Tagarchief: social media

Hoaxmap: Crowdsourcing en ontkrachting van geruchten over vluchtelingen

hoaxmap

Toen ze de vele?meldingen van vermeende misdaden door vluchteling op social media viral zagen gaan, zonder enige?fact-checking, besloot de Duitse Karolin Schwarz er zelf wat aan te doen. Samen met een vriend Lutz Helm?ontwikkelden ze de?Hoaxmap. Een online platform dat?valse geruchten moet ontkrachten en kaf van het koren moet scheiden tussen de vele waar- en onwaarheden.

Schaarste aan nieuwscontent was niet het probleem.?In?de week na de lancering op 8 februari verzamelde on ontkrachtten zij volgens de S?ddeutsche Zeitung meer?dan 240 gerichten, 187 uit Duitsland en de rest uit Oostenrijk en Zwitserland. De vermeende locatie van elk van de geruchten staat geplot?op de kaart, en bezoekers kunnen zo meer te weten komen over de vermeende incidenten.?Er zijn allerlei soorten geruchten: van zwanenstroperij tot grafschennis. Sommige berichtgeving is door de media uit context gehaald of overdreven, andere berichten zijn regelrechte leugens.

“De ontkrachte incidenten?op de kaart vari?ren van diefstallen tot doodslag – maar een van de meest voorkomende onderwerpen is verkrachting,” laat Schwarz zien.?Een van die verkrachtingsincidenten is het vermeende misbruik van een 13-jarig Russisch-sprekend meisje uit Berlijn. Dit bericht werd breed uitgemeten in de Russische media en zelfs gebruikt als oorzaak van de diplomatieke spanningen tussen Duitsland en Rusland. Maar toen de tiener werd ondervraagd door specialisten gaf ze al snel toe dat ze het verhaal had verzonnen.

In andere gevallen zijn?de gepleegde ‘misdaden’ van vluchtelingen minder ernstig, zoals lokale?klachten van burgers?over het ontbreken van gratis kinderopvang voor Duitse kinderen als gevolg van het onderbrengen van vluchtelingen (waarin bleek dat er inderdaad wachtlijsten waren, maar niet vanwege immigranten).

Al deze berichten zorgen gezamenlijk voor?een sfeer van verdenking en angst, wat weer kan leiden?tot woede en fysiek geweld richting vluchtelingen. De incidenten?in?Keulen verergerde dit anti-immigratie sentiment alleen maar meer.?Facebook en andere sociale media platformen worden veelvuldig?gebruikt om valse geruchten te verspreiden en om strengere strafmaatregelen te nemen. Zozeer zelfs dat Facebook Berlijn onlangs een campagne startte:?het?Online Civil Courage Initiative, tegen extremistische uitingen?op het internet. Facebook trok 1 miljoen uit voor deze campagne. In de tussentijd dragen?Schwarz en Helm ook hun steentje bij, en ze zien dat hun eigen acties in snel tempo een groter crowdsource collectief werd.?”Elke dag krijgen we tientallen tips via Twitter en e-mail, ‘zei ze tegen Deutsche Welle, en ze gaf aan dat sommige individuen en groepen hele?lijsten sturen van incidenten uit bepaalde regio’s.

Bronnen: Forbes

Nextdoor in Nederland

De Amerikaanse startup uit Silicon Valley Nextdoor kiest Nederland als eerste land voor internationale uitbreiding. De buurtapp is gemaakt als laagdrempelig buurtcommunicatieplatform voor alles wat er in de buurt gebeurt. Het wordt het Facebook voor buurten genoemd en is in de VS al erg succesvol.

Aan buurt apps geen gebrek vandaag de dag. Een aantal dagen eerder was indebuurt.nl?al gelanceerd.?Buren weten elkaar inmiddels al voor vanalles in de buurt te vinden, zo lijkt. Van gezellige activiteiten als een buurtborrel, tot nuttige dingen als het lenen van een ladder of verkopen van een kinderfiets, tot belangrijke onderwerpen als buurtpreventie, zorg en veiligheid. Al die sociale verbindingen dragen bij aan een sociaal hechte buurt die stevig in zijn schoenen staat. En daar speelt Nextdoor ook op in, een dienst die in de VS al 4 jaar aan de weg timmert.


In Amerika is al ruim de helft van alle buurten, in totaal ruim 90.000, dagelijks actief op Nextdoor nadat de startup daar vier jaar geleden werd ge?ntroduceerd. Daarnaast zijn er al zo’n 1400 overheidsinstanties aangesloten. Zij kunnen niet in de groepscommunicatie van de buurt kijken, maar wel contact leggen met een groep of individu waardoor het rondom leefbaarheid en veiligheid interessant wordt voor onder andere gemeentes, politie of brandweer.?Nextdoor heeft Nederland aan de hand van CBS-gegevens verdeeld in 12.000 buurten

Elke van den Hout, communicatie-adviseur van de Amsterdamse brandweer, ziet bij voorbeeld mogelijkheden voor preventiecampagnes via de buurtapp. “Het is persoonlijk, lokaal en wijkgericht. En veel groter dan de meeste facebookgroepen.” Maar ze denkt ook aan oproepen om eens even langs te gaan bij de oudere buren. Hebben die een rookmelder, hoe zit het met hun vluchtwegen?
Josien van Cappelle, wethouder van Capelle aan de IJssel, houdt Nextdoor in haar wijk Fascinatio ook goed in de gaten. “Het is een mooie manier om direct in contact te komen met bewoners”, zegt de D66-wethouder. Zij ziet als gemeentebestuurder kansen voor het verspreiden van informatie over wegopbrekingen, afvalscheiding, evenementen etcetera.

In de VS zijn er diverse politiekorpsen die de dienst al succesvol gebruiken voor community policing:

Offici?le lancering vandaag in Amsterdam

Nextdoor zijn buurtapp met een marktwaarde van $1,1 mrd. De zogenoemde unicorn ? een tech start-up met een marktwaarde van minimaal $1 mrd ? wil vanuit Amsterdam komend jaar een groot deel van de 12.000 Nederlandse buurten aan zich binden. Pas daarna wordt gekeken hoe en of er geld kan worden verdiend. Inspiratiebron voor Tolia was een stuk van Robert Putnam: “Bowling Alone” dat analyseert hoe het sociale kapitaal (waaronder sociale cohesie) in veel Amerikaanse communities juist verslechterd en hij vertelt vol passie hoe hij weer terug wil naar hoe het ooit was, omdat de buurten waarin je opgroeit en leeft zo belangrijk zijn. Nextdoor is er voor de kleine hulp tot en met situaties waarin het echt telt. Tolia gaf voorbeelden van het gebruik van Nextdoor bij natuurrampen en crises tot kleine buurtinitiatieven die een groot verschil kunnen maken in iemands leven.

helpful

Nirav Tolia en Tamar van de Paal (rechts).

Verdienmodel

Tolia heeft dezelfde aanpak als Facebook en Google: eerst een community bouwen, zorgen dat mensen bij je terugkomen en daarna pas experimenteren met een verdienmodel. ‘Een community bouwen is echt al heel erg moeilijk’, zegt Tolia. ‘Zeker voor iets wat lokaal is. Dat is lastig schaalbaar te maken. Maar als je succesvol bent, dan heb je een grote markt te pakken. Dan is het ook net als bij Facebook: the winner takes all. De beloning aan het einde van de regenboog is erg groot.’

Investeerders hebben hoog ingezet op die gouden pot met geld. Gebaseerd op de laatste kapitaalinjectie krijgt het bedrijf een marktwaarde van $1,1 mrd. ‘Een van de investeerders is lid van de raad van bestuur van Uber, een ander is de eerste investeerder in Linkedin en Facebook’, zegt Tolia, waarmee hij maar wil aangeven dat het niet de minsten zijn. Zij geloven dat er winst kan worden gemaakt met de buurtapp, hoe precies daar heeft de ceo nog geen pasklaar antwoord op. ‘Daar gaan we in de VS komend jaar mee experimenteren.’

Lokale bedrijvigheid

De kans is groot dat de inkomsten van de lokale ondernemers komen, want de buurtbewoners zullen de app altijd gratis kunnen blijven gebruiken. Of daarmee een significante omzet kan worden gehaald, is lastig te zeggen. De ceo heeft vooral voorbeelden van concurrenten die het niet hebben gered. ‘Toen we in de Verenigde Staten begonnen, waren er zo?n vijftig concurrerende buurtapps. Nu is er niemand meer. Zoiets lokaals opzetten kost veel tijd en geld.’

Maar vooral: gezelligheid

Oprichter Nirav Tolia zegt te kiezen voor ons land, omdat de Nederlanders actief zijn op sociale media, trots zijn op hun buurt ? waar ze vaak al hun hele leven wonen ? en van gezelligheid houden. ‘Wij hebben in Amerika niet eens een vertaling voor dat woord gezelligheid’, zegt Tolia, terwijl hij de harde g uitspreekt als een k.

De app kan qua vorm worden vergeleken met die van Facebook. Met het grote verschil dat alleen buurtgenoten elkaar kunnen uitnodigen. Ook is het de bedoeling dat er alleen nieuws uit de buurt wordt geplaatst, spullen worden verkocht en gedeeld met buren of hulp wordt ingeroepen als een kat of fiets kwijt is. Dat kan overigens ook allemaal met Whatsapp, maar dan is er bij veel buren al snel geen overzicht meer en krijgen ook de buren waarvoor een bericht niet relevant is de appjes binnen. Via Nextdoor kan bovendien iedereen buren via een ander sociaal netwerk of een fysieke postkaart uitnodigen.

In Nederland zien we nu ook een enorm enthousiasme en snelle groei van Nextdoor. Al ruim 80 buurten door heel Nederland zijn actief in de buurtapp en de verwachtingen voor 2016 zijn dan ook veelbelovend.

Het wordt de vraag of Nextdoor een plekje op de markt kan veroveren. Er zijn al?veel buurten die?allang iets dergelijks hebben opgezet in de vorm van een WhatsApp- of Facebook-groep. Zo zijn er in Nederland al meer dan 2000 WhatsApp buurtgroepen actief. Aan de andere kant is er nog veel te ontdekken aan mogelijkheden en is de ene buurt de andere niet.

nextdoor screens

Er waren ook wat leden uit de Nederlandse pilot aanwezig die hun ervaringen met Nextdoor deelden.

nextdoor verhalen

Boeimeer in Breda

Drie jaar geleden was Thijs Willems uit Breda op zoek naar een sociaal netwerk, speciaal voor zijn wijk Boeimeer. Al snel kwam hij uit bij de Amerikaanse app NextDoor, die toen ook in de VS nog in de kinderschoenen stond. ?”Maar toen was dat nog niet mogelijk”, vertelt Willems. “Een paar maanden geleden kreeg ik een mailtje met de vraag of we nog steeds interesse hadden.”

Willems zei onmiddellijk ‘ja’ en sindsdien groeide het NextDoor-netwerk in Boeimeer als kool. Inmiddels zijn ruim 800 inwoners van de buurt lid, dat is bijna een kwart van het totaal aantal inwoners. “En er komen nog steeds elke dag nieuwe leden bij,” vult Willems aan.

Volgens Willems is het in Boeimeer vooral begonnen om de veiligheid in de wijk te verbeteren. “Met waarschuwingen als ‘pas op, er is een inbreker actief’. Of vragen als ‘mijn fiets is gestolen, heeft iemand iets gezien?’ Maar inmiddels wordt er gesproken over allerlei evenementen en worden verschillende diensten en goederen, al dan niet gratis, aangeboden via NextDoor.”
Ook?antiquair Jasper Hooijkaas uit Capelle aan den IJssel zit nu een paar maanden op de buurtapp Nextdoor, en hij kent meer buren van naam, en zwaait vrolijk naar een nieuwe wijkbewoner die zich net heeft gemeld op het burenplatform.?”Absoluut, ik heb meer contact”, zegt de 47-jarige Hooijkaas die in zijn wijk Nextdoor heeft opgezet. ?Op zijn iPad laat de enthousiaste Hooijkaas zien wat zijn medebewoners de laatste dagen allemaal hebben geplaatst. Tips over mechanische ventilatie, een verslag van een gesprek met de beheerder over parkeerproblemen, ergernissen over hardrijders. Maar ook: wie weet een goeie klusjesman, wie heeft een soldeerbout te leen en wat doe je om te ontstressen??Die laatste vraag komt van een ondernemer die reclame wil maken voor zijn handel. Dat kan wel een keertje, zegt Hooijkaas, maar Nextdoor is geen advertentieplatform. Het is een contactpunt voor bewoners. Om elkaar te ontmoeten, spullen te delen, evenementen te organiseren.
Privacy
Zoals bij alle social media diensten zijn er terecht zorgen over de privacy. Want op Nextdoor wordt je naam en e-mail adres ook nog eens geverifieerd en gekoppeld met?je adres, doordat je een aanmeldingsbrief thuisgestuurd krijgt. Nextdoor probeert de?real name policy op deze manier wat verder door te voeren.?Bovendien willen ze graag je interesses, hobbies, functie en andere persoonlijke details weten. Dat gebeurt onder het mom van ?dan weten buren ook wie jij bent?, maar hou er rekening mee dat die gegevens voor Nextdoor ook interessant zijn.

In de privacy-verklaring van Nextdoor staat: ?We delen nooit je gegevens met adverteerders? (maar ze kunnen de data dus wel zelf analyseren).?Verder moet je je realiseren dat Nextdoor een Amerikaans bedrijf is en nergens belooft dat ze hun data op Europese servers zullen opslaan. Als Amerikaanse instanties willen weten met welke buren jij omgaat of welke hobbies jij hebt, dat kunnen ze dat indien nodig geacht achterhalen dankzij de Patriot Act.?Zo?n buurtnetwerk heeft dus iets onschuldigs en sympathieks en je gaat uit van goede bedoelingen van alle deelnemers, maar de standaardinstellingen om te delen zijn nogal ruim. Maak er dus bewust gebruik van.

In?De VS ?beweren ze dat het al positieve effecten heeft op het gebied van sociale interactie:

Bronnen: Nextdoor.nl, Omroep Brabant, EenVandaag, FD, iCulture, Joop, Volkskrant, Bright, Trouw

180.000 mensen die verst?ppertje willen spelen

Deze case komt uit het boek Online reputatiemanagement, over de lastige afweging tussen veiligheid, mogelijke omzetderving en vooral imago ? Ikea wil geen ?spelbreker? zijn. Maar bovenal: hoe humor Ikea helpt:

 

Wat ging eraan vooraf?

Begin 2014 publiceerde de Belgische Elise de Rijck haar persoonlijke ?bucket list?, een lijst met 30 dingen die ze wilde doen v??r haar dertigste verjaardag op 25 juni 2015. Prominent op die lijst stond ?verstoppertje spelen in Ikea?. Op haar blog schreef Elise: ?Een supergrote versie van een huis en honderden potenti?le verstopplaatsen. Wat wil je nog meer??

Op de radio en in de krant

Elise maakte een Facebook-event aan om haar vrienden voor het speelfestijn uit te nodigen. Binnen een half uur hadden zich 50 contacten aangemeld, een paar uur later stond de teller al op 250. Facebook-vrienden van Elise deelden het event met hun eigen contacten. Dat leverde in korte tijd duizenden nieuwe aanmeldingen op. Intussen kregen de media, met name in Nederland, lucht van de plannen. Elise kwam op de radio en in de krant en haar eventpagina op Facebook explodeerde: ruim 13.000 mensen gaven aan van de partij te willen zijn.

Trending topic

Ondertussen gingen op het hoofdkantoor van Ikea Nederland de alarmbellen af. Er waren flinke pieken zichtbaar in de real time social media rapportages. ?Verstoppertje in Ikea? was trending topic. De Nederlandse en Belgische Ikea-organisaties overlegden met elkaar hoe hiermee om te gaan. Het was natuurlijk een sympathiek initiatief. Maar hoe kun je 13.000 deelnemers kwijt? In welke winkel moet het evenement plaatsvinden? Is er al een datum en tijdstip? Kunnen we dit aan? En wat als het helemaal uit de hand loopt?

Thumbs up voor Ikea

Ikea besloot contact op te nemen met Elise. Ze bleek behoorlijk ontdaan door de gigantische respons op haar onschuldige plan. Net als Ikea begreep Elise dat zoiets tot chaotische taferelen zou leiden. Uiteindelijk werd besloten Elises wens te honoreren, maar er was plaats voor maximaal vijfhonderd deelnemers en Ikea bepaalde de datum en vestiging. Dinsdag 15 juli 2014 speelden vijfhonderd volwassen mensen verstoppertje in de winkel in Wilrijk, vlak onder Antwerpen. ?Thumbs Up voor Ikea!?, schreef Elise na afloop van het evenement op haar blog. Ook diverse media lieten zich positief uit over de actie.

Participeren

De oplossing waar Ikea voor had gekozen, was geen verbod uitspreken, maar participeren. Het bedrijf hoefde alleen maar enkele voorwaarden op te stellen en een faciliterende rol te spelen bij het verwezenlijken van de gebeurtenis. Door alle aanvankelijke buzz rondom het event op social media zorgvuldig en al in een vroeg stadium te tracken en te analyseren, konden Ikea zich goed voorbereiden op de middag, en waar nodig veiligheidsmaatregelen nemen.

Herhaling op grote schaal

Dat leek echter niet te gelden voor de vele duizenden volwassenen die het initiatief van Elise de Rijck wilden herhalen. Begin 2015 bleek uit real time social media rapportages dat verschillende ? onafhankelijk van elkaar aangemaakte ? Facebook-events ?verstoppertje in Ikea? als onderwerp hadden. Amsterdam werd als locatie genoemd, maar ook Utrecht, Breda, Groningen, Hengelo, Amersfoort, Zwolle, Barendrecht, Haarlem, Eindhoven?

25.000

Op slag was duidelijk dat het ?copy cat?-gedrag van de diverse initiatiefnemers effect had. Likes ?n aanmeldingen stroomden binnen. Binnen luttele dagen stonden de tellers op 10.000, 15.000, met een enkele uitschieter tot wel 25.000.

Project X 2.0

Door het eindeloos delen en becommentari?ren van de eventpagina?s bereikten de Ikea buzz rapportages ongekende hoogten. Bovendien hadden de media een fraai nieuwsonderwerp te pakken. Er ontstond het vervelende voorgevoel dat dit de potentie had om uit te groeien tot Project X 2.0. De diverse vestigingen waren natuurlijk in rep en roer. Gaat dit tot ontsporingen leiden? Moeten we dit ?berhaupt wel toestaan? Intern was de kogel echter snel door de kerk en we namen het besluit dit soort events niet meer toe te staan. Enerzijds vanuit het oogpunt van de veiligheid van reguliere bezoekers en medewerkers, anderzijds omdat je een succesnummer niet moet herhalen. Kom liever met iets nieuws.

Afwijzende opstelling

Ikea moest wederom het juiste evenwicht zoeken tussen veiligheid, inzet van middelen (beveiliging, extra personeel, faciliteiten), mogelijke omzetderving en publiek imago. Wat dat laatste betreft waren we natuurlijk benieuwd naar het antwoord op de vraag wat ?gewone mensen? vonden van de afwijzende opstelling van Ikea deze keer.

Get a life!

De eerste rapportages over het sentiment lieten weinig ruimte voor misverstand. Een ruime meerderheid kon zich maar al te goed vinden in het standpunt van Ikea. ?E?n keer is leuk geweest.? En, nog vaker: ?Wat een stelletje kleine kinderen met hun verstoppertje in de Ikea. Word eens volwassen ? get a life!?

180.00 mensen

Ook al leek IKEA het algemene sentiment goed aangevoeld te hebben, de aanmeldingen voor de verschillende Facebook-events bleven ondertussen binnenstromen. Op een zeker moment telde het bedrijf in totaal 180.000 mensen die aangaven van de partij te zullen zijn op een van de verstoppertjefestijnen. Even in perspectief: zelfs als maar 10 procent van die groep zou komen opdagen, zou Ikea een groot veiligheidsprobleem hebben.

In dialoog

Inmiddels kwamen we ruim twaalf aangemaakte events tegen en werd het tijd om in dialoog te treden met de organisatoren. Verschillende van hen waren voor rede vatbaar en besloten het event af te blazen. In andere gevallen bleef antwoord op verzonden priv?-berichten uit en bleek het evenmin mogelijk om op andere wijze contact te krijgen.

Wereldnieuws

Intussen was het onderwerp ?verstoppertje spelen in Ikea? en het besluit om dit niet te faciliteren wereldnieuws geworden ? van CNN tot Al Jazeera. De internationale Ikea-organisatie nam de woordvoering deels over. De argumentatie achter het uitgesproken ?nee? van Ikea was kordaat en consistent. Het webcare-team van Ikea Nederland voerde die eenduidige lijn door in hun reacties op de aanhoudende online discussies.

Het duurde vervolgens nog enkele maanden voordat de pagina?s met de gewraakte Facebook-events langzaam werden opgeheven, of dat de organisatoren de geplande happenings op een andere wijze invulden.

Allemansvriend

Maar er bleef iets knagen bij Ikea?? met zijn imago van ?allemansvriend?. Op 31 maart 2015 kwam het bedrijf daarom met een cartoon op Facebook, ge?nspireerd op de welbekende handleidingen.

dgsdg

Laten we nog ??n keer ons standpunt duidelijk maken, was de gedachte, en de twinkeling deze keer niet vergeten. Uiteindelijk leverde dat toch nog een dikke 4.000 likes op; de cartoon werd 380 keer gedeeld.

Deze case is afkomstig uit het boek Online reputatiemanagement, geschreven door Alex van Leeuwen.

Bronnen:?Communicatie Online

Opsporing op social media en stelselmatige informatie-inwinning

sherlock-holmes_artikel-arnout_240

Voor informatie die burgers via social media naar buiten brengen bestaat vanuit opsporingsinstanties veel belangstelling. Het gebruik van deze informatie door de opsporing moet plaatsvinden binnen wettelijke kaders, en van het bestaande wettelijke kader is niet altijd duidelijk hoe het moet worden toegepast in een online-omgeving. Op grond van de taakomschrijving van de politie in art. 3 Politiewet mag de politie bepaalde opsporingshandelingen verrichten. De vraag is wanneer de inbreuk op de privacy die dat onderzoek veroorzaakt zodanig is dat een eigenstandige legitimering in de wet noodzakelijk is.

In dit onderzoek van Marnix Oosterhoff staat de vraag centraal of de bijzondere opsporingsbevoegdheden stelselmatige observatie en stelselmatige informatie-inwinning voldoende mogelijkheden bieden om binnen de grenzen van het strafvorderlijk legaliteitsbeginsel op rechtmatige en verantwoorde wijze online opsporingswerkzaamheden uit te voeren. Door empirisch onderzoek is nagegaan hoe de politie omgaat met opsporingsbevoegdheden op social media. O.b.v. literatuur en ontwikkelingen in de maatschappij is vastgesteld welke definitie van privacy gehanteerd kan worden in een online omgeving en hoe het recht op privacy is gecodificeerd. Van de bijzondere opsporingsbevoegdheden is aangetoond dat stelselmatige informatie-inwinning (126j) onder voorwaarden toepasbaar is op de opsporing op social media.?De auteur neemt het standpunt in?van een smalle definitie van stelselmatige observatie (126g) en dat dit artikel afvalt bij opsporing op social media omdat dit artikel gaat over?het waarnemen van gedrag en niet?de resultaten daarvan. Bij opsporing op social media gaat het over het verzamelen van informatie.

Gelet op verschillende knelpunten rondom de toepassing van artikel 126j en het feit dat niet volledig helder is op welke wijze dit artikel moet worden toegepast bij informatie-inwinning in een niet-fysieke omgeving verdient het aanbeveling om een aparte bevoegdheid voor online informatievergaring in het leven te beroepen, bijvoorbeeld als onderdeel van het lopende traject van herziening van het wetboek van strafvordering. Deze bevoegdheid zal dan wel technologie-onafhankelijk geformuleerd moeten worden.

Inbreuk op privacy?

Door een subjectief privacybegrip is het moeilijker om te bepalen wanneer er sprake is van een inbreuk op het recht op privacy. Immers, als de beoordeling van de inbreuk wordt overgelaten aan het subjectieve oordeel van de betrokken persoon, kan bij overigens gelijkblijvende omstandigheden een bepaalde handeling door de ene persoon wel en door een andere persoon niet als inbreuk op de privacy worden beschouwd. Toegepast op social media: de ene persoon zal er geen moeite mee hebben dat de politie zijn openbare berichten op Facebook leest, terwijl een andere persoon dat als ongepast zal beschouwen omdat hij het niet met dat doel op Facebook heeft geplaatst. De overheid zal in dat geval niet anders kunnen dan een voorzichtige houding aannemen en dan al snel het in het kader van de opsporing verzamelen van informatie op social media als inbreuk op het recht op privacy moeten beschouwen. Door middel van een voortdurende maatschappelijke discussie en eventuele proefprocessen zal moeten worden vastgesteld wat passend is en wat niet.

Op basis van haar algemene bevoegdheid mag de politie inbreuk maken op de rechten van burgers, dus ook op het recht op privacy. Echter, als die inbreuk meer dan gering is, vormt art. 3 PolW onvoldoende basis, en zijn aanvullende bevoegdheden noodzakelijk. De bevoegdheid kan gevonden worden in de BOB-wetgeving, maar dan moet wel aan de daarin opgenomen voorwaarden zijn voldaan.

Onderdeel van de eisen die art. 8 EVRM (Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden) stelt aan een inbreuk is dat deze voorzienbaar moet zijn. Ten aanzien van de opsporing op social media betekent dat, dat de burger op de hoogte moet zijn van het feit dat de politie ook op social media opsporingshandelingen uitvoert. Alleen dan kan de burger op een adequate manier afwegen of hij informatie op social media wil publiceren, welke informatie en op welke wijze. Dit gaat echter niet zo ver dat de politie moet aangeven op welke wijze die opsporing plaatsvindt. Dat zou een te grote beperking betekenen voor de uitvoering van de opsporingstaak.

De vraag wanneer de inbreuk op de privacy door bepaalde opsporingshandelingen meer dan gering is is niet exact te beantwoorden. In dit onderzoek zijn wel factoren ge?dentificeerd die de mate van inbreuk be?nvloeden. Dat zijn: de duur van de onderzoekshandeling, de plaats waar de informatie verzameld wordt, de intensiteit waarmee de informatieverzameling plaatsvindt, de gevoelige aard van de gegevens, het doel van de onderzoekshandeling, het al dan niet toepassen van een technisch hulpmiddel, het al of niet opslaan van de gevonden gegevens en de proportionaliteit. De uiteindelijke weging van deze factoren is geen exacte wetenschap: de professionele inschatting van de politieambtenaar en de uiteindelijke rechterlijke toetsing daarvan, blijfven, net als bij de toepassing van ?gewone? bevoegdheden, belangrijk gegevens.

Rechtmatigheid

Om de rechtmatigheid van de opsporingshandelingen op social media te kunnen beoordelen, is het noodzakelijk dat in het procesdossier wordt verantwoord op welke wijze dit onderzoek heeft plaatsgevonden. Uit het veldwerk is gebleken dat in de reguliere opsporing deze verantwoording vaak beperkt is tot zinnen als ?Uit onderzoek op social media is gebleken dat ?.?. Het is zeer de vraag of de rechter en de verdediging hierdoor in staat zijn te beoordelen of dit onderzoek op rechtmatige wijze heeft plaatsgevonden. Het zou daarom goed zijn als politie en Openbaar Ministerie hier meer aandacht voor zouden hebben en de uitgevoerde onderzoekshandelingen uitgebreider zouden verantwoorden.

Bronnen: Open Universiteit

Meer blauw op digitale straathoek

blauwe hart
,,Sociale media zijn onmisbare informatiebronnen omdat zich daar vaak de eerste getuigen melden.??

Een reden dat er minder jeugdoverlast op straat is? Kan er mee te maken hebben dat ze tegenwoordig vooral digitaal een beetje rondhangen. Daar moet je als politie dan op inspelen, vindt Rick de Haan. Voor zijn inspanningen om meer blauw op de digitale hangplekken te krijgen, ontving hij onlangs het Blauwe Hart van de eenheid Noord-Holland.

Door [email protected] – 21-1-2016, 21:25?


Het is nog maar ruim een aantal jaren geleden dat de eerste agent van de Nederlandse politie begon te twitteren. Hij inspireerde daarmee Rick de Haan, destijds werkzaam bij de politie in Beverwijk waar hij onder meer de Bazaar en jeugd onder zijn hoede had. ,,Voor ons was Twitter ook in opkomst als middel om met het publiek in contact te komen. En dan niet alleen als zendmiddel – dus om een boodschap over te brengen – maar echt als interactief communicatiemiddel. Met drie wijkagenten zijn we ermee begonnen en toen ging het balletje snel rollen.??

Aanwezig

Rick de Haan kreeg vanuit de eenheidsleiding de taak om vooral wijkagenten en sinds dit jaar ook andere collega?s in de basisteams te trainen in de nieuwe media zoals Twitter en Facebook om daarmee nieuwe informatiebronnen in hun werk aan te boren. Rick de Haan: ,,Via de sociale media is het bijvoorbeeld mogelijk evenementen en publiek te monitoren zonder dat je er zelf fysiek aanwezig bent. Dat kan bij geplande evenementen zoals Bevrijdingspop maar ook bij spontane demonstraties. Sociale media zijn daarbij onmisbare informatiebronnen omdat zich daar vaak de eerste getuigen melden die een rol kunnen spelen in opsporing. We willen meer blauw op straat maar een deel van de straat is gedigitaliseerd. Wij moeten waakzaam en dienstbaar op de plek waar ons publiek is. Als politie kunnen we dus niet om sociale media heen en daarom zijn mensen als ik aangesteld om te kijken hoe we samenhang in het gebruik ervan kunnen bereiken. We weten dat het gebruik van Facebook in alle lagen gebeurt, Instagram richt zich meer op jongeren en op Twitter zie je het vele zakelijk gebruik zoals door journalisten en bestuurders. Soms moet je alle drie gebruiken, soms moet je kiezen en je moet weten wat de do?s en don’ts zijn van elk medium.??

Tandarts

Sociale media kennen hun valkuilen voor nieuwe gebruikers, zoals de Amsterdamse wijkagent die na een belediging en bedreiging twitterde: ?De wijkagent beledigen, zeg het dan recht in mijn gezicht als je een goede tandarts hebt?. Rick de Haan: ,,De gouden regel is: Wat je op straat niet doet moet je ook online niet doen. Bij twijfel even overleggen, maar negentig procent wordt zonder problemen en controle gepubliceerd.??

Sociale media worden ook gebruikt om ongenuanceerd gal te spuwen en azijn te pissen maar de Facebooksites van de politie worden daar nog redelijk van gevrijwaard. Rick de Haan: ,,De reacties zijn genuanceerder dan op krantensites of GeenStijl. Kritiek leveren op de politie mag, als het maar niet beledigend wordt. Daar reageren we op, in principe via een priv?bericht. Soms hoeven we ook niet te reageren. We wachten meestal even en dan wordt er vaak voor ons stelling genomen door andere gebruikers. Er is een zelfreinigend vermogen dat discussies vaak in ons voordeel oplost.??

Het gebruik van sociale media gaat lijnrecht in tegen de hi?rarchische structuur die de politie-organisatie van oudsher kent. Facebook, Instagram en Twitter ontstaan door netwerken waarvan de deelnemers op gelijke hoogte staan. Rick de Haan: ,,Dan merk je dat vooral de wijkagenten, die al met hun foto in het wijkblaadje staan, voor sociale media open staan. Sommige lagen van de organisatie, zoals bij rechercheafdelingen die zich met ondermijningsonderzoeken bezighouden, zijn veel terughoudender. Dat is begrijpelijk maar voor hun spelen de sociale media een andere rol. Elk mens laat online zijn digitale voetafdruk achter, ook criminelen.??

Webcare

Net als bij andere grote dienstverleners en bedrijven zou de politie ook over moeten gaan tot zogenaamde webcare. Rick de Haan: ,,65 Procent van de wijkagenten twittert maar zijn niet zeven dagen in de week en 24 uur per dag in dienst. Dan moet je bellen als je een melding wil doen, maar dan gaat tijd verloren. Mijn voorstel is dat naast de telefonische ook de online bereikbaarheid bij de politie 24/7 gegarandeerd is. Via sociale media bereiken ons persoonlijkere berichten dan via 0900-8844. Daar vinden andere gesprekken plaats. Verder zie ik wel iets in een digitaal vragenuurtje van de wijkagent en het informeren van het publiek via video?s op Facebook.??

Binnen

Op dit moment beschikt de politie al over Realtime Intelligence Centers (RTIC?s) bij de meldkamers. Bij meldingen, bijvoorbeeld van een straatroof, wordt binnen het opgegeven gebied online gerechercheerd op informatie die op sociale media wordt gezet. Rick de Haan: ,,Dan heb je de eerste verklaringen vaak al binnen.??

Bron: Haarlems Dagblad

Afpersers steeds vaker op Facebook

In Dagblad van het Noorden een artikel van Matthijs Sorgdrager over sextortion, een vorm van afpersing?die?vaker op social media voorkomt en bovendien steeds?gerichter plaatsvindt (zgn. spear phishing):

Steeds meer mannen worden gechanteerd met hun eigen naaktfoto’s. Ze denken met een vrouw te webcammen en kleden zich uit, maar achter de profielfoto schuilt een oplichter die geld eist.

De zaak van het Drentse raadslid Noes Solisa staat niet op zichzelf. Oplichters doen zich massaal voor als vrouwen en zorgen ervoor dat mannen hun kleren uittrekken voor de webcam. Dit wordt opgenomen, waarna de beelden online worden gezet, tenzij het slachtoffer betaalt.

Bij de hulporganisatie Helpwanted die zich bezighoudt met seksueel misbruik op internet, kwamen in 2015 zo’n 370 hulpvragen binnen van mannen als Solisa, twee keer zoveel als in 2014. Dergelijke vormen van afpersing heten in jargon ?sextortion‘, een verbastering van extortion het Engelse woord voor afpersing. Het komt niet meer alleen bij jonge meisjes voor, zegt medewerker Talinay Strehl. ?Dit is echt een trend.? Strehl vermoedt dat het gaat om buitenlandse bendes. ?Vaak moet het geld worden overgemaakt naar het buitenland.? Mensen die zich vroeger via spam-mails voordeden als aan lager wal geraakte Saudische prinsen hebben Facebook ontdekt. ?Het is een nieuwe manier van geld verdienen voor oplichters.?

De politie kan weinig met het fenomeen. Veel mannen schamen zich en doen geen aangifte. Een woordvoerder van de politie bevestigt dit. ?Als we meer aangiftes krijgen dan kunnen we er een hogere prioriteit aan geven.?

Strehl raadt slachtoffers aan niet in te gaan op de chantage. ,,We zien in veel gevallen dat oplichters dan niets doen en zich concentreren op een nieuw slachtoffer. Wat we ook vaak zien is dat iemand die heeft betaald vaker wordt afgeperst.?

De zaak van Noes Solisa is voor Strehl niets nieuws. Iemand vindt een foto van een mooi, jong meisje op internet, maakt een account aan op Facebook met die foto en voegt mannen toe. Een enkeling accepteert de uitnodiging en gaat chatten.

Het gesprek krijgt een erotische lading en er wordt voorgesteld om te verhuizen naar Skype waar de gebruikers elkaar kunnen zien en horen via de webcam. De oplichter heeft dit programma echter zo ingesteld dat de slachtoffers niet hem maar een eerder opgenomen filmpje te zien krijgen, bijvoorbeeld van een vrouw die zich uitkleedt.

Wanneer de man uit de kleren gaat neemt de oplichter dit op. Dit filmpje stuurt hij aan het slachtoffer met het verzoek om geld. ?En om te laten zien dat het menens is, stuurt hij soms ook een foto door van de lijst met vrienden die het slachtoffer heeft op Facebook of erger, soms weet hij al waar het slachtoffer werkt.?

Drie manieren om erachter te komen of je te maken hebt met een ?romance scammer?.

Waar komt hij of zij vandaan?

Schermafbeelding0

Dit is het facebookprofiel van iemand voor wie op internet wordt gewaarschuwd. Ken je werkelijk iemand uit Rockville in Amerika of kun je iemand kennen die daar vandaan komt? Vaak is het antwoord nee en heeft diegene geen reden om je toe te voegen als vriend.

Waar komen de vrienden vandaan?

Dit profiel heeft welgeteld veertien vrienden en ze komen uit verschillende landen waaronder Engeland, Roemeni? en Itali?. Dit komt natuurlijk niet vaak voor en de kans is groot dat dit geen echte vrienden zijn maar dat er willekeurige mensen als vriend zijn toegevoegd.

Zoek de foto op

Schermafbeelding

Via bijvoorbeeld www.tineye.com is het mogelijk om afbeeldingen up te loaden. De zoekmachine zoekt vervolgens waar op het internet deze foto nog meer is gebruikt. Een zoekopdracht met bovenstaande profielfoto leer dat de foto op elf andere sitesstaat waarvan de site www.girlznation.com nog een van de nettere is.

Bekijk hieronder nog enkele voorbeelden van profielen die volgens de FacebookgroepGhana Romance Scammers nep zijn.

Grace Arthur
Venelle McCouy
Sarah Quansah

Protest op sociale media steeds vaker in besloten groepen

Uitingen op Facebook en andere sociale media tegen de komst van asielzoekerscentra liegen er niet om. Voorstanders roeren zich overigens ook volop. Toch kan de politie steeds minder uitwassen volgen, zegt TNO-onderzoeker Arnout de Vries in Delft. ?Mensen opereren vaker in besloten groepen.??Zo planden de groep mannen die op 9 oktober een tijdelijke noodopvang voor vluchtelingen in Woerden bestormden alles in een WhatsApp-groep.

?Terugtrappen naar Syri? en hopen dat ze geraakt worden door een Russische clusterbom.? ?Eruit met dat tuig.? ?Genoeg is genoeg. Kom in verzet en mail naar [email protected].? Het zijn slechts enkele uitingen die op Facebookpagina?s zijn te vinden. Openbaar welteverstaan. Gegevens van veel personen die zich op grove wijze uiten tegen asielzoekers zijn vaak eenvoudig te achterhalen.

Pagina?s tegen azc?s worden steevast door veel mensen geliked. Opvallend is de pagina ?Geldermalsen zegt nee tegen AZC?, die maar liefst ruim 4700 vrienden heeft. Er staat een groot aantal berichten op de pagina, met name over de gebeurtenissen in Geldermalsen zelf, maar ook over andere plaatsen. De pagina toont oproepen om te protesteren bij de gemeente, bijvoorbeeld door het schrijven van een brief.

?AZC-Alert? heeft een groot aantal pagina?s. De landelijke site springt er uit, met 2600 vrienden. Ook enkele plaatselijke sites doen het goed, zoals de AZC-Alertpagina van Eindhoven, met bijna 2000 vrienden. In sommige plaatsen is er slechts ??n lid: de beheerder van die pagina zelf.

Ook zijn er tal van sites die voor de komst van azc?s zijn. De Facebookpagina ?Asielzoekers welkom in Geldermalsen?, telt 600 vrienden. ?Gouda zegt JA tegen 500 asielzoekers? heeft 2000 vrienden. Op de pagina staan berichten om asielzoekers te steunen.

TNO-onderzoeker De Vries zegt dat de politie steeds meer moeite heeft om berichten op sociale media te volgen. ?De politie kijkt onder meer op YouTube, Facebook en Twitter. Maar als mensen in besloten groepen te werk gaan, wordt het moeilijker om hen in de gaten te houden.? Wel kan de politie infiltreren in besloten kringen, maar daarvoor is een speciale bevoegdheid nodig.

Een van de redenen dat mensen niet altijd meer vrijuit onder hun eigen naam hun mening verkondigen, is dat steeds meer bedrijven en overheden meekijken. ?Bedrijven kijken of jouw uitingen op sociale media niet schadelijk zijn voor de bedrijfsvoering. Dat kan ertoe leiden dat mensen worden ontslagen of dat mensen niet worden aangenomen.?

De politie probeert via onder meer monitoringssoftware uit te zoeken of bedreigingen ernstig genoeg zijn om in te grijpen. Toch blijft ook de inzet van mensen nodig, omdat computers niet altijd doorhebben wanneer teksten cynisch bedoeld zijn.

De Vries noemt het een voordeel dat er inmiddels zo?n 2000 twitterende wijkagenten zijn. Zij bekijken de digitale gedragingen van mensen in hun omgeving, maar proberen volgens de onderzoeker ook uitwassen in de kiem te smoren door via Twitter te reageren. Toch zijn er de afgelopen tijd meerdere keren protesten uit de hand gelopen, onder andere tegen azc?s in Geldermalsen en Heesch. De Vries geeft aan dat het niet altijd eenvoudig is om te interpreteren wat er gaat gebeuren. ?Vaak wordt er pas ingegrepen als er al sprake is van een incident. Een incident voorkomen is veel moeilijker.?

Bron: Reformatorisch Dagblad

Agenten twitteren dom?

politie twitter

Linda Duits reageerde in NRC in een artikel “Agent, u twittert zelf ook dom” op (re)acties van de politie op Twitter. Want het digitale politiebeleid hangt van willekeur aan elkaar, zegt?Linda Duits.

Als u op Facebook of Twitter meldt dat u met vakantie bent, is uw inboedelverzekering niet langer van kracht. Dat klinkt raar en bespottelijk, en het is dan ook niet waar. Deze claim werd niet gemaakt in een dubieuze kettingbrief, maar werd in de zomer van 2013 op sociale media verspreid door verschillende politieagenten.

verzekeren

Afgelopen weekend verstuurde het twitterkanaal van de wijkagenten Sint-Michielsgestel een foto waarop een Pegida-aanhanger met een vlaggestok inslaat op een agent. Er stond bij: ?Deze politieman was misschien gisteren bezig aanranders op te sporen. Vandaag overkwam hem dit. Wereld op zijn kop.?

De foto gaat al een tijdje op sociale media rond, maar is een hoax: het is geen Duitse agent en het Pegida-logo is erin gephotoshopt. De oorspronkelijke foto is genomen tijdens rellen in Athene in 2009. De wijkagenten hebben de tweet verwijderd met als ?excuus? dat ze geen boze opzet hadden. Dit weekend liet datzelfde account zich uit over de rechtsstaat: ?Een #advocaat adviseert een verdachte (bijna) altijd zich te beroepen op zwijgrecht. Respect voor slachtoffers is ver te zoeken.? Ook deze tweet is inmiddels verwijderd, maar ditmaal zonder toelichting.

De politie heeft een algemeen twitteraccount en iedere politieregio heeft een eigen twitterkanaal. Daarnaast is er een wildgroei aan lokale accounts. Ze voeren meestal het logo van de politie en in de bio staat vaak vermeld dat het een officieel account betreft. Wijkagenten of -bureaus informeren burgers over van alles en nog wat via zulke kanalen. Ze schrijven over bijzondere gebeurtenissen, geven anti-inbraaktips of laten hun mening horen. Er lijkt daarbij geen enkele sturing of controle van bovenaf te zijn. Het aantal feitelijk onjuiste of ethisch discutabele berichten is inmiddels zo hoog dat er niet meer van incidenten gesproken kan worden. Een ander voorbeeld. Een wijkagent uit een kleine gemeente op de Veluwe twitterde deze zomer een foto van een meisje dat buiten westen op een bankje lag, voorzien van de tekst ?laveloos op straat aangetroffen, 15 jaar, weet wat je kinderen doen zo laat nog op straat?. Het zal ongetwijfeld goed bedoeld zijn, maar het meisje droeg opvallende kleding die door bekenden zeker herkend zou worden. De wijkagent nagelde dus een minderjarige aan de digitale schandpaal. Verschillende twitteraars reageerden vol afschuw en de wijkagent verwijderde de tweet. Excuses of een verklaring zijn nooit gekomen.

In hetzelfde weekend twitterde correspondent Olaf Koens dat hij tijdens zijn bezoek aan Lowlands gefouilleerd was door undercoveragenten. In een bericht erna schreef hij ?ACAB?, een Engelse afkorting die vooral gebezigd wordt in subculturen waar ze het niet zo op de politie hebben. Hij staat voor ?All Cops Are Bastards?, maar om onder rechtsvervolging uit te komen kun je gemakkelijk claimen dat het wat anders betekent. ?Acht Cola, Acht Bier? bijvoorbeeld, en dat was dan ook de reactie van de journalist toen hij online overstelpt werd door boze politiemensen. Zij riepen hun collega?s op massaal aangifte te doen van belediging. Ook zijn vaste opdrachtgever RTL Nieuws werd aangespoord afstand te nemen van Koens? uitspraak.

ACAB Agenten uiten niet alleen online hun woede over beledigingen aan het adres van de politie, ze ondernemen ook offline actie. De politie van Schiedam schreef in augustus triomfantelijk dat ze aan de deur waren geweest bij ?een man die het nodig vond om ons te beledigen via Social Media?. De man, die niet bij naam genoemd werd, heeft de tweet verwijderd en zijn excuses aangeboden. Het is niet duidelijk wat de belediging inhield en of hij direct gericht was aan een specifieke agent. Op Twitter vroegen mensen de politie Schiedam om toelichting. De reactie was simpel: ?Wij tolereren geen beledigingen, ook niet online?.

Agenten in functie mogen online blijkbaar van alles roepen, maar de burger mag dat dus niet. Zijn vrijheid van meningsuiting is in het geding. NRC berichtte woensdag dat de politie huisbezoeken brengt aan burgers die zich op sociale media negatief uitlaten over asielzoekerscentra. De woordvoerder van de Nationale Politie zei in de krant dat hiervoor geen specifieke regels zijn: er wordt steeds een nieuwe inschatting gemaakt. Het is voor de burger zo moeilijk om te weten wat strafbaar is en wat niet. Racistische tweets lijken voor de politie bijvoorbeeld geen reden tot ferm optreden. Burgers die daarvan aangifte doen lopen op tegen een muur van bureaucratie, zoals blijkt uit de ervaringen van kunstenaar Quinsy Gario.

Bovengenoemde voorbeelden zijn indicatief voor een veranderde bedrijfscultuur bij de politie. Antropoloog?Paul Mutsaers promoveerde in juni 2015 aan Tilburg University op de handelingsvrijheid van Nederlandse agenten. Net als bij allerlei andere overheden en commerci?le organisaties is er volgens hem bij de politie sprake van een psychologisering van werkrelaties. Agenten wordt gevraagd hun persoonlijkheid mee naar het werk te nemen. Die cultuur moedigt het aan om vanuit eigen politieke opvattingen keuzes te maken bij arrestaties, of dat nu gaat om ?ongezellige? demonstranten tegen het Koningshuis, een twitteraar die op zijn plek gezet moet worden of een burger die boos is over het opvangbeleid van zijn gemeente. Willekeur en voor rechter spelen liggen op de loer. Er geldt bovendien een ongelijke machtsverhouding. De politieagenten hoeven niet steeds verantwoording af te leggen voor hun blunders en fouten, maar burgers lopen wel het risico opgepakt te worden wegens een uitglijder.

De politie is een organisatie waar een strakke top-down cultuur wenselijk is en waar een individu in diensttijd ondergeschikt is aan zijn publieke rol. Een agent moet op zijn werk niet ?lekker zichzelf zijn?, maar hij moet waakzaam op en dienstbaar zijn aan de waarden van de rechtsstaat. Dat geldt ook voor de digitale werkvloer.
Agent, u twittert zelf ook dom

Bronnen: NRC, Universiteit Tilburg

Making a Murderer & impact van social media

making murderer

De zaak en de serie
Wereldwijd zijn Netflix-kijkers in de ban van Making a Murderer, een 10-delige serie met zulke bizarre plotwendingen, dat je haast vergeet dat alles hartstikke echt is. De documentaire vertelt het leven van moordverdachte Steven Avery. De Amerikaan zat 18 jaar onterecht vast voor verkrachting, maar werd 2 jaar na zijn vrijlating weer opgepakt. Deze keer voor moord.

Steven Avery zit achttien jaar als onschuldige in de gevangenis voor een aanranding. Als hij door DNA-bewijs vrijkomt, eist hij 36 miljoen schadevergoeding. Zo?n twee jaar later wordt hij opgepakt voor de moord op Teresa Halbach, een jonge fotografe. Net als er een grote zaak loopt tegen de verantwoordelijken voor zijn onterechte veroordeling.

In Manitowoc, een stadje met 33.000 inwoners in Wisconsin, was Steven Avery (wonend op Avery’s Auto Salvage) al een bekende naam toen filmmakers Moira Demos (42) en Laura Ricciardi (45) daar begonnen. Twee weken later reden ze naar het stadje en brachten er een week door, om meer te weten te komen over die curieuze zaak. Wat was hier aan de hand? Had achttien jaar gevangenschap van een onschuldige man een monster gemaakt? Of was de geschiedenis zich aan het herhalen?

Een gesprek met de documentairemakers bij Today (NBC)

Het feit dat de makers 10 jaar lang bovenop de zaak zaten, inspeelden op elke snipper nieuwe informatie, toegang hadden tot de meest pikante beelden en zelfs lange tijd bij Steven Avery’s ouders woonden, leidde tot een zeldzaam gedetailleerde serie vol intieme sc?nes.?De makers hadden toegang tot materiaal dat in Nederland nooit voorhanden zou zijn. Er is zelfs beeld van verhoren. Het Amerikaanse rechtssysteem is sinds de live op tv uitgezonden moordzaak tegen O.J. Simpson beroemd om zijn openheid.

Ook het neefje van Steven Avery werd schuldig bevonden aan moord op Teresa Halbachs ? ap.

De serie is een pakkende?rechtbankthriller, familiedrama en moordmysterie. Gaat het hier om gerechtelijke dwaling of niet??Making a Murderer is soms een lastige kijkervaring die een knoop in je maag legt. Zeker vanaf het moment dat een neef van Avery, de tiener Brendan Dassey, een rol gaat spelen. Sommige types lijken uit een slechte film te komen, maar we kijken naar echte mensen. Wel moet worden opgemerkt dat de makers duidelijk de kant van Avery kiezen. Zijn advocaten werkten mee aan de productie, het OM weigerde. En er?is ook kritiek op de documentaireserie, want niet al het belastende bewijs dat juist wel naar Avery wijst, zou de uitzendingen hebben gehaald. Dat zet Time op een rijtje. Zo zou er DNA van Avery ook op andere plekken in de auto van Halbach zijn gevonden en lagen ook haar telefoon en camera een paar meter van zijn deur.?Ook zou Avery meerdere malen hebben gebeld naar de opdrachtgever van de jonge fotograaf, met de vraag of ze haar konden sturen. Halbach zou al eens hebben aangegeven dat ze bang voor hem was.

In ieder geval: een serie en zaak om nog lang over na te praten.?Hieronder laten we zien hoe de vele miljoenen kijkers die de Netflix serie inmiddels over de hele wereld kent ook enorme impact bewerkstelligen op de zaak, de hoofdrolspelers en op de overheid, tot aan het Witte Huis.

Making a Murderer is het voorlopige hoogtepunt van een trend in real crime series, beweert documentairemaker Helmut Boeijen. Vorig jaar ontstond een soortgelijke hype rond de HBO-crimeserie The Jinx,?een zesdelige serie over de steenrijke Robert Durst, die in een adembenemende laatste aflevering ?per ongeluk? drie moorden bekende toen hij met zijn microfoontje om naar het toilet ging. En door de podcast Serial,?waarvoor in twaalf afleveringen de moord op een schoolmeisje in 1999 werd onderzocht.?Wat ze met elkaar gemeen hebben is dat de makers zich jarenlang met volle overgave op hun onderwerp storten, het verhaal over meerdere afleveringen uitspreiden en dat ze zelf ook niet weten hoe het afloopt.

makingamurderer

Social media invloed op de hoofdrolspelers

De familie Avery woont in kleine?huisjes aan een achterafweggetje bij het stadje Two Rivers. Daar bestieren ze een autosloperij en schieten ze op wild. Het zijn buitenstaanders, door velen gewantrouwd of zelfs gehaat. ,,I am stupid,” is het antwoord van een van de familieleden op de vraag waarom hij zich zo in de nesten gewerkt heeft.?De pariastatus van zijn familie maakt Steven Avery tot een ideale verdachte. Wie neemt het voor hem op? Hij dreigt onder de pletwals van de rechtstaat terecht te komen.

Ook Ken Kratz, de officier van justitie is op zijn Yelp pagina zwaar bedreigd. Nu had hij enige tijd zijn functie al neer moeten leggen vanwege een schandaal, maar velen zien hem als ontwerper van de gerechtelijke dwaling in de juridische proces. Maar omdat er volgens de Avery aanhang ook een of meerdere agenten moeten zijn geweest die?betrokken waren met valse getuigen, vals onderzoek of zelfs het plaatsen van bewijs op het plaats delict zijn ook zij slachtoffer van vele (doods)bedreigingen. Zoals?de rechter van de zaak die aangaf te vrezen voor zijn leven, of de?huidige?sheriff van Avery’s dorp die is bedolven onder boze telefoontjes en e-mails.

Social media invloed op de autoriteiten

Ruim 246.000 Amerikanen tekenden een petitie om Avery gratie te verlenen, al 59.000 mensen riepen daartoe op in een offici?le petities op Change.org en aan het Witte Huis.?De reactie: president Obama heeft niet de macht om beiden vrij man te maken, omdat?de?zaak is?beslist door?de Amerikaanse staat Wisconsin en niet de landelijke overheid.?Obama kan dus?niets doen, omdat het besluit over de?zaak niet op landelijk niveau is gemaakt. Alleen de staat Wisconsin?zelf kan gratie of amnestie verlenen en zij hebben al aangegeven dit niet te zullen doen.

avery's auto salvage

Social media invloed op de zaak

Als snel deden geruchten?de ronde dat?Anonymous zich op de zaak zou storten. Hoewel ze eerst de boot afhielden, maakten leden van de groepering?enige later toch bekend dat ze nieuwe aanwijzingen gevonden zouden hebben. Ook richtten?ze een dreigend ultimatum via Twitter aan het OM dat ze dit bewijs naar buiten zouden moeten brengen, anders zou Anonymous eea naar buiten brengen. Er is echter na die datum?niets gebeurd op dat account en?korte tijd later werd het account opgeheven.

This will be the Official #Anonymous Thread Releasing Documents Concerning#ManitowocCounty Corruption Emails and Collusion #MakingAMurderer

? OPAVERYDASSEY (@OPAVERYDASSEY) December 28, 2015

#ManitowocCounty You Have 48 Hours To Release The Phone Records Between James Lenk and Andrew Colborn Step To The Podium #MakingAMurderer

? OPAVERYDASSEY (@OPAVERYDASSEY) December 28, 2015

Ook het bekende RBI, ofwel het Reddit Bureau of Investigation is sinds december druk bezig met de zaak en probeert nieuwe feitjes boven tafel te krijgen. Zo beweert?het Reddit team dat de forensisch expert die het bloedonderzoek deed?al eerder in de zedenzaak valse verklaringen over Steven Avery’s DNA had gegeven. Ook nu weer is zij degene die getuigt dat het DNA van Steven op het Plaats Delict (PD) is gevonden. Ook legden ze meer gaten bloot in de doorzoekingen en manier waarop het forensisch onderzoek was gedaan. De documentaire noemt deze niet, maar de bewijzen zijn wel waar het OM zwaar op leunt. Het blijft echter de vraag hoe de theorie te bewijzen valt dat de politie zelf bewijs op het PD geplaatst zou hebben.

Online crowdfunding
Er zijn op internet diverse crowdfunding initiatieven gestart. Deels om advocaten van Steven Avery en zijn neefje Brendan Dassey te betalen en deels om documenten over de zaak te kunnen kopen en uit te pluizen.

Er is inmiddels een nieuwe zaak aangespannen?door Steven Avery zelf. Hij heeft middels diverse crowdfuncing campagnes wat geld voor nieuwe advocaten en zichzelf een aantal jaar verdiept in zijn eigen zaak. Dus tot een volgend blog over deze spraakmakende zaak. Hij claimt onder andere?dat het huiszoekingsbevel niet deugde en dat er een jurylid is dat andere juryleden heeft bedreigd.?

? ?? ?making-murderer-netflix

Impact in Nederland?

De vraag is of na zaken als de Deventer moordzaak en Lucia de B. dit fenomeen ook vaker op deze manier bij zaken gaat spelen. De media speculeert inmiddels al over een lopende zaak met?Herman du Bois in de hoofdrol:

Bronnen: Independent, NY Daily Mail, Maxim, AD, NRC, Wikipedia, De Volkskrant

Bekijk hieronder de volledige eerste aflevering van Making a Murderer:

Bellingcat: DIY Detectives

SelfieSoldiers1
De laatste jaren is er spectaculair veel informatie te verzamelen op het internet. Een kwestie van goed zoeken en slim analyseren. Open Source Intelligence is een steeds belangrijker deel van het werk geworden. Het onderzoekscollectief Bellingcat, bestaande uit een paar medewerkers en tientallen vrijwilligers, kwam afgelopen weekend weer in het NOS-journaal. Eliot Higgins en zijn team van open source onderzoekers baarde? in 2014 opzien door met foto- en videomateriaal aan te tonen dat een BUK-raketsysteem op 17 juli 2014 in de buurt van de rampplek werd gesignaleerd. Op een foto is te zien hoe ??n van de raketten op de installatie ontbreekt na de aanslag. De beelden werden later door het internationale onderzoeksteam gebruikt voor een getuigenoproep.
Nu heeft Bellingcat twintig Russische militairen ge?dentificeerd die betrokken moeten zijn geweest bij de lancering van de BUK-raket die op 17 juli 2014 de MH17 neerhaalde. De onderzoekers wisten in totaal drieduizend relevante beelden te verzamelen. Een sleutelmoment in de zoektocht was de vondst van militaire presentielijsten. Foto’s van die lijsten waren door soldaten gepost op Instagram. Door de informatie te vergelijken met profielen op sociale media wisten de onderzoekers de eenheid gedetailleerd in kaart te brengen. Het is bijzonder om te zien hoeveel informatie het Russische leger prijsgeeft via sociale media. Het bijzondere aan deze en andere primeurs van Bellingcat is dat ze niet zijn gebaseerd op het hacken van Russische sites of Wikileaks, maar op openbare bronnen, zoals Instagram, Twitter en Facebook. De namen van de militairen die zich bezighielden met de verplaatsing van het lanceerplatform van de BUK-raket stonden op Instagram.

De vrijwillige Bellingcat burgerrechercheurs publiceren hun bevindingen op Bellingcat.com. De organisatie van Higgins is niet onomstreden. Het zou soms onduidelijk zijn hoe betrouwbaar de geleverde informatie is en waar die vandaan komt. Of de MH17-info overeind blijft in een rechtszaal staat nog te bezien. Maar die twijfels horen bij elke nieuwe vorm van informatievergaring. In die enorme berg van informatie die is verzameld in de sociale media, bevindt zich ook info die een licht werpt op waarheden die anders bedekt waren gebleven. Je kan met behulp van sociale media duizenden puzzelstukjes verzamelen die samen een tot dan verborgen werkelijkheid blootleggen. De burgerrechercheurs van Bellingcat tonen ons die mogelijkheden. Het is ouderwets zoeken naar een speld in de hooiberg; maar de hooiberg is honderd keer zo groot geworden en er liggen meer spelden in verborgen.

Binnenkort zullen we op dit blog een interview plaatsen met een?Nederlands lid van de Bellingcat onderzoekers die heeft meegewerkt aan dit en vele andere onderzoeken. Bekijk in de tussentijd ook het interview dat we een jaar geleden met initiatiefnemer Eliot Higgins hebben geplaatst over burgeropsporing.

selfiesoldiers4 selfiesoldiers3 SelfieSoldiers2

selfiesoldiers5

Bronnen:?NOS, Volkskrant, NRC,?Bellingcat