Tagarchief: tno

Dark Web: Donkere digitale wereld zonder wetten

dark web3

Waar koop je de beste hero?ne? En hoe vind je een geschikte huur?moordenaar? Gewoon vanachter de computer, terwijl je volledig anoniem surft op het ?dark web?. Opsporingsdiensten krijgen er nauwelijks greep op.

Nederland is wereldwijd koploper in de online verkoop van drugs. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van instituut RAND Europe in Brussel. De handel op internet in allerlei soorten verdovende middelen groeit explosief. En voor de politie is het niet makkelijk om grip te krijgen op deze schimmige wereld.

De grote hoeveelheden drugs worden verkocht via illegale marktplaatsen op internet. Cryptomarkten, heten ze in jargon. Deze websites zijn verstopt achter een TOR-browser voor extra anonimiteit. De drugs worden na betaling met bitcoins vaak gewoon via de post verstuurd.
Nederlandse verkopers zijn verantwoordelijk voor minstens 8 procent van de wereldwijde maandelijkse online drugsomzet. Vooral XTC en speed zijn favoriete exportproducten.
De online handel in drugs floreert ook wereldwijd. Tussen 2013 en 2016 is het aantal drugstransacties verdrievoudigd. In EenVandaag spreken we hierover met Gert Ras, die aan het hoofd staat van het Team High Tech Crime van de Landelijke Eenheid. Ook een gesprek met IT-specialist en ?ethisch hacker? Arjen Kamphuis.

De Duitse politie gaat zich meer richten op de bestrijding van criminaliteit op het ‘dark web’. Het wapen dat gebruikt werd bij de recente schietpartij in M?nchen werd via een digitale zwarte markt gekocht.

Voor zuivere drugs tegen een betaalbare prijs surfen de slimste verslaafden met een speciale internetbrowser naar een online zwarte markt. Silk Road is met zijn miljarden aan omzet en gelikt design ongetwijfeld de bekendste illegale onlinemarktplaats. Met een beetje geluk en heel veel mankracht kreeg de Amerikaanse opsporingsdienst FBI de eigenaar van de website in het vizier. Maar ook talloze andere handelsplekken, met namen als Alphabay, Abraxas en Nucleus, trekken maandelijks honderdduizenden duistere bezoekers. De 18-jarige jongeman die twee weken geleden een aanslag pleegde in M?nchen, kocht zijn wapen op het ?dark web?.

Je kunt het zo gek niet bedenken of het is te koop op deze marktplaatsen. Niet alleen wapens, drugs en kinderporno, maar ook het Amerikaanse staatsburgerschap, een vals paspoort of een onherleidbare creditcard worden via deze plaatsen bemachtigd.

Betalen kan er met de virtuele bitcoin. Anonimiteit van ver?zender en ontvanger zijn daarmee gegarandeerd. Het product belandt enkele dagen na bestelling via de post op de deurmat. Dankzij de reviews van andere gebruikers zijn verkopers zeer betrouwbaar.

Toen Jamie Bartlett zich in de krochten van het web begaf, viel het hem vooral op hoe klantvriendelijk de dealers zijn. ?Ze adverteren met kwaliteit, stunten met prijzen en sturen zeer correcte berichten.? Niet zo verwonderlijk, want klant?beoordelingen zijn de enige manier om zich op die verder volledig anonieme marktplaats te kunnen onderscheiden. ?Er was zelfs iemand die fairtradedrugs aanbood. Niet die van drugs?baronnen, maar van Colombiaanse boeren. De verkoper beloofde zelfs 20 procent van de opbrengst te investeren in educatieprogramma?s?, zei hij op een conferentie van Technology, Entertainment en Design (TED) in september vorig jaar. Op die jaarlijkse TED-bijeenkomst worden vooraanstaande mensen gevraagd om laag?drempelig een ?goed idee? met het grote publiek te delen. Ondertussen vloeien er miljarden euro?s over de internationale zwarte markt. Volledig buiten het zicht van de bovenwereld.

Lesje cybercrime

Drugsdealers en -gebruikers hoeven dankzij het dark web hun stoel niet meer uit. Er zijn geen rivaliserende straatbendes, geen overlastgevende dealers en geen vervuilde drugs. De concurrentie is internationaal. ?Zeecontainers worden de wereld rond gestuurd tussen producerende, bestellende en doorvoerlanden?, ervaart de internationale politieorganisatie Interpol. ?Om deze criminaliteit en bedreiging voor de volks?gezondheid te bestrijden, moeten wetshandhavingsinstanties hun eigen cybercrime-eenheden ontwikkelen?, stelt de organisatie in een rapport uit februari vorig jaar.

Het duistere internet is voor de politie een groot internationaal probleem. Toch wagen opsporings?instanties pogingen om criminelen te ontmoedigen gebruik te maken van deze onlineplatforms. Volgens Rolf van Wegberg, cybercrimeonderzoeker en verbonden aan de Technische Universiteit Delft en het onderzoeksinstituut TNO, moet de nadruk niet enkel liggen op het ?vangen van boeven?, maar dient de politie te proberen ?hun ecosysteem om zeep te helpen.? Hij traint regelmatig klassen van twintig internationale politie- en opsporingsmedewerkers om criminelen online het leven zuur te maken.

Anonimiteit is volgens de 28-jarige wetenschapper de voedingsbodem voor illegaal gedrag. Deze vorm van criminaliteit is volgens hem interessant voor lieden met onzuivere bedoelingen omdat ze gegarandeerd buiten het zicht van politie en justitie kunnen handelen en betalen. De politie moet uit die anonieme infrastructuur juist haar kracht putten, vindt Van Wegberg.

Als voorbeeld neemt hij de Zweedse politie. ?Toen zij een illegale marktplaats offline wilde en kon halen, zorgde ze er eerst voor dat ze de gebruikersnamen van de twintig grootste handelaren in beeld had. Daarna haalden ze de site offline. Voordat een crimineel zich kon registreren op een nieuwe website, die vaak binnen enkele dagen of weken na een ?takedown? online komt, registreerde de politie een account met de gebruikersnaam van de crimineel. Daarachter zetten ze, in grote letters: politie.?

Data vangen boeven

Op die manier richt de politie in ??n keer de zorgvuldig online opgebouwde reputatie van een crimineel te gronde, volgens Van Wegberg. ?Zo?n boef moet weer bij nul beginnen. Zo maak je het dark web minder aantrekkelijk voor criminele activiteiten.?

Zo nu en dan worden er ook boeven gevangen. Meestal personen die nooit eerder in aanraking kwamen met politie en justitie. Van Wegberg kreeg inzicht in een database van arrestanten die in verband werden gebracht met drugshandel en het dark web. ?Vaak zijn het jonge mannen. Verder kan ik er niet veel over zeggen, omdat er gewoon te weinig mensen zijn opgepakt.?

Een crimineel is in deze om?geving vaak alleen op te pakken wanneer hij een foutje maakt. De eigenaar van zwartemarktplaats Silk Road liep tegen de lamp toen hij ergens op een forum zijn e-mailadres liet rondslingeren in combinatie met zijn gebruikers?naam. Een tweede kiest een gebruikersnaam die lijkt op zijn echte naam, en een derde wisselt de bitcoins waarmee drugs zijn verkocht in tegen euro?s. Ook pedofiel Robert M. was actief op het dark web. Na zijn arrestatie in 2013 werkte hij mee met het politieonderzoek. De politie dook in zijn onlinenetwerk en bracht meer dan 500 kinderpornozaken aan het licht.

Bitcoins zijn volledig anoniem, maar de politie heeft ??n voordeel; het kasboek is openbaar. Van ieder account is precies bekend hoeveel bitcoins erop staan, wie er geld op de virtuele rekening stort en aan wie geld wordt toegestuurd. Het enige wat niet bekend is, is het antwoord op de vraag van welk ?natuurlijke persoon? de rekening is.

Met ?big data?-analyses probeert de politie daar de vinger achter te krijgen. Alle gegevens worden op ??n hoop gegooid en door de politie geanalyseerd. Zo weet ze welke rekeninghouders met elkaar samenwerken, en of het om een handelaar of een koper gaat.

En eens wil een crimineel zijn bitcoins weer omzetten in valuta waarmee hij een auto kan kopen, of een broodje bij de bakker. Daar raakt de virtuele wereld de werkelijke wereld. Een foutje is zo gemaakt, en met een beetje geluk pakt de politie dan niet alleen een enkel crimineel individu, maar rolt ze het hele netwerk op dat ze met die analyse in kaart bracht.

Kopten

Op deze manier internet afspeuren, kost opsporingsinstanties wel veel meer mankracht dan wanneer mensen met Firefox, Google Chrome of Internet Explorer op het web surfen. ?Steeds vaker zijn we niet in staat om te achterhalen wat terroristen met elkaar bespreken. Dat geeft hun een enorme voorsprong op ons?, klaagde FBI-directeur James Comey vorig jaar over het dark web.

?Dat is te kort door de bocht?-reageert Van Wegberg. ?Het is op zich zuiver om gebruik te maken van technologie?n die je communicatie versleutelen. Sinds kort heeft ook WhatsApp een ?encrypted? berichtenservice. Niet om gebruikers dingen te laten doen die het daglicht niet kunnen verdragen, maar om hun privacy te gunnen. Het is kortzichtig om te roepen dat het vervelend is wanneer gesprekken tussen onverdachte individuen de strijd tegen terrorisme bemoeilijken.?

Interpol stelt in zijn werelddrug?rapport uit 2014 dat de onlinemarktplaats voor drugs steeds groter en brutaler wordt. ?Als deze trend doorzet, heeft het dark web met verboden goederen het potentieel om uit te groeien tot een populaire koopplaats?, waarschuwt de UNODC, de VN-organisatie tegen drugs en misdaad.

Toch is het dark web niet enkel aantrekkelijk voor criminelen, pedo?fielen en rekruterings?websites van Islamitische Staat. ?Voor alle minderheidsgroeperingen in een ondemocratische samenleving kan anoniem surfen meerwaarde hebben.? Jaap-Henk Hoepman, universitair hoofd?docent digital security aan de Radboud Universiteit Nijmegen: ?Ik kan me voorstellen dat ook de kopten in Egypte een eigen website op het dark web zouden willen.?

?Anonieme browser bevordert democratie?

Iets wat via het anonieme Tor-netwerk wordt verstuurd, reist via een aantal wille?keurige servers van het netwerk. Tor staat voor The Onion Router, omdat het netwerk de versleutelde bestanden als een ui laag voor laag afpelt en decodeert. De Amerikaanse marine ontwikkelde de technologie in de jaren 70 van de vorige eeuw om veilig te kunnen communiceren.

Jaap-Henk Hoepman, universitair hoofddocent digitale veiligheid aan de Radboud Universiteit Nijmegen, biedt vrijwillig zijn computer aan als tussenstation. Op zijn weg op internet bevat het verstuurde bestand slechts de informatie van een verzendende server en een ontvangende server. De berichten zijn bovendien versleuteld, zodat geen van de servers de inhoud kan lezen.

Hoepman erkent dat er via het Tor-netwerk bestanden verstuurd worden die het daglicht niet kunnen verdragen. ?Maar dat gebeurt op het normale internet ook. Ik bied een snelweg aan waarover mensen met hun bestanden kunnen reizen. Dat ze daar vervolgens ook misbruik van kunnen maken, is hun eigen verantwoordelijkheid.?

Voor Hoepman is privacy de belangrijke motivatie om onderdeel te zijn van het Tor-netwerk. ?De opsporingsdiensten van nu kunnen meer dan de Stasi uit toenmalig Oost-Duitsland. Denk alleen al aan het feit dat de politie van iedereen met een smartphone precies kan zien waar je de hele dag bent geweest.?

Anoniem surfen is voor Hoepman dan ook ?een druppel op een gloeiende plaat.? Meewerken doet hij uit ide?le overwegingen. ?Het helpt te voorkomen dat veiligheidsdiensten in bulk ?lle informatie over ieder??n verzamelen. Dat kan vooral schadelijk zijn voor kwetsbare groepen in de samenleving.?

 

Jamie Bartlett zei in zijn TEDTalk in september vorig jaar al de voordelen van het Tor-netwerk te zien voor burgers die bezorgd zijn over hun privacy. ?In de jaren 70 is internet begonnen als een militair project. In de jaren 80 ontdekten academici het. In de jaren 90 omarmden commerci?le bedrijven internet, en in 2000 kwamen de socialemedianetwerken op. En nu evolueert internet weer.?

Het ?nieuwe? internet is volgens Bartett ?veilig, volledig anoniem en moeilijk te censureren.? Dat is goed nieuws als je illegale pornografie wilt bekijken of ongestraft goede drugs wilt bestellen. Maar het is ook goed nieuws als je geeft om vrijheid en democratie.

E?n praktisch nadeel heeft surfen via de Tor-browser tot nu toe wel. Doordat informatie via servers over de hele wereld wordt gestuurd, is het snel bekijken van een YouTubefilmpje er vooralsnog niet bij.

?Oprollen Silk Road verdient geen schoonheidsprijs?

Met veel bombarie maakte de Amerikaanse opsporingsdienst FBI in oktober 2013 bekend dat hij de ?drugsmarktplaats? Silk Road 1.0 had opgerold. ?Niet zo slim?, oordeelt Rolf van Wegberg. Enkele weken daarna ging Silk Road 2.0 online. Die marktplaats trok ?mede door de media-aandacht en FBI-pers?berichten? meer gebruikers dan zijn voorganger.

Twee, drie beheerders van Silk Road 1.0 werden opgepakt. ?Bepaald geen label voor succes?, vindt Van Wegberg. ?De FBI had daar veel meer uit kunnen halen?, stelt de onderzoeker, die verbonden is aan de TU Delft en TNO. ?Op de site waren minimaal 5000 handelaren actief. De FBI was succes?vol ge?nfiltreerd in de website. Ze konden de achterkant van de website in kaart brengen. De administratie, de bitcoin?adressen, alles.?

Ze deden het niet. Dat het probleem Silk Road niet was opgelost, bleek toen er enkele weken later een nieuwe versie van de marktplaats op het dark web verscheen. ?De server van Silk Road 2.0 stond in Nederland. De Nederlandse politie heeft, voordat die website werd opgedoekt, daar een kopie van gemaakt. Die data worden nu geanalyseerd.?

Inmiddels is Silk Road 3.0 in de lucht.

De documentaire “Down the Deep, Dark Web” verkent de kansen?en de gevaren van de dit deel van het web dat niet?ge?ndexeerd wordt door zoekmachines. Yuval Orr, een Isra?lische journalist, werd gefascineerd door het Dark Web en voerde?maandenlang gesprekken?met technische experts en crypto-anarchisten over de diverse mogelijkheden ervan. In bovenstaand fragment is?Orr aan het begin van zijn reis: een niet-gereglementeerde markt, een ruimte voor verborgen revoluties, drugs, terrorisme en kinderporno.

https://www.youtube.com/watch?v=Ct_tb0UVaWg

Bronnen: Reformatorisch dagblad, The Atlantic

Technologische revoluties voor Defensie

Een interessant?artikel van Henke Geveke dat deze zomer gepubliceerd werd in de Militaire Spectator beschrijft de mogelijke gevolgen van nieuwe technologische ontwikkelingen voor Defensie, maar is zeker ook relevant voor andere veiligheidsorganisaties!


8878549

Boodschappen vergeten? We printen straks ons eten thuis. Ziek? Sensoren in en op ons lichaam stellen de diagnose. De technologische ontwikkelingen gaan hard. Internet of Things, 3D-printing, robotics en big data: de mogelijkheden lijken eindeloos, ook voor militaire toepassingen. Maar er is ook een keerzijde. Geweren printen, kritische infrastructuren hacken of synthetische biowapens fabriceren: voor elke technologie geldt dat het gebruik ervan ook een bedreiging voor de veiligheid kan vormen, zeker nu complexe technologie tegen steeds lagere kosten beschikbaar komt. In dit artikel gaat de auteur in op de nieuwste technologische revolutie en verkent hij mogelijke militaire toepassingen en dreigingen. Op basis daarvan betoogt hij dat Defensie meer moet investeren in het beter en sneller benutten van nieuwe technologie, wil de krijgsmacht niet weerloos zijn tegen tegenstanders die de mogelijkheden ervan allang gebruiken.

Lees dit artikel verder op de website van Militaire Spectator

 

Van kennis naar innovatie voor veiligheid en justitie

venj congres 2016

Wat gebeurt er als prachtige innovaties in de zorg of industrie in?handen vallen van kwaadwillenden? Staan de kansen en risico?s van?3D-printen hoog op de beleidsagenda? Welke kansen en bedreigingen?neemt big data mee voor het domein veiligheid en justitie?

Dat waren enkele vraagstukken die Henk Geveke, directeur Defensie?en Veiligheid van TNO, op 20 mei 2016 op het symposium ?Van?kennis naar innovatie voor Veiligheid en Justitie? onder de aandacht?bracht. Meer dan 200 medewerkers van VenJ en haar ondersteunende?diensten en instellingen en TNO gingen in gesprek om elkaar te?inspireren, kennis en ervaringen te delen en nieuwe verbindingen te?leggen.

Tijdens de bijeenkomst kwamen tal van deelnemers met vragen en?idee?n. Daarvoor was een grote ?innovatiemuur? opgesteld, waar?iedereen zijn ?innovatie- en onderzoeksbehoeften? kon indienen.??Want innovatie, is en blijft een kwestie van kansen zien en pakken?,?benadrukte Riedstra.

siebe riedsma
Het ministerie stimuleert al jaren aandacht voor veiligheid en?justitie binnen de toegepaste wetenschap. Kennisinstituut TNO is?hierin actief met het onderzoeksprogramma ?Vraaggestuurd
Programma Veilige Maatschappij?. Onder regie van het innovatieteam?VenJ wordt dit programma jaarlijks afgestemd met TNO en?worden hierin doorlopend nieuwe onderzoeksvragen verwerkt.
Het toegepaste wetenschappelijk onderzoek helpt toekomstige?uitdagingen het hoofd te bieden waar het ministerie en haar?ondersteunende diensten en instellingen mee te maken hebben.

Samenwerken is informeren en stimuleren
Vragen en nieuwe idee?n voor onderzoek kwamen tijdens het?interactieve symposium van beide kanten. Geveke benadrukte dat?zijn organisatie direct bij VenJ aan de bel trekt als het nieuwe?ontwikkelingen signaleert in wetenschap en technologie die voor?het ministerie van belang kunnen zijn. Omgekeerd zullen zich bij?Veiligheid en Justitie steeds nieuwe vragen aandienen waar TNO?een antwoord op kan geven. Dat is wat hem betreft de kern van de?samenwerking: elkaar doorlopend informeren en stimuleren?nieuwe uitdagingen op te pakken.?Ook voor SG Siebe Riedstra stond vast dat samenwerking met?kennisinstituten, universiteiten en het bedrijfsleven, de sleutel is?tot innovaties binnen het veiligheidsdomein. ?Zo zijn we gezamenlijk?in staat oplossingen te ontwikkelen die voor ons praktisch?bruikbaar zijn”.

Meer dan technologie
Op het symposium kwam helder naar?voren dat TNO zich niet alleen richt op?technisch onderzoek, wat vaak wordt?gedacht. De organisatie ontwikkelt ook?kennis op het gebied van processen,?informatie en de mens. Tijdens de?interactieve sessies kwam naar voren dat?big data een belangrijke rol speelt in het?voorblijven van criminele activiteiten op?het internet. Criminelen ontwikkelen?volgens Riedstra namelijk ?sneller dan?het licht? nieuwe illegale concepten en?businessmodellen. Daar moeten VenJ en?TNO zeer alert op zijn binnen ?n buiten?onze grenzen. Intensieve internationale?samenwerking is voor een veilig internet dan ook essentieel. Geveke?noemde in dat verband de samenwerking tussen zijn organisatie en?INTERPOL, wat heeft geresulteerd in speciale algoritmes die met?succes kinderporno, wapen- en drugshandel en andere criminele?activiteiten op het Dark Web bestrijden.?Big data en algoritmes blijken belangrijke wapens in de strijd tegen?misdaad. Riedstra memoreerde de uitgave Van predictive naar?prescriptive policing die TNO hem in mei dit jaar aanbood. Daarin staat?dat algoritmes het politiewerk ingrijpend zullen veranderen. Zo kan?de politie op basis van eerdere incidenten voorspellen waar de?volgende misdaad zal gaan plaatsvinden. ?Fantastisch? noemde hij?deze ontwikkeling. Maar voor het analyseren van big data hebben?we tools van kennisinstellingen nodig waarmee de politie concreet?aan de slag kan.

Je baan wordt een algoritme
Geveke stond naast de mooie kansen ook stil bij de bedreigingen van?nieuwe technologie?n zoals algoritmes en robots. Als voorbeeld?noemde hij een groot advocatenkantoor in de VS die een machine?inzet in plaats van een geschoolde jurist: ?Meet Ross, the legal robot?

henk geveke

?Who?s next?? vroeg hij zich hardop af. ?Managers? Politieagenten ??Rechters? Beleidsmedewerkers? Misschien verandert uw baan straks?wel in een algoritme. Iets om grondig over na te denken. Welkom in?de wondere en veelzijdige wereld van TNO. Robots, data en?kunstmatige intelligentie zijn vertrouwde onderwerpen in onze?laboratoria. Ook op het terrein van veiligheid en justitie.?

You ain?t seen nothing yet
Geveke riep de periode 2004-2010 in herinnering, toen hij directeur?Nationale Veiligheid bij BZK was. De ontwikkelingen op het gebied?van technologie zijn sindsdien verdrievoudigd. Criminaliteit is?verschoven van de publieke ruimte naar het versleutelde Dark Web.?Meer blauw op straat? Daar is het volgens hem niet langer om te?doen. Mensen melden overlast tegenwoordig via Facebook of apps?en bellen naar alarmnummer 112 is niet meer van deze tijd. Het?woord cybercrisis klonk in 2004 nog als een exotisch begrip, maar?nu blijkt de vitale infrastructuur kwetsbaar voor uitval door iets?waar we slechts tien jaar geleden nauwelijks van hadden gehoord.?En ?you ain?t seen nothing yet?.?De 3D-printer brengt mooie innovaties, maar ook bedreigingen met
zich mee. Nog even en we kunnen eenvoudig bij een printshop?allerlei gebruiksvoorwerpen uitdraaien, tot aan voedsel toe.?Criminelen daarentegen zien 3D-printen als een technologie om
wapens mee te produceren, of drugs. Ze gebruiken daarvoor?grondstoffen die moeiteloos de scans op Schiphol passeren. VenJ en?TNO zijn genoodzaakt nieuwe barri?res te bedenken en te ontwikkelen?om die ontwikkeling tegen te gaan. Er zal toezicht moeten?komen op het digitaal verhandelen van printontwerpen.

Shared Research en Open Innovatie
Op al die snelle veranderingen zullen we volgens Geveke als ministerie?en kennisinstituut samen moeten anticiperen. Dat vraagt om een?intensieve manier van samenwerken. ?Als overheidsorganisatie bent?u gebaat bij het hebben of bereiken van zekerheden, terwijl we bij?TNO dagelijks juist omgaan met en op zoek zijn naar ?nzekerheden.?Innovaties kunnen ook mislukken. Daar leren we juist veel van.??Hij vervolgde: ?We geloven niet in het op eigen houtje onderzoek?doen, maar in shared research, open innovatie. Strategische?kennisopbouw mondt uit in innovaties op de langere termijn, maar?cre?ert tegelijkertijd een cruciale basis voor kort cyclische innovaties?die snel antwoord geven op plotselinge vragen. Intensieve?samenwerking op strategisch niveau helpt zowel lang cyclische als?kort cyclische innovaties mogelijk te maken.?

VenJ en TNO trekken samen op om de samenwerking tussen beide?partijen te versterken. Zij hopen dat de fascinatie en passie van TNO?ers?voor wetenschap en technologie op iedereen aanstekelijk zal werken.?Wij verheugen ons op een versterking van de samenwerking met het?ministerie, in brede zin, voor alle DG?s en uitvoeringsorganisaties.?Het Innovatieteam vormt hierin een belangrijke schakel tussen vraag?en aanbod uit het domein veiligheid en justitie en de kennisexperts?van TNO. Laten we elkaar blijven inspireren, veel experimenteren en?van elkaar leren.

Bron: Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing

[slideshare id=61354641&doc=104tnorpredictivepolicingweb-160426065651&type=d]
[slideshare id=59600264&doc=hetnieuwemelden-160315191155&type=d]
[slideshare id=45934998&doc=brochurecybersecurity2015web-150317070257-conversion-gate01&type=d]

Bommen, granaten en terroristen die katten aaien

bommen

Woorden en beelden zijn soms net zo krachtig als bommenwerpers. De strijd van overheden tegen de IS is daarom deels een communicatiewedloop. De technologische ontwikkelingen gaan snel. Hoe zorgen we ervoor dat we niet achterop raken?

Een mollige peuter richt trots een machinegeweer op ons, een kleuter onthoofdt haar knuffel en een tienjarig kind liquideert een militair: de beelden uit de Islamitische Staat missen hun doel nooit. Verspreid via social media zijn ze vaak minstens zo krachtig als vuurwapens. Ze nestelen zich in de hoofden van vriend en vijand om daar hun manipulerende, motiverende, of juist ontmoedigende werk te doen.

is cats

Een belangrijk verschil tussen de terroristen van Al Qaeda en van IS is dat de laatsten ?digital natives? zijn en de kracht van social media beter begrijpen. Of ze nu angst zaaien met afgehakte hoofden, of empathie oogsten met sympathieke strijders die katten aaien: de ?storytellers? van de IS doen niet onder voor de marketingstrategen van een multinational. Een goede ?internetstrijder? oogst bij IS dan ook evenveel waardering als een ervaren sluipschutter.

?de ?storytellers? van de IS doen niet onder voor de marketingstrategen van een multinational?

Social bots

Social media als Facebook en Twitter zijn voor terroristen belangrijke platformen om jongeren die vatbaar zijn voor radicale idee?n te manipuleren met eenzijdige informatie. Steeds vaker gebeurt dit met accounts die niet door mensen, maar door machines worden bestierd. Het betreft ?social bots?: computerprogramma?s, ontworpen om te communiceren met mensen.

Ze maken grootschalige manipulatie via social media veel gemakkelijker. De sociale platformen zouden een grotere rol kunnen spelen om radicalisering tegen te gaan, maar doen dit slechts mondjesmaat. Wel heeft de Europese Commissie onlangs met Microsoft, Facebook, YouTube en Twitter afgesproken dat haatzaaiende inhoud binnen 24 uur verwijderd wordt, mits burgers er melding van maken.

Ook gesloten platformen spelen een steeds grotere rol in de informatiewedloop tussen de IS en westerse overheden. Versleutelde apps als Signal of WhatsApp maken het mogelijk te communiceren buiten het zicht van informatiediensten. Games die onder jongeren populair zijn, zoals Grand Theft Auto (een spel waarin je agenten kunt aanrijden), bieden de IS de mogelijkheid om in besloten kring precies de juiste doelgroep aan te spreken. En het Dark Web, een versleuteld deel van internet, wordt onder meer gebruikt om ongezien aan uitreisdocumenten te komen en anoniem geld te storten aan het kalifaat.

Van wetenschap tot wapen

Veel goedbedoelde nieuwe-mediatechnologie?n veranderen in wapentuig, zodra misdadigers ze in handen krijgen. Dit zijn drie actuele voorbeelden.

Social Bots

Alan Turing ontwikkelde in 1950 de Turing test, die test of een machine te onderscheiden is van een mens. Sindsdien hebben wetenschappers grote stappen gezet in de ontwikkeling van computerprogramma?s die overtuigend communiceren met mensen. Social bots, gebruikt door zowel commerci?le bedrijven als misdadigers, komen hier uit voort. Bedrijven als Microsoft, Google en Amazon investeren miljarden in zelflerende varianten die steeds intelligenter worden.

Dark Web

Drugs, wapenhandel, kinderporno en identiteitsvervalsing: het dark web biedt alles wat het daglicht schuwt. Het is toegankelijk met speciale, door iedereen te downloaden software en gebruikers kunnen er anoniem doen wat ze goeddunkt. Het dark web is onderdeel van het ?deep web?, ooit begonnen als een internetvariant waar de Amerikaanse marine kon overleggen zonder pottenkijkers. Inmiddels maken ook terroristische organisaties als IS er dankbaar gebruik van.

Virtual reality

Technieken om de werkelijkheid te simuleren met behulp van software en eventueel een soort bril werden aanvankelijk vooral gebruikt voor het trainen van piloten, artsen en militairen. Vanaf de jaren negentig ging de gamingindustrie ermee aan de haal. De Oculus Rift is het meest actuele middel waarmee gebruikers zich in een andere context kunnen wanen. Experts vrezen dat terroristen dit soort apparatuur zullen inzetten voor het trainen van strijders. IS gebruikt oorlogsgames en gamification in hun uitingen nu al om strijders te recruteren.

Rol van de overheid

De overheid is zich bewust van de grote rol die deze technologie?n spelen in radicaliseringsprocessen. Gezien de snelle technologische ontwikkelingen op het gebied van versleuteling en kunstmatige intelligentie zal deze rol steeds groter worden.

Inlichtingendiensten, politie en politici missen echter zowel de expertise als wettelijke ruimte om in te grijpen. Goed bedoelde, Hollywoodachtige filmpjes met een alternatief verhaal vallen in het niets bij de enorme stroom ?reality TV? van IS. Twitterende politici missen de autoriteit om online serieuze invloed te hebben. Voor elke site die uit de lucht wordt gehaald, verschijnen tien nieuwe. En de inzet van afluistertechnologie?n en censuur door de overheid stuit op maatschappelijke en juridische weerstand.

TNO volgt deze ontwikkelingen nauwgezet en zoekt met overheden en private partijen naar best practices en maatregelen. Hoewel eenvoudige oplossingen niet voor het grijpen zijn, denkt TNO dat burgers een veel grotere rol kunnen spelen bij het produceren van tegengeluiden. En ouders, politie en scholen zouden zich actiever moeten bemoeien met het internetgedrag van jongeren om radicalisering op tijd te onderkennen.

De technologische ontwikkelingen gaan snel. Om niet achterop te raken, moet de overheid investeren in kennis en expertise op het gebied van nieuwe media, versleuteling en kunstmatige intelligentie. Alleen als overheid, industrie en kenniscentra als TNO op dit gebied samenwerken, kan Nederland terroristen in deze communicatiewedloop de pas afsnijden.

Dit artikel is gebaseerd op een gesprek met Arnout de Vries van TNO.

Bronnen: TNO Time

Congres radicalisering en terrorisme

terugblik congres

Op 31 mei en 1 juni 2016 vond op The Hague Security Delta Campus in Den Haag, de internationale stad?van vrede, recht en veiligheid het congres Radicalisering & Terrorisme plaats waar ervaringsdeskundigen?en experts werkzaam bij de overheid, wetenschap en het bedrijfsleven samenk wamen om kennis en?ervaringen uit te wisselen over de aanpak van radicalisering en terrorisme om zodoende van elkaar te?leren.

robdewijk

Volgens Rob de Wijk zijn radicalisering en de kans op een terroristische aanslag niet de grootste veiligheidsrisico?s voor Europa. Grotere dreigingen vormen de conflicten aan de oostgrens
van Europa (Oekra?ne) en de toenemende spanningen in de Oost en Zuid-Chinese zee. Rob de Wijk is van oordeel dat het aantal geradicaliseerde jongeren in Europa redelijk ?behapbaar? is. Desondanks vormt een terroristische aanslag een dreiging voor Europa, gezien de grote psychologische effecten van een aanslag op de samenleving.

De grondoorzaken van radicalisering in de Arabische wereld zijn volgens Rob de Wijk gelegen in de grote en snelle veranderingen in de Arabische landen sinds de olie booming business werd. In tijden van veranderingen zoeken mensen naar houvast. In het Westen zijn dit mobiliserende ismes, zoals het communisme of socialisme. In de Arabisch wereld wordt veelvuldig teruggegrepen op de?glorietijd van de Islam. Religie is in veel van deze landen het enige bindmiddel. De voedingsbodem voor het ontstaan van terroristische organisaties krijgt vervolgens een impuls wanneer machtsvacua ontstaan, zoals in Irak en Libi?. Daarnaast dragen ook externe gebeurtenissen bij aan de voedingsbodem voor radicalisering in deze landen. Voorbeelden daarvan zijn de manier waarop gevangen zijn behandeld in Guantanamo Bay en Abu Ghraib en de Amerikaanse invasie in Irak. Er is een patroon zichtbaar in de manier waarop terroristische organisaties tot stand komen en handelen. Terroristische organisaties komen tot stand door zich af te keren van de maatschappij, het cre?ren van een enclave van het ware geloof en vervolgens het voeren van een tegenoffensief tegen de maatschappij. Terroristische organisaties kiezen vaak voor doelwitten van symbolische aard en met een kans op veel slachtoffers. Het openbaar vervoer en luchthavens zijn de populairste doelwitten. Daarnaast geven terroristische organisaties de voorkeur aan simpele methoden om de slagingskans te maximaliseren. Landen die volgens de Rob de Wijk momenteel het meeste risico lopen zijn Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Belgi?.

Carl Steinmetz

Carl Steinmetz is van mening dat de Nederlandse aanpak zich teveel richt op de curatieve, repressieve en individualistische aanpak van radicalisering. Volgens hem is er meer aandacht nodig voor een preventieve en collectivistische aanpak. Hij roept de overheid daarom op om een groter gedeelte van het huidige budget te besteden aan het voorkomen van radicalisering.

Carl Steinmetz maakt onderscheid tussen het gedachtegoed en de aanpak van de individualist en de collectivist. De individualist gaat uit van de eigen verantwoordelijkheid en onafhankelijkheid van een persoon. De oorzaak van problematisch gedrag wordt als gevolg bij de persoon gezocht en leidt tot een aanpak welke zich richt op het aanpakken van daders. Voorbeelden hiervan zijn de ?lik op stuk? aanpak, de persoonsgerichte aanpak en het straffen middels gevangenisstraffen. De collectivist gaat daarentegen uit van de onderlinge afhankelijkheid en verbondenheid van personen.

De?oorzaken van problematisch gedrag worden gezocht in het systeem: de familie en maatschappij. Als gevolg richt de aanpak zich op het betrekken van opvoeders, grootfamilie, buurt en maatschappij?voor het bieden van een alternatief. In het specifieke geval van radicalisering richt de collectivistische aanpak zich op het adresseren van risicofactoren van radicalisering. Volgens Carl Steinmetz zijn deze risicofactoren armoede, uitsluiting en immigratieprocessen. Er is sprake van een groeiende groep jongeren die zich ontheemd voelen, zich afzonderen of zich terugtrekken in de eigen gemeenschap, welke vatbaar zijn voor radicalisme. Om tot passende interventies te komen op het onderwerp radicalisering stelt Carl Steinmetz voor om ?vredesbesprekingen? te organiseren tussen individualisten en collectivisten. De agenda zou kunnen bestaan uit het bespreken van de interventies die behoren bij het beperken van de instroom aan radicale jongeren.

Volgens Carl Steinmetz zijn armoede en uitsluiting gemakkelijker aan te pakken, dan radicalisering. Radicale jongeren begeven zich immers onder de radar en vragen om een grote inzet van politie en justitie.

nicole bogers

Terrorisme is een wicked problem, omdat er geen eenduidige definitie bestaat van het probleem en het lastig is om tot een eenduidige en sluitende oplossing te komen. Een wicked problem
wordt in de bestuurskunde gekenmerkt door een niet eenduidige probleemdefinitie, de inzet van meerdere instrumenten, een focus op de instrumenten om het probleem te defini?ren, verschillende?belangen en wereldbeelden en veel partijen die iets aan het probleem willen doen. Volgens Edwin Bakker vormt terrorisme geen grote fysieke dreiging, aangezien er jaarlijks vijf tot tien?dodelijke slachtoffers vallen. Het is echter begrijpelijk dat het hoog op de politieke agenda staat gezien de aantallen uitreizigers en de aanslagen in Frankrijk en Belgi?.

Nederland staat bekend om de zogenaamde ?Dutch Approach?, ook wel gekscherend de ?confetti approach? genoemd. Nederland kent een brede benadering, van preventie tot repressie. Ter illustratie:?na de treinkaping bij de Punt was de Nederlandse overheid in gesprek met de Molukse gemeenschap, maar reed zij ook met pantservoertuigen door de wijken. Het mankement van de brede benadering is echter dat er te weinig zicht is op wat werkt. Edwin Bakker pleit voor het meer uitwisselen van ervaringen over wat wel en wat niet werkt om zo van elkaar te leren en interventies te verfijnen. Tot slot pleit Edwin Bakker voor meer aandacht voor het beperken van de hoofddoelstelling van terrorisme, het generen van impact.

Om het effect van een aanslag te beperken moeten we?werken aan de weerbaarheid van de Nederlandse samenleving. Investeringen in crisiscommunicatie, impactmanagement en het kennen van de partijen die een dempend effect kunnen hebben op de samenleving dragen daar aan bij.

In haar functie houdt Nicole Bogers zich voornamelijk bezig met het voorkomen van een terroristische aanslag in Nederland. De politie maakt onderdeel uit van een bredere aanpak, welke beschreven staat in de Nederlandse contraterrorisme-strategie en het actieprogramma integrale aanpak jihadisme. De bijdrage van de politie bestaat uit het verzamelen van informatie over potenti?le dreigingen en netwerken, het voorkomen van de verspreiding van Jihadistisch materiaal, het beschermen van personen, objecten en processen en handhaving en toezicht. De politie zorgt voor de lokale verbinding middels de wijkagent. Daarnaast is de politie een geoefende responsorganisatie in het geval een aanslag plaatsvindt. Wat kun jij bijdragen? Volgens Nicole Bogers kunnen professionals en burgers een bijdrage leveren door bewust te zijn van wat ze zien op straat en zicht te hebben op ontwikkelingen in hun buurt. Nicole Bogers merkt op dat naast het jihadisme, links en rechtsextremisme net zo relevant zijn. Om het ongewone te kunnen zien, moeten we bekend zijn met het gewone. Kleine stukjes informatie kunnen het verschil maken voor de politie.

Nicole Bogers geeft tot slot de volgende drie boodschappen mee aan professionals:
1) Netwerken kunnen het best worden aangepakt via netwerken. Welk netwerk maakt jij deel van uit en hoe gemakkelijk deel jij informatie?
2) Kennis ontwikkeling, borging en overdracht is belangrijk. Weet jij waar je de juiste informatie kunt vinden en aan wie je om informatie kunt vragen? Draag jij informatie over?
3) Het tegengaan van radicalisering vraagt ook om het tegengaan van polarisatie. We hebben een taak om het midden te verstevigen en te laten horen, ook als professional. Belangrijker dan het wat, is het wie een bijdrage levert in het maken van het verschil.

Massoud Djabani

Massoud Djabani behoorde in de jaren zeventig tot een Iraanse terroristische organisatie en schets een beeld van hoe het proces van radicalisering en indoctrinatie in zijn werk gaat. Preventie is volgens hem enorm belangrijk, aangezien een geradicaliseerde jongere moeilijk meer is te bereiken. Hij pleit voor het vroegtijdig onderwijzen van kinderen in geschiedenis en filosofie om de
weerbaarheid tegen radicaal gedachtegoed te verhogen. Het zaadje van twijfel, wat nodig is voor deradicalisering, is moeilijk te planten als een jongere het radicale pad al is opgegaan. Massoud Djabani deradicaliseerde toen hij drie maanden in een ziekenhuisbed terecht kwam en geen kant op kon. Bij terugkomst in de groep, bemerkte hij al snel dat er geen ruimte was voor zijn kritische vragen. Massoud Djabani beschrijft radicalisering als een proces van vier fasen: werving, isolatie, desori?ntatie en hersenspoeling. In de eerste fase, de werving, worden emoties aangewakkerd, haat gezaaid, een vijandbeeld gecre?erd en wordt de jongere een utopie voorgespiegeld. Na de werving wordt de jongere uit zijn omgeving ge?soleerd. Daarna ontstaat desori?ntatie, waarna de jongere wordt gehersenspoeld. Het hersenspoelen gebeurt in eerste instantie door te manipuleren en emoties aan te wakkeren. Vervolgens wordt de jongere overspoeld met beelden van geweld, wordt hij constant met haat ge?njecteerd en worden vijanden ontmenselijkt. Tot slot is de jongere in de voltooiende fase ge?ndoctrineerd, is zijn identiteit verwisseld en gelooft hij of zij dat het doel alle middelen heiligt. Technieken die terroristische groepen gebruiken om iemand te dissoci?ren zijn het afbreken van identiteit, het geven van een nieuwe naam en het ontmenselijken van anderen. Als gevolg wordt de eigen identiteit als het ware ?ontkoppeld? en dringen misdaden niet door.

Het losmakingsproces van een terroristische groep begint met een zaadje van twijfel, wat tot het herstel van het kritisch denkvermogen leidt. Volgens Massoud Djabani is begeleiding noodzakelijk voor jongeren die zich losmaken van een terroristische organisatie. Deze jongeren hebben een toekomstperspectief en structuur nodig. Daarnaast zijn de jongeren getraumatiseerd en is verwerking van trauma?s noodzakelijk. Tot slot is het noodzakelijk om te investeren in de persoon en zijn of haar kwaliteit te benadrukken.

Arnout2?rolf van wegberg

Arnout de Vries en Rolf van Wegberg laten zien dat het ouderwetse beeld van een terrorist achterhaald is. De moderne terrorist gebruikt sociale media voor het rekruteren van nieuwe leden en is actief op het DarkWeb, bijvoorbeeld om aan wapens te komen voor terroristische activiteiten. Arnout de Vries en Rolf van Wegberg brengen de mogelijkheden van nieuwe technieken als gamification, crowdfunding en HD terrorisme in beeld. Tot slot laten zij zien welke kansen het gebruik van sociale media en het DarkWeb bieden voor het online interveni?ren tegen terroristische organisaties.

selmar smit?peter de kock

In welke mate is terroristisch gedrag te voorspellen en kunnen we vroegtijdig op dat gedrag anticiperen? Hoe kan de kracht van de computer, middels Artificial Intelligence en Machine Learning,
gecombineerd worden met creativiteit en expert kennis? En wat kunnen we leren van fictief terroristische gedrag uit boeken en films? Pandora Intelligence en TNO hebben hun krachten gebundeld in het aanleggen van een database bestaande uit meer dan 500.000 terroristische incidenten met daarin informatie van terroristische aanslagen en filmscenario?s en verhalen uit boeken over?terroristische aanslagen. De incidenten zijn opgebouwd uit twaalf verhaalcomponenten met onderliggende subcomponenten. De database is op twee manieren innovatief. In de eerste plaats worden?filmscenario?s en verhalen uit boeken gebruikt om beter te kunnen anticiperen op terrorisme en alternatieve scenario?s naar voren te brengen. In de tweede plaats vormt de database de basis voor een model om terroristische scenario?s te voorspellen. Op basis hiervan kan beter worden gereageerd, voorkomen en voorbereid.

Victor Kallen

Welke type individuen voelt zich aangetrokken tot gewelddadige gemeenschappen, ongeacht de specifieke religieuze of politieke signatuur? Waardoor onderscheiden individuen zich die, als eenling?of als lid van een gemeenschap, waarschijnlijk dader van een gewelddadig delict worden? Hoe kan state-of-the art kennis uit de ontwikkelingspsychologie bijdragen aan een adequate, en vooral tijdige, identificatie van de meest waarschijnlijk gewelddadige individuen binnen bijvoorbeeld een specifieke gemeenschap/organisatie? Victor Kallen laat zien welke factoren gewelddadige daders van niet gewelddadige daders en ?gewone burgers? onderscheiden. Het gaat hier om (agressief en depressief) gedrag als kind, prenatale complicaties, slechte/criminele vrienden/familie, middelengebruik, lage motivatie voor school, wonen in een achterstandswijk, geschiedenis van delinquentie (lid van een bende), gezinsfactoren (opvoedingsstijl, gebrekkig toezicht,
slechte relatie met ouders, mishandeling, verwaarlozing en hoe deze factoren in elkaar grijpen tot een relatief coherent beeld dat de ontwikkeling tot een jong volwassen ?high risk? individu voorspelt.

Interessant leesvoer:?

Evaluatie van de nationale contraterrorisme-strategie 2011-2015,?Universiteit Utrecht in opdracht van het WODC
De evaluatie van de nationale contraterrorisme-strategie maakt inzichtelijk welke bijdrage de strategie 2011-2015 heeft geleverd aan het
verminderen van het risico op aanslagen, het verminderen van de vrees voor aanslagen, en het beperken van de mogelijke schade na
aanslagen.

Onderzoek naar ?Triggerfactoren in het radicaliseringsproces?
Universiteit van Amsterdam, in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken
Het onderzoek Triggerfactoren in het radicaliseringsproces is de eerste grote systematische literatuurstudie die is gedaan naar alles wat over
triggerfactoren bekend is in nationaal en internationaal onderzoek. Uit de studie blijkt dat nooit ??n enkele factor ervoor zorgt dat iemand
radicaliseert.

Onderzoek in opdracht van de Rechtbank Rotterdam ?Bestemming Syri??
Universiteit Leiden en Universiteit van Amsterdam
Het onderzoek Bestemming Syri? brengt de leefsituatie van Nederlanders in gebieden in Syri? die in 2014 niet meer gecontroleerd werden
door het al-Assad regime in kaart. Het onderzoek concludeert dat het overgrote deel van de Nederlandse uitreizigers in 2014 terecht kwam
bij IS of Jabbat al Nusra en dat de meerderheid van Nederlandse mannen is afgereisd om een bijdrage te leveren aan de gewapende strijd.

AIVD-publicatie ?Leven bij ISIS, de mythe ontrafeld?
Volgens de AIVD publicatie maken Nederlanders die afreizen naar ISIS-gebied willens en wetens de keuze om zich aan te sluiten bij een
terroristische groepering. Hiermee ondersteunen zij de gewelddadige strijd voor een islamitische staat. Het leven in ISIS-gebied is echter
zwaar. ISIS ontwikkelt zich steeds meer tot een totalitair regime. ISIS-propaganda schetst een idylle van het leven in het ?kalifaat?, die niet
strookt met de werkelijkheid. Inlichtingenonderzoek laat zien dat de omstandigheden juist erbarmelijk zijn.

Bronnen: SBO

Is met Predictive Policing de heilige graal gevonden?

Opinie_en_debat_05

Het politiewerk gaat ingrijpend veranderen door de invoering van?Predictive Policing. Door verfijnde algoritmen los te laten op big data over eerdere incidenten ? en die hoeveelheid gegevens neemt alleen maar toe ? kan de politie straks misdaden voorspellen.

Predictive Policing is de heilige graal waar criminaliteits- en terrorismebestrijders naar op zoek zijn. Het biedt de politie de mogelijkheid om d??r aanwezig te zijn waar de kans op een volgend incident het grootst is. De methode werkt preventief. Ook de nationale politie is al aan de slag met deze ontwikkeling.
Algoritmen die aardbevingen voorspellen

Predictive policing komt uit de Verenigde Staten, waar het in de praktijk beter lijkt te kunnen voorspellen dan menselijke analisten. De ontwikkeling begon in 2008 bij de politie van Los Angeles. Samen met Jeff Brantingham (UCLA en PredPol) werkte de politie het idee uit om algoritmen die aardbevingen konden voorspellen, toe te passen op oude misdaadstatistieken. Het bleek een gouden greep. Ineens kon men een veelvoud aan invloedsfactoren (zoals variaties in plaatsen en tijden) meewegen. PredPol claimt hiermee 1,5 tot 2 keer beter risicogebieden in te schatten dan de politieanalisten.

Naast PredPol zijn er meer ontwikkelingen, zoals HunchLab en het?Amsterdamse Criminaliteits Anticipatie Systeem (CAS). En er komen er meer. Invoering van Predictive Policing bij de nationale politie is mogelijk onontkoombaar, maar dat zal niet gemakkelijk zijn. Het vraagt namelijk om een wezenlijke verandering.

Integrale benadering

De ontwikkeling naar Predictive Policing vraagt om een integrale benadering, waarin doel (in welke context en met welk doel gebruiken we het?), proces, informatie, techniek, en mens en organisatie in samenhang met elkaar worden aangepakt.

Predictive policing is in essentie niets anders dan vakjes op een kaart

De politie zal dus tal van vragen moeten oplossen. Hoe betrouwbaar is de informatie die het systeem aanlevert eigenlijk? Wat zijn de juridische en ethische gevolgen van Predictive Policing? En hoe past het in het politieproces? De organisatie bestaat immers traditioneel uit medewerkers, die in hun werk informatie gebruiken, verwerken en leveren. Hoe past een computer daartussen? Is het als een collega die af en toe kritisch met je mee kijkt, of wordt hij de baas die je oplegt wat je moet doen? Technici, analisten, teamleiders, wijkagenten en andere deskundigen moeten samen aan tafel komen om duidelijkheid te krijgen over de (on)mogelijkheden.

Van Predictive Policing naar Prescriptive Policing

Predictive Policing lijkt de heilige graal, maar is in essentie niets anders dan vakjes op een kaart. Om eenvoudiger, effici?nt en effectief te inzet te plegen is handelingsperspectief en dus Prescriptive Policing onontbeerlijk. Prescriptive Policing voorspelt voor een specifieke situatie wat de effecten zijn van bepaalde interventies en een bepaalde inzet van politiemiddelen. Het systeem doet deze suggestie op basis van gegevens uit soortgelijke situaties in het verleden en daarbij gemeten effectiviteit. Daarbij wordt de menselijke factor expliciet meegenomen, want juist het praatje op straat is een hele effectieve ‘interventie’.

Ook de acceptatie door gebruikers is essentieel

Misschien nog wel meer dan bij Predictive Policing is hier een integrale benadering nodig, waarin doel, proces, informatie, techniek en mens en organisatie in samenhang met elkaar worden aangepakt. In feite zijn er 4 opeenvolgende implementatieniveaus, inclusief bijbehorende uitdagingen:

  • Intelligence-led Policing: informatie delen en deze gebruiken om te sturen.
  • Predictive Policing: analisten en wijkteams?trainen in?de omgang met voorspellende informatie.
  • Effect-led Policing: daadwerkelijke?het effect?registreren van verschillende interventies. Dus ook registreren wat er is gedaan, in plaats van alleen wat daar de resultaten van waren.
  • Prescriptive Policing:?de adviezen?accepteren van een systeem. Dit vraagt om aanpassing van de aansturing (cultuur en organisatie-inrichting) op door een systeem voorgestelde interventies.

Tot besluit: een wezenlijke verandering

De komst van Predictive, Prescriptive, en andere vormen van politieoptreden op basis van computeralgoritmen, vraagt om een wezenlijke verandering in het proces van politieoptreden. Niet alleen moeten ze hun plaats vinden in de informatieketen, ook de acceptatie door gebruikers is essentieel. Om te hoge, of te lage, verwachtingen te voorkomen is een integrale benadering nodig, waarin doel, proces, informatie, techniek en mens en organisatie in samenhang met elkaar worden aangepakt.

Publicatie over Predictive Policing
In Van Predictive naar Prescriptive Policing. Verder dan vakjes voorspellen houden Selmar Smit en Arnout de Vries alle aspecten van Predictive Policing en Prescriptive Policing tegen het licht, inclusief de mythen rond dit thema. De publicatie bevat een stappenplan voor een geleidelijke invoering van deze nieuwe ontwikkelingen.

Bronnen: Secondant

Van Predictive Policing naar Prescriptive Policing

Vandaag ontving Siebe Riedstra, Secretaris Generaal van het ministerie van Veiligheid en Justitie, het boek ?Van Predictive naar Prescriptive Policing? uit handen van Leen van Duijn, directeur Nationale Veiligheid en Crisismanagement TNO. In dit boek adviseert TNO over de invoering van Predictive policing en Prescriptive policing.

Allereerst gaven?Jeff Brantingham en Sean?Malinowski van de LAPD?een presentatie bij het ministerie van Veiligheid en Justitie over wetenschap en praktijk van Predpol en daarna was het aan Reinder Doeleman van de politie Amsterdam om de ervaringen?van CAS uit de doeken te doen.

Voor TNO de uitgelezen kans om de publicatie “Van Predictive Policing naar Prescriptive Policing” aan te bieden. Jeff heeft het altijd over ‘Beyond the box’ , want predictive policing kan zoveel meer zijn?dan alleen vakjes op een kaart voorspellen waar misdaad volgens kansberekening gaat plaatsvinden. TNO trekt de lijn van ontwikkelingen door van predictive naar prescriptive policing. Van misdaad voorspellen tot voorspellend effect van politiewerk.

DSCF5511

Predictive Policing

Predictive Policing is politiewerk aan de hand van voorspellingen. Door verfijnde algoritmen?los te laten op big data kan de politie straks misdaden voorspellen. Predictive Policing biedt?de politie de mogelijkheid om d??r aanwezig te zijn waar de kans op een volgend incident het?grootst is. Het werkt preventief. Ook de politie is al aan de slag met deze ontwikkeling. Deze?publicatie beschrijft de ontwikkeling van Predictive Policing en de basisprincipes ervan. De?auteurs ontkrachten 10 mythen rond dit thema, zoals: crimineel gedrag is niet te voorspellen.?Ook gaan ze in op de verschillende ontwikkelingen, zoals PredPol en het Amsterdamse?Criminaliteits Anticipatie Systeem (CAS).

Invoering van Predictive Policing bij de politie kan, maar wat zijn de uitdagingen? Die spelen?zich op meerdere vlakken af: doel en toepassing, mens en organisatie, proces, informatie en?techniek. Wat zijn bijvoorbeeld de juridische en ethische aspecten van Predictive Policing??Hoe moeten mens en organisatie veranderen om dit instrument effectief te gebruiken? Hoe?betrouwbaar is de informatie die het systeem aanlevert eigenlijk? De effectiviteit van Predictive?Policing hangt in feite af van de informatie die in het systeem wordt ingevoerd. Het gaat?de politie er bovendien niet om zo goed mogelijk te voorspellen waar een incident kan plaatsvinden,?maar om dit incident te voorkomen. De politie zal daarom in kaart moeten brengen?wat de effectiviteit is. Meetbaar maken van het effect van de inzet dus.

Prescriptive Policing

Als Predictive Policing voorspellen is wat er gebeurt als je niets doet, wat is dan Prescriptive?Policing? Prescriptive Policing voorspelt op basis van de kennis van de effecten van bepaalde?interventies wat de effectiviteit van een bepaalde inzet van politiemiddelen zal zijn, gegeven?een specifieke situatie. Het systeem suggereert wat de beste interventie is op basis van
vergelijkbare context, maar de mens beslist uiteindelijk. De ontwikkeling naar Prescriptive?Policing vraagt om een integrale benadering, waarin doel, proces, informatie, techniek en?mens en organisatie in samenhang met elkaar worden aangepakt. In een stappenplan?onderscheiden de auteurs vier implementatieniveaus, inclusief de stappen die de politie?moet zetten om een niveau hoger te komen. Van Intelligence-led Policing naar Predictive Policing?naar Effect-led Policing naar Prescriptive Policing.

Hoe de politie te werk zou kunnen gaan? Een competitieve test uitvoeren, voor een systeem?kiezen en dat langzaam uitrollen. Dat laatste is belangrijk, omdat mensen een gevoel?moeten krijgen voor de mogelijkheden van het systeem. Invoering van Prescriptive Policing?vraagt dus om professionalisering van de politie. Pas als men meetbaar maakt wat het?effect is van een interventie wordt de stap naar het vierde implementatieniveau mogelijk. De?innovatie moet stapsgewijs plaatsvinden in publiek-private samenwerking met leveranciers?en kennisinstellingen, waarbij in Living Labs wetenschappelijke kennis wordt toegepast in de?politieomgeving, samen met technologieleveranciers.

[slideshare id=61354641&doc=104tnorpredictivepolicingweb-160426065651&type=d]

Politie (live) laten filmen, een goed idee?

Van twitterende wijkagenten tot getuigenoproepen op Facebook. De politie zet vol in op Social Media. En ook steeds vaker in beeld en geluid. Agenten met camera’s op de borst filmen opstootjes, arrestaties en invallen. En dat wordt allemaal op YouTube gezet. Het laat politiewerk in de breedte zien, Niet alleen maar mooi opgepoetste foto’s, maar een realistisch beeld. Maar mag dat ook zomaar?

Het antwoord is over het algemeen ja; je mag filmen in de publieke ruimte. En zolang er zorgvuldig met de beelden wordt omgegaan en er enige regie is op een duidelijke boodschap is er helemaal niets mis mee. De beelden van #Pro247 zijn daarvan een goed voorbeeld. Maar live streaming, zoals het gebruik van Periscope door de politie, ?is een stuk riskanter. Live filmen op een uitgaansavond of in andere operationele activiteiten?is riskant. De kans dat er een situatie ontstaat waar burgers onwenselijk in beeld komen is dan groot. Een aanhouding wil je niet zonder filters of regie online streamen. Burgers kunnen dat wel doen, en als politie kun je bodycams gebruiken, maar live als politie die beelden de digitale ether in slingeren is in zo’n geval een hevige inbreuk op de privacy.

De Rotterdamse politie heeft deze week een filmpje online gezet waarin agenten een dronken man arresteren. Ze probeerden de man te helpen, maar die is daar niet echt van gediend. Als ‘dank’ voor hun hulp krijgen de agenten nog een bak gevloek en gescheld over zich heen. Met dit filmpje hopen ze op iets meer respect.

De filmpjes van de politie Rotterdam zijn populair op hun Youtube-kanaal #PRO247. Doordat de camera op de borst van de agent is geplaatst, lijkt het net alsof de kijker er zelf bij is. Maar het laatste filmpje cre?ert veel ophef op Twitter. Want is het wel goed wat deze agenten doen?

Begrip kweken
“De politie wil laten zien hoe het werkt, onze betrokkenheid tonen, maar ook meer begrip kweken voor ons zware werk” zegt Gerrit van de Kamp, van de politievakbond ACP. “Zo begrijpt de burger beter hoe zwaar het werk van een agent is.”

Privacy
Wel brengt het een aantal privacyvragen met zich mee. De politie Tilburg ging begin deze maand haar ‘horecadienst’ livestreamen. Maar hoe zit het dan met de mensen die gewoon een biertje staan te drinken? Hun gezichten zullen gewoon te zien zijn op de livestream.

“Op zich is het goed dat de politie steeds meer en vaker een kijkje achter de schermen biedt. Wel moet er slim worden omgegaan met de beelden, want niet alles mag zomaar online worden gegooid”, zegt Arnout de Vries van TNO.

De filmpjes zijn te zien op het?Youtube-kanaal van de politie #PRO247

De politie in het centrum van Tilburg was?tijdens hun horecadienst virtueel te volgen op Facebook. Agenten plaatsen?de hele nacht?live updates over wat ze meemaken op straat.

Na succesvolle ‘politie-avonden’ op sociale media?in Eindhoven en Rotterdam vond agent Danny Nooijen dat het tijd was om dit ook in Tilburg in te voeren. Hij?startte woensdag?een Facebook-evenement, waar inmiddels al ruim 550 mensen zich voor hebben aangemeld. Doe je dat, dan krijg je de updates in je timeline te zien. ?Danny:?”we gaan vanavond met foto’s, video’s en tekst laten zien hoe een avondje stappen er vanuit?de politie uitziet.”

Meer begrip voor politie-ingrijpen

Op een normale zaterdagavond zijn er in Tilburg tussen de tien en vijftien agenten in touw om de straten veilig te houden. Ook vanavond is dat het geval, zegt de initiatiefnemer. “Er zijn een paar evenementen in kroegen vanavond, dus wij rekenen op een redelijk drukke avond. Er gebeurt van?alles – van mensen die klappen uitdelen tot wildplassers.”

Doel van de actie is om begrip te cre?ren bij het publiek. “Het respect voor de politie is soms ver te zoeken. Dat is met de komst van sociale media behoorlijk afgezwakt,” zegt?agent Danny. “Vaak zie je dat mensen het niet begrijpen als wij ergens actie ondernemen. We hopen dat dit ze een beeld geeft van onze manier van handelen.”

Wildplassend in beeld… en nu?

En als je nu als wildplasser gepakt wordt, ziet de halve stad dan?gelijk je foto of video op Facebook? “Nee, we blurren dat meteen.?Daar hebben we een app voor – zelfs voor video’s.?Als we iemand aanhouden zullen we er in de beschrijving in algemene termen over spreken. Geen achtergrond van degenen die we aanhouden dus.”

Op stapavonden worden niet alleen?flinke hoeveelheden drank gebruikt, ook?ziet agent?Danny steeds vaker drugs en verdovende middelen. “Mensen vergeten dan hoe ze zich hebben?gedragen. Het kan best goed werken om dat naderhand eens op?beeld te zien.”

In Tilburg is op diverse plekken al cameratoezicht aanwezig. Het in beeld vastleggen van incidenten tijdens uitgaansavonden werkt volgens Danny twee kanten op. “Het is goed voor onze veiligheid, en het kan voor uitgaanspubliek een geruststelling zijn dat ook ons handelen wordt vastgelegd.”

Meekijken in de politieauto tijdens een stapavond:?Video afspelen

Sociale media worden volgens Danny steeds vaker gebruikt in het politiewerk. Zo zetten zijn collega’s vanmorgen?nog een video van een achtervolging online, en worden vragen van Tilburgers via de Facebook beantwoord. “Het is een mooie manier om in contact te komen met de burger.?Op deze manier kunnen we Tilburgers snel bereiken, als we bijvoorbeeld een buurtonderzoek doen en op zoek zijn naar tips.”

Ook vanavond zijn de agenten in Tilburg rechtstreeks te bereiken via sociale media. “Als je in een situatie verzeild raakt?waarbij je ons nodig hebt, kun je ons?via sociale media vinden.?Bel dan?wel eerst even met de meldkamer – maar ons via Facebook of Twitter op de hoogte brengen kan daarna?natuurlijk altijd.”

Meer regie met Cameraad

Met?een dienst als Cameraad kun je op afstand de regie inrichten, zoals ook Nu.nl al doet met live video. Hieronder een filmpje erover:

De tool Cameraad is eigenlijk ontwikkeld voor ooggetuigen die livestreams willen maken, die vervolgens kunnen worden geselecteerd, geregisseerd en gebruikt door nieuwsmedia.?Burgers kunnen via de NU.nl app livestreams versturen naar de redactie. Via een directe audioverbinding met een redacteur worden gebruikers onderdeel van het journalistieke proces.

Met Cameraad kan de redactie door een druk op de knop burgers die zich binnen een bepaalde straal van een nieuwswaardig evenement bevinden (de Vierdaagse of politie-acties) vragen om te filmen met hun telefoon. Deze livestreams kunnen vervolgens, na minimale regie vanuit de redactie, worden toegevoegd aan nieuwsartikelen, maar ook rechtstreeks worden bekeken. Daarmee hoopt Nu.nl zijn nieuwsverslaggeving actueler, rijker en multimedialer te maken. Bij?Meerkat of Periscope zijn de mogelijkheden weliswaar verruimd, maar die zijn nog?niet goed te integreren met bestaande platforms, beide applicaties zijn vooral afgestemd op Twitter.

Bronnen: Emerce, NOS, EditieNL