Tagarchief: detective

Moderne Sherlock zit in ons allemaal

Het aantal erkende detectivebureaus vertienvoudigde tussen 2000 en 2012, tot ruim 400. Ze worden ingezet bij bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaan priv?detectives op pad. Hoe leer je zo’n?vak? Martin Kuiper van het?Parool ging op?pad met cursisten die de felbegeerde ‘gele pas’ willen bemachtigen, en deed verslag.

mr-holmes2

Gespannen volgt priv?detective Hans de Zeeuw (48) de grijze Peugeot 206 die voor hem rijdt. De Peugeot heeft haast en is onderweg naar een ‘deal’ waar De Zeeuw graag bij wil zijn, maar dan mag hij hem niet uit het oog verliezen. Via de portofoon houdt de detective contact met zijn collega die achter hem rijdt. “De verdachte neemt de rotonde rechtdoor, ik sla hier af. Neem jij het over?”

Het is zaterdagmiddag, iets na twaalven; in Zuid-Limburg valt de regen met bakken uit de hemel. Boomtoppen zwiepen heen en weer, afgebroken takken liggen op de gladde wegen. Op ??n van die wegen rijdt Hans de Zeeuw, gevolgd door collega Ymke Bos (26), achter een man aan die verdacht wordt van diefstal van decoupeerzagen, boormachines en hogedrukspuiten. De detectives werken in opdracht van de bouwmarkt Hubo, de werkgever van de verdachte, die meer inzicht wil krijgen in het duistere handeltje van zijn werknemer.

Nou ja, in opdracht van: ze doen eigenlijk alsof. Want De Zeeuw en Bos zijn (nog) geen echte detectives. En ook de achtervolging is in sc?ne gezet, die is onderdeel van de ‘waarnemingsoefening’. De twee cursisten volgen een achtdaagse cursus die opleidt tot priv?detective. Normaal wordt de cursus gegeven in Amsterdam, maar voor de praktijkopdracht is de groep uitgeweken naar Limburg.

Cursisten leren waarnemen en schaduwen, het wetboek interpreteren, sporen onderzoeken, verdachten interviewen. Doel: de felbegeerde ‘gele pas’. Die pas geeft het recht aan de slag te gaan als particulier onderzoeker en werd in 2014 aan 200 Nederlanders uitgereikt, blijkt uit cijfers van de Stichting Vakexamens voor de Particuliere Beveiligingsorganisaties (SVPB).

Dat verrast niet. De branche van Nederlandse recherchebureaus zit sinds jaren in de lift. Tussen 2000 en 2012 vertienvoudigde het aantal erkende detectivebureaus van ongeveer 40 tot ruim 400. De meeste bureaus houden zich bezig met bedrijfsfraude en diefstal, maar ook bij overspel gaat de detective op pad. In 2015 staat de teller op 442, volgens cijfers van het ministerie voor Veiligheid en Justitie. Of de toename een positieve goede ontwikkeling is? Een woordvoerder van Veiligheid en Justitie: “Het is niet aan de overheid om daarover te oordelen. Het voorziet blijkbaar in een behoefte.”

De groei komt volgens strafrechtjurist Sven Brinkhoff ‘doordat de Nederlandse politie steeds vaker recherchewerk laat liggen’. Brinkhoff: “Wat je ziet is dat burgers daardoor steeds vaker bij detectivebureaus aankloppen. En door alle media-aandacht neemt ook de interesse voor de opleiding toe.”

Sherlock Holmes
In Amsterdam worden de lessen gegeven door een lange man met een Limburgs accent: Bert (50), hij wil om privacy redenen niet met zijn echte naam in de krant). Zijn benadering is informeel. Enthousiast. Grappig ook. Een kruising tussen de ouderwetse leraar die mensen aanspreekt bij hun achternaam en Sherlock Holmes. Geen gortdroge stof, maar het Wetboek van Strafrecht in vogelvlucht met sappige anekdotes: “Als leerlingen plezier hebben, gaat het leren vanzelf.”

De lessen hebben een vaste opzet. Eerst de ‘minder leuke tak van sport’: het theoretische gedeelte. In rap tempo raast hij met behulp van dia’s door de Nederlandse Grondwet heen. Met controlerende vragen als: wanneer mag je camera’s ophangen voor een onderzoek? Hoe ver mag je gaan met een observatie? probeert hij de wetsartikelen tot leven te brengen. “Zo onthouden de cursisten ze beter.”

Daarna steekt hij door naar het ‘spannende’ praktijkgedeelte: waarnemen en rapportage. Zoals schaduwen (‘Mannen moeten geen roze polo dragen, dat is een dominante kleur’), sporenonderzoek (‘hoe stel je die veilig?’). En het verhoor dus, waarbij je de verdachte op de plaats van het delict moet zien te krijgen met een dichtgetimmerd verhaal.

Dat ‘dichtgetimmerde verhaal’ wordt vanmiddag geoefend in het NOB-hoofdkwartier in Wessem. De verdachte, een lange man in een Adidas-sportjasje en een spijkerbroek, wordt ge?nterviewd door detectives in spe Ruben Brand (24) en Ymke Bos. De andere cursisten volgen het gesprek in een andere kamer op een groot beeldscherm.

“Leent u uw Peugeot 206 wel eens uit?” gaat Brand voortvarend van start.

“Heel af en toe aan mijn broer,” reageert de verdachte laconiek.

Brand: “En bent u vanochtend ook nog met de auto weggeweest?”

“Neuh, ik heb uitgeslapen.”

“Oh?” reageert Bos verbaasd. “Wij hebben namelijk een foto van u op een carpoolstrook. En een vrouw die zegt dat u haar spullen heeft verkocht. Hoe verklaart u dat?”

De man kijkt bedenkelijk, schuttert even, en duikt dan in elkaar. Lang verhaal kort: de man bekent de diefstal.

Open vragen
De docent is tevreden over het interview. De verdachte heeft bekend en ook de vragen waren prima. Maar er zijn ook ‘leermomenten’, vindt Bert. “Pas op met opmerkingen die voor weerstand zorgen bij de verdachte. Het is heel belangrijk dat je een band opbouwt met degene die je verhoort.” En: “Denk er om: stel open vragen, dan moet het antwoord uit de geest van de verdachte komen.” Ook op de achtervolging heeft hij hij nog wat aan te merken. “Houd afstand als je iemand volgt, des te meer tijd heb je om zelf na te denken. En vergeet niet je lichten uit te doen als je vanuit de auto iemand in de gaten houdt. En denk erom dat samenwerken heel belangrijk is tijdens een onderzoek.”

Ymke Bos vond het een leerzame middag. Het lijkt haar leuk in de toekomst naast haar huidige werk ook als priv?detective aan de slag te gaan. De Zeeuw – jaren werkzaam bij de GGZ, maar tegenwoordig sporthaluitbater en klusjesman – is daar nog niet zo zeker van: “Ik vind het heel leuk, maar of ik hier echt in verder ga? Ik weet het nog niet.”

Bos vindt de kleinschaligheid (maximaal acht cursisten per klas) fijn. “Je wordt echt gehoord. Als ik een vraag heb, wordt die binnen een minuut beantwoord.”

Of de tien lessen genoeg handvatten bieden om in de toekomst zelfstandig aan de slag te gaan als particulier onderzoeker? Een kleine civiele zaak afhandelen is ??n ding; het oplossen van een grote strafrechtelijke zaak, zoals die van het zestienjarige meisje in Valkenburg (zie kader), is een heel ander verhaal.

Strafrechtjurist Brinkhoff is sceptisch. “Veel pas geschoolde priv?detectives doen onderzoek op een onwetmatige manier. Ze zetten de verdachte te zwaar onder druk, tappen telefoongesprekken af en leveren schimmig bewijsmateriaal in rechtszaken. Ze begeven zich te veel op het terrein van de politie en de overheid. Maar waar die twee aan regeltjes en wetten gebonden zijn, worden particuliere onderzoekers door niemand gecontroleerd.” Daar is de woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie het niet mee eens: “Via een groot onderzoek screenen we tegenwoordig de recherchebureaus.”

Brinkhoff: “Oud-politiemensen die als priv?detective werken, hebben kaas gegeten van het vak; die weten hoe ze onderzoek moeten doen. Bij andere groepen speelt vaak het belang van de klant een te grote rol. De klant is koning, daarom gaan detectives zo ver als nodig is om hun klus te klaren.”

Bert hoort het commentaar gelaten aan. Zijn cursisten en pas opgeleide detectives gedragen zich altijd ‘binnen de kaders van de wet’, zegt hij. “Het is als autorijden: als je net je rijbewijs hebt, gaat het nog wat moeizaam, maar na een poosje gaat het vanzelf. Als je net je gele pas hebt gehaald, heb je een goede basis voor kleinere zaken zoals een diefstalletje. Grotere zaken zijn voor later. Daar komt bij dat we na de cursus contact houden met onze cursisten. Er zijn ’terugkomdagen’ waarop we de lesstof herhalen en oud-cursisten ondersteunen bij hun eerste opdrachten. We gooien ze heus niet in het diepe.”

Opleidingsinstituut
Opleidingsinstituut NOB is opgericht door Nederlands bekendste priv?detective: Ben Zuidema. Hij is gespecialiseerd in het opsporen van gestolen kunst en maakte eind jaren tachtig faam met de Noortman-zaak. Het leek een grote kunstroof, maar de Maastrichtse galeriehouder Noortman bleek negen vermiste schilderijen, met een totale waarde van vijf miljoen euro, zelf verduisterd te hebben. Een aantal van Zuidema’s zaken zijn gepubliceerd in boekvorm; een tv-serie is in de planning.

Zedenzaak valkenburg
Ook de ouders van het vermiste meisje uit Heerlen maakten voor de opsporing van hun dochter gebruik van de diensten van een priv?detective van het NOB. Ze werd gevonden nadat de detective haar telefoonsignaal had laten uitlezen. Het meisje – in de media Kimberley genoemd – werd aangetroffen in een hotelkamer in Valkenburg, waar ze onder druk van een loverboy seks had met mogelijk tachtig mannen. Een deel van hen is inmiddels veroordeeld tot werkstraffen en korte celstraffen. De loverboy kreeg een celstraf van twee jaar.

Afluisteren – mag dat?
Een priv?detective mag, in tegenstelling tot de politie, geen gesprek aftappen. Gesprekken heimelijk opnemen mag wel, maar alleen als de detective zelf deel-neemt aan het gesprek. Ook mag de priv?detective een gesprek opnemen in opdracht van een opdrachtgever, maar dan moet het belang van het onderzoek zwaarder wegen dan de privacy.

Bronnen: Het parool (29 juli 2015),

Verslag Seminar De Moderne Sherlock

Door: Matthijs Hogendoorn

Op 10 februari jl. organiseerde Reed Business Education samen met TNO een seminar over online burgeropsporing. Locatie: PIT, Almere. Dagvoorzitter: Diederik Greive, hoofdofficier bij het OM en onder meer portefeuillehouder Opsporingsberichtgeving. Voor een publiek van circa 100 mensen werd aan de orde gesteld: hoe pakt men het in de opsporing aan, gegeven de ontwikkelingen in social media en maatschappelijke betrokkenheid en bemoeienis? Wat staat de ?gevestigde? partijen op dat gebied te doen en te wachten?

Weliswaar waren alle aanwezigen het er over eens dat er een fundamentele verandering heeft plaatsgevonden en nog gaande is in de mate waarin de burger betrokken is bij veiligheids- en opsporingsvraagstukken, maar de nuanceverschillen in de benadering waren interessant.

Burgemeester Annemarie Jorritsma van Almere introduceerde het gemeentebeleid met een kort filmpje over de Veiligheidsaanpak 2015-2018.

De gemeente heeft de inbreng van burgers steeds intensiever proberen te initi?ren. Want: ?Wij overschatten als gemeente stelselmatig hoe goed wij onze burgers bereiken. En dat is wel het doel: dat we kunnen gaan spreken van overheidsparticipatie,? aldus Jorritsma.

Waar de burgemeester het nog vooral had over de informatievoorziening tussen burgers en overheid over en weer, vervolgde hoofd recherche Midden-Nederland Henk Bril met de praktijk van de opsporing. Die wordt be?nvloed door die informatievoorziening en dat gaat op heel veel manieren. Bril illustreerde dat met een aantal sprekende voorbeelden.

Hbril

Zoals bij de zaak Ruben en Julian: ?een Twitterbom die ontplofte? en burgers die zelf een bos gingen doorzoeken. Na de verdwijning van Lisanne Froon en Kris Kremers: de actieve houding van betrokken familie. Na de dood van Els Borst: de ?actieve betrokkenheid vanuit de politiek?. En bij de afpersing van John en Linda de Mol veel diverse reacties en bemoeienissen. Koppel daaraan een vaak zeer actieve ?mediakaravaan? en de eventuele rol van de ?zelfbenoemde expert? en je ziet de ontwikkeling zoals Bril hem noemde: ?Van burger en opsporing naar burgeropsporing.?

Dat levert heel veel verschillende informatie en situaties op, die soms absoluut maar ook niet altijd bevorderlijk zijn voor de opsporing. Hoe moet je al die info vooraf duiden? Is ze betrouwbaar? Bruikbaar voor beleid, co?rdinatie of uitvoering? Daarom alleen al is voor de politie een goede afdeling communicatie onontbeerlijk, stelde Bril. Want je kunt niet anders dan meegaan met wat de maatschappij van je vraagt, maar wel binnen grenzen.

Bril: ?Uiteindelijk gaat het om waarheidsvinding en de deugdelijkheid van het onderzoek: hypothesen, scenario?s, verifi?ren en falsificeren. Dus het klassieke rechercheren blijven we doen, naast de modernere mogelijkheden.?

Henk Bril benadrukte daarmee de kern van de middag: in hoeverre gaan de klassieke instituties mee met de ontwikkelingen, in welke mate is het gewenst dat ze dat doen en hebben ze daar eigenlijk nog enige zeggenschap in? Bril vond dat er al veel gebeurde om de burger te betrekken.

Nieuwe inrichting

Hoofdofficier van justitie in Midden-Nederland Johan Bac maakte als volgende spreker de vergelijking met de huisarts van tegenwoordig. Die ontvangt een veel beter ge?nformeerde pati?nt dan vroeger in de spreekkamer, zeker bij de eenvoudige aandoeningen. Naarmate de klacht medisch gecompliceerder is, neemt de huisarts of uiteindelijk de specialist het meer over van de pati?nt.

JBac

Bac: ?Hier gaan we ook naar toe in de opsporing. Er zullen eenvoudige zaken zijn, waarbij de politie kan kijken naar wat de burger zelf al heeft gedaan. Van het maken van een foto tot het opnemen van een verklaring of het invullen van een aangifte. De politie zal daarin ondersteunend zijn. En dan hebben we het over 80% van de criminaliteit.?

Maar dat houdt dus ook in dat de rollen worden omgedraaid. Van Opsporing verzocht naar Opvolging gezocht, zoals Bac het formuleerde. De burger reageert niet meer, maar initieert. Dat zal uiteindelijk resulteren in eigen verantwoordelijkheden. Bac: ?Denk aan de eigen belastingaangifte met een verklaring dat je die naar waarheid hebt opgemaakt, iets dergelijks.?

Bac erkende dat die situatie totaal nieuw zou zijn en een totaal nieuwe inrichting van het strafproces zou betekenen. Hij maakte een kanttekening: ?In de analogie met de medische wereld, ook wij hebben ons specialistische werk. En zware zaken zijn vaak onzichtbaar. Daar moet wel capaciteit voor blijven.?

Daarnaast wees hij op de rechtsstatelijke belangen: ?Wij als OM zijn niet alleen doorgeefluik. We hebben ook onze procesnormen en die zijn er niet voor niets.?

Geen flexibiliteit

Daarna werd het grovere geschut in stelling gebracht in de persoon van Maurice de Hond, naast opiniepeiler onder meer bekend van zijn optreden in de Deventer moordzaak. Hij waste als verwacht de strafrechtsketen stevig de oren met tal van ongerijmdheden uit het onderzoek naar de moord op de weduwe Wittenberg. Bij uitstek maakte hij gebruik van ?burgerdeskundigen? om de bevindingen van onder meer het NFI onderuit te halen. De Hond: ?Het begon als crowdsourcing avant la lettre met een blog dat ik schreef. Dat groeide uit tot een gezamenlijke expertise van heel veel mensen.?

MHond

De Hond is behoorlijk gedesillusioneerd geraakt in de kwaliteit van het opsporingsproces. Het gaat er hem niet om dat ??n partij het standaard bij het verkeerde eind zou hebben. ?Ik trok met mijn website over de zaak ook gekken aan die onzin uitkraamden.? Maar het schokte hem vooral dat de keten zo afwijzend reageerde. Er was geen enkele flexibiliteit te bespeuren.

De Hond: ?Het gaat dan toch, zoals Henk Bril zei, inderdaad om de waarheidsvinding? Waarom wordt die aantoonbare expertise van zovelen niet eens meegenomen?? De conclusie van De Hond was dat de ?crowd? die de instituties binnen het strafproces voor zich zien, nog steeds ?intern? is. Er wordt nog te hi?rarchisch gedacht.

Doodeng

In de discussie tussen de panelleden (zonder Jorritsma) en met de zaal onder leiding van Diederik Greive werden de bovenstaande posities nader uitgewerkt. Daarbij behield Henk Bril (?Er gebeurt al veel?) zijn wat behoudender stelling, was De Hond het meest radicaal (?De instituties kunnen niet volgen?) en nam Bac de middenpositie in (?We lopen er achteraan, maar misschien is dat onze rol ook wel?).

panel

publiekMaurice de Hond leek de zaal voor zich gewonnen te hebben. Belgisch oud-hoofdcommissaris Steven de Smet: ?We werken met de kaders uit het industri?le tijdperk.? Interessant was het diverse blikveld op privacy: waar politie en OM duidelijk ook die waarden in hun afweging willen meenemen, sprak De Hond zich duidelijk uit: ?We bestaan niet meer als individu. We houden het niet tegen. Het enige wat ons rest is de kwaliteit van ons werk zo hoog mogelijk te houden.?

Dat de expertise van de burger moet worden ingezet, daar was iedereen het wel over eens. En ook dat je het niet redt met het openstellen van ?een extra kanaal?. Anders loopt het het systeem uiteindelijk over de schoenen. Dus incorporeren is het devies.

Uit de zaal kwam Arnout de Vries, co-auteur van Social Media, het nieuwe DNA, met de hamvraag: hoe organiseer je het dan? Daar bleef het nog even stil op, behalve dat de betrokkenheid van jongeren (Bac: ?Ik ben met mijn 45 jaar stokoud.?) en in een vroeger stadium faciliteren van burgers nuttig kunnen zijn. En blijven communiceren: ?Als je op een scheldpartij inhoudelijk antwoordt, blijkt het in negen van de tien gevallen om heel nette en serieuze mensen te gaan,? zei De Hond.

Johan Bac: ?We moeten vooruit, ook al weet ik op 1000 vragen geen antwoord. Dat maakt het tegelijkertijd doodeng.?

publiek2

Save the Date: 10 februari seminar burgeropsporing in P!T Museum Almere

Save the date

Op 10 februari 2015 organiseert Reed Business Education samen met TNO een exclusieve seminar over online burgeropsporing. In deze afwisselende en inspirerende middag komen verschillende onderwerpen aan de orde, zoals dilemma?s in de burgeropsporing en het gebruik van sociale media binnen de?politie.?De onderwerpen komen vanuit meerdere invalshoeken; het OM, de politie, burgeropsporing en de rol van de media.

Diederik Greive van het Openbaar Ministerie?zal optreden als dagvoorzitter op deze middag en tot de sprekers behoren Maurice de Hond,?recherchebaas Henk Bril van de Nationale Politie en Johan Bac van het Openbaar Ministerie. Daarnaast is er een rol weggelegd voor diverse burgerinitiatieven, wetenschappers, maar ook andere overheidsinstanties zoals de rijksoverheid en gemeenten.

Het seminar vindt plaats in de PIT expo, een nieuw museum ontstaan uit een fusie van het Nederlands Politiemuseum en het Nationaal Brandweermuseum. Een museum vol innovaties voor veiligheid, maar ook de politie en brandweer van vroeger zijn er te vinden. Op deze inspirerende plek, goed passend bij het onderwerp, ontvangen wij u heel graag op 10 februari aanstaande.

Aanvang: 13.00
Einde:?+?18.00u
Locatie: PIT Almere
Adres: Schipperplein 4, Almere

U bent van harte welkom. De bijeenkomst is gratis. Meer informatie volgt later op deze pagina.
Wilt u zich alvast aanmelden? Ga dan naar bit.ly/demodernesherlock

Let op: het aantal plaatsen is beperkt, dus meld u snel aan!

Maurice de Hond geeft hieronder in het kader van de NFI themadagen digitale opsporing alvast een paar lessen mee die hij leerde uit de Deventer moordzaak:

Opstelten geeft startsein Veiligheidsdag Almere

Het PIT museum is een plek voor dialoog en ontmoeting voor professionals en het brede publiek over actuele en maatschappelijk relevante thema?s rond veiligheid. Het adres is?Schipperplein 4
Almere en er is voldoende parkeergelegenheid. Klik hier voor een Google Maps route of bekijk het hieronder:

Met het openbaar vervoer

Vanaf station Almere Centrum neem je bus 1 of 3 richting Almere Haven, bij de tweede halte (Bottelaarspassage) uitstappen. Busbaan oversteken en de Zoetelaarspassage inlopen. Na ongeveer vijf minuten rechtdoor lopen ga je aan het einde linksaf en loop je de trap naast de MediaMarkt af naar het Schipperplein. Sla direct rechtsaf en loop langs de gevel direct naar de ingang van PIT.
Vanaf station Almere Centrum is het ongeveer vijftien minuten lopen naar het Schipperplein. Door de Stationsstraat, Stadhuisplein, Stadhuisstraat, Grote Markt, Korte Promenade, Bottelaarspassage, busbaan oversteken en de Zoetelaarspassage uitlopen. Aan het einde rechtsaf en vervolgens loop je de trap naast de MediaMarkt af naar het Schipperplein. Sla direct rechtsaf en loop langs de gevel direct naar de ingang van PIT.

Met de auto

Vanaf de A6
Neem afrit 5: Almere-Stad Centrum. Onderaan de afrit ga je linksaf de Veluwedreef op richting Flevoziekenhuis.Let op: 50km! Zie verder bij *

Vanaf de A27
Neem de afrit Almere-Stad. Linksaf de Waterlandse weg richting Almere. Steeds rechtdoor (Waterlandse weg gaat over in Veluwedreef). Zie verder bij *

* Rijd de Veluwedreef af tot het kruispunt met de Cinemadreef/Parkwijklaan. Ga hier linksaf richting centrum. Bij de tweede verkeerslichten linksaf de Landdrostdreef op. Steek de busbaan over en ga bij de rotonde rechtsaf de Hospitaalweg op. Je passeert het Flevoziekenhuis aan je linkerhand en ga bij de rotonde rechtdoor onder de overkapping door. Neem de volgende rotonde, in de vorm van een krakeling, driekwart (twee keer de busbaan over) en ga dan rechtdoor. Je rijdt op de Schippergarage (Flevostraat) af waar je de auto kunt parkeren. Volg al lopend in de parkeergarage het zebrapad naar de linkeruitgang. Je loopt nu direct tegen de gevel van PIT aan. Volg deze gevel naar de ingang van PIT.

Parkeren

Betaald parkeren kan in de Flevogarage (Blekerstraat) of de Schippergarage (Flevostraat). Volg in deze garages de bewegwijzering naar PIT. De Schippergarage is direct naast PIT. Ga in de garage rechts naar achteren. De ingang van PIT is op hetzelfde niveau als de parkeergarage.

45001409reg

The Skeleton Crew

Boek Web Sleuths

 

Recentelijk is er een boek verschenen over (online) communities voor?burgeropsporing?en hoe deze “Do-It-Yourself?Detectives”?zich storten op ‘cold cases’.

“The Skeleton Crew” gaat?over online (burger) opsporingscommunities. Het gaat ook zowel de successen als problemen van deze groepen. Want?vrijwel elke?online community krijgt in haar bestaan met wisselende leden kritiek en zgn. “flame wars“. Het is zoals met veel vrijwillige groepen: het is soms een soap of drama en online wordt dat soms versterkt.?Dus er?waren er vetes, verbanningen van leden (sommige mensen bleken echt ‘freaks’, een beetje eng of gek) en groepen die zich afsplitsten omdat ze vonden dat het anders moet, en?ook waren er?grepen naar macht of roem. Communities met?naamloze onderzoekers hadden minder van deze?persoonlijke conflicten, maar elke groep kampte met ethische dilemma’s en uitdagingen voor hun werkwijzen, zoals bijvoorbeeld de vraag hoe om te gaan?met de rechtshandhaving en de families van de slachtoffers.

Deborah Halber, wetenschappelijk schrijfster voor MIT, onderscheid twee groepen burgerrechercheurs: de “buitenbeentjes” (Mavericks), die de voorkeur geven om snel en naar eigen goeddunken voor oplossingen te gaan, en de?”vertrouwen bouwers” (Trust Builders) die liever eerst?als groep zorgvuldig willen beraadzamen voordat ze de autoriteiten of nabestaanden benaderen. De ‘Mavericks’ klagen dat de Trust Builders te langzaam en te bureaucratisch handelen, terwijl Trust Builders?liever een band van?geloofwaardigheid op willen bouwen naar de gemeenschap en politie en (te) snelle tips meestal zinloos of waanzin zijn.

Zo gaat het boek in op zaken die het Doe network heeft opgelost (oa de zaak van het “tent meisje” waarover we blogden) en ook op andere burgeropspoorders die genetwerkt samenwerken aan zaken, soms decennia lang. Het Doe network weet dat er zeker meer dan 13.000 onge?dentificeerde lichamen zijn in de Verenigde Staten, maar anderen denken dat het er drie keer zoveel zijn. De groepen worden vaak bespot door de lokale politie of soms totaal genegeerd. Toch heeft deze ” Skeleton Crew” eigenhandig een hele reeks cold cases opgelost. Daaronder waren onder andere moorden in Missouri, zwervers in Las Vegas en ook zaken in Canada.

Hieronder een stukje uit het boek:

PROLOGUE

I?m looking around a Cracker Barrel in Georgetown, Kentucky, wondering if I?ll recognize him. The only photos I?ve seen of Wilbur J. Riddle were taken four decades ago, when he stumbled on the corpse wrapped in the carnival tent.

He was forty years old then; with his tousled dark hair and strong jaw, he resembled Joaquin Phoenix with sideburns. Even in black-and-white, Riddle looked tanned, a shadow accentuating the taut plane of his cheek. His short-sleeved shirt unbuttoned jauntily at the neck, he stood slightly apart from three pasty, grim, steely men with buzz cuts, dark suits, and narrow ties. They seemed preoccupied, dealing with a body where a body had no right to be.

Throwing the photographer a sidelong glance and a faint smirk, Riddle alone seemed cocksure and unfazed. In time, he would end up just as invested as the Scott County sheriff and state police, if not more so. He would become the father of sixteen and grandfather of forty and would still be escorting people out to the shoulder of Route 25?X marks the spot?where he found her. Somebody might have been tempted to charge admission.

He?s thought about asking the state of Kentucky to put up a marker along the guardrail: the Tent Girl memorial plaque. She?s a local legend. Parents invoke her?an unidentified murder victim whose face is carved onto her gravestone?as the fear factor that has hurried two generations of children to bed on time.

But she?s more than that.

Tent Girl drew me in. As I delved into the world of the missing and the unidenti?ed, her story would transform the shopworn whodunit into something altogether di?erent?the whowuzit, I?ll call it?in which the identity of the victim, not the culprit, is the conundrum. Her story supplanted the tweedy private eye or world-weary gumshoe of my expectations with a quirky crew of armchair sleuths who frequented the Web?s inner sanctums instead of smoke-?lled cigar bars. Her story was rags to (relative) riches, triumph of the underdog, and revenge of the nerds all rolled into one. Tent Girl, by becoming separated from her name, also invoked a murky psychological morass of death and identity where?judging from my companions? faces whenever I brought it up?most people would rather not go, but that I felt perversely compelled to explore.

The Skeleton Crew by Deborah Halber (Excerpt) by Simon and Schuster

Bronnen: Salon, The Skeleton Crew

Online onderzoek #MH17

Mh173

Foto: vadim ghirda/associated press

Het strafrechtelijk onderzoek naar de ramp met vlucht MH17 van Malaysia Airlines in Oekra?ne is, voor zover bekend, volgens het Openbaar Ministerie het grootste in zijn soort in de Nederlandse geschiedenis. Het landelijk parket van het OM is belast met het onderzoek. De Nederlandse justitie heeft het voortouw genomen in de internationale samenwerking met de landen die zijn getroffen door de vliegramp, die zich op 17 juli voltrok.

Het onderzoek naar wat er gebeurde met vlucht MH17 is niet alleen voor het Nederlandse Openbaar Ministerie een historisch onderzoek. Het is de eerste keer dat de bewijsstukken van zo’n grootschalige ramp zo snel aan het publiek gegeven werden. Naast de inlichtingendiensten van overheden publiceren ook blogs en nieuwssites onderbouwde analyses. Het onderzoek naar de waarheid is helemaal open source.

Russian Defense Ministry MH17

Foto: dmitry serebryakov/afp/getty images

Het voornaamste doel van het strafrechtelijk onderzoek is het vaststellen van de toedracht van de vliegramp en het achterhalen van de daders. Na dagen proberen kunnen dan eindelijk de onderzoekers op de rampplek in Oekra?ne aan de slag. Op internet wordt al ruim twee weken gespeurd. Niet alleen door echte experts, maar ook door amateurs, die op basis van foto?s, satellietbeelden andere bronnen de ramp constueren. En ze zijn daar al ver mee, maar of alles klopt?

Bellingcat

De nieuwe dienst van Bellingcat?(van oprichter Elliot Higgins die op Twitter het alias Brown Moses heeft) speelde hierin ook een belangrijke rol, terwijl het nog maar net een kickstarter project was. We hebben er een apart blog aan gewijd, maar hieronder kun je in twee?filmpjes zien wat Elliot Higgings met Bellingcat zoal bijdraagt:


Ook?EenVandaag?had een interessant gesprek met?hem?en docent internetjournalistiek Toine Kamphuis?(zie filmpje hieronder). sitestat Zonder toegang tot de rampplek puzzelden reporters, social media en overheden het verhaal achter vlucht MH17 van Malaysia Airlines in elkaar. Het onderzoek wordt gevoerd op social media en door de traditionele media. Grote kranten, zoals The New York Times, analyseren de crash met allerhande experts. De Verenigde Staten, Rusland en Oekra?ne schuiven bewijzen naar voren om hun aanklachten te verdedigen. Het lijkt erop alsof een ‘officieel onderzoek’ zelfs niet meer aan de orde is.

Content curatie: Storyful Open Newsroom

Naast Bellingcat was ook het initiatief van?Storyful met hun?Open Newsroom erg actief om informatie te valideren middels crowdsourcing. ?Het bedrijf uit Dublin ??overgenomen door News Corp for ?18m in December 2013?specialiseert zich in het vinden en valideren van nieuws op?social media. In april lanceerden ze een Facebook OpenNewsroom en in juni 2013 kwamen ze?op Google+. Het is een ?real-time community van?nieuws professionals? die als doel benoemen om informatie te ?ontmaskeren, fact-checken, verduidelijken en te voorzien van echte bronnen? bij grote nieuwswaardige gebeurtenissen.

Crowdsourcing van de MH17 crash

Open Newsroom bevestigde dat leden van de separatistische milities van de Donetsk Volksrepubliek ?”op zijn minst” de toegang tot raketsystemen hadden om zo’n aanval op een vliegtuig als MH17 te laten uitvoeren. “Er zijn nu vier brokstukken van informatie?- drie videofragmenten en een afbeelding – die?overtuigend genoeg?zijn om vast te stellen?dat rebellen een Buk raket?hebben gehad en?vrijwel zeker op hun eigen grondgebied “, zegt hoofdredacteur David Clinch?van?Storyful,?”Van die vier stukken hebben individuele groepen of bedrijven dit?geverifieerd rond dezelfde tijd.”

Clinch, pionier in het gebruik van sociale media voor de nieuwsgaring op CNN, is van mening dat de journalistiek – los van sommige?echt exclusieve verhalen – alleen nog?kan?werken?door een open source benadering. “Het eindproduct is beter, omdat van die [eerste] discussie in het openbaar plaatsvindt,” zegt hij.

Mark Little, voormalig RTE journalist en oprichter van Storyful, zegt: “Open Newsroom biedt een transparantie die de traditionele journalistiek ontbeerde. Elke redactionele beslissing biedt online een spoor van verificatie en discussie erover. Elk verhaal evolueert met de snelheid van feiten, niet alleen maar commentaar of speculatie. ”

Na de?crash van vlucht MH17 publiceerde Storyful een blog waarin de belangrijkste validatiestappen werden genoemd die zij ondernamen?voor de controle van social media informatie. Dit ging onder andere over het doorzoeken van Twitter-berichten vanuit?de rebellen van de Donetsk Volksrepubliek – waarvan er velen werden?verwijderd – op zoek naar aanwijzingen over?de?raketsystemen en het geotaggen van?YouTube-video’s die ogenschijnlijk het raketsysteem toonden in het oosten van Oekra?ne voorafgaand aan de crash. Ook video’s van de crash site werden gevalideerd. Het crowdsourcing proces zelf was alleen open voor Storyful leden, en zij hadden toegang tot alle ?”forensische aanwijzingen?en verificatie daarvan”, inclusief telefoonnummers en e-mails. Wil je meer weten over gratis tools voor het valideren van open source informatie? Lees dan ons blog hierover met het gratis gepubliceerde “content validation handbook”.

De man die te snel tweette

De?separatistenleider in het oosten van Oekra?ne zou je eerder in een operette verwachten. Totdat je zijn bewapening ziet.?Een boekenwurm uit Moskou, die zich Igor de Schutter noemt, daagt Nederland en de rest van de wereld tot op het bot uit en brengt zelfs zijn beschermheren in het Kremlin in de problemen. Vooral door zijn bericht op sociale media dat de pro-Russische landstorm in de buurt van Thorez ?boven onze hemel? een vrachtvliegtuig had neergehaald, een melding die hij daarna schielijk verwijderde, heeft deze Igor Strelkov (?schutter?) een verdenking op zich geladen dat zijn separatisten mogelijk het toestel uit Amsterdam bij vergissing hebben neergeschoten.

@Dnrpress tweet

Omstreeks hetzelfde tijdstip dat vlucht MH17 neerstortte, plaatste?een militair leider van de separatisten,?Igor Girkin, een triomfantelijk bericht op de Russische?social mediasite?VKontakte?dat een Oekra?ens troepentransportvliegtuig was neergehaald.

Volgens dit bericht zou dit toestel in hetzelfde luchtruim hebben gevlogen en zijn neergestort in dezelfde omgeving als het Maleisische burgervliegtuig. De separatisten ontkenden later die dag vlucht MH17 te hebben neergeschoten.

A site from a VKontakte page attributed to Igor Girkin, known as Strelkov.

In het bericht ? dat al snel werd verwijderd ? herhaalde Girkin dat er was gewaarschuwd om niet te vliegen boven het betreffende gebied.?Na de ramp verwijderde het offici?le?Twitteraccount?van de?Volksrepubliek Donetsk?twitterberichten waarop te zien was dat de rebellen beschikten over luchtdoelraketten.?Een lokale rebellenleider gaf in een interview met Reuters toe dat zij over het Buk-systeem beschikten (althans een lanceervoertuig met de raketten).

Inlichtingen

De Oekra?ense inlichtingendiensten plaatsten na de crash een getapt telefoongesprek op internet, waaruit zou blijken dat het de rebellen waren die het passagiersvliegtuig hadden neergehaald.?Later verklaarde het Oekra?ense hoofd van de contraspionagedienst over bewijzen te beschikken dat de aanslag was gepleegd met de hulp van Rusland.

Rusland van zijn kant ontkende dit echter met klem en legde de schuld bij Oekra?ne. Het Russische ministerie van Defensie gaf beelden vrij die moesten aantonen dat zich op het moment van de ramp een Oekra?ens gevechtsvliegtuig?op enkele kilometers afstand van vlucht MH17 bevond.

Kaart met namen, voorzien van?informatie uit social media

Al snel werden er vele namen gedeeld via Twitter en op Facebook. Daarna werd er vlug een mash-up gemaakt op Google maps waarin een?kaart met alle Nederlandse slachtoffers erop geplot openbaar gemaakt werd, voorzien van veel achtergronden van de slachtoffers. Allemaal grotendeels via social media achterhaald. Het is ongelooflijk hoeveel details er zo snel naar buiten kwamen en verzameld werden door vele webgebruikers.?

MHkaart?

De hele wereld onderzoekt?mee

Omdat vlucht MH17 in ongecontroleerd gebied belandde, is er spontaan een collectief onderzoek ontstaan om de waarheid te achterhalen. Iedereen helpt mee. De eerste dagen was de rampplek niet toegankelijk voor luchtvaartexperts, waarop de experts zich vanaf hun thuisbasis baseerden op foto’s en satellietbeelden. Oekra?ne lekte telefoongesprekken van telefoongesprekken tussen pro-Russische separatisten. Er ontstond een propaganda-oorlog tussen Kiev, Moskou en Washington. Terwijl voorgaande landen hun bewijzenoorlog in de pers houden, werkt het Nederlands Openbaar Ministerie bewust in alle stilte aan de schuldvraag van MH17.?

Het collectief streven naar de waarheid wordt gedreven door een gevoel van internationale verontwaardiging. Terwijl het onderzoek nog moet beginnen hebben veel mensen zich al een oordeel geveld over de zaak. De zwarte dozen worden overgebracht naar een special onderzoekscentrum in Londen. Het kan een jaar duren voor de gegevens volledig geanalyseerd zijn. Maar het verhaal dat ze vertellen, is al verteld in de media.?

Allerlei online tools worden hierbij gebruikt. Van foto’s wordt berekend waar ze genomen kunnen zijn, zelfs met tools als Suncalc die de stand van de zon op de foto meenemen, zoals van onderstaande foto:?


Op onderstaande video is te zien hoe brokstukken worden weggevoerd, materiaal dat wederom middels crowdsourcing via Bellingcat tot stand kwam:

Wereldpers op de rampplek
De wereldpers is massaal aanwezig op de rampplek in het oosten van Oekra?ne. Dat resulteert in een gedetailleerde verslaggeving van het rampgebied en met duizenden foto’s die gebruikt kunnen worden voor het onderzoek. Journalisten en fotografen waren veel sneller ter plaatse dan het internationale onderzoeksteam. Met verslagen en foto’s van de pers kunnen onderzoekers hun analyse bijschaven. Maar ook de sociaalnetwerksites kunnen ingeroepen worden om de waarheid achter MH17 te achterhalen. Kiev en Washington gebruiken tweets om te bewijzen dat de pro-Russische separtisten achter de aanval zitten.?

BtJ-AWCCYAEWInw

Lees hieronder het 35 pagina’s tellende document met social media bewijs van Bellingcat:

Bronnen: Mashable, HLN.Be, TheGuardian, TheWire, EenVandaag, Telegraaf, Graphics.wsj.com, Wikipedia

 

Bellingcat

Bellingcat_380_340

Bellingcat?is een online platform voor burger-onderzoeksjournalistiek.

Eliot Higgins, online beter bekend als Brown Moses, werd in slechts twee jaar tijd en zonder specialistische kennis vanachter zijn computer in Leicester een veel geraadpleegde wapenexpert in het Syri?-conflict. Als gevolg van?dit succes bedacht hij Bellingcat. Het is een platform voor open source-onderzoeksjournalistiek. Binnen exact vier weken?behaalde hij zijn target van 47.000 pond op Kickstarter, nadat hij eerder al via Indiegogo geld binnenhaalde voor zijn blog. Bellingcat ging direct online en werd ingezet bij de analyse van de neergehaalde vlucht MH17.

?Op internet is?een enorme hoeveelheid informatie beschikbaar?, stelt Eliot Higgins, die door donaties de komende zes maanden verder kan werken aan zijn?Bellingcat. Het idee voor het platform is een vervolg van het?werk dat hij de afgelopen twee en een half jaar al deed op zijn?Brown Moses-blog. Thuis vanachter zijn laptop. De destijds werkloze boekhouder begon op systematische wijze vrij toegankelijke informatie op sociale media te analyseren en te verifi?ren. Deze burger-onderzoeksjournalist wist onder meer aan te tonen dat het Syrische leger clusterbommen gebruikt. Hij werd expert en een bron van informatie voor het?Syri?-conflict. En iets recenter ontmaskerden ze de locatie van de video van James Foley.

Met Bellingcat wil Higgins deze vorm van onderzoeksjournalistiek een stap verder brengen en professionaliseren. ?Het is ongelofelijk hoe weinig mensen weten hoe je?open source-onderzoek uitvoert?, zei hij in een eerder?interview?met Journalism.co.uk. En dat terwijl online content steeds vaker strategisch wordt gebruikt, meent Higgins. Zo heeft hij?sterk bewijs?gevonden dat het Russische ministerie van Defensie tijdens een persconferentie loog over een online video met daarin de truck en de raket waarmee MH17 uit de lucht zou zijn geschoten. Hieronder meer daarover.

Aan de andere kant kent Higgins heel wat mensen die hetzelfde doen als hij: eenpitters die goed werk leveren. Op Bellingcat komt alles samen: tips, tools, technieken, maar ook onderzoek en verhalen. Krachten bundelen en anderen aanzetten mee te doen, dat lijkt het doel van dit initiatief. Hij heeft al heel wat mensen aan zich weten te binden die bijdragen leveren, zoals Peter Jukes, die veel schreef over het afluisterschandaal in Groot-Brittanni? en Aaron Zelin van Jihadology.net.

Wat kan online onderzoek beter doen dan een team van honderd professionele experts op locatie? In het geval van MH17 is dat volgens Higgins wel duidelijk: ?Het duurde een aantal weken voordat het team aan de slag kon. Tegen die tijd was er al veel veranderd. Wij werken met honderden filmpjes en foto?s, ook van vlak na de crash. Over het algemeen vervangt wat wij doen het werk van experts niet, maar het maakt het onderzoek wel completer.?

Higgins is heel wat van plan?met Bellingcat. E?n van die plannen betreft het helpen van burger-onderzoeksjournalisten, die heel goed zijn in wat ze doen, maar moeilijk aan werk komen. ?Vooral als je expert bent op een bepaald gebied kan het zijn dat je voor lange tijd geen klussen hebt.? Met Bellingcat wil hij hen in contact brengen met mensen voor wie ze iets kunnen betekenen. Een prachtig voorbeeld van de Long tail van experts waarover we ook in ons boek schreven. Deze online speurneuzen?vinden elkaar tijdens belangrijke momenten als deze ramp en?bundelen middels?crowdsourcing en online cocreatie elkaars krachten tot interessante vindingen.?Higgins hoopt in de toekomst samen te gaan werken met nieuwsorganisaties en technische bedrijven zodat Bellingcat ook na zes maanden in de lucht kan blijven?en initiatieven van anderen kan steunen. Hou Bellingcat dus in de gaten!

In Vrij Nederland stond een uitgebreid en persoonlijk interview met hem. Hieronder een aantal fragmenten daaruit:

“Veel vrienden heeft Higgins niet. Hij brengt zijn vrije tijd door met zijn vrouw of thuis achter de computer. In het echte leven is Higgins timide en gaat hij confrontaties uit de weg, maar online, onder de dekmantel van zijn pseudoniem Brown Moses (naar een liedje van Frank Zappa), is hij meester in de ‘nobele kunst van het internetruzi?n’.

Hij heeft nu een filmpje gevonden van een rebel die zegt door Brega te wandelen; geen Khadaffi-strijder te bekennen. Alleen naar het filmpje linken is niet voldoende. Veel van de beelden uit Libi? die dagelijks op YouTube belanden, zijn propaganda van betrokken partijen ‘ het zou overal opgenomen kunnen zijn. Higgins bekijkt het filmpje aandachtig. Een man die door verlaten straten zonder opmerkelijke gebouwen loopt. Wat wel opvalt: een flauwe bocht naar rechts en een kruising. Higgins pakt een stuk papier en tekent het stratenpatroon uit. Op Google Maps zoomt hij in op de woonwijken van Brega. Daar, raak: de kruising en de flauwe bocht. Ook de gebouwen lijken overeen te komen. Higgins’ hart gaat sneller kloppen. Hij plaatst de kaart en het filmpje bij de reacties op het Guardian liveblog.

‘Houla was een keerpunt. Vanaf toen ben ik mijn blog een stuk systematischer gaan aanpakken,’ zegt Higgins later. ‘Als ik iets leuk of interessant vind, dan raak ik geobsedeerd, zo zit ik in elkaar.’ Nu is het Syri?. Eerder probeerde hij obsessief nieuwe recepten uit, sportte hij als een gek (‘dat geloof je misschien niet als je me nu ziet’), en tijdens de zwangerschap van zijn vrouw keek hij alle films van Hitchcock.

Dat Higgins geen woord Arabisch spreekt, doet er niet toe voor het verifi?ren van YouTube-filmpjes: de beelden spreken voor zich. Met Google Earth kan hij steeds preciezer de locaties van de strijdende groepen vaststellen. Hij let ook op de wapens die Assads troepen en de rebellen gebruiken. Voorkennis heeft hij niet, maar alle informatie die hij nodig heeft, is op internet te vinden. Hij googelt zichtbare serienummers, raadpleegt het online wapennaslagwerk Jane’s en vraagt als hij er niet uitkomt hulp op Twitter. Nieuwe wapens die hij tegenkomt, documenteert hij op zijn blog, met de relevante YouTube-filmpjes eronder. Regelmatig zit Higgins urenlang aan ??n stuk door filmpjes te bekijken. ?’Ik probeerde zoveel mogelijk te doen zonder mijn vrouw al te boos te maken,’ zegt hij.

New York Times-journalist C.J. Chivers volgt Higgins’ blog op dat moment al een tijdje. Hij vraagt Higgins een bijdrage te schrijven voor het At War-blog van de krant. Higgins levert een stuk in over de Joegoslavische wapens. Enige tijd hoort hij niets terug. ‘Ik dacht dat hij het niets vond,’ zegt Higgins terugkijkend vanuit zijn nieuwe kantoor in Leicester. Dan gaat de telefoon: ‘Het lijkt erop dat je het slachtoffer van je eigen succes bent geworden,’ klinkt het aan de andere kant van de lijn. Chivers vertelt Higgins dat de New York Times onderzoek heeft gedaan naar aanleiding van Higgins’ stuk. Een team journalisten ontdekte dat de Saoedische regering de wapens kocht van Kroati?. De vracht werd Jordani? ingevlogen en bij Daara de grens over gesmokkeld in een poging de rebellen te versterken. De ontdekking haalt de voorpagina van de New York Times, met Higgins’ naam en het Brown Moses-blog als bronvermelding. Een Guardian-journalist belt Higgins op voor een interview. De week erna verschijnen vier cameraploegen van Britse en internationale media op de stoep in Leicester. ‘Plotseling realiseerden de journalisten die mijn blog al een tijd volgden dat ik niet een of andere gek in een kelder beplakt met wapenposters ben,’ zegt Higgins nu. ‘Mijn buren moeten gedacht hebben dat ik de loterij had gewonnen.’

Higgins heeft een team samengesteld van mensen die soortgelijke methoden als hijzelf gebruiken. Aymenn Jawad-Al Tamimi is een van hen. De 21-jarige student gebruikt sociale media om jihadistische groeperingen in voornamelijk Syri? en Irak te onderzoeken. Hij ontdekte als eerste drie voormalige Guant?namo Bay-gevangenen in Syri?. Twee van hen zijn inmiddels om het leven gekomen.

Onderzoeksjournalist en Pulitzerprijswinnaar Seymour Hersh publiceerde enkele dagen eerder in de London Review of Books, waarin hij?beweert dat de gifgasaanval in Ghouta geco?rdineerd werd door de Turkse regering en uitgevoerd door Syrische rebellen in de hoop een Amerikaanse interventie uit te lokken. ‘Horseshit’ noemt Higgins de beweringen. ‘Of Hersh-shit,’ voegt hij er grinnikend aan toe. ‘Hij heeft niet eens de meest basale Google-research gedaan.’

Brian Whitaker, voormalig chef Midden-Oosten bij The Guardian?zegt over Higgins’ werkwijze: ‘Veel traditionele journalistiek, zoals die van Seymour Hersh, reduceert de rol van het publiek door gebruik te maken van geheimzinnige contacten. Wat Eliot doet, is bewijs verzamelen en analyseren, om het vervolgens te publiceren zodat andere mensen het met de grond gelijk kunnen maken, als ze dat willen.

Op Twitter wordt Higgins belaagd door trolls: Assad-sympathisanten, complotdenkers of gewoon idioten. Maar het commentaar komt ook uit zwaardere hoek. Wapenexpert Theodore Postol doceert aan MIT en is voormalig wetenschappelijk adviseur van het Amerikaanse hoofd marine-operaties in het Pentagon. Hij vindt dat Higgins geen expert genoemd mag worden. ‘Hij weet niets van deze wapens af,’ zegt Postol. ‘Dat hoeft ook niet. Hij heeft ons al een waardevolle dienst bewezen door een enorme hoeveelheid bewijsmateriaal op zijn website te verzamelen, maar hij is geen analist.’ Postol denkt dat Higgins een te gekleurd beeld heeft van het conflict in Syri?. ‘Hij verandert zijn redenering steeds weer om tot een conclusie te komen waarin hij bij voorbaat al lijkt te geloven: dat de Syrische regering achter de gifgasaanval zat.’

‘Alle informatie die je nodig hebt, is openbaar beschikbaar. Mensen moeten gewoon leren wat ze ermee kunnen doen,’ zegt Higgins. ‘Ik ben er zelf blindelings doorheen gestruikeld. Het enige wat ik heb gedaan, is me steeds weer afvragen: “Wat kan ik met wat ik heb en hoe doe ik het?”‘

Onderzoek na crash vlucht MH17

De Amerikaanse inlichtingendienst?geeft toe?dat het niet bewezen is dat de?Buk SA-11 raket lanceerder?van de Russen was, ondanks dat bekend is dat Rusland de Russische rebellen?van wapens voorziet. (Hoewel een Oekra?ense?rebellenleider wel weer heeft bevestigd?dat deze rebellen?Buk raketten hebben.)

“We hebben geen?naam, weten niet welk rang hij had en we zijn nog niet eens 100% zeker van zijn nationaliteit,” zei een ambtenaar tijdens een persconferentie. “Er zal geen Perry Mason komen nu.” (Perry Mason, vernoemd naar de TV serie,?is een verwijzing naar het tevoorschijn toveren van bewijsmateriaal en het onderzoek een drastische wending geeft).

Een groep burgerjournalisten, begeleid door Eliot Higgins heeft de afgelopen dagen veel Perry Mason momenten gehad. Higgins zette zijn Twitter-volgers in en was in staat om de locatie van een Buk launcher te lokaliseren terwijl deze door de plaats Snizhne, in handen van pro-Russische ?rebellen, werd getransporteerd op basis van een YouTube video:

De volgende dag plaatste Aric Toler, een van de eerste Twitter-volgers van Higgins, tot ieders verrassing de exacte locatie van de Buk launcher in het plaatsje Torez, een andere stad in Oost-Oekra?ne. Hij gebruikte alleen open source informatie zoals de naam van een winkel in de foto en YouTube filmpjes uit het gebied. Toler en Higgins gebruikten de stand van de zon op de foto in?de tool Suncalc?om te bepalen dat de foto rond 11:40 was genomen. Higgins checkte de tool door zelf foto’s te nemen in zijn achtertuin?op verschillende tijdstippen van de dag tot hij een zelfde schaduwrichting had zoals op deze foto.?

Een andere crowdsource analyse?die Higgins samenvoegde toont bovendien dat er veel bewijs lijkt te zijn dat het voertuig terug op weg naar Rusland is via diverse Rebellensteden, en hij leek bovendien een raket te missen. De Russische overheid wuifd ede beelden weg en zei dat het ergens anders was genomen (Krasnoarmeisk, onderdeel van ?Oekra?ense?leger).

“De Russen hebben gelogen,” schrijft Higgins in zijn bericht op Bellingcat. Voor Higgins is dit werk slechts het eenvoudig verzamen van intelligence die het zoeken op de grond verder kan helpen. Journalisten gingen snel naar de plekken die Toler en Higgins hadden aangeduid en spraken ooggetuigen die bevestigden dat ze dit hadden gezien.

“Het is belangrijk dat dit werk door verschillende mensen gedaan wordt, dat ook het belang van het openbaar stellen van onderzoeksmethodieken en tools maar weer eens onderschrijft, opdat iedereen ze kan gebruiken.” ?schreef Higgins op zijn blog. “En dat is precies waar Bellingcat over gaat”.

Of luister het radio interview met Pieter van Huis.

Bronnen: Persinnovatie, Wikipedia, Bellingcat

Recherchewerk met social media

Facebook-Dick

De politie staat aan het begin van een grote digitale revolutie. Dat voorspellen onderzoeker Arnout de Vries van TNO en politiechef Frank Smilda van de Nationale Politie Eenheid Noord-Nederland in hun boek ?Social media: het nieuwe DNA?, dat dit voorjaar verscheen. Onderstaand artikel van Jolein de Rooij (ComputerIdee, #7 van 2014) gaat over de online rechercheur van de toekomst en geeft weer wat ons te wachten staat. Het wordt aangevuld met opinies die onlangs verschenen in een AD artikel over burgeropsporing en burgervervolging.

Recherchewerk met sociale media

Onderzoeker Arnout de Vries en politiechef Frank Smilda schreven een boek over het gebruik van sociale media in de opsporing. Arnout de Vries is onderzoeker en adviseur op het gebied van sociale media en maatschappelijke veiligheid bij TNO. Frank Smilda is politiechef bij de Nationale Politie Eenheid Noord-Nederland. Samen schreven ze een boek waarin ze uitleggen hoe burgers en politie het beste kunnen samenwerken bij recherchewerk op sociale media als Twitter en Facebook.

Want politie, advocaten en experts op het gebied van sociale media maken zich zorgen bij burgeropsporing: eigenrichting dreigt omdat burgeropsporing kan omslaan in burgervervolging.

Doorgaans is de politie blij met tips, maar Facebookacties zijn een doodlopende weg, stelt Frank Smilda in het AD artikel. Burgers gaan volgens hem veel minder zorgvuldig te werk dan echte agenten bij een verdenking. Als een betrokkene toch niet de dader blijkt te zijn, zullen de gevolgen niet te overzien zijn, zegt Smilda: ‘Iemands naam is dan voorgoed beschadigd.’

Ook hoogleraar publieke innovatie Albert Meijer is geen voorstander van het voor eigen rechter spelen via het internet. De politie weegt zorgvuldig af wat wel en niet naar buiten wordt gebracht. ‘Maar burgers hebben daar geen boodschap aan’, aldus de hoogleraar. Er ontstaat volgens Meijer te snel ‘een gevoel van wij tegen de boeven’. ‘De slachtoffers denken dat ze alles mogen doen om de daders te pakken. Elke nuance is verdwenen. Dat ondermijnt de rechtsstaat.’

Precieze cijfers zijn niet bekend, maar ‘doe-het-zelf-justitie’ zit duidelijk in de lift. Tegen de Facebookacties is wettelijk niet veel te doen. Het is niet strafbaar om tips te vragen op internet. De advocaten Gerard Spong en Frank van Ardenne plaatsen grote juridische vraagtekens bij de internet-initiatieven, omdat het gevonden bewijs bruikbaar is in strafprocessen. Spong heeft daar principi?le bezwaren tegen. Volgens hem werkt dat het illegaal handelen van particulieren in de hand. ‘Het is een vorm van bewijs witwassen. De overheid maakt hiermee in feite ook vuile handen’, aldus Spong. Van Ardenne vindt dat de overheid moet ingrijpen als er publiekelijk jacht wordt gemaakt op een vermoedelijke verdachte. ‘Vragen om tips kan iedereen zich nog voorstellen, maar publiekelijk zelf iemand opsporen kan enorm uit de hand lopen. Dat kan uiteindelijk een rol spelen bij een veroordeling’, aldus Van Ardenne.

Het Openbaar Ministerie (OM) is er geen voorstander van dat mensen zelf op zoek gaan naar daders, maar wijst het ook niet af. Volgens OM-woordvoerder Wim de Bruin is het ‘ieders verantwoordelijkheid’ zorgvuldig met de privacy van anderen om te gaan. ‘Het is aan de rechter om te beoordelen in hoeverre het schenden van iemands privacy rechtmatig is geweest.’

Hoe kunnen burgers helpen?

Arnout de Vries: “Dat kan in de eerste plaats door zelf ooggetuigenverslagen te maken. Daar bestaan zelfs speciale apps voor. Met de Britse ‘Self Evident’ app kun je bijvoorbeeld als slachtoffer of getuige een behoorlijk compleet verslag maken, inclusief eigen foto’s en films van de plaats delict en een Google Maps-kaartje. En er bestaat ook een app waarmee je zelf een compositietekening kunt maken van de dader. Behalve door foto’s en filmpjes te maken, kunnen burgers helpen bij het signaleren van online delicten, zoals doodsbedreigingen via Twitter of identiteitsfraude. Veel mensen zien internet als een vrijplaats om zich te misdragen, maar het zo zou het niet moeten zijn. Het is goed als mensen ook online op hun gedrag worden aangesproken. Wanneer de politie in Haren bijvoorbeeld door meer mensen op Project X was gewezen, was de situatie daar misschien minder uit de hand gelopen.”

Report crime with the Self Evident app

Hoe gebruik de politie sociale media?

“Politieagenten twitteren en gebruiken Facebook. Bijvoorbeeld bij evenementen, om burgers te informeren en instructies te geven, of om signalementen te verspreiden van vermiste personen. Daarnaast zijn er wijkagenten die aangesloten zijn bij WhatsApp-groepen van burgerwachten in bepaalde wijken, om zo beter ge?nformeerd te zijn. Daarbij is het wel zaak dat ze de juiste verwachtingen scheppen, zodat burgers bijvoorbeeld niet denken dat wanneer ze een berichtje op WhatsApp zetten binnen zo’n groep, de politie dus automatisch op de hoogte is. Daarnaast is ‘crowdsourcing‘ een veelbelovende mogelijkheid. Wanneer de politie opsporingsdossiers online zou zetten, inclusief foto’s, video’s, kaarten en reconstructies, kan dat veel creatieve idee?n en expertinformatie opleveren. Dat deed Maurice de Hond bijvoorbeeld, in de Deventer moordzaak, met de website GeenOnschuldigeVast. Dankzij de inzet van burgerexperts is volgens De Hond in die zaak veel relevante informatie bijeen gebracht.”

Hoe moet het niet?

“Wanneer overenthousiaste burgers heksenjachten ontketenen, wanneer ze de privacy schenden van medeburgers of wanneer ze waardevolle aanwijzingen weggeven. De politie schrikt zich regelmatig een hoedje doordat familieleden van een slachtoffer bijvoorbeeld op Facebook allerlei opsporingsinformatie weggeven, terwijl de zaak nog loopt. Tijdens de jacht op de daders van de dubbele bomaanslag van de Boston-marathon?waren er mensen die de politiescanner afluisterden en elke beweging van de politie live uittikten. Dat wil je niet, want de voortvluchtigen kunnen dat ook lezen. Die aanslag is een perfect voorbeeld van een zaak waarbij burgers op grote schaal meedachten. Je zag toen ook meteen de gevaren daarvan: op een bepaald moment was iedereen ervan overtuigd dat een bepaalde jongen met een rugzak de dader was. Achteraf bleek dat niet zo te zijn. Ik ben er daarom voorstander van dat de politie zoveel mogelijk van dit soort crowdsourcing zelf in handen houdt, door tools beschikbaar te stellen en speciale Facebook-pagina’s of samenwerkingsplatformen in te richten. Nu plaatsen burgers steeds vaker, in de hoop dat daders zo sneller gepakt worden, zelf opsporingsdata online. Het is beter wanneer dat gebeurt in overleg met de politie. Die kan beter beoordelen welke informatie wel en niet online kan, in het belang van het onderzoek en met het oog op de privacybescherming.”

App om getuigeverslag te maken

selfevidentMet de Britse ?Self Evident?-app kan een slachtoffer of getuige zelf een verslag maken van een incident, inclusief eigen foto?s en films van de plaats delict en een Google Maps-kaartje. Wanneer de gebruiker een video, foto of geluidsopname maakt met de app wordt het tijdstip waarop dat gebeurde en de locatie waarvandaan automatisch opgeslagen op de server van Just Evidence, de ide?le organisatie die de app maakte. Die organisatie kan dus getuigen dat uw smartphone echt op dat moment op die plek aanwezig was. U kunt een link naar uw online verslag in een mailtje verzenden, bijvoorbeeld naar een vriend of naar uw verzekeraar of de politie. Wanneer de ontvanger het rapport downloadt, zendt Just Evidence u daarvan bericht. Het grote voordeel van de app is dat getuigen of slachtoffers niet hoeven te wachten met getuigen tot de politie arriveert of anderszins gehoor geeft. Ze kunnen zo snel mogelijk zelf beschrijven wat er is gebeurd, waardoor het verslag gedetailleerder zal zijn en meer correct. Ook heeft de politie de informatie eerder in handen, waardoor de kans toeneemt dat daders op heterdaad kunnen worden betrapt.

App om compositietekening dader maken

Het is erg lastig om het gezicht te beschrijven van iemand anders. Ook vervaagt de herinnering aan een gezicht snel. Daarom is het belangrijk dat compositietekeningen zo snel mogelijk na een misdrijf worden gemaakt. Dat kan met de PhotoFitMe app. Getuigen of slachtoffers kunnen daarmee zelf een gezicht samenstellen uit een bibliotheek van ogen, neuzen, monden, kinnen, haar, enzovoort. Elk ?onderdeel? kun je ook nog eens verbreden, versmallen, uitrekken of juist gedrongener maken. De iPhone app is ontwikkeld door forensisch psycholoog Graham Pike van de Britse Open Universiteit. Het blijkt behoorlijk lastig om met de app een accurate tekening te maken van iemand die we kennen. Dat is logisch, aldus Pike. We houden gezichten als geheel en niet als een verzameling onderdelen. Zelf ook eens proberen? Dat kan hier.

Social media: het nieuwe DNA

?Social media: het nieuwe DNA? verscheen dit voorjaar en gaat over ?de revolutie? die social media in de opsporing veroorzaakt. Het boek is geschreven door onderzoeker Arnout de Vries van TNO en politiechef Frank Smilda van de Nationale Politie Eenheid Noord-Nederland.

Bronnen: Computer Idee, AD

De recherche game

Burgers willen heel graag met de politie meedenken, zeker over een geruchtmakende?zaak. Daarom werkte de politie in samenwerking met Nederlandse organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek?(TNO) aan een recherchegame (de Social Media Recherchegame), die?bedoeld is om het publiek een actievere rol te geven in de opsporing. Een?uniek en veelbelovend concept. Gaming dringt op dit moment overal door,?bijvoorbeeld in het onderwijs. Logisch ook, want een interactief scherm?biedt nu eenmaal veel meer mogelijkheden dan de bladzijden van een?leerboek. In de recherchegame ? nu nog een pilotproject ? kunnen burgers?met hun eigen (echte) cold case aan de slag. Wat is er gebeurd? Welke sporen?zie ik?

recherchegame3

Door op de plaats delict (PD) op onderzoek te gaan, verzamelen spelers?feitenmateriaal in een casefolder, inclusief eigen notities. Wil een speler iets?nader illustreren, dan kan hij afbeeldingen uploaden in de casefolder of een?video maken en op YouTube plaatsen. Als hij genoeg informatie heeft verzameld,?is het tijd voor een reconstructie en opent hij het reconstructiescherm.

recherchegame4

Het reconstructiescherm is het belangrijkste onderdeel van het spel. Hier?komt alles samen wat er tijdens het onderzoek en de gesprekken met medespelers?is verzameld. Feitenmateriaal, notities, foto?s, betrokkenen en dergelijke?krijgen allemaal een plek in de tijdlijn om aan te geven wanneer bepaalde?belangrijke gebeurtenissen rondom het misdrijf hebben plaatsgevonden.?Spelers kunnen hier dus aangeven hoe zij denken dat het misdrijf gepleegd?is en wie er op welke manier bij betrokken zijn. Via de vriendentab kunnen?spelers zien hoe ver hun vrienden zijn met de game en ook commentaar bij?hun bevindingen zetten. Wil een speler de case van iemand anders inzien,?dan moet hij een bod doen. Het blijft een game, dus een competitie. Is een?speler tevreden over de reconstructie, dan dient hij deze in.

De game werd ontwikkeld omdat het in de praktijk voor de politie niet eenvoudig?is om burgers bij een zaak betrokken te houden. Op de een of andere?manier lijken websurfers een korte aandachtsspanne te hebben. Ze hebben ?voortdurend nieuwe prikkels en uitdagingen nodig, en die krijgen ze in deze?game.

Wat dit spel uniek maakt, is dat het gewoon op Facebook kan worden?gespeeld, door meerdere spelers tegelijk. Is er nu sprake van een zwaar?misdrijf dat snel moet worden opgelost, dan is het mogelijk om die case in?de recherchegame in te brengen en aan het publiek voor te leggen. In feite?is dit een conceptuele doorontwikkeling van het initiatief van de politie?Groningen om het publiek op een andere manier in te schakelen bij de?Zuiderdiepmoord, door burgers te laten meedenken over mogelijke scenario?s.?De ultieme ambitie van de game is om de (kwaliteit van de) input bij?opsporingsonderzoeken te vergroten. Met andere woorden: dit is weer een?handige extra tool om tunnelvisie bij de recherche te helpen voorkomen.

Een bijkomend voordeel van deze game is dat deze ook bijdraagt aan de?digitalisering van de politie. Nieuwe werkwijzen worden altijd met argwaan?bekeken, maar in de toekomst zal de politie veel vaker digitaal moeten werken.

Ten slotte is de game goed voor het imago van de politie en voor het vertrouwen?van de burgers in de politie. Door zware zaken met het publiek te?delen laat de politie niet alleen zien dat ze actief met een zaak bezig is, maar?ook dat ze bereid is informatie met de burgers te delen en ook echt iets doet?met de oplossing die die burgers hebben aangedragen.?De ontwikkeling van de game is momenteel stopgezet, maar is nog wel ?door TNO getest aan de hand van een cold case, de zaak van de duivenmelker. ?Het betreft de onopgeloste moord op Henk Gerritsen, gepleegd op 30 maart 1998?in Apeldoorn. Deze zaak is ook aan de orde geweest in diverse TV programma’s, zoals het Zesde Zintuig waar enkele burgers ook aan meededen:

Een internetgame spelen en daarmee de politie helpen een misdrijf op te lossen. Het idee is ge?nt op de zogeheten ?social games? als Farmville en Maffiawars.?Dat zijn relatief eenvoudige spelprogramma?s binnen sociale netwerken als Facebook die in de afgelopen paar jaar razendsnel aan populariteit hebben gewonnen en – bijzonder – spelers uit alle lagen van de bevolking aanspreken. Elma Bos, detijds?plaatsvervangend divisiechef recherche?van de politie Noord-Oost Gelderland?denkt dat dergelijke games ondersteunend kunnen zijn bij politie-onderzoek:

,,Je moet je voorstellen dat we in zo?n spel elementen aanbrengen die te maken hebben met lopende onderzoeken in de realiteit. Dat kan op diverse manieren. De spelers van het spel krijgen scenario?s voorgeschoteld en moeten daar conclusies uit trekken. Of zelf scenario?s ontwikkelen op basis van omstandigheden op een plaats delict. Achterhalen waar de jutezak vandaan komt waarin delen van een lichaam zijn aangetroffen. Of wat de meest waarschijnlijke route is geweest van een dader van A naar B.?Feitelijk doen we zo een beroep op de creativiteit, de denkkracht en de kennis van een potentieel heel grote groep spelers. Het kan ons aan inzichten en informatie helpen, waar we anders van verstoken waren gebleven. Het hoeft trouwens niet alleen te gaan om het zoeken naar daders. Je kunt spelers ook mee laten denken over alternatieve scenario?s voor bijvoorbeeld de aanpak van drugszaken.?

Zoals gezegd is verdere ontwikkeling en lancering van de game stopgezet, maar wie weet staan dit soort zaken straks op deze manier op het web. Het blijft een interessant idee.

Bronnen: artikel uit De Stentor, vrijdag 12 november 2010.