SocialMediaDNA richt zich op kennisdeling rondom social media, politie en maatschappelijke veiligheid. Onderwerpen vari?ren van de online aspecten van openbare orde, opsporing, vervolging, rechtspraak tot crisisbeheersing en communicatie.
Voor informatie die burgers via social media naar buiten brengen bestaat vanuit opsporingsinstanties veel belangstelling. Het gebruik van deze informatie door de opsporing moet plaatsvinden binnen wettelijke kaders, en van het bestaande wettelijke kader is niet altijd duidelijk hoe het moet worden toegepast in een online-omgeving. Op grond van de taakomschrijving van de politie in art. 3 Politiewet mag de politie bepaalde opsporingshandelingen verrichten. De vraag is wanneer de inbreuk op de privacy die dat onderzoek veroorzaakt zodanig is dat een eigenstandige legitimering in de wet noodzakelijk is.
In dit onderzoek van Marnix Oosterhoff staat de vraag centraal of de bijzondere opsporingsbevoegdheden stelselmatige observatie en stelselmatige informatie-inwinning voldoende mogelijkheden bieden om binnen de grenzen van het strafvorderlijk legaliteitsbeginsel op rechtmatige en verantwoorde wijze online opsporingswerkzaamheden uit te voeren. Door empirisch onderzoek is nagegaan hoe de politie omgaat met opsporingsbevoegdheden op social media. O.b.v. literatuur en ontwikkelingen in de maatschappij is vastgesteld welke definitie van privacy gehanteerd kan worden in een online omgeving en hoe het recht op privacy is gecodificeerd. Van de bijzondere opsporingsbevoegdheden is aangetoond dat stelselmatige informatie-inwinning (126j) onder voorwaarden toepasbaar is op de opsporing op social media.?De auteur neemt het standpunt in?van een smalle definitie van stelselmatige observatie (126g) en dat dit artikel afvalt bij opsporing op social media omdat dit artikel gaat over?het waarnemen van gedrag en niet?de resultaten daarvan. Bij opsporing op social media gaat het over het verzamelen van informatie.
Gelet op verschillende knelpunten rondom de toepassing van artikel 126j en het feit dat niet volledig helder is op welke wijze dit artikel moet worden toegepast bij informatie-inwinning in een niet-fysieke omgeving verdient het aanbeveling om een aparte bevoegdheid voor online informatievergaring in het leven te beroepen, bijvoorbeeld als onderdeel van het lopende traject van herziening van het wetboek van strafvordering. Deze bevoegdheid zal dan wel technologie-onafhankelijk geformuleerd moeten worden.
Inbreuk op privacy?
Door een subjectief privacybegrip is het moeilijker om te bepalen wanneer er sprake is van een inbreuk op het recht op privacy. Immers, als de beoordeling van de inbreuk wordt overgelaten aan het subjectieve oordeel van de betrokken persoon, kan bij overigens gelijkblijvende omstandigheden een bepaalde handeling door de ene persoon wel en door een andere persoon niet als inbreuk op de privacy worden beschouwd. Toegepast op social media: de ene persoon zal er geen moeite mee hebben dat de politie zijn openbare berichten op Facebook leest, terwijl een andere persoon dat als ongepast zal beschouwen omdat hij het niet met dat doel op Facebook heeft geplaatst. De overheid zal in dat geval niet anders kunnen dan een voorzichtige houding aannemen en dan al snel het in het kader van de opsporing verzamelen van informatie op social media als inbreuk op het recht op privacy moeten beschouwen. Door middel van een voortdurende maatschappelijke discussie en eventuele proefprocessen zal moeten worden vastgesteld wat passend is en wat niet.
Op basis van haar algemene bevoegdheid mag de politie inbreuk maken op de rechten van burgers, dus ook op het recht op privacy. Echter, als die inbreuk meer dan gering is, vormt art. 3 PolW onvoldoende basis, en zijn aanvullende bevoegdheden noodzakelijk. De bevoegdheid kan gevonden worden in de BOB-wetgeving, maar dan moet wel aan de daarin opgenomen voorwaarden zijn voldaan.
Onderdeel van de eisen die art. 8 EVRM (Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden) stelt aan een inbreuk is dat deze voorzienbaar moet zijn. Ten aanzien van de opsporing op social media betekent dat, dat de burger op de hoogte moet zijn van het feit dat de politie ook op social media opsporingshandelingen uitvoert. Alleen dan kan de burger op een adequate manier afwegen of hij informatie op social media wil publiceren, welke informatie en op welke wijze. Dit gaat echter niet zo ver dat de politie moet aangeven op welke wijze die opsporing plaatsvindt. Dat zou een te grote beperking betekenen voor de uitvoering van de opsporingstaak.
De vraag wanneer de inbreuk op de privacy door bepaalde opsporingshandelingen meer dan gering is is niet exact te beantwoorden. In dit onderzoek zijn wel factoren ge?dentificeerd die de mate van inbreuk be?nvloeden. Dat zijn: de duur van de onderzoekshandeling, de plaats waar de informatie verzameld wordt, de intensiteit waarmee de informatieverzameling plaatsvindt, de gevoelige aard van de gegevens, het doel van de onderzoekshandeling, het al dan niet toepassen van een technisch hulpmiddel, het al of niet opslaan van de gevonden gegevens en de proportionaliteit. De uiteindelijke weging van deze factoren is geen exacte wetenschap: de professionele inschatting van de politieambtenaar en de uiteindelijke rechterlijke toetsing daarvan, blijfven, net als bij de toepassing van ?gewone? bevoegdheden, belangrijk gegevens.
Rechtmatigheid
Om de rechtmatigheid van de opsporingshandelingen op social media te kunnen beoordelen, is het noodzakelijk dat in het procesdossier wordt verantwoord op welke wijze dit onderzoek heeft plaatsgevonden. Uit het veldwerk is gebleken dat in de reguliere opsporing deze verantwoording vaak beperkt is tot zinnen als ?Uit onderzoek op social media is gebleken dat ?.?. Het is zeer de vraag of de rechter en de verdediging hierdoor in staat zijn te beoordelen of dit onderzoek op rechtmatige wijze heeft plaatsgevonden. Het zou daarom goed zijn als politie en Openbaar Ministerie hier meer aandacht voor zouden hebben en de uitgevoerde onderzoekshandelingen uitgebreider zouden verantwoorden.
Een speciale app laat zien waar vluchtelingen aan de kant van de weg staan.
Internationale vrachtwagenchaufeurs kunnen elkaar voortaan met een app waarschuwen voor vluchtelingen op de route. Verdachte situaties en insluipers worden met een simpele klik doorgegeven.
Chauffeurs klagen al langer over vluchtelingen die zich proberen te verstoppen in hun vrachtwagens. Voorheen waarschuwden chauffeurs elkaar daarvoor door te toeteren. Dat is nu niet meer nodig. Op de gratis app kan de gebruiker aangeven waar hij vuchtelingen heeft gezien. Die informatie is vervolgens voor iedereen te zien.
Verklikker
De mobiele verklikker is er niet alleen voor chauffeurs onderling. Meldingen van truckers over collega’s die mogelijk vluchtelingen aan boord hebben, worden doorgegeven aan de politie. Die kan aan de hand van de opgegeven locatie meteen optreden.
De Engelse maker van de app, Jeffrey Scott (36), haalde zijn inspiratie voor de online verklikker uit een lezing van de Engelse grenspolitie, waaruit bleek hoe moeilijk het was om alles te controleren zonder meteen al het verkeer stil te leggen. Toen hij zelf ter plaatse ging, zag hij dat chauffeurs elkaar probeerden te waarschuwen. Om dat proces te vergemakkelijken ontwikkelde hij vervolgens de app.
Scanstraat
Woordvoerder Renee Reijers van Transport en Logistiek Nederland reageert verrast op het bestaan van de nieuwe app. Ze kan daarom ook niet zeggen of Nederlandse chauffeurs er gebruik van maken. ,,Je ziet wel dat chauffeurs een stuk bewuster zijn van het probleem. Waar eerder slechts 20 procent door de speciale scanstraat ter plaatse reed om te kijken of er verstekelingen waren, ligt dat nu op al op 80 procent.”
De speciale app kan overal ter wereld worden gebruikt, maar is vooral gemaakt voor de problemen in Calais. De app is er al voor iOS (Apple). Een Android-versie is nog in ontwikkeling.
Facebook had de bloedige hakbijlmoord op de Engelse militair Lee Rigby door twee terroristen kunnen voorkomen als men het overduidelijk verdachte chatgedrag van een van de twee aanslagplegers had gemeld bij de autoriteiten en de geheime diensten.?Geheime diensten waren niet op de hoogte van terroristische chats.
Lee Rigby. ? reuters.Michael Adebolajo (l.) en Michael Adebowale. ? afp.Deze conclusie staat in een rapport van een Britse parlementaire commissie die de omstandigheden rond de moord onderzocht. Facebook wordt verweten te weinig te hebben gedaan om de ‘overduidelijk extremistische’ chats van een van de twee verdachten (Michael Adebowale) te melden aan de geheime diensten. Meer dan een half jaar voor de bloedige aanslag in mei 2013 maakte Adebowale zijn intenties om een soldaat te vermoorden al bekend, zo blijkt nu.
Chats
Adebowale’s account werd vanwege zijn chatgedrag wel verwijderd, maar de geheime diensten werden niet op de hoogte gesteld van de gewelddadige inhoud van de online gesprekken die de man voerde. Het Amerikaanse bedrijf Facebook verleent de Britse geheime diensten geen toegang tot de (historie van) deze gesprekken.
Het rapport wijst grote bedrijven als Facebook op hun verantwoordelijkheid: ,,Op dit moment zijn er te veel vrijplaatsen waar potenti?le terroristen ongestoord hun gang kunnen gaan. Bedrijven dienen een balans te vinden tussen de privacy van hun klanten en de openbare veiligheid.”
Privacy
Deze conclusie is dan weer tegen het zere been van de voorvechters van digitale privacy: ,,De Britse overheid zou de schandalige aanslag op Rigby niet mogen misbruiken om de privacyrechten van burgers verder in te dammen,” aldus Jim Killock van Open Right Group tegen The Huffington Post.
In een reactie op de aantijgingen zegt een woordvoerder van Facebook tegen The Guardian: ,,Zoals velen zijn ook wij geschokt door de bloedige aanslag op Lee Rigby. Wij geven geen commentaar op individuele gevallen, maar ons beleid is als volgt: We staan geen terroristische content toe op onze website en nemen alle mogelijke maatregelen om te voorkomen dat mensen Facebook misbruiken voor terroristische doeleinden.”
Incident
Rigby werd op 22 mei vorig jaar op klaarlichte dag aangevallen in de Londense wijk Woolwich. Adebowale en?Michael Adebolajo doodden hem met kapmessen. Na de slachtpartij bleven zij rondhangen. Ze zwaaiden met hun messen en een vuurwapen, filmden elkaar en vroegen omstanders zelfs foto’s van hen te nemen. Een van de omstanders maakte een video waarop een van de slachters met bebloede handen voor de camera een verklaring aflegt.
Zowel Adebowale als Adebolajo werden door de politie aangehouden nadat zij waren neergeschoten. In februari van dit jaar werden zij veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. De straf van Adebowale kan na minimaal 45 jaar eventueel worden verkort.
De brute moord zorgde voor grote opschudding in Groot-Brittanni? en daarbuiten.
Op 10 februari 2015 organiseert Reed Business Education samen met TNO een exclusieve seminar over online burgeropsporing. In deze afwisselende en inspirerende middag komen verschillende onderwerpen aan de orde, zoals dilemma?s in de burgeropsporing en het gebruik van sociale media binnen de?politie.?De onderwerpen komen vanuit meerdere invalshoeken; het OM, de politie, burgeropsporing en de rol van de media.
Diederik Greive van het Openbaar Ministerie?zal optreden als dagvoorzitter op deze middag en tot de sprekers behoren Maurice de Hond,?recherchebaas Henk Bril van de Nationale Politie en Johan Bac van het Openbaar Ministerie. Daarnaast is er een rol weggelegd voor diverse burgerinitiatieven, wetenschappers, maar ook andere overheidsinstanties zoals de rijksoverheid en gemeenten.
Het seminar vindt plaats in de PIT expo, een nieuw museum ontstaan uit een fusie van het Nederlands Politiemuseum en het Nationaal Brandweermuseum. Een museum vol innovaties voor veiligheid, maar ook de politie en brandweer van vroeger zijn er te vinden. Op deze inspirerende plek, goed passend bij het onderwerp, ontvangen wij u heel graag op 10 februari aanstaande.
U bent van harte welkom. De bijeenkomst is gratis. Meer informatie volgt later op deze pagina.
Wilt u zich alvast aanmelden? Ga dan naar bit.ly/demodernesherlock
Let op: het aantal plaatsen is beperkt, dus meld u snel aan!
Maurice de Hond geeft hieronder in het kader van de NFI themadagen digitale opsporing alvast een paar lessen mee die hij leerde uit de Deventer moordzaak:
Het PIT museum is een plek voor dialoog en ontmoeting voor professionals en het brede publiek over actuele en maatschappelijk relevante thema?s rond veiligheid. Het adres is?Schipperplein 4
Almere en er is voldoende parkeergelegenheid. Klik hier voor een Google Maps route of bekijk het hieronder:
Met het openbaar vervoer
Vanaf station Almere Centrum neem je bus 1 of 3 richting Almere Haven, bij de tweede halte (Bottelaarspassage) uitstappen. Busbaan oversteken en de Zoetelaarspassage inlopen. Na ongeveer vijf minuten rechtdoor lopen ga je aan het einde linksaf en loop je de trap naast de MediaMarkt af naar het Schipperplein. Sla direct rechtsaf en loop langs de gevel direct naar de ingang van PIT.
Vanaf station Almere Centrum is het ongeveer vijftien minuten lopen naar het Schipperplein. Door de Stationsstraat, Stadhuisplein, Stadhuisstraat, Grote Markt, Korte Promenade, Bottelaarspassage, busbaan oversteken en de Zoetelaarspassage uitlopen. Aan het einde rechtsaf en vervolgens loop je de trap naast de MediaMarkt af naar het Schipperplein. Sla direct rechtsaf en loop langs de gevel direct naar de ingang van PIT.
Met de auto
Vanaf de A6
Neem afrit 5: Almere-Stad Centrum. Onderaan de afrit ga je linksaf de Veluwedreef op richting Flevoziekenhuis.Let op: 50km! Zie verder bij *
Vanaf de A27
Neem de afrit Almere-Stad. Linksaf de Waterlandse weg richting Almere. Steeds rechtdoor (Waterlandse weg gaat over in Veluwedreef). Zie verder bij *
* Rijd de Veluwedreef af tot het kruispunt met de Cinemadreef/Parkwijklaan. Ga hier linksaf richting centrum. Bij de tweede verkeerslichten linksaf de Landdrostdreef op. Steek de busbaan over en ga bij de rotonde rechtsaf de Hospitaalweg op. Je passeert het Flevoziekenhuis aan je linkerhand en ga bij de rotonde rechtdoor onder de overkapping door. Neem de volgende rotonde, in de vorm van een krakeling, driekwart (twee keer de busbaan over) en ga dan rechtdoor. Je rijdt op de Schippergarage (Flevostraat) af waar je de auto kunt parkeren. Volg al lopend in de parkeergarage het zebrapad naar de linkeruitgang. Je loopt nu direct tegen de gevel van PIT aan. Volg deze gevel naar de ingang van PIT.
Parkeren
Betaald parkeren kan in de Flevogarage (Blekerstraat) of de Schippergarage (Flevostraat). Volg in deze garages de bewegwijzering naar PIT. De Schippergarage is direct naast PIT. Ga in de garage rechts naar achteren. De ingang van PIT is op hetzelfde niveau als de parkeergarage.
Veel organisaties staan voor de uitdaging om de enorme hoeveelheid informatie op social media tijdens evenementen of incidenten te filteren. Social media hebben de kracht om informatie snel te verspreiden. Deze informatie kan prima gebruikt worden, want met name tijdens incidenten gaat dat ultiem snel.
Twitcident is een social media intelligence platform dat ontworpen is om informatie op social media te filteren en waarschuwingen af te geven?en?incidenten te managen. Het probeert als het ware de menselijke zintuigen op social media om te zetten in nuttige informatie voor veiligheid en andere maatregelingen voor de openbare orde. Taalgebruik op social media verschilt met het taalgebruik van organisaties. Twitcident probeert de juiste informatie hier uit te halen, ze doen doen dit samen met een aantal onderzoekers van TNO en TU Delft. Uit de socialmedia-inhoud proberen we bruikbare inzichten te filteren, zegt Richard Stronkman oprichter van?Twitcident. Inzichten die relevant zijn voor de dagelijkse operatie en veiligheid tijdens grote incidenten.
Bij grote evenementen kunnen nu tienduizenden twitterberichten worden gefilterd en teruggebracht tot een bruikbaar aantal, waarmee de politie de veiligheidssituatie in de gaten kan houden. De ontwikkeling begon in 2011 toen Pukkelpop werd getroffen door noodweer en er doden vielen. ?Hadden we dat niet via social media zien aankomen??, vroeg Stronkman zich af. ?Zaten er signalen in de socialmediastroom die we hadden kunnen oppakken?? Een inhoudelijke analyse destijds, liet zien dat men wel over het weer praatte. Op verschillende locaties. Ook liet analyse zien dat de intensiteit op bepaalde locaties in korte tijd toenam. Onder andere in de omgeving van Pukkelpop. ?Als we toentertijd al alle socialmediadata hadden geanalyseerd, zoals we dat nu kunnen, had de organisatie van Pukkelpop waarschijnlijk niet het advies gegeven om iedereen in tenten te laten schuilen, maar hadden we de aanpak van afgelopen Pinkpop gehanteerd en mensen op het veld laten zitten.?
Een ander voorbeeld uit het pre-Twitcident-tijdperk is het befaamde?Project X ?incident uit het Groningse Haren. In alle chaos werd er getwitterd dat er een meisje was doodgedrukt. Dit werd in no time als nieuwsfeit geretweet. Voordat men het wist, domineerde het bericht een tijd lang het socialmediaverkeer, waardoor het gerucht een eigen leven ging leiden. Met de attentiewaarde van het onjuiste bericht ging de aandacht niet uit naar andere signalen op social media die relevant waren om de veiligheid in Haren weer enigszins terug te brengen.
Begin?2012 is er?onderzoek?gedaan?naar het gebruik van sociale media in het veiligheidsdomein. Hieruit bleek dat het veiligheidsdomein sociale media vooral inzet om informatie te geven over het werk, de organisatie en bij incidenten en calamiteiten. Het begint met luisteren.?In een onderzoek onder alumni Master Crisis and Disaster management en Master Crisis and Publicorder Management en onder deelnemers aan de opleiding Informatiemanager in de crisisbeheersingskolom zijn opvallend grote verschillen te zien qua gebruik van sociale media. Als het gaat over het gebruik van sociale media binnen de werkzaamheden, dan worden deze vooral als informatiebron benut. Wat opviel is dat het overgrote deel niet effici?nt luisterde op sociale media. In Enschede bij Serious Request is daarna veel ervaring met filtering en luisteren naar berichten opgedaan.
Op 30 april 2013 tijdens de troonswisseling in Amsterdam verwerkte Twitcident een half miljoen socialmediaberichten per uur. Hoe ga je daar de relevante berichten uithalen als het gaat om veiligheid? Niet alle berichten zijn belangrijk. Door een geavanceerd algoritme op alle socialmediaberichten, gecombineerd met gps-informatie van politie in de stad, kon de politie in de crowd control-kamer precies zien waar mensen nog normaal door de straten konden lopen en waar niet meer. ?Zo konden we de veiligheid en doorstroom goed beheersen.?
Het is moeilijk te zeggen wanneer iets op social media opeens duidt op een incident. E?n tweet van iemand met ?Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk? is niet interessant, 10 mensen die tweeten ?Ik sta in Den Haag en zie vuurwerk? mogelijk wel. De algoritmes van Twitcident zijn complex. De kunst zit hem in het filteren van alle ruis. Een tweet met #Brand kan gaan over ?vuur?, maar ook over ?bier?. Het gaat om het observeren van een periode en de hoeveelheid socialmediaberichten op basis van locatie en mogelijke risico?s. De kunst zit in zo snel mogelijk bij het oorspronkelijke bericht te komen, zodat je kunt ingrijpen.
Een voorbeeld waar Twitcedent zijn ook meerwaarde toonde, was tijdens het Rotterdamse carnaval. Er was sensatie. Iemand had getwitterd dat er een man rondliep op het Beursplein met messen. Door het vroeg detecteren van de tweets en retweets, kon de politie ter plaatse een seintje krijgen. Die ging vervolgens een kijkje nemen en maakte een foto van het plein waar de man met messen zogenaamd stond. Dus niet. Deze foto werd direct geplaatst en het gerucht was met dezelfde snelheid weer weg.
Social media monitoring wordt inmiddels veelvuldig ingezet, ook bijvoorbeeld dit jaar in de Innovation Room van de Nuclair Security Summit. Twitcident zorgt er ook voor de partners binnen de Veiligheidsregio Groningen binnen enkele minuten ge?nformeerd worden over een gevoelde aardbeving in de regio. Het systeem zoekt naar tweets van mensen die een beving melden en stuurt vervolgens een mail en sms naar de aangesloten personen en de meldkamer. Vervolgens blijft het systeem tweets verzamelen om snel een beeld te kunnen vormen van de ernst van de situatie. Door de snelle alertering kunnen betrokken hulpverleningspartijen gebruiken voor snelle beeldvorming. In het verleden waren ze voor de alertering in eerste instantie afhankelijk van het KNMI die pas na een aantal uren kan aangeven dat er een aardbeving is geweest en hoe zwaar deze was.
Secret Service koopt detector voor sarcastische dreigtweets?
De Secret Service, onder meer verantwoordelijk voor de beveiliging van de Amerikaanse president Obama, wil een monitor kopen die sarcasme op sociale media kan herkennen. Dat blijkt uit een online tender?van de Amerikaanse veiligheidsdienst. Op die manier hopen de geheim agenten straks beter in te kunnen schatten of dreigtweets serieus zijn, of dat ze de humor ervan moeten inzien. Op Twitter waren de reacties op het nieuws – niet geheel onverwacht – vooral sarcastisch.
Niet alleen in de Verenigde Staten, ook in Nederland worden dreigtweets gemonitord en gefilterd, via zogeheten ‘Realtime Intelligence Centers‘. Vorig jaar werd bekend dat in Nederland per dag zo’n 35 duizend bedreigingen via Twitter geuit en rond de 200 daarvan zijn zo ernstig dat de politie ze natrekt. Van den Bosch: ‘Sarcasme is cultureel bepaald, in Amerika komt de stijlfiguur eigenlijk nog relatief weinig voor. Nederlanders gebruiken veel vaker sarcasme, net als de Britten.’ Alleen al om de hoeveelheid dreigtweets zijn filters en detectors nuttig, vindt Van den Bosch. ‘Ze kunnen helpen met het maken van een betere schifting, een indicatie geven van een vermoeden.’ Vroegsignalering en filtering is van groot belang, en machines kunnen daarin een uitkomst bieden. Toch zijn het uiteindelijk mensen, of het nu de wijkagent of de Secret Service is, die een inschatting moeten maken. Erik Tjong Kim Sang, werkzaam bij het Meertens Instituut: ‘Als het programma 90 procent van de potenti?le dreigtweets kan herkennen als ongevaarlijk hoeft maar 10 procent te worden bekeken door mensen. Dat is handig. Maar de laatste stap, interpretatie door menselijke experts, blijft altijd nodig.’
Let me just say that I’m 100% certain that the Secret Service’s new sarcasm detector will work. http://t.co/rVBzRHJ64W
Gevecht tegen de tweets Overal ter wereld worstelen veiligheidsdiensten en politie-eenheden met het onderscheiden van humoristische tweets en dreigementen. Uiteindelijk wordt vrijwel elke dag ergens in Nederland een Twitteraar door de politie opgepakt of berispt voor het bedreigen via sociale media. Niet alleen sarcasme, maar ook ironie en andere grappen worden lang niet altijd als zodanig herkend. Dat werd bijvoorbeeld duidelijk bij de Brit Paul Chambers, die om zijn humoristisch bedoelde dreigement voor de rechter moest verschijnen. Zijn tweet: ‘Crap! Robin Hood airport is closed. You’ve got a week and a bit to get your shit together otherwise I’m blowing the airport sky high!!’ Chambers werd door een rechter vrijgesproken, maar raakte wel zijn baan kwijt. Op eigen bodem werd in april nog een 14-jarig meisje uit Rotterdam gearresteerd, omdat ze een dreigtweet naar American Airlines verstuurde. Ze deed op Twitter alsof ze Ibrahim uit Afghanistan was en namens Al Qaida ‘iets groots’ van plan was. Meteen daarna tweette ze dat het een grapje was, maar dat mocht niet meer baten. Ze ging voor een nacht de cel in.
Volgens woordvoerder Ed Donovan heeft de Secret Service FEMA?s Twitter analyse tool gebruikt:
“Our objective is to automate our social media monitoring process. Twitter is what we analyze. This is real-time stream analysis. The ability to detect sarcasm and false positives is just one of 16 or 18 things we are looking at. We are looking for the ability to quantity our social media outreach. We aren?t looking solely to detect sarcasm.?
De lijst met wensen is onderaan dit blog opgesomd.?Peter Eckersley van privacy waakhond EFF (Electronic Frontier Foundation) gaf in de media te kennen dat deze poging alleen maar kan falen: “It’s difficult not to be sarcastic about the idea of the Secret Service automatically, algorithmically, examining all of your social media posts to determine, among other things, that you’re being sarcastic.?It?s kind of like having a cop at your dinner table all the time, and that cop isn?t in on your jokes.?
En over het filteren van?berichten uit deze?categorie gesproken: de CIA heeft net zijn eerste tweet wereldkundig gemaakt:
We can neither confirm nor deny that this is our first tweet.
Welcome to twitter @CIA! Although we’ve never “officially” met, I hear we run in the same circles. ? U.S. Dept of Defense (@DeptofDefense) June 7, 2014
Thank you for the @Twitter welcome! We look forward to sharing great #unclassified content with you.
Deze humor heeft wat weg van de?#HalloAIVD actie op Twitter eerder dit jaar. En niet alleen op Twitter probeert de CIA ” sociaal” te zijn. Ook op Facebook zijn ze dat, maar daarop moet men volgens Julian Assange uitkijken om de CIA te ‘liken’, want volgens hem is?Facebook ?a spy machine for U.S. Intelligence agencies.? De aanwezigheid op Twitter komt in navolging van de lancering van een reeks interactieve platformen, waaronder de eigen website (CIA.gov), een mobiele site en een Flickr en YouTube kanaal.
Hieronder de lijst met de software wensen, met daarin oa:
Real-time analyse;
Trefwoorden zoeken;
Sentiment analyse;
Trend analyse;
Doelgroep filters (!);
Geografische filters;
Diverse data visualisaties (heat maps, grafieken, etc.);
Toegang tot historische data;
Automatische detectie?van sarcasme en ‘false positives’;
Op 26 juni 2014 werd?het boek ‘Sociale media veranderen het veiligheidsdomein? gelanceerd. Tijdens de boekpresentatie hebben Roy Johannink, Arnout de Vries, Wouter Jong, Menno van Duin en?Jocko Rensen, allen deskundig op het gebied van sociale media, vanuit verschillende gezichtspunten de deelnemers een kijkje gegeven in de snel veranderende digitale wereld en ge?llustreerd?wat voor invloed dit heeft binnen het veiligheidsdomein
Met sociale media kunnen gebruikers online of mobiel informatie delen in een?sociale omgeving, waardoor een conversatie kan ontstaan. Het fenomeen sociale media heeft invloed op het veiligheidsdomein; wat en hoe wordt in dit handboek ‘?Sociale media veranderen het veiligheidsdomein’ beschreven.
Het handboek waaraan door diverse auteurs is meegewerkt, is een verdieping van de kennispublicatie van Infopunt Veiligheid (IFV) over Veilig omgaan met sociale media. In 11 hoofdstukken wordt verteld over de toekomstige en blijvende veranderingen van sociale media en wat de mogelijke invloed hiervan is binnen het veiligheidsdomein.
Aansluitend aan de boekpresentatie nam Jocko Rensen -??n van de co-auteurs, voormalig teamleider Infopunt Veiligheid en nu wethouder van de gemeente Houten- afscheid.
Het handboek begint met een inleidend hoofdstuk waarin de drie kenmerken en twee functies van sociale media worden uitgelegd. De hoofdstukken twee tot en met vijf behandelen de vier fasen van gebruik van sociale media: luisteren, produceren, reageren en interacteren. Hoofdstuk zes en zeven gaan over het gebruik van sociale media als (crisis)communicatiekanaal en informatiebron.
De wijze waarop organisatieprocessen kunnen veranderen en medewerkers dienen (mee) te veranderen, komen aan de orde in respectievelijk hoofdstuk acht en negen. Hoofdstuk tien belicht vervolgens de juridische kanten van sociale media en agressie. Het handboek sluit af met de visie en blik van een aantal auteurs op de mogelijke invloed van ontwikkelingen van sociale media op het veiligheidsdomein.
Dit handboek is een verdieping van de eerder uitgegeven kennispublicaties van Infopunt Veiligheid over veilig omgaan met sociale media van 2011, 2012 en 2013. De focus in dit handboek ligt op de blijvende verandering van sociale media in het veiligheidsdomein.
Enige weken geleden een interessant artikel van Roelof Muis,?teamleider Open Source INTelligence van de?Landelijke Eenheid, in het februari nummer van het magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing:
Het is maandagavond. Om 22.00 uur staat de laatste KNVB-zaalvoetbalwedstrijd?van het seizoen gepland. Twee rivalen strijden om de eerste plaats.?Het is een pittig duel waarbij een van de keepers herhaaldelijk wordt belaagd.?Na de vierde lichamelijke confrontatie vallen de keeper en de spits van de?tegenpartij over elkaar heen. De keeper bijt de spits toe: ?de volgende keer?schop ik je kop van je romp, lamxxx!? Het komt die wedstrijd nog een aantal?keren tot hoogoplopende verwensingen. Na het eindsignaal bedanken de?teams elkaar en schudden de beide kemphanen elkaar de hand.
Het langetermijngeheugen van internet
De hierboven beschreven verwensingen in de fysieke wereld verschillen eigenlijk?niet erg van de verwensingen op internet, maar met het grote verschil dat de digitale?uitingen niet ?vervluchtigen en publiekelijk zichtbaar blijven. Recent is PvdA-voorzitter?Hans Spekman een persoonlijke campagne gestart tegen dit soort online bedreigen,?waarbij hij enkele voorbeelden van bedreigingen op zijn Facebookpagina publiceerde.?De teksten liegen er niet om en hij is niet de enige die dit overkomt.
Bedreigingen via internet
De aantallen bedreigingen via internet lopen in de duizenden per dag. Het team?Open Source INTelligence (OSINT) bij de politie werkt aan een aanpak tegen deze?vorm van bedreigingen. De afdeling is onder meer verantwoordelijk voor internetmonitoring?op dreigingen binnen het rijksdomein en neemt deze taak zeer serieus. Elke dreiging op bijvoorbeeld bewindslieden of tijdens nationale evenementen is feitelijk een gevaar voor de democratische rechtsorde. Beslissingen binnen de maatschappij kunnen hierdoor?be?nvloed worden. De Zembla-reportage over ?bedreigde bestuurders? is hiervan een?realistisch voorbeeld.
Strafbare bedreigen
Niet alle bedreigingen zijn strafbaar, maar er kan wel degelijk dreiging van uitgaan.?Het aantal aangiftes is echter zeer laag en er komen nog minder ?auteurs? ter rechtzitting.?Als de politie en het Openbaar Ministerie ?lle (strafbare) bedreigingen zouden onderzoeken en vervolgen, zou daar vermoedelijk alle beschikbare capaciteit voor nodig zijn. Vanwege het volume van de bedreigingen is er behoefte aan een effectievere dreigingsduiding en een gerichtere aanpak jegens de auteurs. Dus effici?nter onderkennen, kwantificeren en kwalificeren waardoor politie-inzet op dreigingen geminimaliseerd kan worden.
Innoveren
In samenwerking met het Ministerie van Veiligheid en Justitie, het Centre for?Language and Speech Technology van de Radboud Universiteit Nijmegen en Tardis?Research is een dreigtweetmonitor in ontwikkeling op basis van een lingu?stische studie van bedreigingen via internet. De dreigtweetmonitor filtert specifieke dreigingen door middel van zoekvragen. Dreigtweets worden naar ernst gerangschikt, waarna handmatig bestudering van?de context plaatsvindt om uiteindelijk de serieuze (strafbare) dreigtweets te duiden. En resultaten uit het verleden bieden zeker garantie voor de toekomst. Zo troffen wij diverse verwijzingen naar ?waxinelichtjeshouders? aan. Tja, mensen zijn creatief, maar scherp blijven is belangrijk. Tijdens de eerste monitoringstest tijdens Prinsjesdag 2012, zijn in negen uur vijftien serieuze en specifieke dreigingen waargenomen en binnen de organisatie in het reguliere werkproces opgepakt. Een ?serieuze dreiging? kan bedoeld zijn als grap of andersom. Dat?hangt af van de context en dus van de beoordeling. De huidige samenwerking tussen overheid, wetenschap en commercie binnen de ontwikkeling van de dreigtweetmonitor, kan daarbij zeer goed helpen.
Twitter wil zelf ook werken aan het tegengaan van bedreigingen. Zo was er enige tijd geleden veel ophef over Twitter in Groot-Brittani?,?nadat vrouwen bedreigd werden met de dood, verkrachting en een bomaanslag. Twitter zou volgens veel Britse gebruikers niks doen om het bedreigen te voorkomen.?Dus nu komt Twitter?met een nieuw?beleid, het bedrijf gaat de inhoud van tweets meer in de gaten houden. Maar hoe???Beluister het radio interview?daarover met Arnout de Vries of beluister het interview met blogger Xaviera Ringeling en social mediadeskundige Robert-Jan Mast die alles weten over de?problemen die mensen kunnen krijgen als ze hun mening uiten en waarom men online uitgesprokener is dan in het openbaar.
Een?mobiele applicatie?of kortweg “app”?is een kleine?applicatie?die draait op een?smartphone?of een?tablet.?Apps zijn verkrijgbaar op verschillende mobiele platformen, zoals?App Store,?Google Play,?Windows Phone Store?en?BlackBerry App World. Er zijn gratis apps, maar er zijn er ook waarvoor betaald moet worden.?Het aantal?apps?loopt ondertussen in de honderdduizenden.?Voor een indicatie van de totale hoeveelheid apps in de App Store kan je dan weer terecht op de website?148Apps.biz. De teller staat daar momenteel op 569.835 stuks, met de opmerking dat dit het aanbod van de Amerikaanse Store is. Een goede website voor Android-statistieken ?n -grafieken is?AppBrain.com. Hier kan je de totale hoeveelheid apps (op dit moment: 384.975)?Windows Phone-gebruikers (65.605 apps) vinden soortgelijke tools op?WPAppList.com?en BlackBerry-fabrikant RIM liet begin februari zelf nog weten dat er voor hun platform intussen (ook) meer dan 60.000 apps circuleren.?Wat betreft marktaandelen is Android in Nederland koploper, gevolgd door iOS. In de maand maart nam Android meer dan 50 procent van de verkopen (aantallen) van smartphones voor haar rekening, gevolgd door iOS, BlackBerry (samen 41 procent; inschatting is iOS 31 procent en RIM 10 procent) en een beetje Windows Mobile (3 procent). iOS is nog steeds koploper als het om gebruik gaat.
Tel dat op bij het aantal Nederlanders met een smartphone om te internetten (8,9 miljoen in 2012 dus nu richting de tien miljoen) en ook hier zijn er genoeg mogelijkheden voor opsporing. Dankzij apps als De Politie Zoekt en Boevenvangen kunnen burgers de politie hierbij helpen. De belangrijkste apps behandelen we apart in dit Media ABC. Een bekende app voor gerichte opsporing is bijvoorbeeld Facewatch. Deze konden Londenaren gratis downloaden om te helpen bij de opsporing van de meer dan 2000 relschoppers die niet direct tijdens of na de rellen werden gearresteerd. Toets je postcode in en je krijgt bewakingsbeelden uit jouw buurt te zien. Herken je iemand, dan voer je de naam van de raddraaier in en deze komt dan automatisch bij de politie terecht.
Internationaal zijn de koplopers in penetratie mobiel internet Zuid-Korea (91 procent), Japan (88 procent) en Zweden (84 procent).?Nieuwsbronnen als De Telegraaf en NU.nl worden al meer vanaf mobiel bezocht vanaf laptop, en er?zijn ook al meer internetbankingsessies vanaf mobiel dan vanaf laptop.
Nederland staat op een mooie vierde plaats met mobiel internet gebruik.
Het aantal smartphones in Nederland blijft groeien. Het percentage smartphones ligt nu boven de zestig procent. Dit is gebaseerd op de trend vanuit augustus 2011 (42 procent) en eind 2011 (52 procent). De verkoopcijfers in aantallen laten zien dat nu bijna tweederde van alle verkochte telefoons smartphones zijn.
Politie massaal aan de smartphone (Blackberry)
Met een smartphone kan een agent naar verwachting een half uur tot een uur langer surveilleren per dienst, zegt het Korps Landelijke Politiediensten. De politie heeft een miljoenendeal gesloten met telecomaanbieder KPN waardoor vanaf september alle agenten een mobiele telefoon krijgen van wie enkele duizenden?een BlackBerry. Nu gebruiken slechts enkele honderden agenten, voornamelijk wijkagenten, zo’n slim mobieltje. Dat moeten er volgend jaar zo’n tienduizend zijn, de rest volgt later.
De nieuwe telefoon zorgt ervoor dat een agent minder vaak naar het bureau moet om zijn administratie bij te werken, blijkt uit ervaringen van de Engelse politie en een proef die afgelopen half jaar bij dertien Nederlandse korpsen heeft gedraaid. Met de nieuwe telefoon is het mogelijk om veilig foto’s, e-mails en zwaardere databestanden te verzenden. Daarnaast kan er snel actuele informatie worden opgevraagd over personen, kentekens en adressen. Met een druk op de knop kunnen via sociale media als Twitter veel burgers worden benaderd voor informatie over een misdrijf.
In de Britse pers zijn ook kritsche berichten verschenen over het gebruik van de smartphone.?The Sun?schreef in oktober vorig jaar dat het volgens agenten weinig tijdwinst oplevert en dat ze teleurgesteld zijn.
Veiligheid apps
Apps als De Politie Zoekt en Boevenvangen maken het mogelijk om de politie te helpen bij de opsporing . Hieronder een overzicht van apps, die eigenlijk een eigen ABC lijst verdienen. Met dank aan Roy Johannink voor het maken van het Nederlandse overzicht en het delen hiervan op infopuntveiligheid. Wij vulden het aan met internationale voorbeelden, vooral ter inspiratie. Maar als we iets gemist hebben uit Nederland of andere landen: deel het door te reageren op dit artikel!
Nationaal
Politie.nl
De politie biedt een gratis app aan waarmee u snel in contact kunt komen met de politie. Met deze app verstuurt u ook uw foto’s en filmpjes als u getuige bent van een ernstig misdrijf. Deze beelden komen dan rechtstreeks bij de politie terecht. Daarnaast is het mogelijk om Amber Alert, Burgernet en het politienieuws te volgen. De politie heeft uw oren, ogen en medewerking nodig om de veiligheid in Nederland te vergroten. Te downloaden voor o.a. de iPhone.
EuroBiljet
Hoe kun je zien of je echte eurobankbiljetten in handen hebt? En wat doe je als je denkt dat je biljet vals is??In 4 stappen laat deze app zien hoe je je euro?s kan controleren op echtheid.?Te downloaden via de mobiele website??of voor de iPhone ?of voor Android
Kenteken app
Makkelijk informatie opzoeken met alleen het kenteken. Bedoeld als applicatie om allerlei informatie op te zoeken over een auto (hoe?oud is de auto, hoe hard kan deze, wat kostte hij nieuw en wat is hij als occasion nog waard?) kan de app ook gebruikt worden om als burger te zien of hij bij de RDW als gestolen geregistreerd staat (zie laatste regel in het plaatje), of wanneer de volgende APK keuring gepland staat.?Ook het nummerbord van bijvoorbeeld een motor, aanhangwagen of bedrijfsauto kan ingevoerd worden. Voor deze is de informatie wel beperkt tot de RDW informatie. In Amsterdam leidde een kentekenapp onlangs tot een aanhouding. Een buurtbewoner zag een auto met meerdere inzittenden die hij verdacht vond. De man raadpleegde direct de app op zijn mobiele telefoon en er bleek sprake te zijn van een gestolen voertuig. De recherche kon vervolgens niet veel later de verdachten in de auto aanhouden. Het bleek te gaan om een auto die vaak wordt gebruikt bij overvallen of ramkraken.?Omdat RDW zijn informatie beschikbaar stelt voor app ontwikkelaars zijn er meerdere apps die dit kunnen. Sommige apps hoef je het kenteken niet eens in te tikken maar volstaat een foto. Voorbeelden zijn Zomoto, maar ook?deze op Android en de iPhone, maar de RDW biedt zelf ook apps aan.
VBV Bootprofiel app
De Registratie App ‘Bootprofiel’ is, namens alle Nederlandse verzekeraars, een initiatief van Stichting VbV. Hiermee kunt u al uw specifieke bootgegevens registreren.?Het probleem in de praktijk is dat booteigenaren bij diefstal niet alle kenmerken van hun boot bij de hand hebben.?Vaak zijn alleen de naam, kleur en de vorm bekend, maar ontbreken gegevens als merk, type en registratienummer. Met een goede registratie van alle bootgegevens kan uw gestolen object sneller worden teruggevonden.
Internationaal
Facewatch
De Politie Londen zocht relschoppers met app
Na de grootschalige rellen in Groot-Brittanni? afgelopen zomer roept de Londense politie de hulp van het publiek in. Meer dan 2000 relschoppers zijn nog op vrije voeten. Londenaren kunnen nu een speciale applicatie voor smartphones downloaden, waarmee ze bewakingsbeelden te zien krijgen. Zo helpen ze de politie de voortvluchtigen te sporen.
De politie presenteerde de app,?Facewatch?genaamd. Gebruikers kunnen hun postcode invoeren en krijgen dan mensen uit de nabije omgeving te zien naar wie de politie op zoek is. Als ze iemand denken te herkennen, kunnen ze de naam invoeren. Die komt dan automatisch bij de politie terecht. Volgens de Londense politie is de tiplijn vertrouwelijk.
Prey: hidden app ontmaskert MacBook-dief
Een artikel van Thijs Willemstein?op?1 juni 2011 beschrijft de kracht van Prey:
De Amerikaanse politie heeft een man gearresteerd die op 21 maart tijdens een inbraak een MacBook had gestolen. De MacBook is eigendom van Joshua Kaufman, die niet in paniek raakte, maar besloot om zijn Hidden app te gebruiken en foto?s van de dief op een blog te plaatsen. De Hidden app geeft de locatie van de apparatuur weer, maakt foto?s van de dief met de ingebouwde webcam en maakt screenshots van de computer als die gebruikt wordt. In eerste instantie kon de politie niet helpen wegens gebrek aan middelen, dus besloot Joshua de dief in de gaten te houden en de informatie te delen met de wereld. De politie kon de man later alsnog opsporen doordat uit de foto?s en e-mails bleek dat de man taxichauffeur is. Gisteren werd de dief ingerekend op basis van het aangeleverde bewijs. De 15 dollar die de app heeft gekost, blijkt achteraf dus een goede investering te zijn geweest.
In dit kader is er ook een buitencategorie van apps die computer hackers gebruiken. Bekijk onderstaande presentatie met als boodschap:?Steel nooit een laptop van een hacker!
Santa Cruz police app (US)
De gratis Android app?is uitgebracht na de eerdere?iPhone versie?uit maart 2011. Beide apps bevatten de radioberichtgeving van de Santa Cruz politie, alerteringen en kaarten met daarop de politie activiteit en daarnaast vrijgegeven foto’s and video’s.
MyPD police app
De app “My Police Department” ofwel “MyPD” is gratis beschikbaar in de ?iTunes en Android marketplace?(nu Google Play). Het biedt een nieuwe mogelijkheid om “non-emergency crime” in het Marblehead gebied te melden. In plaats van bellen kunnen smartphone gebruikers via deze weg zaken melden.
i-Watch (India)
De politie van Rajasthan, India, heeft een?Android application?met de naam i-Watch gelanceerd. Deze app is niet alleen voor politiemensen beschikbaar, maar ook voor publiek gebruik door burgers. Zij kunnen er video’ en foto’s mee uploaden van plaats delict of waar de politie dan ook maar nodig is en de berichten zullen direct bij de politie binnenkomen. Een multimediale manier van melding maken dus.
Surrey Police app (UK)
De Surrey Police?App?kende enkele updates, waarbij de nieuwste versie criminaliteitsgrafieken laat zien en politie activiteit in het gebied Surrey, waar meer dan 300 agenten tot dusver zijn uitgerust met goedkopere Google Android handsets die het hen mogelijk maakt op een andere manier in contact te treden met de locale gemeenschap. De sociale interactie in de app moet ervoor zorgen dat de de politie en locale gemeenschap vaker, sneller en eenvoudiger met elkaar in contact staan om de misdaad te bestrijden.
Franklin police app (US)
De Franklin Police Department heeft ook een?iPhone app en Android app?om burgers in staat te stellen op de hoogte te blijven van wat er op het gebied van veiligheid gebeurt in hun stad en snel in contact te kunnen staan.
FightBack app (India)
De FightBack applicatie is gericht op vrouwen maakt het mogelijk vanaf de telefoon te alarmeren. Het maakt gebruik van?GPS, SMS, kaarten, email en Facebook om geliefden te informeren bij gevaar. De website geeft aan dat met deze app straten veiliger worden voor vrouwen.
Jongeren app (US)
In de “Anne Arundel County” school, vlakbij Washington DC, is er zelfs een app genaamd AACoPD Speak Out?die de leerlingen de mogelijkheid biedt om de politie op de hoogte te stellen van uit de hand lopende of gelopen pesterijen en gevaarlijk of verdacht gedrag onder jongeren. De jongeren kunnen dit nu voortaan altijd en overal doen via hun mobiele telefoon met slechts 1 druk op de knop.
North Yorkshire app (UK)
De North Yorkshire Police heeft zelfs een nationale prijs gewonnen voor hun app. De app is via diverse apparaten te gebruiken en maakt het melden, maar ook?ge?nformeerd?worden op een nieuwe manier mogelijk.
SafeTrac (India)
SafeTrac (www.safetrac.in), is een gratis app om op een veiligere manier te verplaatsen. Bij noodgevallen of wanneer de gebruiker zich onveilig voelt kan de ‘ noodknop’ ingedrukt worden op de app. Deze stuurt dan meteen een SMS en email alertering naar de hulpdiensten zoals die door de gebruiker zijn ingesteld. Aangezien de locatie van e gebruiker wordt meegestuurd, kan er?onmiddellijk?actie op worden ondernomen.
Tayside Police (Schotland)
Tayside Police heeft de eerste schotse app gelanceerd. Deze “ Community Smartphone App“. Middels diverse social media kanalen zoals Twitter kan men ook via de app in contact staan met de politie. Tevens is men op de hoogte van de laatste nieuwtjes en criminaliteitscijfers om de resultaten van deze hernieuwde aanpak te volgen.
CrimePush app helpt bij multimediaal melden van misdaad
CrimePush, van Pahlevani’s, is sinds?februari 2012 beschikbaar op ?iTunes. ?CrimePush zorgt dat het melden van misdaad snel gaat en op de juiste manier bij de autoriteiten terecht komt, aldus Forbes. Op de site valt te lezen wat de app biedt: “?Upon launching the application, users will have the option of inputting emergency contact, personal, and medical information such as medical history, allergies, primary physician. Upon a medical emergency, the user’s distress will be pushed to emergency contacts and medical information will be pushed to ambulatory services, giving them the ability to better treat the patient.”
See Say Smartphone app MBTA (US)
De smartphone app?maakt het reizigers mogelijk om discreet en snel informatie te melden over verdachte of gevaarlijke situaties, eventueel met een foto, naar de spoorpolitie.
Brooklyn quality of life app rapporteert misstanden (US)
Senator Eric Adams (D-Brooklyn) lanceerde in Brooklyn de app die de kwaliteit van leven moet helpen verbeteren. Agenten kunnen de app gebruiken, maar ook burgers kunnen een foto nemen van verdachte situaties of spraakopnames maken waarin ze beschrijven wat ze gezien hebben en dit anoniem insturen. Een team van de vrijwilligerspolitie en gepensioneerde agenten zullen ook meedoen en deze informatie delen en verrijken op een besloten Facebookpagina.
?SPDTip (Wisconsin, US)
De zogenaamde “Superior Police Department” lanceerde onlangs de “SPDTip” ?app. Deze app stelt burgers in staat om anoniem tips te geven, maar ook foto’s te sturen. De politie kan hier via de app op reageren, en zelfs anoniem chatten indien de tipgever dat wenselijk vindt.
ICE (In Case of Emergency)
Deze app slaat belangrijke informatie op voor medische noodgevallen. Wie moet er gebeld worden? Zijn er?allergie?n? Ze applicatie is onder andere via?Android?te gebruiken.
Drugs
Betaalde app voor 0,99 eur met meer dan 6000. Voor o.a.?iPhone
Hieronder een IACP fact sheet over het gebruik van social media: