Nederland.

Het Engelse?CEOP ontvangt tips meestal?niet van individuen, zoals Sweeney en Astin, maar van het National Centre for Missing and Exploited Children (NCMEC) uit?de VS, omdat volgens de Amerikaanse wet Facebook en andere social media platformen hun informatie aan hen moeten overdragen als het om?kinderporno gaat. In 2010 ontving CEOP 400 aanwijzingen per maand van de NCMEC. Nu, in 2016, ontvangen ze er elke maand rond de 1800! De toename heeft ook te maken met de eenvoudigere meldingsmogelijkheden, maar meer dan verviervoudiging betekent dat deze illegale activiteiten flink stijgen.

To-catch-A-Preditor

Deze gewone burgers, die het als hun?plicht zien om op pedofielen te jagen, zijn een beetje verworden tot clich? door?televisieprogramma’s als NBC’s To Catch a Predator. Toch zien mensen als Astin geen andere optie als ze?deze verdachten?aanmelden om ze?vervolgens de volgende dag weer verder te zien gaan via een ander account. Astin heeft al langer campagne gevoerd tegen kindermishandeling, zoals in de zaak van Daniel Pelka, die dodelijk verhongerde bij?zijn eigen ouders. Voor Astin?is het onmogelijk om gewoon de andere kant op te kijken, of de beelden simpel weg te klikken.

De IWF werkt rechtstreeks met Facebook om dit soort misbruik?tegen te gaan en zegt?erover: “Als IWF lid heeft Facebook zero tolerance voor seksueel misbruik van kinderen … Facebook is een van de leiders op het gebied van?nieuwe technologie om deze problemen te bestrijden. “?Een woordvoerder van Facebook vertelt dat ze onder andere Microsoft’s?PhotoDNA technologie gebruiken die pornografisch materiaal matcht met een register van bekend materiaal. Dit kan de verspreiding van bestaande beelden op?het web stoppen maar niet zomaar?nieuwe herkennen. Facebook heeft ook een “single point of contact” die hulp bij rechtshandhaving in bestaande onderzoeken mogelijk maakt.

Zowel Sweeney en Astin hebben?gevallen gemeld waarbij ze automatisch een antwoordbericht ontvingen waarin stond dat de beelden “de richtlijnen van Facebook niet hadden overtreden”. In een?BBC onderzoek naar pedofielen online?had de verslaggever exact dezelfde ervaring met Facebook.

Een deel van het probleem is dat de context van een foto doorslaggevend?kan zijn: de?BBC uitzending laat een foto zien van een “meisje van 10 of 11 in een vest” die onder de meeste omstandigheden niet verwijderd zou worden. Dit is een behoorlijke uitdaging voor Facebook, want het zou enorme resources vereisen?om mensen al deze?afzonderlijke berichten te laten bekijken.

Astin en Sweeney denken dat vooral?geheime groepen een groot probleem zijn. Deze zijn niet doorzoekbaar en je moet worden uitgenodigd om mee te doen en pas dan kun je de beelden?zien. “De?ergste dingen die ik ooit in mijn leven heb gezien waren in dergelijke?geheime groepen,” vertelt Astin.?De groepen zijn herkenbaar aan de namen en trefwoorden die deze gebruikers hebben ontwikkeld in deze groepen. In het boek van Sweeney legt hij uit hoe er een?hele pedofiele subcultuur met?eigen woorden, codes en symbolen en ook eigen helden zijn. Onderstaande symbolen zijn gelekt via een?FBI-document op Wikileaks:

 

wikileaks

“Pthc” of “Pre-teen harde kern” was een veel voorkomend acroniem dat nog steeds wordt gebruikt, ook al probeerde Facebook deze te blokkeren. Astin vertelt dat gebruikers gewoon “puntjes tussen de letters zetten” om de beperkingen te omzeilen. Een Facebook woordvoerder vertelt dat ze samenwerken met veel organisaties samenwerken en?de lijst van termen regelmatig aanpassen.

In 2011 vroeg?de politie Astin en Sweeney te stoppen met de pedojagersgroep, want wat ze deden viel in een juridisch grijs gebied. De groep had toegang tot illegaal materiaal en deed zich voor als kind, iets dat de politie liever in een gecontroleerde omgeving deed. In hetzelfde jaar werd een documentaire gemaakt door Mark Williams-Thomas (een ex-politieman die hielp in de ontmaskering van Jimmy Savile) die laat zien dat in Engeland de politie nu dezelfde tactiek gebruikt als de burgerspeurders om online misbruikers aan te pakken.

Toch blijkt uit de?cijfers van de CEOP, en ook uit Astin’s eigen ervaring, dat het probleem juist verslechterd is na 2011. “Ik ben natuurlijk niet meer met nepaccounts actie, maar kan nog wel avanf mijn eigen account kijken en zodra je ??n iemand vindt, vind je de een na de ander.?Er zijn er minstens duizenden, het is absoluut afschuwelijk. ”

Wat zou kunnen helpen? De Metropolitan Police geeft als antwoord:?”Het distributienet voor beeldmateriaal van kindermishandeling kan?worden gesloten als de productie van het materiaal effectief wordt gecontroleerd”. Dit is een mooi?doel, maar het wordt nog veel ingewikkelder als je bedenkt dat er heel veel sociale netwerken zijn waarin dit gebeurt: Facebook, Twitter,?Instagram of de app Kik waar veel jeugd gebruik van maakt:


Astin vindt?dat Facebook meer verantwoordelijkheid moet nemen over wat mensen online plaatsen. De real-name policy, het afdwingen van het gebruik van je eigen naam, ziet zij als een goede mogelijkheid. Aan de andere kant kunnen ze gewoon?verder op andere platformen waar dergelijke regels niet gelden. De beste weg lijkt in ieder geval om meer?samen te werken met de politie om de daders te pakken, in plaats van gewoon hun online accounts?te verwijderen.?Dit lijkt nu ook te gaan gebeuren op een schaal zoals we die niet gekend hebben, omdat politie in Engeland de zedenteams fors aan het uitbreiden is, wellicht zelfs met cyber volunteers als het aan Jim Gamble ligt. Hij is voormalig hoofd van CEOP en vindt dat de overheid bij lange na niet genoeg doet. En de Britse wet maakt het voor burgers steeds moeilijker om in de opsporing bij te dragen, omdat het klikken op of kijken naar?onzedelijke beelden strafbaar kan zijn en ook direct contact met pedofielen riskant is vanuit juridisch oogpunt.

Astin reageert nuchter: “Als de politie evenveel tijd zou hebben als wij zou het een oplossing kunnen zijn. Maar ik kom liever in dergelijke?problemen dan dat er een kind wordt misbruikt. Ik wil best de hele dag in de rechtbank zitten als dat betekent dat ik dergelijk misbruik kan voorkomen. ”

Bronnen: NewStatesman, Liverpool Echo

Nederlandse speurders van Bellingcat

bellingcat_HP_logo_black

Al enige tijd bloggen wij over het Bellingcat?initiatief. Een online platform voor burger-onderzoeksjournalistiek die?op geheel eigen wijze bijdragen?aan de opsporing, zoals een uitgebreide?analyse van de neergehaalde vlucht MH17. Eliot Higgins?startte het initiatief?in de zomer van 2014 op?na?een crowdfunding actie op KickStarter. Binnen exact vier weken?behaalde hij zijn target van 47.000 pond op Kickstarter, nadat hij eerder al via Indiegogo geld binnenhaalde voor zijn Brown Moses-blog?waarop de destijds werkloze boekhouder op systematische wijze vrij toegankelijke informatie op sociale media begon te analyseren en verifi?ren en erachter kwam hoe het?Syrische leger clusterbommen gebruikte.

Met Bellingcat wil Higgins deze vorm van onderzoeksjournalistiek een stap verder brengen en professionaliseren. ?Het is ongelofelijk hoe weinig mensen weten hoe je?open source-onderzoek uitvoert?, zei hij in een eerder?interview?met?Journalism.co.uk. En dat terwijl online content steeds vaker strategisch wordt gebruikt, meent Higgins. Bellingcat ging direct online en werd ingezet bij de analyse van de neergehaalde vlucht MH17.

Inmiddels is er al veel geschreven over Bellingcat, dus hoog tijd om ook wat te horen van de Nederlandse leden die hebben bijgedragen in diverse zaken, waaronder de voor Nederland zo omvangrijke opsporingszaak MH17.

Een interview met?Pieter van Huis

20160224-dwdd-gesprek2_8

Een van die leden is Pieter van Huis. Ik stelde?hem een paar vragen over hoe hij het werk via dit platform ervaart.?Eerder gaf hij een?radio interview?en zat?hij in DWDD:

  1. Kun je wat vertellen over wie je bent en wanneer en hoe je met Bellingcat in aanraking kwam?

Ik ben momenteel aan het afstuderen in geschiedenis. Mijn interesse in de voormalige Sovjet-Unie en de islamitische wereld bracht mij in aanraking met Bellingcat. Ik kende de oprichter, Eliot Higgins, al voordat hij zijn eerste blog was begonnen. Niet persoonlijk, maar we waren actief op hetzelfde forum waarop veel mensen zaten die de conflicten in het Midden-Oosten en later ook Oost-Europa aandachtig volgden. Zo werd ik er getuige van hoe hij, puur als hobby, was begonnen met een blog?waarop hij de wapenhandel richting?Syri? in kaart bracht aan de hand van verzamelde YouTube video?s.

Op een gegeven moment stapte?ik zelf met een onderzoek op hem af?dat uiteindelijk ook op de website werd geplaatst. Nadat hij de eerste opzet van mijn onderzoek had gelezen werd ik uitgenodigd om lid te worden van het Bellingcat MH17-onderzoeksteam. Dit team bestond toen nog slechts uit zeven man. Het team bleef groeien en hield zich uiteindelijk steeds meer bezig met onderwerpen die niet aan de MH17 gerelateerd waren.

  1. Wat is of was jouw motivatie om er zoveel tijd in te stoppen?

Voornamelijk mijn interesse in oorlog en conflicten, maar ook het gevoel iets te willen betekenen voor mensen die groot onrecht is aangedaan. Er komt een soort verantwoordelijkheidsgevoel bij kijken, want veel van de gegevens die wij verzamelen worden weer verwijderd. Als wij deze niet tijdig opslaan dan zijn ze wellicht voorgoed verdwenen.

De meesten van ons, waaronder ikzelf, kunnen echter niet fulltime voor Bellingcat werken. Bijna niemand van ons verdient geld met bijdragen, dus alles gaat ten koste van onze eigen?vrije tijd. Op een gegeven moment bereikt iedereen een punt waarop hij uitgeput lijkt te raken. Zo ben ik zelf ook lange tijd inactief geweest, of semi-actief omdat ik simpelweg geen tijd en energie over had.

  1. Noem een paar voorbeelden van projecten waar jij je voor hebt ingezet.

Mijn eerste onderzoek ging over de gevechten en gewelddadigheden in de stad Marioepol op 9 mei 2014. Oekra?ense soldaten werden er in de media van beschuldigd dat zij opzettelijk op burgers hadden geschoten. Deze beschuldigingen speelden een belangrijke rol in de Russische propaganda en werden soms ook overgenomen in de internationale media. Ze werden echter nooit goed geverifieerd. Vooraf leek het geen groot onderzoek, maar uiteindelijk groeide het uit tot een groot onderzoek dat enkele maanden kostte om in mijn eentje te voltooien.

victim4impact

Met een grondige analyse kon ik aantonen dat er zich in Marioepol iets heel anders had afgespeeld. Uit de beschikbare beelden op social media bleek dat militanten verkleed als burgers bezig waren met de bestorming van een politiebureau. Een aanval die opzettelijk werd gepleegd op een beladen feestdag om zo een confrontatie met het publiek uit te lokken. Ook schoten mensen vanachter de menigte met vuurwapens op de soldaten. Het belangrijkste was echter dat ik kon aantonen dat Oekra?ense soldaten niet opzettelijk op burgers schoten. Wel waren ze onprofessioneel bezig. Zo schoten ze herhaaldelijk voor de voeten van betogers om zo de menigte op afstand te houden. Een getrainde militair weet echter dat hij dat op straat nooit moet doen, want de kogel ketst af (ricochet).

ShootingLocation1

Verder heb ik ook kunnen bijdragen aan het MH17-onderzoek. In eerste instantie leek het lastig om in te haken in een onderzoek dat andere leden al veel langer bezig hield. Echter, op een gegeven moment raakte een aantal van de onderzoekers duidelijk uitgeput. Toen schoot ik te hulp. Mede doordat bleek dat ik goed kon samenwerken met Daniel Romein (hieronder meer over hem), ??n van de meest actieve leden en ook?Nederlander, heb ik uiteindelijk toch belangrijke bijdragen kunnen leveren.

  1. Wat zijn voorbeelden van mooie resultaten die je gezien hebt in de diverse?Bellingcat?projecten?

Dan denk ik meteen aan de onderzoeken naar de gifgasaanval op de buitenwijken van Damascus. Nu heb ik veel heftige beelden uit Syri? voorbij zien komen, maar de video?s van zwaargewonde kinderen door gifgasaanvallen blijven mij het meeste bijstaan. De beelden die Eliot wist te verzamelen en te lokaliseren tonen duidelijk aan dat het Syrische leger verantwoordelijk moet zijn geweest voor deze misdaad. Een belangrijk gegeven, want zowel Syri? als Rusland wijzen tot op de dag van vandaag met de vinger naar hun politieke tegenstanders (een bekende tactiek).

Het onderzoek toonde ook aan dat de buitenlandse inlichtingendiensten nog weinig?gebruik maakten van open-source intelligence. Als reactie op de gifgasaanval leek de VS van plan om militair in te grijpen tegen Assad. Het was dus in hun eigen belang om met goed bewijs te komen. Het Witte Huis gaf vervolgens een kaart vrij met daarop de vermeende frontlinies die de beschuldigingen slecht ondersteunde. De met gifgas gevulde raketten hadden een bereik van maximaal ongeveer drie kilometer, terwijl de kaart van de Amerikanen de illusie gaf dat het Syrische leger op grotere afstand was gestationeerd. Met het verzamelen en lokaliseren van alle relevante beelden kon Eliot echter aantonen?dat het Syrische leger diezelfde dag binnen het bereik van de raketten bezig was met een legeroperatie.

  1. Wat voor soort mensen zijn lid van Bellingcat? (van begin tot nu)

Dat is vrij divers. Ik moet daarbij meteen onderscheid maken tussen de inzenders en de leden van het onderzoeksteam. Veel journalisten, zowel beginners als mensen met een lange staat van dienst, hebben onderzoeken aangeleverd bij Bellingcat die op de website worden geplaatst. Het voordeel voor hen is dat Bellingcat geen woordenlimiet heeft, in tegenstelling tot de meeste mediakanalen. Bovendien wordt alleen goed onderzoek geaccepteerd, waardoor de publicaties meteen al veel aandacht krijgen.

Dan is er nog het onderzoeksteam waar iemand alleen op uitnodiging bij kan komen. Momenteel hebben bijna 20 mensen toegang tot alle lopende onderzoeken, maar slechts de helft daarvan is actief. De leden komen uit verschillende Europese landen, de Verenigde Staten en het Midden-Oosten. De meeste leden daarvan zijn al vaders met een gemiddelde leeftijd van ergens in de 30, maar de laatste tijd zijn er steeds meer studenten bijgekomen. Ook hebben we nu ??n vrouwelijk lid.

De meest actieve leden van het onderzoeksteam heb ik leren kennen als mensen met een grote interesse in internationale betrekkingen en mensenrechten. Een aantal hebben journalistiek of Russisch/ Arabisch gestudeerd en hielden zich eerder al professioneel bezig met gerelateerde onderwerpen. Anderen zijn ICT’er, maar ook bij hen is de interesse in de buitenlandse politiek leidend. In principe hoef je geen bijzondere ICT-kennis te hebben voor open-source onderzoek, maar ik merk wel op dat alle leden bijzonder snel kunnen omgaan met computers en internet.

  1. Hoe blijft Bellingcat objectief en onafhankelijk?

In principe door ook onderzoeken te doen of te accepteren die niet populair zullen zijn bij de eigen regeringen van de leden. Onze critici verspreiden doorgaans het bericht dat wij alleen de belangen behartigen van NAVO-landen. Dit is onterecht, want een aantal onderzoeken op Bellingcat kaarten ook de misstanden aan van NAVO-landen of partners daarvan. Veel mensen weten bijvoorbeeld niet dat Eliot als eerste bekendheid kreeg toen hij liet zien dat wapens die geleverd werden met hulp van de CIA in de handen waren gekomen van jihadisten. Dit bracht het Witte Huis alleen maar in verlegenheid.

Het blijft voor ons echter het meest uitdagend om tegen staatspropaganda in te gaan en deze is nou eenmaal het sterkst in niet-democratische landen. Dit is ook wat het publiek lijkt te interesseren. Zo werd er door ??n van ons een artikel geschreven?over de Amerikaanse luchtaanvallen op het ziekenhuis in Kunduz (Afghanistan). Dit onderzoek bleek minder populair te zijn, want de VS gaf vrij snel toe verantwoordelijk te zijn geweest voor de burgerslachtoffers. Als zij in de ontkenning waren geschoten, zoals Rusland structureel doet, dan was het onderzoek waarschijnlijk veel populairder geweest.

  1. Hoe verandert Bellingcat? Wordt Bellingcat professioneler? Wordt het commerci?ler? Waar werkt het wel of niet mee samen?

Echt commercieel zal Bellingcat nooit worden, schat ik zo in. In principe geven we de onderzoeken gratis vrij. Soms houden we ongecensureerde versies achterwege die alleen worden gedeeld met politie en justitie. In beide gevallen wordt er geen winst mee gemaakt. Misschien dat in de toekomst onderzoeken voor een geldbedrag aan kranten kunnen worden verkocht, maar ook dat zie ik niet snel gebeuren.

Eliot is wel continu op zoek naar sponsoren om de teamleden zelf te kunnen betalen voor hun diensten. Zelf krijgt hij een beurs van Google, die net hoog genoeg is om ??n ander lid in een salaris te voorzien. Samen beheren zij de website. Ook is er in het verleden samengewerkt met de Atlantic Council (een Amerikaanse denktank) om een rapport over Russische soldaten in Oost-Oekra?ne te promoten. Hier werd uiteindelijk een korte documentaire over gemaakt door Vice. Een salaris voor iedereen lijkt op korte termijn echter niet re?el. Niemand van de teamleden weet zeker of hij of zij lang door kan blijven gaan op puur vrijwillige basis.

  1. Hoe worden taken en werk verdeeld??

We maken gebruik van Slack voor de communicatie en het uitwisselen van bestanden. Elk onderzoek heeft zijn eigen kanaal en leden kiezen zelf of zij zich hiervoor aanmelden. De leden kunnen vervolgens zelf een bijdrage aan een onderzoek doen. Er worden eigenlijk nooit verwachtingen gecre?erd, want het blijft vrijwilligerswerk, maar mensen met een specialisatie of de juiste talenkennis worden doorgaans gevraagd om te assisteren.

  1. Kun je voorbeelden geven van het validatieproces van Bellingcat en eventuele methoden of tools?die daarbij gebruikt worden??

Eigenlijk maken we niet zoveel gebruik van speciale tools. Als we een interessante bron vinden (foto?s, video?s, tweets, facebookberichten, etc.) dan valideren we deze vooral door meer bronnen te verzamelen. E?n bron is geen bron, maar met meerdere bronnen kunnen we echter nagaan of alles overeenstemt.?Letten op de kleinste details, zoals schade aan gebouwen, weersomstandigheden en de stand van de zon is dan belangrijk.

Soms schakelen we de hulp in van derde partijen. Zo hebben journalisten ons in het verleden geholpen door foto?s te nemen van bepaalde plekken om belangrijke filmopnames te verifi?ren. Ook hebben we eerder met behulp van crowdfunding satellietfoto?s opgekocht. Deze tonen aan dat het Russische ministerie van Defensie opzettelijk gemanipuleerd MH-17 bewijs heeft aangeleverd. Zonder crowdfunding was dat niet gelukt, want ??n satellietfoto kost al snel meer dan duizend Euro.

  1. (Wanneer) Zou je het anderen aanraden om ook mee te doen??

Als iemand grote interesse heeft in de buitenlandse politiek en snel is met computers. Ik denk dat het onderzoeken van social media in de toekomst een steeds grotere rol zal geen spelen. Niet alleen in de journalistiek, maar ook in de politiek, het strafrecht, de terreurbestrijding en bij mensenrechtenactivisme. Je specialiseert je daarmee in iets waar nog maar weinig mensen verstand van hebben. Bovendien is het erg interessant; ik heb nog nooit zoveel geleerd over de wereld als in de afgelopen twee jaar.

  1. Welke gevaren zie je voor (werk of leden van) Bellingcat?

Dat is moeilijk in te schatten. In principe is ons werk veel veiliger dan het met een camera naar de frontlinies trekken (wat enkelen van ons ook doen, zoals ons nieuwste Nederlandse lid Christiaan Triebert). Wel zijn er veel mensen die niet blij zijn met ons werk. De meesten van ons werken vanuit landen die bescherming kunnen bieden, mocht het ooit uit de hand lopen. Anderen werken vanuit niet-democratische landen en moeten wel een schuilnaam gebruiken.

  1. Welke kansen of toekomst zou jij graag zien voor Bellingcat of soortgelijke initiatieven?

Ik zou vooral willen zien dat er in de media meer ruimte komt voor langdurige onderzoeksjournalistiek. Nu moeten veel journalisten het doen met een mager salaris en zijn kranten en journalen alsmaar bezig met het samenvatten van de laatste berichtgeving. Vandaag de dag hebben velen van hen steeds meer moeite om op eigen?poten te blijven staan, dus misschien biedt een investering in een andere en nieuwe manier van onderzoek voor hen nieuwe perspectieven.

0ecdd85f-89a0-43d2-9be2-93feea43869d

‘Daniel Romein’

Een ander Nederlands lid is Daniel Romein, een pseudoniem, dat zich stortte op het MH17 onderzoek en er bijna een obsessie van maakte. “Ik ben er in mijn hoofd erg vaak mee bezig”, zegt de man die?met de Volkskrant?sprak in een caf?.

Onwennig gaat hij zitten. Hij heeft een vriendelijk gezicht. Af en toe schiet zijn blik met een ruk naar rechts. Dan kijkt hij wie er buiten in de regen loopt. ‘Ik probeer de tegenstander altijd een stap voor te zijn’, zegt hij. Met tegenstander bedoelt hij de Russen. Hij wil voorzichtig zijn. ‘Als ict’er weet ik welke maatregelen ik moet nemen.’

Hij?werkt in het geheim voor onderzoekscollectief Bellingcat. Bijna niemand die het weet. Familie, vrienden, collega’s: de meesten hebben geen idee. Hij houdt de kring graag klein. Zelf schat hij het aantal op maximaal tien. Het afgelopen jaar onderzocht hij in de avonduren welke Russische militairen betrokken waren bij het neerschieten van vlucht MH17.

Zijn computer als wapen. Urenlang kijkt hij naar dat scherm en struint hij Russische sites en sociale media af. Hij doet het vrijwillig, naast een baan als ict’er. Soms wordt het laat – 2 uur ’s nachts – en zit hij met kleine ogen de volgende morgen op kantoor. Soms ziet hij het even niet meer zitten. Dan gaat het stroef en kan hij er met niemand over praten.

Hoewel hij nooit in Oost-Oekra?ne is geweest, staat de kaart van het rebellengebied in zijn hoofd geprent. Dan praat hij over dat ‘ene weggetje bij de grens met Sjeverny’, alsof hij er staat: ‘Voor de grens, die overigens niet helemaal duidelijk is, moet je door een nauw straatje, door een straat die over een heuvel gaat met een scherpe haarspeldbocht, of door een stuk grasland. De militaire voertuigen kiezen duidelijk voor dit laatste en gaan niet over de heuvel met haarspeldbocht omdat dat een moeilijke manoeuvre is.’

Het begint allemaal met het neerstorten van de MH17 in Oost-Oekra?ne. De beelden kan hij moeilijk loslaten. De ramp is voor hem een mix van ontzetting en obsessie met de landen die het treft: Nederland, Oekra?ne en Rusland. Al langer interesseert hij zich voor die regio. Lang geleden leerde hij Russisch. Toen de Russen de Krim binnenvielen, zocht hij naar informatie over de geschiedenis van de Krim. Net zoals toen de oorlog in Oost-Oekra?ne begon.

Romein is binnen Bellingcat degene die zich honderden, misschien wel meer dan duizend uren verdiepte in het zoeken?naar sporen op social media van militairen die betrokken zijn bij het neerhalen van het vliegtuig van Malaysia Airlines. Dat leidde tot een?rapport?dat vandaag is gepubliceerd.

“De ramp heeft mij enorm aangegrepen”, verklaart Romein?zijn motivatie. “Ik vond het zo afschuwelijk. Ik was zo kwaad. Ook al ken ik geen van de slachtoffers persoonlijk. Ik wilde weten welke idioten hierachter zaten.”

Er zit toch een risico aan dit werk, want ik weet dat de Russen echt niet blij zijn met onze onderzoeken.

In het meer dan 100 pagina’s tellende rapport staat niet?wie op de knop van de installatie heeft gedrukt waarmee de?Buk-raket is gelanceerd. Maar binnen een?groep van zo?n twintig?Russische officieren en soldaten van het Tweede Bataljon van de 53ste Brigade uit Koersk weet men volgens Romein wel wie het heeft gedaan. “We weten zeker dat het Tweede Bataljon de Buk-installatie naar de grens met Oekra?ne heeft gebracht.”

Bezeten bezoekt hij allerlei webfora. ‘Ik wilde weten wie het had gedaan.’ Mensen op Nederlandse fora blijken slecht ge?nformeerd. Al snel struint hij Oekra?ense en Russische fora af. De informatiestroom gaat hard.?Onderzoekscollectief Bellingcat komt na een paar dagen al met de eerste rapporten over mogelijke Russische betrokkenheid.?Romein stopt zijn zoektocht. Totdat Bellingcat in september met een nieuw rapport komt en Rusland aanwijst als herkomstland van de BUK. Romein heeft een nieuw onderzoeksdoel: ‘Ik ben daarna gaan kijken naar ander Russisch materieel dat naar Oekra?ne was gegaan.’

Hij bekijkt foto’s die Russische militairen op VKontakte zetten en ontdekt zo steeds meer over het gebied en de Russische militaire aanwezigheid. Zijn topografische kennis heeft hij voornamelijk van Google en de Russische tegenhanger Yandex. Voor het lokaliseren van gevonden foto’s kijkt hij naar amateurbeelden van dashcams – camera’s die de weg filmen tijdens het rijden. Uren dwaalt hij zo vanuit zijn kamer door het grensgebied tussen Rusland en Oekra?ne.

De Nederlander die vanuit huis het MH17-gebied uitkamde

Het overzicht stuurt hij in november naar Elliot Higgins, de Britse oprichter van Bellingcat. Die bedankt hem per kerende post vriendelijk. Twee weken later krijgt hij wederom een mail van Higgins. Romein: ‘Hij was onder de indruk, of ik meer wilde doen.’ Dat doet hij. Er is mailcontact en Higgins vraagt Romein of hij bij ‘de groep’ wil komen.

Wat dat inhoudt, kan Romein moeilijk toelichten. Er is geen selectiecommissie, hij hoeft geen brief te sturen of een telefonisch interview te doen. Hij ontmoet niemand. Higgins heeft hij nooit de hand geschud. Eigenlijk verandert er niets. Nou ja, hij krijgt toegang tot de ‘i-kanalen’ van Bellingcat: een informatieplatform waar leden van Bellingcat elkaar berichten sturen. De berichten zijn versleuteld. Romein is dan het zevende lid van Bellingcat.

Rond Kerst mailde Romein namens Bellingcat de bevindingen naar het Openbaar Ministerie (OM), dat de leiding heeft over het internationale strafrechtelijk onderzoek naar de ramp met vlucht MH17. Het?OM liet weten “de informatie serieus te zullen onderzoeken en beoordelen op bruikbaarheid voor het strafrechtelijk onderzoek”. Begin van dit jaar berichtte de?NOS hierover.

Vanaf januari stort hij zich volledig op de 53ste luchtafweergeschutbrigade van het Russische leger. De BUK-installatie is door het tweede bataljon van deze brigade naar de grens met Oekra?ne gebracht. Romein wil de namen en foto’s hebben van de militairen die het transport begeleidden. Zo wil hij de daders van MH17 vinden.

Romein is een van de elf medewerkers van Bellingcat die met het onderzoek bezig zijn geweest; hij schreef het grootste deel van het rapport. Maar over zijn rol wil hij in het openbaar niets vertellen. “Er zit toch een risico aan dit werk, want ik weet dat de Russen echt niet blij zijn met onze onderzoeken.”

Bovendien wil hij dat de aandacht uitgaat naar het vinden van de daders, niet naar hem. En dus wil Romein anoniem blijven. Alleen zijn collega?s bij Bellingcat kennen zijn ware identiteit. “Ik heb soms het gevoel een dubbelleven te leiden.”

Ontdekkingen

Romein is sinds november 2014 actief voor Bellingcat. Niet dat de ICT’er enige ervaring heeft als journalist. Wel beheerst hij de Russische taal enigszins en heeft hij naar eigen zeggen?iets met fotografie. “Voor dit werk moet je veel foto?s bekijken. Ik merk dat ik de gezichten van mensen goed kan herkennen, ook al is de foto niet scherp.”

Maar Romein weet uit eigen ervaring dat je pas iets aan dit soort vaardigheden hebt, als je ook de motivatie en de bereidheid hebt om veel tijd in een onderzoek te steken. Sinds hij voor Bellingcat onderzoek doet, besteedde Romein na zijn werkdag bijna iedere avond aan speurwerk. Ook hele weekeinden gingen eraan op.

Tijdens zijn sessies, die soms tot diep in de nacht duurden, deed hij veel ?ontdekkingen?. “De laatste was afgelopen najaar toen ik een officier op een recente foto herkende. Hij staat ook op een foto van de brigade uit 2013 in dezelfde functie. Het zou raar zijn als hij in 2014 een andere functie had.”

Zijn speurtocht naar de waarheid begon al direct na 17 juli 2014. Lezend op verschillende internationale en Russische internetfora vond hij aanwijzingen: namen, foto’s van militair materieel. Maar met de informatie kon hij niet veel. Pas toen hij een?publicatie van Bellingcat las, over de ontdekking dat MH17 door een Russische Buk-raket is?neergehaald, en toen hij oprichter Eliot Higgins in een televisieprogramma erover hoorde praten, besloot hij contact op te nemen.

Zijn verzamelde ‘bewijs’ werd positief ontvangen en Romein mocht als zevende vrijwilliger meezoeken. Al na een paar maanden publiceerde hij zijn eerste?artikel: de mogelijke lanceerlocatie van de Buk-raket. Daarna stortte hij zich samen met collega?s op het reconstrueren van het Tweede Bataljon van de 53ste Brigade.

Online vindt hij handgeschreven presentielijsten van de brigade. Ze vermelden wie er in de cruciale periode in het bataljon zaten. Het zijn er veel te veel, hij moet verder selecteren. Hij vindt een pagina van studenten van een technische universiteit uit Rusland. Toevallig bezochten zij een legerbasis waar de 53ste brigade was. Zo komt Romein stapje voor stapje dichterbij. Het is een lastig proces. Soms spannend, soms frustrerend en eenzaam. ‘Ik ben er zoveel tijd aan kwijt en vraag mezelf geregeld af: waarom doe ik dit eigenlijk?’

Hoewel hij op het Russische VKontakte steeds meer soldaten in het vizier krijgt, mist hij belangrijke informatie over de officieren. Dat blijkt op een andere profielensite te staan, Odnoklassniki, waar school- en klasgenoten elkaar kunnen vinden. Een goudmijn. ‘Eerst dacht ik: het zou al mooi zijn als we de betrokken soldaten kunnen identificeren. Maar we vonden nu ook de officieren.’

Alle officieren blijken met elkaar gelinkt te zijn in Odnoklassniki. Er is alleen een valkuil: ze kunnen zien wie hun profiel heeft opgevraagd. Romein lost het op door voor een paar euro per maand een profiel te kopen waarmee hij onzichtbaar door andere profielen kan zoeken. ‘Ik ben verbaasd over hoeveel de Russen delen. Het bewijs ligt voor het oprapen.’

De foto's van 'potenti?le getuigen en daders', zoals Bellingcat schrijft, zijn verzameld op sociale media.

Maanden werkt hij eraan om het plaatje compleet te krijgen. Om de officieren te vinden die betrokken moesten zijn bij het transport van de BUK-installatie. In de 53ste brigade zaten ongeveer 300 militairen en zo’n 60 officieren. Ongeveer eenderde daarvan zat bij het tweede bataljon. ‘Ik vond ze bijvoorbeeld doordat ik iemand herkende bij een oefening van de brigade. Als je dat ziet in 2013 en weer in 2015, is het aannemelijk dat die persoon er in 2014 ook bij zat.’

Hij begint weer bezield te vertellen over zijn bevindingen en het gebied. Alsof hij ineens ter plekke is. ‘In dat dorpje kun je allerlei richtingen op. Daarna moet je onder een spoorbrug door. Het gaat de diepte in. De brug blijkt 4,50 meter hoog te zijn en de BUK kan daar niet onderdoor en heeft zeer waarschijnlijk een zijweg genomen. Alleen lagen er barricaden voor een treinrails. Maar die kunnen tijdelijk weggehaald zijn op 17 juli 2014, of ze hebben er iets opgelegd, zodat de BUK er toch over kon rijden.’

In de zomer loopt Romein even vast. Hoewel het rapport bijna af is, vindt hij het niet goed genoeg. Hij heeft er samen met een ander lid van Bellingcat aan gewerkt. Maar hij heeft niet genoeg informatie, niet genoeg namen en niet genoeg bewijs. Hij gaat alleen verder.

In zijn zoektocht naar nieuw bewijs heeft hij in oktober een prettige meevaller. Op de pagina van de officieren van de 53ste verschijnt ineens extra informatie. Meer foto’s, meer bewijsmateriaal. De puzzel is dan bijna af. ‘Ik heb het gevoel dat we de daders op de hielen zitten. We vermoeden wie er betrokken zijn geweest, maar alleen van de commandant staat de betrokkenheid vast.’

Het resterende bewijs zal hij niet kunnen vinden, zegt Romein. Want er zijn belangrijke omissies. Niet iedereen heeft nog een profiel op sociale media. De commandant van de brigade haalde die van hem er al snel af. Ook specifieke informatie over het BUK-transport op de dag van 17 juli 2014 is nauwelijks te vinden.

Het belangrijkste: niemand weet wie de BUK over de grens met Oekra?ne heeft gebracht. Dat valt niet meer uit openbare bronnen te halen. Romein: ‘Dan kom je bij informatie van inlichtingendiensten.’ En dat is een taak voor het internationale team dat een strafrechtelijk onderzoek uitvoert naar het neerhalen van de MH17.

De Nederlander die vanuit huis het MH17-gebied uitkamde

Romein sprak twee keer met ze. Hij gaf hun een paar weken geleden zijn hele rapport, inclusief al het ruwe materiaal. Foto’s, screenshots, routes, uploaddata. Hoewel zij hem niets konden vertellen over het mogelijke bewijsmateriaal, was hij onder de indruk van hun kennis. ‘Zij weten echt veel, dat kon ik opmaken uit de gesprekken. Veel meer dan ze tot nu toe gepubliceerd hebben.’

Getuige

Dat hun werk serieus wordt genomen, blijkt wel uit de reacties die Bellingcat krijgt van het?Joint Investigation Team. Dat voert het strafrechtelijk onderzoek uit naar de ramp met MH17 onder leiding van het Nederlandse OM.?”Ze zijn blij met onze inspanningen en ons werk. Ze prijzen het dat burgers op deze manier de politie bij een onderzoek helpen en moedigen dit zeker aan”, zegt Romein, die geregeld?contact heeft met rechercheurs van het JIT.

Zo heeft hij op uitnodiging van het JIT al meerdere keren informatie met het team gedeeld over het Bellingcat-onderzoek. Oprichter Eliot?Higgins werd twee keer als getuige gehoord.

Ondanks al hun inspanningen heeft?Bellingcat geen hard bewijs kunnen leveren?wie de Buk-raket heeft afgevuurd. “Dat we dat niet hebben kunnen vinden, is jammer. Maar het was?wel te verwachten”, zegt Romein. “Geen enkele Russische soldaat zal na het neerschieten van een vliegtuig met onschuldige passagiers trots op social media zeggen dat hij daarvoor verantwoordelijk was.”

MH17 rusland top

Hij is er nu bijna klaar mee. Romein wil het rustiger aan gaan doen. Het kost hem te veel energie. Ook omdat alles wat over de MH17 gaat gepolitiseerd is. Hij heeft nooit Rusland willen aanwijzen als de hoofddader, hij heeft onderzoek willen doen. ‘Ik heb juist altijd wat met Rusland gehad. Ik ben ook gaan inzien dat je Rusland niet van alles in de oorlog de schuld kunt geven.’ Maar ja, de MH17 werd nu eenmaal neergeschoten door een BUK-raket van de Russen, zegt Romein. Vergoelijkend: ‘Ze hebben het niet met opzet gedaan. Daar heb ik geen twijfel over. Niemand had daar een belang bij. Het zit alleen niet in de Russische cultuur om een fout toe te geven.’

eliot H

Hoe de Nederlandse Bellingcat-onderzoekers tot hunbevindingen kwamen

  • Reconstructie
    Legt foto’s, screenshots, routes en uploaddata naast elkaar om de namen te reconstrueren van de mannen die op 17 juli 2014 in de regio waren
  • Eindrapport
    Geeft alle ruwe materialen, screenshots, profieldata en aantekeningen aan het internationale onderzoeksteam en schrijft eindrapport over MH17
  • Vkontakte
    Speurt op VKontakte, de Russische tegenhanger van Facebook, naar Russische militairen: ontdekt meer over het gebied en de Russische aanwezigheid
  • Route
    Haalt topografische kennis van Google en Yandex (Russische zoekmachine), construeert op die manier de route die Russisch materiaal naar grens aflegt
  • Dashcams
    Lokaliseert gevonden foto’s aan de hand van amateurbeelden van dashcams
  • Namen
    Zoekt afgeschermde profielen op VKontakte met Google, zo achterhaalt hij namen van de 53ste luchtverdedigingsbrigade
  • Presentielijsten
    Vindt online handgeschreven presentielijsten van de brigade, ze vermelden wie er in de cruciale periode in het bataljon zaten
  • Meer namen
    Ziet een webpagina van studenten van een technische universiteit uit Rusland. Zij bezoeken toevallig een basis van de 53ste brigade. Vindt zo meer namen
  • Ontbrekende stukken
    Vindt officieren op de profielensite Odnoklassniki en stuit er onverwachts op de ontbrekende stukken in de puzzel

Het laatste rapport:

Bedreigen sociale media de rechtstaat?

De niet te stoppen trend dat burgers en bedrijven internet en sociale media gebruiken als ‘digitale schandpaal’ legt de bijl aan de wortels van onze rechtstaat.?Mensen die slachtoffer van zulke praktijken worden, durven vaak niet naar de rechter te stappen, bijvoorbeeld uit angst voor nog meer publiciteit.

diner

Iedereen eigen Opsporing Verzocht
Chinees-Japans restaurant Bouvigne Paradijs uit Breda heeft op zijn Facebookpagina foto’s gepubliceerd van vier gasten die zondagavond na het nuttigen van een buffet zijn vertrokken zonder af te rekenen.

De twee mannen en twee vrouwen arriveerden rond half zes. Ze hadden geen reservering en kregen nadat de eerste tafel die ze?kregen hen niet beviel een tweede tafel toegewezen. Ze vertrokken uiteindelijk met een openstaande rekening van 75,80 euro. ‘Vergeten te betalen’, zo meldt het restaurant. ‘Maakt niet uit, wij begrijpen dat wel… kan gebeuren, etc. etc…? De zes biertjes, cola en ice tea krijgt u van ons. Voor de moeite zeg maar.’

Bouvigne Paradijs heeft beelden van een bewakingscamera op Facebook gezet. Daarop zijn de gezichten van het viertal onherkenbaar gemaakt. Het restaurant heeft de vier gevraagd zich voor 7 februari te melden en de openstaande rekening te voldoen. Anders ‘helpen wij u en onze volgers op Facebook daarna even een handje door de gezichten herkenbaar te maken.’?Het restaurant roept mensen op om de oproep op Facebook te delen. Dat hebben maandagmorgen rond 11.45 uur al ruim 4.300 mensen gedaan.

In de ochtend meldde in ieder geval een van de eters bij de eigenaar van het restaurant. Deze beloofde rond de middag het diner alsnog af te rekenen. Als dat is gebeurd, haalt Bouvigne Paradijs de foto’s van de Facebookpagina.

Succesvolle actie
De actie van restaurant Bouvigne Paradijs in Breda, dat op Facebook beelden plaatste van vier gasten die zondagavond niet hadden afgerekend, heeft snel succes gehad.?Maandagmiddag is ‘een dame’ uit het gezelschap de rekening alsnog komen betalen. “Met fooi”, lacht de eigenaar van het Chinees-Japanse eethuis.

Volgens de vrouw was er sprake van een misverstand en dachten de mensen in haar gezelschap van elkaar dat ze de rekening hadden voldaan. “De een liep naar het toilet, de andere naar buiten. Zo kwam het volgens de vrouw. Dat ze niet afgerekend hadden, hoorden ze volgens haar pas maandagmorgen. Toen wezen bekenden hen erop dat hun foto op Facebook stond en dat het bericht al door duizenden mensen was gedeeld.

De eigenaar van Bouvigne Paradijs, die liever niet met zijn naam in de publiciteit komt, is blij met de ‘goede afloop’. “Al heb ik wel een beetje twijfels over het verhaal van de dame. “Ze gingen steeds een sigaretje roken buiten, en ineens waren ze alle vier weg.”

‘Dit gebeurt elke maand wel ??n of twee keer’
Hoe dan ook blijkt volgens de uitbater dat het helpt in dit soort gevallen sociale media te gebruiken. “Het is voor mij een principekwestie. Dit gebeurt elke maand wel ??n of twee keer. Nu was ik het helemaal beu. Je kunt dan wel aangifte doen bij de politie, maar het gaat om zo’n klein bedrag. Die heeft er echt geen tijd voor om dat allemaal te gaan onderzoeken.” De ondernemer zegt ook achteraf geen aangifte te doen: “Voor ons is de zaak nu afgedaan.”

Politiewoordvoerder Jeroen Steenmeijer zegt begrip te hebben voor de Facebookactie, maar juicht die niet toe. “We snappen het dat gedupeerde ondernemers sociale media inschakelen, maar eigenlijk moeten ze ons die videobeelden geven. Als wij er dan niet uitkomen, kunnen we de beelden in overleg met het Openbaar Ministerie alsnog publiceren.”

Het is volgens Steenmeijer zelfs wettelijk?verboden om mensen via sociale media – in het openbaar dus – ergens van te beschuldigen. “Dat is een vorm van eigenrichting. Je nagelt iemand tegen de digitale schandaal. Dat kan grote gevolgen hebben, zeker als dat ten onrechte gebeurt, en dat is al vaker voorgekomen.”

‘Vergeten te betalen’
De eigenaar van het restaurant wijst er in dat verband op dat ze de gezichten op Facebook had vervaagd’ en het viertal niet van een misdrijf of overtreding had beschuldigd. Het kwartet had ‘vergeten te betalen’, aldus het bericht. Het restaurant dreigde wel de gezichten herkenbaar te maken als de rekening niet voor 7 februari zou worden voldaan.

Deskundigen waarschuwen voor het gebruik van sociale media bij het opsporen van bijvoorbeeld wanbetalers of het aan de kaak stellen van misdrijven. Ze vinden dat een aantasting van de rechtstaat die kan leiden tot’ middeleeuwse heksenjachten’.

Kijk, wat fijn! De 4 vriendelijke gasten hebben uiteindelijk toch de (gehele) rekening betaald… met fooi! De service…

Posted by Bouvigne Paradijs Chinees-Japans Restaurant on?Sunday, January 31, 2016

Het College Bescherming, de waakhond van de privacy, is er ook niet tegen opgewassen.

Dat zegt Jan van Groesen, voorzitter van de stichting Media-Ombudsman, naar aanleiding van de succesvolle Facebookactie van restaurant Bouvigne Paradijs in Breda tegen vier gasten die waren vertrokken zonder te betalen.

“De eigenaar is blij met zijn publiciteitsactie, het publiek kan het waarschijnlijk ook waarderen, maar het is eigenlijk een schande. Onze normen over privacy zijn echter zo verlaagd, dat niemand zich er nog druk over maakt”, denkt Van Groesen.

De deskundige vindt dat juist de vier gasten wier afbeelding (vervaagd) door het restaurant op Facebook zijn gezet, aangifte zouden moeten doen. “Dat kan op basis van de grondwet en het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. Maar bijna niemand durft dat nog. Het ontbreekt de meeste mensen aan persoonlijke moed.”

“Ze zijn bang voor nog meer slechte publiciteit, zelfs als ze niks misdaan hebben. Mede onder invloed van de media is er bovendien zo’n vals beeld van onveiligheid geschapen in Nederland, dat er een atmosfeer is ontstaan waarin burgers kennelijk bereid zijn hun privacy op te offeren.”

Bronnen: AD, BN De Stem, De Ondernemer

App: Hollie Guard

hollie

Deze gratis app?(iOS, Android, Windows) is ontworpen om zowel mannen als vrouwen tegen mogelijke gevaren te beschermen. Je hoeft alleen je?telefoon te schudden om een ??signaal met locatie te delen. Een geluidsopname en videobewijs van het incident worden automatisch verzonden naar een van te voren ingesteld contact per sms en e-mail.

Deze app kan een interessant preventief hulpmiddel gaan worden omdat het daarnaast ook een hoge alarmtoon genereert?en een stroboscoop verlichting aanzet?om aandacht te trekken van omstanders bij een aanval.

hollie2

De app is vernoemd naar de kapster Hollie Gazzard, die vorig jaar werd vermoord op haar?werk in Gloucester door haar ex-vriend Asher Maslin.
Haar vader Nick, voorzitter van de Stichting ‘Hollie Gazzard Trust’, heeft dit initiatief genomen om andere vrouwen iets?te bieden?waarmee ze zelf iets kunnen doen aan?huiselijk geweld en stalking. Ook heeft de vader nog wat te stellen met social media, want een reeks foto’s van Hollie met haar ex staan nog steeds op Facebook, met e volgende reactie van Facebook hierop:

“We understand in tragic cases such as this it may mean there are sometimes painful reminders but memorialised accounts are designed to preserve the privacy of the deceased.”

Uitleg van de app:

Bronnen:?hollieguard.com,?holliegazzard.org,?Bristolpost,?westerndailypress,?itv.com,?youtubekanaal

Vidocq society

Leontine Leeuwenburgh deed in het kader van haar recherchekundige opleiding onderzoek naar de methodiek van de Vidocq Society uit Philadelphia en mogelijke implementatie bij de herziening van cold cases in Nederland. Hieronder de samenvatting en volledige scriptie en bijbehorende presentatie die ze gaf op de themadag bij de politieacademie van?tienjarig bestaan van de landelijke deskundigheidsmakelaar?(LDM) in de opsporing.

vidocq

Eug?ne Francois Vidocq (1775 – 1857) was een Franse crimineel uit de 18de eeuw die later politieagent werd.

Cold cases zijn door de jaren heen steeds ?hotter? geworden in Nederland. Anno 2014 heeft iedere politie eenheid zijn eigen cold case team en de workload is aanzienlijk. De cold case teams zijn in ontwikkeling en onderzoeken nieuwe methodieken om cold cases te herzien, zowel binnen als buiten de politieorganisatie. In Philadelphia bestaat een expertgroep, de Vidocq Society, waar meer dan 200 experts op allerlei vakgebieden bij zijn aangesloten. Zij bestaan reeds 25 jaar en komen eens per maand samen om zich over een door de politie ingebrachte cold case te buigen.

Bij aanvang van het onderzoek is de volgende probleemstelling geformuleerd:

In hoeverre is de gehanteerde methodiek van de Vidocq Society uit Philadelphia relevant als aanvulling op de huidige werkwijze met betrekking tot het inschakelen van externe expertise bij de herziening van cold cases in Nederland?

Om de methodiek van de Vidocq Society in kaart te brengen is een reis naar Philadelphia gemaakt alwaar een bijeenkomst van het genootschap is bijgewoond. Hier is door middel van observatie en het afnemen van interviews inzicht verkregen in de gehanteerde werkwijze alsmede in de succesfactoren en verbeterpunten van de methodiek. Er worden eisen gesteld aan de cold cases en de presentatie ervan alvorens deze plenair tijdens een bijeenkomst worden behandeld. De aangesloten experts stellen vragen naar aanleiding van de gegeven presentatie om te bekijken of ze vanuit hun expertise tot nieuwe inzichten en onderzoeksrichtingen kunnen komen. Indien de experts denken na de bijeenkomst nog een nuttige bijdrage aan het verdere onderzoek te kunnen leveren, bieden zij hun diensten belangeloos aan het onderzoeksteam aan. De sterke punten van de methodiek zijn gelegen in de wisselwerking tussen de experts onderling, de intrinsieke motivatie van de aangesloten experts en de directe verbinding die wordt gelegd tussen de politie en externe expertise.
Vervolgens is gekeken naar de Nederlandse situatie.

In Nederland krijgen de cold case teams steeds meer bestaansrecht en zijn er initiatieven ontstaan waarbij externe expertise wordt betrokken bij de herziening van cold cases. Door literatuuronderzoek en het afnemen van interviews met betrokkenen zijn een drietal initiatieven in kaart gebracht. Tevens is gekeken naar de huidige werkwijze van cold case teams in Nederland. Uit dit onderzoek bleek dat er in Nederland nog geen expertgroep gelijkend op de Vidocq Society bestaat; er wordt niet op structurele wijze door een breed samengestelde interdisciplinaire groep experts tegelijk gekeken naar cold cases.
Zou de gehanteerde werkwijze van de Vidocq Society een aanvulling of voorbeeld kunnen zijn voor het vormgeven van een dergelijk initiatief in Nederland? Deze vraag is voorgelegd tijdens een voor dit onderzoek georganiseerde expertmeeting waarbij acht deelnemers van zowel binnen als buiten de politieorganisatie aanwezig waren. Tijdens een discussie kwamen positieve, maar ook kritische reacties op de methodiek ter tafel. De algehele conclusie aan het einde van de bijeenkomst was dat men de methodiek relevant vond voor de Nederlandse opsporingspraktijk, hier verder vervolg in wilde zien en waar kon zelf aan bij wilde dragen. Een van de aanwezige deelnemers heeft aangeboden een eerste pilot van de methodiek in Nederland mogelijk te maken.
Naar aanleiding van het uitgevoerde onderzoek in Amerika en Nederland kan geconcludeerd worden dat de methodiek van de Vidocq Society relevant is als aanvulling op de huidige werkwijze met betrekking tot de herziening van cold cases in Nederland. Het draagvlak in Nederland is aanwezig, er bestaat hier nog niet een dergelijke expertgroep en het grote aantal cold cases maakt dat men openstaat voor nieuwe idee?n en methodieken om deze te gaan herzien. Het idee is positief ontvangen, waardoor er reeds over de realisatie van een eerste pilot gesproken wordt. Het valt aan te bevelen dat de pilot ook daadwerkelijk gerealiseerd en ge?valueerd gaat worden.

De methodiek van de Vidocq Society kan in vele opzichten een voorbeeld en bron van inspiratie zijn voor de Nederlandse opsporingspraktijk. Dat er daarnaast geen andere en betere methodieken zijn is niet gezegd. Het is aan te raden de methodiek niet als d? manier, maar een manier te zien en kritisch te blijven op het eigen werkproces.

Meer informatie:?

Een boek dat een aantal cases behandelt uit de Vidocq Society is: The Murder Room

De presentatie van?Leontine op de LDM themadag:

De volledige scriptie:

De laatste Vidocq journal:

WhatsApp buurtgroepen werken tegen inbrekers

media_xll_3329004

Inbrekers mijden massaal buurten waar bewoners elkaar via Whatsapp waarschuwen voor verdachte personen. Dat blijkt uit onderzoek?door de Universiteit van Tilburg. Het is voor het eerst dat het effect van whatsapp-buurtgroepen wetenschappelijk is onderzocht. In het hele land werken bewoners steeds vaker samen om inbrekers – met behulp van hun mobieltje – te stoppen. Meestal nemen bezorgde burgers het initiatief voor een whatsapp-groep na een inbraakgolf.?Mensen die iets verdachts zagen moesten eerst 112 bellen, en daarna een signalement doorgeven via Whatsapp. De Whatsapp-berichten werden ook ontvangen door de politie.

Het gemiddeld aantal woninginbraken daalde in de wijken met een buurtgroep van zestig naar dertig per maand. Ook?werden?tien inbrekers op heterdaad aangehouden. Het is onduidelijk of dat meer is dan in een situatie zonder buurtgroep.

Onderzoeker Martijn Akkermans zegt verrast te zijn door de scherpe daling van het aantal inbraken. “Inbraken worden vaak gepleegd door lokale inbrekers. Als ze weten dat er een Whatsapp-groep actief is, haken ze af. Ook worden buurtbewoners mogelijk alerter en zijn ze eerder geneigd om de politie te bellen als ze iets verdachts zien.?Dit project kan een schoolvoorbeeld zijn voor de rest van Nederland. Voorwaarde is wel dat er per wijk genoeg mensen meedoen en dat de gemeente de whatsapp-groepen strak co?rdineert.”

,,Door het whatsapp-project gaan mensen waarschijnlijk ook meer doen aan preventie, zoals betere beveiliging van hun woning,” zegt Akkermans. ,,Dat helpt natuurlijk ook om het aantal inbraken omlaag te krijgen.”

De Nationale Politie zegt enthousiast te zijn over het experiment. Het is onduidelijk of er al plannen zijn om dit op meer plaatsen in te voeren. ,,Niet alleen in Tilburg, maar op meer plekken in het land maken buurtbewoners gebruik van whatsapp-groepen voor de veiligheid in hun wijk,” zegt Sybren van der Velden, landelijk co?rdinator woninginbraken. ,,Deze groepen fungeren als extra ogen en oren in de wijk. Op deze manier kan snel veel informatie worden verzameld die de politie kan helpen bij het sneller opsporen van verdachten.”

De onderzoeksvraag van luidde:

Welk effect heeft het WhatsApp-project tot nu toe?gehad op het aantal woninginbraken in aangesloten buurten van de gemeente Tilburg?

Hieronder een samenvatting?uit dat onderzoek met onderaan het volledige rapport.

WhatsApp-project Tilburg

Het WhatsApp-project in de gemeente Tilburg omvat een initiatief waarbij burgers, gemeente?en politie samenwerken om door middel van het communicatiemiddel WhatsApp informatie uit?te wisselen en op die manier woninginbraken tegen te gaan. Deelnemende buurtbewoners van?aangesloten buurten krijgen duidelijke instructies over hoe ze bij het zien van verdachte?situaties moeten handelen conform de regels die hiertoe zijn opgesteld binnen het WhatsAppproject.?Hierbij wordt de zogenoemde SAAR-methode gehanteerd. SAAR staat voor Signaleren,?Alarmeren, Appen en Registreren. Bij het signaleren van een verdachte situatie in de buurt?worden bewoners geacht om eerst meteen de politie te alarmeren via 112. Voorts zijn de?deelnemers ge?nstrueerd de verdachte situatie en de verdachte personen te beschrijven en?deze informatie te delen via de WhatsApp-groep. Na circa 10 minuten worden de WhatsAppberichten?door de co?rdinator van de WhatsApp-groep doorgestuurd naar de politie, en?zodoende geregistreerd. Dit proces blijft in gang totdat er geen verdachte gebeurtenissen meer?worden waargenomen.

Gelijktijdig met de activatie van de WhatsApp-groepen wordt er voor de aangesloten wijk ook?een gesloten Facebook-groep ge?ntroduceerd die gelinkt is aan de WhatsApp-groepen. Deze?Facebook-groepen worden in dit onderzoek dan ook beschouwd als onderdeel van het?WhatsApp-project. Behalve voor het plaatsen van berichten en eventuele foto?s van verdachte?situaties of personen vanuit de berichtgeving in de WhatsApp-groepen, worden de Facebookpagina?s?ook gebruikt voor het delen van informatie over preventieve maatregelen die?bewoners kunnen nemen om de kans op een inbraak te verkleinen.?Het WhatsApp-project in Tilburg is ontstaan nadat een inwoner van de wijk ?De Reeshof? aan de?gemeente en politie het idee voorlegde om in zijn buurt een buurt-WhatsApp te starten om zodoende woninginbraak tegen te gaan. Dit idee werd door de gemeente en politie positief?ontvangen, en vervolgens hebben de drie partijen het idee verder uitgewerkt en ontwikkeld. De?eerste WhatsApp-groepen zijn toen ge?ntroduceerd in de woonbuurt van de initiatiefnemer en?in de overige buurten van deze wijk. Vervolgens zijn in andere buurten van de door de?gemeente geselecteerde wijken in Tilburg WhatsApp-groepen op verschillende tijdsmomenten?ge?ntroduceerd.

Resultaten D

e gemeente Tilburg heeft de gegevens van het aantal geregistreerde inbraken per week per?buurt in Tilburg geleverd voor de tijdsperiode vanaf week 26 van het jaar 2013 tot en met week?19 in 2015. Het gaat dus om paneldata met zowel variatie over de tijd als tussen buurten. In?week 35 van het jaar 2014, op 31 augustus, zijn de eerste WhatsApp-groepen gestart in 11?verschillende buurten.?In week 19 zijn van 2015?zijn in?totaal 35 buurten?WhatsApp-groepen actief.

woninginbraken Tilburg

De resultaten uit de bovenstaande kwantitatieve analyse suggereren dat het WhatsApp-project?een substantieel effect heeft gehad op het aantal inbraken in de buurten waar WhatsApp actief?is geweest. Het effect blijkt bovendien ook niet van korte duur, immers negen maanden na?introductie is het effect nog duidelijk terug te zien in de inbraakcijfers.

Conclusies

De grote impact laat zich op verschillende manieren verklaren. Allereerst kan het project een?afschrikwekkende werking te hebben, puur omdat potenti?le inbrekers lucht krijgen van een?initiatief waarbij bewoners actief worden betrokken. Daarnaast kunnen een verhoogde?alertheid en meldingsbereidheid als gevolg van het WhatsApp-project mogelijk de?heterdaadkracht vergroten. Hoewel we niet over gegevens van het aantal meldingen en?heterdaadbetrappingen beschikken over de periode v??r de introductie van WhatsApp, doet?het zeer geringe aantal meldingen en aanhoudingen in de tijd dat de WhatsApp-groepen actief?zijn vermoeden dat dit kanaal niet in grote mate direct bijdraagt aan de daling van het aantal?inbraken. Ten derde kunnen het aantal en de kwaliteit van preventieve maatregelen genomen?door bewoners tegen woninginbraken toenemen als gevolg van informatieverschaffing over?preventie via de Facebook-pagina?s. Tot slot kan het WhatsApp-project via toegenomen?betrokkenheid van bewoners bij de veiligheid in de buurt en door verbeterde sociale cohesie in?de buurt het effect van de andere initiatieven gericht op het verlagen van het aantal inbraken?versterken. In dat geval hangt het effect van het WhatsApp-project ook samen met de andere?initiatieven die al actief zijn of die er uit voortvloeien. De daling in het aantal inbraken lijkt te?zijn veroorzaakt door een combinatie van de hierboven beschreven effecten gerelateerd aan?het WhatsApp-project. Bovendien is er mogelijk een wisselwerking tussen de genoemde?effecten.

En dit onderzoek brengt weer mooie nieuwe initiatieven teweeg:

Bronnen: AD, NOS, Nu.nl, OmroepBrabant

Behind The Crime: Achtervolging

Chace Avenuse response officers

Chace Avenuse response officers

Snelle achtervolgingen, gevaarlijk rijgedrag en state of the art technologiegebruik. Bekijk hoe de politie van?West Midlands (UK) de wegen veilig houdt in een live behind the crime verslag dat grotendeels via?social media wordt prijsgegeven aan het publiek.


See below for the ?Behind the Wheel? live blog ?which had live updates throughout the evening, with footage of real life crashes and incidents and driving advice from the team.

TUESDAY 18:02
If you have any questions, please tweet us using the hashtag #btwlive.
TUESDAY 18:04
Supt. Blakeman and his team will be providing updates throughout the evening.
TUESDAY 18:06
Acting Superintendent Kerry Blakeman
btc01
Acting Superintendent Kerry Blakeman

Name: Kerry Blakeman

Role:?Acting Superintendent in Force Operations

Age 48. Has worked for WMP for 27 years. ?His favourite car is a?Morris Marina 1.8TC.

Top driving tip:?Adopt the ?what if?? principle ? for example ?what if that car pulls out on me, am I prepared to react??

 

TUESDAY 18:09
B unit started their shift at 3pm with a team briefing led by the shift sergeant. They receive updates about what?s been happening across the force, receive any up to date intelligence and get notified of any vehicles they need to be looking out for while they are on patrol.
btc02
TUESDAY 18:15
We will be using Periscope for our live video updates during tonight?s blog. You can view it live and the footage will be available from mobile devices for 24 hours.
TUESDAY 18:28
btc03
TUESDAY 18:29
Officers are en route to Dudley to an RTC between a motorcycle and a pedestrian.

 

TUESDAY 18:33
Watch this short video to find out about ?the fatal four? ? the four top causes of fatal crashes

TUESDAY 18:35
Latest update from the team and general information about the equipment in a traffic car

TUESDAY 19:01
Collision Investigation Unit at the scene. They are using equipment to get the ?friction value? for the road which forms part of the investigation.

 

TUESDAY 19:02
Profile of PC Jon Butler
btc04
PC Jon Butler

Name: PC Jon Butler,

Age 33

10 years in the job, 6 years on traffic.

Favourite car is Aston Martin DBS

Top driving tip ?? Safely pull over to the left hand side of the road when you see emergency vehicles approaching, do not just stop, it causes great danger to yourself and other road users.

TUESDAY 19:11
Officers have now left the scene and are heading back towards Birmingham on general traffic patrol
TUESDAY 19:14
The Collision Investigation Unit are the ?investigative? arm of the traffic unit. They incorporate the reconstruction team who survey scenes of accidents and recreate them in order to understand what happened and present evidence to court

TUESDAY 19:27
The main aim of all traffic officers is to deny criminals the use of the region?s road network.
TUESDAY 19:31
Officers stopped a driver earlier for speeding on the Hagley road which has a limit of 40mph road. Driver advised in relation to his speed.

 

TUESDAY 19:34
TUESDAY 19:45
TUESDAY 19:56
Do you panic when you hear sirens when you?re driving ? Watch this video for advice about how to react when you experience an emergency vehicle approach

TUESDAY 19:59
Just pulled a Mercedes over for not driving with due care and attention on the Walsall Rd in Brum #btwlive Officers having words now??..
TUESDAY 20:03
TUESDAY 20:06
Officers responding to 999 call about a stolen car in West Bromwich

 

TUESDAY 20:20
Profile of PC Stuart Allen
btc05
PC Stuart Allen

Name ? PC Stuart Allen

Role ? Traffic Officer

Age 44 years. 21 years in the job, 14 years on traffic

Favourite car is Ford Fiesta Mark 1 XR2

Top driving tip ? never rush your journey, leave with plenty of time and know your route.

TUESDAY 20:26
This interview with Avril Child, the mother of a young girl who died because of a speeding driver highlights the devastating impact of speeding.

TUESDAY 20:31
Since the accident, Avril has campaigned tirelessly to get the law on speeding drivers changed.

She has recently succeeded in getting a loophole closed which means the most dangerous drivers who are jailed for causing death on the roads can serve out their driving bans while they are in prison. In some cases this meant offenders who have killed people by dangerous or careless driving are able to drive again as soon as they are released. The change in the law means all such driving bans begin only after offenders have left prison. ?News coverage

TUESDAY 20:40

TUESDAY 21:45
Thanks for watching! We hope you enjoyed the blog and we really appreciate everyone getting involved. Make sure you keep an eye out for more blogs in the ?Behind the Crime? series later in the year.

Bronnen: Behind The Crime, West-Midlands Police UK

Mobiele verkeersbuurtwacht: TrafficDroid

Foul! “Schreeuwt Lewis?vanaf zijn fiets voordat hij?met een rode kaart in het gezicht wappert van een met stomheid geslagen chauffeur. Dit is geen?sc?ne uit een voetbalwedstrijd, maar gebeurt midden in Londen, waar Lewis, alias de “Traffic Droid” bezig burgers te wijzen op de handhaving van de wet.

De 49-jarige is een van de tientallen Britse fietsers die een nieuwe missie in hun leven ?hebben gevonden: roekeloze chauffeurs wijzen op hun overtredingen en dit bij de politie aangeven ondersteund door de beelden van hun helm camera’s.

De autoriteiten waren eerst wat huiverig om deze straatwachten of ‘vigilantes’ serieus te nemen, maar behandelen nu elke zaak serieus.

“Sommige mensen zeggen dat ik eruit als een vliegende schotel,” grapte Lewis die wel 8 camera’s draagt.?Naast zijn rode kaart, draagt Lewis ook een?meetlint om te zorgen dat automobilisten zich?houden aan?gereglementeerde ??n meter (drie voet) afstand die ze moeten houden van fietsers.

Zijn drijfveer is een fietsongeluk uit 2009 waarbij hij bijna overleed. Sindsdien is hij iedere dag weer op de fiets en?heeft hij tijdens zijn twee uur durende rit vaak?”idioten” op film staan die hij op YouTube plaatst.?Of het nu gaat om mensen die hem de pas afsnijden, door rood rijden of gebruik maken van mobiele telefoons achter het stuur, is er niets dat aan zijn blik en camera’s ontsnapt.

Net?een videogame

“Ik ben de hele tijd op de?weg aan het scannen, het is als een video game,” zegt hij.?Lewis meldt een gemiddelde van vier ovetreders per dag?bij de politie. Sommigen zullen dan worden beboet en anderen raken zelfs hun rijbewijs kwijt.

Cyclist Lewis Dediare, rides in traffic in London on December 15, 2014. ? AFP pic

‘Er zijn al te veel fietsers gestorven’

Zijn inspanningen irriteren onvermijdelijk sommige weggebruikers.?”Fietsers zijn eigenlijk nog?veel erger. Ze kijken niet naar de verkeerslichten,” zei een?ontevreden vrachtwagenchauffeur?terwijl hij de?”Droid” online bekeek.?Anderen beschuldigen hem ervan een ‘informant’ te zijn in een land dat al vol met bewakingscamera’s hangt.?”Ik ben al een paar keer aangevallen,” gaf Lewis toe, maar hij benadrukt dat hij alleen een zorgzame oplettende burger is.

Elk jaar worden er alleen al in Londen ongeveer?15 fietsers gedood, iets wat ook?wielrenner en buschauffeur Dave Sherry aanspoorde om de camera tijdens zijn tochtjes naar de Engelse hoofdstad aan te zetten.?Zowel Dave en Lewis klagen dat bezuinigingen betekenen dat er niet meer genoeg politie is om fietsers adequaat te beschermen. Er zijn nu 3600 minder ambtenaren in Londen dan drie jaar geleden, blijkt uit cijfers Metropolitan Police.

dave sherry

Dave beweert al 60 veroordelingen in de afgelopen twee jaar te hebben gerealiseerd via zijn aangiftes. En vorig jaar leidde een van zijn video’s zelfs tot het ontslag van een collega-buschauffeur voor het sms’en tijdens het rijden.?Hij geeft toe dat er wat?wrevel is onder zijn collega’s, maar zegt: “Kan me niet schelen wat mensen denken. Als ik het leven een fietser kan redden, is dat naar mijn smaak een goede zaak.”

Lewis en Dave geven hun bewijsmateriaal meestal aan Police Witness, een? particulier bedrijf dat de beelden bekijken en doorgeeft aan de politie als gratis service, zolang de camera’s via hen worden?gekocht.?”We kunnen in een week soms tientallen, zo niet honderden incidenten ontvangen”, aldus CEO?Matt Stockdale, die eraan toevoegd dat de video’s alleen worden doorgegeven aan de politie als “we weten dat de politie kan en zal handelen.”

De Vereniging van Chief Police Officers in Engeland zei dat het burgers stimuleert om enig bewijs van een strafbaar feit aan de autoriteiten te geven.?”Met verkeersovertredingen, video’s gefilmd vanuit het dashboard van de auto of vanaf het hoofd zijn toelaatbaar als bewijs, en als?de kwaliteit goed is kan het als bewijs worden gebruikt en zal?de politie de aangifte opnemen, verslag maken en rekening houden met de omstandigheden van elk geval?om al dan niet stappen te ondernemen,” zei een woordvoerder.

Bronnen: IOL, MailOnline

Verslag Seminar De Moderne Sherlock

Door: Matthijs Hogendoorn

Op 10 februari jl. organiseerde Reed Business Education samen met TNO een seminar over online burgeropsporing. Locatie: PIT, Almere. Dagvoorzitter: Diederik Greive, hoofdofficier bij het OM en onder meer portefeuillehouder Opsporingsberichtgeving. Voor een publiek van circa 100 mensen werd aan de orde gesteld: hoe pakt men het in de opsporing aan, gegeven de ontwikkelingen in social media en maatschappelijke betrokkenheid en bemoeienis? Wat staat de ?gevestigde? partijen op dat gebied te doen en te wachten?

Weliswaar waren alle aanwezigen het er over eens dat er een fundamentele verandering heeft plaatsgevonden en nog gaande is in de mate waarin de burger betrokken is bij veiligheids- en opsporingsvraagstukken, maar de nuanceverschillen in de benadering waren interessant.

Burgemeester Annemarie Jorritsma van Almere introduceerde het gemeentebeleid met een kort filmpje over de Veiligheidsaanpak 2015-2018.

De gemeente heeft de inbreng van burgers steeds intensiever proberen te initi?ren. Want: ?Wij overschatten als gemeente stelselmatig hoe goed wij onze burgers bereiken. En dat is wel het doel: dat we kunnen gaan spreken van overheidsparticipatie,? aldus Jorritsma.

Waar de burgemeester het nog vooral had over de informatievoorziening tussen burgers en overheid over en weer, vervolgde hoofd recherche Midden-Nederland Henk Bril met de praktijk van de opsporing. Die wordt be?nvloed door die informatievoorziening en dat gaat op heel veel manieren. Bril illustreerde dat met een aantal sprekende voorbeelden.

Hbril

Zoals bij de zaak Ruben en Julian: ?een Twitterbom die ontplofte? en burgers die zelf een bos gingen doorzoeken. Na de verdwijning van Lisanne Froon en Kris Kremers: de actieve houding van betrokken familie. Na de dood van Els Borst: de ?actieve betrokkenheid vanuit de politiek?. En bij de afpersing van John en Linda de Mol veel diverse reacties en bemoeienissen. Koppel daaraan een vaak zeer actieve ?mediakaravaan? en de eventuele rol van de ?zelfbenoemde expert? en je ziet de ontwikkeling zoals Bril hem noemde: ?Van burger en opsporing naar burgeropsporing.?

Dat levert heel veel verschillende informatie en situaties op, die soms absoluut maar ook niet altijd bevorderlijk zijn voor de opsporing. Hoe moet je al die info vooraf duiden? Is ze betrouwbaar? Bruikbaar voor beleid, co?rdinatie of uitvoering? Daarom alleen al is voor de politie een goede afdeling communicatie onontbeerlijk, stelde Bril. Want je kunt niet anders dan meegaan met wat de maatschappij van je vraagt, maar wel binnen grenzen.

Bril: ?Uiteindelijk gaat het om waarheidsvinding en de deugdelijkheid van het onderzoek: hypothesen, scenario?s, verifi?ren en falsificeren. Dus het klassieke rechercheren blijven we doen, naast de modernere mogelijkheden.?

Henk Bril benadrukte daarmee de kern van de middag: in hoeverre gaan de klassieke instituties mee met de ontwikkelingen, in welke mate is het gewenst dat ze dat doen en hebben ze daar eigenlijk nog enige zeggenschap in? Bril vond dat er al veel gebeurde om de burger te betrekken.

Nieuwe inrichting

Hoofdofficier van justitie in Midden-Nederland Johan Bac maakte als volgende spreker de vergelijking met de huisarts van tegenwoordig. Die ontvangt een veel beter ge?nformeerde pati?nt dan vroeger in de spreekkamer, zeker bij de eenvoudige aandoeningen. Naarmate de klacht medisch gecompliceerder is, neemt de huisarts of uiteindelijk de specialist het meer over van de pati?nt.

JBac

Bac: ?Hier gaan we ook naar toe in de opsporing. Er zullen eenvoudige zaken zijn, waarbij de politie kan kijken naar wat de burger zelf al heeft gedaan. Van het maken van een foto tot het opnemen van een verklaring of het invullen van een aangifte. De politie zal daarin ondersteunend zijn. En dan hebben we het over 80% van de criminaliteit.?

Maar dat houdt dus ook in dat de rollen worden omgedraaid. Van Opsporing verzocht naar Opvolging gezocht, zoals Bac het formuleerde. De burger reageert niet meer, maar initieert. Dat zal uiteindelijk resulteren in eigen verantwoordelijkheden. Bac: ?Denk aan de eigen belastingaangifte met een verklaring dat je die naar waarheid hebt opgemaakt, iets dergelijks.?

Bac erkende dat die situatie totaal nieuw zou zijn en een totaal nieuwe inrichting van het strafproces zou betekenen. Hij maakte een kanttekening: ?In de analogie met de medische wereld, ook wij hebben ons specialistische werk. En zware zaken zijn vaak onzichtbaar. Daar moet wel capaciteit voor blijven.?

Daarnaast wees hij op de rechtsstatelijke belangen: ?Wij als OM zijn niet alleen doorgeefluik. We hebben ook onze procesnormen en die zijn er niet voor niets.?

Geen flexibiliteit

Daarna werd het grovere geschut in stelling gebracht in de persoon van Maurice de Hond, naast opiniepeiler onder meer bekend van zijn optreden in de Deventer moordzaak. Hij waste als verwacht de strafrechtsketen stevig de oren met tal van ongerijmdheden uit het onderzoek naar de moord op de weduwe Wittenberg. Bij uitstek maakte hij gebruik van ?burgerdeskundigen? om de bevindingen van onder meer het NFI onderuit te halen. De Hond: ?Het begon als crowdsourcing avant la lettre met een blog dat ik schreef. Dat groeide uit tot een gezamenlijke expertise van heel veel mensen.?

MHond

De Hond is behoorlijk gedesillusioneerd geraakt in de kwaliteit van het opsporingsproces. Het gaat er hem niet om dat ??n partij het standaard bij het verkeerde eind zou hebben. ?Ik trok met mijn website over de zaak ook gekken aan die onzin uitkraamden.? Maar het schokte hem vooral dat de keten zo afwijzend reageerde. Er was geen enkele flexibiliteit te bespeuren.

De Hond: ?Het gaat dan toch, zoals Henk Bril zei, inderdaad om de waarheidsvinding? Waarom wordt die aantoonbare expertise van zovelen niet eens meegenomen?? De conclusie van De Hond was dat de ?crowd? die de instituties binnen het strafproces voor zich zien, nog steeds ?intern? is. Er wordt nog te hi?rarchisch gedacht.

Doodeng

In de discussie tussen de panelleden (zonder Jorritsma) en met de zaal onder leiding van Diederik Greive werden de bovenstaande posities nader uitgewerkt. Daarbij behield Henk Bril (?Er gebeurt al veel?) zijn wat behoudender stelling, was De Hond het meest radicaal (?De instituties kunnen niet volgen?) en nam Bac de middenpositie in (?We lopen er achteraan, maar misschien is dat onze rol ook wel?).

panel

publiekMaurice de Hond leek de zaal voor zich gewonnen te hebben. Belgisch oud-hoofdcommissaris Steven de Smet: ?We werken met de kaders uit het industri?le tijdperk.? Interessant was het diverse blikveld op privacy: waar politie en OM duidelijk ook die waarden in hun afweging willen meenemen, sprak De Hond zich duidelijk uit: ?We bestaan niet meer als individu. We houden het niet tegen. Het enige wat ons rest is de kwaliteit van ons werk zo hoog mogelijk te houden.?

Dat de expertise van de burger moet worden ingezet, daar was iedereen het wel over eens. En ook dat je het niet redt met het openstellen van ?een extra kanaal?. Anders loopt het het systeem uiteindelijk over de schoenen. Dus incorporeren is het devies.

Uit de zaal kwam Arnout de Vries, co-auteur van Social Media, het nieuwe DNA, met de hamvraag: hoe organiseer je het dan? Daar bleef het nog even stil op, behalve dat de betrokkenheid van jongeren (Bac: ?Ik ben met mijn 45 jaar stokoud.?) en in een vroeger stadium faciliteren van burgers nuttig kunnen zijn. En blijven communiceren: ?Als je op een scheldpartij inhoudelijk antwoordt, blijkt het in negen van de tien gevallen om heel nette en serieuze mensen te gaan,? zei De Hond.

Johan Bac: ?We moeten vooruit, ook al weet ik op 1000 vragen geen antwoord. Dat maakt het tegelijkertijd doodeng.?

publiek2