Categoriearchief: DIY Detectives

DIY Detectives

Alles weten zonder tappen

Slimme speurders als zien politici hopeloos achterlopen
bellingcat NAC

Politici hebben nog geen flauw benul van de mogelijkheden van speuren naar informatie in openbaar beschikbare data. Dat merkten oprichter Eliot Higgins van burgerjournalistenforum Bellingcat en Maks Czuperski van de Atlantic Council tijdens een gesprek met enkele Tweede Kamerleden.

?Je zag ze de spreekwoordelijke slaap uit de ogen wrijven?, blikt Czuperski van de Amerikaanse denktank terug op de ontmoeting.

Bellingcat werd in 2014 op slag wereldberoemd nadat Higgins, ondersteund door een groep vrijwilligers, binnen enkele dagen een overtuigende serie bewijzen op een rijtje had gezet dat het een Russische Buk-raket was die vlucht MH17 trof. Hoe Bellingcat daaraan kwam? Gewoon, door slim te speuren op sociale media, zoals YouTube en Vkontakte, de Russischtalige versie van Facebook.
Via Vkontakte en een ander sociaal netwerk wist Bellingcat bovendien de gehele 53e Luchtafweerraketbrigade in kaart te brengen, compleet met naam en foto. Het is informatie die het Nederlandse Openbaar Ministerie dankbaar in ontvangst nam, vertelt Higgins.

Of er wat met de informatie gedaan wordt, weet hij niet. ?De twee gesprekken die ik heb gehad, waren eenrichtingsverkeer.?
Wat Bellingcat doet, is precies het tegenovergestelde. De site probeert juist de kennis van verschillende specialisten te bundelen, waarna op een internetplatform elkaars bevindingen worden gecontroleerd.

Het contrast met de grote inlichtingendiensten is enorm: geen duizenden medewerkers en gigantische datapakhuizen zoals bij de Amerikaanse NSA, laat staan de roep om het massaal aftappen van al het internetverkeer, waarover in ons land discussie is. ?Er is al zo veel informatie beschikbaar?, legt Higgins uit. ?In een fotobestand zit vaak informatie over de locatie waar de foto genomen is. Die kan je naast andere foto?s van de plek leggen.?

Toch komt er ook na doorvragen geen spoortje van kritiek op het werk van westerse opsporingsinstanties. Zou dat komen omdat Higgins banden heeft met de CIA, zoals her en der wordt beweerd? De oprichter, ??n van de twee vaste betaalde krachten bij Bellingcat, heeft die vraag al zo vaak gehoord dat hij erom kan glimlachen. ?Dat is Russische propaganda. En tegelijkertijd ook het enige antwoord dat ze op ons hebben.?

Dat inlichtingendiensten zo niet werken, komt voort uit luxe, denkt Czuperski. ?Waarom zou je een detail van een foto onderzoeken als je het recht hebt bij iemand binnen te vallen?? Ook loopt wetgeving per definitie achter op de technologische ontwikkelingen.

Sociale media uitschakelen is op internet volgens het duo niet meer denkbaar. Higgins: ?In Turkije doet Erdogan dat na aanslagen. Wat gebeurt er? Vele duizenden mensen leren hoe ze via een digitaal omweggetje in het buitenland alsnog op Twitter kunnen komen.?

digital-tunnel-wallpaper1

Czuperski vergelijkt de werkwijze met een digitaal oor. ?Dat moet je goed richten, maar dan kun je vanuit de hele wereld mensen horen praten. Media hebben het nu over hoe onduidelijk de situatie in Azerbeidzjan is. Nou, op sociale media kun je gewoon lezen dat iedereen daar om hulp schreeuwt.?

De voormalige Russische deelstaat is in oorlog met het oude moederland. Weer president Poetin. Net als dinsdag, wanneer Bellingcat de propaganda over de deelname aan de oorlog in Syri? zal ?debunken? met behulp van Russische data.

Waarom neemt Bellingcat hem steeds op de korrel? Daar zit geen enkel politiek motief achter, bezweert Higgins. ?Het is gewoon de meest interessante man van deze tijd.?

Bronnen: De Telegraaf, Pressreader

CrimeSeen

crimeseen

Crimeseen is een gratis online sociaal netwerk dat 24×7 een virtuele buurtwacht biedt en misdaden wil oplossen. Leden ontvangen een berichtje van een misdaad uit de buurt en kunnen hierop reageren. Op een kaartje kun je ook zien waar?particuliere bewakingscamera’s hangen zodat bekeken kan worden of dit een oplossing voor een zaak kan bieden.

 

Crimeseen Radius_0
Je kunt gebieden en cirkels aanpassen wanneer je maar wilt:
  • Je woont op locatie 1 en hebt een straal van 2 kilometer ingevoerd waarover je berichten wilt ontvangen.
  • Maar je moeder woont op locatie 2 en heeft 1 kilometer ingesteld.
  • Je werkt op locatie 3 en hebt daar 5 kilometer ingesteld.
  • De blauwe plekken zijn incidenten.

 

Bronnen: CrimeSeen

 

Nederlandse speurders van Bellingcat

bellingcat_HP_logo_black

Al enige tijd bloggen wij over het Bellingcat?initiatief. Een online platform voor burger-onderzoeksjournalistiek die?op geheel eigen wijze bijdragen?aan de opsporing, zoals een uitgebreide?analyse van de neergehaalde vlucht MH17. Eliot Higgins?startte het initiatief?in de zomer van 2014 op?na?een crowdfunding actie op KickStarter. Binnen exact vier weken?behaalde hij zijn target van 47.000 pond op Kickstarter, nadat hij eerder al via Indiegogo geld binnenhaalde voor zijn Brown Moses-blog?waarop de destijds werkloze boekhouder op systematische wijze vrij toegankelijke informatie op sociale media begon te analyseren en verifi?ren en erachter kwam hoe het?Syrische leger clusterbommen gebruikte.

Met Bellingcat wil Higgins deze vorm van onderzoeksjournalistiek een stap verder brengen en professionaliseren. ?Het is ongelofelijk hoe weinig mensen weten hoe je?open source-onderzoek uitvoert?, zei hij in een eerder?interview?met?Journalism.co.uk. En dat terwijl online content steeds vaker strategisch wordt gebruikt, meent Higgins. Bellingcat ging direct online en werd ingezet bij de analyse van de neergehaalde vlucht MH17.

Inmiddels is er al veel geschreven over Bellingcat, dus hoog tijd om ook wat te horen van de Nederlandse leden die hebben bijgedragen in diverse zaken, waaronder de voor Nederland zo omvangrijke opsporingszaak MH17.

Een interview met?Pieter van Huis

20160224-dwdd-gesprek2_8

Een van die leden is Pieter van Huis. Ik stelde?hem een paar vragen over hoe hij het werk via dit platform ervaart.?Eerder gaf hij een?radio interview?en zat?hij in DWDD:

  1. Kun je wat vertellen over wie je bent en wanneer en hoe je met Bellingcat in aanraking kwam?

Ik ben momenteel aan het afstuderen in geschiedenis. Mijn interesse in de voormalige Sovjet-Unie en de islamitische wereld bracht mij in aanraking met Bellingcat. Ik kende de oprichter, Eliot Higgins, al voordat hij zijn eerste blog was begonnen. Niet persoonlijk, maar we waren actief op hetzelfde forum waarop veel mensen zaten die de conflicten in het Midden-Oosten en later ook Oost-Europa aandachtig volgden. Zo werd ik er getuige van hoe hij, puur als hobby, was begonnen met een blog?waarop hij de wapenhandel richting?Syri? in kaart bracht aan de hand van verzamelde YouTube video?s.

Op een gegeven moment stapte?ik zelf met een onderzoek op hem af?dat uiteindelijk ook op de website werd geplaatst. Nadat hij de eerste opzet van mijn onderzoek had gelezen werd ik uitgenodigd om lid te worden van het Bellingcat MH17-onderzoeksteam. Dit team bestond toen nog slechts uit zeven man. Het team bleef groeien en hield zich uiteindelijk steeds meer bezig met onderwerpen die niet aan de MH17 gerelateerd waren.

  1. Wat is of was jouw motivatie om er zoveel tijd in te stoppen?

Voornamelijk mijn interesse in oorlog en conflicten, maar ook het gevoel iets te willen betekenen voor mensen die groot onrecht is aangedaan. Er komt een soort verantwoordelijkheidsgevoel bij kijken, want veel van de gegevens die wij verzamelen worden weer verwijderd. Als wij deze niet tijdig opslaan dan zijn ze wellicht voorgoed verdwenen.

De meesten van ons, waaronder ikzelf, kunnen echter niet fulltime voor Bellingcat werken. Bijna niemand van ons verdient geld met bijdragen, dus alles gaat ten koste van onze eigen?vrije tijd. Op een gegeven moment bereikt iedereen een punt waarop hij uitgeput lijkt te raken. Zo ben ik zelf ook lange tijd inactief geweest, of semi-actief omdat ik simpelweg geen tijd en energie over had.

  1. Noem een paar voorbeelden van projecten waar jij je voor hebt ingezet.

Mijn eerste onderzoek ging over de gevechten en gewelddadigheden in de stad Marioepol op 9 mei 2014. Oekra?ense soldaten werden er in de media van beschuldigd dat zij opzettelijk op burgers hadden geschoten. Deze beschuldigingen speelden een belangrijke rol in de Russische propaganda en werden soms ook overgenomen in de internationale media. Ze werden echter nooit goed geverifieerd. Vooraf leek het geen groot onderzoek, maar uiteindelijk groeide het uit tot een groot onderzoek dat enkele maanden kostte om in mijn eentje te voltooien.

victim4impact

Met een grondige analyse kon ik aantonen dat er zich in Marioepol iets heel anders had afgespeeld. Uit de beschikbare beelden op social media bleek dat militanten verkleed als burgers bezig waren met de bestorming van een politiebureau. Een aanval die opzettelijk werd gepleegd op een beladen feestdag om zo een confrontatie met het publiek uit te lokken. Ook schoten mensen vanachter de menigte met vuurwapens op de soldaten. Het belangrijkste was echter dat ik kon aantonen dat Oekra?ense soldaten niet opzettelijk op burgers schoten. Wel waren ze onprofessioneel bezig. Zo schoten ze herhaaldelijk voor de voeten van betogers om zo de menigte op afstand te houden. Een getrainde militair weet echter dat hij dat op straat nooit moet doen, want de kogel ketst af (ricochet).

ShootingLocation1

Verder heb ik ook kunnen bijdragen aan het MH17-onderzoek. In eerste instantie leek het lastig om in te haken in een onderzoek dat andere leden al veel langer bezig hield. Echter, op een gegeven moment raakte een aantal van de onderzoekers duidelijk uitgeput. Toen schoot ik te hulp. Mede doordat bleek dat ik goed kon samenwerken met Daniel Romein (hieronder meer over hem), ??n van de meest actieve leden en ook?Nederlander, heb ik uiteindelijk toch belangrijke bijdragen kunnen leveren.

  1. Wat zijn voorbeelden van mooie resultaten die je gezien hebt in de diverse?Bellingcat?projecten?

Dan denk ik meteen aan de onderzoeken naar de gifgasaanval op de buitenwijken van Damascus. Nu heb ik veel heftige beelden uit Syri? voorbij zien komen, maar de video?s van zwaargewonde kinderen door gifgasaanvallen blijven mij het meeste bijstaan. De beelden die Eliot wist te verzamelen en te lokaliseren tonen duidelijk aan dat het Syrische leger verantwoordelijk moet zijn geweest voor deze misdaad. Een belangrijk gegeven, want zowel Syri? als Rusland wijzen tot op de dag van vandaag met de vinger naar hun politieke tegenstanders (een bekende tactiek).

Het onderzoek toonde ook aan dat de buitenlandse inlichtingendiensten nog weinig?gebruik maakten van open-source intelligence. Als reactie op de gifgasaanval leek de VS van plan om militair in te grijpen tegen Assad. Het was dus in hun eigen belang om met goed bewijs te komen. Het Witte Huis gaf vervolgens een kaart vrij met daarop de vermeende frontlinies die de beschuldigingen slecht ondersteunde. De met gifgas gevulde raketten hadden een bereik van maximaal ongeveer drie kilometer, terwijl de kaart van de Amerikanen de illusie gaf dat het Syrische leger op grotere afstand was gestationeerd. Met het verzamelen en lokaliseren van alle relevante beelden kon Eliot echter aantonen?dat het Syrische leger diezelfde dag binnen het bereik van de raketten bezig was met een legeroperatie.

  1. Wat voor soort mensen zijn lid van Bellingcat? (van begin tot nu)

Dat is vrij divers. Ik moet daarbij meteen onderscheid maken tussen de inzenders en de leden van het onderzoeksteam. Veel journalisten, zowel beginners als mensen met een lange staat van dienst, hebben onderzoeken aangeleverd bij Bellingcat die op de website worden geplaatst. Het voordeel voor hen is dat Bellingcat geen woordenlimiet heeft, in tegenstelling tot de meeste mediakanalen. Bovendien wordt alleen goed onderzoek geaccepteerd, waardoor de publicaties meteen al veel aandacht krijgen.

Dan is er nog het onderzoeksteam waar iemand alleen op uitnodiging bij kan komen. Momenteel hebben bijna 20 mensen toegang tot alle lopende onderzoeken, maar slechts de helft daarvan is actief. De leden komen uit verschillende Europese landen, de Verenigde Staten en het Midden-Oosten. De meeste leden daarvan zijn al vaders met een gemiddelde leeftijd van ergens in de 30, maar de laatste tijd zijn er steeds meer studenten bijgekomen. Ook hebben we nu ??n vrouwelijk lid.

De meest actieve leden van het onderzoeksteam heb ik leren kennen als mensen met een grote interesse in internationale betrekkingen en mensenrechten. Een aantal hebben journalistiek of Russisch/ Arabisch gestudeerd en hielden zich eerder al professioneel bezig met gerelateerde onderwerpen. Anderen zijn ICT’er, maar ook bij hen is de interesse in de buitenlandse politiek leidend. In principe hoef je geen bijzondere ICT-kennis te hebben voor open-source onderzoek, maar ik merk wel op dat alle leden bijzonder snel kunnen omgaan met computers en internet.

  1. Hoe blijft Bellingcat objectief en onafhankelijk?

In principe door ook onderzoeken te doen of te accepteren die niet populair zullen zijn bij de eigen regeringen van de leden. Onze critici verspreiden doorgaans het bericht dat wij alleen de belangen behartigen van NAVO-landen. Dit is onterecht, want een aantal onderzoeken op Bellingcat kaarten ook de misstanden aan van NAVO-landen of partners daarvan. Veel mensen weten bijvoorbeeld niet dat Eliot als eerste bekendheid kreeg toen hij liet zien dat wapens die geleverd werden met hulp van de CIA in de handen waren gekomen van jihadisten. Dit bracht het Witte Huis alleen maar in verlegenheid.

Het blijft voor ons echter het meest uitdagend om tegen staatspropaganda in te gaan en deze is nou eenmaal het sterkst in niet-democratische landen. Dit is ook wat het publiek lijkt te interesseren. Zo werd er door ??n van ons een artikel geschreven?over de Amerikaanse luchtaanvallen op het ziekenhuis in Kunduz (Afghanistan). Dit onderzoek bleek minder populair te zijn, want de VS gaf vrij snel toe verantwoordelijk te zijn geweest voor de burgerslachtoffers. Als zij in de ontkenning waren geschoten, zoals Rusland structureel doet, dan was het onderzoek waarschijnlijk veel populairder geweest.

  1. Hoe verandert Bellingcat? Wordt Bellingcat professioneler? Wordt het commerci?ler? Waar werkt het wel of niet mee samen?

Echt commercieel zal Bellingcat nooit worden, schat ik zo in. In principe geven we de onderzoeken gratis vrij. Soms houden we ongecensureerde versies achterwege die alleen worden gedeeld met politie en justitie. In beide gevallen wordt er geen winst mee gemaakt. Misschien dat in de toekomst onderzoeken voor een geldbedrag aan kranten kunnen worden verkocht, maar ook dat zie ik niet snel gebeuren.

Eliot is wel continu op zoek naar sponsoren om de teamleden zelf te kunnen betalen voor hun diensten. Zelf krijgt hij een beurs van Google, die net hoog genoeg is om ??n ander lid in een salaris te voorzien. Samen beheren zij de website. Ook is er in het verleden samengewerkt met de Atlantic Council (een Amerikaanse denktank) om een rapport over Russische soldaten in Oost-Oekra?ne te promoten. Hier werd uiteindelijk een korte documentaire over gemaakt door Vice. Een salaris voor iedereen lijkt op korte termijn echter niet re?el. Niemand van de teamleden weet zeker of hij of zij lang door kan blijven gaan op puur vrijwillige basis.

  1. Hoe worden taken en werk verdeeld??

We maken gebruik van Slack voor de communicatie en het uitwisselen van bestanden. Elk onderzoek heeft zijn eigen kanaal en leden kiezen zelf of zij zich hiervoor aanmelden. De leden kunnen vervolgens zelf een bijdrage aan een onderzoek doen. Er worden eigenlijk nooit verwachtingen gecre?erd, want het blijft vrijwilligerswerk, maar mensen met een specialisatie of de juiste talenkennis worden doorgaans gevraagd om te assisteren.

  1. Kun je voorbeelden geven van het validatieproces van Bellingcat en eventuele methoden of tools?die daarbij gebruikt worden??

Eigenlijk maken we niet zoveel gebruik van speciale tools. Als we een interessante bron vinden (foto?s, video?s, tweets, facebookberichten, etc.) dan valideren we deze vooral door meer bronnen te verzamelen. E?n bron is geen bron, maar met meerdere bronnen kunnen we echter nagaan of alles overeenstemt.?Letten op de kleinste details, zoals schade aan gebouwen, weersomstandigheden en de stand van de zon is dan belangrijk.

Soms schakelen we de hulp in van derde partijen. Zo hebben journalisten ons in het verleden geholpen door foto?s te nemen van bepaalde plekken om belangrijke filmopnames te verifi?ren. Ook hebben we eerder met behulp van crowdfunding satellietfoto?s opgekocht. Deze tonen aan dat het Russische ministerie van Defensie opzettelijk gemanipuleerd MH-17 bewijs heeft aangeleverd. Zonder crowdfunding was dat niet gelukt, want ??n satellietfoto kost al snel meer dan duizend Euro.

  1. (Wanneer) Zou je het anderen aanraden om ook mee te doen??

Als iemand grote interesse heeft in de buitenlandse politiek en snel is met computers. Ik denk dat het onderzoeken van social media in de toekomst een steeds grotere rol zal geen spelen. Niet alleen in de journalistiek, maar ook in de politiek, het strafrecht, de terreurbestrijding en bij mensenrechtenactivisme. Je specialiseert je daarmee in iets waar nog maar weinig mensen verstand van hebben. Bovendien is het erg interessant; ik heb nog nooit zoveel geleerd over de wereld als in de afgelopen twee jaar.

  1. Welke gevaren zie je voor (werk of leden van) Bellingcat?

Dat is moeilijk in te schatten. In principe is ons werk veel veiliger dan het met een camera naar de frontlinies trekken (wat enkelen van ons ook doen, zoals ons nieuwste Nederlandse lid Christiaan Triebert). Wel zijn er veel mensen die niet blij zijn met ons werk. De meesten van ons werken vanuit landen die bescherming kunnen bieden, mocht het ooit uit de hand lopen. Anderen werken vanuit niet-democratische landen en moeten wel een schuilnaam gebruiken.

  1. Welke kansen of toekomst zou jij graag zien voor Bellingcat of soortgelijke initiatieven?

Ik zou vooral willen zien dat er in de media meer ruimte komt voor langdurige onderzoeksjournalistiek. Nu moeten veel journalisten het doen met een mager salaris en zijn kranten en journalen alsmaar bezig met het samenvatten van de laatste berichtgeving. Vandaag de dag hebben velen van hen steeds meer moeite om op eigen?poten te blijven staan, dus misschien biedt een investering in een andere en nieuwe manier van onderzoek voor hen nieuwe perspectieven.

0ecdd85f-89a0-43d2-9be2-93feea43869d

‘Daniel Romein’

Een ander Nederlands lid is Daniel Romein, een pseudoniem, dat zich stortte op het MH17 onderzoek en er bijna een obsessie van maakte. “Ik ben er in mijn hoofd erg vaak mee bezig”, zegt de man die?met de Volkskrant?sprak in een caf?.

Onwennig gaat hij zitten. Hij heeft een vriendelijk gezicht. Af en toe schiet zijn blik met een ruk naar rechts. Dan kijkt hij wie er buiten in de regen loopt. ‘Ik probeer de tegenstander altijd een stap voor te zijn’, zegt hij. Met tegenstander bedoelt hij de Russen. Hij wil voorzichtig zijn. ‘Als ict’er weet ik welke maatregelen ik moet nemen.’

Hij?werkt in het geheim voor onderzoekscollectief Bellingcat. Bijna niemand die het weet. Familie, vrienden, collega’s: de meesten hebben geen idee. Hij houdt de kring graag klein. Zelf schat hij het aantal op maximaal tien. Het afgelopen jaar onderzocht hij in de avonduren welke Russische militairen betrokken waren bij het neerschieten van vlucht MH17.

Zijn computer als wapen. Urenlang kijkt hij naar dat scherm en struint hij Russische sites en sociale media af. Hij doet het vrijwillig, naast een baan als ict’er. Soms wordt het laat – 2 uur ’s nachts – en zit hij met kleine ogen de volgende morgen op kantoor. Soms ziet hij het even niet meer zitten. Dan gaat het stroef en kan hij er met niemand over praten.

Hoewel hij nooit in Oost-Oekra?ne is geweest, staat de kaart van het rebellengebied in zijn hoofd geprent. Dan praat hij over dat ‘ene weggetje bij de grens met Sjeverny’, alsof hij er staat: ‘Voor de grens, die overigens niet helemaal duidelijk is, moet je door een nauw straatje, door een straat die over een heuvel gaat met een scherpe haarspeldbocht, of door een stuk grasland. De militaire voertuigen kiezen duidelijk voor dit laatste en gaan niet over de heuvel met haarspeldbocht omdat dat een moeilijke manoeuvre is.’

Het begint allemaal met het neerstorten van de MH17 in Oost-Oekra?ne. De beelden kan hij moeilijk loslaten. De ramp is voor hem een mix van ontzetting en obsessie met de landen die het treft: Nederland, Oekra?ne en Rusland. Al langer interesseert hij zich voor die regio. Lang geleden leerde hij Russisch. Toen de Russen de Krim binnenvielen, zocht hij naar informatie over de geschiedenis van de Krim. Net zoals toen de oorlog in Oost-Oekra?ne begon.

Romein is binnen Bellingcat degene die zich honderden, misschien wel meer dan duizend uren verdiepte in het zoeken?naar sporen op social media van militairen die betrokken zijn bij het neerhalen van het vliegtuig van Malaysia Airlines. Dat leidde tot een?rapport?dat vandaag is gepubliceerd.

“De ramp heeft mij enorm aangegrepen”, verklaart Romein?zijn motivatie. “Ik vond het zo afschuwelijk. Ik was zo kwaad. Ook al ken ik geen van de slachtoffers persoonlijk. Ik wilde weten welke idioten hierachter zaten.”

Er zit toch een risico aan dit werk, want ik weet dat de Russen echt niet blij zijn met onze onderzoeken.

In het meer dan 100 pagina’s tellende rapport staat niet?wie op de knop van de installatie heeft gedrukt waarmee de?Buk-raket is gelanceerd. Maar binnen een?groep van zo?n twintig?Russische officieren en soldaten van het Tweede Bataljon van de 53ste Brigade uit Koersk weet men volgens Romein wel wie het heeft gedaan. “We weten zeker dat het Tweede Bataljon de Buk-installatie naar de grens met Oekra?ne heeft gebracht.”

Bezeten bezoekt hij allerlei webfora. ‘Ik wilde weten wie het had gedaan.’ Mensen op Nederlandse fora blijken slecht ge?nformeerd. Al snel struint hij Oekra?ense en Russische fora af. De informatiestroom gaat hard.?Onderzoekscollectief Bellingcat komt na een paar dagen al met de eerste rapporten over mogelijke Russische betrokkenheid.?Romein stopt zijn zoektocht. Totdat Bellingcat in september met een nieuw rapport komt en Rusland aanwijst als herkomstland van de BUK. Romein heeft een nieuw onderzoeksdoel: ‘Ik ben daarna gaan kijken naar ander Russisch materieel dat naar Oekra?ne was gegaan.’

Hij bekijkt foto’s die Russische militairen op VKontakte zetten en ontdekt zo steeds meer over het gebied en de Russische militaire aanwezigheid. Zijn topografische kennis heeft hij voornamelijk van Google en de Russische tegenhanger Yandex. Voor het lokaliseren van gevonden foto’s kijkt hij naar amateurbeelden van dashcams – camera’s die de weg filmen tijdens het rijden. Uren dwaalt hij zo vanuit zijn kamer door het grensgebied tussen Rusland en Oekra?ne.

De Nederlander die vanuit huis het MH17-gebied uitkamde

Het overzicht stuurt hij in november naar Elliot Higgins, de Britse oprichter van Bellingcat. Die bedankt hem per kerende post vriendelijk. Twee weken later krijgt hij wederom een mail van Higgins. Romein: ‘Hij was onder de indruk, of ik meer wilde doen.’ Dat doet hij. Er is mailcontact en Higgins vraagt Romein of hij bij ‘de groep’ wil komen.

Wat dat inhoudt, kan Romein moeilijk toelichten. Er is geen selectiecommissie, hij hoeft geen brief te sturen of een telefonisch interview te doen. Hij ontmoet niemand. Higgins heeft hij nooit de hand geschud. Eigenlijk verandert er niets. Nou ja, hij krijgt toegang tot de ‘i-kanalen’ van Bellingcat: een informatieplatform waar leden van Bellingcat elkaar berichten sturen. De berichten zijn versleuteld. Romein is dan het zevende lid van Bellingcat.

Rond Kerst mailde Romein namens Bellingcat de bevindingen naar het Openbaar Ministerie (OM), dat de leiding heeft over het internationale strafrechtelijk onderzoek naar de ramp met vlucht MH17. Het?OM liet weten “de informatie serieus te zullen onderzoeken en beoordelen op bruikbaarheid voor het strafrechtelijk onderzoek”. Begin van dit jaar berichtte de?NOS hierover.

Vanaf januari stort hij zich volledig op de 53ste luchtafweergeschutbrigade van het Russische leger. De BUK-installatie is door het tweede bataljon van deze brigade naar de grens met Oekra?ne gebracht. Romein wil de namen en foto’s hebben van de militairen die het transport begeleidden. Zo wil hij de daders van MH17 vinden.

Romein is een van de elf medewerkers van Bellingcat die met het onderzoek bezig zijn geweest; hij schreef het grootste deel van het rapport. Maar over zijn rol wil hij in het openbaar niets vertellen. “Er zit toch een risico aan dit werk, want ik weet dat de Russen echt niet blij zijn met onze onderzoeken.”

Bovendien wil hij dat de aandacht uitgaat naar het vinden van de daders, niet naar hem. En dus wil Romein anoniem blijven. Alleen zijn collega?s bij Bellingcat kennen zijn ware identiteit. “Ik heb soms het gevoel een dubbelleven te leiden.”

Ontdekkingen

Romein is sinds november 2014 actief voor Bellingcat. Niet dat de ICT’er enige ervaring heeft als journalist. Wel beheerst hij de Russische taal enigszins en heeft hij naar eigen zeggen?iets met fotografie. “Voor dit werk moet je veel foto?s bekijken. Ik merk dat ik de gezichten van mensen goed kan herkennen, ook al is de foto niet scherp.”

Maar Romein weet uit eigen ervaring dat je pas iets aan dit soort vaardigheden hebt, als je ook de motivatie en de bereidheid hebt om veel tijd in een onderzoek te steken. Sinds hij voor Bellingcat onderzoek doet, besteedde Romein na zijn werkdag bijna iedere avond aan speurwerk. Ook hele weekeinden gingen eraan op.

Tijdens zijn sessies, die soms tot diep in de nacht duurden, deed hij veel ?ontdekkingen?. “De laatste was afgelopen najaar toen ik een officier op een recente foto herkende. Hij staat ook op een foto van de brigade uit 2013 in dezelfde functie. Het zou raar zijn als hij in 2014 een andere functie had.”

Zijn speurtocht naar de waarheid begon al direct na 17 juli 2014. Lezend op verschillende internationale en Russische internetfora vond hij aanwijzingen: namen, foto’s van militair materieel. Maar met de informatie kon hij niet veel. Pas toen hij een?publicatie van Bellingcat las, over de ontdekking dat MH17 door een Russische Buk-raket is?neergehaald, en toen hij oprichter Eliot Higgins in een televisieprogramma erover hoorde praten, besloot hij contact op te nemen.

Zijn verzamelde ‘bewijs’ werd positief ontvangen en Romein mocht als zevende vrijwilliger meezoeken. Al na een paar maanden publiceerde hij zijn eerste?artikel: de mogelijke lanceerlocatie van de Buk-raket. Daarna stortte hij zich samen met collega?s op het reconstrueren van het Tweede Bataljon van de 53ste Brigade.

Online vindt hij handgeschreven presentielijsten van de brigade. Ze vermelden wie er in de cruciale periode in het bataljon zaten. Het zijn er veel te veel, hij moet verder selecteren. Hij vindt een pagina van studenten van een technische universiteit uit Rusland. Toevallig bezochten zij een legerbasis waar de 53ste brigade was. Zo komt Romein stapje voor stapje dichterbij. Het is een lastig proces. Soms spannend, soms frustrerend en eenzaam. ‘Ik ben er zoveel tijd aan kwijt en vraag mezelf geregeld af: waarom doe ik dit eigenlijk?’

Hoewel hij op het Russische VKontakte steeds meer soldaten in het vizier krijgt, mist hij belangrijke informatie over de officieren. Dat blijkt op een andere profielensite te staan, Odnoklassniki, waar school- en klasgenoten elkaar kunnen vinden. Een goudmijn. ‘Eerst dacht ik: het zou al mooi zijn als we de betrokken soldaten kunnen identificeren. Maar we vonden nu ook de officieren.’

Alle officieren blijken met elkaar gelinkt te zijn in Odnoklassniki. Er is alleen een valkuil: ze kunnen zien wie hun profiel heeft opgevraagd. Romein lost het op door voor een paar euro per maand een profiel te kopen waarmee hij onzichtbaar door andere profielen kan zoeken. ‘Ik ben verbaasd over hoeveel de Russen delen. Het bewijs ligt voor het oprapen.’

De foto's van 'potenti?le getuigen en daders', zoals Bellingcat schrijft, zijn verzameld op sociale media.

Maanden werkt hij eraan om het plaatje compleet te krijgen. Om de officieren te vinden die betrokken moesten zijn bij het transport van de BUK-installatie. In de 53ste brigade zaten ongeveer 300 militairen en zo’n 60 officieren. Ongeveer eenderde daarvan zat bij het tweede bataljon. ‘Ik vond ze bijvoorbeeld doordat ik iemand herkende bij een oefening van de brigade. Als je dat ziet in 2013 en weer in 2015, is het aannemelijk dat die persoon er in 2014 ook bij zat.’

Hij begint weer bezield te vertellen over zijn bevindingen en het gebied. Alsof hij ineens ter plekke is. ‘In dat dorpje kun je allerlei richtingen op. Daarna moet je onder een spoorbrug door. Het gaat de diepte in. De brug blijkt 4,50 meter hoog te zijn en de BUK kan daar niet onderdoor en heeft zeer waarschijnlijk een zijweg genomen. Alleen lagen er barricaden voor een treinrails. Maar die kunnen tijdelijk weggehaald zijn op 17 juli 2014, of ze hebben er iets opgelegd, zodat de BUK er toch over kon rijden.’

In de zomer loopt Romein even vast. Hoewel het rapport bijna af is, vindt hij het niet goed genoeg. Hij heeft er samen met een ander lid van Bellingcat aan gewerkt. Maar hij heeft niet genoeg informatie, niet genoeg namen en niet genoeg bewijs. Hij gaat alleen verder.

In zijn zoektocht naar nieuw bewijs heeft hij in oktober een prettige meevaller. Op de pagina van de officieren van de 53ste verschijnt ineens extra informatie. Meer foto’s, meer bewijsmateriaal. De puzzel is dan bijna af. ‘Ik heb het gevoel dat we de daders op de hielen zitten. We vermoeden wie er betrokken zijn geweest, maar alleen van de commandant staat de betrokkenheid vast.’

Het resterende bewijs zal hij niet kunnen vinden, zegt Romein. Want er zijn belangrijke omissies. Niet iedereen heeft nog een profiel op sociale media. De commandant van de brigade haalde die van hem er al snel af. Ook specifieke informatie over het BUK-transport op de dag van 17 juli 2014 is nauwelijks te vinden.

Het belangrijkste: niemand weet wie de BUK over de grens met Oekra?ne heeft gebracht. Dat valt niet meer uit openbare bronnen te halen. Romein: ‘Dan kom je bij informatie van inlichtingendiensten.’ En dat is een taak voor het internationale team dat een strafrechtelijk onderzoek uitvoert naar het neerhalen van de MH17.

De Nederlander die vanuit huis het MH17-gebied uitkamde

Romein sprak twee keer met ze. Hij gaf hun een paar weken geleden zijn hele rapport, inclusief al het ruwe materiaal. Foto’s, screenshots, routes, uploaddata. Hoewel zij hem niets konden vertellen over het mogelijke bewijsmateriaal, was hij onder de indruk van hun kennis. ‘Zij weten echt veel, dat kon ik opmaken uit de gesprekken. Veel meer dan ze tot nu toe gepubliceerd hebben.’

Getuige

Dat hun werk serieus wordt genomen, blijkt wel uit de reacties die Bellingcat krijgt van het?Joint Investigation Team. Dat voert het strafrechtelijk onderzoek uit naar de ramp met MH17 onder leiding van het Nederlandse OM.?”Ze zijn blij met onze inspanningen en ons werk. Ze prijzen het dat burgers op deze manier de politie bij een onderzoek helpen en moedigen dit zeker aan”, zegt Romein, die geregeld?contact heeft met rechercheurs van het JIT.

Zo heeft hij op uitnodiging van het JIT al meerdere keren informatie met het team gedeeld over het Bellingcat-onderzoek. Oprichter Eliot?Higgins werd twee keer als getuige gehoord.

Ondanks al hun inspanningen heeft?Bellingcat geen hard bewijs kunnen leveren?wie de Buk-raket heeft afgevuurd. “Dat we dat niet hebben kunnen vinden, is jammer. Maar het was?wel te verwachten”, zegt Romein. “Geen enkele Russische soldaat zal na het neerschieten van een vliegtuig met onschuldige passagiers trots op social media zeggen dat hij daarvoor verantwoordelijk was.”

MH17 rusland top

Hij is er nu bijna klaar mee. Romein wil het rustiger aan gaan doen. Het kost hem te veel energie. Ook omdat alles wat over de MH17 gaat gepolitiseerd is. Hij heeft nooit Rusland willen aanwijzen als de hoofddader, hij heeft onderzoek willen doen. ‘Ik heb juist altijd wat met Rusland gehad. Ik ben ook gaan inzien dat je Rusland niet van alles in de oorlog de schuld kunt geven.’ Maar ja, de MH17 werd nu eenmaal neergeschoten door een BUK-raket van de Russen, zegt Romein. Vergoelijkend: ‘Ze hebben het niet met opzet gedaan. Daar heb ik geen twijfel over. Niemand had daar een belang bij. Het zit alleen niet in de Russische cultuur om een fout toe te geven.’

eliot H

Hoe de Nederlandse Bellingcat-onderzoekers tot hunbevindingen kwamen

  • Reconstructie
    Legt foto’s, screenshots, routes en uploaddata naast elkaar om de namen te reconstrueren van de mannen die op 17 juli 2014 in de regio waren
  • Eindrapport
    Geeft alle ruwe materialen, screenshots, profieldata en aantekeningen aan het internationale onderzoeksteam en schrijft eindrapport over MH17
  • Vkontakte
    Speurt op VKontakte, de Russische tegenhanger van Facebook, naar Russische militairen: ontdekt meer over het gebied en de Russische aanwezigheid
  • Route
    Haalt topografische kennis van Google en Yandex (Russische zoekmachine), construeert op die manier de route die Russisch materiaal naar grens aflegt
  • Dashcams
    Lokaliseert gevonden foto’s aan de hand van amateurbeelden van dashcams
  • Namen
    Zoekt afgeschermde profielen op VKontakte met Google, zo achterhaalt hij namen van de 53ste luchtverdedigingsbrigade
  • Presentielijsten
    Vindt online handgeschreven presentielijsten van de brigade, ze vermelden wie er in de cruciale periode in het bataljon zaten
  • Meer namen
    Ziet een webpagina van studenten van een technische universiteit uit Rusland. Zij bezoeken toevallig een basis van de 53ste brigade. Vindt zo meer namen
  • Ontbrekende stukken
    Vindt officieren op de profielensite Odnoklassniki en stuit er onverwachts op de ontbrekende stukken in de puzzel

Het laatste rapport:

Amateur speurder in ‘Making a Murderer’

AmateurSleuth

Daniel Luke jaagt op een moordenaar.

Hij doet dat met behulp van een laptop en gratis Wifi in een goedkope hotel kamer, met gelige muren die ongelijk verlicht zijn door een paar wandlampen. Boven het eenpersoonsbed?met verticaal gestreepte deken?hangt ingelijste hotel kunst: een pastelkleurige bloemschikking. De deken past bij de gordijnen. Al het meubilair is hetzelfde lichte?hout, onverwoestbaar. Daniel Luke’s MacBook staat open op het bureau, naast een kartonnen koffiebeker. De kamer ziet er nauwelijks bewoond uit, zoals wel meer goedkope hotelkamers ongevoelig zijn voor eventuele blijvende sporen?van hun bewoners. Een sneetje brood ligt op een plankje onder een staande lamp. In de mini-koelkast heeft hij wat mayonaise, gesneden ham, en een pak melk.

Het is een zondagavond begin januari, en Luke gaat zitten. Klaar om het verhaal te vertellen over?hoe hij hier terecht is gekomen, honderden kilometers van?zijn eigen leven in Portland (Oregon), dat begon met de jacht op een moordenaar vanaf zijn computer. Hij vindt het zelf niet zo gek, maar hij realiseert zich?dat de meeste mensen?van boven de veertig niet staan te popelen om zich te onttrekken?van hun normale leventje en naar de andere kant van?het land zouden vliegen – zelfs op kerstavond – nadat ze?gegrepen werden door een documentaire op televisie. Hij is een ruime een meter tachtig en heeft brede schouders; het woord dat hij gebruikt om zijn vroegere?lichaam te beschrijven is “formidabel”. Hij past nu niet echt meer in de bureaustoel van het hotel, dus hij schopt de stoel aan de kant en kruist zijn benen.

“Ik denk dat ik me verveelde,” begint hij. “Ik kijk helemaal niet veel naar?Netflix. Ik heb een abonnement omdat een vriend van mij in Californi? ervan houdt, en zij logt in op mijn account om het te kijken”. Zoekend?op zijn Netflix account werd hij ge?ntrigeerd door een nieuw?programma, dat hem deed denken aan een van zijn favorieten, Forensic Files.

Die show was natuurlijk Making a Murderer. Net twee dagen eerder gelanceerd, zonder al teveel aandacht. Maar de timing daarvan lijkt nu geniaal: een 10-uur durige docu?serie, over de fijne kneepjes en de tekortkomingen van Amerika’s strafrechtelijk systeem, werd?gelanceerd vlak voor de vakantieperiode.?10 afleveringen die tijdsbestek van meer dan een?decennium bestrijken van filmmakers Moira Demos en Laura Ricciardi vertellen het verhaal van Steven Avery. Een man uit Wisconsin die ten onrechte is veroordeeld voor seksueel misbruik in 1985. Avery zat daarna 18 jaar vast voordat DNA-bewijs hem vrijpleet.?Vervolgens spande?hij een civiele rechtszaak aan tegen de Manitowoc County die zijn zaak had behandeld. Kort daarna werd hij gearresteerd voor de moord op een jonge fotografe, Teresa Halbach. Avery en zijn neef, Brendan Dassey, werden apart berecht voor het misdrijf, veroordeeld en zijn beiden vandaag de dag nog in de gevangenis.

Making a Murderer volgt de ontwikkelingen die deze zaak kende?en laat kijkers met een ongemakkelijk gevoel achter: waarheidsvinding en rechtvaardigheid lijken ver te zoeken. Sinds het debuut van de serie is de media?schijnbaar overal al geweest, zo is er gesproken met de officier van justitie,?met de?advocaten?en?met de filmmakers die konden toelichten?wat ze hoopten te bereiken (“om in deze zaak opheldering te krijgen en?het Amerikaanse strafrechtsysteem ter discussie te stellen en een dialoog te starten over mogelijke verbeteringen”). De filmmakers zochten op hun beurt ook contact met het publiek en deden dit?via Twitter met een AMA?(Ask Me Anything). Vele opiniestukken hebben het oordeel, het proces, en de documentaire in deze zaak uitvoerig?besproken; anderen hebben de zaak?gebruikt om meer aandacht te krijgen voor de?bredere problematiek van identificatie van verdachten?en politieverhoortechnieken die kunnen leiden tot valse bekentenissen, met name onder jongeren. Anonymous?was naar verluidt bezig met een?”op” (operation) om de zaak van?Avery en Dassey te kraken, totdat bleek dat het slechts?een hoax was. Middels crowdfunding?kon men documenten?uit de zaak aanschaffen die vervolgens online werden gezet. Dit gaf bij elkaar?voldoende leesvoer?voor de vele online Do-It-Yourself detectives?die onder andere op een forum van?Websleuths?en een speciale subreddit?samenwerken en inmiddels diverse scenarios?over de zaak hebben verkend.

Deze amateurspeurders hebben de aandacht gevestigd op mogelijke aanwijzingen die over het hoofd zijn gezien. Maar geen van hen doet nu wat?Daniel Luke doet: afreizen met het vliegtuig en een?crowdfunding campagne starten om hem daar lokaal onderzoek te laten doen. Om te toetsen wat er waar is van de theorie?n?die er zijn over de mogelijke echte moordenaar. Zelf heeft Daniel ook wel een idee wie het gedaan kan hebben.

Velen?verklaren?hem voor gek, en laten dit op zijn webpagina?ook?weten. De pagina maakte hij speciaal om?zijn voortgang te documenteren. Maar hij krijgt ook steun. Dus de meest voor de hand liggende vraag lijkt te zijn: Waarom? Wat bezielt een burger?om zijn eigen leven even los te laten en zich te storten op zo’n complexe zaak?

“Ik weet niet wat het is. Ik ben gewoon zo. Wat het ook in godsnaam is, het zit gewoon in me. “

Hij heeft eigenlijk geen antwoord op die vraag.?Hij kan wel vertellen over hoe hij gegrepen werd door de documentaire en over het corrupte en falende strafrechtsysteem, over de macht van de staat. Iets waar hij zelf ook ervaring mee heeft, maar nooit aan anderen kon vertellen. Over hoe er twee onschuldige mannen in de gevangenis zitten, een moordenaar die vrij rondloopt, en een gemeenschap die is verscheurd door onrecht. Over hoe hij delen van zichzelf herkent in diegene die hij aanwijst als de echte verdachte, over hoe mensen apathisch toekijken?en over het feit dat hij zelf niets te verliezen?heeft. Soms zelfs over hoe hij zich misschien voor zichzelf kan bewijzen en onrecht?weer recht zou kunnen buigen. Hij kan laten zien dat iemand als hij – een normale man, die in afzondering leeft en niet erg geliefd is – misschien zijn eigen redding kan cre?ren.?”Het is bijna alsof het performance art is,” zegt hij, “net als een circus show, weet je … Ik weet niet wat het is. Ik ben gewoon zo. Wat het ook in godsnaam is, het zit gewoon in me. ”

Daniel Luke outside his hotel

Het begon?rond 20u in de avond op 20 december, toen hij de Netflix TV serie aanzette. Hij had JavaScript zitten leren die dag, voordat hij terugkwam in het appartement van zijn moeder waar hij verblijft. Dat is tegen de huurregels, en hij verwacht dat als iemand het meldt hij zal moeten vertrekken. Soms is zijn moeder boos en dreigt hem er ook uit te gooien; hij heeft zelfs een jaar lang in een auto geslapen. Hij verdiende geld met het schoonmaken van huizen voor vermogende bewoners uit Portland, met de auto van zijn moeder reed hij rond , maar toen nam ze een baan als (inval)lerares, waardoor hij zonder vervoer kwam te zitten.

Hij zegt dat het grootste deel van het verdiende geld opging aan de lessen op?Treehouse, Lynda, Code School, en andere online leeromgevingen. Hij werkte genoeg om de basisvoorzieningen te dekken en stortte?zich op programmeren en webdesign, hopend op een meer lucratieve carri?re. Hij deelde een van zijn ideetjes online over het?’opnieuw uitvinden van hoe we het internet gebruiken’. “Letterlijk een van tientallen idee?n die ik elke dag heb”. Hij beschrijft zijn toekomstige internet als Zuckerberg’s droom waar alles standaard wordt gedeeld, waar geen ge?soleerde internetters?zijn, maar alles?met elkaar verbonden is. “Wat als we de online ervaring meer konden openstellen, zodat anderen erin mee kunnen doen? Wat als anderen over onze schouders konden meekijken en konden zien en interacteren met wat we online doen, terwijl we het doen?”

Weer thuis van een dagje leren?programmeren, keek?hij Netflix. Hij zegt dat het nu moeilijk is terug te halen hoe zich?voelde, maar hij beschrijft een woede die niet voor te stellen was omdat hij?Avery en Dassey in de gevangenis ‘voelde’ zitten.?Hij was zeer geschokt en boos. Want?hij kende het?gevangenissysteem beter dan de meesten, en dat was een dubbel gevoel. Hij was boos, en toch ook een beetje blij omdat hij wist hoe dit kon gebeuren. Hij vergelijkt deze?hele gebeurtenis met een?meteoriet die net op de aarde insloeg; hij zit nu gesmolten in de grond, is nog warm en blijft wel even gloeien, het kan nog 20 jaar duren voor we alles volledig begrijpen.

Nadat hij alles gezien had, belde hij met het kantoor van de?Manitowoc County Sheriff. Hij kreeg te horen dat hij de sheriff niet aan de lijn zou krijgen, en herinnert zich wat hij aan de receptioniste vertelde:?”Ik zag de documentaire, waarom maken jullie het leven van deze man?kapot? Hij is duidelijk onschuldig. Zoiets zei ik”. Hij doet dat veel en vindt het belangrijk om iemand aan te spreken als hij?wangedrag ziet. Het is?een manier om je stem te laten horen. “Ik weet niet waarom bijna niemand dat doet. Het is zeldzaam, denk ik” zegt hij. Hij zou willen dat mensen proactiever waren, en bijvoorbeeld massaal?een ??nieuwe hoorzitting zouden eisen. “Ik doe het niet om een reactie te krijgen. Ik doe het omdat ik echt gehoord wil worden, en ik wil die persoon laten weten dat ten minste ??n persoon echt geeft om?wat er is gebeurd. ”

Hij vergelijkt het met contact leggen via Twitter of Facebook, en het duurde dan ook niet lang voordat hij online over?de documentaire begon te berichten. “Dus. Dit is geen entertainment. Het is een oproep tot actie”, schreef hij. En: “Er is niets ongewoons aan deze zaak. Dit is ons rechtssysteem. Het gebeurt elke dag in elk gerechtsgebouw?.?”

Pas na de tweede keer dat hij de docu weer zag, twitterde hij: “Ik denk dat ik de zaak Teresa Halbach opgelost heb!”

In eerste instantie had hij niet echt gelet op Ryan Hillegas, de ex-vriend van Teresa, die hielp?bij het organiseren van de zoektocht naar Teresa Halbach (en wat controversi?ler, ook hielp om haar telefoongegevens op te vragen) . “Ik ben erg kien op?woordgebruik,” zegt Lucas. Hij let erg veel op woorden en taalgebruik, en er was iets in de manier waarop Ryan Hillegas sprak, en de woorden die hij koos voor zijn getuigenis waren de doorslag voor Luke. Hij herkende iets. Hij herkende een bepaald soort mens.?En, zegt hij, “ik lijk op hem, omdat, weet je, ik wurgde mijn vrouw.”

Avery Road in Two Rivers, Wisconsin

Daniel Lucas zegt dat hij zijn verleden niet probeert te verbergen. Op zijn blog staat wat?onder?het kopje?”Iets over mezelf” met daarop een arrestatiebevel van de Portland politie dd 5 december 2010. Zijn ‘mug shot’ staat erop, zijn lengte en gewicht, en vervolgens een lijst van 28 aanklachten, waaronder?mishandeling, poging tot moord, bedreiging, inbraak en dwang. “We kunnen hierover praten als je wilt,” schrijft hij. “Je bent vrij om mij te bellen, of mij te beschuldigen van wat dan ook, maar niets zal me stoppen?om te bespreken?wat ik wil bespreken: Wie doodde Teresa Halbach?” Hij vindt dat zijn verleden voor de?arrestatie en zijn daaropvolgende tijd in de gevangenis zijn kracht is en schrijft: “Mensen willen weten welke kennis en ervaring ik heb, of ik wel voldoende gekwalificeerd ben voor deze zaak. Ik denk dat ik precies weet hoe criminelen denken, en als je lang genoeg in de buurt bent van ze, ben je beter?in staat om erachter te komen hoe ze denken. ”

Luke

Zijn website geeft geen verdere details of verklaringen?over?wat er gebeurd is; enkel zijn strafblad staat er op. Maar in het verhaal dat hij vertelt over zijn leven, zit?misschien wel zijn grootste gat, het gat?waarvoor hij nu invulling?zoekt.

Hij beschrijft een jeugd waarin hij grotendeels verwaarloost is – een alcoholische vader en een moeder die zich “probeerde te ontlasten” van haar kinderen – waarin hij?weggleed tussen zijn ouders, en meer leunde op?familie en vrienden, en uiteindelijk geplaatst werd in een weeshuis. “Ik had eindelijk een?familie gevonden”. Hij ontmoette?later zijn vrouw en kreeg twee kinderen. “Ik was niet de beste persoon op die plek in mijn leven toen,” zegt hij. “Ik had op zijn minst een betere echtgenoot kunnen zijn, maar ik was een goede vader. Een echt goede vader, dat is een feit.”

Toen zijn vrouw in 2007 scheiding aanvroeg, zegt hij dat hij in een neerwaartse spiraal kwam. Hij had gezien wat de schade van een echtscheiding in zijn eigen familie had aangericht en wilde niet weer in die situatie?terecht komen. Hij beschrijft een “psychologische klap die verwoestend werd”, een emotionele wond die niet meer kon worden genezen. Hij keek naar?zijn kinderen die op probeerden te kijken naar een vader die gefaald had. Hij voelde een psychologische?knock-out. Hij werd dakloos en is dat eigenlijk nog steeds. “Ik denk dat je me een semi-dakloze kan noemen op dit moment”, zegt hij. De jaren die volgden waren het?dieptepunt, en hij wist niet beter. “Ik voelde me als een enorme?mislukking. In feite voel ik dat nog steeds. Ik ben nooit echt ergens in geslaagd.”

Zijn absolute dieptepunt kwam volgens hem in 2010. Hun kinderen waren bij hem?op bezoek. “Mijn ex-vrouw had een vriendje, en dat alleen al maakte me gek,” zegt hij, “Ik ging naar het huis, trapte de deur in en ging naar binnen. Ik viel?mijn ex fysiek aan en?zette mijn handen rond haar nek en kneep. Je weet wel, ‘wurging’ heet dat. Hoewel ze niet het bewustzijn?verloor, ik wist niet … weet je, ze was niet gewond ofzo. Uhm. Er waren een paar plekken hier en daar?door mijn toedoen, door …, je weet wel, het fysieke tumult van de situatie. Ik probeer het niet te bagetaliseren. Ik probeer u een idee te geven van de ernst van de aanval.”

Wat echt tot een gevangenisstraf leidde was dat hij de deur ingetrapt had, waardoor er sprake was van een inbraak. “Anders,” zegt hij, “was het slechts een?90-daagse reis naar de provinciale?gevangenis en waarschijnlijk niet veel meer.” In plaats daarvan kreeg hij nu twee jaar. Zijn vrouw zorgde?ervoor dat hij de afgelopen?vijf jaar zijn kinderen niet meer kon zien.

Hij geeft toe dat deze aanval niet zijn eerste worsteling?met de wet was. Er was eerder een woordenwisseling met een taxichauffeur die een wapen trok toen een dronken Luke weigerde te betalen. En er was een vrouw?waarop hij verliefd was?die hij, alweer dronken, had aangevallen op een feestje nadat ze een sigaret uit zijn mond pakte. Ook haar greep hij bij?de hals. “Ze heeft niet het bewustzijn verloren,” zegt hij. “Ik heb nooit?geprobeerd om mijn daden te verbloemen, maar het was niet leuk, het was gewoon verschrikkelijk.”

“Dit is een verhaal zo oud als de tijd -?wreed?vriendje.”

“Ik heb echt?geen?haatgevoelens voor vrouwen”, zegt Lucas. “Totaal niet.” Hij omschrijft zichzelf meer als een zwakke man, maar hij zegt erover: “Zwakke mannen zijn gevaarlijke mannen. Mannen die vernederd zijn, hebben niets te verliezen. Mannen die afgewezen zijn maakt ze gevaarlijk. Vooral?tegenover?vrouwen.” Hij ziet veel van zijn eigen problemen ontstaan door zijn temperament, niet door vrouwenhaat. Hij hoopt dat hij gaandeweg?milder wordt, een gerijpte?man zal zijn die nooit een deur in zou schoppen om zijn woede te uiten. (Anger management cursussen hielpen hem ook niet vond hij, maar antidepressiva deed wonderen).

Tijdens het kijken van?Making A Murderer?zag Lukas een vertrouwd soort woede. “Ik heb mezelf altijd gezien als een zwak persoon” zegt hij. “Zeker niet het typische alpha-mannetje of wat dan ook. En ik begon Ryan [Hillegas] ook op die manier te zien”. Hij hield van de parallellen. Hij zag Hillegas als een afgewezen man, zoals Lucas zelf ook ooit was. Hillegas was een verpleegster; Luke is ook een verpleegster (door zijn justiti?le avontuur ontspoorde die?carri?re bijna). Zelfs nu nog merkt?Lucas dat deze baan zijn mannelijkheid aantast, want waarom werkt hij niet in de metaalindustrie of een ander typisch?mannelijk beroep? Hillegas en Lucas?hebben zelfs?hetzelfde merk auto: een Toyota Corolla. “Dit is een verhaal zo oud als de tijd”, zegt hij. “wreed?vriendje.”

Al snel twitterde hij zijn theorie over Hillegas. Hillegas, zo meent hij, had toegang tot Halbach’s telefoonnummer en -rekening; ze hadden vijf jaar een relatie en echtgenoten delen vaak accounts. Dat kan hem een unieke inzage hebben gegeven in Halbach’s verblijfplaats. En als verpleegkundige had hij misschien toegang tot het bloed van Steven Avery dat hij daarna op het plaats?delict aanbracht. “Het is een beetje raar als je de waarheid denkt te kennen over iets waar de hele wereld mee?bezig is en je niet verder komt,” twitterde?hij, en al snel maakte hij?plannen om naar Wisconsin te gaan.

Hij kon gelukkig?een goedkope vlucht naar Milwaukee vinden met aankomst?op eerste kerstdag. (Hij kocht onderweg ook een?harige hoed zoals die in?Wisconsin populair?is). Hij was van plan om Steven Avery’s familie te bezoeken en hen uit te leggen dat hij dacht te weten wie Teresa Halbach vermoord had. Het bewijs was volgens hem de enige manier om Avery te bevrijden.

De bussen van Milwaukee naar Manitowoc zouden?hem te laat in de nacht voor?hun voordeur afzetten, waarop hij een vriendelijke taxichauffeur vond om hem 90 mijl te vervoeren. Hij kwam aan in het donker (de zon ging al om 16u onder) en nam een ??foto van de “Dead End”, het bord aan het begin van Avery Road, die leidt naar de autowerf van Avery’s. Zoals hij later schreef, verwelkomde de familie hem, om enige tijd later aan de politie te vragen om hem van het terrein te begeleiden. Hij volgde gewillig en plaatste het politierapport ervan online. (De familie vertelde de politie dat ze telefoongesprekken van hem ontvingen rond 16:30).?Na het bezoek aan de Avery’s liet de politie hem weer gaan in een hotel in het centrum van Manitowoc, vrij om zijn onderzoek?te vervolgen,?zolang het maar?niet op het terrein van het Avery’s was.

 

Downtown Manitowoc

 

“Het centrum van?Manitowoc is schilderachtig en gastvrij. Er is onder andere een ‘Familie Video’ winkel, een maritiem museum, en een bar genaamd ‘The Fat Seagull’. Een sneeuwstorm verliet de stad iets na kerst en liet het met het bedekt met sneeuw achter. Tijdens mijn bezoek begin januari, had de lucht een mooie kleurschakering van brons naar lichtblauw, en er waren grote?wolken die onheilspellend boven Lake Michigan uitstegen. Op weg naar?de werf van Avery passeerde ik skeletachtige bomen die zich aan de lucht vastklemden en verlaten?schuren met silo’s die van steen leken. Met dit soort?landschap denk je aan een?omgeving die het lot bepaald.”

Daniel Luke bleef er tot 10 januari, totdat zijn geld op was. Hij vertelt hoe hij?het grootste deel van die tijd in zijn kamer het?onderzoek online voortzette (hoewel er wat uitstapjes waren?naar Capone’s Pub and Grill en de gevangenis). Hij plaatste een blog op Sheboygan Craigslist?en schreef:?”Als iemand Ryan Hillegas kent of kende zou ik graag vertrouwelijk met u spreken. Ik wil graag zijn alibi vaststellen voor 31 oktober 2005. En ik heb nog vele andere vragen”. Hij verzamelde informatie en begon met scenariodenken.

Zijn website heeft inmiddels tienduizenden bezoekers gehad; zijn GoFundMe campagne steekt echter nog op 155 $. Ondertussen heeft Steven Avery een nieuwe advocaat, Kathleen Zellner, met een uitstekende reputatie voor het vrijpleiten van onterecht veroordeelden. Ook zij zet Twitter in om zijn onschuld te bewijzen, en beweert dat hij erin geluisd is.

Weer?terug in Portland, verblijft Luke weer bij zijn moeder en heeft hij gezworen zijn werk voort te zetten. Hij is voortdurend bezig met zijn website en op zoek naar nieuwe informatie. Hij is hoopvol, maar realistisch of zelfs een beetje fatalistisch. Hij heeft niets te verliezen, zo vindt hij, en alles te winnen als iemand die onrecht weer recht probeert te zetten. Hij zou iets aan zichzelf en de wereld kunnen bewijzen. Een punt maken over hoe de huidige macht en rechtvaardigheid werkt in Amerika, over hoe we allemaal onrecht laten gebeuren door eenvoudigweg onoplettendheid. Voor zichzelf?wil hij bewijzen dat hij iets goeds kan doen. “Ik heb zeer complexe motieven om hier te zijn,” zegt hij, “die veel verder gaan dan het legitieme motief om een?moordenaar te vinden enzo. Dit is een zeer persoonlijke odyssee voor mij. ”

“Ik verwacht te falen,” zegt hij, “maar als dat niet gebeurd, zal het een zeer spannende, en aangename verrassende wending in mijn leven zijn.”

Bronnen: Dailydot, Overthrow

Bellingcat: DIY Detectives

SelfieSoldiers1
De laatste jaren is er spectaculair veel informatie te verzamelen op het internet. Een kwestie van goed zoeken en slim analyseren. Open Source Intelligence is een steeds belangrijker deel van het werk geworden. Het onderzoekscollectief Bellingcat, bestaande uit een paar medewerkers en tientallen vrijwilligers, kwam afgelopen weekend weer in het NOS-journaal. Eliot Higgins en zijn team van open source onderzoekers baarde? in 2014 opzien door met foto- en videomateriaal aan te tonen dat een BUK-raketsysteem op 17 juli 2014 in de buurt van de rampplek werd gesignaleerd. Op een foto is te zien hoe ??n van de raketten op de installatie ontbreekt na de aanslag. De beelden werden later door het internationale onderzoeksteam gebruikt voor een getuigenoproep.
Nu heeft Bellingcat twintig Russische militairen ge?dentificeerd die betrokken moeten zijn geweest bij de lancering van de BUK-raket die op 17 juli 2014 de MH17 neerhaalde. De onderzoekers wisten in totaal drieduizend relevante beelden te verzamelen. Een sleutelmoment in de zoektocht was de vondst van militaire presentielijsten. Foto’s van die lijsten waren door soldaten gepost op Instagram. Door de informatie te vergelijken met profielen op sociale media wisten de onderzoekers de eenheid gedetailleerd in kaart te brengen. Het is bijzonder om te zien hoeveel informatie het Russische leger prijsgeeft via sociale media. Het bijzondere aan deze en andere primeurs van Bellingcat is dat ze niet zijn gebaseerd op het hacken van Russische sites of Wikileaks, maar op openbare bronnen, zoals Instagram, Twitter en Facebook. De namen van de militairen die zich bezighielden met de verplaatsing van het lanceerplatform van de BUK-raket stonden op Instagram.

De vrijwillige Bellingcat burgerrechercheurs publiceren hun bevindingen op Bellingcat.com. De organisatie van Higgins is niet onomstreden. Het zou soms onduidelijk zijn hoe betrouwbaar de geleverde informatie is en waar die vandaan komt. Of de MH17-info overeind blijft in een rechtszaal staat nog te bezien. Maar die twijfels horen bij elke nieuwe vorm van informatievergaring. In die enorme berg van informatie die is verzameld in de sociale media, bevindt zich ook info die een licht werpt op waarheden die anders bedekt waren gebleven. Je kan met behulp van sociale media duizenden puzzelstukjes verzamelen die samen een tot dan verborgen werkelijkheid blootleggen. De burgerrechercheurs van Bellingcat tonen ons die mogelijkheden. Het is ouderwets zoeken naar een speld in de hooiberg; maar de hooiberg is honderd keer zo groot geworden en er liggen meer spelden in verborgen.

Binnenkort zullen we op dit blog een interview plaatsen met een?Nederlands lid van de Bellingcat onderzoekers die heeft meegewerkt aan dit en vele andere onderzoeken. Bekijk in de tussentijd ook het interview dat we een jaar geleden met initiatiefnemer Eliot Higgins hebben geplaatst over burgeropsporing.

selfiesoldiers4 selfiesoldiers3 SelfieSoldiers2

selfiesoldiers5

Bronnen:?NOS, Volkskrant, NRC,?Bellingcat

Buurtwacht: “Het mooiste is een heterdaadje”

In steeds meer wijken zijn buurtwachten die een oogje in het zeil houden. Werken ze? En hoe dan?

De buurtwacht liep twee man sterk door de straat toen iemand uit de bosjes kwam. Marco Gerritsen (37) richtte zijn zaklamp op de figuur. ,,Wat ben jij aan het doen?” Geplast, antwoordde de man, en verdween. ,,Maar hij droeg handschoenen, dat vonden we vreemd. En hij was helemaal in het zwart gekleed. Dat vonden we verdacht.” Gerritsen belde de politie, die in de buurt was. De man werd gevonden en ontmaskerd: een benzinedief. Dat was in 2014, hun grootste vangst tot nu toe.

Maandereng is een Edese nieuwbouwwijk uit de jaren tachtig, met rijtjeshuizen. In 2013 was er een inbraakgolf; bijna iedereen kende wel een buurtbewoner van wie spullen waren gestolen. ,,Mensen voelden zich minder veilig in hun huis”, zegt Gerritsen. Hij is beveiliger op Schiphol en richtte in 2013 een buurtteam op. Gewoon, door een Facebookpagina aan te maken en een oproep te plaatsen voor buurtbewoners. Nu patrouilleren er meestal zeven dagen per week mensen met gele hesjes door de straten. Zij speuren naar onveilige situaties.
Het team heeft een harde kern van acht leden. ,,Schoonmakers, vuilnismannen, iemand die nog op school zit, beveiligers zoals ik.” Als ze iets verdachts zien, bellen ze de politie, gewoon op 112. Ze hebben geen privileges boven andere burgers.

De afgelopen vijf jaar zijn er in Nederland veel van dit soort ‘buurtpreventieteams’ (BPT) bijgekomen, constateren onderzoekers onafhankelijk van elkaar. Marco van der Land – tot vorig jaar gespecialiseerd in veiligheid en burgerschap aan de Vrije Universiteit, inmiddels verbonden aan de Haagse Hogeschool – schat dat er zo’n driehonderd van deze teams actief zijn.

bordje-Attentie-Buurtpreventie-WhatsApp

Tegen het plafond
Schoonmaakster Hilda van Stuivenberg (45) loopt meestal twee diensten per week. Vandaag praat ze, sigaretten rokend, met medebuurtwacht John van der Linden (66), gepensioneerd jongerenwerker. Links en rechts schijnen ze met hun zaklantaarn op woningen, auto’s, in steegjes waar de achtertuinen aan grenzen. Als er een raam openstaat en de bewoners lijken niet thuis, doen ze een ,,waarschuwingsbericht” in de bus. Vandaag is dat nergens nodig. Het is stil op straat. Er is een man die zijn bruine labrador uitlaat.

De misdaad in Nederland wordt harder, denkt Van Stuivenberg. Mensen kunnen minder hebben en ,,vliegen snel tegen het plafond”, zegt Van der Linden. Onderzoeker Van der Land filosofeert graag over ,,dat toenemende gevoel van onzekerheid” dat Nederlanders hebben. Ook het ,,gevoel van onbehagen en onveiligheid” is naar zijn idee toegenomen.
Het Sociaal en Cultureel Planbureau concludeerde deze maand dat 60 procent van de Nederlanders de indruk heeft dat criminaliteit toeneemt. In 2012 was dat nog 64 procent. Terwijl Nederland volgens het SCP veiliger wordt. Uit het onderzoek blijkt dat Nederlanders in 2014 de ,,minste criminaliteit sinds jaren” rapporteerden.

Voor Hilda van Stuivenberg is de buurtwacht een soort sport. Ze is suikerpati?nt, wil genoeg bewegen, en de spinning bike op zolder is zo saai. Van der Linden heeft in de jeugdzorg gewerkt en wil graag iets betekenen voor zijn wijk. Mensen initi?ren buurtwachten vaak zelf, zegt onderzoeker Van der Land: ,,Het gaat vaak niet zozeer om probleemwijken, maar juist om meer gegoede buurten.” De gemeente verstrekt soms ‘werkkleding’, biedt cursussen en houdt contact met de wachten.

Ongeveer zeven keer heeft buurtwacht Maandereng een ,,heterdaadje” gehad dat tot een aanhouding leidde. Behalve de benzinedief was er ook een man die twee broden stal uit een magazijn.
Vorig jaar met Oud en Nieuw was een groep jongeren fikkie aan het stoken, zegt Van Stuivenberg als ze langs een schutting naast een bedrijventerrein lopen. Ze raakte aan de praat met een van de jongens, die vertelde onder invloed van coke en speed te zijn. ,,Ze wilden naar een of ander partyfeest. Dus toen heb ik de politie gebeld.” De jongen werd opgepakt.

Slecht imago
Buurtwachten hebben soms een slecht imago, zegt Van der Land. ,,Als ze in achtertuinen gaan kijken of de deur op slot zit, vinden sommige mensen dat heel vervelend.” Toen Marco Gerritsen met zijn idee voor een buurtwacht bij de gemeente aanklopte, werd gewaarschuwd: ,,Maar het moet geen knokploeg worden.”

Ook in Maandereng werd geprotesteerd. Het oudste lid van de Edese buurtwacht ging vroeg in de morgen zijn honden uitlaten en ontdekte de leuzen op woonhuizen en stroomhuisjes. Er stonden dingen als ‘BPT weg ermee” en ,,kankerzooi NSB”, herinnert Van Stuivenberg zich. Ze vermoeden dat het een bekende ,,anti-autoritaire” man uit de wijk is, maar de dader is nooit gevonden. Van der Land: ,,Het is een paar keer gebeurd dat iemand van een buurtwacht door bewoners werd belaagd.”

Effecten buurtwacht
In Nederland zijn nog geen resultaatmetingen naar burgerwachten gedaan. Buitenlands onderzoek laat een positief beeld zien, constateert socioloog Vasco Lub, verbonden aan de Erasmus Universiteit. ,,Uit de meerderheid van internationale evaluaties blijkt een grotere reductie of kleinere toename in criminaliteit ten opzichte van vergelijkbare wijken waar geen burgerwachten actief zijn.”

Gemeente Ede denkt dat de buurtwacht in Maandereng heeft geholpen. In 2014 is het aantal inbraken in de hele stad met bijna 45 procent gedaald ten opzichte van 2013 – wijkspecifieke cijfers ontbreken. Vaak gaat dit soort projecten samen met andere initiatieven om de veiligheid te vergroten, zoals inbraakpreventiecampagnes. Dat maakt de directe invloed lastig meetbaar.

In Tilburg zijn het afgelopen jaar opmerkelijke resultaten geboekt met een digitale burgerwacht. In verschillende wijken nemen bewoners deel aan WhatsAppgroepen, waar ze – nadat ze de politie hebben gebeld – melding doen van verontrustende gebeurtenissen. In de 35 Tilburgse buurten waar tot dan toe een digitale burgerwacht was, is het aantal inbraken afgenomen met 40 procent.

Op dit moment zijn in negentig Tilburgse straten en buurten WhatsAppgroepen actief. De wijkagent wordt er ook bij betrokken. Ben Vollaard, hoofddocent economie aan de Universiteit van Tilburg, doet samen met student Martijn Akkermans onderzoek naar de invloed van de WhatsAppgroepen. ,,Die hebben een afschrikwekkend effect”, zegt Vollaard. Vaak zijn potenti?le inbrekers mensen uit de buurt, die horen dat bewoners elkaar waarschuwen als er iets gebeurt, ze weten dat er in de wijk goed wordt opgelet. ,,Ik houd me al heel lang met preventie bezig, en hoe goed dit werkt is echt h??l bijzonder.”

Uit het onderzoek van Marco van der Land blijkt ,, vrij duidelijk”, zo zegt hij, dat buurtwachten kunnen bijdragen aan het vertrouwen in de overheid en dat het een gevoel van veiligheid kan geven. Dat geldt overigens vooral in wijken waar mensen langere tijd blijven wonen en elkaar al kennen. Als er een hoge ‘omloopsnelheid’ is, worden bewoners juist angstiger als ‘buurtpreventisten’ in gele hesjes door de wijk struinen.

De buurtwacht Maandereng heeft een eigen keet, waar de leden om op te warmen automaatkoffie drinken uit plastic bekertjes. Van der Linden en Van Stuivenberg gaan meestal nog door tot een uur of twaalf ’s nachts. Als het rustig is, kijken ze bij mensen naar binnen. Het is een soort tv-kijken, zeggen ze. ,,Voor ons is het ook leuk als er iets gebeurt.”
Als ze in achtertuinen gaan kijken of de deur op slot zit, vinden sommige mensen dat heel vervelend

Bronnen:?NRC Handelsblad

 

Vidocq society

Leontine Leeuwenburgh deed in het kader van haar recherchekundige opleiding onderzoek naar de methodiek van de Vidocq Society uit Philadelphia en mogelijke implementatie bij de herziening van cold cases in Nederland. Hieronder de samenvatting en volledige scriptie en bijbehorende presentatie die ze gaf op de themadag bij de politieacademie van?tienjarig bestaan van de landelijke deskundigheidsmakelaar?(LDM) in de opsporing.

vidocq

Eug?ne Francois Vidocq (1775 – 1857) was een Franse crimineel uit de 18de eeuw die later politieagent werd.

Cold cases zijn door de jaren heen steeds ?hotter? geworden in Nederland. Anno 2014 heeft iedere politie eenheid zijn eigen cold case team en de workload is aanzienlijk. De cold case teams zijn in ontwikkeling en onderzoeken nieuwe methodieken om cold cases te herzien, zowel binnen als buiten de politieorganisatie. In Philadelphia bestaat een expertgroep, de Vidocq Society, waar meer dan 200 experts op allerlei vakgebieden bij zijn aangesloten. Zij bestaan reeds 25 jaar en komen eens per maand samen om zich over een door de politie ingebrachte cold case te buigen.

Bij aanvang van het onderzoek is de volgende probleemstelling geformuleerd:

In hoeverre is de gehanteerde methodiek van de Vidocq Society uit Philadelphia relevant als aanvulling op de huidige werkwijze met betrekking tot het inschakelen van externe expertise bij de herziening van cold cases in Nederland?

Om de methodiek van de Vidocq Society in kaart te brengen is een reis naar Philadelphia gemaakt alwaar een bijeenkomst van het genootschap is bijgewoond. Hier is door middel van observatie en het afnemen van interviews inzicht verkregen in de gehanteerde werkwijze alsmede in de succesfactoren en verbeterpunten van de methodiek. Er worden eisen gesteld aan de cold cases en de presentatie ervan alvorens deze plenair tijdens een bijeenkomst worden behandeld. De aangesloten experts stellen vragen naar aanleiding van de gegeven presentatie om te bekijken of ze vanuit hun expertise tot nieuwe inzichten en onderzoeksrichtingen kunnen komen. Indien de experts denken na de bijeenkomst nog een nuttige bijdrage aan het verdere onderzoek te kunnen leveren, bieden zij hun diensten belangeloos aan het onderzoeksteam aan. De sterke punten van de methodiek zijn gelegen in de wisselwerking tussen de experts onderling, de intrinsieke motivatie van de aangesloten experts en de directe verbinding die wordt gelegd tussen de politie en externe expertise.
Vervolgens is gekeken naar de Nederlandse situatie.

In Nederland krijgen de cold case teams steeds meer bestaansrecht en zijn er initiatieven ontstaan waarbij externe expertise wordt betrokken bij de herziening van cold cases. Door literatuuronderzoek en het afnemen van interviews met betrokkenen zijn een drietal initiatieven in kaart gebracht. Tevens is gekeken naar de huidige werkwijze van cold case teams in Nederland. Uit dit onderzoek bleek dat er in Nederland nog geen expertgroep gelijkend op de Vidocq Society bestaat; er wordt niet op structurele wijze door een breed samengestelde interdisciplinaire groep experts tegelijk gekeken naar cold cases.
Zou de gehanteerde werkwijze van de Vidocq Society een aanvulling of voorbeeld kunnen zijn voor het vormgeven van een dergelijk initiatief in Nederland? Deze vraag is voorgelegd tijdens een voor dit onderzoek georganiseerde expertmeeting waarbij acht deelnemers van zowel binnen als buiten de politieorganisatie aanwezig waren. Tijdens een discussie kwamen positieve, maar ook kritische reacties op de methodiek ter tafel. De algehele conclusie aan het einde van de bijeenkomst was dat men de methodiek relevant vond voor de Nederlandse opsporingspraktijk, hier verder vervolg in wilde zien en waar kon zelf aan bij wilde dragen. Een van de aanwezige deelnemers heeft aangeboden een eerste pilot van de methodiek in Nederland mogelijk te maken.
Naar aanleiding van het uitgevoerde onderzoek in Amerika en Nederland kan geconcludeerd worden dat de methodiek van de Vidocq Society relevant is als aanvulling op de huidige werkwijze met betrekking tot de herziening van cold cases in Nederland. Het draagvlak in Nederland is aanwezig, er bestaat hier nog niet een dergelijke expertgroep en het grote aantal cold cases maakt dat men openstaat voor nieuwe idee?n en methodieken om deze te gaan herzien. Het idee is positief ontvangen, waardoor er reeds over de realisatie van een eerste pilot gesproken wordt. Het valt aan te bevelen dat de pilot ook daadwerkelijk gerealiseerd en ge?valueerd gaat worden.

De methodiek van de Vidocq Society kan in vele opzichten een voorbeeld en bron van inspiratie zijn voor de Nederlandse opsporingspraktijk. Dat er daarnaast geen andere en betere methodieken zijn is niet gezegd. Het is aan te raden de methodiek niet als d? manier, maar een manier te zien en kritisch te blijven op het eigen werkproces.

Meer informatie:?

Een boek dat een aantal cases behandelt uit de Vidocq Society is: The Murder Room

De presentatie van?Leontine op de LDM themadag:

De volledige scriptie:

De laatste Vidocq journal:

Mobiele verkeersbuurtwacht: TrafficDroid

Foul! “Schreeuwt Lewis?vanaf zijn fiets voordat hij?met een rode kaart in het gezicht wappert van een met stomheid geslagen chauffeur. Dit is geen?sc?ne uit een voetbalwedstrijd, maar gebeurt midden in Londen, waar Lewis, alias de “Traffic Droid” bezig burgers te wijzen op de handhaving van de wet.

De 49-jarige is een van de tientallen Britse fietsers die een nieuwe missie in hun leven ?hebben gevonden: roekeloze chauffeurs wijzen op hun overtredingen en dit bij de politie aangeven ondersteund door de beelden van hun helm camera’s.

De autoriteiten waren eerst wat huiverig om deze straatwachten of ‘vigilantes’ serieus te nemen, maar behandelen nu elke zaak serieus.

“Sommige mensen zeggen dat ik eruit als een vliegende schotel,” grapte Lewis die wel 8 camera’s draagt.?Naast zijn rode kaart, draagt Lewis ook een?meetlint om te zorgen dat automobilisten zich?houden aan?gereglementeerde ??n meter (drie voet) afstand die ze moeten houden van fietsers.

Zijn drijfveer is een fietsongeluk uit 2009 waarbij hij bijna overleed. Sindsdien is hij iedere dag weer op de fiets en?heeft hij tijdens zijn twee uur durende rit vaak?”idioten” op film staan die hij op YouTube plaatst.?Of het nu gaat om mensen die hem de pas afsnijden, door rood rijden of gebruik maken van mobiele telefoons achter het stuur, is er niets dat aan zijn blik en camera’s ontsnapt.

Net?een videogame

“Ik ben de hele tijd op de?weg aan het scannen, het is als een video game,” zegt hij.?Lewis meldt een gemiddelde van vier ovetreders per dag?bij de politie. Sommigen zullen dan worden beboet en anderen raken zelfs hun rijbewijs kwijt.

Cyclist Lewis Dediare, rides in traffic in London on December 15, 2014. ? AFP pic

‘Er zijn al te veel fietsers gestorven’

Zijn inspanningen irriteren onvermijdelijk sommige weggebruikers.?”Fietsers zijn eigenlijk nog?veel erger. Ze kijken niet naar de verkeerslichten,” zei een?ontevreden vrachtwagenchauffeur?terwijl hij de?”Droid” online bekeek.?Anderen beschuldigen hem ervan een ‘informant’ te zijn in een land dat al vol met bewakingscamera’s hangt.?”Ik ben al een paar keer aangevallen,” gaf Lewis toe, maar hij benadrukt dat hij alleen een zorgzame oplettende burger is.

Elk jaar worden er alleen al in Londen ongeveer?15 fietsers gedood, iets wat ook?wielrenner en buschauffeur Dave Sherry aanspoorde om de camera tijdens zijn tochtjes naar de Engelse hoofdstad aan te zetten.?Zowel Dave en Lewis klagen dat bezuinigingen betekenen dat er niet meer genoeg politie is om fietsers adequaat te beschermen. Er zijn nu 3600 minder ambtenaren in Londen dan drie jaar geleden, blijkt uit cijfers Metropolitan Police.

dave sherry

Dave beweert al 60 veroordelingen in de afgelopen twee jaar te hebben gerealiseerd via zijn aangiftes. En vorig jaar leidde een van zijn video’s zelfs tot het ontslag van een collega-buschauffeur voor het sms’en tijdens het rijden.?Hij geeft toe dat er wat?wrevel is onder zijn collega’s, maar zegt: “Kan me niet schelen wat mensen denken. Als ik het leven een fietser kan redden, is dat naar mijn smaak een goede zaak.”

Lewis en Dave geven hun bewijsmateriaal meestal aan Police Witness, een? particulier bedrijf dat de beelden bekijken en doorgeeft aan de politie als gratis service, zolang de camera’s via hen worden?gekocht.?”We kunnen in een week soms tientallen, zo niet honderden incidenten ontvangen”, aldus CEO?Matt Stockdale, die eraan toevoegd dat de video’s alleen worden doorgegeven aan de politie als “we weten dat de politie kan en zal handelen.”

De Vereniging van Chief Police Officers in Engeland zei dat het burgers stimuleert om enig bewijs van een strafbaar feit aan de autoriteiten te geven.?”Met verkeersovertredingen, video’s gefilmd vanuit het dashboard van de auto of vanaf het hoofd zijn toelaatbaar als bewijs, en als?de kwaliteit goed is kan het als bewijs worden gebruikt en zal?de politie de aangifte opnemen, verslag maken en rekening houden met de omstandigheden van elk geval?om al dan niet stappen te ondernemen,” zei een woordvoerder.

Bronnen: IOL, MailOnline

Moderne Sherlock zit in ons allemaal

Het aantal erkende detectivebureaus vertienvoudigde tussen 2000 en 2012, tot ruim 400. Ze worden ingezet bij bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaan priv?detectives op pad. Hoe leer je zo’n?vak? Martin Kuiper van het?Parool ging op?pad met cursisten die de felbegeerde ‘gele pas’ willen bemachtigen, en deed verslag.

mr-holmes2

Gespannen volgt priv?detective Hans de Zeeuw (48) de grijze Peugeot 206 die voor hem rijdt. De Peugeot heeft haast en is onderweg naar een ‘deal’ waar De Zeeuw graag bij wil zijn, maar dan mag hij hem niet uit het oog verliezen. Via de portofoon houdt de detective contact met zijn collega die achter hem rijdt. “De verdachte neemt de rotonde rechtdoor, ik sla hier af. Neem jij het over?”

Het is zaterdagmiddag, iets na twaalven; in Zuid-Limburg valt de regen met bakken uit de hemel. Boomtoppen zwiepen heen en weer, afgebroken takken liggen op de gladde wegen. Op ??n van die wegen rijdt Hans de Zeeuw, gevolgd door collega Ymke Bos (26), achter een man aan die verdacht wordt van diefstal van decoupeerzagen, boormachines en hogedrukspuiten. De detectives werken in opdracht van de bouwmarkt Hubo, de werkgever van de verdachte, die meer inzicht wil krijgen in het duistere handeltje van zijn werknemer.

Nou ja, in opdracht van: ze doen eigenlijk alsof. Want De Zeeuw en Bos zijn (nog) geen echte detectives. En ook de achtervolging is in sc?ne gezet, die is onderdeel van de ‘waarnemingsoefening’. De twee cursisten volgen een achtdaagse cursus die opleidt tot priv?detective. Normaal wordt de cursus gegeven in Amsterdam, maar voor de praktijkopdracht is de groep uitgeweken naar Limburg.

Cursisten leren waarnemen en schaduwen, het wetboek interpreteren, sporen onderzoeken, verdachten interviewen. Doel: de felbegeerde ‘gele pas’. Die pas geeft het recht aan de slag te gaan als particulier onderzoeker en werd in 2014 aan 200 Nederlanders uitgereikt, blijkt uit cijfers van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties (SVPB).

Dat verrast niet. De branche van Nederlandse recherchebureaus zit sinds jaren in de lift. Tussen 2000 en 2012 vertienvoudigde het aantal erkende detectivebureaus van ongeveer 40 tot ruim 400. De meeste bureaus houden zich bezig met bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaat de detective op pad. In 2015 staat de teller op 442, volgens cijfers van het ministerie voor Veiligheid en Justitie. Of de toename een positieve goede ontwikkeling is? Een woordvoerder van Veiligheid en Justitie: “Het is niet aan de overheid om daarover te oordelen. Het voorziet blijkbaar in een behoefte.”

De groei komt volgens strafrechtjurist Sven Brinkhoff ‘doordat de Nederlandse politie steeds vaker recherchewerk laat liggen’. Brinkhoff: “Wat je ziet is dat burgers daardoor steeds vaker bij detectivebureaus aankloppen. En door alle media-aandacht neemt ook de interesse voor de opleiding toe.”

Sherlock Holmes
In Amsterdam worden de lessen gegeven door een lange man met een Limburgs accent: Bert (50), hij wil om privacy redenen niet met zijn echte naam in de krant). Zijn benadering is informeel. Enthousiast. Grappig ook. Een kruising tussen de ouderwetse leraar die mensen aanspreekt bij hun achternaam en Sherlock Holmes. Geen gortdroge stof, maar het Wetboek van Strafrecht in vogelvlucht met sappige anekdotes: “Als leerlingen plezier hebben, gaat het leren vanzelf.”

De lessen hebben een vaste opzet. Eerst de ‘minder leuke tak van sport’: het theoretische gedeelte. In rap tempo raast hij met behulp van dia’s door de Nederlandse Grondwet heen. Met controlerende vragen als: wanneer mag je camera’s ophangen voor een onderzoek? Hoe ver mag je gaan met een observatie? probeert hij de wetsartikelen tot leven te brengen. “Zo onthouden de cursisten ze beter.”

Daarna steekt hij door naar het ‘spannende’ praktijkgedeelte: waarnemen en rapportage. Zoals schaduwen (‘Mannen moeten geen roze polo dragen, dat is een dominante kleur’), sporenonderzoek (‘hoe stel je die veilig?’). En het verhoor dus, waarbij je de verdachte op de plaats van het delict moet zien te krijgen met een dichtgetimmerd verhaal.

Dat ‘dichtgetimmerde verhaal’ wordt vanmiddag geoefend in het NOB-hoofdkwartier in Wessem. De verdachte, een lange man in een Adidas-sportjasje en een spijkerbroek, wordt ge?nterviewd door detectives in spe Ruben Brand (24) en Ymke Bos. De andere cursisten volgen het gesprek in een andere kamer op een groot beeldscherm.

“Leent u uw Peugeot 206 wel eens uit?” gaat Brand voortvarend van start.

“Heel af en toe aan mijn broer,” reageert de verdachte laconiek.

Brand: “En bent u vanochtend ook nog met de auto weggeweest?”

“Neuh, ik heb uitgeslapen.”

“Oh?” reageert Bos verbaasd. “Wij hebben namelijk een foto van u op een carpoolstrook. En een vrouw die zegt dat u haar spullen heeft verkocht. Hoe verklaart u dat?”

De man kijkt bedenkelijk, schuttert even, en duikt dan in elkaar. Lang verhaal kort: de man bekent de diefstal.

Open vragen
De docent is tevreden over het interview. De verdachte heeft bekend en ook de vragen waren prima. Maar er zijn ook ‘leermomenten’, vindt Bert. “Pas op met opmerkingen die voor weerstand zorgen bij de verdachte. Het is heel belangrijk dat je een band opbouwt met degene die je verhoort.” En: “Denk er om: stel open vragen, dan moet het antwoord uit de geest van de verdachte komen.” Ook op de achtervolging heeft hij hij nog wat aan te merken. “Houd afstand als je iemand volgt, des te meer tijd heb je om zelf na te denken. En vergeet niet je lichten uit te doen als je vanuit de auto iemand in de gaten houdt. En denk erom dat samenwerken heel belangrijk is tijdens een onderzoek.”

Ymke Bos vond het een leerzame middag. Het lijkt haar leuk in de toekomst naast haar huidige werk ook als priv?detective aan de slag te gaan. De Zeeuw – jaren werkzaam bij de GGZ, maar tegenwoordig sporthaluitbater en klusjesman – is daar nog niet zo zeker van: “Ik vind het heel leuk, maar of ik hier echt in verder ga? Ik weet het nog niet.”

Bos vindt de kleinschaligheid (maximaal acht cursisten per klas) fijn. “Je wordt echt gehoord. Als ik een vraag heb, wordt die binnen een minuut beantwoord.”

Of de tien lessen genoeg handvatten bieden om in de toekomst zelfstandig aan de slag te gaan als particulier onderzoeker? Een kleine civiele zaak afhandelen is ??n ding; het oplossen van een grote strafrechtelijke zaak, zoals die van het zestienjarige meisje in Valkenburg (zie kader), is een heel ander verhaal.

Strafrechtjurist Brinkhoff is sceptisch. “Veel pas geschoolde priv?detectives doen onderzoek op een onwetmatige manier. Ze zetten de verdachte te zwaar onder druk, tappen telefoongesprekken af en leveren schimmig bewijsmateriaal in rechtszaken. Ze begeven zich te veel op het terrein van de politie en de overheid. Maar waar die twee aan regeltjes en wetten gebonden zijn, worden particuliere onderzoekers door niemand gecontroleerd.” Daar is de woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie het niet mee eens: “Via een groot onderzoek screenen we tegenwoordig de recherchebureaus.”

Brinkhoff: “Oud-politiemensen die als priv?detective werken, hebben kaas gegeten van het vak; die weten hoe ze onderzoek moeten doen. Bij andere groepen speelt vaak het belang van de klant een te grote rol. De klant is koning, daarom gaan detectives zo ver als nodig is om hun klus te klaren.”

Bert hoort het commentaar gelaten aan. Zijn cursisten en pas opgeleide detectives gedragen zich altijd ‘binnen de kaders van de wet’, zegt hij. “Het is als autorijden: als je net je rijbewijs hebt, gaat het nog wat moeizaam, maar na een poosje gaat het vanzelf. Als je net je gele pas hebt gehaald, heb je een goede basis voor kleinere zaken zoals een diefstalletje. Grotere zaken zijn voor later. Daar komt bij dat we na de cursus contact houden met onze cursisten. Er zijn ’terugkomdagen’ waarop we de lesstof herhalen en oud-cursisten ondersteunen bij hun eerste opdrachten. We gooien ze heus niet in het diepe.”

Opleidingsinstituut
Opleidingsinstituut NOB is opgericht door Nederlands bekendste priv?detective: Ben Zuidema. Hij is gespecialiseerd in het opsporen van gestolen kunst en maakte eind jaren tachtig faam met de Noortman-zaak. Het leek een grote kunstroof, maar de Maastrichtse galeriehouder Noortman bleek negen vermiste schilderijen, met een totale waarde van vijf miljoen euro, zelf verduisterd te hebben. Een aantal van Zuidema’s zaken zijn gepubliceerd in boekvorm; een tv-serie is in de planning.

Zedenzaak valkenburg
Ook de ouders van het vermiste meisje uit Heerlen maakten voor de opsporing van hun dochter gebruik van de diensten van een priv?detective van het NOB. Ze werd gevonden nadat de detective haar telefoonsignaal had laten uitlezen. Het meisje – in de media Kimberley genoemd – werd aangetroffen in een hotelkamer in Valkenburg, waar ze onder druk van een loverboy seks had met mogelijk tachtig mannen. Een deel van hen is inmiddels veroordeeld tot werkstraffen en korte celstraffen. De loverboy kreeg een celstraf van twee jaar.

Afluisteren – mag dat?
Een priv?detective mag, in tegenstelling tot de politie, geen gesprek aftappen. Gesprekken heimelijk opnemen mag wel, maar alleen als de detective zelf deel-neemt aan het gesprek. Ook mag de priv?detective een gesprek opnemen in opdracht van een opdrachtgever, maar dan moet het belang van het onderzoek zwaarder wegen dan de privacy.

Bronnen: Het parool (29 juli 2015),

Verslag Seminar De Moderne Sherlock

Door: Matthijs Hogendoorn

Op 10 februari jl. organiseerde Reed Business Education samen met TNO een seminar over online burgeropsporing. Locatie: PIT, Almere. Dagvoorzitter: Diederik Greive, hoofdofficier bij het OM en onder meer portefeuillehouder Opsporingsberichtgeving. Voor een publiek van circa 100 mensen werd aan de orde gesteld: hoe pakt men het in de opsporing aan, gegeven de ontwikkelingen in social media en maatschappelijke betrokkenheid en bemoeienis? Wat staat de ?gevestigde? partijen op dat gebied te doen en te wachten?

Weliswaar waren alle aanwezigen het er over eens dat er een fundamentele verandering heeft plaatsgevonden en nog gaande is in de mate waarin de burger betrokken is bij veiligheids- en opsporingsvraagstukken, maar de nuanceverschillen in de benadering waren interessant.

Burgemeester Annemarie Jorritsma van Almere introduceerde het gemeentebeleid met een kort filmpje over de Veiligheidsaanpak 2015-2018.

De gemeente heeft de inbreng van burgers steeds intensiever proberen te initi?ren. Want: ?Wij overschatten als gemeente stelselmatig hoe goed wij onze burgers bereiken. En dat is wel het doel: dat we kunnen gaan spreken van overheidsparticipatie,? aldus Jorritsma.

Waar de burgemeester het nog vooral had over de informatievoorziening tussen burgers en overheid over en weer, vervolgde hoofd recherche Midden-Nederland Henk Bril met de praktijk van de opsporing. Die wordt be?nvloed door die informatievoorziening en dat gaat op heel veel manieren. Bril illustreerde dat met een aantal sprekende voorbeelden.

Hbril

Zoals bij de zaak Ruben en Julian: ?een Twitterbom die ontplofte? en burgers die zelf een bos gingen doorzoeken. Na de verdwijning van Lisanne Froon en Kris Kremers: de actieve houding van betrokken familie. Na de dood van Els Borst: de ?actieve betrokkenheid vanuit de politiek?. En bij de afpersing van John en Linda de Mol veel diverse reacties en bemoeienissen. Koppel daaraan een vaak zeer actieve ?mediakaravaan? en de eventuele rol van de ?zelfbenoemde expert? en je ziet de ontwikkeling zoals Bril hem noemde: ?Van burger en opsporing naar burgeropsporing.?

Dat levert heel veel verschillende informatie en situaties op, die soms absoluut maar ook niet altijd bevorderlijk zijn voor de opsporing. Hoe moet je al die info vooraf duiden? Is ze betrouwbaar? Bruikbaar voor beleid, co?rdinatie of uitvoering? Daarom alleen al is voor de politie een goede afdeling communicatie onontbeerlijk, stelde Bril. Want je kunt niet anders dan meegaan met wat de maatschappij van je vraagt, maar wel binnen grenzen.

Bril: ?Uiteindelijk gaat het om waarheidsvinding en de deugdelijkheid van het onderzoek: hypothesen, scenario?s, verifi?ren en falsificeren. Dus het klassieke rechercheren blijven we doen, naast de modernere mogelijkheden.?

Henk Bril benadrukte daarmee de kern van de middag: in hoeverre gaan de klassieke instituties mee met de ontwikkelingen, in welke mate is het gewenst dat ze dat doen en hebben ze daar eigenlijk nog enige zeggenschap in? Bril vond dat er al veel gebeurde om de burger te betrekken.

Nieuwe inrichting

Hoofdofficier van justitie in Midden-Nederland Johan Bac maakte als volgende spreker de vergelijking met de huisarts van tegenwoordig. Die ontvangt een veel beter ge?nformeerde pati?nt dan vroeger in de spreekkamer, zeker bij de eenvoudige aandoeningen. Naarmate de klacht medisch gecompliceerder is, neemt de huisarts of uiteindelijk de specialist het meer over van de pati?nt.

JBac

Bac: ?Hier gaan we ook naar toe in de opsporing. Er zullen eenvoudige zaken zijn, waarbij de politie kan kijken naar wat de burger zelf al heeft gedaan. Van het maken van een foto tot het opnemen van een verklaring of het invullen van een aangifte. De politie zal daarin ondersteunend zijn. En dan hebben we het over 80% van de criminaliteit.?

Maar dat houdt dus ook in dat de rollen worden omgedraaid. Van Opsporing verzocht naar Opvolging gezocht, zoals Bac het formuleerde. De burger reageert niet meer, maar initieert. Dat zal uiteindelijk resulteren in eigen verantwoordelijkheden. Bac: ?Denk aan de eigen belastingaangifte met een verklaring dat je die naar waarheid hebt opgemaakt, iets dergelijks.?

Bac erkende dat die situatie totaal nieuw zou zijn en een totaal nieuwe inrichting van het strafproces zou betekenen. Hij maakte een kanttekening: ?In de analogie met de medische wereld, ook wij hebben ons specialistische werk. En zware zaken zijn vaak onzichtbaar. Daar moet wel capaciteit voor blijven.?

Daarnaast wees hij op de rechtsstatelijke belangen: ?Wij als OM zijn niet alleen doorgeefluik. We hebben ook onze procesnormen en die zijn er niet voor niets.?

Geen flexibiliteit

Daarna werd het grovere geschut in stelling gebracht in de persoon van Maurice de Hond, naast opiniepeiler onder meer bekend van zijn optreden in de Deventer moordzaak. Hij waste als verwacht de strafrechtsketen stevig de oren met tal van ongerijmdheden uit het onderzoek naar de moord op de weduwe Wittenberg. Bij uitstek maakte hij gebruik van ?burgerdeskundigen? om de bevindingen van onder meer het NFI onderuit te halen. De Hond: ?Het begon als crowdsourcing avant la lettre met een blog dat ik schreef. Dat groeide uit tot een gezamenlijke expertise van heel veel mensen.?

MHond

De Hond is behoorlijk gedesillusioneerd geraakt in de kwaliteit van het opsporingsproces. Het gaat er hem niet om dat ??n partij het standaard bij het verkeerde eind zou hebben. ?Ik trok met mijn website over de zaak ook gekken aan die onzin uitkraamden.? Maar het schokte hem vooral dat de keten zo afwijzend reageerde. Er was geen enkele flexibiliteit te bespeuren.

De Hond: ?Het gaat dan toch, zoals Henk Bril zei, inderdaad om de waarheidsvinding? Waarom wordt die aantoonbare expertise van zovelen niet eens meegenomen?? De conclusie van De Hond was dat de ?crowd? die de instituties binnen het strafproces voor zich zien, nog steeds ?intern? is. Er wordt nog te hi?rarchisch gedacht.

Doodeng

In de discussie tussen de panelleden (zonder Jorritsma) en met de zaal onder leiding van Diederik Greive werden de bovenstaande posities nader uitgewerkt. Daarbij behield Henk Bril (?Er gebeurt al veel?) zijn wat behoudender stelling, was De Hond het meest radicaal (?De instituties kunnen niet volgen?) en nam Bac de middenpositie in (?We lopen er achteraan, maar misschien is dat onze rol ook wel?).

panel

publiekMaurice de Hond leek de zaal voor zich gewonnen te hebben. Belgisch oud-hoofdcommissaris Steven de Smet: ?We werken met de kaders uit het industri?le tijdperk.? Interessant was het diverse blikveld op privacy: waar politie en OM duidelijk ook die waarden in hun afweging willen meenemen, sprak De Hond zich duidelijk uit: ?We bestaan niet meer als individu. We houden het niet tegen. Het enige wat ons rest is de kwaliteit van ons werk zo hoog mogelijk te houden.?

Dat de expertise van de burger moet worden ingezet, daar was iedereen het wel over eens. En ook dat je het niet redt met het openstellen van ?een extra kanaal?. Anders loopt het het systeem uiteindelijk over de schoenen. Dus incorporeren is het devies.

Uit de zaal kwam Arnout de Vries, co-auteur van Social Media, het nieuwe DNA, met de hamvraag: hoe organiseer je het dan? Daar bleef het nog even stil op, behalve dat de betrokkenheid van jongeren (Bac: ?Ik ben met mijn 45 jaar stokoud.?) en in een vroeger stadium faciliteren van burgers nuttig kunnen zijn. En blijven communiceren: ?Als je op een scheldpartij inhoudelijk antwoordt, blijkt het in negen van de tien gevallen om heel nette en serieuze mensen te gaan,? zei De Hond.

Johan Bac: ?We moeten vooruit, ook al weet ik op 1000 vragen geen antwoord. Dat maakt het tegelijkertijd doodeng.?

publiek2