Tagarchief: politie

Sukey: social media antwoord tegen ?kettling? tactiek

Sukey

Sukey werd op?28 januari 2011 ?gelanceerd?in Groot-Brittanni? om?de communicatie tussen demonstranten (vooral studenten) te verbeteren. Het doel was?vooral om een antwoord te vinden op de Kettling tactiek van de politie. Het werd meteen in?de praktijk getest op de vreedzame studentenprotesten in Londen op 29 januari van dat jaar.

Kettling (beeldspraak voor een massa die door de politie ‘binnen de hogedrukketel’ gehouden wordt, maar dat op de klank af natuurlijk ook verwijst naar de behandeling van vee, cattle) betekent dat de politie een groot cordon vormt en zo een beperkt gebied afzet. Demonstranten kunnen dan met toeziend oog?van de politie ??n voor ??n het gebied verlaten, of worden daar bij elkaar gehouden om erger te voorkomen of om diverse mensen uit zo’n groep te kunnen arresteren. De tactiek is controversieel omdat ook gewone omstanders in zo’n groep terecht kunnen komen en onder voet gelopen worden of anderszins gewond kunnen raken. In maart 2012 werd Kettling toegestaan als methode door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, na een juridisch geschil. Controverse was er onder andere toen het werd ingezet bij een G20 bijeenkomst in Toronto, waar de Kettle 4 uur duurde.

sukey1

Sukey is vernoemd naar het kinderliedje ‘Polly Put The Kettle On‘, dat eindigt wanneer de Sukey wordt gevraagd om de ketel van het vuur te halen. Sukey is dus de held die de een einde maakt aan de “verhitte ketel” taktiek (?Polly puts the kettle on, Sukey takes it off again?). In die vroege tijd van computer-humor (ik ben Godzilla in de Thames) werd ook?het groene monster als mascotte bedacht.

Sukey is in 2010 opgericht door Sam Carlisle en Sam Gaus tijdens de bezetting?van het University College in Londen. Met Sukey kun je tijdens de?demonstratie nieuwtjes delen geplot op een kaart, met elkaar communiceren en logistieke ondersteuning organiseren en daarmee de?protesten zo te organiseren dat Ketting en andere interventies van de autoriteiten bemoeilijkt worden.

Woordvoerder Tim Hardy zei tijdens de protesten van 29 januari 2011:” Londen was de enige situatie waar we het toepasten en de enige waar geen problemen waren, ook geen kettling. We denken dat het heeft bijgedragen aan vredig verloop” . En:?”We gebruiken het hier in een?democratische samenleving, niet een repressief regime. Maar als je dit in bijvoorbeeld?Egypte gebruikt, zou het weleens levens kunnen redden. Urenlang vastzitten in een kettle in de de regen of kou is verschrikkelijk, maar vermoord worden is nog veel, veel erger.” Hardy initieerde een jaar eerder al?BeyondClicktivism om?te onderzoeken hoe “de kracht van technologie politieke en sociale verandering teweeg kan brengen.”

Sukey biedt een?informatievalidatie proces ?dat gebruik maakt van diverse?social media kanalen, zoals?Twitter (#sukeydata)?en Facebook, maar ook SMS-berichten, tv of radio. Sukey combineert die informatie vervolgens (het kan meer dan 1000 berichten per seconde aan) en zet het terug?op een variatie van platformen, zoals Website, Twitter, app en SMS). Een waarderingssysteem weegt de berichten en filtert op deze manier. Zo zijn tweets van de politie betrouwbaarder dan die van anderen.

App: Yazula

Yazula is een locatie based communicatie platform. Via de Yazula app (iOS, Android, Windows) kunnen berichten naar een geografisch gebied “verstuurd” worden. Ben je in het gebied en heb je de Yazula app, dan ontvang je automatisch deze berichten.



Recent is het eerste Buurt (Uden Zuid) een informatie Netwerk met Yazula begonnen om buurt preventie berichten via Yazula te versturen.

iPhone schermafdruk 1iPhone schermafdruk 3iPhone schermafdruk 4

Net als Whatsapp is Yazula voor dit soort initiatieven gratis te gebruiken, maar heeft het ook een aantal voordelen tov Whatsapp. Zo krijg je berichten van o.a. de volgende organisaties (location based): National Politie NL ? opsporing ? vermissingen ? nieuws / Amber Alert Nederland ? Amber Alerts / Amber Alert Europe ? Vermissingen kinderen oa in NL, BE, DE, PL, SE, IE, HR, CZ, BG / actuele info over zwemwaterkwaliteit buiten zwemplekken in NL en BE / Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond ? actuele incidenten / RTV Drenthe ? lokaal nieuws / Westland infra ? informatie over storingen in elektriciteitsnet ? aardgasnet / Gladheidsmeldingen provincie Overijssel / Info over waterstoringen in 5 tal provincies / Wegwerkzaamheden provincie Utrecht / Week aanbiedingen van een groot aantal retailers in Nederland (oa: AH, C1000, Jumbo, Spar, Media Markt, Praxis, Karwei, BelCompany, Etos, Action Scapino).

Bronnen: Yazula

Vermissingen op social media: verstandig?

Afgelopen week verscheen een interessant?artikel over social media en vermissingen, met daarin de rol?van de politie en die van particuliere initiatieven als ZoekjeMee.nl. Het stuk waarschuwt voor ondoordacht gebruik van social media, belangrijk genoeg om er ook op dit blog aandacht aan te besteden:

Je moet er niet aan denken: je kind, zus of beste vriend raakt vermist. In alle paniek gooi je er een bericht op Facebook of Twitter uit. Met maar ??n doel: de vermiste zo snel mogelijk terug vinden. Maar de politie waarschuwt voor dit soort oproepen op social media.

Er wordt vaak te veel persoonlijke informatie online gezet. Een foto van de vermiste met bijvoorbeeld informatie over medicijnengebruik of berichten dat iemand mogelijk in handen van loverboys is gevallen, worden binnen no-time honderden keren gedeeld.

Indianenverhalen

Zelfs als de vermiste terecht is blijven er indianenverhalen rondgaan. En dat is volgens Irma Schijf, co?rdinator vermissingen bij de politie, onnodig: “Alleen feiten en signalementen moeten op het internet worden gezet. Zo kan worden voorkomen dat priv?zaken op het internet belanden en er niet meer van afgaan. Je wil niet dat er zaken opduiken als iemand jaren later solliciteert.”

Toch zet ook de politie geregeld social media in bij vermissingen. Vorig jaar 565 keer om precies te zijn, maar dat lijkt relatief weinig bij een totaal van bijna twintigduizend vermiste personen. “Meestal is de vermiste er zich niet eens bewust van dat hij vermist is en zit hij een paar straten verderop bij vrienden. We gebruiken pas social media als het ons niet is gelukt om de vermiste op andere manieren te vinden”, zegt Schijf.

Het kan dus even duren voordat de politie daadwerkelijk actie onderneemt. En dat is een lastige situatie voor de achterblijvers, die de zaak het liefst zo snel mogelijk opgelost zien. Deze vader uit Breda nam dan ook het heft in eigen handen. Zijn zoon liep vorig jaar na een ruzie weg van huis en was een aantal dagen vermist.

Zoekjemee.nl

Om de gevolgen op de lange termijn te verkleinen, is het belangrijk de vermissingsberichten zo snel mogelijk van Facebook en Twitter te halen. “Op deze manier verdwijnen ook de gedeelde berichten en de retweets automatisch”, zegt Hans Huizenga van Zoekjemee.nl. Een stichting ontstaan vanuit een burgerinitiatief om op een veilige manier mee te helpen bij het opsporen van vermisten.

Hans heeft meer tips om een vermissing op een goede manier af te sluiten. Zo is het een slecht idee om de vermiste te taggen op social media: “Vaak wil iemand kort even rust, in plaats van gestoord worden door duizenden onbekenden.” Ook moet het bericht dat degene weer terecht is na een paar dagen offline, zodat er zo min mogelijk over de vermissingszaak op het internet blijft hangen.

Als iemand echt door nare dingen achtervolgd blijft, kan een aanvraag bij Google worden ingediend om zoekresultaten weg te laten halen.

Bron: NOS, ZoekjeMee.nl

Gesprek met de digitale wijkagent

boudewijnBoudewijn Mayeur werkt sinds 2011 als digitale wijkagent bij de Limburgse politie. Zijn werkterrein beslaat internet, sociale media als Facebook en Twitter, maar ook een politiebureau in?Habbo?Hotel. Over Habbo Hotel hebben we reeds een uitgebreid blog geschreven waar Boudewijns rol duidelijk is geworden. Maar hij doet uiteraard meer, dus werd het tijd om wat nader in te gaan op de gedreven digi-cop. Onlangs had De Limburger een gesprek met hem:

Ik wil dat jongeren ook online veilig zijn. Dus moet ik actief zijn in hun wereld. En daar hoort ook internet bij. Dus speurt Boudewijn Mayeur (42) op het web naar signalen van misdrijven en misdragingen. Internet is voor hem ook een middel om in contact te komen met jongeren.

De internetspeurder is een gedreven prater. De ICT’er van oorsprong strooit kwistig met computerbegrippen, zoals over het feit dat hij geen `analoge wijk’ heeft en over mannen die meisjes benaderen voor `analoge seks’. Vol vuur vertelt hij hoe mooi het is dat politiejunioren hem helpen (`dat is toch prachtig!?’) en jongeren geregeld met tips komen. Ze willen de politie helpen. Daar moeten we gebruik van maken. In de chatsessies die Mayeur wekelijks heeft met rond de honderd jongeren, komen tientallen vragen op hem af. Maar er zijn ook heftige zaken, die in een priv?-chat naar voren komen. Een meisje vertelde me dat haar vader vaak bij haar in bed kruipt. Dat is heftig. Maar kinderen zijn ook loyaal aan hun ouders. Toen ik zei: `Daar moeten we iets aan doen,’ reageerde ze: `Haal hem niet uit huis!’

Soms zijn problemen te voorkomen. Zoals die keer dat zich een soort Project X dreigde te gaan afspelen, ergens in Limburg. Mayeur kreeg signalen dat er veel mensen heen dreigden te gaan. Hij wil er niet al te veel over kwijt, maar stelt wel dat door duidelijk te maken dat de politie de zaak in de gaten had en door op tijd in te grijpen incidenten zijn voorkomen. Maar dat lukt niet altijd. Ik kreeg signalen dat ergens huiselijk geweld speelde. In het gesprek met de ouders kwamen we er niet uit. Daar voelde ik me niet goed bij. Toen ik de deur achter me dicht trok, dacht ik: krijgt ze nu klappen omdat wij hier zijn geweest? Online krijgt Mayeur geregeld signalen over huiselijk geweld. Een meisje meldde: `Ik word geslagen. Mijn ouders liggen in scheiding en hebben steeds ruzie.’ Dat is triest. Maar Mayeur neemt problemen niet mee naar huis. Hij probeert wel te helpen, maar is geen hulpverlener.

Hij moet zaken onderzoeken, maar mag zijn bevoegdheden pas gebruiken als er aanwijzingen zijn voor strafbare feiten. Hij vindt dat de politie wel wat meer bevoegdheden zou mogen krijgen, want de regels zijn niet afgestemd op internet. Soms gaat hij tot het randje om iemand te helpen. Zoals die keer dat een jonge man dreigde naaktfoto’s van een meisje op internet te zetten als ze niet verder zou gaan met seksuele handelingen voor de webcam. Mayeur benaderde hem en waarschuwde dat zijn gedrag strafbaar was en hij in de gaten werd gehouden. Dat hielp. Het stopte.

Zo nodig kan de politie de gegevens van iemand achter een Facebook- of Twitter-account opvragen. En via speciale zoekmethoden en beveiligde verbinding kan hij als internetrechercheur achter de identiteit van anonieme dreigers komen. Maar ook van hulpvragers. Toen een meisje dat misbruikt was door een familielid aangaf dat ze het leven niet meer zag zitten, seinde hij de politie in, die een inval deed. Dat vond ze niet leuk. Maar ik deed het in haar belang. Mayeur weet hoe kwetsbaar jongeren zijn voor misbruik op internet. Ouders hebben vaak geen idee wat hun kind online doet.Waar jongeren zijn, zijn ook pedofielen. Ik krijg bijvoorbeeld soms signalen van jongeren dat in?Habbo?Hotel iemand jongens van zestien benadert met de vraag of ze seks willen. Dat is niet strafbaar, maar ik hou hem wel in de gaten en geef het door. Bij de afdeling zeden was hij nog niet bekend. Daar kunnen ze ook een oogje in het zeil houden. Als hij bijvoorbeeld bij een kinderboerderij wil gaan werken, kun je je afvragen: is dat wel zo handig? Ik volg sommige pedofielen preventief online. Er ligt overigens een wetsvoorstel voor het intensiever volgen van veroordeelde zedendelinquenten.

Maar ik volg ook slachtoffers. Zodat iedereen ziet dat ik ze in de gaten houd. Overigens zijn niet alle pedofielen slecht, weet Mayeur. Ik moet objectief zijn en me van een oordeel onthouden. Maar een klein percentage van de pedofielen gaat over tot misbruik. Ze kunnen getrouwd zijn, maar wel seksuele gevoelens voor kinderen hebben waar ze nooit iets mee doen. Een enkeling praat daarover in de chat. Ook al wordt hij dan uitgescholden. Dat vind ik wel moedig.

Taken digitale wijkagent

Boudewijn Mayeur houdt digitaal spreekuur in zijn virtuele politiebureau in?Habbo Hotel. Daarnaast chat hij twee keer per week met jongeren. De digitale wijkagent geeft ook voorlichting over de gevaren van internet aan ouders, scholen en jongeren. Hij moet ook collega’s bewust maken van de mogelijkheden om sociale media in te zetten en online onderzoek te doen. Mayeur maakt agenten ook bewust van nieuwe gedragingen als stalken, online bedreigen en pesten. Digitaal pesten heeft grote gevolgen. Digitaal pesten is niet strafbaar, maar als ik zie dat het gebeurt, geef ik het wel door aan scholen. Die zeggen vaak: het gebeurt niet hier. Maar het heeft vaak wel gevolgen voor de school. Ik kende bijvoorbeeld een meisje dat niet meer naar school ging omdat een foto waarop ze deels ontkleed te zien is, rondgestuurd is.

Bron: Limburger?

 

Rechercheur op het matje over GayPride-tweet

oomaagenthoudtnietvaneennaaktevent.jpg.jpg

De politie in Groningen heeft ?afstand genomen? van een tweet van rechercheur Remco de Jong. Deze ?rechercheur in de binnenstad van Groningen??twitterde?over de GayPride: ?Ik blijf het een smerige vertoning vinden?. Volgens De Jong was daar geen sprake van Hollands Glorie maar van ?Hollands Goorie?. De Jong twitterde vervolgens dat het zijn persoonlijke mening was en dat die los stond van zijn ?ambtelijke handelen als politieman?.

Maar de geest was al uit de fles. De politie Groningen?twitterde?de mening van De Jong niet te delen. ?We gaan met hem in gesprek?. Even later gevolgd door de opmerking dat de politie voor diversiteit is. ?Daarom nemen wij ook deel aan de Canal Parade?. Sites als GeenStijl maakten vervolgens?gehakt?van De Jong, die naast rechercheur ook ?admissiaal student aan de Theologische Universiteit van Apeldoorn? is. Enfin. Aanvankelijk werd alleen de tweet verwijderd, inmiddels is de hele twitterpagina van De Jong offline gehaald.

Bron: CopsinCyberspace, GeenStijl, ?DvhN

De kracht van bloggen: verhalen van een politieagent

verhalen

Piet Kats, Brigadier noodhulp Politie eenheid Rotterdam, motorrijder en ANPR verkeersco?rdinator heeft al een paar jaar een succesvol blog waarop hij politieverhalen deelt met de wereld. Hij deelt?op een indringende wijze wat politiewerk is vanuit zijn eigen ervaringen en waarom het soms heel bijzonder werk is. Ook schuwt hij niet om in te gaan op de lastige aspecten van het politiewerk waarin hij soms?met asociale burgers moet omgaan die het werk moeilijk maken. Voor Piet is het?bijzondere en leerzame ontwikkeling geweest om deze verhalen te delen. Zo ontdekte hij na een blogpost?waarin hij het hufterige gedrag van weggebruikers maatschappelijk aan de orde wilde stellen. Als motorrijder begeleidde hij langs een file een vader en een moeder naar hun stervende kind. photoPiet vertelt: “Wat ik onderweg meemaakte, was ongekend. Dat heb ik opgeschreven in mijn blog. Het leidde tot duizenden hits. De dag na mijn blog stond de telefoon roodgloeiend en kon ik zowat in ieder TV programma komen opdraven. Mijn blog waarin ik een professioneel dilemma met mensen deelde, had kennelijk een gevoelige snaar geraakt en een discussie op gang gebracht”.

Piet deelt zijn blog?ervaringen graag met collega?s en laat zie hoe de ?kracht van bloggen? kan bijdragen aan de essentie van politiewerk.

Er zijn ook andere collega’s?van Piet die als blogschrijver hun verhalen met de wereld delen, waarvan sommige blogitems gebundeld ook op politie.nl/blogs staan.

blogger-3-hugo-roossink-met-hond

Hugo Roossink (44)?werkt als brigadier in Noord-Nederland, district Fryslan. Al 22 jaar in ’t blauw en sinds 2001?commandant Mobiele Eenheid (ME)?hondenbrigade, surveillance-hondengeleider?en?informatiemanager en co?rdinator bij de Veiligheidsregio Fryslan. Hugo: ‘In de jaren dat ik dienst draai, heb ik genoeg meegemaakt. Omdat je in een tweet maar 140 leestekens kwijt kunt en ik toch inzichtelijk wil maken dat ons werk zoveel meer is dan alleen bonnen schrijven, ben ik blogs gaan schrijven.?De verhalen van de straat.’

In zijn blog vertelt hondengeleider Hugo Roossink bijvoorbeeld over een groep studenten van verschillende nationaliteiten die met elkaar op de vuist gaat omdat de Chinese maaltijd niet beviel. Lees meer verhalen op het blog van Hugo Roossink

photoOok?Han Tummers?schrijft verhalen over wat hij?tijdens zijn politiediensten op straat meemaak, samen met mijn collega’s. Hij vertelt: “Meestal leveren zijn verhalen geen problemen op. Soms, gevoelsmatig wel en dan laat ik dit achterwege uit pi?teit met de nabestaanden, slachtoffers of de impact van de gebeurtenis”.?

Lees bijvoorbeeld zijn verhaal “Komt een vrouw aan het bureau“…

anita-tejero-goedAnita Tejero Loijens (48 jaar) werkt sinds?2005?bij de politie?regio Zeeland-West-Brabant, district Breda als medewerker Intake & Service. Ze is het eerste aanspreekpunt voor?burgers die met de politie in contact willen komen. Dit contact kan persoonlijk zijn maar er is?ook interactie?via?telefoon, e-mail of?webcam. Anita bemant de balie,?beantwoordt gesprekken via het landelijke telefoonnummer 0900-8844 en neemt?aangiftes op.

Anita: ‘Kort gezegd is mijn werk?”burgers te woord staan”. Het is echter veel meer dan dat. Wij moeten van veel zaken kennis hebben, zowel in de breedte als in de diepte en binnen en buiten de politie, om?burgers te kunnen helpen. Geen dienst is hetzelfde en daardoor blijft?het werk?een mooie uitdaging. Ook binnen het?politiebureau maken we veel mee. Ik zou een boek kunnen schrijven over mijn werk en al mijn ervaringen. Misschien dat ik dat ooit nog ga doen maar voorlopig blijft het bij het schrijven van blogs‘.

dirk-jan-grootenboer Dirk-Jan Grootenboer is 34 jaar en werkt als hoofdagent bij de noodhulp in Dordrecht en omstreken. Dirk-Jan: ‘Tussen de 112-meldingen door ben ik dichtbij de burger dankzij het gebruik van social media. Op die manier wil ik laten?zien hoe mooi en uitdagend het politievak kan zijn’.

Lees meer van zijn verhalen op?zijn eigen blog.

 

blogger-arthur-van-der-vliesArthur van der Vlies (46) is voormalig politieman met 21 jaar ervaring. Hij werkte bij de surveillancedienst,?bereden brigade en was buurtagent en lid van het bedrijfsopvangteam.?Nu geeft hij lezingen en advies over de impact van het politiewerk en schrijft voor?www.reflectieinblauw.nl. Verder?geeft hij advies aan leidinggevenden binnen de politie en is hij?gesprekspartner voor diverse politie-eenheden.?Arthur: ?Ik schrijf blogs en verhalen omdat ik aan burgers en collega?s wil laten zien dat politiemensen in hun werk veel dingen meemaken. Veel leuke dingen maar ze komen ook regelmatig?voor dilemma?s te staan. Dilemma?s waar velen niet of nooit over na hoeven te denken. Mijn motto is: politiewerk blijft mensenwerk’.

Lees bijvoorbeeld over zijn ervaring?als?jonge ruiter?bij zijn?eerste voetbaldienst bij de Kuip.

andre-besemsAndr? Besems (53)?werkt als brigadier/wijkagent in Barendrecht, eenheid Rotterdam. 25 jaar in de noodhulp, vier jaar bij de recherche en nu al enkele jaren als wijkagent met een sociale insteek.
‘Op mijn?eerste verhaal kwamen zulke leuke reacties dat ik besloot verder te gaan met schrijven. Daarna zijn mijn verhalen in boekvorm uitgegeven. Mijn doel is de lezer midden in het verhaal te laten staan en te laten zien dat politiewerk veel meer is dan het uitschrijven van een bekeuring’.

Lees bijvoorbeeld zijn verhaal?over zijn ervaringen op afgelopen koningsdag.

kevin-van-de-breeKevin van Bree is 35 jaar en werkt als brigadier bij de politie in Delfshaven. Hij vervulde de afgelopen?veertien jaar diverse blauwe functies binnen de eenheid Rotterdam.?Kevin: ‘Ik ben al een paar jaar?ambassadeur voor de politie en vertel mijn verhalen om te laten beleven dat het werk meer is dan wat zichtbaar is. Daar gebruik ik nu sociale media voor zoals Twitter en Facebook. Een aantal van mijn belevenissen heb ik opgeschreven; dat zijn mijn blogs.’ Lees een stuk van hem over zijn?rol als brenger van slecht nieuws en hoe die nooit went.

De blogs zijn te lezen op politie.nl/blogs, maar ook op hun eigen blogsites. En een verzamelplaats voor verhalen van hulpverleners, en gastpublicaties op diverse sites als geweldtegenpolitie. ?Bovenstaand overzicht is verre van volledig, want er zijn gelukkig nog meer bloggende agenten en hopelijk zullen er nog vele volgen om alle facetten van het politievak te delen met het publiek.

De data detective: veel data van veel dingen

Misdaden voorspellen

?Big data? zijn grote dataverzamelingen. Door die slim te analyseren kunnen onderzoekers er wetmatigheden in ontdekken en op grond daarvan voorspellingen doen. Wereldwijd kijkt de politie met grote belangstelling naar de mogelijkheden van ?big data?, aldus het nieuwe boek van Smilda en De Vries. Door bijvoorbeeld misdaadgegevens te analyseren kun je misschien voorzien wie, waar je wanneer extra goed in de gaten zou moeten houden, omdat statistische berekeningen uitwijzen dat de kans op een misdrijf of overtreding onder soortgelijke omstandigheden in het verleden relatief groot is gebleken.

In Los Angeles gebruikt de politie bijvoorbeeld speciale software om misdaden te zien aankomen: PredPol. ?Deze software analyseert oude misdaadstatistieken en plot die op een kaart,? schrijven de auteurs. Heel handig, want ?zo kan de politie per gebiedje zien wat er daar allemaal is gebeurd en wat er vermoedelijk gaat gebeuren, waarbij zelfs de weersvoorspellingen worden meegewogen.? In een blinde proef bleek dat PredPol tot betere resultaten leidde dan wanneer agenten gebruik maakten van traditionele ?hotspotkaarten?: papieren stadsplattegronden waarop gekleurde naalden zijn geprikt om de locatie van eerdere misdrijven en overtredingen aan te geven. ?Niet alleen vonden er meer arrestaties plaats, maar er was vooral sprake van dalende misdaadcijfers. In het gebied dat door PredPol in Los Angeles wordt bestreken, daalde de misdaad met dertien procent. In Santa Cruz ging het aantal inbraken zelfs met 27 procent omlaag.? Dat is opmerkelijk, zeker omdat de politie in dat laatste gebied aardig onderbemand is: ?Hier zijn voor 60.000 inwoners ? en 150.000 in het hoogseizoen ? slechts 94 politiemensen beschikbaar, en geld voor meer personeel is er niet.? Het voorspellen van misdaden, ook wel ?predictive policing? genoemd zal volgens Smilda en De Vries daarom groot worden, ?want het scheelt mankracht en het is effectiever. Software als PredPol maakt het eenvoudiger om effici?nt te surveilleren. Niet meer blauw op straat, maar gerichter blauw op straat.?

Data verzamelen

Het gebruik van dit soort technieken zal niet tot Amerika beperkt zal blijven. In Nederland experimenteert de politie inmiddels ook met het gebruik van big data. ?De politie van Amsterdam werkt samen met onderzoekers van het Centrum Wiskunde & Informatica en de Vrije Universiteit Amsterdam aan een soortgelijk systeem om te voorspellen welke incidenten waar plaats gaan vinden en hoe laat. En ook TNO is samen met de Amsterdamse politie bezig om het ontwikkelde Criminaliteits Anticipatie Systeem (CAS) te optimaliseren.?

Om big data te kunnen analyseren, moet je ze natuurlijk wel hebben. ?In New York werkt de politie samen met Microsoft aan een zeer geavanceerde analysetool, het Domain Awareness System. Die analyseert straks de beelden van de meer dan drieduizend politiecamera?s in de stad.? Het doel van deze dataverzameling is niet zozeer om toekomstige misdaden te voorspellen, maar meer om die te kunnen oplossen: ?Gecombineerd met alle databases die de politie tot haar beschikking heeft wordt het bijvoorbeeld precies mogelijk na te gaan waar een verdachte auto in de weken voor een misdrijf is gesignaleerd.?

Aangegeven door Facebook

Volgens Smilda en De Vries kan het gebruik van dit soort voorspellingssoftware verrassende gevolgen hebben. Zeker omdat de politie niet de enige partij is die deze software gebruikt. Allerlei online dienstverleners gebruiken dit soort applicaties namelijk al. Ze houden hun gebruikers angstvallig in de gaten omdat ze liever niet het risico lopen om beschuldigd te worden van het verlenen van medewerking aan criminele praktijken. ?De meeste mensen weten het niet, maar bedrijven als Facebook werken al met big data en algoritmen om hun klanten te screenen. Schrijf je bijvoorbeeld altijd berichtjes aan meisjes van dertien jaar, en gebruik je ook het trefwoord ?seks? een beetje te vaak, dan kan Facebook jou als verdachte aanmerken en de politie waarschuwen.? Is dat zo erg? ?Dat een pedofiel wordt opgepakt zullen we allemaal niet zo erg vinden, maar wat als Facebook straks voorspellingen gaat doen over mogelijk drugsgebruik, of wie er straks allemaal naar alle waarschijnlijkheid mee zullen doen met nieuwe rellen in Londen?? Het punt is bovendien, aldus Smilda en De Vries, dat Facebook geen gerechtelijk bevel nodig heeft om priv?gegevens in te zien, in tegenstelling tot de politie. ?Straks worden we door Facebook bij de politie aangegeven voordat we ook maar iets hebben gedaan. Of een priv?detective koopt je data. Of je wordt op grond van de Nederlandse versie van PredPol staande gehouden terwijl je geheel onschuldig met een gereedschapskist door een buurt loopt waar statistisch op dat moment veel wordt ingebroken. Dan heb je als burger ineens veel uit te leggen.? Als we uitgaan van een dergelijk zwart scenario dan wordt het volgens Smilda en de Vries in de toekomst voor burgers opeens heel belangrijk om te weten hoe je kunt voorkomen dat je als ?verdacht? wordt aangemerkt. ?Heeft elke burger straks een app die hem adviseert om maar een blokje om te gaan, op basis van crimemaps met duizenden misdrijven, waarvan de analyses vrijelijk beschikbaar zijn??

Google Glass

Niet alleen big data maar ook technologie?n als Google Glass en verwante producten gaan een grote invloed hebben op ons leven, voorspellen Smilda en De Vries. ?Een Googlebril maakt foto?s en video?s van alles wat je doet, op elk moment.? Dat klinkt leuk, maar ?als iedereen dat gedachteloos doet, dan staat het web straks vol met beelden van mensen die daar helemaal nooit om hebben gevraagd.? Zeker niet omdat we in veel gevallen niet eens zullen weten dat we gefilmd zijn. ?Met Google Glass wordt je ? anders kunnen we het niet zeggen ? stiekem opgenomen. Iedereen wordt dus een wandelende surveillancecamera en alles wat we doen kan zomaar openbaar worden gemaakt, zonder dat we er erg in hebben.? Dat heeft overigens ook voordelen, aldus de auteurs. Zo zullen ooggetuigenverslagen objectiever worden. ?Er is nogal een verschil tussen het opgewonden verhaal van een getuige van een roofoverval en iemand die de video van zijn Google Glass aan de politie stuurt, met een haarscherpe registratie van de roof waarbij de overvallers je niet hebben zien filmen.? Ook zullen dankzij Google Glass onschuldigen in de toekomst misschien minder vaak achter de tralies verdwijnen: ?Omgekeerd zullen mensen Google Glass ook kunnen gebruiken om te bewijzen dat ze ergens waren.?

En wat als de politie zelf massaal Google Glass-achtige producten gaat dragen? ?Stel, je draagt als agent een Google Glass en je ziet iemand lopen waarvan je vermoedt dat hij een crimineel is. Dan roep je snel even alle recente gegevens over deze persoon op en projecteert die in je rechterooghoek.? Agenten krijgen zo niet alleen realtime toegang tot informatie die tot de aanhouding van criminelen kan leiden, ook het verzamelen van bewijs wordt eenvoudiger. Daarnaast kunnen diensten dit soort technologie gebruiken om op afstand een oogje in het zeil te houden: ?Het is een kwestie van tijd voordat andere eenheden mee kunnen kijken met wat een agent ziet op zijn of haar ?personal device?. Ze kunnen vervolgens real-time advies geven.?

Internet of things

Behalve Googlebrillen zullen agenten en burgers volgens Smilda en de Vries in de nabije toekomst ook andere draagbare technologie benutten: ?Draagbare minicomputers breken echt door. Ze zijn als een tweede huid en straks niet meer weg te denken uit het straatbeeld: Applehorloges, Nike+-schoenen en intelligente kleding. Burgers, agenten en criminelen zullen gebruikmaken van deze nieuwe mogelijkheden.? Ook vliegende minicomputers zullen in de toekomst volgens Smilda en De Vries vaker ingezet? worden: ?Minidrones met camera kunnen voor ons bijvoorbeeld kijken wat er om de hoek gebeurt.?

Onze wereld zal meer en meer vergeven worden van kleine apparaatjes met allerlei sensoren die van alles opslaan en online delen. Omdat ze zo handig zijn zullen consumenten ze met graagte gebruiken. Ze zullen daarbij hun best doen om hun privacy te beschermen, maar dat zal steeds ingewikkelder blijken: . Ze zullen niet alles willen delen. ?Veel informatie uit het Internet der Dingen zal echt niet door iedereen publiekelijk worden gedeeld. Niemand heeft er iets mee te maken hoeveel drank je in de koelkast hebt staan. Maar het is wel waarschijnlijk dat mensen deze informatie zullen delen in groepen waar zoiets er wel toe doet: een vriendengroep, de lokale sportclub of het gezin. Aangezien social media-diensten, zoals Facebook, deze meer persoonlijke informatie-uitwisseling ondersteunen, kunnen zij er ook over beschikken. Nu gebruiken ze deze vooral voor commerci?le toepassingen, zoals het relevanter maken van de aangeboden advertenties. Maar wie zegt dat andere toepassingen ? zoals veiligheid ? in de nabije toekomst niet ook mogelijk worden?? Als dat gebeurt zullen politiediensten in de toekomst toegang hebben tot een onwaarschijnlijk hoeveelheid informatie. Ze zullen in de toekomst aan Google of Facebook bijvoorbeeld kunnen vragen: ?Wie was er om acht uur vanochtend in de buurt van een bepaald plaats delict en heeft op dat moment foto?s gemaakt??

Big Brother?

Allerlei technologische ontwikkelingen zullen in de toekomst niet alleen leiden tot verbeterde opsporing, maar ook tot allerlei privacyproblemen. Om dat duidelijk te maken citeren de auteurs de Amerikaanse ict-expert Raj Goel: ?Niet Big Brother, maar een samenleving vol Little Sisters moeten we vrezen. We leven niet in een maatschappij waarin ??n oog iedereen in de gaten houdt, maar waarin miljarden ogen elkaar in toenemende mate bespioneren. Dat is een controlesysteem dat zelfs George Orwell niet had kunnen bedenken.?

Bron:??Jolein de Rooij

Twitter reconstructie van een misdaad

reconstructie

De Politie uit Surrey gebruikte Twitter om een ??misdrijf op een plaats delict te reconstrueren en genereerde daarmee voldoende?tips en aanwijzingen om een zaak tegen twee gewelddadige overvallers aan te spannen. De politie plaatste een reeks van foto’s met tijdstippen erbij, op zoek naar een vader en zoon die een gewapende overval pleegden.

Twitter reconstruction

De reconstructie start bij de Chevrolet die rondjes reed?bij de supermarkt?waar de overval later plaatsvond en eindigde bij de vluchtroute met dezelfde verlaten Chevrolet.

De supermarkt Co-op bij Tattenham in Epsom werd overvallen en 45 duizend pond werd buitgemaakt. Een maand na deze overal startte de politie deze vernieuwde Twitteractie en 53 duizend mensen deelden de foto’s en informatie. Het leverde 40 telefoontjes op en de daders zitten nu achter de tralies. De vader kreeg levenslang en de zoon 16 jaar. Voor de rechter werd bovendien aangetoond dat de daders YouTube op hun mobieltje hadden geraadpleegd over hoe een overval te plegen.

De Co-op medewerkers gaven aan dat het een horror scenario was geweest. Een van de?overvallers haalden de trekker over, maar toen die?niet afging sloeg hij er een medewerker hard ?mee naar de grond.

Naast Twitter werden uiteraard traditionele methoden gebruikt, zoals CCTV camera’s van de supermarkt en ANPR (Automatic License Plate Recognition). Voormalig hoofdrechercheur Dave Lattimore, nu adviseur voor forensische wetenschappelijke ?LGC Group zegt dat hij wou dat Twitter er was toen hij nog bij de politie van de Thames Vallei werkte.??Volgens hem was een real-time Twitter reconstructie nog nooit eerder gedaan, maar zal dit met de groeiende volgersaantallen ook bij andere politieeenheden waarschijnlijk snel herhaald worden. “Het is een slimme methode. Met Crimewatch reconstructies moet iedereen op hetzelfde moment achter de buis kruipen en daarna nog bellen. Maar de meesten hebben nu de hele dag een mobieltje bij zich en daarom heb je zoveel respons.”

Dr Paul Reilly van de Leicester Universiteit, vakgroep?media en communicatie, zegt dat de Britse politie social media is gaan omarmen sinds de Londense rellen. “In 2011 ging het vooral over hoe je er informatie vanaf kon halen voor intelligence en het volk kon informeren over gezochte verdachten. Nu is het ingebed in het politiewerk. Er wordt gereageerd op het publiek en interactief ingezet om boeven te vangen.” Naar zijn weten was dit ook de eerste keer dat een dergelijke reconstructie samen met het publiek gedaan werd. De politie gebruikte daarom de hashtags # tweconstruction en #opjadeite.

Twitter reconstruction

De reconstructiekaart die gedeeld werd met de vluchtroute van de overvallers


Bronnen: Telegraph, BBC, MediaBistro.

#CELLfie

Criminelen maken ook Selfies, zoals deze indringer die een Selfie maakte tijdens het stelen van eten. Ook het stelen van een telefoon en daarmee dan een Selfie nemen is niet handig.?Of?bekijk deze?9 andere misdadige Selfies. Eerder zagen we mensen Selfies nemen bij zelfmoorden, en de makers van Selfies kunnen zelf ook zelfmoordneigingen hebben, zoals deze?laatste roep om aandacht.

selfie-knife-teenager

Ook waarschuwde de politie dat Selfies tot telefoondiefstal kan leiden:

video platformvideo managementvideo solutionsvideo player

Maar de politie van Bryant heeft op geheel eigen wijze een oplossing gevonden voor het feit dat een deel van de?criminelen nog steeds niet op social media zit. En zij wil?de criminelen in de dop die dat wel zitten ermee afschrikken. Met de woordspeling #CELLfie, dat meelift?op de wereldwijde Selfie trend, wordt het leven van de arrestanten vereeuwigd op het web. Voor Bryant politie een creatieve manier van moderne misdaadbestrijding.?Bekijk deze videoreportage?met meer achtergronden.?De grens om met je moderne ‘mugshot’ online gezet te worden wordt laag ingezet: het begint al bij een winkeldiefstal en gaat tot zeer zware vormen van gewelddadige criminaliteit.

“Ik wil dat ze weten dat als ze naar Bryant komen en een misdaad begaan, hun identiteit?openbaar?wordt gemaakt”, zegt politiechef?Mark Kizer, initiatiefnemer van het #CELLfie?idee. Nu zijn er in de VS natuurlijk al talloze ‘mugshot’ websites waar criminelen en verdachten op Facebook, Twitter, Instagram of Pinterest geplaatst worden.

” Er zijn zelfs berichten die wel 50.000 views op een dag krijgen” aldus?Kizer. De #CELLfie is vooral bedoelt om misdaad te ontmoedigen. Normaal worden online foto’s geplaatst van verdachten die nog niet gepakt zijn. Maar zorgt het plaatsen van je foto op het internet ervoor dat je zelf of een ander geen misdaad meer pleegt?

Bron: KATV, WTF.

Sociale media veranderen het veiligheidsdomein

Boeksocialemediaveiligheidsdomein

Op 26 juni 2014 werd?het boek ‘Sociale media veranderen het veiligheidsdomein? gelanceerd. Tijdens de boekpresentatie hebben Roy Johannink, Arnout de Vries, Wouter Jong, Menno van Duin en?Jocko Rensen, allen deskundig op het gebied van sociale media, vanuit verschillende gezichtspunten de deelnemers een kijkje gegeven in de snel veranderende digitale wereld en ge?llustreerd?wat voor invloed dit heeft binnen het veiligheidsdomein

Met sociale media kunnen gebruikers online of mobiel informatie delen in een?sociale omgeving, waardoor een conversatie kan ontstaan. Het fenomeen sociale media heeft invloed op het veiligheidsdomein; wat en hoe wordt in dit handboek ‘?Sociale media veranderen het veiligheidsdomein’ beschreven.

Het handboek waaraan door diverse auteurs is meegewerkt, is een verdieping van de kennispublicatie van Infopunt Veiligheid (IFV) over Veilig omgaan met sociale media. In 11 hoofdstukken wordt verteld over de toekomstige en blijvende veranderingen van sociale media en wat de mogelijke invloed hiervan is binnen het veiligheidsdomein.
Aansluitend aan de boekpresentatie nam Jocko Rensen -??n van de co-auteurs, voormalig teamleider Infopunt Veiligheid en nu wethouder van de gemeente Houten- afscheid.

1. Presentatie ?Roy Johannink (VDMMP): Toekomstontwikkelingen bepalend voor het veiligheidsdomein
2. Presentatie Arnout de Vries (TNO): The Good, the Bad & the Ugly. Impact van sociale media op handhaving & opsporing
3. Presentatie Wouter Jong (NGB): Hoe sociale media bijdragen aan de leercurve van crisis-Nederland
4. Presentatie Jocko Rensen (gemeente Houten, voormalig teamleider Infopunt Veiligheid): Hoe je kijkt, maakt wat je ziet!

Het handboek begint met een inleidend hoofdstuk waarin de drie kenmerken en twee functies van sociale media worden uitgelegd. De hoofdstukken twee tot en met vijf behandelen de vier fasen van gebruik van sociale media: luisteren, produceren, reageren en interacteren. Hoofdstuk zes en zeven gaan over het gebruik van sociale media als (crisis)communicatiekanaal en informatiebron.

De wijze waarop organisatieprocessen kunnen veranderen en medewerkers dienen (mee) te veranderen, komen aan de orde in respectievelijk hoofdstuk acht en negen. Hoofdstuk tien belicht vervolgens de juridische kanten van sociale media en agressie. Het handboek sluit af met de visie en blik van een aantal auteurs op de mogelijke invloed van ontwikkelingen van sociale media op het veiligheidsdomein.

Dit handboek is een verdieping van de eerder uitgegeven kennispublicaties van Infopunt Veiligheid over veilig omgaan met sociale media van 2011, 2012 en 2013. De focus in dit handboek ligt op de blijvende verandering van sociale media in het veiligheidsdomein.