Categoriearchief: Uncategorized

Let op je digitale tellen in Thailand

thailand

In een eerder blogitem waarschuwde we al voor het feit dat berichten die je in eigen land online gooit in een ander land zomaar strafbaar zouden kunnen zijn.?Maar nu is het opnieuw raak. Nederlanders in Thailand moeten op sociale media voorzichtig zijn met uitspraken tegen de militaire coup, twittert de Nederlandse ambassade in Bangkok. Negen dagen geleden nam het leger?de macht over?in het politiek verdeelde Thailand. De nieuwe machthebbers stelden gisteren een verbod in op het sturen van?provocerende boodschappen?via Facebook of andere sociale media. Overtreders riskeren twee jaar cel. Woensdag was Facebook al 55 minuten niet bereikbaar.

Vlaming

Donderdag pakte de politie in Bangkok een?42-jarige Vlaming?op omdat hij kritiek op de staatsgreep zou hebben geuit. De man, die al enkele jaren in Thailand woont, droeg een T-shirt met de opdruk Peace Please. Hij werd dezelfde dag nog vrijgelaten.

Kop indrukken

Politie en militairen zijn in groten getale aanwezig op de plekken in Bangkok waar de twee politieke kampen de afgelopen zes maanden permanent demonstreerden. Daar is nu niemand meer te bekennen. Bij een winkelcentrum elders in de stad voerde de politie een man af die voor een tv-camera kort een bord toonde met het opschrift: “uitsluitend verkiezingen”.

Kritiek

De Amerikaanse minister van Defensie Hagel heeft het Thaise leger vanmorgen opgeroepen om de politieke gevangenen vrij te laten, de censuur op te heffen en snel verkiezingen uit te schrijven. Generaal Prayuth, de machtigste man in Thailand, vroeg de internationale gemeenschap gisteren geduld te hebben met de ontwikkelingen in zijn land. Prayuth denkt zeker?een jaar nodig?te hebben om het land zodanig te stabiliseren dat er vrije verkiezingen kunnen worden gehouden.

Avondklok

De militairen hebben de avondklok, die direct na de coup van kracht werd, onlangs versoepeld. Nu is het verboden om tussen middernacht en vier uur ’s ochtends de straat op te gaan. De toeristenindustrie had om de versoepeling gevraagd.

Bronnen: NOS,?SocialMediaDNA.

Ik speur mee en bel 112

Bij de aanpak van woninginbraak spelen niet alleen politieagenten, maar ook burgers een belangrijke rol. Frank Kelder, chef van de politie regio Amsterdam-West (West en Nieuw-West), blikt terug op de wintermaanden en de mooie resultaten van het Donkere Dagen Offensief.

Om het aantal woninginbraken terug te dringen, is afgelopen winter veel werk verzet. Politie, tram- en buschauffeurs, postbezorgers, hondenbezitters en buurtbewoners, allen hielden een oogje in het zeil tijdens de donkere dagen. Dat dit heeft geholpen, blijkt uit de cijfers: in Amsterdam-West zijn van november 2013 tot maart 2014 ruim 200 inbraken minder gepleegd dan in dezelfde periode vorig jaar. ‘Ook hebben we deze winter meer inbrekers aangehouden’, zegt Frank Kelder. ‘Dat is wat samenwerking met burgers teweegbrengt. Zij bellen de politie sneller bij verdachte situaties en daardoor hebben wij meer ‘heterdaadjes’.

DNA sporen?

De impact van een woninginbraak is groot. Slachtoffers zeggen vaak nog lange tijd last te houden van een onveilig gevoel in hun eigen huis. Kelder: ‘Bij iedere woninginbraak komt onze Forensische Opsporing ter plaatse om sporen veilig te stellen. Bijvoorbeeld DNA uit bloed of speeksel. Dergelijk bewijsmateriaal leidt in veel gevallen tot daders en wegen zwaar mee in de strafmaat van justitie. ‘Dat is belangrijk. Verdachten kunnen zich beter twee keer bedenken voordat ze besluiten in te breken.’

Speur mee en bel 112

Samen met het stadsdeel werd tijdens de wintermaanden een campagne gevoerd waarbij burgers werden betrokken bij het politiewerk. Zo gingen vrijwilligers en politieagenten van deur tot deur en deelden ‘preventietassen’ uit. Bewoners werden daarmee geattendeerd op het risico van woninginbraak tijdens de feestdagen, kregen preventieadviezen, een aanmeldkaart voor Burgernet en een lichttijdschakelaar. Met de slogan ‘112 daar vang je inbrekers mee’ werd veel aandacht gevraagd voor het belang van melden van verdachte situaties. Voor hondenbezitters was er een politieblauwe hondenhalsband met de penning: ‘Ik speur mee en bel 112’.

De mooie resultaten van de campagne – het Donkere Dagen Offensief – zetten zich voort. De cijfers blijven positief en de strijd tegen woninginbraak gaat dan ook onverminderd door. Frank Kelder: ‘De komende periode worden nieuwe idee?n ontwikkeld om burgers hier nog meer bij te betrekken. Ik kan niet genoeg benadrukken hoe belangrijk deze samenwerking is voor ons politiewerk. Zie je iets verdachts? Bel direct 112. Niet twijfelen, gewoon doen! Alleen dan kunnen wij als politie snel reageren en een inbreker op heterdaad betrappen. Want al zijn de donkere dagen voorbij, als inbrekers de kans krijgen, slaan zij ook in de zomermaanden toe. Het inbrakenteam van de recherche blijft onverminderd onderzoek doen naar alle inbraken die worden gepleegd in Amsterdam-West.

Weet wat er speelt in de buurt en blijf alert. Zie je iets verdachts, aarzel dan niet en bel 112. Dit interview is ook te lezen in de digitale Nieuwsbrief van de politie aan bewoners van Amsterdam West en Nieuw-West.

Bronnen: Twitter, Dichtbij.nl

Social Media Safety Centers

Facebook-s-new-anti-bullying-tools-create-a-culture-of-respect--7c144d2e52

Als er in sociale gelegenheden iets mis gaat ?heb je bijvoorbeeld in een kroeg de kroegbaas waar je dat mee kunt bespreken, bij grotere gelegenheden zijn er ook nog portiers, maar bij de meeste social media diensten zijn er hele afdelingen voor. Zo heeft Facebook al enige tijd een Safety Center dat bedoeld is om de vele gebruikers van Facebook te helpen om het online platform een stukje veiliger te maken.?Er is een heel team van mensen dat zich zelfs voorstelt in diverse video’s. Recentelijk hebben ze zelfs een Bullying Prevention Hub?tegen zowel offline als online pesten. Je kunt hier informatie vinden, gericht op tieners, ouders en leraren. Bij Twitter is het onderdeel Safety & Security iets soberder vormgegeven, omdat zij vanaf de start een heel vrij platform wilden zijn. Ook bij de andere “Big 5” social media diensten?zien we niet een dergelijk grote aandacht voor veiligheid als Facebook doet overkomen. Er zijn wel handreikingen voor de politie, zoals op Twitter of Pinterest, waarin wordt aangegeven hoe zij samen met de social media partijen misdaad aan kunnen pakken. En natuurlijk kun je als eindgebruiker altijd misbruik of misstanden melden via een meldknop en formulier. Google maakt ook flinke stappen, met bijvoorbeeld op YouTube een YouTube Policy and Safety Hub.?Maar op?Facebook is er veel meer. Bijvoorbeeld hapklare voorlichting over cyberpesten of tips over veilig gebruik van Facebook zoals het beschermen van je eigen privacy. Het is op doelgroepen aangepast en richt zich op tieners, ouders, leerkrachten en politie en er zijn ook adviseurs die vragen beantwoorden.

Zo heeft Facebook op een conferentie?uit 2011 al in het Witte Huis in Washington aangekondigd meer te gaan doen aan zowel het gevoel van veiligheid en de daadwerkelijke veiligheid. Nieuwe tools zouden gebruikers beter moeten beschermen tegen pestgedrag, stalkers en de communityvorming verder versterken, waardoor er een “cultuur van respect” onder Facebookgebruikers moet ontstaan waarin iedereen een rol heeft. Gebruikers kunnen eenvoudiger misbruik melden, maar ook proberen elkaar eerst aan te spreken op dergelijk gedrag. Je kunt natuurlijk ook melding maken richting Facebook, maar je kunt ook een vertrouwenspersoon zoals een ouder of leraar als contactpersoon opnemen in een ‘incident report’. Daarnaast gaat Facebook meer bieden op het gebied van voorlichting, samen met andere instanties en ze vraagt meer om Feedback van haar gebruikers die zelf ook vaak slimme manieren bedenken om veilig door het digitale leven te gaan.

Ook zijn er andere instanties die informatie bieden over veiligheid op de diverse platformen. Kijk bijvoorbeeld onderstaande cartoon die gebruikt wordt als Facebook voorlichting voor kids:

Of bekijk dit Facebook sprookje over de boze wolf en rood kapje:

Alle bekende cartoon karakters worden uit de kast getrokken om voorlichting te geven, Garfield, Phineas and Pherb, en ga zo maar door.

In Nederland hebben we ook een heel woud aan websites, instanties, stichtingen en campagnes die zich met online veiligheid bezighouden en uiteraard ook ingaan op de gevaren van social media. Zo is er de organisatie?Mijn Kind Online, de?Digibewust?campagne als onderdeel van digivaardig en digiveilig?zijn er diverse meldpunten zoals meldknop.nl voor jongeren met problemen op het internet, aardigdigivaardig, en ga zo maar door. Ook vanuit de politie is er veel aandacht voor, zoals Kenjevrienden of Vraaghetdepolitie. Voor ieder wat wils.

Vanuit de overheid en diverse stichtingen is er op allerlei manieren aandacht. Maar de juridische kant, bedrijfsbeleid en richtlijnen voor eindgebruikers, tesamen met voorlichting en afhandeling van klachten is voor veel social media partijen ook een steeds belangrijker onderdeel in hun dienstverlening. Veiligheid wordt namelijk een dienst, het is een integraal onderdeel van de gehele serviceverlening. En dat voor een jonge doelgroep van met name tieners die de grenzen graag verkennen. Veel platformen ontvangen graag nog jongere kinderen, maar ook ouderen, wat kwetsbare gebruikersgroepen zijn die de digitale wereld niet altijd in de vingers hebben. Voor Facebook, Twitter en andere social networking sites is nu nog niet toegestaan om kinderen onder de 13 toe te laten. Maar handhaving daarvan is uiteraard erg lastig. Regels en wetgeving is niet de oplossing. We zullen allemaal een beetje op elkaar moeten blijven letten. Maar voor grote social media partijen is het hard werken om de vele communities over de hele aardbol tevreden te stellen met veiligheidsdienstverlening. Bekijk onderstaand filmpje van Google erover:

?Bronnen: Mashable, Facebook, Twitter, Pinterest, YouTube, InternetSafetyCenter

Case: overval in Deurne


Bij een overval op juwelier Goldies in de Milhezerweg in Deurne zijn vrijdag 28 maart 2014 aan het einde van de middag?twee doden gevallen. De politie heeft bevestigd dat het om de overvallers gaat. Een van de twee is een 20-jarige man uit Eindhoven?en bekende van de politie voor eerdere geweldsdelicten. Geruchten, die later ontkracht werden, zijn dat de tweede overvaller illegaal in Nederland verbleef.?Zij werden?doodgeschoten?toen zij juwelierszaak Goldies probeerden te overvallen. Het juweliersechtpaar waren ook in de zaak op het moment van de overval. Later blijkt dat de juweliersvrouw schietend is te zien op de bewakingsbeelden. Ook zou hierop te zien zijn dat de juwelier na een worsteling met de overvallers een wapen in handen heeft. Dit wapen zou hij afgepakt hebben van de twee.Volgens hun advocaat schoot de vrouw in blinde paniek zeker drie keer toen haar man in de zaak werd overvallen. Ze vreesde dat de overvallers haar man zouden vermoorden. Lang was?officieel niet bekend of de juweliersvrouw in Deurne de schutter was die twee overvallers doodschoot, zo schreef ook Ombudsvrouw Annieke Kranenberg in haar wekelijkse column. Toch kwam het onder andere in de Volkskrant, zonder bronvermelding.

Op social media?verschillende verhalen de ronde.?Zaterdag aan het begin van de avond liet het OM weten dat het er tot nu toe op lijkt dat het juweliersechtpaar?uit zelfverdediging heeft gehandeld.?Zaterdagmiddag is er ook?een persconferentie. Daaruit blijkt dat het echtpaar vermoedelijk handelde uit?zelfverdediging.?Volgens experts?zou er sprake kunnen zijn van noodweer.?Er wordt op (social) media bovendien gesproken over een mogelijke?derde overvaller?die om de hoek in de Eekstraat op de uitkijk zou hebben gestaan. Daar werd een kauwgom gevonden in het gras. Burgers zijn er wederom als de kippen bij om zelf aan opsporing te doen, getuige onderstaande tweet:

Demonstratie
Hoewel er ook veel steun is voor de juweliersvrouw. Facebook-pagina’s schieten als paddestoelen uit de grond. De pagina ‘Vrijspraak voor vrouw van de juwelier uit Deurne’ heeft inmiddels bijna 50.000 likes. Volgens hoofdofficier van justitie Bart Nieuwenhuizen zal de rechter het beroep op noodweer honoreren. Dat zou betekenen dat het tweetal wellicht geen straf krijgt, tenzij ze worden veroordeeld voor verboden wapenbezit.?Toch werd er op een dag later door zo’n 30 mensen al gedemonstreerd in Eindhoven en op zondagavond in Deurne.?Tijdens de demonstratie roept men met regelmaat ‘moordenaar’.??De demonstranten vinden dat het Openbaar Ministerie?te vlug een conclusie heeft getrokken. Op hetzelfde moment wordt ook een tegendemonstratie gehouden. De deelnemers aan die demonstratie vinden dat het juweliersechtpaar juist heeft gehandeld.

Burgemeester van?Deurne, Hilko Mak,?kondigt een samenscholingverbod en demonstratieverbod af. Confrontaties tussen de groepen demonstranten kunnen volgens Mak leiden tot een ‘ernstige verstoring van de openbare orde’.?In de?noodverordening?verbiedt de?burgemeester?’racistische, beledigende of aanstootgevende uitingen’. Een demonstratieverbod gaat heel ver in de beteugeling van etnische spanningen, stelt Otto Adang, lector openbare orde en gevaarbeheersing aan de Politieacademie in Apeldoorn.?”De dynamiek is aanwezig voor meer problemen, maar dat wil niet zeggen dat je het grondrecht om te demonstreren opzij kunt zetten. Dat is een groot goed”, meent Adang. “Het opleggen van beperkingen is begrijpelijk,?een algemeen verbod vergaand.” ?Volgens Adang, maker van een rapport (‘Zijn wij anders?’) over de vraag waarom Nederland geen grote etnische rellen kent, is het merkwaardig dat er geen andere maatregelen zijn genomen. De gemeente had bijvoorbeeld een speciale plaats voor demonstraties kunnen aanwijzen. “Dit gebeurde tijdens de NSS-top in Den Haag ook.” De politiewetenschapper meent ‘dat je boos mag zijn in Nederland en dat bevolkingsgroepen daar uiting aan mogen geven’. “De behoefte om zich over gebeurtenissen te uiten, druk je nu de kop in. Je kunt voorwaarden aan demonstraties verbinden en daarmee een tussenstap zetten.” ?Michiel van Emmerik, hoofddocent staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden, zegt dat de burgemeester een lastige afweging heeft gemaakt: “De burgemeester verwijst in zijn overwegingen naar ProjectX in Haren, waar zijn collega achteraf het verwijt kreeg te weinig te hebben gedaan. Aan de andere kant is het wel de meest vergaande maatregel die hij heeft kunnen treffen.”

Hoofdofficier van justitie Bart Nieuwenhuizen herhaalde maandag dat hij niet voorbarig is geweest tijdens de persconferentie over de fatale overval in Deurne. Nieuwenhuizen benadrukt dat de handelwijze van het juweliersechtpaar lijkt op zelfverdediging. Al kwam die opmerking justitie?op veel kritiek te staan.

Beroepsrisico

Staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie heeft kritiek op de jongens die zijn opgekomen voor de twee overvallers die bij de overval op de juwelier in Deurne zijn gedood.?”Ik zie jongens demonstreren die opkomen voor het gebruik van geweld”, zegt hij. “Want als zij zelf geen geweld gebruiken, wordt er ook geen geweld gebruikt tegen inbrekers. Als je er niet mee begint, dan gebeurt dat niet. Zo zit het leven een beetje in elkaar.”?De vraag of die jongens het niet goed hebben begrepen, beantwoordt Teeven met een wedervraag: “Vindt u dat zij het wel goed begrepen hebben dan?”

Teeven neemt zijn woorden van twee jaar geleden, dat inbrekers een?beroepsrisico?lopen, niet terug. Maar hij wil ze niet herhalen. “Het heeft geen zin om dat nog veertien keer te zeggen.”?“Het kabinet staat voor zelfverdediging.”, zegt hij. “Je moet jezelf kunnen verdedigen tegen geweld. En als je dat doet, dan wordt er door de overheid ook zorgvuldig gekeken naar die zelfverdediging. Dat is wat er op dit moment gebeurt.”?Ook minister Opstelten zegt dat hij zo zijn gedachten heeft over de vrienden van de omgekomen overvallers, maar hij wil die niet prijsgeven. “Het gaat erom dat je het Openbaar Ministerie nu zijn werk laat doen.”?Uit een?enqu?te van Omroep Brabant?blijkt dat 85 procent de dood van de overvallers ziet als een ‘bedrijfsrisico’. Toch nemen de meeste juweliers geen extra veiligheidsmaatregelen naar aanleiding van dit incident zoals het aanschaffen van vuurwapens.?”Overvallers zijn nog meer opgefokt als ze vermoeden dat je een wapen hebt,” vertellen meerdere juweliers. Daarnaast zijn ze bang dat de ellende, mocht het fout gaan, helemaal niet meer te overzien is.?De Bond van Wetsovertreders (BWO) wil een procedure starten bij het gerechtshof in Den Bosch als justitie niet overgaat tot vervolging van de juweliersvrouw uit Deurne. Dat terwijl de??extreemrechtse Nederlandse Volks-Unie (NVU) een manifestatie aanvraagt bij de overvallen juwelier Goldies in Deurne, dat volgens?NVU-voorman Constant Kusters zou moeten gaan over rechtvaardigheid. “Het is schandalig wat daar is gebeurd”, Kusters doelt op de demonstraties tegen de juweliersvrouw. “Het gaat hier om multiculturele wantoestanden”, vervolgt hij.?De manifestatie is bewust pas op 24 mei. Kusters: “We snappen dat er nu een noodverordening geldt, dus wachten we tot het wat rustiger is geworden.”?“We nemen hem in behandeling, maar weten nog niet wanneer we een antwoord kunnen geven. We hebben het op dit moment heel druk en onze eerste prioriteit is om ervoor te zorgen dat de rust in Deurne weer terugkeert en dat iedereen zich veilig voelt”, zei een woordvoerder van de gemeente. De?extreemrechtse actiegroep Identitair Verzet?die wilde demonstreren in het?Eindhovense stadsdeel Gestel krijgt wel toestemming, maar?blaast deze af op verzoek van het juweliersechtpaar.

Marrokaanse gemeenschap

Slechts een week voor dit voorval vroeg PVV-leider Geert Wilders zijn publiek tijdens een toespraak in Den Haag gevraagd of ze meer of minder Marokkanen in de stad willen.?De zaal scandeerde daarop “minder, minder”. Daarop zei Wilders: “Dat gaan we regelen”. Omdat bij deze overal de daders van Marrokaanse afkomst waren (Een van hen kwam uit?Eindhoven, de andere had een verblijfsvergunning voor?Itali?), gaat de discussie al snel over de afkomst van deze mannen.?Voorzitter Amar Nejjar van de moskee Al-Fourkaan in Eindhoven heeft geen medelijden met de overvallers die vorige week in Deurne werden doodgeschoten. Dat vertelde hij voor het vrijdagmiddaggebed. ”Eigen schuld, dikke bult. Je mag niet stelen. Daar zijn we binnen de islam heel streng in.” Maar de voorzitter hoopt dat niet de hele Marokkaanse gemeenschap erop wordt aangekeken. ”Door de Wilders-uitspraken was het al onrustig en de overval in Deurne er nog eens bovenop maakt het niet beter.”?Imam en woordvoerder van contactorgaan Moslims en Overheid Yassin el Forkani liet eerder weten dat het?niet goed gaat met de opvoeding van kinderen?binnen de Marokkaans Nederlandse gemeenschap. Hij zei dat imams vrijdag in moskee?n ouders daar op aan moesten spreken.?”Onzin”, zegt voorzitter Nejjar van de Al-Fourkaan-moskee. ”Hier praten wij daar al maanden over tijdens het vrijdagmiddaggebed. Deze man probeert nu alleen maar goedkoop te scoren.”

Eerdere voorvallen uit het Brabantse

Vijf mannen overvielen begin maart 2002 juwelierszaak Pijnenburg in Tilburg. Een van de overvallers was bewapend. De juwelier pakte een pistool en schoot op de gewapende man, die zijn wapen op niemand had gericht. Volgens advocaat mr. Milo was het noodweer, omdat de juwelier instinctief handelde. De overvaller overleefde de schietpartij niet.

Aan de Rijtseweg in Diessen ging het op 24 september 2012 ook mis. Buurtbewoners hoorden ’s nachts geschreeuw en pijnkreten vanuit de tuin van de bewoners van het huis. De politie trof beide bewoners en de inbreker gewond aan. De inbreker was buiten bewustzijn, werd gereanimeerd en samen met de bewoners naar het ziekenhuis gebracht. Hij?overleed aan zijn verwondingen. De bewoners werden niet gearresteerd.

Een 34-jarige inbreker vond in november 2009 de dood toen hij werd betrapt door de bewoners van een boerderij in Nuenen. Bij een worsteling met de man des huizes werd de inbreker met een riek gestoken. Dat?werd de inbreker fataal. De 52-jarige bewoner raakte zwaargewond. Hij werd niet vervolgd voor de dood van de inbreker.

Ook in Steenbergen ging het mis bij een inbraak aan de Kruitweg in Steenbergen. In oktober 2011 werd de inbreker betrapt toen hij op zoek zou zijn naar hennepplanten. Bij een achtervolging sprong de man door een ruit. Later?overleed hij aan zijn verwondingen. De vader en zoon werden niet vervolgd wegens gebrek aan bewijs.

Goldies wil vooral rust

Burgemeester Hilko Mak van de gemeente Deurne trekt op woensdagochtend het demonstratieverbod en het samenscholingsverbod in en plaatst even later camera’s bij de juwelierszaak om ook de politie inzet terug te schroeven. Het juweliersechtpaar is geestelijk zo ontredderd door alle commotie na het doodschieten van twee overvallers in hun zaak, dat ze psychische hulp krijgen.?De juwelier en zijn vrouw vragen de pers via een mededeling achter het raam van Goldies om hen ‘met rust te laten’:

Op de?website van de winkel?schrijven de eigenaren: ‘Wij willen u hierbij hartelijk danken voor de enorme hoeveelheid steunbetuigingen
die wij in de meest uiteenlopende vorm van u hebben mogen ontvangen en nog steeds ontvangen. (..)?Inmiddels is onze juwelierszaak weer open zodat u uw bestellingen of juwelen die u ter reparatie heeft gegeven kunt afhalen.? 3 weken na de overv al gaat de winkel weer open, maar?het echtpaar staat zelf nog niet in?de zaak.

Oordeel van de rechter en de rol van (social) media

De media-optredens van de hoofdofficier van justitie en de advocaten in de zaak Deurne ondermijnen het vertrouwen in de rechtspraak. Een rechter zou bij een eventueel proces bijna niet onpartijdig kunnen oordelen.?Dat stellen twee hoogleraren van de universiteiten in Leiden en Utrecht.?Volgens hoogleraar strafprocesrecht Tineke Cleiren uit Leiden is het moeilijk om een eerlijk proces te voeren door alle media-aandacht voor de zaak. Haar collega Fran?ois Kristen uit Utrecht is ook kritisch. “Wat is het belang voor OM en advocaten om deze zaak via de media uit te vechten?”

Het hele dossier van?de noodlottige overval?ligt inmiddels op straat. Vrijwel direct na de overval zei hoofdofficier Bart Nieuwenhuizen dat er?waarschijnlijk sprake was van noodweer. Ook de advocaten van?de nabestaanden van de overvallers?en?het juweliersechtpaar, klapten flink uit de school.

Cleiren vindt het niet zo handig van het Openbaar Ministerie. “Het past niet in onze strafrechtelijke cultuur en rechtspraak om verwachtingen te wekken. Daarmee krijgt de rechter de vraag op zijn bord hoe hij met de mogelijke gevolgen van de uitspraken van het OM voor verdachten, slachtoffers en nabestaanden moet omgaan.”?Kristen verbaast zich over de openhartigheid en alle details. Die tasten namelijk de privacy van de daders en de slachtoffers aan. “Die rollen lopen sowieso door elkaar in deze zaak. Waarom moeten we weten of de juwelier eerder veroordeeld is voor een geweldsdelict?”?De hoogleraar wijst erop dat advocaten volgens hun beroepscode geen gevoelige informatie over zaken naar buiten mogen brengen. “Maar nu het justitie als eerste bijzonderheden naar buiten bracht, hebben de advocaten vast gedacht: als justitie dat doet, dan wij ook.” De openhartigheid van alle betrokken partijen is kenmerkend voor de tijd. Dat komt volgens Cleiren omdat het publiek steeds meer informatie vraagt. Hierdoor ontstaat een soort ’tegenrechtspraak’. “Er wordt al veel recht gedaan voordat de strafrechter er aan te pas komt.”

Advocaat Peter Plasman die de familie bijstaat stond in?het interview met NU.nl?ook stil bij het ’trial by media’ fenomeen. Zijn de vermeende daders al zijn veroordeeld door de berichtgeving van de media? Wat hem betreft is hier geen sprake van, omdat door de media-optredens van de advocaten de berichtgeving volgens Plasman nu redelijk in balans is.??”Als er standpunten worden ingenomen, dan wordt daar ook op gereageerd. Dat vind ik helemaal niet zo erg, want aan deze zaak zitten ook aspecten die de moeite waard zijn om te bediscussi?ren. Bijvoorbeeld over wat noodweer precies is. Het is heel goed dat daar over wordt gediscussieerd.”?Raadsheer Ybo Buruma bij de Hoge Raad vindt dat het Openbaar Ministerie te snel stelde dat er bij de dodelijke overval op een juwelier in Deurne waarschijnlijk sprake was van zelfverdediging. Maar de strafrechtgeleerde snapte wel dat het OM iets wilde zeggen, omdat de dramatische zaak veel impact had. De vrouw werd uiteindelijk niet vervolgd, omdat ze volgens het OM handelde uit noodweer.

Bronnen: NOS, ?Brabants Dagblad, Omroep Brabant

Achtergrondrapport: Zijn wij anders?

De publieksacademie voor?de rechtspraak gaf een lezing over noodweer:
uitnodiging-publieksacademie_1180

De recherche game

Burgers willen heel graag met de politie meedenken, zeker over een geruchtmakende?zaak. Daarom werkte de politie in samenwerking met Nederlandse organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek?(TNO) aan een recherchegame (de Social Media Recherchegame), die?bedoeld is om het publiek een actievere rol te geven in de opsporing. Een?uniek en veelbelovend concept. Gaming dringt op dit moment overal door,?bijvoorbeeld in het onderwijs. Logisch ook, want een interactief scherm?biedt nu eenmaal veel meer mogelijkheden dan de bladzijden van een?leerboek. In de recherchegame ? nu nog een pilotproject ? kunnen burgers?met hun eigen (echte) cold case aan de slag. Wat is er gebeurd? Welke sporen?zie ik?

recherchegame3

Door op de plaats delict (PD) op onderzoek te gaan, verzamelen spelers?feitenmateriaal in een casefolder, inclusief eigen notities. Wil een speler iets?nader illustreren, dan kan hij afbeeldingen uploaden in de casefolder of een?video maken en op YouTube plaatsen. Als hij genoeg informatie heeft verzameld,?is het tijd voor een reconstructie en opent hij het reconstructiescherm.

recherchegame4

Het reconstructiescherm is het belangrijkste onderdeel van het spel. Hier?komt alles samen wat er tijdens het onderzoek en de gesprekken met medespelers?is verzameld. Feitenmateriaal, notities, foto?s, betrokkenen en dergelijke?krijgen allemaal een plek in de tijdlijn om aan te geven wanneer bepaalde?belangrijke gebeurtenissen rondom het misdrijf hebben plaatsgevonden.?Spelers kunnen hier dus aangeven hoe zij denken dat het misdrijf gepleegd?is en wie er op welke manier bij betrokken zijn. Via de vriendentab kunnen?spelers zien hoe ver hun vrienden zijn met de game en ook commentaar bij?hun bevindingen zetten. Wil een speler de case van iemand anders inzien,?dan moet hij een bod doen. Het blijft een game, dus een competitie. Is een?speler tevreden over de reconstructie, dan dient hij deze in.

De game werd ontwikkeld omdat het in de praktijk voor de politie niet eenvoudig?is om burgers bij een zaak betrokken te houden. Op de een of andere?manier lijken websurfers een korte aandachtsspanne te hebben. Ze hebben ?voortdurend nieuwe prikkels en uitdagingen nodig, en die krijgen ze in deze?game.

Wat dit spel uniek maakt, is dat het gewoon op Facebook kan worden?gespeeld, door meerdere spelers tegelijk. Is er nu sprake van een zwaar?misdrijf dat snel moet worden opgelost, dan is het mogelijk om die case in?de recherchegame in te brengen en aan het publiek voor te leggen. In feite?is dit een conceptuele doorontwikkeling van het initiatief van de politie?Groningen om het publiek op een andere manier in te schakelen bij de?Zuiderdiepmoord, door burgers te laten meedenken over mogelijke scenario?s.?De ultieme ambitie van de game is om de (kwaliteit van de) input bij?opsporingsonderzoeken te vergroten. Met andere woorden: dit is weer een?handige extra tool om tunnelvisie bij de recherche te helpen voorkomen.

Een bijkomend voordeel van deze game is dat deze ook bijdraagt aan de?digitalisering van de politie. Nieuwe werkwijzen worden altijd met argwaan?bekeken, maar in de toekomst zal de politie veel vaker digitaal moeten werken.

Ten slotte is de game goed voor het imago van de politie en voor het vertrouwen?van de burgers in de politie. Door zware zaken met het publiek te?delen laat de politie niet alleen zien dat ze actief met een zaak bezig is, maar?ook dat ze bereid is informatie met de burgers te delen en ook echt iets doet?met de oplossing die die burgers hebben aangedragen.?De ontwikkeling van de game is momenteel stopgezet, maar is nog wel ?door TNO getest aan de hand van een cold case, de zaak van de duivenmelker. ?Het betreft de onopgeloste moord op Henk Gerritsen, gepleegd op 30 maart 1998?in Apeldoorn. Deze zaak is ook aan de orde geweest in diverse TV programma’s, zoals het Zesde Zintuig waar enkele burgers ook aan meededen:

Een internetgame spelen en daarmee de politie helpen een misdrijf op te lossen. Het idee is ge?nt op de zogeheten ?social games? als Farmville en Maffiawars.?Dat zijn relatief eenvoudige spelprogramma?s binnen sociale netwerken als Facebook die in de afgelopen paar jaar razendsnel aan populariteit hebben gewonnen en – bijzonder – spelers uit alle lagen van de bevolking aanspreken. Elma Bos, detijds?plaatsvervangend divisiechef recherche?van de politie Noord-Oost Gelderland?denkt dat dergelijke games ondersteunend kunnen zijn bij politie-onderzoek:

,,Je moet je voorstellen dat we in zo?n spel elementen aanbrengen die te maken hebben met lopende onderzoeken in de realiteit. Dat kan op diverse manieren. De spelers van het spel krijgen scenario?s voorgeschoteld en moeten daar conclusies uit trekken. Of zelf scenario?s ontwikkelen op basis van omstandigheden op een plaats delict. Achterhalen waar de jutezak vandaan komt waarin delen van een lichaam zijn aangetroffen. Of wat de meest waarschijnlijke route is geweest van een dader van A naar B.?Feitelijk doen we zo een beroep op de creativiteit, de denkkracht en de kennis van een potentieel heel grote groep spelers. Het kan ons aan inzichten en informatie helpen, waar we anders van verstoken waren gebleven. Het hoeft trouwens niet alleen te gaan om het zoeken naar daders. Je kunt spelers ook mee laten denken over alternatieve scenario?s voor bijvoorbeeld de aanpak van drugszaken.?

Zoals gezegd is verdere ontwikkeling en lancering van de game stopgezet, maar wie weet staan dit soort zaken straks op deze manier op het web. Het blijft een interessant idee.

Bronnen: artikel uit De Stentor, vrijdag 12 november 2010.

Twitteracties niet altijd een succes

twitteractie

Het leek zo?n goed idee. Vorige week lanceerde de New Yorkse politie een twittercampagne met de hashtag #MyNYPD. De bedoeling was dat New Yorkers via deze hashtag gezellige foto?s en bemoedigende berichtjes zouden delen, maar de werkelijkheid bleek een stuk grimmiger. Al snel verschenen de eerste foto?s van politiegeweld, en binnen een paar uur was #MyNYPD trending op Twitter. Een stroom van negatieve berichten volgde. De volgende dag gaf de New Yorkse politie zelf een reactie op de ophef, en die was opmerkelijk goedgemutst. Volgens hoofdcommissaris William Bratton viel het allemaal wel mee, en was hij zelfs ?een soort van blij geweest met alle aandacht?. Maar de vonk sloeg over op andere politiekorpsen, zoals de LAPD die er flink last mee kreeg.?

 

 

Een dag na het New Yorkse drama hield de AIVD een vragenuurtje op Twitter, waar ge?nteresseerden onder de hashtag #halloAIVD hun vraag konden stellen over het werk van de inlichtingendienst. Hoewel sommige twitteraars dit ook echt deden, was de strekking van veel andere berichten vooral melig, met vragen als ?kunnen jullie door een waterkraan?? en ?hoeveel vingers steek ik op?? Een belangrijk verschil met #MyNYPD: de AIVD reageerde een stuk sportiever. Negatieve reacties werden niet genegeerd, en jolige vragen werden op humoristische wijze beantwoord. Zo kreeg de vraag over de hoeveelheid opgestoken vingers het antwoord: ?Als het maar niet de middelste vinger is.? Hoewel de #MyNYPD-actie een stuk dramatischer verliep dan #halloAIVD, laten beide incidenten zien dat zo?n twittercampagne moeilijk te regisseren is. Beide instanties slingerden een hashtag de wereld in en hoopten er het beste van. ?

Organisaties laten zich teveel verleiden door de voordelen van sociale media, stelt Marjolijn Antheunis, universitair docent Sociale aspecten van nieuwe media aan de Universiteit Tilburg. ?Het is relatief goedkoop, in theorie kan je een groot publiek bereiken, dus veel organisaties denken vroeg of laat iets te ?moeten? met sociale media. Daarbij vergeten ze dat zo?n campagne maar moeilijk te sturen is. Dat bleek dan ook uit beide incidenten vorige week.?

Hoewel Antheunis de sportieve reactie van de AIVD te prijzen vindt, vond ze het vragenuurtje geen succes. ?Wat je zag was dat de AIVD, door mee te gaan in de meligheid, bijna niet meer toekwam aan serieuze vragen. In eerste instantie vonden de volgers dat nog wel leuk, maar na een tijdje kwamen er meer berichten in de trant van ?hier betaal ik geen belasting voor?. Misschien heeft de AIVD door deze actie wel meer volgers op Twitter, maar ik kan me niet voorstellen dat het goed was voor hun imago.?

Wat hadden beide partijen beter kunnen doen? Volgens Arnout de Vries, adviseur sociale media en maatschappelijke veiligheid bij TNO, hadden ze een gerichtere campagne kunnen bedenken. ?Zowel de New Yorkse politie als de AIVD koos voor een algemene opdracht: stuur je foto?s en stel je vragen. Dan is de kans dat er een loopje met je wordt genomen veel groter. Als ze hadden gekozen voor een focus, bijvoorbeeld ?stel je vragen over solliciteren bij de AIVD? of ?tweet je foto van de agent in jouw gezin? was de schade beperkt gebleven.?

Wat hadden beide partijen beter kunnen doen? Volgens Arnout de Vries, adviseur sociale media en maatschappelijke veiligheid bij TNO, hadden ze een gerichtere campagne kunnen bedenken. ?Zowel de New Yorkse politie als de AIVD koos voor een algemene opdracht: stuur je foto?s en stel je vragen. Dan is de kans dat er een loopje met je wordt genomen veel groter. Als ze hadden gekozen voor een focus, bijvoorbeeld ?stel je vragen over solliciteren bij de AIVD? of ?tweet je foto van de agent in jouw gezin? was de schade beperkt gebleven.?

Ook de respons van zowel de New Yorkse politie als de AIVD had beter gekund, stelt Antheunis. ?De politie in New York reageerde te laat en te laconiek. Ze hadden moeten zeggen: ?we hadden dit niet verwacht en zijn ervan geschrokken, maar zijn bereid hierover door te praten.? Dat is tenminste eerlijk. Door te doen alsof er niks aan de hand is gooi je olie op het vuur.?

De AIVD reageerde op tijd, maar raakte teveel verstrikt in haar eigen grapjes, stelt De Vries. ?Toen iemand vroeg welk lotnummer hij moest kiezen, antwoordde men: ?iets dat eindigt op 007?. Vervolgens kwamen er allerlei nieuwe vragen over James Bond en of de AIVD dan ook wapens draagt. Hun grappig bedoelde antwoord cre?erde dus alleen maar meer vragen en verwarring.?

Dat over een twittercampagne als #halloAIVD in het vervolg beter moeten worden nagedacht is helder, maar dat neemt niet weg dat sociale media van groot belang kunnen zijn voor de veiligheidssector. De Vries: ?De overheid is uiteindelijk vooral een dienstverlener. Als ze sociale media op de juiste manier inzetten wordt iedereen daar beter van. Maar het is lastig de balans te vinden.

Dat over een twittercampagne als #halloAIVD in het vervolg beter moeten worden nagedacht is helder, maar dat neemt niet weg dat sociale media van groot belang kunnen zijn voor de veiligheidssector. De Vries: ?De overheid is uiteindelijk vooral een dienstverlener. Als ze sociale media op de juiste manier inzetten wordt iedereen daar beter van. Maar het is lastig de balans te vinden.

Neem de twitterende wijkagent: onderzoek toont dat agenten op Twitter goed zijn voor het imago van de politie. Maar toen bekend werd dat zulke agenten een half uur per dag bezig waren met sociale media, kwam al snel de bekende ?ga toch boeven vangen?-kritiek.? Bedrijven kunnen het effect van sociale media meten in omzet of winst, aldus De Vries. ?Voor overheden is dat veel moeilijker te bepalen.?

Wat ook niet helpt is dat met name veiligheidsinstanties de oude manier van communicatie maar moeilijk kunnen loslaten. De Vries: ?Dat merk je bijvoorbeeld wanneer er echt iets aan de hand is. Ik volg mijn wijkagent op Twitter, net als de burgemeester van mijn woonplaats en de gemeente. Maar tijdens een crisis ? denk aan de ramp in Moerdijk ? blijven ze allemaal stil, terwijl mijn behoefte aan informatie dan juist het grootst is. Pas wanneer de burgemeester een offici?le reactie naar buiten brengt mogen zij ook reageren; de traditionele aanpak.?

Tegelijkertijd doet Nederland het wereldwijd zeker niet slecht: uit onderzoek blijkt dat de politie?hier veruit de meeste sociale media-accounts heeft per inwoner. De Vries: ?In de VS bijvoorbeeld mogen agenten niet zomaar gebruikmaken van Twitter en heeft alleen het korps een algemene aansluiting. Er valt nog best wat te klagen in Nederland, maar onze veiligheidsinstanties werken tenminste aan het cre?ren van meer transparantie.?

Bronnen: NRC Handelsblad,?Volkskrant

App: McGruff The Crime Dog

mcgruff1

McGruff , de bekende misdaadhond (bekend van de campagne ‘Take A Bite Out Of Crime’) heeft op zijn 34ste verjaardag nu eindelijk een app.?

mcgruff2

De detective hond in lange regenjas bestaat al sinds 1980 en sinds kort is de deze viervoeter ook op social media te vinden, met onder andere een app. De National Crime Prevention Council (NCPC), en AlertID hebben de McGruff app gelanceerd. De app levert informatie over publieke?veiligheid. Het geeft inzage in recente misdrijven of een vermissing van kind of volwassene.?Voor meer informatie verwijzen we verder naar de AlertID?app, omdat deze apps feitelijk dezelfde functionaliteit bieden. Met McGriff is het alleen in een nieuw jasje gestoken.

McGruff had al een safe browser app voor kinderen zodat ze geen ongepaste websites te zien krijgen, een app die er als software pakket al langere tijd voor de PC was:

mcgruff PC

Bronnen: DigitalJournal, AlertID,?NCPC.org.

Crisiscommunicatiegame: oefenen met nieuwe werkelijkheid van moderne tijd

Samen met T-Xchange, IFV en Crisisplan krijgt TNO co-financiering uit het HSD Development Fund voor het projectvoorstel ‘De CrisisCommunicatieGame’. De serious game en training zijn er op gericht om met ??n of twee trainers een complexe contexttraining te kunnen geven aan voorlichters, woordvoerders en communicatieadviseurs. Trainingen waar in de regel diverse partners en een regie-cel voor nodig zijn.

Bij een recent asbestincident in een grote gemeente in Nederland communiceerden zowel de gemeente als de betrokken woningcorporatie richting de bewoners. Zonder de boodschap met elkaar af te stemmen. Het gevolg: bewoners die niet wisten wat ze moesten doen. Dat leidde tot onnodige risico?s, onrust en woede bij de bewoners. Dat kan beter.

Wie communiceren er tijdens een crisis en wat wordt er gecommuniceerd? Een team van TNO-onderzoekers werd hierin bijgestaan door crisiscommunicatieadviseurs uit diverse betrokken publieke organisaties, zoals gemeenten, veiligheidsregio?s en waterschappen. Vervolgens is er gewerkt aan een serious game die kan worden ingezet om het trainen van het crisiscommunicatieproces in een complexe context te ondersteunen. Het resultaat was een papieren versie van De CrisisCommunicatieGame, waar alle partijen erg enthousiast over waren. Deze versie is nog niet geschikt om grote groepen te trainen. Binnen het huidige projectteam wordt de papieren versie omgebouwd tot een digitale game, die vanaf het web benaderbaar is. Bekijk onderstaande video waarin ook de nieuwe dynamiek van social media voor extra druk en verdere noodzaak tot onderlinge afstemming zorgt:

Crisiscommunicatie bij incidentbestrijding wordt steeds belangrijker. En complexer. Gedurende het communicatieproces tekent zich een netwerk af van partners met een communicatiebelang. Breng dat netwerk zo snel mogelijk in kaart en je kunt samenwerken, informatie uitwisselen en boodschappen afstemmen. Burgers krijgen dan sneller betere informatie en kunnen vervolgens adequater handelen.

d?_crisiscommunicatiegame_foto_tbv_magazine_nationale_veiligheid resize

De CrisisCommunicatieGame van The Hague Security Delta (HSD) richt zich met name op dit netwerkaspect van crisiscommunicatie. In dit project dat op 13 maart 2014 van start ging ontwikkelt een team van TNO, T-X change, Instituut Fysieke Veiligheid en Crisisplan een serious game voor de training van crisiscommunicatieadviseurs. In deze game leren ze hoe ze het betrokken netwerk snel in kaart kunnen brengen, informatie op kunnen halen en verspreiden en de boodschap kunnen afstemmen. D? CrisisCommunicatieGame maakt het mogelijk groepen vaker te trainen zonder grote responsecellen in te stellen. De randvoorwaarden, leerdoelen en in-game feedback worden samen met experts uit het veld opgesteld. De conceptgame en de training komen naar verwachting beschikbaar in april 2015.

Game

De CrisisCommunicatieGame is een leermiddel, een applied game of serious game. Ondanks dat er al een gedragen papieren versie ligt, komt er nog heel wat kijken bij de vertaling van de papieren versie naar een digitale versie. Wat dan? De ?In-game? feedback moet ontworpen worden (hoe je er tijdens het spelen achter komt hoe je het doet), de ?art-style? moet ontwikkeld worden, zodat de deelnemers zich kunnen herkennen in ?hoe het eruit ziet?.

Training

Het leermiddel dat we ontwikkelen wordt gebruikt binnen een training. Die training gaat natuurlijk optimal gebruik maken van ?D? CrisisCommunicatieGame?. Daar liggen dan weer didactische principes onder die vertaald moeten worden naar de training. Omdat wij gebruik maken van ?self-directed learning? is reflectie op het eigen handelen heel belangrijk. Als trainer heb je aanwijzingen nodig hoe je d? game daarbij kunt gebruiken.

Evaluatie

Tijdens de ontwikkeling van d? game en d? training zal op meerdere momenten ge?valueerd worden of middel en training ook echt aansluiten bij de behoefte van de doelgroep. We hebben daarbij steeds met zeker twee doelgroepen te maken: zij die in de toekomst de training gaan volgen (deelnemers) en zij die de training in de toekomst gaan geven (trainers). Voor beiden moet d? game voldoende te bieden hebben, ?n meer.

Business model

Leuk om iets te maken dat nieuw is, een behoefte invult. Dat mag natuurlijk niet in de kast blijven liggen.?In dit deel van het project onderzoeken we hoe dit middel aan de man gebracht kan worden; d? training ?n d? game. Daar komen ook vragen bij kijken als ?Waar wordt d? game gehost??, ?wie verzorgt de helpdesk??, ?n natuurlijk ook of je een licentie moet kopen, of dat je toegang koopt via een ticket.

Lees ook het artikel in Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing (pagina 22):

Wil je op de hoogte blijven? Volg dan de site van de?CrisisCommunicatieGame.

Bronnen: TNO, HSD, CrisisCommunicatieGame, Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing

Digitalisering politiewerk

ipalogoOnderstaand artikel verscheen eerder in het magazine van?IPA-Nederland:

De digitalisering van de samenleving is een gegeven.?Een belangrijk onderdeel van deze ontwikkeling is?de opkomst en het gebruik van internet. Een groot?deel van de Nederlandse bevolking en van het Nederlandse?bedrijfsleven is actief op internet. Omdat?de politie als frontlinieorganisatie midden in de samenleving?staat, is het noodzakelijk op de hoogte te zijn van de ontwikkelingen op het gebied van internet?en in te spelen op de kansen die internet biedt.?Aan alles merk je dat het ons als politie ernst is bij?te blijven en onze medewerkers zodanig toe te rusten,?dat ze de burger op een verantwoorde manier?kunnen helpen bij zaken die op de digitale snelweg?spelen. Verderop in het artikel zal ik ontwikkelingen benoemen, die ons daarbij helpen of moeten gaan?helpen.

Social media: het nieuwe dna
Dit is het boek dat Frank Smilda, kwartiermaker van?de Dienst Regionale lnformatie Organisatie van Noord-Nederland schreef met Arnout de Vries van TNO.?Social media zorgen voor een nieuwe revolutie in de opsporing,?zoals DNA dat dertig jaar geleden was. Maar?social media spelen hierin een dubbelrol. Net als DNA?is het een belangrijke informatiebron. Maar het is tevens?het nieuwe platform waarop de ‘digitale’ rechercheur?en de online Sherlock Holmes (samen) werken aan opsporing.?Social media democratiseren de opsporing en?maakt de rol van burgers hierin nog belangrijker. Dit vereist?een verandering van het ‘DNA’ van iedere agent, een?’gamechanger’ in alle facetten van het politiewerk.

ln ons personeelsblad 24/7 was al een artikel te lezen?over het “Speuren op Social Media”. Daarin konden?we lezen dat de korpsleiding heeft ingestemd met een?meerjarig programma dat als doel heeft het gebruik van?social media in te bedden in alle (operationele) politieprocessen.?Dit is een nobel streven, want we kunnen als?politie natuurlijk niet meer om de digitalisering van de?samenleving heen. ln alle politieprocessen speelt de digitalisering?een rol, of dat nu bij lntake, bij Handhaving?of bij Opsporing is. Martine Vis van de Eenheidsleiding?Rotterdam is landelijk verantwoordelijk voor de inbedding?van social media binnen de politie.

Het programma zelf geeft aan dat social media niet?meer weg te denken zijn uit onze maatschappij. Mensen?gebruiken social media om elkaar te betrekken, te?informeren en te be?nvloeden met in hun kielzog de reguliere media. De gevolgen hiervan kunnen groot zijn:?voor bestuurders, politie, het Openbaar Ministerie, maar?ook voor de burger zelf. Recente voorbeelden zijn de?publieke verontwaardiging over de verdachten van uitgaansgeweld?in Eindhoven (camerabeelden) en een?ogenschijnlijk onschuldige Facebook-uitnodiging die?leidde tot grote ongeregeldheden in Haren (Project X).?Social media brengen nieuwe mogelijkheden met zich?mee, maar ook vele (bestuurlijke) dilemma’s en vragen.?Het proces lijkt soms ongrijpbaar en het is zelfs de vraag?of ‘grip krijgen’ ?berhaupt nog aan de orde is. Veel overheidsorganisaties?worstelen dan ook met de vraag hoe?men moet omgaan met een verschijnsel dat zo snel, invloedrijk?en schijnbaar stuurloos is.

Om de verbinding met de samenleving niet te verliezen,?moet de politie mee gaan in deze ontwikkeling. Social?media bieden de politie daarbij ook nieuwe mogelijkheden?verbinding te maken in de haarvaten van de maatschappij?met online gemeenschappen en individuele?burgers. Korlom, de komst van social media heeft een?nieuwe dimensie aan het politievak toegevoegd.?Het gebruik van sociale media in het politiewerk is een?steeds belangrijker rol gaan spelen. Onderzoek er naar?staat nog slechts in de kinderschoenen. Tegelijkertijd?kunnen we dus ook constateren dat er al veel in gang?is gezet en dat er talloze praktische toepassingen zijn?ontwikkeld. Belangrijk is het om deze initiatieven ook
met elkaar te delen. Ook hierbij kunnen sociale media?een nuttige rol spelen. Met de komst van sociale media?is een dimensie aan het politievak toegevoegd die niet?genegeerd kan en mag worden , maar waar tegelijkertijd?nog een wereld te winnen valt…

Als politie gebruiken we de social media steeds meer?als opsporingsmiddel. Dat symboliseert de ‘z??r opvallende’?opmars van social media bij de politie afgelopen?jaar. Veel politiemensen zijn te vinden op Twitter en ook?de vele filmpjes die via Youtube online zijn gezet, missen?hun doel niet. Deze filmpjes zijn al miljoenen keren
bekeken. Dat maakt het gebruik van social media door?ons als politie tot een krachtig middel waarvan steeds?meer gebruik wordt gemaakt. Mede dankzij successen?worden politiekorpsen enthousiast over het gebruik van?social media en het betrekken van burgers bij het politie?werk. We beginnen opsporingssites en verspreiden opsporingsberichten?via eigen profielen op Faeebook en?Twitter. Daarnaast plaatsen we op YouTube bewakingsbeelden?van misdrijven. Vaak wordt daarin verwezen?naar de traditionele media: opsporingsprogramma’s op de landelijke en regionale televisie. Het jaar 20’13 liet zien dat dit middel steeds vaker wordt ingezet door politiekorpsen over de gehele wereld.

Ontwikkelingen

Buiten de sociale media moeten we?als politie ook op andere gebieden?binnen de digitale wereld thuis raken.?Vanaf 2008 tot 2013 werkte het Programma?Aanpak Cybercrime (PAC)?samen met de toenmalige regio’s die?op het gebied van digitalisering iets?wilden ontwikkelen. Een greep uit?wat er zoal is ontwikkeld en tot stand?gebracht volgt hier onder.

E-learning lntake

Aanleiding
De burger doet steeds meer aangifte?van cybercrime gerelateerde zaken?(zoals hacken, internetfraude, zedendelicten?via MSN).?Het eerste aanspreekpunt van de?burgers hierbij zijn de intakeorganisaties?en de callcenters.?Wanneer Service & lntake en de?Callcenters niet bekend zijn met?deze vormen van criminaliteit, niet?bekend zijn met de terminologie of?niet weten hoe de melding afgehandeld?dient te worden heeft dit twee?grote gevolgen:

  • De burger voelt zich niet geholpen?en blijft wellicht gedupeerd, een?volgende keer zal de burger dan?ook weinig vertrouwen hebben?om weer aangifte te komen doen.
  • Bepaalde (vormen van) criminaliteit?en strafbare feiten worden?niet aangepakt en blijven onopgemerkt.

Maar ook wanneer de melding?geen strafbaar feit betreft zal aan?de burger uitgelegd moeten worden?waarom dat zo is. Burgers en?bedrijven moeten met vragen of advies,?op het gebied van cybercrime?en cybersafety bij de politie terecht?kunnen.

ln een onderzoek van het Lectoraat?Cybersafety van de Noordelijke Hogeschool?in Leeuwarden in 2009?blijkt dat de kennis over computer-?en internetcriminaliteit op grote?schaal ontbreekt bij Service & lntake?eenheden en de Callcenters. Dit?is onwenselijk omdat zij het eerste?contact vormen met de burger (Politie en Cybercrime Intake en Eerste opvolging, Een onderzoek naar de intake van het werkaanbod cybercrime door de?politie – Lectoraat cybersafety, Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, 20 maart 2009. Zie het volledige onderzoek onderaan dit blog).

Doelstelling

De doelstelling van dit project is om?alle (toekomstige) medewerkers lntake?en Service (baliemedewerkers,?medewerkers callcenter, etc.) op te?leiden en te voorzien van de kennis?en kunde op het gebied van cybercrime?die voor hun functie nodig is. Zodanig?dat ook het vertrouwen van de?burger en het bedrijfsleven groeien.?ln het district Noord- en Oost- Gelderland?is deze e-learning op grote?schaal aan de medewerkers aangeboden.

Handreiking lntake

De handreiking intake cybercrime,?”Alledaags Politiewerk in een gedigitaliseerde?omgeving” is een praktische?beschrijving van verschillende?facetten die van belang zijn?voor de intake van aangiften cybercrime?door de politie. lntakers van?de politie kunnen de handreiking?gebruiken wanneer zij een aangifte?cybercrime opnemen. De handreiking?richt zicht op algemene kennis.?Het is een informatief boekwerk?en niet normatief. Het boekwerk?geeft geen procedurebeschrijvingen,?schrijft dus niet voor volgens welke?stappen de intake moet verlopen.?De Handreiking is als boekwerk beschikbaar?binnen de Eenheden, maar?is ook te raadplegen op Politiekennisnet.

Open Bronnen

De training Gebruik Open Bronnen?via lnternet (GOBI) stimuleert het?gebruik van open bronnen en bevordert?kennis op het gebied van een?veilig gebruik van internet. Het is?gericht op het opdoen van ervaring?en delen van kennis van het zoeken?binnen open bronnen op internet.?Deze training is in opdracht van politie?Haaglanden en in samenwerking
met het Programma Aanpak Cybercrime?(PAC) ontwikkeld. Doel van de?training is medewerkers binnen alle?processen te faciliteren en te ondersteunen?in hun werk door ze, op?een veilige manier, gebruik te laten?maken van informatie uit open bronnen?op internet in de dagelijkse politiepraktijk.?Tijdens de projectfase in?Haaglanden heeft het project GOBI?geleid tot belangrijke successen.?Een van de successen is dat het gebruik?van informatie uit open bronnen?binnen de projectperiode aan?meer dan 460 zaken een positieve?bijdrage heeft geleverd.?De training is op dit moment beschikbaar?voor het hele land en zal?via het Programma Social Media?verder worden uitgerold.

Vijfdaagse / e-Iearning tactisch?rechercheurs
Vanaf 2009 tot 31 december 2012 is?het Programma Aanpak Cybercrime?actief met stimulering en organisatie?van een opleidingsaanbod voor de?algemene tactische recherche. Dit?aanbod bestaat uit twee trainingen,?namelijk

  • een 5daagse training via contactonderwijs,?die wordt verzorgd?door de Politieacademie en
  • een variant daarop die deels via elearning?plaatsvindt en wordt verzorgd?door de Deloitte Academy.

lnhoudelijk zijn de trainingen vrijwel?gelijk.

Het vijfdaagse trainingsprogramma ‘Digitalisering in de?Opsporingspraktijk’ van de Politieacademie komt voort?uit het Landelijk Project Digitaal Opsporen (LPDO) en is?sinds 2004 in uitvoering. ln opdracht van de Board Opsporing?heeft het PAC in 2008 de training ge?valueerd.?Daaruit bleek de behoefte van de korpsen aan een flexibele?opleidingsvariant. Als antwoord heeft het PAC in?opdracht van de Board Opsporing in 2009 een verkorte,?deels via e-learning te volgen, opleiding voor tactische?rechercheurs en leidinggevenden laten ontwikkelen.?Sinds 1 januari 2010 worden beide opleidingen aan de?korpsen aangeboden.

Compronet
ComProNet – het Community Protection Network – is?een high-tech sensor- en social mediaproject om sneller?hulp te bieden bij incidenten en te zorgen voor meer?heterdaadjes. Het gaat uit van actieve wederkerigheid?(tweerichtingsverkeer).?Binnen ComProNet werken burgers, particuliere en publieke?bedrijven, professionals, politie, brandweer, ambulance?en sensoren samen om criminaliteit terug te?dringen via de smartphone.?De politie is hierin een hulpverlener of ondersteuner en?daarmee nadrukkelijk (net als de burgers) onderdeel van?ComProNet. Hierdoor werken burgers en overheid samen?aan het veiliger maken van de maatschappij. Om?de burger goed te informeren en te betrekken maakt?ComProNet gebruik van slimme software om incidentmeldingen?en aanvullende informatie te ontvangen, te?verwerken en acties uit te zetten. Het systeem bekijkt de?inzetmogelijkheden van deelnemers in de buurt van een incident, die kunnen bijdragen aan de oplossing van het incident en faciliteert de onderlinge communicatie tussen de deelnemers aan een incident.

ComProNetpic

De pilots, die gehouden werden in Groningen, Assen en?op Schipholwaren een groot succes.?Eind 2012 draaide een ComProNet pilot in Assen. Via?de iPhone stonden ondernemers, politie, beveiliging en?gemeente zes weken lang in contact met elkaar, en het?werkte. Het aantal aanhoudingen en boetes steeg, het?gevoel van veiligheid ook. De politie was meestal zeer?snel ter plaatse, gewapend met de juiste informatie, tot?aan foto’s toe. 85% van de heterdaadjes is te danken?aan een burger.?ComProNet is de ideale tool om de opvolging door de?politie te versnellen en te verbeteren. Of ComProNet landelijk?wordt uitgerold is een beslissing die nog door de?nationale politie moet worden genomen. Het PAC heeft?de portefeuillehouder Digitalisering en Cybercrime verzocht?mogelijkheden te zoeken om de functionaliteit van?ComProNet verder te omtwikkelen.?Op dit moment doet de Nationale Politie er nog niets?mee, terwijl het in de uitvoering erg kan helpen heterdaadkracht?te verhogen. Het ligt “op de plank”.?Mochten er vragen bij jullie leven over hetgeen ik in dit?stuk heb uiteengezet dan kunnen jullie me altijd bellen.

Auteur: Bert Veltman,?Ambtelijk secretaris Hoofden Digitale Expertise