Tagarchief: politie

Sociale media bij vermissingen: zorg of zegen?

Op sociale media gaat het afgelopen weken veel over vermissingen. Na het dramatische nieuws van de dood van twee jonge meisjes in Hoevelaken en Bunschoten draait de geruchtenmolen op volle toeren. Iedere vermissing is voer voor geruchten. In de regio Tilburg zijn twee meisjes, allebei op de fiets, sinds zondag spoorloos. Daarvoor is een burgernetmelding uitgestuurd. En ook in Leeuwarden en Groningen zijn er vermissingen.

Op Twitter en Facebook leiden zulke berichten tot grote zorgen. Met name uit het Gooi komen er verhalen. Daar zijn er meerdere meldingen van jonge meisjes die klemgereden zouden zijn door een auto. Er zou sprake zijn van poging tot ontvoering.

Een eerste melding kwam uit Soest, waar een meisje is achtervolgd door twee mannen in een kleine donkere auto. En een soortgelijke auto met twee mannen werd bij een vergelijkbare melding uit Bunschoten-Spakenburg gezien.?Of deze meldingen te met elkaar te maken hebben is volstrekt onduidelijk, maar het leidt tot enorm veel ophef en ongerustheid op sociale media. Even terug naar Tilburg, op sociale media is veel verontwaardiging over de vaagheid van de burgernet melding. Waarom geen foto?s van de meisjes, is de vraag die op sociale media wordt gesteld.

Een woordvoerster vertelde eerder op radio1 dat ze de foto?s van de meisjes niet verspreiden omdat dat de kansen van de meisjes in kwestie op het vinden van werk in de toekomst ?zou verkleinen. ?Werkgevers gaan natuurlijk op internet zoeken als er iemand bij ze solliciteert. En dan wil je dit niet tegenkomen?, zei ze.

De politiewoordvoerder liet ook weten deze burgernet melding vooral te beschouwen als een oproep aan de meisjes zelf, zodat ze zien dat het serieus en ze zich zullen melden. ?Volgens heel veel mensen is zo?n alarmerende oproep via de media niet bedoeld voor 2 stoute weglopers.

Romy en Savannah
De vondst van de dode tienermeisjes Romy en Savannah zorgde voor een gitzwart pinksterweekeinde. Dat jongens uit dezelfde leeftijdscategorie hen mogelijk om het leven brachten, komt eveneens keihard aan. Politie en OM kregen aanvankelijk kritiek, maar lijken de zaak toch pijlsnel op te lossen. Recherchechef Johan van Hartskamp en rechercheofficier van justitie Hans Mos blikken terug.

Exact een week na de melding dat een 14-jarig meisje niet terugkeerde bij haar ouderlijke woning in Bunschoten, zitten recherchechef Johan van Hartskamp en rechercheofficier van justitie Hans Mos haast gelaten aan een tafel in het hoofdbureau van politie in Utrecht. Licht brengen in twee ernstige delicten in amper vijf dagen tijd, zou normaal gesproken beroepstrots doen opzwellen. Dit keer niet. ?Deze zaak kent alleen maar verliezers?, meent Van Hartskamp. Zijn OM-collega Hans Mos knikt. ?Ook de ouders van de minderjarige verdachten zijn in zekere zin slachtoffers.?
Politie en OM kwamen snel na de moorden op Romy en Savannah met resultaten, maar deelden maar zeer beperkt informatie met het publiek. Daardoor ontstond veel onrust. Vanwaar die terughoudendheid?

Van Hartskamp: ?De melding dat Savannah was vermist, namen we direct serieus. Er werden onderzoekshandelingen verricht als het napluizen van telefoongegevens en het verhoren van mensen uit haar omgeving. Dat gaf ons het idee dat haar situatie niet direct levensbedreigend was. Bovendien was de vermissing al veel in de media. We besloten daarom geen Amber Alert uit te brengen. Er waren nog andere mogelijkheden om Savannah terug te vinden, vonden we op dat moment.?

?Een Amber Alert is een uiterst middel?, vult Hans Mos aan. ?Als het te vaak wordt gebruikt, verliest het zijn attentiewaarde.?

Met de kennis van nu: had een Amber Alert het leven van Savannah kunnen redden? Met andere woorden: is het meisje kort na haar vermissing vermoord of pas na enige tijd?
Beide mannen zwijgen een ogenblik. Dan zegt Van Hartskamp: ?Over het moment van de moorden willen we niets kwijt. Het onderzoek is nog in volle gang.? Hans Mos: ?De verdachten zitten nog in beperkingen, wat ook inhoudt dat politie en OM inhoudelijk niets over de zaken mogen zeggen.?

Burgers die zoeken naar sporen van Savannah

De vraag of een Amber Alert in de zaak van Savannah een verschil had gemaakt, wordt op dit moment dus niet door politie en OM beantwoord.

Een dag na de vermissing van Savannah werd niet ver van de plek waar haar fiets was teruggevonden een jong meisje dood in het water aangetroffen. Wat was jullie eerste reactie?
?Natuurlijk hielden wij ernstig rekening met de mogelijkheid dat het om Savannah ging?, zegt Van Hartskamp. ?Het kost dan enige tijd om zekerheid te krijgen, ook omdat het sporenonderzoek zeer zorgvuldig moet gebeuren en eigenlijk nog v??r identificatie gaat. Je kunt een lichaam pas goed onderzoeken op het moment dat alle sporen eromheen zijn veiliggesteld. Het laatste wat je wilt, is dat door haast fouten worden gemaakt, die later in een eventueel strafproces fataal zijn. Daarom kostte het identificeren enige tijd. Uiteindelijk konden we aan de hand van signalementen toch vrij snel vaststellen dat het niet om Savannah maar om een ander meisje ging. Dat betekende weer enige hoop voor de ouders van Savannah, maar diepe verslagenheid voor de familie van Romy.?

Hans Mos: ?De vondst, twee dagen later, van opnieuw een dood meisje in het water, gaf ons allemaal een dreun. Iedereen hield meteen rekening met de gedachte dat hier iets seriematigs aan de gang was. Toch besloten we twee ?teams grootschalig optreden?, zogeheten TGO?s, in te zetten. De zaaksofficier van justitie die de vermissing behandelde, zorgde voor verbinding tussen de teams. Al snel werd duidelijk dat de zaken niet in verband met elkaar k?nden staan.?

Het ontdekken van twee vermoorde meisjes in een paar dagen tijd bracht veel emoties met zich mee. In hoeverre be?nvloedden die het onderzoek?
Aanklager Hans Mos: ?Ik geef de politie een groot compliment over hoe beide zaken zijn aangepakt. De werkwijze getuigt van heel veel professionaliteit. Veel rechercheurs en OM?ers hebben zelf kinderen en zijn extra geraakt door het leed dat de ouders van de meisjes overkomt. Toch heeft die emotionele lading het onderzoek nooit geschaad. Het zorgde alleen maar voor extra gedrevenheid.? Van Hartskamp: ?De betrokkenheid ging zo ver dat we van collega?s uit het hele land steun en hulpaanbiedingen kregen. Het was best een uitdaging om in een pinksterweekeinde waarin veel collega?s vrij zijn, snel twee teams op te tuigen. Maar het voordeel van de nationale politie is, dat er niet veel organisatorische belemmeringen zijn om collega?s uit andere regio?s in te schakelen. Een van de twee onderzoeken werd gedaan door rechercheurs uit Oost-Nederland.?

Wanneer kwamen beide daders in beeld?
?Dat gebeurde niet ver voor hun aanhouding in de nacht van zondag op maandag?, antwoordt Johan van Hartskamp. ?Over hoe we bij de jongens kwamen, kunnen we nu nog niets zeggen?, vult Hans Mos aan. ?Het openbaren van die wetenschap kan het onderzoek op dit moment schaden, net zo goed als wanneer we nu iets zouden zeggen over het motief of hoe de meisjes om het leven zijn gebracht. Aan de dood van Romy is seksueel misbruik voorafgegaan, heeft de 14-jarige verdachte bekend. Over de moord of doodslag van Savannah kunnen we nog niets zeggen, ook omdat de 16-jarige verdachte nog in beperking zit.?

Hoe reageerden de ouders van de verdachten?
?Ook die mensen gaan door een hel?, zegt Hans Mos. Van Hartskamp knikt bevestigend. ?In dit soort zaken zorgen we dat de nabestaanden van de slachtoffers worden bijgestaan door familierechercheurs. Dat zijn speciaal opgeleide politiemensen, die nabestaanden kunnen helpen met praktische zaken. Dit keer hebben we ervoor gekozen ook de ouders van de verdachten te laten bijstaan. Dit gebeurde door de teamleider en de officier van justitie. Dat is ongebruikelijk, maar in onze optiek zijn zij evenzeer slachtoffer. De ouders belemmeren de onderzoeken niet.?

Er was kritiek dat de politie zondag niet meedeed aan een zoektocht naar Savannah en niet alert reageerde op meldingen over eerdere pogingen tot ontvoering van jonge meisjes.
?Voor het meedoen aan de speuractie was op basis van informatie uit het lopende vermissingsonderzoek geen reden?, zegt Hans Mos. ?Dat neemt niet weg dat we die betrokkenheid van de gemeenschap zeer waardeerden.?

?Daarom hebben we de zoektocht ook gefaciliteerd?, antwoordt Van Hartskamp. ?Maar deelnemen aan de zoektocht vergde op dat moment te veel capaciteit, die broodnodig was om het onderzoek naar de vermissing zo intensief mogelijk te doen. Sociale media speelden in deze zaak een grote rol, zowel positief als negatief. De meldingen over de inzittenden van een zwarte auto die meisjes zouden aanranden, namen we uiteraard zeer serieus. Van een verband met beide delicten is niets gebleken. Het hele circus op sociale media werkte een geruchtenstroom, angst en verwarring in de hand. Dat heeft ons echt gehinderd. Aan de andere kant was het indrukwekkend om te zien hoe de maatschappelijke betrokkenheid heel veel tips opleverde en de gemeenschappen waarin de drama?s zich afspeelden, samenkwamen om alle getroffenen steun te geven.?

Hans Mos: ?En het geeft toch een goed gevoel dat we de nabestaanden relatief snel duidelijkheid konden verschaffen. Weliswaar een hele schrale troost, maar een wetenschap die enige rust gaf.?

Gebruik van sociale media bij vermissingen door burgers
Aandachtspunten bij het gebruik van social media zijn te vinden op de website van het landelijk initiatief ZoekJeMee. Sociale media goede middelen zijn om een vermist persoon te helpen vinden. Ook geven de sociale mediaberichten steun aan de achterblijver (steuntje in de rug) en aan de vermiste persoon. Die ziet achteraf namelijk welke moeite is gedaan om hem of haar terug te vinden. De punten zijn afkomstig uit een onderzoek van?Wieke de Zwart (VU Amsterdam, MA Criminologie) ?Vermist, een onderzoek naar het aandeel en de impact van het gebruik van sociale media door burgers bij vermissingen?.

Vooraf

  • Het vermelden van de vermissing op de sociale media is een schending van de privacy van de vermiste.
    • Geef niet te veel gevoelige informatie over een vermist persoon, zoals informatie over de toestand (boos of verward). Geef een feitelijke beschrijving van de persoon zodat anderen deze kunnen herkennen
    • De politie kan adviseren over het al dan niet plaatsen van een vermissing op de sociale media. Een andere partij is Stichting ZoekJeMee: specialisten in communicatie rondom vermissingen en voor praktische hulp voor achterblijvers.

Tijdens

  • Naast mogelijk positieve kunnen er ook negatieve reacties gegeven worden, zoals opmerkingen over het uiterlijk of (ongenuanceerde) oordelen, zoals: ?Wie laat nou iemand met Alzheimer alleen op pad gaan??;
  • De bruikbare tips zijn wellicht moeilijk verifieerbaar (zonder hulp van de politie);
  • Meer bekendheid kan soms nadelig uitpakken voor de veiligheid van een vermiste.
    Bijvoorbeeld als deze in handen is van een loverboy of een ontvoerder.

Na afloop

  • Het weghalen van vermissingsbericht lukt niet altijd voor 100%.
    • Er kan een blijvende confrontatie met de vermissing ontstaan, ook lang na afloop.
      Voor de vermiste persoon kan het ook carri?reproblemen opleveren, bijvoorbeeld als nog online staat dat een vermiste in verwarde toestand is weggegaan;
    • Het vermissingsbericht en/of de foto kan door anderen (opnieuw) online worden gedeeld. Het lijkt daardoor dat de vermiste opnieuw o?f nog steeds is vermist.

 

Bronnen: De Telegraaf, EenVandaag

Burgers die zelf jagen op boeven

Vrouw spoort aanrander op

Een vrouw van 28 uit Hoorn zocht zelf de man op die haar had aangerand. Hij had haar telefoon gestolen, maar bleef die wel gebruiken. Via een app wist ze ‘m op te sporen. Een typisch geval van burgeropsporing en het komt steeds vaker voor. Maar is het wenselijk?

Het is niet alleen van deze tijd dat burgers een rol spelen bij het opsporen van verdachten. Methoden die al jaren gebruikt worden door de politie zijn bijvoorbeeld getuigenverhoren en buurtonderzoeken. Maar de laatste tientallen jaren zijn er andere methoden bij gekomen. Met de opkomst van de digitale wereld kunnen burgers gemakkelijker en sneller bijdragen aan een politieonderzoek.

“De komst van internet heeft ervoor gezorgd dat burgers zelf bij informatie kunnen”, vertelt Arnout de Vries van onderzoeksbureau TNO. “Denk bijvoorbeeld aan sociale media. Daar kan je veel informatie vinden over mogelijke daders die iets met jouw zaak te maken hebben.”

Dat komt niet alleen doordat er meer informatie wordt verspreid, maar ook door de mogelijkheid meer middelen te gebruiken. “Er zijn apps die je kan downloaden waarmee je veel gemakkelijker dichter bij de dader komt”, gaat De Vries verder. “Een mobiele applicatie waarmee je de locatie van jouw mobiel kan traceren bijvoorbeeld. En zo’n app bestaat inmiddels ook al voor bepaalde auto’s.”

Dat is niet helemaal zonder gevaren. “Burgers maken zichzelf heel wat wijs. Het zijn gewoon amateur-speurders, maar ze zien zichzelf als een professioneel rechercheur.”

De 28-jarige vrouw uit Hoorn maakte gebruik van zo’n app en kwam op die manier de man die haar aanrandde op het spoor. De telefoon van de vrouw was na de aanranding door de dader meegenomen en werd ook door hem gebruikt. Hij had niet door dat hij daardoor in beeld zou kunnen komen.

Vandaag stond de Somalische man voor de rechter. Mohammed M. wordt verdacht van poging tot verkrachting en diefstal. Het OM eist 32 maanden cel tegen hem.

Zelf voor rechercheur spelen kan ertoe leiden dat burgers overgaan tot eigenrichting. “Als je eenmaal weet hoe een zaak in elkaar steekt, is het heel verleidelijk om voor eigen rechter te gaan spelen”, vertelt De Vries. Ook kan het zijn dat burgers juist het onderzoek van de politie in de weg zitten en sporen vernielen.

Andere risico’s zijn dat burgers inbreuk maken op de privacy van anderen. “Dat zie je bijvoorbeeld als mensen via sociale media een andere identiteit aannemen, om via groepen te proberen meer informatie over iemand te krijgen.” Soms gaat het zelfs z? ver dat burgers overgaan tot hacken. “En dan ben je gewoon illegaal bezig, dan overtreed je de wet.”

Heeft politie goed gehandeld? Slachtoffer speurde zelf verdachte op. Luister vanaf 7 min het interview op Radio 1, of bekijk hieronder op de uitzending in het 8 uur journaal van de NOS:

Wraakvader spoorde eigenhandig de internetoplichter van zijn dochter op

De risico’s van burgerparticipatie zie je bijvoorbeeld in het geval van ‘wraakvader’ Mario H. Zijn dochter krijgt begin dit jaar een bos rozen en chocolade van haar zogenaamde 17-jarige vriendje. H. vertrouwt de zaak niet en komt er via de bloemenwinkel achter dat de bloemen zijn gekocht door een oudere man.

Vader Mario H. waarschuwt de politie meerdere keren. Een tijd later krijgt hij een tip van een anonieme beller die zegt dat hij de auto van de man in een straat in Eindhoven heeft zien staan. H. gaat zelf op onderzoek uit en belt weer met de politie. “Als jullie hier niet binnen 5 minuten zijn, dan los ik het zelf op”, zegt hij.

Nog voor het arrestatieteam kan ingrijpen treft de politie de man aan met hoofdletsel, snijwonden en een dubbele armbreuk. H. bekent en wordt veroordeeld tot 10 maanden onvoorwaardelijke celstraf voor zware mishandeling. De rechtszaak tegen zijn slachtoffer gaat later dit jaar van start. Vandaag werd bekend dat het slachtoffer van de wraakvader online contact had met meerdere meisjes.

“Maar er zijn ook succesverhalen”, vertelt De Vries. “Twee meisjes in Haarlem werden in elkaar geslagen door een aantal jongens. Ze hebben aangifte gedaan bij de politie. Eenmaal thuis besloten ze niet op hun handen te gaan zitten, kropen achter de computer en vonden de jongens binnen een paar uur via Facebook.”

Dankzij hun initiatief kon de politie de twee daders direct oppakken. Na een bekentenis moest een rechter besluiten over hun straf.” De advocaat van de jongens vond het belachelijk. Hij zei dat er sprake was van amateurspeurwerk. “De rechter sprak dat tegen en zei: welkom in de 21ste eeuw.”

‘Kopschoppers’ krijgen lagere straf

Een groep jongeren mishandelde begin 2013 een man van 22 in Eindhoven. Beelden van de mishandeling gingen het internet over en er werd gezocht naar deze ‘kopschoppers’. De rechtbank vond dat de verdachten door het vertonen van de beelden in hun privacy zijn geschonden, Daarom kregen ze een lagere straf opgelegd.

Volgens De Vries is burgerparticipatie bij opsporingen niet te stoppen. “De vraag is dus hoe de politie dit in goede banen kan leiden.” Dat kan alleen als de politie meer kansen omarmt, vindt De Vries. “Ze moeten burgers faciliteren, informeren en tools en tips geven.” Maar de politie vindt het nog lastig daar mee om te gaan.

Dat begint volgens De Vries al bij het stellen van de goede vraag. “Aan het einde van een zaak vraagt de politie vaak aan burgers: heeft u nog wat gezien? Terwijl de vraag eigenlijk zou moeten zijn: heeft u nog idee?n?”

De politie houdt volgens De Vries de opsporing het liefst dicht bij zichzelf. “Maar ze moeten inzien dat iedereen expert is. Je kan expert zijn in je eigen wijk, in je eigen straat. En als je het zo bekijkt hebben we eigenlijk 16 miljoen experts in Nederland die met hun eigen idee?n kunnen bijdragen aan het oplossen van een opsporingszaak.”

En wat vindt de politie er zelf van?

De politie zelf zegt de burger juist w?l in te zetten, waar dat mogelijk is. “Er liggen heel veel kansen om de kracht, de kennis en de intelligentie van de burger te gebruiken om zaken op te lossen”, zegt Frank Smilda van de politie. “Wij zijn met 65.000 politiemensen en daarmee kunnen we nooit alle misdrijven oplossen. Maar we kunnen wel samen met die burger en het gebruik van sociale media, in combinatie met een smartphone, intelligenter en slimmer opsporen.”

Volgens Smilda is het daarin wel heel belangrijk dat voorkomen wordt dat mensen voor eigen rechter gaan spelen. “Het is zeer gevaarlijk als ze zomaar foto’s van burgers online zetten en zich afvragen of dat de mogelijke dader is. Het is heel belangrijk dat daar een stuk duiding bij komt en dat je als overheid ook aangeeft hoe de spelregels zijn.” Want fouten in een onderzoek, kunnen zomaar tot vrijspraak leiden.”

De politie beweegt mee met de ontwikkelingen in de samenleving, ook op technologisch vlak. En om de juiste burger bij de juiste zaak de betrekken, worden bijvoorbeeld websites of Facebook-advertising ingezet. “Dan vragen we mensen mee te denken in hypotheses en scenario’s om mee te rechercheren.”

Predictive Policing: Glad ijs of gouden kans voor de Nationale Politie?

Glad ijs of gouden kans voor de Nationale Politie? Publieke waarden binnen de inzet van predictive policing in Nederland

Predictive policing is een ontwikkeling die sterk in opkomst is binnen politieland, zowel in het buitenland als in Nederland. Deze technologische innovatie maakt het mogelijk om aan de hand van allerlei data crimineel gedrag te voorspellen waarmee de politie in toenemende mate proactief kan optreden in plaats van alleen reactief. De groeiende gegevensverzameling die hiermee gepaard gaat, impliceert een potenti?le inbreuk op de levenssfeer van burgers en kan daarmee een behoorlijke impact hebben op de maatschappij. Hoe die impact eruit gaat zien, is vooralsnog onbekend. De vraag rijst in hoeverre er met deze ontwikkeling rekening wordt gehouden met publieke waarden als respect voor privacy en gelijkheid. Het is daarom van belang om predictive policing nader onder de loep te nemen.

Dit onderzoek richt zich op de ontwikkeling van predictive policing in Nederland door te kijken naar de publieke waarden die een rol spelen hierbinnen. Daarbij is gekeken naar hoe de Nationale Politie predictive policing als concept benadert (beleidsmatige kant) en hoe het in de praktijk als instrument wordt ingezet. Als casestudy is daarom gekeken naar het Criminaliteits Anticipatie Systeem, een predictive policing systeem dat sinds een aantal jaren wordt gebruikt door de Nationale Politie. Vervolgens is de verhouding onderzocht tussen de publieke waarden die een rol bleken te spelen aan de hand van het Competing Values Framework van Talbot (Talbot, 2008). Door de ge?dentificeerde publieke waarden te plotten op dit model, worden bepaalde spanningen zichtbaar die bij ICT-ontwikkelingen binnen de overheid kunnen ontstaan tussen bepaalde waarden. Vervolgens kunnen hier conclusies aan worden verbonden over de balans tussen de vier kwadranten met publieke waarden. Zonder die balans kan er geen sprake zijn van legitimiteit van en vertrouwen van de samenleving in een beleidskeuze of in dit geval het inzetten van predictive policing.

Uit het onderzoek volgt dat er geen balans bestaat binnen predictive policing bij de Nationale Politie, zowel bij hoe de politie het concept benadert als hoe ze het inzet als instrument in de
praktijk. De focus wordt in het geval van de beleidsmatige kant te veel op de waarden effici?ntie, effectiviteit en sociale resultaten gelegd, waardoor andere belangrijk publieke waarden als transparantie, verantwoording en het recht op privacy behoorlijk in de knel komen. Hierdoor ontstaan spanningen waardoor een balans niet mogelijk is. Dit beeld wordt deels bevestigd in de casestudy van het Criminaliteits Anticipatie Systeem waarbij wederom de nadruk voornamelijk wordt gelegd op effici?ntie, effectiviteit en sociale resultaten. De disbalans is echter kleiner hier omdat in de huidige vorm de waarden transparantie en verantwoording nochtans voldoende worden gewaarborgd. Het risico is echter aanwezig dat deze waarden ook in de knel komen wanneer het systeem verder wordt ontwikkeld en daarmee complexer wordt.

Aan de hand van dit onderzoek kan de conclusie worden getrokken dat predictive policing zoals het nu bestaat binnen bij de Nationale Politie niet voldoende legitiem is en daarmee niet het vertrouwen verdient van de maatschappij.

[slideshare id=75524429&doc=predictivepolicing-gladijsofgoudenkansvoordenationalepolitie-170429121136&type=d]

App: HART – Harm Assessment Risk Tool

De politie van Durham begint met het testen van een Artificial Intelligence app HART – Harm Assessment Risk Tool – om te helpen in beslissingen over het verlaten van verdachten of ze in hechtenis te houden. Het systeem bevat tot 5 jaar aan data en geeft middels een kansberekening een score: lage, middelmatige of hoge kans op recidive.

Het systeem is al in 2013 getest en de resultaten zijn?vergeleken met wat er in de twee jaren daarna gebeurde. Ze vonden dat HART zeer goed gewerkt had voor de groep van lage risico’s, met een score van?98% van de tijd goed, en een score van 88% voor het juist berekenen van de categoriegroep (laag, middel of hoog).

Niet slecht voor een?computer. Een externe deskundige geeft aan dat het gereedschap nuttig kan zijn, maar dat het risico erin sluipt dat het zelfstandig beslissingen zou kunnen gaan maken. Tijdens de proefperiode werd de nauwkeurigheid van het HART algoritme gecontroleerd, maar het heeft geen beslissingen genomen die anders door de politie genomen zou zijn, zegt Sheena Urwin, hoofd van het strafrechtelijke Durham Constabulary. “Ik zie een systeem voor me dat de komende twee tot drie maanden de besluitvorming van officieren kan ondersteunen,” vertelde ze aan de BBC.

Prof. Lawrence Sherman, werkzaam aan de Universiteit van Cambridge, was betrokken bij de ontwikkeling van het instrument. Hij stelt voor dat HART in verschillende gevallen gebruikt zou kunnen worden, zoals bij beslissingen over of iemand een paar extra uur in hechtenis moet blijven; Of bijvoorbeeld voor een aanklacht op borgtocht kan worden vrijgelaten; Of, nadat een heffing is opgelegd, deze in bewaring moet worden overgedragen. “Het is tijd om het echt te gaan gebruiken en een goed experiment is de beste manier,” vertelde hij aan de BBC.

Tijdens het aanstaande experiment zullen officieren toegang krijgen tot het systeem in een willekeurige selectie van zaken, zodat de impact ervan kan worden vergeleken met wat er gebeurt wanneer dat niet het geval is.

Vooroordelen?

Vorig jaar publiceerde de Amerikaanse website ProPublica een onderzoek naar een algoritme dat door autoriteiten wordt gebruikt om de kans te voorspellen dat een arrestant een toekomstige misdaad begaat. Het onderzoek stelde dat?het algoritme raciale vooroordelen versterkt, en ook overdreven negatieve voorspellingen over zwarte versus witte verdachten maakte – hoewel de firma achter de technologie de bevindingen van ProPublica betwist.

“Tot op zekere hoogte doen leermodellen de verborgen en stilzwijgende aannames die door mensen zijn gemaakt,” waarschuwde prof Cary Coglianese, een politieke wetenschapper aan de Universiteit van Pennsylvania, die algoritmische besluitvorming heeft bestudeerd. “Dit zijn erg lastige [machine learning] modellen en het is lastig te beoordelen in hoeverre ze echt discriminerend zijn.” Het Durham-systeem bevat bijvoorbeeld ook gegevens over de postcode en het geslacht van de arrestant bijvoorbeeld. De makers van het systeem verzekeren echter dat slechts een postcode niet tot een uitslag kan leiden, en dat het systeem slechts een advies geeft. Ook een zgn. ‘audit trail’, waarin wordt bekeken hoe het systeem bij een bepaald besluit kwam, zal later nodig zijn, en de werking zal dan toegankelijk moeten zijn, aldus prof Sherman. Dr Helen Ryan, rechtsgeleerde bij de?Universiteit van Winchester, geeft aan dat ze HART “ongelooflijk interessant” vindt en dat er een enorm potentieel ligt om te kunnen profiteren mocht er een uitgebreiding van de pilot komen. “Ik denk dat het eigenlijk een zeer positieve ontwikkeling is,” voegt ze eraan toe. “Ik denk dat, potentieel, machines kunnen veel nauwkeuriger zijn – gegeven de juiste data – dan mensen.”

Bronnen: Gizmodo,?BBC

Debat: digitale dienstverlening politie

Wat kan de politie nog meer doen om de (digitale) dienstverlening te verbeteren? Op 31 mei jl. organiseerde de politie een strategisch debat aan de Uitleg in Den haag waar een studio werd opgebouwd die de uitzending live digitaal op het internet verzorgde. Hieronder een kijkje achter de schermen met politievloggers Jan-Willem & Tess, die betrokken waren bij de voorbereidingen:

TNO heeft samen met het ministerie VenJ en LMO een onderzoeks- en innovatieprogramma “Het Nieuwe Melden” waarin gekeken wordt naar toekomstige manieren van melden. Vandaag de dag is dat vaak nog telefonisch: 112 en 0900-8844 zijn de nummers waar burgers terecht kunnen als ze hulp willen inschakelen van de overheid. Er zijn meerdere redenen om naar nieuwe kanalen te kijken, Zo zijn er doelgroepen die niet of nauwelijks meer kunnen of willen bellen. Doven en slechthorenden is een voor de hand liggende groep die nu al om een 112 app vraagt, maar ook de nieuwe generatie belt steeds minder. Onderzoeken wijzen ook uit dat jongeren ook verwachten dat noodhulp verzoeken op social media worden gezien en opgevolgd. Facebook, Twitter Google en andere social media partijen werken daar zelf ook hard aan. Zo kun je met Twitter al noodberichten ontvangen van de politie (zie hieronder een screenshot van Metropolitan Police die het gebruikt), Facebook werkt onder andere samen met Amber Alert en Google heeft diverse succesvolle emergency response diensten?zoals de Person Finder.

Maar naast de nieuwe generatie en specifieke doelgroepen is er nog een andere reden om naar nieuwe kanalen te kijken. De aard van de meldingen gaat in de toekomst veranderen. Nu al zie je dat er een behoefte bestaat onder burgers om hulp van de overheid te vragen als ze slachtoffer zijn van ransomware (zoals WannaCry of de Blue Whale Challenge). Omdat er mensen zijn die zelfs zelfmoord plegen nalv ransomware als gedreigd wordt dat hun hele digitale hebben en houden online gaat als ze niet binnen een paar uur betalen, kun je wel spreken van een spoedje. Nu hoef je daar 112 niet voor te bellen. Maar ook het melden met data neemt toe. Steeds meer mensen hebben een internetding, een smartwatch bijvoorbeeld die een hartslag kan versturen. De meldkamers van vandaag de dag zijn nog niet klaar om die te ontvangen. Maar ook live beelden van een drone of ander apparaat dat opnames kan maken kan zeer waardevol zijn voor de meldkamer om een beter situationeel beeld te verkrijgen.

Ruim 4000 mensen hebben (delen van) de talkshow via politie.nl gevolgd. Op Twitter was de hashtag #incontact enige tijd trending topic.

Bekijk hieronder de hele video:

Digitale Dienstverlening from Politie on Vimeo.

Er waren 3 tafelrondes met de volgende tafelgasten:
1. Het Nieuwe Melden

2. Nieuw slachtofferschap

3. Cybercrime

De talkshow was de start van een nieuwe koers waarin we de ambitie hebben om sneller nieuwe vormen van digitale dienstverlening in te zetten om zo het contact tussen burgers en politie te verbeteren. Iedereen kan met?#incontact communiceren om deze ambitie blijvend waar te maken. Op Twitter zijn?volgers gevraagd een enqu?te in te vullen over de politievlogs en digitale dienstverlening. Dat heeft waardevolle informatie opgeleverd. De volgende tweet illustreert dat:

Bronnen: Politie.nl

A-Team uit Kootwijkerbroek

Crimineel gespuis kan het Veluwse dorp Kootwijkerbroek maar beter links laten liggen. Een 50 man sterke burgerwacht jaagt met honden en helikopters op inbrekers.

Criminelen die het hazenpad kiezen, komen niet ver. Al snel voelen ze de hete adem van de burgerwacht in hun nek, die de achtervolging heeft ingezet per helikopter. Foto’s van de burgerwacht uit Kootwijkerbroek tonen hoe een ronkende heli enkele meters boven twee sidderende verdachten hangt. Ook is te zien hoe groepsleden de verdachten stevig tegen de grond drukken. Ze kunnen geen kant meer op.

Deze burgerwacht is professioneel uitgerust. Volgens een anonieme ingewijde staan er drie helikopters klaar die direct kunnen opstijgen zodra er een melding komt. Die zijn eigendom van bedrijven uit de omgeving. Tijdens acties dragen leden van de groep kogelvrije vesten, portofoons en zaklampen die ook te gebruiken zijn als slagwapen. De motieven van deze groep zijn meerledig. Zo was er?een tijd lang sprake van diefstallen van grote bedragen bij een aantal ondernemers uit de buurt en men had veel inbraken op zondag tijdens de kerkdienst waar veel bewoners uit dit gebied heen gaan wat een groot onveiligheidsgevoel gaf. De relatief lange aanrijtijden van de politie (een burgergroep kan binnen 2-3 minuten op bestemming zijn) en het negatieve beeld dat ontstond van het effect van de politie leidde tot de oprichting van deze groep. Inmiddels bestaat de groep uit zo’n 50 personen.

De burgerwacht is erg succesvol. Dankzij hen heeft Henk van de Kamp, eigenaar van G. van de Kamp Transport in Stroe, geen last meer van brandstofdieven. ,,Twee Poolse dieven hebben twaalf keer brandstof van mijn vrachtwagens afgetapt. De laatste keer waren ze het haasje. De dieven waren nog niet op mijn terrein of ze hadden veertig man achter zich aan rennen. Toen we ze hadden gepakt, stonden ze te beven op hun benen. We hebben ze overgedragen aan de politie. Ik heb nooit meer last van ze gehad.”

De leden van de groep willen zelf onder geen beding vertellen over hun ervaringen. Wel traden ze op in een videoreportage over Kootwijkerbroek. Daarin vertelt ??n van de initiatiefnemers over het succes. ,,Door onze snelheid hebben we al heel wat boeven gevangen. We overmeesteren ze, leggen ze plat op de grond en wachten tot de politie er is.”

Betrokkenen willen niet zeggen of aanhoudingen gepaard gaan met geweld. ,,Daar moet je niet te veel over lullen”, zegt een 19-jarige inwoner van Stroe, die ??n van de brandstofdieven bij Van de Kamp in de kladden greep. ,,Maar een groep boze boeren schrikt meer af dan de politie. Gepakte inbrekers komen hier niet meer terug.”

Bij onraad krijgen leden van de groep meteen een whatsappje. Dan springen ze in hun auto en scheuren met gierende banden en knipperende alarmlichten door het dorp. ,,Bij een melding staan binnen een paar minuten de eerste leden op je erf”, zegt een inwoner van Kootwijkerbroek. ,,Terwijl het een halfuur duurt voor de politie er is.

De gemeente Barneveld en de politie werken samen met de burgerwacht, die nu vier jaar bestaat. ,,Als er tegelijkertijd een incident is aan de andere kant van de gemeente, is de politie niet vaak niet in staat om op tijd te komen”, zegt gemeentewoordvoerder Bertil Rebel.

De knokploeg draagt kogelwerende vesten.

De ploeg draagt kogelwerende vesten.?

?Agressieve mensen en doetjes? worden uit de groep geweerd en de groep is zeer professioneel opgezet. Ze gebruiken een eigen alarmnummer, beschikken over wagens, helikopters, en hebben al meerdere zelfverdedigingstrainingen gevolgd.

Hij zegt niet bang te zijn voor geweldsexcessen. ,,Natuurlijk kan het staande houden van een inbreker weleens gepaard gaan met geweld. Dat gebeurt soms in het heetst van de strijd.” Socioloog en expert op het gebied van burgerwachten Vasco Lub ziet meer haken en ogen. ,,De politie is er om zijn burgers te beschermen. Ze moet voorkomen dat burgers het heft in eigen handen nemen.”?De afgelopen jaren is het aantal inbraken flink afgenomen, zegt een inwoner van Kootwijkerbroek. ,,Criminelen geven natuurlijk ook aan elkaar door wat hier gebeurt. Ze weten dat ze zich hier beter niet meer kunnen vertonen.”

Ontwikkelpleinbijeenkomst
Burgers organiseren zichzelf via WhatsApp of speciale buurtapps en attenderen elkaar en de politie of gemeente op veiligheidszaken en verdachte situaties in de buurt. In Nederland zijn er naar schatting nu al meer dan 7000 groepen. Er zijn enkele incidenten waarbij geweld is gebruikt door burgers, maar die worden over-gerepresenteerd in de media. Over het algemeen is het een positive ontwikkeling, met vaak een daling van inbraken, daders die eerder gepakt worden, of soms een vermist personen die eerder wordt teruggevonden. De politie is heel blij met deze betrokkenheid, want; met vele ogen zien we meer en dit vergroot de kans op heterdaad aanhoudingen. Maar wat moet de politie of het lokale bestuur doen als een dergelijke groep uitgroeit tot een burgerwacht die 24/7 paraat staat om met eigen middelen de veiligheid in de wijk te bewaken? Andere burgers kunnen zich ge?ntimideerd voelen en in het uiterste geval wordt zelfs geweld niet geschuwd, met als gevolg een strafrechtelijk onderzoek. Het inspiratiepunt Eenheid Oost organiseerde een ontwikkelpleinbijeenkomst op 23 mei waar een aantal wijkagenten hun ervaringen en dilemma?s over dit onderwerp deelden en gaan we samen met collega?s, partners, experts ?n (niet te vergeten) met burgers zelf op zoek naar oplossingen voor vragen als: Hoe verhoudt de politie en het lokaal bestuur zich in relatie tot dergelijke groepen? Wat is het effect op ons imago en het vertrouwen in de politie? Wat zijn de do?s en don?ts? Waar ligt de grens van wat wel en niet mag? Hoe blijf je in verbinding en kom je tot goede afspraken met buurtpreventiegroepen? Het doel is dat we komen tot praktische oplossingen voor een toch wel complex vraagstuk en van dit ?probleem? weer ?de bedoeling? maken.

Naast een aantal hele goede punten, zoals over informatie uitwisseling, waren er ook een aantal leerpunten voor zowel politie, gemeente als de WhatsApp groep.?De communicatie tussen politie en leden whatsappgroep is erg belangrijk en kan verbeterd worden:

  • Wijkagent zou op periodieke momenten bij de groep aan moeten schuiven
  • Negatieve beelden van elkaar zouden moeten worden ontkracht door met elkaar te praten
  • Begrip van de processen en protocollen waar de politie zich aan moet houden zou vergroot moeten worden bij de burgers door deze aan hen uit te leggen
  • Duidelijke afspraken maken wat burgers strafrechtelijk wel of niet mogen doen (alleen persoon aanhouden op heterdaad)
  • Initiatief moet hier bij alle drie de partijen liggen (burgerinitiatieven, politie en gemeente)

Bronnen: Gelderlander

 

Real Time Intelligence verbetert politieoptreden

Het is de nachtmerrie van elke ouder: je bent een paar seconden afgeleid en ineens is je peuter verdwenen. De politie is op zo?n moment snel ter plekke. Maar de inschatting van wat er gebeurd kan zijn, is lastig te maken. Hier moet ?Real Time Intelligence? (RTI) uitkomst bieden.

Met RTI breng je relevante kennis en informatie uit verschillende systemen direct samen, en trek je daar conclusies uit om snel de juiste acties te kunnen ondernemen. ?Zo ver zijn we nog niet, maar in het Real Time Intelligence Lab brengen we dit soort innovatieve oplossingen dichterbij?, zegt Christiaan van den Berg, Programmamanager Secure Society van TNO. Het Real Time Intelligence Lab (RTI Lab) is opgezet door TNO in samenwerking met de Nationale Politie en het nationale veiligheidscluster The Hague Security Delta (HSD). Het is een experimenteeromgeving waarin ze samen met bedrijven en kennisinstellingen proeven doen met hardware, software, methoden, modellen, werkwijzen en combinaties daarvan. TNO brengt expertise in over onder meer ICT, modellering, kunstmatige intelligentie en menselijk gedrag.

Doeltreffend handelen met real time informatie

?Real time? betekent dat actuele data zonder vertraging beschikbaar is. Door de data te verrijken met andere bronnen en kennis, ontstaat ?intelligence?. Die moet aan de ene kant compleet zijn, maar ook ontdaan zijn van overbodige gegevens. Real Time Intelligence stelt de politie in staat in uiteenlopende situaties snel de juiste beslissingen te nemen en adequaat te handelen. In het voorbeeld van het verdwenen kind kun je je voorstellen dat er in no time een recente foto beschikbaar moet zijn, die direct via sociale media en met aansprekende hashtags wordt verspreid. Om doeltreffend te kunnen handelen, heeft de agent ?real time? informatie nodig van het kind en over de buurt.

?Je kunt laten zien op welke plekken een kind logischerwijs in de buurt te vinden kan zijn, zoals in een speelgoedwinkel of een parkje?

Slimme koppelingen voor actuele informatie

?We werken aan systemen die typische gedragingen tonen voor kinderen van de betreffende leeftijd?, zegt Van den Berg. ?Je kunt bijvoorbeeld laten zien op welke plekken een kind logischerwijs in de buurt te vinden kan zijn, zoals in een speelgoedwinkel of een parkje. De ingezette agenten kunnen dan op hun scherm de loop-, fiets- of autoroute er naartoe zien, inclusief eventuele wegopbrekingen. Slimme koppelingen zorgen ervoor dat zo?n systeem ook aangeeft dat er recent een melding was over een buurtbewoner, die verdacht gedrag rond een kind vertoonde. Via de meldkamer kan dan bijvoorbeeld worden gecontroleerd of diens auto in de buurt is.?

Intelligent combineren van databronnen

?Het gaat om het intelligent combineren van uiteenlopende databronnen die samen met de beschikbare kennis handelingsperspectief bieden. Dus geen lange lijst met mogelijkheden waaruit de politiemensen moeten kiezen, maar een die is teruggebracht tot suggesties voor enkele logische handelingsopties. Een systeem kan namelijk op basis van wetenschappelijk onderzoek, computermodellen en actuele informatie de meest waarschijnlijke hypothese berekenen. Er zijn allerlei prachtige technologie?n om gegevens te ontsluiten, maar de kunst is die te combineren tot een bruikbaar instrument voor de politie.?

?In het RTI Lab kunnen we samen in de operatie experimenteren met nieuwe toepassingen en concepten, die het politiewerk kunnen verbeteren?

Misdaad voorspellen

In het RTI Lab worden relevante ontwikkelingen wereldwijd gescand en beoordeeld op relevantie voor RTI. Partijen doen er verschillende experimenten, bijvoorbeeld met het kunnen voorspellen van misdaden door de inzet van big data en algoritmes. Verder zijn er in het lab proeven gehouden met ?multitouch tables?, ter ondersteuning van de besluitvorming. Deze werden gebruikt door een co?rdinerende staf, de zogenaamde ?Staf Grootschalig en Bijzonder Optreden?, die actief is bij een ramp of crisis.

Politiewerk verbeteren

Ge?ntegreerde en actuele informatievoorziening kan leiden tot betere en snellere besluitvorming over effectief optreden. Jan ter Mors, Programmamanager Intelligence van de Nationale Politie: ?Het RTI Lab is voor de politie van waarde omdat we daarin op professionele wijze samen met veiligheidspartners, kennisinstituten en burgers in de operatie kunnen experimenteren met nieuwe toepassingen en concepten, die het politiewerk kunnen verbeteren.?

?We werken samen aan zowel een veiligere wereld als aan groei van de sector?

Experimenten geven inzicht in toepasbaarheid

?RTI is nooit af. Daarom willen we in het RTI Lab voortdurend met elkaar nieuwe dingen uitproberen en aantonen wat wel en niet werkt?, vertelt Van den Berg. ?De experimenten bieden inzicht in de toepasbaarheid van idee?n, werkwijzen of technologie?n voor politie, veiligheidsregio?s, gemeenten of beveiligingsbedrijven.? HSD faciliteert de samenwerking tussen bedrijven, overheden en kennisinstellingen om tot innovatieve oplossingen te komen. ?Het RTI Lab is hier een mooi voorbeeld van?, zegt Mark Ruijsendaal van HSD. ?Door partijen met specifieke kennis en instrumenten aan elkaar te verbinden, ontstaan nieuwe inzichten in de waarde en toepasbaarheid van innovaties op dit gebied. We bieden partners een betrouwbare innovatiebasis met perspectief op opschaling. Zo werken we samen aan zowel een veiligere wereld als aan groei van de sector.?

Bronnen: TNO Time, HSD RTI Lab

App: Mobile Witness

Mobile Witness (Android) is een app voor het verzamelen van bewijs met behulp van je mobiele telefoon. Je kunt als burger bewijs opnemen door een foto, filmpje of audiofragment op te nemen, maar er ook een getuigenverklaring mee opnemen, om ze vervolgens te uploaden. Om te voorkomen dat voor daders duidelijk wordt dat je opneemt, gaan opnames gewoon door als het scherm is uitgeschakeld. Maar de app prijst zichzelf in de markt met meer toepassingen, zo kun je het ook gebruiken om het handelen van de politie op te nemen.

Toch is de app vooral bedoelt om mensen die je lastig vallen of zelfs aanvallen op te nemen. Zelfs als je telefoon wordt afgepakt zijn de beelden online al veilig gesteld.

Normale apparaten en apps zijn niet echt geschikt voor het verzamelen van degrlijk bewijs. Ze maken vaak een geluidje, het scherm blijft aan of je moet wachten tot de opname is gemaakt alvorens het te kunnen versturen. En met andere apps kun je de online veiliggestelde opnames weer eenvoudig wissen. Mobile Witness heeft deze problemen proberen te ondervangen. Bij de opnames wordt de locatie ook toegevoegd en je kunt kiezen of je de opnames wilt plaatsen in diverse diensten als Dropbox, Google Drive, OneDrive of persoonlijke servers. De app verzamelt geen persoonlijke gegevens van je, niet in de opnamen en niet in de metadata en je blijft baas van je eigen bestanden.

Bronnen: Mobile Witness

Killfie

Bovenstaande foto is van een groep jongeren die in HongKong diverse hoge gebouwen beklommen hebben en “Killfies” namen

De politie waarschuwt in diverse landen voor?een gevaarlijke nieuwe social media trend. Onlangs is een jonge man gearresteerd die op een foto te zien was terwijl hij in Virginia aan de Westin toren hing (het hoogste gebouw in de staat Virginia). Hij slaagde erin om naar de top te klimmen, waar een vriend een foto nam. De vader van die vriend heeft later contact opgenomen met de politie. De foto is volgens de politie onderdeel van een?online trend waarbij mensen Selfies maken bij?het uitvoeren van gevaarlijke, levensbedreigende capriolen. Het fenomeen heet op diverse social media een ‘killfie‘.

“Gek. Als het mijn kind was, zou ik hem vermoorden! ‘Zei Virginia Cope in een reactie op het bericht.?Het is niet duidelijk hoe de mannen toegang hebben gekregen tot het dak van het gebouw. “Best gestoord. Ik denk niet dat ik zoiets zou doen. Je hebt mensen die adrenaline junkies zijn, dus dat is net als extreme sporten”, zei David Mason, beheerder van het gebouw. “Er zijn veel video’s waar mensen bovenop gebouwen liggen en ze van het ene gebouw naar het andere springen. Het staat cool op de foto, “zei een inwoner van Virginia Beach.

Terwijl de foto zelf misschien cool is, was die situatie niet te onderschatten. De politie onderzoekt of er in dergelijke gevallen sprake kan zijn van een misdrijf. Toch kiest de politie uit Virginia er nu niet voor de jongens?te vervolgen, maar juist dit voorbeeld in een voorlichtingscampagne te benutten. De Virginia politie zegt dat ze andere bedrijven met gevaarlijke plaatsen op de hoogte hebben gesteld van het fenomeen en ouders worden aangemoedigd om met hun kinderen te praten over de gevaren van een killfie.

Een overzicht van andere Killfies. De online trend (meme) is begonnen na een video die in februari?het Russische model Victoria Odintcova aan de Cayan Tower in Dubai hing. De politie in Dubai veroordeelde de acties van het model, maar het werd zeer veel bekeken.

Full video (link in bio)! @a_mavrin #MAVRINmodels #MAVRIN #VikiOdintcova #Dubai

Een bericht gedeeld door VIKI ODINTCOVA (@viki_odintcova) op

Trying to take a what is termed a killfie shot by standing in the path of an oncoming train this morning. Lol

Een bericht gedeeld door Aileen Y (@divedivaileen) op

Cliffs are dangerous #cliffedge #scary #lionmountain #hiking #islandlife #medstudent #killfie

Een bericht gedeeld door _K A V I N M A A RAGHURAM_ (@kavinmaa) op

Bronnen: 12 News, WJLA

Moordvideo’s op Facebook

facebook live

Beelden van moord?in een online streaming video

Live video als logisch vervolg op de selfie.?Een Thaise man zette afgelopen week een filmpje op Facebook gezet waarin hij zijn elf maanden oude dochter om het leven brengt. De vader werd later levenloos gevonden naast het lijk van zijn dochter. De beelden hebben ongeveer 24 uur op het sociale netwerk gestaan voordat ze werden opgemerkt en verwijderd, meldt de Thaise politie. Op de beelden was te zien hoe Wuttisan Wongtalay een touw om de nek van zijn dochter doet en haar vervolgens wurgt. Daarna gooit hij het levenloze lichaampje vanaf de bovenste verdieping van een verlaten gebouw in de stad Phuket. Volgens een woordvoerder van de Thaise politie was de man bang dat zijn vrouw niet meer van hem hield en hem wilde verlaten.

Facebook onder vergrootglas?

Een nieuw incident legt Facebook andermaal onder het vergrootglas. Facebook belooft beterschap en strengere controle na de uitgezonden moord op zijn netwerk. Maar zijn die maatregelen afdoende? Nee, zeggen Nederlandse experts.

Op de video is te zien hoe de 37-jarige Steve Stephens uit Cleveland zichzelf filmt in zijn auto. ‘Ik heb iemand gevonden die ik ga doden’, zegt hij tegen de camera. ‘Ik ga deze man hier doden. Hij is nog oud ook.’ Stephens stapt vervolgens uit en vraagt een 74-jarige man de naam van zijn vriendin te noemen. Als het slachtoffer dat doet, vertelt Stephens hem dat deze vriendin de reden is dat hij wordt doodgeschoten. Een smeekbede helpt niet: Stephens schiet hem door het hoofd.

Moordenaar pleegt zelfmoord

Steve Stephens heeft zich volgens de politie in Pennsylvania dinsdag van het leven beroofd. Dit zou zijn gebeurd tijdens een ‘korte achtervolging’. Volgens de politie schoot Stephens zichzelf dood in Erie County, vlakbij de grens met Ohio, nadat door de politie een klopjacht op hem was ingezet.

De video is onderdeel van een sinister drieluik. In de eerste upload om 14.09 uur (lokale tijd) vertelt Stephens dat hij van plan is een moord te plegen. Twee minuten later komt de video met de schietpartij online en om 14.22 uur start Stephens een live-uitzending waarin hij de moord bekent. De eerste melding komt kort om 14.27 uur binnen bij Facebook, kort na afloop van de live video.

Uiteindelijk haalt Facebook de video pas na een uur of twee offline, wat Facebook op harde kritiek is komen te staan. Het bedrijf was er maandag snel bij om beterschap te beloven: de beoordeling moet sneller en beter. Facebook is naar eigen zeggen erg afhankelijk van meldingen van zijn gebruikers bij het offline halen van materiaal. De pogingen om kunstmatige intelligentie hiervoor in te zetten zijn nog primitief.

Spiegel?

Beelden uit de Facebook Live-video van de man die in Cleveland (Ohio) een voorbijganger neerschoot.
Beelden uit de Facebook Live-video van de man die in Cleveland (Ohio) een voorbijganger neerschoot. ? REUTERS

De vraag is in hoeverre Facebook verantwoordelijk kan worden gehouden voor wat er op zijn netwerk gebeurt. Zelf heeft het bedrijf jarenlang volgehouden dat het slechts een spiegel is van de werkelijkheid, inclusief zijn donkere kanten, waarvoor het neutraal gereedschap biedt. “Persoonlijk, emotioneel, rauw en instinctief”, zo moest Facebook Live worden,?zei?Mark Zuckerberg vorig jaar vlak na de lancering van zijn nieuwe videoplatform. “Mensen willen op deze manier met elkaar communiceren. Het is live, het kan op geen enkele manier gecureerd worden. En om deze reden bevrijdt het mensen, opdat ze zichzelf kunnen zijn.” Pas de laatste maanden is het bedrijf gaan schuiven, bijvoorbeeld bij het aanpakken van nepnieuws. Opperbaas Zuckerberg gaf vorig jaar, bij de introductie van Facebook Live, nog geen blijk van zorgen over de negatieve kanten. ‘Omdat het live is, kan het onmogelijk worden opgeschoond. En juist vanwege dit livekarakter dwingt het mensen zichzelf te zijn.’

“Het is een afschuwelijke misdaad, een waar geen plek voor is op Facebook en die indruist tegen ons beleid en alles waar we voor staan,”?zegt Justin Osofsky, vice president global operations bij Facebook, in een?blogpost. “We weten dat we het beter moeten doen”. In zijn?manifest?schrijft Zuckerberg dat kunstmatige intelligentie de oplossing moet bieden.

Het neurale netwerk moet in de nabije toekomst zo slim zijn dat het geheel zelfstandig zelfmoorden en pesterijen in (live)video’s vroegtijdig signaleert en daar waar mogelijk voorkomt. Facebook is nu te afhankelijk van de goodwill van zijn gebruikers. Zij moeten aangeven of bepaalde content wel of niet door de beugel kan. Met miljarden gebruikers die allemaal de mogelijkheid hebben om een gebeurtenis live te streamen is dit een onbegonnen taak. Er is altijd wel iets dat door het netwerk van ogen heen glipt.

Het bedrijf beloofde (voor de zoveelste keer) strengere controles en n?g meer software om wraak- dan wel kinderporno sneller op te sporen en te verwijderen. Maar keer op keer blijkt dat mens en machine falen, hoe choquerend sommige beelden en boodschappen ook zijn. Er glipt nog steeds van alles door de mazen van het net, van kinderporno via executies en onthoofdingen in Raqqa tot live gestreamde gang bangs. Volgens de moderatoren van Facebook schonden die beelden de gedragscode van Facebook niet, terwijl ze overduidelijk in strijd zijn met de wet.

Volgens Zuckerberg is live video het perfecte medium om ‘ruw en instinctief’ materiaal te plaatsen. De eerdere incidenten met live uitgezonden verkrachtingen en een neergeschoten verdachte zetten deze woorden in een wat ander daglicht. Horen dit soort beelden er nou eenmaal bij of moet Facebook zijn verantwoordelijkheid nemen?

Jeroen van den Hoven – hoogleraar ethiek & techniek aan de TU Delft

‘Facebook slechts een spiegel? Onzin. Facebook geeft iedereen een supermegafoon om alles ongefilterd de wereld in te slingeren. Daarmee grijpt Facebook echt in de wereld in, in de manier hoe we met elkaar omgaan. Bovendien: ook iemand die een spiegel ophangt, heeft zijn verantwoordelijkheid. Het gaat hier om de kwaliteit van de samenleving en de democratie. Als Zuckerberg al zijn mooie woorden in zijn manifesten serieus neemt, maakt hij hier werk van. En als dat betekent dat ze moeten stoppen met Facebook Live, dan zij dat zo.’

Jan van Dijk – mediahoogleraar Universiteit Twente

‘Helemaal stoppen met live video gaat me veel te ver. Ik zie Facebook Live als een stuk gereedschap dat voor goede zaken, maar ook voor slechte kan worden ingezet. Facebook is de laatste tijd wat aan het bijdraaien, onder druk van de politieke opinie, maar ik heb niet de indruk dat dat van harte gaat. Voor een bedrijf dat totale transparantie propageert is hun eigen geslotenheid nogal wrang. We zijn overgeleverd aan de regeltjes en algoritmes van Facebook, zonder dat we weten wat de regels precies zijn. D?t is het grote probleem.’

Coen Simon – Filosoof en schrijver

‘Technologie, en zeker die van de sociale media, is van invloed op de inhoud van onze publieke mening. Techniek is niet neutraal: techniek roept bepaald gedrag op. Bij deze moord is het publiek een onderdeel van de daad. Zonder het publiek bestaat deze actie niet. Maar mijn bezwaren zijn breder. Ik heb er moeite mee dat een grote commerci?le organisatie als Facebook zo’n belangrijke publieke functie heeft. Het is de taak van de overheid de publieke ruimte veilig te houden. De overheid moet dus ook social media faciliteren, net zoals met de publieke omroep gebeurt. Een overheids-Facebook dus. Ja, ik ken de staat van dienst van de overheid op it-gebied, dus dit klinkt als een horrorscenario. Maar het is de enige oplossing.’

Esther Keymolen – techniekfilosoof aan de Universiteit Leiden

‘Facebook is m??r dan een neutraal doorgeefluik en moet dus ook zijn verantwoordelijkheid nemen. 100 Procent veiligheid kan met livevideo niet geboden worden, maar Facebook kan absoluut meer doen dan nu het geval is. Het grootste probleem met Facebook is dat het niet transparant is over zijn regels. We moeten ze maar op hun blauwe ogen geloven als ze zeggen dat ze er alles aan doen. Met het aanpakken van nepnieuws zei Facebook lange tijd ook dat dit niet kon worden aangepakt. Dat was niet vol te houden. De eerste stap? Laat buitenstaanders maar eens meekijken, om zo inzicht in de procedures te krijgen.’

De lijst van misstanden die via Facebook Live worden uitgezonden neemt inmiddels schrikbarende vormen aan:

13 juni 2016: De 25-jarige radicale moslim Larossi Abballa steekt in een voorstad van Parijs een politieagent en zijn vrouw dood. In het huis van het echtpaar, waar ook zich ook een driejarig kind bevindt, maakt hij een dreigvideo die hij live via Facebook uitzendt.

6 juli 2016: Philando Castile wordt aan de kant gezet vanwege een kapot achterlicht en wordt neergeschoten door de politie op het moment dat hij zijn rijbewijs wil pakken. Zijn vriendin zendt de hele gebeurtenis live uit op Facebook.

26 juli 2016:?Shanavia Miller slaat haar 16-jarige dochter Nia 4 minuten lang voor het oog van de camera. Nia zou sexy foto’s van zichzelf en haar vriendje op Facebook hebben geplaatst, waar haar moeder duidelijk niet achter staat. Aan het eind van de video doet Miller haar haar goed en zegt ze: ?”Jullie moeten me helpen om deze video viral te laten gaan, alsjeblieft deel hem. Want ik ben nog niet klaar. Nu kan iedereen op social media zien wat voor een sukkel je bent. Je hebt mij voor schut gezet, terwijl ik er alles aan doe om een goede ouder te zijn!”

10 oktober 2016:?Erdogan Ceren, een 22-jarige Turk, schiet zichzelf door het hoofd tijdens een livestream nadat zijn vriendin de relatie met hem verbroken heeft. Voordat hij de trekker overhaalt zegt hij: “Niemand geloofde toen ik zei dat ik zelfmoord zou plegen. Dus kijk dit.”

30 december 2016:?Na pesterijen op school en seksueel misbruik door een familielid, deelt Katelyn Nicole Davis haar zelfmoord in de tuin van haar ouderlijk huis met haar volgers. Op de video is te horen hoe familieleden haar naam roepen terwijl ze haar zoeken.

3 januari 2017:?In een half uur durende Facebook Live uitzending is te zien hoe vier jongeren een verstandelijk beperkte man vastbinden, martelen en uitschelden.

19 januari 2017:?Shayla Rudolph toont tijdens een live-uitzending op Facebook hoe ze haar 2-jarige zoontje tot stilte maant door hem met behulp van plakband aan de armen en het hoofd aan de muur te kleven.

21 januari 2017:?In een besloten Facebookgroep kijken circa 200 mensen live naar de groepsverkrachting van een Zweedse vrouw door drie mannen. De beelden worden al snel buiten de beslotenheid van de groep gedeeld. Een van de kijkers alarmeert uiteindelijk de politie die de daders snel weet op te pakken.

22 januari 2017:?Het 14-jarige meisje Nakia Venant zendt via Facebook uit hoe zij zichzelf van het leven berooft in de badkamer van het huis van haar pleegouders. Een kijker sloeg alarm, maar hulpdiensten komen te laat om haar te redden.

23 januari 2017:?Acteur Frederick Jay Bowdy schiet zichzelf door het hoofd terwijl hij via Facebook Live aan het uitzenden is. Een familielid in een andere staat waarschuwt de politie, maar deze is te laat om de zelfmoord te voorkomen.

20 maart 2017:?De groepsverkrachting van een 15-jarig meisje door 5 tot 6 mannen wordt uitgezonden via Facebook Live. Naar de uitzending kijken zo?n 40 mensen.

3 april 2017:?De 23-jarige Arjun Bharadwaj springt van de 19e verdieping van een hotel in Mumbai zijn dood tegemoet. Vlak daarvoor legde hij via Facebook Live uit?hoe?je zelfmoord moet plegen.

Hartverscheurend

Zuckerberg noemt de voorvallen ,,hartverscheurend? en schrijft verder ,,Ik heb nagedacht over hoe we het beter kunnen doen voor onze online gemeenschap?. Na de moord in Thailand zei de politie in dat land dat het op zoek ging naar betere mogelijkheden om sneller geweldvideo’s offline te halen. De Facebook-oprichter lijkt geluisterd te hebben naar deze wens en wijst er op dat de extra inzet moet bijdragen aan het snel offline halen van foute video’s.

De 3.000 extra controleurs komen bovenop een team van 4.500 mensen dat al dagelijks gerapporteerde inhoud op Facebook nakijkt. Het moet ook makkelijker worden om video aan te geven bij het controleteam en Zuckerberg wijst er op dat het bedrijf vlotter actie wil gaan ondernemen. ,,Of het nu gaat om snel reageren bij iemand die hulp nodig heeft of het weghalen van een post?.

Video, tekst en foto?s die geweld promoten of verheerlijken zijn in strijd met de voorwaarden van Facebook. Toch worden ze vaak niet zo snel weg gehaald. Met de duizenden extra krachten wil het Amerikaanse bedrijf nu beter kunnen reageren. Eerder waren er ook klachten over de bestaande controleurs. Die zouden soms kritische, maar verder onschuldige, plaatjes veel te snel verwijderen.

Onderschat het werk van dergelijke content moderators niet, bekijk bijvoorbeeld onderstaande documentaire eens:

En het online posten kan ook voordelen hebben, er zijn meer getuigen of het kan zelfs voorkomen worden. Zoals onderstaand voorbeeld van een zelfmoordpoging: