Tagarchief: digitaal

Symposium eDiscovery focust op impact online media

De rol van digitaal bewijs bij opsporing wordt steeds groter. Over dat onderwerp wordt op donderdag 23 april gesproken tijdens het Symposium E-Discovery, georganiseerd door het gelijknamige HvA-lectoraat. Op het symposium zijn gebruikers en makers van E-Discoverytechnieken aan het woord.

Verslag van?Jos Willemsen?? 28 april 2015

Het is alweer de zesde keer dat het Symposium E-Discovery plaatsvindt. ?Vijf jaar geleden begonnen deze symposia als mijn openbare les, ik wilde E-Discovery op de kaart zetten,? vertelde E-Discovery lector Hans Henseler
?vorig jaar?tijdens de Lustrum-editie. Dat E-Discovery inmiddels op de kaart staat, is te merken aan de opkomst. Het Benno Premselahuis is ingeruild voor Pakhuis de Zwijger. Henseler organiseerde met zijn lectoraat daar vorig jaar al mede de?DFRWS conferentie.

Ook tijdens dit symposium volgt weer het onderwerp waar het lectoraat E-Discovery voor staat: het verkrijgen en verwerken van digitaal materiaal voor opsporing. ?Dit jaar kijken we terug naar The Decade of Discovery en kijken we vooruit naar de impact van online media op het verzamelen, verwerken en zoeken naar digitaal bewijs?, legt Henseler uit.


Social media
Een goed voorbeeld daarvan is het verhaal van Arnout de Vries. Arnout werkt bij onderzoeksorganisatie TNO en is de tweede van zeven sprekers die op het programma staan. Hij neemt ons mee in de wereld van opsporing via sociale media; door Arnout ook wel de ?moderne Sherlock Holmes? genoemd. ?Sociale media zorgen voor een revolutie in de opsporing, zoals DNA dat dertig jaar geleden deed,? zegt Arnout. ?Er is bijna geen misdaadsoort waarbij sociale media niet betrokken zijn.?


Als voorbeeld wordt de Britse burgerjournalist Eliot Higgins aangehaald, die door sociale media met bewijs kwam in de zaak van de MH17. Higgins werd zelfs als getuige opgeroepen bij het proces, terwijl hij zijn appartement niet uit was geweest. ?Social media is een gamechanger in alle facetten van het politiewerk?, concludeert Arnout de Vries.
Of via YouTube:

En bijbehorende slides:


Informatiemarkt
Wie de grote zaal van Pakhuis de Zwijger verlaat, komt terecht op de informatiemarkt. Daar heeft een aantal data- en digitale opsporingsbedrijven een kraam. De markt fungeert bovendien als netwerkmogelijkheid, waarbij professionals met elkaar praten over de laatste stand van de techniek. Hans Henseler: ?Door deze informatiemarkt luister je niet alleen naar verhalen over de theorie van E-discovery, maar kun je ook leren wat er daadwerkelijk gebeurt in de praktijk.?
Bronnen: HvA

Digitale dialoog. De sociale media-almanak voor gemeenten

digiloog

Gemeenten zetten stappen bij het inzetten van sociale media. Ten opzichte van 2013 luisteren gemeenten in 2014 beter naar de berichten op sociale media. Vragen worden ook beter beantwoord. Gemeenten begrijpen steeds beter dat sociale media serieus genomen moeten worden en zien het belang ervan in.

We zijn er echter nog niet. Samen met een groep experts uit gemeenten, ontwikkelden David Kok en HowAboutYou daarom een ?groeimodel sociale media voor gemeenten?. In Digitale Dialoog, sociale media-almanak voor gemeenten, wordt het groeimodel in de verschillende hoofdstukken uitgewerkt en het boek biedt zo ambtenaren en bestuurders inspiratie hoe sociale media in te zetten.

Digitale Dialoog is na Sociaal kapitaal en Sociale gemeenten het derde boek dat David Kok samenstelde. De hoofdstukken zijn geschreven door ambtenaren, bestuurders, sociale media-adviseurs, mensen uit het bedrijfsleven en uit het wetenschappelijk onderwijs. Hierdoor wordt het gebruik van sociale media door gemeenten vanuit vele verschillende invalshoeken belicht.

David Kok werkt sinds 1 juli 2013 bij de gemeente Almere als social media manager van de gemeenteraad. Daarvoor werkte hij elf jaar in verschillende functies binnen de gemeente Amsterdam. Het redactiewerk van dit boek doet hij op persoonlijke titel.

Sinds 2012 werkt hij samen met HowAboutYou aan Gemeentebuzz.nl. Gemeentebuzz.nl brengt de inspanningen van gemeenten op sociale media in kaart. HowAboutYou ondersteunt overheden bij het benutten van de kansen die sociale media bieden. HowAboutYou heeft dit jaar het onderzoek naar het gebruik van sociale media door gemeenten uitgevoerd en geholpen bij de realisatie van dit boek.

Het boek is ingedeeld naar de fasen van het groeimodel dat Ewoud de Voogd en Coen G?ebel onlangs hebben gepresenteerd op Frankwatching. In het hoofdstuk In stappen groeien naar de netwerkende gemeente dat in het eerste gedeelte is opgenomen, is het groeimodel tevens nader toegelicht. Tevens is per fase een toelichtend hoofdstuk opgenomen. De hoofdstukken uit de vorige boeken zijn tevens ingedeeld naar het groeimodel.

Voorwoord: op zoek naar een goede wisselwerking tussen overheid en burger ? Bas Eenhoorn
Inleiding: tijd voor de volgende stap online ? Ewoud de Voogd & David Kok

Sociale media en gemeenten: stand van zaken 2014

Sociale media, de laatste cijfers ? David Kok
Maar wat wil die burger nou? ? David Kok
Burgers twitteren niet met de gemeente ? Peter Joosten
Gemeenten en sociale media 2014, van claxoneren naar converseren ? Niels Loeffen, Ewoud de Voogd & David Kok

In stappen groeien naar de netwerkende gemeente ? Coen G?ebel, Niels Loeffen & Ewoud de Voogd
De raadsgriffie en sociale media: op zoek naar content ? David Kok

> Fase 1: introductie

Van ranking the stars naar ranking the ambtenaar ? Lieke en Richard Lamb
De digitale kloof dichten ? Hans Versteegh
welke kansen bieden internet en sociale media (niet)? ? Chris Aalberts
De Nationale Postcode Loterij als social business ? Selma Hetharia
De gemeentetweet ? het sociale netwerk met twee gedaanten ? Piet Bakker
Waarom alle ambtenaren moeten twitteren (of niet) ? ruim 200 tweets van ongeveer 35 deelnemers aan een tweetup, uitgeschreven door @davidkok
De business case voor sociale media bij gemeenten ? Boyd Hendriks
Interactie en participatie: het wiel is al uitgevonden! ? Ronilla Snellen
Externe ondersteuning bij het opstarten van sociale media ? Niels van Laatum
Interactief communiceren voor politici werkt ? Sanne Kruikemeier

> Fase 2: introductie

Bijblijven op de digitale snelweg ? Coen G?ebel
Want een film zegt eigenlijk veel meer dan een pak papier ? Merel van Kessel
Webinars: vraag het de burgemeester! ? Nico Verspaget & Joris Kok
Netwerken op LinkedIn ? Jan Willem Alphenaar
De kracht van LinkedIn voor de afdeling HR ? Jacco Valkenburg
Webcare: hoe gaat het gemeenten werkelijk af? ? Oliver de Leeuw
De basis van webcare ? Jeroen ?s-Gravendijk
Intern online communiceren: naar slimmer werken ? Huib Koeleman
De kracht van interne sociale media ? Hilda Boerma & Koen Wemmenhove
Organiseren zonder e-mail ? Kim Spinder
Hoe schrijft u een bericht van waarde ? Pieter Flieringa
Webrichtlijnen: waarom ook alweer? ? Gerrit Berkouwer
In een modern archief past ook sociale media ? John Jansen
Hoe om te gaan met privacy van burgers ? Tinga Kleefman
Hoe vrijblijvend is het gebruik van sociale media ? Roy Johannink, Eveline Heijna & Miranda Brummel
Paringsdans van twitterende raadsleden tijdens de gemeenteraadsverkiezingen ? Niels Loeffen & Aart Paardekooper
Raad uit de spagaat ? Pascale Georgopoulou
Communiceren vanuit de raadsgriffie ? Pascale Georgopoulou & David Kok

> Fase 3: introductie

Utrecht en de ontwikkeling van social ? Peter-Paul Hellings
Bijzondere mensenwerk ? webcare bij de gemeente Rotterdam ? Petra Berrevoets
Co-creatie: bezint eer ge begint ? Joyce van Dijk
Cocreatie met netwerken: samen bereik je meer! ? Abdul Advany & Martijn van der Weijden
?Mensen willen best meehelpen aan het verbeteren van hun buurt, maar van de gemeente willen ze vooral zo min mogelijk last hebben.? ? David Kok in gesprek met Willem Dudok
Doen en duiden in de Doe-Democratie ? portaal voor participatie ? Jens Steensma
Gemeente Eersel voorstander WhatsAppgroepen voor buurtpreventie ? Nicky Fischer-van de Vliert & Michiel Oldenhof
Gemeentelijke ?communiticatie? ? gebruik bestaande buurtcommunities ? Lex de Jong
Heeft het buurtinitiatief toekomst ? Linda Commandeur
De opkomst van online burenhulp platformen ? Roosmarijn Busch
De Open Buurtbegroting: voor participatie en transparantie ? Jeroen van Spijk
Praktijk met digitale en interactieve Planning en Control ? Mark van Dam & Herrie Geuzendam
De (digitale) toekomst van de gezonde wijk ? Janine van Oosten-Bake & Gerco Buijk-Dijkstra
?Luisteren, duiden, doen? in de praktijk ? Aart Paardekooper
Passende communicatie (met Factor-C) ? Carola de Vree-van Wagtendonk
Content is koning, strategie de keizer ? David Kok in gesprek met Xaviera Ringeling
(Be)sturen en verbinden in Losser ? Michael Sijbom & Irma Nadorp
Sociale media voor de wethouder ? Kees Telder

> Fase 4: introductie

Kanteldenken over sociale media bij de overheid ? Nynke Schaaf
Het hernieuwde maakbaarheidsgeloof ? David Kok in gesprek met Dimitri Tokmetzis
Government follows Technology: Online. Altijd. Overal. ? Ger Baron
Een beter imago begint bij jezelf ? David Kok in gesprek met Thomas Marzano
De Online Communicatie Architect ? Annemarie van Campen
Van monitoren naar anders handelen ? Renata Verloop & Marije van den Berg
De burger is koning. Je medewerker superheld! ? Sofie Verhalle & Elien Vanhaesebroeck
Organisatie/gemeente overstijgend samenwerken, hoe doe je dat? ? Robin Albregt
De toekomst van digitaal; hoe ga je om met mobiel, draagbare technologie en het ?internet van dingen? ? Brechtje de Leij

infographic onderzoek sociale media en gemeenten

Gesprek met de digitale wijkagent

boudewijnBoudewijn Mayeur werkt sinds 2011 als digitale wijkagent bij de Limburgse politie. Zijn werkterrein beslaat internet, sociale media als Facebook en Twitter, maar ook een politiebureau in?Habbo?Hotel. Over Habbo Hotel hebben we reeds een uitgebreid blog geschreven waar Boudewijns rol duidelijk is geworden. Maar hij doet uiteraard meer, dus werd het tijd om wat nader in te gaan op de gedreven digi-cop. Onlangs had De Limburger een gesprek met hem:

Ik wil dat jongeren ook online veilig zijn. Dus moet ik actief zijn in hun wereld. En daar hoort ook internet bij. Dus speurt Boudewijn Mayeur (42) op het web naar signalen van misdrijven en misdragingen. Internet is voor hem ook een middel om in contact te komen met jongeren.

De internetspeurder is een gedreven prater. De ICT’er van oorsprong strooit kwistig met computerbegrippen, zoals over het feit dat hij geen `analoge wijk’ heeft en over mannen die meisjes benaderen voor `analoge seks’. Vol vuur vertelt hij hoe mooi het is dat politiejunioren hem helpen (`dat is toch prachtig!?’) en jongeren geregeld met tips komen. Ze willen de politie helpen. Daar moeten we gebruik van maken. In de chatsessies die Mayeur wekelijks heeft met rond de honderd jongeren, komen tientallen vragen op hem af. Maar er zijn ook heftige zaken, die in een priv?-chat naar voren komen. Een meisje vertelde me dat haar vader vaak bij haar in bed kruipt. Dat is heftig. Maar kinderen zijn ook loyaal aan hun ouders. Toen ik zei: `Daar moeten we iets aan doen,’ reageerde ze: `Haal hem niet uit huis!’

Soms zijn problemen te voorkomen. Zoals die keer dat zich een soort Project X dreigde te gaan afspelen, ergens in Limburg. Mayeur kreeg signalen dat er veel mensen heen dreigden te gaan. Hij wil er niet al te veel over kwijt, maar stelt wel dat door duidelijk te maken dat de politie de zaak in de gaten had en door op tijd in te grijpen incidenten zijn voorkomen. Maar dat lukt niet altijd. Ik kreeg signalen dat ergens huiselijk geweld speelde. In het gesprek met de ouders kwamen we er niet uit. Daar voelde ik me niet goed bij. Toen ik de deur achter me dicht trok, dacht ik: krijgt ze nu klappen omdat wij hier zijn geweest? Online krijgt Mayeur geregeld signalen over huiselijk geweld. Een meisje meldde: `Ik word geslagen. Mijn ouders liggen in scheiding en hebben steeds ruzie.’ Dat is triest. Maar Mayeur neemt problemen niet mee naar huis. Hij probeert wel te helpen, maar is geen hulpverlener.

Hij moet zaken onderzoeken, maar mag zijn bevoegdheden pas gebruiken als er aanwijzingen zijn voor strafbare feiten. Hij vindt dat de politie wel wat meer bevoegdheden zou mogen krijgen, want de regels zijn niet afgestemd op internet. Soms gaat hij tot het randje om iemand te helpen. Zoals die keer dat een jonge man dreigde naaktfoto’s van een meisje op internet te zetten als ze niet verder zou gaan met seksuele handelingen voor de webcam. Mayeur benaderde hem en waarschuwde dat zijn gedrag strafbaar was en hij in de gaten werd gehouden. Dat hielp. Het stopte.

Zo nodig kan de politie de gegevens van iemand achter een Facebook- of Twitter-account opvragen. En via speciale zoekmethoden en beveiligde verbinding kan hij als internetrechercheur achter de identiteit van anonieme dreigers komen. Maar ook van hulpvragers. Toen een meisje dat misbruikt was door een familielid aangaf dat ze het leven niet meer zag zitten, seinde hij de politie in, die een inval deed. Dat vond ze niet leuk. Maar ik deed het in haar belang. Mayeur weet hoe kwetsbaar jongeren zijn voor misbruik op internet. Ouders hebben vaak geen idee wat hun kind online doet.Waar jongeren zijn, zijn ook pedofielen. Ik krijg bijvoorbeeld soms signalen van jongeren dat in?Habbo?Hotel iemand jongens van zestien benadert met de vraag of ze seks willen. Dat is niet strafbaar, maar ik hou hem wel in de gaten en geef het door. Bij de afdeling zeden was hij nog niet bekend. Daar kunnen ze ook een oogje in het zeil houden. Als hij bijvoorbeeld bij een kinderboerderij wil gaan werken, kun je je afvragen: is dat wel zo handig? Ik volg sommige pedofielen preventief online. Er ligt overigens een wetsvoorstel voor het intensiever volgen van veroordeelde zedendelinquenten.

Maar ik volg ook slachtoffers. Zodat iedereen ziet dat ik ze in de gaten houd. Overigens zijn niet alle pedofielen slecht, weet Mayeur. Ik moet objectief zijn en me van een oordeel onthouden. Maar een klein percentage van de pedofielen gaat over tot misbruik. Ze kunnen getrouwd zijn, maar wel seksuele gevoelens voor kinderen hebben waar ze nooit iets mee doen. Een enkeling praat daarover in de chat. Ook al wordt hij dan uitgescholden. Dat vind ik wel moedig.

Taken digitale wijkagent

Boudewijn Mayeur houdt digitaal spreekuur in zijn virtuele politiebureau in?Habbo Hotel. Daarnaast chat hij twee keer per week met jongeren. De digitale wijkagent geeft ook voorlichting over de gevaren van internet aan ouders, scholen en jongeren. Hij moet ook collega’s bewust maken van de mogelijkheden om sociale media in te zetten en online onderzoek te doen. Mayeur maakt agenten ook bewust van nieuwe gedragingen als stalken, online bedreigen en pesten. Digitaal pesten heeft grote gevolgen. Digitaal pesten is niet strafbaar, maar als ik zie dat het gebeurt, geef ik het wel door aan scholen. Die zeggen vaak: het gebeurt niet hier. Maar het heeft vaak wel gevolgen voor de school. Ik kende bijvoorbeeld een meisje dat niet meer naar school ging omdat een foto waarop ze deels ontkleed te zien is, rondgestuurd is.

Bron: Limburger?

 

Dilemma’s van Twitterende @wijkagenten

In de Volkskrant van dinsdag 5 augustus stond een aardig artikel over Twitteragenten. Inmiddels zijn er ruim 1.800 agenten die op Twitter hun ervaringen delen burgers om hulp vragen bij het oplossen van zaken. En ook Belgische agenten zijn aan het leren op Twitter en Facebook. De Antwerpse politie kreeg een paar maanden geleden al kritiek, onder meer omdat agenten racistische commentaren hadden gegeven op Facebook. En ook de afgelopen dagen kwamen er ongepaste opmerkingen na een vechtpartij in een caf?, waarbij de agenten hardhandig optraden. De?Antwerpse politie woordvoerder Sven Lommaert zegt erover: ?De agenten moeten beseffen dat wat ze op Facebook zetten niet kunnen beschouwen als een gesprek onder vrienden, maar dat iedereen dat kan meelezen en dat je daar andere regels voor moet hanteren.? ?Ook in andere landen is men nog veel lessen aan het leren, zoals in de VS, waar we eerder blogden over de #myNYPD actie en diverse andere politiekorpsen?die het daarna moeilijk?hadden met alle publieke kritieken.


ABC News | More ABC News Videos

Kortom, het ?levert diverse dilemma’s op, zoals wij die ook in ons boek Social Media DNA (hoofdstuk 5) beschreven hebben. Onderstaand een aantal concrete voorbeelden daarvan die ontleend zijn aan het artikel, met de tweets in kwestie.

De twitterende wijkagent?Wesley Wessendorp (382 volgers) stapt uit zijn auto en slalomt resoluut door het dichtgegroeide natte Castricumse bos. Hij is op weg naar een ondergrondse woning die op deze zomerdag geen ondergrondse woning meer is, maar een kuil van jewelste en die drie maanden eerder zijn digitale dilemma als twitterende wijkagent?blootlegde.

Het bijgevoegde kiekje gaf open huis: verscholen achter de bomen waren daar een dak, een kachel, een keuken, een houten vloer en levensmiddelen toebehorend aan een mens. Nu is hij hier voor de tiende keer, na die ene tweet en staart hij naar een afgraving waar alleen een rondslingerend deel van een kachelpijp nog naar de vorige bestemming verwijst. De tweet werd acht keer geretweet, vier keer als favoriet gezien en er volgden negen replies. @roelsint dacht aan een 1-aprilgrap en @martinsneijder wist zeker dat vakantiehuisjesmoloch Landal alweer illegaal zonder vergunning een proefmodelwoning had geplaatst. Het zag er best mooi uit, dat bouwwerk, daar niet van, maar het stond op het terrein van een psychiatrische instelling en er was geen bouwvergunning voor. Hij moest het zelfs met een speciale machtiging de eerste keer binnentreden, want voor de wet werd dit bijeengeraapte bouwsel als woning zien. Wie woonde hier? Het moest wel iemand zijn die hulp nodig had. Daar diende zich dan ook het digitale dilemma aan van de twitterende wijkagent. Als hij deze vondst op Twitter zette en het bericht zou talloze keren worden verspreid, zou hij erachter kunnen komen wie de bewoner was en kon die worden geholpen. Maar aan de andere kant werd de attractiviteit van deze geheime plek in het bos vergroot en zouden er veel mensen op af komen, zou er wellicht een heksenjacht volgen via Twitter, op de grote onbekende. Want hoe razendsnel en ongecontroleerd Twitter werkt, had hij al eerder gemerkt, twee weken eerder.

Er was een tip binnengekomen dat een meisje bijna een witte bestelbus was binnengetrokken. Er werd in Castricum en omgeving jacht gemaakt op een witte bus, zeker omdat het kenteken ook was gedeeld. De witte bus was overal gezien, dook overal op en er leken meer witte bussen te zijn dan lantaarnpalen. Uiteindelijk ging?Wessendorp zelf, zonder digitale burgerparticipatie, op onderzoek uit met een collega. Het bleek niks te zijn.

Op 15 mei 2013 meldde wijkagent?Wessendorp (36) zich op Twitter aan, net als de drie andere wijkagenten van Castricum. Het leek hem wel wat, eigentijds noodzakelijk en een manier om de jongeren te bereiken en de afstand tussen politie en burgers te verkleinen. Zijn motto: uit niets cre?er je alles. Zijn gebied bevat Bakkum en de wijk Kooimeer, een bereik van achtduizend mensen, in de zomer bijna verdubbeld door de twee aanwezige campings. Inmiddels heeft hij 263 keer getweet, veelal met zijn Blackberry en houdt hij zich een kwartier per dag ermee bezig. Twitter is nog net voor hem te doen. Als hij WhatsApp, Facebook, Instagram en som het allemaal maar op, er ook nog bij zou moeten moet doen, raakt hij in een digitale stress. Hij is een doener en hij weet dat hij met alles iets moet doen. Binnen enkele seconden moet hij voor elk probleem een oplossing bedenken, dus als die digitale stroom maar aanhoudt, verliest hij de rode draad als wijkagent.

Nu waarschuwt hij per Twitter en hoopt hij dat mensen reageren, omdat hij ook wel weet dat 75 procent van de zaken door de inzet van burgers wordt opgelost. Dus pas op voor #babbeltrucs en Ierse travellers die onder valse voorwendselen je huis binnenkomen. Hij maakt melding van dubieuze stroopwafels die huis aan huis worden verkocht. ‘Vertrouw je het niet, vraag om een ID.’

De vondst van een magere zeehond op het strand van Castricum is een foto waard, net als het omvergereden parkeerpaaltje. ‘Ook een paal aanrijden en wegrijden is een misdrijf. Getuige heeft het kenteken genoteerd. Top.’

En omdat wijkagent?Wessendorp ook van een beetje humor houdt, post hij bij een tweet een foto van een gevonden deel van een kunstgebit.

Wijkagent Wessendorp verlaat de kuil, en loopt terug naar zijn auto. De gehoopte hulpverlening aan de bouwkundig architect van de ondergrondse woning is er nooit van gekomen. Hij heeft wel een vermoeden wie het was, een bekende Castricumse Swiebertje, maar die ontkende alles. Inderdaad, de plek werd veel bezocht door nieuwsgierigen, maar een heksenjacht bleef gelukkig uit. De boel is keurig afgehandeld en opgeruimd. De twitterende?wijkagent?heeft zich niet laten verleiden om aan de lopende band over deze zaak te blijven twitteren. Zo zit hij niet in elkaar. Je moet wel wat te melden hebben.

Hoe het kan misgaan

De politie is op Twitter actief met ongeveer 1.800 accounts, van met name wijkagenten. In 2009, twee jaar na het begin van Twitter, werd het eerste ‘politieaccount’ aangemaakt. Agenten worden aangemoedigd om te twitteren omdat het de afstand tot de burgers verkleint.?In hoeverre de gestage toename van het aantal twitterende wijkagenten ook leidt tot meer opgeloste zaken, weet de politie niet. Wel zijn er hier en daar successen behaald door toedoen van oplettende twitteraars, zoals bij poging tot inbraak, het ontdekken van hennepkwekerijen, het voorkomen van zelfmoord. Ook meldden getuigen zich eerder. Als het gaat om noodoproepen heeft de politie nog steeds liever dat mensen eerst 112 bellen. Bevindingen die de politie via Twitter vergaart, komen indien ze van belang zijn, gewoon in een proces-verbaal om als bewijs in een strafdossier terecht te komen. Wijkagenten, soms het Twitcorps genoemd, hebben een twittercursus gevolgd. Daar gaat het bijvoorbeeld over fotograferen: dat mag alleen op plaatsen waar iedereen mag komen. Persfotografen hadden geklaagd dat de politie hen weghoudt bij bepaalde plekken die agenten vervolgens zelf fotografeerden en rondstuurden. Agenten zijn zelf verantwoordelijk voor de inhoud en hoeven die niet telkens voor te leggen.

De?tweet van het politiekorps in Bordesley Green, bij Birmingham, is in ieder geval?verkeerd gevallen. Een agent twitterde een cartoon over ?een nieuwe autogordel? die vrouwen in auto?s de mond snoert. ?45% less carr accidents?. Poging tot humor? Het geeft maar weer eens aan hoe dun de scheidslijn is op twitter, tussen een grap en een belediging. Het halve land viel over de tweet, de twitterende agent bood excuses aan maar is wel hoofdrolspeler in een intern onderzoek. ?Did the police officer who tweeted this image really think that women would laugh at this offensive sexist stereotype?? Engelse parlementari?rs hebben vragen gesteld hoe het mogelijk is dat dezelfde agenten die huiselijk geweld moeten bestrijden zulke foute grappen maken.

Behalve de Groningse rechercheur met zijn commentaar op de Gay Pride, kwamen ook enkele twitterende wijkagenten onlangs in het nieuws omdat hun twittergedrag niet in goede aarde viel.

oomaagenthoudtnietvaneennaaktevent.jpg.jpg

Terwijl een politieagent in Fort Worth juist openlijk aandacht vraagt voor homoseksualiteit, ook in het korps, en er op YouTube een filmpje van maakte:

In Rotterdam twitterde een?wijkagent?over een grote plas bloed (met foto) midden in de stad. Even later liet hij weten dat het hier ging om een door een slager omgegooide emmer. Na verontwaardiging over ‘de zieke grap’, liet de politie optekenen dat het om een ‘een onhandige tweet’ ging.

@agenthorecaFred uit Naarden tweette onlangs trots dat hij samen met een verdachte de ontknoping van Nederland-Mexico op de bank had bekeken. #MoetKunnen.

Vervolgens bleek dat de verdachte een 9-jarig meisje ernstig zou hebben mishandeld. De ouders van het meisje deden hun beklag over de twitterende wijkagent?die zo gezellig samen met zo iemand voetbal ging kijken en dat ook nog meldde op Twitter als zijnde een goede daad.

De wijkagent werd niet berispt om zijn twittergedrag. Het was niet handig geweest, erkende de politie, omdat in 140 tekens ‘de context’ rond de curieuze aanhouding niet kon worden uitgelegd. De?wijkagent?had de verhitte gemoederen tot bedaren willen brengen door bij de verdachte te blijven zitten.

Andr? SchuttenOok @wijkagentAndre uit Hengelo kreeg spijt van een tweet. Drie maanden geleden zette hij zijn nieuwe handwapen op Twitter, met de tekst: ‘Mijn nieuwe vriend voor de rest van mijn loopbaan. Ik zeg maar zo: Don’t F… with de?wijkagent!”Vervolgens werd het bericht tweehonderd keer geretweet en werd @wijkagentAndre?op Twitter neergezet als een op zijn wapen verliefde gestoorde diender.??Iemand zei dat ik de laatste kogel maar voor mezelf moest bewaren?, blikt de agent terug. Nu waarschuwt hij per Twitter, dus: pas op voor #babbeltrucs

Andr? Schutten is kort daarna op eigen initiatief gestopt met twitteren. Als agent zegt hij zich beknot te voelen in zijn vrijheid door Twitter. Zijn laatste tweet was woensdag 13 augustus 2014: ?Er zijn weer ?babbel?zigeuners actief. Poeier ze af en laat ze niet binnen (…).? ?Iemand reageerde dat het woord zigeuner stigmatiserend is. Een ander begreep niet wat ik met babbelzigeuners bedoel. Daar moet je dan weer energie in steken om dat uit te leggen. Ik ben er wel klaar mee.? Hij heeft er geen zin meer in om op Twitter elk woordje op een goudschaaltje te moeten leggen uit angst dat zijn boodschap door de buitenwacht verkeerd wordt ge?nterpreteerd. Dan maar niet.

Bronnen: Twitter, Volkskrant (5 augustus 2014), CopsInCyberspace.

Internetfraude neemt toe

Vorig jaar werden 450.000 mensen slachtoffer van internetfraude, een flinke stijging. Het aantal slachtoffers van skimming (bankpasfraude in de fysieke wereld) nam echter wel af. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS. Mensen werden vooral vaker slachtoffer bij het aankopen van spullen; goederen die werden besteld en betaald maar nooit werden geleverd. De toegenomen fraude hangt mogelijk samen met de groei van het aantal aankopen via internet. Slechts bij 1 op de 5 gevallen van koop- of verkoopfraude via internet is volgens het statistiekbureau vorig jaar aangifte gedaan bij de politie. Bij identiteitsfraude was dat aandeel met 13 procent nog lager.

Image

In 2013 gaf 3,3 procent van de Nederlanders van 15 jaar of ouders aan dat ze wel eens opgelicht zijn van het kopen of verkopen via internet. Dat komt neer op bijna 450.000 mensen. Ook het aantal slachtoffers van identiteitsfraude steeg echter naar zo’n 1,5 procent.

Wel wordt in bijna 90 procent van de fraude op internet melding gemaakt bij bijvoorbeeld de bank. Bij de politie wordt hiervoor in mindere mate aangeklopt.

Het aantal meldingen van internetfraude was in 1 jaar al verdrievoudigd. In 2013 hebben 28.000 Nederlanders bij de Fraudehelpdesk melding gemaakt van (een poging tot) internetoplichting. Het jaar ervoor (2012) waren dat 9.000 mensen.

Bronnen: CBS, ANP, Nu.nl, NOS, Volkskrant.

App: Gossup, Whisper, Secret, Wut, YikYak, Jodel

Gossup: vrijbrief om anoniem te pesten?

In Haarlem willen scholen af van de pest-app Gossup. Leerlingen worden anoniem gepest en zelfs docenten zijn de klos. En GossUp is niet de enige. Ook apps als?Secret, Whisper, Wut, Jodel en YikYak?zijn erom bekend. Wel kwam bijvoorbeeld Whisper?in opspraak omdat ze?de locaties zouden volgen en doorzoekbaar maken. Onlangs waren er nog veel meldingen van misbruik onder jongeren in Zweden met de app Secret?en arrestaties in de VS voor dreigingen die gedeeld werden op YikYak, zoals in Indiana?en Iowa. Maar nieuw is anoniem pesten niet. Op de nog altijd enorm populaire site 4Chan?worden elke dag meer dan 1 miljard grappen geplaatst die soms heel hard aan kunnen komen. En verbieden is natuurlijk geen oplossing. De kans dat scholieren dan naar een andere app overstappen is aanwezig, want er zijn veel soortgelijke apps. Maar wat helpt dan wel?

Secret

Als plaats stel je pas echt iets voor wanneer de app Secret?als een plaag onder de plaatselijke tieners woedt. In dat opzicht is Veenendaal met vlag en wimpel geslaagd. De scholen CLV, CSV en Rembrandt College stuurden brieven naar de ouders van hun leerlingen waarin werd gewaarschuwd voor de inhoud van deze app. Secret is een onlinechatroom waarin tieners samenkomen om elkaar volledig anoniem uit te schelden, meisjes tot sletten te benoemen en naaktfoto?s te delen. Een paar jongeren vonden de met ziektes doorlopen bedreigingen en verwensingen niet zo tof en besloten hun ouders in te lichten. Kort daarna werden de brieven verstuurd. Rector Bart de Grunt van het Rembrandt College vindt dat de app niet op een mobiel thuishoort, omdat deze alleen maar voor rottigheid zorgt.

Maar zijn het geweren die mensen neerschieten? Nee, het zijn mensen die mensen neerschieten. Net zoals het niet apps zijn die voor rottigheid zorgen, ook hier zijn dat de mensjes zelf.?De app biedt een podium voor doodsbedreigingen en ander grappigs, maar een podium hoeft niet per se betreden te worden. Is de fatsoenskloof anno 2015 zo groot dat de doorsnee-puber zijn leeftijdsgenoot keihard en als het moet racistisch zonder duidelijke reden de grond in wil stampen? De maker ontwikkelde de app, naar eigen zeggen, zodat de gebruiker zijn of haar gevoelens en geheimen op een nieuwe manier zou kunnen delen. Liep dat even anders. Wat een nieuwe manier van veilig praten had moeten worden, werd zoals misschien wel te verwachten was, een innovatieve manier om te pesten.

De enige reden waarom deze app niet op een mobiele telefoon thuis zou horen, is dat stelselmatig kwetsen hip is onder de pubers. En dus niet omdat de app zelf kwaad in de zin zou hebben.?Geef pubers geen podium, want ze breken het af is het advies (bron: Gelderlander, 28 feb 2015).

GossUp

Gossup werkt heel simpel: je downloadt de app gratis uit de App-store en kunt binnen no?time berichten en foto’s in het open forum plaatsen. Er verschijnt alleen een locatie bij het bericht, meestal?een middelbare school. Andere ‘gossupers’ kunnen met een ‘up’ aangeven of ze jouw bericht leuk?vinden. Hoe meer ups een bericht krijgt, hoe verder boven aan het forum het verschijnt en hoe meer?jongeren het dus zullen zien.Iedereen kan van alles over iemand anders schrijven zonder dat bekend wordt wie er achter zit. ‘Up als je de moeder van Mike ook een hoer vindt’, ‘Up als je een foto wil zien van de tieten van Charissa’ en ‘Up als je ook denkt dat Sander een vuile flikker is’. Het is zomaar een willekeurige greep uit de honderden, misschien wel duizenden anonieme berichten die dagelijks verschijnen.

Anoniem?

Het enige dat je bekend moet maken is een locatie, het gaat dan niet om een woonplaats maar bijvoorbeeld om je school. Je kan dus heel makkelijk ‘roddels’ per locatie oppikken en dat is wat de app zo ‘gevaarlijk’ maakt. Helemaal anoniem ben je niet, want de de makers van de app weten potentieel wel wat meer van je:

Gossup ziet algemene toestelinformatie (iemand stuurt een bericht vanaf x model iPhone of Samsung), een paar identiteitsaanwijzingen, iemands inchecklocaties en het heeft de beschikking over de?multimediabestanden die gedeeld zijn. Toch geeft gebruikers blijkbaar voldoende vrijbrief om zich volledig anoniem uit te leven.

Bart Breij van iPhoneclub?schrijft?dat?Apptracker Annie laat zien dat de app alleen in Nederland, Duitsland en Ierland enigszins populair is. Nederland is het enige land waar de app tot nu toe in de top-100 staat. Het aantal recensies in de App Store van Apple en de Google Play Store is minimaal. Maar het kan natuurlijk zijn dat weinig scholieren recensies schrijven, speculeert?iPhoneclub.

Een aantal scholen in Haarlem hebben een brief naar de ouders gestuurd om te waarschuwen voor de Gossup en ze hebben een brief gestuurd naar Apple. Apple?verwijdert vooral apps als het om rechtenkwesties gaat, bijvoorbeeld als er apps worden gekopieerd. Ook verwijdert Apple?af en toe apps?om ‘sociale redenen’, als er dus teveel klachten zijn. Maar wat daar precies het beleid in is, is niet duidelijk.

Populair

Dit soort apps groeien snel en trekken veel investeerders aan. Secret is sinds eind mei ook in Nederland beschikbaar. Dat levert een spannende mix op van ontboezemingen en guilty pleasures: ‘Vannacht heb ik een bak ijs en een pak koekjes opgegeten.’ Maar ook ronduit lasterlijke, oncontroleerbare beschuldigingen die mensen en bedrijven grote reputatieschade kunnen toebrengen. In Nederland was het in de eerste week van Secret wat dat betreft meteen al raak. Iemand plaatste een bericht met de suggestie dat hij of zij een baan had gekregen bij een bekend mediabedrijf dankzij een seksuele tegenprestatie. Het bericht verspreidde zich snel en werd zelfs doorgeplaatst op andere sociale media, zoals Twitter.

Het is een bijwerking van de anonimiteit die niet als een verrassing komt. De mogelijkheid om op websites?onder een schuilnaam te reageren, levert ook vaak beledigingen en laster op. Secret waarschuwt gebruikers?daarvoor dan ook en heeft sinds maart de mogelijkheid om dergelijke berichten te verwijderen. Maar toon?maar eens aan dat zo’n bericht niet op waarheid berust

Digitaal pesten

We schreven eerder op dit blog over zaken waarin digitaal pesten een hoofdrol speelde?en de vormen waarin dat gebeurt nemen toe. Want de beschrijving van?de populaire Gossup-app lijkt zo onschuldig, maar het persoonlijke verhaal van een Haarlems gezin bewijst?het tegendeel.?Het begon anderhalf jaar geleden met een gefotoshopte naaktfoto van mijn dochter. Pesters vonden?het grappig om haar hoofd boven het naakte lichaam van iemand anders te plakken en die foto onder?schoolgenoten te verspreiden , vertelt de vader, die uit angst voor nog meer pesterijen anoniem wil blijven.?Hoewel het in het begin als grap was bedoeld, namen de pesterijen steeds zwaardere vormen aan. De?bewuste foto werd verspreid op kanalen als Facebook en Twitter. Mijn dochter werd bedreigd en zelfs onder?druk gezet om echte naaktfoto’s van zichzelf te sturen aan de laffe pesters.?De pesterijen zetten de verhoudingen in het hele gezin op scherp, de schoolprestaties van onze?dochter holden achteruit, wij voelden ons als ouders compleet machteloos.?Uiteindelijk gaat de dochter, mede door de ondraaglijke situatie die is ontstaan, over naar een andere?school. Maar wat haar daar staat te wachten, is een regelrechte nachtmerrie. Omdat die beelden over?sociale media waren verspreid, kenden mensen haar ook op die nieuwe school. Het begon van voor af aan. Dat is wat ons machteloos maakt. Waar je vroeger pesters recht in de ogen kon aankijken, worden?kinderen nu ten overstaan van honderden, zelfs duizenden medeleerlingen zwartgemaakt. En door wie??Daar kom je niet achter. Door enig speurwerk kreeg de vader het voor elkaar een Twitteraccount waarop?foto’s van zijn dochter werden verspreid, uit de lucht te krijgen. Ook de casus van Amanda Todd die we eerder op deze site beschreven geeft de heftige gevolgen aan van digitaal pesten.

Wat kan je als ouder doen als je kind actief is op een anonieme app?

Volgens Arnout de Vries, onderzoeker bij TNO, is het belangrijk om duidelijk voorlichting te geven aan je kind. Jongeren hun smartphone laten inleveren en de apps laten verwijderen werkt volgens de onderzoeker niet. Het is ook belangrijk om te onderzoeken wat er vooraf ging aan het gebruik van anonieme apps. “Vraag is of ouders wel kunnen helpen, soms moet er iemand anders met wie betere vertrouwensband is bij betrokken worden. Bij hele heftige zaken kan dat de politie zijn, of is er een rol voor de school”, zegt De Vries. Want meldingen bij de dienst zelf leiden niet altijd tot een wenselijke oplossing (als er al iets mee gedaan wordt). Eerder gaven we voorbeelden op dit blog van Google en Facebook over het afhandelen van dit soort klachten van eindgebruikers.

Embedded image permalink

Op Mijn Kind Online staan?tips op een rij om te praten over pesten?(pdf) en de organisatie stimuleert het om te praten over digitale omgangsvormen. Dat kan thuis, op school, maar ook online. Remco Pijpers van Mijn Kind Online: “Leg uit dat je net als in het dagelijks leven elkaar ook online met respect behandelt: ga met een ander om, zoals je zelf behandeld wilt worden. Vaak zijn het klasgenoten die elkaar digitaal lastigvallen. Een docent kan een sleutelrol vervullen, door cyberpesten bespreekbaar te maken. Praat niet alleen over wat niet mag, maar ook over wat online goed gedrag is.”

Roddelen via een app als Gossup ga je niet tegen?door de app te verbieden. Via bijvoorbeeld Twitter kun je immers ook anoniem berichtjes delen. Anonimiteit werkt soms pesten in de hand, maar echt niet altijd.?Nu Gossup via onder andere De Telegraaf enorm onder de aandacht komt, schiet meteen ook het aantal gebruikers omhoog. Het is ‘meligheid’ troef, vooral seksuele opmerkingen komen voorbij.

Maak?het onderling bespreekbaar te maken met?vragen als:
– Is roddelen erg?
– Is roddelen via WhatsApp erger dan roddelen via Gossup, of even erg?
– Stel dat jij docent zou zijn, hoe zou jij over met je leerlingen over digitaal pesten praten?
– Wanneer is iets voor jou digitaal pesten, wanneer niet meer dan een onschuldig grapje?

Op basisscholen kun je de les WhatsHappy inzetten, voor de middelbare school vind je lessuggesties op digitaalpesten.nl. Je treft er allemaal tips om met kinderen in gesprek te gaan over hun gedrag op sociale media. En ook bij Mijn Kind Online vind je meer informatie:?http://mijnkindonline.nl/onderwerpen/cyberpesten

App: Civilant

civilant2Beveiligingsbranche lanceert Civilant-app?

De beveiligingsbranche werpt een nieuw wapen in de strijd tegen alsmaar toenemende inbraken in woningen en andere veel voorkomende criminaliteit in woonwijken.?Dankzij een speciale gratis app op smartphones of tablets (iPhone of Android), die deze week wordt ge?ntroduceerd, kunnen buurtbewoners en politie elkaar waarschuwen voor gevaar.? Deze ‘digitale buurtwacht’ lijkt een uitgebreidere versie van al bestaande groepchats van wijkbewoners via whatsapp. Eerder was er ook al de SafeCity app (gebaseerd op de Bambuser) en de ?Heterdaad App die in Gemeente Rotterdam werd gelanceerd waar ook Rijnmond Veilig via de Yazula app ontsloten wordt.?

Via de zogenoemde Civilant-app worden de telefoons of tablets van deelnemer binnen een straal van ongeveer een kilometer met elkaar verbonden. Buurtbewoners kunnen op de app zelf melding maken van bijvoorbeeld een gestolen fiets, een inbraak, verdachte personen of vandalisme. Bij het bericht kan ook een foto worden geplaatst.?Gebruikers van de app kunnen ook ‘volglocaties’ activeren, zoals de school van de kinderen, de eigen woning of het bedrijf. Ze krijgen dan automatisch alle meldingen die andere gebruikers doen over onveilige situaties. Ook berichten van hulpverleners als brandweer en politie worden automatisch doorgestuurd naar de gebruikers van de app.?Civilant werkt twee kanten op: de app ontvangt ? automatisch- ook alle meldingen van de hulpdiensten, zoals politie, brandweer en ambulance, die respectievelijk direct over vermissingen en noodsituaties alarmeren. Daarnaast kunnen de gebruikers van de app via hun digitale buurtwacht met een knop ook rechtstreeks contact maken met deze hulpdiensten.

Via een speciale link kan in noodsituaties rechtstreeks verbinding worden gemaakt met de 112-centrale van politie, ambulance of brandweer. De centrale kan dankzij de ingeschakelde? volglocatie dan direct zien waar het toestel zich bevindt. Je krijgt zelfs?inzicht van alle activiteiten die hulpdiensten in jouw buurt uitvoeren. Zo kun je hier rekening mee houden of zelfs belangrijke informatie verstrekken aan de hulpverleners.
De eerste proef met de Civilant-app, die is ontwikkeld door een beveiligingsbedrijf uit Huizen, start vandaag in Barneveld. Volgens oud-politieman en woordvoerder van Civilant Klaas Wilting zijn de eerste geluiden van deelnemers positief. “De groepsapp is een goed middel om de saamhorigheid en de sociale samenhang binnen buurten en wijken te vergroten. Het elkaar tijdig informeren en alarmeren over al die zaken die eigen buurt en wijk leefbaarder maken. Niet langs elkaar maar met elkaar. Zo?n nieuwe groepsapp is ook een uitermate belangrijk middel om in de wijk de extra oren en ogen van politie en gemeente te zijn.” aldus Wilting.

De bewoners van de Haagse wijk het Bezuidenhout nemen eind november 2014?de buurtwacht-app Civilant in gebruik om de buurtveiligheid te vergroten en het aantal inbraken te verminderen. De 15.000 deelnemende Hagenaars en de politie waarschuwen elkaar bij onraad.

In de wijk zijn tal van overheidsinstanties gevestigd, waaronder het ministerie van Economische Zaken en de Sociaal Economische Raad. Het voormalige woonpaleis van prinses Beatrix Huis ten Bosch, grenst aan het Bezuidenhout. Op initiatief van het buurtpreventieteam wordt een proef met de digitale buurtwacht gestart. De wijk heeft al 35 actieve buurtpreventiemedewerkers van vlees en bloed.
De gratis app is een belangrijke mobiele innovatie voor het vergroten van de veiligheid in de wijk en om de sociale samenhang te verbeteren. De ?digitale buurtwacht? in de vorm van een geavanceerde groepsapp op de smartphone werkt even simpel als doeltreffend.

Linken van buren
Bewoners die de gratis Civilant-app op hun mobiele telefoon?zetten, worden in een straal van circa duizend meter met elkaar verbonden (?gelinkt?). Ze kunnen nu zelf melding maken van bijvoorbeeld een gestolen fiets, een inbraak, verdachte personen of vandalisme. De melding kan worden voorzien van een foto.
Eerder werd de gratis app uitvoerig getest in een wijk in Barneveld. De veiligheidsco?rdinator van de gemeente Barneveld en de inwoners van de wijk zijn enthousiast. Recent is op verzoek van de inwoners gestart in een tweede wijk in Barneveld en de verwachting is dat alle wijken van de gemeente Barneveld de app Civilant gaan gebruiken.

Extra alert door meldingen
Bij het gebruiken van de gratis app krijgen bewoners een zogenaamde ?volglocatie?. De bewoners kunnen ook meerdere ?volglocaties? activeren. Bijvoorbeeld: de school van de kinderen, de eigen woning of het bedrijf. De gebruiker van de app ontvangt automatisch alle meldingen die betrekking hebben op de betreffende ?volglocaties? op zijn smartphone.
Zodra een melding is gedaan, zijn buurtbewoners meteen gealarmeerd en kunnen tijdig hun maatregelen treffen door bijvoorbeeld deuren en ramen goed af te sluiten of hun kinderen in veiligheid te brengen bij verdachte personen in de buurt. Zo kunnen burgers op een snelle en eenvoudige manier bijdragen aan een veiligere buurt.

Noodsituaties van hulpdiensten
Civilant werkt twee kanten op: de app ontvangt automatisch ook alle meldingen van hulpdiensten als politie, brandweer en ambulance, die direct over vermissingen en noodsituaties alarmeren. Daarnaast kunnen de gebruikers van de app via hun digitale buurtwacht met ??n druk op de knop rechtstreeks contact maken met deze hulpdiensten.
Civilant is het antwoord op de trend dat burgers via groeps-WhatsApps en social media misdaad in de buurt aanpakken. Na een eerste introductie in februari heeft Civilant circa 5000 beoordelingen ontvangen van smartphonegebruikers die de app hadden ge?nstalleerd. Op basis van deze beoordelingen is de app verder verbeterd en nog beter afgestemd op de wensen van de gebruikers. Vanuit vele plaatsen in het land is interesse getoond om zo snel mogelijk met de groepsapp te gaan werken.
Klaas Wilting van Civilant: ?De groepsapp is een goed middel om de saamhorigheid en de sociale samenhang binnen buurten en wijken te vergroten. Het elkaar tijdig informeren en alarmeren over al die zaken die eigen buurt en wijk leefbaarder maken. Niet langs elkaar, maar met elkaar. Zo’n nieuwe groepsapp is ook een uitermate belangrijk middel om in de wijk de extra oren en ogen van politie en gemeente te zijn.?

Bronnen:?De Telegraaf,?Emerce,?Roxelane,?Civilant,?Radio1, Hart van Nederland

C – Cyberpesten: documentaires

Reeds in 2011 was er de documentaire?Cyberbu//y?over een tienermeisje dat gepest wordt. Afgelopen jaar is de Submit documentaire over cyberpesten geproduceerd en gratis online te bekijken:

Submit the Documentary Director’s Cut from SubmitTheDoc on Vimeo.
Ook de bekroonde documentaire??Children full of life? biedt een indringend beeldverslag van Mr. Toshiro Kanamori, een inspirerende, zeer authentieke leerkracht die tegen de conservatieve stroom in verbondenheid cre?ert met en onder zijn leerlingen.




)

Filmpjes van 8 tieners die soms ook ondernemen en de kansen van social media pakken, maar ook risico’s lopen.

Jasmijn (12): ?Heel veel ouders weten niet eens wat Hyves is en wat je er allemaal mee kan doen. En dan kunnen die kinderen gewoon hun gang gaan.?

Wilma (17): ?Zo werd ik steeds verliefder. En hij maakte ook wel duidelijk dat ie een keer wilde afspreken. Eigenlijk wou ik het wel, maar ook weer niet.?

Adil (12): ?Ik verstuur ongeveer honderd tweets per dag. Dat is best veel ja. Later wil ik nog een stapje hoger, nog meer leren.?

Zora (15): ?Hij is nooit uit. Hij is echt nooit uit. Dan lijkt het alsof ik geen contact heb met de buitenwereld.?

Ross (14): ?Je zit in een andere wereld. Hier ben je maar gewoon een kind met Asperger dat nog op de middelbare school zit.?

Nando (13): ?Ik kan er nog niks over zeggen. We zijn best bang dat het idee gestolen wordt.?

Fee (12): ?Op YouTube kun je ook beroemd worden. Sommige van mijn filmpjes zijn wel 3000 keer bekeken.?

Alex (13): ?Ik ben van nature een rustige jongen. Ik voel niet de aandrang om anderen iets aan te doen vanwege zo?n spel.?

Marjolijn Bonthuis licht toe hoe jongeren digitale media gebruiken om te ondernemen. Wat zijn de kansen en valkuilen?

Remco Pijpers legt uit wat je kunt doen om digitaal pesten te voorkomen of op te lossen.

Maar ook in kinderprogramma’s is er aandacht voor digitaal gedrag, zoals bij Phineas and Ferb:

Meer informatie over cyberpesten en wat er tegen te doen vind je op oa:

Schaduwen of volgen op Twitter?

image

Interessant bericht?bij Ouders Online waar ?digitaal wijkagent??Boudewijn Mayeur ingaat op de vraag: Mag de politie jongeren volgen op Twitter?

Het lijkt een gekke vraag ? Twitter is bed?eld om mensen te volgen, dus wat maakt het beroep van de volger nu uit? Maar voor de politie is dit toch niet zo?n heel gekke vraag, aangezien het ?volgen of stelselmatig diens aanwezigheid of gedrag waarnemen? van een burger volgens de wet alleen mag bij verdenking van een misdrijf en op bevel van de officier van justitie. En dat is letterlijk wat je bij Twitter doet.

Ook Petra de Boevere, op internet ?het meisje van de slijterij?, startte vorige week een discussie op haar blog, omdat haar zoon op Twitter werd gevolgd door de jeugdagente. Had Twitter maar een andere term bedacht dan ?volgen?, denken we wel eens ? maar dat terzijde. De Boevere?beschrijft?hoe ze haar 15-jarige zoon, ?een onderzoekende avontuurlijke puber?, opvoedt en leert wat hij online mag en kan en moet. Maar toen ze in zijn volgerslijst de jeugdagente ontdekte, gaf ze hem opdracht haar te?blocken. ?Als er een probleem is moet ze bij mij zijn?. Ze vraagt zich af of er criteria zijn om minderjarigen te volgen. ?Zijn dat de jongeren die ooit in aanraking met de politie kwamen? Of verdacht zijn? Worden ze gevolgd om ze te intimideren?? De Boevere belde de politie met haar vragen maar kreeg geen bevredigend antwoord. Ze houdt het er op dat je als overheid ook te persoonlijk kunt zijn. ?Afgezien nog van het feit dat die jongeren zich de tering schrikken als ze ineens gevolgd worden, zich afvragen wat ze hebben gedaan en zich ge?ntimideerd voelen. Of niet eens durven?blocken?omdat ze bang zijn dat dat een negatief effect zal hebben?.

Bij de vraag over het verschil tussen volgen op Twitter en volgen in de zin van ?structureel in de gaten houden? zit volgens Mayeur de kern van de vraag in het doel van het volgen, in wat er met die informatie gedaan wordt. Het doel van Twitter, en dus van het?followen?van mensen, is contact leggen en onderhouden. ?Twitterende agenten doen daarmee precies hetzelfde als wat ze op straat ook doen, namelijk zichtbaar en aanspreekbaar aanwezig zijn. Participeren dus. Actief informatie brengen, en beschikbaar zijn voor burgers?. ?Anders is het wanneer de politie iemand gericht in de gaten gaat houden via Twitter, door nauwkeurig vast te leggen wat diegene zegt of doet, waar, wanneer, en met wie? .

Arnoud Engelfriet geeft op zijn?blog zijn interpretatie van deze wetgeving:

‘Het idee achter het wetsartikel (art.?126g Sv) is dat stelselmatig volgen, observeren of registeren van gedrag van burgers door de politie een ernstige inbreuk op de privacy is. Kernwoord is ?stelselmatig?: dat een agent vijf minuten achter je aanrijdt of toevallig ziet dat je een winkel in gaat, is niet verboden. Maar zou hij datzelfde de gehele dag doen, of met een opschrijfboekje voor je deur zitten om vast te leggen wanneer je naar binnen en buiten gaat, dan wordt het een ander verhaal.

Je kunt je echter afvragen of volgen op Twitter valt onder het soort volgen of ?gedrag waarnemen? waar dit artikel op doelt. Het artikel is immers geschreven voor fysiek volgen en fysiek waarnemen, hoewel ook het aanwenden van een technisch hulpmiddel wordt genoemd ?voor zover daarmee geen vertrouwelijke communicatie wordt opgenomen?. Dit zou een GPS-beacon kunnen zijn, maar volgens de letter is een browser met Twitter ook zo?n hulpmiddel. Het neemt immers geen?vertrouwelijke?communicatie op.

Het opnemen van telefoongesprekken of aanbrengen van afluisterapparatuur is elders geregeld, net als het vorderen van digitale communicatiegegevens of opgeslagen priv?gegevens bij de provider. Zo regelt?artikel 126m?het opnemen van ?niet voor het publiek bestemde communicatie die plaatsvindt met gebruikmaking van de diensten van een aanbieder van een communicatiedienst?. Dat lijkt?wetssystematisch beter te passen bij het opvragen van Twitterberichten ? hoewel daarbij natuurlijk sprake is van w?l voor het publiek bestemde communicatie, mits de twittercommunicatie niet op slot zit.

Maar eigenlijk is de vraag of het h??rt te mogen, interessanter dan of het wetstechnisch mag. Enerzijds lijkt er niets op tegen, want je vertelt vrijwillig de hele wereld wat je doet dus wat is het probleem dat een agent meeleest. Anderzijds heeft het wel degelijk z?n weerslag als je w??t dat een agent meeleest. Net zoals er niets op tegen is dat een agent aan het verkeer deelneemt maar je t?ch anders auto rijdt als er een politiewagen achter je zit. Zeker als dat tien minuten lang het geval is.

Maar goed, dat is de echte wereld. Een agent in je nek is een stuk indringender dan in je logfile of Twittervolgerlijst. Plus, het is niet zo dat je Twitter op m?et, terwijl je de straat w?l op moet als je iets te eten wil krijgen. En je kunt bij online media genoeg maatregelen nemen om oom agent te ontlopen.

Een sterker tegenargument vind ik dat het zo wel ?rg makkelijk wordt om massaal iedereen te volgen en te zien wat men uitspookt. Volg heel Nederland, hang er een leuke logging en keyworddetectie aan en je hebt een prachtig systeem ter bestrijding van allerlei misdrijven. Dat kan toch ook weer niet de bedoeling zijn. Of is het niet meer dan gewenning?’

Bronnen: blogbijdrage?van Arnoud Engelfriet , ?Cops in Cyberspace, Maxius?en OudersOnline

M.! Meld Misdaad Anoniem: online?

Klaas Dijkhoff

In Breda Vandaag pleitte de politicus Klaas Dijkhoff (VVD) voor een online meldoptie bij Meld Misdaad Anoniem. Dat kan nu alleen nog maar anoniem via te telefoon. De beruchte Kopschoppers van Eindhoven hebben daar volgens hem verandering in gebracht. Mensen bellen volgens hem niet meer, maar het wemelde wel van de berichten over deze mishandeling op de social media, waaronder geenstijl.nl, dat er hard inging. Probleem is alleen: als je een misdaad meldt dan laat je wel je IP-adres achter. Hoe anoniem is dat? Technisch moet het kunnen om dat te verhelpen. Het kan namelijk al in Engeland, Canada en Australi?. Meld Misdaad Anoniem heeft succes: in 2012 zijn er 1031 misdrijven opgelost met behulp van tips via Meld Misdaad Anoniem. 23% meer dan in 2011. Maar wordt de drempel echt lager als je online een melding kunt doen? Wie weet. Volgens sommigen is het bittere noodzaak. Jongeren bellen niet maar sturen liever een whatsappje of een tweet.

Ruim 1000 zaken opgelost door anonieme tips

Meld misdaad anoniem is redelijk succesvol te noemen: vorig jaar zijn er 1031 misdrijven opgelost met behulp van tips die bij Meld Misdaad Anoniem zijn binnengekomen. Volgens M. is dat een stijging van 23 procent vergeleken met 2011. Er is vooral vaker gebeld over geweld, overvallen en straatroven. M. zegt dat anonieme tips hebben bijgedragen aan de aanhouding van 1619 verdachten.

Van de 15.000 binnengekomen tips was vorig jaar, net als in 2011, 89 procent bruikbaar voor de politie en andere instanties als verzekeraars en energiebedrijven. Ook het cijfer voor tips die waardevol of zelfs doorslaggevend waren, is voor 2012 hetzelfde als voor 2011: 65 procent.

Stijging gebruik bij jongeren, maar maakt online de drempel nog lager?

M. heeft zich het afgelopen jaar speciaal gericht op jongeren: er zijn workshops gehouden op scholen, omdat jongeren vaak ongewild veel weten van criminaliteit. ”De drempel om iets te melden over een bekende is echter heel hoog. Wij helpen ze bij dit dilemma en dat lijkt nu effect te hebben”, zegt M.-directeur Guus Wesselink. Toch zou het succes onder jongeren wellicht hoger kunnen worden, door meer aan te sluiten bij hun digitale lifestyle.

Meer tips

In 2012 zijn tientallen jonge verdachten opgepakt die betrokken waren bij overvallen, openlijk geweld en mishandeling. Het aantal meldingen over softdrugs kent de grootste stijging. Daarover kwamen maar liefst 85 procent meer meldingen binnen dan in 2011.??Over overvallen zijn 22 procent meer anonieme tips binnengekomen, voor moord en doodslag was de groei 38 procent, voor mensenhandel en -smokkel 46 procent en voor openlijk geweld 51 procent. De in totaal 272 tips over openlijk geweld gingen onder meer over Project X in Haren.

Bronnen: ?BredaVandaag?en?Nu.nl